Overleg- en aangifteplicht
|
|
|
- Cecilia de Koning
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 1.e. Op 28 juli 1999 is de Wet bestrijding van seksueel misbruik en seksuele intimidatie in het onderwijs in werking getreden. Deze wet is een uitwerking van de voorstellen die de toenmalige staatssecretaris Netelenbos in november 1996 heeft gedaan in de beleidsbrief preventie en bestrijding seksuele intimidatie op scholen. Aanleiding voor de brief was een aantal gevallen van ernstige seksuele intimidatie en seksueel misbruik die uitvoerig in de publiciteit waren gekomen èn een onderzoek van de Onderwijsinspectie naar preventie en bestrijding van seksuele intimidatie. In de brief kondigde de staatssecretaris aan dat in de onderwijswetgeving de manier wordt vastgelegd waarop aangifte moet worden gedaan van ernstige vormen van seksueel misbruik. Deze wet kan daarom gevolgen hebben voor de procedure die scholen volgen bij een vermoeden van seksueel misbruik. In deze Info wordt ingegaan op deze procedure. QliQ Primair Onderwijs 1
2 Overleg- en aangifteplicht Op grond van een wijziging van verschillende onderwijswetten zijn schoolbesturen verplicht onverwijld, dat wil zeggen direct, contact op te nemen met de vertrouwensinspecteur indien op enigerlei wijze bekend is geworden dat een ten behoeve van zijn school met taken belast persoon zich schuldig heeft gemaakt aan een misdrijf tegen de zeden zoals bedoeld in Titel XIV van het Wetboek van Strafrecht jegens een leerling van de school. Uit het Wetboek van Strafrecht is vooral artikel 249 van belang voor het onderwijs. In dit artikel is onder meer het plegen van ontucht door een leraar met een minderjarige leerling als zedenmisdrijf strafbaar gesteld. Als er twijfel bestaat of er al dan niet sprake is van een zedenmisdrijf moet een schoolbestuur overleggen met de vertrouwensinspecteur. De vertrouwensinspecteurs beschikken over veel ervaring met deze materie en voeren bovendien over individuele gevallen veelvuldig overleg met de officieren van justitie. Overigens gaat de wetgever ervan uit dat zelfs bij grote twijfel de overlegplicht van toepassing is. Indien in het overleg met de vertrouwensinspecteur wordt geconcludeerd dat er een redelijk vermoeden bestaat dat het desbetreffende personeelslid zich schuldig heeft gemaakt aan een zedenmisdrijf, moet het schoolbestuur aangifte doen bij de opsporingsambtenaar en de vertrouwensinspecteur direct van de aangifte in kennis stellen. De term redelijk vermoeden is gebruikt om duidelijk te maken dat hier sprake is van een geobjectiveerde norm. Doorslaggevend is hoe een redelijk denkend mens in dezelfde omstandigheden zou oordelen. Van zowel de vertrouwensinspecteur als het schoolbestuur wordt verwacht dat zij de zaak objectief en dus met een zekere afstandelijkheid bezien, aldus de wetgever. Door te toetsen aan deze geobjeciveerde norm wordt de kans dat vertrouwensinspecteur en schoolbestuur - uitgaande van dezelfde feiten en omstandigheden - tot een verschillend oordeel komen, zeer klein. Maar wat gebeurt er als zij van mening verschillen? Als bijvoorbeeld de vertrouwensinspecteur van mening is dat er sprake is van een redelijk vermoeden maar het schoolbestuur die mening niet deelt en daarom weigert aangifte te doen. In dat geval zal de vertrouwensinspecteur de weigering melden aan de minister van onderwijs. Indien de minister tot dezelfde conclusie komt als de vertrouwensinspecteur en het schoolbestuur blijft weigeren aangifte te doen, kan de minister bepalen de vergoedingen, of voorschotten op vergoedingen, geheel of gedeeltelijk in te houden of op te schorten. Het omgekeerde is natuurlijk ook denkbaar: het schoolbestuur komt tot de conclusie dat er sprake is van een redelijk vermoeden, maar de vertrouwensinspecteur denkt daar anders over. In dit geval heeft het schoolbestuur de vrijheid aangifte te doen: het overleg met de vertrouwensinspecteur is weliswaar verplicht, maar het schoolbestuur heeft altijd het recht aangifte te doen. QliQ Primair Onderwijs 2
3 Via een amendement op het wetsvoorstel is toegevoegd dat vóórdat het schoolbestuur overgaat tot het doen van aangifte, het de ouders van de betrokken leerling en de mogelijke dader hiervan op de hoogte stelt. Met taken belaste personen Wie worden bedoeld met de ten behoeve van de school met taken belaste personen? De wetgever denkt hierbij aan personen met een dienstverband of een overeenkomst tot het verrichten van enkele diensten, maar de formulering is dermate breed dat, ook als het personen betreft die zonder formele dienstverhouding op een of andere wijze taken of werkzaamheden voor de school verrichten, de verplichting geldt tot overleg met de vertrouwensinspecteur en het doen van aangifte. Voor een school kunnen immers veel mensen werkzaam zijn, die allen in een andere verhouding staan tot het schoolbestuur. Voorbeelden: werknemers; dienstverleners als schoonmaakpersoneel; uitzendkrachten; stagiairs; vrijwilligers; etc. Leerling van de school Omdat ook tijdens de zogenoemde buitenschoolse activiteiten sprake is van leerlingen van de school geldt de overleg- en aangifteplicht eveneens wanneer het schoolbestuur ter ore komt dat een ten behoeve van zijn school met taken belast persoon vermoedelijk een zedenmisdrijf heeft gepleegd in de periode buiten de reguliere schooluren, zoals bijvoorbeeld tijdens naschoolse opvang of schoolavonden, of bij de mogelijke dader thuis. Berucht voorbeeld zijn de videosessies thuis bij de mogelijke dader. De voorschriften zijn beperkt tot het primair onderwijs, het voortgezet onderwijs en de BVE-sector, met andere woorden tot die sectoren waar de meeste leerlingen de leeftijd van achttien jaar nog niet hebben bereikt. Meldingsplicht personeel Sluitstuk van de nieuwe wet is de meldingsplicht voor personeelsleden. Om te voorkomen dat een schoolbestuur niet op de hoogte is van een mogelijk strafbaar feit en een personeelslid wel, is vastgelegd dat - gekoppeld aan de aangifteplicht van het schoolbestuur - het personeel de verplichting heeft het bestuur direct te informeren over een geval waarvan het personeelslid op enigerlei wijze op de hoogte is. Deze meldingsplicht betekent dat het schoolbestuur als werkgever het personeelslid hierop - in rechtspositionele zin - kan aanspreken. Rol externe vertrouwenspersoon QliQ Primair Onderwijs 3
4 Een externe vertrouwenspersoon, die niet tevens personeelslid is, heeft geen meldingsplicht. De wetgever gaat er echter wel van uit dat ook de externe vertrouwenspersoon, bij het vermoeden van een zedenmisdrijf, de betrokkene zal aansporen om aangifte te doen of zich te wenden tot het schoolbestuur. Het aanstellen van een vertrouwenspersoon maakt deel uit van de landelijke modelklachtenregeling. In de toelichting op artikel 3 staat dat het bevoegd gezag op elke school ten minste één contactpersoon heeft aangesteld die iemand met een klacht verwijst naar de vertrouwenspersoon. De rol van een contactpersoon is dus veelal geen andere dan die van doorverwijzer. Het is absoluut niet de bedoeling dat klager met de contactpersoon de klacht bespreekt. Het is wellicht wel zinvol dat de contactpersoon nagaat of klager geprobeerd heeft het probleem met aangeklaagde of door tussenkomst van de directie op te lossen. Veel schoolbesturen hebben, na instemming van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad, de landelijke modelklachtenregeling overgenomen. Ook hebben veel besturen hun eigen interne klachtenregeling, de zogenoemde voorfase waarin formeel nog geen beroep wordt gedaan op de klachtenregeling, op schrift gesteld en in de schoolgids gepubliceerd. Maar voor alle duidelijkheid: de meldingsplicht, de overlegplicht met de vertrouwensinspecteur, en de aangifteplicht zijn bij een vermoeden van een zedenmisdrijf altijd, dus ook in de voorfase van toepassing. Wanneer het gaat om lichtere vormen van seksuele intimidatie ligt het inschakelen van de vertrouwenspersoon en/of het indienen van een klacht bij het bestuur of de klachtencommissie het meest voor de hand en geldt de procedure zoals neergelegd in de op de school van kracht zijnde klachtenregeling. Rol vertrouwensinspecteur De functie vertrouwensinspecteur heeft een wettelijke grondslag. Om zijn functie goed uit te kunnen voeren heeft de vertrouwensinspecteur vrijstelling gekregen van de aangifteplicht met betrekking tot zedenmisdrijven die zijn gepleegd jegens leerlingen of personeelsleden van de school. Dit is gedaan om te voorkomen dat besturen of leerlingen zouden afzien van het informeren van en het advies vragen aan de vertrouwensinspecteur. Daarnaast heeft de vertrouwensinspecteur een bijzondere geheimhoudingsplicht met betrekking tot hetgeen hem in de uitoefening van zijn functie wordt toevertrouwd door een leerling, de ouders of een voor de school met taken belast persoon. De wetgever gaat er echter ook hier van uit dat een vertrouwensinspecteur de betrokkene bij het vermoeden van een zedenmisdrijf zal aansporen tot het doen van aangifte. Voor iedereen in de school, leerlingen, ouders, schoolbestuur en vertrouwenspersonen, vervult de vertrouwensinspecteur een klankbordfunctie. Hij fungeert QliQ Primair Onderwijs 4
5 als aanspreekpunt, geeft advies, verleent bijstand en begeleidt zonodig het indienen van een klacht of het doen van aangifte. Het aantal vertrouwensinspecteurs is inmiddels uitgebreid tot dertien. Hun namen en adressen zijn vermeld op pag. 9 van Uitleg 20, 15 september 1999, en te vinden op de internetpagina van het ministerie: Voor meer informatie: VBKO, sectie formatie en personeel, tel. (070) of QliQ Primair Onderwijs 5
Seksueel misbruik en seksuele intimidatie in het onderwijs: Centraal meldpunt Vertrouwensinspecteurs 0900-111 3 111
Voorlichtingsbrochure over de wettelijke richtlijnen voor bestrijding van seksueel misbruik en seksuele intimidatie in het onderwijs (wetswijziging 28 juli 1999 - Staatsblad 313). Deze brochure gaat over
PROTOCOL SEKSUELE INTIMIDATIE EN SEKSUEEL GEWELD - SCALA COLLEGE
PROTOCOL SEKSUELE INTIMIDATIE EN SEKSUEEL GEWELD - SCALA COLLEGE ingestemd MR 2-7-2015 INLEIDING Op elke school voor voortgezet onderwijs is sinds 1 augustus 1998 een klachtenregeling verplicht. Deze garandeert
I.a Beleid klachtenregeling
I.a Beleid klachtenregeling Regelgeving CAO-PO art. 11.5 lid 2 onder a en b ARBO-wet Wet op de Kwaliteitszorg Wet preventie en bestrijding van seksueel geweld en seksuele intimidatie in het onderwijs GMR:
KLACHTENREGELING BERG EN BOSCHSCHOOL
KLACHTENREGELING BERG EN BOSCHSCHOOL Klachtenregeling Berg en Boschschool - april 2015 1 1 Inleiding In artikel 3 van de Arbowet is opgenomen dat het bevoegd gezag beleid betreffende preventie en bestrijding
Protocol seksuele intimidatie
Protocol seksuele intimidatie Vastgesteld door het College van Bestuur: 19 november 2013 Instemming GMR Primair Onderwijs: 25 november 2013 Instemming GMR Voortgezet Onderwijs: 17 december 2013 Inwerkingtreding:
Het bevoegd gezag van Vivente, stichting voor christelijke primair onderwijs, gevestigd te Zwolle,
Het bevoegd gezag van Vivente, stichting voor christelijke primair onderwijs, gevestigd te Zwolle, gelet op de bepalingen van de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op
Klachtenregeling. Deel. Van Beleid Klachten bij Scholengroep LeerTij
Klachtenregeling Deel 1 Van Beleid Klachten bij Scholengroep LeerTij 1 Het bevoegd gezag van Scholengroep LeerTij, stichting voor openbaar, PC en RK-onderwijs, statutair gevestigd te Terneuzen, gelet op
0606F067 KLACHTENREGELING K.S.E.
0606F067 KLACHTENREGELING K.S.E. Etten-Leur, juni 2006 1 0606c klachtenregeling Inhoud Woord vooraf 1 Begripsbepalingen 4 2 Behandeling van de klachten 5 3 Slotbepalingen 11 4 Algemene toelichting 12 5
CHECKLIST KLACHTAFHANDELING BINNEN NUOVO
CHECKLIST KLACHTAFHANDELING BINNEN NUOVO Onderstaande tekst is gericht op ouders en leerlingen (te bewerken voor in de schoolgids). De klachtenregeling is echter óók opengesteld voor klachten van personeel.
Klachtenregeling PO OPOO
Klachtenregeling PO OPOO Het bevoegd gezag van het Openbaar Primair Onderwijs Oegstgeest (OPOO) gelet op de bepalingen van de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het
Regeling Vertrouwenspersonen Leerlingen
Regeling Vertrouwenspersonen Leerlingen Preambule Op grond van Arbo-wet en de CAO Voortgezet Onderwijs heeft de werkgever de plicht om beleid te voeren dat is gericht tegen seksuele intimidatie, pesten,
Regeling Vertrouwenspersonen. Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs
Regeling Vertrouwenspersonen Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs Preambule Steeds meer scholen gaan over tot het inschakelen van één of meerdere vertrouwenspersonen. Op grond van Arbo-wet en de CAO
KLACHTENREGELING LORENTZ CASIMIR LYCEUM
Inleiding Om te voorkomen dat het onderwijs te maken krijgt met verschillende klachtenregelingen is er op landelijk niveau voor gekozen om te komen tot één modelklachtenregeling primair en voortgezet onderwijs.
Rol, taken en protocol. vertrouwenspersonen en contactpersonen
Rol, taken en protocol vertrouwenspersonen en contactpersonen bij klachten m.b.t. seksuele intimidatie en ander grensoverschrijdend gedrag Augustus 2014 Dockinga College www.dockinga.nl 1 Inleiding Missie
Het bevoegd gezag van Stichting Ultiem, gehoord de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad, stelt de volgende Klachtenregeling vast.
Stichting Ultiem Openbaar Basisonderwijs Hoogezand-Sappemeer Postbus 202, 9600 AE Hoogezand Gorecht-Oost 157, 9603 AE Hoogezand Formele klachtenregeling Stichting Ultiem Het bevoegd gezag van Stichting
Klachtenregeling ARCHIPEL
Klachtenregeling ARCHIPEL Klachten regeling voor het openbaar primair en speciaal onderwijs van Stichting Archipel Het bevoegd gezag (bevoegd gezag) van het openbaar basis- en speciaal onderwijs van Stichting
Klachtenregeling openbaar voortgezet onderwijs
Klachtenregeling openbaar voortgezet onderwijs Het bevoegd gezag van de openbare scholen voor voortgezet onderwijs te Helmond; gelet op de bepalingen van de Wet op het voortgezet onderwijs; gehoord de
Factsheet meldingen Vertrouwensinspecteurs Inspectie van het Onderwijs over het schooljaar
Factsheet meldingen Vertrouwensinspecteurs Inspectie van het Onderwijs over het schooljaar 2015-2016 Ouders, leerlingen, docenten, directies en besturen, maar ook vertrouwens kunnen de vertrouwensinspecteur
6.17 Klachtenregeling
6.17 Klachtenregeling Werkveld Organisatie Versie 3, 31 oktober 2007 Vastgesteld RvA d.d. 8 juni 1998 Gewijzigd CvB d.d. 26 augustus 2008 GMR advies d.d. 25 augustus 2008 Begripsbepalingen Artikel 1 1.
Klachtenregeling Stichting Lucas Onderwijs
GMRVO/11/046B Klachtenregeling Stichting Lucas Onderwijs Hoofdstuk 1. Algemeen Artikel 1: Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. school: een school als bedoeld in de Wet op het primair
KLACHTENREGELING LEO KANNER ONDERWIJSGROEP
KLACHTENREGELING LEO KANNER ONDERWIJSGROEP De onderwijswetgeving is met ingang van 1 augustus 1998 gewijzigd in verband met de invoering van het schoolplan, de schoolgids en het klachtrecht, ook wel de
KLACHTENREGELING. Klachtenregeling Sint-Christoffel Versie 19 november 2013 Pagina 1
KLACHTENREGELING Klachtenregeling Sint-Christoffel Versie 19 november 2013 Pagina 1 Klachtenregeling Stichting Sint-Christoffel Het bevoegd gezag van Stichting Sint-Christoffel gelet op de bepalingen van
Klachtenregeling definitief. KLACHTENREGELING Stichting Dunamare Onderwijsgroep
Klachtenregeling definitief KLACHTENREGELING Stichting Dunamare Onderwijsgroep Het bevoegd gezag van de Stichting Dunamare Onderwijsgroep; gelet op de bepalingen van de Wet op de expertisecentra, de Wet
Klachtenregeling O2G2
Klachtenregeling O2G2 Inhoudsopgave Artikel 1 - Begripsbepalingen Artikel 2 - Reikwijdte Artikel 3 - Contactpersoon Artikel 4 - Aanstelling en taken Vertrouwenspersoon Artikel 5 - Instelling en taken Klachtencommissie
Stroomschema: klachtenroutes bij Ongewenste Omgangsvormen
Stroomschema: klachtenroutes bij Ongewenste Omgangsvormen De Wet schrijft voor dat elke school een klachtenregeling heeft. Iedereen binnen de school (leerlingen, ouders, docenten, leidinggevenden, overige
Klachtenregeling Stichting dr. Aletta Jacobs College Hoogezand,
Klachtenregeling Stichting dr. Aletta Jacobs College Hoogezand, 1 Iedere school moet beschikken overeen klachtenregeling. In deze regeling kunt u lezen welke afspraken er op school zijn gemaakt over de
Wij gaan er vanuit dat betrokkenen van onze school klachten en verschillen van inzicht altijd eerst
Klachtenregeling Veruit de meeste klachten over de dagelijkse gang van zaken in de school zullen in eerste instantie in goed overleg tussen leerlingen, ouders, leerkrachten (en/of overig personeel) en
Klachtenregeling LMC Voortgezet Onderwijs
Bestand : lmcr/cvb/2007/348 Voorgenomen besluit CvB : 25 juni 2008 Instemming GMR : 7 juli 2008 Definitief besluit CvB : 9 juli 2008 Aangepast : 11 mei 2011 (t.a.v. art. 3.1 aantal vertrouwenspersonen)
Bijlage klachtenregeling primair onderwijs een goed gesprek voorkomt erger
Bijlage klachtenregeling primair onderwijs een goed gesprek voorkomt erger een goed gesprek voorkomt erger Heeft u een probleem op school dan raden wij u aan dit probleem te bespreken. Problemen zijn er
Klachtenregeling Stichting Lucas Onderwijs
Klachtenregeling Stichting Lucas Onderwijs Hoofdstuk 1. Algemeen Artikel 1: Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. school: een school als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs
Klachtenprocedure onderwijs
Klachtenprocedure onderwijs HOOFDSTUK 1 Artikel 1: Begripsbepalingen 1. In deze regeling wordt verstaan onder: a. school: een school als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs, Wet op de expertisecentra
Protocol betreffende de behandeling van misbruik en intimidatie
M.12i.0491 Protocol betreffende de behandeling van misbruik en intimidatie Versie oktober 2012 INHOUDSOPGAVE Preambule 1 1. Doel van dit protocol 1 2. Toepasselijke situaties 1 3. Informatie- en meldplicht
1. Er zijn op iedere school ten minste twee contactpersonen die de klager verwijzen
Bijlage 1 a klachtenregeling Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen Artikel 1 1. In deze regeling wordt verstaan onder: a. school: een school als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs; b. klachtencommissie:
GEDRAGSCODE/REGELING TER VOORKOMING VAN SEKSUELE INTIMIDATIE, AGRESSIE, GEWELD (WAARONDER PESTEN) EN DISCRIMINATIE
GEDRAGSCODE/REGELING TER VOORKOMING VAN SEKSUELE INTIMIDATIE, AGRESSIE, GEWELD (WAARONDER PESTEN) EN DISCRIMINATIE Breda, maart 2013 1 Voorwoord In artikel 1 van de grondwet is te lezen: Allen die zich
ONDERWIJSPR. PR1MAIR Openbaar Primair Onderwijs Krimpenerwaard & Oudewater
ONDERWIJSPR PR1MAIR Openbaar Primair Onderwijs Krimpenerwaard & Oudewater Een handreiking voor het stichtingsbestuur en directies van de openbare basisscholen in de Bergambacht, Nederlek, Ouderkerk, Oudewater,
Klachtenregeling. Klachtenregeling Stichting CVO, 21 april 2009 1
Klachtenregeling Klachtenregeling Stichting CVO, 21 april 2009 1 Voorwoord In iedere organisatie waarin mensen samen werken ontstaan vragen, worden fouten gemaakt. Dit geldt zowel voor de medewerkers als
Klachtenregeling Stichting VO Haaglanden
Klachtenregeling Stichting VO Haaglanden Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen Artikel 1 1. In deze regeling wordt verstaan onder: a. school: een school als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs; b. commissie:
Klachtenregeling Almere College Kampen-Dronten
Klachtenregeling Almere College Kampen-Dronten Klachtenregeling Almere College Kampen-Dronten 2012 1 Voorwoord In iedere organisatie waarin mensen samen werken ontstaan vragen, worden fouten gemaakt. Dit
Klachtenprocedure Wijzer aan de Amstel
Klachtenprocedure Wijzer aan de Amstel mei 2019 Vastgesteld op: 21 mei 2019 Instemming GMR op: 21 mei 2019 Eigenaar: M. Domela Nieuwenhuis R. Bosboom: Directeur-bestuurder Voorzitter Wat te doen bij een
Klachtenregeling primair en voortgezet onderwijs
Klachtenregeling primair en voortgezet onderwijs Stichting Lucas Onderwijs 1/12 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Algemeen 3 Artikel 1 Begripsbepalingen 3 Artikel 2 Reikwijdte 3 Hoofdstuk 2 Behandeling van de
KLACHTENREGELING MGR. FRENCKEN COLLEGE
KLACHTENREGELING MGR. FRENCKEN COLLEGE Het College van Bestuur van de Stichting Mgr. Frencken stelt de "Klachtenregeling Mgr. Frencken College" vast daarbij lettende op de bepalingen van de Wet op het
MELDCODE HUISELIJK GEWELD
MELDCODE HUISELIJK GEWELD status Definitief 11 februari 2014 pagina 1 van 7 Het bevoegd gezag van SPO de Liemers; overwegende dat SPO De Liemers verantwoordelijk is voor een goede kwaliteit van de dienstverlening
KLACHTENREGELING STICHTING KPO SINT ANTONIUS
KLACHTENREGELING STICHTING KPO SINT ANTONIUS Inleiding Stichting KPO Sint Antonius heeft de klachtenregeling geactualiseerd. Deze klachtenregeling streeft ernaar zorgvuldig met klachten van een klager
Regeling Ongewenste omgangsvormen Gilde Opleidingen
Regeling Ongewenste omgangsvormen Gilde Opleidingen Vastgesteld door College van Bestuur 13 februari 2015 Instemming Studentenraad 13 maart 2015 Instemming Ondernemingsraad 20 april 2015 Inleiding Definitie
omgaan met klachten en bezwaren
omgaan met klachten en bezwaren Inleiding Deze brochure over het omgaan met klachten en bezwaren is bedoeld voor ouders, leerlingen, werknemers of bezoekers. De klachtenregeling in het onderwijs is in
Draaiboek. Seksueel misbruik en seksuele intimidatie
Draaiboek Seksueel misbruik en seksuele intimidatie Schooljaar 2015-2016 protocol seksueel misbruik en seksuele intimidatie Stappenplan school Afhankelijk van de situatie wordt door het Stella Maris College
KLACHTENREGELING STICHTING MARKLAND COLLEGE
KLACHTENREGELING STICHTING MARKLAND COLLEGE Het bevoegd gezag van Stichting Markland College, gehoord het medezeggenschapsorgaan, stelt de volgende klachtenregeling vast. Artikel 1 In deze regeling wordt
1.a. Klachtenregeling QLIQ PRIMAIR ONDERWIJS
1.a. Klachtenregeling QLIQ PRIMAIR ONDERWIJS Woord vooraf Voorkomen is beter dan genezen Aanleiding voor het opstellen van een klachtenregeling primair en voortgezet onderwijs is het aanvaarden door de
Klachtenregeling Stedelijk Dalton Lyceum Inleiding. 1 Mondelinge klachten. 2 schriftelijke klachten. 2.1 Interne afhandeling op locatieniveau
Klachtenregeling Stedelijk Dalton Lyceum Inleiding Uitgangspunt van het Stedelijk Dalton Lyceum is klachten zoveel mogelijk te voorkomen. In een schoolomgeving waarin zoveel mensen met elkaar samen leven
