Bedieningsvoorschrift



Vergelijkbare documenten
Aanvullende handleiding Doseerpompen Sigma/ 1 met meerlaagsveiligheidsmembraan

Plak hier uw typeplaat!

ProMinent Multifunctieventiel

Bedieningsvoorschrift Doseerpompen ProMinent Hydro/ 2 und Hydro/ 3. HP2a HP3a. Noteer hier de identcode van de pomp!

Bedieningsvoorschrift Doseerpomp ProMinent gamma/l

Gebruikershandleiding Motorgedreven membraandoseerpomp Sigma/ 3 Controltype S3Ca

Bedieningsvoorschrift Analoge doseerpomp TEKNA EVO APG serie

Documentatie. 2/2 weg magneetventiel G 1/8'' - G 2'' Type M(O)... 24V=, M(O) V

Aanvullende handleiding Sigma's met hygiënekop

Bedieningsvoorschrift Digitale doseerpomp TEKNA EVO TPG serie

ABB i-bus KNX KNX-voeding met diagnosefunctie, 320 ma/640 ma, DIN-rail SV/S , 2CDG110145R0011, SV/S

Gebruikershandleiding Motorgedreven membraandoseerpomp Sigma/ 2 basistype S2Ba

Bedieningsvoorschrift Analoge doseerpomp TEKNA EVO AKL serie

Jaloezie- en rolluikbesturingssysteem Basiselement jaloezie- en rolluikbesturing zonder parallelaansluiting

ENA Bijlage. Installatie- en bedieningsinstructies. Flamco

Bedieningsvoorschrift Digitale doseerpomp TEKNA EVO TPR serie (interne ph / redox regelaar)

...een product van BEKA

HANDLEIDING RO-STEAM 1000 / 2000

Tuincontactdoos met piket

GfS Day Alarm. Algemene omschrijving...p. 2. Montage handleiding en functies...p. 3. Instellingen van magneet contacten...p. 4

1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. 3 Functie. Funkmanagement Radiografische zender Universeel, L-leider. Art.-Nr.

MOD-I-XP. Vooraanzicht. Kenmerken. MOD-I-XP_ _NL Technische wijzigingen voorbehouden Pagina 1 van 8. Modem voor externe gegevensoverdracht

Gebruikershandleiding

Documentatie RM-BV 12. Filterregeling

Gebruikershandleiding Doseerpompen Vario, VAMc

Multi Eco-Pro Productinformatie

1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Afdekking Standaard met timerfunctie Art. nr. : ST.. Bedieningshandleiding

Aanvullende bedieningsvoorschriften DULCOMARIN II, Voedingsmodule (Alarm en magneetventiel relais) DXMaP

Aanvullende bedieningsvoorschriften DULCOMARIN II, Sensormodule (ph, redox/orp, temperatuur) DXMaM

Drukhoud- en overstortventielen

Handleiding. Pool Basic Evo ph. Aandacht! OPGELET!

NE1.1. Neutralisatie-eenheid. Voor gebruik bij condensatieketels voor gas. Installatie- en onderhoudshandleiding voor de installateur

Spar-set "FHT 80 BTFn" Ventielaandrijving

1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Jaloeziemanagement Motorstuureenheid Standaard AC 230 V ~ Art. nr. 230 ME. Bedieningshandleiding

Installatiehandleiding

POMPTYPE VERMOGEN TOERENTAL H = OPVOERHOOGTE IN METERS Ø GEAR 300M GEAR 300T 0,25 0, ,5 5,3 5,2 5 ½

1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Jaloeziemanagement Motorstuureenheid Universeel AC 230 V ~ Art. nr. 232 ME. Bedieningshandleiding

Gebruiksaanwijzing Vloeistof stand kachels BINAR-5S BINAR-5S diesel BINAR-5S.24 diesel

Bestnr Micro Micro 2+ suevia Digitale schakelklok Data Micro +/2+

INSTALLATIE INSTRUCTIES 11/2017

Documentatie. RM-BV 4 Micro. Filterregeling

DF405_V5 Universele uitlezing opbouw

1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. LB-management. Jaloeziebasiselement Universeel. Jaloeziebasiselement Universeel Art. nr.

Beschrijving. De spanningsuitgang is beveiligd tegen kortsluiting en overbelasting. De tweekleurige LED geeft de status van het apparaat weer.

Afstandsbediening Telis 16 RTS

Jaloezie- en rolluikbesturingssysteem Basiselement jaloezie- en rolluikbesturing DC 24 V. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat

Bedieningshandleiding DALI Power Potentiometer

Gebruikershandleiding Doseerstation DSBa

M-Module Vul hier de identcode van uw regelaar in!

PAC-LBK-KIT. Installatie beschrijving Gebruikers beschrijving Technische beschrijving

CV module Plus Installatievoorschriften

Handleiding aansluiten en in gebruik nemen zelfaanzuigende SHE pompen

Viesmann. Montage- en servicehandleiding. Blusinrichting. Veiligheidsinstructies. voor de vakman. voor Vitoligno 300-H

doseerpompen

INSTALLATIE INSTRUCTIES

RVS 316 Elektrische Dubbele membraan pomp

Afbeelding 1: Constructie apparaat

MC 885 HL CMP Hoog/Laag Brander Thermostaat

Waterontharder VT1000. Gebruikers handleiding

Documentatie. magneetventielen

Introductie Capa Switch KLS Algemeen

Vibra Switch C. Niveauschakelaar

Servomotoren voor kleine afsluiters

...een product van BEKA

...een product van BEKA

1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Lichtmanagement. Bedieningshandleiding

1 Veiligheidsinstructies. 2 Bedoeld gebruik. 3 Bediening. LB-management. Power DALI-taststuureenheid TW

ABB i-bus KNX Thermo-elektrische ventielklep, 24 V TSA/K 24.2, 2CDG R0011

Bedrijfsvoorschriften

TechGrow HS-1 PORTABLE CO 2 METER HANDLEIDING. software versie: 1.00

1 Veiligheidsinstructies. 2 Bedoeld gebruik. 3 Bediening. Systeem DALI-Power-besturingseenheid inbouwbasiselement

Model 42 Verschildrukregelaar (sluitend) Type type Type A type A Type B type B

Motor-Membraandoseerpomp MEMDOS LB

Handleiding rookgascondensor INHOUDSOPGAVE: WERKING. 1.1 Algemeen 1.2 Werking INSTALLATIE

OPSTEEK AANDRIJVINGEN SIK-SERIE

ABB i-bus KNX Universele in/uitgang 12-voudig, inbouw US/U 12.2

Programmeerbare elektronische tijdschakelklok

DOSEER SYSTEEM TMR - 12VDC

Installatie instructies

NL Manual GSM module RC-GBT8448BC V1.1. Handleiding GSM RC-GBT8448BC

Gebruikershandleiding Doseerpomp ProMinent EXtronic EXBb

Doorstroomafsluiter met buitendraad, PN 16

Centrifugaalpomp. Multi Eco. Productinformatie

HANDLEIDING. Sesame. Thermoplastic Tank Technologies

Installatie & Onderhoudsinstructies

PE & PTFE elektrische Dubbele membraan pomp

D-LUX. Veiligheid. Onderbreek de stroomtoevoer alvorens dit product te installeren of onderhouden!

Elektronische jaloezieinbouwschakelaar

Gebruikershandleiding.

Toetselement onder lang indrukken: het licht wordt met minimale lichtsterkte ingeschakeld.

AANSLUITINGS- VOORSCHRIFT REGELEENHEID VOOR ROTERENDE WARMTEWISSELAAR

Systeem 2000 Systeem 2000 HLK-relais-basiselement. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Best. nr. : Bedieningshandleiding

GEBRUIKSAANWIJZING (verkort) GT1050/GT1060

Zuigleidingen 521 Gebruikshandleiding

Byzoo Sous Vide Hippo

Transcriptie:

Bedieningsvoorschrift S1Ca rominent Sigma/ 1 S1Ba (Basis type) S1Ca (Besturings type) met doseereenheid links S1Ca S2Ca rominent Sigma/ 2 S2Ba (Basis type) S2Ca (Besturings type) S2Ba S3Ca rominent Sigma/ 3 S3Ba (Basis type) S3Ca (Besturings type) S3Ba S1Ba S1Ca S2Ba S2Ca S3Ba S3Ca HM HM HM HM H H Vult u hier s.v.p. de identcode van de pomp in! Lees dit bedieningsvoorschrift eerst volledig door! Nooit weggooien! Bij schade als gevolg van bedienings fouten vervalt de garantie!

Druk: Bedieningsvoorschrift rominent Sigma doseerpompen rominent Verder B.V. Gedrukt in Nederland. Wijzigingen voorbehouden. Adres Nederland: rominent Verder B.V. Utrechtseweg 4a NL-3451 GG Vleuten ostbus 12 NL-3450 AA Vleuten Tel.: (030) 677 92 80 Fax: (030) 677 92 88 info@prominent.nl www.prominent.nl Adres België: rominent Belgium S.A., N.V. Industriepark Sint-Renelde/Saintes Landaslaan 11 B-1480 Tubeke/Tubize Tel.: +32 (2) 3914280 Fax: +32 (2) 3914290 info@prominent.be www.prominent.be agina 2

Besturingselementen en toetsfuncties Besturingselementen, overzicht 4 3 2 1 16 15 14 13 12 11 5 6 7 8 9 10 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 bedrijfsweergave (groen) weergave waarschuwingsmelding (geel) weergave storingsmelding (rood) slaglengte instelling LCD weergave toets omhoog toets omlaag toets start/stop toets i toets relais uitgang (optie) aansluiting doseerbewaking aansluiting niveauschakelaar aansluiting externe aansturing aansluiting membraanbreukmelding netschakelaar Toetsfuncties STO/START - toets constante weergave (bedienen) instelmodus (instellen) STO START kort indrukken pompen stoppen, pompen starten pompen stoppen, pompen starten -toets kort indrukken rang starten (alleen in functie invoer bevestigen - sprong naar volgende batch ), fout bevestigen menu of in constante weergave 2 s indrukken wisselen van instelmodus --- 3 s indrukken --- sprong naar constante weergave 10 s indrukken software versie in display --- 15 s indrukken fabrieksinstellingen --- (kalibreren) opstarten i-toets 1 x indrukken wisselen tussen constante wisselen tussen veranderen van enkele weergave getallen en veranderen van een getal 2 x indrukken --- bij veranderen van enkele getallen : sprong naar het eerste getal ijl-toetsen omhoog resp. omlaag afzonderlijk indrukken direct veranderbare (tot set verschijnt) grootte veranderen andere instelling kiezen, enkele getallen of getal veranderen gelijktijdig indrukken aanzuigen (in constante weergave --- slagfrequentie ) agina 3

START Bedienings-/instelschema Display tijdens bedrijf STO omp stoppen/starten 1 2 = Blokkeren (CODE 1) = Blokkeren (CODE 2) 2 Direct veranderbare grootheden veranderen Aanzuigen i Charge starten (alleen in bedrijfstoestand "Batch") Foutmelding bevestigen Instelwaarde bekijken 1 2 s Analog Manual Contact mode Batch Analog mode m Manual ode mode Contact mode Batch none code code1 0 0 0 0 code2 9 9 9 9 Analog o 20 ma se t ana lg Analog ma 4 20 Analog - - - - - Analog cu rve Analog Analog Analog i10 ma Analog i1 0 ma Analog i1 0 ma Analog i11 ma Analog i1 9 ma Analog i1 9 ma Analog f10 Freq. Analog f1 0 Freq. Analog f1 0 Freq. Analog f11 Freq. Analog f1 9 Freq. Analog f1 9 Freq. Analog i20 ma Analog i2 0 ma Analog i2 0 ma Analog i22 ma Analog i2 9 ma Analog i2 9 ma Analog f20 Freq. Analog f2 0 Freq. Analog f2 0 Freq. e ro f f Analog Analog f21 Freq. Analog f2 9 Freq. Analog f2 9 Freq. e r Analog on Volgende pagina agina 4

Vorige pagina cn t c t Mem Mem o f f on Contact Contact Mem 0 Contact Mem 0 Contact Mem 0 Contact Mem 0 Contact Mem 9 Contact Mem 9 Contact Mem 9 Contact Mem 9 Contact Mem 0 * Batch Mem Batch 0 * Mem Batch 0 * Mem 6 * Batch Mem Batch 9 * Mem Batch 9 * Mem Batch 0 * Mem Batch 0 * ba t ch Mem Mem o f f on Batch Batch i Mem 00001 L Batch Mem Batch 9 * Mem Batch 9 * Mem 15420 L Batch Calib o f f ca l ib Calib on Calib s ta r t Calib Calib 0 200 N N 0 L 0 L 0 L Calib Calib Calib 6 L 9 L 9 L Calib Calib Calib Calib 0 L Calib 0 L un i t L Calib 9 L Calib 9 L un i t gal BUS ADDR s 0 9 Calib Calib 0 9 0 9 aux Aux 0 Aux 1 Freq. Freq. Aux Freq. Aux Aux 0 9 Aux Freq. 0 9 Freq. Freq. Flow o f f f low Flow on Flow Flow 0 1 Flow Flow 0 9 Flow Flow 0 9 c lea r L N agina 5

Inhoudsopgave Inhoudsopgave...agina Identcode Sigma/1, S1Ba...8 Identcode Sigma/2, S2Ba...9 Identcode Sigma/3, S3Ba...10 Identcode Sigma/1, S1Ca...11 Identcode Sigma/2, S2Ca...12 Identcode Sigma/3, S3Ca...13 1 Veiligheidsaanwijzingen voor rominent doseerpompen...14 1.1 Algemene aanwijzingen...14 1.2 Aanwijzingen voor installeren, in bedrijf name en tijdens bedrijf...14 1.3 Aanwijzingen met betrekking tot onderhoud en reparatie...15 2 roductbeschrijving S1Ba/S1Ca/S2Ba/S2Ca/S3Ba/S3Ca...16 2.1 Identificatie van het pomptype...16 2.2 Opbouw/functiebeschrijving...16 2.2.1 Functiebeschrijving aandrijving...16 2.2.2 Slagbeweging...17 2.2.3 Diagrammen doseercapaciteit...18 2.2.4 Werking doseereenheid...28 2.2.5 Geïntegreerd overstortventiel met ontluchtingsfunctie...29 2.2.6 Membraanbreuksignalering...32 3 Technische gegevens...35 3.1 Technische gegevens Sigma/1...35 3.1.1 Capaciteitsgevens...35 3.1.2a Afmetingen Sigma/1...38 3.1.2b Afmetingen Sigma/1 rechts...39 3.1.2c Afmetingen Sigma/1 links...40 3.1.3 Afmetingen Sigma/2...41 3.1.4 Afmetingen Sigma/3...42 3.1.5 Afmetingen Sigma/2 en Sigma/3 met stelmotor...43 3.1.6 Motorgegevens Sigma/1, Sigma/2, Sigma/3...44 3.1.7 Stelaandrijving slagverstelling...45 3.1.8 Regelaandrijving slagverstelling...45 3.1.9 Elektrische gegevens slagsensor Sigma...45 3.1.10 Elektrische gegevens taktgeeftrelais Sigma...45 3.1.11 Geluidsproductie...45 4 In bedrijf name en onderhoud...46 4.1 In bedrijf name...46 4.2 Onderhoud...46 4.3 Vervanging van slijtageonderdelen...47 5 Bijzonderheden van de S1Ca, S2Ca en S3Ca doseerpompen...49 5.1 Werking motor...49 5.2 Functiebeschrijving aansturing...50 5.3 Stekkeraansluitingen, symbolen en aansluitingen...52 5.4 Achteraf inbouwen van relais...57 agina 6

Inhoudsopgave... agina 6 Bediening besturing...58 7 Instellen...59 7.1 Instelbare waarden controleren...59 7.2 Naar instelmodus schakelen...60 7.3 Bedrijfsfunctie kiezen (Mode-menu)...60 7.4 Instellingen in de werkwijze...61 7.4.1 Instellingen van bedrijfsfunctie Handmatig...61 7.4.2 Instellingen van bedrijfsfunctie Analoog (ANALG-menu)...61 7.4.3 Instellingen van bedrijfsfunctie Contact (CNTCT-menu)...63 7.4.4 Instellingen van bedrijfsfunctie Batch ( BATCH-menu)...64 7.5 Instellen van de geprogrammeerde functies (-menu)...64 7.5.1 Instellen van de functie kalibreren (CALIB-menu)...65 7.5.2 Instellen van de functie hulpfrequentie (AUX-menu)...65 7.5.3 Instellen van de functie flow (FLOW-menu)...66 7.6 Code instellen (CODE-menu)...66 7.7 Totaal aantal slagen of liters wissen (CLEAR-venster)...66 8 Bedienen...67 8.1 Handmatig bedienen...67 8.2 Op afstand bedienen...68 9 Functiestoringen...69 10 Buiten bedrijf stellen, demonteren en afvoeren...70 11 Vervangingsdelen en toebehoren...71 Aanhang...72 Motor gegevensblad...72 Conformiteitsverklaringen...75 Explosietekeningen van de doseereenheden...81 Aansluitschema aandrijving slaglengteverstelling...98 agina 7

Identcode S1Ba Sigma/1 basis versie S1Ba Sigma/1 basis versie HM Hoofdaandrijving, membraan omptype (cijfer 1 + 2 = tegendruk [bar], cijfer 3-5 = capaciteit [l/u]) 12017* 12 bar; 17 l/u 12035* 12 bar; 35 l/u 10050 10 bar; 50 l/u 10022 10 bar; 22 l/u 10044 10 bar; 44 l/u 07065 7 bar; 65 l/u 07042 7 bar; 42 l/u 04084 4 bar; 84 l/u 04120 4 bar; 120 l/u *VDF maximaal 10 bar V SS Materiaal doseereenheid VDF RVS T Materiaal afdichtingen TFE Membraanuitvoering 0 Standaardmembraan, TFE 1 Dubbel membraan met mogelijkheid van membraanbreuksignalering Doseerkopuitvoering 0 zonder ventielveren 1 met 2 ventielveren, Hastelloy C; 0,1 bar 4 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton zonder ventielveren 5 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton met ventielveren Hydraulische aansluiting 0 standaard aansluiting volgens technische gegevens 1 wartelmoeren en inlegdelen VC 2 wartelmoeren en inlegdelen 3 wartelmoeren en inlegdelen VDF 4 wartelmoeren en inlegdelen RVS 7 wartelmoeren en slangpilaren VDF 8 wartelmoeren en slangpilaren RVS Uitvoering 0 met rominent logo (standaard) 1 zonder rominent logo M gewijzigd* * uitvoering volgens opdracht eigenschappen pomp zie orderbevestiging Elektrische aansluiting S 3f, 230/400V, 50/60 Hz, 0,09 kw M 1f wisselstroom, 230V 50/60 Hz, 0,09 kw N 1f wisselstroom, 115V 60 Hz, 0,09 kw L 3f, 230/400V, 50 Hz, (EExe, EExde) 3f, 230/400V, 60 Hz, (EExe, EExde) R toerental regelmotor 3f, 230/400V, 0,09 kw V toerental regelmotor met geïntegreerde frequentie omvormer, 1f, 230V, 50/60 Hz Z toerental regeling compleet, 1f, 230V, 50/60 Hz 2 zonder motor, met C 42 flens (NEMA) 3 zonder motor, B 5, gr. 56 (DIN) Beschermingsklasse 0 I 55 (standaard) 1 Exe-motor uitvoering (EExe II T3) 2 Exde-motor uitvoering (EExde IIC T4) A aandrijving ATEX-uitvoering S1Ba HM T 01 Slagsensor 0 zonder slagsensor (standaard) 2 taktgeefrelais (reed relais) 3 slagsensor (Namur) voor Ex toepassing Slaglengte verstelling 0 handmatig (standaard) 1 met stelmotor, 230V, 50/60 Hz 2 met stelmotor, 115V, 60 Hz 3 met regelmotor, 0 20 ma, 230V, 50/60 Hz 4 met regelmotor, 4 20 ma, 230V, 50/60 Hz 5 met regelmotor, 0 20 ma, 115V, 60 Hz 6 met regelmotor, 4 20 ma, 115V, 60 Hz agina 8

Identcode S2Ba Sigma/2 basis versie S2Ba Sigma/2 basis versie HM Hoofdaandrijving, membraan omptype (cijfer 1 + 2 = tegendruk [bar], cijfer 3-5 = capaciteit [l/u]) 16050* 16 bar; 50 l/u 16090* 16 bar; 90 l/u 16130* 16 bar; 130 l/u 07120 7 bar; 120 l/u 07220 7 bar; 220 l/u 04350 4 bar; 350 l/u *VDF maximaal 10 bar V SS Materiaal doseereenheid VDF RVS T Materiaal afdichtingen TFE Membraanuitvoering 0 Standaardmembraan, TFE 1 Dubbel membraan met mogelijkheid van membraanbreuksignalering Doseerkopuitvoering 0 zonder ventielveren 1 met 2 ventielveren, Hastelloy C; 0,1 bar 4 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton zonder ventielveren 5 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton met ventielveren Hydraulische aansluiting 0 standaard aansluiting volgens technische gegevens 1 wartelmoeren en inlegdelen VC 2 wartelmoeren en inlegdelen 3 wartelmoeren en inlegdelen VDF 4 wartelmoeren en inlegdelen RVS 7 wartelmoeren en slangpilaren VDF 8 wartelmoeren en slangpilaren RVS Uitvoering * uitvoering volgens opdracht eigenschappen 0 met rominent logo (standaard) pomp zie orderbevestiging 1 zonder rominent logo M gewijzigd* Elektrische aansluiting S 3f, 230/400V, 50/60 Hz, 0,18 kw M 1f wisselstroom, 230V 50/60 Hz, 0,18 kw N 1f wisselstroom, 115V 60 Hz, 0,18 kw L 3f, 230/400V, 50 Hz, (EExe, EExde) 3f, 230/400V, 60 Hz, (EExe, EExde) R toerental regelmotor 3f, 230/400V, 0,37 kw V toerental regelmotor met geïntegreerde frequentie omvormer, 1f, 230V, 50/60 Hz Z toerental regeling compleet, 1f, 230V, 50/60 Hz 1 zonder motor, met B14 flens, gr. 71 (DIN) 2 zonder motor, met C56 flens (NEMA) 3 zonder motor, B 5, gr. 63 (DIN) 4 zonder motor, B5, gr. 70 (DIN) Beschermingsklasse 0 I 55 (standaard) 1 Exe-motor uitvoering (EExe II T3) 2 Exde-motor uitvoering (EExde IIC T4) A aandrijving ATEX-uitvoering Slagsensor 0 zonder slagsensor (standaard) 2 taktgeefrelais (reed relais) 3 slagsensor (Namur) voor Ex toepassing Slaglengte verstelling 0 handmatig (standaard) 1 met stelmotor, 230V, 50/60 Hz 2 met stelmotor, 115V, 50/60 Hz 3 met regelmotor, 0 20 ma, 230V, 50/60 Hz 4 met regelmotor, 4 20 ma, 230V, 50/60 Hz 5 met regelmotor, 0 20 ma, 115V, 50/60 Hz 6 met regelmotor, 4 20 ma, 115V, 50/60 Hz S2Ba HM T agina 9

Identcode S3Ba Sigma/3 basis versie S3Ba Sigma/3 basis versie H Hoofdaandrijving, membraan omptype (cijfer 1 + 2 = tegendruk [bar], cijfer 3-6 = capaciteit [l/u]) 120145* 12 bar; 145 l/u 120190* 12 bar; 190 l/u 120270* 12 bar; 270 l/u 120330* 12 bar; 330 l/u 070410 7 bar; 410 l/u 070580 7 bar; 580 l/u 040830 4 bar; 830 l/u 041030 4 bar; 1030 l/u *VDF maximaal 10 bar V SS Materiaal doseereenheid VDF RVS T Materiaal afdichtingen TFE Membraanuitvoering 0 Standaardmembraan, TFE 1 Dubbel membraan met mogelijkheid van membraanbreuksignalering Doseerkopuitvoering 0 zonder ventielveren 1 met 2 ventielveren, Hastelloy C; 0,1 bar 4 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton zonder ventielveren 5 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton met ventielveren Hydraulische aansluiting 0 standaard aansluiting volgens technische gegevens 1 wartelmoeren en inlegdelen VC 2 wartelmoeren en inlegdelen 3 wartelmoeren en inlegdelen VDF 4 wartelmoeren en inlegdelen RVS 7 wartelmoeren en slangpilaren VDF 8 wartelmoeren en slangpilaren RVS Uitvoering 0 met rominent logo (standaard) 1 zonder rominent logo M gewijzigd* * uitvoering volgens opdracht eigenschappen pomp zie orderbevestiging Elektrische aansluiting S 3f, 230/400V, 50/60 Hz, 0,18 kw M 1f wisselstroom, 230V 50/60 Hz, 0,18 kw N 1f wisselstroom, 115V 60 Hz, 0,18 kw L 3f, 230/400V, 50 Hz, (EExe, EExde) 3f, 230/400V, 60 Hz, (EExe, EExde) R toerental regelmotor 3f, 230/400V, 0,37 kw Z toerental regeling compleet, 1f, 230V, 50/60 Hz 1 zonder motor, met B14 flens, gr. 71 (DIN) 2 zonder motor, met C56 flens (NEMA) 3 zonder motor, B 5, gr. 63 (DIN) Beschermingsklasse 0 I 55 (standaard) 1 Exe-motor uitvoering (EExe II T3) 2 Exde-motor uitvoering (EExde IIC T4) A aandrijving ATEX-uitvoering Slagsensor 0 zonder slagsensor (standaard) 2 taktgeefrelais (reed relais) 3 slagsensor (Namur) voor Ex toepassing Slaglengte verstelling 0 handmatig (standaard) 1 met stelmotor, 230V, 50/60 Hz 2 met stelmotor, 115V, 50/60 Hz 3 met regelmotor, 0 20 ma, 230V, 50/60 Hz 4 met regelmotor, 4 20 ma, 230V, 50/60 Hz 5 met regelmotor, 0 20 ma, 115V, 50/60 Hz 6 met regelmotor, 4 20 ma, 115V, 50/60 Hz S3Ba H T agina 10

Identcode S1Ca Sigma/1 besturingstype S1Ca Sigma/1 besturingstype HM Hoofdaandrijving, membraan omptype (cijfer 1 + 2 = tegendruk [bar], cijfer 3-5 = capaciteit [l/u]) 12017* 12 bar; 20 l/u 12035* 12 bar; 42 l/u 10050 10 bar; 50 l/u 10022 10 bar; 26 l/u 10044 10 bar; 53 l/u 07065 7 bar; 65 l/u 07042 7 bar; 50 l/u 04084 4 bar; 101 l/u 04120 4 bar; 120 l/u *VDF maximaal 10 bar V SS Materiaal doseereenheid VDF RVS T Materiaal afdichtingen TFE Membraanuitvoering 0 Standaardmembraan, TFE 1 Dubbel membraan met membraanbreuksignalering met functie pomp stopt 2 Dubbel membraan met membraanbreuksignalering met functie pomp geeft alarm Doseerkopuitvoering 0 zonder ventielveren 1 met 2 ventielveren, Hastelloy C; 0,1 bar 4 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton zonder ventielveren 5 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton met ventielveren Hydraulische aansluiting 0 standaard aansluiting volgens technische gegevens 1 wartelmoeren en inlegdelen VC 2 wartelmoeren en inlegdelen 3 wartelmoeren en inlegdelen VDF 4 wartelmoeren en inlegdelen RVS 7 wartelmoeren en slangpilaren VDF 8 wartelmoeren en slangpilaren RVS Uitvoering 0 met rominent logo (standaard) 1 zonder rominent logo U Elektrische voeding 1f, 100-230V ±10%, 50/60 Hz A B C D Kabel en stekker 2 m, Europa 2 m, Zwitserland 2 m, Australië 2 m, USA Relais 0 geen storingsmeldrelais 1 storingsmeldrelais, afvallend 3 storingsmeldrelais, opkomend 4 als 1 + taktgeefrelais 5 als 3 + taktgeefrelais F voedingsrelais afvallend G voedingsrelais opkomend Type besturing 0 handmatig + contact met pulscontrole 1 handmatig + contact met pulscontrole en analoge aansturing 4 als 0 + procestimer 5 als 1 + procestimer ROFIBUS Toegangscode 0 zonder toegangscode 1 met toegangscode Doseerbewaking 0 ingang voor puls 1 ingang voor verbreek contact Slaglengteverstelling 0 handmatig C handmatig met kalibratie mogelijkheid S1Ca HM T U 01 agina 11

Identcode S2Ca Sigma/2 besturingstype S2Ca Sigma/2 besturingstype HM Hoofdaandrijving, membraan omptype (cijfer 1 + 2 = tegendruk [bar], cijfer 3-5 = capaciteit [l/u]) 16050* 16 bar; 60 l/u 16090* 16 bar; 95 l/u 16130* 16 bar; 136 l/u 07120 7 bar; 148 l/u 07220 7 bar; 232 l/u 04350 4 bar; 350 l/u *VDF maximaal 10 bar V SS Materiaal doseereenheid VDF RVS T Materiaal afdichtingen TFE Membraanuitvoering 0 Standaardmembraan, TFE 1 Dubbel membraan met membraanbreuksignalering met functie pomp stopt 2 Dubbel membraan met membraanbreuksignalering met functie pomp geeft alarm Doseerkopuitvoering 0 zonder ventielveren 1 met 2 ventielveren, Hastelloy C; 0,1 bar 4 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton zonder ventielveren 5 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton met ventielveren Hydraulische aansluiting 0 standaard aansluiting volgens technische gegevens 1 wartelmoeren en inlegdelen VC 2 wartelmoeren en inlegdelen 3 wartelmoeren en inlegdelen VDF 4 wartelmoeren en inlegdelen RVS 7 wartelmoeren en slangpilaren VDF 8 wartelmoeren en slangpilaren RVS Uitvoering 0 met rominent logo (standaard) 1 zonder rominent logo U Elektrische voeding 1f, 100-230V ±10%, 50/60 Hz A B C D Kabel en stekker 2 m, Europa 2 m, Zwitserland 2 m, Australië 2 m, USA Relais 0 geen storingsmeldrelais 1 storingsmeldrelais, afvallend 3 storingsmeldrelais, opkomend 4 als 1 + taktgeefrelais 5 als 3 + taktgeefrelais F voedingsrelais afvallend G voedingsrelais opkomend Type besturing 0 handmatig + contact met pulscontrole 1 handmatig + contact met pulscontrole en analoge aansturing 4 als 0 + procestimer 5 als 1 + procestimer ROFIBUS Toegangscode 0 zonder toegangscode 1 met toegangscode Doseerbewaking 0 ingang voor puls 1 ingang voor verbreek contact Slaglengteverstelling 0 handmatig C handmatig met kalibratie mogelijkheid S2Ca HM T U agina 12

Identcode S3Ca Sigma/3 besturingstype S3Ca Sigma/3 besturingstype H Hoofdaandrijving, membraan omptype (cijfer 1 + 2 = tegendruk [bar], cijfer 3-6 = capaciteit [l/u]) 120145* 12 bar; 174 l/u 120190* 12 bar; 228 l/u 120270* 12 bar; 324 l/u 070410 7 bar; 492 l/u 070580 7 bar; 696 l/u 040830 4 bar; 1000 l/u *VDF maximaal 10 bar VT SST Materiaal doseereenheid VDF RVS Membraanuitvoering 0 Standaardmembraan, TFE 1 Dubbel membraan met membraanbreuksignalering met functie pomp stopt 2 Dubbel membraan met membraanbreuksignalering met functie pomp geeft alarm Doseerkopuitvoering 0 zonder ventielveren 1 met 2 ventielveren, Hastelloy C; 0,1 bar 4 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton zonder ventielveren 5 met geïntegreerd overstortventiel, afdichting Viton met ventielveren Hydraulische aansluiting 0 standaard aansluiting volgens technische gegevens 1 wartelmoeren en inlegdelen VC 2 wartelmoeren en inlegdelen 3 wartelmoeren en inlegdelen VDF 4 wartelmoeren en inlegdelen RVS 7 wartelmoeren en slangpilaren VDF 8 wartelmoeren en slangpilaren RVS Uitvoering 0 met rominent logo (standaard) 1 zonder rominent logo W Elektrische voeding 1f, 115-230V ±10%, 50/60 Hz A B C D Kabel en stekker 2 m, Europa 2 m, Zwitserland 2 m, Australië 2 m, USA Relais 0 geen storingsmeldrelais 1 storingsmeldrelais, afvallend 3 storingsmeldrelais, opkomend 4 als 1 + taktgeefrelais 5 als 3 + taktgeefrelais F voedingsrelais afvallend G voedingsrelais opkomend Type besturing 0 handmatig + contact met pulscontrole 1 handmatig + contact met pulscontrole en analoge aansturing 4 als 0 + procestimer 5 als 1 + procestimer ROFIBUS Toegangscode 0 zonder toegangscode 1 met toegangscode Doseerbewaking 0 ingang voor puls 1 ingang voor verbreek contact Slaglengteverstelling 0 handmatig 1 handmatig met kalibratie mogelijkheid S3Ca H W agina 13

Veiligheidsaanwijzingen voor rominent doseerpompen Veiligheidsaanwijzingen voor rominent doseerpompen 1 Relevante Veiligheidsaanwijzingen voor rominent doseerpompen Veiligheidsaanwijzingen en belangrijke bedieningsaanwijzingen zijn in klassen ingedeeld en van pictogrammen voorzien. Zorg ervoor dat u met de volgende benamingen en pictogrammen vertrouwd raakt: GEVAAR: Er bestaat levensgevaar of gevaar voor verwondingen! WAARSCHUWING: Er bestaat gevaar voor verwondingen of het apparaat kan aanzienlijk beschadigd raken! LET O: Deze situaties vereisen extra aandacht! AANWIJZING: Informatie, waar u op moet letten! 1.1 Algemene aanwijzingen WAARSCHUWING: Deze apparatuur mag alleen doelmatig volgens de betreffende voorschriften worden gebruikt. Het monteren van rominent doseerpompen met vreemde onderdelen, die niet door rominent zijn gecontroleerd en aanbevolen, is ontoelaatbaar en kan persoonlijk letsel en materiële schade tot gevolg hebben, waarvoor wij niet aansprakelijk kunnen worden gesteld! ompen moeten voor bediening en onderhoud te allen tijde toegankelijk zijn. Toegangen mogen niet worden afgesloten of geblokkeerd! Laat bij onderhouds- en reparatiewerkzaamheden - als gevaarlijke of onbekende doseermedia worden gebruikt - altijd eerst de doseerkop leeglopen en spoel deze om! Raadpleeg de veiligheidsgegevensbladen van de doseervloeistoffen! Draag bij het doseren van gevaarlijke of onbekende vloeistoffen bij werkzaamheden aan de doseerkop beschermkleding (bril, handschoenen)! U bent verplicht de aanwijzingen in dit bedieningsvoorschrift en het Algemeen bedieningsvoorschrift voor rominent Motordoseerpompen en hydraulische toebehoren voor montage, installatie en onderhoud op te volgen. 1.2 Aanwijzingen voor installatie, in bedrijf name en tijdens bedrijf WAARSCHUWING: De doseerkop kan nog water van de controle in de fabriek bevatten! Bij media die niet met water in aanraking mogen komen, moet het water voor in bedrijfstelling uit de doseerkop worden verwijderd! Draai daartoe de pomp 180 en laat de doseerkop leeg lopen. Spoel deze vervolgens van bovenaf via de zuigaansluiting met een geschikt middel! Sluit geen netspanning via de stuurkabel aan! Als de doseerpomp tegen een gesloten afsluitelement aan de perszijde in werking wordt gezet, kan de tegendruk een veelvoud van de maximaal toelaatbare tegendruk bereiken! Hierdoor kan de persleiding kapot springen! Om dit te vermijden is het raadzaam om een overstortventiel te installeren, waardoor de tegendruk beperkt wordt! agina 14

Veiligheidsaanwijzingen voor rominent doseerpompen LET O: Bij in bedrijf name van de Sigma doseerpomp dient de rode ontluchtingsstop van de aandrijving geopend te worden (zie afbeelding 2, positie 10)! Leg de persleidingen zo aan, dat drukpieken bij de doseerslag de maximaal toelaatbare bedrijfsdruk niet overschrijden (installeer indien nodig een overstortventiel)! Stel de slaglengte alleen in als de pomp loopt! AANWIJZING: Bevestig de pomp zodanig, dat er geen trillingen kunnen optreden! De ventielen van de doseerkop moeten altijd verticaal staan om een correcte werking te kunnen garanderen! Leg zuig- en persleidingen zodanig aan dat een mechanisch spanningsvrije aansluiting aan de doseerkop is gegarandeerd! Bevestig de leidingen zodanig dat er geen trillingen kunnen optreden! Gebruik alleen de voor de betreffende slangdiameter bestemde klemringen, slangmondstukken en originele slangen met voorgeschreven slangafmetingen en wanddikte, anders is de duurzaamheid van de verbinding niet gegarandeerd! Vermijd het reduceren van slangafmetingen! Let op de toelaatbare drukbelasting van de slangen! Bij het doseren van extreem agressieve of gevaarlijke media is een ontluchting met terugvoering naar het reservoir handig! Zorg bovendien voor een afsluitventiel aan pers- of zuigzijde! 1.3 Aanwijzingen met betrekking tot onderhoud en reparatie WAARSCHUWING: Doseerpompen en randapparatuur mogen slechts door deskundige of bevoegde personen worden onderhouden! Spoel bij onderhouds- en reparatiewerkzaamheden - als gevaarlijke of onbekende media worden gebruikt - altijd eerst de doseerkop uit! Draag bij het doseren van gevaarlijke of onbekende vloeistoffen bij werkzaamheden aan de doseerkop beschermkleding (bril, handschoenen)! Haal voor werkzaamheden aan de pomp altijd eerst de druk van de doseerleiding af! Laat de doseerkop altijd leeglopen en spoel deze! Raadpleeg de veiligheidsgegevensbladen van de doseervloeistof! GEVAAR: Trek voor het openen van de pomp de netstekker eruit of ontkoppel de voedingsleiding! Indien een relaisoptie aanwezig is, moet dit eveneens worden vrijgeschakeld! Controleer of de pomp spanningsvrij is! Beveilig de pomp tijdens reparatiewerkzaamheden tegen onbevoegd inschakelen! ompen die voor het doseren van radioactieve media zijn gebruikt, mogen niet worden verstuurd! AANWIJZING: Het terugzenden van de pomp ter reparatie mag slechts in gereinigde toestand en met uitgespoelde doseerkop geschieden! agina 15

roductbeschrijving 2. roductbeschrijving S1Ba/S1Ca/S2Ba/S2Ca/S3Ba/S3Ca WAARSCHUWING: Doelmatig gebruik volgens de voorschriften. Bij deze pomp gaat het om een vloeistofdoseerpomp; deze is bedoeld om vloeibare media binnen het opgegeven capaciteitsbereik te doseren! Deze pomp alleen volgens de in de technische gegevens beschreven voorwaarden laten functioneren. De algemene beperkingen betreffende viscositeitsgrenzen, chemische bestendigheid en dichtheid moeten worden nageleefd! (Zie ook de rominent bestendigheidslijst (catalogus of homepage)!) Andere toepassingen of aanpassingen aan de doseerpomp zijn verboden! De pomp is er niet voor bedoeld om gasvormige media en vaste stoffen te doseren. Voor het doseren van chemicaliën moet op de bestendigheid en dichtheid van de materialen worden gelet. De pomp is niet geschikt om brandbare vloeistoffen te doseren! De pomp mag buiten de in hoofdstuk 3 beschreven omgevingsvoorwaarden niet in werking worden gesteld! 2.1 Identificatie van het pomptype Behalve de gebruikelijke technische gegevens is de identcode en het serienummer aangegeven. Deze twee nummers moeten bij elk contact met rominent worden gebruikt, omdat deze een eenduidige identificatie van het type doseerpomp mogelijk maken. 2.2 Opbouw/Functiebeschrijving 2.2.1 Functiebeschrijving aandrijving Afb.1 De rominent Sigma membraandoseerpomp is een oscillerende verdringerpomp, waarbij de slaglengte in stappen van 0,5% kan worden ingesteld. Deze wordt door een elektromotor (1) aangedreven. De aandrijfrotatie hiervan wordt door de wormwieloverbrenging gereduceerd en via de excenterrollen (3) op de met de opnamevork (8) verbonden drijfstang (4) overgebracht en zo in een oscillerende beweging omgezet. Een terugtrekveer (5) drukt de opnamevork met de drijfstang krachtig tegen de excenterrol en zorgt daarmee voor de teruggaande slag. De instelling van de slaglengte gebeurt door middel van de slaginstelknop (6) en de as (7) door begrenzing van de teruggaande slag. De slagbeweging wordt direct op het verdringermembraan overgebracht. Hierdoor ontstaat in samenspel met de ventielen de voor het transport noodzakelijke over- resp. onderdruk in de doseerkop. De doseerstroom is pulserend. De elektromotor is bij het basistype normaal gesproken een 3-fasen draaistroommotor met een groot spanningsbereik (optionele motoren: zie paragraaf 3). agina 16

roductbeschrijving 1 5 10 3 4 8 7 6 Afb.2 61_01-101_00_11-01 2.2.2 Slagbeweging a) S lagverloop bij max. aantal slagen en slaglengte b) bij gereduceerde slaglengte + persslag Slagsnelheid - zuigslag 0 180 360 Draaihoek excenterrol Afb.3 S3Ba/S3Ca-006-D Stel de slaglengtewaarde afhankelijk van de gewenste pompcapaciteit in. 75% 30% 25 75 0 50 25 0 20 0 5 0 5 10 Afb.4 S3Ba/S3Ca-007-D Aanwijzing: Kies voor zeer visceuze media een grote slaglengte en een lage doseerfrequentie! Kies voor een goede vermenging een kleine slaglengte en een hoge frequentie! agina 17

roductbeschrijving 2.2.3 Diagrammen doseercapaciteit S1Ba bij 50 Hz 70,0 60,0 50,0 40,0 30,0 20,0 10,0 0,0 Diagram voor doseercapaciteit S1Ba (50 Hz) S1Ba10050 S1Ba12035 S1Ba12017 0,0 2,0 4,0 6,0 8,0 10,0 12,0 Druk in [bar] 70,0 60,0 60,0 50,0 50,0 40,0 40,0 30,0 30,0 20,0 20,0 10,0 10,0 0,0 80,0 70,0 60,0 50,0 40,0 30,0 20,0 10,0 0,0 Diagram voor doseercapaciteit S1Ba (50 (50 Hz) S1Ba10050 S1Ba07065 S1Ba12035 S1Ba10044 S1Ba12017 S1Ba10022 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 Slaglengte Slaglengte in [%] in [%] Diagram voor doseercapaciteit S1Ba (50 Hz) S1Ba07065 S1Ba10044 S1Ba10022 0,0 1,0 2,0 3,0 4,0 5,0 6,0 7,0 8,0 9,0 10,0 11,0 Druk in [bar] Q (l/u) Q (l/u) Q (l/u) 60,0 50,0 40,0 30,0 20,0 10,0 0,0 Diagram voor doseercapaciteit S1Ba (50 Hz) S1Ba10050 S1Ba12035 S1Ba12017 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 Slaglengte in [%] Q (l/u) agina 18

roductbeschrijving Diagram voor doseercapaciteit S1Ba (50 Hz) 140,0 160,0 120,0 S1Ba04120 140,0 100,0 80,0 S1Ba04084 120,0 S1Ba07042 100,0 80,0 Q (l/u) Q (l/u) 60,0 60,0 40,0 40,0 20,0 20,0 0,0 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 0,0 Slaglengte in [%] Aanwijzing: Voor S1Ca typen gelden de 60 Hz capaciteiten (echter maximaal 200 slagen per minuut mogelijk). Diagram voor doseercapaciteit S1Ba (50 Hz) S1Ba04120 S1Ba04084 S1Ba07042 0,0 1,0 2,0 3,0 4,0 5,0 6,0 7,0 8,0 Druk in [bar] agina 19

roductbeschrijving S1Ba bij 60 Hz Doseercapaciteit Q in (l/u) Slaglengte in (%) Doseercapaciteit Q in (l/u) Druk in (bar) Doseercapaciteit Q in (l/u) Slaglengte in (%) Doseercapaciteit Q in (l/u) Druk in (bar) agina 20

roductbeschrijving Doseercapaciteit Q in (l/u) Slaglengte in (%) Doseercapaciteit Q in (l/u) Druk in (bar) agina 21

roductbeschrijving S1Ca Doseercapaciteit Q in (l/u) Slaglengte in (%) Doseercapaciteit Q in (l/u) Druk in (bar) Doseercapaciteit Q in (l/u) Slaglengte in (%) Doseercapaciteit Q in (l/u) Druk in (bar) agina 22

roductbeschrijving Doseercapaciteit Q in (l/u) Slaglengte in (%) Doseercapaciteit Q in (l/u) Druk in (bar) agina 23

roductbeschrijving S2Ba 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0 Diagram voor doseercapaciteit S2Ba HM (50 Hz) S2Ba HM 04350 S2Ba HM 07220 S2Ba HM 07120 S2Ba HM 16130 S2Ba HM 16090 S2Ba HM 16050 0 20 40 60 80 100 120 Slaglengte in (%) 500 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0 Diagram voor doseercapaciteit S2Ba HM (60Hz) S2Ba HM 04350 S2Ba HM 07220 S2Ba HM 07120 S2Ba HM 16130 S2Ba HM 16090 S2Ba HM 16050 0 20 40 60 80 100 120 Slaglengte in (%) Q (l/u) Q (l/u) 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0 Diagram voor doseercapaciteit S2Ba HM (50Hz) S2Ba HM 04350 S2Ba HM 07220 S2Ba HM 07120 S2Ba HM 16130 S2Ba HM 16090 S2Ba HM 16050 2 4 6 8 10 12 14 16 0 Druk in (bar) 500 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0 Diagram voor doseercapaciteit S2Ba HM (60Hz) S2Ba HM 04350 S2Ba HM 07220 S2Ba HM 07120 S2Ba HM 16130 S2Ba HM 16090 S2Ba HM 16050 0 2 4 6 8 10 12 14 Druk in (bar) 16 Q (l/u) Q (l/u) agina 24

roductbeschrijving S2Ca Diagram voor doseercapaciteit S2Ca HM Diagram voor doseercapaciteit S2Ca HM 450 450 400 350 300 S2Ca HM 04350 S2Ca HM 07220 S2Ca HM 07120 S2Ca HM 16130 S2Ca HM 16090 S2Ca HM 16050 400 350 300 S2Ca HM 04350 S2Ca HM 07220 S2Ca HM 07120 S2Ca HM 16130 S2Ca HM 16090 S2Ca HM 16050 250 200 Q (l/u) 250 200 150 150 100 100 50 50 0 0 0 20 40 60 80 100 120 0 2 4 6 8 10 12 14 Slaglengte in (%) Druk in (bar) 16 Q (l/u) Aanwijzing: Voor S2Ca typen gelden de 60 Hz capaciteiten (echter maximaal 200 slagen per minuut mogelijk). agina 25

roductbeschrijving S3Ba bij 50Hz 1100 1000 900 800 700 600 500 400 300 200 100 0 1100 1000 900 800 700 600 500 400 300 200 100 0 041030 040830 070580 070410 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 Slaglengte in [%] 041030 040830 070580 070410 0 1 2 3 4 5 6 7 Druk in [bar] 500 400 300 200 100 0 500 400 300 200 100 0 120330 120270 120190 120145 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 Slaglengte in [%] 120330 120270 120190 120145 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 Druk in [bar] Doseercapaciteit Q in [l/u] Doseercapaciteit Q in [l/u] Doseercapaciteit Q in [l/u] Doseercapaciteit Q in [l/u] agina 26

roductbeschrijving S3Ba bij 60 Hz en S3Ca 1400 1300 1200 1100 1000 900 800 700 600 500 400 300 200 100 0 1400 1300 1200 1100 1000 900 800 700 600 500 400 300 200 100 0 041030 040830 070580 070410 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 Slaglengte in [%] 041030 040830 070580 070410 0 0,5 1 1,5 2 2,5 3 3,5 4 4,5 5 5,5 6 6,5 7 Druk in [bar] 400 300 200 100 0 400 300 200 100 0 120330 120270 120190 120145 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 Slaglengte in [%] 12330 12270 12190 12145 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 Druk in [bar] Doseercapaciteit Q in [l/u] Doseercapaciteit Q in [l/u] Doseercapaciteit Q in [l/u] Doseercapaciteit Q in [l/u] agina 27

roductbeschrijving 2.2.4 Werking doseereenheid Het hart van de doseereenheid wordt gevormd door het DEVELOAN -doseermembraan (2). Dit membraan sluit de pompkamer van de doseerkop (4) hermetisch af en zorgt voor de verdringing in de doseerkop. De kopschijf (5) uit chemisch bestendige kunststof scheidt samen met het veiligheidsmembraan (13) de aandrijvingsbehuizing van het pompdeel en beschermt de aandrijving tegen corrosie bij een membraanbreuk. Het zuigventiel (1) en het op gelijke wijze geconstrueerde persventiel (3) zorgen samen met de membraanbeweging voor het pompen. Voor het doseren van visceuze media kunnen de ventielkogels door veren worden ondersteund. De aansluitafmetingen van ventielen en doseerkoppen van dezelfde grootte, maar van verschillend materiaal, zijn gelijk. Deze onderdelen kunnen indien nodig onderling verwisseld worden. Materialen en afmetingen kunt u vinden in hoofdstuk 3, Technische gegevens. 3 3 5 2 4 13 2 4 13 1 5 1 Afb.5 3154-4 Afb.6 61_05-104_00_72-03 agina 28

roductbeschrijving 2.2.5 Geïntegreerd overstortventiel met ontluchtingsfunctie Taak: Het is de taak van het overstortventiel om de motor en de overbrenging tegen ontoelaatbare tegendruk die door de doseerpomp wordt veroorzaakt, te beschermen. Deze functie wordt door een veerbelaste kogel vervuld. Er is een ontlastingsmechanisme voor de ontluchting voorzien. Constructie en werking (Zie afbeeldingen hieronder) Het onder nr. 102 afgebeelde overstortventiel werkt eerst als een eenvoudig direct aangestuurd veiligheidsventiel. Zodra de met behulp van veer nr. 132 ingestelde druk wordt overschreden, wordt kogel nr. 130 door de hierop werkende druk opgetild. De vloeistof stroomt dan via slangaansluiting nr. 128 in het reservoir. 134 102 133 137 132 138 139 111 112 100 110 126 125 127 136 128 130 131 202 203 200 201 117 101 113 116 114 115 118 Afb.7 3160-4 Doseereenheid overstortventiel Sigma/1, 12 bar VT Identcode type: 12035 * kleur van de kap - grijs Doseereenheid overstortventiel Sigma/1, 10 bar VT Identcode type: 10044, 10050 * kleur van de kap - beige Doseereenheid overstortventiel Sigma/1, 7 bar VT Identcode type: 07042, 07065 * kleur van de kap - zwart Doseereenheid overstortventiel Sigma/1, 4 bar VT Identcode type: 04120 * kleur van de kap - rood Doseereenheid overstortventiel Sigma/2, 10 bar VT Identcode type: 16050, 16090, 16130 Doseereenheid overstortventiel Sigma/2, 7 bar VT Identcode type: 07120, 07220 Doseereenheid overstortventiel Sigma/2, 4 bar VT Identcode type: 04350 Doseereenheid overstortventiel Sigma/3, 10 bar VT Identcode type: 120145, 120190, 120270, 120330 Doseereenheid overstortventiel Sigma/3, 7 bar VT Identcode type: 070410, 070580 Doseereenheid overstortventiel Sigma/3, 4 bar VT Identcode type: 040830, 041030 agina 29

roductbeschrijving 134 102 133 132 138 137 139 129 126 140 141 125 136 127 128 130 131 202 203 111 112 100 110 200 201 117 101 113 116 114 115 118 Afb.8 3161-04 Doseereenheid overstortventiel Sigma/1, 12 bar SST Identcode type: 12035 * kleur van de kap - grijs Doseereenheid overstortventiel Sigma/1, 10 bar SST Identcode type: 10044, 10050 * kleur van de kap - beige Doseereenheid overstortventiel Sigma/1, 7 bar SST Identcode type: 07042, 07065 * kleur van de kap - zwart Doseereenheid overstortventiel Sigma/1, 4 bar SST Identcode type: 04120 * kleur van de kap - rood Doseereenheid overstortventiel Sigma/2, 16 bar SST Identcode type: 16050, 16090, 16130 Doseereenheid overstortventiel Sigma/2, 7 bar SST Identcode type: 07120, 07220 Doseereenheid overstortventiel Sigma/2, 4 bar SST Identcode type: 04350 Doseereenheid overstortventiel Sigma/3, 12 bar SST Identcode type: 120145, 120190, 120270, 120330 Doseereenheid overstortventiel Sigma/3, 7 bar SST Identcode type: 070410, 070580 Doseereenheid overstortventiel Sigma/3, 4 bar SST Identcode type: 040830, 041030 LET O: Knop nr. 139 moet met de wijzers van de klok mee tot aan de aanslag close naar binnen wordt gedraaid. De bypassleiding moet steeds zijn aangesloten en naar het voorraadvat worden teruggevoerd. Bevestiging via slangaansluiting nr. 128. Als het ventiel tegen de overdrukfunctie in werking is, kan dit tot een minimale overstroming in de bypassleiding voeren. Door knop nr. 139 tegen de wijzers van de klok in naar buiten te draaien tot aan de aanslag open, wordt de ontluchtingsfunctie in werking gesteld: aanzuighulp bij in bedrijfstelling van de pomp tegen druk. Hierbij wordt kogel nr. 130 door de kracht van veer nr. 132 ontlast en door een geringe veerkracht van ontluchtingsveer nr. 133 gestuurd. LET O: Draai, nadat de pomp heeft aangezogen, de knop nr. 139 tot aan de aanslag close, met de wijzers van de klok mee naar binnen! De pomp kan in bedrijf worden gesteld. agina 30

roductbeschrijving Technische gegevens Overeenkomstig het pomptype zijn overstortventielen voor druktrappen p nom 4, 7, 10 en 12 bar met (1,05... 1,20) xp nom openingsdruk leverbaar. Materialen die met het medium in aanraking komen Sigma/1 Uitvoering Doseereenheid ers-/zuigaansluiting Afdichtingen Kogels Ventielveren Geïntegreerd overstortventiel VT VDF VDF TFE Keramisch/Glas RVS1.4301 VDF/Viton SST RVS 1.4571/1.4404 RVS1.4581 TFE RVS1.4401 RVS1.4301 RVS/ Viton Sigma/2 Uitvoering Doseereenheid ers-/zuigaansluiting Afdichtingen Kogels Ventielveren Geïntegreerd overstortventiel VT VDF VDF TFE Keramisch/Glas Hastelloy C VDF/Viton SST RVS 1.4571/1.4404 RVS1.4581 TFE RVS1.4401 Hastelloy C RVS/ Viton Sigma/3 DN25 kogelventiel DN32 schotelventiel Uitvoering Doseereenheid Afdichtingen Kogels Ventielzittingen Afdichtingen Schotelventiel Ventielzittingen Geïntegreerd (DN 25) (DN 32) overstortventiel VT VDF TFE Glas TFE TFE Keram/Hast.C+CTFE TFE VDF/FM SST RVS 1.4571/1.4404 TFE RVS 1.4401 TFE TFE RVS 1.4404/Hast.C TFE RVS/FM Doelmatig gebruik volgens de voorschriften Het beschermen van de motor en de overbrenging tegen ontoelaatbare tegendruk die door de doseerpomp wordt veroorzaakt. Als de pomp het enige element in installatie is dat druk opwekt, dan zal het overstortventiel ook automatisch de installatie beschermen. Let op: Bij pompen met 1-fase wisselstroommotor is de motor door een geïntegreerde thermische zekering beveiligd. De keramische kogel en kogelzitting van het overstortventiel zijn slijtageonderdelen. Na meerdere uren in bedrijf te zijn geweest, kunnen aan het veiligheidsventiel kleine lekkages optreden. Bij lekkages moeten de kogel en de kogelzitting vervangen worden. De bypassleiding moet altijd worden aangesloten en naar het voorraadvat worden gevoerd. Ondoelmatig gebruik Bescherming van de installatie tegen ontoelaatbare druk, die andere oorzaken heeft dan de door de doseerpomp opgewekte druk. Het in bedrijfstellen zonder aangesloten bypassleiding is niet toegestaan. Het aansluiten van de bypassleiding in de zuigleiding is niet toegestaan (de ontluchtingsfunctie wordt anders niet gegarandeerd). De bypassleiding moet naar het voorraadvat worden geleid. Gevaar: Bij onderhoudswerkzaamheden aan het overstortventiel op de spanningstoestand van de drukveer nr. 132 letten! Draag beschermbril! agina 31

roductbeschrijving 2.2.6 Membraanbreuksignalering Taak: Bewaken van de dichtheid van het werkmembraan. Deze doseerkop kan ook na membraanbreuk tot aan het vervangen van het membraan in noodbedrijf, bij volledige werkdruk lekkagevrij blijven werken. Constructie en werking 111 112 118 203 204 200 100 110 117 101 113 114 115 116 103 147 148 149 150 201 159 156 157 155 158 160 104 161 162 163 Afb.7 De doseereenheid met membraanbreuksignalering bestaat uit standaard doseerkop nr. 100, werkmembraan nr. 200 en hulpmembraan nr. 148, dat tussen kopschijf nr. 201 en tussenschijf nr. 147 zit en met werkmembraan nr. 200 een gesloten tussenruimte vormt. De dichtheid van werkmembraan nr. 200 wordt met behulp van een membraanbreukmelder nr. 104 bewaakt, die bij een membraanbreuk een elektrisch signaal geeft, waardoor de pomp stopt en op het LCD display de membraanbreuk wordt aangegeven. De doseereenheid kan ook na de breuk van het werkmembraan tot aan het vervangen van het membraan in noodbedrijf, bij volledige werkdruk lekkagevrij blijven werken. Bij de S1Ca/S2Ca/S3Ca zijn 2 pompuitvoeringen met membraanbreuksignalering leverbaar: na de breuk van het werkmembraan wordt de pomp stilgezet en verschijnt er een error -melding, resp. wordt een elektrisch signaal van de membraanbreuk gegeven. na de breuk van het werkmembraan wordt de pomp niet stilgezet. Er verschijnt slechts een error - melding, resp. er wordt een elektrisch signaal gegeven. Er wordt een functiestekker meegeleverd, waarmee de pomp na een storing (membraanbreuk, uitvallen van de membraanbreukmelder) verder kan werken. agina 32

roductbeschrijving LET O: Bij de S1Ba/S2Ba/S3Ba is eventueel een verwerking van membraanbreuksignalen te installeren resp. een uitschakeling van de doseerpomp na de membraanbreuksignalering te garanderen. as vanaf ca. 2 bar tegendruk van de installatie wordt er bij membraanbreuk een elektrisch signaal gegeven. Na de breuk van het werkmembraan kan een nauwkeurige pomptransportcapaciteit niet meer worden gegarandeerd. Hulpmembraan nr. 148 is een slijtageonderdeel en moet na de breuk van het tweede werkmembraan worden vervangen. Lens nr. 156 van de membraanbreukmelder moet bij elke breuk van het werkmembraan worden vervangen. 111 112 118 203 204 200 100 110 117 101 113 114 115 116 103 147 148 149 150 201 159 156 157 155 158 160 104 161 162 163 Afb.8 3162-04 Sigma/1 FM 050 Identcode type: 10022, 10044, 10050, 12017, 12035 FM 065 Identcode type: 07042, 07065 FM 120 Identcode type: 04084, 04120 Sigma/2 FM 130 Identcode type: 16050, 16090, 16130, 12050,12090, 12130 FM 350 Identcode type: 04350, 07120, 07220 Sigma/3 FM 130 Identcode type: 120145, 120190, 120270, 120330 FM 350 Identcode type: 070410, 070580, 040830,041030 agina 33

roductbeschrijving Materialen die met het medium in aanraking komen Doseerkop Onderdelen van de membraanbreuksignalering die met het medium in aanraking komen Membraan/afdichtingenos. 148, 156, 159 Tussenschijf os. 147Tussenbus os. 150 VDF TFE VDF RVS 1.4571 TFE VDF Elektrische gegevens van membraanbreuksensor a. Contactbelasting: 30 V DC/1 A of 125 V AC/0,6 A of 250 V AC/0,3 A LET O: Voor in bedrijfstelling is de bijgesloten membraanbreuksensor samen met de afdichting (nr. 159) te installeren en elektrisch aan te sluiten AANWIJZING: Uit veiligheidsoverwegingen is het aanbevolen om een spanningsbeveiliging aan te leggen (bijv. 24 V DC). De kabelpolariteit is willekeurig. b. Namur-sensor (identcode Slagsensor : 3): 5-25 V DC, volgens Namur resp. DIN 60947-5-6, potentiaal vrij uitgevoerd. Nominale voedingsspanning: 8 V DC (Ri ~ 1 kω) Stroomopname: actief oppervlak vrij > 3 ma actief oppervlak bedekt < 1 ma Normschakelafstand: 1,5 mm De sensor gebruikt wijzigingen in de spanning om een membraanbreuk te detecteren. Waarschuwing Alleen Ex-pompen: Deze apparatuur mag alleen doelmatig volgens de betreffende voorschriften worden gebruikt. Let op Voor in bedrijf name kan de membraanbreuksensor samen met de afdichting (pos. 159) geïnstalleerd worden en elektrisch aangesloten worden. Uit veiligheidsoverwegingen wordt het aanleggen van een aardlekschakelaar aanbevolen (bijvoorbeeld volgens EN 60335-1 (SELV)). agina 34

Technische gegevens 3 Technische gegevens 3.1 Technische gegevens Sigma/1 3.1.1 Capaciteitsgegevens Technische gegevens S1Ba bij 50 Hz-bedrijf Capaciteit bij max. tegendruk max. frequentie zuighoogte max. aansluitingen verzend voordruk pers-/zuigzijde gewicht omptype Sigma bar l/u ml/slag slagen/min. mwk bar R - DN kg 12017 VT 12 17 4,0 73 7 1 ¾ -10 8,0 12017 SST 12 17 4,0 73 7 1 ¾ -10 11,0 12035 VT 12 35 4,0 143 7 1 ¾ -10 8,0 12035 SST 12 35 4,0 143 7 1 ¾ -10 11,0 10050 VT 10 50 4,0 200 7 1 ¾ -10 8,0 10050 SST 10 50 4,0 200 7 1 ¾ -10 11,0 10022 VT 10 22 5,1 73 6 1 ¾ -10 8,0 10022 SST 10 22 5,1 73 6 1 ¾ -10 11,0 10044 VT 10 44 5,1 143 6 1 ¾ -10 8,0 10044 SST 10 44 5,1 143 6 1 ¾ -10 11,0 07065 VT 7 65 5,1 200 6 1 ¾ -10 8,0 07065 SST 7 65 5,1 200 6 1 ¾ -10 11,0 07042 VT 7 42 9,7 73 3 1 1-15 8,5 07042 SST 7 42 9,7 73 3 1 1-15 12,5 04084 VT 4 84 9,7 143 3 1 1-15 8,5 04084 SST 4 84 9,7 143 3 1 1-15 12,5 04120 VT 4 120 9,7 200 3 1 1-15 8,5 04120 SST 4 120 9,7 200 3 1 1-15 12,5 Alle vermeldingen gelden bij water van 20 C. De zuighoogte geldt bij een gevulde zuigleiding en doseerkop - bij juiste installatie. Technische gegevens S1Ba bij 60 Hz-bedrijf en S1Ca Capaciteit bij max. tegendruk max. frequentie zuighoogte max. aansluitingen verzend voordruk pers-/zuigzijde gewicht omptype Sigma bar psi l/u gph slagen/min. mwk bar R - DN kg 12017 VT 12 174 20 5 88 7 1 ¾ -10 8,0 12017 SST 12 174 20 5 88 7 1 ¾ -10 11,0 12035 VT 12 174 42 11 172 7 1 ¾ -10 8,0 12035 SST 12 174 42 11 172 7 1 ¾ -10 11,0 10050 VT 10 145 60(50*) 16 240(200*) 7 1 ¾ -10 8,0 10050 SST 10 145 60(50*) 16 240(200*) 7 1 ¾ -10 11,0 10022 VT 10 145 26 7 88 6 1 ¾ -10 8,0 10022 SST 10 145 26 7 88 6 1 ¾ -10 11,0 10044 VT 10 145 53 14 172 6 1 ¾ -10 8,0 10044 SST 10 145 53 14 172 6 1 ¾ -10 11,0 07065 VT 7 102 78(65*) 21 240(200*) 6 1 ¾ -10 8,0 07065 SST 7 102 78(65*) 21 240(200*) 6 1 ¾ -10 11,0 07042 VT 7 102 50 13 88 3 1 1-15 8,5 07042 SST 7 102 50 13 88 3 1 1-15 12,5 04084 VT 4 58 101 27 172 3 1 1-15 8,5 04084 SST 4 58 101 27 172 3 1 1-15 12,5 04120 VT 4 58 144(120*) 38 240(200*) 3 1 1-15 8,5 04120 SST 4 58 144(120*) 38 240(200*) 3 1 1-15 12,5 * Waarden voor S1Ca agina 35

Technische gegevens Technische gegevens S2Ba bij 50 Hz-bedrijf Capaciteit bij max. tegendruk max. frequentie zuighoogte max. aansluitingen verzend voordruk pers-/zuigzijde gewicht omptype Sigma bar l/u ml/slag slagen/min. mws bar G - DN kg 16050 VT 10 50 11,4 73 7 3 1-15 15 16050 SST 16 48 11,4 73 7 3 1-15 20 16090 VT 10 90 11,4 132 7 3 1-15 15 16090 SST 16 86 11,4 132 7 3 1-15 20 16130 VT 10 130 10,9 198 7 3 1-15 15 16130 SST 16 125 10,9 198 7 3 1-15 20 07120 VT 7 120 27,4 73 5 1 20 16 07120 SST 7 120 27,4 73 5 1 20 24 07120 VT 7 220 27,7 132 5 1 20 16 07120 SST 7 220 27,7 132 5 1 20 24 04350 VT 4 350 29,4 198 5 1 20 16 04350 SST 4 350 29,4 198 5 1 20 24 * Bij Sigma type 07120, 07220 en 04350 zijn de ventielen van de doseerkop uitgevoerd in DN 25 (G 1½). Voor deze types is de afmeting van DN 20 over het algemeen toereikend (zie Technische gegevens, aansluiting zuig-/perszijde). Zijn de in de identcode aange geven aansluitdelen (bijvoorbeeld inlegdelen) reeds naar DN 20 gereduceerd, dan kan het leidingwerk en de toebehoren in DN 20 uitgevoerd worden. Technische gegevens S2Ba bij 60 Hz-bedrijf Capaciteit bij max. tegendruk max. frequentie zuighoogte max. aansluitingen verzend voordruk pers-/zuigzijde gewicht omptype Sigma bar l/u ml/slag slagen/min. mws bar G - DN kg 16050 VT 10 145 60/15,9 87 7 3 1-15 15 16050 SST 16 232 57/15,2 87 7 3 1-15 20 16090 VT 10 145 108/28,5 156 7 3 1-15 15 16090 SST 16 232 103/27 156 7 3 1-15 20 16130 VT 10 145 156/41 232 7 3 1-15 15 16130 SST 16 232 150/39,6 232 7 3 1-15 20 07120 VT 7 100 144/38 87 5 1 20 16 07120 SST 7 100 144/38 87 5 1 20 24 07120 VT 7 100 264/69,7 156 5 1 20 16 07120 SST 7 100 264/69,7 156 5 1 20 24 04350 VT 4 58 420/111 232 5 1 20 16 04350 SST 4 58 420/111 232 5 1 20 24 * Bij Sigma type 07120, 07220 en 04350 zijn de ventielen van de doseerkop uitgevoerd in DN 25 (G 1½). Voor deze types is de afmeting van DN 20 over het algemeen toereikend (zie Technische gegevens, aansluiting zuig-/perszijde). Zijn de in de identcode aange geven aansluitdelen (bijvoorbeeld inlegdelen) reeds naar DN 20 gereduceerd, dan kan het leidingwerk en de toebehoren in DN 20 uitgevoerd worden. Technische gegevens S2Ca Capaciteit bij max. tegendruk max. frequentie zuighoogte max. aansluitingen verzend voordruk pers-/zuigzijde gewicht omptype Sigma bar l/u ml/slag slagen/min. mws bar G - DN kg 16050 VT 10 145 60/16 90 7 2 1-15 17 16050 SST 16 232 60/16 90 7 2 1-15 22 16090 VT 10 145 95/25 160 7 2 1-15 17 16090 SST 16 232 95/25 160 7 2 1-15 22 16130 VT 10 145 136/36 200 7 2 1-15 17 16130 SST 16 232 136/36 200 7 2 1-15 22 07120 VT 7 100 148/39 90 5 1 1 1 /2-20* 18 07120 SST 7 100 148/39 90 5 1 1 1 /2-20* 26 07120 VT 7 100 232/61 160 5 1 1 1 /2-20* 18 07120 SST 7 100 232/61 160 5 1 1 1 /2-20* 26 04350 VT 4 58 350/93 200 5 1 1 1 /2-20* 18 04350 SST 4 58 350/93 200 5 1 1 1 /2-20* 26 * Bij Sigma type 07120, 07220 en 04350 zijn de ventielen van de doseerkop uitgevoerd in DN 25 (G 1½). Voor deze types is de afmeting van DN 20 over het algemeen toereikend (zie Technische gegevens, aansluiting zuig-/perszijde). Zijn de in de identcode aange geven aansluitdelen (bijvoorbeeld inlegdelen) reeds naar DN 20 gereduceerd, dan kan het leidingwerk en de toebehoren in DN 20 uitgevoerd worden. agina 36

Technische gegevens Technische gegevens S3Ba bij 50 Hz-bedrijf Capaciteit bij max. tegendruk max. frequentie zuighoogte max. aansluitingen verzend voordruk pers-/zuigzijde gewicht omptype Sigma bar l/u ml/slag slagen/min. mws bar R - DN kg 120145 VT 10 145 31,5 72 5 2 1 1 /2 - DN 25 22 120145 SST 12 145 31,5 72 5 2 1 1 /2 - DN 25 26 120190 VT 10 190 31,5 103 5 2 1 1 /2 - DN 25 22 120190 SST 12 190 31,5 103 5 2 1 1 /2 - DN 25 26 120270 VT 10 270 31,5 144 5 2 1 1 /2 - DN 25 22 120270 SST 12 270 31,5 144 5 2 1 1 /2 - DN 25 26 120330 VT 10 330 31,5 180 5 2 1 1 /2 - DN 25 22 120330 SST 12 330 31,5 180 5 2 1 1 /2 - DN 25 26 070410 VT 7 410 95,1 72 4 1 2 -DN 32 24 070410 SST 7 410 95,1 72 4 1 2 -DN 32 29 070580 VT 7 580 95,1 103 4 1 2 -DN 32 24 070580 SST 7 580 95,1 103 4 1 2 -DN 32 29 040830 VT 4 830 95,1 144 3 1 2 -DN 32 24 040830 SST 4 830 95,1 144 3 1 2 -DN 32 29 041030 VT 4 1030 95,1 180 3 1 2 -DN 32 24 041030 SST 4 1030 95,1 180 3 1 2 -DN 32 29 Technische gegevens S3Ba bij 60 Hz-bedrijf en S3Ca Capaciteit bij max. tegendruk max. frequentie zuighoogte max. aansluitingen verzend voordruk pers-/zuigzijde gewicht omptype Sigma bar psi ml/slag slagen/min. mws bar R - DN kg 120145 VT 10 145 174/46 86 5 2 1 1 /2 - DN 25 22 120145 SST 12 174 174/46 86 5 2 1 1 /2 - DN 25 26 120190 VT 10 145 228/60,2 124 5 2 1 1 /2 - DN 25 22 120190 SST 12 174 228/60,2 124 5 2 1 1 /2 - DN 25 26 120270 VT 10 145 324/85,6 173 5 2 1 1 /2 - DN 25 22 120270 SST 12 174 324/85,6 173 5 2 1 1 /2 - DN 25 26 070410 VT 7 100 492/130 86 4 1 2 -DN 32 24 070410 SST 7 100 492/130 86 4 1 2 -DN 32 29 070580 VT 7 100 696/183,9 124 4 1 2 -DN 32 24 070580 SST 7 100 696/183,9 124 4 1 2 -DN 32 29 040830 VT 4 58 1000/264 173 3 1 2 -DN 32 24 040830 SST 4 58 1000/264 173 3 1 2 -DN 32 29 Alle vermeldingen gelden bij water van 20 C. De zuighoogte geldt bij een gevulde zuigleiding en doseerkop - bij juiste installatie. agina 37

Technische gegevens Temperatuurgegevens: toelaatbare opslagtemperatuur : -10 tot +50 C toelaatbare omgevingstemperatuur : -10 tot +40 C Temperatuurverdraagbaarheid (mediumtemperatuur) van de materiaaluitvoeringen: materiaal langdurig bij max. tegendruk kortstondig, max. 15 min. bij max. 2 bar VT 65 C 100 C SST 90 C 120 C Een kortdurende overschrijding (zie boven) is bijv. voor het steriliseren of spoelen met heet water toegestaan. Nauwkeurigheid De reproduceerbaarheid van de doseerhoeveelheid is bij gelijkblijvende verhoudingen en tenminste 30% slaglengte overeenkomstig de volgende aanwijzigingen beter dan ± 2%. Alle gegevens hebben betrekking op doseerhoeveelheden met water bij 20 C en correcte installatie van de doseerpomp. 3.1.2a Tabel afmetingen Sigma/1 C Aansluitings varianten 378 VDF A B ø 135 ø G /VC/TFE 160 F 30 136 120 196 D/D1 ø 6.5 28 E/E1 120 197 49 H/H1/H2 SS Afb.9 61_01-101_00_45-73 Type Aansl. A B C D DI** E EI** F Ø G H# H1## H2### I K Sigma/1 12017, 12035, 10022, DN 10 233 147 G ¾ A 90 110 275 295 84 96 3 36 3 - - 10044, 10050, 07065 VT Sigma/1 12017, 12035, 10022, DN 10 233 147 G ¾ A 90 110 277 297 84 96 3 36 3 131 61 10044, 10050, 07065 VT geïnt. overstortventiel Sigma/1 12017, 12035, 10022, DN 10 233 146 G ¾ A 89 109 275 295 88 96 3 36 3 - - 10044, 10050, 07065 SST Sigma/1 12017, 12035, 10022, DN 10 233 146 G ¾ A 89 109 275 295 88 96 3 36 3 100 46 10044, 10050, 07065 SST geïntegreerd overstortventiel Sigma/1 10022, 10044, DN 10 233 147 G ¾ A 90 110 275 295-96 3 36 3 - - 07065 VT Sigma/1 10022, 10044, DN 10 233 147 G ¾ A 90 110 277 297 84 96 3 36 3 131 61 07065 VT geïnt. overstortventiel Sigma 10022, 10044, 07065 DN 10 233 146 G ¾ A 94 109 275 295-96 3 36 3 - - SST Sigma/1 10022, 10044, 07065 DN 10 233 146 G ¾ A 94 109 275 295 88 96 3 36 3 100 46 SST geïnt. overstortventiel Sigma/1 07042, 04084, DN 15 242 165 G 1 A 95 115 285 305 73 122 3 36 3 - - 04120 VT Sigma/1 07042, 04084, 04120 DN 15 242 165 G 1 A 95 115 296 316 73 122 3 36 3 138 63 VT geïntegreerd overstortventiel Sigma/1 07042, 04084, DN 15 242 164 G 1 A 94 114 285 305 88 122 3 36 3 - - 04120 SST Sigma/1 07042, 04084, 04120 DN 15 242 164 G 1 A 94 114 285 305 88 122 3 36 3 108 52 SST geïntegreerd overstortventiel Maten van uitvoering met: ** membraanbreuksensor # deksel basistype ## deksel besturingstype ### deksel besturingstype (met taktgeef relais) agina 38

Technische gegevens 3.1.2b Tabel afmetingen Sigma/1 met doseereenheid rechts C 160 A B G 135 378 F 21 72 120 136 E/E1 D/D1 28 6.5 120 197 208 49 H/H1/H2 Afb.10 61_01-101_00_45-73_2 Type Aansl. A B C D DI** E EI** F Ø G H# H1## H2### I K Sigma/1 12017, 12035, 10022, DN 10 233 147 G ¾ A 61 81 269 289 84 96 3 36 3 - - 10044, 10050, 07065 VT Sigma/1 12017, 12035, 10022, DN 10 233 147 G ¾ A 61 81 271 291 84 96 3 36 3 131 61 10044, 10050, 07065 VT geïntegreerd overstortventiel Sigma/1 12017, 12035, 10022 DN 10 233 146 G ¾ A 60 80 269 289 88 96 3 36 3 - - 10044, 10050, 07065 SST Sigma/1 12017, 12035, 10022, DN 10 233 146 G ¾ A 60 80 269 289 88 96 3 36 3 100 46 10044, 10050, 07065 SST geïnt. overstortventiel Sigma/1 10022, 10044, DN 10 233 147 G ¾ A 61 81 269 289-96 3 36 3 - - 07065 VT Sigma/1 10022, 10044, DN 10 233 147 G ¾ A 61 81 271 291 84 96 3 36 3 131 61 07065 VT geïnt. overstortventiel Sigma/1 10022, 10044, DN 10 233 146 G ¾ A 60 80 269 289-96 3 36 3 - - 07065 SST Sigma/1 10022, 10044, DN 10 233 146 G ¾ A 60 80 275 295 88 96 3 36 3 100 46 07065 SST geïnt. overstortventiel Sigma/1 07042, 04084, 04120 VT DN 15 242 165 G 1 A 66 86 279 299 73 122 3 36 3 - - Sigma/1 07042, 04084, 04120 VT DN 15 242 165 G 1 A 66 86 290 310 73 122 3 36 3 138 63 geïntegreerd overstortventiel Sigma/1 07042, 04084, 04120 SST DN 15 242 164 G 1 A 65 85 279 299 88 122 3 36 3 - - Sigma/1 07042, 04084, 04120 SST DN 15 242 164 G 1 A 65 85 279 299 88 122 3 36 3 108 52 geïntegreerd overstortventiel Maten van uitvoering met: ** membraanbreuksensor # deksel basistype ## deksel besturingstype ### deksel besturingstype (met taktgeef relais) agina 39

Technische gegevens 3.1.2c Tabel afmetingen Sigma/1 met doseereenheid links C 160 A B 135 G 378 F 21 6.5 D/D1 120 72 136 E/E1 28 120 197 266 49 H/H1/H2 Afb.10 61_01-101_00_45-73_2 Afb.14 61_01-101_00_55_73 Maten Sigma/1 Motorflens Ø Ø M Ø N Ø S Ø D T E K L 42 C 4.725 3.75 3 0.276 0.5 0.157 1.287 0.125 0.56 B5/120 120 mm 100 mm 80 mm 7 mm 9E7 5 mm 30 mm 3Hg 10,4mm agina 40

I Technische gegevens 3.1.3 Tabel afmetingen Sigma/2 Aansluitings varianten C VDF Ø165 456/441* /VC/TFE A B ØG Ø M SS 44 185/170* 120 136 F K 28 Ø 6.5 D/Dl 120 222 E/El +7 26.5 79.5 Afb.11 61_01-101_00_32-73 Type Aansl. A B C D DI** E EI** F Ø G I K FM 130 VT DN 15 265/250* 160 G 1 A 104 124 326/329* 346/349* 82 101 165 63 FM 130 SST DN 15 265/250* 160 G 1 A 104 124 326/329* 346/349* 82 101 137 111 FM 350 VT DN 25 304/289* 237 G 1½ A 115 135 337/340* 357/360* 84 148 181 71 FM 350 SST DN 25 304/289* 237 G 1½ A 115 135 337/340* 357/360* 84 148 155 119 FM 130 = Sigma/2 16050, 16090, 16130 FM 350 = Sigma/2 04350, 07120, 07220 * maten van S2Ba ** maten met membraanbreuk sensor agina 41

3.1.4 Tabel afmetingen Sigma/3 S3Ba Aansluitings varianten VDF /VC/TFE SS Afb.12 61_01-101_00_12-73_1 Type Aansl. A B C D DI** E EI** F Ø G I K FM 330 VT DN 25 292 230 G 1½ A 120 140 353 373 82 156 174 71 FM 330 SST DN 25 292 230 G 1½ A 121 141 343 363 89 156 148 61 FM 1000 VT DN 32 325 297 G 2 A 127 147 373 393 121 206 108 85 FM 1000 SST DN 32 322 291 G 2 A 127 147 357 377 121 206 146 70 FM 330 = Sigma/3 120145, 120190, 120270, 120330 FM 1000 = Sigma/3 070410, 070580, 040830, 041030 * maten met membraanbreuk sensor B G I Technische gegevens S3Ca C 214 A 453 10 120 50 28 6.5 60 +7 136 K D/Dl 120 F E/El 258 Afb.13 61_01-101_00_15-73 Tabel met de variabelen maten, zie 3.1.4 agina 42

Technische gegevens 3.1.5 Tabel afmetingen Sigma/2 en Sigma/3 met stelmotor Maten Sigma/2 met stelmotor N T X-X V E 44 D L M S 170 239 24.5 120 225 87 168 X K X Afb.12 61_01-101_00_27-73_2 Motorflens Ø Ø M Ø N Ø S Ø D T E K L V B 14/105 105 85 70 7 14 29 3,5 5 16.3 228 56 C/138 5.43 5.88 4.5 0.43 0.62 1.14 0.16 0.2 0.72 12.2 B 5/160 160 130 110 9 14 29 6 5 16.3 290 Maten Sigma/3 met stelmotor Y-Y N V D K 178 251 E T 10 120 8 100 225 217 Y L Y Afb.12 61_01-101_00-12-73_2 Motorflens Ø Ø M Ø N Ø S Ø D T E K L V B5 200 200 165 130 11 19 6 41,5 6 21.8 328 56 C 6.75 5.88 4.5 0.04 6.25 0.24 2.22 0.2 0.72 13.5 B5/160 160 130 110 11,8 14 4 35 5 16.3 253 agina 43

Technische gegevens 3.1.6 Motorgegevens Sigma/1, Sigma/2, Sigma/3 Elektrische gegevens Sigma/1 in identcode Motoren Spanning Netfreq. Vermogen Opmerking S 3f, I 55 220-240 V / 380-420 V 50 Hz 0,09 kw 250-280 V / 440-480 V 60 Hz 0.09 kw M 1f, wisselstroom 230 V ±5 % 50/60 Hz 0,12 kw N 1f, wisselstroom 115 V ±5 % 60 Hz 0,12 kw L1 3f, II2GEEXeII T3 220-240 V / 380-420 V 50 Hz 0,12 kw L2 3f, II2GEEXdII CT4 220-240 V / 380-420 V 50 Hz 0,18 kw 1 3f, II2GEEXeII T3 250-280 V / 440-480 V 60 Hz 0,12 kw 2 3f, II2GEEXdII CT4 250-280 V / 440-480 V 60 Hz 0,18 kw R 3f, I 55 230 V / 400 V 50/60 Hz 0,18 kw Uitvoering met externe koeling 1f 230V, 50/60 Hz en TC elementen V 1f, I 55 230 V ±5 % 50/60 Hz 0,18 kw Motor met regelbaar toerental met geïntegreerde frequentie omvormer Elektrische gegevens Sigma/2 in identcode Motoren Spanning Netfreq. Vermogen Opmerking S 3f, I 55 220-240 V / 380-420 V 50 Hz 0,25 kw 250-280 V / 440-480 V 60Hz 0,25 kw M 1f, wisselstroom 230 V ±5 % 50/60 Hz 0,18 kw N 1f, wisselstroom 115 V ±5 % 60 Hz 0,18 kw L1 3f, II2GEEXeII T3 220-240 V / 380-420 V 50 Hz 0,18 kw L2 3f, II2GEEXdII CT4 220-240 V / 380-420 V 50 Hz 0,18 kw 1 3f, II2GEEXeII T3 250-280 V / 440-480 V 60 Hz 0,18 kw 2 3f, II2GEEXdII CT4 250-280 V / 440-480 V 60 Hz 0,21 kw R 3f, I 55 230 V / 400 V 50/60 Hz 0,37 kw Uitvoering met externe koeling 1f 230V, 50/60 Hz en TC elementen V0 1f, I 55 230 V ±5 % 50/60 Hz 0,37 kw Ex-Motor met regelbaar toerental met geïntegreerde frequentie omvormer Elektrische gegevens Sigma/3 in identcode Motoren Spanning Netfreq. Vermogen Opmerking S 3f, I 55 220-240 V / 380-420 V 50 Hz 0,37 kw 250-280 V / 440-480 V 60 Hz 0,37 kw M 1f, wisselstroom 230 V ±5 % 50/60 Hz 0,55 kw N 1f, wisselstroom 115 V ±5 % 60 Hz 0,55 kw L1 3f, II2GEEXeII T3 220-240 V / 380-420 V 50 Hz 0,37 kw L2 3f, II2GEEXdII CT4 220-240 V / 380-420 V 50 Hz 0,37 kw Met TC, toerentalbereik 1:5 1 3f, II2GEEXeII T3 250-280 V / 440-480 V 50 Hz 0,37 kw 2 3f, II2GEEXdII CT4 250-280 V / 440-480 V 50 Hz 0,37 kw Met TC, toerentalbereik 1:5 R 3f, I 55 230 V / 400 V 50/60 Hz 0,55 kw Met TC, toerentalbereik 1:20 met externe koeling 1f 230V, 50/60 Hz V0 1f, I 55 230 V ±5 % 50/60 Hz 0,55 kw Ex-Motor met regelbaar toerental met geïntegreerde frequentie omvormer V2 3f, II2GEExdIICT4 400 V ±10 % 50/60 Hz 0,55 kw Uitvoering met externe koeling 1f 230V, 50/60 Hz en TC elementen Voor meer informatie betreffende elektromotoren kunnen motordata bladen opgevraagd worden. Afwijkende motoren en flenzen op aanvraag. Draairichting Zekeringsgegevens LET O: Bij 3-fasen draaistroommotor is geen zekering aanwezig. Bij 1-fase wisselstroom is een thermische beveiliging in de wikkeling geïntegreerd. Deze schakelt de motor bij 140 C uit. Bij het aansluiten van de motor letten op de draairichting (zie afb. SIBa/SICa-026-D). Contact- en vochtbescherming (I) Contact- en vochtbescherming (I) Motor: I 55 EN 0334-5 (volgens DIN VDE 0470 deel 1, komt overeen met EN 60529 en IEC 529). Voor externe ventilator bij toerentalgeregelde motor en temperatuurbewaking geldt: Volg de instructies van Algemeen bedieningsvoorschrift voor rominent motordoseerpompen en hydraulische toebehoren. agina 44

Technische gegevens 3.1.7 Stelaandrijving slagverstelling 230 V +/- 10% 50 / 60 Hz 11,7 W 115 V +/- 10% 60Hz 11,7 W 3.1.8 Regelaandrijving slagverstelling 230 V +/- 10% 50 / 60 Hz 6.5 W 115 V +/- 10% 60Hz 6.5 W voor aansluitschema zie bijlage 3.1.9 Elektrische gegevens slagsensor Sigma a) Reedcontact (in identcode: 2) in 1 (wit) = 4,5-24 V, max 10 ma in 2 (bruin) = OUT, open collector, 24 V, 20 ma in 3 (groen) = GND Impulsduur (laag) 4 ms (afhankelijk van aandrijving en netfrequentie) b) Namursensor (in identcode: 3) blauw - bruin + 5-25 V DC, naar Namur, DIN 60947-5-6, potentiaal vrij uitgevoerd Normspanning: 8 V DC (RI ~ 1k ) Stroomopname actieve oppervlak vrij >3 ma actieve oppervlak bedekt < 1 ma Normschakelafstand: 1,5 mm De sensor gebruikt wijzigingen in de spanning om een membraanbreuk te detecteren. Beschermingswijze: EEx ia II C T6 of EEx ib C T6 In combinatie met een geschikte voeding kan de sensor in een EX zone worden toegepast. 3.1.10 Elektrische gegevens taktgeefrelais Sigma Relaisingang (spanning voor relaisprint) Motoren Netfrequentie Stroomopname 200 / 230 V AC (180-254 V) 50 / 60 Hz 10 ma (230 V / 50 Hz) 100 /115 V AC (90-134V) 50 / 60 Hz 15 ma (115V/60 Hz) 24 V DC (20-28 V) - 10 ma bij 24 V DC Relais uitgang spanning maximaal stroom maximaal sluit tijd (standaard) 24 V DC 100 ma 100 ms (instelbaar) 3.1.11 Geluidsproductie De geluidsproductie bedraagt < 70 db (A) bij maximale slaglengte, maximale slagfrequentie, maximale tegendruk volgens DIN EN 12639 (geluidsmetingen vloeistofpompen) agina 45

In bedrijf name/onderhoud 4. In bedrijf name/onderhoud Let op! Let op de in hoofdstuk 1 genoemde veiligheidsaanwijzingen. 4.1 In bedrijf name Hier gelden de algemene aanwijzingen van het bijgevoegde bedieningsvoorschrift rominent Motordoseerpompen. 4.2 Onderhoud Bij het onderhoud moet op het volgende worden gelet: Stevige bevestiging van de doseerkopbouten. Stevige bevestiging van de doseerleidingen (pers-/zuigzijde). Stevige bevestiging van het persventiel en het zuigventiel. Controleer lekkageboring aan kopschijf op vocht (kan op een membraanbreuk duiden). Laat pomp even in continubedrijf lopen om te controleren of er correct wordt verpompt. Onderhoudsintervallen Algemeen advies voor onderhoudsinterval - elk kwartaal. Bij een zware belasting (bijv. continubedrijf) is een kortere interval raadzaam. De tandwielolie moet na ca. 5000 bedrijfsuren worden vervangen. Tandwielolie ISO viscositeitsklasse VG 460 bijv. Mobil Gear 634, rominent art.nr. 55.53.25.0 Het doseermembraan is een slijtageonderdeel, waarvan de levensduur afhankelijk is van de volgende parameters: tegendruk van de installatie; bedrijfstemperatuur; eigenschappen van het te doseren medium. Bij schurende media is de levensduur van het membraan beperkt. Het is in dergelijke gevallen raadzaam om het membraan vaker te controleren of een membraanbreukmelder te installeren. agina 46

In bedrijf name/onderhoud 4.3 Vervanging van slijtageonderdelen Membraan vervangen Afb.14 S1Ba/S1Ca, S2Ba/S2Ca, S3Ba/S3Ca-014-D Belangrijk: Spoel bij gevaarlijke media de doseerkop van tevoren. Druk hiertoe water of een geschikt spoelmiddel met behulp van een wasfles door de zuigaansluiting van de doseerkop. Stel de slaglengte bij lopende pomp op nul. Schakel pomp uit. Draai de zes bouten van de doseerkop los, verwijder de doseerkop met de bouten. Maak vervolgens het membraan door een lichte ruk naar links van de drijfstang los en draai deze los. Draai vervolgens een nieuw membraan erop totdat dit vast tegen de drijfstang zit. laats de doseerkop met bouten zodanig, dat de zuigaansluiting naar beneden toe ligt. Schakel de pomp in. Stel slaglengte 100% in, draai de bouten vast en trek deze kruiselings met 4,5 ±0,5 Nm (Sigma/1) 7,5 ±0,5 Nm (Sigma/2 en Sigma/3 FM330) 12±1 Nm (Sigma/3 FM1000) aan. Controleer pomp bij maximale druk op dichtheid. Na het losdraaien van de doseerkopbouten (bijv. vervangen van het membraan) moeten de doseerkopbouten met het opgegeven aanzetmoment kruiselings worden aangetrokken. Aanwijzing: Als de pomp 24 uur in werking is geweest moet het aanzetmoment van de doseerkopbouten gecontroleerd worden. Bij materiaaluitvoering VT moeten de aanzetmomenten van de doseerkopbouten elk kwartaal gecontroleerd worden. agina 47

In bedrijf name/onderhoud Aanwijzingen voor het installeren van ventiel: Bij aanzuigproblemen tijdens de installatie, het ventiel op een stabiel vlak plaatsen en de TFE-kogelzittingsschijf middels een messingtab met een ca. 300 g zware hamer licht aanslaan. Ventiel in natte toestand laten aanzuigen. ca. 300 gram messingtab Ø9 x ca.200mm Belangrijk: De zuig- en drukventielen van de doseerkop als ook het overstortventiel hebben een harde kogelzitting. Bij aanzuigproblemen van de pomp of lekkage aan het overstortventiel eerst kogel en kogelzittingsschijf reinigen. Aanwijzing: Bij media met deeltjes groter dan 0,3 mm moet er beslist een filter in de zuigleiding worden geïnstalleerd. agina 48

Bijzonderheden van de S1Ca/S2Ca/S3Ca-pomp 5. Bijzonderheden van de S1Ca/S2Ca/S3Ca-pomp 5.1 Werking motor De aandrijfmotor heeft in alle uitvoeringen een geïntegreerde thermische overdrukbeveiliging. Deze reageert, zodra de maximaal toelaatbare wikkelingstemperatuur bereikt is en schakelt de motor uit. Na het afkoelen van de motor in stilstand schakelt de thermische overdrukbeveiliging zelfstandig weer in. Belangrijk: Een door thermische overdruk ontstane overdrukbeveiliging wordt door de elektronische print herkend en als storing op het display van de pomp aangegeven. Het opheffen van de storing kan alleen door de -toets in te drukken, door korte tijd een niveauwissel bij de pauze-ingang (verbindingsfunctie) of door netbijschakeling van de pomp. Let op! Na het uitschakelen van de motor door de thermische overdrukbeveiliging moet onderzocht worden of de pomp niet voortdurend overbelast is. Aanwijzing: De elektromotor is reeds af fabriek elektrisch aangesloten. De capaciteitsgegevens in hoofdstuk 3.1.1 zijn de gemeten gegevens van de Sigma S..Ba (basistype met 3-fasen motor). Daar de S..Ca met een 1-fase motor is uitgerust, kan dat op grond van de verschillende motoreenheid een tot aan 5% verminderd aantal omwentelingen opleveren, waarmee ook een tot aan 5% verminderde doseerhoeveelheid. Bij een lage slagfrequentie schakelt de doseerpomp automatisch over op stop-and-go bedrijf. Dit geschiedt bij een slagfrequentie welke onder 1 / 3 van de maximale slagfrequentie ligt. Hierdoor is voldoende koeling voor de elektromotor zeker gesteld. Sigma/1 Sigma/2 Sigma/3 100V 230V 100V 230V 115V 230V Nom. stroom 2,2A 1,2A 3,2A 2,0A 6,0A 3,4A Max. stroom (in bedrijf)* 3A 3A 10A 5,5A 20A 13A iekstroom (inschakeling) 8A(100mS) 16A(100mS) 12A(100mS) 24A(100mS) 12A(100mS) 24A(100mS) Interne zekering** 3,15AT(1,5kA) 3,15AT(1,5kA) 4,0AT(1,5kA) 4,0AT(1,5kA) 6,3AT(1,5kA) 6,3AT(1,5kA) * Interne omschakeling ** Alleen originele rominent zekeringen gebruiken! Sigma/1 artikelnummer: 732414 Sigma/2 artikelnummer: 732497 Sigma/3 artikelnummer: 732379 agina 49

Bijzonderheden van de S1Ca/S2Ca/S3Ca-pomp 5.2 Functiebeschrijving aansturing Bedrijfsfuncties De bedrijfsfuncties kunnen gekozen worden via het MODE-menu (afhankelijk van de identcode kunnen bedrijfsfuncties ontbreken). Bedrijfsfunctie analoog : ( Identcode, besturingsvariant: analoge stroom) De slagfrequentie wordt geregeld door een analoog stroomsignaal via de bus Externe aansturing. De verwerking van het stroomsignaal kan via de besturingseenheid vooraf ingesteld worden. Bedrijfsfunctie handmatig : (identcode, besturingsvariant: handmatig, standaard voorzien) De slagfrequentie wordt handmatig via de besturingeenheid ingesteld. Bedrijfsfunctie contact : (Identcode, besturingsvariant: extern 1:1 / extern met puls control) Deze werkwijze biedt de mogelijkheid om met kleine omzettingsfactoren fijninstellingen uit te voeren. De dosering kan door een impuls via de bus Externe aansturing via een contact of solid-state relais geactiveerd worden. Met de optie puls control kan een gedoseerde hoeveelheid (charge) of een aantal slagen (met een omzettingsfactor plus resp. min 0,01 tot 99,99) via de besturingseenheid vooraf ingesteld worden. Bedrijfsfunctie batch : (Identcode, besturingsvariant: extern met puls control) Deze werkwijze biedt de mogelijkheid met grote omzettingsfactoren (tot 65535) te werken. De dosering kan door op de -toets te drukken geactiveerd worden of met een impuls via de bus Externe aansturing via een contact of een solid-state relais. Via de besturingseenheid kan een gedoseerde hoeveelheid (charge) of een aantal slagen vooraf ingesteld worden. Bedrijfsfunctie ROFIBUS : (Identcode, besturingsvariant: ROFIBUS ) Deze besturingsvariant biedt de mogelijkheid de doseerpomp via een ROFIBUS aansluiting aan te sturen (zie hiervoor de handleiding voor rominent gamma/l en rominent Sigma uitvoeringen met ROFIBUS ). Functies De volgende functies kunnen gekozen worden via SET-menu; Functie kalibreren : (Identcode, slagverstelling: handmatig + kalibreren) In alle modi kan met de Sigma ook in gekalibreerde toestand gewerkt worden. De overeenkomende constante weergave kunnen dan direct de gedoseerde hoeveelheid of de capaciteit daarvan aangeven. De kalibratie blijft binnen het bereik van de slagfrequentie tussen 0 en 180 slagen/min gehandhaafd. Bij een wijziging van de ingestelde slaglengte tot ±10% blijft de kalibratie eveneens behouden. Functie Hulpfrequentie : Maakt het inschakelen van een vast instelbare slagfrequentie in het SET-menu mogelijk die via de bus Externe aansturing kan worden aangestuurd. Deze hulpfrequentie heeft een hogere prioriteit dan de slaglengteinstellingen van de bedrijfsfuncties. Functie flow : Stopt de Sigma bij een te lage doorstroming, wanneer een doseerbewaking aangesloten is. Het aantal foutslagen waarna uitschakeling moet volgen, kan in het SET-menu ingesteld worden. De volgende functies zijn standaard beschikbaar: Functie niveauschakelaar : Informatie over de vulstand in de doseertank wordt aan de Sigma gemeld. Hiervoor moet een tweetraps niveauschakelaar geïnstalleerd zijn; deze wordt op de bus niveauschakelaar aangesloten. Functie pauze : De Sigma kan via de bus Externe aansturing op afstand gestopt worden. De functie pauze werkt alleen via de bus Externe aansturing. De volgende functies worden via druktoetsen in werking gezet: Functie stop : De Sigma kan via de stop/start-toets gestopt worden zonder dat de pomp van het net gehaald wordt. Functie Aanzuigen : Aanzuigen (kortstondig pompen op maximale frequentie) gebeurt door gelijktijdig op de beide pijltoetsen te drukken. agina 50

Bijzonderheden van de S1Ca/S2Ca/S3Ca-pomp Opties relais De Sigma beschikt over twee opties voor de aansluitmogelijkheid. Optie storingsmeldrelais of schakelrelais : Via het relais kan bij foutmeldingen, waarschuwingsmeldingen of geactiveerde niveauschakelaar een stroomkring gesloten worden (voor sirene etc.). Het relais kan later via een uitsparing in de aandrijfeenheid alsnog gemonteerd worden. Optie storingsmeld- en taktgeefrelais : Als aanvulling op het foutmeldingsrelais kan via het impulsgeverrelais bij elke slag een stroomimpuls afgegeven worden. Het relais kan later via een uitsparing in de aandrijfeenheid alsnog gemonteerd worden. Functie en storingsmelding LCD weergave LED weergave De drie LED-indicators en de indicatie Error op het LCD tonen de bedrijfs- en storingssituaties (zie ook hoofdstuk 9): Bij een fout verschijnt de indicatie Error en een aanvullende foutmelding. Bedrijfsweergave (groen) De indicatie in bedrijf licht op wanneer tijdens bedrijf van de Sigma geen storings- of waarschuwingsmeldingen binnenkomen. Waarschuwingsweergave (geel) De waarschuwings-indicator licht op, wanneer de elektronica van de Sigma een situatie vaststelt, die tot een storing kan leiden, bv. Te laag niveau 1e trap. Storingsweergave (rood) De storings-indicatie licht op wanneer een storing optreedt, bv. Te laag niveau 2e trap. Hiërarchie van de werkwijzen, functies en storingssituaties. De verschillende werkwijzen, functies en storingssituaties hebben een verschillende invloed op of en hoe de Sigma doseert. De volgende opsomming toont de invloed: 1. Aanzuigen 2. Fout, Stop, ause 3. Hulpfrequentie 4. Manual, Analog, Contact, Batch op: 1. Aanzuigen kan in elke situatie van de pomp (zolang de pomp goed werkt). 2. Fout, Stop en ause stoppen alles, behalve Aanzuigen. 3. De slagfrequentie van de hulpfrequentie heeft altijd voorrang op de slagfrequentie die door de werk wijze wordt aangegeven. agina 51

Bijzonderheden van de S1Ca/S2Ca/S3Ca-pomp 5.3 Stekkeraansluitingen, symbolen en aansluitingen 4 2 3 6 1 7 5 (1) 2-traps aansluitconnector voor niveauschakelaar met waarschuwings- en uitschakelfunctie (2) externe connector voor contact- of analoogaansturing en potentiaalvrije uitschakeling via de pauzefunctie (3) doseerbewakingsconnector voor de aansluiting van rominent doseerbewaking (4) netschakelaar (1-polig) (5) relaisuitgang (storingsmeld- en/of taktgeefrelais) (6) aansluiting voor membraanbreuksignalering (7) netkabel met bijbehorende stekker Technische gegevens relais (control versie) omptype S1Ca, S2Ca en S3Ca Relais Storingsmelder Storingsmelder + taktgever vermogenrelais Relaistype Storingsmelder Storingsmelder taktgever vermogensrelais max. spanning 250 V (50/60Hz) 24 V (50/60Hz) 24 V DC 250 V (50/60Hz) max. stroom 2 A 100 ma 100 ma 16 A sluitingstijd 100 ms werkwijze zie identcode zie identcode zie identcode zie identcode levensduur > 200.000 > 200.000 >50 x 10 6 > 30.000 schakelingen* schakelingen* (10 V, 10 ma) schakelingen* * bij normbelasting De contacten zijn potentiaal vrij. Is het storingsmeldrelais openend ingesteld dan wordt het relais direct na inschakeling van de pomp gesloten en opent bij storing. Is het storingsmeldrelais sluitend ingesteld dan sluit het relais bij storing. Bij het schakelen van inductieve belastingen zijn ontstoringsmaatregelen benodigd (bijv. RC-schakelaar). agina 52

Bijzonderheden van de S1Ca/S2Ca/S3Ca-pomp Bedradingsschema voor besturingstypen aanzicht van de kabelstekkers van voren Kabel niveauschakelaar Universele stuurkabel (5-aderig) voor voor blauw en zwart open -> alarmmelding bruin en zwart open -> alarmmelding en pomp stopt Kabel doseerbewaking extern/contact: wit en zwart sluiten -> Start contact voor pompen (pauzefunctie in acht nemen: bruin en zwart gesloten) analoog: blauw en zwart -> analoge ingang 0/4-20 ma (pauzefunctie in acht nemen: bruin en zwart gesloten) hulpfrequentie: grijs en zwart gesloten -> pomp doseert met voorgestelde slagfrequentie pauze: bruin en zwart gesloten -> pomp doseert bruin en zwart open -> alarmmelding en pomp stopt Membraanbreuksignalering Extern/contact kabel (2-aderig) 2. blauw/alarm 1. zwart/gnd 2. bruin 4. wit 2. blauw/alarm 1. zwart/gnd 3. bruin/stop 1. bruin/5v 2. wit/cod. 3. blauw bruin/pauze wit/contact blauw/analoog zwart/gnd grijs/hulp 4. zwart/gnd voor voor voor contact open -> alarmmelding en besturingstype O stopt de pomp contact sluiten -> doseerslag agina 53

Bijzonderheden van de S1Ca/S2Ca/S3Ca-pomp Technische gegevens externe ingang Als ingangsschakelelementen kunnen contacten (relais) of halfgeleidersschakelelementen met een restspanning van - 0,7 V (bijv. transistor in open collectorschakeling) gebruikt worden. Besturingstype 0 (volgens identcode) pin 1 = pauze-ingang (verbindingsfunctie) spanningsniveau ingangsweerstand contactbelasting ca. 5 V 10 kω - potentiaal vrij (ca. 0,5 ma) - halfgeleider schakeling (restspanning < 0,7 V) pin 2 = contactingang spanningsniveau ingangsweerstand contactbelasting pulsbreedte pulsfrequentie ca. 5 V 10 kω - potentiaal vrij (ca. 0,5 ma) - halfgeleider schakeling (restspanning < 0,7 V) 20 m sec. 25 puls/sec. pin 3 pin 4 pin 5 = niet actief = GND = hulpfrequentie spanningsniveau: ingangsweerstand: aansturing: ca. 5 V 10 kω - potentiaal vrij contact (ca. 0,5 ma) - halfgeleider schakeling (restspanning < 0,7 V) Besturingstype 1 (volgens identcode) pin 1 pin 2 pin 3 = pauze-ingang (verbindingsfunctie) spanningsniveau ca. 5 V ingangsweerstand 10 kω contactbelasting - potentiaal vrij (ca. 0,5 ma) - halfgeleider schakeling (restspanning < 0,7 V) = contactingang (niet actief bij analoge werking) spanningsniveau ca. 5 V ingangsweerstand 10 kω contactbelasting - potentiaal vrij ca. 0,5 ma - halfgeleider schakeling (restspanning < 0,7 V) = analoge ingang* ingangsbelasting ca. 120 Ω pin 4 pin 5 = GND = hulpfrequentie spanningsniveau Ingangsweerstand Aansturing ca. 5 V 10 kω - potentiaal vrij contact (ca. 0,5 ma) - halfgeleider (restspanning <,7 V) * Bij ca. 0,4 ma (4,4 ma) maakt de doseerpomp de eerste doseerslag en bij ca. 19,2 ma wordt de maximale frequentie bereikt. agina 54

Bijzonderheden van de S1Ca/S2Ca/S3Ca-pomp Blok schakel overzicht S1Ca, S2Ca, S3Ca Ingang Uitgang Leegmelding Waarschuwing 3 bruin/auze 2 blauw/alarm 1 zwart /GND Niveaubewaking omp, binnenkant VDE-Kabel: Storingsmeldrelais Doseerbewaking Flow Control 1 bruin/5 V 2 wit/cod. 3 blauw 4 zwart/gnd Doseerbewaking 2 groen/nc 1 wit/no 4 bruin/c VDE-Kabel: Membraanbreuk sensor 2 blauw/alarm 1 zwart/gnd Membraanbreuk bewaking Storingsmeld- en taktgeefrelais 1 geel/no (Storing) 4 groen/c (Storing) 3 wit/no (Takt) 2 bruin/c (Takt) 3 blauw/analoog Aansluiting voorbeelden volgende bladzijde 2 wit/contact 1 bruin/auze 4 zwart/gnd Externe inschakeling 5 grijs/hulp GND Net agina 55

Bijzonderheden van de S1Ca/S2Ca/S3Ca-pomp Aansluitingsvoorbeelden universele stuurkabel Kabel omp, binnenkant Functie, Extern contact (rominent-extern/contact-kabel) 2-aderig 2 wit/contact 4 bruin/gnd Externeinschakeling Externeinschakeling GND Functie, Extern contact (rominent-universele stuurkabel) 5-aderig ulsfrequentie bv contactwater meter, etc. 3 blauw/analoog 2 wit/contact 1 bruin/auze 4 zwart/gnd 5 grijs/hulp GND ulsfrequentie bv contactwater meter, etc 3 blau/analoog Functie, auze 2 wit/contact 1 bruin/auze 4 zwart/gnd 5 grijs/hulp Externeinschakeling GND Contactduur (potentiaal vrij) bv extern aan/uit van 3 blauw/analoog Functie, Hulpfrequentie 2 wit/contact 1 bruin/auze 4 zwart/gnd 5 grijs/hulp Externeinschakeling GND Functie, Extern-analoog Contactduur (potentiaal vrij) bv extern aan/uit van 0/4-mA + - 3 blauw/analoog 2 wit/contact 1 bruin/auze 4 zwart/gnd 5 grijs/hulp Externeinschakeling GND Analoog signaal bv. van magnetisch inductieve doorstroom meter Let op! De universele stuurkabel mag niet korter dan 1,2 meter zijn vanwege de kabelherkenningsfunctie van de Sigma doseerpomp agina 56

Bijzonderheden van de S1Ca/S2Ca/S3Ca-pomp 5.4 Achteraf inbouwen van relais (niet bij ROFIBUS ) Leveringsomvang: 1 relaisprint compleet met 2 bevestigingsschroeven 1 relaiskabel compleet met stekkerbus 1 afdichting Montageplaats voor relais onder het bedieningspaneel van de doseerpomp uitbreken. Waarschuwing Voor aanvang van de werkzaamheden de voeding van de pomp nemen en de doseerkop spoelen (Zie hoofdstuk 10)! Let op Bij het uitbreken van niet doorslaan tot in de pompvoet. Hierbij kan de elektronica beschadigd worden. De pomp op een vlakke ondergrond plaatsen, met de relais uitbreek opening naar boven Een drevel (Ø8-15 mm) midden op de relais uitbreek opening plaatsen en deze met een korte en harde slag met een hamer (ca. 250 gr) uitbreken. De rand van het ontstane gat glad maken. Het uitgebroken plaatje uit de voet van de pomp nemen. Relaisprint monteren De relaisprint monteren met de hand aan de linker en rechter zijde van de relais afdekplaat vastpakken (afbeelding 16). Schuif de relaisprint met de bovenhoek van de onderkant langs de rail van de pompsokkel in de relais-uitbreekopening tot het contact van de relaisprint in het contact van de stuurprint glijdt (controle: zit het einde van de nu print onbeweeglijk?) De relaisprint met lichte druk helemaal in de uitbreekopening schuiven. Het relaisdeksel met de schroeven in de pompvoet vastschroeven. De afdichting voor de relais stekker in het relaisdeksel leggen en de relaiskabelstekker vastschroeven (zie afbeelding 18). De pomp is af fabriek op storingsmeldrelais afvallend en - indien voorhanden - taktgeefrelais opkomend geprogrammeerd. Indien een andere schakelfunctie gewenst is kan de rominent vestiging de pomp herprogrammeren (niet nodig bij ROFIBUS uitvoering). Afb.15 Afb.16 Afb.17 Afb.18 agina 57

Bediening/besturing S1Ca, S2Ca, S3Ca 6. Bediening/besturing S1Ca, S2Ca, S3Ca Maak u met behulp van het overzicht Besturingselementen en toetsfuncties vertrouwd met de besturingselementen van de Sigma! Indicators Het LCD-scherm ondersteunt het bedienen en instellen van de Sigma met diverse indicatoren: Mem Calib Flow Stop Aux ause Error De indicatoren hebben de volgende betekenissen: Symbool voor -toets: De Sigma bevindt zich in instelmodus Slot-symbool: Bij constante weergave: Geblokkeerd (wanneer een code is ingesteld). In instelmodus: kenmerkt de toegang tot het Code-menu Stop: De Sigma is met de Start/Stop-toets gestopt. Aux: De Sigma pompt nu met de hulpfrequentie als slagfrequentie. In het AUX-menu: de Sigma is in het AUX-menu. ause: De Sigma is via de functie ause gestopt (extern) Error: Er is een fout opgetreden en de pomp werd gestopt. Mem: In de werkstanden Contact en Batch : er werd een extra functie Memory gezet. In CNTCT of BATCH-menu (indicator Mem knippert): de extra functie Memory kan gezet worden. Calib: De Sigma bevindt zich in het CALIB-menu. Bij constante weergave: (indicator Calib knippert): afwijkende slagfrequentie van meer dan +10% van de waarde op het tijdstip van de kalibratie. Flow: In het FLOW-menu: de Sigma bevindt zich in het FLOW-menu. : De Sigma bevindt zich in het SET-menu. Uitroepteken Het bereikte aantal slagen is meer dan de in het LCD-scherm maximaal weer te geven waarde van 99999. Aanwijzing De S1Ca, S2Ca, S3Ca toont alleen de doseerhoeveelheid en de doseercapaciteit in gekalibreerde toestand in l, l/u of gal. of gal/u. agina 58

Instellen 7. Instellen Aanwijzing Zie bladzijde na het titelblad. Hier vindt u het overzicht besturingselementen en toetsfuncties en het bedienings-/instelschema. Indien u één minuut geen toetsen indrukt keert de Sigma terug in bedrijfstoestand. rincipes bij het instellen van de Sigma = tings option instelmogelijkheid = flashes knippert continuous Constante weergave display 3 s 3 s Invoer bevestigen Menupunt zonder bevestiging verlaten Druk kort op de -toets Gelijktijdig gaat u naar het volgende menupunt of naar constante weergave. Druk 3 s lang op de -toets; de invoer wordt afgebroken en u springt naar constante weergave. i 1x i 2x Stapsgewijs wijzigen van een waarde Instelbare waarden wijzigen Instelbare waarden bevestigen Druk 1x op de i-toets; U kunt wisselen tussen per cijfer wijzigen van een waarde ( Wijzigen per cijfer = standaard) en stapsgewijs wijzigen van een waarde ( Wijzigen van een waarde ). Druk op de toets resp. het knipperende cijfer of getal wordt daardoor groter resp. kleiner Bij Wijzigen per cijfer : bevestig per gewijzigd cijfer telkens met de -toets; nadat het laatste cijfer is bevestigd gaat u meteen naar het volgende menupunt of naar constante weergave. Druk bij Wijzigen van een waarde 1x op de -toets; gelijktijdig gaat u naar het volgende menupunt of naar constante weergave. Verkeerd ingevoerde cijfers corrigeren Druk 2x op de i-toets; U springt naar het eerste cijfer terug. 7.1 Instelbare waarden controleren Voor u de Sigma gaat instellen, kunt u de actuele instellingen van de instelbare waarden controleren. Druk op de i-toets (i = Info) wanneer de Sigma een constante weergave aangeeft (op het LCD ontbreekt het symbool voor de -toets): U ziet na elke keer drukken op de i-toets een andere constante weergave. Het aantal constante weergave hangt af van de identcode, van de geselecteerde werkwijze en van de aangesloten extra inrichtingen (zie overzicht constante weergave bladzijde 7. agina 59

Instellen 7.2 Naar instelmode schakelen Wanneer u in een constante weergave de -toets 2 seconden ingedrukt houdt, schakelt de Sigma over op instelmodus. Wanneer CODE 1 werd gezet, moet na het drukken op de -toets eerst de code ingevoerd worden. De volgende menu s zijn in de instelmode als eerste selecteerbaar (zie ook het overzicht Bedienings-/ Instelschema ): MODE-menu CODE-menu (optie) SET-menu CLEAR-venster Om de Sigma aan zijn proceseisen aan te passen moet u: 1. In het MODE-menu de modus selecteren 2. In het SET-menu de instellingen van deze modus uitvoeren Constante weergave 7.3 Bedrijfsfunctie kiezen (MODE-menu) In het MODE-menu kunnen de volgende werkwijzen geselecteerd worden (afhankelijk van de identcode kunnen bepaalde werkwijzen ontbreken): Manual Handbediening (Identcode, besturingsvariant: Handbediening is standaard aanwezig) Analog voor stroomsturing (Identcode, besturingsvariant: analoge stroom) Contact voor contact-werkwijze (Identcode, besturingsvariant: Extern 1:1 / Extern met pulse control) Batch voor het werken met charges (Identcode, besturingsvariant: Extern met pulse control) Analog - ANALOG Manual - MANUAL Analog Manual Contact Batch Contact - CONTACT Batch - BATCH Constante Daueranzeige weergave agina 60

Instellen In het SET-menu kunt u na het selecteren van de werkwijze verschillende instellingen uitvoeren. In alle werkwijzen zijn instelmenu s beschikbaar voor de volgende programmeerbare functies. Kalibreren (CALIB-menu) Hulpfrequentie (AUX-menu) Flow (FLOW-menu; alleen beschikbaar wanneer doseerbewaking is aangesloten) Zie hiervoor paragraaf 7.5. 7.4.1 Instellingen in de bedrijfsfunctie Handmatig Behalve de in paragraaf 7.5 nader beschreven instelmenu s is in de werkwijze Manual in SET-menu geen verder instelmenu beschikbaar. 7.4.2 Instellingen in de bedrijfsfunctie Analoog (ANALG-menu) Behalve de in paragraaf 7.5 nader beschreven instelmenu s is in de werkwijze Analog in SET-menu ook nog het ANALG-menu beschikbaar. De slagfrequentie wordt via de bus Externe aansturing bestuurd door een analoog stroomsignaal. U kunt voor het verwerken van het stroomsignaal drie manieren selecteren.: 0-20 ma: bij 0 ma staat de Sigma stil bij 20 ma werkt de Sigma met 180 slagen/min. Daartussen is de slagfrequentie proportionaal tot het stroomsignaal. Constante weergave 4-20 ma: Curve: bij 4 ma staat de Sigma stil bij 20 ma werkt de Sigma met 180 slagen/min Daartussen is de slagfrequentie proportionaal tot het stroomsignaal. Bij stroomsignalen <3,8 ma verschijnt een foutmelding en de Sigma stopt (bv. bij kabelbreuk). In de modus Curve kunt u de werkwijze van de Sigma vrij programmeren. Er zijn drie mogelijkheden: = Recht = onderste zijband = bovenste zijband Constante weergave agina 61

Instellen Recht: Op het LCD verschijnt het symbool. U kunt een willekeurig slagfrequentie-gedrag van de Sigma proportionaal tot het stroomsignaal invoeren. Hiertoe voert u twee willekeurige punten 1 (I1, F1) en 2 (I2, F2) in (F1 is de slagfrequentie waarmee bij een stroom I1 gewerkt moet worden); hiermee wordt een grafiek vastgelegd en daarmee het gedrag: Fmax F2 F1 1 2 0 I 1 I 2 20 I [ma] OMERKING Teken een diagram als het bovenstaande - met waarden voor (I1, F1) en (I2, F2) - om de Sigma naar wens te kunnen instellen! Onderste/bovenste zijband: Via deze manieren van verwerking kunt u een doseerpomp via het stroomsignaal aansturen zoals dat in de diagrammen hieronder te zien is. onderste zijband bovenste zijband Fmax Fmax F1 1 F2 2 F2 2 F1 1 0 I 1 I 2 20 I [ma] 0 I 1 I 2 20 I [ma] Onderste zijband Op het LCD verschijnt het symbool --\--. Onder I1 werkt de Sigma met F1 - boven I2 stopt de Sigma. Tussen I1 en I2 is de slagfrequentie tussen F1 en F2 proportioneel tot de signaalstroom. Bovenste zijband Op het LCD verschijnt het symbool --/--. Onder I1 stopt de Sigma - boven I2 werkt de Sigma met F2. Tussen I1 en I2 is de slagfrequentie tussen F1 en F2 proportioneel tot de signaalstroom. Boven 20 ma gaat de Sigma met Fmax verder. De kleinste verwerkbare waarde tussen I1 en I2 is 4 ma. Storingsmelding Onder menupunt ER kunt u voor de bedrijfsmodus Curve een storingsmelding activeren. Bij een stroomsignaal kleiner dan 3,8 ma verschijnt de foutmelding en stopt de Sigma. agina 62

Instellen 7.4.3 Instellingen in de bedrijfsfunctie Contact (CNTCT-menu) Behalve de in paragraaf 7.5 nader beschreven instelmenu s is in de werkwijze Contact in SET-menu ook het CNTCT-menu beschikbaar. De werkwijze Contact biedt de mogelijkheid om de pomp telkens een enkele slag of een serie slagen te laten maken. De slagen kunt u door een impuls via de bus Externe Aansturing activeren. Deze werkwijze is bedoeld om de binnengekomen pulsen met een deling (breuken) of een kleine vermenigvuldiging in slagen om te zetten. Bij de uitvoering Contact - Identcode: Extern met pulse control kunt u ingeven na hoeveel impulsen een slag moet volgen: Contact-Identcode: Extern met pulse control is bedoeld voor kleine hoeveelheden. Constante weergave Het aantal slagen per impuls hangt af van de factor, die u zelf kunt ingeven. Daarmee kunt u binnenkomende impulsen met een factor van 1,01 tot 99,99 in zekere mate vergroten, resp. met een factor van 0,01 tot 0,99 verkleinen. Aantal uitgevoerde slagen = factor x aantal binnengekomen impulsen Voorbeeld tabel: Factor Aantal impulsen Aantal slagen Vermenigvuldigen 1 1 1 2 1 2 25 1 25 99,99 1 99,99 1,50 1 1,5 (1/2) 1,25 1 1,25 (1/1/1/2/) Delen 1 1 1 0,50 2 1 0,10 10 1 0,01 100 1 0,25 4 1 0,40 2,5 (3/2) (1/1) 0,75 1,33 (2/1/1) (1/1/1) Verklaring bij vermenigvuldiging Verklaring bij deling bij een factor 1 bij een factor 2 bij een factor 25 bij een factor 1 bij een factor 0,5 bij een factor 0,1 bij een factor 0,75 wordt bij 1 impuls 1 slag uitgevoerd worden bij 1 impuls 2 slagen uitgevoerd worden bij 1 impuls 25 slagen uitgevoerd wordt na 1 impuls 1 slag uitgevoerd wordt na 2 impulsen 1 slag uitgevoerd wordt na 10 impulsen 1 slag uitgevoerd wordt eenmaal na 2 impulsen 1 slag uitgevoerd dan tweemaal na 1 impuls 1 slag en weer na 2 impulsen 1 slag enz. agina 63

Instellen OMERKING Als na deling door de factor een rest blijft, telt de Sigma de restwaarden bij elkaar. Zodra deze som 1 bereikt of overschrijdt, voert de Sigma een extra slag uit. Op die manier volgt hieruit bij het doseren het exacte aantal slagen, overeenkomend met de factor. Het aantal inkomende impulsen dat nog niet afgehandeld kon worden, slaat de Sigma op in het slagengeheugen. Wanneer u op de STO/START-toets drukt of de functie ause wordt geactiveerd, wordt het slagengeheugen gewist (dit kunt u door uitbreiding met de functie Memory voorkomen; zie volgende alinea). Met de uitvoering Contact - Identcode: Extern met pulse control bv. kunt u de Sigma in verbinding met contactwatermeters optimaal aan het betreffende proces aanpassen. Uitbreiding met de functie Memory Aanvullend kunt u de functie-uitbreiding Memory activeren (de indicator Mem verschijnt op het LCD: Mem is Memory = geheugen). Wanneer u dan op de STO/START-toets drukt of de functie ause wordt geactiveerd, worden de resterende slagen niet uit het slagengeheugen verwijderd. 7.4.4 Instellingen in de bedrijfsfunctie Batch (Batch-menu) Behalve de in paragraaf 7.5 nader beschreven instelmenu s is in de werkwijze Batch in SET-menu ook nog het BATCH-menu beschikbaar. Constante weergave De werkwijze Batch is een variant op de werkwijze Contact (zie eerst paragraaf 7.4.3). Ook hier kunt u het aantal slagen vooraf ingeven (geen breuken, alleen hele getallen), maar ook een doseerhoeveelheid (charge). Om tussen de ingave Aantal slagen en Doseerhoeveelheid te wisselen moet in het betreffende menupunt de i-toets 1x gedrukt worden (zie overzicht Bedienings-/Instelschema. De werkwijze Batch is bedoeld voor grote doseerhoeveelheden. De dosering kan alleen geactiveerd worden door op de -toets te drukken of met een impuls via de bus Externe Aansturing. Het aantal inkomende impulsen dat nog niet afgehandeld kon worden, slaat de Sigma op in het slagengeheugen. Wanneer u op de STO/START-toets drukt of de functie ause wordt geactiveerd, wordt het slagengeheugen gewist (dit kunt u door uitbreiding met de functie Memory voorkomen; zie volgende alinea). Uitbreiding met de functie Memory Aanvullend kunt u de functie-uitbreiding Memory activeren (de indicator Mem verschijnt op het LCD: Mem is Memory = geheugen). Wanneer u dan op de STO/START-toets drukt of de functie ause wordt geactiveerd, worden de resterende slagen niet uit het slagengeheugen verwijderd. Het aantal ingekomen pulsen welke nog niet tot slagen van de pomp verwerkt zijn kunnen in het geheugen opgeslagen worden. Het geheugen is bij niet geactiveerde Memory functie begrenst op de batch grootte (met Memory op 65535 slagen). Wordt de geheugen capaciteit overschreden dan gaat de pomp in storing. Het geheugen wordt gewist indien een andere bedrijfsinstelling ingesteld wordt. 7.5 Instellen van programmeerbare functies (-Menu) In SET-menu zijn in alle werkwijzen instelmenu s voor de volgende programmeerbare functies beschikbaar: Kalibreren (Calib-Menu) Hulpfrequentie (AUX-menu) Flow (FLOW-menu; alleen beschikbaar wanneer een doseerbewaking aangesloten is). agina 64

Instellen 7.5.1 Instellen van de functie Kalibreren (CALIB-menu) Constante weergave Met de Sigma kan ook in gekalibreerde toestand gewerkt worden. De betreffende constante weergave toont dan meteen de doseerhoeveelheid of de doseercapaciteit. De kalibrering blijft bij een wijziging van de ingestelde slaglengte tot ±10% behouden. Wanneer de slaglengte meer dan ±10% verandert, licht het gele waarschuwingslampje op, de constante weergave knippert en de knipperende aanduiding Calib verschijnt. Mag niet onder 30% slaglengte komen! De kalibrering wordt dan zeer onnauwkeurig. De kalibrering is nauwkeuriger als de Sigma meerdere slagen maakt (aanbevolen: minimaal 200 slagen). WAARSCHUWING Wanneer het gedoseerde medium gevaarlijk is, moeten bij het uitvoeren van de volgende instelaanwijzingen de juiste veiligheidsmaatregelen genomen worden. Kalibreren Breng de aanzuigslang in een meetcilinder met het medium - de drukslang moet op de definitieve manier geïnstalleerd zijn (werkdruk,.!). Zuig, wanneer de aanzuigslang leeg is, het doseermedium aan (druk de beide pijltoetsen tegelijk in). Noteer de vulhoogte in de meetcilinder en de slaglengte. Selecteer het CALIB-menu en wissel met de -toets in het eerste menupunt. Selecteer met een pijltoets ON en ga met de -toets naar het volgende punt van het menu. Druk op de -toets om de kalibratie te starten: de Sigma begint te pompen en toont het aantal slagen (met bepaalde intervallen verschijnt STO ). Stop na een passend aantal slagen de Sigma met de -toets. Bepaal de gepompte doseerhoeveelheid (verschil tussen uitgaande hoeveelheid - resterende hoeveelheid). Geef deze hoeveelheid in het menupunt in en ga ter afsluiting met de -toets naar het volgende punt van het menu. De Sigma is nu gekalibreerd. Het display in bedrijf toont de gekalibreerde waarden. Het totaal aantal slagen en het totaal aantal liters worden door de kalibratie op 0 gezet. De Sigma is in STO toestand. 7.5.2 Instellen van de functie hulpfrequentie (AUX-menu) Constante Daueranzeige weergave De programmeerbare functie hulpfrequentie maakt het mogelijk extern de slagfrequentie te regelen. In het AUX-menu kan deze functie vast ingesteld worden. Via de bus externe aansturing wordt deze geactiveerd. Indien hulpfrequentie geprogrammeerd is verschijnt AUX in het display. De hulpfrequentie heeft voorrang op een handmatig ingestelde frequentie. agina 65

Instellen 7.5.3 Instellen van de functie Flow (FLOW-menu) Constante weergave Het FLOW-menu verschijnt alleen wanneer op de bus Doseerbewaking een doseerbewaking is aangesloten. De doseerbewaking registreert de afzonderlijke slagen van de Sigma op de drukaansluiting en meldt deze aan de Sigma terug. Wanneer deze terugmelding zo vaak uitblijft, als in het FLOW-menu is ingesteld (door uitval of te geringe dosering), stopt de Sigma. 7.6 Code instellen (CODE-menu) In het CODE-menu kunt u ingeven of u delen van de instelmogelijkheden wilt blokkeren. Constante weergave U kunt in het eerste punt van het menu of CODE 1 of CODE 2 instellen (beide gebruiken dezelfde waarde). Selecteer CODE 1 om de instelmode te blokkeren ( (1) in het overzicht Bedienings-/Instelschema ). Geef in het volgende menupunt het getal in dat u als code wilt gebruiken. Selecteer CODE 2 om de instelmogelijkheid voor de direct wijzigbare waarden in de constante weergave te blokkeren ( (2) in het overzicht Bedienings-/Instelschema ). Geef in het volgende menupunt het getal in dat u als code wilt gebruiken. Selecteer NONE om een gezette blokkering ongedaan te maken. 7.7 Totaal aantal slagen of liters wissen (CLEAR-venster) In het CLEAR-venster kunt u het opgeslagen totaal aantal slagen en gelijktijdig het totaal aantal liters wissen (= op 0 zetten). Hiervoor verlaat u het venster met een korte druk op de -toets. De waarden worden vanaf de inbedrijfstelling van de pomp of de laatste wisactie opgeteld. Constante weergave agina 66

Bedienen 8 Bedienen In dit hoofdstuk worden alle bedieningsmogelijkheden beschreven, die u heeft als de S1Ca, S2Ca, S3Ca in constante weergave staat (in het LCD display ontbreekt het symbool voor de -toets) Aanwijzing Bekijk het overzicht constante weergave. Hierin staan welke constante weergaves in welke bedrijfsfunctie beschikbaar zijn en welke waarde er te veranderen zijn. 8.1 Handmatig bedienen Slaglengte instellen De slaglengte kan door middel van de slanglengteregelaar in het bereik van 0% tot 100% continue worden ingesteld. Een technisch zinvolle reproduceerbaarheid van de ingestelde doseerhoeveelheid ligt echter alleen tussen 30% en 100% (voor de zelfontluchtende doseerkop 50-100%). Aanwijzing Bij geringe slagfrequenties schakelt de besturing over naar Stop-and-Go bedrijf. Dit vindt plaats op het moment dat de frequentie kleiner dan 1 /3 van de maximale slagfrequentie bedraagt. Hierdoor is voldoende koeling van de elektromotor ook bij lage slagfrequenties zeker gesteld. Over de volgende bedieningsmogelijkheden beschikt u via de toetsen : Sigma stoppen/ starten Charge starten Fabrieksinstellingen laden In instelmode wisselen Instelbare waarden controleren Direct veranderbare waarden wijzigen De pomp stoppen: STO/START-toets indrukken. De pomp starten : weer STO/START-toets indrukken. Druk in mode Batch kort op de -toets. Druk alleen dan 15 seconden op de -toets, wanneer u de fabrieksinstellingen voor de kalibratie weer wilt laden! De actuele instellingen worden dan gewist. Wanneer u in een constante weergave de -toets 2 seconden ingedrukt houdt, komt de Sigma in de instelmode (zie hoofdstuk 7). Wanneer CODE 1 werd gezet, moet na het bevestigen van de -toets eerst de code ingevoerd worden. U ziet na elke druk op de i-toets een andere constante weergave. Het aantal constante weergave hangt af van de identcode, de geselecteerde mode en de aangesloten extra inrichtingen. Om een waarde (zie onder) direct in de betreffende constante weergave te wijzigen, drukt u zolang op een van de pijltoetsen tot de indicator verschijnt. De vertraging is ingeprogrammeerd, zodat de waarden niet per vergissing gewijzigd worden. Wanneer CODE 2 werd gezet, moet na bevestiging van een pijltoets eerst de code ingegeven worden. De direct veranderbare waarden zijn: Slagfrequentie Doseercapaciteit Faktor rogrammaversie op display In de mode Manual, Contact en Batch : De slagfrequentie kunt u veranderen in de constante weergave Slagfrequentie. In de mode Manual : De doseercapaciteit kunt u in de constante weergave Doseercapaciteit wijzigen. De factor is het aantal slagen dat op een externe impuls of een druk op de -toets volgt (alleen in de mode Batch ). In de mode Batch : De factor kunt u vanuit de constante weergave Restslagen wijzigen. Een paar seconden nadat u de factor heeft ingesteld, gaat de Sigma naar de aanvankelijke display modus. Druk de -toets 10 seconden in om de programmaversie te bekijken. Bijvoorbeeld: V1052 + X1010. Bij LOAD3 direct de -toets los laten. agina 67

Bedienen Constante weergave STO START omp stoppen/starten 2 Direct veranderbare waarden wijzigingen Aanzuigen i Charge starten (alleen in mode Batch) Fouten bevestigen Instelbare grootte controleren 1 2 s Instelmodus Instel modus 1 2 = Blokkade (CODE 1) = blokkade (CODE 2) 8.2 Op afstand bedienen Er is een mogelijkheid om de Sigma via een besturingskabel of ROFIBUS op afstand te bedienen (zie paragraaf 5.3 en hoofdstuk 7, de Aanvullende handleiding voor rominent gamma/l en en rominent Sigma uitvoeringen met ROFIBUS en ook de documentatie van uw installatie). agina 68

Functiestoringen 9 Functiestoringen Waarschuwing Draag bij omgang met gevaarlijk media een veiligheidsbril en beschermende kleding! Haal, alvorens werkzaamheden aan de pomp uit te voeren, eerst de druk van de installatie. omp zuigt ondanks volledige slagbeweging en ontluchten niet aan Bij de kopschijf treedt vloeistof uit LED-aanduiding groen (bedrijfsaanduiding) brandt niet Storingsmeldingen Rode LED licht op, op het LCD verschijnt de indicatie Error en MINIM knippert Rode LED licht op, op het LCD verschijnt de indicatie Error en ANALG knippert Rode LED licht op, op het LCD verschijnt de indicatie Error en CNTCT knippert Rode LED licht op, op het LCD verschijnt de indicatie Error en FLOW knippert Rode LED licht op, op het LCD verschijnt de indicatie Error en MOTOR knippert Rode LED licht op, op het LCD verschijnt de indicatie Error en TEMERATUUR knippert agina 69

Functiestoringen / Buiten bedrijf stellen, demonteren en afvoeren Rode LED licht op, op het LCD verschijnt de indicatie Error en FAN knippert Oorzaak Fout in werking van koeling in pompbehuizing. Oplossing Koeling controleren, eventueel vervangen. -toets indrukken (reset functie). Rode LED licht op, op het LCD verschijnt de indicatie Error en SYSTEM knippert Oorzaak Fout in besturing. Oplossing Spanning van pomp halen en opnieuw aansluiten. Indien de foutmelding opnieuw veschijnt de pomp aan de rominent vestiging sturen. Rode LED licht op, op het LCD verschijnt de indicatie Error en MEM knippert Oorzaak Geheugen ingekomen pulsen is vol gelopen. Oplossing Oorzaak achterhalen. -toets indrukken (overweeg de gevolgen voor uw proces). Alle andere fouten Wendt u zich tot uw rominent vestiging of vertegenwoordiging! Waarschuwingsmeldingen Gele LED licht op Oorzaak Vloeistofniveau in de voorraadtank heeft het eerste schakelpunt van de niveauschakelaar bereikt. Oplossing Voorraadtank bijvullen. Gele LED licht op, op het LCD knippert CALIB Oorzaak De pomp is gekalibreerd en de slaglengte wijkt meer dan 10% af van de waarde van het tijdstip van het kalibreren. Oplossing Stel de slaglengte terug of de pomp opnieuw kalibreren bij de gewenste slaglengte. 10 Buiten bedrijf stellen, demonteren en afvoeren Buiten bedrijf stellen Waarschuwing Bij buiten bedrijf name van een Sigma moet pomphuis en in het bijzonder de doseereenheid grondig gereinigd worden. Beschermt u zich tegen het doseermedium indien dit gevaarlijk is. Haal de druk van de installatie. Netspanning van Sigma afsluiten. Maak de doseereenheid leeg door de Sigma ondersteboven te zetten en het medium eruit te laten lopen. De doseereenheid met een geschikt medium spoelen: bij gevaarlijke media doseerkop grondig spoelen! Bij een tijdelijk buiten bedrijf name de opslag voorwaarden aanhouden: Opslagtemperatuur -10 tot +50 C Luchtvochtigheid <92% rel. vocht, niet condenserend Afval afvoeren Waarschuwing: Veer onder spanning! Bij demontage van de pomp onderdelen oppassen voor de veer voor retourslag van het membraan (pos. 5 hoofdstuk 2.2) hier staat een sterke mechanische spanning! Let op Elektronica-afval is speciaal afval. agina 70

11 Vervangingsdelen en toebehoren Voorzichtig Montage en installatie van rominent doseerpompen met niet rominent delen, welke niet door rominent goedgekeurd of aanbevolen zijn, is niet toelaatbaar en kan zowel persoonlijke als zaakschade tot gevolg hebben. Hievoor kan rominent niet verantwoordelijk gehouden worden. Vervangingsdelen StelaandrijvingRegelaandrijvingElektromotoren met geïntegreerde frequentieregelaar (Identcode V ) Frequentieregelaar in metalen omkasting (Identcode Z ) NiveauschakelaarStoringsmeldrelaisStoringsmeld- en taktgeefrelais StuurkabelVoetventielenDoseerventielenDrukhoudventielenDrukwindketelDoseerbewakingenZuiggarniturenDoseervatenHand/elektro roerwerken agina 71

Motor data blad Sigma/1 Motor data blad Sigma/1 Bestelnummer 1018455 1018432 1018433 Fabrikant Bonfiglioli Motor type Machine tyoe Beschermingsklasse Constructie Nominaal vermogen Nominale spanning Nominale stroomsterkte Getest volgens TB nummer Service factor Rendement Nominale frequentie Nominaal toerental Temperatuur klasse Aanloop stroom Aanloop koppel Kantel moment Omgevingstemperatuur Aansluiting 400 / 230 V 380-420 / 220-240V (50Hz) 400-480 / 250-280V (60Hz) 07:1 10:1 20:1 agina 72

Motor data blad Sigma/2 Motor data blad Sigma/2 Bestelnummer 1011036 Fabrikant ATB Motor type Machine tyoe Beschermingsklasse Constructie Nominaal vermogen Nominale spanning Nominale stroomsterkte Getest volgens TB nummer Service factor Rendement Nominale frequentie Nominaal toerental Temperatuur klasse Aanloop stroom Aanloop koppel Kantel moment Omgevingstemperatuur Aansluiting 400 / 230 V 380-420 / 220-240V (50Hz) agina 73

Motor data blad Sigma/3 Motor data blad Sigma/3 Bestelnummer 1003455 / A Fabrikant ATB Motor type Machine tyoe Beschermingsklasse Constructie Nominaal vermogen Nominale spanning Nominale stroomsterkte Getest volgens TB nummer Service factor Rendement Nominale frequentie Nominaal toerental Temperatuur klasse Aanloop stroom Aanloop koppel Kantel moment Omgevingstemperatuur Aansluiting opmerkingen 400 / 230 V 380-420 / 220-242V (50Hz) 380-460 / 220-265V (60Hz) agina 74

EG-conformiteitsverklaring EG-conformiteitsverklaring Hiermee verklaren wij, rominent Dosiertechnik GmbH Im Schuhmachergewann 5-11 D-69123 Heidelberg Dat het volgende omschreven produkt op basis van zijn ontwerp en constructie voor de door ons in omloop gebrachte uitvoeringen voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidseisen zoals omschreven in de EG-richtlijnen. Bij een niet met ons afgesproken wijziging van het produkt verliest deze verklaring haar geldigheid. Benaming van het produkt: rodukttype: Serienummer: EG-richtlijnen: S1Ba..., S1Ca... doseerpomp, reeks Sigma zie typeplaat op doseerpomp EG-machinerichtlijn (98/37/EG) EG-laagspanningsrichtlijn (73/23/EWG later 93/68/EWG) EG-EMV-richtlijn (89/336/EWG later 93/68/EWG) Toegepaste norm: DIN EN ISO 12100-1, DIN EN ISO 12100-2, DIN EN 809, DIN EN 12162, DIN EN 60034-1/7/18 DIN EN 60335-1, DIN EN 60335-2-41 DIN EN 55014-1/2, DIN EN61000-3-2/3 DIN EN 61000-6-2 Datum/fabrikant/handtekening: 28-11-2005 Ondertekend door: dhr. Andreas Höhler agina 75

EG-conformiteitsverklaring EG-conformiteitsverklaring Hiermee verklaren wij, rominent Dosiertechnik GmbH Im Schuhmachergewann 5-11 D-69123 Heidelberg Dat het volgende omschreven produkt op basis van zijn ontwerp en constructie voor de door ons in omloop gebrachte uitvoeringen voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidseisen zoals omschreven in de EG-richtlijnen. Bij een niet met ons afgesproken wijziging van het produkt verliest deze verklaring haar geldigheid. Benaming van het produkt: rodukttype: Serienummer: EG-richtlijnen: doseerpomp, reeks Sigma/1, uitvoering Exbescherming volgens Atex 95 S1Ba..., type/uitvoering Elektrische aansluiting = of L en uitvoering motor = 1 of 2 of Elektrische aansluiting = 2 of 3 en uitvoering motor = A zie typeplaat op doseerpomp EG-machinerichtlijn (98/37/EG) EG-laagspanningsrichtlijn (73/23/EWG) EG-EMV-richtlijn (89/336/EWG later 92/31/EWG) EG-Ex-richtlijn (94/9/EWG) Toegepaste norm: omp zonder motor: DIN EN 12100-1, DIN 12100-2, DIN EN 809, DIN EN 13463-1/5 Motor Ex e : EN 50014, EN 50019, EN 60034 Motor Ex d : EN 50014, EN 50018, EN 50019, EN 60034-1/5 Slagsensor: EN 50014, EN 50020, EN 60947-5-2, EN 60947-5-6 Toegepaste nationale normen en andere technische specificaties: DIN 44081 (Ex-beveiliging Ex d motor) Datum/fabrikant/handtekening: 30-03-2006 Ondertekend door: dhr. Andreas Höhler agina 76

EG-conformiteitsverklaring EG-conformiteitsverklaringdoseerpomp, reeks SigmaS2Ba..., S2Ca...zie typeplaat op doseerpompeg-machinerichtlijn (98/37/EG) EG-laagspanningsrichtlijn (73/23/EWG later 93/68/EWG) EG-EMV-richtlijn (89/336/EWG later 93/68/EWGDIN EN ISO 12100-1, DIN EN ISO 12100-2, DIN EN 809 DIN EN 60335-1, DIN EN 60335-2-41 DIN EN 61010, DIN EN 60204-1, DIN EN 60034-5, DIN EN 60529DIN EN 61000/3/2/3, DIN EN 61000-6-2, DIN EN 61800-3 DIN EN 55014-1/2 agina 77

EG-conformiteitsverklaring EG-conformiteitsverklaring Hiermee verklaren wij, rominent Dosiertechnik GmbH Im Schuhmachergewann 5-11 D-69123 Heidelberg Dat het volgende omschreven produkt op basis van zijn ontwerp en constructie voor de door ons in omloop gebrachte uitvoeringen voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidseisen zoals omschreven in de EG-richtlijnen. Bij een niet met ons afgesproken wijziging van het produkt verliest deze verklaring haar geldigheid. Benaming van het produkt: rodukttype: Serienummer: EG-richtlijnen: doseerpomp, reeks Sigma/2 uitvoering Ex-bescherming volgens Atex 95 S2Ba..., type/uitvoering Elektrische aansluiting = of L en uitvoering motor = 1 of 2 of Elektrische aansluiting = 2 of 3 en uitvoering motor = A zie typeplaat op doseerpomp EG-machinerichtlijn (98/37/EG) EG-laagspanningsrichtlijn (73/23/EWG) EG-EMV-richtlijn (89/336/EWG later 92/31/EWG) EG-Ex-richtlijn (94/9/EWG) Toegepaste norm: omp zonder motor: DIN EN ISO 12100-1, DIN EN ISO 12100-2, DIN EN 809, DIN EN 13463-1/5 Motor Ex e : DIN EN 50014. EN 50019, EN 60034-1/5/7, DIN EN 60529 Motor Ex d : DIN EN 50014, EN 50018, EN 50019, EN 60034-1, DIN EN 60079-14 Slagsensor: DIN EN 50014, EN 50020, EN 60947-5-2, EN 60947-5-6 Toegepaste nationale normen en andere technische specificaties: DIN 44081 (Ex-beveiliging Ex d motor) Datum/fabrikant/handtekening: 08-04-2005 Ondertekend door: dhr. Andreas Höhler agina 78

EG-conformiteitsverklaring EG-conformiteitsverklaring Hiermee verklaren wij, rominent Dosiertechnik GmbH Im Schuhmachergewann 5-11 D-69123 Heidelberg Dat het volgende omschreven produkt op basis van zijn ontwerp en constructie voor de door ons in omloop gebrachte uitvoeringen voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidseisen zoals omschreven in de EG-richtlijnen. Bij een niet met ons afgesproken wijziging van het produkt verliest deze verklaring haar geldigheid. Benaming van het produkt: rodukttype: Serienummer: EG-richtlijnen: S3Ba..., S3Ca... doseerpomp, reeks Sigma zie typeplaat op doseerpomp EG-machinerichtlijn (98/37/EG) EG-laagspanningsrichtlijn (73/23/EWG later 93/68/EWG) EG-EMV-richtlijn (89/336/EWG later 93/68/EWG) Toegepaste norm: DIN EN ISO 12100-1, DIN EN ISO 12100-2, DIN EN 809 DIN EN 60034-1/7/18 DIN EN 60335-1, DIN EN 60335-2-41, DIN EN 55014-1/2, DIN EN 61000-3/2/3, DIN EN 61000-6-2 Datum/fabrikant/handtekening: 08-04-2005 Ondertekend door: dhr. Andreas Höhler agina 79

EG-conformiteitsverklaring EG-conformiteitsverklaring Hiermee verklaren wij, rominent Dosiertechnik GmbH Im Schuhmachergewann 5-11 D-69123 Heidelberg Dat het volgende omschreven produkt op basis van zijn ontwerp en constructie voor de door ons in omloop gebrachte uitvoeringen voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidseisen zoals omschreven in de EG-richtlijnen. Bij een niet met ons afgesproken wijziging van het produkt verliest deze verklaring haar geldigheid. Benaming van het produkt: rodukttype: doseerpomp, reeks Sigma/3, uitvoering Ex-bescherming volgens Atex 95 S3Ba..., type/uitvoering Elektrische aansluiting = of L en uitvoering motor = 1 of 2 of Elektrische aansluiting = 2 of 3 en uitvoering motor = A of Elektrische aansluiting = V en uitvoering motor = 2 Serienummer: EG-richtlijnen: zie typeplaat op doseerpomp EG-machinerichtlijn (98/37/EG) EG-laagspanningsrichtlijn (73/23/EWG) EG-EMV-richtlijn (89/336/EWG later 92/31/EWG) EG-Ex-richtlijn (94/9/EWG) Toegepaste norm: omp zonder motor: DIN EN 12100-1, DIN 12100-2, DIN EN 809, DIN EN 13463-1/5 Motor Ex e : EN 50014. EN 50019, EN 60034 Motor Ex d : EN 50014, EN 50018, EN 50019, EN 60034-1/5/6/7/9/12/14 Slagsensor: EN 50014, EN 50020, EN 60947-5-2, EN 60947-5-6 Toegepaste nationale normen en andere technische specificaties: DIN 44081 (Ex-beveiliging Ex d motor) Datum/fabrikant/handtekening: 01-02-2006 Ondertekend door: dhr. Andreas Höhler agina 80

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/1 050 VT voor identcode: 12035, 12017, 10050 Doseereenheid Sigma/1 065 VT voor identcode: 07065, 10044, 10022 Veer** Kogel* Kogelzitting* Ventiel compleet DN 10/VT* artikelnr 1002267 Membraan FM 050 artikelnr 1010279 Membraan FM 065 artikelnr 1010282 Ventiel compleet DN 10/VT* artikelnr 1002267 Onderdelenset FM 50 VT artikelnr 1010541 Onderdelenset FM 65 VT artikelnr 1010542 * De genoemde posities zijn delen uit de onderdelenset. ** Speciale toebehoren (niet in onderdelenset) Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.26 61_05-104_00_99-03_2 agina 81

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/1 120 VT voor identcode: 04084, 04120, 07042 Ventielveer** Ventielkogel* Kogelzitting* Ventiel compleet DN 15/VT* artikelnr 792517 Membraan FM 120 artikelnr 1010285 Ventiel compleet DN 15/VT* artikelnr 792517 Onderdelenset FM 120 VT artikelnr 1010543 * De genoemde posities zijn delen uit de onderdelenset. Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.27 61_05-104_00_99-03_2 agina 82

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/1 050 VT geïntegreerd overstortventiel voor identcode: 12035, 10050, 12017 Doseereenheid Sigma/1 065 VT geïntegreerd overstortventiel voor identcode: 07065, 10044, 10022 Doseereenheid Sigma/1 120 VT geïntegreerd overstortventiel voor identcode: 04120, 04084, 07042 Overstortventiel compleet 12 bar VA artikelnr 1018572 Overstortventiel compleet 10 bar VA artikelnr 1018947 Overstortventiel compleet 07 bar VA artikelnr 740811 Overstortventiel compleet 04 bar VA artikelnr 740812 Andere onderdelen zie doseereenheid zonder overstortventiel. Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.28 61_05-104_01_00-03_2 Doseereenheid Sigma/1 050 SST geïntegreerd overstortventiel voor identcode: 12035, 12017, 10050 Doseereenheid Sigma/1 065 SST geïntegreerd overstortventiel voor identcode: 07065, 10044, 10022 Doseereenheid Sigma/1 120 SST geïntegreerd overstortventiel voor identcode: 04120, 04084, 07042 Overstortventiel compleet 12 bar SSA artikelnr 1005625 Overstortventiel compleet 10 bar SSA artikelnr 1018573 Overstortventiel compleet 07 bar SSA artikelnr 740815 Overstortventiel compleet 04 bar SSA artikelnr 740814 Andere onderdelen zie doseereenheid zonder overstortventiel. Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.29 61_05-104_01_01-03_02 agina 83

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/1 050 SST voor identcode: 12035, 12017, 10050 Doseereenheid Sigma/1 065 SST voor identcode: 07065, 10044, 10022 Ventiel compleet DN 10/SST* artikelnr 809459 Veer** Kogel* Kogelzitting* Membraan FM 050 artikelnr 1010279 Membraan FM 065 artikelnr 1010282 Ventiel compleet DN 10/SST* artikelnr 809459 Onderdelenset FM 50 SST zonder ventiel artikelnr 1010554 Onderdelenset FM 50 SST met ventiel artikelnr 1010555 Onderdelenset FM 65 SST zonder ventiel artikelnr 1010556 Onderdelenset FM 65 SST met ventiel artikelnr 1010557 * De genoemde posities zijn delen uit de onderdelenset. ** Speciale toebehoren (niet in onderdelenset) Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.30 61_05-104_00_99-03_02 agina 84

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/1 120 SST voor identcode: 04084, 04120, 07042 Ventiel compleet DN 15/SST* artikelnr 809404 Ventielveer** Ventielkogel* Ventielkogelzitting* Membraan FM 120 artikelnr 1010285 Ventiel compleet DN 15/SST* artikelnr 809404 Onderdelenset FM 120 SST zonder ventiel artikelnr 1010558 Onderdelenset FM 120 SST met ventiel artikelnr 1010559 * De genoemde posities zijn delen uit de onderdelenset. ** Speciale toebehoren (niet in onderdelenset) Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.31 61_05-104_01_00-99_2 agina 85

Explosietekeningen van de doseereenheden Reservedelenset dubbel membraan S1Ba/S1Ca S1Ba reservedelenset dubbel membraan FM 050 artikelnr 1009846 S1Ba reservedelenset dubbel membraan FM 065 artikelnr 1009848 S1Ba reservedelenset dubbel membraan FM 120 artikelnr 1009850 S1Ca reservedelenset dubbel membraan FM 050 artikelnr 1009847 S1Ca reservedelenset dubbel membraan FM 065 artikelnr 1009849 S1Ca reservedelenset dubbel membraan FM 120 artikelnr 1009851 Membraan, artikelnr 792807 Membraanbreuksensor* * Deze positie hoort bij reservedelenset. Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.32 61_05-104_00_98-03_2 agina 86

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/2 350 VT voor identcode: S2Ba/S2Ca 04350, 07120, 07220 Doseereenheid Sigma/2 130 VT voor identcode: S2Ba/S2Ca 12050, 12090, 12130 Veer** Kogel* Kogelzitting* Ventiel compleet DN 25/VT* artikelnr 740615 Ventiel compleet DN 15/VT* artikelnr 792517 Membraan FM 350 artikelnr 792496 Membraan FM 150 artikelnr 792495 Ventiel compleet DN 25/VT* artikelnr 740615 Ventiel compleet DN 15/VT* artikelnr 792517 Onderdelenset FM 350 VT artikelnr 740325 Onderdelenset FM 130 VT artikelnr 740324 * De genoemde posities zijn delen uit de onderdelenset. ** Speciale toebehoren (niet in onderdelenset) Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.22 61_05-104_00_99-03_2 agina 87

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/2 350-DN 25 VT voor identcode: S2Ba/S2Ca 04350, 07120, 07220 Doseereenheid Sigma/2 150-DN 15 VT voor identcode: S2Ba/S2Ca 12050, 12090, 12130 Overschotventiel compleet 10 bar VA artikelnr 740810 Overschotventiel compleet 07 bar VA artikelnr 740811 Overschotventiel compleet 04 bar VA artikelnr 740812 Andere onderdelen zie doseereenheid zonder overstortventiel Technische wijzigingen voorbehouden. Andere onderdelen zie doseereenheid zonder overstortventiel Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.23 61_05-104_01_00-03_2 Doseereenheid Sigma/2 350-DN 25 SST voor identcode: S2Ba/S2Ca 04350, 07120, 07220 Doseereenheid Sigma/2 150-DN 15 SST voor identcode: S2Ba/S2Ca 12050, 12090, 12130, 16050, 16090, 16130 Overschotventiel compleet 16 bar SSA artikelnr 1019246 Overschotventiel compleet 12 bar SSA artikelnr 740813 Overschotventiel compleet 07 bar SSA artikelnr 740815 Overschotventiel compleet 04 bar SSA artikelnr 740814 Andere onderdelen zie doseereenheid zonder overstortventiel Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.24 61_05-104_01_01-03_2 agina 88

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/2 350-DN 25 SST voor identcode: S2Ba/S2Ca 04350, 07120, 07220 Doseereenheid Sigma/2 130-DN 15 SST voor identcode: S2Ba/S2Ca 12050, 12090, 12130, 16050, 16090, 16130 Veer** Kogel* Kogelzitting* Ventiel compleet FM 350 SST* artikelnr 803708 Ventiel compleet FM 130 SST* artikelnr 809404 Membraan FM 350 artikelnr 792496 Membraan FM 150 artikelnr 792495 Ventiel compleet FM 350 SST* artikelnr 803708 Ventiel compleet FM 130 SST* artikelnr 809404 Onderdelenset FM 350 SST zonder ventiel artikelnr 740327 Onderdelenset FM 350 SST met 2 ventielen artikelnr 740329 Onderdelenset FM 130 SST zonder ventiel artikelnr 740326 Onderdelenset FM 130 SST met 2 ventielen artikelnr 740328 * De genoemde posities zijn delen uit de onderdelenset. ** Speciale toebehoren (niet in onderdelenset) Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.30 61_05-104_01_01-03_2norm agina 89

Explosietekeningen van de doseereenheden Reservedelenset S2Ba/S2Ca S2Ba Reservedelenset FM 350 artikelnr 792768 S2Ba Reservedelenset FM 130 artikelnr 792767 S2Ca Reservedelenset FM 350 artikelnr 740333 S2Ca Reservedelenset FM 130 artikelnr 740332 Membraan artikelnr 792807 Membraanbreuksensor* * Deze positie hoort bij reservedelenset. Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.26 61_05-104_00_98-03_2 agina 90

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/3 330 VT voor identcode: S3Ba/S3Ca 120145, 120190, 120270, 120330 Veer** Kogel* Kogelzitting* Ventiel compleet DN 25/VT* artikelnr 740615 Membraan FM 330 artikelnr 1004604 Ventiel compleet DN 25/VT* artikelnr 740615 Onderdelenset FM 330 VT/T/CT artikelnr 1005308. * De genoemde posities zijn delen uit de onderdelenset. ** Speciale toebehoren (niet in onderdelenset) Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.24 61_05-104_0_72-03_330 agina 91

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/3 1000 VT/T/CT voor identcode: S3Ba/S3Ca 070410, 070580, 040830, 041030 Ventielveer** Ventielschijf* Ventielzitting* Ventiel compleet DN 32/VT/T/CT* artikelnr 1002806 Membraan FM 1000 artikelnr 1002835 Ventiel compleet DN 32/VT/T/CT* artikelnr 1002806 Onderdelenset FM 1000 VT/T/CT artikelnr 1005309. * De genoemde posities zijn delen uit de onderdelenset. Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.25 61_05-104_00_72-03 agina 92

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/3 330 T/CT/VT geïntergreerd overstortventiel voor identcode: S3Ba/S3Ca 120145, 120190, 120270, 120330 Doseereenheid Sigma/3 1000 T/T/CT geïntergreerd overstortventiel voor identcode: S3Ba/S3Ca 070410, 070580, 040830, 041030 Overschotventiel compleet 10 bar VA artikelnr 1005626 Overschotventiel compleet 07 bar VA artikelnr 1004801 Overschotventiel compleet 04 bar VA artikelnr 1004778 Andere onderdelen zie doseereenheid zonder overstortventiel. Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.26 61_05-104_0_74-03_330 agina 93

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/3 330 SST voor identcode: S3Ba/S3Ca 120145, 120190, 120270, 120330 Veer** Kogel* Kogelzitting* Ventiel compleet FM 330 SST* artikelnr 803708 Membraan FM 330 artikelnr 1004604 Ventiel compleet FM 330 SST* artikelnr 803708 Onderdelenset FM 330 SST zonder ventiel artikelnr 1005310 Onderdelenset FM 330 SST met ventiel artikelnr 1005312 * De genoemde posities zijn delen uit de onderdelenset. ** Speciale toebehoren (niet in onderdelenset) Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.27 61_05-104_0_73-03_330 agina 94

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/3 1000 SST voor identcode: S3Ba/S3Ca 070410, 070580, 040830, 041030 Ventielveer** Ventielschijf* Ventielzitting* Ventiel compleet FM 1000 SST* artikelnr 1002811 Membraan FM 1000 artikelnr 1002835 Ventiel compleet FM 1000 SST* artikelnr 1002811 Onderdelenset FM 1000 SST zonder ventiel artikelnr 1005311 Onderdelenset FM 1000 SST met ventiel artikelnr 1005313 * De genoemde posities zijn delen uit de onderdelenset. Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.28 61_05-104_0_73-03 agina 95

Explosietekeningen van de doseereenheden Doseereenheid Sigma/3 330 SST geïntergreerd overstortventiel voor identcode: S3Ba/S3Ca 120145, 120190, 120270, 120330 Doseereenheid Sigma/3 1000 SST geïntergreerd overstortventiel voor identcode: S3Ba/S3Ca 070410, 070580, 040830, 041030 Overschotventiel compleet 12 bar SSA artikelnr 1005626 Overschotventiel compleet 07 bar SSA artikelnr 1005042 Overschotventiel compleet 04 bar SSA artikelnr 1005038 Andere onderdelen zie doseereenheid zonder overstortventiel. Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.29 61_05-104_0_75-03_330 agina 96

Explosietekeningen van de doseereenheden Reservedelenset dubbel membraan S3Ba/S3Ca S3Ba reservedelenset dubbel membraan FM 330 artikelnr 1004596 S3Ba reservedelenset dubbel membraan FM 1000 artikelnr 1004594 S3Ca reservedelenset dubbel membraan FM 330 artikelnr 1004597 S3Ca reservedelenset dubbel membraan FM 1000 artikelnr 1004595 Membraan artikelnr 792807 Membraanbreuksensor* Deze positie behoort tot de reservedelenset. Technische wijzigingen voorbehouden. Afb.30 61_05-104_00_53-03_2 agina 97

Aansluitschema Aansluitschema aandrijving slaglengteverstelling <- terugmelding ma -> ingangssignaal ma 4 3 2 1 1 2 3 E N L Voedingspanning agina 98