* * Geachte heer Knoester,
|
|
|
- Francisca van Dam
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Nolet Advocaten T.a.v. J. A. W. Knoester Abraham Patrasstraat CN Den Haag Datum 22 juni 2015 Zaaknummer 14/02469H Betreft: Brief inzake het verzoek om nader onderzoek op de voet van art. 461 Sv ingediend namens de veroordeelde [verzoeker] door mr. J. A. W. Knoester. Geachte heer Knoester, Bij schrijven van 9 mei 2014 heeft u zich gewend tot de procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden met een verzoek tot het verrichten van nader onderzoek naar het bestaan van gronden voor een herziening van de onherroepelijke veroordeling van uw cliënt, [verzoeker], hierna ook de verzoeker genoemd. Bij arrest van 21 maart 2008 heeft het gerechtshof te Den Bosch [verzoeker] veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twintig jaar, met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr. De strafzaak betreft de levensberoving op 9 december 2005 van [slachtoffer], en dit door het opzettelijk en met voorbedachten rade afvuren van meerdere kogels op zijn hoofd en lichaam. Bij arrest van 12 januari 2010 heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen (08/01673) en is de veroordeling onherroepelijk geworden. In uw verzoek van 9 mei 2014 somt u een aantal aanknopingspunten op voor onderzoek waarmee u beoogt aan te tonen dat de verzoeker niet degene is geweest die [slachtoffer] van het leven heeft beroofd. * *
2 Datum 22 juni 2015 Pagina 2 van 7 Kort gezegd verzoekt u in dat licht het volgende onderzoek te doen verrichten: - Onderzoek naar de gang van zaken tijdens de (politie)verhoren van de verzoeker, waaronder het horen als getuige van de verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2], op de grond dat deze verbalisanten de verzoeker onder druk een verklaring zouden hebben laten afleggen. In dat kader verzoekt u ook de verstrekking van de politiejournaals en (overige) aantekeningen die tijdens het opsporingsonderzoek zijn vastgelegd. - Onderzoek naar de originele verklaring van de verzoeker afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 13 december 2005, omdat naar uw oordeel de in het dossier opgenomen verklaring van de verzoeker niet dezelfde is als de verklaring die hij als verdachte ten overstaan van de rechter-commissaris heeft ondertekend. - Onderzoek naar de historische gegevens van de Personal Digital Administrator (PDA) en computer (PC) van de verzoeker over de periode van 25 november 2005 tot en met 9 december 2005, nu de verzoeker zich ten eerste op het standpunt stelt dat hij een aantal weken voor het delict vanaf zijn PDA telefonisch contact met de recherche zou hebben gehad over het door de getuige [getuige 1] geuite voornemen om een huurmoordenaar in te schakelen om [slachtoffer 1] te vermoorden, terwijl dat gesprek niet in het politieonderzoek naar voren is gekomen. Voorts zou hetzelfde gelden voor het door de verzoeker geïnitieerde telefoongesprek direct na de dodelijke schietpartij op 9 december 2005 met alarmnummer Onderzoek naar de onbekend gebleven langsrijdende persoon op de fiets om deze als getuige te horen, aangezien deze persoon zou kunnen verklaren dat de verzoeker zich ten tijde van de geloste schoten al buiten het pand bevond. - Ten slotte (munitie)onderzoek naar het in de kleding van het slachtoffer aangetroffen en inbeslaggenomen patroon van 9 mm, nu dat niet overeenkomt
3 Datum 22 juni 2015 Pagina 3 van 7 met de overige aangetroffen en onderzochte munitie van kaliber 7,65 mm Browning. Bij brief van 14 mei 2014 heb ik uw verzoek ter advisering in handen gesteld van de Adviescommissie Afgesloten Strafzaken (ACAS). Bij schriftelijk advies van 4 september 2014 heeft de ACAS bij monde van haar voorzitter gemotiveerd waarom zij geen reden ziet voor nader onderzoek naar het bestaan van gronden voor een herziening van de veroordeling. Diezelfde dag is u een afschrift van dit advies toegezonden. Bij brief van 27 oktober 2014 heeft u mij uw reactie op dit advies doen toekomen waarin u uw verzoeken tot onderzoek handhaaft. Bij brief van 27 november 2014 heeft de ACAS in respons op uw brief van 27 oktober 2014 bij monde van haar voorzitter meegedeeld geen reden te zien om af te wijken van haar advies van 4 september Naar aanleiding van uw verzoeken om nader onderzoek, deel ik u mede dat uw argumenten mij geen aanleiding geven om af te wijken van het advies van de ACAS. Ik zal puntsgewijs enkele aspecten van de zaak doornemen, waarin ik het advies van de ACAS en uw reactie daarop betrek. Onderzoek naar onrechtmatigheden politieverhoren Ten aanzien van het eerste verzoek heeft de ACAS, kort gezegd, geoordeeld dat de stellingen van uw cliënt over de onregelmatigheden bij de politieverhoren ongeloofwaardig zijn. De ACAS somt een aantal omstandigheden op die het naar haar oordeel onwaarschijnlijk maken dat de verbalisanten een gedetailleerde verklaring ten laste van [verzoeker] hebben gefabriceerd. Een en ander leidt ertoe dat het verstrekken van politiejournaals en eventuele aantekeningen niet noodzakelijk is. Ten overvloede merkt de ACAS op dat art. 461 Sv niet beoogt een ongeclausuleerd recht
4 Datum 22 juni 2015 Pagina 4 van 7 op kennisneming te verschaffen van gegevens die niet behoren tot een strafdossier en waarvan de rechter geen kennis neemt, zoals een politiejournaal. U heeft in uw reactie aangegeven het juist bezwaarlijk te vinden dat de verdediging noch de rechter tijdens de behandeling van de zaak toegang heeft gehad tot de politiejournalen. Daarmee gaat u voorbij aan de omstandigheid dat de ACAS bovenal dit onderzoek niet noodzakelijk acht vanwege de ongeloofwaardige stellingen die aan het verzoek ten grondslag worden gelegd. Ik volg de ACAS in dit oordeel. Inzage proces-verbaal van verhoor van verdachte bij de rechter-commissaris Ten aanzien van het tweede verzoek volsta ik met de opmerking dat u inmiddels bij de strafgriffie van de Hoge Raad in de gelegenheid bent gesteld het originele procesverbaal van verhoor van de verzoeker bij de rechter-commissaris d.d. 13 december 2005, naar aanleiding van de vordering tot inbewaringstelling, in te zien. Uit dat proces-verbaal, dat door de verzoeker in aanwezigheid van zijn toenmalige raadsman is ondertekend, blijkt dat hij aldaar heeft verklaard te blijven bij zijn bekennende verklaringen zoals afgelegd bij de politie. Uit dit proces-verbaal maak ik op dat de verzoeker ten overstaan van de rechter-commissaris wel degelijk zijn bekentenis gestand heeft gedaan. Onderzoek naar historische gegevens PDA en PC U draagt in uw reactie op het ACAS-advies nogmaals het alternatieve scenario voor dat de verzoeker niet de schutter was maar slechts als getuige aanwezig is geweest bij het delict. Ter onderbouwing voert u daartoe ten eerste aan dat de verzoeker op 25 november 2005 contact heeft gehad met de recherche over de aan hem gerichte vraag van getuige [getuige 1] om een huurmoordenaar te regelen. Voorts voert u aan dat de verzoeker na het delict op 9 december 2005 direct het alarmnummer 112 zou
5 Datum 22 juni 2015 Pagina 5 van 7 hebben gebeld. De PDA van uw cliënt is blijkens een kennisgeving inbeslagneming op 10 december 2005 in beslag genomen. Uit het dossier blijkt dat de digitale recherche van het voormalige politiekorps Midden en West Brabant daaraan vervolgens op 14 december 2005 onderzoek heeft verricht. De ACAS heeft, naar aanleiding van dit onderzoek, vastgesteld dat het laatste contact van de PDA op 9 december 2005 heeft plaatsgevonden om uur met het telefoonnummer van het slachtoffer [slachtoffer]. Deze onderzoeksresultaten spreken het verhaal van de verzoeker tegen. Bovendien constateer ik dat bij uitlezing van de PDA op 14 december 2005 geen belgegevens zijn teruggevonden omtrent de dag van 25 november 2005 die het verhaal van de verzoeker, over zijn contact met de recherche, kunnen bevestigen. Ik vermag niet in te zien op welke wijze een onderzoek naar deze gegevens, dat zou neerkomen op het opnieuw uitlezen van de PDA en of PC, bijna tien jaar na dato een aanvulling kan zijn op de bestaande onderzoeksresultaten die juist kort na het misdrijf zijn verkregen. Nu de PDA, zoals ook de ACAS verwoordt, volgens uw verzoekschrift gesynchroniseerd was met de computer, acht ik, gelijk de ACAS, onderzoek aan de PC van uw cliënt evenmin noodzakelijk. Onderzoek naar de langsfietsende (onbekend) gebleven persoon Uw verzoek om onderzoek te doen naar de onbekend gebleven persoon op de fiets komt mij, overeenkomstig het advies van de ACAS, niet noodzakelijk voor. Met dit advies gaat de ACAS, anders dan u in uw reactie op het advies stelt, geenszins voorbij aan hetgeen door de verzoeker naar voren is gebracht, maar wordt slechts een oordeel gegeven over de (geringe) waarschijnlijkheid dat de betreffende persoon überhaupt gevonden kan worden en (in dat onwaarschijnlijke geval) een verhoor betrouwbare resultaten zal opleveren.
6 Datum 22 juni 2015 Pagina 6 van 7 (Munitie) onderzoek naar de bij het slachtoffer inbeslaggenomen patroon/kogel Ten slotte voert u in uw reactie op het advies van de ACAS ten aanzien van uw laatste verzoek aan dat uit de kennisgeving van inbeslagneming niet blijkt hoe de politie aan de kogel met volgnummer 018/001 is gekomen. Aldus gaat u voorbij aan de omstandigheid dat het zich in het dossier bevindende proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 5] van 9 december 2005 uitwijst dat hij in het ziekenhuis van de behandelend arts van het slachtoffer één kogel heeft ontvangen. Wel begrijp ik uw verwarring nu verbalisant [verbalisant 5] het inbeslaggenomen voorwerp voorts in de kennisgeving van inbeslagneming omschrijft als een patroon 9 mm. De ACAS beschrijft echter dat het voorwerp na inbeslagneming is overgedragen aan de regionale unit Forensisch Technische Opsporing (FTO), waar het voorwerp het volgnummer 18/001 heeft gekregen. Uit het NFI-rapport van 28 februari 2006 blijkt vervolgens dat het NFI op 22 december 2005 uit handen van de unit FTO van politie Midden en West Brabant onder meer een kogel, afkomstig van het slachtoffer uit het ziekenhuis met volgnummer 018/001 heeft ontvangen. Van overige in het ziekenhuis ontvangen en inbeslaggenomen kogels is in het onderhavige politiedossier geen sprake. Ten aanzien van dit voorwerp, met volgnummer 18/001, heeft het NFI geconcludeerd dat het een kogel betreft, zeer waarschijnlijk van het kaliber 7,65 mm Browning. De ACAS oordeelt dat hieruit kan worden afgeleid dat het op 9 december 2005 door de politie inbeslaggenomen voorwerp geen patroon van 9 mm betrof, maar een kogel van het kaliber 7,65 mm. Gezien het voorgaande volg ik dit oordeel. Beslissing De door u aangevoerde argumenten geven mij geen aanleiding om het advies van de ACAS te passeren. Uw stellingen doen naar mijn inzicht niets af aan de overwegingen die de adviescommissie in haar advies tot uitdrukking heeft gebracht. Eén en ander brengt mij tot het oordeel dat nader onderzoek noodzakelijk, noch zinvol is. Bovendien
7 Datum 22 juni 2015 Pagina 7 van 7 zijn er naar mijn inzicht onvoldoende aanwijzingen voor een mogelijke grond tot herziening. Dit betekent dat uw verzoek om nader onderzoek wordt afgewezen. Deze beslissing is niet aan enig rechtsmiddel onderworpen, doch deze uitkomst belemmert u niet zich met een verzoek tot herziening te wenden tot de Hoge Raad. Deze beslissing en het advies van de ACAS zullen in geanonimiseerde vorm worden gepubliceerd op de website Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, D.J.C. Aben, advocaat-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Adviescommissie afgesloten strafzaken Postbus 20303 2500 EH Den Haag
Adviescommissie afgesloten strafzaken Postbus 20303 2500 EH Den Haag Bezoekadres: Lange Voorhout 7 2514 EA Den Haag Zaak Ahmet Ekiz (ACAS 017) Beknopt relaas van de feiten Op vrijdag 9 december 2005, iets
arrest GERECHTSHOF AMSTERDAM Parketnummer: X Datum uitspraak: 20 oktober 2016 TEGENSPRAAK (gemachtigde raadsman)
arrest GERECHTSHOF AMSTERDAM Parketnummer: X Datum uitspraak: 20 oktober 2016 TEGENSPRAAK (gemachtigde raadsman) Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis
ECLI:NL:RBNHO:2015:1805
ECLI:NL:RBNHO:2015:1805 Uitspraak Vonnis RECHTBANK NOORD-HOLLAND, LOCATIE HAARLEM Strafrecht Datum uitspraak : 10 maart 2015 Parketnummer: 15/840083-08 (ontneming) Vonnis ex artikel 36e van het Wetboek
BESCHIKKING INZAKE VERZOEK EX ARTIKEL 475 Jo 460 VAN HET WETBOEK VAN STRAFVORDERING
HET HOF VAN JUSTITIE VAN SURINAME BESCHIKKING INZAKE VERZOEK EX ARTIKEL 475 Jo 460 VAN HET WETBOEK VAN STRAFVORDERING Gelezen het namens [klager] ingediend verzoekschrift, welke ertoe strekt dat het Hof
Parketnummer: /17 Uitspraak: 2 november 2018 Tegenspraak
vonnis GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO Parketnummer: 500.00480/17 Uitspraak: 2 november 2018 Tegenspraak Vonnis van dit Gerecht in de strafzaak tegen de verdachte: R.M.C., geboren op Curaçao, wonende
Vergoeding kosten van de bank bij conservatoir beslag
RAPPORT Vergoeding kosten van de bank bij conservatoir beslag Een onderzoek naar een afwijzing van het Openbaar Ministerie in Den Haag om kosten na vrijspraak te vergoeden. Oordeel Op basis van het onderzoek
1.2. Verweerster in beroep (hierna: de Bank) heeft op 20 januari 2015 een verweerschrift ingediend.
Uitspraak Commissie van Beroep 2016-004 d.d. 2 februari 2016 (mr. W.J.J. Los, voorzitter, mr. A. Bus, drs. P.H.M. Kuijs AAG, mr. A. Smeeing-van Hees en mr. R.J.F. Thiessen, leden, en mr. G.A. van de Watering,
Rapport. Datum: 13 oktober 1998 Rapportnummer: 1998/446
Rapport Datum: 13 oktober 1998 Rapportnummer: 1998/446 2 Klacht Op 11 februari 1998 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van de heer X te Y, ingediend door de heer mr. G. Meijers, advocaat
Samenvatting strafzaken die in 2008 zijn aangemeld bij/afgedaan door de Toegangscommissie
Samenvatting strafzaken die in 2008 zijn aangemeld bij/afgedaan door de Toegangscommissie Van onderstaande zaken zijn nummer 0038 t/m 0052 in 2008 onder de aandacht gebracht. Zaak 0031 is zowel in 2006,
ECLI:NL:RBMNE:2014:1329
ECLI:NL:RBMNE:2014:1329 Instantie Rechtbank Midden-Nederland Datum uitspraak 28-03-2014 Datum publicatie 10-04-2014 Zaaknummer 16-655450-12 (ontneming) Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Eerste
Adviesaanvraag werklastgevolgen kostenverhaal rechtsbijstand draagkrachtige veroordeelden (34 159)
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie dr. K.H.D.M. Dijkhoff Postbus 20301 2500 EH Den Haag datum 19 oktober 2015 contactpersoon Voorlichting e-mail [email protected] telefoonnummer 06-46
Leidraad voor het nakijken van de toets
Leidraad voor het nakijken van de toets STRAFPROCESRECHT 14 OKTOBER 2011 (Uit het antwoord moet blijken dat de cursist de stof heeft begrepen en juist heeft toegepast; een enkel ja of nee is niet voldoende)
Rapport. Rapport naar aanleiding van een klacht over het Openbaar Ministerie te Den Haag. Datum: 7 juli 2015 Rapportnummer: 2015/109
Rapport Rapport naar aanleiding van een klacht over het Openbaar Ministerie te Den Haag. Datum: 7 juli 2015 Rapportnummer: 2015/109 2 Aanleiding Verzoekster is advocaat en haar cliënt stelt dat hij op
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van 24 augustus 2016.
ECLI:NL:GHAMS:2016:5663 Instantie Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak 07-09-2016 Datum publicatie 30-12-2016 Zaaknummer 23-000259-16 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Inhoudsindicatie
ECLI:NL:GHSGR:2003:AI1012
ECLI:NL:GHSGR:2003:AI1012 Instantie Datum uitspraak 11-06-2003 Datum publicatie 12-08-2003 Zaaknummer 2200326602 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Gerechtshof 's-gravenhage
ONDERZOEK OP DE TERECHTZITTING Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 15 oktober 2015.
ECLI:NL:RBROT:2015:7773 Instantie: Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak: 29-10-2015 Datum publicatie: 02-11-2015 Zaaknummer: 11/870399-12.ov Rechtsgebieden: Strafrecht Bijzondere kenmerken: Eerste aanleg
ECLI:NL:HR:2010:BO2558
ECLI:NL:HR:2010:BO2558 Instantie Hoge Raad Datum uitspraak 02-11-2010 Datum publicatie 03-11-2010 Zaaknummer 09/00354 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Conclusie: ECLI:NL:PHR:2010:BO2558
Rapport. Rapport naar aanleiding van een klacht over de regionale politie eenheid Amsterdam en het Openbaar Ministerie te Amsterdam
Rapport Rapport naar aanleiding van een klacht over de regionale politie eenheid Amsterdam en het Openbaar Ministerie te Amsterdam Datum: 30 december 2013 Rapportnummer: 2013/213 2 Feiten Verzoeker is
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE VAN ARUBA, CURAÇAO, SINT MAARTEN EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA. Uitspraak: 8 november 2018 Tegenspraak
vonnis GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE VAN ARUBA, CURAÇAO, SINT MAARTEN EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA Ar: H-169/17 Uitspraak: 8 november 2018 Tegenspraak Vonnis gewezen op het hoger beroep,
Rapport. Datum: 7 juli 2005 Rapportnummer: 2005/190
Rapport Datum: 7 juli 2005 Rapportnummer: 2005/190 2 Klacht Verzoekers klagen erover dat het regionale politiekorps Utrecht hun verzoek om vergoeding van de schade als gevolg van een politieonderzoek in
Adviescommissie afgesloten strafzaken Postbus 20303 2500 EH Den Haag
Adviescommissie afgesloten strafzaken Postbus 20303 2500 EH Den Haag Bezoekadres: Lange Voorhout 7 2514 EA Den Haag De zaak [veroordeelde] (ACAS 011) Een beknopt relaas van de feiten Om hun 23-jarig huwelijk
Rapport. Datum: 29 november 2001 Rapportnummer: 2001/374
Rapport Datum: 29 november 2001 Rapportnummer: 2001/374 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat het regionale politiekorps Limburg-Noord onvoldoende onderzoek heeft verricht naar aanleiding van zijn aangifte
ECLI:NL:GHAMS:2016:5635 Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer
ECLI:NL:GHAMS:2016:5635 Instantie Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak 10-11-2016 Datum publicatie 29-12-2016 Zaaknummer 23-000872-16 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Strafrecht Hoger
Rapport. Datum: 30 september 2005 Rapportnummer: 2005/302
Rapport Datum: 30 september 2005 Rapportnummer: 2005/302 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de korpschef van het regionale politiekorps Haaglanden in zijn brief van 31 januari 2005 niet inhoudelijk is
ECLI:NL:RBAMS:2017:3217
ECLI:NL:RBAMS:2017:3217 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 07-03-2017 Datum publicatie 15-05-2017 Zaaknummer 16-6064 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Rekestprocedure Inhoudsindicatie
Hof: medisch advies behoeft niet te worden overgelegd
pagina 1 van 5 (http://stichtingpiv.nl/) Inloggen PIV-Kennisnet(http://stichtingpiv.nl/inloggen) JURISPRUDENTIE Bron: Hof Amsterdam 3 februari 2016 Publicatie nummer: (nog) niet gepubliceerd Zaaknummer:
Hof van Cassatie van België
8 MEI 2012 P.11.1908.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.11.1908.N I R. L. M. P., inverdenkinggestelde. eiser, met als raadsman mr. Michaël Verstraeten, advocaat bij de balie te Gent. II M. G.
Hof van Cassatie van België
16 JUNI 2015 P.15.0599.N/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.15.0599.N 1. M M P V D V, beklaagde, 2. D H N H, beklaagde, aangehouden om andere redenen, eisers, beiden met als raadsman mr. Thierry
Rapport. Rapport over een klacht over het Openbaar Ministerie te Den Haag. Datum: Rapportnummer: 2013/044
Rapport Rapport over een klacht over het Openbaar Ministerie te Den Haag. Datum: Rapportnummer: 2013/044 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de officier van justitie van het arrondissementsparket te Den
ECLI:NL:RBAMS:2017:2714
ECLI:NL:RBAMS:2017:2714 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 25-04-2017 Datum publicatie 01-05-2017 Zaaknummer RK 16/7321 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Strafrecht Rekestprocedure
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 26 augustus 2008 in de strafzaak tegen de verdachte:
Gerechtshof te s-gravenhage meervoudige kamer voor strafzaken Arrest gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 26 augustus 2008 in de strafzaak tegen de verdachte: (naam
Werkwijze (rolreglement) Rekestenkamer Strafsector. Rechtbank Amsterdam
Werkwijze (rolreglement) Rekestenkamer Strafsector Rechtbank Amsterdam I Algemeen deel 1.1 Algemene bepalingen 1.1.1 Strekking werkwijze Dit reglement heeft betrekking op de behandeling van strafrechtelijke
ANONIEM BINDEND ADVIES
ANONIEM BINDEND ADVIES Partijen : De heer A te B, vertegenwoordigd door de heer C te D, tegen E te F en G te H Zaak : Schadevergoeding, wettelijke rente Zaaknummer : 2012.03079 Zittingsdatum : 11 september
VIII NIEUW FORENSISCH-TECHNISCH FEIT: DE PIEKENPROFIELEN EN IMPACT OP BEWIJSCONSTRUCTIE HOF
VIII NIEUW FORENSISCH-TECHNISCH FEIT: DE PIEKENPROFIELEN EN IMPACT OP BEWIJSCONSTRUCTIE HOF 1. Een vijfde novum in forensisch-technische zin wordt gevormd door het volgende feit. Zoals hiervoor aangetoond
ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ8341
ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ8341 Instantie Datum uitspraak 24-04-2013 Datum publicatie 24-04-2013 Zaaknummer 20-000702-11 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Gerechtshof 's-hertogenbosch Strafrecht
ECLI:NL:RBZWB:2017:3691
ECLI:NL:RBZWB:2017:3691 Instantie Datum uitspraak 15-06-2017 Datum publicatie 20-07-2017 Rechtbank Zeeland-West-Brabant Zaaknummer AWB - 16 _ 2238 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Belastingrecht
ECLI:NL:GHAMS:2017:1213
ECLI:NL:GHAMS:2017:1213 Instantie Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak 28-03-2017 Datum publicatie 10-04-2017 Zaaknummer 23-000918-16 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Inhoudsindicatie
Rapport. Datum: 31 januari 2011 Rapportnummer: 2011/032
Rapport Datum: 31 januari 2011 Rapportnummer: 2011/032 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de griffie van het gerechtshof Den Haag hem het arrest van 17 juli 2008 niet heeft toegestuurd met als gevolg
pagina 1 van 5 ECLI:NL:RBDHA:2014:6145 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 20-05-2014 Datum publicatie 04-06-2014 Zaaknummer Rechtsgebieden AWB-13_10151 Belastingrecht Bijzondere kenmerken Bodemzaak
Uitspraak. Afdeling strafrecht. Parketnummer: Datum uitspraak: 1 november TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
ECLI:NL:GHAMS:2016:5673 Instantie Gerechtshof Amsterdam Datum uitspraak 01-11-2016 Datum publicatie 30-12-2016 Zaaknummer 23-003159-15 Rechtsgebieden Strafrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Inhoudsindicatie
Rapport. Rapport over een klacht over de hoofdofficier van justitie te Den Haag. Datum: 3 juni 2014. Rapportnummer: 2014/044
Rapport Rapport over een klacht over de hoofdofficier van justitie te Den Haag. Datum: 3 juni 2014 Rapportnummer: 2014/044 2 Klacht Meneer Jansen1 klaagt erover dat de hoofdofficier van justitie onvoldoende
De Commissie heeft partijen opgeroepen voor een mondelinge behandeling op 6 februari 2012.
Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2012-103 d.d. 2 april 2012 (mr. P.A. Offers, voorzitter, B.F. Keulen en mr. A.W.H. Vink, leden, en mr. F.E. Uijleman, secretaris) Samenvatting
ECLI:NL:GHLEE:2009:BK2993
ECLI:NL:GHLEE:2009:BK2993 Instantie Datum uitspraak 11-11-2009 Datum publicatie 11-11-2009 Gerechtshof Leeuwarden Zaaknummer 24-002029-08 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Strafrecht
Klachtenregeling gemeentelijke ombudsman
Klachtenregeling gemeentelijke ombudsman Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 1. Een ieder heeft het recht om over de wijze waarop de ombudsman zich in een bepaalde aangelegenheid jegens hem of haar
Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr (mr. dr. S.O.H. Bakkerus, voorzitter en mr. R.G. de Kruif, secretaris)
Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2018-323 (mr. dr. S.O.H. Bakkerus, voorzitter en mr. R.G. de Kruif, secretaris) Klacht ontvangen op : 27 juli 2017 Ingediend door : Consument
Adviescommissie afgesloten strafzaken Postbus 20303 2500 EH Den Haag
Adviescommissie afgesloten strafzaken Postbus 20303 2500 EH Den Haag Bezoekadres: Lange Voorhout 7 2514 EA Den Haag Zaak [verdachte] [verdachte] is een uit Engeland naar Nederland ontsnapte gevangene,
Ons kenmerk [VERTROUWELIJK] Contactpersoon [VERTROUWELIJK]
Autoriteit Persoonsgegevens AANGETEKEND Datum Contactpersoon Onderwerp Besluit tot invordering en voornemen tot publicatie Geachte, Bij besluit van 11 mei 2017 met kenmerk heeft de Autoriteit Persoonsgegevens
Zoekresultaat - inzien document. ECLI:NL:RBOBR:2015:5776 Permanente link: Uitspraak. Rechtbank Oost-Brabant
Zoekresultaat - inzien document ECLI:NL:RBOBR:2015:5776 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ec Instantie Datum uitspraak 07-10-2015 Datum publicatie 07-10-2015 Rechtbank Oost-Brabant
ECLI:NL:GHSHE:2015:2029
ECLI:NL:GHSHE:2015:2029 Instantie Datum uitspraak 03-06-2015 Datum publicatie 03-06-2015 Gerechtshof 's-hertogenbosch Zaaknummer 20-000203-14 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Strafrecht
Afkoopsom lijfrente belast in het jaar waarin de afkoopsom vorderbaar en inbaar is
Afkoopsom lijfrente belast in het jaar waarin de afkoopsom vorderbaar en inbaar is ECLI:NL:GHARL:2015:4336 Instantie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Datum uitspraak 16-06-2015 Datum publicatie 19-06-2015
