Handreiking nut en noodzaak wonen
|
|
|
- Eva Brander
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Handreiking nut en noodzaak wonen Inleiding In deze notitie geeft de provincie inzicht in de wijze waarop de provincie het nut en de noodzaak (nut en noodzaak) van nieuwe woningbouwplannen buiten bestaand bebouwd gebied (BBG) beoordeelt. Er is aangegeven: - Hoe de provincie samenwerkt met gemeenten en andere partijen; - Wat het rijk vindt van nut en noodzaak; - Hoe de provincie nut en noodzaak wonen beoordeelt; - Hoe gemeenten nut en noodzaak wonen moeten aantonen; - Wat gemeenten en andere partijen nog meer moeten weten (o.a. ARO). Tevens is een overzicht gegeven wie voor welke regio binnen de provincie vanuit wonen en ruimtelijke ordening verantwoordelijk is. Samenwerken met gemeente, marktpartijen en corporaties Van ontheffingsprocedure naar afwijkingsregels Sinds de inwerkingtreding van de Spoedwet Wro per 1 oktober 2012 en de hierop aangepaste gewijzigde provinciale verordening structuurvisie (PRVS) hoeven gemeenten geen ontheffing meer aan te vragen voor stedelijke ontwikkelingen in het landelijk gebied en komen dus niet meer noodzakelijkerwijs bij de provincie langs. Ze moeten zich houden aan de afwijkingsregels, zoals deze zijn opgenomen in de PRVS. Deze zijn vergelijkbaar met de voorwaarden waaronder GS tot 1 oktober 2012 een ontheffing verleenden. De gemeenten moeten in de nieuwe situatie zelf in de gaten houden dat ze binnen de afwijkingsregels blijven. En als de gemeente zich niet houdt aan de afwijkingsregels? Uiteraard zullen GS toetsen of de gemeenten zich aan de verordening houden. Als een gemeente met een bestemmingsplan niet binnen de afwijkingsregels blijft, dan kunnen GS een zienswijze indienen en zo nodig tot een reactieve aanwijzing overgaan. Vroegtijdig planoverleg tussen gemeente, andere relevante stakeholders en provincie is gewenst De provincie wil voorkomen dat zij een zienswijze moet indienen voor een gemeentelijk ruimtelijk plan dat al in een vergevorderd stadium is. Al in de initiatieffase van een plan voor een stedelijke ontwikkeling in het landelijk gebied is overleg tussen gemeente, andere relevante stakeholders en provincie wenselijk. Dan kan tijdig door de provincie worden aangegeven of het initiatief past binnen de afwijkingsregels. De provincie streeft ernaar om minimaal halfjaarlijks een Goede Diensten Overleg (GDO) met een gemeente te voeren en daarbij alle lopende en toekomstige plannen/initiatieven van die gemeente
2 te bespreken. Bij een GDO worden alle onderwerpen aangekaart die raken aan het ruimtelijke domein. De provincie maakt ook van de gelegenheid gebruik om provinciaal beleid toe te lichten. Hoe kijkt het rijk aan tegen de beoordeling van nieuwe plannen? Op 1 oktober 2012 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd, en is de ladder voor duurzame verstedelijking daaraan toegevoegd. De ladder ondersteunt gemeenten en provincies in vraaggerichte programmering van hun grondgebied, het voorkomen van overprogrammering en de keuzes die daaruit volgen. De ladder voor duurzame verstedelijking is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geïntroduceerd. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Het Rijk wil met de introductie van de ladder vraaggerichte programmering bevorderen. De ladder beoogt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. De ladder is als procesvereiste opgenomen in het Bro. Overheden dienen nieuwe stedelijke ontwikkeling te motiveren met de drie opeenvolgende stappen. De stappen bewerkstelligen dat de wens om een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk te maken, nadrukkelijk wordt gemotiveerd en afgewogen met oog voor: 1. de ruimtevraag; 2. de beschikbare ruimte; 3. de ontwikkeling van de omgeving waarin het gebied ligt. In onderstaand stroomschema heeft het rijk aangegeven hoe om te gaan met bovenstaande criteria. Bron: Ministerie van Intrastructuur en Milieu (2012), Handreiking Ladder voor duurzame verstedelijking
3 De stappen schrijven geen vooraf bepaald resultaat voor, omdat het optimale resultaat moet worden beoordeeld door het bevoegd gezag dat de regionale en lokale omstandigheden kent. Dit gezag draagt de verantwoordelijkheid voor de ruimtelijke afweging over die ontwikkeling. Voor meer informatie, gebruik de volgende link. Hoe beoordeelt de provincie Noord-Holland woningbouwplannen buiten BBG? De provincie heeft in de provinciale Structuurvisie Noord-Holland bepaald dat het landschap zoveel mogelijk open moet blijven en zo min mogelijk moet verstedelijken. Woningbouw dient dan ook plaats te vinden binnen bestaand bebouwd gebied. Indien er gemeenten zijn met plannen buiten bestaand bebouwd gebied, dienen zij nut en noodzaak van deze woningbouw aan te tonen aan de hand van criteria uit de provinciale ruimtelijke verordening structuurvisie Noord-Holland 2010 (PRVS). De onderbouwing hiervoor dient plaats te vinden in het bestemmingsplan. De criteria waarop vanuit wonen wordt getoetst zijn opgenomen in artikel 13. Artikel 13 Nieuwe woningbouw 1. Een bestemmingsplan voorziet niet in nieuwe woningbouw in het landelijk gebied. 2. In afwijking van het eerste lid kan een bestemmingsplan voorzien in de ontwikkeling van nieuwe woningbouw indien: a. nieuwe woningbouw in overeenstemming is met de provinciale woonvisie (vastgesteld bij besluit van 27 september 2010, nr. 62) en de door gedeputeerde staten en de regiogemeenten vastgestelde regionale actieprogramma s; b. nieuwe woningbouw in overeenstemming is met de door gedeputeerde staten vastgestelde provinciale woningbouwmonitor en provinciale woningbouwprognose; c. nieuwe woningbouw niet kan worden gerealiseerd door herstructureren, intensiveren, combineren of transformeren binnen Bestaand Bebouwd Gebied en; d. het bepaalde in artikel 15 in acht wordt genomen. 3. In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid is nieuwe woningbouw in het landelijk gebied tevens mogelijk, indien: a. nieuwe woningbouw tot stand komt conform een Ruimte voor Ruimte regeling, als bedoeld in artikel 16; b. nieuwe woningbouw onderdeel is van verbrede landbouw of functiewijzigingen van agrarische bouwpercelen, als bedoeld in artikel 17 of; c. de nieuwe woningbouw onderdeel is van de transformatiegebieden - meervoudig zoals weergegeven op kaart 2 en op de digitale verbeelding ervan. 4. Gedeputeerde staten zijn bevoegd tot het vaststellen van nadere regels inzake de aard, de omvang en de locatie van nieuwe woningbouw. Artikel 15 betreft de ruimtelijke kwaliteit waaraan voldaan moet worden.
4 Concreet betekent dit dat een gemeente in hun bestemmingsplan een onderbouwing op moeten nemen ten aanzien van de volgende punten: Is het plan regionaal afgestemd? Is er kwantitatief behoefte lokaal en regionaal? Is er kwalitatief behoefte lokaal en regionaal? Zijn er lokaal en regionaal binnenstedelijke mogelijkheden om dit plan te realiseren? De provincie doorloopt hiervoor onderstaand stroomschema. Wat moet een gemeente doen om nut en noodzaak wonen aan te tonen? 1. Regionale afstemming. De gemeente heeft instemming van de regio over het woningbouwplan nodig. Dit moet blijken uit bijvoorbeeld de notulen van het portefeuillehoudersoverleg. 2. Kwantitatieve behoefte. De gemeente moet aantonen op basis van de afspraken uit het RAP, de provinciale vraaggestuurde woningbouwprognose en de provinciale woningbouwmonitor dat er behoefte is aan dit plan, zowel lokaal als regionaal en eventueel ook interregionaal. 3. Kwalitatieve behoefte. De gemeente geeft aan of het plan lokaal en regionaal past binnen de kwalitatieve behoefte zoals opgenomen in het RAP, het onderzoek vraaggestuurd bouwen en de woningbouwmonitor. 4. Mogelijkheden binnen BBG. De gemeente geeft aan welke mogelijkheden voor woningbouw er zijn binnen BBG middels herstructureren, intensiveren, combineren of transformeren lokaal en regionaal. Vervolgens onderbouwt de gemeente waarom het plan dat zij heeft buiten BBG, niet op deze plek(ken) binnen BBG kan worden gerealiseerd.
5 Aanvullend op bovenstaande documenten, kan de gemeente ook gebruik maken van ander relevant onderzoeksmateriaal dat zij beschikbaar heeft. Denk hierbij bijvoorbeeld aan verhuisstromen, woonwensenonderzoek etc. Voorbeeld van een beoordeling: Gemeente x heeft een woningbouwplan buiten BBG van 100 woningen. De vraag naar woningen in de gemeente is 300 en in de regio Het gaat om 30% sociale woningbouw, 50 starterswoningen en 50 nultredenwoningen. Binnen BBG is er lokaal nog ruimte om 250 woningen te realiseren. Het plan is besproken in het portefeuillehoudersoverleg wonen. 1. Regionale afstemming: - Ja, heeft plaatsgevonden 2. Kwantitatieve behoefte: Omvang plan Lokaal Regionaal 100 woningen Vraag: RAP Aanbod: Woningbouwmonitor Vraag: RAP Aanbod: Woningbouwmonitor woningen woningen hard woningen zacht woningen woningen hard woningen zacht - Lokaal is er vraag naar 300 woningen. Het harde aanbod is 175 woningen. Om te bepalen of er nog ruimte is voor dit plan, wordt de volgende berekening uitgevoerd: vraag hard aanbod = resterende ruimte voor woningbouw. In dit geval betreft het = 125 woningen. Het plan bedraagt 100 woningen, dus het past binnen de nog resterende lokale kwantitatieve behoefte. - Ja, de kwantitatieve behoefte lokaal is aangetoond - Regionaal is er vraag naar woningen. Het totaal aan harde plannen in de regio bedraagt 800 woningen. De resterende ruimte in de regio bedraagt = 400 woningen. Het plan bedraagt 100 woningen. Er is dus nog voldoende ruimte in de regio. - Ja, de kwantitatieve behoefte regionaal is aangetoond - Nota bene: o Ten aanzien van nut en noodzaak wonen wordt niet gekeken of er zachte plannen zijn die qua locatie wenselijker zijn dan het ingediende plan. Dit gebeurt wel bij de integrale beoordeling vanuit ruimtelijke ordening; 3. Kwalitatieve behoefte: - Het plan betreft 30% sociale woningbouw, 50 starterswoningen en 50 nultredenwoningen. - Afspraken uit het RAP: o 30% sociale woningbouw in de regio o Er wordt ingezet op woningen voor ouderen, maar om de jongeren vast te houden in de regio, zijn ook starterswoningen noodzakelijk
6 - Ja, er is kwalitatief behoefte aan dit plan Binnenstedelijke mogelijkheden: - Het plan heeft een omvang van 100 woningen. Binnen BBG is er nog ruimte voor 250 woningen. - Ja, er zijn binnenstedelijke mogelijkheden. De gemeente heeft niet aangegeven waarom het plan van 100 woningen niet op plekken binnen BBG kan worden gerealiseerd. Ook is de gemeente niet ingegaan op de mogelijkheden binnen regio. 4. Conclusie: negatief advies - Kwantitatief en kwalitatief is er behoefte aan het plan. Ook is er regionaal afgestemd. Er zijn echter wel mogelijkheden binnen BBG om het plan te realiseren. - Advies: de gemeente moet onderbouwen waarom het plan niet lokaal binnen BBG kan worden gerealiseerd en waarom eventuele andere locaties binnen BBG op regionale schaal geen optie zijn. Aanvulling: Beoordeling van woonzorginitiatieven buiten BBG. Wanneer sprake is van de realisatie van woonzorginitiatieven buiten BBG vraagt de provincie niet de gebruikelijke informatie aangaande algemene behoefte en capaciteit. Wij ontvangen dan graag specifieke cijfers gericht op vraag en aanbod van huisvesting voor de betreffende doelgroep en cijfers over intra- en extramurale zorgbehoefte en capaciteit. Daarnaast wordt gewoon getoetst op binnenstedelijke alternatieven en regionale afstemming. Ook in het geval van uitbreiding van een bestaande zorginstelling op dezelfde locatie (bijvoorbeeld een extra vleugel of afdeling, deels buiten BBG) is deze nut & noodzaaktoets nodig, maar niet op het onderdeel binnenstedelijke mogelijkheden. Wat gemeenten en andere partijen nog meer moeten weten 1. Wat is lokaal? Lokaal betreft de schaal van de gemeente. 2. Wat is de regio? We onderscheiden zes regio s in Noord-Holland, te weten de Kop van Noord- Holland, West-Friesland, regio Alkmaar, Zuid-Kennemerland/IJmond, Stadsregio Amsterdam en Gooi en Vechtstreek 3. Hoe gaan we om met geplande gemeentelijke fusies? In de onderbouwing moet al rekening worden gehouden met de gemeentelijke fusie. 4. Integrale RO-afweging, wat is dat? Nadat nut en noodzaak van woningbouw is vastgesteld, maakt de provincie ook nog een brede RO-afweging. Hieronder wordt verstaan het proces om te komen tot de meest geschikte locatie voor woningbouw waarbij de afweging wordt gemaakt tussen diverse ruimtelijke belangen (o.a. duurzaam ruimtegebruik, landschappelijke inpassing, bereikbaarheid en milieunormen) en maatschappelijke belangen.
7 5. ARO-procedure; hoe gaat dat in zijn werk? Een plan moet ook voldoen aan de eisen van ruimtelijke kwaliteit, voor zover die raken aan het provinciaal belang. Kortweg gaat het dan om de landschappelijke aspecten, want de architectuur is een zaak van de lokale/ regionale welstand. De provincie (GS) laat zich hierin voor plannen buiten BBG (woningbouw en andere functies) adviseren door de ARO (Adviescommissie Ruimtelijke Ontwikkeling). De gemeente onderbouwt een plan op het punt van landschappelijke inpassing, met een afzonderlijk beeldkwaliteitsplan of als onderdeel van het ruimtelijk plan. De ARO toetst aan het provinciaal beleid, met name de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie. Een plan waarvan nut en noodzaak is aangetoond wordt in overleg met de contactpersoon van de provincie door de gemeente ingebracht bij de ARO. Alleen gemeenten kunnen plannen in de ARO brengen, maar initiatiefnemers en anderen zijn na aanmelding ook welkom. De ARO vergadert gemiddeld één keer per maand. Contactpersoon: secretaris ARO Ton van Laar: Zie ook de website van de ARO.
8 Wie zijn de contactpersonen per regio bij de provincie? Kop van Noord-Holland Wonen: Jeannette Kluit ) en Afra Molenkamp ) Regiocoördinator RO: Geert Haenen ) Regio Alkmaar Wonen: Jeannette Kluit ) en Afra Molenkamp ) Regiocoördinator RO: Maaike Alles ) West-Friesland Wonen: Ditte Valk ) Regiocoördinator RO: Hommo Hamster ) Zuid-Kennemerland/IJmond Wonen: Lonneke Steensma-Nooij ) Regiocoördinator RO: Paul Veldhuis ) Stadsregio Amsterdam Wonen: Delia Hofman ) Regiocoördinator RO: Paul Veldhuis ) en Tom van Nieuwenhuijze regio Waterland ) Gooi en Vechtstreek Wonen: Marjolijn Geirnaert ) Regiocoördinator RO: Paul Veldhuis )
Handreiking Ladder voor duurzame verstedelijking. Samenvatting
Handreiking Ladder voor duurzame verstedelijking Samenvatting Samenvatting Handreiking bij de ladder voor duurzame verstedelijking Op 1 oktober 2012 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd,
Provincie Noord-Holland
Provincie Noord-Holland 12.008525 POSTBUS 3007 2001 DA HAARLEM Burgemeester en Wethouders Zijpe Postbus 5 1 750 AA SCHAGERBRUG Gemeente Zijpe 7 6 SEP ZQti ingekomen: * ^Gedeputeerde Statf n Behandelaar:
Toepassing van de ladder in Provincie Zuid-Holland
Toepassing van de ladder in Provincie Zuid-Holland Seminar, Ladder voor duurzame verstedelijking: lessen uit de praktijk, 10 maart 2015 Willemien Croes Wat is de Ladder voor Provincie Zuid- Holland? Instrument
NR. GEMEENTEBESTUUR UITGEEST. Nota / advies van: Mw. mr. J. (Jelly) Beentjes Behandelende afdeling: Ruimte Datum: 22-03-2012
GEMEENTEBESTUUR UITGEEST Nota / advies van: Mw. mr. J. (Jelly) Beentjes Behandelende afdeling: Ruimte Datum: 22-03-2012 NR. TITEL: (concept) Regionaal Actie Programma (RAP) KORTE PROBLEEMSTELLING/ONDERWERP:
De ladder voor duurzame verstedelijking : introductie en achtergrond
De ladder voor duurzame verstedelijking : introductie en achtergrond Seminar BSP en Stibbe 30 juni 2015 Jacqueline H.P. Vrolijk DGRW-coördinator Omgevingswet en projectleider Ladder voor duurzame verstedelijking
Woningbouw Het plan maakt de ontwikkeling van twee woningen aan het Landaspad mogelijk. Tegen deze ontwikkeling hebben wij geen bezwaar.
Bestaande overcapaciteit aan bedrijventerreinen In de stadsregio Arnhem-Nijmegen bestaat een groot overaanbod aan bedrijventerreinen. Voor de periode 2016-2025 bedraagt dit minstens 150 ha. Van het bestaande
Burgemeester van de gemeente Bergen Postbus AD Bergen. Betreft: Reactie prealabele vraag fusielocatie voetbalvelden Egmond aan den Hoef
POSTBUS 3007 2001 DA HAARLEM Burgemeester van de gemeente Bergen Postbus 175 1860 AD Bergen Gedeputeerde Staten Uw contactpersoon M.D. Alles BEL/RI Doorkiesnummer +31235144195 [email protected] 1
Bestemmingsplan Weideveld 2016, 1 e herziening. (ontwerp 25 januari 2019)
Bestemmingsplan Weideveld 2016, 1 e herziening (ontwerp 25 januari 2019) Pagina 2 van 13 2019-01-25 Toelichting - Weideveld 2016 1e herziening Bestemmingsplan Weideveld 2016, 1 e herziening Toelichting
Bestemmingsplan Buitengebied Ankeveen, wijziging Stichtse Kade 47a en c, Ankeveen Toelichting
Bestemmingsplan Buitengebied Ankeveen, wijziging Stichtse Kade 47a en c, Ankeveen Toelichting Pos Service Holland BV 19 februari 2013 Ontwerp A COMPANY OF HASKONING NEDERLAND B.V. PLANNING & TRANSPORT
Basisdocument regionale afspraken woningbouw. Stec Groep aan gemeenten en provincie Noord-Holland
Basisdocument regionale afspraken woningbouw Stec Groep aan gemeenten en provincie Noord-Holland Stec Groep 7 juli 2017 Basisdocument regionale afspraken woningbouw 2 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1 Aanleiding
REACTIENOTA ZIENSWIJZEN BESTEMMINGSPLAN HARLINGEN - LUDINGA
REACTIENOTA ZIENSWIJZEN BESTEMMINGSPLAN HARLINGEN - LUDINGA Reactienota Zienswijzen Bestemmingsplan Harlingen - Ludinga Code 071905 / 19-11-14 GEMEENTE HARLINGEN 071905 / 19-11-14 REACTIENOTA ZIENSWIJZEN
Ontwerp wijziging PRVS
Model bekendmaking regeling provinciale staten 1 8 Ontwerp wijziging PRVS Ontwerp besluit van Provinciale Staten van Noord-Holland van [..], tot wijziging van de Provinciale Ruimtelijke Verordening Structuurvisie
Structuurvisie Noord-Holland. Achtergrondinformatie
Structuurvisie Noord-Holland Achtergrondinformatie Structuurvisie: waarom en wat? - Inwerkingtreding Wro 1 juli 2008 - elke overheidslaag stelt eigen structuurvisie op (thema of gebied) - structuurvisies
De nieuwe Ladder 16 mei Jan van Oosten
De nieuwe Ladder 16 mei 2017 Jan van Oosten Opzet 1. De huidige Ladder in het kort 2. Aandachtspunten jurisprudentie huidige Ladder 3. Bespreking wijzigingen nieuwe Ladder 4. De Ladder en de Omgevingswet
Wijziging Verordening ruimte 2014, actualisatie 2017
Wijziging Verordening ruimte 2014, actualisatie 2017 Nota van wijzigingen Vastgesteld Gedeputeerde Staten Datum 13 juni 2017 1 Inleiding Voor u ligt de Nota van wijzigingen behorende bij de Wijziging
De ladder voor duurzame verstedelijking
De ladder voor duurzame verstedelijking Jacqueline H.P. Vrolijk Adviseur ruimtelijk beleid en omgevingsjurist Inleiding seminar 10 maart 2015 Waarom de ladder? Andere tijden: Einde aan decennia van groei
Gemeente. Schijndel. Beleidsnotitie indieningsvereisten. Voor aanvragen omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, onder a.
Gemeente Schijndel Voor aanvragen omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, onder a., sub 2 Wabo 2 3 bij verzoeken om afwijken van het bestemmingsplan Inleiding Op 24 september 2014 is het
Bijlage B Provincie Fryslân 25-11-2014 Toepassing Bro, art. 3.1.1, onder 2 Gevallen waarin wel /geen vooroverleg is vereist.
Bijlage B Provincie Fryslân 25-11-2014 Toepassing Bro, art. 3.1.1, onder 2 Gevallen waarin wel /geen vooroverleg is vereist. Ten behoeve van de stroomlijning van het vooroverleg over: - voorontwerpbestemmingsplannen
Reactienota concept geactualiseerd Woningbouwprogramma gemeente Harlingen
Reactienota concept geactualiseerd Woningbouwprogramma 2016-2020 gemeente Harlingen In 2013 heeft de gemeenteraad de woonvisie voor de gemeente Harlingen voor de periode 2013 2020 vastgesteld. In de woonvisie
in";11n Besluit van de gemeenteraad Onderwerp: Vaststelling bestemmingsplan "Catharinastraat 47-49 WellerlooL" De raad van de gemeente Bergen,
gemeent e Besluit van de gemeenteraad Onderwerp: Vaststelling bestemmingsplan "Catharinastraat 47-49 WellerlooL" in";11n Limburg De raad van de gemeente Bergen, Overwegende: dat het ontwerpbestemmingsplan
Inventarisatie WOB verzoek. Documenten
Inventarisatie WOB verzoek Documenten 1. Inhoudelijke beoordeling van het plan door de provincie; 2. Diverse mails van gemeente gericht aan provincie. bedrijfskavel Beste Op 7 februari hebben wij jouw
Naar een ruimtelijk afwegingskader voor zonne-energie - CONCEPT -
Naar een ruimtelijk afwegingskader voor zonne-energie - CONCEPT - 1. Inleiding Deze notitie bevat het concept Ruimtelijk afwegingskader zonne-energie als antwoord op motie M28.2014 zoals op 23 juni 2014
Toepassing van het provinciaal detailhandelsbeleid
Toepassing van het provinciaal detailhandelsbeleid Uitwerking Ruimte voor vernieuwing in de detailhandel Inleiding Deze notitie is aanvullend op eerder door Gedeputeerde Staten vastgestelde notities: -
Ladder voor duurzame verstedelijking
Ladder voor duurzame verstedelijking Klik om de modelstijlen te bewerken Tweede niveau Derde niveau Vierde niveau Vijfde niveau Ladder voor duurzame verstedelijking 1. Waar komt het vandaan? 2. Wat is
Provincie Noord-Holland
Provincie POSTBUS 3007 2001 DA HAARLEM Burgemeester en Wethouders Haarlemmermeer Postbus 250 21 30 AG HOOFDDORP Gemeente Haarlemmermeer an 00
Een nieuwe ladder voor duurzame verstedelijking!
Een nieuwe ladder voor duurzame verstedelijking! Seminar Bureau Stedelijke Planning en Stibbe 22 september 2016 Jacqueline H.P. Vrolijk Projectleider herziening Ladder Waarom ook alweer de ladder? Einde
Toets duurzame verstedelijking Westzanerwerf. Gemeente Zaanstad
Toets duurzame verstedelijking Westzanerwerf Gemeente Zaanstad Toets duurzame verstedelijking Westzanerwerf Gemeente Zaanstad Rapportnummer: 203x00999.075242_2 Datum: 26 april 2013 Contactpersoon opdrachtgever:
Ladder voor Duurzame Verstedelijking: zonder Ladder geen nieuwbouw
Ladder voor Duurzame Verstedelijking: zonder Ladder geen nieuwbouw Presentatie aan raadsleden MRE, 24 juni 2015 Ladder laatste rijksbelang RO, overgenomen door provincie PBL: evaluatie Ladder Monitoring
memo Toetsing ontwikkeling Land van Matena aan ladder voor duurzame verstedelijking
memo Postbus 150, 3000 AD Rotterdam Telefoon: 010-2018555 Fax: 010-4121039 E-mail: [email protected] Aan: T.a.v.: Onderwerp: Gemeente Papendrecht Mevr. M.A.G. van t Verlaat Toetsing ontwikkeling Land van Matena
Doorwerking ladder voor duurzame verstedelijking
Doorwerking ladder voor duurzame verstedelijking David Evers, Maaike Galle (PBL) 10 maart 2015, Amsterdam Bureau Stedelijke Planning en Stibbe: Toepassing Ladder voor duurzame verstedelijking: lessen uit
Kwalitatieve onderbouwing bestemmingsplan Groendijck-Oost
Kwalitatieve onderbouwing bestemmingsplan Groendijck-Oost In deze notitie wordt het woningbouwprogramma dat met het bestemmingsplan De Groendijck- Oost, Driebruggen kan worden gerealiseerd, onderbouwd.
Ladder voor duurzame verstedelijking Bestemmingsplan Huis ter Heide West, gemeente Zeist
Ladder voor duurzame verstedelijking Bestemmingsplan Huis ter Heide West, gemeente Zeist De Ladder voor duurzame verstedelijking is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geïntroduceerd en
Nota van Zienswijzen behorende bij het Bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2012, De Leijkens
Nota van Zienswijzen behorende bij het Bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2012, De Leijkens Rucphen, 7 november 2012 INHOUD; 1. Procedure 2. Ingediende zienswijzen 3. Inhoud zienswijzen en inhoudelijke
Ruimtelijke Onderbouwing Westerklief 8 Hippolytushoef. Gemeente Hollands Kroon
Ruimtelijke Onderbouwing Westerklief 8 Hippolytushoef Gemeente Hollands Kroon 12 oktober 2016 Toelichting Inhoud: 1. Inleiding... 3 1.1 Voorgeschiedenis... 3 1.2 Initiatiefnemer... 3 1.3 Planvoornemen...
Gevolgen van de Woonvisie Zoeterwoude 2025
Gevolgen van de Woonvisie Zoeterwoude 2025 Inleiding Bijgevoegd treft u de Woonvisie Zoeterwoude 2025 aan. Met de nieuwe woonvisie wordt ingegaan op de veranderde marktomstandigheden, nieuwe verhoudingen
VERKEER EN VERVOER. Wijzigingsplan archeologie N23 Westfrisiaweg N23 WEST
VERKEER EN VERVOER Wijzigingsplan archeologie N23 Westfrisiaweg N23 WEST VERKEER EN VERVOER Wijzigingsplan archeologie N23 Westfrisiaweg Colofon Uitgave Provincie Noord-Holland Postbus 123 2000 MD Haarlem
Supermarkten & de ladder voor duurzame verstedelijking. Sascha Stavenuiter Houten, 24 juni 2015
Supermarkten & de ladder voor duurzame verstedelijking Sascha Stavenuiter Houten, 24 juni 2015 Introductie Plaats van de Ladder binnen het wettelijk kader Agenda Ladder duurzame verstedelijking Jurisprudentie
Nota van B&W. onderwerp Beleidsregels Ruimtelijke inpassing zonnepanelen parken. Portefeuilehouder Adam Elzakalai, John Nederstigt
7 gemeente Haarlemmermeer Nota van B&W onderwerp Portefeuilehouder Adam Elzakalai, John Nederstigt Collegevergadering 6 januari 201 5 inlichtingen Herman Nijman (023 5676889) Registratienummer 2014.0057122
Onderwerp Brief van Provincie Zuid-Holland over windenergie A44-zone - Ter kennisname
BESLUIT OPSCHRIFT Vergadering van 15 oktober 2013 nummer: 2013_BW_00638 Onderwerp Brief van Provincie Zuid-Holland over windenergie A44-zone - Ter kennisname Beknopte samenvatting Het college wordt voorgesteld
PROVINCIAAL BLAD. Uitvoeringsregeling regionale afspraken nieuwe stedelijke ontwikkelingen 2017
PROVINCIAAL BLAD Officiële uitgave van de provincie Noord-Holland Nr. 1126 14 maart 2017 Besluit van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland van 28 februari 2017, nr. 800345-912532, tot vaststelling van
FRYSLÂN FOAR DE WYN. Plan van aanpak. Finale versie, 14 november 2013
FRYSLÂN FOAR DE WYN Plan van aanpak Finale versie, 14 november 2013 Albert Koers, Comité Hou Friesland Mooi Hans van der Werf, Friese Milieu Federatie Johannes Houtsma, Platform Duurzaam Friesland FRYSLÂN
Gedeputeerde Staten. 2012 HK Haarlem. Betreft: beantwoording motie positie starters op de woningmarkt (M2-3/5-3-2-12) Geachte leden,
Provinciale Staten van Noord-Holland door tussenkomst van de Statengriffier, mr. J.J.M. Vrijburg Florapark 6, kamer L-104 2012 HK Haarlem Gedeputeerde Staten Uw contactpersoon J.J. Kluit BEL Doorkiesnummer
1 Inleiding 2. 2 Ladder voor duurzame verstedelijking 3. 3 Uitgangspunten 5. 4 Marktanalyse Laddertoets 19. Bijlage A 25.
Laddertoets De Smaragd Waalre Laddertoets De Smaragd Waalre 1 Inleiding 2 2 Ladder voor duurzame verstedelijking 3 3 Uitgangspunten 5 4 Marktanalyse 11 5 Laddertoets 19 Bijlage A 25 Artikel 4.3 Nieuwbouw
Zienswijze ontwerp-bestemmingsplan Molenweg 5-5a Hoogeloon
Van Provincie Noord-Brabant Aan Gemeente Bladel Onderwerp Zienswijze ontwerp-bestemmingsplan Molenweg 5-5a Hoogeloon Ter attentie van Zaak identificatie 07-11-2017
Format Ruimtelijke Onderbouwing (versie 1, aug 2014) INHOUDSOPGAVE
Format Ruimtelijke Onderbouwing (versie 1, aug 2014) INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 1.1. Algemeen 1.2. Aanleiding en doel 1.3. Plangebied 1.4. Leeswijzer 2. PLANBESCHRIJVING 2.1. Bestaande situatie 2.2. Gewenste
Uitwerking RAP: Regionale afspraken voor de regio Zuid Kennemerland/IJmond in het kader van de Provinciale Ruimtelijke Verordening
Uitwerking RAP: Regionale afspraken voor de regio Zuid Kennemerland/IJmond in het kader van de Provinciale Ruimtelijke Verordening Datum: 22 januari 2018 Versie: 2 Van: Joeri van der Lee ([email protected]
Nota Samenvatting en beantwoording zienswijzen. Bestemmingsplan Ambachtsschool
Nota Samenvatting en beantwoording zienswijzen Bestemmingsplan Ambachtsschool Gemeente Enschede Programma Stedelijke Ontwikkeling Team Bestemmingsplannen Februari 2016 SAMENVATTING EN BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN
De Haal 78A en 78B. te Oostzaan. Dorpsstraat 60. te Watergang
Project : Herbouw Kaakberg + stallen De Haal 78A en 78B te Oostzaan Opdrachtgever : fam. K.S. Mol Dorpsstraat 60 te Watergang Foto oude opstallen aan de Haal 78A en 78B en naast gelegen percelen. Onderwerp
I Provincie. Bouwend Nederland de vereniging van bouw- en infrabedrijven SAMENWERKINGSAGENDA BOUWEND NEDERLAND RRN EN PROVINCIE NOORD-HOLLAND
I gif Noord Holland Bouwend Nederland SAMENWERKINGSAGENDA BOUWEND NEDERLAND RRN EN PROVINCIE NOORD-HOLLAND OVERWEGINGEN: De Noord-Holland heeft belang bij een duurzame ontwikkeling van steden, dorpen,
ARTIKEL LID 2 BRO: LADDER VOOR DUURZAME VERSTEDELIJKING
ANNEKE FRANKEN & HANS KOOLEN GIJS HEUTINK ADVOCATEN ARTIKEL 3.1.6 LID 2 BRO: LADDER VOOR DUURZAME VERSTEDELIJKING www.gijsheutinkadvocaten.nl Inhoudsopgave Achtergrond Ladder Toepassingsbereik Ladder Ruimtelijke
3 REGIONALE CONTEXT. 3.1 Inleiding
3 REGIONALE CONTEXT 3.1 Inleiding De regio Kop van Noord-Holland omvat het grondgebied van de gemeenten Texel, Hollands Kroon, Den Helder en Schagen. Het is een regio die door demografische ontwikkeling
Compensatieverordening gemeente Midden-Drenthe
Compensatieverordening gemeente Midden-Drenthe Verordening vastgesteld: 26-06-2003 In werking getreden: 15-09-2003 COMPENSATIEVERPLICHTING Artikel 1 Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan
Toelichting Beleidsnotie voor bedrijvigheid aan huis Pekela 2013
Toelichting Beleidsnotie voor bedrijvigheid aan huis Pekela 2013 1. - Pagina 1 - Inleiding Algemene doelstelling Deze toelichting is opgesteld om duidelijkheid te geven over deze beleidsnotitie. Ook wordt
Ladder voor Duurzame Verstedelijking: masterclass leegstand kantoren Zuid-Holland
Ladder voor Duurzame Verstedelijking: masterclass leegstand kantoren Zuid-Holland Den Haag, 21 april 2015 Ladder laatste rijksbelang RO 1 PBL: evaluatie Ladder Monitoring nationale belangen SVIR Eerste
De planologie van zonne-energie
De planologie van zonne-energie Ruimtelijk beleidskader Zon Noord-Holland OBC Castricum 12 december 2016 Matthijs van Oosterhout, Provincie Noord-Holland Duurzaamheidsbeleid provincie De provincie kom
Plan van Aanpak Vraaggestuurd Bouwen en Ontwikkelen
Plan van Aanpak Vraaggestuurd Bouwen en Ontwikkelen Opdrachtgever: Joke Geldhof Contactpersoon opdrachtgever: Joke Geldhof Opdrachtnemer(s): Bregje van Beekvelt Contactpersoon opdrachtnemer: Silvia van
STRUCTUURVISIE ZON Beleidskader ten behoeve van het opwekken van grondgebonden zonne-energie in het landelijk gebied
STRUCTUURVISIE ZON Beleidskader ten behoeve van het opwekken van grondgebonden zonne-energie in het landelijk gebied Status: Ontwerp Versie: vastgesteld Provinciale Staten 18 april 2018 1 1 Aanleiding
een toename van het aantal initiatieven voor het opwekken van zonne-energie {op daken en zonne-akkers).
over mogelijkheden van meervoudig ruimtegebruik is nog veel onbekend voorgesteld wordt om in 2-3 piiots hier nader onderzoek naar te doen. Naar de haalbaarheid. Doordat de besluitvorming over het afwegingskader
: Gemeente Hellevoetsluis : Royal HaskoningDHV : Dhr. A. van Rossum, Tuincentrum Groenrijk Aralia
HaskoningDHV Nederland B.V. Logo Ruimtelijke onderbouwing Aan Van Kopie Dossier Project Betreft : Gemeente Hellevoetsluis : Royal HaskoningDHV : Dhr. A. van Rossum, Tuincentrum Groenrijk Aralia : B6475-01-001
Ontwerp tijdelijke Omgevingsvergunning
Ontwerp tijdelijke Omgevingsvergunning Poststuknummer: DA00074438 Burgemeester en wethouders hebben op 20 november 2016 een aanvraag omgevingsvergunning ontvangen en in behandeling genomen voor het plaatsen
