Eerste Kamer der Staten-Generaal
|
|
|
- Lieven Bakker
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar Nr Wijziging van het Wetboek van Strafvordering, de Wet op de rechterlijke organisatie en enkele andere wetten met betrekking tot het beroep in cassatie in strafzaken (uitsluiting beroep in lichte overtredingszaken en invoering verplichte schriftuur van een advocaat) GEWIJZIGD VOORSTEL VAN WET Ontvangen 1 maart 1999 Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten: Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de regeling met betrekking tot het beroep in cassatie in strafzaken te wijzigen en de instroom van zaken te beperken teneinde de doelmatigheid en de kwaliteit van de rechtsbedeling in cassatie te verbeteren; Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze: ARTIKEL I Het Wetboek van Strafvordering, zoals dit komt te luiden indien het voorstel van wet tot wijziging van het Wetboek van Strafvordering, de Uitleveringswet, de Wet economische delicten en de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen betreffende de bepalingen aangaande de procedure in cassatie in strafzaken, herzieningszaken, uitleveringszaken en zaken in het kader van de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen (25 240) tot wet is verheven, wordt als volgt gewijzigd: A B In artikel 399, derde lid, vervalt de tweede volzin. Artikel 437, tweede en derde lid, komt te luiden: 2. De verdachte door of namens wie beroep in cassatie is ingesteld, is op straffe van niet-ontvankelijkheid verplicht binnen twee maanden nadat de in het eerste lid van artikel 435 bedoelde aanzegging is betekend, bij de Hoge Raad door zijn raadsman een schriftuur te doen indienen, houdende zijn middelen van cassatie. KST33783 ISSN Sdu Uitgevers s-gravenhage 1999 Eerste Kamer, vergaderjaar , , nr
2 3. De benadeelde partij is bevoegd binnen een maand nadat de in het tweede lid van artikel 435 bedoelde aanzegging is betekend, harerzijds bij de Hoge Raad door een advocaat een schriftuur te doen indienen, houdende haar middelen over een rechtspunt hetwelk uitsluitend haar vordering betreft. Gedurende die tijd is zij bevoegd tot kennisneming van de processtukken. C Artikel 438 wordt als volgt gewijzigd: 1. In het tweede lid, onderdeel a, wordt «het beroep in cassatie» vervangen door: de middelen van cassatie. 2. In het tweede lid, onderdeel b, vervallen de woorden «te dier aanzien» en wordt de zinsnede «de hoogte en grondslag van de vordering van de benadeelde partij» vervangen door: de middelen van de benadeelde partij. D Artikel 439 komt na het eerste lid te luiden: 2. In het geval dat namens de verdachte niet tijdig een schriftuur met middelen van cassatie is ingediend, kan de procureur-generaal afzien van het nemen van een conclusie. 3. Aan de raadsman die namens de verdachte een schriftuur met middelen van cassatie heeft ingediend, wordt een afschrift van de conclusie toegezonden. 4. Desgelijks wordt gehandeld ten aanzien van de advocaat die namens de benadeelde partij een schriftuur met middelen van cassatie heeft ingediend. 5. De raadsman van de verdachte dan wel de advocaat van de benadeelde partij kan binnen twee weken na verzending van het afschrift van de conclusie zijn schriftelijk commentaar daarop aan de Hoge Raad doen toekomen. E Artikel 440 wordt als volgt gewijzigd: 1. In het tweede lid, tweede volzin, vervalt onderdeel a en worden de onderdelen b en c verletterd tot a en b. F Artikel 447, vijfde lid, komt te luiden: 5. De verdachte of andere belanghebbende is op straffe van niet-ontvankelijkheid verplicht binnen een maand nadat de aanzegging is betekend, bij de Hoge Raad door zijn raadsman onderscheidenlijk door een advocaat een schriftuur te doen indienen, houdende zijn middelen van cassatie. G Artikel 452 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het tweede en het derde lid worden vernummerd tot het derde en het vierde lid. 2. Het eerste en het tweede lid komen te luiden: Eerste Kamer, vergaderjaar , , nr
3 1. Artikel 450 is op de indiening van schrifturen van overeenkomstige toepassing, behoudens het bepaalde in het tweede lid. 2. In cassatie kunnen schrifturen, schriftelijke toelichtingen en het schriftelijk commentaar, bedoeld in artikel 439, vijfde lid, slechts worden ingediend door een advocaat die verklaart daartoe door degene namens wie hij optreedt, bepaaldelijk te zijn gevolmachtigd. 3. In het derde lid wordt «schrifturen» vervangen door: stukken als bedoeld in het eerste en tweede lid. H I In artikel 455, tweede lid, wordt «435» vervangen door: 433. Artikel 456 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het tweede lid komt als volgt te luiden: 2. Artikel 443 is ten deze van toepassing. 2. In het vierde lid wordt «uittreksel» vervangen door: afschrift. ARTIKEL II A De Wet op de rechterlijke organisatie wordt als volgt gewijzigd: Artikel 44 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het tweede lid komt als volgt te luiden: 2. Tegen hun vonnissen staat hoger beroep open voor de officier van justitie en de verdachte, tenzij in de einduitspraak: a. met toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht geen straf of maatregel werd opgelegd, of een maximum of, wanneer bij het vonnis twee of meer geldboetes zijn opgelegd, tot een gezamenlijk maximum van honderd gulden. 2. Onder vernummering van het derde lid tot het vierde lid, wordt een nieuw derde lid ingevoegd, luidende: 3. Tegen hun vonnissen staat geen beroep in cassatie open, tenzij zij een overtreding betreffen van een verordening van een provincie, een gemeente, een waterschap of een met toepassing van de Wet gemeenschappelijke regelingen ingesteld openbaar lichaam. B Artikel 56 wordt als volgt gewijzigd: Onder vernummering van het zesde lid tot het achtste lid, komen het vijfde tot en met zevende lid als volgt te luiden: 5. Tegen de vonnissen van de rechtbanken betreffende misdrijven staat hoger beroep open voor de officier van justitie en voor de verdachte. 6. Tegen vonnissen van de rechtbanken voor zover betreffende een of meer overtredingen staat hoger beroep open voor de officier van justitie en voor de verdachte, tenzij terzake in de einduitspraak: Eerste Kamer, vergaderjaar , , nr
4 a. met toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht geen straf of maatregel werd opgelegd, of een maximum of, wanneer bij het vonnis twee of meer geldboetes zijn opgelegd, tot een gezamenlijk maximum van honderd gulden 7. Tegen de in het zesde lid onder a en b bedoelde vonnissen staat evenmin beroep in cassatie open, tenzij zij een overtreding betreffen van een verordening van een provincie, een gemeente, een waterschap of een met toepassing van de Wet gemeenschappelijke regelingen ingesteld openbaar lichaam. C Aan artikel 58 worden een derde en een vierde lid toegevoegd, luidende: 3. Tegen de in het eerste lid bedoelde vonnissen van de rechtbanken kunnen het openbaar ministerie en de verdachte beroep in cassatie instellen, tenzij in hun vonnis: a. met toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht geen straf of maatregel werd opgelegd, of een maximum of, wanneer bij het vonnis twee of meer geldboetes zijn opgelegd, tot een gezamenlijk maximum van vijfhonderd gulden. 4. Tegen de vonnissen, bedoeld in het derde lid onder a en b, staat beroep in cassatie open indien zij een overtreding betreffen van een verordening van een provincie, een gemeente, een waterschap of een met toepassing van de Wet gemeenschappelijke regelingen ingesteld openbaar lichaam. D Artikel 68 wordt als volgt gewijzigd: 1. Voor de eerste volzin wordt een «1» geplaatst. 2. Toegevoegd worden een tweede tot en met vierde lid, luidende: 2. Tegen de arresten van de gerechtshoven betreffende misdrijven staat beroep in cassatie open voor het openbaar ministerie en de verdachte. 3. Tegen arresten van de gerechtshoven voor zover betreffende een of meer overtredingen staat beroep in cassatie open voor het openbaar ministerie en de verdachte, tenzij terzake in de einduitspraak: a. met toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht geen straf of maatregel werd opgelegd, of een maximum of, wanneer bij het arrest twee of meer geldboetes zijn opgelegd, tot een gezamenlijk maximum van vijfhonderd gulden. 4. Tegen de arresten, bedoeld in het derde lid onder a en b, staat beroep in cassatie open indien zij een overtreding betreffen van een verordening van een provincie, een gemeente, een waterschap of een met toepassing van de Wet gemeenschappelijke regelingen ingesteld openbaar lichaam. ARTIKEL III De Wet op de economische delicten wordt als volgt gewijzigd: A Artikel 51 vervalt. Eerste Kamer, vergaderjaar , , nr
5 B Artikel 55 en Titel X vervallen. ARTIKEL IV De Uitleveringswet, zoals deze komt te luiden indien het voorstel van wet tot wijziging van het Wetboek van Strafvordering, de Uitleveringswet, de Wet economische delicten en de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen betreffende de bepalingen aangaande de procedure in cassatie in strafzaken, herzieningszaken, uitleveringszaken en zaken in het kader van de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen (25 240) tot wet is verheven, wordt als volgt gewijzigd: Artikel 31 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het vierde tot en met achtste lid wordt vernummerd tot vijfde tot en met negende lid. 2. In het derde lid vervalt de tweede volzin. 3. Na het derde lid wordt een nieuw lid ingevoegd, dat luidt: 4. De opgeëiste persoon die cassatieberoep heeft ingesteld, is op straffe van niet-ontvankelijkheid verplicht om vóór de dienende dag bij de Hoge Raad door zijn raadsman een schriftuur te doen indienen, houdende zijn middelen van cassatie. ARTIKEL V In artikel 36, eerste lid van de Wet Oorlogsstrafrecht wordt «artikel 465, tweede lid» vervangen door: artikel 467, eerste lid. ARTIKEL VI De Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen zoals deze komt te luiden indien het voorstel van wet tot wijziging van het Wetboek van Strafvordering, de Uitleveringswet, de Wet economische delicten en de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen betreffende de bepalingen aangaande de procedure in cassatie in strafzaken, herzieningszaken, uitleveringszaken en zaken in het kader van de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen (25 240) tot wet is verheven, wordt als volgt gewijzigd: Artikel 32 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het vierde tot en met tiende lid wordt vernummerd tot vijfde tot en met elfde lid. 2. In het derde lid vervalt de tweede volzin. 3. Na het derde lid wordt een nieuw lid ingevoegd, dat luidt: 4. De veroordeelde die cassatieberoep heeft ingesteld, is op straffe van niet-ontvankelijkheid verplicht om vóór de dienende dag bij de Hoge Raad door zijn raadsman een schriftuur te doen indienen, houdende zijn middelen van cassatie. Eerste Kamer, vergaderjaar , , nr
6 ARTIKEL VII Artikel I, onderdeel A, E, onderdeel 2, artikel II en artikel III, onderdeel A, zijn niet van toepassing op zaken waarin op het moment van inwerkingtreding van deze wet het betrokken vonnis of arrest reeds is gewezen. Op deze zaken worden de voor het moment van inwerkingtreding geldende bepalingen toegepast. ARTIKEL VIII Artikel I, onderdeel B, C, D, E, onderdeel 1, F en G, artikel III, onderdeel B, artikel IV en artikel VI zijn niet van toepassing op zaken waarin op het moment van inwerkingtreding van deze wet door de verdachte of andere belanghebbende reeds beroep in cassatie is ingesteld. Op deze zaken worden de voor het moment van inwerkingtreding geldende bepalingen toegepast. ARTIKEL IX De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden. Gegeven De Minister van Justitie, Eerste Kamer, vergaderjaar , , nr
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2005 175 Wet van 23 maart 2005 tot wijziging en aanvulling van een aantal bepalingen in het Wetboek van Strafvordering met betrekking tot de betekening
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 240 Wijziging van het Wetboek van Strafvordering, de Uitleveringswet en de Wet economische delicten betreffende de bepalingen aangaande de procedure
Eerste Kamer der Staten-Generaal
Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2015 2016 34 090 Wijziging van het Wetboek van Strafvordering en de Wet op de economische delicten in verband met het gebruik van elektronische processtukken
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 30 143 Wijziging van het Wetboek van Strafvordering ter versterking van de positie van het slachtoffer in het strafproces Nr. 2 VOORSTEL VAN WET
Eerste Kamer der Staten-Generaal
Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 1997 1998 Nr. 239 24 112 Wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 (wijziging van de regelingen van de invordering en inhouding van rijbewijzen en de bijkomende
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2001 9 Wet van 21 december 2000 tot wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek in verband met de openstelling van het huwelijk voor personen
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 30 145 Wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek en het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in verband met het bevorderen van voortgezet
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2002 222 Rijkswet van 18 april 2002 tot aanpassing van enige onderdelen van de Rijkswet op het Nederlanderschap en van de Rijkswet van 21 december
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Wijziging van het Wetboek van Strafvordering, de Penitentiaire beginselenwet, de eginselenwet verpleging ter beschikking gestelden, de eginselenwet justitiële jeugdinrichtingen en enkele andere strafrechtelijke
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1995 1996 24 834 Wijziging van enige bepalingen in het Wetboek van Strafvordering inzake het rechtsgeding voor de politierechter en de mededeling van vonnissen
Wijziging van de Algemene wet bestuursrecht en de Wet griffierechten burgerlijke zaken in verband met de invoering van kostendekkende griffierechten
Wijziging van de Algemene wet bestuursrecht en de Wet griffierechten burgerlijke zaken in verband met de invoering van kostendekkende griffierechten Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden,
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 34 237 (R2054) Aanpassing van Rijkswetten in verband met de invoering van de Wet tot wijziging van het Wetboek van urgerlijke Rechtsvordering en
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2001 695 Wet van 20 december 2001, houdende wijziging van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen en enige andere wetten in verband
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 33 872 Wijziging van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (verbetering vergunningverlening, toezicht en handhaving) Nr. 2 VOORSTEL VAN WET
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Wijziging van het Wetboek van Strafrecht, het Wetboek van Strafvordering en de Wet op de economische delicten met het oog op het vergroten van de mogelijkheden tot opsporing, vervolging, alsmede het voorkomen
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2016-2017 Wijziging van het Wetboek van Strafrecht in verband met de afschaffing van de voorwaardelijke invrijheidstelling en aanpassing van de voorwaardelijke
Eerste Kamer der Staten-Generaal
erste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2003 2004 28 980 Wijziging van het Wetboek van Strafrecht, het Wetboek van Strafvordering en de Penitentiaire beginselenwet (plaatsing in een inrichting voor
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 30 137 Aanpassing van de wetgeving aan en invoering van de wet tot vaststelling van titel 7.17 (verzekering) en titel 7.18 (lijfrente) van het
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2008 433 Wet van 24 oktober 2008 tot wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 in verband met de invoering van een recidiveregeling voor ernstige verkeersdelicten
Eerste Kamer der Staten-Generaal
Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2016 2017 34 257 Wijziging van het urgerlijk Wetboek, het Wetboek van Strafvordering en het Wetboek van Strafrecht teneinde de vergoeding van affectieschade
Eerste Kamer der Staten-Generaal
Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2005 2006 29 874 (R 1777) Goedkeuring en uitvoering van de op 17 december 1991 te München tot stand gekomen Akte tot herziening van artikel 63 van het Verdrag
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 618 Wijziging van de Ziektewet, de WAO, de WW en enkele andere wetten in verband met het wegnemen van belemmeringen in sociale verzekeringswetten
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 759 Vaststelling en invoering van afdeling 8.14.1 (verkeersongevallen) van het Burgerlijk Wetboek Nr. 1 KONINKLIJKE BOODSCHAP Aan de Tweede
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
TWEEDE KAMER DER STATEN- 2 GENERAAL Vergaderjaar 2012-2013 33 428 Wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de economische delicten ten behoeve van de intrekking van het stelsel van handel in NOx-emissierechten
Eerste Kamer der Staten-Generaal
Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 1998 1999 Nr. 201 26 238 Wijziging van enkele wetten in verband met invoering van het regresrecht in de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten en versterking
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2010 857 Wet van 3 december 2009 tot wijziging van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, de Wet op de rechterlijke organisatie en enige andere
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1994 1995 24 112 Wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 (wijziging van de regelingen van de invordering en inhouding van rijbewijzen en de bijkomende straf
