2 Houtachtige gewassen
|
|
|
- Patricia Vedder
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 2 Houtachtige gewassen en beplantingen 2 Houtachtige gewassen en beplantingen Houtachtige gewassen Houtachtige beplantingen Planten en verplanten Onderhoud van bomen en planten Zieke bomen Afsluiting HOUTACHTIGE GEWASSEN EN BEPLANTINGEN
2 Het Verheidepark in Haagstede gaat op de schop. De gemeente heeft de oude beplanting weggehaald. Het is er nu een kale boel. De omwonenden klagen erover tegen Jelle Boomsma, een van de gemeentewerkers. Jelle stelt hun gerust: Het wordt hartstikke mooi. Kom maar eens kijken in het buurthuis. Daar hangt een schets van het park over vijf jaar. Er staan hier dan alweer aardig hoge bomen en struiken. Figuur 2.1 Het Verheidepark nu en over vijf jaar HOUTACHTIGE GEWASSEN EN BEPLANTINGEN 43
3 2.1 Houtachtige gewassen Hoe tekende jij als kind bomen? Waarschijnlijk als allemaal bruine stammen met een hoop groene bladeren erbovenop. Maar als je bomen goed bekijkt, zie je dat ze eigenlijk allemaal verschillend zijn. Ze hebben verschillende bladeren en takken en verschillende boomvormen. Aan de ene boom hangen in de zomer bessen, aan de andere in het najaar noten. Kortom: geen boom is hetzelfde. Houtachtige gewassen Bomen, struiken en klimplanten zijn houtachtige gewassen. Ze hebben een stam en takken van hout. Daardoor zijn ze steviger dan kruidachtige gewassen, zoals een brandnetel of een dahlia. Houtachtige gewassen worden vaak groter en ouder dan kruidachtige gewassen. Figuur 2.2 Een houtachtig gewas Vragen 2.1 a Wat zijn de kenmerken van houtachtige gewassen? b Is een druivenwingerd een houtachtige of een kruidachtige plant? Waaraan zie je dat? Bomen en struiken Het verschil tussen een boom en een struik? Meestal is dat duidelijk te zien, maar niet altijd. Om bomen en struiken uit elkaar te kunnen 44 HOUTACHTIGE GEWASSEN
4 houden, kun je het volgende aanhouden. Bij volgroeide bomen beginnen de takken op enkele meters boven de grond uit de stam. Bij struiken beginnen de takken veel lager, bijna op de grond. Meestal zijn deze takken dunner dan de takken van bomen. Soms zijn ze ook minder houtachtig en dus veel buigzamer. Figuur 2.3 Soms is het verschil lastig te zien. Vragen 2.2 a Hoe kun je bomen van struiken onderscheiden? b Alisa zegt: De takken van de spar die als kerstboom in de school staat, beginnen vlak boven de grond. Een spar is dus eigenlijk een struik. Leg uit waarom Alisa ongelijk heeft. Bomen en struiken herkennen Bomen en struiken heb je letterlijk in alle soorten en maten. Denk maar eens aan de grote verschillen tussen een eik en een bosbessenstruik. Of tussen een buxus en een linde. Als je werkt met bomen en struiken, moet je de verschillende soorten uit elkaar kunnen houden. Elke boom of struik heeft namelijk zijn eigen onderhoud nodig. Als je weet hoe een plant heet, kun je opzoeken hoe je haar moet verzorgen. Bij het herkennen van bomen en struiken, kijk je naar de dingen die in figuur 2.4 staan. HOUTACHTIGE GEWASSEN 45
5 Figuur 2.4 Waar kijk je naar als je een boom of struik wilt herkennen? plantkenmerken Vorm van het blad Grootte van het blad Vorm van de boom/struik Kleuren van blad, bloemen, stam en takken Knoppen en bloeiwijze Vruchten Zaden Schors Met behulp van deze plantkenmerken kun je in boeken opzoeken met welke boom of struik je te maken hebt. Je kunt hiervoor het Opzoekboek Groen of een flora gebruiken. Hierin vind je de juiste naam en andere informatie over de plant. Bijvoorbeeld welke voedingsstoffen hij nodig heeft. Vragen 2.3 a b c d Zoek in het Opzoekboek Groen of in een flora drie houtachtige planten met verschillende bladvormen. Teken het blad en noteer de naam van de plant eronder. Zoek in het Opzoekboek Groen of in een flora vier houtachtige planten met een verschillende vorm. Teken de vorm en noteer de naam van de plant eronder. Zoek op dezelfde manier drie houtachtige planten die op verschillende manieren bloeien. Teken de bloesem en noteer de naam van de plant eronder. Zoek op dezelfde manier vier houtachtige planten met verschillende vruchten of zaden. Teken de vruchten of zaden en noteer de naam van de plant eronder. standplaats schaduwsoorten lichtsoorten Geschikte standplaatsen Niet elke boom of struik voelt zich lekker op dezelfde plek. De ene struik houdt van een open, zonnige plek, terwijl een andere soort weer graag op een natte, beschutte plaats groeit. Kortom: elke soort heeft zijn eigen favoriete standplaats. Schaduwsoorten groeien het best als ze niet te veel licht krijgen. Bijvoorbeeld midden in een dichtbegroeid bos. In de felle zon zouden ze uitdrogen. De lichtsoorten hebben daar minder last van. Zij houden van felle zon en groeien door die zon sneller dan schaduwplanten. 46 HOUTACHTIGE GEWASSEN
6 Figuur 2.5 Een plant die van veel licht houdt bodem Ook op het gebied van de bodem hebben planten voorkeuren. Er zijn planten die het goed doen op zandgrond of juist op klei. Dat heeft te maken met de voedingsstoffen die in de bodem zitten. Maar ook met de vochtigheid van de bodem. Veen is erg vochtig, zand juist erg droog. Planten groeien het snelst op hun favoriete bodem. Ook krijgen ze daar minder snel last van ziekten en plagen. Vragen 2.4 a Wat is de beste beschrijving van het begrip standplaats? De plaats waar een boom of struik staat. De plaats waar een boom of struik het best gedijt. De samenstelling van de bodem op de plaats waar een boom of struik staat. b Kim heeft een Amerikaans vergeet-me-nietje voor haar verjaardag gekregen. Waar kan Kim dit plantje het beste zetten? In de vensterbank, aan de zonkant van het huis. Midden op het terras. In een beschaduwde border. c Waarom denk je dat? HOUTACHTIGE GEWASSEN 47
7 2.2 Houtachtige beplantingen Overal waar je kijkt, zie je bomen en struiken. In het bos natuurlijk, maar ook rondom het schoolplein en in de straat waarin je woont. Soms zijn die struiken en bomen daar toevallig als zaadje terechtgekomen. Maar vaker nog zijn ze aangeplant door mensen. Omdat ze mooi zijn om naar te kijken bijvoorbeeld. Of om te voorkomen dat iedereen zomaar bij je naar binnen kan kijken! Beplantingstypen kunnen heel verschillende functies hebben. Beplantingstypen Je kunt houtachtige gewassen op verschillende manieren aanplanten. De manier waarop bomen of struiken bij elkaar staan, noem je het beplantingstype. In de volgende figuren staan de belangrijkste beplantingstypen. Figuur 2.6 Beplantingstypen met bomen Solitaire boom Boomgroep Bomenrij Bosje Boomgaard 48 HOUTACHTIGE BEPLANTINGEN
8 Figuur 2.7 Beplantingstypen met struiken Struikenrij Struweel Figuur 2.8 Beplantingstypen met bomen en struiken Bomenrij met daaronder struiken Figuur 2.9 Bijzondere beplantingstypen Vragen 2.5 a b c d Welke beplantingstypen met struiken zijn er? Wat is het verschil tussen een boomgroep en een bomenrij? Je wilt een gebied aantrekkelijk maken voor vogels en kleine zoogdieren. Welk beplantingstype met bomen is daarvoor het best geschikt? Waarom denk je dat? Noem twee bijzondere beplantingstypen. HOUTACHTIGE BEPLANTINGEN 49
9 Functies van beplantingstypen Hoe je bomen of struiken aanplant, hangt af van de functie van de beplanting. Wil je de wind uit je tuin houden, dan plant je een coniferenhaag aan. Wil je een oude boerderij extra sfeer geven, dan plant je leibomen aan. Figuur 2.10 Groen met een functie In figuur 2.11 lees je welke functies van beplanting vaak voorkomen in woonwijken. Figuur 2.11 Veelvoorkomende beplantingstypen in woonwijken Functie Windkering Geluidswering Kijkgroen Camouflage van een gebouw Afscheiding Verkeersgeleiding Toelichting Zorgt voor beschutting tegen de wind. Houdt geluid van een snelweg of spoorweg tegen. Groen dat mooi is om naar te kijken. Een gebouw dat niet zo mooi is, wordt verborgen door groen. Een stuk grond wordt afgescheiden van andere stukken grond door groen. Bijvoorbeeld een tuintje of een voetbalveld. Rijen bomen langs de weg maken de richting waarin je moet rijden duidelijker. veekering houtwallen Ook het aangeplante groen op het platteland heeft een functie. Vroeger werden knotwilgen bijvoorbeeld aangeplant om manden en bezems van de takken te maken. Een ander voorbeeld van een groenfunctie is veekering: rijen (doorn)struiken die weiden van elkaar scheiden. Soms worden er houtwallen gemaakt om het vee te keren. 50 HOUTACHTIGE BEPLANTINGEN
10 Figuur 2.12 Natuurlijk groen is goed voor de natuur! ecologische verbindingszones Als er nu groen wordt aangeplant, is dat vaak voor de dieren. Die vinden er beschutting en voedsel. Zo kunnen er bijvoorbeeld vogels nestelen en bunzingen een hol maken. Soms worden er kleine bosjes voor de dieren aangeplant, maar er worden ook stukken natuur aangelegd die grote natuurgebieden met elkaar verbinden. Dit noem je ecologische verbindingszones. Vragen 2.6 a b Er wordt een nieuwe woonwijk aangelegd. De wijk ligt dicht tegen de spoorweg aan in een vlak gebied. De bedoeling is om de wijk een landelijk en groen aanzien te geven. Welke beplantingstypen zullen er in elk geval in deze wijk gebruikt worden? Op het platteland wordt een ecologische verbindingszone aangelegd. Wat voor natuur wordt er dan aangelegd? Een klein bosje waar dieren beschutting en voedsel kunnen vinden. Een nieuw natuurgebied, midden tussen akkers en weilanden. Een stuk natuur dat twee grotere natuurgebieden met elkaar verbindt. HOUTACHTIGE BEPLANTINGEN 51
11 2.3 Planten en verplanten Of je nu een windkering of kijkgroen aanlegt, je zorgt er altijd voor dat de bomen en struiken een goede start krijgen. Je zet ze allereerst op een gunstige plaats. Vervolgens plant je ze op de juiste diepte in de goede tijd van het jaar en natuurlijk ook op de juiste afstand van elkaar. Een goed begin is het halve werk! Eindbeelden Voor je een boom of struik gaat planten, kijk je eerst in de toekomst. Hoe groot is de boom of struik als hij volgroeid is? Daar moet je bij de aanplant al rekening mee houden. Zo kun je bijvoorbeeld geen windkering aanplanten van struiken die laag blijven. Die struiken geven uiteindelijk te weinig beschutting. Figuur 2.13 Een jonge boom en een volgroeide boom Niet elke boomsoort wordt even hoog. Een eik wordt veel hoger dan een berk. Bomen worden naar grootte ingedeeld. Figuur 2.14 Indeling van bomen naar grootte Klasse 1 e grootte 2 e grootte 3 e grootte Grootte Hoger dan 15 meter meter 6-10 meter Voorbeeld Quercus rubra Carpinus betules Prunus serrulata Hoe groot een boom of struik wordt, hangt ook af van de hoeveelheid voedsel en vocht die de plant op kan nemen. Een es 52 PLANTEN EN VERPLANTEN
12 wordt op vochtige, voedselrijke kleigrond bijvoorbeeld hoger dan op droge, arme zandgrond. Daarnaast spelen weersomstandigheden, zoals wind, een rol. Natuurlijk is ook het onderhoud van groot belang. Een struik die regelmatig wordt gesnoeid, blijft kleiner dan een struik die niet wordt gesnoeid. Vragen 2.7 a b c d Wat versta je onder het eindbeeld van een plant? In de Segeerstraat ligt een klein plantsoen: een grasveldje met wat struiken eromheen en een speeltuintje. Je wilt hier een boom aanplanten. Welke grootte kies je? Waarom kies je die klasse? Een eik kan 20 meter hoog worden. Wordt een eik die op zandgrond aan een winderige kust wordt aangeplant ook zo hoog? Waarom wel of niet? maximale lengte breedtegroei Eindbeelden inschatten Een boom of struik blijft niet eindeloos doorgroeien. Op een gegeven moment wordt de plant niet meer hoger, ook al zijn de omstandigheden ideaal. De boom of struik heeft dan zijn maximale lengte bereikt. Deze maximale lengte kun je opzoeken in boeken, maar je kunt hem ook inschatten door naar oude bomen te kijken. Een boom groeit ook in de breedte. De breedtegroei van de kroon hangt af van de ruimte die de kroon krijgt. Als bomen dicht bij elkaar staan, worden de kronen minder breed dan wanneer een boom alleen staat. Figuur 2.15 Kronen van rijbomen PLANTEN EN VERPLANTEN 53
13 De breedte van de kroon kun je schatten door de volgende formule te gebruiken: breedte = 0,8 x de hoogte. Figuur 2.16 Formule voor de breedte van de kroon De hoogte van een struik kun je inschatten door de volgende formule te gebruiken: hoogte = breedte. Figuur 2.17 Formule voor de hoogte van een struik Deze formules geven natuurlijk alleen maar een schatting. De kruin van een rijboom wordt bijvoorbeeld minder breed dan die van een solitaire boom. 54 PLANTEN EN VERPLANTEN
14 Vragen 2.8 a b c d Hoe kun je achter de maximale lengte van een boom komen? Een boom wordt maximaal 11 meter hoog. Hoe breed zal de kruin ongeveer worden? Carl zegt: Als een struik maximaal 4,5 meter hoog wordt, zal hij 3,6 meter breed worden. Heeft hij gelijk? Ja, want de breedte van een struik is 0,8 x de hoogte. Nee, want de breedte van een struik is gelijk aan de hoogte. Nee, want de breedte van de kroon hangt af van de struiken die in de buurt staan. Er wordt een struikenrij aangeplant. Je schat de uiteindelijke breedte van de struiken in. Waarmee moet je hierbij rekening houden? bosplantsoen Inkuilen en opkuilen Voor de aanleg van beplantingsstroken wordt vaak bosplantsoen gebruikt. Dit is een verzamelnaam voor een pakket inheemse boomen struiksoorten. Bosplantsoen is nooit duur, omdat de bomen en struiken in het pakket klein zijn. Ze zijn nooit hoger dan 1,5 meter. Bosplantsoen plant je met grote aantallen tegelijk aan. Daarom kun je niet alle bomen en struiken in één keer planten. Bomen en struiken die je niet direct plant, kuil je in. Inkuilen is de wortels bedekken met grond. Hiermee voorkom je dat de planten uitdrogen. Figuur 2.18 Ingekuilde houtachtigen Op het bedrijf kuil je bomen en struiken vaak voor langere tijd in. Dit doe je in een bak waarin, afhankelijk van de grootte van de plant, zo n 50 cm scherp zand zit. Scherp zand voert het water snel af, waardoor het voorkomt dat de wortels gaan rotten. PLANTEN EN VERPLANTEN 55
15 Het kan ook gebeuren dat je de bomen of struiken alvast meeneemt naar de plaats waar je ze gaat planten. Je kuilt ze dan voor maximaal twee weken in, op een plaats waar ze niet in de weg staan. Dat kan gewoon in de grond. Als je de bomen en struiken wilt gaan planten, kuil je ze weer op: je trekt ze voorzichtig uit de grond. Bij het inkuilen en opkuilen moet je op een aantal dingen letten. In figuur 2.19 staan de fouten die vaak gemaakt worden. Figuur 2.19 Fouten bij inkuilen Fout Te diep inkuilen Ondiep inkuilen Te warme en open kuilplaats Beschadiging bij het omkuilen Te vroeg opkuilen Gevolgen De stam rot in De boom of struik verdroogt De wortels sterven af en de plant verdroogt Ziekten kunnen gemakkelijk de plant binnendringen De wortels sterven af Vragen 2.9 a b c d Waarom moet je bosplantsoen vaak inkuilen? Schrijf een handleiding voor het inkuilen van bomen en struiken die je voor langere tijd in wilt kuilen. Wat doe je bij opkuilen? Joan gaat een aantal boompjes opkuilen. Zij zet de boompjes in diepe bakken en gooit daar zo n 70 cm scherp zand bovenop. Welk gevaar lopen de boompjes? Gereedschap bij planten en inkuilen Voor je gaat planten, leg je het benodigde gereedschap klaar. Je maakt eerst de grond van de beplantingsstrook los. Dit doe je met een frees of op een andere manier. Daarna ga je aan de gang met de volgende gereedschappen. Figuur 2.20 Gereedschap dat je nodig hebt bij het planten Gereedschap Spade Kruiwagen of plantenbak Jalon Snoeischaar Nodig voor: maken van een plantgat vervoer van bomen of struiken uitzetten van plantrijen wegknippen van beschadigde takken of wortels Bij inkuilen gebruik je grotendeels dezelfde gereedschappen. Alleen de snoeischaar heb je niet nodig. Vragen 2.10 a Je gaat struiken inkuilen. Welke gereedschappen zet of leg je klaar? 56 PLANTEN EN VERPLANTEN
16 Planten Bij het planten van bomen en struiken houd je rekening met de planttijd, de plantafstand, de grootte en diepte van het plantgat en het beplantingsplan. Op het beplantingsplan kun je zien welke bomen en struiken waar moeten komen. In dit beplantingsplan is rekening gehouden met het eindbeeld. Figuur 2.21 Het planten van bosplantsoen plantafstand plantverband Je plant de bomen en struiken op een vaste afstand van elkaar. Meestal varieert de plantafstand tussen de 1 en 1,5 meter. Voor je gaat planten, zet je een plantverband uit. Bij bomen en struiken is dit vaak een driehoeksverband. Bij het uitzetten van het plantverband gebruik je jalons. Deze jalons helpen je om op grote afstanden ook netjes te werken. Figuur 2.22 Planten in verband PLANTEN EN VERPLANTEN 57
17 wortelsnoei Voordat je de boom of struik plant, pas je wortelsnoei toe. Je haalt de wortels weg die beschadigd zijn of te ver uitsteken. Je verwijdert ook alle beschadigde takken. Indien nodig, geef je de boom of struik mest. Deze mest meng je goed door de aarde waarmee je het plantgat vult. Je moet goed in de gaten houden of de geplante boom of struik genoeg water krijgt. Desnoods leg je een drainagebuis aan in het plantgat. Vragen 2.11 a b c d Welke plantafstand houd je meestal aan bij bomen en struiken? Waarvoor gebruik je jalons bij het planten? Sacha wil een jonge es planten. Wat moet ze vóór het planten doen? Hoe kun je ervoor zorgen dat een pas geplante boom genoeg voedsel en water krijgt? wortelstelsel Verplanten Als een struik te groot wordt voor zijn standplaats, moet je hem kappen of verplanten. Dit verplanten moet je goed voorbereiden. Dat doe je door een sleuf om de struik te graven. De struik gaat hierdoor nieuwe wortels maken en krijgt een compact wortelstelsel: een kluit. De wortelgroei stimuleer je door humeuze grond in de sleuf te storten. De nieuwe, compacte wortels helpen de struik later bij het wortelen op zijn nieuwe plek. 58 PLANTEN EN VERPLANTEN
18 Figuur 2.23 Voorbereidingen voor het verplanten van een struik Grote bomen verplant je met een boomplantmachine. Na het verplanten kun je de boom of struik eventueel snoeien. Figuur 2.24 Een boomplantmachine Vragen 2.12 a Wat is het beste voor een verplante boom? Dat de boom nog al zijn wortels heeft. Zo blijft hij sterk. Dat de boom een compact wortelstelsel heeft met veel jonge wortels. Zo kan hij straks goed wortelen. b Hoe bereid je het verplanten van een boom voor? PLANTEN EN VERPLANTEN 59
19 laanbomen Bomen in de bestrating Laanbomen worden langs straten en wegen geplant, vaak in de bestrating. Bomen die je in de bestrating plant, hebben extra zorg nodig. De bestrating om de boom maakt dat er onvoldoende lucht, water en voedingsstoffen bij de boom kunnen komen. Figuur 2.25 Is deze laanboom goed aangeplant? bomenzand Om dit probleem op te lossen, kun je de boom in speciaal bomenzand planten. Dit zand maakt dat er meer lucht en voeding bij de boom kan komen dan bij gewoon zand. Ook kun je het plantgat extra groot maken. Soms is het gat meer dan een meter breed en een meter diep. Een andere oplossing is het leggen van buizen rond de wortels van de boom. Door deze buizen stroomt er lucht van buiten naar de wortels. Vragen 2.13 a b c Je plant één jonge boom aan langs een schelpenpad in een park en één jonge boom in de bestrating van een parkeerterrein. Welke boom heeft de meeste zorg nodig? Waarom is dat? Hoe kun je de problemen bij deze boom oplossen? plantschok inboeten Nazorgwerkzaamheden Bomen en struiken moeten wennen aan de verplanting. Ze staan in een nieuwe omgeving, met misschien meer licht of een drogere grond. Dit wennen noem je plantschok. Sommige bomen of struiken gaan door het verplanten zelfs dood. Die moeten dan vervangen worden. Dit noem je inboeten. 60 PLANTEN EN VERPLANTEN
20 Je moet regelmatig controleren of verplante bomen en struiken goed aanslaan. Soms hebben ze wat extra bemesting nodig. Vooral als ze in een klein plantgat staan. Ook moeten verplante bomen soms bijgesnoeid worden. Dit is nodig als er wortels afgestorven zijn en de boom niet genoeg voedsel en water kan opnemen voor al zijn takken. Er komen dan kale plekken in de kruin. Jonge, verplante bomen zet je meestal met een boomband aan een boompaal vast. Die boomband moet je op tijd weghalen. Als boombanden knellen, maken bomen te weinig hout en verzwakken ze. Ook kan de boomband ingroeien. Figuur 2.26 Haal op tijd de boomband weg. Ten slotte moet je verplante bomen die op een droge plek staan bij warm en droog weer extra water geven. Vragen 2.14 a b Zeg dit met andere woorden: Planten die door plantschok afgestorven zijn, moet je inboeten. Verplante bomen en struiken hebben nazorg nodig. Maak een checklist van de dingen waar je bij de nazorg op moet letten. 2.4 Onderhoud van bomen en planten Bomen en planten moet je onderhouden om ze mooi en gezond te houden. Je zult ze dus regelmatig moeten dunnen, snoeien of knippen. Elke soort krijgt daarbij zijn eigen, speciale behandeling. Zo snoei je een laanboom op een heel andere manier dan een sierheester. ONDERHOUD VAN BOMEN EN PLANTEN 61
21 Snoeien Snoeien is belangrijk bij het onderhoud van bomen en struiken. Door te snoeien, houd je de plant gezond en zorg je ervoor dat hij in een mooie vorm groeit. Hiervoor haal je te lage, te dikke, overbodige, beschadigde of zieke takken weg. Je moet niet te lang wachten met snoeien. Als je te laat begint met het snoeien van een boom of struik, moet je te veel of te dikke takken weghalen. Daardoor ontstaan te veel of te grote wonden, waardoor ziekten gemakkelijk de boom of struik binnen kunnen dringen. Bovendien verliest de boom of struik dan zijn natuurlijke vorm. Een vuistregel bij snoeien is dat je nooit meer dan 20% van de takken weghaalt. Bij struiken zaag je de takken maximaal 10 cm boven de grond af. Anders krijg je struiken die eruitzien als een mini-knotwilg. stokzaag Bij het snoeien zaag of kap je een tak altijd zo recht mogelijk af. Als je een tak namelijk schuin afzaagt, wordt de wond groter. Als je een stokzaag gebruikt, moet je dicht bij de stam van de boom gaan staan. Figuur 2.27 Goed en verkeerd snoeien met de stokzaag driesnedenmethode Om te voorkomen dat door het gewicht van de tak de bast mee scheurt, gebruik je de driesnedenmethode. Hierbij volg je drie stappen: 1 Zaag de tak halverwege aan de onderkant een stukje in. 2 Zaag de tak op ruime afstand van de stam af. 3 Maak de definitieve zaagsnede dichtbij de stam. 62 ONDERHOUD VAN BOMEN EN PLANTEN
22 Figuur 2.28 De driesnedenmethode Voor je gaat snoeien, moet je weten met welke bomen- of struikensoort je te maken hebt. Zo snoei je een scheutbloeier, zoals lavendel, na de bloei tot vlak boven de grond. Maar een bladheester, zoals de laurierkers, snoei je bijna nooit. Je zou dan de mooie bladeren weghalen en dat is niet de bedoeling. Je kunt in plantenboeken opzoeken hoe je een boom of struik moet snoeien. Vragen 2.15 a Welke takken snoei je? Een tak die op 1,5 meter boven een fietspad hangt. Een tak waaraan zoveel appels hangen dat hij een beetje doorbuigt. Een half afgebroken tak die boven een schuurtje hangt. Een tak waarop bladluis zit. b Waarom moet je op tijd beginnen met snoeien? c Je wilt de wond bij het snoeien zo klein mogelijk houden. Hoe zaag je de tak dan af? d Hoe vaak snoei je een scheutbloeier? En hoe vaak een bladheester? Begeleidingssnoei Een boom die je niet snoeit, krijgt veel lage zijtakken. Die takken kunnen hinderlijk zijn voor het verkeer. Daarom moet je de boom ONDERHOUD VAN BOMEN EN PLANTEN 63
23 regelmatig snoeien. Je haalt de onderste takken weg, zodat de boom een lange, takvrije stam krijgt. Deze vorm van snoeien noem je begeleidingssnoei. opkroonhoogte tijdelijke kroon De hoogte tot waar je de takken weghaalt, heet de opkroonhoogte. De opkroonhoogte verschilt per plaats. Een boom die langs een autoweg staat, moet je hoger opkronen dan een boom die langs een voetpad in het park staat. Bij begeleidingssnoei snoei je alleen de hele takken uit de tijdelijke kroon. Dit zijn de takken die lager groeien dan de uiteindelijke hoogte van de takvrije stam. De takken die hoger groeien, vormen de blijvende kroon. Figuur 2.29 Een tijdelijke en een blijvende kroon Je kunt drie jaar na aanplant al voorzichtig wat takken wegsnoeien. Daarna kom je elke drie jaar terug om te snoeien. Vragen 2.16 a Wat is een voorbeeld van begeleidingssnoei? Een zieke tak weghalen. Uitgebloeide takken weghalen. De onderste takken weghalen. b Je gaat twee bomen opkronen. Eén boom staat langs de provinciale weg, de andere boom staat bij de visvijver in het park. Welke boom kroon je het hoogst op en waarom? c Een volgroeide boom moet een takvrije stam van 3 meter krijgen. Hoe noem je de takken die hoger groeien dan deze 3 meter? Probleemtakken snoeien Een andere reden om te snoeien, zijn probleemtakken. Dit zijn takken die er niet mooi uitzien of slecht zijn voor de boom. De belangrijkste probleemtakken zijn: dikke takken; 64 ONDERHOUD VAN BOMEN EN PLANTEN
24 dubbele toppen; zuigers; takkransen. dikke takken dubbele top zuiger Met het snoeien van dikke takken moet je niet te lang wachten. Hoe dikker de tak is die je weghaalt, hoe groter de wond. Bomen horen maar één top te hebben, maar soms hebben ze er twee: een dubbele top. Eén van de toppen heeft altijd een betere vorm dan de andere of is langer dan de andere. Deze top laat je zitten, de andere haal je weg. Een zuiger is een zijtak die sterk omhoog groeit. Als de zuiger groot wordt, krijgt de boom een dubbele top. Daarom moet je de zuiger altijd op tijd weghalen. Figuur 2.30 Een boom met een zuiger takkrans Bij een takkrans zitten een paar takken als een krans bij elkaar rond de stam. De takken van zo n takkrans moet je niet allemaal tegelijk weghalen. Want dan krijg je te veel wonden op dezelfde hoogte. Je haalt eerst de dikke takken uit de krans weg en bij de volgende snoeibeurt doe je er nog een paar. De keer daarop haal je de rest weg. ONDERHOUD VAN BOMEN EN PLANTEN 65
25 Figuur 2.31 Een boom met een takkrans Vragen 2.17 a b c Een boom heeft een dubbele top. Hoe ziet die boom er uit? Teken de boom. Wat gebeurt er als je een zuiger niet wegsnoeit? Waar moet je bij het snoeien van een takkrans op letten? haag Hagen knippen Een haag is een rij struiken. Je hebt strakke hagen en losgroeiende hagen. Een strakke haag is in model geknipt. Bijvoorbeeld recht als een muur of in de vorm van een bol of een dier. Ligusters en haagbeuken zijn hiervoor geschikt. Een losgroeiende haag wordt niet in model geknipt. Hij houdt zijn eigen, natuurlijke vorm en bloeit daardoor uitbundiger. Figuur 2.32 Een losgroeiende en een strakke haag Een strakke haag moet je regelmatig knippen om hem vol en in model te houden. Een strakke haag knip je meestal een keer voor de zomer en een keer voor de winter. Het knippen van een strakke haag doe je als volgt. 1 Knip de zijkanten. Kijk waar de haag het smalst is. Haal daar met de heggenschaar een heel klein stukje af. Knip de rest van de haag zo dat de hele haag zo breed wordt als het smalste stuk. Zorg ervoor dat de haag onderaan breder is dan bovenaan. Zo krijgt de onderkant ook voldoende zon. 66 ONDERHOUD VAN BOMEN EN PLANTEN
26 2 Knip de bovenkant van de haag recht. Gebruik, indien mogelijk, de ramen of goot van een gebouw dat achter de haag staat als meetlijn. Doe af en toe een stap achteruit om je werk te controleren. 3 Ruim het snoeihout op. Hark de twijgen bij elkaar met de bladhark en voer ze af met een kruiwagen. Figuur 2.33 Een haag knippen Bij het knippen van een losgroeiende haag gebruik je een snoeischaar voor de dunne takken en een takkenschaar voor de dikke takken. Vragen 2.18 a b c d Zoek in het Opzoekboek Groen een voorbeeld van een losgroeiende haag op. Schets hoe deze haag eruitziet en noteer de naam eronder. Doe hetzelfde voor een strakke haag. Het mag geen liguster of haagbeuk zijn. Else snoeit een strakke haag. Dat doet ze als volgt. Doet ze het goed? Else begint met knippen aan de zijkant van de haag. Ze knipt de haag zo breed als het smalste stuk. Ze zorgt ervoor dat de haag overal even breed is. Hierna knipt ze de bovenkant recht. Ze gebruikt daarbij de goot van het huis als meetlijn. Tot slot ruimt ze het snoeiafval op. Je gaat de dikke takken van een losgroeiende haag snoeien. Welk gereedschap gebruik je? Gereedschappen bij snoeien Voor het snoeien van twijgen kun je een snoeischaar gebruiken. Dikkere takken uit bomen en struiken snoei je met een snoeizaag. Voor het omzagen van bomen of struiken is een jirizaag het best geschikt. Ook kun je een beugelzaag gebruiken bij de snoei. Bij deze zaag span je het zaagje tussen de uiteinden van de beugel. De vorm van het zaagblad is aangepast aan het werk wat je ermee doet. Net als de vorm van de zaagtanden. ONDERHOUD VAN BOMEN EN PLANTEN 67
27 Figuur 2.34 Een snoeizaag, twee beugelzagen en een jirizaag Als je bij het zagen de zaag naar je toehaalt, staat de zaag op trek. Als je de zaag van je af beweegt, staat hij op stoot. Figuur 2.35 Zaag op trek en op stoot persoonlijke beschermingsmiddelen Voor het snoeien of omzagen van grotere takken of stammen, gebruik je een motorzaag. Voor je met een motorzaag mag werken, moet je achttien jaar zijn en een speciale opleiding gevolgd hebben. Tijdens die opleiding leer je hoe je een motorzaag veilig gebruikt. Belangrijk onderdeel van die veiligheid is het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen: een helm, oordoppen, een zaagbroek, gelaatsscherm, veiligheidsschoenen en handschoenen. Deze dingen zijn verplicht! 68 ONDERHOUD VAN BOMEN EN PLANTEN
28 Figuur 2.36 Beschermende kleding bij het gebruik van de motorzaag bosmaaier Een andere machine die je bij het onderhoud gebruikt, is de bosmaaier. Hiermee zet je struiken af. Ook voor het werken met de bosmaaier moet je achttien zijn en gelden er veiligheidsvoorschriften. Als je gaat dunnen, kun je bomen en struiken omhakken met een bijl. Als je met een bijl werkt, moet je natuurlijk weer goed op de veiligheid letten. Zo bepaal je van tevoren zorgvuldig hoe groot een boom is en welke kant hij op gaat vallen. Bij het verwerken van het hout, gebruik je een kloofbijl. Hiermee kloof je blokken hout. Vragen 2.19 a b c d Voor welk werk gebruik je de volgende gereedschappen: een beugelzaag, een jirizaag en een snoeizaag. Neem de zinnen over en vul de goede woorden in. 1 Je beweegt de zaag van je af. De zaag staat op... 2 Je beweegt de zaag naar je toe. De zaag staat op... Joeri is negentien jaar. Hij heeft een opleiding gevolgd voor het werken met de motorzaag. Hij draagt een zaagbroek, veiligheidsschoenen, helm, handschoenen, gelaatsscherm en oordoppen. Voldoet Joeri aan de eisen voor het werken met de motorzaag? Is dit waar? Voor het dunnen van struiken gebruik je een kloofbijl. Snoeigereedschap onderhouden Goed onderhouden gereedschap gaat langer mee. Bovendien is het veiliger. Met een botte zaag schiet je bijvoorbeeld sneller uit dan ONDERHOUD VAN BOMEN EN PLANTEN 69
29 met een scherpe zaag. En een botte snoeischaar beschadigt de struik meer. slijpen Snoeischaren en -zagen worden bij gebruik op den duur bot. Vooral als er zand op de tanden komt. Daarom moeten ze regelmatig geslepen worden. Snoeigereedschap slijpen is niet gemakkelijk. Je moet goed weten welk onderhoudsgereedschap je ervoor gebruikt. Zo hebben zagen verschillende typen tanden. Bij elk type tand hoort een eigen vijl. Figuur 2.37 De vorm van een zaagtand bijlmal Bijlen slijp je een beetje rond. Je kunt de ronding controleren met een bijlmal: een ijzeren vorm met daarin drie uitsparingen. Vragen 2.20 a b Binnen het bedrijf waar je werkt, wordt een campagne opgezet voor veilig werken. Bedenk een slagzin voor veilig werken met snoeigereedschap. Hoe kun je controleren of je een bijl goed geslepen hebt? 2.5 Zieke bomen Stel, je hebt een pracht van een boom geplant. Hij heeft het drie jaar uitstekend gedaan en is nu echt gaan groeien. Dan ontdek je op een dag allemaal vlekken op de bladeren. De boom lijkt wel ziek. Wat kun je hieraan doen? Ziekten Schimmels, bacteriën en virussen kunnen een boom of struik ziek maken. Maar ook ongunstige omstandigheden zijn niet gezond voor een boom of struik. Zo kan de bodem te arm of juist te voedselrijk zijn of te droog of te nat. En als de omgeving vervuild is, dringt die vervuiling ook de boom binnen. 70 ZIEKE BOMEN
30 Figuur 2.38 Schimmels kunnen een boom aantasten. Ook bij bomen en struiken is voorkomen beter dan genezen. Je kunt ziekten voorkomen door: ervoor te zorgen dat er weinig ziekteverwekkers in de buurt van de plant kunnen komen; niet te veel bomen en struiken van één soort bij elkaar te planten; de plant door een goede verzorging in goede conditie te houden; soorten aan te planten die resistent zijn tegen ziekten; ervoor te zorgen dat de plant in een gezonde omgeving staat. Hier zie je een overzicht van de bekendste ziekten. ZIEKE BOMEN 71
31 Figuur 2.39 Ziekten van houtige gewassen (1) 72 ZIEKE BOMEN
32 Figuur 2.40 Ziekten van houtige gewassen (2) Vragen 2.21 a b c d Noem drie manieren waarop je plantenziekten kunt voorkomen. Een deel van de boom is verwelkt. Wat kan er met deze boom aan de hand zijn? Wat kun je hier tegen doen? Van welke ziekte is een heksenbezem een voorbeeld? voedselplant waardplant Plagen Bomen en struiken kunnen ook aangetast worden door insecten of andere dieren. Insecten, zoogdieren, vogels en slakken gebruiken sommige bomen en struiken als voedselplant. Ze eten er dus van. Dit geeft meestal niet zoveel schade. Op waardplanten zetten insecten eitjes af. De insecten die uit die eitjes kruipen, brengen vaak een flink deel van hun leven op de waardplant door. Daardoor kan grote schade ontstaan. ZIEKE BOMEN 73
33 Parasieten zijn nog schadelijker. Ze halen zoveel voedsel uit de plant, dat de plant daar nadeel van ondervindt. Voorbeelden van parasieten zijn schimmels, aaltjes en bacteriën. Figuur 2.41 Plagen kun je bestrijden met chemische of natuurlijke bestrijdingsmiddelen. Maar voorkomen is natuurlijk beter. Je kunt plagen voorkomen door: niet te veel bomen en struiken van dezelfde soort bij elkaar te planten; de omgeving aantrekkelijk te maken voor de natuurlijke vijanden van de plaaginsecten; de plant door een goede verzorging in goede conditie te houden. In figuur 2.42 zie je een overzicht van bekende plagen. 74 ZIEKE BOMEN
34 Figuur 2.42 Plagen bij houtige gewassen Vragen 2.22 a Welke plant is een waardplant? Een lijsterbes waar vogels van eten. Een aardappel die last heeft van aaltjes. Een braamstruik met bladluis erop. b Je hebt de nesten van de bastaardsatijnvlinder ontdekt in een boom. Hoe kun je ze mechanisch bestrijden? 2.6 Afsluiting Houtachtige gewassen hebben een stam, wortels en takken van hout. Het zijn bomen, struiken of klimplanten. Bij het herkennen van bomen en struiken, kijk je naar de volgende dingen: vorm van het blad, knoppen en bloeiwijze, grootte van het blad, vruchten, vorm van de boom/struik, zaden, kleuren van blad, bloemen, stam en takken en schors. Het verschil tussen een boom en een struik is dat bij volgroeide bomen de takken op enkele meters boven de grond beginnen en bij struiken de takken veel lager, bijna op de grond, beginnen. Elk houtachtig gewas heeft zijn eigen favoriete standplaats. AFSLUITING 75
35 De manier waarop bomen of struiken bij elkaar staan, noem je het beplantingstype. Hoe je bomen of struiken aanplant, hangt van de functie van de beplanting af. Het eindbeeld is hoe de plant eruitziet als hij volgroeid is. Het eindbeeld hangt af van de soort, de hoeveelheid voedsel en vocht, de weersomstandigheden en het onderhoud. Op een gegeven moment wordt de plant niet meer hoger, ook al zijn de omstandigheden ideaal. Dit is de maximale lengte. Deze maximale lengte kun je opzoeken in boeken en inschatten door naar oude bomen te kijken. De formule voor het inschatten van de breedte van de kroon is: breedte = 0,8 x de hoogte. De formule voor het inschatten van de hoogte van een struik is: hoogte = breedte. Bomen en struiken die je niet direct plant, moet je inkuilen. Als je de bomen wilt gaan planten, kuil je ze weer op: je trekt ze voorzichtig uit de grond. Bij het planten van bomen en struiken houd je rekening met de planttijd, de plantafstand, de grootte en diepte van het plantgat en het beplantingsplan. Bomen die je in de bestrating plant, hebben extra zorg nodig. Als een struik te groot wordt voor zijn standplaats, moet je hem kappen of verplanten. Verplante bomen en struiken hebben vaak nazorg nodig. Door te snoeien, houd je de plant gezond en zorg je ervoor dat hij in een mooie vorm groeit. Hiervoor haal je te lage, te dikke, overbodige, beschadigde of zieke takken weg. Bij begeleidingssnoei haal je de onderste takken weg, zodat de boom een lange, takvrije stam krijgt. Probleemtakken haal je ook weg. Dit zijn: dikke takken; dubbele toppen; zuigers; takkransen. 76 AFSLUITING
36 Een losgroeiende haag wordt niet in model geknipt. Een strakke haag moet je regelmatig knippen om hem vol en in model te houden. Schimmels, bacteriën, virussen en insecten kunnen een boom of struik ziek maken. Plagen en ziekten kun je bestrijden met chemische of natuurlijke bestrijdingsmiddelen. Maar voorkomen is natuurlijk beter. AFSLUITING 77
Doel Na deze opdracht kun je houtige beplantingen herkennen en kun je het eindbeeld beschrijven.
Opdrachten Houtige beplantingstypen herkennen Doel Na deze opdracht kun je houtige beplantingen herkennen en kun je het eindbeeld beschrijven. Benodigheden Voor deze opdracht heb je nodig: het Opzoekboek
Hagen Inleiding Historie
Inleiding Een heg of een haag is een lijnvormige aanplanting van struiken en bomen. worden veel gebruikt om de grens van een tuin, weiland of akker aan te geven. zijn belangrijke elementen in een tuin.
3 Planten en verplanten
3 Planten en verplanten 3 Planten en verplanten 34 3.1 Plantensoorten 35 3.2 Plantafstand 38 3.3 Planten in verband 41 3.4 Bomen planten 43 3.5 Afsluiting 48 34 PLANTEN EN VERPLANTEN Bijna het hele jaar
5 Borderonderhoud 70 BORDERONDERHOUD
5 Borderonderhoud 5 Borderonderhoud 70 5.1 Algemeen onderhoud 71 5.2 Groeien en snoeien 74 5.3 Afzetten en dunnen 75 5.4 Overig onderhoud 76 5.5 Afsluiting 78 70 BORDERONDERHOUD Alle vormen van tuinonderhoud
1 Beplantingen Onderhoud van beplantingen Snoeigereedschappen Samenvatting 22
Inhoud Colofon 5 Voorwoord 7 Inleiding 8 1 Beplantingen 11 1.1 Onderhoud van beplantingen 11 1.2 Snoeigereedschappen 17 1.3 Samenvatting 22 2 Bomen 23 2.1 Onderhoud van bomen 23 2.2 Samenvatting 29 3 Specifiek
SNOEIEN (LAAN) BOMEN
SNOEIEN (LAAN) BOMEN Snoeien van bomen Ideale boomvorm Een solitaire boom in de vrije ruimte behoeft géén snoei Begrippen binnen begeleiding snoei Scheut een nog niet verhouten stengel die max. 1 groeiseizoen
Doe niets met planten in de tuin als het vriest!
Wintertips December Doe niets met planten in de tuin als het vriest! Dahlia s, gladiolen en dergelijke planten die opgeslagen liggen, liggen vaak té vochtig en krijgen last van schimmels. December is de
Vaste planten. Inhoudsopgave:
Vaste planten Vaste planten zijn kruidachtige meerderjarige planten. Ze overwinteren ondergronds en lopen in het voorjaar opnieuw uit. Enkele zijn wintergroen zoals vinca en waldsteinia. Vaste planten
Je kunt nu de heesters snoeien die al zijn uitgebloeid. Ook buxushaagjes kun je alvast knippen. Geef ze daarna extra mest voor goede hergroei.
Lentetips April Vroegbloeiende struiken kan u na de bloei snoeien. Vanaf april ziet onkruid vaak zijn kans. Onbeplante oppervlaktes zijn snel bedekt met ongewenst groen. Schoffelen is dus de boodschap!
DASSENWERK. werkbladen opdrachten Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen. Locatie De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen
DASSENWERK werkbladen opdrachten Locatie De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen 2012 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen 1. Waar ben je? Je onderzoekt vandaag een klein gebied van Nationaal Park De
Handleiding. Boom planten. Tielsestraat 83 A 4043 JR Opheusden Tel:
Handleiding Boom planten www. Tielsestraat 83 A 4043 JR Opheusden Tel: 0488 48 2266 info@ www. Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Instructie boom planten 3. Instructie beukenhaag planten 4. Veelgestelde vragen
Vakwerk! Antwoorden Groene ruimte. Deel 2 (BB) Andrea Oostdijk - Studio Maan
Vakwerk! Antwoorden Groene ruimte Deel 2 (BB) Andrea Oostdijk - Studio Maan eerste druk, 2006 Artikelcode: 21141.1 Colofon Auteur(s): Illustraties: Illustrator: Onderwijskundige: Redactie: Resonans: Andrea
Begeleidingssnoei van laanbomen
Begeleidingssnoei van laanbomen IPC Groene Ruimte, Arnhem 2009 Inhoud Inleiding 5 1 Achtergronden van het snoeien 7 1.1 Vrijstaande boomvorm 7 1.2 Groei van een boom 7 1.3 Groeisnelheid en conditie 9 1.4
de hagen in Vroonermeer Noord
Hagen in Vroonermeer Noord -- 7 Beuk Fagus sylvatica De beukhaag staat bekend om zijn mooie glimmende bladeren. De Fagus sylvatica houd zijn bladereren vast totdat er weer nieuw blad komt. Dit verschijnsel
Inhoud. Inleiding 5. 1 Kruidachtige gewassen en beplantingen 8. 2 Houtachtige beplantingen en gewassen Grond, water en technische werken 132
Inhoud Inleiding 5 1 Kruidachtige gewassen en beplantingen 8 2 Houtachtige beplantingen en gewassen 66 3 Grond, water en technische werken 132 Trefwoordenlijst 195 1 Kruidachtige gewassen en beplantingen
Wat is essentaksterfte?
Wat is essentaksterfte? Essentaksterfte is een ziekte die wordt veroorzaakt door de schimmel (vals wit bladvlieskelkje, Chalara fraxinea). Door de aantasting van essentaksterfte verzwakt de boom dusdanig
Aanleggen van beplanting 2
Aanleggen van beplanting 2 3 Landschappelijke beplanting aanleggen 25 Struiken, heesters en coniferen planten 53 6oriëntatie a... Oriëntatie Zonder groen om ons heen zou het een kale bende zijn. Om dat
OPDRACHT 4 BOOMBEHEER. TERMEN UIT DE THEORIE BOOMVERZORGING Groeiplaatseisen. Bodemvaag. Penetrograaf. Sint-Janslot. Primaire groei secundaire groei
OPDRACHT 4 BOOMBEHEER TERMEN UIT DE THEORIE BOOMVERZORGING Groeiplaatseisen Bodemvaag Penetrograaf Sint-Janslot Primaire groei secundaire groei Schors bast cambium spinthout kernhout Groeiring Afgrendelingszones
Plantinstructies Aandacht voor het plantgat.
Plantinstructies Aandacht voor het plantgat. Aandachtspunten bij het planten. Om te zorgen voor een optimale hergroei van een nieuw aangeplante boom is het raadzaam een aantal zaken goed in het oog te
Voor al uw tuinzaken Hoveniersbedrijf van Brenk
Voor al uw tuinzaken Hoveniersbedrijf van Brenk Walderweg 1 5324 GA Ammerzoden tel: 0418-642402 Mob: 06-20336262 www.hoveniersbedrijfvanbrenk.nl [email protected] Hoveniersbedrijf van Brenk
Wat is essentaksterfte?
Wat is essentaksterfte? Essentaksterfte is een ziekte die wordt veroorzaakt door de schimmel (vals wit bladvlieskelkje, Chalara fraxinea). Door de aantasting van essentaksterfte verzwakt de boom dusdanig
ALLES WAT JE WILT WETEN OVER BOMEN
3 8 6 10 ALLES WAT JE WILT WETEN OVER BOMEN Een boom is...... een vaste plant met een houten stam en een kruin, alleen noemen de onderdelen anders dan bij een plant. Delen van de boom Laat de kinderen
ALLES WAT JE WILT WETEN OVER BOMEN
ALLES WAT JE WILT WETEN OVER BOMEN Een boom is... Een boom is een plant, alleen noemen de onderdelen anders. Een boom is namelijk een vaste plant met een houten stam en een kruin. Delen van de boom Laat
Bomen... en hoe we ze kunnen beheren.
Bomen... en hoe we ze kunnen beheren. 114104_BOMEN.indd 1 26-04-2007 09:48:15 Inhoudsopgave: Jammer, maar die boom moet echt weg 4 Te groot? 6 Kleiner maken dan maar? 6 Groeiplaats 8 Inrichting 8 Plant
Woordenschat les 8.1. Vervuilde grond?
Woordenschat les 8.1 Vervuilde grond? Afgraven en de afgraving Afgraven is de grond of aarde weghalen door te graven. De afgraving is de plaats waar de grond wordt weggenomen. Boren We boren een gat in
bosplantsoen Dunnen van
De gemeente Ede streeft naar een natuurlijk beheer van het openbaar groen. Deze manier van beheren is vooral geschikt voor de grotere groenobjecten, bijvoorbeeld bosplantsoen. Bij het juiste beheer kan
Bomen snoeien. Johan Schuppert. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.
Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Johan Schuppert 12 july 2014 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/49394 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet.
Examenopgaven VMBO-KB 2004
Examenopgaven VMBO-KB 2004 tijdvak 1 maandag 24 mei tijdsduur voor het gehele examen 09:00 11:00 uur LANDBOUW EN NATUURLIJKE OMGEVING GROENE RUIMTE CSE KB Het examen Landbouw en natuurlijke omgeving CSE
Bloeiend plantje Spoor van een dier
Volwassen boom Jonge boom Dode boom Hoge struik Lage struik Varen Mos Klimmende plant Bloeiend plantje Spoor van een dier Paddenstoel (op de grond) Bodemdiertje Paddenstoel (op een boom) Activiteit 3 :
landbouw en natuurlijke omgeving groene ruimte CSPE BB
Examen VMBO-BB 2015 gedurende 240 minuten landbouw en natuurlijke omgeving groene ruimte CSPE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Bij dit examen horen digitale bestanden. Dit examen bestaat uit 8 opdrachten.
Grond onder je voeten
Grond onder je voeten Hé hé, wie heeft z n voeten niet geveegd? Overal ligt modder. Kijk allemaal onder je schoenen! Loop je even door de tuin en daar begint het gezeur. Grond op de vloer vinden we blijkbaar
Wat gaat er gebeuren in de Wevershoek?
Essentaksterfte De situatie in Nederland Inmiddels is meer dan 80 % van de essen in Nederland aangetast. De verwachting is dat hooguit 10 % van de essen de ziekte zal overleven, gebaseerd op ervaringen
www.vostersboomverzorging.be
www.vostersboomverzorging.be Bomen zijn onmisbaar en een waardevol element in uw tuin. Ze vragen om een goede verzorging en begeleiding. Door deskundige snoei en controle kunnen bomen veilig oud worden.
WERKBLAD OPDRACHTEN. Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen. 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen
Dassenwerk WERKBLAD OPDRACHTEN Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen 2008 Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen 1. Waar ben je? Je gaat een onderzoek doen in een klein gebied van Nationaal
Examenopgaven VMBO-BB 2004
Examenopgaven VMBO-BB 2004 tijdvak 1 maandag 24 mei 11:30 13:00 uur LANDBOUW EN NATUURLIJKE OMGEVING GROENE RUIMTE CSE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Gebruik
Leerlingen-informatieboekje. Groep 7 8 nov. 2015 - maart 2016. NME Liemers Vestersbos 2 6901 BV Zevenaar (0316) 52 77 43
Leerlingen-informatieboekje Groep 7 8 nov. 2015 - maart 2016 NME Liemers Vestersbos 2 6901 BV Zevenaar (0316) 52 77 43 [email protected] Over wilgen en knotten Jullie gaan binnenkort met de klas wilgen
Definitie bosplantsoen Bosplantsoen is een houtachtige beplanting met inheemse gewassen
OPDRACHT 5 BEHEER VAN BOSPLANTSOEN Definitie bosplantsoen Bosplantsoen is een houtachtige beplanting met inheemse gewassen Definitie inheemse plant Een inheemse plant is een plant die al zeer lange tijd
inhoud Herfst 1. Het weer 2. Overal blad 3. Zaden 4. Paddenstoelen 5. De eekhoorn 6. De egel 7. Insecten 8. Vogels op reis 9. Filmpje Pluskaarten
Herfst inhoud Herfst 3 1. Het weer 4 2. Overal blad 5 3. Zaden 6 4. Paddenstoelen 7 5. De eekhoorn 8 6. De egel 9 7. Insecten 10 8. Vogels op reis 11 9. Filmpje 12 Pluskaarten 13 Bronnen en foto s 15 Colofon
Wat gaat er gebeuren in het Oosterpark?
Essentaksterfte De situatie in Nederland Inmiddels is meer dan 80 % van de essen in Nederland aangetast. De verwachting is dat hooguit 10 % van de essen de ziekte zal overleven, gebaseerd op ervaringen
Grond of aarde weghalen door te graven. Graven is een gat in de grond maken. De plaats waar de grond wordt weggenomen.
Les 1 De bodemverontreiniging. afgraven Grond of aarde weghalen door te graven. Graven is een gat in de grond maken. De afgraving De plaats waar de grond wordt weggenomen. De bodemverontreiniging De grond
Het is winter. op Landgoed Schothorst
Het is winter op Landgoed Schothorst In de winter is er genoeg te zien en te beleven in de natuur. Tijdens deze wandeling kun je dat ervaren. 6 Enkeerdpad 1 Winterbloeiers Zelfs in de winter kun je soms
Vinkelsestraat 36, Heesch landschapsplan
Vinkelsestraat 36, Heesch landschapsplan 18-03-2014 Vinkelsestraat 36, Heesch landschapsplan werknummer 24014028A opdrachtgever H. Ruijs versie 01 auteur MvS datum 18-03-2014 2 Bureau Verkuylen 18-03-2014
LANDBOUW EN NATUURLIJKE OMGEVING. Het examen landbouw en natuurlijke omgeving CSE KB bestaat uit twee deelexamens waarvan dit er één is.
Examen VMBO-KB 2006 tijdvak 1 vrijdag 19 mei 9.00-11.00 uur LANDBOUW EN NATUURLIJKE OMGEVING GROENE RUIMTE CSE KB Het examen landbouw en natuurlijke omgeving CSE KB bestaat uit twee deelexamens waarvan
Haag of Heg Lijnvormige beplantingen / scheiden van ruimten
Haag of Heg Lijnvormige beplantingen / scheiden van ruimten Historie Landschap Stijlperioden Renaissance ca. 1500 kloostertuinen Barok / Franse stijltuinen / 17 e en 18 e eeuw O.a. Versailles / paleis
RAPPORT BEHORENDE BIJ BEPLANTINGSPLAN VAN: Broks Bloemen BV, Corsica 13 a, 5465 PS Zijtaart. Beplanting bij Corsica 13.
Gemeente: Veghel. RAPPORT BEHORENDE BIJ BEPLANTINGSPLAN VAN: Broks Bloemen BV, Corsica 13 a, 5465 PS Zijtaart. Beplanting bij Corsica 13. Huidige situatie. Het object is gelegen aan de rand van de dorpskern
Loof-en naaldbomen. Naam :
Loof-en naaldbomen Naam : Veel bomen maken een bos In een boomgaard staan soms honderden bomen, en toch is een boomgaard geen bos. Ook in een park kun je veel bomen zien, maar een park is beslist geen
landbouw en natuurlijke omgeving 2011 groene ruimte CSPE KB minitoets bij opdracht 3
landbouw en natuurlijke omgeving 2011 groene ruimte CSPE KB minitoets bij opdracht 3 variant a Naam kandidaat Kandidaatnummer Meerkeuzevragen Omcirkel het goede antwoord (voorbeeld 1). Geef verbeteringen
Planten stekken Benodigdheden Algemene regels Kweekkasje Koude bak
Planten stekken Planten kunnen op veel manieren vermeerderd worden. Er zijn verschillende bomen, heesters, vaste- en eenjarige planten die door zaad vermeerderd kunnen worden. Planten die door zaad vermeerderd
Bomenpad Park Vredeoord. Antwoordenblad. Vul hier eerst jullie namen in:
Antwoordenblad Vul hier eerst jullie namen in: 1......................................................................................... 3.........................................................................................
BIOBOER. Maar vandaag is het aardoliealarm. Kijk op je aardoliekaart of er voor jou een probleem is.
BIOBOER 1 Hoe het elk jaar gaat... Om goed te kunnen zaaien, moet de aarde los. Daarvoor gebruik je een tractor. Dat gaat vlot. Neem reuzenpassen en ga 5 vakjes vooruit! Maar vandaag is het aardoliealarm.
( BIOLOGISCHE ) Akker- en tuinbouw. Vol met boerenwijsheid én leuke Wist je datjes... CAMPAGNE GEFINANCIERD MET STEUN VAN DE EUROPESE UNIE
BIOLOGISCHE ) Akker- en tuinbouw Vol met boerenwijsheid én leuke Wist je datjes... CAMPAGNE GEFINANCIERD MET STEUN VAN DE EUROPESE UNIE Een krop sla zonder gif Biologische aardappelen, granen en groenten
Een midden- en bovenbouwproject van het IVN Veldhoven Eindhoven Vessem najaar 2015
Een midden- en bovenbouwproject van het IVN Veldhoven Eindhoven Vessem najaar 2015 Doelgroep: Midden- en bovenbouw basisonderwijs: groep 5-8 Jaargetijde: Herfst, winter, lente en een stukje zomer. Plaats:
Examenopgaven VMBO-BB 2004
Examenopgaven VMBO-BB 2004 tijdvak 2 woensdag 23 juni 09:00 10:30 uur LANDBOUW EN NATUURLIJKE OMGEVING GROENE RUIMTE CSE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Gebruik
Aardoliealarm in het bos
de graad > Landbouw > lesmateriaal > spelkaarten Aardoliealarm in het bos BIOBOER Om goed te kunnen zaaien, moet de aarde los. Daarvoor gebruik je een tractor. Dat gaat vlot. Neem reuzenpassen en ga 5
Herfstwerkboekje van
Herfstwerkboekje van Herfst werkboekje groep 5 1 De bladeren aan de bomen worden bruin en rood en vallen naar beneden, het is weer herfst! September wordt herfstmaand genoemd, dit omdat op 22 september
Zaag en Bijl. Zaag en Bijl Zaag en Bijl Onderwerp Referentie Datum. Van Maasdijk Heerenveen
Zaag en Bijl Onderwerp Referentie Datum Zaag en Bijl 20-06-1998 Zaag en Bijl 20-06-1998 1998 06 20 Van Maasdijk Heerenveen Vervolg Zaag en Bijl 20-06-1998 Datum: 1998 06 20 Blad 2 DE BIJL Om te weten hoe
Bijlage C: Pakketten maatregel fijne dooradering behorende bij Groen Blauw Stimuleringskader Noord-Brabant
Deze bijlage behoort bij de Subsidieregeling Groen Blauw Stimuleringskader Noord-Brabant, vastgesteld bij besluit van Gedeputeerde Staten van 16 december 2008, nr. 1475112 Bijlage C: Pakketten maatregel
Onderhouden van beplanting 1
Onderhouden van beplanting 1 3 Struiken, heesters, coniferen en sierbomen onderhouden 47 Water- en moerasbeplanting onderhouden 139 6oriëntatie a... Oriënteren op border- en perkbeplanting onderhouden
Scouts instructie: hakken Hoe je veilig je houtvoorraad aan kan leggen
Scouts instructie: hakken Hoe je veilig je houtvoorraad aan kan leggen Als je een kampvuur of een kookvuur gaat maken, zal het je zelden gebeuren dat al je hout precies de goede afmetingen heeft. Je hebt
WORD EEN ECHTE bomenkenner!
WORD EEN ECHTE bomenkenner! In dit boek kun je bladeren van loofbomen plakken die je vindt tijdens je wandelingen in het bos of het park. Maar voor je een echte bomenkenner kunt worden, moet je nog een
Inpassingsplan Kavel B (zuidelijke kavel) Leiweg VM aanleg 3000 m 2 natuur
Inpassingsplan Kavel B (zuidelijke kavel) Leiweg 16-8-2018 VM aanleg 3000 m 2 natuur Bij de aanleg en onderhoud van het stuk natuur achter de woonbestemming gelegen op de locatie Leiweg ongenummerd perceel
inhoud De oude eik 1. In het park 2. De delen van de eik 3. Herfst 4. Dieren helpen de eik. 5. Winter 6. Lente 7. Rupsen 8.
De oude eik inhoud De oude eik 3 1. In het park 4 2. De delen van de eik 5 3. Herfst 6 4. Dieren helpen de eik. 7 5. Winter 8 6. Lente 9 7. Rupsen 10 8. De galwesp 11 9. De boomklever 12 10. Filmjes 13
LEVEN IN DE BIO-APPELBOOMGAARD WERKBLADEN
LEVEN IN DE BIO-APPELBOOMGAARD WERKBLADEN 2 LEVEN IN DE BIO-APPELBOOMGAARD - WERKBLADEN GROTE BOMEN & KLEINE BOMEN Grote bomen... of kleine bomen? Zijn de bomen in deze boomgaard hoogstammen of laagstammen?
Planten voor de Prins Werkmap Tweede graad Basisonderwijs
Planten voor de Prins Werkmap Tweede graad Basisonderwijs Tekeningen: Jowan De Saedeleer Inleiding Wil jij Prins Baldewijn helpen om terug in zijn kasteel te gaan wonen? Dan moet je op zoek gaan naar nuttige
Beknopte snoeiinstructie door Leo van Mierlo voor Boomgaard De Steenen Camer, januari 2015
1 Snoeien doet groeien Beknopte snoeiinstructie door Leo van Mierlo voor Boomgaard De Steenen Camer, januari 2015 Botanische termen De STAM is de hoofdstengel van een boom. Een SCHEUT (of LOOT) is een
Winst voor ons landschap
Winst voor ons landschap Door de jaren heen is er veel ervaring opgedaan met het aanleggen en onderhouden van elzensingels. De onderstaande beschrijving is gebaseerd op praktijkervaring en levert over
Behaag...Natuurlijkactie 2013.
Behaag...Natuurlijkactie 2013. Een actie van Natuurpunt, de Milieuraad en het Gemeentebestuur. Gemengde hagen en houtkanten in landelijke gebieden en privétuinen kunnen samen groene linten vormen, vaak
Volg de aanwijzingen en ontdek met de cijfercode wat de naam van de boom is. Onze boom heet :...
Rode opdracht: bomen Pak de boomzoeker 1, 2 en 3 uit de werkmap Volg de aanwijzingen en ontdek met de cijfercode wat de naam van de boom is. Onze boom heet :... Kijk goed naar deze boom om te zien of het
Introductieles. Vogels in de klas. groep 5/6. Handleiding leerkracht. Inhoud in het kort. Kerndoelen. Lesdoelen
Handleiding leerkracht Vogels in de klas Introductieles Inhoud in het kort Voor de groepen 5-6 bieden we, naast verbale activiteiten, een werkblad aan waarmee de leerlingen aan de slag gaan. In deze les
Een jonge sequoia opgegroeid tussen de as van een bosbrand en een jonge sequoia in een pot.
Hoofdstuk 8. De levensloop van de Sequoia gigantea: van zaadje tot reuzenboom Niet elk zaadje dat uit de kegel valt ontkiemt. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat van de zaadjes die in een groene
PRAKTIJKADVIES. Phytophthora ramorum. en het beheer van Rhododendron in bossen en natuurgebieden
PRAKTIJKADVIES Phytophthora ramorum en het beheer van Rhododendron in bossen en natuurgebieden PRAKTIJKADVIES SEPTEMBER 2004 Het Bosschap, Zeist Vormgeving: HBG Design bv, Nieuwegein Foto s: Plantenziektenkundige
Planten voor de Prins Werkmap Eerste graad Basisonderwijs
Planten voor de Prins Werkmap Eerste graad Basisonderwijs Tekeningen: Jowan De Saedeleer Inleiding Wil jij Prins Baldewijn helpen om terug in zijn kasteel te gaan wonen? Dan moet je op zoek gaan naar nuttige
Wat weet jij over biologisch en over de bodem?
Met leuke vragen, opdrachten en experimenten voor thuis! Wat weet jij over biologisch en over de bodem? Biologisch, lekker natuurlijk! Heb je er wel eens over nagedacht dat alles wat je eet, van een plant
Bomenspeurtocht in het Wilhelminaplantsoen. Van:
Bomenspeurtocht in het Wilhelminaplantsoen Van: Bomenspeurtocht in het Wilhelminaplantsoen. Datum: Vergeet niet de letters in te vullen Het gezegde: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16.
Graszoden die niet onmiddellijk gelegd kunnen worden, rolt u uit op een stuk plastic. Geef ze dagelijks water.
Graszoden leggen Graszoden leggen Het voordeel van graszoden boven graszaad is dat het effect direct zichtbaar is. Maar ook graszoden moeten eerst aanslaan voor ze kunnen worden betreden en moeten vochtig
Geral Overbeek. Onkruid de baas. Overbeek - Gardendesign Maasoord 17 0348-424305 [Geef het faxnummer op] 25 Tips voor duurzaam onderhoud (onkruid)
Onkruid de baas Geral Overbeek 2011 Overbeek - Gardendesign Maasoord 17 0348-424305 [Geef het faxnummer op] 25 Tips voor duurzaam onderhoud (onkruid) 25 TUINTIPS ONKRUID DE BAAS Wil jij ook een tuin zonder
De bodemverontreiniging
Les 8.1 Vervuilde grond? 1.Graven : een gat in de grond maken. 5. Boren: met een boor ergens een gat in maken. Dat kan in de grond, maar ook in metaal, hout of gesteente. 2. Afgraven: grond of aarde weghalen
Deventer bomen en bomenonderhoud.
Deventer bomen en bomenonderhoud Deventer bomen De gemeente Deventer heeft een rijk gevarieerd bomenbestand van laan- en straatbomen, park- en plantsoenbomen. Het zijn er in totaal ruim 69.000, in de stad
Groene ruimte Docentenboek
Groene ruimte Groene ruimte Docentenboek Deel 2 (BB) Andrea Oostdijk - Studio Maan eerste druk, 2006 Artikelcode: 21141.1 Colofon Auteur(s): Illustraties: Illustrator: Onderwijskundige: Redactie: Resonans:
Holte in de stamvoet en de stam:
Visuele afwijkingen VTA (Visual Tree Assesment) = Visuele boomcontrole is controle van de boom. Middels deze methode wordt het breukrisico en de stabiliteit van een boom visueel beoordeeld op grond van
Deventer bomen en bomenonderhoud.
Deventer bomen en bomenonderhoud www.deventer.nl Het Nieuwe Plantsoen Deventer bomen De gemeente Deventer heeft een rijk gevarieerd bomenbestand van laan- en straatbomen, park- en plantsoenbomen. Het zijn
groenbeheerplan GIERSBERGEN 2A, DRUNEN definitief 17 september 2015
groenbeheerplan GIERSBERGEN 2A, DRUNEN definitief 17 september 2015 groenbeheerplan GIERSBERGEN 2A, DRUNEN definitief 17 september 2015 opdrachtgever De Maaihoeve B.V. contactpersoon A.G.J.T. van Veluw
Landschapselementen; hoe zien ze eruit? 2017
Landschapselementen; hoe zien ze eruit? 2017 Landschapselementen die in aanmerking komen voor de regeling Vouchers voor Landschapselementen bestaan uit inheemse bomen en struiken. Rondom het erf gaat het
Houtsingels en vogelbosjes
Houtsingels en vogelbosjes Een houtsingel is een lijnvormige beplanting van verschillende soorten inheemse bomen en struiken. Je kunt houtsingels hebben die alleen maar uit struiken bestaan (een struikensingel)
Bomenspeurtocht in het Wilhelminaplantsoen. Van:
Bomenspeurtocht in het Wilhelminaplantsoen Van: - 2 - Bomenspeurtocht in het Wilhelminaplantsoen. Datum: Vergeet niet de letters in te vullen Het gezegde: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14.
Mooi beleid, lelijke bomen
Mooi beleid, lelijke bomen Deel 1. Mooie bomen (straks alleen nog in particuliere tuinen) Sint Anthonis Oploo Sint Anthonis Wanroij Ledeacker Sint Anthonis Oploo Wanroy Oploo Sint Anthonis Sint Anthonis
Kris Hofkens C U R S U S. Snoeien van bomen
Kris Hofkens C U R S U S Snoeien van bomen Snoeien en probleembomen Snoeien = belangrijkste beheersmaatregel mits juiste aanplant Vanaf kwekerij tot het omhakken Volledig in handen van de beheerder (standaardbestek
Dieren in de winter 3
Dieren in de winter 3 inhoud blz. 1. Winter 3 2. De egel 4 3. De vleermuis 5 4. De eekhoorn 6 5. De merel 7 6. De ree 8 7. De pad 9 8. Het lieveheersbeestje 10 9. Filmpjes 11 Bronnen en foto s 12 Colofon
4 verschillende kweekmethoden
4 verschillende kweekmethoden Kweken met turfpotjes Turfpotjes zijn gemaakt van een samengeperst mengsel van houtvezels, turf en kalkzandsteen (natuurlijke voedingsstoffen). Deze zijn biologisch afbreekbaar
Overigens zijn niet alle geknotte bomen schietwilgen. Het kunnen ook populieren, essen of elzen zijn. Je kunt dus beter spreken van knotbomen.
Knotwilgen Knotwilgen zijn kenmerkend voor het Hollandse polder- en rivierenlandschap. Bijna iedereen weet wel ergens geknotte wilgen in de gemeente Overbetuwe te staan. Het zijn de kraakwilg en nog meer
Natuur dagboek. Op ontdekking in je achtertuin
Natuur dagboek Op ontdekking in je achtertuin Hey daar! Dit is jouw eigenste, hoogst persoonlijkste Dit natuurdagboek is van natuurdagboek. Trek de tuin, het park of het bos in. Gebruik je ogen, oren en
Landschappelijke inpassing
Landschappelijke inpassing Palmbosstraat 9 en 9a - Klein Zundert Nieuwmoerseweg 3a 4885 KJ ACHTMAAL [email protected] www.plangroen.nl Colofon Opdrachtgever Schoenmakers Advies BV Minnelingsebrugstraat
Natuurschatten SPEELNATUUR
Naam: Natuurschatten SPEELNATUUR Groep: LES 10 - WERKBLAD 1 Bekijk het clipje: Speelnatuur a) Als je thuis buiten gaat spelen, waar speel je dan? b) Is er natuur waar jij buitenspeelt? Zo ja, waar speel
Beplantingen Elzensingel Enkele rij, 3 stuks per meter. Minimale lengte 10 m. Planten bosplantsoen (60-100cm) 1 m 4,20
Normbedragen Landschapselementen 201 Normbedragen voor herstel en aanleg De normbedragen zijn opgebouwd uit kosten voor arbeid inclusief kosten voor materialen. De bedragen zijn de werkelijke kosten. Afwijkingen
Project Planten ABC. Week 1ABC: Algemeen
Project Planten ABC Week 1ABC: Algemeen Info: Planten Planten eten, ademen en groeien. Sommige planten houden van natte grond. Anderen van droge grond. Sommige planten houden van veel zon en warmte. Anderen
2. Normkostentabel aanleg, herstel en achterstallig onderhoud 2015 Herstel en aanleg
2. Normkostentabel aanleg, herstel en achterstallig onderhoud 2015 Herstel en aanleg De normbedragen zijn opgebouwd uit kosten voor arbeid inclusief kosten voor materialen. De bedragen zijn de werkelijke
Bomen snoeien. Johan Schuppert. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.
Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Johan Schuppert 12 July 2014 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/49394 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.
Heggen snoeien. Johan Schuppert. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.
Auteur Johan Schuppert Laatst gewijzigd 17 July 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/49362 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.
Informatie reader. Over bomen
Informatie reader Over bomen Bron: een selectie uit folders van de bomenstichting Hoe groeit een boom? blz. 1 t/m 4 Bomen en mensen blz. 5 t/m 7 Bomen en feesten blz. 8 t/m 10 Bomen en medicijnen blz.
