ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING"

Transcriptie

1 Lucia Marthas Institute for Performing Amsterdam Groningen ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Mbo Dansleider/Dans Driejarig traject

2 Onderwijs- en Examenregeling Mbo-niveau 4 Startcohort op basis van herziene kwalificatiestructuur Domeincrebo: Versie kwalificatiedossier Domeinnaam: CREBO nummer kwalificatiedossier: Naam kwalificatiedossier: Zorg en welzijn Artiesten CREBO nummer kwalificatie: HKS: X 2015 O 2016 Zie: Naam kwalificatie: Dans Nummer studieprogramma LMA01; LMA02 Leerweg: Totaal begeleide onderwijstijd incl. BPV: Aantal SBU Aantal leerjaren: X BOL O BBL Zet in dit vak het aantal uren o.b.v Focus op vakmanschap: Zet in dit vak het aantal uren o.b.v Focus op vakmanschap: Wettelijke Keuzedeelverplichting in aantal SBU voor de gehele opleidingsduur O 960 / X 720 School(scholen) voor: Dansacademie Lucia Marthas De OER is ontwikkeld onder regie van: Vastgesteld door de verantwoordelijke schooldirecteur: o Cluster (OER geldt voor alle Noorderpoort uitvoeringslocaties waar de crebo wordt aangeboden) X Team (bij unieke opleiding) Naam: Juni 2016 Lucia Marthas Noorderpoort volgt de wettelijke landelijke regelgeving. Deze kan gedurende de looptijd van deze OER (onderwijs- en examenregeling) wijzigen. Over wijzigingen/aanpassingen wordt de student door de opleiding geïnformeerd. Formeel vastgesteld door het College van Bestuur ROC Noorderpoort, Groningen, Drs. R. Schuur. (voorzitter College van Bestuur Noorderpoort) - De BOL en BBL voldoen aan de WSF-TOP urennorm. BOL= Beroeps Opleidende Leerweg; BBL = Beroeps Begeleidende Leerweg. - De OER wordt uitgewerkt in de Studiewijzer. 1 1 De studiewijzer is bij aanvang van het studiejaar beschikbaar voor studenten.

3 Inhoudsopgave 0. Inleiding Vooraf Achtergrond LMIPA Missie & visie LMIPA Instituutstrap LMIPA Organogram LMIPA Organogram Educatieve Eenheden 5 1. De opleiding Typering & karakterisering Algemene commissie Examencommissie & Toetscommissie Toelatingscommissie Studieleiding Opleidingscommissie AMROC 9 2. Beroepscompetenties Competentiegericht curriculum Domeinen Kerntaken, werkprocessen & competenties Compententies Eindcompetenties per domein Domein Dans & Muziektheater Domein Onderwijs- & Theatertheorie Domein Algemene Ontwikkeling Brugdomein-Praktijk (A) Brugdomein-Theorie (B) Bruddomein-Keuzedelen Domein Onderwijs- & Theaterpraktijk Opbouw van de opleiding Vooropleiding Thema s en doelen Versnelde opleidingsroute / vrijstellingen Wijzigingen & aanpassingen Aanwezigheidsplicht Opleidingprogramma ECTS Opleidingslast - tabellen Opleidingslast Trede 8b Oplediingslast Trede Opleidingslast Trede 9b Overgangregelingen Keuzedelen Toelating Vooropleidingseisen Deficiënte vooropleiding Auditieregeling Beoordeling Toelatingscommissie Onderwijsovereenkomst Opleidingsadvies Algemeen opleidingsadvies Bindend opleidingsadvies tijdens trede 8b Stages, excursies en projecten Stages 34

4 7.1.1 Doelstelling Toewijzing stages Inrichting stages Verplichte deelname Stagebegeleiding Onkosten Praktijkovereenkomst Excursies Projecten Project Integratie Eindexamenproject Examen- & Toetsregeling Visie & systematiek Toetsmomenten Toetsvormen & -instrumenten a Niet-schriftelijke toetsen b Schriftelijke (deel)toetsen c Rapportages d Mondelinge toetsen e Portfolio Normering & weging Beoordeling via indicatorenformulier Beoordeling zonder formulier Cesuur & Afronding Compensatieregeling Waarschuwingen Beoordeling Algemene Ontwikkeling Geen inschrijving & absenties Gedragscode examens/tentamens Dyslexie & andere functiebeperkingen Fraude Toetsinzage Herkansingen Geldigheidsduur Toekenning ECTS Afstuderen Inrichting examinering Indicatoren Tijdlijn examinering Eindexamenregeling Opleidingsbegeleiding Opleidingsbegeleider Vertrouwenspersoon Bijlage Noorderpoort Examenreglement 2015

5 0. Inleiding 0.1 Inleiding Vooraf Deze Onderwijs- en Examenregeling (hierna ook aangeduid als OER ) betreft de driejarige opleiding Mbo Dansleider/Dans van Lucia Marthas Institute for Performing /Dansacademie Lucia Marthas (hierna aangeduid als Lucia Marthas Institute for Performing of LMIPA ) in Amsterdam en Groningen. De Mbo-opleiding Dansleider/Dans wordt aangeboden door LMIPA in de vorm van een samenwerking tussen Stichting Marthas Institute for Performing ( MIPA ) en het Noorderpoort ( NP ). De Onderwijs- en Examenregeling (OER) is een wettelijk document. In de OER wordt onder meer doel en inhoud van de opleiding, geldigheidsduur van toetsen (hierna: tentamens) en examens, wijze van tentaminering, herkansingen, toelatingseisen, binnend studieadvies ( BSA ) en opleidingsbegeleiding vastgelegd. Deze regeling wordt vastgesteld door de directeur van LMIPA. Het NP-Studentenstatuut is een bijlage bij deze Onderwijs- en Examenregeling. In het Studentenstatuut zijn de belangrijkste rechten en plichten van leerlingen bijeen gebracht. Het gaat zowel om rechten en plichten op grond van wettelijke bepalingen als om regelingen die het Noorderpoort zelf heeft vastgesteld. De bepalingen van het Studentenstatuut zijn op alle leerlingen van het Noorderpoort van toepassing. Uitzonderingen op die regel staan in de bepalingen zelf aangegeven. Als op basis van het Studentenstatuut een afwijkende regeling geldt, dan is die afwijkende regeling opgenomen in deze OER. 0.2 Inleiding Achtergrond In Nederland was jarenlang het volgen van een Hbo-opleiding Dans de enige manier waarop iemand zich tot professionele danser of dansdocent kon laten scholen. Een aantal getalenteerde jongeren vindt inderdaad zijn weg naar een dergelijke Hboopleiding en ontwikkelt zich tot hoogopgeleide, professionele dansers. Voorwaarde is uiteraard wel dat zij over voldoende cognitieve vermogens beschikken om een Hboopleiding te volgen. Dat wil zeggen dat zij moeten beschikken over een Havogetuigschrift of een verwante Mbo-opleiding hebben voltooid. Er zijn echter relatief veel jongeren die, ondanks hun danstalent en inzet, om diverse redenen niet aan deze voorwaarden kunnen voldoen en dus geen toegang hebben tot een Hbo-opleiding. Een aantal ROC s en andere opleidingsinstituten reageerden hierop door diverse dansopleidingen op Mbo-niveau aan te bieden, soms onder de vlag van een sportopleiding, soms als alleenstaande kunstvakopleiding. LMIPA is er echter van overtuigd dat een Mbo-opleiding Dans uitsluitend thuishoort in het kunstvakonderwijs, bij een dansopleiding, waar men kan bogen op jarenlange ervaring op alle niveaus en een doorlopende leerlijn kan aanbieden. Om jongeren die geen toegang hebben tot een Hbo-opleiding Dans een reële kans te geven hun talent optimaal te ontwikkelen is LMIPA in september 2004 de opleiding Mbo Dansleider/Dans gestart. In het eerste jaar draaide de Amsterdamse opleiding als een particuliere opleiding, maar met ingang van het schooljaar is een samenwerkingsovereenkomst met het Noorderpoort in Groningen aangegaan. Hierdoor verkreeg de opleiding de status van experimentele opleiding en werd zij van rijkswege bekostigd. Vanaf het opleidingsjaar wordt er naast de opleiding in Amsterdam een identieke opleiding in Groningen aangeboden. In beide steden is de Mbo-opleiding nauw verwant aan de Hbo-opleidingen van Lucia Marthas Institute for Performing. OER Mbo Dansleider/Dans

6 Binnen de Mbo-opleiding leidt LMIPA podiumkunstenaars en dansleiders op voor het werkveld van de uitvoerende kunsten. Dit werkveld vormt een belangrijk onderdeel van de hedendaagse podiumkunsten en heeft behoefte aan breed inzetbare podiumkunstenaars. Het curriculum wordt voortdurend geijkt aan de eisen die het werkveld aan afgestudeerden stelt en geeft hiernaast blijk van een duidelijke, eigen benadering van onderwijs en leren. Deze benadering heeft zich inmiddels bewezen, zoals blijkt uit de waardering van afgestudeerden, het werkveld, visiterende instellingen en de overheid. De opleiding is een zogenaamde Beroepsopleidende Leerweg, niveau 4. Met ingang van opleidingsjaar jaar is de Mbo-opleiding Dansleider/Dans teruggebracht van vier naar drie jaar. Om het niveau en de kwaliteit van de opleiding te kunnen behouden is de studielast verhoogd van 50 naar 55 ECTS per opleidingsjaar. Op deze manier kunnen in leerlingen sneller dan voorheen op hetzelfde hoge eindniveau afstuderen. Met ingang van opleidingsjaar zijn de zogenaamde keuzedelen geïntroduceerd in het curriculum. Hierbij krijgt de leerling de keuze uit een aantal onderdelen die een verbreding of verdieping van de opleiding zijn. De keuzeonderdelen zijn samengesteld om de doorstroom naar het werkveld of de instroom bij een Hbo-opleiding Performing te versterken. 0.3 Inleiding LMIPA Missie & visie Het Lucia Marthas Institute for Performing is een opleidingsinstituut voor de uitvoerende kunsten. Naast een Mbo-afdeling heeft LMIPA de volgende educatieve afdelingen: Hbo-Bachelor, Hbo-Associate degree, Vooropleiding en Stage- en leerbedrijf (Recreatie & Oriëntatie). De verschillende afdelingen sluiten op elkaar aan, waardoor er sprake is van een doorlopende leerlijn. Zie voor de instituutstrap paragraaf 0.4 van deze OER. LMIPA wil een eigentijds, innovatief, laagdrempelig en multicultureel opleidingsinstituut zijn. Talent staat centraal. In een inspirerend klimaat halen gedreven studenten, leerlingen en bevlogen docenten het beste uit zichzelf en uit elkaar, als kunstenaar, als docent én als mens. Kortom, de missie van LMIPA luidt: Waar talent excelleert Voor haar Mbo-afdeling heeft LMIPA de volgende visie geformuleerd: LMIPA wil getalenteerde jongeren die geen (directe) toegang hebben tot een Hbo-opleiding Dans een kans bieden hun talent te ontwikkelen en daarmee de hofleverancier zijn van optimaal opgeleide krachten voor het Mbo-werkveld. OER Mbo Dansleider/Dans

7 0.4 Inleiding LMIPA Instituutsstrap LMIPA heeft gekozen voor een doorlopende leerlijn in treden. Hiermee is de meer gebruikelijke indeling in jaren verlaten. Alle treden bij elkaar vormen een trap, die in principe van beneden af naar boven kan worden doorlopen: vanaf de Vooropleiding tot en met de (nog in ontwikkeling zijnde) masteropleidingen. De instituutstrap is hieronder afgebeeld als figuur 1. Het Lucia Marthas Institute for Performing heeft momenteel de volgende onderwijsafdelingen: Vooropleiding met vier trajecten; Mbo met de opleiding Mbo Dansleider/Dans; Hbo met de opleidingen Hbo-Associate degree Dans (tweejarig traject), Hbo- Bachelor Dans (vierjarig traject) en Hbo-Bachelor Docent Dans (vierjarig traject). Figuur 1: Instituutstrap LMIPA OER Mbo Dansleider/Dans

8 0.5 Inleiding LMIPA Organogram De organisatie van het Lucia Marthas Institute for Performing is opgedeeld in educatieve eenheden en functionele eenheden. Onder de educatieve eenheden vallen de verschillende onderwijsafdelingen (Hbo, Mbo, Vooropleiding en Recreatie & Oriëntatie), die tezamen de kernactiviteit van LMIPA vormen. Alle ondersteunende afdelingen (Strategy, Marketing, People, Clients, Processes, Operations en Finance) zijn functionele eenheden. Elke eenheid wordt aangestuurd door een Hoofdcoördinator. De Hoofdcoördinatoren vormen tezamen met de Directie het Managementteam C3. Zie figuur 2 voor een schematisch overzicht van de organisatiestructuur. Figuur 2: LMIPA Organisatiestructuur OER Mbo Dansleider/Dans

9 0.6 Inleiding LMIPA Organogram Educatieve Eenheden Elke educatieve eenheid wordt geleid door een Hoofdcoördinator. Binnen de educatieve eenheden worden de verschillende subafdelingen verzorgd door de Coördinatoren. De Hoofdcoördinator en zijn Coördinatoren vormen samen de Studieleiding. Zie figuur 3 voor het schematische overzicht van de educatieve eenheden. Figuur 3: Organogram educatieve eenheden OER Mbo Dansleider/Dans

10 1. De opleiding 1.1 De opleiding Typering & karakterisering De driejarige opleiding Mbo-Dansleider/Dans is onderdeel van de doorlopende leerlijn van het Lucia Marthas Institute for Performing, zoals deze is beschreven in hoofdstuk 0.4 van deze OER en is afgebeeld als figuur 1. Uit- en doorstroom De opleiding Mbo Dansleider/Dans heeft een eigen competentieprofiel en dient twee gelijkwaardige doelen: 1. Uitstroom: leerlingen opleiden om op Mbo-niveau in het werkveld aan de slag te gaan, waarbij het werkveld grofweg als volgt kan worden opgedeeld: Dansleider Danser Onderwijsassistent dansdocent Dankzij de ervaringen die LMIPA met het werkveld heeft, is zij goed in staat de eisen van het toekomstig werkveld in te schatten. Het curriculum is dan ook enerzijds gebaseerd op die eisen, anderzijds op de visie die LMIPA heeft op kunst en op kunstonderwijs. Voor de Mbo-opgeleide mensen is er een duidelijk werkveld: binnen de buurthuizen, naschoolse opvang en het recreatieve dansen ligt een groot werkterrein voor de dansleider. Maar ook als assistent van de dansdocent is er grote vraag naar Mbo-opgeleide mensen en tot slot zijn er veel dansers nodig in kleinere producties zoals dinnershows. 2. Doorstroom: geschikte leerlingen voorbereiden op de Hbo-Bacheloropleiding Dans of Docent Dans of Hbo-Associate degree Dans. Ook de eisen van een eventuele Hbo-vervolgopleiding zijn bij de totstandkoming van het curriculum meegenomen; gemiddeld stroomt tussen de 30 en 40% door naar Hboopleidingen. Veel contact tussen leerlingen en docenten Het onderwijs dat LMIPA aanbiedt wijkt in een aantal opzichten af van het reguliere middelbaar beroepsonderwijs. De opleiding wordt gekenmerkt door een groter dan gemiddeld aantal contacturen tussen docenten en leerlingen. Het spreekt voor zich dat naast het perfectioneren van de ambachtelijke vaardigheid en kennis, ook het aanleren van een goede houding en het vormen van kunstzinnigheid belangrijke elementen in de opleiding zijn. Daarnaast is er ruim aandacht voor het vergroten van de algemene ontwikkeling van de leerling. Ook het aanleren van sociale vaardigheden, zelfreflectie en discipline is een belangrijk element van de opleiding. Niet-modeluaire leerroute Leerlingen volgen in principe een niet-modulaire leerroute, waarbij succesvolle afsluiting van eerdere domeinonderdelen vereist is voordat latere domeinonderdelen kunnen worden gevolgd. De leerling wordt de mogelijkheid geboden om zich te verdiepen en te verbreden door middel van een aantal keuzedelen. Daarnaast is in het curriculum structurele ruimte ingeruimd voor de ontwikkeling van de eigen creativiteit van de leerling, die uiteindelijk in een lessituatie of in het theater zijn brood zal moeten verdienen. Praktijkstages Omdat het onderwijs sterk vak- en praktijkgericht is, zijn stages in het werkveld een integraal onderdeel van de opleiding. Dat houdt in dat leerlingen gedurende hun hele OER Mbo Dansleider/Dans

11 opleiding kortere en langere stages lopen, waarbij zij met zoveel mogelijk facetten van het werkveld kennismaken. Zie hoofdstuk 7 voor meer informatie over stages. 1.2 De opleiding Algemene commissie De Algemene commissie beslist over de algemene zaken in de breedste zin des woords van het instituut, de medewerkers en leerlingen. Leerlingen mogen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Algemene commissie niet deelnemen aan buitenschoolse optredens of audities. De Algemene commissie komt wekelijks op maandag bijeen. Aanvragen dienen 72 uur voorafgaand aan de vergadering te worden gestuurd naar: [email protected]. De Algemene commissie kijkt bij elke aanvraag of deelname aan het evenement/de auditie qua planning haalbaar is en of deze geen nadelige gevolgen heeft voor de opleidingsvoortgang en/of toekomstige podiumcarrière. De Algemene commissie bestaat uit de Hoofdcoördinatoren en de Coördinatoren van de educatieve eenheden en haar leden worden benoemd door de algemeen directeur. 1.3 De opleiding Examencommissie & Toetscommissie De Examencommissie bewaakt het niveau van de opleiding door intern toezicht te houden op toetsing en examinering wat betreft inhoud, werkwijze en niveau. Daarnaast is er een Toetscommissie. Zij heeft als taak om onder verantwoordelijkheid van de Examencommissie onderzoek te doen naar de kwaliteit van toetsen. De Examencommissie heeft de volgende taken en bevoegdheden: 1. Bepalen of de afstudeerder voldoet aan het eindniveau van de opleiding; 2. Naleving en uitvoering van de OER en de Wet educatie en beroepsonderwijs; 3. Het borgen van de kwaliteit van de toetsing; 4. Het vaststellen van richtlijnen en aanwijzingen binnen het kader van de OER ter beoordeling en vaststelling van de uitslag van toetsen; 5. Bewaken van de kwaliteitseisen met betrekking tot de werkwijze van de Toetscommissie; 6. Het verlenen van vrijstelling voor het afleggen van één of meer toetsen; 7. Het treffen van tentamenvoorzieningen voor leerlingen met een functiebeperking; 8. Het vaststellen van een intern geldend reglement ( huishoudelijk reglement ) waarin zij vaststelt regels met betrekking tot de uitvoering van haar taken en bevoegdheden; 9. Voor het afnemen van tentamens en het vaststellen van de uitslag daarvan wijst de Examencommissie examinatoren aan. De examinatoren verstrekken de Examencommissie de gevraagde inlichtingen. De Examencommissie bestaat uit tenminste vijf en uit ten hoogste negen leden. Ten minste één lid is als docent verbonden aan de opleiding of aan één van de opleidingen die verbonden zijn LMIPA. De directieleden van LMIPA zijn geen lid van de Examencommissie. De leden van de Examencommissie worden benoemd door de algemeen directeur. Leerlingen kunnen een klacht of verzoekschrift indienen bij de Examencommissie. Het verzoek dient te voldoen aan de volgende eisen: 1. Het verzoek wordt schriftelijk via [email protected] door de leerling ingediend; 2. Het verzoek wordt voorzien van een datum; OER Mbo Dansleider/Dans

12 3. Het betreft een concreet verzoek; indien het om een verzoek tot herziening gaat, sluit de leerling een kopie van de beslissing bij; 4. Het verzoek wordt door de leerling gemotiveerd; 5. Het verzoek wordt door de leerling ondertekend; 6. De leerling vermeldt zijn naam, correspondentieadres en telefoonnummer op het verzoekschrift; 7. Het verzoekschrift dient binnen drie werkweken na bekendmaking van het besluit of (indien het gaat om een verzoek tot herziening: de beoordeling) in het bezit te zijn van de Examencommissie. De Examencommissie onderzoekt of het verzoek gehonoreerd kan worden. In principe wordt hierbij de leerling gehoord, tenzij: Op voorhand duidelijk is dat het verzoek gehonoreerd kan worden; Verzoeker aangeeft niet gehoord te willen worden; Het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond is. In sommige gevallen is horen praktisch onmogelijk. Soms kan een vertegenwoordiger van een groep leerlingen gehoord worden. Als het horen niet gebeurt voordat de Examencommissie een besluit neemt, dient de Examencommissie alsnog te horen in het kader van een eventueel beroep van de leerling. Tevens kunnen andere personen gehoord worden die naar het oordeel van de Examencommissie relevante informatie kunnen verstrekken over het ingediende verzoek, bijvoorbeeld docenten die geen lid zijn van de Examencommissie of ondersteunend personeel. De Examencommissie beslist met meerderheid van stemmen. Indien de stemmen staken beslist de voorzitter. Indien een leerling bij de Examencommissie een verzoek of een klacht indient waarbij een examinator betrokken is die lid is van de Examencommissie, neemt de betrokken examinator geen deel aan de behandeling van het verzoek of de klacht. Contactgegevens van de Examencommissie: Examencommissie Mbo T.a.v. de secretaris Rustenburgerstraat HK Amsterdam 1.4 De opleiding Toelatingscommissie De Toelatingscommissie beslist over de toelating van nieuwe leerlingen. De Toelatingscommissie bestaat uit één lid van de directie (tevens voorzitter Toelatingscommissie) en uit leden van de Algemene commissie eventueel aangevuld met andere deskundigen. Het aantal stemgerechtigde commissieleden voor de toelating is in beginsel vijf. In beginsel worden de audities alleen bijgewoond door de leden van de Toelatingscommissie en de docenten die de auditielessen verzorgen. Indien kan worden aangetoond dat iemand een groot belang heeft bij de audities en derhalve aanwezig wil zijn, moet eerst toestemming worden gevraagd aan de Algemene commissie. Contactgegevens van de Toelatingscommissie: Toelatingscommissie Mbo T.a.v. de secretaris Rustenburgerstraat HK Amsterdam OER Mbo Dansleider/Dans

13 1.5 De opleiding Studieleiding De Studieleiding bestaat uit de opleidingsbegeleiders en de domeincoördinatoren en bespreekt leerlingzaken en de dagelijkse gang van zaken binnen de opleiding. 1.6 De opleiding Opleidingscommissie AMROC De Opleidingscommissie is het orgaan dat advies uitbrengt over zaken die het onderwijs binnen LMIPA betreffen. De Opleidingscommissie bestaat uit tenminste vier leden en voor de helft uit leerlingen. De leden van de Opleidingscommissie worden benoemd door de algemeen directeur. OER Mbo Dansleider/Dans

14 2. Beroepscompetenties 2.1 Beroepscompetenties Competentiegericht curriculum De inrichting van alle opleidingen binnen het Lucia Marthas Institute for Performing is primair gebaseerd op de eisen die het werkveld en/of een eventuele vervolgopleiding aan afgestudeerden en gediplomeerden stelt. Het aangeboden onderwijs is gericht op de verwerving en verdere ontwikkeling van beroeps- en opleidingsrelevante competenties. Onder een competentie wordt verstaan: het duurzaam ontwikkelbare en meetbare vermogen van een leerling om als danser/podiumkunstenaar/assissent-docent dans in een relevante arbeidssituatie de gewenste prestatie te leveren. 2 Een competentie bestaat traditiegetrouw uit drie elementen: kennis, vaardigheden en houding. Daaraan heeft LMIPA een vierde, voor het werkveld essentiële, zij het binnen het onderwijs ook controversiële component toegevoegd: kunstzinnigheid. In 2002 heeft het Netwerk Dans voor de Hbo-opleidingen Dans een aantal landelijke eindcompetenties geformuleerd. LMIPA heeft deze landelijke competenties vervolgens aan de eigen situatie aangepast en bijgebogen, zodat er een duidelijk eigen, maar landelijk stevig verankerd competentieprofiel ontstond. Vervolgens heeft LMIPA op basis van het eigen Hbo-profiel en in samenwerking met het werkveld eindcompetenties voor de Mbo-opleiding geformuleerd. Op deze manier wordt de leerling zowel voorbereid op het toekomstig Mbo-werkveld als op de eventuele Hbovervolgopleiding. Per trede zijn tredencompetenties gedefinieerd die alle toewerken naar de eindcompetenties. Eindcompetenties geven het niveau aan waarop een netafgestudeerde zich minimaal bevindt. De eindcompetenties zijn uitgewerkt in de MaDoPasAPas-documenten, de Tredeninformatiedossiers en de Proeve van Bekwaamheid oftewel het ExamenDossier. Het Mbo-curriculum omvat de treden 8b (basis), 8 en 9b (basis). Per trede heeft LMIPA tredencompetenties gedefinieerd. Getoetst wordt of de leerling het vereiste competentieniveau heeft verworven dat is gespecificeerd voor de trede waarin hij zich bevindt. Zie voor een volledige beschrijving van de Examinering- en beoordelingssystematiek hoofdstuk 8 van deze OER. 2 M. Mulder en J. Scheurer, Competentieontwikkeling in organisaties: gewikt en gewogen (Den Haag: Stichting Management Studies 2001). OER Mbo Dansleider/Dans

15 2.2 Beroepscompetenties Domeinen LMIPA heeft alle onderwijsonderdelen ondergebracht in domeinen. Elk domein kent zijn eigen eindcompetenties. Binnen elk domein worden relevante onderwijsonderdelen aangeboden, die het de leerling mogelijk maken de eindcompetenties te verwerven. Bijvoorbeeld: leerlingen behalen niet een cijfer voor het domeinonderdeel Ballet, maar zij worden beoordeeld binnen het domein Dans & Muziektheater waarin naast ballet ook nog een aantal andere verwante vakken uit het werkveld van de performing arts zijn opgenomen. Daarnaast kunnen projecten domeinoverschrijende zijn. De opleiding is onderverdeeld in vijf domeinen: 1. Dans & Muziektheater (DMT): In dit domein staat de beheersing van de danstechnische vakken centraal, waarbij ballet de technische basis vormt voor alle andere domeinonderdelen in dit domein. De dansvakken worden, in beginsel, met behulp van diverse methodes aangeleerd en daarnaast is er bij de invulling van de lessen ruimte voor de methodische inzichten van de individuele docent. 2. Onderwijs- & Theatertheorie (OTT): de domeinonderdelen van dit domein geven de leerling een basale kennis van de theoretische achtergronden van het toekomstig werkveld. Bovendien dragen de domeinonderdelen bij aan verbreding en verdieping van de algemene ontwikkeling van de leerling. 3. Algemene Ontwikkeling (AO): in dit domein ontwikkelt de leerling zich vooral op cognitief gebied en leert hij zich openstellen voor kennis en vaardigheid, die al dan niet direct met kunst te maken hebben, maar die hem in de context van beroep en maatschappij zullen helpen beter te functioneren. 4. Brugdomein (BD): trede 8B bestaat uit een gezamenlijk Brugdomein Praktijk en Theorie. In trede 8 en 9b is het Brugdomein onderverdeeld in drie subdomeinen die afzonderlijk worden beoordeeld: Brugdomein A (Praktijk): de praktijkonderdelen van dit domein hebben als doel de domeinonderdelen van andere domeinen te ondersteunen of staan op zichzelf zonder koppeling met andere domeinonderdelen; Brugdomein B (Theorie): de theorie-onderdelen van dit domein hebben als doel de domeinonderdelen van de andere domeinen te ondersteunen of staan op zichzelf zonder koppeling met andere domeinonderdelen. Brugdomein C (Keuzedelen): met de keuzedelen kan de leerling zijn kennis en vaardigheden op een aantal onderdelen verbreden of verdiepen met betrekking tot de uitstroom in het werkveld of de doorstroom naar het Hbo. Er zijn de volgende keuzedelen: - Keuzedeel Dance Trends (DT) - Keuzedeel Doorstroom Mbo naar Hbo - Keuzedeel Ondernemen Educatie Zang Dans Acteren ( EDAZ) - Keuzedeel Triptiek Performing (TPA) 5. Onderwijs- & Theaterpraktijk (OTP): in dit domein maakt de leerling onder andere door middel van stages, oriëntaties en werkbezoeken kennis met zijn toekomstig werkveld. De onderwijs- en theaterstages zijn steeds op een niveau dat past bij de opleidingsfase waarin de leerling zich bevindt. In het kader van het domeinonderdeel Werkveldoriëntatie maakt de leerling kennis met alle mogelijke vormen van kunst en een breed werkveld. Ieder domein omvat een aantal domeinonderdelen. Zie hoofdstuk 2.5 van deze OER. OER Mbo Dansleider/Dans

16 2.3 Beroepscompetenties Kerntaken, werkprocessen & competenties Ni In onderstaande tabellen is per landelijke kerntaak te zien welke werkprocessen er plaatsvinden: 1 B1-K1 Toont artistieke vakbekwaamheid Basisdeel B1-K1-W1 B1-K1-W2 Ontplooit vakmanschap en onderscheidend vermogen Evalueert en reflecteert op het professioneel handelen als artiest 2 B1-K2 Positioneert zich als professioneel artiest en onderhoudt en organiseert zijn eigen (net)werk B1-K2-W1 B1-K2-W2 B1-K2-W3 B1-K2-W4 Ontwikkelt en onderhoudt professioneel netwerk Profileert zichzelf en zijn product (in de markt) Sluit zakelijke overeenkomsten af en voert de administratie Verzorgt educatieve activiteiten 3 P4-K1 Danst in een (professionele) productie Profieldeel Danser P4-K1-W1 P4-K1-W2 P4-K1-W3 P4-K1-W4 P4-K1-W5 Zorgt voor een optimale conditie Bereidt zich voor op de productie Werkt onder leiding van een choreograaf Maakt een dans-act Voert de dansproductie / -uitvoering uit OER Mbo Dansleider/Dans

17 2.4 Beroepscompetenties Competenties Tijdens de kerntaken en werkprocessen worden de volgende competenties getoetst: A Beslissen en activiteiten initiëren B Aansturen C Begeleiden D Aandacht en begrip tonen E Samenwerken en overleggen F Ethisch en integer handelen G Relaties bouwen en netwerken H Overtuigen en beïnvloeden I J Presenteren Formuleren en rapporteren K Vakdeskundigheid toepassen L Materialen en middelen inzetten M Analyseren N Onderzoeken O Creëren en innoveren P Leren Q Plannen en organiseren R Op de behoeften en verwachtingen van de klant richten S Kwaliteit leveren T Instructies en procedures opvolgen U Omgaan met verandering en aanpassen V Met druk en tegenslag omgaan W Gedrevenheid en ambitie tonen X Ondernemend en commercieel handelen Y Bedrijfsmatig handelen De wijze waarop het aanleren van de bovenstaande kerntaken c.q. de verwerving van de bovenstaande competenties worden getoetst is vastgelegd in het Examendossier Mbo (Proeve van Bekwaamheid). 2.5 Beroepscompetenties Eindcompetenties per domein In de volgende tabellen staat beschreven welke eindcompetenties per domein worden getoetst. OER Mbo Dansleider/Dans

18 2.5.1 Eindcompetenties Domein Dans & Muziektheater Eindcompetenties Ambachtelijk De gediplomeerde maakt in zijn werkzaamheden vakbekwaam en professioneel gebruik van een breed scala aan instrumentele vaardigheid en ambachtelijke kennis. Analytisch De gediplomeerde weet dansbewegingen te ontleden. Artistiek De gediplomeerde geeft artistieke invulling aan kunstzinnige opdrachten en geeft creatief vorm aan eenvoudige danscombinaties. Assimilerend De gediplomeerde legt verband tussen zijn kennis en vaardigheid. Creërend De gediplomeerde heeft een persoonlijke en artistieke bewegingstaal. Lerend De gediplomeerde leert graag, houdt kennis en vaardigheid op peil en blijft deze verbeteren en vernieuwen. Professioneel De gediplomeerde heeft een goed ontwikkeld beroepsethos dat de basis is voor een succesvolle loopbaan in het werkveld én voor een eventuele vervolgstudie in het hoger beroepsonderwijs. Reflectief De gediplomeerde kijkt kritisch naar zichzelf en onderneemt zonodig verbeteracties. Samenwerkend De gediplomeerde werkt constructief samen met anderen. Domeinonderdelen Ballet Ballet is de basis waarop alle andere danstechnieken voortbouwen. Jazzdans Jazzdans dient als basis voor de PSMUDtechniek, maar is ook een zelfstandige danstechniek. Moderne Dans Moderne Dans dient als basis voor PSMUDtechniek en Jazzdans, maar is ook een zelfstandige danstechniek. PopShowMusicalUrban Dans (PSMUD) PopShowMusicalUrban Dans is het kerndomein-onderdeel binnen het domein Dans. In dit domeinonderdeel komen de verschillende dansstijlen bij elkaar en wordt een brug geslagen tussen de verschillende technieken. Theatre Latin Standard Dans (TLSD) Theatre Latin Standard Dans is een onderdeel van het ballroomdansen en een verzamelnaam voor verschillende dansen die zijn ontstaan uit traditionele niet-academische dansvormen, die vervolgens vanaf het begin van de 20ste eeuw gestandaardiseerd zijn tot zelfstandige danstechnieken. Urban Dance Trends Urban Dance Trends is een apart domeinonderdeel en een zelfstandige danstechniek gebaseerd op niet-academische dansvormen, zoals hiphop, die voortdurend aan vernieuwingen, trends en verandering onderhevig is. Zang & stem Zang & stem dient als basis voor het domeinonderdeel Song & Dance en andere zanggerelateerde onderdelen. OER Mbo Dansleider/Dans

19 2.5.2 Eindcompetenties Domein Onderwijs- & Theatertheorie Eindcompetenties Analytisch De gediplomeerde analyseert in grote lijnen tijd, stijl en vorm op basis van zijn theoretische kennis. Assimilerend De gediplomeerde is zich bewust van het verband tussen zijn kennis en de toepassing daarvan. Communicatief De gediplomeerde verwoordt op duidelijke wijze het eigen handelen.. Lerend De gediplomeerde leert graag, houdt kennis en vaardigheid op peil en blijft deze verbeteren. Ondernemend De gediplomeerde beschikt over de theoretische kennis om onder aansturing invulling te geven aan onderwijs- en leerprocessen. Pedagogisch De gediplomeerde levert op basis van zijn theoretische kennis een bijdrage aan het scheppen van een veilige, stimulerende, effectieve en respectvolle leeromgeving.. Professioneel De gediplomeerde heeft een goed ontwikkeld beroepsethos dat de basis is voor een succesvolle loopbaan in het werkveld én voor een eventuele vervolgstudie in het hoger beroepsonderwijs. Reflectief De gediplomeerde kijkt kritisch naar zichzelf en onderneemt zonodig verbeteracties. Samenwerkend De gediplomeerde werkt constructief samen met anderen. Domeinonderdelen Basis PEDA Theorie De theoretische basisprincipes van de intermenselijke communicatie staan centraal in dit domeinonderdeel. Marthas Culturele & Kunstzinnige Vorming (MCKV) Bij MCKV worden een overzicht geboden van grote lijnen van de kunst-, muziek- en popgeschiedenis en wordt de geschiedenis van dans en muziektheater in historisch perspectief geplaatst. Mens- & Bewegingskunde Mens- & Bewegingskunde omvat een basale kennis van anatomie van het bewegings- en stemapparaat en relevante EHBOvaardigheden. Methodiek & Didactiek Theorie (MEDT) Bij Methodiek & Didactiek Theorie worden de beginselen van het lesgeven behandeld en het assisteren binnen de MEDT methode en de PSMUD. Bovendien omvat het de zelfstandige ontwikkeling en uitvoering van leer- en lesplannen ten behoeve van de MEDT-methode. Muziektheorie Muziektheorie gaat in op de theoretische aspecten van de muziek en plaatst relevante muziekstromingen in historisch perspectief. OER Mbo Dansleider/Dans

20 2.5.3 Beroepscompetenties Domein Algemene Ontwikkeling Eindcompetenties Analytisch De gediplomeerde maakt in zijn werkzaamheden vakbekwaam gebruik van degelijke cognitieve basis. Assimilerend De gediplomeerde koppelt kennis en vaardigheid. Lerend De gediplomeerde leert graag, houdt kennis en vaardigheid op peil en blijft deze verbeteren en vernieuwen. Omgevingsgericht De gediplomeerde heeft belangstelling voor en neemt kennis van wat er in de wereld gebeurt. Professioneel De gediplomeerde heeft een goed ontwikkeld beroepsethos dat de basis is voor een succesvolle loopbaan in het werkveld én voor een eventuele vervolgstudie in het hoger beroepsonderwijs. Reflectief De gediplomeerde kijkt kritisch naar zichzelf en onderneemt zo nodig verbeteracties. Domeinonderdelen Engels De gediplomeerde beheerst het algemeen Engels waarbij het taalgebruik zich zowel op het generieke als het beroepsgerichte deel richt. Het beroepsgerichte deel wordt Performing English genoemd. Het vereiste beheersingsniveau van de vaardigheden lezen en luisteren is B1 en van de vaardigheden schrijven, spreken en gesprekken voeren: A2. Deze referentieniveaus worden beschreven in het Europees Referentiekader Moderne Vreemde Talen. Loopbaan & Burgerschap Dit domeinonderdeel is landelijk verplicht voor het gehele Mbo. De doelstelling is om de leerling voor te bereiden op leven en participatie in de samenleving in politieke, economische en maatschappelijke zin. Besef van waarden, normen en omgangsvormen maakt hiervan deel uit. Tevens is er aandacht voor vitaal burgerschap en loopbaanontwikkeling (leven-lang-leren-enondernemen). Nederlands Het vak Nederlands richt zich op de wettelijk vastgelegde referentieniveaus voor Mboleerlingen voor zowel het generieke als beroepsgerichte deel. Het beroepsgerichte deel wordt Performing Dutch genoemd. De taalvaardigheidseisen richten zich op de eisen die gesteld worden aan een beginnend beroepsbeoefenaar en tevens op de mogelijke doorstroom naar het vervolgonderwijs. Naast leesvaardigheid, mondelinge taalvaardigheid en schrijfvaardigheid komen de traditionele onderdelen aan bod zoals spellen, formuleren, briefconventies en argumenteren. Ook is er ruime aandacht voor uitbreiding van de woordenschat. Het vereiste beheersingsniveau van de vaardigheden luisteren, lezen, schrijven, gesprekken voeren en spreken is niveau 3F. Rekenen Ook het vak Rekenen richt zich op de wettelijk vastgelegde referentieniveaus voor Mboleerlingen voor zowel het generieke als het beroepsgerichte deel. Het beroepsgerichte deel wordt Performing Rekenen genoemd Het vereiste beheersingsniveau voor de vaardigheden van de domeinen getallen, verhoudingen, meten en meetkunde en verbanden is 3F. OER Mbo Dansleider/Dans

21 2.5.4 Beroepscompetenties Brugdomein-Praktijk (A) Eindcompetenties Ambachtelijk De gediplomeerde maakt in zijn werkzaamheden vakbekwaam en professioneel gebruik van een breed scala aan instrumentele vaardigheden en ambachtelijke kennis. Assimilerend De gediplomeerde is zich bewust van het verband tussen zijn kennis en de toepassing daarvan. Lerend De gediplomeerde leert graag, houdt kennis en vaardigheid op peil en blijft deze verbeteren en vernieuwen. Professioneel De gediplomeerde heeft een goed ontwikkeld beroepsethos dat de basis is voor een succesvolle loopbaan in het werkveld én voor een eventuele vervolgstudie in het hoger beroepsonderwijs. Reflectief De gediplomeerde kijkt kritisch naar zichzelf en onderneemt zo nodig verbeteracties. Samenwerkend De gediplomeerde werkt constructief samen met anderen. Domeinonderdelen Acrobatiek Acrobatiek helpt bij het optimaliseren van de fysieke ontwikkeling en de acrobatische vaardigheden. Acrobatiek is ondersteunend voor de PSMUD-techniek. Fysiek Bij het domeinonderdeel Fysiek staat de ontwikkeling van het fysieke instrument centraal. Tapdans Tapdans dient als basis voor de PSMUD, maar is ook een zelfstandige danstechniek. OER Mbo Dansleider/Dans

22 2.5.5 Beroepscompetenties Brugdomein-Theorie (B) Eindcompetenties Ambachtelijk De gediplomeerde maakt in zijn werkzaamheden vakbekwaam en professioneel gebruik van een breed scala aan instrumentele vaardigheden en ambachtelijke kennis. Assimilerend De gediplomeerde is zich bewust van het verband tussen zijn kennis en de toepassing daarvan. Lerend De gediplomeerde leert graag, houdt kennis en vaardigheid op peil en blijft deze verbeteren en vernieuwen. Professioneel De gediplomeerde heeft een goed ontwikkeld beroepsethos dat de basis is voor een succesvolle loopbaan in het werkveld én voor een eventuele vervolgstudie in het hoger beroepsonderwijs. Reflectief De gediplomeerde kijkt kritisch naar zichzelf en onderneemt zo nodig verbeteracties. Samenwerkend De gediplomeerde werkt constructief samen met anderen. Domeinonderdelen Frans Bij het domeinonderdeel Frans staan de Franse ballettermen centraal, zowel de vertaling hiervan als het schrijven en uitspreken. Opleidingsbegeleiding De leerlingen worden, samen met andere leerlingen of individueel, begeleid in hun opleidingsloopbaan, bij projecten, stages en portfolio-opbouw. OER Mbo Dansleider/Dans

23 2.5.6 Beroepscompetenties Brugdomein-Keuzedelen Eindcompetenties: Ambachtelijk De gediplomeerde maakt in zijn werkzaamheden vakbekwaam en professioneel gebruik van een breed scala aan instrumentele vaardigheden en ambachtelijke kennis. Assimilerend De gediplomeerde is zich bewust van het verband tussen zijn kennis en de toepassing daarvan. Lerend De gediplomeerde leert graag, houdt kennis en vaardigheid op peil en blijft deze verbeteren en vernieuwen. Professioneel De gediplomeerde heeft een duidelijk beroepsethos ontwikkeld, zowel in de context van zijn toekomstige werkveld als van een eventuele doorstroom naar het Hbo. Reflectief De gediplomeerde kijkt kritisch naar zichzelf en onderneemt zo nodig verbeteracties. Samenwerkend De gediplomeerde werkt constructief samen met anderen. Domeinonderdelen KEUZEDEEL Dance Trends (DT): Binnen dit keuzedeel worden de verschillende stijlen en achtergronden van de dance trends behandeld. Daarnaast maken de leerlingen zich de kennis en vaardigheden van de meest actuele en relevante dance trends eigen.tevens biedt dit keuzedeel verdieping op het vlak van dansleiderschap, door het aanbod van specifieke methodiek, didactiek en pedagogiek. Binnen dit keuzedeel wordt een aantal onderdelen aangeboden: 1. Acrobatiek- DT niveau 2 & 3 Acrobatiek dient als ondersteuning voor het keuzedeel Dance Trends. Dit wordt op niveau 2 en 3 aangeboden. 2. Project DT In het project DT worden de verschillende aspecten van het keuzedeel samengevoerd en gepresenteerd. 3. Dance Trends-praktijk (DT-praktijk) Danstechnieken, die voortdurend aan vernieuwing en verandering onderhevig zijn. 4. Dance Trends-theorie (DT-theorie) DT-theorie gaat in op de theoretische aspecten van de dance trends en plaatst relevante dance trend-stromen in historisch perspectief. 5. Keuzedeelonderdeel Dance Trends Theoretische en praktische onderdelen die worden aangeboden ter ondersteuning en verbreding van de kennis en vaardigheden binnen het keuzedeel Dance Trends. 6. Methodiek-Didactiek Dance Trends Bij Methodiek-Didactiek Dance Trends wordt ingegaan op de principes van het lesgeven en het assisteren in de dance trends binnen het jeugdwerk. Bovendien omvat het de zelfstandige ontwikkeling en uitvoering van leer- en lesplannen ten behoeve van educatieve activiteiten in de stijl van dance trends. KEUZEDEEL Doorstroom naar Hbo (DMH): Met dit keuzedeel wordt de leerling voorbereid op een doorstroom naar een Hbo-opleiding. Hierbij worden de Hbo-vaardigheden, zoals oriëntatie, informatieverwerking, praktijkonderzoek, samenwerking en reflectie behandeld. Dit keuzedeel bestaat uit de volgende subdelen: 1. Keuzedeelonderdeel DMH Theoretische en praktische onderdelen die worden aangeboden ter ondersteuning en verbreding van de kennis en vaardigheden binnen het keuzedeel Voorbereiding doorstroom Mbo naar Hbo. KEUZEDEEL Ondernemen Educatie, Dans, Acteren en Zang (EDAZ): Met dit keuzedeel verbreedt en verdiept de leerling zijn kennis en vaardigheden op het gebied van ondernemerschap speciaal gericht op het werkveld van de performing arts. De leerling wordt bekend gemaakt met zowel het nationale als het internationale werkveld en zal daarmee in staat worden gesteld om binnen dat werkveld te opereren als ondernemer. Dit keuzedeel bestaat uit de volgende subdelen: OER Mbo Dansleider/Dans

24 2.5.6 Beroepscompetenties Brugdomein-Keuzedelen (vervolg) Keuzedeelonderdeel EDAZ Theoretische en praktische onderdelen die worden aangeboden ter ondersteuning en verbreding van de kennis en vaardigheden binnen het keuzedeel Ondernemen, Educatie, Zang, Dans en Acteren. 1. Ondernemerschap EDAZ In dit subdeel wordt aandacht besteed aan de vakkennis, vaardigheden en taken van een kleine zelfstandig ondernemer, die een onderneming start en/of runt in de performing arts sector. Hij leidt de onderneming conform zijn plannen, waarbij hij voortdurend inspeelt op zijn omgeving. Als eigenaar van zijn onderneming bepaalt hij zelf de reikwijdte en de inrichting van zijn werkzaamheden. 2. Werkveldoriëntatie EDAZ In het kader van het domeinonderdeel Werkveldoriëntatie maakt de leerling kennis met alle mogelijke vormen van kunst en een breed werkveld. KEUZEDEEL Triptiek Performing (TPA): Dit keuzedeel is gericht op de performing arts (uitvoerende kunsten) in de breedste zin des woords. Leerlingen maken zich de kennis, kunstzinnigheid en vaardigheden van de performing arts-triptiek (zang, dans en acteren) eigen door middel van praktische en theoretische onderdelen. 1. Improvisatie/acteren TPA Improvisatie/acteren heeft als doel de leerling te ondersteunen binnen zijn uitingen van kunstzinnigheid. Daarbij heeft het ook als doel de basis te leggen op een eventuele vervolgopleiding binnen de performing arts. 2. Keuzedeelonderdeel TPA Theoretische en praktische onderdelen die worden aangeboden ter ondersteuning en verbreding van de kennis, kunstzinnigheid en vaardigheden binnen het keuzedeel Triptiek Performing. 3. Projecten TPA In het project TPA worden de verschillende aspecten van het keuzedeel samengevoegd en gepresenteerd. 4. Song & Dance/Musical TPA In het domeinonderdeel Song & Dance/Musical komen de onderdelen dans en zang samen. 5. Tapdans TPA (niveau 2 & 3) Tapdans dient als ondersteuning voor het keuzedeel TPA. Dit wordt op niveau 2 en 3 aangeboden. 6. Zang/stem TPA Zang/stem dient als ondersteuning voor het keuzedeel Triptiek Performing. OER Mbo Dansleider/Dans

25 Beroepscompetenties Eindcompetenties: Ambachtelijk De gediplomeerde maakt in zijn werkzaamheden vakbekwaam en professioneel gebruik van een breed scala aan instrumentele vaardigheden en ambachtelijke kennis. Analytisch De gediplomeerde weet dansbewegingen te ontleden. Artistiek De gediplomeerde geeft artistieke invulling aan kunstzinnige opdrachten en geeft creatief vorm aan eenvoudige danscombinaties. Assimilerend De gediplomeerde is zich bewust van het verband tussen zijn kennis en de toepassing daarvan. Communicatief De gediplomeerde kan in gesprekken met derden de eigen mening adequaat verwoorden en heeft respect voor de mening van zijn gesprekspartners. Creërend De gediplomeerde heeft een persoonlijke en artistieke bewegingstaal. Lerend De gediplomeerde leert graag, houdt kennis en vaardigheid op peil en blijft deze verbeteren en vernieuwen. Domein Onderwijs- & Theaterpraktijk Omgevingsgericht De gediplomeerde heeft belangstelling voor en neemt kennis van wat er in zijn omgeving gebeurt en vertaalt dit naar zijn beroepscontext. Ondernemend De gediplomeerde beschikt over de theoretische kennis om onder aansturing invulling te geven aan onderwijs- en leerprocessen. Professioneel De gediplomeerde heeft een goed ontwikkeld beroepsethos dat de basis is voor een succesvolle loopbaan in het werkveld én voor een eventuele vervolgstudie in het hoger beroepsonderwijs. Pedagogisch De gediplomeerde levert op basis van zijn kennis en vaardigheid een bijdrage aan een veilige, stimulerende, effectieve en respectvolle leeromgeving. Reflectief De gediplomeerde kijkt kritisch naar zichzelf en onderneemt zo nodig verbeteracties. Samenwerkend De gediplomeerde werkt constructief samen met anderen. Domeinonderdelen Eindstage Dit onderdeel brengt alle geleerde theorie- en praktijkonderdelen bij elkaar. Educatieve activiteiten Dit omvat een een individuele educatieve activiteit. Project CIS Het Project CIS omvat een groepspresentatie eigen vaardigheid en een individuele presentatie naar keuze (zang/dans/acteren). Project Integratie Het Project Integratie bevat de uitvoering van een voorstelling onder leiding van diverse choreografen/regisseurs, waarbij zoveel mogelijk domeinonderdelen van alle domeinen geïntegreerd zijn tot een samenhangend geheel. Projecten Kerntaken In de projecten Kerntaken wordt de leerling voorbereid op de landelijke kwalificaties. MEDT Praktijk Binnen dit onderdeel doen leerlingen bij een docent ervaring op als onderwijsassistent en/of verzorgen als dansleider, deels onder supervisie en deels zelfstandig, lessen in de MEDT-methode. Podium Praktijk Tijdens Podium Praktijk doen leerlingen als danser, deels onder supervisie en deels zelfstandig, podiumervaring op. OER Mbo Dansleider/Dans

26 3. Opbouw van de opleiding 3.1 Opbouw van de opleiding Vooropleiding Iemand die van dans zijn beroep wil maken moet vroeg beginnen. De Mbo-opleiding Dansleider/Dans is dan ook niet los te zien van een adequaat vooropleidings-traject. LMIPA biedt in samenwerking met een aantal scholen een met het voortgezet onderwijs geïntegreerde vooropleiding aan. Leerlingen van deze vooropleiding volgen naast hun voortgezet onderwijs danslessen. Daarnaast heeft LMIPA een nietgeïntegreerd vooropleidingstraject, waarbinnen leerlingen met name in het weekend les volgen aan LMIPA. Zie voor meer informatie over de verschillende vooropleidingstrajecten de OER Vooropleiding. 3.2 Opbouw van de opleiding Thema s & doelen Voor de gehele opleiding Mbo Dansleider/Dans geldt: De opleiding is een voltijdse opleiding; De opleiding kent naast een Basis- en Profieldeel ook keuzedelen. Hierbij maakt de leerling in trede 8 (240 uur) en trede 9B (480 uur) een keuze uit een aantal vastgestelde onderdelen; De opleiding kent geen kent aparte stageperiode, maar heeft de stages geïntegreerd in de drie treden van de opleiding. De opleiding Mbo Dansleider/Dans bestaat uit drie treden. In de praktijk komt het begrip trede meestal overeen met het begrip jaar. De normale leerroute is als volgt: 1. Trede 8b (af te ronden in maximaal twee jaar) 2. Trede 8 3. Trede 9b Elke trede heeft een geheel eigen thema en doel: De functie van trede 8b is oriëntatie, vormen, wennen en leren kennen. In de loop van trede 8b ontdekt de leerling, samen met zijn docenten, de antwoorden op de volgende drie vragen: Kan ik het? Vind ik het leuk? Wil ik het? Tijdens trede 8b wordt gewerkt aan: De aanleg van een methodische, technische, cognitieve en artistieke bodem, waarop in de latere treden wordt voortgebouwd; De oriëntatie op het beroepenveld; De beslissing, in samenspraak met de docenten, welke opleiding wellicht beter bij de leerling past wanneer blijkt dat de antwoorden op een of meer van de vragen Kan ik het? Vind ik het leuk? en Wil ik het? negatief is. De functie van trede 8 is verbreding, verdieping en ontwikkeling. Tijdens trede 8 wordt gewerkt aan: Het verbreden van de in trede 8b aangebrachte technische, cognitieve en artistieke bodem; Het verbeteren van het fysiek instrument; Het onder begeleiding opdoen van praktijkervaring. De functie van trede 9b is beslissen, optimalisering en afronding. Tijdens trede 9b wordt gewerkt aan: Het optimaliseren van het niveau van alle in eerdere treden verworven Kennis, Vaardigheid, Houding en Kunstzinnigheid; Het zowel begeleid als zelfstandig ervaring opdoen in het werkveld, leren reflecteren op opleiding, werkveld en de eigen rol hierin. OER Mbo Dansleider/Dans

27 3.3 Opbouw van de opleiding Versnelde opleidingsroute / vrijstellingen Bepaalde categorieën leerlingen kunnen in aanmerking komen voor vrijstellingen zoals het overslaan van één of meerdere tredes. Te denken valt aan leerlingen die aantoonbaar competenties elders hebben verworven. Ook kan op grond van de auditieresultaten besloten worden een leerling in een hogere trede dan 8B te laten instromen. De beslissing of een leerling in aanmerking komt voor een versneld treject door middel van vrijstellingen ligt bij de Examencommissie, in samenspraak met de Algemene commissie. Verzoeken met betrekking tot vrijstellingen dienen dan ook bij de Examencommissie te worden ingediend. Leerlingen die in aanmerking kunnen komen voor een versneld traject zijn: Leerlingen die tijdens een trede een zeer grote en snelle ontwikkeling doormaken; Leerlingen die elders de benodigde competenties voor een bepaalde trede al hebben verworven. 3.4 Opbouw van de opleiding Wijzigingen & aanpassingen Bij een opleiding die de eisen van het werkveld continu en scherp in het vizier houdt, is het niet meer dan logisch dat het curriculum mee verandert met de veranderende eisen van dat werkveld. Domeinonderdelen worden, soms op korte termijn, aangepast of aangescherpt. Indien zich wijzigingen voordoen in het curriculum waardoor uit dit curriculum onderdelen vervallen en/of worden vervangen, beslist de Algemene commissie in overleg met de leerling op welke wijze hij de gelegenheid krijgt aan zijn verplichtingen te voldoen. OER Mbo Dansleider/Dans

28 3.5 Opbouw van de opleiding Aanwezigheidsplicht Deelname aan het onderwijs is verplicht. Indien een leerling niet aanwezig kan zijn, meldt hij of zijn ouders/verzorgers (bij jongeren onder de 18 jaar) dit via de volgende adressen: Amsterdam: + opleidingsbegeleider Groningen: + opleidingsbegeleider Als het erop lijkt dat de leerling langdurig afwezig zal zijn wegens ziekte, neemt de ouder/verzorger contact op met de opleidingsbegeleider in verband met afspraken over de studievoortgang. Er kan een schriftelijke verklaring van een (arbo)arts of van de GGD gevraagd worden. Voor alle zaken met betrekking tot deelname aan buitenschoolse optredens en audities moeten leerlingen eerst schriftelijke toestemming vragen aan de Algemene commissie. Zie in dit verband hoofdstuk 1 van deze OER. Voor onvoorziene persoonlijke omstandigheden (zoals ziekte, doktersafspraken, calamiteiten in het openbaar vervoer) geldt dat leerlingen per periode maximaal 10% van de contacturen mogen missen. Indien een leerling meer dan 10% van de lessen mist op grond van aantoonbare onvoorziene omstandigheden, dan beslist de Examencommissie in samenspraak met de Algemene commissie op welke wijze de betrokken leerling de gemiste contacturen kan inhalen. Niet-gemelde absentie wordt beschouwd als ongeoorloofd verzuim en moet door LMIPA worden gemeld aan de leerplichtambtenaar en een medewerker van het regionaal meld- en coördinatiepunt voor voortijdige schoolverlaters (RMC). De Algemene commissie bekijkt in samenspraak met de Examencommissie per geval wat de gevolgen voor de opleidingsvoortgang van de betrokken leerling zullen zijn. Dit kan in bepaalde gevallen leiden tot schorsing c.q. verwijdering van school. Ook absentie tijdens stages worden gemeld. Gemiste toetsen, examens, stages e.d. moeten in overleg betrokken docenten en coördinatoren worden ingehaald. Docenten en coördinatoren stemmen dit af met de Examencommissie. OER Mbo Dansleider/Dans

29 4. Opleidingsprogramma 4.1 Opleidingsprogramma ECTS eed De studielast is verdeeld in studiebelastingpunten, in het Engels het European Credit Transfer System ( ECTS ). Elk studiejaar, waarmee wordt bedoeld het tijdvak dat aanvangt op 1 september en eindigt op 31 augustus van het daarop volgende jaar, heeft een studeerlast van 55 ECTS, waardoor de totale studeerlast over drie jaar neerkomt op 165 ECTS. 4.2 Opleidingsprogramma Opleidingslast-tabellen Eed Het opleidingsprogramma is studeerbaar voor leerlingen die aan de instroomeis voldoen. De instroomeis bestaat uit de wettelijke bepalingen op het gebied van toelatingsonderzoek tot het middelbaarberoepsonderwijs en een aanvullende auditie (in drie rondes) op dans- en vocale vaardigheden (zie hoofdstuk 5 van deze OER). De kandidaat-leerling dient tevens een medische keuring en een stemonderzoek te ondergaan. Voor de opleiding geldt dat de fysieke belasting groot is. Daarom is gedurende de opleiding medische begeleiding aanwezig. LMIPA werkt daarbij samen met een aantal vaste fysiotherapeuten en artsen. Daarnaast wordt het rooster in samenspraak met een orthopeed en een fysiotherapeut gemaakt. Hierdoor is het programma afgestemd op de fysieke belasting van domeinonderdelen. Onderstaande tabellen laten zien hoe de ECTS over de domeinen en domeinonderdelen zijn verdeeld en hoe het ingsprogramma er per periode uitziet. De opleidingsbelastinguren (klokuren) zijn opgesplitst in contacturen, zelfstudie-uren en uren waarin de leerling beoordeeld wordt. Alle taken en activiteiten zijn concreet uitgewerkt in de MaDoPasAPas. Op de volgende pagina s staat een overzicht per trede van de domeinonderdelen met hun studeerlast. OER Mbo Dansleider/Dans

30 4.2.1 Opleidingsprogramma Studeerlast Trede 8B 8b Domeinonderdelen Contact uren Zelf stan dig Toets period e A/B Toets period e C/D/E ECTS A/B ECTS C/D/E ECTC Tot. Ballet 97,5 Zang/stem 39 Jazzdans 32,5 Moderne Dans 32,5 DMT PopShowMusicalUrban 56,5 65 Dans Theater Latin Standard Dans 32,5 Urban / Hip Hop 32,5 Subtotaal 331,5 56, Marthas Culturele & Kunstzinnige Vorming 32,5 OTT Basis PEDA theorie 26 Continuous 38,5 MEDI theorie 39 assessment Muziektheorie 26 Subtotaal 123,5 38, AO maatonderdeel 26 Engels/Performing English 58,5 Loopbaan & Burgerschap 26 AO 81 Nederlands/Performing 78 Dutch Rekenen/Performing Rekenen 58,5 Subtotaal Opleidingsbegeleiding BD- BDT 40 theorie Wisselonderdeel BDP 32,5 & Fysiek BDP 39 32,5 praktijk Acrobatiek BDP 26 Tapdans BDP 26 Subtotaal 163,5 32, Project Integratie 225 Continuous OTP Project Kerntaken 39 assessment / 67 MEDI praktijk 50 Praktijkevaluatie Podium Praktijkstages 64 Subtotaal TOTAAL 1243,5 275, OER Mbo Dansleider/Dans

31 4.2.2 Opleidingsprogramma Studeerlast Trede 8 8 Domeinonderdelen Contact uren Zelf stan dig Toetsper Toetsper iode iode A/B C/D/E ECTS A/B ECTS C/D/E Ballet 97,5 Zang/stem 39 Jazzdans 32,5 DMT Moderne Dans 32,5 56,5 Continuous PopShowMusicalUrban 65 assessment Dans Theater Latin Standard Dans 32,5 Urban/HipHop 32,5 Subtotaal 331,5 56, MEDI 39 OTT Mens- & Bewegingskunde ,5 Muziektheorie 26 Subtotaal 97,5 36, AO maatonderdeel 26 Engels/Performing English 58,5 AO Loopbaan & Burgerschap 26 Continuous Nederlands/Performing assessment Dutch Rekenen/Performing Rekenen 58,5 Subtotaal BD Praktijk Fysiek BDP 39 Frans BDT 26 Opleidingsbegeleiding BD theorie BDT Keuzenonderdeel: DT of TPA BDP/BDT Subtotaal Project Integratie 210 Continuous OTP 32 assessment/ Podium Praktijkstages 64 praktijkevaluatie Subtotaal ECTS Tot. TOTAAL OER Mbo Dansleider/Dans

32 4.2.3 Opleidingsprogramma Studielast Trede 9B 9b Domeinonderdelen Contact uren Zelf stan dig Toetsp eriode A/B Toetspe riode C/D/E ECTS A/B ECTS C/D/E Ballet 117 DMT Jazzdans 32,5 Continuous 44 Moderne Dans 32,5 assessment PopShowMusical Dans 78 Subtotaal Engels/Performing English 4 AO Nederlands/Performing Dutch Rekenen/Performing Rekenen 4 Subtotaal BD Praktijk n.v.t. ECTS Tot. BDtheorie Opleidingsbegeleiding BDT Continuous assessment BD Keuzed eel Keuzenonderdeel: DT of TPA BDT/BDP Doorstroom Mbo-Hbo of Ondernemen EDAZ BDT/BDP Continuous assessment Subtotaal Eindstage 350 Continuous Examenbegeleiding/PvB 26 Assessment/ OTP 52 Project CIS 26 praktijkevaluatie Project Integratie 210 Subtotaal TOTAAL OER Mbo Dansleider/Dans

33 4.3 Opleidingsprogramma Overgangsregelingen Om onbeperkt toegelaten te worden tot een volgende trede, dienen alle domeinen uit de voorafgaande trede met een voldoende afgesloten te zijn. 4.4 Opleidingsprogramma Keuzedelen Door het volgen van keuzedelen kan een leerling door het opdoen van extra kennis en vaardigheden zijn positionering in het werkveld verbeteren. Daarnaast kunnen keuzedelen ook bijdragen aan een soepele overgang van het Mbo naar het Hbo. Binnen LMIPA zijn er verdiepende en verbredende keuzedelen. Ieder keuzedeel omvat 240 uur (8,57 ECTS). Zie hoofstuk 2 van deze OER voor een overzicht van de aangeboden keuzedelen. OER Mbo Dansleider/Dans

34 5. Toelating 5.1 Toelating Vooropleidingseisen Officieel is voor een Mbo-niveau 4 opleiding een diploma Vmbo-t of -k vereist, maar LMIPA neemt, in het geval van uitzonderlijk talent, bij wijze van uitzondering ook leerlingen aan van andere Vmbo-opleidingen. Eén van de voorwaarden voor aanname is in dat geval, benevens een succesvolle auditie, een met voldoende resultaat afgelegde cognitietest (toelatingstoets). De kosten van deze test zijn voor rekening van de kandidaat-leerling. LMIPA stelt geen eisen aan het vakkenpakket van de toekomstige leerling, maar indien nodig kan LMIPA beslissen dat een leerling verplicht extra domeinonderdelen moet volgen. 5.2 Toelating Deficiënte vooropleiding In beginsel worden kandidaat-leerlingen die niet over een middelbare-school-diploma beschikken, niet aangenomen. Echter, in het geval van uitzonderlijk talent kan hierop een uitzondering worden gemaakt. Eén van de voorwaarden voor aanname is in dat geval, benevens een succesvolle auditie, een met voldoende resultaat afgelegde uitgebreide cognitietest (toelatingstoets). De kosten van deze test zijn voor rekening van de kandidaat-leerling. 5.3 Toelating Auditieregeling Toelating tot de opleiding vindt plaats door middel van audities. De audities zijn in beginsel toegankelijk voor iedereen jonger dan 20 jaar die voldoet aan het vooropleidingsvereiste. Kandidaat-leerlingen melden zich schriftelijk aan bij de toelatingscommissie van LMIPA in Amsterdam of Groningen. De audities bestaan uit twee rondes. Auditanten krijgen tijdens de auditierondes les in een aantal dansdisciplines, waarbij het lesmateriaal bestaat uit materiaal dat behoort tot trede 7, dat wil zeggen de treden direct voorafgaande aan trede 8b. De docenten die de lessen geven nemen niet deel aan het beoordelingsproces. Eerste ronde: de deelnemers volgen auditielessen in PopShowMusicalUrban Dans, Ballet en Zang. Op basis van de resultaten van de eerste ronde worden deelnemers al dan niet toegelaten tot de tweede ronde. De geselecteerden krijgen schriftelijk bericht; de niet-geselecteerden krijgen mondeling bericht. Tweede ronde: de deelnemers volgen wederom auditielessen in PopShowMusicalUrban Dans, Ballet en Zang. Daarnaast zal er een intakegesprek plaatsvinden en worden de deelnemers getest op Nederlands, Engels, Rekenen en Algemene Ontwikkeling. De geselecteerden krijgen schriftelijk bericht; de nietgeselecteerden krijgen mondeling of schriftelijk bericht. Medische keuring: als naar aanleiding van de tweede ronde een kandidaat-leerling tot de opleiding kan worden toegelaten volgt een medische keuring en een stemonderzoek. Indien de uitslagen van deze keuringen geen beletsel opleveren voor toelating tot de opleiding wordt de kandidaat-leerling toegelaten tot de opleiding, tenzij de kandidaat-leerling een deficiënte vooropleiding heeft want in dat geval kan hij pas worden toegelaten tot de opleiding als hij met goed gevolg de relevante cognitietesten (toelatingstoets) heeft afgelegd. OER Mbo Dansleider/Dans

35 5.4 Toelating Beoordeling Toelatingscommissie De auditie vindt plaats volgens het Auditieprotocol. De Toelatingscommissie beoordeelt aan de hand van vooraf opgestelde indicatoren. Tijdens de auditierondes wordt de kandidaat-leerling competentiegericht beoordeeld, op basis van de volgende vier competentie-aspecten: Kennis Vaardigheid Houding Kunstzinnigheid Algemene ontwikkeling Opnemen & verwerken van correcties Vormbaarheid Fysieke geschiktheid Danstechniek Muzikaliteit Natuurlijke bewegingscoördinatie Gevoel voor ruimte Interesse Motivatie Gretigheid Communicatie Algehele artisticiteit Dansgevoeligheid Persoonlijkheid Creativiteit 5.5 Toelating Onderwijsovereenkomst Indien de leerling wordt toegelaten tot de opleiding sluit hij een overeenkomst af, de zogenaamde onderwijsovereenkomst als bedoeld in artikel van de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB). Dit is een overeenkomst waarin de rechten en plichten van de deelnemer en de onderwijsinstelling staan vermeld. OER Mbo Dansleider/Dans

36 6. Opleidingsadvies 6.1 Opleidingsadvies Algemeen opleidingsadvies Wanneer er redenen zijn om aan te nemen dat een leerling onvoldoende perspectief heeft in het werkveld, brengt de Algemene commissie een advies uit om de opleiding te beëindigen. Voorbeelden van dergelijke redenen zijn: bovenmatige blessuregevoeligheid onvoldoende motivatie haperende kunstzinnige ontwikkeling haperende cognitieve ontwikkeling Wanneer een dergelijk advies wordt uitgebracht zal de opleidingsbegeleider na overleg met de Algemene commissie, wanneer de betreffende leerling besluit de opleiding te beëindigen, in goed overleg bijstand verlenen bij het zoeken naar een andere opleiding. 6.2 Opleidingsadvies Bindend opleidingsadvies tijdens trede 8b Trede 8b kent een uitgebreide en intensieve opleidingsbegeleiding. 1. Eerste advies Na periode A/B, in december, krijgen de leerlingen op basis van de resultaten van hun decembertentamens een voorlopig, schriftelijk opleidingsadvies, dat aan de leerling in een persoonlijk gesprek wordt toegelicht. 2. Tweede advies Eind periode C/begin periode D krijgen leerlingen die in periode A/B een (of meerdere) domein(en) niet hebben behaald een herbeoordeling. Indien het ernaar uitziet dat een leerling na deze herbeoordeling niet aan de gestelde eisen zal kunnen voldoen wordt hij hiervan in een aparte brief schriftelijk op de hoogte gesteld. Dit schrijven wordt aan de leerling in een persoonlijk gesprek toegelicht. 3. Definitief advies In juni/juli krijgen de 8b-leerlingen een afsluitend schriftelijk opleidingsadvies. Een bindend afwijzend advies wordt in principe gegeven aan leerlingen die onvoldoende ECTS (dat wil zeggen minder dan 41 ECTS) hebben behaald. Daarbij wordt echter evenzeer bekeken wat de oorzaak is van het niet behalen van de opleidingspunten en of dit in de ogen van de Algemene commissie te verbeteren is. Het is dus mogelijk dat van twee leerlingen met hetzelfde aantal opleidingspunten de ene leerling een bindend afwijzend advies krijgt omdat hij bijvoorbeeld in het kunstzinnigheidaspect faalt en de ander niet, omdat hij slechts aan vaardigheid te kort komt en de Algemene commissie van mening is dat aan het vaardigheidsaspect met succes kan worden gewerkt. In bijzondere gevallen kan de Examencommissie een afwijkende beslissing nemen. OER Mbo Dansleider/Dans

37 7. Stages, excursies en projecten 7.1 Stages, excursies en projecten Stages Het domein Onderwijs- & Theaterpraktijk van elke trede kent een uitgebreid en volledig geïntegreerd stageprogramma, dat gerelateerd is aan de rest van het opleidingsprogramma van de desbetreffende trede. Omdat het toekomstige werkveld van de gediplomeerde in drie delen uiteen valt, zijn voor elk deel stages ingericht. De moeilijkheidsgraad en omvang van de stages en de mate van zelfstandigheid van de leerling nemen toe naarmate hij verder in de opleiding komt Doelstelling De primaire doelstelling van stages is de leerling een goed beeld te verschaffen van en ervaring te laten opdoen in het toekomstig beroep en werkveld. Zowel leerling als stagebegeleider zal het functioneren van de leerling kunnen afmeten aan de in het werkveld geldende eisen en de bijbehorende tredencompetenties Toewijzing stages De Algemene commissie is verantwoordelijk voor een goede en eerlijke verdeling van de stageplekken. De Algemene commissie ziet erop toe dat alle leerlingen aan het verplichte aantal stages kunnen voldoen dan wel op andere wijze aan de stageverplichtingen kunnen voldoen Inrichting stages De inrichting van de stage is gekoppeld aan de competenties die de leerling in de relevante fase van zijn opleiding moet verwerven Verplichte deelname Alle stages zijn verplicht. Indien om wat voor reden dan ook een leerling niet aan alle stageverplichtingen kan voldoen, dient deze dit vroegtijdig aan de Algemene commissie te melden, die vervolgens besluit of en in welke vorm een inhaalopdracht kan worden uitgevoerd Stagebegeleiding De leerling krijgt een interne stagebegeleider toegewezen. De stagebegeleider voert zowel de mondelinge en/of schriftelijke evaluatie uit. Evaluatie en beoordeling kunnen alleen plaatsvinden als de leerling het volledige portfolio heeft samengesteld en op het afgesproken tijdstip bij de opleidingsbegeleider heeft ingeleverd Onkosten Alle stages zijn in principe onbetaald. Gemaakte onkosten voor vervoer, etcetera worden in overleg met de Algemene commissie zo nodig vergoed Praktijkovereenkomst Voor het deelnemen aan de stage sluit de leerling een overeenkomst af, de zogenaamde praktijkovereenkomst (POK) als bedoeld in artikel van de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB). Dit is een overeenkomst waarin de rechten en plichten staan vermeld gedurende een overeengekomen periode waarin de leerling leert in de beroepspraktijkvorming (BPV). OER Mbo Dansleider/Dans

38 7.2 Stages, excursies en projecten Excursies Excursies hebben als doel de (culturele) belangstelling van de leerling te verruimen en zijn algemene ontwikkeling te bevorderen door hem te leren bewust naar kunstuitingen te kijken, te luisteren en deze te beleven. 7.3 Stages, excursies en projecten Projecten In het domein Onderwijs- & Theaterpraktijk en binnen een aantal keuzedelen is ruimte vrijgemaakt voor een project. De invulling daarvan ligt niet vast en kan per leerling of groepje leerlingen verschillen. Projecten zijn over het algemeen domeinoverstijgend. 7.4 Stages, excursies en projecten Project Integratie Periode E van alle treden staat volledig in het teken van het gemeenschappelijk domeinoverschrijdende Project Integratie, waarin alle domeinonderdelen en competenties van het gehele curriculum aan bod komen. Het Project Integratie (ook wel eindvoorstelling genoemd) vindt plaats in een theater en wordt een aantal keren opgevoerd voor publiek. Choreografieën worden gemaakt door docenten en choreografen van binnen en buiten de instelling. 7.5 Stages, excursies en projecten Eindexamenproject Zie hoofdstuk 9 ( Afstuderen ). OER Mbo Dansleider/Dans

39 8. Examen- & Toetsregeling 8.1 Examen- & Toetsregeling Visie & systematiek Competentiegerichte beoordeling per domein LMIPA past een competentiegerichte beoordelingssystematiek toe. Wat wordt getoetst is niet zozeer het (aan)leren c.q. beheersen van de verschillende domeinonderdelen als wel het verwerven van de opleidingscompetenties. Hoewel vrijwel alle domeinonderdelen daadwerkelijk worden getoetst, worden de studiepunten (ECTS) niet per studieonderdeel maar per domein toegekend. Met andere woorden, alleen wanneer de verwerving van de competenties binnen een domein in zijn geheel als voldoende is beoordeeld worden de aan het betreffende domein verbonden ECTS voor de betreffende trede en periode toegekend. Verschillende inrichting per domein en trede De inrichting van de beoordeling verschilt per domein en per trede. De domeinen Dans- & Muziektheater, Onderwijs & Theater Praktijk en Brugdomein zijn anders ingericht dan die van de theoriedomeinen (Onderwijs & Theater Theorie en Algemene Ontwikkeling). Ook wordt in trede 9B - het examenjaar - een op een aantal punten afwijkende systematiek en indeling gehanteerd ten opzichte van tredes 8B en 8. Verantwoordelijke organen De eindverantwoordelijkheid voor het beleid en de inrichting van de tentaminering en examinering ligt bij de directie. De eindverantwoordelijkheid voor de uitvoering van de tentaminering en examinering ligt bij de Examencommissie en de daaronder hangende Toetscommissie. De daadwerkelijke beoordelingen worden uitgevoerd door een aantal beoordelingscommissies, waarin, afhankelijk van het beoordelingsmoment, ook docenten, coördinatoren en leden van de Algemene commissie zitting kunnen hebben. Wanneer een lid van de Algemene commissie deel uitmaakt van een beoordelingscommissie is zij/hij tevens voorzitter. Figuur 4: Beleid, coördinatie en uitvoering tentaminering en examinering OER Mbo Dansleider/Dans

40 8.2 Examen- & Toetsregeling Toetsmomenten Hieronder is het schema van toetsmomenten opgenomen: Maand Contacturen Beoordelingen September V Oktober V November V December V Tentamenperiode A/B Januari V Herbeoordeling Tentamenperiode A/B Februari V Maart V Herbeoordeling praktijktentamen Tentamenperiode A/B (zie hoofdstuk 8.9) April V Mei Project Integratie Tentamenperiode C/D Juni Project Integratie Herbeoordeling Tentamenperiode C/D, eventueel 2 e herbeoordeling Tentamenperiode A/B & herbeoordeling praktijktentamen Tentamenperiode C/D (zie hoofdstuk 8.9) Juli Project Integratie Augustus 2 e herbeoordeling Tentamenperiode C/D & eventueel 3 e herbeoordeling Tentamenperiode A/B 8.3 Examen- & Toetsregeling Toetsvormen & -instrumenten LMIPA hanteert de volgende toetsvormen: a. Niet-schriftelijke toetsen (continuous assessments, praktijktentamens en (multi-mediale) presentaties) b. Schriftelijke toetsen (open en gesloten toetsen) c. Rapportages (werkstukken en verslagen) d. Mondelinge toetsen e. Portfolio Het hangt van een domeinonderdeel af welke toetsvorm er wordt gebruikt. Een combinatie van toetsvormen binnen een domeinonderdeel is tevens mogelijk, tenzij dit is uitgesloten in het Protocol Toetsafname (alleen toegankelijk voor docenten). In het Tredeninformatiedossier leest de leerling op welke manier de domeinonderdelen worden getoetst en beoordeeld. Hieronder worden de verschillende toetsvormen beschreven aan de hand van hun procedure, beoordelingscommissie en waardering. 8.3.a Niet-schriftelijke toetsen Continuous assessments Procedure: via het continuous assessment wordt de leerling over de onderwijsperioden A en B tezamen, de onderwijsperioden C en D tezamen en de onderwijsperiode E beoordeeld aan de hand van vooraf opgestelde indicatorenformulieren. Het continuous assessment betreft een beoordeling en geeft inzicht in hoeverre de leerling op het gewenste niveau is. Beoordelingscommissie: het continuous assessment wordt per domeinonderdeel uitgevoerd door de docent(en) die het domeinonderdeel heeft/hebben gedoceerd in de trede en periode waarop de beoordeling betrekking heeft. OER Mbo Dansleider/Dans

41 Normering: de waardering vindt plaats door middel van de aspectcijfers kennis, vaardigheden, houding en kunstzinnigheid. De onderlinge weging van deze aspecten staat vermeld op de indicatorenformulieren. Praktijktentamens Procedure: de praktijktentamens van het domein Dans & Muziektheater vinden plaats tijdens de vaste tentamenperioden. De verschillende onderdelen van het betreffende domein worden in één tentamen beoordeeld. Vandaar dat we dan ook spreken van een domeintentamen. Het domeintentamen wordt, in overleg met de Studieleiding, samengesteld en voorbereid door alle docenten van het betreffende domein. Het domeintentamen wordt zo ingericht dat de beoordelingscommissie de betreffende competenties van het domein ook daadwerkelijk kan beoordelen. De mate waarin bepaalde domeinonderdelen aan bod komen tijdens het tentamen is afhankelijk van de mate waarin de betreffende competenties op basis van dat domeinonderdeel getoetst kunnen worden. Als richtlijn kan tien minuten per domeinonderdeel worden aangehouden. Indien de beoordelaars om wat voor reden dan ook niet tot een duidelijke beoordeling kunnen komen, kunnen zij de tijdsduur van de beoordeling met maximaal 50% verlengen. Beoordelingscommissie: De beoordelingscommissie bestaat uit een lid van de Algemene commissie, de domeincoördinator (die niet dezelfde persoon mag zijn als het bovengenoemde lid van de Algemene commissie) en een externe deskundige of een docent, die niet het onderwijs van dat domein in de desbetreffende trede verzorgt. Het lid van de Algemene commissie is voorzitter van de beoordelingscommissie. Normering: de waardering vindt plaats door middel van de aspectcijfers kennis, vaardigheden, houding en kunstzinnigheid. Welke aspecten dit zijn en wat de onderlinge weging van deze aspecten is staat vermeld op de indicatorenformulieren. NB Wanneer de externe deskundige de student een onvoldoende geeft tijdens het tentamen kan de Algemene commissie beslissen de beoordeling middels continuous assessment in de periode volgend op het tentamen te laten herzien. (Multi-mediale) presentaties Procedure: tijdens een presentatie presenteert een leerling zijn resultaten aan zijn mede-leerlingen en/of een beoordelingscommissie. Hierbij kan hij gebruikmaken van verschillende media, zoals PowerPoint, film of Prezi. Beoordelingscommissie: de presentatie wordt beoordeeld door de docent(en) die het domeinonderdeel heeftwordt de presentatie gegeven in het kader van een examen, dan is er naast de docent altijd een secondant vanuit het docententeam of een externe beoordelaar, die de beoordeling van de docent controleert. Normering: de waardering van de presentatie vindt plaats door middel van de aspectcijfers kennis, vaardigheden, houding en kunstzinnigheid. Welke aspecten dit zijn en wat de onderlinge weging van deze aspecten is staat vermeld op de indicatorenformulieren. 8.3.b Schriftelijke (deel)toetsen Procedure: schriftelijke toetsen worden afgenomen in de vaste tentamenperioden. De toets wordt samengesteld door de docent die het domeinonderdeel heeft gedoceerd in de trede en periode waarop de beoordeling betrekking heeft, waarbij de gesloten leerdoelen van de betreffende trede en periode aanwijsbaar worden getoetst. De docent heeft zelf de keuze tussen open en gesloten vragen, een en ander in lijn met het toetsbeleid van LMIPA. Dit toetsbeleid is opgenomen als bijlage bij het Protocol Toetsafname (alleen toegankelijk voor docenten). Binnen het domein Algemene Ontwikkeling wordt voor Nederlands Lezen & Luisteren en Rekenen gebruikgemaakt van Centraal Ontwikkelde Examens (COE s) van het College voor Examens. Voor de andere onderdelen binnen dit domein wordt gebruikgemaakt van de generieke TOAtoetsen. Beoordelingscommissie: de schriftelijke (deel)toets wordt beoordeeld door de OER Mbo Dansleider/Dans

42 docent(en) die het domeinonderdeel heeft/hebben gedoceerd in de trede en periode waarop de beoordeling betrekking heeft. Waardering: De schriftelijke eindtoets / examen wordt gewaardeerd met een cijfer van 1 tot 10, waarbij de cesuur ligt op 5,5. Wanneer er schriftelijke deeltoetsen zijn afgenomen wordt het gemiddelde resultaat van de schriftelijke deeltoetsen bij de berekening van het resultaat eenmaal meegeteld, het resultaat van de schriftelijke eindtoetsen / examens tweemaal. Indien het eindcijfer onvoldoende is en niet gecompenseerd kan worden, bepaalt de docent welk lesmateriaal herkanst moet worden. 8.3.c Rapportages Procedure: tijdens de opleiding moeten leerlingen zelfstandig, maar wel onder begeleiding, verschillende rapporten schrijven. Onder rapportages vallen onder andere schriftelijke werkstukken en verslagen. Beoordelingscommissie: de beoordeling van rapporten wordt aan de hand van de betreffende indicatoren uitgevoerd door de begeleidende docent. In het geval van het onderzoeksrapport wordt de beoordeling van de begeleidende docent gecontroleerd door een tweede lezer. Waardering: de waardering vindt plaats middels indicatorenformulieren. De weging en de aspecten waarop wordt getoetst worden aangegeven op het indicatorenformulier. 8.3.d Mondelinge toetsen Procedure: mondelinge toetsen worden samengesteld door de tentaminerende docent(en), waarbij de gesloten leerdoelen van de betreffende trede en periode aanwijsbaar worden getoetst. Beoordelingscommissie: de mondelinge toets wordt per domeinonderdeel afgenomen door de docent(en) die het domeinonderdeel heeft/hebben gedoceerd in de trede en periode waarop de beoordeling betrekking heeft. Hiernaast is een secondant vanuit het docententeam of een externe beoordelaar aanwezig gedurende het gehele tentamen. Waardering: de waardering vindt plaats middels indicatorenformulieren. De weging en de aspecten waarop wordt getoetst worden aangegeven op het indicatorenformulier. 8.3.e Portfolio Procedure: tijdens de opleiding moeten leerlingen binnen bepaalde domeinonderdelen zelfstandig, maar wel onder begeleiding, een portfolio opstellen. Een portfolio is een persoonlijke map waarin de student beschrijft wat hij kan, waaruit dat blijkt en hoe hij zichzelf verder kan ontwikkelen. Beoordelingscommissie: de beoordeling van portfolio s wordt aan de hand van de betreffende indicatoren uitgevoerd door de begeleidende docent. Waardering: de waardering vindt plaats middels indicatorenformulieren, waarop tevens de betreffende weging is aangegeven. Er wordt beoordeeld op de aspecten kennis, vaardigheden, houding en kunstzinnigheid. OER Mbo Dansleider/Dans

43 8.4 Examen- & Toetsregeling Normering & weging Normering De prestaties van de leerling worden gewaardeerd op de schaal van 1 t/m 10, met hele en halve cijfers, tenzij nadrukkelijk anders omschreven. Hierbij wordt de volgende cijferschaal gehanteerd: 3 In cijfers: Omschrijving: In cijfers: Omschrijving: 10 Uitmuntend 5 Bijna voldoende 9 Zeer goed 4 Onvoldoende 8 Goed 3 Zeer onvoldoende 7 Ruim voldoende 2 Slecht 6 Voldoende 1 Zeer slecht Bij een aantal domeinonderdelen worden de prestaties van de leerlingen niet gewaardeerd met een cijfer, maar met de volgende inhoudelijke waardering: Waardering: Voldoende Onvoldoende Gemiste kans Omschrijving: Student heeft naar verwachting gepresteerd Student heeft onder verwachting gepresteerd Student is niet te beoordelen Weging De aspectcijfers voor Kennis, Vaardigheid, Houding en Kunstzinnigheid worden als volgt gewogen bij het berekenen van de eindcijfers van de domeinen: Domein Kennis Vaardigheid Houding Kunstzinnig- Heid DMT 2x 2x 1x 2x OTT 2x - 1x - AO 2x - 1x - BD 1x 1x 1x 1x OTP 1x 1x 1x 1x Het is mogelijk dat voor bepaalde beoordelingen een andere weging wordt gehanteerd. Dit wordt dan aangegeven op de betreffende indicatorenformulieren. De verschillende toetsvormen die worden gebruikt en de onderlinge weging in de totstandkoming van het domeincijfer zijn vastgelegd in het ExamenDossier, het document waarin de Proeve van Bekwaamheid is beschreven. Voorbeeld: er wordt beoordeeld op de competentieaspecten vaardigheden, kennis en kunstzinnigheid, waarbij wordt aangegeven dat kunstzinnigheid twee keer wordt gewogen. De scores per competentieaspect zijn: kennis 6, vaardigheden 7, houding 8 en kunstzinnigheid 5. Opgeteld is dit (2 x 5) = 31. Dit wordt dan gedeeld door 5, want kunstzinnigheid telt twee keer. Het eindcijfer is dan dus een 6,2 en wordt afgerond naar een 6 (zie hieronder hoofdstuk 8.7 Cesuur & Afronding ). 3 Nuffic: OER Mbo Dansleider/Dans

44 8.5 Examen- & Toetsregeling Beoordeling via indicatorenformulier Om het resultaat inzichtelijk te maken, maakt LMIPA voor het beoordelen van continuous assessments, mondelinge tentamens en examens, praktijkbeoordelingen, schriftelijke opdrachten, portfolio en bij de geïntegreerde toetsing gebruik van indicatorenformulieren. Deze formulieren zijn over het algemeen ingedeeld in een of meerdere van de volgende competentie-aspecten: Vaardigheden, Kennis, Houding en Kunstzinnigheid. De beoordeling waarbij alleen gebruik wordt gemaakt van indicatorenformulieren gaat als volgt: Het beoordelingsformulier wordt ingevuld door de beoordelaar. Uit deze beoordeling volgen indicatorenscores. Indicatorenscores worden per competentieaspect bij elkaar opgeteld, gemiddeld en afgekapt op twee cijfers achter de komma; dit wordt het deelcompetentieaspectcijfer genoemd; Per competentieaspect worden de deelcompetentieaspectcijfers van de verschillende domeinonderdelen bij elkaar opgeteld, gemiddeld en afgekapt op één cijfer achter de komma; de score die hieruit volgt is het (competentie)aspectcijfer; Alle (competentie)aspectcijfers van het betreffende domein worden opgeteld, gemiddeld en afgerond (zie hieronder Cesuur & Afronding ); dit heet het domeincijfer. Het is ook mogelijk dat er geen onderverdeling in competentieaspecten wordt gemaakt. Het domeinonderdeelcijfer wordt dan bepaald door de scores voor alle indicatoren op het formulier te middelen. 8.6 Examen- & Toetsregeling Beoordeling zonder formulier Bij deze toetsing brengt de aard van de vragen met zich mee dat beoordeling middels indicatorenformulieren overbodig is. In veel gevallen gaat het hier om kennisvragen, waarbij vooraf is vastgelegd welke score per vraag en weging gehanteerd wordt. Dit komt het meeste voor bij schriftelijke tentamens en examens en in sommige gevallen bij mondelinge tentamens en examens. Waardering & score De prestaties van de student worden gewaardeerd op de schaal van 1 t/m 10, tenzij nadrukkelijk anders omschreven. Daarbij worden dezelfde beoordelingsnormen aangehouden als hierboven staat omschreven in hoofdstuk De beoordeling gaat als volgt: Het cijfer dat uit deze beoordeling volgt wordt onafgerond door de beoordelende docent doorgestuurd aan de Coördinator Tentamens & Examens; Het cijfer wordt door de Coördinator Tentamens & Examens afgekapt op twee cijfers achter de komma; dit wordt het deelcompetentieaspectcijfer genoemd; Per competentieaspect worden de deelcompetentieaspectcijfers van de verschillende domeinonderdelen bij elkaar opgeteld, gemiddeld en afgekapt op één decimaal achter de komma; de score die hieruit volgt is het (competentie)aspectcijfer; Alle (competentie)aspectcijfers van het betreffende domein worden opgeteld, gemiddeld en afgerond op hele en halve cijfers (zie hieronder Cesuur & Afronding ); dit heet het domeincijfer. OER Mbo Dansleider/Dans

45 8.7 Examen- & Toetsregeling Cesuur & afronding Cesuur De cesuur ligt bij 5,5. Dat wil zeggen een score van 5,5 of hoger wordt beschouwd als voldoende. Zie hieronder Compensatieregeling. Afronding Cijfers tussen 5 en 5,5 worden naar beneden afgerond. Bijvoorbeeld: 5,49 (afkappen op één decimaal) = 5,4 (afronden naar beneden) = 5. Afronding bij cijfers onder de 5 en boven 5,5 vindt als volgt plaats: Eerste cijfer achter de komma: 1 of 2 Eerste cijfer achter de komma: 3 of 4 Eerste cijfer achter de komma: 6 of 7 Eerste cijfer achter de komma: 8 of 9 Naar beneden afronden (heel cijfer) Naar boven afronden (half cijfer) Naar beneden afronden (half cijfer) Naar boven afronden (heel cijfer) Voorbeelden: 6,49 (afkappen op 1 decimaal) = 6,4 (afronden naar halve/hele cijfer) = 6,5 6,29 (afkappen op 1 decimaal) = 6,2 (afronden naar halve/hele cijfer)= 6 3,75 (afkappen op 1 decimaal) = 3,7 (afronden naar halve/hele cijfer) = 3,5 NB1: Het domeincijfer wordt afgerond op een heel of half cijfer, waarbij een 5,5 wordt afgerond naar een 6. NB2: Het domein Algemene Ontwikkeling kent een andere beoordelingssystematiek dan de andere domeinen. Zie Examen- & Toetsregeling Compensatieregeling Binnen alle domeinen mag een leerling per aspect maximaal twee minpunten behalen mits één minpunt gecompenseerd wordt waardoor uiteindelijk er per aspect één minpunt overblijft. Compensatie is alleen toegestaan binnen eenzelfde competentieaspect.de aspectgemiddelden moeten voldoende zijn, anders vindt geen middeling plaats en wordt het domeincijfer niet toegekend. Een score van 5 telt als één minpunt, een score van 4 telt als twee minpunten. Een lagere score dan 4 is niet te compenseren en dient altijd te worden herkanst. Een score van 7 of hoger telt als één pluspunt. Om zicht te hebben op eventuele compensatiemogelijkheden worden de deelcompetetentieaspectcijfers officieus afgerond op hele en halve cijfers. Deze officieuze cijfers worden niet in de rapporten genoteerd. De rapporten bevatten de op één decimaal afgekapte cijfers. Het domein Algemene Ontwikkeling kent een andere compensatieregeling dan de andere domeinen. Zie hieronder hoofdstuk 8.10 ( Beoordeling Algemene Ontwikkeling ). OER Mbo Dansleider/Dans

46 8.9 Examen- & Toetsregeling Waarschuwingen Leerlingen die op grond van de praktijkbeoordelingen in Tentamenperiode A/B en/of C/D een onvoldoende hebben behaald voor een praktijkdomein, ontvangen na Tentamenperiode A/B en/of C/D een waarschuwingsbrief van de Examencommissie. De onderwijsperioden C en D gelden als herkansingsperiode van Tentamenperiode A/B en de onderwijsperiode E als herkansingsperiode van Tentamenperiode C/D. Aan het einde van periode D (voor Tentamenperiode A/B) of periode E (voor Tentamenperiode C/D) worden bovengenoemde leerlingen opnieuw geëvalueerd door middel van een praktijkbeoordeling. Deze evaluatie wordt mondeling toegelicht door de opleidingsbegeleider Examen- & Toetsregeling Beoordeling Algemene Ontwikkeling De beoordelingssystematiek van het domein Algemene Ontwikkeling wijkt op de volgende punten af van de systematiek van de andere domeinen: 1. Compensatie Binnen het domein Algemene Ontwikkeling mag een leerling maximaal één minpunt behalen. Indien de leerling één minpunt heeft behaald, dan moeten de andere onderdelen van het domein Algemene Ontwikkeling worden afgesloten met tenminste een Afronding van cijfers Voor alle domeinonderdelen van het domein Algemene Ontwikkeling geldt dat alle behaalde resultaten worden geregistreerd met maximaal één cijfer achter de komma. Het eindcijfer wordt vervolgens afgerond op een heel getal. Indien het cijfer achter de komma een vier of lager is, wordt het naar beneden afgerond. Een vijf of hoger wordt naar boven afgerond. 3. Loopbaan & Burgerschap Voor het examenonderdeel Loopbaan & Burgerschap is een voldoende behaald als: De toetsen van elke trede met een voldoende zijn afgesloten; De verwerkingsopdrachten van elke trede met een voldoende zijn beoordeeld; De portfoliomap (domeinoverschrijdend) met een voldoende is beoordeeld. Het examenonderdeel Loopbaan & Burgerschap wordt met goed afgesloten als: Het gemiddelde van alle kennistoetsen een 7 of hoger is; De verwerkingsopdrachten met een voldoende of als goed zijn beoordeeld; De portfoliomap in trede 9b als goed is beoordeeld Examen- & Toetsregeling Geen inschrijving & absenties Leerlingen hoeven zich niet in te schrijven voor de reguliere beoordelingsronden. Indien een leerling door ziekte of andere omstandigheden niet in staat is deel te nemen aan een toets/tentamen/examen/assessment/herkansing etc., moet hij zich vóór het tijdstip van aanvang afmelden volgens de procedure beschreven in hoofdstuk 3 van deze OER. Daarnaast dient de leerling binnen één week na de datum van de toets, het tentamen of examen een schriftelijke verklaring te overleggen aan de opleidingscoördinator waaruit blijkt dat zijn afwezigheid gegrond was. OER Mbo Dansleider/Dans

47 8.12 Examen- & Toetsregeling Gedragscode tijdens toetsmoment Tijdens de toetsmomenten gelden de volgende regels: Om zich goed te kunnen opwarmen voor praktijktentamens/-examens dienen leerlingen minstens 30 minuten voor aanvang van het tentamen of examen in de daarvoor bestemde ruimte aanwezig te zijn; De leerling dient voor een schriftelijke toets minstens 15 minuten voor aanvang aanwezig te zijn; Laatkomers mogen tot 20 minuten na de aanvangstijd nog meedoen met de schriftelijke toets; De leerlingen dragen hun kleding, schoeisel en haar zoals omschreven in de WieWatWaar-gids; Tijdens de toets wordt niet gesproken, tenzij daartoe toestemming is gegeven; Leerlingen mogen tijdens de toets niet eten of drinken Examen- & Toetsregeling Dyslexie & andere functiebeperkingen Indien een leerling in verband met een (tijdelijke) functiebeperking meent beroep te kunnen doen op het recht op extra toetstijd of andere faciliteiten tijdens een schriftelijke toets dient hij een verzoek in bij de Examencommissie (via Bij het verzoek voegt de leerling toe: - bij dyslexie: een officiële dyslexieverklaring; - bij overige functiebeperkingen: een verklaring van een arts. Het verzoek dient uiterlijk vier weken voor aanvang van de desbetreffende schriftelijke toets te zijn ontvangen door de Examencommissie. De Examencommissie beslist op het verzoek. Indien het een chronische functiebeperking betreft wordt het verzoek niet voor iedere toets, maar eenmalig gedaan Examen- & Toetsregeling Fraude Indien een leerling tijdens een schriftelijke toets fraudeert kan de Examencommissie gedurende ten hoogste een jaar betrokkene het recht ontnemen toetsen af te leggen. De Examencommissie stelt vast welke toets dit betreft. Bij ernstige fraude kan de directie van LMIPA op voorstel van de Examencommissie de betrokken leerling uitschrijven Examen- & Toetsregeling Toetsinzage Bij theorievakken hebben leerlingen het recht om de door hen gemaakte toetsen in te zien. Bij praktijkvakken moeten de leerlingen aan de hand van de indicatorenformulieren kunnen inzien hoe het cijfer tot stand is gekomen. Inzage gebeurt alleen op afspraak. Tijdens de inzage mogen leerlingen niks kopiëren of mee naar huis nemen. Indien zij bezwaar willen maken tegen een toetsuitslag, sturen zij binnen twee weken na inzage van de toets hun verzoek naar de Examencommissie via [email protected]. OER Mbo Dansleider/Dans

48 8.16 Examen- & Toetsregeling Herkansingen Algemeen Voldoendes mogen in principe niet worden herkanst; Indien het cijfer van de herkansing lager uitvalt dan het oorspronkelijke cijfer, telt het hoogste cijfer. In het geval dat het herkansingscijfer niet te compenseren is, moet de leerling nogmaals herkansen; Indien een leerling voor enig domeinonderdeel meer dan 10% van de contacturen heeft gemist, moet hij deze uren inhalen. De Examencommissie beslist over de wijze en het tijdstip waarop deze uren worden ingehaald; De algehele coördinatie van de herkansingen ligt bij de Coördinator Tentamens & Examens, in samenwerking met de Examencommissie. De precieze data per periode en per studiejaar staan vermeld in de Planner, die bij aanvang van ieder studiejaar aan alle leerlingen en medewerkers wordt uitgereikt; Herkansingen dienen vóór 1 oktober van het nieuwe opleidingsjaar plaats te vinden; Voor herkansingen van theoretische domeinonderdelen geldt, dat de Studieleiding bepaalt welk onvoldoende onderdeel wordt herkanst; Voor de centrale examens van de generieke onderdelen Nederlands en Rekenen mag de leerling bij een 6 of hoger maximaal één keer herkansen. Hoe vaak mag er herkanst worden? Bij het domein Dans & Muziektheater en het Brugdomein is per periode één herkansing mogelijk; Bij het domein Onderwijs- & Theaterpraktijk vindt herkansing plaats via continuous assessment en portfolio. Bij de domeinen Onderwijs- & Theatertheorie en Algemene Ontwikkeling kunnen uitsluitend de domeinonderdelen die dermate onvoldoende zijn afgesloten dat de leerling het domein niet heeft behaald, tweemaal per jaar herkanst worden. Welke stof wordt herkanst? Binnen het domein Onderwijs- & Theatertheorie dient de stof van de laatste deeltoets herkanst te worden. Binnen het domein Algemene Ontwikkeling beslist de docent welk onderdeel herkanst moet worden. Wanneer vinden de herkansingen plaats? Dans & Muziektheater: herkansing is eenmaal mogelijk in periode C en eenmaal in periode E; Brugdomein: herkansing is eenmaal mogelijk in periode C en eenmaal in periode E; Onderwijs- & Theatertheorie: herkansing voor Tentamenperiode A/B is mogelijk in periode C (januari/februari), in periode E (juni) indien mogelijk qua planning en in de studieweek in augustus voorafgaande aan het nieuwe opleidingsjaar. Voor Tentamenperiode C/D is herkansing mogelijk in periode E (juni) en eventueel in de studieweek in augustus voorafgaande aan het nieuwe opleidingsjaar; Onderwijs- & Theaterpraktijk: de herbeoordeling vindt plaats via een continuous assessment-beoordeling en via het portfolio; Algemene Ontwikkeling (treden 8b en 8): herkansing voor Tentamenperiode A/B is mogelijk in periode C (januari/februari), in periode E (juni) indien mogelijk qua planning en in de studieweek in augustus voorafgaande aan het nieuwe opleidingsjaar. Voor Tentamenperiode C/D is herkansing mogelijk in periode E (juni) en eventueel in de studieweek in augustus voorafgaande aan het nieuwe opleidingsjaar. NB voor trede 9b gelden de volgende regels: OER Mbo Dansleider/Dans

49 Als de leerling voor het centraal examen Nederlands of Rekenen een 5 of lager heeft gehaald, heeft hij recht op ten minste één herkansing binnen de voor hem geldende studieduur (dit is de studieduur zoals vastgelegd in de onderwijsovereenkomst); Een extra herkansing is mogelijk. Wanneer de leerling een 6 of hoger heeft gehaald voor het centraal examen Nederlands of Rekenen, mag hij maximaal één keer herkansen. Dit geeft leerlingen de gelegenheid om een hoger cijfer te halen. Het hoogste cijfer telt mee voor het bepalen van de eindwaardering van het examenonderdeel Examen- & Toetsregeling Geldigheidsduur De geldigheidsduur van examens en resultaten van tentamens is onbeperkt. Voor de leerling die ononderbroken aan de opleiding heeft ingeschreven gestaan, kan aan de geldigheidsduur van toegekende studiepunten en vrijstellingen geen beperkingen worden gesteld, tenzij de inschrijving de periode van de nominale studieduur vermeerderd met twee jaren overschrijdt Examen- & Toetsregeling Toekenning ECTS Hoewel aan elk domeinonderdeel binnen een domein een aantal ECTS is toegekend, worden deze opleidingspunten pas toegekend wanneer het domeincijfer voldoende is. Toekenning van opleidingspunten vindt plaats na Tentamenperiode A/B en aan het eind van het opleidingsjaar. OER Mbo Dansleider/Dans

50 9. Afstuderen 9.1 Afstuderen Inrichting examinering De afsluiting van de opleiding vindt plaats in de vorm van toetsen gedurende de treden 8 en 9b en het eindexamen in trede 9B. Het eindexamen valt uiteen in een aantal beroepsspecifieke examens en de generieke examens Nederlands, Rekenen en Engels. De examinering en de beoordeling vinden plaats per domein. Het eindexamen omvat een aantal beoordelingsmomenten en continuous assessment. Bij de generieke examens wordt waar mogelijk gebruikgemaakt van ingekochte examens die zijn goedgekeurd door de Onderwijsinspectie. Zie voor de volledige omschrijving van de examenonderdelen en de onderlinge weging bij de totstandkoming van het domeineindcijfer het Examendossier ( Proeve van Bekwaamheid ). Hierin worden zowel de eisen omschreven van de beroepsspecifieke als de generieke examens. Daarbij dient opgemerkt dat de generieke exameneisen voldoen aan de volgende uitstroomniveaus: Generieke eisen Nederlands Rekenen Vereist niveau volgens 3F 3F referentiekader (alle vaardigheden) Engels Luisteren Lezen Vereist ERK- niveau Gesprekken voeren Spreken Schrijven B1 B1 A2 A2 A2 9.2 Afstuderen Indicatoren Het beoordelingsproces rondom het afstuderen verloopt middels indicatorenformulieren. Deze zijn gebaseerd op de landelijke eindkwalificaties voor het Mbo. De gebruikte indicatorenformulieren zijn vastgelegd in het Examendossier ( Proeve van Bekwaamheid ). Hierin wordt tevens de weging per onderdeel vermeld. OER Mbo Dansleider/Dans

51 9.3 Afstuderen Tijdlijn examinering De afsluiting van de opleiding vindt plaats in de vorm van afsluitende toetsen en examens gedurende de verschillende treden, het eindexamen vindt plaats in trede 9B. In onderstaand schema is per domein aangegeven wanneer de betreffende examenonderdelen (afsluitende toetsen en eindexamen) worden afgesloten: Domein: Domeinonderdelen: 8b 8 9b nvt DMT Alle x OTT AO BD Basis PEDA theorie Marthas Culturele & Kunstzinnige Vorming Mens- & Bewegingskunde Methodiek/ Didaktiek theorie Muziektheorie Engels x x Loopbaan & Burgerschap x x Nederlands x x Rekenen x Frans Keuzedelen Overige OTP Alle x Tijdstippen van beoordelingen Het eindexamen wordt eenmaal per jaar afgenomen gedurende Tentamenperiode D/E. Alle informatie betreffende het eindexamen wordt bekend gemaakt in het ExamenDossier, dat minimaal twee maanden voorafgaand aan het eindexamen aan de kandidaten wordt uitgereikt. Eventuele herkansingen worden afgenomen in periode E (juni) en in de studieweek in augustus voorafgaande aan het nieuwe opleidingsjaar. x x x x x x x x OER Mbo Dansleider/Dans

52 9.4 Afstuderen Eindexamenregeling De regeling met betrekking tot het eindexamen wijkt in een aantal gevallen af van de reguliere toetsregeling als beschreven in hoofdstuk 8 van deze OER: 1. Voorwaarden voor toelating tot eindexamen Om te worden toegelaten tot het eindexamen dient een leerling: 1. Alle domeinen in voorgaande studiejaren (treden 8b t/m periode C van 9b) met goed gevolg te hebben afgesloten; 2. De eindstage met goed gevolg te hebben afgesloten; 3. Te hebben voldaan aan de aanwezigheidsplicht (zie hoofdstuk 3.5 van deze OER); 4. Te hebben voldaan aan zijn stageplicht; 5. Het praktijkportfolio met goed gevolg te hebben afgesloten. Als enige bewijs dat is voldaan aan bovengenoemde voorwaarden geldt een hiertoe strekkende verklaring die is ondertekend door de algemeen directeur en tenminste twee leden van de Examencommissie. 2. Inschrijving voor het eindexamen Om toegelaten te worden tot het examen dient de kandidaat met behulp van het Aanvraagformulier Proeve van Bekwaamheid (dat is opgenomen in het ExamenDossier) de Proeve van Bekwaamheid aan te vragen bij de Examencommissie. De Examencommissie bekijkt of de kandidaat beschikt over alle benodigde stukken (geldige onderwijsovereenkomst en BPV-overeenkomst). Indien de kandidaat wordt toegelaten tot het examen wordt hij geïnformeerd door zijn coördinator/studiebegeleider. De uitslag wordt vastgesteld door de Examencommissie en de kandidaat wordt schriftelijk op de hoogte gebracht van het beoordelingsresultaat. De gegevens en de documenten van de proeve worden door de Examencommissie gearchiveerd, tot tenminste 18 maanden na definitieve vaststelling van het examenresultaat. OER Mbo Dansleider/Dans

53 10. Opleidingsbegeleiding 10.1 Opleidingsbegeleiding Opleidingsbegeleider De opleiding kent een intensief opleidingsbegeleidingstraject. Per trede is er een opleidingsbegeleider aangewezen die zich intensief met de loopbaan van zijn leerlingen bezighoudt Opleidingsbegeleiding Vertrouwenspersoon Leerlingen kunnen terecht bij de vertrouwenspersoon voor informatie, advies en een second opinion over onderwerpen die samenhangen met opleiding, opleidingskeuze of persoonlijke omstandigheden. De gesprekken met een vertrouwenspersoon zijn vertrouwelijk; zonder toestemming of medeweten wordt er geen informatie doorgegeven aan anderen. Het spreekuur van de vertrouwenspersoon vindt uitsluitend plaats op afspraak. Een afspraak maken kan via OER Mbo Dansleider/Dans

54 11. Bijlage 1. Noorderpoort Studentenstatuut OER Mbo Dansleider/Dans

VOORWOORD. Lucia Marthas Algemeen directeur

VOORWOORD. Lucia Marthas Algemeen directeur HBO VOORWOORD Het Lucia Marthas Institute for Performing Arts ( LMIPA ) is een onderwijsinstituut voor iedereen met talent voor dans, zang en acteren. LMIPA biedt vier opleidingsroutes: Vooropleiding,

Nadere informatie

Protocol Vrijstellingen

Protocol Vrijstellingen Lucia Marthas Institute for Performing Arts Amsterdam Groningen Protocol Vrijstellingen 2015-2016 Hbo Dans Hbo Docent Dans Ad Dans Inhoudsopgave 1. Inleiding 1 1.0 Inleiding 1 2. Procedures 2 2.1 Algemene

Nadere informatie

Auditieprotocol HBO. LUCIA MARTHAS Institute for Performing arts Amsterdam Groningen

Auditieprotocol HBO. LUCIA MARTHAS Institute for Performing arts Amsterdam Groningen LUCIA MARTHAS Institute for Performing arts Amsterdam Groningen Auditieprotocol HBO AD Dans (CROHO-nr: 25BE/23TG-80085) Ba Dans (CROHO-nr: 25BE/23TG-34798) Ba Docent Dans (CROHO-nr: 25BE/23TG-34940) 2015/2016

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Dansacademie Lucia Marthas Amsterdam Groningen ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Mbo Dansleider/Dans 2015-2016 Vierjarig traject DLM OER Mbo Dansleider/Dans 2015-2016 1 Onderwijs- en Examenregeling mbo-niveau

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Dansacademie Lucia Marthas Amsterdam Groningen ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Mbo Dansleider/Dans 2014/2015 Driejarig traject Onderwijs- en Examenregeling MBO-niveau 4 Startcohort 2013/2014 CREBO nummer

Nadere informatie

Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Gespecialiseerd pedagogisch medewerker (p2) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Gespecialiseerd pedagogisch medewerker (p2) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie BOL en BBL Uitstroom crebo 25484 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Instroom crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140 Versiejaar KD

Nadere informatie

Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling. College voor Toerisme

Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling. College voor Toerisme Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Toerisme Leisure & Hospitality Assistant 94110 Niveau 2 Cohort: 2015-2016 Vastgesteld voor schooljaar 2015-2016 Voorwoord Beste student, In dit

Nadere informatie

Leidinggevende keuken 95102 1 jarig traject

Leidinggevende keuken 95102 1 jarig traject Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Leidinggevende keuken 95102 1 jarig traject Cohort: 2015-2016 Vastgesteld voor schooljaar 2015-2015 Voorwoord Beste student, In dit

Nadere informatie

Zelfstandig werkend kok 95420

Zelfstandig werkend kok 95420 Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Zelfstandig werkend kok 95420 Cohort: 2015-2016 Vastgesteld voor schooljaar 2015-2016 Voorwoord Beste student, In dit deel staat de

Nadere informatie

Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Onderwijsassistent (p3) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Onderwijsassistent (p3) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Onderwijsassistent (p3) Uitstroom crebo 25485 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Instroom crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140

Nadere informatie

Landelijke Kwalificaties MBO

Landelijke Kwalificaties MBO Bijlage 1 Format kwalificaties MBO (Behoort bij Beleidsregels voor de totstandkoming en toetsing van kwalificatiedossiers in het beroepsonderwijs, van 16 december 2008, kenmerk BVE-2008/80904)

Nadere informatie

Manager/ondernemer horeca 90303

Manager/ondernemer horeca 90303 Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Manager/ondernemer horeca 90303 Cohort: 2014-2015 Vastgesteld voor schooljaar 2014-2015 Voorwoord Beste student, In dit deel staat de

Nadere informatie

Opleidingsinformatie ROC TOP cohort 2018

Opleidingsinformatie ROC TOP cohort 2018 Fietstechnicus 1 Opleidingsinformatie ROC TOP cohort 2018 DEEL 3 Onderwijs en Examenregeling (OER) 2018-2019 BRIN: 30 RM Kwalificatiedossier Fietstechniek Nummer kwalificatiedossier 23105 Kwalificaties

Nadere informatie

ONDERWIJSREGELING. Lucia Marthas Institute for Performing Arts Amsterdam Groningen Rotterdam. Vooropleiding

ONDERWIJSREGELING. Lucia Marthas Institute for Performing Arts Amsterdam Groningen Rotterdam. Vooropleiding Lucia Marthas Institute for Performing Arts Amsterdam Groningen Rotterdam ONDERWIJSREGELING Vooropleiding 2015-2016 Vob/vmb/vtb, w, o, r, m, h Inhoudsopgave 0. Inleiding 3 0.1 Vooraf 3 0.2 Missie en visie

Nadere informatie

Wijzigingsblad OER. Cohort _K16_OER_23183_Pedagogisch Werk 14_K16_EXAMENPLAN_25485_Onderwijsassistent

Wijzigingsblad OER. Cohort _K16_OER_23183_Pedagogisch Werk 14_K16_EXAMENPLAN_25485_Onderwijsassistent Wijzigingsblad OER Naam opleiding Onderwijsassistent Crebonummer kwalificatiedossier 23183 Crebonummer kwalificatie 25485 Niveau 4 Leerweg BOL Cohort 2016 Code OER 13_K16_OER_23183_Pedagogisch Werk Code

Nadere informatie

Leidinggevende keuken 95102 1 jarig traject

Leidinggevende keuken 95102 1 jarig traject Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Leidinggevende keuken 95102 1 jarig traject Cohort: 2013-2014 Vastgesteld op 20-08-2013 Voorwoord Beste student, In dit deel staat de

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING LEIDSE INSTRUMENTMAKERS SCHOOL

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING LEIDSE INSTRUMENTMAKERS SCHOOL ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING 2014-2015 LEIDSE INSTRUMENTMAKERS SCHOOL Leidse instrumentmakers School (LiS) Einsteinweg 61 2333 CC Leiden www.lis-mbo.nl Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 1 Onderwijs-

Nadere informatie

Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling. College voor Toerisme

Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling. College voor Toerisme Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Toerisme Leisure & Hospitality Host 94120 Niveau 3 Cohort: 2015-2016 Vastgesteld voor schooljaar 2015-2016 Voorwoord Beste student, In dit deel

Nadere informatie

Rijn IJssel Theater. TOELATING Wettelijke toelatingseisen

Rijn IJssel Theater. TOELATING Wettelijke toelatingseisen diploma of bewijsstuk Crebo Duur Niveau Leerweg Start Locatie(s) 25472 3 jaar Niveau 4 BeroepsOpleidende Leerweg (BOL) Augustus Kazerneplein, Arnhem; Thorbeckestraat, Arnhem Een intakegesprek is altijd

Nadere informatie

Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Pedagogisch medewerker kinderopvang (p1) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Pedagogisch medewerker kinderopvang (p1) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie BOL en BBL Uitstroom crebo 25486 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Instroom crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140 Versiejaar KD

Nadere informatie

Centraal Examenreglement Beroepsopleidingen ROC Mondriaan

Centraal Examenreglement Beroepsopleidingen ROC Mondriaan Centraal Examenreglement Beroepsopleidingen ROC Mondriaan Artikel 1 Artikel 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Regeling van de examens Het examen Herkansen van examens

Nadere informatie

EXAMENPLAN 2018 Onderwijsassistent

EXAMENPLAN 2018 Onderwijsassistent Examinator school Examinator BPV School BPV Aantal gelegenheden Duur Naam kwalificatie Crebonr. Kwalificatie Onderwijsassistent 5485 Leerweg Cohort Startdatum BOL BBL 018 EAMENPLAN 018 Onderwijsassistent

Nadere informatie

Leidinggevende bediening 94161

Leidinggevende bediening 94161 Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Leidinggevende bediening 94161 Cohort: 2014-2015 Vastgesteld voor schooljaar 2014-2015 Voorwoord Beste student, In dit deel staat de

Nadere informatie

Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Sociaal-maatschappelijk dienstverlener (P1) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Sociaal-maatschappelijk dienstverlener (P1) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Uitstroom crebo 25489 Kwalificatiedossier Sociaal werk Instroom crebo 23185 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140 Versiejaar KD 1 augustus 2015

Nadere informatie

Examenplan , 2018, examenplan en diplomavereisten Facilitair leidinggevende. (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2018, examenplan en diplomavereisten Facilitair leidinggevende. (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Uitstroom crebo 25175 Kwalificatiedossier Ondernemer horeca/bakkerij Instroom crebo 23083 Domein Horeca en bakkerij Domein crebo 79120 Versiejaar

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling

Onderwijs- en examenregeling Onderwijs- en examenregeling 2016-2017 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Beschrijving van de opleiding... 3 Artikel 1.1 Doel van de opleiding... 3 Artikel 1.2 Onderwijs op de LiS... 3 Artikel 1.3 Opleiding en

Nadere informatie

1. Centraal Examenreglement Beroepsopleidingen ROC Mondriaan

1. Centraal Examenreglement Beroepsopleidingen ROC Mondriaan 1. Centraal Examenreglement Beroepsopleidingen ROC Mondriaan Artikel 1 Artikel 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Regeling van de examens Het examen Herkansen van examens

Nadere informatie

Leidinggevende bediening 94161

Leidinggevende bediening 94161 Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Leidinggevende bediening 94161 Cohort: 2013-2014 Vastgesteld op 20-08-2013 Voorwoord Beste student, In dit deel staat de specifieke

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek Studiejaar 2013-2014 Algemeen 1. Deze bijlage bij het algemene gedeelte van de Onderwijs- en examenregeling van Codarts is van toepassing

Nadere informatie

Examenplan , 2016, examenplan en diplomavereisten Onderwijsassistent (p3) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2016, examenplan en diplomavereisten Onderwijsassistent (p3) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Crebo 25485 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Crebo 79140 Versiejaar KD 2016 Niveau 4 Geldig voor cohort(en)

Nadere informatie

Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling. College voor Toerisme. Informatiemedewerker 90621 Niveau 3

Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling. College voor Toerisme. Informatiemedewerker 90621 Niveau 3 Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Toerisme Informatiemedewerker 90621 Niveau 3 Cohort: 2015-2016 Vastgesteld voor schooljaar 2015-2016 Nog niet vastgesteld! Concept! Voorwoord Beste

Nadere informatie

Examenplan , 2016, examenplan en diplomavereisten Gespecialiseerd pedagogisch medewerker (p2) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2016, examenplan en diplomavereisten Gespecialiseerd pedagogisch medewerker (p2) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Crebo 25484 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Crebo 79140 Versiejaar KD 2016 Niveau 4 Geldig voor cohort(en)

Nadere informatie

CONCEPT Format OER voor 2010 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format A. Basisgegevens

CONCEPT Format OER voor 2010 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format A. Basisgegevens CONCEPT Format OER voor 2010 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format A. Basisgegevens Kwalificatie Naam Medewerker ICT Cohort 2010 Crebocode 90560 Versie van het 2010 Kwalificatiedossier Studie

Nadere informatie

ONDERWIJS- en EXAMENREGELING. ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ

ONDERWIJS- en EXAMENREGELING. ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ADDENDUM Datum van ingang 1 augustus 2012 ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ Domein Opleiding Maatschappelijke Dienstverlening Pedagogisch Werk Niveau 3 Crebonummer 92620 Kwalificatiedossier

Nadere informatie

Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Automotive Studiejaar 2015 2016. Regeling Externe toezichthouders bij examens

Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Automotive Studiejaar 2015 2016. Regeling Externe toezichthouders bij examens Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Automotive Studiejaar 2015 2016 Regeling Externe toezichthouders bij examens Inhoudsopgave 1. Positie en benoeming externe toezichthouders... 3 2. Taak externe toezichthouder

Nadere informatie

ONDERWIJS- en EXAMENREGELING

ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ADDENDUM Datum van ingang: 1 januari 2013 ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ Domein Opleiding Maatschappelijke Dienstverlening Assistent Toezicht en Veiligheid Niveau 1 Crebonummer

Nadere informatie

EXAMENPLAN Datum vaststelling examenplan. Crebonr. Kwalificatiedossier. Naam kwalificatiedossier. Crebonr. kwalificatie. Studiejaar diplomering

EXAMENPLAN Datum vaststelling examenplan. Crebonr. Kwalificatiedossier. Naam kwalificatiedossier. Crebonr. kwalificatie. Studiejaar diplomering EXAMENPLAN 2016 Naam kwalificatiedossier Crebonr. Kwalificatiedossier Leerweg Cohort Startdatum Naam kwalificatie Crebonr. kwalificatie Niveau Studiejaar diplomering Datum vaststelling examenplan Pedagogisch

Nadere informatie

Examenreglement. Da Vinci College

Examenreglement. Da Vinci College Examenreglement van het Regionaal Opleidingencentrum Zuid-Holland Zuid Da Vinci College Dit reglement is vastgesteld op 2013 door het College van Bestuur en treedt in werking op 1 augustus 2013 Da Vinci

Nadere informatie

Servicedocument urennormen van de Wet BIG en WEB opleiding mbo-verpleegkundige

Servicedocument urennormen van de Wet BIG en WEB opleiding mbo-verpleegkundige Servicedocument urennormen van de Wet BIG en WEB opleiding mbo-verpleegkundige Titel : Servicedocument urennormen van de Wet BIG en WEB opleiding mbo-verpleegkundige Project/Werkgroep : Voor vragen kunt

Nadere informatie

Beveiliger BBL niv. 2

Beveiliger BBL niv. 2 Beveiliger BBL niv. 2 1 Opleidingsinformatie ROC TOP cohort 2018 DEEL 3 Onderwijs en Examenregeling (OER) 2018-2019 BRIN: 30 RM Kwalificatiedossier Particuliere Beveiliging Nummer kwalificatiedossier 23161

Nadere informatie

Examenplan examenplan en diplomavereisten Medewerker facilitaire dienstverlening (p1)

Examenplan examenplan en diplomavereisten Medewerker facilitaire dienstverlening (p1) Examenplan Naam kwalificatie Uitstroom crebo 25499 Kwalificatiedossier Dienstverlening Instroom crebo 23189 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140 Versiejaar KD 1-8-2015, sindsdien niet gewijzigd Niveau

Nadere informatie

EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten

EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten Opleiding: Gespecialiseerd pedagogisch medewerker Niveau: 4 Opleidingsduur: 3 jaar 4800 sbu s EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, 25484 Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten Cohort: 2016 2019 College: Sport,

Nadere informatie

Opleidingsinformatie ROC TOP cohort 2018

Opleidingsinformatie ROC TOP cohort 2018 Dienstverlening 1 Opleidingsinformatie ROC TOP cohort 2018 DEEL 3 Onderwijs en Examenregeling (OER) 2018-2019 BRIN: 30 RM Kwalificatiedossier Dienstverlening Nummer kwalificatiedossier 23189 Kwalificaties

Nadere informatie

Examenplan. Verzorgende IG (gehandicaptenzorg) en Maatschappelijke Zorg (begeleider gehandicaptenzorg) Crebocode: en 25475

Examenplan. Verzorgende IG (gehandicaptenzorg) en Maatschappelijke Zorg (begeleider gehandicaptenzorg) Crebocode: en 25475 Examenplan Verzorgende IG (gehandicaptenzorg) en Maatschappelijke Zorg (begeleider gehandicaptenzorg) Crebocode: 25491 en 25475 Niveaus en 3 Cohort 2016 Leerweg BOL/BBL Versie kwalificatiedossier herziene

Nadere informatie

EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten

EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten Opleiding: Pedagogisch Medewerker kinderopvang Niveau: 3 Opleidingsduur: 3 jaar 4800 sbu s EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, 25486 Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten Cohort: Startjaar 2016 jaar van

Nadere informatie

Examenplan examenplan en diplomavereisten Helpende Zorg en Welzijn (p2) (HKS, vanaf augustus 2015)

Examenplan examenplan en diplomavereisten Helpende Zorg en Welzijn (p2) (HKS, vanaf augustus 2015) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2015) Naam kwalificatie Uitstroom crebo 25498 Kwalificatiedossier Dienstverlening Instroom crebo 23189 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140 Versiejaar KD 1-8-2015,

Nadere informatie

Examenreglement competentiegerichte opleidingen. Da Vinci College

Examenreglement competentiegerichte opleidingen. Da Vinci College Examenreglement competentiegerichte opleidingen van het Regionaal Opleidingencentrum Zuid-Holland Zuid Da Vinci College Dit examenreglement is een bijlage van de onderwijs- en examenregeling en is van

Nadere informatie

Handreiking: Uitleg begrippen vmbo-mbo

Handreiking: Uitleg begrippen vmbo-mbo Handreiking: Uitleg begrippen vmbo-mbo Ook in het vmbo is er sprake van onderwijsvernieuwing. De meest in het oog springende vernieuwing is de introductie van een kern, profiel en (meerdere) keuzes. De

Nadere informatie

ONDERWIJS- en EXAMENREGELING. ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ

ONDERWIJS- en EXAMENREGELING. ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ Addendum Datum van ingang Schooljaar 2015-2016 Naam school Kwalificatie School voor Orde en Veiligheid Aankomend Onderofficier Grondoptreden

Nadere informatie

HANDHAVER TOEZICHT EN VEILIGHEID

HANDHAVER TOEZICHT EN VEILIGHEID Onderwijs en Examenregeling HANDHAVER TOEZICHT EN VEILIGHEID Crebo 94810 niveau 3 BOL Cohort 2011-2013! 94850 Handhaver Toezicht en Veiligheid BOL niveau 3 Inhoudsopgave 1 Woord vooraf... 3 2 Leeswijzer...

Nadere informatie

Examenplan , 2016, examenplan en diplomavereisten Pedagogisch medewerker kinderopvang (p1) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2016, examenplan en diplomavereisten Pedagogisch medewerker kinderopvang (p1) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Crebo 25486 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Crebo 79140 Versiejaar KD 2016 Niveau 3 Geldig voor cohort(en)

Nadere informatie

nummer 91830 Chauffeur goederenvervoer Chauffeur goederenvervoer Akkoord Voorzitter Examencommissie Vastgesteld namens het College van Bestuur

nummer 91830 Chauffeur goederenvervoer Chauffeur goederenvervoer Akkoord Voorzitter Examencommissie Vastgesteld namens het College van Bestuur A. Basisgegevens Kwalificatie Chauffeur goederenvervoer Cohort 2011 Crebocode 91830 Studieprogramma nummer(s) BBL :x Niveau 2 Studiebelasting zoals 3200 SBU landelijk vastgesteld Kenniscentrum beroepsonderwijs

Nadere informatie

Verantwoording eindexamenresultaat per kerntaak Ondernemer Retail ( crebo 25166) ( Kwalificerend)

Verantwoording eindexamenresultaat per kerntaak Ondernemer Retail ( crebo 25166) ( Kwalificerend) Verantwoording eindexamenresultaat per kerntaak Ondernemer Retail ( crebo 25166) ( Kwalificerend) Kerntaak 1: Start een retailonderneming BOR-OP-s Ondernemingsplan schriftelijk min 35,0% BOR-OP-v Ondernemingsplan

Nadere informatie

ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ

ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ADDENDUM Datum van ingang 1 augustus 2014 ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ Opleiding: Onderwijsassistent Niveau: 4 Crebonummer: 93500 Kwalificatiedossier: 2012 Cohort: 2013

Nadere informatie

Manager Verkoop Reizen

Manager Verkoop Reizen Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Toerisme Manager Verkoop Reizen 94100 Cohort: 2015-2016 Vastgesteld voor schooljaar 2015-2016 Concept niet vastgesteld Voorwoord Beste student,

Nadere informatie

1. Algemene informatie over kwalificatie

1. Algemene informatie over kwalificatie 1. Algemene informatie over kwalificatie In dit hoofdstuk wordt het beroep nader omschreven. A. unctiebenaming Leider Sportieve Recreatie B. Typering kwalificatie Werkomgeving De Leider Sportieve Recreatie

Nadere informatie

Examenplan , 2018, examenplan en diplomavereisten Bedrijfsadministrateur (P2) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2018, examenplan en diplomavereisten Bedrijfsadministrateur (P2) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Uitstroom crebo 25138 Kwalificatiedossier Financieel administratieve beroepen Instroom crebo 23065 Domein Economie en administratie Domein crebo

Nadere informatie

EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 25491/23187 Leerweg: BOL

EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 25491/23187 Leerweg: BOL Opleiding: Verzorgende IG Niveau: 3 Opleidingsduur: 3 jaar EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 25491/23187 Leerweg: BOL Cohort: 2016-2019 Sector: Welzijn en Gezondheid Team: VZ 1.Examenoverzicht 1.1.Beroep specifieke

Nadere informatie

Examenplan , 2016 en 2017, examenplan en diplomavereisten Leidinggevende leisure & hospitality (P3) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2016 en 2017, examenplan en diplomavereisten Leidinggevende leisure & hospitality (P3) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Crebo 25351 Kwalificatiedossier Travel, Leisure & Hospitality Crebo 23134 Domein Toerisme en recreatie Crebo 79130 Versiejaar KD 1-8-2015 (sindsdien

Nadere informatie

Examenplan algemeen voorbeeld niveau 4 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Sociaal Maatschappelijk Dienstverlener

Examenplan algemeen voorbeeld niveau 4 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Sociaal Maatschappelijk Dienstverlener Examenplan algemeen voorbeeld niveau 4 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Sociaal Maatschappelijk Dienstverlener niveau 4 3 jarig Crebocode: 92670 Dossiercode: 22196 2012-2015

Nadere informatie

SERVICEDOCUMENT VRIJSTELLINGEN AVO

SERVICEDOCUMENT VRIJSTELLINGEN AVO SERVICEDOCUMENT VRIJSTELLINGEN AVO SERVICEDOCUMENT VRIJSTELLINGEN AVO Binnen de mbo-scholen van de Lentiz onderwijsgroep ontstaan vaak vragen over de voorwaarden waaraan vrijstellingen voor AVO-vakken

Nadere informatie

Dansacademie Lucia Marthas Noorderpoort. ExamenDossier. Proeve van Bekwaamheid

Dansacademie Lucia Marthas Noorderpoort. ExamenDossier. Proeve van Bekwaamheid Dansacademie Lucia Marthas Noorderpoort ExamenDossier Proeve van Bekwaamheid MBO Dansleider/Dans 2014-2015 EXAMENDOSSIER (PROEVE VAN BEKWAAMHEID) Sector: Kunst, Cultuur en Media Branche: Podiumkunsten

Nadere informatie

Format OER8 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format

Format OER8 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format Format OER8 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format A. Basisgegevens Kwalificatie Assistent operator Cohort 2009 Crebocode 90450 Studieprogramma nummer(s) BOL 1 : BBL : 42009 DTBOL : Niveau

Nadere informatie

Opleidings- en examenplan

Opleidings- en examenplan Opleidings- en examenplan Naam opleiding: Recreatiedieren (ondernemer/manager recreatiedieren) niveau 4 Crebonummer: 97730 Cohort: 2015-2016 (studiejaar afronding opleiding 2017-2018) Het beroepsbeeld

Nadere informatie

Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 3

Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 3 PVB 3.3 Organiseren van activiteiten Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 3 Inleiding Om het door Stichting NSA en NOC*NS erkende diploma Leider Sportieve Recreatie niveau 3 te behalen,

Nadere informatie

Format OER voor 2011 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format

Format OER voor 2011 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format Format OER voor 2011 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format A. Basisgegevens Kwalificatie Naam Metaalbewerker Cohort 2011 Crebocode 94300 Versie van het 1-12-2010 Kwalificatiedossier Studie

Nadere informatie

Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 2

Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 2 PVB 2.3 Assisteren bij activiteiten Deelkwalificatie van Leider Sportieve Recreatie niveau 2 Inleiding Om het door Stichting NSA en NOC*NSF erkende diploma Leider Sportieve Recreatie niveau 2 te behalen,

Nadere informatie

Examenplan , 2017, 2018, examenplan en diplomavereisten Medewerker human resource management (HRM), (P2) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2017, 2018, examenplan en diplomavereisten Medewerker human resource management (HRM), (P2) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Uitstroom crebo 25146 Kwalificatiedossier Juridisch-administratieve beroepen Instroom crebo 23066 Domein Economie en administratie Domein crebo 79090

Nadere informatie

OER 2010 A. Basisgegevens

OER 2010 A. Basisgegevens OER 2010 A. Basisgegevens Kwalificatie Naam Applicatieontwikkelaar Cohort 2010 Crebocode 90020 Versie van het 2010 Kwalificatiedossier Studieprogramma nummer(s) BOL 1 : BBL : DTBOL : Niveau 4 Studiebelasting

Nadere informatie

nummer 91450 Schilder (niveau 2) 41053 Certificeerbare eenheden X Nee Ja, namelijk Bij crebocode Certificeerbare eenheid

nummer 91450 Schilder (niveau 2) 41053 Certificeerbare eenheden X Nee Ja, namelijk Bij crebocode Certificeerbare eenheid oer voor competentiegerichte opleidingen A. Basisgegevens Kwalificatie Naam Medewerker schilderen niveau 2 Cohort 2010 Crebocode 91450 Studieprogramma nummer(s) BBL :41053 Niveau 2 Studiebelasting o.g.v.

Nadere informatie

Examenplan , 2016 en 2017, examenplan en diplomavereisten Zelfstandig medewerker leisure & hospitality (P1) (HKS, vanaf augustus 2016)

Examenplan , 2016 en 2017, examenplan en diplomavereisten Zelfstandig medewerker leisure & hospitality (P1) (HKS, vanaf augustus 2016) Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Crebo 25353 Kwalificatiedossier Travel, Leisure & Hospitality Crebo 23134 Domein Toerisme en recreatie Crebo 79130 Versiejaar KD 1-8-2015 (sindsdien

Nadere informatie