HOOFDSTUK 1 ONDERZOEKSAANPAK...

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "HOOFDSTUK 1 ONDERZOEKSAANPAK..."

Transcriptie

1 Onderzoeksrapport Resultaten van de basisregistratie en de uitgebreide registratie uitgevoerd bij de erkende instellingen schuldbemiddeling in Vlaanderen, November 2010

2 INHOUDSTAFEL HOOFDSTUK 1 ONDERZOEKSAANPAK INLEIDING METHODOLOGIE Basisregistratie Basisregistratieformulier Respons Uitgebreide registratie Vragenlijst Steekproefbepaling en respons HOOFDSTUK 2 BASISREGISTRATIE BUDGETHULOPVERLENING ZONDER SCHULDEN SCHULDHULPVERLENING COLLECTIEVE SCHULDENREGELING WACHTLIJSTEN EN WACHTTIJDEN PROVINCIALE CIJFERS BASISREGISTRATIE CIJFERS BASISREGISTRATIE PER TYPE ORGANISATIE HOOFDSTUK 3 UITGEBREIDE REGISTRATIE INDIVIDUELE KARAKTERISTIEKEN VAN MENSEN DIE SCHULDHULPVERLENING AANVRAGEN Socio-demografisch Geslacht Leeftijd Nationaliteit Gezinssamenstelling Gezinsgrootte Personen ten laste Type huisvesting Scholingsgraad Socio-economisch Arbeidssituatie Arbeidscontract Personen die bijdragen aan het inkomen Inkomsten uit arbeid Vervangingsinkomsten en bron Aanvullende inkomsten en bron SCHULDENLAST Totaal bedrag van uitstaande schulden Soorten schulden Aantal schuldeisers Aantal gerechtsdeurwaarderdossiers Aantal incassodossiers Zelf schuldvorderingen lopen? Leefgeld Schuldoorzaken GEBODEN DIENSTVERLENING Looptijd dossier Ervaren moeilijkheden Hoe de dienst leren kennen CONCLUSIES Pagina 2 van 48

3 HOOFDSTUK 1 ONDERZOEKSAANPAK 1. Inleiding Het doel is de schuldenproblematiek in Vlaanderen cijfermatig in kaart brengen De schuldenproblematiek in Vlaanderen groeit. Dat is de ervaring van alle diensten schuldbemiddeling. Maar tot op heden kon deze vaststelling niet of weinig onderbouwd worden met systematisch en wetenschappelijk cijfermateriaal. Evenmin kenden we het profiel van de aanvragers van één of andere vorm van schuldhulpverlening. Deze gegevens zijn nochtans nodig om op basis van een diepgaande analyse het beleid en de acties op de oorzaken en doelgroepen af te stemmen. Met de wijziging van 28 april 2006 van het decreet houdende de regeling tot erkenning van de instellingen voor schuldbemiddeling in de Vlaamse Gemeenschap wilde het Vlaams Parlement aan deze tekortkoming verhelpen. Er zijn momenteel 331 erkende diensten schuldbemiddeling in Vlaanderen. Daarvan zijn er 305 OCMW s, 22 CAW s en 4 intergemeentelijke diensten schuldbemiddeling. Bij de CAW s is er een langere traditie in het verzamelen van cijfermateriaal. Maar nieuw voor Vlaanderen is nu het uniforme registratiemodel voor budget- en schuldhulpverlening dat in een besluit van de Vlaamse Regering werd vastgelegd. Daardoor zijn alle erkende diensten voor schuldbemiddeling gehouden om jaarlijks gegevens aan het Vlaams Centrum Schuldbemiddeling (VCS) over te maken. De registratie bestaat uit twee delen: de basisregistratie en de uitgebreide registratie. Via de invoering van een uniform registratiemodel, de basisregistratie genoemd, dienen alle erkende diensten schuldbemiddeling het aantal dossiers jaarlijks te registreren inzake budgethulpverlening (zonder schulden) en schuldhulpverlening (schuldbemiddeling en collectieve schuldenregeling). Deze basisregistratie gebeurde voor de eerste keer in 2008 en betrof het kalenderjaar Derhalve is de basisregistratie van het jaar 2007 een nulmeting en dus tevens een referentiejaar voor de metingen van de volgende jaren. In 2009 vond de verzameling van de gegevens over het kalenderjaar 2008 plaats en in 2010 die van 2009 (cf. infra). Aanvullend aan de basisregistratie werd er vanaf 2008 gestart met een uitgebreide registratie. Deze bevraging gebeurt bij wijze van en heeft als doel een analyse te maken van het profiel van het cliënteel van de diensten schuldbemiddeling. In 2009 werd de uitgebreide registratie herhaald (cf. infra), maar vanaf 2011 zal ze tweejaarlijks plaatsvinden. Pagina 3 van 48

4 2. Methodologie 2.1. Basisregistratie De basisregistratie houdt in dat het VCS jaarlijks kwantitatieve gegevens verzamelt over de dossiers budgethulpverlening en schuldhulpverlening in Vlaanderen. Budgethulpverlening houdt in dat mensen nog niet in schulden zitten, maar naar een OCMW of CAW stappen om hulp te vragen bij het beheren van hun budget. Naast de budgethulpverlening is er dan de schuldhulpverlening. Hier wordt het onderscheid gemaakt tussen de volgende categorieën: eenmalige bemiddeling, schuldbemiddeling an sich, schuldbemiddeling met budgetbegeleiding, schuldbemiddeling met budgetbeheer en collectieve schuldenregeling. Na evaluatie werd het basisregistratieformulier aangepast. Vorig jaar werd er in de basisregistratie voor de eerste maal gevraagd naar het aantal mensen op een wachtlijst en de gemiddelde wachttijd. Aangezien er daarbij geen onderscheid kon gemaakt worden tussen een nul qua aantal aanvragers op de wachtlijst en er worden geen wachtlijsten bijgehouden, werd er dit jaar een bijkomende antwoordmogelijkheid toegevoegd, namelijk wachtlijsten worden niet bijgehouden. Bij het item dat peilt naar het aantal eenmalige schuldbemiddelingen die een erkende dienst schuldbemiddeling doet, werd omwille van dezelfde reden een bijkomende antwoordmogelijkheid toegevoegd, namelijk eenmalige schuldbemiddelingen worden niet bijgehouden Basisregistratieformulier NAAM ORGANISATIE? POSTCODE (FUSIE)GEMEENTE? NIS-CODE (enkel voor OCMW s)? TYPE ORGANISATIE (1=OCMW, 2=CAW, 3=OCMW-vereniging hoofdstuk 12)? A. REGISTRATIE DOSSIERS BUDGETHULPVERLENING ZONDER SCHULDEN Soort budgethulpverlening Totale aantal per soort A.1 Budgetbeleiding (zonder schulden)? A.2 Budgetbeheer (zonder schulden)? Totaal aantal dossiers budgethulpverlening (zonder schulden) 0 B. REGISTRATIE DOSSIERS SCHULDHULPVERLENING Soort schuldhulpverlening Totale aantal per soort B.1a Eenmalige schuldbemiddeling? B.1b Eenmalige schuldbemiddelingen worden niet bijgehouden? B.2 Schuldbemiddeling an sich? B.3 Schuldbemiddeling + budgetbegeleiding? B.4 Schuldbemiddeling + budgetbeheer? Pagina 4 van 48

5 B.5 Collectieve schuldenregeling 0 B.5.1 Enkel voorbereidende werkzaamheden? B.5.2 Aanstelling als schuldbemiddelaar? B.5.3 Aanstelling als schuldbemiddelaar + budgetbeheer/budgetbegeleiding? B.5.4 Enkel budgetbeheer/budgetbegeleiding bij externe aanstelling? Totaal aantal dossiers schuldhulpverlening 0 Nog 1 vraagje rond CSR: hoeveel van de dossiers CSR zijn met verzoekschrift door u opgesteld?? Totaal aantal aanvragers (gezinnen) op wachtlijst? Wachtlijsten worden niet bijgehouden? Gemiddelde wachttijd (uitgedrukt in aantal maanden)? Lees onderstaande toelichting: U dient in dit registratieformulier maximum 19 cellen/velden met een vraagteken in te vullen. In B1 vult u de naam in van uw organisatie (bv. ocmw Herentals, caw Sonar, Bodukap, etc.). De postcode van uw (fusie)gemeente vermeldt u in B2. B3 dient enkel ingevuld te worden door ocmw's. Het betreft hun NIS-code bestaande uit 5 cijfers. De anderen laten gewoon het vraagteken staan. In B4 vult u een 1, 2 of 3 in naargelang uw organisatietype. Verder worden er cijfers gevraagd in de cellen B8 en B9. Bij B14 en B15 vult u ofwel een cijfer in bij B14 als u het aantal eenmalige schuldbemiddelingen kent ofwel laat u het vraagteken staan bij B14 en zet u in B15 een kruisje. In B16, B17 en B18 vult u de juiste cijfers in, net zoals in B20 t.e.m. B23. In cel B26 wordt gevraagd naar het aantal dossiers collectieve schuldenregeling waarvan de dienst zelf het verzoekschrift heeft opgesteld in de loop van het betreffende kalenderjaar. Bij B28 en B29 vermeldt u in B28 het aantal aanvragers (gezinnen) die op een wachtlijst staan per 31 december, indien gekend, ofwel laat u in B28 het vraagteken staan en plaatst u in B29 een kruisje. Tot slot vermeldt u in B30, indien gekend, de gemiddelde wachttijd van het afgelopen jaar, uitgedrukt in maanden. Indien dit niet gekend is, laat dan het vraagteken staan. De overige aantallen (cellen/velden waar al een nul staat ingevuld) worden automatisch berekend. Het formulier is zo opgesteld/beveiligd dat er niets kan ingevuld worden op plaatsen waar u niets hoeft in te vullen. Het formulier moet uiterlijk op 31 maart elektronisch opgestuurd worden naar [email protected] Respons Het VCS verzamelde voor de derde keer cijfermateriaal omtrent budgethulpverlening en schuldhulpverlening in Vlaanderen. De eerste keer had het VCS een respons van 98%: 326 van de 331 erkende instellingen schuldbemiddeling bezorgden hun cijfers. In 2009 en 2010 is het VCS erin geslaagd om een respons van 100% te bekomen. Pagina 5 van 48

6 2.2. Uitgebreide registratie De uitgebreide registratie gaat uitsluitend over dossiers schuldhulpverlening. De bedoeling is om informatie te verzamelen over het profiel van de cliënten van de erkende diensten schuldbemiddeling: leeftijd, geslacht, gezinssamenstelling, onderwijsniveau, gezinsinkomen, schuldenlast, aantal schuldeisers, schuldsoorten en schuldoorzaken. De uitgebreide registratie gebeurt in de regel tweejaarlijks. De eerste keer had plaats in 2008 en uitzonderlijk werd ook in 2009 gevraagd om de vragenlijst in te vullen. Dit maakt het mogelijk sneller een eerste vergelijking te maken met de gegevens uit Daarna wordt de uitgebreide registratie pas om de twee jaar hernomen (2011, 2013 etc.). Na evaluatie van de vragenlijst bij de eerste uitgebreide registratie werden nog enkele aanpassingen aangebracht aan de 30 vragen Vragenlijst 1. Postcode van de woonplaats van de aanvrager 2. Geslacht aanvrager mannelijk vrouwelijk beide partners vragen aan 3. Gezinssamenstelling alleenwonend gehuwd of samenwonend met partner, zonder kinderen gehuwd of samenwonend met partner, met kinderen éénoudergezin samenwonend met familie/vrienden/kennissen andere: specificeer 4. Geboortejaar aanvrager en eventuele partner 5. Nationaliteit aanvrager en eventuele partner 6. Aantal personen in het gezin (die onder hetzelfde dak leven) 7. Aantal personen die financieel ten laste zijn van het gezin tot en met 5 jaar (geboren na 2003) van 6 tot 11 jaar (geboren ) van 12 tot 17 jaar (geboren ) vanaf 18 jaar (geboren vóór 1992) andere volwassenen 8. Type huisvesting 9. Hoogst behaalde diploma aanvrager en eventuele partner geen diploma lager onderwijs buitengewoon lager onderwijs lager secundair onderwijs of 2e graad / ASO lager secundair onderwijs of 2e graad / TSO/KSO lager secundair onderwijs of 2e graad / BSO lager secundair onderwijs of 2e graad / richting onbekend hoger secundair onderwijs of 3e graad / ASO hoger secundair onderwijs of 3e graad / TSO/KSO hoger secundair onderwijs of 3e graad / BSO Pagina 6 van 48

7 hoger secundair onderwijs of 3e graad / richting onbekend buitengewoon secundair onderwijs hoger onderwijs of universitair onderwijs onbekend of andere, specificeer 10. Huidige arbeidssituatie aanvrager en eventuele partner werkloos werknemer ambtenaar zelfstandige gepensioneerd student huisman/-vrouw permanent werkonbekwaam 11. Type arbeidscontract aanvrager en eventuele partner contract onbepaalde duur contract bepaalde duur OCMW-contract (atikel 60, ) interimcontract studentencontract ander type arbeidscontract statutair ambtenaar niet van toepassing 12. Aantal personen (aanvrager en partner niet inbegrepen) dat bijdraagt aan het inkomen van het gezin (vb. kindergeld, studietoelage, ) tot en met 5 jaar (geboren na 2003) van 6 tot 11 jaar (geboren ) van 12 tot 17 jaar (geboren ) vanaf 18 jaar (geboren vóór 1992) andere volwassenen 13. Maandelijks nettobedrag van de inkomsten uit arbeid waarover het gezin beschikt (nettobedrag, vermeld op loonbriefje) geen inkomen uit arbeid euro euro euro euro euro euro euro euro euro euro 14. Maandelijks nettobedrag van het vervangingsinkomen waarover het gezin beschikt geen vervangingsinkomen euro euro euro Pagina 7 van 48

8 euro euro euro euro 15. Inkomensbron van dit vervangingsinkomen + bedrag indien mogelijk werkloosheidsuitkering mindervalidenuitkering ziekte- of invaliditeitsuitkering leefloon pensioen andere vervangingsinkomsten: specificeer 16. Maandelijks nettobedrag van het aanvullend inkomen waarover het gezin beschikt geen vervangingsinkomen euro euro euro euro euro euro euro 17. Inkomensbron van dat aanvullend inkomen + bedrag indien mogelijk inkomsten uit roerende en onroerende goederen voorschotten op onderhoudsgeld onderhoudsuitkeringen kinderbijslagen financiële hulp van vrienden, familie, (indien regelmatig) terugbetaling bijdragen studietoelagen andere aanvullende inkomsten: specificeer 18. Maken de inkomsten van het gezin het voorwerp uit van een loonoverdracht of een loonbeslag? 19. Totaal bedrag van de uitstaande schulden van het gezin op dit ogenblik euro euro euro euro euro euro euro euro 20. Aard van de schulden waaruit het totaalbedrag van de schulden is samengesteld + bedrag indien mogelijk lening op afbetaling aankoop op afbetaling kredietopening financieringshuur Pagina 8 van 48

9 hypothecair krediet huurschulden telefoon, gsm verzekeringen gezondheidsschulden alimentatie/onderhoudsgeld strafrechterlijke schulden, boetes fiscale schulden privélening school OCMW-schulden energieschulden/nutsvoorzieningen andere schulden: specificeer 21. Aantal schuldeisers op dit ogenblik Aantal gerechtsdeurwaarderdossiers in kader van gerechtelijke invordering Aantal incassodossiers met inbegrip van gerechtsdeurwaarders en advocaten in kader van minnelijke invordering Heeft de aanvrager zelf schuldvorderingen lopen? 25. Bedrag dat maandelijks overblijft als leefgeld voor voeding, kleding en ontspanning, na aftrek van alle aflossingen en vaste kosten geen euro euro euro euro euro euro euro euro euro Pagina 9 van 48

10 euro euro 26. Oorzaak van de schulden (volgens u) (meerdere keuzes mogelijk) geen inkomen te laag inkomen onregelmatig inkomen levenswijze niet in overeenstemming met de inkomsten (moeilijkheden met het beheer)/overbesteding ziekte van de aanvrager ziekte van de partner ziekte van een kind ziekte van een ander persoon ten laste scheiding (echtscheiding, breuk, ) overlijden van de partner verlies van job door aanvrager verlies van job door partner detentie borgstelling ten gunste van een vriend, familie, opstapeling/verlening van uitstel tot betaling grote onvoorziene uitgaven faillissement in geval van zelfstandige afhankelijkheidsproblemen (alcohol, drugs, ) tekort aan administratieve vaardigheden andere oorzaak: specificeer 27. Jaartal waarin het dossier werd geopend 28. Huidige status van het dossier eenmalige bemiddeling schuldbemiddeling an sich schuldbemiddeling + budgetbegeleiding schuldbemiddeling + budgetbeheer CSR voorbereidende werkzaamheden CSR instelling aangesteld als schuldbemiddelaar CSR instelling aangesteld als schuldbemiddelaar + budgetbeheer/budgetbegeleiding CSR instelling doet enkel budgetbeheer/budgetbegeleiding (bij externe aanstelling) 29. Ervaren moeilijkheden door de aanvrager op moment van de vraag/ het contacteren van de dienst schuldbemiddeling (verschillende keuzes mogelijk) achterstallige betalingen aangetekende brief ter herinnering ingebrekestelling gerechtsdeurwaardersexploot aanmaning tot betaling beslag op en/of overdracht van loon uitvoering beslag roerende goederen beslag onroerende goederen dagvaarding afsluiting of begrenzing gas/elektriciteit Pagina 10 van 48

11 afsluiting of begrenzing telefoon andere moeilijkheden: specificeer 30. Hoe heeft de aanvrager de dienst schuldbemiddeling leren kennen? geschreven of gesproken media kredietinstelling mond-aan-mond reclame consumentenvereniging ministerie of politieke wereld sociale dienst werkgever rechterlijke macht gerechtsdeurwaarder vakbond andere: specificeer Steekproefbepaling en respons Net zoals in 2008, werd ook in 2009 aan elke erkende dienst schuldbemiddeling gevraagd om een bepaald aantal dossiers te registreren. Om dit aantal te berekenen, werd gekeken naar de verhouding van het totale aantal dossiers schuldhulpverlening van de dienst t.o.v. het totale aantal in Vlaanderen. Het totaal aantal dossiers schuldhulpverlening vindt men terug in de basisregistratie. Datzelfde percentage werd toegepast op het vereiste aantal. In Vlaanderen werden er in totaal dossiers schuldhulpverlening in 2008 geregistreerd in de basisregistratie. Dit aantal is onze onderzoekspopulatie. Om een representatieve aselecte te krijgen met een betrouwbaarheidsinterval van 99%, een foutenmarge van 3,5% en een spreiding van 50%, hadden we gegevens nodig uit 1325 dossiers in Vlaanderen. Na enkele correcties voor een aantal diensten i.v.m. het minimum (2) en maximum (50) aantal te registreren dossiers, bekwamen we een van 1377 dossiers. Dat werd ons beoogde aantal. Na het afsluiten van de registratieperiode kwamen we tot een finaal aantal van 1370 bruikbare dossiergegevens, en dus een respons van 99%. Pagina 11 van 48

12 HOOFDSTUK 2 BASISREGISTRATIE Tabel 1 geeft het aantal dossiers budgethulpverlening zonder schulden en het aantal dossiers schuldhulpverlening weer die geregistreerd werden door de erkende diensten schuldbemiddeling. Waar mogelijk wordt de vergelijking gemaakt tussen de kalenderjaren 2007, 2008 en Voor kalenderjaar 2009 krijgen we bovendien een zicht op het aantal diensten waar eenmalige schuldbemiddelingen en wachtlijsten niet worden bijgehouden (in de voorgaande kalenderjaren werd dit niet bevraagd). Het totale aantal dossiers budgethulpverlening en schuldhulpverlening bedraagt 77162, hetgeen wijst op een gestage toename ten opzichte van 2008 (74157 hulpverleningen) en 2007 (73231 hulpverleningen). Pagina 12 van 48

13 Tabel 1 Cijfers basisregistratie voor Vlaanderen A. REGISTRATIE DOSSIERS BUDGETHULPVERLENING ZONDER SCHULDEN (1) Soort budgethulpverlening Totale aantal per soort A.1 Budgetbegeleiding (zonder schulden) A.2 Budgetbeheer (zonder schulden) Totaal aantal dossiers budgethulpverlening (zonder schulden) B. REGISTRATIE DOSSIERS SCHULDHULPVERLENING (2) Soort schuldhulpverlening Totale aantal per soort B.1a Eenmalige schuldbemiddeling B.1b Eenmalige schuldbemiddelingen worden niet bijgehouden n.b. n.b. 71 B.2 Schuldbemiddeling an sich B.3 Schuldbemiddeling + budgetbegeleiding B.4 Schuldbemiddeling + budgetbeheer B.5 Collectieve schuldenregeling B.5.1 Enkel voorbereidende werkzaamheden B.5.2 Aanstelling als schuldbemiddelaar B.5.3 Aanstelling als schuldbemiddelaar + budgetbeheer/budgetbegeleiding B.5.4 Enkel budgetbeheer/budgetbegeleiding bij externe aanstelling Totaal aantal dossiers schuldhulpverlening Nog 1 vraagje rond CSR: hoeveel van de dossiers CSR zijn met verzoekschrift door u opgesteld? n.b Totaal aantal aanvragers (gezinnen) op wachtlijst n.b Wachtlijsten worden niet bijgehouden n.b. n.b. 84 Gemiddelde wachttijd (uitgedrukt in aantal maanden) n.b ) inclusief CAW Archipel Brussel (2) exclusief CAW Archipel (hebben enkel toestemming om aan schuldhulpverlening te doen op het grondgebied Brussel-19) Pagina 13 van 48

14 1. Budgethulpverlening zonder schulden Bij de budgethulpverlening zonder schulden gaat het om dossiers waarbij er een dienstverlening wordt geboden aan cliënten die louter met betalingsproblemen te kampen hebben of gewoon moeilijk met geld kunnen omgaan (m.a.w. deze cliënten hebben geen schulden). Het dalende aantal dossiers budgethulpverlening in 2008 ten opzichte van 2007 (een daling van 14,2%) heeft zich niet voortgezet in Het totale aantal dossiers budgethulpverlening zonder schulden is opnieuw toegenomen tot dossiers, hetgeen overeenkomt met een stijging van 7,6% ten opzichte van kalenderjaar 2008, maar nog steeds een daling t.ov Bij de budgethulpverlening zijn de cijfers van CAW Archipel te Brussel meegeteld omdat dit CAW ook op Vlaams grondgebied aan budgethulpverlening doet. De dienstverlening in het kader van een budgethulpverlening zonder schulden kan ofwel een budgetbegeleiding ofwel een budgetbeheer zijn. Het aantal dossiers budgetbegeleiding zonder schulden is gestegen van 3710 dossiers in 2008 tot 4591 dossiers in Het aantal dossiers budgetbegeleiding zonder schulden is in 2009 (4591 dossiers) nog wel lager dan in 2007 (5961 dossiers). Het aantal dossiers budgetbeheer zonder schulden is eveneens gestegen van dossiers in 2008 tot dossiers in Het aantal dossiers budgetbeheer zonder schulden ligt bovendien hoger dan het aantal geregisteerde dossiers in kalenderjaar 2007 (10265 dossiers). Indien het dossiers zonder schulden betreft, kan er gesteld worden dat de diensten schuldbemiddeling voornamelijk opteren voor budgetbeheer. 2. Schuldhulpverlening 1 Het totale aantal dossiers schuldhulpverlening is in kalenderjaar 2009 verder gestegen tot dossiers. Dit betekent een stijging met 3,2% ten opzichte van 2008 en een stijging met 9,1% ten opzichte van Bij het aantal dossiers schuldhulpverlening zijn de dossiers van CAW Archipel te Brussel niet in rekening gebracht omdat dit CAW enkel toestemming heeft om aan schuldhulpverlening te doen op het grondgebied Brussel-19. Het aantal eenmalige schuldbemiddelingen is in 2009 verder gedaald tot dossiers. Er kan echter vastgesteld worden dat dit cijfer geen volledig beeld verschaft van het totale aantal eenmalige schuldbemiddelingen, aangezien in 71 diensten, ofwel 21% van de 331 erkende diensten schuldbemiddeling, deze tussenkomsten niet worden bijgehouden. Wat betreft de schuldbemiddeling an sich kunnen we spreken van een status quo ten opzichte van kalderjaar In 2008 bedroeg het aantal geregistreerde dossiers schuldbemiddeling an sich 8040 en in 2009 gaat het om 8041 dossiers. Het aantal dossiers schuldbemiddeling in combinatie met budgetbegeleiding is met 13,1% toegenomen van 6050 dossiers in 2008 naar 6842 dossiers in In 2009 werd eveneens een groter aantal dossiers schuldbemiddeling in combinatie met 1 De collectieve schuldenregeling komt afzonderlijk ter sprake in punt 3. Pagina 14 van 48

15 budgetbeheer geregistreerd, namelijk 20656, hetgeen overeenkomt met een stijging van 5,3% ten opzichte van kalenderjaar Collectieve schuldenregeling Het aantal dossiers collectieve schuldenregeling (CSR) is in 2009 opnieuw toegenomen en bedraagt 8423 geregistreerde dossiers, hetgeen overeenkomt met een stijging van 16,6% ten opzichte van kalenderjaar 2008 en een stijging van 46,8% ten opzichte van kalenderjaar Bij 37,4% van de dossiers CSR betreft het dossiers waarbij de dienst schuldbemiddeling enkel budgetbeheer of begeleiding op zich neemt bij een externe aanstelling. Bij 32,3% van de dossiers CSR gaat het om een aanstelling als schuldbemiddelaar al dan niet in combinatie met budgetbeheer of begeleiding. En ten slotte wordt in 30,2% van de dossiers CSR enkel voorbereidende werkzaamheden uitgevoerd door de diensten schuldbemiddeling. In 2008 ging het bij de CSR in 38,7% van de dossiers om een aanstelling als schuldbemiddelaar al dan niet gecombineerd met budgetbeheer of begeleiding, in 36,4% van de dossiers om bugetbeheer of budgetbegeleiding bij een externe aanstelling en bij 24,9% enkel om voorbereidende werkzaamheden. Uit de cijfers van kalenderjaar 2007 blijkt dat het bij de CSR in 42,1% van de dossiers gaat om een aanstelling als schuldbemiddelaar al dan niet gecombineerd met budgetbeheer of budgetbegeleiding, bij 36,4% van de dossiers betreft het enkel budgetbeheer of begeleiding bij een externe aanstelling en bij 21,5% gaat het enkel om voorbereidende werkzaamheden. Op basis van deze cijfergegevens kan vastgesteld worden dat het aandeel van de dossiers waarbij de dienst schuldbemiddeling optreedt als schuldbemiddelaar (al dan niet in combinatie met budgetbeheer of budgetbegeleiding) afgenomen is van 42,1% in 2007 naar 32,3% in Uit de cijfers van de Centrale voor kredieten aan particulieren blijkt dat we in 2009 voor Vlaanderen een toename kennen met 10,8% van het aantal berichten van toelaatbaarheid van CSR. Dit is nog een grotere stijging dan die van 2008 (nl. 6,6%). Het totale aantal berichten van toelaatbaarheid van CSR is als volgt geëvolueerd sinds 2007: van in 2007 over in 2008, naar in In 2009 waren er 2545 dossiers CSR waarvan de erkende diensten schuldbemiddeling zelf het verzoekschrift hadden opgesteld in de loop van Dit is een afname met 10,3% ten opzichte van kalenderjaar Pagina 15 van 48

16 4. Wachtlijsten en wachttijden Volgens de basisregistratie stonden er op 31 december gezinnen op een wachtlijst bij 80 erkende diensten schuldbemiddeling. Dit is een toename van 7,4% ten opzichte van kalenderjaar erkende diensten schuldbemiddeling geven echter aan dat er geen wachtlijst wordt bijgehouden. Bijgevolg hebben we geen volledig beeld van het aantal wachtenden. De overige 167 diensten maken wel gebruik van wachtlijsten, maar hadden daar op 31 december 2009 niemand op staan. Het niet bijhouden van een wachtlijst kan enerzijds te wijten zijn aan organisatorische/ administratieve redenen. Wachtlijsten worden dan niet meer aangelegd omdat ze te lang en niet te beheersen zijn en/of omdat de dienst niet over voldoende mankracht beschikt om een wachtlijst accuraat bij te houden. Anderzijds kan er ook geen wachtlijst voorhanden zijn in een dienst, omdat er geen wachtenden zijn. We zullen de 84 diensten die geen wachtlijst aanleggen, vragen naar de redenen waarom. Tevens hebben wachtlijsten een relatief karakter omdat bij dringende zaken al een directe interventie van de schuldbemiddelaar nodig is. Een vraag die men zich hierbij terecht kan stellen, is ook: hoeveel mensen haken er af omdat ze niet onmiddellijk geholpen kunnen worden? Men dient er rekening mee te houden dat een dienst ook zijn grenzen heeft. Als de maximum capaciteit bereikt is, worden wachtlijsten misschien niet zo gemakkelijk bijgehouden omdat de wachttijd toch veel te lang is. Feit is dat alle diensten een toenemende vraag naar schuldhulpverlening vaststellen en het niet altijd mogelijk is om het aanbod vanuit de dienst uit te breiden. Het lineair verhogen van het aantal dossiers per schuldbemiddelaar mag niet ten koste gaan van de kwaliteit. Schuldhulpverlening is naast een erg technische kwestie vooral een traject van begeleiding van de hulpvrager naar meer zelfredzaamheid en vaardigheden in het budgetteren. Als dit aspect verloren gaat, dreigt de cliënt snel te hervallen in een probleem van schuldoverlast waardoor de druk op de diensten nog meer toeneemt. In tabel 2 wordt de gemiddelde wachttijd in de loop van kalenderjaar 2009 weergegeven. Uit de tabel kan worden afgelezen dat er in 106 erkende diensten schuldbemiddeling geen gemiddelde wachttijd is. In 83 van de 331 diensten is er wel een wachttijd en wordt deze ook geregistreerd. Deze gemiddelde wachttijd varieerde van twee weken tot 16 maanden. Bij 21 van deze 83 diensten was de gemiddelde wachttijd in de loop van maanden. De gemiddelde wachttijd bij deze diensten die effectief een wachttijd opgeven, bedraagt, net zoals in kalenderjaar 2008, 4 maanden. Ten slotte kan gesteld worden dat het aantal diensten waar er een wachttijd is in realiteit waarschijnlijk hoger ligt, aangezien 142 diensten schuldbemiddeling geen gemiddelde wachttijd hebben geregistreerd. Pagina 16 van 48

17 Tabel 2 Gemiddelde wachttijd in de loop van kalenderjaar 2009 Gemiddelde wachttijd Aantal diensten (in aantal maanden) schuldbemiddeling , , , , , , ,5 1 9, Niet geregistreerd 142 Totaal aantal diensten 331 In punt 7 en punt 8 worden ter informatie de basisregistratiecijfers weergegeven per provincie en per type organisatie. Pagina 17 van 48

18 5. Provinciale cijfers basisregistratie A. REGISTRATIE DOSSIERS BUDGETHULPVERLENING ZONDER SCHULDEN Antwerpen Oost-Vlaanderen Soort budgethulpverlening A.1 Budgetbegeleiding (zonder schulden) A.2 Budgetbeheer (zonder schulden) Totaal aantal dossiers budgethulpverlening (zonder schulden) B. REGISTRATIE DOSSIERS SCHULDHULPVERLENING Antwerpen Oost-Vlaanderen Soort schuldhulpverlening B.1a Eenmalige schuldbemiddeling B.1b Eenmalige schuldbemiddelingen worden niet bijgehouden n.b. n.b. 21 n.b. n.b. 23 B.2 Schuldbemiddeling an sich B.3 Schuldbemiddeling + budgetbegeleiding B.4 Schuldbemiddeling + budgetbeheer B.5 Collectieve schuldenregeling B.5.1 Enkel voorbereidende werkzaamheden B.5.2 Aanstelling als schuldbemiddelaar B.5.3 Aanstelling als schuldbemiddelaar + budgetbeheer/budgetbegeleiding B.5.4 Enkel budgetbeheer/budgetbegeleiding bij externe aanstelling Totaal aantal dossiers schuldhulpverlening Nog 1 vraagje rond CSR: hoeveel van de dossiers CSR zijn met verzoekschrift door u opgesteld? n.b n.b Totaal aantal aanvragers (gezinnen) op wachtlijst n.b n.b Wachtlijsten worden niet bijgehouden n.b. n.b. 25 n.b. n.b. 16 Gemiddelde wachttijd (uitgedrukt in aantal maanden) n.b. 4 4 n.b. 4 3 Pagina 18 van 48

19 A. REGISTRATIE DOSSIERS BUDGETHULPVERLENING ZONDER SCHULDEN West-Vlaanderen Limburg Soort budgethulpverlening A.1 Budgetbegeleiding (zonder schulden) A.2 Budgetbeheer (zonder schulden) Totaal aantal dossiers budgethulpverlening (zonder schulden) B. REGISTRATIE DOSSIERS SCHULDHULPVERLENING West-Vlaanderen Limburg Soort schuldhulpverlening B.1a Eenmalige schuldbemiddeling B.1b Eenmalige schuldbemiddelingen worden niet bijgehouden n.b. n.b. 4 n.b. n.b. 10 B.2 Schuldbemiddeling an sich B.3 Schuldbemiddeling + budgetbegeleiding B.4 Schuldbemiddeling + budgetbeheer B.5 Collectieve schuldenregeling B.5.1 Enkel voorbereidende werkzaamheden B.5.2 Aanstelling als schuldbemiddelaar B.5.3 Aanstelling als schuldbemiddelaar + budgetbeheer/budgetbegeleiding B.5.4 Enkel budgetbeheer/budgetbegeleiding bij externe aanstelling Totaal aantal dossiers schuldhulpverlening Nog 1 vraagje rond CSR: hoeveel van de dossiers CSR zijn met verzoekschrift door u opgesteld? n.b n.b Totaal aantal aanvragers (gezinnen) op wachtlijst n.b n.b Wachtlijsten worden niet bijgehouden n.b. n.b. 15 n.b. n.b. 10 Gemiddelde wachttijd (uitgedrukt in aantal maanden) n.b. 4 3 n.b. 3 4 Pagina 19 van 48

20 A. REGISTRATIE DOSSIERS BUDGETHULPVERLENING ZONDER SCHULDEN (1) Vlaams-Brabant 2 Soort budgethulpverlening A.1 Budgetbegeleiding (zonder schulden) A.2 Budgetbeheer (zonder schulden) Totaal aantal dossiers budgethulpverlening (zonder schulden) B. REGISTRATIE DOSSIERS SCHULDHULPVERLENING (2) Vlaams-Brabant 3 Soort schuldhulpverlening B.1a Eenmalige schuldbemiddeling B.1b Eenmalige schuldbemiddelingen worden niet bijgehouden n.b. n.b. 13 B.2 Schuldbemiddeling an sich B.3 Schuldbemiddeling + budgetbegeleiding B.4 Schuldbemiddeling + budgetbeheer B.5 Collectieve schuldenregeling B.5.1 Enkel voorbereidende werkzaamheden B.5.2 Aanstelling als schuldbemiddelaar B.5.3 Aanstelling als schuldbemiddelaar + budgetbeheer/budgetbegeleiding B.5.4 Enkel budgetbeheer/budgetbegeleiding bij externe aanstelling Totaal aantal dossiers schuldhulpverlening Nog 1 vraagje rond CSR: hoeveel van de dossiers CSR zijn met verzoekschrift door u opgesteld? n.b Totaal aantal aanvragers (gezinnen) op wachtlijst n.b Wachtlijsten worden niet bijgehouden n.b. n.b. 18 Gemiddelde wachttijd (uitgedrukt in aantal maanden) n.b inclusief CAW Archipel Brussel 3 exclusief CAW Archipel (hebben enkel toestemming om aan schuldhulpverlening te doen op het grondgebied Brussel-19) Pagina 20 van 48

21 6. Cijfers basisregistratie per type organisatie A. REGISTRATIE DOSSIERS BUDGETHULPVERLENING ZONDER SCHULDEN OCMW CAW 4 Soort budgethulpverlening A.1 Budgetbegeleiding (zonder schulden) A.2 Budgetbeheer (zonder schulden) Totaal aantal dossiers budgethulpverlening (zonder schulden) B. REGISTRATIE DOSSIERS SCHULDHULPVERLENING OCMW CAW 5 Soort schuldhulpverlening B.1a Eenmalige schuldbemiddeling B.1b Eenmalige schuldbemiddelingen worden niet bijgehouden n.b. n.b. 68 n.b. n.b. 2 B.2 Schuldbemiddeling an sich B.3 Schuldbemiddeling + budgetbegeleiding B.4 Schuldbemiddeling + budgetbeheer B.5 Collectieve schuldenregeling B.5.1 Enkel voorbereidende werkzaamheden B.5.2 Aanstelling als schuldbemiddelaar B.5.3 Aanstelling als schuldbemiddelaar + budgetbeheer/budgetbegeleiding B.5.4 Enkel budgetbeheer/budgetbegeleiding bij externe aanstelling Totaal aantal dossiers schuldhulpverlening Nog 1 vraagje rond CSR: hoeveel van de dossiers CSR zijn met verzoekschrift door u opgesteld? n.b n.b Totaal aantal aanvragers (gezinnen) op wachtlijst n.b n.b Wachtlijsten worden niet bijgehouden n.b. n.b. 76 n.b. n.b. 6 Gemiddelde wachttijd (uitgedrukt in aantal maanden) n.b. 4 4 n.b inclusief CAW Archipel Brussel 5 exclusief CAW Archipel (hebben enkel toestemming om aan schuldhulpverlening te doen op het grondgebied Brussel-19) Pagina 21 van 48

22 A. REGISTRATIE DOSSIERS BUDGETHULPVERLENING ZONDER SCHULDEN Intergemeentelijke diensten Soort budgethulpverlening A.1 Budgetbegeleiding (zonder schulden) A.2 Budgetbeheer (zonder schulden) Totaal aantal dossiers budgethulpverlening (zonder schulden) B. REGISTRATIE DOSSIERS SCHULDHULPVERLENING Intergemeentelijke diensten Soort schuldhulpverlening B.1a Eenmalige schuldbemiddeling B.1b Eenmalige schuldbemiddelingen worden niet bijgehouden n.b. n.b. 0 B.2 Schuldbemiddeling an sich B.3 Schuldbemiddeling + budgetbegeleiding B.4 Schuldbemiddeling + budgetbeheer B.5 Collectieve schuldenregeling B.5.1 Enkel voorbereidende werkzaamheden B.5.2 Aanstelling als schuldbemiddelaar B.5.3 Aanstelling als schuldbemiddelaar + budgetbeheer/budgetbegeleiding B.5.4 Enkel budgetbeheer/budgetbegeleiding bij externe aanstelling Totaal aantal dossiers schuldhulpverlening Nog 1 vraagje rond CSR: hoeveel van de dossiers CSR zijn met verzoekschrift door u opgesteld? n.b Totaal aantal aanvragers (gezinnen) op wachtlijst n.b. 0 0 Wachtlijsten worden niet bijgehouden n.b. n.b. 2 Gemiddelde wachttijd (uitgedrukt in aantal maanden) n.b. 0 0 Pagina 22 van 48

23 HOOFDSTUK 3 UITGEBREIDE REGISTRATIE In wat volgt krijgt u een overzicht van de resultaten van de uitgebreide registratie van 2009, in vergelijking met die van Vooraf nog even de toelichting dat we in 2008 beschikten over 1103 dossiergegevens en in 2009 over 1370 dossiergegevens. Bij de partners zal er telkens vermeld worden hoeveel gegevens er waren betreffende een bepaalde vraag. In 2009 is er in 401 dossiers in elk geval sprake van een partner. 70,73% van de dossiers is bijgevolg zonder partner. De cijfers voor Vlaanderen zijn doorgaans afkomstig van de Studiedienst van de Vlaamse Regering en zijn zo recent mogelijk (2008). 1. Individuele karakteristieken van mensen die schuldhulpverlening aanvragen 1.1. Socio-demografisch Geslacht Geslacht in onze 2008 in onze 2009 in Vlaanderen Mannelijk 44,97 47,16 49,34 Vrouwelijk 34,54 34,01 50,66 Beide partners vragen schuldhulpverlening aan 20,49 18,83 - Totaal 100,00 100,00 100,00 Ten opzichte van 2008, zijn er in ,19% meer mannelijke aanvragers, wat dichter aanleunt bij het aandeel van de mannen in de Vlaamse bevolking. Bij de Vlaamse bevolking telt men 49,34% mannen en 50,66% vrouwen. Rekening houdend met de categorie beide partners vragen schuldhulpverlening aan in onze, kunnen we er zelfs van uitgaan dat het aandeel van de mannen oververtegenwoordigd is t.o.v. Vlaanderen. Pagina 23 van 48

24 Leeftijd Leeftijd in jaren % aandeel 2008 aanvragers % aandeel 2009 aanvragers % aandeel 2008 partners % aandeel 2009 partners % aandeel 2008 totaal % aandeel 2009 totaal % aandeel in Vlaanderen (18+) ,44 6,20 10,32 7,69 6,59 6,53 10, ,61 12,70 9,73 17,95 11,16 13,86 7, ,21 24,53 30,09 28,98 25,59 25,51 16, ,01 28,25 28,91 23,33 28,99 27,16 19, ,76 18,54 13,57 14,10 18,31 17,56 16, ,90 4,16 4,43 4,10 4,02 4,15 7,18 65 & ouder 6,07 5,62 2,95 3,85 5,34 5,23 22,25 Totaal 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 Bij de partners ging het in 2008 resp in totaal om 339 resp. 390 gegevens. De leeftijden variëren tussen 18 en 98 jaar in onze van In vergelijking met 2008 stellen we een verjonging vast bij de aanvragers en partners. De categorie jaar wint aan belang in het totaal. Het aandeel stijgt van 11,16% tot 13,86%. Deze stijging is in grote mate te wijten aan het aandeel bij de partners dat in die leeftijdscategorie gestegen is van 9,73% naar 17,95%. Wat verder opvalt, is dat de leeftijd van 30 tot 49 jaar in onze duidelijk oververtegenwoordigd blijft in 2009 ten opzichte van Vlaanderen, zowel bij de aanvragers als bij de partners. De 65+-ers zijn ondervertegenwoordigd t.o.v. Vlaanderen Nationaliteit Nationaliteit 2008 aanvragers 2009 aanvragers 2008 partners 2009 partners 2008 totaal 2009 totaal in Vlaanderen Belgische 94,02 95,47 91,21 91,52 93,37 94,58 94,38 Europese Unie (niet-belgische) Niet-Europese Unie 2,36 2,34 3,64 2,99 2,65 2,48 3,66 3,62 2,19 5,15 5,49 3,98 2,94 1,96 Totaal 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 Bij de vergelijking met 2008 valt op dat de overgrote meerderheid van aanvragers en partners Belgisch blijft. Het totale aandeel van Belgische aanvragers en partners samen is gestegen van 93,37% tot 94,58%. Pagina 24 van 48

25 Gezinssamenstelling Gezinssamenstelling in onze 2008 in onze 2009 in Vlaanderen Alleenwonenden 43,15 44,53 30,00 Gehuwden of samenwonenden met kinderen 21,58 19,71 27,00 Eénoudergezinnen 17,95 17,44 12,00 Gehuwden of samenwonenden zonder kinderen Samenwonend met familie, vrienden of kennissen 9,34 8,69 24,00 5,35 7,59 - Andere 2,63 2,04 7,00 Totaal 100,00 100,00 100,00 Ook hier merken we weinig verschillen in 2009 t.o.v De belangrijkste stijger is de categorie samenwonend met familie, vrienden of kennissen van 5,35% tot 7,59%. Alleenwonenden blijven het merendeel voor hun rekening nemen met 44,53%. Op de tweede plaats staan de gehuwden of samenwonenden met kinderen met 19,71% van het totale aantal dossiers schuldhulpverlening. Eénoudergezinnen nemen de derde plaats in met 17,44%. In vergelijking met Vlaanderen merken we op dat vooral de categorieën alleenwonend en éénoudergezinnen oververtegenwoordigd zijn in onze. De categorieën gehuwd of samenwonend met en zonder kinderen zijn ondervertegenwoordigd in onze Gezinsgrootte Gezinsgrootte Steekproef 2008 Steekproef 2009 Vlaanderen Gemiddeld 2,20 2,19 2,39 In 45,62% van onze in 2009 gaat het om één persoon. Dat dit niet overeenkomt met de 44,53% alleenwonenden (cf. supra 1.1.4) heeft te maken met bv. personen die wonen in een rusthuis, psychiatrische instelling, en die bij de categorie 1 persoon werden bijgeteld om de gezinsgrootte te berekenen. In 20,58% van de geregistreerde dossiers gaat het om een gezin van 2 personen die onder hetzelfde dak wonen. Dossiers met 3 resp. 4 gezinsleden beslaan 15,98% resp. 9,71%. Gezinnen met 5 personen nemen 4,89% voor hun rekening. 1,90% van de gezinnen in onze telt 6 personen, 0,88% 7 personen, 0,29% 8 personen en 0,15% 9 personen. Dit geeft een gemiddelde gezinsgrootte van 2,19 personen. In Vlaanderen bedroeg de gemiddelde gezinsgrootte in ,39 personen. Pagina 25 van 48

26 Personen ten laste Er wordt een onderscheid gemaakt tussen kinderen ten laste en andere personen ten laste (volwassenen zoals ouder, grootouder, vriend). In de van 2009 zijn er 588 dossiers met één of meer personen ten laste. Dit is 42,92% van de totale. In 2008 waren er 480 dossiers, wat toen 43,52% was van de. In onderstaande tabel vindt u een meer gedetailleerde opdeling voor De percentages werden berekend op het totale aantal dossiers met één of meer personen ten laste. Een voorbeeld zal de tabel verduidelijken: als we de eerste rij bekijken van kinderen t.e.m. 5 jaar, kunnen we het volgende zeggen: in 26,70% van de dossiers met één of meer personen ten laste komt 1 kind jonger dan 5 jaar voor, in 10,00% komen 2 kinderen jonger dan 5 jaar voor, 3 kinderen jonger dan 5 jaar vinden we in 2,55% van de dossiers, en 4 kinderen jonger dan 5 jaar in 0,34% van de dossiers. Het rijtotaal van 39,59% wil dus zeggen dat in 39,59% van de dossiers met personen ten laste er kinderen jonger dan 5 jaar ten laste zijn. Leeftijdscategorie in het totale aantal dossiers met personen ten laste 1 (1) 2 (1) 3 (1) 4 (1) Rijtotalen (%) Kinderen t.e.m. 5 jaar 26,70 10,00 2,55 0,34 39,59 Kinderen 6 11 jaar 26,19 9,18 1,87 1,02 38,26 Kinderen jaar 25,34 8,84 1,87 0,51 36,56 Kinderen vanaf 18 jaar 14,97 2,89 1,02 0,00 18,88 Andere personen ten laste 5,10 1,70 0,30 0,30 7,40 (1) 1, 2, 3 of 4 staat voor het aantal kinderen/personen uit een bepaalde categorie in eenzelfde gezin. Als we het concrete aantal personen ten laste hiertegenover zetten voor onze in 2009, krijgen we het volgende beeld voor de 588 dossiers met één of meer personen ten laste: Aantal ten laste Kinderen t.e.m. 5 jaar 334 Kinderen 6 11 jaar 319 Kinderen jaar 303 Kinderen vanaf 18 jaar 140 Andere personen 70 Totaal 1166 Dit betekent dat er 1166 personen ten laste zijn in de 588 dossiers waar er personen ten laste zijn. Gemiddeld komt dit neer op 2 personen ten laste per dossier. Pagina 26 van 48

27 Type huisvesting Type huisvesting in onze 2009 Huurder private woning 53,21 Huurder sociale woning 28,18 Eigenaar met lopend hypothecair krediet 8,32 Onderdak (vriend, familie, kennis) 3,87 Eigenaar zonder lopend hypothecair krediet 1,68 Opvangcentrum/onthaaltehuis 1,31 Medehuurder private woning 0,88 Gratis ter beschikking gestelde huisvesting 0,80 Andere 1,75 Totaal 100,00 Uit onze bevraging blijkt dat meer dan de helft van de aanvragers huurder is van een private woning. Op de tweede plaats komt huurder sociale woning met een aandeel van 28,18%. Bij deze categorie werden ook de sociale verhuurkantoren gerekend. De eigenaars met een lopend hypothecair krediet staan op de derde plaats met een aandeel van 8,32%. Eigendomsstatuut in onze 2009 in Vlaanderen Private huurder 53,21 18,50 Sociale huurder 28,18 5,60 Eigenaar 10,00 74,40 Woning gratis ter beschikking 0,80 1,50 Restcategorie 7,81 - Totaal 100,00 100,00 In vergelijking met Vlaanderen valt op dat in onze de eigenaars duidelijk ondervertegenwoordigd zijn en de huurders oververtegenwoordigd. Pagina 27 van 48

28 Scholingsgraad Van 1282 aanvragers in 2009 weten we welk hun hoogst behaalde diploma is. Bij de partners hebben we in 2009 gegevens verzameld van 366 personen. De cijfers van 2008 gaan over 773 aanvragers en 241 partners. Hoogst behaalde diploma 2008 aanvragers 2009 aanvragers 2008 partners 2009 partners 2008 totaal 2009 totaal in Vlaanderen Geen diploma 14,23 15,37 17,43 18,30 14,99 16,02 6,60 Lager onderwijs 15,01 11,08 17,43 6,83 15,58 10,13 13,83 Lager secundair onderwijs 33,64 32,22 29,04 30,33 32,55 31,80 18,08 Hoger secundair onderwijs of 3 de graad richting 3,23 8,11 6,64 9,83 4,04 8,50 - onbekend Hoger secundair onderwijs of 3 de 16,04 13,96 15,77 15,85 15,98 14,38 10,79 graad BSO Hoger secundair onderwijs of 3 de graad 11,13 12,79 7,88 12,30 10,36 12,68 13,49 TSO/KSO Hoger secundair onderwijs of 3 de graad ASO 3,23 3,12 3,32 3,28 3,25 3,16 10,97 Hoger of universitair onderwijs 3,49 3,35 2,49 3,28 3,25 3,33 26,24 Totaal 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 We merken geen belangrijke verschillen tussen aanvragers en partners. We merken wel een lichte verschuiving: het aandeel mensen met slechts een diploma lager onderwijs verkleint ten voordele van het aantal mensen met een diploma (hoger) secundair onderwijs. In de totale (inclusief mensen zonder diploma) zien we een meerderheid laaggeschoolden en een minderheid hooggeschoolden. Pagina 28 van 48

29 Scholingsgraad totaal 2008 totaal 2009 in Vlaanderen Maximaal lager secundair onderwijs 63,12 57,95 38,52 Hoger secundair onderwijs 33,63 38,72 35,26 Hoger of universitair onderwijs 3,25 3,33 26,24 Totaal 100,00 100,00 100,00 Ten opzichte van 2008 merken we een daling op van het totale aantal mensen die maximum een diploma lager secundair onderwijs hebben, maar deze groep blijft duidelijk oververtegenwoordigd ten opzichte van de Vlaamse bevolking. De categorie hoger secundair onderwijs kent een stijging van 33,63% naar 38,72% en de categorie hoger of universitair onderwijs behoudt eenzelfde aandeel van ongeveer 3% in onze, wat duidelijk een ondervertegenwoordiging is t.o.v. Vlaanderen. De mensen met schulden die over een diploma hoger secundair onderwijs ASO, TSO/KSO of BSO beschikken, volgden voornamelijk beroeps secundair onderwijs (46,74%) en technisch of kunst secundair onderwijs (42,82%) en in veel mindere mate algemeen secundair onderwijs (10,44%). De risicogroepen binnen het secundair onderwijs komen dus vooral uit de richtingen beroeps en technisch of kunst Socio-economisch Arbeidssituatie Onderstaande tabel geeft de arbeidssituatie weer van de mensen van 18 tot 64 jaar. Om de gegevens uit de accuraat te vergelijken met de kengetallen in Vlaanderen, wordt de groep van de mensen vanaf 65 jaar apart gehouden. In de heeft de groep van 65- plussers een aandeel van ongeveer 5%. Arbeidssituatie 2008 aanvragers 2009 aanvragers 2008 partners 2009 partners 2008 totaal in 2009 Vlaanderen totaal Werkend 47,88 47,49 46,79 44,91 47,62 46,90 69,65 Werkloos (niet-werkende werkzoekende) Niet beroepsactief 30,02 32,25 22,02 24,28 28,10 30,43 4,39 22,10 20,26 31,19 30,81 24,28 22,67 25,96 Totaal 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 Pagina 29 van 48

30 Voor de groep jaar gaat het in 2008 resp om gegevens van 1036 resp aanvragers. Bij de partners gaat het in 2008 resp om 327 resp. 383 verzamelde gegevens. Ook in 2009 blijft de categorie werklozen sterk oververtegenwoordigd. We merken zelfs een lichte stijging van deze categorie, al zullen de komende jaren moeten aantonen of deze significant is. De verdere uitsplitsing van de categorie werkenden toont dat het grootste aandeel bestaat uit werknemers; ambtenaren en zelfstandigen komen slechts sporadisch voor. Bij de mensen die niet beroepsactief zijn, gaat het voornamelijk om permanent werkonbekwamen; in beperkte mate ook huismannen/-vrouwen en studenten. Werkloze gezinnen Uit nader onderzoek van de basisgegevens blijkt dat 42% van de gezinnen uit de werkloze gezinnen zijn (gezinnen waar niemand van de gezinsleden van 18 tot 59 jaar een inkomen uit betaalde arbeid heeft). In 2008 was dit 38%. Onderstaande tabel geeft het aandeel volwassenen (18+) en kinderen (0j - 17j) weer dat in een werkloos gezin leeft. We stellen dus een stijging vast in 2009: meer dan één op drie van de mensen uit de, zowel volwassenen als kinderen, leeft in een gezin waar niemand van de gezinsleden van 18 tot 59 jaar een inkomen uit betaalde arbeid heeft. Steekproef 2008 (%) Steekproef 2009 (%) Vlaanderen 2008 Volwassenen 33,19 35,73 8,00 Kinderen 33,17 33,79 6, Arbeidscontract Arbeidscontract 2008 aanvragers 2009 aanvragers 2008 partners 2009 partners Contract onbepaalde duur 68,02 72,40 72,79 67,84 Interimcontract 14,67 10,72 12,66 8,19 Contract bepaalde duur 7,74 8,28 9,49 15,20 OCMW-contract (artikel 60 e.d.) 2,24 2,60 0,63 1,17 Statutair ambtenaar 2,85 0,97 0,00 1,17 Ander type arbeidscontract 4,48 5,03 4,43 6,43 Totaal 100,00 100,00 100,00 100,00 In 2008 resp waren er 491 resp. 616 werkende aanvragers. Bij de partners betreft het hier 158 resp. 171 data van werkende partners in 2008 resp Pagina 30 van 48

31 De twee belangrijkste zaken die opvallen bij de aanvragers als we 2008 met 2009 vergelijken, zijn de stijging van het aandeel contracten onbepaalde duur (van 68,02% naar 72,40%) en de daling van het aandeel interimcontracten (van 14,67% naar 10,72%). Bij de werkende partners zien we zowel een daling van de interimcontracten als de contracten onbepaalde duur. De contracten bepaalde duur kennen bij de partners dan weer een stijging van hun aandeel (van 9,49% naar 15,20%), daar waar hun aandeel bij de aanvragers vrijwel gelijk blijft Personen die bijdragen aan het inkomen Personen (andere dan de aanvrager en de eventuele partner) kunnen bijdragen aan het inkomen van een gezin door studietoelagen, kinderbijslagen, onderhoudsgeld e.d. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen kinderen ten laste en andere personen ten laste (bv. ouder, grootouder, vriend). In de van 2009 zijn er 484 dossiers waarin één of meer personen financieel bijdragen aan het inkomen van het gezin. Dit is 35,33% van de totale. In 2008 ging het om 37,81% van de totale. In onderstaande tabel vindt u een meer gedetailleerde opdeling. De percentages werden berekend op het totale aantal dossiers met één of meer personen die bijdragen aan het gezinsinkomen. Een voorbeeld zal de tabel verduidelijken: als we de tweede rij bekijken van kinderen 6 11 jaar, kunnen we het volgende zeggen: in 25,21% van de dossiers met één of meer personen die bijdragen aan het gezinsinkomen komt 1 kind voor tussen 6 en 11 jaar, in 8,47% komen 2 kinderen van 6 tot 11 jaar voor, 3 kinderen van 6-11 jaar vinden we in 2,27% van de dossiers, en in 1,03% van de dossiers komen 4 kinderen uit de categorie 6 tot 11 jaar voor. Het rijtotaal van 36,98% wil dus zeggen dat er in 36,98% van de dossiers met één of meer personen die bijdragen aan het gezinsinkomen kinderen van 6 tot en met 11 jaar aanwezig zijn. Leeftijdscategorie in het totale aantal dossiers met personen die bijdragen aan het gezinsinkomen 1 (1) 2 (1) 3 (1) 4 (1) Rijtotalen (%) Kinderen t.e.m. 5 jaar 23,97 12,00 2,07 0,21 38,25 Kinderen 6 11 jaar 25,21 8,47 2,27 1,03 36,98 Kinderen jaar 23,97 8,06 3,00 0,21 35,24 Kinderen vanaf 18 jaar 17,36 3,00 1,03 0,00 21,39 Andere personen ten laste 7,02 1,65 0,41 0,21 9,29 (1) 1, 2, 3 of 4 staat voor het aantal kinderen/personen uit een bepaalde categorie in eenzelfde gezin. Als we het concrete aantal personen die bijdragen aan het gezinsinkomen hiertegenover zetten voor onze in 2009, krijgen we het volgende beeld voor de 484 dossiers met één of meer personen die bijdragen aan het gezinsinkomen: Pagina 31 van 48

32 Aantal die financieel bijdragen aan het gezinsinkomen Kinderen t.e.m. 5 jaar 262 Kinderen 6 11 jaar 257 Kinderen jaar 236 Kinderen vanaf 18 jaar 123 Andere personen 60 Totaal 938 Dit betekent dat er 938 personen financieel bijdragen aan het gezinsinkomen in de 484 dossiers waar er één of meer personen bijdragen aan het gezinsinkomen. Gemiddeld komt dit per dossier neer op bijna 2 personen die bijdragen aan het inkomen van het gezin. Meer dan de helft (55,33%) van de personen die bijdragen aan het gezinsinkomen zijn jonger dan 12 jaar Inkomsten uit arbeid Net zoals in 2008 heeft ook in 2009 zowat de helft van de gezinnen geen inkomen uit arbeid. In onderstaande tabel vindt u de procentuele opsplitsing naar hoogte van arbeidsinkomen. Maandelijkse nettoinkomsten uit arbeid in onze 2008 in onze 2009 Geen inkomen uit arbeid 48,64 48, euro 1,90 1, euro 6,90 7, euro 25,68 25, euro 8,71 8, euro 8,17 8,10 Totaal 100,00 100,00 Opmerking i.v.m. loonoverdracht of beslag In 2008 was er in 6,53% van de dossiers uit onze sprake van een loonoverdracht of een loonbeslag. In 2009 bedroeg dit percentage 7,66%. Pagina 32 van 48

33 Vervangingsinkomsten en bron Net zoals in 2008 beschikt ook in 2009 bijna twee op drie gezinnen over een vervangingsinkomen. In onderstaande tabel vindt u de procentuele opsplitsing naar hoogte van het vervangingsinkomen. Maandelijkse vervangingsinkomsten in onze 2008 in onze 2009 Geen vervangingsinkomen 36,81 35, euro 6,89 6, euro 33,36 30, euro 19,13 23,50 Meer dan 1500 euro 3,81 3,94 Totaal 100,00 100,00 Twee zaken vallen op. De categorie van 501 tot 1000 euro blijft de grootste, zowat drie op tien gezinnen vallen hieronder. Daarnaast is het aandeel van de vervangingsinkomens van 1001 tot 1500 euro gestegen van 19,13% naar 23,50%. Hieronder geven we ook het overzicht weer van de bronnen van vervangingsinkomsten en hoe groot de kans is om ze aan te treffen in een dossier met vervangingsinkomsten. Bron vervanginsinkomsten Kans op aanwezigheid in een dossier (%) Werkloosheidsuitkering 41,88 45,80 Ziekte- of invaliditeitsuitkering 37,25 33,79 Pensioen 14,93 15,53 Leefloon 8,70 7,26 Tegemoetkoming mindervaliden 8,41 4,99 Andere vervangingsinkomsten 9,71 5,55 Zowel in 2008 als 2009 zijn de twee meest voorkomende bronnen van vervangingsinkomsten werkloosheidsuitkeringen en ziekte- of invaliditeitsuitkeringen. In 2009 werd ook gevraagd om het bedrag in te vullen van de vervangingsinkomsten per categorie indien mogelijk. Hierna volgt meer info omtrent de twee meest voorkomende bronnen van vervangingsinkomsten. Wat werkloosheidsuitkeringen betreft, kwam deze categorie 404 keer voor op een totaal van 882 dossiers waar er sprake is van vervangingsinkomsten en voor 308 dossiers werden er bedragen vermeld. De procentuele uitsplitsing van deze 308 dossiers per bedrag van werkloosheidsuitkering zag er als volgt uit: Pagina 33 van 48

34 Werkloosheidsuitkering euro 20, euro 52, euro 26,30 Meer dan 1500 euro 0,65 Totaal 100,00 In 298 dossiers kwamen ziekte- of invaliditeitsuitkeringen voor en 233 keer werd er een bedrag opgegeven. Aangaande de bedragen van ziekte- of invaliditeitsuitkering, geldt het volgende qua procentuele opdeling per categorie: Ziekte- of invaliditeitsuitkering euro 4, euro 58, euro 35,62 Meer dan 1500 euro 1,72 Totaal 100, Aanvullende inkomsten en bron In onderstaande tabel vindt u de procentuele opsplitsing naar hoogte van het aanvullende inkomen. Hierbij valt op dat het aandeel van dossiers met aanvullend inkomen in 2009 gedaald is t.o.v In 29,85% van de dossiers is er nog maar sprake van een aanvullend inkomen tegenover nog 36,81% in Maandelijkse aanvullende inkomsten in onze 2008 in onze 2009 Geen aanvullend inkomen 63,19 70, euro 27,83 20, euro 7,35 6,64 Meer dan 1000 euro 1,63 2,70 Totaal 100,00 100,00 In de tabel merken we dat de stijging van het aantal dossiers zonder aanvullend inkomen bijna volledig te wijten is aan de daling in de categorie euro. Als we kijken waar die aanvullende inkomsten vandaan komen, krijgen we het volgende beeld. De onderstaande tabel geeft een antwoord op de vraag: hoe groot is de kans dat een bepaalde bron van aanvullende inkomsten voorkomt in een dossier waar sprake is van aanvullende inkomsten. Pagina 34 van 48

35 Bron aanvullende inkomsten Kans op aanwezigheid in een dossier (%) Kinderbijslagen 79,25 76,04 Onderhoudsuitkeringen 15,25 21,76 Andere aanvullende inkomsten 22,25 15,40 Studietoelagen 4,00 7,33 OCMW-steun - 6,85 Zorgverzekering - 3,67 Financiële hulp van vrienden/familie (indien regelmatig) 2,50 2,44 Voorschotten op onderhoudsgeld 2,00 1,47 Inkomsten uit roerende en onroerende goederen 0,00 0,73 Terugbetaling bijdragen 2,25 0,00 Ondanks een lichte daling in 2009 t.o.v blijft de categorie kinderbijslagen veruit de meest voorkomende bron van aanvullende inkomsten met een kans van 76,04%. De tweede en derde plaats zijn omgewisseld. De onderhoudsuitkeringen nemen in 2009 een belangrijke tweede plaats in. In 2008 deden de andere aanvullende inkomsten dat. Hierbij dient opgemerkt dat in 2008 de categorie andere aanvullende inkomsten niet nader gespecificeerd kon worden, daar waar dat in 2009 wel het geval is. Hieruit hebben we twee grotere categorieën kunnen distilleren, met name OCMW-steun en zorgverzekering. Nog enkele andere voorbeelden die voorkomen in de categorie andere aanvullende inkomsten zijn: premie RVA, loopbaanonderbreking, PWA-vergoeding, kranten- en reclamebedeling, stagevergoeding, mantelzorgpremie, brugpensioenpremie. Naar analogie met het vervangingsinkomen werd ook voor het aanvullend inkomen in 2009 gevraagd naar een bedrag, indien mogelijk. Hieronder volgt meer informatie over de grootste categorie, nl. die van de kinderbijslagen. Kinderbijslag kwam voor in 311 dossiers van de 409 waar er sprake is van aanvullende inkomsten. In 242 gevallen werd er ook een bedrag vermeld. De procentuele aandelen van de verschillende bedragen kinderbijslag zijn als volgt: Kinderbijslag euro 73, euro 20, euro 2,48 Meer dan 1250 euro 3,30 Totaal 100,00 Pagina 35 van 48

36 2. Schuldenlast 2.1. Totaal bedrag van uitstaande schulden Opvallend is de grote stijging van de categorie schulden van meer dan euro in In bijna één op vijf dossiers ligt de uitstaande schuldenlast nu hoger dan euro. Dit wordt vooral gecompenseerd door een lichte daling van het aandeel van schulden tussen 5001 en euro. Bedrag uitstaande schulden in euro in onze 2008 in onze ,52 8, ,51 11, ,78 15, ,58 19, ,01 25, ,60 19,27 Totaal 100,00 100, Soorten schulden Onderstaande tabel geeft weer in hoeveel procent van de dossiers een bepaalde schuldsoort voorkomt. Soort schuld Kans op aanwezigheid in een dossier in 2008, in % Kans op aanwezigheid in een dossier in 2009, in % Energieschulden/nutsvoorzieningen 44,73 57,08 Gezondheidsschulden 34,91 45,55 Leningen op afbetaling 42,45 40,51 Fiscale schulden 29,18 40,44 Kredietopening 34,82 36,50 Telefoon/gsm 21,27 33,94 Strafrechterlijke schulden, boetes 21,45 30,07 OCMW-schulden 23,45 29,20 Huurschulden 24,55 26,72 Aankoop op afbetaling 12,09 18,39 Privélening 8,27 13,80 Verzekeringen 5,64 13,28 School 3,55 8,32 Hypothecair krediet 6,91 7,37 Alimentatie/onderhoudsgeld 4,36 5,77 Pagina 36 van 48

37 Kosten advocaat - 4,45 Postorderaankopen - 2,92 Financieringshuur 0,45 0,66 Andere schulden 30,00 28,03 Bijna alle soorten schulden komen in 2009 meer voor dan in Bij de vergelijking tussen beide jaren dient men er rekening mee te houden dat in 2008 enkel de vijf belangrijkste schuldsoorten per dossier gevraagd werden, terwijl in 2009 ruimte was om alle schuldsoorten die voorkwamen in een dossier aan te duiden. Op die manier krijgen we een vollediger beeld van de schuldsoorten, aangezien heel wat dossiers complexe dossiers zijn met meer dan 5 verschillende soorten. Het is in elk geval duidelijk dat de kans dat energieschulden/nutsvoorzieningen ook in 2009 de meest voorkomende schulden zijn, namelijk in 57,08% van de dossiers. Leningen op afbetaling worden ingehaald door de gezondheidsschulden, waardoor ze qua meest voorkomende soort schulden op de derde plaats terechtkomen. Gezondheidsschulden komen in 2009 bijna in één op twee dossiers voor. Verder is de kans op aanwezigheid in een dossier van de volgende soorten schulden in 2009 groot: fiscale schulden (40,44%), kredietopeningen (36,50%), telefoon/gsm (33,94%), strafrechterlijke schulden/boetes (30,07%), OCMW-schulden (29,20%) en huurschulden (26,72%). De categorieën kosten advocaat en postorderaankopen zaten in 2008 in de categorie andere vervat, maar nu hebben we die als belangrijkste kunnen distilleren uit de groep van andere schulden. In 2009 werd ook gevraagd om het bedrag te noteren bij de verschillende soorten schulden, indien mogelijk. We bekijken hierna wat dit inhoudt voor de drie meest voorkomende schulden: energie/nutsvoorzieningen, gezondheid en leningen op afbetaling. Van de 782 dossiers waar energieschulden/nutsvoorzieningen aanwezig zijn, hebben we cijfergegevens van 614 dossiers. De procentuele verdeling per categorie van bedragen ziet er als volgt uit: Schuldbedrag bij energie/nutsvoorzieningen euro 29, euro 23, euro 14, euro 28, euro 3,58 Meer dan euro 0,65 Totaal 100,00 Wat opvalt, is dat het bedrag in meer dan de helft (i.c. 52,93%) van de dossiers met energieschulden beperkt blijft tot 1000 euro, maar daarnaast zien we dat ook in 32,41% van de Pagina 37 van 48

38 gevallen de schuld oploopt tot meer dan 1500 euro. Het hoogst vermelde schuldbedrag m.b.t. energie/nutsvoorzieningen is euro. De bevat 624 dossiers waar gezondheidsschulden aan de orde zijn. Van 496 dossiers kregen we de cijfergegevens m.b.t. deze soort schuld. De procentuele opsplitsing naar hoogte van het schuldbedrag aangaande gezondheid resulteert in het volgende: Bedrag gezondheidsschulden euro 39, euro 23, euro 18, euro 8, euro 4, euro 1, euro 3,43 meer dan euro 0,81 Totaal 100,00 Dit betekent dat in 4 op 5 dossiers waar gezondheidsschulden aanwezig zijn, het bedrag niet hoger is dan 2000 euro: in 2 op 5 dossiers blijft het beperkt tot 500 euro en in 2 op 5 dossiers gaat het om een bedrag tussen 501 en 2000 euro. Het hoogste bedrag aan gezondheidsschulden dat voorkomt in een dossier is euro. We hebben 555 dossiers in onze waar er leningen op afbetaling bij de schulden zitten. In 428 gevallen beschikken we ook over de cijfers. Dit geeft het volgende beeld: Schuldbedrag bij leningen op afbetaling euro 8, euro 33, euro 21, euro 20, euro 9, euro 4,67 Meer dan euro 1,64 Totaal 100,00 In meer dan de helft (55,37%) van de dossiers bedraagt het schuldbedrag m.b.t. leningen op afbetaling tussen 1001 en euro. Pagina 38 van 48

39 2.3. Aantal schuldeisers Globaal gezien zijn er geen significante verschillen inzake het aantal schuldeisers. In twee derde van de dossiers zijn 2 tot 10 schuldeisers betrokken. Aantal schuldeisers in onze 2008 in onze ,16 7, ,90 35, ,65 32,26 Meer dan 10 27,29 24,96 Totaal 100,00 100,00 Het aantal schuldeisers per dossier kan oplopen tot meer dan 20. Het aandeel van de categorie meer dan 10 schuldeisers vertoont een daling, die volledig gecompenseerd wordt door een stijging van de categorie 6 tot 10 schuldeisers Aantal gerechtsdeurwaarderdossiers In bijna de helft van de dossiers schuldhulpverlening van onze komen gerechtsdeurwaarderdossiers voor, zowel in 2008 als in 2009, zoals blijkt uit onderstaande tabel. Aantal gerechtsdeurwaarderdossiers in onze 2008 in onze ,27 51, ,27 18, ,46 25, ,91 4,09 Meer dan 10 1,09 0,73 Totaal 100,00 100,00 Er zijn geen opmerkelijke verschillen tussen 2008 en Het is duidelijk dat in meer dan de helft van de dossiers waar er gerechtsdeurwaarderdossiers in zitten, het aantal gerechtsdeurwaarderdossiers varieert van 2 tot 5. De tweede grootste groep is die met één gerechtsdeurwaarderdossier. Pagina 39 van 48

40 2.5. Aantal incassodossiers Bij iets meer dan de helft van de dossiers schuldhulpverlening in onze zijn er incassodossiers aanwezig. In meer dan de helft van deze dossiers zijn er 2 tot 5 incassodossiers aanwezig. De tweede grootste groep is die met 1 incassodossier. Aantal incassodossiers in onze 2008 in onze ,36 44, ,73 20, ,27 29, ,00 4,09 Meer dan 10 0,64 1,17 Totaal 100,00 100, Zelf schuldvorderingen lopen? In 6,44% (2008) en 7,15% (2009) van het aantal dossiers schuldhulpverlening uit onze heeft de aanvrager zelf schuldvorderingen lopen (bijvoorbeeld: onderhoudsgelden voor kinderen) Leefgeld Onder leefgeld wordt verstaan: het bedrag dat maandelijks overblijft voor voeding, kleding en ontspanning, na aftrek van alle aflossingen en vaste kosten. Het overzicht van de procentuele verdeling naar bedrag van leefgeld ziet er als volgt uit: Maandelijks leefgeld in euro in onze 2008 in onze 2009 Geen leefgeld 3,08 3, ,63 3, ,98 5, ,86 18, ,22 21, ,04 15, ,75 28, ,44 3,50 Totaal 100,00 100,00 Pagina 40 van 48

41 We merken inzake leefgeld geen significante verschillen in 2009 ten opzichte van Wel is het aandeel van de leeflonen tussen 301 en 400 euro gestegen en dat van 401 tot 500 euro gedaald. In een volgende tabel wordt het maandelijks leefgeld gekoppeld aan de categorieën van de gezinssamenstelling (zie 1.1.4). De meest voorkomende categorieën werden gemarkeerd. Maandelijks leefgeld naar gezinssamenstelling (%) Totaal alleenwonend 3,94% 4,43% 6,90% 29,39% 33,17% 13,14% 7,72% 0,99% 0,33 % 100 % eenoudergezinnen 2,51% 1,26% 2,93% 9,21% 19,67% 22,59% 25,10% 14,23% 2,51 % 100 % samenwonend met kinderen 2,59% 0,37% 2,22% 5,93% 4,07% 10,74% 31,48% 30,00% 12,59 % 100 % samenwonend zonder 2,52 % 100 % 1,68% 2,52% 3,36% 2,52% 8,40% 26,89% 35,29% 16,81% kinderen samenwonend met familie en 1,09% 100% 1,09 % 6,52 % 8,70 % 30,43% 26,06% 10,67% 6,52% 8,70% vrienden andere 9,76% 7,32% 9,76% 17,07% 17,07% 17,07% 7,32% 9,76% 4,88% 100 % totaal 3,21% 3,14% 5,18% 18,61% 21,97% 15,47% 17% 11,17% 3,50% 100 % Cumulatief geeft dit het volgende beeld. De gemarkeerde categorieën zijn degenen waarbij zowat 80% van de zit die met het daarboven vermelde bedrag moet rondkomen. Maandelijks leefgeld naar gezinssamenstelling (cumulatief %) alleenwonend 3,94% 8,37% 15,27% 44,66% 77,83% 90,97% 98,69% 99,67% eenoudergezinnen 2,51% 3,77% 6,69% 15,90% 35,56% 58,16% 83,26% 97,49% samenwonend met kinderen 2,59% 2,96% 5,19% 11,11% 15,19% 25,93% 57,41% 87,41% samenwonend zonder kinderen samenwonend met familie en vrienden 1,68% 4,20% 7,56% 10,08% 18,49% 45,38% 80,67% 97,48% 1,09% 7,61% 16,30% 46?74ù 72,83% 83,70% 90,22% 98,91% andere 9,76% 17,07% 26,83% 43,90% 60,98% 78,05% 85,37% 95,12% totaal 3,21% 6,35% 11,53% 30,15% 52,11% 67,59% 85,33% 96,50% % 100% 100% 100% 100 % 100 % 100 % We bekijken de categorieën die oververtegenwoordigd waren in de t.o.v. Vlaanderen in detail, zijnde de alleenwonenden en de eenoudergezinnen. Daaruit blijkt dat bijna de helft van de alleenwonenden een maximum leefgeld van 300 euro heeft, vier op vijf moet rondkomen met maximum 400 euro per maand. Bijna drie op vijf van de eenoudergezinnen beschikt over maximum 500 euro leefgeld per maand, vier op vijf heeft niet meer dan 750 euro per maand. Pagina 41 van 48

42 2.8. Schuldoorzaken Het is interessant om te kijken in hoeveel procent van de dossiers een bepaalde schuldoorzaak voorkomt. Met andere woorden, als je een willekeurig dossier bekijkt, hoe groot is dan de kans dat daar sprake is van een bepaalde schuldoorzaak. De tabel hieronder verduidelijkt dit. Schuldoorzaak Levenswijze niet in overeenstemming met de inkomsten (moeilijkheden met het beheer) / overbesteding Kans op aanwezigheid in een dossier in 2008, in % Kans op aanwezigheid in een dossier in 2009, in % 51,32 54,09 Tekort aan administratieve vaardigheden 46,87 53,50 Geen, te laag of onregelmatig inkomen 48,32 49,20 Ziekte van aanvrager, partner, kind of persoon ten laste 31,34 25,99 Echtscheiding/breuk 19,80 21,24 Afhankelijkheidsproblemen (alcohol, drugs) 19,80 20,51 Opstapeling/verlening van uitstel tot betaling 18,44 18,91 Verlies van job door aanvrager of partner 7,90 13,80 Grote onvoorziene uitgaven 6,18 6,57 Faillissement in geval van zelfstandige 3,91 3,43 Overlijden van de partner 2,91 2,77 Detentie 2,00 2,48 Borgstelling ten gunste van een vriend/familie 1,82 1,24 Psychische problemen - 1,46 Ongeval - 0,66 Andere oorzaak 18,26 9,27 In 2008 werd enkel gepeild naar de vijf belangrijkste oorzaken, in 2009 konden meer oorzaken aangeduid worden. We moeten dus voorzichtig zijn met de vergelijking tussen beide jaren. We merken echter niet veel grote verschillen tussen 2008 en Drie oorzaken zijn in ongeveer de helft van de dossiers aanwezig: moeilijkheden met beheer van het inkomen/overbesteding, inkomensproblemen en een tekort aan administratieve vaardigheden. Wat deze laatste categorie betreft, merken we wel een opvallende stijging van 46,87% naar 53,50%. Ziekte kwam in 2008 nog bijna in één op drie dossiers voor als oorzaak, daar waar dat in 2009 in één op vier dossiers is. In één op vijf dossiers veroorzaken echtscheiding/breuk en afhankelijkheidsproblemen mee de schulden. Verlies van job was in 7,90% van de dossiers aanwezig in 2008 en in 2009 steeg dit percentage opvallend tot 13,80%. Uit de categorie andere oorzaken kwamen psychische problemen en ongeval als de twee belangrijkste naar voor. Pagina 42 van 48

43 3. Geboden dienstverlening 3.1. Looptijd dossier Van de dossiers in de van 2008 resp werd 21,03% resp. 23,87% geopend in 2008 resp We moeten er hierbij rekening mee houden dat de registratie telkens gebeurde tussen 1 mei en 15 juli. Zowel in 2008 als 2009 kende ongeveer 2 op 3 dossiers een looptijd van minder dan 3 jaar. Maar er is 9,79% resp. 6,20% uit onze van 2008 resp dat al opgestart werd vóór 2001, dus al meer dan 8 à 9 jaar loopt. Startjaar van het dossier in onze 2008 in onze , ,03 29, ,48 15, ,41 9, ,29 16, ,89 4,38 vóór ,90 1,82 Totaal 100,00 100, Ervaren moeilijkheden Aangaande de ervaren moeilijkheden van de aanvrager op het moment van het contacteren van de dienst schuldbemiddeling, geeft onderstaande tabel de kans weer dat een bepaalde moeilijkheid voorkomt in een dossier uit de. Antwoordmogelijkheden Kans op aanwezigheid in een dossier in 2008, in % Kans op aanwezigheid in een dossier in 2009, in % Achterstallige betalingen 77,33 76,42 Gerechtsdeurwaarderexploot aanmaning tot betaling 46,33 49,20 Ingebrekestelling 38,89 39,20 Aangetekende brief ter herinnering 37,53 39,05 Dagvaarding 15,78 15,62 Uitvoering beslag roerende goederen 13,60 15,04 Afsluiting of begrenzing gas/elektriciteit 14,42 14,67 Beslag op en/of overdracht van loon 13,96 13,80 Afsluiting of begrenzing telefoon 6,07 6,13 Beslag onroerende goederen 4,44 5,33 Dakloosheid/dreiging tot uithuiszetting - 4,74 Andere moeilijkheden 32,28 13,65 Pagina 43 van 48

44 We merken opnieuw geen grote verschillen in beide jaren. Achterstallige betalingen komen zowel in 2008 als 2009 in bijna 4 van de 5 dossiers voor als ervaren moeilijkheid op het moment van het contacteren van de dienst schuldbemiddeling. Daarna zijn de meest voorkomende moeilijkheden bij aanvraag een gerechtsdeurwaarderexploot - aanmaning tot betaling, een ingebrekestelling en een aangetekende brief ter herinnering. In 2008 kon de categorie andere moeilijkheden nog niet nader gespecificeerd worden. In 2009 kon dit wel en daaruit hebben we als grootste categorie die van dakloosheid/dreiging tot uithuiszetting kunnen halen die in 4,74% van de dossiers vermeld wordt Hoe de dienst leren kennen De laatste vraag uit de vragenlijst peilt naar de wijze waarop de aanvrager van schuldhulpverlening de dienst schuldbemiddeling heeft leren kennen. De tabel hierna geeft de kans weer dat een bepaald informatiekanaal voorkomt in een dossier. Antwoordmogelijkheden Kans op aanwezigheid in een dossier in 2008, in % Kans op aanwezigheid in een dossier in 2009, in % Sociale dienst van een OCMW of CAW 64,19 54,23 Mond-aan-mond-reclame 25,39 32,70 Andere 11,70 7,88 Geschreven of gesproken media 3,90 4,09 Familie - 4,01 Reeds gekend met de dienst uit het verleden - 2,85 Werkgever 2,81 2,26 Gerechtsdeurwaarder 1,54 2,04 Kredietinstelling 0,45 1,75 Rechterlijke macht 1,27 1,31 Vakbond 1,09 1,09 Ministerie of politieke wereld 0,54 0,66 Consumentenvereniging 0,00 0,00 De sociale dienst van een OCMW of CAW speelt nog steeds de belangrijkste rol als tussenpersoon om iemand in contact te brengen met de dienst schuldbemiddeling. Nochtans is het belang van deze groep wel gedaald: van bijna 2 op 3 dossiers naar 1 op 2. Daartegenover is het belang van de mond-aan-mond-reclame toegenomen: van 1 op 4 naar 1 op 3 dossiers. Wat verder opvalt, is dat een consumentenvereniging nooit werd aangeduid, terwijl men zou verwachten dat die een belangrijke taak heeft om de zwakkere consument te informeren. Als hypothese zouden we kunnen stellen dat het te verklaren kan zijn door het feit dat de zwakkere consument in schulden de weg naar de consumentenvereniging niet vindt. Pagina 44 van 48

45 In 2008 kon de categorie andere nog niet verder benoemd worden, maar in 2009 kon dit wel. We hebben daar de twee belangrijkste categorieën uit gehaald, met name familie en reeds gekend met de dienst uit het verleden. Een kredietinstelling werd in 2008 bijna niet vermeld als informatiekanaal. In 2009 komt het in 1,75% van de dossiers voor. 4. Conclusies We merken weinig significante verschillen met de gegevens van De conclusies die daar geformuleerd werden, blijven dus grotendeels ook in 2009 gelden. Hieronder overlopen we de belangrijkste conclusies en vermelden we de relevante verschillen met Geslacht In 2009 zijn er 2,19% meer mannen dan in 2008 die schuldhulpverlening aanvragen, wat hun aandeel op 47,16% brengt. Het aandeel van de vrouwen is bijna constant gebleven op ongeveer 34%. De conclusie blijft dat zowel in 2008 als 2009 meer mannen dan vrouwen schuldhulpverlening aanvragen. T.o.v. Vlaanderen (49,34% mannen) mogen we ervan uitgaan dat het aandeel van de mannen in onze oververtegenwoordigd is, rekening houdend met de categorie beide partners vragen schuldhulpverlening aan. 2. Leeftijd In vergelijking met 2008 stellen we mogelijk een verjonging vast bij de aanvragers en de partners. Vooral de categorie 25 tot 29 jaar wint hier aan belang. De leeftijdscategorie 30 tot 49 jaar is duidelijk oververtegenwoordigd t.o.v. Vlaanderen. 3. Nationaliteit Het aandeel van personen met Belgische nationaliteit bedraagt in ,58% tegenover 93,37% in Gezinssamenstelling Zowel in 2008 als 2009 zijn de categorieën alleenwonenden en éénoudergezinnen oververtegenwoordigd in de t.o.v. de totale bevolking in Vlaanderen. duidelijk 5. Gezinsgrootte De gemiddelde gezinsgrootte in onze (2,19) wijkt niet significant af van de gemiddelde gezinsgrootte in Vlaanderen (2,39). Eén op vijf van de aanvragers betreft huishoudens van twee personen. In 45,62% van de gevallen gaat het om alleenwonenden. 6. Personen ten laste In 42,92% van het totale aantal dossiers zijn er kinderen ten laste. Gemiddeld zijn er in deze dossiers 2 kinderen ten laste. Het betreft overwegend kinderen tot 18 jaar. Pagina 45 van 48

46 7. Type huisvesting In vergelijking met Vlaanderen valt op dat in onze de eigenaars duidelijk ondervertegenwoordigd zijn (10,00% tegenover 74,40% in Vlaanderen). De huurders zijn duidelijk oververtegenwoordigd, zowel de private huurders (53,21% tegenover 18,50%) als de sociale huurders (28,18% tegenover 5,60%). 8. Scholingsgraad Ten opzichte van 2008 merken we een daling op van het aantal mensen die maximum een diploma lager secundair onderwijs hebben (van 63,12% naar 57,95%), maar deze groep blijft duidelijk oververtegenwoordigd ten opzichte van de Vlaamse bevolking (30,80%). De daling is volledig te wijten aan de daling van het aandeel mensen dat enkel een diploma lager onderwijs heeft. De categorie hoger secundair onderwijs kent een stijging (van 33,63% naar 38,72%) en de categorie hoger of universitair onderwijs behoudt eenzelfde aandeel van ongeveer 3% in onze, wat duidelijk een ondervertegenwoordiging is t.o.v. Vlaanderen, waar dit percentage 31,70% bedraagt. De risicogroepen binnen het secundair onderwijs komen ook in 2009 vooral uit de richtingen beroepsonderwijs en technisch of kunstonderwijs. 9. Arbeidssituatie Ook in 2009 blijft de categorie werklozen sterk oververtegenwoordigd (30,43% tegenover 4,39% in Vlaanderen). We merken zelfs een lichte stijging van deze categorie (van 28,10% naar 30,43%). Het aandeel van de categorie werkenden is in de quasi gelijk gebleven op ongeveer 47%. Dit blijft een duidelijke ondervertegenwoordiging tegenover Vlaanderen (69,65%). 10. Arbeidscontract Van elke 10 werkende aanvragers hebben er 7 een arbeidscontract van onbepaalde duur. Bij de aanvragers valt de stijging op van het aandeel contracten onbepaalde duur en de daling van het aandeel interimcontracten. De werkende partners worden gekenmerkt door zowel een daling van de interimcontracten als de contracten onbepaalde duur. Het aandeel van de contracten bepaalde duur kent bij de partners dan weer een stijging, daar waar hun aandeel bij de aanvragers quasi gelijk blijft. 11. Personen die bijdragen aan het inkomen 55,33% van de personen die bijdragen aan het inkomen zijn jonger dan 12 jaar. Het gaat dus voornamelijk om kinderbijslagen. 12. Inkomsten uit arbeid Zowel in 2008 als 2009 bestond bijna de helft van de dossiers uit gezinnen zonder arbeidsinkomen, met name 48,64% resp. 48,10%. Bij degenen die wel over een arbeidsinkomen beschikken, is een maandelijks netto-inkomen tussen 1001 en 1500 euro het meest voorkomend. 13. Vervangingsinkomen In 36,81% (2008) resp. 35,62% (2009) van de gezinnen had men geen vervangingsinkomen. Waar men wel een vervangingsinkomen heeft, zijn zowel in 2008 als 2009 werkloosheidsuitkeringen en ziekte- of invaliditeitsuitkeringen de twee meest voorkomende bronnen van vervangingsinkomsten. De categorie euro blijft de belangrijkste groep met 30,51%. Het aandeel van vervangingsinkomsten voor een bedrag van 1001 tot 1500 euro is toegenomen en neemt nu met Pagina 46 van 48

47 een aandeel van 23,50% de tweede plaats in. Als we meer specifiek gaan kijken naar de werkloosheidsuitkeringen en de ziekte- en invaliditeitsuitkeringen afzonderlijk, blijven de eerste en tweede plaats wel dezelfde, maar wat vooral opvalt is dat 20,78% slechts een werkloosheidsuitkering heeft die maximum 500 euro bedraagt. De meeste uitkeringen situeren zich tussen 501 en 1000 euro. 14. Aanvullende inkomsten Het aandeel van dossiers zonder aanvullend inkomen is gestegen van 63,19% in 2008 tot 70,15% in Bij diegenen die wel een aanvullend inkomen hebben, bedraagt dit inkomen meestal maximum 500 euro. Als bron van aanvullend inkomen is de kinderbijslag de meest voorkomende in drie vierde van de dossiers. Onderhoudsuitkeringen komen in 2009 in 21,76% van de dossiers voor, een stijging tegenover de 15,25% in Totaal bedrag van uitstaande schulden Wat opvalt en onrustbarend is, is de grote stijging van de categorie schulden van meer dan euro, van 12,60% van de dossiers in 2008 tot 19,27% in In bijna één op vijf dossiers ligt de uitstaande schuldenlast nu hoger dan euro. Bijna twee op drie dossiers kent een totale schuldenlast van meer dan 5000 euro. 16. Soorten schulden Een vergelijking tussen 2008 en 2009 is hier moeilijk, gezien er in 2009 meer soorten schulden aangegeven konden worden. De kans dat energieschulden/nutsvoorzieningen voorkomen in een dossier blijft in elk geval de grootste, met 44,73% in 2008 en 57,08% in Dit betekent dus dat van elke 5 dossiers er bijna 3 bij zijn waar er sprake is van schulden m.b.t. energie en nutsvoorzieningen. Leningen op afbetaling worden ingehaald door de gezondheidsschulden, als tweede meest voorkomende soort schulden. Zowel gezondheidsschulden, leningen op afbetaling als fiscale schulden komen in 2009 in meer dan twee op vijf dossiers voor. Belangrijke stijgers bij de soorten schulden zijn telecom van 21,27% naar 33,94% en de aankopen op afbetaling van 12,09% naar 18,39%. Wat de energieschulden/nutsvoorzieningen betreft, bedraagt 29,15% minder dan 500 euro, maar daarnaast bevindt 28,18% zich in de categorie 1501 tot 5000 euro. Inzake gezondheidsschulden, behelst 63,10% een bedrag lager dan 1001 euro. In meer dan de helft (55,37%) van de dossiers bedraagt het schuldbedrag m.b.t. leningen op afbetaling tussen 1001 en euro. 17. Aantal schuldeisers Het aandeel van de schuldhulpverleningsdossiers met 2 tot 10 schuldeisers uit de is gestegen van 65,55% in 2008 tot 68,03% in Dat van meer dan 10 schuldeisers is gedaald van 27,29% naar 24,96%. 18. Aantal gerechtsdeurwaarderdossiers In meer dan de helft van de dossiers, zowel in 2008 als 2009, komen geen gerechtsdeurwaarderdossiers voor. Waar ze wel te maken hebben met gerechtsdeurwaarders, is dat in de meeste gevallen met 1 tot 5 gerechtsdeurwaarders. Pagina 47 van 48

48 19. Aantal incassodossiers Het aandeel van de dossiers met incassodossiers is gestegen van 53,64% naar 55,84%. In de dossiers waar incassodossiers voorkomen, betreft dat in de meeste gevallen 1 tot 5 incassodossiers. 20. Leefgeld Bij de categorieën die oververtegenwoordigd waren in de t.o.v. Vlaanderen, zijnde de alleenwonenden en de eenoudergezinnen, heeft van de alleenstaanden bijna de helft een maximum van 300 euro per maand of ongeveer 75 euro per week. Bij bijna drie op vijf van de eenoudergezinnen ligt het maandelijks leefgeld op een maximum van 500 euro of ongeveer 125 euro per week. 21. Schuldoorzaken We merken zowel in 2008 als 2009 dat drie oorzaken in ongeveer de helft van de dossiers aanwezig zijn: moeilijkheden met beheer van het inkomen/overbesteding, een tekort aan administratieve vaardigheden, en inkomensproblemen. Aangaande het tekort aan administratieve vaardigheden merken we een stijging van 46,87% naar 53,50%. Ziekte kwam in 2008 nog bijna in één op drie dossiers voor als oorzaak, daar waar dat in 2009 in één op vier dossiers is. In één op vijf dossiers veroorzaken echtscheiding/breuk en afhankelijkheidsproblemen mee de schulden. Verlies van job was in 7,90% van de dossiers aanwezig in 2008 en in 2009 steeg dit percentage tot 13,80%. 22. Looptijd dossier Zowel in 2008 als 2009 kende ongeveer 2 op 3 dossiers een looptijd van minder dan 3 jaar. Maar er is 9,79% resp. 6,20% uit onze van 2008 resp dat al opgestart werd vóór 2001, dus al meer dan 8 à 9 jaar loopt. Hun aandeel vertoont wel een daling. 23. Ervaren moeilijkheden op moment van contact met de dienst Achterstallige betalingen komen zowel in 2008 als 2009 in meer dan 3 van de 4 dossiers voor als ervaren moeilijkheid op het moment van het contacteren van de dienst schuldbemiddeling. Daarna zijn de meest voorkomende moeilijkheden bij aanvraag een gerechtsdeurwaarderexploot - aanmaning tot betaling, een ingebrekestelling en een aangetekende brief ter herinnering. 24. Hoe de dienst leren kennen? De sociale dienst van een OCMW of CAW speelt nog steeds de belangrijkste rol als tussenpersoon om iemand in contact te brengen met de dienst schuldbemiddeling. Nochtans is het belang van deze groep wel gedaald in 2009 t.o.v. 2008: van bijna 2 op 3 dossiers naar 1 op 2. Het belang van de mond-aan-mond-reclame is daarentegen toegenomen: van 1 op 4 naar 1 op 3 dossiers. Pagina 48 van 48

Cijfermateriaal basisregistratie

Cijfermateriaal basisregistratie Cijfermateriaal basisregistratie 2007-2009 Mei 2010 1. Inleiding In dit rapport wordt het cijfermateriaal met betrekking tot budgethulpverlening en schuldhulpverlening gepresenteerd dat door de erkende

Nadere informatie

INHOUDSTAFEL. Inhoudstafel... 2

INHOUDSTAFEL. Inhoudstafel... 2 Onderzoeksrapport: Resultaten van de basisregistratie en de uitgebreide registratie uitgevoerd bij de erkende instellingen schuldbemiddeling in Vlaanderen, 2007-2008 JANUARI 2009 Onderzoeksrapport: Resultaten

Nadere informatie

Huishoudens in schuldbemiddeling: profielen en regionale verschillen

Huishoudens in schuldbemiddeling: profielen en regionale verschillen PERSONEN IN FINANCIËL E MOEILIJKHEDEN : PROFIELEN? Colloquium van het Observatorium Krediet en Schuldenlast, 5 december 2013, Brussel Huishoudens in schuldbemiddeling: profielen en regionale verschillen

Nadere informatie

HANDLEIDING BASISREGISTRATIEFORMULIER 2012

HANDLEIDING BASISREGISTRATIEFORMULIER 2012 1. Situering HANDLEIDING BASISREGISTRATIEFORMULIER 2012 De registratie door de erkende instellingen voor schuldbemiddeling wordt geregeld bij het decreet van 24 juli 1996 houdende regeling tot erkenning

Nadere informatie

Vlaamse gezinnen in budget- en / of schuldhulpverlening: cijfergegevens 2012

Vlaamse gezinnen in budget- en / of schuldhulpverlening: cijfergegevens 2012 Vlaamse gezinnen in budget- en / of schuldhulpverlening: cijfergegevens Augustus 2013 Vlaams Centrum Schuldenlast Paviljoenstraat 7-9 1030 Brussel www.vlaamscentrumschuldenlast.be INHOUD. Hoofdstuk 1 -

Nadere informatie

Onderzoeksrapport Cijfer- en profielgegevens van de Vlaamse huishoudens in budget- en/of schuldhulpverlening anno 2015

Onderzoeksrapport Cijfer- en profielgegevens van de Vlaamse huishoudens in budget- en/of schuldhulpverlening anno 2015 Onderzoeksrapport Cijfer- en profielgegevens van de Vlaamse huishoudens in budget- en/of schuldhulpverlening anno 2015 Vlaams Centrum Schuldenlast Paviljoenstraat 9 1030 Brussel www.vlaamscentrumschuldenlast.be

Nadere informatie

HANDLEIDING BASISREGISTRATIE ERKENDE INSTELLINGEN VOOR SCHULDBEMIDDELING

HANDLEIDING BASISREGISTRATIE ERKENDE INSTELLINGEN VOOR SCHULDBEMIDDELING HANDLEIDING BASISREGISTRATIE ERKENDE INSTELLINGEN VOOR SCHULDBEMIDDELING Datum: 21/12/2015 - Versie: 3.0 Auteur: Vlaamse overheid Departement Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Afdeling Welzijn en Samenleving

Nadere informatie

Tabel 2.1 Overzicht van de situatie op de arbeidsmarkt van de onderzochte personen op 30/06/97. Deelpopulatie 1996

Tabel 2.1 Overzicht van de situatie op de arbeidsmarkt van de onderzochte personen op 30/06/97. Deelpopulatie 1996 Dit deel van het onderzoek omvat alle personen tussen de 18 en 55 jaar oud (leeftijdsgrenzen inbegrepen) op 30 juni 1997, wiens dossier van het Vlaams Fonds voor de Sociale Integratie van Personen met

Nadere informatie

RAPPORT KANSARMOEDE-INDICATOREN IN ERPE-MERE

RAPPORT KANSARMOEDE-INDICATOREN IN ERPE-MERE RAPPORT KANSARMOEDE-INDICATOREN IN ERPE-MERE Bij het openen van het rapport worden de meest recente gegevens uit de databank gehaald. Inleiding In dit document worden de kansarmoede-indicatoren weergegeven

Nadere informatie

WEGWIJS collectieve schuldenregeling

WEGWIJS collectieve schuldenregeling WEGWIJS collectieve schuldenregeling Inhoudstafel 1. Hoe verloopt de opstart van pg. 3 een collectieve schuldenregeling? (CSR) 2. Het opmaken van een aanzuiveringsregeling pg. 4 (=afbetalingsplan) 3. Na

Nadere informatie

1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft.

1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft. ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 8 november 2006 1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft.

Nadere informatie

UITGEBREIDE REGISTRATIE SCHULDHULPVERLENING HANDLEIDING 2015 (versie : 08/06/2015)

UITGEBREIDE REGISTRATIE SCHULDHULPVERLENING HANDLEIDING 2015 (versie : 08/06/2015) Afdeling Welzijn en Samenleving Koning Albert II-laan 35 bus 30 1030 BRUSSEL T 02 553 33 30 F 02 553 33 60 [email protected] UITGEBREIDE REGISTRATIE SCHULDHULPVERLENING HANDLEIDING

Nadere informatie

Onderzoeksrapport. Cijfer- en profielgegevens van de Vlaamse huishoudens in budget- en/of schuldhulpverlening anno 2013

Onderzoeksrapport. Cijfer- en profielgegevens van de Vlaamse huishoudens in budget- en/of schuldhulpverlening anno 2013 Onderzoeksrapport Cijfer- en profielgegevens van de Vlaamse huishoudens in budget- en/of schuldhulpverlening anno 2013 Mei 2014 1 INHOUDSTAFEL. INLEIDING. 4 HOOFDSTUK 1 - METHODOLOGIE.... 6 1.1 INLEIDING....

Nadere informatie

SCHULDBEMIDDELING AALST. OCMW CAW Sociaal Huis Samenwerking sinds 2000

SCHULDBEMIDDELING AALST. OCMW CAW Sociaal Huis Samenwerking sinds 2000 SCHULDBEMIDDELING AALST OCMW CAW Sociaal Huis Samenwerking sinds 2000 Samenwerking OCMW-CAW Historiek Samenwerking in de praktijk Kansen en valkuilen Historiek van de samenwerking Tot 1990 Weinig werkafspraken,

Nadere informatie

VERZOEKSCHRIFT INZAKE COLLECTIEVE SCHULDBEMIDDELING Art. 1675/4 Ger.W.

VERZOEKSCHRIFT INZAKE COLLECTIEVE SCHULDBEMIDDELING Art. 1675/4 Ger.W. VERZOEKSCHRIFT INZAKE COLLECTIEVE SCHULDBEMIDDELING Art. 1675/4 Ger.W. Aan de Voorzitter bij de Arbeidsrechtbank Gent, afdeling ****** Ten verzoeke van: 1. Eerste verzoeker: Geboorteplaats: Burgerlijke

Nadere informatie

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Feiten en cijfers Hoeveel personen in België hebben te kampen met overmatige schuldenlast? In 2007 waren 338.933 personen

Nadere informatie

SCHEMA: ENKELE VOORDELEN, RECHTEN, VERPLICHTINGEN EN

SCHEMA: ENKELE VOORDELEN, RECHTEN, VERPLICHTINGEN EN SCHEMA: ENKELE VOORDELEN, RECHTEN, VERPLICHTINGEN EN AANDACHTSPUNTEN VAN DE COLLECTIEVE SCHULDENREGELING VOORDELEN VAN DE COLLECTIEVE SCHULDENREGELING Schuldeisers kunnen niet meer uitvoeren: Geen deurwaarders

Nadere informatie

Sociale Groene Lening 12 oktober 2010

Sociale Groene Lening 12 oktober 2010 Persconferentie Sociale Groene Lening 12 oktober 2010 Bijlage 1. Geografische spreiding van de aanvragen Sinds het begin van de activiteit (september 2008) zijn er 160 leningen toegekend die als volgt

Nadere informatie

Lege brooddozen op school. Symposium

Lege brooddozen op school. Symposium Lege brooddozen op school Symposium 14 oktober 2014 Een private (vzw) ongebonden welzijnsorganisatie die werkt met een combinatie van Overheidssubsidies (Vlaamse gemeenschap) Lokale subsidies (stad/ocmw)

Nadere informatie

WEGWIJS Bij budget & schuld

WEGWIJS Bij budget & schuld WEGWIJS Bij budget & schuld BudgetInZicht West-Vlaanderen caw-folder.indd 1 20-08-2014 16:43:51 HEB JE MOEILIJKHEDEN MET JE BUDGET OF HEB JE SCHULDEN? Raak je niet wijs uit je problemen, wil je advies

Nadere informatie

Opleidings- en begeleidingscheques

Opleidings- en begeleidingscheques Opleidings- en begeleidingscheques De Maatregel Om werknemers ertoe aan te zetten een leven lang te leren, draagt de Vlaamse overheid financieel een steentje bij. Sinds september 2003 1 kunnen werknemers

Nadere informatie

Achtergrondcijfers WELZIJNSZORG VZW HUIDEVETTERSSTRAAT 165 1000 BRUSSEL 02 502 55 75 WWW.WELZIJNSZORG.BE [email protected]

Achtergrondcijfers WELZIJNSZORG VZW HUIDEVETTERSSTRAAT 165 1000 BRUSSEL 02 502 55 75 WWW.WELZIJNSZORG.BE INFO@WELZIJNSZORG.BE Achtergrondcijfers WELZIJNSZORG VZW HUIDEVETTERSSTRAAT 165 1000 BRUSSEL 02 502 55 75 WWW.WELZIJNSZORG.BE [email protected] NATIONAAL SECRETARIAAT Huidevettersstraat 165 1000 Brussel T 02 502 55 75 F

Nadere informatie

WEGWIJS IN DE BUDGET- EN SCHULDHULPVERLENING VAN OCMW EN CAW. Eenmalige bemiddeling Budgetbegeleiding Budgetbeheer Collectieve Schuldenregeling

WEGWIJS IN DE BUDGET- EN SCHULDHULPVERLENING VAN OCMW EN CAW. Eenmalige bemiddeling Budgetbegeleiding Budgetbeheer Collectieve Schuldenregeling WEGWIJS IN DE BUDGET- EN SCHULDHULPVERLENING VAN OCMW EN CAW Eenmalige bemiddeling Budgetbegeleiding Budgetbeheer Collectieve Schuldenregeling INLEIDING ONZE KIJK OP HULP In deze brochure vind je informatie

Nadere informatie

Jaarverslag Juridische dienstverlening

Jaarverslag Juridische dienstverlening Jaarverslag Juridische dienstverlening Woensdag 10 april 2013 Lovendegem Bianca Buysse Renate Cools Sarah Forsyth Jaarverslag juridische dienstverlening Welzijnsband Meetjesland Woensdag 10 april 2013

Nadere informatie

De collectieve schuldenregeling in de praktijk

De collectieve schuldenregeling in de praktijk De collectieve schuldenregeling in de praktijk De collectieve schuldenregeling is een gerechtelijke procedure die u in staat stelt om uw schulden te betalen en tegelijkertijd waarborgt dat u een menswaardig

Nadere informatie

Rechtsbijstand bij bemiddeling

Rechtsbijstand bij bemiddeling Rechtsbijstand bij bemiddeling De wet van 21 februari 2005 in verband met de bemiddeling heeft de mogelijkheid geopend rechtsbijstand toe te kennen in elke procedure van vrijwillige of gerechtelijke bemiddeling

Nadere informatie

VERZOEKSCHRIFT TOT COLLECTIEVE SCHULDENREGELING. Aan de beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Leuven,

VERZOEKSCHRIFT TOT COLLECTIEVE SCHULDENREGELING. Aan de beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Leuven, VERZOEKSCHRIFT TOT COLLECTIEVE SCHULDENREGELING Aan de beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Leuven, Op verzoek van : (adres) (adres) (raadsman) (vorige adressen in de afgelopen drie jaar)

Nadere informatie

I B O. Een werknemer op maat gemaakt. 1. IBO = training-on-the-job. IBO = 'werkplekleren' IBO = 'een werknemer op maat'

I B O. Een werknemer op maat gemaakt. 1. IBO = training-on-the-job. IBO = 'werkplekleren' IBO = 'een werknemer op maat' I B O Een werknemer op maat gemaakt Eén van de kernopdrachten van de VDAB bestaat uit het verstrekken van opleiding. Het tekort aan specifiek geschoold personeel en de versnelde veranderingen in de werkomgeving

Nadere informatie

Schulden van huishoudens dramatisch gestegen. Klik hier om dit artikel te downloaden als pdf-document.

Schulden van huishoudens dramatisch gestegen. Klik hier om dit artikel te downloaden als pdf-document. Schulden van huishoudens dramatisch gestegen Klik hier om dit artikel te downloaden als pdf-document. Sinds 2008 kampt ook Nederland met de gevolgen van de internationale financiële kredietcrisis uit 2008,

Nadere informatie

Brussels Observatorium voor de Werkgelegenheid

Brussels Observatorium voor de Werkgelegenheid Brussels Observatorium voor de Werkgelegenheid Juli 2013 De evolutie van de werkende beroepsbevolking te Brussel van demografische invloeden tot structurele veranderingen van de tewerkstelling Het afgelopen

Nadere informatie

Collectieve schuldenregeling

Collectieve schuldenregeling Collectieve schuldenregeling Ik zit in de schulden en het lukt mij niet meer om die af te betalen met mijn inkomen... Ik weet niet meer wat zeggen tegen de schuldeisers... De deurwaarders staan (straks)

Nadere informatie

Armoedebarometer 2012

Armoedebarometer 2012 Armoedebarometer 2012 Jill Coene An Van Haarlem Danielle Dierckx In opdracht van Decenniumdoelen 2017 Armoede in cijfers Kinderen geboren in een kansarm gezin verdubbeld tot 8,6% op tien jaar tijd - Kwalijke

Nadere informatie

AANVRAAGFORMULIER VOOR FINANCIËLE BIJSTAND

AANVRAAGFORMULIER VOOR FINANCIËLE BIJSTAND AANVRAAGFORMULIER VOOR FINANCIËLE BIJSTAND OPGELET: Aanvragen moeten online worden ingediend. Dit document staat ter uwer beschikking ter informatie. Alleen online ingediende bestanden worden verwerkt.

Nadere informatie

BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting

BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting De Welzijnsbarometer verzamelt jaarlijks een reeks indicatoren die verschillende aspecten van armoede in het Brussels Gewest belichten. De sociaaleconomische

Nadere informatie

12 werken voor een betere aanpak van schulden

12 werken voor een betere aanpak van schulden 12 werken voor een betere aanpak van schulden 15 april 2019 2 / 5 12 werken voor een betere aanpak van schulden 12 werken voor een betere aanpak van schulden SAM, steunpunt Mens en Samenleving, ondersteunt

Nadere informatie

Waar vind ik de verplichte bijlagen? Achtergrondinfo bij deze bijlagen!

Waar vind ik de verplichte bijlagen? Achtergrondinfo bij deze bijlagen! Waar vind ik de verplichte bijlagen? Achtergrondinfo bij deze bijlagen! A) PERSOONSGEGEVENS: 1. Kopie identiteitskaart 2. Bewijs van burgerlijke staat Dit bewijs kan worden geleverd met het gemeentelijk

Nadere informatie

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 28 oktober 67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk Tegen 2020 moet 75% van de Europeanen van 20 tot en met 64 jaar aan het werk zijn.

Nadere informatie

Schuldhulpverlening. Hoe gaat dat in zijn werk?

Schuldhulpverlening. Hoe gaat dat in zijn werk? Schuldhulpverlening Hoe gaat dat in zijn werk? In deze brochure vind je informatie over de mogelijke vormen van schuldhulpverlening binnen OCMW Antwerpen. 2 Wat is schuldhulpverlening? OCMW Antwerpen heeft

Nadere informatie

Collectieve schuldenregeling. Erkende instelling voor schuldbemiddeling 14AB/74/99015

Collectieve schuldenregeling. Erkende instelling voor schuldbemiddeling 14AB/74/99015 Collectieve schuldenregeling Erkende instelling voor schuldbemiddeling 14AB/74/99015 Wat is een collectieve schuldenregeling? Wie komt in aanmerking? x Zit je in een financieel moeilijke situatie? x Stapelen

Nadere informatie

5. Discussie. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens

5. Discussie. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens 5. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens Relevante conclusies voor het beleid zijn pas mogelijk als de basisgegevens waaruit de samengestelde indicator berekend werd voldoende recent zijn. In deze

Nadere informatie

Workshop consumentenkredieten

Workshop consumentenkredieten Workshop consumentenkredieten Inspiratiedag financiële vorming Maandag 26 oktober 2015 Inhoud van de workshop I. Korte toelichting II. Concrete voorbeelden III. (Overmatige) schuldenlast IV. Vragen en

Nadere informatie

Bios2 Thema in de kijker Personeel in de bibliotheek

Bios2 Thema in de kijker Personeel in de bibliotheek Bios2 Thema in de kijker Personeel in de bibliotheek Bios2 thema reeks Oktober 2014 Het agentschap Sociaal-Cultureel Werk voor Jeugd en Volwassenen verzamelt via de rapporteringstool Bios2 al geruime tijd

Nadere informatie

Reglement financiële steun ten laste name facturen. Goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn in zitting van 16/06/2016

Reglement financiële steun ten laste name facturen. Goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn in zitting van 16/06/2016 Reglement financiële steun ten laste name facturen Goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn in zitting van 16/06/2016 Art. 1 Mensen met financiële moeilijkheden kunnen bij het Sociaal Huis

Nadere informatie

Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.1 - Oktober 2009-465-

Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.1 - Oktober 2009-465- Vlaams Parlement - Vragen en Antwoorden - Nr.1 - Oktober 2009-465- VLAAMS PARLEMENT SCHRIFTELIJKE VRAGEN PASCAL SMET VLAAMS MINISTER VAN ONDERWIJS, JEUGD, GELIJKE KANSEN EN BRUSSEL Vraag nr. 6 van 19 augustus

Nadere informatie

Aanmeldformulier Schuldhulpverlening Vertrouwelijk

Aanmeldformulier Schuldhulpverlening Vertrouwelijk Aanmeldformulier Schuldhulpverlening Vertrouwelijk Verstrekt op: - - Door: A. Gegevens aanvrager Achternaam : Voornamen : Adres : Pc & Woonplaats : BSN : man vrouw Geboortedatum : Nationaliteit : Telefoon

Nadere informatie

Kredietaanvraag FRGE lening. Voornaam: Straat + nummer:. Postcode en woonplaats:... Geboortedatum: Geboorteplaats: Nationaliteit:

Kredietaanvraag FRGE lening. Voornaam: Straat + nummer:. Postcode en woonplaats:... Geboortedatum: Geboorteplaats: Nationaliteit: Kredietaanvraag FRGE lening I. Persoonlijke gegevens Persoonlijke gegevens (kredietaanvrager 1) Aanspreking : Dhr. Mevr. Naam: Voornaam:.. Straat + nummer:. Postcode en woonplaats:.... Geboortedatum: Geboorteplaats:

Nadere informatie

FORMULIER VOOR DE AANVRAAG VAN HET STATUUT VAN BESCHERMDE AFNEMER

FORMULIER VOOR DE AANVRAAG VAN HET STATUUT VAN BESCHERMDE AFNEMER FORMULIER VOOR DE AANVRAAG VAN HET STATUUT VAN BESCHERMDE AFNEMER Het ingevulde en door alle meerderjarige personen ongetekende formulier te verzenden, samen met de bijlagen (zie pagina 4) naar het volgende

Nadere informatie

Paviljoenstraat 9 1030 Brussel Tel.: 02/211 56 31 Fax: 02/211 56 00 [email protected] www.centrumschuldbemiddeling.

Paviljoenstraat 9 1030 Brussel Tel.: 02/211 56 31 Fax: 02/211 56 00 info@centrumschuldbemiddeling.be www.centrumschuldbemiddeling. Jaarverslag 2009 1 Paviljoenstraat 9 1030 Brussel Tel.: 02/211 56 31 Fax: 02/211 56 00 [email protected] www.centrumschuldbemiddeling.be 2 Inhoud 1. INLEIDING... 6 2. ORGANISATIE VAN HET

Nadere informatie

AFSPRAKENNOTA COLLECTIEVE SCHULDENREGELING

AFSPRAKENNOTA COLLECTIEVE SCHULDENREGELING AFSPRAKENNOTA COLLECTIEVE SCHULDENREGELING Duidelijke informatie, wederzijdse communicatie en goede afspraken zijn van groot belang voor een vlot verloop van de collectieve schuldenregeling. Deze afsprakennota

Nadere informatie

Schuldhulpverlening. Hoe gaat dat in zijn werk?

Schuldhulpverlening. Hoe gaat dat in zijn werk? Schuldhulpverlening Hoe gaat dat in zijn werk? In deze brochure vind je informatie over de mogelijke vormen van schuldhulpverlening binnen OCMW Antwerpen. Inhoud Wat is schuldhulpverlening?... 3 Kort overzicht

Nadere informatie

Statistieken. Centrale voor kredieten aan particulieren

Statistieken. Centrale voor kredieten aan particulieren Statistieken Centrale voor kredieten aan particulieren - 2008 Sommige tabellen van dit verslag werden aangevuld op 30 juni 2009 Nationale Bank van België, Brussel. Alle rechten voorbehouden. De volledige

Nadere informatie

Collectieve schuldenregeling

Collectieve schuldenregeling Collectieve schuldenregeling Ik zit in de schulden en het lukt mij niet meer om die af te betalen met mijn inkomen... Ik weet niet meer wat zeggen tegen de schuldeisers... De deurwaarders staan (straks)

Nadere informatie

J A N U A R i 2 0 1 1

J A N U A R i 2 0 1 1 MONITOR KREDIETCRISIS J A N U A R i 2 0 1 1 Colofon In opdracht van: De directie Coördinatie en samenstellen rapportage: Team Beleidsonderzoek en Informatiemanagement Bert Mentink Inhoud rapportage: Diverse

Nadere informatie

Januari 2013. Krediet en overmatige schuldenlast: wat leren wij uit de cijfers 2012 van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren?

Januari 2013. Krediet en overmatige schuldenlast: wat leren wij uit de cijfers 2012 van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren? Januari 2013 Krediet en overmatige schuldenlast: wat leren wij uit de cijfers 2012 van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren? Analyse uitgevoerd voor het Observatorium Krediet en Schuldenlast Duvivier

Nadere informatie

I. DE AANVRAGER. Voornaam :. . Nationaal nummer :.. Tel :... E-mail : Bankrekening : nr...

I. DE AANVRAGER. Voornaam :. . Nationaal nummer :.. Tel :... E-mail : Bankrekening : nr... Inlichtingenformulier SOCIALE VERZEKERING TEN VOORDELE VAN ZELFSTANDIGEN IN MOEILIJKHEDEN, GECONFRONTEERD MET EEN AANZIENLIJKE DALING VAN DE OMZET OF DE INKOMSTEN DIE HEM IN EEN ZODANIGE ECONOMISCHE SITUATIE

Nadere informatie

studiebeurs Voorwaarden voor het secundair onderwijs

studiebeurs Voorwaarden voor het secundair onderwijs studie beurs Studeren kost geld: cursussen, een kot, inschrijvingsgeld,. Een studiebeurs kan helpen. Velen laten die kans liggen. Misschien is het voor jou toch de moeite om een aanvraag in te dienen.

Nadere informatie

4.2. Evaluatie van de respons op de postenquêtes. In dit deel gaan we in op de respons op instellingsniveau en op respondentenniveau.

4.2. Evaluatie van de respons op de postenquêtes. In dit deel gaan we in op de respons op instellingsniveau en op respondentenniveau. 4.2. Evaluatie van de respons op de postenquêtes 4.2.1. Algemeen In dit deel gaan we in op de respons op instellingsniveau en op respondentenniveau. Instellingsniveau (vragenlijst coördinator) provincie,

Nadere informatie

plage-lestijden onderwijzer

plage-lestijden onderwijzer plage-lestijden onderwijzer Schooljaar 2010-2011 - Schooljaar 2011-2012 Vlaams ministerie van Onderwijs & Vorming Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) Koning Albert II-laan 15, 1210 Brussel http://www.ond.vlaanderen.be/wegwijs/agodi

Nadere informatie

Brandstoftoelage winterperiode

Brandstoftoelage winterperiode VERSIE WIJZIGING GOEDGEKEURD RMW GEPUBLICEERD 0-24-11-2015 01-01-2016 1 Aanpassingen aan het reglement die als effect zouden moeten hebben dat een grotere groep recht opent op de brandstoftoelage en dat

Nadere informatie