INDIVIDUELE PRODUCTZORG

Vergelijkbare documenten
FA-MA106. Geneesmiddelontwerp

Docenten voor Docenten

FA-MA105. Medicatiebeleid

FA-MA101. Chronische aandoeningen

FA-MA104. Farmacie in praktijk

Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER)

Docenten voor Docenten FA-MA104 Farmacie in praktijk

FA-MA102. Farmacotherapie op maat

OER. Uitleg over de. Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER)

FA-MA107 POLYFARMACIE

Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen

Toetsregeling Praktijk en Principes van de Geneeskunde, eerste semester (MED-B1PPGSE1)

REGELS EN RICHTLIJNEN VOOR DE TENTAMENS EN EXAMENS IN DE MASTEROPLEIDING NANOSCIENCE

Inhoudsopgave : PARAGRAAF 4 EXAMEN 6 Artikel 4 Iudicium 6

Recepteerkunde. Product en bereiding van geneesmiddelen. Yvonne Bouwman-Boer Paul Le Brun Christien Oussoren Ria Tel Herman Woerdenbag

Studiewijzer. Bachelor Informatica. Inleiding Programmeren Studiejaar en semester: jaar 1, semester 1 (blok 1)

Inhoud. Voorwoord 1 0

Onderwijs- en examenregeling Masteropleiding Spaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen

REGELS EN RICHTLIJNEN VAN DE EXAMENCOMMISSIE VAN DE BACHELOROPLEIDING MOLECULAR SCIENCE & TECHNOLOGY

Onderwijs- en examenregeling Masteropleiding Dramaturgie. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling

Vastgesteld door de decaan van de faculteit Wiskunde&Informatica op 28 augustus 2003

Regels en Richtlijnen voor de bacheloropleiding Sociale Geografie en Planologie, College Sociale Wetenschappen

Examenreglement

EXAMENREGLEMENT 'BETONLABORANT BV'

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen

EXAMENREGELING TWEEDE JAAR PSYCHOLOGIE

Onderwijs- en examenregeling Masteropleiding Italiaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen

Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen van de Universiteit Leiden &

Bereiden en aseptisch handelen

EXAMENREGLEMENT 'METSELMORTELLABORANT BV'

Onderwijs- en examenreglement ONDERWIJS- EN EXAMENREGLEMENT DEFINITIES

Geen instemming met de OER van ACASA, deel A

U I T S P R A A K

REGELS EN RICHTLIJNEN VOOR TENTAMENS EN EXAMENS

MODEL REGELS EN RICHTLIJNEN EXAMENCOMMISSIE

REGELS EN RICHTLIJNEN VOOR DE TENTAMENS EN EXAMENS IN DE OPLEIDING LIFE SCIENCE & TECHNOLOGY

Dit reglement is een extract uit de Onderwijs- en Examenregeling van NOVI Hogeschool.

REGELS EN RICHTLIJNEN VOOR TENTAMENS EN EXAMENS

Reglement Examencommissie Bachelor Opleiding Biomedische Wetenschappen (Artikel 7.12b lid 3 WHW)

ONDERWIJS- EN EXAMENREGLEMENT DEFINITIES

PARAGRAAF 4 EXAMEN 6 Artikel 4 Iudicium (Cum Laude) 6

Inhoudsopgave : PARAGRAAF 4 EXAMEN 6 Artikel 4 Iudicium 6

Onderwijsregeling VI Keuzeonderwijs Bacheloropleiding Geneeskunde Curius+

Studiewijzer BACHELOR KUNSTMATIGE INTELLIGENTIE EXTRA KEUZENVAK VAK: C++ PROGRAMMEERMETHODEN

Studiehandleiding eigen vaardigheid basistoets Nederlands (studiegidsnr: 70710P06MY)

1 Inleiding Examencommissie Toelating Toelatingseisen Vrijstellingen De inrichting van toetsen...

Stralingshygiëne op deskundigheidsniveau 4A HET EXAMENREGLEMENT. Bij- en. Nascholingscursus. Radiologisch. Laborant

Life science & Technology

Reglement examencommissie (regels ex art. 7.12b, 3 e lid WHW)

Bijlage Onderwijs- en Examenregeling (OER) Master Programma van Pedagogische Wetenschappen. Faculteit der Gedrags- en Maatschappijwetenschappen

Inhoud Klaarmaken van het recept Ontvangst van het recept Aanschrijven en etiketteren Hulpmiddelen voor gebruik en gebruiksinstructies

Bereiden en aseptisch handelen

Onderwijs- en Examenregeling 2012/2013

U I T S P R A A K

Cursusinformatie PIAF opleiding nieuwe stijl 2013/2014

Introductie tot de cursus

Examenreglement Premaster Accounting & Control

REGELS EN RICHTLIJNEN VAN DE EXAMENCOMMISSIES VAN DE BACHELOR- EN MASTEROPLEIDINGEN

Reglement Examencommissie Geneeskunde Studiejaar 2015/2016. Master CRU2006

Bereiden in de apotheek

Veelgestelde vragen. Studentenstatuut en examens

Reglement Examencommissie Premasterprogramma Klinische Gezondheidswetenschappen studiejaar (regels ex art. 7.

Toetsregeling Vaardigheden B1.1

Reglement examencommissie. bacheloropleiding Rechtsgeleerdheid. Universiteit Utrecht

Schoolexamenreglement cursusjaar 2014/2015. College De Meer

SECTIE 1. REGELS MET BETREKKING TOT TENTAMEN PROCEDURE DE AANMELDING VOOR EEN SCHRIFTELIJK TENTAMEN OF TENTAMENONDERDEEL

Transcriptie:

INDIVIDUELE PRODUCTZORG cursuswijzer FA-MA103 Cursuswijzer Individuele Productzorg, FA-MA103 Masteropleiding Farmacie School of Pharmacy Faculteit Bètawetenschappen Universiteit Utrecht studiejaar 2016-2017

INHOUDSOPGAVE Inhoud Pagina 1. Algemene informatie 1.1 Doel en inhoud van de cursus 3 1.2 Plaats in het curriculum 5 1.3 Rooster en programma 6 1.4 Organisatie 7 2. Onderwijsvormen 2.1 Hoorcolleges 8 2.2 Onderwijsbijeenkomsten 8 2.3 Practica 9 3. Studiemateriaal 3.1 Literatuurbronnen 10 3.2 Materiaal voor het practicum 10 4. Toetsing 4.1 Inspanningsverplichting 11 4.2 Toetsonderdelen 11 4.3 Eindcijfer 12 4.4 Onvoldoende resultaat toetsonderdelen 12 4.5 Inzien en bespreken toetsen 12 4.6 Onvoldoende eindresultaat 12 5. Professionele en persoonlijke ontwikkeling 15 cursuswijzer MA103 pagina 2

1. ALGEMENE INFORMATIE 1.1 DOEL EN INHOUD VAN DE CURSUS Onder productzorg verstaan we de zorg voor een verantwoord geneesmiddel tot en met het moment van toedienen. De cursus Individuele Productzorg gaat over de zorg voor rationeel, werkzaam, effectief en veilig geneesmiddelgebruik voor de individuele patiënt. belang voor de beroepspraktijk De apotheker is als behandelaar verantwoordelijk voor juist geneesmiddelgebruik door de patiënt. Hij draagt er zorg voor dat de juiste patiënt het juiste geneesmiddel op de juiste wijze en het juiste tijdstip krijgt toegediend. De taken van de apotheker omvatten de zorg voor zowel de patiënt als voor het product. In de apotheek worden nog maar weinig geneesmiddelen voor patiënten bereid. Bereidingen gebeuren tegenwoordig grotendeels grootschalig in speciaal daarvoor toegeruste apotheken. In de apotheek daarentegen vindt steeds meer individuele productzorg plaats. Dit betreft het klaar maken van een geneesmiddel voor de individuele patiënt. Regelmatig wordt een beroep op de apotheker gedaan om een handelspreparaat voor toediening klaar te maken door het uit te vullen, om te pakken of om de toedieningwijze, -vorm of -route aan te passen. Dat houdt in dat een apotheker kennis moet hebben van de samenstelling en het ontwerp van handelspreparaten. taakgebieden en competenties In deze cursus staat het taakgebied Productzorg centraal (zie Box 1). Ook onderwerpen uit de taakgebieden Patiëntenzorg, Kwaliteitszorg en Onderzoek & Innovatie komen aan bod. In deze cursus wordt aandacht besteed aan de volgende competenties: farmaceutisch handelen/vakinhoudelijke bekwaamheid, kennis en wetenschap, professionaliteit en maatschappelijk handelen. De vakinhoudelijke bekwaamheid die je je tijdens de cursus eigen moet maken betreft vooral het ontwerp van individuele apotheekbereidingen, zowel steriel als niet-steriel. Ook het voor toediening gereed maken van steriele en niet-steriele handelspreparaten zal worden behandeld. Hierbij wordt veel aandacht besteed aan de rationale van het ontwerp met betrekking tot de biofarmaceutische eigenschappen, de invloed van de formulering op de farmacokinetiek en de plaats in de farmacotherapeutische behandeling. In het kader van de competentie kennis en wetenschap verdiep je je in relevante ontwikkelingen op het gebied van product- en patiëntenzorg en kun je wetenschappelijke informatie vertalen naar een bruikbare toepassing ten behoeve van de patiëntgerichte individuele productzorg. Je handelt aan het eind van de cursus als apotheker die een professionele verantwoordelijkheid heeft voor de keuze en de adviezen voor de farmaceutische behandeling van de individuele patiënt. Hierbij hoort een open, patiëntgerichte houding om samen met de patiënt (en voorschrijver) tot een optimale behandeling te komen. cursuswijzer MA103 pagina 3

Box 1 Taakgebieden en CanMEDS-model in de master Farmacie De eindtermen van de master Farmacie zijn geformuleerd rondom vijf taakgebieden: Productzorg, Patiëntenzorg, Medicatiebeleid, Kwaliteitszorg en Onderzoek. 1 In elke cursus in de master Farmacie komen ten minste twee van deze taakgebieden aan de orde. Per taakgebied zijn de eindtermen opgesteld volgens het CanMEDS-model. 2 In het farmaceutisch model zijn zeven competentiegebieden benoemd met als kerncompetentie het farmaceutisch handelen. Deze kerncompetentie (ook wel vakinhoudelijke bekwaamheid genoemd) staat in iedere cursus centraal. Afhankelijk van de cursus komen ook de andere competenties aan bod. Dit staat beschreven in de cursuswijzer. doelstelling Tijdens de cursus MA103 wordt ingegaan op het ontwerp en de formulering van geneesmiddelen voor de individuele patiënt. Het doel van deze cursus is dat je inzicht krijgt in het ontwerp van een farmaceutisch alternatief dat wordt bereid door aanpassen van een gestandaardiseerd voorschrift of door het aanpassen van een handelspreparaat, het zogenaamde 'voor toediening gereed maken' (VTGM). Je moet voordat je tot bereiding overgaat kunnen beoordelen of een farmacotherapeutisch rationeel, werkzaam en veilig geneesmiddel ontworpen kan worden dat resulteert in het gewenste farmacotherapeutische effect. Bovendien dien je de uitvoerbaarheid van de bereiding te beoordelen en moet een je een risicoanalyse kunnen uitvoeren. leerdoelen algemeen Na afronding van de cursus ben je in staat: 1. te beoordelen wat de consequenties zijn van een gegeven geneesmiddelontwerp t.a.v. de therapeutische toepassing met betrekking tot het gebruik, de farmaceutische en biologische beschikbaarheid, therapeutische werkzaamheid, farmaceutische kinetiek, bewaarcondities en houdbaarheid. ; 2. te beoordelen wat de consequenties zijn van het modificeren van een bestaand geneesmiddelproduct of het (tijdelijk) afwijken van een bewaarconditie; 3. te beoordelen wat de (on)mogelijkheden en gevolgen zijn om een bestaand geneesmiddelproduct op een afwijkende wijze toe te dienen; 4. farmaceutisch alternatieve producten te benoemen waarmee de kwaliteit van het product en de farmacotherapie worden gegarandeerd; 1 Zie Studiegids master Farmacie CUR2016 voor beschrijving van de taakgebieden en de eindtermen per taakgebied. 2 CanMEDS: Competency Framework zoals vastgesteld door het Royal College of Physicians and Surgeons of Canada voor medische specialisatieopleidingen. cursuswijzer MA103 pagina 4

5. geneesmiddelen met dezelfde werkzame stof, in dezelfde concentratie (sterkte) en dezelfde farmaceutische vorm te vergelijken en een uitspraak te doen over de bioequivalentie; 6. een farmaceutisch alternatief voor individuele productzorg te ontwikkelen uitgaande van een handelspreparaat of gestandaardiseerd voorschrift; 7. een protocol of werkinstructie op te stellen en uit te voeren voor de bereiding van individuele geneesmiddelen uitgaande van een gestandaardiseerd voorschrift of door VTGM-handelingen; 8. de farmacotherapeutische en farmaceutische rationaliteit en uitvoerbaarheid van het verzoek tot bereiding te beoordelen. leerdoelen specifiek Na afronding van de cursus ben je in staat tot: 1. de juiste toedieningsvorm en -route te selecteren voor een farmaceutisch alternatief voor optimale farmacotherapeutische werkzaamheid; 2. het bewerken van oraal vaste preparaten ten einde een oraal vast preparaat met een lagere dosis, een oraal vloeibaar preparaat of een rectaal preparaat te verkrijgen; 3. het beoordelen van rationaliteit en kwaliteit van geneesmiddeltoediening via een sonde; 4. het geschikt maken van geneesmiddelen voor toediening via een sonde; 5. het modificeren van vloeibare parenterale toedieningsvormen naar een preparaat voor orale of rectale toepassing. leerdoelen praktische vaardigheden Na afronding van de cursus is de student in staat tot: 1. het bereiden en het voor toedieninggereed maken van geneesmiddelen aan de hand van een bestaand voorschrift; 2. het voor toepassing gereedmaken van injecties, infusen en cassettes, met nadruk op aseptische handelingen. 1.2 PLAATS IN HET CURRICULUM De cursus Individuele productzorg sluit aan op de volgende cursussen van de Bacheloropleiding Farmacie, 'Apotheker en geneesmiddel' (FA101), 'Fysische en analytische farmacie' (FA104), 'Bereiding en analyse' (FA202), 'Huid en dermatica' (FA304) en de keuzecursus Kwaliteitsleer' (FA306). Tijdens deze cursussen heb je kennis opgedaan op het gebied van het ontwerp en het formuleren van toedieningsvormen en de fysisch-chemische achtergronden. De cursus Individuele productzorg bereidt voor op de cursussen Farmacie in Praktijk MA104 en Geneesmiddelontwerp M106. In de cursus MA104 wordt de opgedane kennis toegepast op praktijkcasus. In de cursus Geneesmiddelontwerp wordt de in MA103 opgedane kennis en inzicht op het gebied van het ontwerp van geneesmiddelen uitgebreid naar het zelf ontwerpen van geneesmiddelen. voorkennis cursuswijzer MA103 pagina 5

Voor de cursus Individuele Productzorg verwachten we dat je voldoende en relevante voorkennis hebt op het gebied van productzorg. Je dient kennis en inzicht te hebben van onderstaande principes: - fysisch-chemische principes zoals oplosbaarheid, oplossnelheid, diffusie (Fick en Noyes- Whitney), ph, buffers, Henderson Hasselbalch, kristallen, polymorfie, oppervlakteactieve stoffen, CMC, emulsies, HLB, deeltjesgrootte, suspensies, zetapotentiaal, viscositeit en randhoeken; - biofarmaceutische principes en de rol van oplosbaarheid, permeabiliteit, ph partitie, ADME, farmacokinetiek en beginselen van farmacodynamie (relatie receptor bezetting en effectiviteit) ten aanzien van de farmacotherapeutische werking van geneesmiddelen en de verschillen tussen diverse toedieningroutes; - de chemie van chemische elementaire structuren, processen en reacties zoals hydrolytische en oxidatieve reacties; - het formuleren en bereiden van de meest voorkomende toedieningsvormen en de aard van de hulpstoffen die hierbij worden gebruikt, de werking van vertraagde afgifte systemen, alsmede enige vaardigheid om de meest in apotheek voorkomende bereidingen zoals capsuleren, bereiden van zalven, crèmes, oplossingen en zetpillen te bereiden, steriliseren en steriliteit. Op het gebied van de farmacotherapie gaan we ervan uit dat je je bewust bent van de relatie tussen de (fysisch chemische, biofarmaceutische en farmacokinetische) eigenschappen van de werkzame stof, de toedieningsvorm en de toedieningroute en het farmacotherapeutisch effect van het geneesmiddel. Bovendien dien je elementaire kennis te hebben van de meest voorkomende ziekten en de meest voorkomende farmacotherapeutische behandeling daarvan. Bovendien wordt verwacht dat je kennis hebt van de hieronder genoemde hoofdstukken uit het verplichte leerboek Recepteerkunde, Productzorg en bereiding van geneesmiddelen (eds Bouwman-Boer, Le Brun, Oussoren, Tel en Woerdenbag, 5e herzien druk). Deel III: H12 Kwaliteitseisen, H17 Ontwerpen, H18 Biofarmacie, H19 Fysische Chemie, H20 Grondstoffen, H22 Stabiliteit, H23 Wegen, meten en mengen Deel IV: H26 Oraal vast, H27 Oraal vloeibaar, H33 Rectaal en vaginaal, H34 Dermatica 1.3 ROOSTER EN PROGRAMMA In de MyUU-app vind je informatie uit Osiris en het rooster. Op Blackboard vind je het detailrooster van de cursus evenals de groepsindeling. Nieuws en roosterwijzigingen worden via Blackboard bekend gemaakt. Wijzigingen kunnen tot op de dag van de activiteit worden ingevoerd. Regelmatig raadplegen van deze site is daarom aan te raden. Roosterwijzigingen worden niet in Osiris ingevoerd en komen niet in de MyUUapp. Een globaal rooster van deze cursus vind je in onderstaande tabel. cursuswijzer MA103 pagina 6

Globaal rooster week onderwijsvorm onderwerp duur 1 hoorcollege 1 inleiding cursus 2 uur hoorcollege 2 steriliseren en steriliteit 2 uur onderwijsbijeenkomst 1 aseptische handelingen 2 uur onderwijsbijeenkomst 2 steriele preparaten 4 uur practicum 1 4 uur 2 hoorcollege 3 vloeibare toedieningsvormen 2 uur practicum 2 4 uur onderwijsbijeenkomst 3 rectaal 2 uur onderwijsbijeenkomst 4 vloeibaar 4 uur 3 hoorcollege 4 vaste toedieningsvormen 2 uur practicum 3 4 uur onderwijsbijeenkomst 5 oraal vaste toedieningsvormen 2 uur onderwijsbijeenkomst 6 parenteraal 4 uur 4 hoorcollege 5 lokale toedieningsvormen 2 uur practicum 4 4 uur onderwijsbijeenkomst 7 dermatica 2 uur onderwijsbijeenkomst 8 oog, KNO en luchtwegen 4 uur 5 hoorcollege 6 depottoedieningsvormen 2 uur toetsing schriftelijke en praktische toetsen studielast De duur van deze cursus is 5 weken. Na het behalen van de cursus ontvang je 7,5 EC. 1.4 ORGANISATIE examinator en coördinator Dr. C. Oussoren (Christien), disciplinegroep: Biofarmacie & Farmaceutische Technologie, e- mail: c.oussoren@.uu.nl docenten Op Blackboard vind je de docenten die betrokken zijn bij de cursus Individuele Productzorg FA- MA103. cursuswijzer MA103 pagina 7

2. ONDERWIJSVORMEN Tijdens de cursus Individuele productzorg wordt ingegaan op het ontwerp en de samenstelling van handelspreparaten. Bovendien wordt ingegaan op het bereiden van geneesmiddelen door middel van VTGM en aan de hand van gestandaardiseerde ereidingsvoorschriften. De cursus levert een belangrijke bijdrage aan de kennis van handelspreparaten en gestandaardiseerde bereidingsvoorschriften. De kennis wordt toegepast bij het bereiden en het voor toediening gereed maken van geneesmiddelen voor de individuele patiënt. In deze cursus wordt onderwijs gegeven in de vorm van hoorcolleges, onderwijsbijeenkomsten, en nabesprekingen van practica. Hieronder worden de afzonderlijke onderwijsvormen toegelicht. 2.1 HOORCOLLEGES De hoorcolleges in deze cursus zijn bedoeld ter ondersteuning van de onderwerpen die tijdens de practica en onderwijsbijeenkomsten worden behandeld. hoorcollege Inleiding Tijdens het inleidend college krijg je informatie over de inhoud, de opzet, toetsing en organisatie van deze cursus. Het doel van dit college is om aan te geven welk ingangsniveau wij van je verwachten op het gebied van de individuele productzorg. Verder zal worden besproken wat wij van je verwachten ten aanzien van het niveau en de diepgang van de leerstof. hoorcollege Steriliseren en steriliteit Tijdens het hoorcollege Steriliseren en steriliteit zal worden ingegaan op de eisen en bereiding van steriele geneesmiddelen. De nadruk zal liggen op het bereiden van steriele preparaten door middel van VTGM en aseptische handelingen. hoorcolleges Toedieningsvormen Toedieningsvormen zijn te onderscheiden in vaste toedieningsvormen (zoals tabletten en capsules), halfvaste toedieningsvormen (zoals dermatica en zetpillen) en vloeibare toedieningsvormen (zoals dranken en injecties). Tijdens de hoorcolleges over toedieningsvormen zal worden ingegaan op de (on)mogelijkheden van het ontwerp en de formulering van toedieningsvormen. 2.2 ONDERWIJSBIJEENKOMSTEN Tijdens deze cursus zijn 8 onderwijsbijeenkomsten geroosterd. De onderwijsbijeenkomsten duren 2 of 4 uur. voorbereiding onderwijsbijeenkomst Ter voorbereiding op de onderwijsbijeenkomsten bestudeer je de aanbevolen literatuur en werk je de opdrachten uit. Deze zelfstudie wordt gestructureerd doordat de leerdoelen vooraf cursuswijzer MA103 pagina 8

zijn geformuleerd. Door de vragen en opdrachten die uitwerkt toets je of je je voldoende hebt verdiept in de leerstof. onderwijsbijeenkomst Tijdens de onderwijsbijeenkomsten bespreek je verschillende casus. Een deel van de casus hangt samen met de practicumopdrachten, andere casus zijn theoretisch. Tijdens elke onderwijsbijeenkomst wordt door middel van kernpunten ingegaan op de practicum en theoretische opdrachten. De kernpunten worden tijdens de bijeenkomst uitgedeeld en in korte tijd uitgewerkt in een klein groepje. Doordat er slechts weinig tijd is voor het uitwerken van de casus en opdrachten, is het van belang dat je je goed voorbereidt op de onderwijsbijeenkomsten. 2.3 PRAKTICA Deze cursus omvat 4 dagdelen practicum. Tijdens de practica bereid je de verschillende preparaten die je tijdens zelfstudie theoretisch voorbereidt en waarvoor je een charge bereiding voorschrift (CBV) schrijft. Het doel van de practica is het verkrijgen van inzicht in de samenstelling en bereidingswijze van preparaten waarvan de samenstelling en bereidingswijze in grote lijnen bekend is. Bovendien leer je praktische handelingen die in het kader van het voor toediening gereed maken (VTGM) van belang zijn. nabespreking practica Tijdens de onderwijsbijeenkomsten worden de practicumopdrachten geïntegreerd met de theoretische opdrachten nabesproken. De practicumopdrachten sluiten aan bij de kernpunten van de zelfstudie en de theoretische casus. Bij de bespreking van de practicumopdrachten worden opgedane kennis en inzicht toegepast op bereidingstechnische aspecten. cursuswijzer MA103 pagina 9

3. STUDIEMATERIAAL 3.1 LITERATUURBRONNEN Tijdens deze cursus maak je gebruik van diverse literatuurbronnen. Een grote hoeveelheid boeken en tijdschriften is online beschikbaar via de Universiteits Bibliotheek. Bij alle casus en opdrachten is aanbevolen literatuur gegeven. Deze literatuur kun je zelf opzoeken via de Universiteitsbibliotheek. Via de Universiteitsbibliotheek zijn ook relevante handboeken online beschikbaar. De belangrijkste bronnen vind je hieronder. kernboeken Recepteerkunde, Productzorg en bereiding van geneesmiddelen. Y. Bouwman-Boer, Paul Le Brun, Christien Oussoren, Ria Tel en Herman Woerdenbag, 5de herziene druk, 2009, ISBN: 978 90 313 5316 3/ 978 90313 7788 6. Pharmaceutics: The Science of Dosage Form Design, M.E. Aulton. 3 nd edition, 2007, ISBN: 0-443-05517-3. digitale bronnen KNMP Kennisbank: naslagwerken zoals Informatorium Medicamentorum, FNA, LNA mededelingen, LNA-procedures. Online via de Universiteits bibliotheek. Buiten de campus via https://login.proxy.library.uu.nl/login?url=https://kennisbank.knmp.nl/ in combinatie met SolisID en password. Kinderformularium van het Nederlands Kenniscentrum Farmacotherapie bij Kinderen: http://www.kinderformularium.nl/search/index.php. CBG site voor de SmPC s, via internet: www.cbg-meb.nl European Pharmacopoeia: online via de Universiteits bibliotheek, niet buiten de campus. Britisch Pharmacopoeia: online toegankelijk via website van de bibliotheek, buiten de campus in combinatie met SolisID en password. Clarke's Analysis of Drugs and Poisons: online toegankelijk via de website van de bibliotheek. Profiles of drug substances, excipients and related methodology: online toegankelijk via de website van de Universiteits Biobliotheek (http://bibe.library.uu.nl/zoek/biblio/index.html). RIFAS, via internet: http://www.rifas.nl Op deze site is informatie te vinden over veiligheidsvoorschriften die genomen moeten worden bij de eigen bereidingen in de apotheek. Eerst een eigen account aanvragen op het universiteits-emailadres. Dit kan meteen aan het begin van de cursus gedaan worden. Dit kan alleen op de computers in DDW en in het KBG, bij de practicumzalen. Gebruik van RIFAS is ook alleen op deze computers mogelijk. VIB veiligheidswerkbladen, via internet: www.vibfarma.nl 3.2 MATERIAAL VOOR HET PRACTICUM Tijdens het practicum moet een schone, witte jas gedragen worden. Bovendien moet je een veiligheidsbril bij je hebben en wordt verwacht dat je deze draagt als de omstandigheden dat vereisen. cursuswijzer MA103 pagina 10

4. TOETSING De toetsing van deze cursus omvat 2 onderdelen, het schriftelijk tentamen en de praktische toets. Om je optimaal voor te bereiden op de toetsen verwachten we dat je voldoet aan de inspanningsverplichting. Bij onvoldoende resultaat kunnen deze toetsen aangevuld worden indien aan de inspanningsverplichting is voldaan. In box 2 is aanvullende algemene informatie over de toetsing opgenomen die is opgesteld door de examencommissie van de Masteropleiding Farmacie. 4.1 INSPANNINGSVERPLICHTING De inspanningsverplichting houdt in dat je aanwezig bent tijdens alle onderwijsonderdelen. Eventuele afwezigheid bij de onderwijsbijeenkomsten moet worden doorgegeven aan de docent. Afwezigheid bij de practica moet worden doorgegeven aan de practicumassistentie. Indien onvoldoende aan de inspanningsverplichting wordt voldaan word je uitgesloten van deelname aan de aanvullende toetsing. 4.2 TOETSONDERDELEN schriftelijk tentamen, cijfer minimaal 5,5, weging 90% De vragen van het schriftelijke tentamen gaan over alle stof die in de cursus aan de orde is gekomen. De schriftelijke toets telt voor 90% mee in het eindcijfer. Voor de schriftelijke toets moet minimaal een 5,5 worden gehaald om de studiepunten voor de cursus toegekend te krijgen. praktische toets, minimaal 5,5, weging 10% Tijdens de praktische toets bereid je een geneesmiddel aan de hand van een zelf geschreven CBV. De toets wordt afgelegd in groepen van maximaal 12 studenten en wordt afgenomen door minmaal 2 examinatoren (hierna te noemen de commissie), die de beslissingen samen en in overleg met elkaar nemen. De commissie is samengesteld uit docenten werkzaam bij de disciplinegroep Biofarmacie en Farmaceutische Technologie. De beoordeling van de praktische toets is gebaseerd op de afleverbaarheid van het preparaat en de werkwijze van de student. Een preparaat is afleverbaar indien het preparaat: de correcte toedieningsvorm is met de correcte, eventueel gecorrigeerde, dosis; de correcte samenstelling heeft en de correcte grondstoffen in de correcte hoeveelheden bevat; op de correcte wijze is bereid en, indien nodig, gesteriliseerd volgens een duidelijk en eenduidig opgesteld en bijgeleverd protocol met de correcte in-processcontroles; is goedgekeurd op basis van de correcte eindcontroles en voldoet aan de correcte specificaties zoals door het LNA omschreven; is verpakt in de correcte verpakking met eventuele bijbehorende doseerhulpmiddelen en is voorzien van een juist en volledig etiket. cursuswijzer MA103 pagina 11

Tijdens de praktische toets beoordeelt de commissie de werkwijze van de student zoals de veiligheidsmaatregelen, hygiëne, werkindeling, orde op tafel, grondstofkeuze, wegingen, uitvoering en notering van in-processcontroles, verpakking, toedienhulpmiddelen, eindcontroles en eindbeoordeling (weight variation, schouwen e.d.), etikettering, informatieverstrekking voor de patiënt etc. etc. Een preparaat dat niet gereed is zal in het algemeen niet met een voldoende worden gewaardeerd. Als niet gereed wordt ook aangemerkt een preparaat dat niet volledig aflevergereed is gemaakt, dwz niet van een etiket en eventuele applicatie-utensiliën is voorzien. Indien deze laatste niet op het practicum aanwezig zijn moet uit het CBV blijken dat aan de aflevering voldaan zou zijn. 4.3 EINDCIJFER Het eindcijfer van de cursus is het gewogen gemiddelde van de beoordeling van de schriftelijke toets (90%, minimum cijfer 5,5) en de praktische toets (10%, minimum cijfer 5,5). Het eindcijfer moet tenminste een 5,5 zijn om de studiepunten voor deze cursus toegekend te krijgen. 4.4 ONVOLDOENDE RESULTAAT TOETSONDERDELEN Indien het resultaat van een van de toetsonderdelen niet aan de minimumeis voldoet krijg je eenmalig de kans een aanvullende toets af te leggen (zie box 2). De aanvullende schriftelijke toetsing wordt gehouden in de periode zoals vermeld in het cursusrooster van de master Farmacie. De aanvulling van de praktische toetsing wordt een maal per jaar aangeboden. 4.5 INZIEN EN BESPREKEN VAN TOETSEN Beoordeeld werk kan worden ingezien op inzagemomenten die op Blackboard bekend worden gemaakt. Ongeveer 1 week na het bekendmaken van de uitslag van de schriftelijke toets zal een beknopte uitwerking op Blackboard geplaatst worden. Vragen over de beoordeling van de toetsen kunnen alleen per email worden ingediend bij de coördinator van deze cursus (zie ook box 2). 4.6 ONVOLDOENDE EINDRESULTAAT Indien na aanvulling het resultaat nog onvoldoende is moet je de gehele cursus opnieuw volgen. Alle toetsonderdelen moeten opnieuw afgelegd worden, er zullen geen vrijstellingen worden verleend (zie ook box 2). cursuswijzer MA103 pagina 12

Box 2 Algemene informatie over toetsing bron: examencommissie Masteropleiding Farmacie, UU Legitimatie Bij toetsen dien je je collegekaart en een geldig legitimatiebewijs (identiteitskaart, rijbewijs, paspoort) te tonen. Niet deelnemen aan een toets Wanneer een student niet kan deelnemen aan een toets, dient deze dat zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval voor aanvang van de toetsing, per e-mail en met opgaaf van reden aan het studiepunt te melden. Wanneer voldaan is aan alle voorwaarden (zie paragraaf over aanvullende toetsing) kan de student toegelaten worden tot de aanvullende of vervangende toetsing. Bij een onvoldoende resultaat, kan de student bij de examencommissie een aanvraag indienen voor een extra aanvullende of vervangende toets. In dit geval verlangt de examencommissie bewijsmateriaal waaruit blijkt dat deelname aan de reguliere of aanvullende toets niet mogelijk was (zorg dus voor bewijsmateriaal!). De examencommissie beslist op grond van de aanvraag en het overlegde bewijsmateriaal of de student recht heeft op een extra aanvullende of vervangende toets. Wanneer de student zich niet afmeldt voor een reguliere toets wordt dit beschouwd als afmelding zonder geldige reden. De student kan -indien aan de inspanningsverplichtingen van de cursus is voldaan- aan de aanvullende of vervangende toets deelnemen. Mocht het resultaat hierna niet aan de eisen voldoen, dan dient de cursus opnieuw gevolgd te worden. De examencommissie heeft spreekuur, iedere woensdag 17.00, DDW 1.11 en is bereikbaar via e-mail: examencommissie@pharm.uu.nl. Aanvullende of vervangende toetsing Indien de student aan alle inspanningsverplichtingen tijdens de cursus heeft voldaan, maar hem niettemin geen voldoende, maar wel minimaal het cijfer 4,0 (niet afgerond) is toegekend, wordt hij in de gelegenheid gesteld aan de aanvullende toetsing deel te nemen. Let wel: er is geen automatisch recht op aanvullende of vervangende toetsing. Een student kan door een examinator bij een onvoldoende eindresultaat uitgesloten worden van deelname aan een aanvullende of vervangende toets, indien hij gedurende de cursus niet aan alle inspanningsverplichtingen, zoals vermeld in de cursuswijzer, heeft voldaan. Binnen enkele dagen na het bekend maken van de einduitslag wordt dat door de examinator meegedeeld. Het recht op aanvullende of vervangende toetsing vervalt dus ook wanneer het eindresultaat 3,99 of lager is. De aanvullende schriftelijke toetsing wordt gehouden in de periode zoals vermeld in het cursusrooster van de master Farmacie. De aanvullende toetsing is een integraal onderdeel van een cursus. De vorm en de inhoud van de toets (schriftelijk, mondeling, stofomschrijving etc.) worden bepaald door de examinatoren en tijdig bekend gemaakt. De student is verplicht deel te nemen aan de aanvullende toetsing die valt in de periode genoemd in het rooster. Deze aanvullende of vervangende toetsing is ook bedoeld voor studenten die door persoonlijke omstandigheden of door overmacht (zoals ziekte, vertraging openbaar vervoer) niet deel hebben kunnen nemen aan een reguliere toets. Met nadruk wordt er op gewezen dat aan een student maar éénmaal een gelegenheid tot aanvullende toetsing wordt gegeven, tenzij door de examencommissie een uitzondering is gemaakt. cursuswijzer MA103 pagina 13

Beroep Bij het College van Beroep voor de Examens (CBE) kun je in beroep gaan tegen het toegekende eindcijfer van een cursus. Het is zeer aan te bevelen de zaak eerst met de examinatoren (coördinator en/of voorzitter) van de cursus, en eventueel met de examencommissie te bespreken. Zie opleidingstatuut voor nadere informatie. Indien je bezwaar hebt tegen andere beslissingen die in deze cursus genomen zijn, kun je contact opnemen met de desbetreffende docent, de coördinator of je tutor. In de gevallen die niet beschreven zijn in deze paragraaf over de toetsing beslissen de examinatoren van de cursus. Meer informatie: http://students.uu.nl/praktische-zaken/regelingen-en-procedures/klachtenbezwaar-en-beroep. Fraude Door de Universiteit Utrecht wordt fraude bestraft. In de OER is een paragraaf opgenomen welke sancties met betrekking tot fraude worden gehanteerd. Inzage Op grond van de OER heeft elke student recht op inzage van zijn/haar werk, alsmede de modelantwoorden en de norm aan de hand waarvan de beoordeling heeft plaats gevonden. Voor cursussen geldt dat er een collectief inzagemoment wordt georganiseerd. Tijdens de inzage zijn de opgaven, de modelantwoorden alsmede de normering voor de studenten beschikbaar. Indien gewenst kan je een foto maken van je eigen werk. Tijdens het inzagemoment heb je geen tas, pen of potlood bij de hand. Tijdens het inzagemoment wordt niet inhoudelijk gediscussieerd over de beantwoording van de vragen. Docenten kunnen wel een toelichting geven op de vragen en antwoorden en eventuele onduidelijkheden. Indien je na de inzage van mening bent dat een of meerdere vragen ten onrechte onjuist beoordeeld zijn, dan kan je dit kenbaar maken per e-mail aan de coördinator van de cursus. Mocht je het niet eens zijn met de coördinator dan kun je beroep of bezwaar aantekenen bij het College van Beroep voor de Examens (CBE). Houd wel in de gaten dat een beroep bij het CBE binnen zes weken nadat het cijfer bekend gemaakt is in OSIRIS, moet worden ingediend. Het CBE heeft niet de taak en de bevoegdheid (en ook niet de inhoudelijke kennis) om een tentamen (opnieuw inhoudelijk) te beoordelen. Wat het CBE wel doet is toetsen of de beoordeling voldoende zorgvuldig tot stand is gekomen en of zij voldoende is onderbouwd/gemotiveerd. Onvoldoende na aanvullende toetsing Indien het resultaat na de aanvullende of vervangende toets onvoldoende is, dient de cursus opnieuw gevolgd te worden. Ook het niet deelnemen aan de aanvullende toets betekent dat de student de cursus over moet doen, tenzij sprake is van persoonlijke omstandigheden of van overmacht. In dit geval kan de student in de gelegenheid gesteld worden een extra aanvullende of vervangende toets af te leggen. Verzoeken hiertoe dienen binnen 20 werkdagen na het moment van de aanvullende toetsing bij de examencommissie te worden ingediend. De student dient een dergelijk verzoek met schriftelijk bewijs te kunnen ondersteunen. Indien de omstandigheden van niet kunnen deelnemen van vertrouwelijke aard zijn, kan dit met de studieadviseur besproken worden. Bij toekenning van het verzoek wordt in overleg met de examinator een datum voor een nieuwe aanvullende of vervangende toets vastgesteld. Uitgangspunt hierbij is dat deelgenomen wordt aan een van de reguliere toetsen van de cursus. Indien de cursus, eventueel na aanvullende toetsing, niet of met een onvoldoende eindcijfer wordt afgerond, dient de gehele cursus te worden overgedaan. Dit houdt onder meer in dat aan alle activiteiten binnen de cursus dient te worden deelgenomen. cursuswijzer MA103 pagina 14

5. PROFESSIONELE EN PERSOONLIJKE ONTWIKKELING (PPO) Tijdens de cursus MA103 individuele productzorg is er een dagdeel gereserveerd voor de tweede tutorgroepbijeenkomst van de cursus Professionele en Persoonlijke Ontwikkeling (PPO). Tijdens deze tutorgroepbijeenkomst zal er aandacht worden besteed aan zelfreflectie, de vordering van het opstellen van het POP en intervisie. Mogelijke ondersteunende materialen uit de cursus MA101 die je voor je e-portfolio kunt gebruiken zijn: feedback op je functioneren binnen de casusbesprekingen en/of je bereidingsvoorschrift van de toets, inclusief de beoordeling en mogelijke feedback. Box 5: Algemene informatie over Professionele en Persoonlijke Ontwikkeling (afkomstig van de coördinator van cursussen MA100/MA200/MA300. De cursus Professionele en persoonlijke ontwikkeling (PPO) draagt bij aan het vergroten van je motivatie, inzicht in je eigen competenties, academisch zelfvertrouwen, eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid. Om de doelstellingen en leerdoelen van de cursus Professionele en persoonlijke ontwikkeling te kunnen behalen, word je vanuit de opleiding begeleid door een tutor. Deze begeleiding bestaat uit ondersteunend onderwijs in de vorm van tutorgroepbijeenkomsten met de tutor en individuele tutorgesprekken tussen de student en de tutor. Deze bijeenkomsten en gesprekken vormen een verplicht onderdeel van de cursus. De onderwijsactiviteiten van PPO vinden gedurende de gehele master op regelmatige basis plaats. Deze PPO-activiteiten zijn niet specifiek gekoppeld aan een bepaalde cursus, maar vinden in een bepaalde periode plaats. Binnen iedere cursus is een dagdeel gereserveerd die je de gelegenheid biedt aan je professionele en persoonlijke ontwikkeling te werken. Deze PPOdagdelen worden besteed aan tutorgroepbijeenkomsten, individuele tutorgesprekken of zelfstudietijd. De PPO-activiteiten zijn opgenomen in het rooster van de cursussen in de desbetreffende periode. jaar 1 MA100 Jaar 2 MA200 Jaar 3 MA300 Tutorgroepbijeenkomsten P1.1 (P3.1*) P2.1 (P4.1*) P3.2 (P1.2*) * studenten die per februari instromen Individuele tutorgesprekken P2.2 (P4.2*) P4.2 (P2.2*) Informatie volgt Informatie volgt Zelfstudie P1.2 (P3.2*) P3.1 (P1.1*) Je presenteert je persoonlijke en professionele ontwikkeling in een e-portfolio in de vorm van ondersteunende materialen, zoals ontvangen feedback, (zelf)reflecties, video s, presentaties en essays op basis van resultaten van cursussen en cursusonderdelen (ontwikkelingsportfolio). Alleen jijzelf en je tutor hebben inzicht in het gehele e-portfolio. Wel biedt het e-portfolio cursuswijzer MA103 pagina 15

docenten van andere cursussen de mogelijkheid om zowel positieve als negatieve punten vast te leggen ten aanzien van professioneel gedrag. Dit maakt het voor de tutor mogelijk om je persoonlijke begeleiding aan te bieden en te coachen op het gebied van studievoortgang, persoonlijke ontwikkeling en het maken van keuzes voor de toekomst. Daarnaast bevat het e- portfolio een openbaar gedeelte waarin je jezelf naar derden presenteert door middel van je CV en producten waar je bijzonder trots op bent (showcase portfolio). Een uitgebreide beschrijving van de inhoud, leerdoelen, onderwijsactiviteiten, opdrachten etc. vind je in de cursuswijzer Professionele en Persoonlijke Ontwikkeling (FA-MA100/200/300). cursuswijzer MA103 pagina 16