Gebruikshandleiding PELLEMATIC PE 8 32. FA V2.00 Pelletronic TOUCH NEDERLANDS. Specialist in Europa voor pelletverwarming PE 149 FA_NL 1.



Vergelijkbare documenten
Gebruikshandleiding. BlueBurn 16 32kW NEDERLANDS _NL_BB 1.0

Montagehandleiding. BlueBurn 16 32kW NEDERLANDS _NL_BB 1.0

Technische gegevens. PELLEMATIC Condens 10 18kW NEDERLANDS.

Bedieningsvoorschrift

Installatie en gebruikshandleiding

VIESMANN. Bedieningshandleiding VITOSOL. voor de gebruiker van de installatie NL 11/2015 Bewaren a.u.b.!

Bedieningsvoorschriften

VIESMANN. Bedieningsaanwijzing VITOSOL-F VITOSOL-T. voor de gebruiker van de installatie. Vlakke en vacuüm-buiscollectoren

Gebruikshandleiding. BlueBurn 16 32kW NEDERLANDS _NL_BB 1.1

Technische gegevens. PELLEMATIC SmartXS kw NEDERLANDS.

TDS 20/50/75/120 R. NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer

Bedieningsvoorschrift

Bedieningsvoorschrift

VIESMANN. Gebruikershandleiding VITOSOL. voor de gebruiker van de installatie NL 4/2007 Bewaren a.u.b.!

VIESMANN. Bedieningshandleiding VITOSOL. voor de gebruiker van de installatie NL 3/2009 Bewaren a.u.b.!

Bestnr Toerentalregelaar voor ventilator

Bedieningsvoorschriften

Bedieningshandleiding

VIESMANN. Bedieningshandleiding VITOSOL-F VITOSOL-T. voor de gebruiker van de installatie. Vlakke plaatcollectoren en vacuümbuiscollectoren

TDS 75. NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer

voor de gebruiker van de installatie Bewaren a.u.b.!

Professional Supplies EIERKOOKAPPARAAT. Modelnr.: *

Geachte klant, de specifieke gasketel Logano G234X TH van Buderus werd volgens de laatste technologische ontwikkelingen en de meest recente veiligheid

VIESMANN. Bedieningshandleiding. Calorimeter. voor de gebruiker van de installatie. Calorimeter voor zonne-installaties met warmteoverdrachtsmedium

Altijd aan uw zijde. Gebruiksaanwijzing WE 70 BM. BEnl

VIESMANN. Bedieningshandleiding VITOVOLT 200. voor de gebruiker van de installatie NL 11/2016 Bewaren a.u.b.!

VIESMANN. Montagehandleiding. Accessoires voor gesloten werking. Aanwijzingen voor de installatie. Veiligheidsvoorschriften. Luchttoevoersystemen

VIESMANN. Bedieningsaanwijzing ANALOGE SCHAKELKLOK. voor de gebruiker van de installatie. voor Vitodens B/fl 03/2008 Bewaren a.u.b.!

BlueBurn. De goedkoopste betrouwbare pelletketel. Inspired by Stroomop licensed by ÖkoFEN

Bedieningsvoorschrift

Bedieningsvoorschrift

GEBRUIKSAANWIJZING (NL)

Heteluchtkanon HP18 / HP 30 / HP 45 RVS BEDRIJFSVOORSCHRIFTEN


Uw gebruiksaanwijzing. ZANUSSI ZK630LN 09O

Voor de gebruiker. Gebruiksaanwijzing. allstor. Bufferboiler

Bedieningsrichtlijnen Weishaupt Thermo Condens WTC 15-A WTC 25-A WTC 32-A

Installatie en gebruikshandleiding

Verzorging en reiniging

Veiligheidsinstructies Belangrijk: Lees deze instructies zorgvuldig voor u de heater in elkaar zet en gebruik neemt, en volg ze na.

VIESMANN. Montagehandleiding. Verwarmingswater-doorstroomtoestel. Veiligheidsinstructies. voor de installateur

Pelletketel P4 Pellet 8-105

Bedieningsinstructie

Gebruikers- en service-instructie

HANDLEIDING. Sesame. Thermoplastic Tank Technologies

GEBRUIKSAANWIJZING (NL)

VIESMANN. Montagehandleiding. Gascombiregelaar vervangen. Veiligheidsvoorschriften. Vitodens openen. voor de vakman

Voor buitenunit van de Vitocal 200-S/222-S/242-S en Vitocaldens 222-F

8.2 STORINGSLIJST PROBLEEM OORZAAK OPLOSSING Regelpaneel Geen stroomtoevoer naar Controleer of de stekker aangesloten is

VIESMANN. Montage- en servicehandleiding VITOTROL 200A. voor de vakman. Vitotrol 200A. Afstandsbediening, bestelnr

Montagehandleiding en gebruiksaanwijzing centrifugaalpomp RC-Pomp

GEBRUIKSAANWIJZING EIGENSCHAPPEN VOOR HET GEBRUIK

ZEUS PYRO. Werking volgens onderdruk principe. Rendement 82-90% Geringe afmetingen. Ingebouwde veiligheidskoelspiraal

3 WEG- OMSCHAKELKLEP. Installatie- en gebruikershandleiding. voor warmtapwaterlading. USV 1" bu USV 5/4" bu USV 6/4" bi

INSTRUCTIEBOEKJE HG800P / HG1200R. hydrofoorgroepen

SUNSHOWER PURE HANDLEIDING MANUAL ANLEITUNG

VIESMANN. Montagehandleiding. MatriX-stralingsbrander. voor de vakman

VIESMANN. Bedieningshandleiding VITOVOLT 300. voor de gebruiker van de installatie NL 9/2014 Bewaren a.u.b.!

NE1.1. Neutralisatie-eenheid. Voor gebruik bij condensatieketels voor gas. Installatie- en onderhoudshandleiding voor de installateur

Bedieningshandleiding

JBY 08 O Digitale badthermometer Gebruikshandleiding

Ysen. Manual. 1 Harrie Leenders Haardkachels BV Manual Ysen, wijzigingen voorbehouden, oktober 2014.

SCHOONMAAKHANDLEIDING GREENFIRE

VIESMANN. Gebruiksaanwijzing VITOTRONIC 100. voor de gebruiker van de installatie

Biomassa Hernieuwbare energie in gebouwen Vlaamse confederatie bouw

GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING

Dia mkii installatie. Benodigde materialen en gereedschappen. min x x45 0 min. 850

Gebruiksaanwijzing. Elektrische boiler B.E. MV 50 L L B.E. MH 100 L L. BE (nl)

Bedienings- en servicehandleiding

Nederlands 3 English 7 Français 11 Deutsch 15 Español 19 Italiano 23

VIESMANN. Montage- en servicehandleiding VITOTROL 300A. voor de vakman. Vitotrol 300A. Afstandsbediening, bestelnr

GEBRUIKSAANWIJZING (NL)

ALGEMENE AANWIJZINGEN VOOR VERLICHTINGSARMATUREN

Harde schijf (met montagebeugel) Gebruiksaanwijzing

Byzoo Sous Vide Hippo

VIESMANN. Montagehandleiding VITOTRANS 300. voor de vakman. Vitotrans 300

Viesmann. Montage- en servicehandleiding. Blusinrichting. Veiligheidsinstructies. voor de vakman. voor Vitoligno 300-H

Tuincontactdoos met piket

Gebruiksaanwijzing FEW 200 ME FEW 300 ME. NL, BEnl

VIESMANN. Montage-aanwijzing VITOLA 100. voor de vakman. Vitola 100 Type VC1A, 15 tot 33 kw Olie-/gasketel

VIESMANN. Montagehandleiding VITOTROL 100. voor de vakman. Vitotrol 100 type UTDB. Kamertemperatuurregelaar met digitale schakelklok

Altijd aan uw zijde. Gebruiksaanwijzing B.E. MV 50 L L B.E. MH 100 L L. BEnl

F05, F15, F18 230V~AC HOT HOT OFF OFF COLD COLD

/2000 BE (NL)

Gasdiafragma vervangen

VIESMANN. Montagehandleiding. Gascombiregelaar vervangen. Veiligheidsvoorschriften. Vitodens openen. voor de vakman

Installatie en bedieningsvoorschriften

MS Semen Storage Pro

Montagevoorschrift. UBA3-module xm10 voor montage in de verwarmingsketel evenals voor wandmontage /2004 NL Voor de vakman

C40. Compressor Cooler Instruction Manual 4. Kompressor-Kühlbox Bedienungsanleitung 11. Glacière à compression Notice d emploi 18

Rookgascollector voor een installatie met 2 ketels

Adapters en verloopmoeren van metaal

ALVORENS DE KOOKPLAAT TE GEBRUIKEN Blz. 19. ADVIEZEN VOOR MILIEUBESCHERMING Blz. 19. WAARSCHUWINGEN EN ALGEMENE WENKEN Blz. 19

Bedieningsvoorschrift

AR280P Clockradio handleiding

Bedieningshandleiding voor de gebruiker Logano GB125 met brander Logatop BE

Introductie voorstelling

Pelletketel PE1 Pellet (Touch)

Transcriptie:

Gebruikshandleiding PELLEMATIC PE 8 32 FA V2.00 Pelletronic TOUCH NEDERLANDS PE 149 FA_NL 1.0 Specialist in Europa voor pelletverwarming

Titel: Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 Model: PE 149 FA_NL 1.0 Versie: 1.0 Versie geldig vanaf: 02/2013 Vrijgave Humberger Stephan Schrijver: ÖkoFEN Forschungs- und EntwicklungsgesmbH Technische redactie Gewerbepark 1 A-4133 Niederkappel AUSTRIA Tel.: 0043(0)7286/7450 Fax: 0043(0)7286/7450/10 oekofen@pelletsheizung.at www.oekofen.com by ÖkoFEN Forschungs- und EntwicklungsgesmbH Technische wijzigingen voorbehouden!

Inhoud 1 Geachte klant!... 4 2 Correct gebruik... 5 3 Opbouw van de veiligheidsinstructies... 6 4 Gevaaraanwijzingen en veiligheidsvoorschriften... 7 4.1 Fundamentele veiligheidsvoorschriften... 7 4.2 Gevaaraanduidingen... 7 4.3 Wat te doen in noodsituaties... 8 5 Voorwaarden voor het opstellen van een pelletketel... 9 5.1 Richtlijnen en normen om een pelletketel op te stellen... 9 5.2 Verwarmingsruimte... 9 5.3 Rookgassysteem... 10 5.4 Veiligheidsinrichtingen... 11 5.5 Bedrijf van een pelletketel met een bestaande ketel... 11 6 Brandstof... 12 6.1 Specificatie voor hoogwaardige pellets volgens EN 14961 2, klasse A1... 12 6.2 De pellets bewaren... 12 7 Productbeschrijving... 13 7.1 De Pellematic... 14 7.2 Pelletschroefsysteem... 16 7.3 Opslagsystemen... 16 8 De Pellematic bedienen... 17 8.1 De verwarmingsinstallatie bedienen... 17 8.2 Beschrijving van het bedieningspaneel... 17 8.3 Taal, datum en tijd instellen... 18 8.4 Menuopbouw... 20 8.5 De aslade leegmaken... 22 8.6 De asbox leegmaken... 23 9 Onderhoud en service... 24 9.1 Onderhoud... 24 9.2 Jaarlijkse ketelreiniging... 24 9.3 Onderhoudsintervallen... 27 9.4 Reparaties... 27 9.5 Controlewerkzaamheden in de verwarmings- en opslagruimte... 27 10 Storingen... 28 PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

Geachte klant! 4 1 Geachte klant! ÖkoFEN is specialist voor pelletverwarmingen in Europa. Wij brengen deskundigheid, innovatief vermogen en kwaliteit samen. In deze traditie geeft ÖkoFEN vorm aan de toekomst. Het verheugt ons dat u een product van ÖkoFEN hebt aangeschaft. Deze handleiding helpt u het apparaat veilig, vakkundig en rendabel te bedienen. Lees de handleiding helemaal door en neem de veiligheidsvoorschriften in acht. Bewaar alle documentatie die bij dit apparaat wordt geleverd, zodat u de informatie kunt raadplegen wanneer dat nodig is. Wanneer u het apparaat op een later tijdstip overdraagt, dient u de documentatie mee te leveren. De montage en ingebruikneming moeten door een erkende installateur/verwarmingsmonteur worden uitgevoerd. Voor verdere vragen kunt u contact opnemen met uw erkende vakkundige adviseur. ÖkoFEN heeft de ontwikkeling van nieuwe producten hoog in het vaandel staan. Onze Onderzoeks- & Ontwikkelingsafdeling onderzoekt beproefde oplossingen steeds opnieuw en werkt voortdurend aan verbeteringen. Daardoor weten we onze voorsprong in technologie te behouden. Voor onze producten hebben wij al verschillende onderscheidingen in binnen- en buitenland ontvangen. Onze producten voldoen aan Europese eisen op het gebied van kwaliteit, efficiëntie en emissies. Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

Correct gebruik 5 2 Correct gebruik De Pellematic-pelletverwarmingsinstallatie is ontworpen voor de verwarming van verwarmings- en drinkwater in een- of meergezinswoningen of kantoorgebouwen. Een andere toepassing van de Pellematic-pelletverwarmingsinstallatie is niet toegestaan. Redelijkerwijs voorspelbare verkeerde toepassingen van de Pellematic-verwarmingsinstallatie zijn niet bekend. De Pellematic voldoet aan alle voor dit type apparaat relevante richtlijnen, verordeningen en normen in het kader van de conformiteitverklaring van de CE-markering. EU-richtlijnen 2006/42/EG 2006/95/EG 2001/95/EG 2004/108/EG Aanduiding Richtlijn voor machines Laagspanningsrichtlijn Productveiligheidsrichtlijn Richtlijn over elektromagnetische compatibiliteit van apparatuur De volgende geharmoniseerde normen zijn toegepast: Normen Aanduiding EN 303 5 Verwarmingsketel deel 5 EN 14961 2 Pellets voor niet-industriële toepassing De volgende nationale normen, richtlijnen en specificaties zijn toegepast: Normen TRVB H 118 Aanduiding Technische richtlijn voor brandpreventie PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

Opbouw van de veiligheidsinstructies 6 3 Opbouw van de veiligheidsinstructies De veiligheidsvoorschriften worden aangeduid met symbolen en signaalwoorden. Opbouw van de veiligheidsinstructies 1. Letselrisico 2. Gevolgen van het gevaar 3. Vermijden van het gevaar 1. Letselrisico: Gevaar geeft een situatie aan die fataal of levensbedreigend letsel tot gevolg kan hebben. Waarschuwing geeft een situatie aan die onder omstandigheden levensbedreigend kan zijn of ernstig letsel tot gevolg kan hebben. Attentie geeft een situatie aan die licht letsel tot gevolg kan hebben. Aanwijzing geeft een situatie aan die materiële schade tot gevolg heeft. 2. Gevolgen van het gevaar Effecten en gevolgen bij verkeerde bediening. 3. Vermijden van het gevaar Het inachtnemen van de instructies maakt een veilige bediening van de verwarmingsinstallatie mogelijk. Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

Gevaaraanwijzingen en veiligheidsvoorschriften 7 4 Gevaaraanwijzingen en veiligheidsvoorschriften Het in acht nemen van de instructies is voorwaarde voor een veilige bediening van de verwarmingsinstallatie. 4.1 Fundamentele veiligheidsvoorschriften Breng uzelf nooit in gevaar. Uw eigen gezondheid staat bovenaan. Houd kinderen verwijderd van de verwarmings- en opslagruimte. Leef alle veiligheidsvoorschriften na die aan de ketel zijn aangebracht of die in deze bedieningshandleiding staan. Leef alle onderhouds-, service- en reinigingsvoorschriften na. Uitsluitend een bevoegde installateur mag de pelletinstallatie installeren en in bedrijf nemen. De vakkundige installatie en inbedrijfname is de voorwaarde voor een veilig en economisch bedrijf. Breng in geen geval veranderingen aan de verwarmingsinstallatie of de rookgasafvoerinstallatie aan. Sluit of verwijder nooit geen veiligheidskleppen. 4.2 Gevaaraanduidingen Rookgasvergiftiging Zorg ervoor dat de pelletketel voldoende verbrandingslucht krijgt. Openingen van de verbrandingsluchttoevoer mogen nooit geheel of gedeeltelijk zijn afgesloten. Ventilatieapparatuur voor woonruimten, centrale stofafzuiginstallaties, luchtafzuigventilatoren, klimaatregelingen, uitblaasventilatoren, drogers en dergelijke apparaten mogen in geen geval lucht uit de verwarmingsruimte aanzuigen en geen onderdruk in de verwarmingsruimte produceren. De ketel moet via een dichte rookgaspijp verbonden zijn met de schoorsteen. Reinig regelmatig de schoorsteen en de rookgaspijp. Verwarmings- en pelletsopslagruimten moeten een passende ventilatie en ontluchting hebben. Voordat u de opslagruimte betreedt, moet deze voldoende zijn gelucht en moet de verwarmingsinstallatie zijn uitgeschakeld. Gevaar voor elektrische schokken Schakel de installatie uit voordat u enige werkzaamheden aan de ketel verricht. Explosiegevaar Verbrand nooit benzine, dieselolie, motorolie of andere explosieve stoffen of materialen. Gebruik nooit vloeistoffen of chemicaliën om de pellets aan te steken. Voordat u de opslagruimte vult, moet u de verwarmingsinstallatie uitschakelen. PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

Gevaaraanwijzingen en veiligheidsvoorschriften 8 Brandgevaar Sla nooit brandbare materialen op in de verwarmingsruimte. Hang geen wasgoed op in de verwarmingsruimte. Sluit altijd de keteldeur. Verbrandingsgevaar Raak de rookgaskast en de rookgaspijp niet aan. Grijp niet in de asruimte. Draag handschoenen wanneer u de aslade leegt. Reinig de ketel uitsluitend wanneer deze koud is. Snijwonden door scherpe onderdelen. Draag handschoenen bij alle werkzaamheden aan de ketel. Materiële schade Verwarm de Pellematic-pelletinstallatie uitsluitend met pellets die voldoen aan de norm, EN 14961-2 klasse A1 en A2. Materiële schade Laat de verwarmingsinstallatie niet draaien wanneer deze of delen ervan in contact zijn gekomen met water. Laat de verwarmingsinstallatie bij waterschade controleren door een ÖkoFEN-servicemonteur en vervang beschadigde onderdelen. 4.3 Wat te doen in noodsituaties Levensgevaar Breng uzelf nooit in gevaar. Uw eigen gezondheid staat bovenaan. Wat te doen bij brand Schakel de verwarmingsinstallatie uit. Bel de brandweer. Gebruik een goedgekeurde brandblusser (brandklasse ABC). Wat te doen bij een rookgasgeur Schakel de verwarmingsinstallatie uit. Sluit de deuren naar de woonruimten. Ventileer de verwarmingsruimte. Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

Voorwaarden voor het opstellen van een pelletketel 9 5 Voorwaarden voor het opstellen van een pelletketel Voor het gebruik van een volautomatische pelletketel moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan. 5.1 Richtlijnen en normen om een pelletketel op te stellen Overzicht van de relevante normen en richtlijnen bij de opstelling van een pelletketel. Controleer of voor het bouwen of verbouwen van de verwarmingsinstallatie een meld-, vergunnings- of toewijzingsplicht geldt. Hierbij moet u de landelijke voorschriften in acht nemen. Rookgasafvoersysteem EN 13384 1 Hierbij moet u de landelijke voorschriften in acht nemen. Bouwtechnische voorschriften en voorschriften voor brandpreventie Opstellingswijze 5.2 Verwarmingsruimte FC 42x FC 52x De verwarmingsruimte is de opstellingsruimte van de pelletketel. 1. Veiligheidsvoorschriften voor de verwarmingsruimte Hierbij moet u de landelijke voorschriften in acht nemen. Verbrandingstoestel met rookgasventilator aan te sluiten aan een luchtafzuigsysteem. De verbrandingsluchtleiding van de luchtschacht en het verbindingsstuk naar de schoorsteen zijn bestanddeel van het verbrandingstoestel. Verbrandingstoestel met rookgasventilator aan te sluiten aan een schoorsteen. De verbrandingsluchtleiding uit de omgeving en het verbindingsstuk naar de schoorsteen zijn bestanddeel van het verbrandingstoestel. Brandgevaar Sla geen brandbare materialen of vloeistoffen op in de buurt van de pelletketel. Laat uitsluitend bevoegde personen toe tot de verwarmingsruimte; houd kinderen ver verwijderd. Sluit altijd de keteldeur. 2. Ventilatie en ontluchting van de verwarmingsruimte De verwarmingsruimte moet over ventilatie- en ontluchtingsopeningen beschikken (ten minste 200cm²). Hierbij moet u de landelijke voorschriften in acht nemen. 3. Toevoer van verbrandingslucht De pelletketel heeft verbrandingslucht nodig. De toevoer van verbrandingslucht kan: a. Ruimteluchtafhankelijk via de ventilatie- en ontluchtingsopening van de verwarmingsruimte plaatsvinden. b. Ruimteluchtonafhankelijk via een afzonderlijke toevoerleiding rechtstreeks van buitenaf plaatsvinden. De diameter van deze toevoerleiding moet voor PE 08 PE(S) 32 minimaal 100 mm bedragen. Bij PES 36-56 ruimteluchtonafhankelijk bedrijf op aanvraag. Laat de pelletketel nooit branden met verkleinde of afgesloten toevoerluchtopeningen. Verontreinigde verbrandingslucht kan leiden tot schade aan de pelletketel. Bewaar of gebruik bij ruimteluchtafhankelijk bedrijf nooit chloorhoudende, nitrohoudende of halogeenhoudende reinigingsmiddelen in de verwarmingsruimte. Droog geen wasgoed in de verwarmingsruimte. PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

Voorwaarden voor het opstellen van een pelletketel 10 Vermijd stofophoping in de buurt van de opening waar de pelletketel de verbrandingslucht aanzuigt. 4. Installatieschade door vorst en luchtvochtigheid De verwarmingsruimte moet vorstveilig zijn, om een storingsvrij bedrijf van de verwarmingsinstallatie te garanderen. De temperatuur van de verwarmingsruimte mag niet lager worden dan 3 C en niet hoger worden dan +30 C. De luchtvochtigheid in de verwarmingsruimte mag maximaal 70% bedragen. 5. Gevaar voor dieren Verhinder dat huisdieren en andere kleine dieren in de verwarmingsruimte komen. Breng bij de openingen geschikte tralies aan. 6. Hoogwater Schakel bij hoogwatergevaar de pelletketel vroeg genoeg uit en haal hem van het lichtnet, voordat er water in de verwarmingsruimte komt. U moet alle componenten die in contact zijn gekomen met water, vernieuwen voordat u de pelletketel weer in gebruik neemt. 5.3 Rookgassysteem Het rookgassysteem bestaat uit schoorsteen en rookgaspijp. De rookgaspijp verbindt de pelletketel met de schoorsteen. Via de schoorsteen worden de rookgassen uit de pelletketel in de open lucht afgevoerd. 1. Schoorsteenconstructie De afmetingen en de constructie van de schoorsteen zijn erg belangrijk. De schoorsteen moet onder alle bedrijfsomstandigheden voldoende onderdruk geven, zodat de rookgassen goed worden afgevoerd. Lage rookgastemperaturen kunnen bij ongeïsoleerde schoorstenen leiden tot roetvorming en vochtschade aan de schoorsteen. Gebruik daarom een vochtbestendige schoorsteen = RVS of keramiek. Een schoorsteen van kunststof is voor een pelletverwarming in principe niet toegestaan. Een bestaande schoorsteen die niet vochtbestendig is, moet u op de juiste wijzen saneren. Ketelgrootte PE 8 PE(S) 12 PE(S) 15 PE(S) 20 PE(S) 25 PE(S) 32 Diameter rookgaspijp (bij de ketel) mm 130 130 130 130 150 150 180 180 180 Schoorsteendiameter volgens de schoorsteenberekening, EN 13384 1 Schoorsteenuitvoering vochtbestendig PES 36 PES 48 PES 56 2. Rookgastemperatuur De rookgastemperaturen zijn bij alle keteltypen gelijk: Keteltype PE(S) 8, 12, 15, 20, 25, 32, 36, 48, 56 Rookgastemperatuur AGT nominale capaciteit 160 C Rookgastemperatuur AGT deellast 100 C Het dauwpunt van rookgassen ligt bij houtpellets (watergehalte maximaal 10%) bij circa 50 C. Het is mogelijk de rookgastemperatuur te verhogen, om condensatie in de schoorsteen te verhinderen en schade aan de schoorsteen te vermijden. Uitsluitend een bevoegde vakman mag de temperatuur van de rookgassen verhogen. Neem in acht: Een hogere rookgastemperatuur geeft een lager rendement en een hoger brandstofverbruik. 3. Schoorsteentrek Bereken de schoorsteendiameter volgens schoorsteenberekening EN 13 384 1. De zuigwerking van de schoorsteentrek moet tot aan de pelletketel werken. De hoeveelheid rookgas die de schoorsteen afvoert, begrenst het maximale vermogen van de pelletketel. Wanneer de diameter van uw bestaande schoorsteen te klein is, moet u het ketelvermogen verminderen. Uitsluitend een bevoegde vakman mag dat doen. Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

Voorwaarden voor het opstellen van een pelletketel 11 Een te sterke schoorsteentrek geeft grotere stilstandverliezen en een lager rendement van de verwarmingsinstallatie. We adviseren u een schoorsteentrekregelaar te monteren. De schoorsteentrekregelaar wordt direct in de rookgaspijp of de schoorsteen gemonteerd. Dat geldt niet voor pelletketels met condensatiewarmtewisselaar. Hierbij moet u de landelijke voorschriften in acht nemen. 4. Reiniging Reinig de rookgaspijp en de schoorsteen regelmatig. Oxideren van de schoorsteen Gebruik voor het reinigen van een RVS schoorsteen of RVS rookgaspijp geen staalborstel. Hierbij moet u de landelijke voorschriften in acht nemen. 5.4 Veiligheidsinrichtingen De volgende veiligheidsinrichtingen zijn voorwaarde voor een veilig bedrijf van uw installatie. Noodstopknop Iedere verwarmingsinstallatie moet uitschakelbaar zijn met een NOODSTOP-knop. De NOODSTOP-knop moet zich buiten de verwarmingsruimte bevinden. Veiligheidsklep De hydraulische installatie moet voorzien zijn van een veiligheidsklep. Wanneer de druk in de verwarmingsinstallatie hoger wordt dan maximaal 3 bar, opent de klep. De veiligheidsklep: -moet op het hoogste punt van de ketel zijn gemonteerd -mag niet blokkeerbaar zijn, -mag zich maximaal 1 m van de ketel bevinden. Veiligheidstemperatuurbegrenzer De pelletketel is uitgerust met een veiligheidstemperatuurbegrenzer. Deze bevindt zich aan de pelletketel. Wanneer de keteltemperatuur hoger wordt dan 95 C, schakelt de installatie uit. Exapansievat Elke verwarmingsinstallatie moet uitgevoerd worden met een exapansievat. De installateur moet het volume van het expansievat aanpassen aan de omvang van de verwarmingsinstallatie. Inbedrijfname De inbedrijfname mag uitsluitend door een erkend servicetechnicien uitgevoerd worden.. 5.5 Bedrijf van een pelletketel met een bestaande ketel In de afzonderlijke Europese landen zijn er wat dit betreft verschillende bepalingen. Hierbij moet u de landelijke voorschriften in acht nemen. PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

Brandstof 12 6 Brandstof Houtpellets zijn onder grote druk uit natuurzuiver hout (droge schaaf- of zaagspanen) geperste rolletjes, met extreem weinig vocht en zeer hoge verbrandingswaarde. De Europese norm EN 14961 2 regelt de productie van houtpellets. 6.1 Specificatie voor hoogwaardige pellets volgens EN 14961 2, klasse A1 Verbrandingswaarde 4,6 5,3 kwh/kg respectievelijk 16,5 19 MJ/kg Stortgewicht min. 600 kg/m³ Watergehalte max. 10% Asaandeel max. 0,7% Assmeltpunt min. 1.200 C Lengte max. 40 mm Diameter 6 mm Aandeel fijn materiaal max. 1% Inhoud 100% natuurzuiver hout De pelletketel is uitsluitend geschikt voor pellets van natuurzuiver hout volgens EN 14961 2 klasse A1 met een diameter van maximaal 6 mm! Door het gebruik van niet-pelletvormige brandstoffen of van pellets die niet van natuurzuiver hout zijn gemaakt, vervalt de garantie en wordt schade aan pelletketel en schoorsteen veroorzaakt. Gebruik uitsluitend kwaliteitspellets van fabrikanten die zijn gecertificeerd door ENplus, DINplus of de Oostenrijke Ö-norm. Meer informatie over brandstoffen vindt u op de startpagina: www.oekofen.com 6.2 De pellets bewaren 1. Bewaar de pellets uitsluitend in een ruimte die het hele jaar droog is. 2. Plaats bij licht vochtige wanden een aan de achterzijde geventileerde voorzetwand of gebruik een textiele pelletsilo. 3. Let op ons hulpschema voor pelletopslagruimtes en de daar aangegeven aanwijzingen. 4. Hierbij moet u de landelijke voorschriften ten aanzien van bouwtechnische eisen aan opslagruimtes in acht nemen. 5. ÖkoFEN biedt u ook de mogelijkheid de pellets in een FleXILO textiele pelletsilo op te slaan. Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

Productbeschrijving 13 7 Productbeschrijving De beschrijving van het product geeft u een overzicht van de onderdelen van een ÖkoFEN-pelletverwarmingsinstallatie, de onderdelen van de pelletketel en waar u meer informatie vindt. In het totaalconcept van ÖkoFEN zijn er voor ieder onderdeel verschillende typen en grootten. Ze zijn uitwisselbaar en op elkaar afgestemd. De ÖkoFEN-pelletverwarmingsinstallatie bestaat uit drie onderdelen 1 Pelletketel Pellematic 2 Transportsysteem 3 Opslagsysteem - opslagruimte of textiele pelletsilo Pelletketel met opslagruimte Pelletketel met textiele pelletsilo PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

Productbeschrijving 14 7.1 De Pellematic De Pellematic is uitgerust met een automatische reinigingsinrichting, een aslade met ascomprimering en een geïntegreerde retourstemperatuurverhoging. De gebruiksgereed gemonteerde, programmeerbare regeling maakt een volautomatisch bedrijf en hoogste efficiëntie mogelijk. Optioneel biedt ÖkoFEN u met de automatische asafvoer de geringste vervuiling en het hoogste comfort. Pellematic vermogenswaarden en typen ÖkoFEN biedt de Pellematic met de volgende vermogens aan: Schroefsystemen in de groottes: 8, 12, 15, 20, 25 en 32 kw; Deze vermogens zijn leverbaar met een inwendige aslade of met een externe asbox met automatische asafvoer. Neem in acht: Het vermogen van de Pellematic leest u op het typeplaatje. Het typeplaatje bevindt zich aan de achterkant van de Pellematic. Daar vindt u ook de typeaanduiding, het fabrikantnummer en het bouwjaar. De onderdelen van de Pellematic 1 Ketellichaam (warmtewisselaar) 3 Externe asbox (optioneel) 2 Brander 4 Ketelregeling Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

Productbeschrijving 15 1 Multisegmentbrandschaal 9 Terugbrandbeveiliging BSK 2 Vlampijp 10 Verbrandingsluchtaanjager 3 Warmtewisselaar 11 Externe asbox (optioneel) 4 Ketelwater 12 Brandervijzel 5 Ketelisolatie 13 Elektrische ontsteking 6 Deksel verbrandingsruimte 14 Asafvoer (optioneel) 7 Zuigturbine 15 Asruimte 8 Tussenvoorraad PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

Productbeschrijving 16 7.2 Pelletschroefsysteem Het pelletschroefsysteem bestaat uit een extractiemotor, flexibele slang, stijgschroef met knie of extractieschroef met doseereenheid. Onderdelen van het pelletschroefsysteem 1 Stijgschroef Voedingsschroef met aandrijfeenheid en knie (verbinding tussen de extractieschroef en de pelletketel) 2 Voedingsschroef Voedingsschroef met aandrijfeenheid en knie (verbinding tussen de extractieschroef en de pelletketel) Var. A Opslagruimte Var. B Textiele pelletsilo 7.3 Opslagsystemen Sla pellets óf in een opslagruimte met uitvoervijzel (variant A) op óf in de FleXILO textiele pelletsilo (variant B). Plaats FleXILO textiele pelletsilo's in de verwarmingsruimte, opslagruimte of in de open lucht, beschermd tegen vocht en zonlicht. Materiële schade en garantieverlies De combinatie van een ÖkoFEN-pelletketel met opslag- en uitvoersystemen van andere fabrikanten is niet toegestaan. 7.3.1 Pelletsopslagruimte De pelletsopslagruimte met ruimte-uitvoervijzel is onderdeel van de ÖkoFEN-pelletverwarmingsinstallatie. De schuine bodem moet ter plaatse worden gemaakt. Informatie en belangrijke aanwijzingen voor het bouwen van opslagruimtes vindt u in de ÖkoFEN-ontwerptekeningen en onder www.oekofen.com. Leef de aanwijzingen voor het bouwen van de schuine bodem na. Informatie over de montage van de ruimte-uitvoervijzel vindt u in de montagehandleiding van de ruimte-uitvoervijzel. 7.3.2 Textiele pelletsilo FleXILO Het gehele textiele pelletsilosysteem is onderdeel van de ÖkoFEN pelletverwarmingsinstallatie. ÖkoFEN biedt verscheidene grootten en typen aan. De geleverde textiele pelletsilo kan daarom afwijken van de afbeelding hierboven (voorbeeldafbeelding). Informatie over de montage vindt u in de Montagehandleiding textiele pelletsilo. Leef de vulhandleiding en de opstelaanwijzingen na. Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

De Pellematic bedienen 17 8 De Pellematic bedienen De pelletverwarmingsinstallatie is een automatische verwarmingsinstallatie. Alle onderdelen van de pellettoevoer en de verbranding worden automatisch geregeld door middel van een elektronische ketelregeling en de verwarmingscircuitregelaar. 8.1 De verwarmingsinstallatie bedienen Materiële schade op basis van ondeskundige bediening of verkeerde instellingen. Uitsluitend opgeleide bedieners mogen de verwarmingsinstallatie bedienen. Zorg ervoor dat onbevoegden geen toegang krijgen tot de verwarmingsruimte. Houd kinderen verwijderd van de verwarmings- en opslagruimte. Brandgevaar Laat de ketel uitsluitend branden met een gesloten keteldeur. 8.2 Beschrijving van het bedieningspaneel Het bedieningspaneel bevindt zich onder de klep, boven de frontbekleding van de ketel. 1 Bedieningsgedeelte Bediening van de ketelregeling en de verwarmingscircuitregelaar. 2 Hoofdschakelaar Scheidt de installatie tweepolig (ook de netvoeding van het bedieningsgedeelte). 3 Veiligheidstemperatuurbegrenzer Schakelt de installatie uit bij een keteltemperatuur van 95 C. De verwarmingscircuitregelaar blijft actief. PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

De Pellematic bedienen 18 8.3 Taal, datum en tijd instellen De taal instellen (In de aflevertoestand gebruikt het bedieningsgedeelte de Duitse taal) Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

De Pellematic bedienen 19 Datum instellen Tijd instellen PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

De Pellematic bedienen 20 8.4 Menuopbouw Het bedieningsgedeelte dient voor de bediening van de ketelreiniging en verwarmingscircuitregelaar Neem in acht: De menuniveaus voor de bediening van de verwarmingscircuitregelaar zijn uitsluitend actief wanneer een Pelletronic-verwarmingscircuitregelaar is geïnstalleerd. Materiële schade en garantieverlies Verander geen fabrieksinstellingen of instellingen van het beveiligde parameterniveau. Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

De Pellematic bedienen 21 De menuopbouw Neem in acht: De functies zijn beschreven in de gebruikershandleiding van de verwarmingscircuitregelaar Pelletronic Touch. PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

De Pellematic bedienen 22 8.5 De aslade leegmaken Verbrandingsgevaar Gebruik handschoenen. Raak nooit het ketellichaam aan. Brandgevaar Deponeer de as niet in een brandbaar vat. Deponeer de as niet op een brandbare vloer of op brandbaar materiaal. Deponeer de as pas wanneer deze volledig is afgekoeld. De aslade leegmaken Neem in acht: Controleer regelmatig (minstens iedere twee weken) of de aslade vol is en maak hem leeg. Wanneer de aslade vol is, verschijnt er op het bedieningsgedeelte geen aanwijzing voor het legen van de aslade (in tegenstelling tot tot de externe asbox). Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

De Pellematic bedienen 23 8.6 De asbox leegmaken Uitsluitend met externe asbox. Optioneel biedt ÖkoFEN de automatische externe asbox aan. Deze comprimeert de as zodat u de asbox minder vaak hoeft te legen. Ze maakt een stofvrije asafvoer mogelijk. Indien u deze optie bestelt, monteert de servicemonteur haar bij het plaatsen van de verwarmingsinstallatie. Een externe asbox kan achteraf worden gemonteerd. Neem in acht: Wanneer de asbox vol is, verschijnt in het venster As!!! of een storingsmelding Asbox vol Wanneer u de verwarmingsinstallatie langere tijd geheel uitschakelt, moet u eerst de asbox en de asafvoer legen. Verbrandingsgevaar Laat de as afkoelen, voordat u de asbox leegt. PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

Onderhoud en service 24 9 Onderhoud en service Regelmatige controles van de pelletverwarmingsinstallatie zijn voorwaarde voor een betrouwbaar, efficiënt en milieuvriendelijk bedrijf. 9.1 Onderhoud Nazicht, onderhoud van de ketel en reiniging van de verbindingsleiding is minstens 1x jaar, of 1x per 2000 bedrijfsuren (voor PES36-56) uit te voeren. Bij naar slakvorming neigende pellets (assmeltpunt < 1300 C) en pellets met een hogere densiteit (>650 kg/m³) moet de brandschaal op geregelde tijdstippen bijkomend gereinigd worden. 9.2 Jaarlijkse ketelreiniging De pelletketel is uitgerust met een automatische reinigingsinrichting, die de warmtewisselaar dagelijks reinigt. Bovendien moet u eenmaal per jaar (vóór het begin van het stookseizoen) een algemene handmatige ketelreiniging verrichten. De reiniging van de pelletketel is na 3 jaar door een ÖkoFEN technieker uit te voeren. Verbrandingsgevaar Reinig de ketel uitsluitend wanneer deze koud is. Schakel de verwarmingsinstallatie minimaal 6 uur uit voordat u haar opent. Schakel de installatie met de hoofdschakelaar stroomloos voordat u onderhoudswerkzaamheden verricht. Snijwonden door scherpe onderdelen. Gebruik handschoenen. Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

Onderhoud en service 25 Handelswijze bij de ketelreiniging PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

Onderhoud en service 26 Vermindering van het ketelvermogen en schade aan de pelletketel door verstopping van de luchttoevoer Reinig de luchttoevoeren, de branderplaat en de vlampijp. Neem in acht: De aparte delen van de multisegmentbrandschaal mogen niet afgenomen worden. Reiniging Rookgasventilator: Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

Onderhoud en service 27 9.3 Onderhoudsintervallen In veel Europese landen bestaan wettelijke verplichtingen voor onderhoudsintervallen en emissiemetingen. Neem contact op met uw bevoegde adviseur! ÖkoFEN adviseert u een onderhoudscontract af te sluiten met uw servicemonteur. 9.4 Reparaties Laat uitsluitend bevoegde vakmensen de reparaties verrichten. Gebruik uitsluitend originele ÖkoFEN-onderdelen. Het gebruik van andere onderdelen dan originele ÖkoFEN-onderdelen leidt tot het verlies van de garantie. 9.5 Controlewerkzaamheden in de verwarmings- en opslagruimte De regelmatige controle van een pelletverwarmingsinstallatie behoedt u voor storingen en het onverwacht uitvallen van de installatie. Verwarmingsruimte Controleer dat er geen brandbare materialen zijn opgeslagen in de verwarmingsruimte. Controleer dat er geen wasgoed in de verwarmingsruimte hangt. Controleer of er op het display van het bedieningsgedeelte geen storingsmeldingen staan. Controleer de rookgaspijp en de schoorsteen. Reinig deze regelmatig. Wanneer uw pelletverwarmingsinstallatie een automatische asafvoer heeft, moet u regelmatig het niveau van de aslade controleren en de lade legen. Opslagruimte Verstikkingsgevaar Ventileer de pelletsopslagruimte voordat u deze betreedt. Schakel de verwarmingsinstallatie uit voordat u de ruimte betreedt. Controleer het opslagniveau in de pelletsopslagruimte of textiele pelletsilo en bestel tijdig nieuwe pellets. PE 149 FA_NL 1.0 Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32

Storingen 28 10 Storingen Dit hoofdstuk beschrijft storingen, storingsmeldingen en aanwijzingen bij de pelletketel. Materiële schade en garantieverlies Laat uitsluitend bevoegde vakmensen de storingen verhelpen. Men maakt fundamenteel onderscheid tussen: 1. Storingen zonder storingsmeldingen op het scherm; 2. Storingen met storingsmeldingen op het scherm; 3. Aanwijzingen op het scherm; Neem in acht: Een gedetailleerde beschrijving van de storingsmeldingen vindt u in de montagehandleiding voor elektromonteurs en installateurs. 1. Storingen zonder storingsmeldingen op het scherm Er verschijnt niets op het scherm. Oorzaak: De storing oplossen: Onderbreking van de stroomvoorziening door een algemene stroomuitval. Aardlekschakelaar of zekering van de stroomkring uitgeschakeld. Hoofdschakelaar uitgeschakeld of NOODSTOP-knop ingedrukt. Schakel de aardlekschakelaar of zekering van de stroomkring in. Schakel de hoofdschakelaar in of de NOODSTOP-knop uit. Na het herstellen van de stroomvoorziening start de verwarmingsinstallatie automatisch. Neem in acht: Wanneer geen van de beschreven oorzaken van toepassing is, neemt u contact op met een erkend vakman. 2. Storingen met storingsmeldingen op het scherm Wanneer er een storing optreedt in de verwarmingsinstallatie, schakelt de installatie automatisch uit en verschijnt er op het scherm een toepasselijke storingsmelding. Een gedetailleerde beschrijving van de storingsmeldingen vindt u in de Pellematic-montagehandleiding. Neem contact op met een erkend vakman om de storing op te lossen 3. Aanwijzingen op het scherm Het scherm zegt: As!!! (uitsluitend bij pelletketels met externe asbox) De asbox is vol. Leeg de asbox niet, er volgen nog drie ontassingsprocessen. Vervolgens schakelt de verwamingsinstallatie uit. Het scherm geeft dan de storingsmelding: Aslade vol Maak de asbox leeg. Na het legen volgt een automatische terugstelling van de storingsmelding en start de verwarmingsinstallatie automatisch. Gebruikshandleiding Pellematic PE 8 32 PE 149 FA_NL 1.0

Producent: ÖkoFEN Forschungs- und EntwicklungsgesmbH Gewerbepark 1 A-4133 Niederkappel AUSTRIA Tel.: 0043(0)7286/7450 Fax: 0043(0)7286/7450/10 oekofen@pelletsheizung.at www.oekofen.com ÖkoFEN Belgium Harelbeeksestraat 36 B-8520 Kuurne Tel.: 0032 (0) 56 72 36 30 Fax: 0032 (0) 56 72 36 31 info@okofen.be www.okofen.be by ÖkoFEN Forschungs- und EntwicklungsgesmbH Technische wijzigingen voorbehouden!