Beleid kruimelgevallen.
|
|
|
- Simona de Vos
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Beleid kruimelgevallen. Beleidsregels voor afwijkingen van het bestemmingsplan op grond van artikel 2.12 lid 1 onder a onder 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) jo, Bijlage II, artikel 4 Besluit omgevingsrecht (Bor). Afdeling Opgesteld door : Ruimte en Veiligheid : Aad Rustenhoven en Miriam van den Oever Datum : 4 maart
2 Inhoudsopgave 1. Inleiding Beleidsregels Toelichting Bijlagen
3 1. Inleiding De aanleiding voor het voorliggende kruimelgevallenbeleid is de wijziging in het Besluit omgevingsrecht (Bor). Dit is op 24 september 2014 gepubliceerd in het Staatsblad en trad op 1 november 2014 in werking. Met deze wijziging wordt het vergunning vrij bouwen nog verder uitgebreid wat hopelijk leidt tot minder en efficiëntere procedures. Het oude Beleid kruimelgevallen van 6 december 2013 moest daarom herzien worden aangezien er een paar aangrijpende veranderingen zijn geweest. In deze notitie zijn de beleidsregels opgenomen voor de mogelijkheid om af te wijken van bestemmingsplannen via een omgevingsvergunning op grond van artikel 2.1, eerste lid onder c en artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) juncto artikel 4 van bijlage II van het Bor. Het betreft hier beleidsregels voor de planologische kruimelgevallen onder het regime van de Wabo (hierna te noemen: beleidsregels). Voorliggend beleid voor kruimelgevallen is van belang voor de mogelijkheden die de wet biedt om van bestemmingsplannen af te wijken met een kortere procedure. Het beleid breidt namelijk de mogelijkheden die er al waren verder uit. Indien dergelijk beleid ontbreekt, moet elk bouwplan apart worden besproken en worden afgewogen. Dergelijke ad hoc beslissingen leiden tot onduidelijkheid en onzekerheid voor aanvragers en komt de ruimtelijke kwaliteit van de gemeente als geheel niet ten goede. Bovendien is voor het beoordelen van een afzonderlijke aanvraag een periode van enkele weken nodig. De snellere besluitvorming is mede van groot belang aangezien de afwijking van het bestemmingsplan op grond van 2.12, eerste lid, onder a, onder 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht binnen de fatale termijn van 8 weken moet worden afgehandeld. Als een aanvraag past binnen dit beleid betekent dit dat medewerking zal worden verleend aan een afwijking van het bestemmingsplan en is er geen nadere afweging noodzakelijk. 2. Beleidsregels Artikel 4 van bijlage 2 van het Besluit omgevingsrecht Voor verlening van een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wabo waarbij met toepassing van artikel 2.12, eerste lid onder a, onder 2, van de Wabo van het bestemmingsplan of beheersverordening wordt afgeweken, komen in aanmerking. Artikel 1 een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan: Akkoord onder de voorwaarden dat: Er sprake is van een erker, en o deze aan de voorgevel maximaal 60% van de breedte van voorgevel bedraagt, met een maximum van 3,6 meter, en o deze aan de zijgevel maximaal 30% van de breedte van zijgevel bedraagt, met een maximum van 3 meter, en o de diepte niet meer bedraagt dan 1,2 m, en o de goothoogte niet meer dan 3 meter bedraagt, en o de afstand tussen de erker en het openbaar toegankelijk gebied minimaal 2 m bedraagt, en o de afstand tot de aangebouwde naastgelegen woning ten minste 0,5 meter bedraagt en indien er geen 3
4 aangebouwde woning is (bij vrijstaande woningen en aan één zijde bij hoekwoningen) de afstand tot de zijdelingse perceelgrens ten minste 2 meter is. Er sprake is van een wijziging van de bestaande dakhelling van een hoofdgebouw, en o de dakhelling maximaal 52 gaat bedragen, en o de goothoogte van de woning niet meer bedraagt dan 5 m, en o er op de verbeelding geen aanduiding plat dak is opgenomen, en o het een vrijstaande woning betreft die ten minste 2 m van de aangrenzende woning of gebouwen staat, of o het een twee-aaneen gebouwde woning betreft waarvan de andere woning reeds een grotere hellingshoek heeft, en de nieuwe dakhelling niet groter is dan deze hellingshoek, of o het een aanééngebouwde woning betreft in een bouwvlak waarvan reeds een woning een dakhelling heeft die groter is dan 45, en de nieuwe dakhelling niet groter is dan deze hellingshoek, of o het een woning betreft die is voorzien van een dwarskap. Er sprake is van een wijziging van de bestaande dakhelling van een mansardekap, en o de dakhelling maximaal 70 gaat bedragen, en o het eerste deel van het dakvlak betreft, en o de helling van het tweede dakvlak naar de nok minimaal 20 en maximaal 45 bedraagt, en o de mansardekap symmetrisch blijft. Er sprake is van een dakterras, en o deze gerealiseerd wordt op een aan- of uitbouw dan wel een aangebouwd bijgebouw, en o de aan- of uitbouw dan wel een aangebouwd bijgebouw is voorzien van een plat dak, en o de dakterras afscheiding maximaal 1.00 meter hoog wordt. Er sprake is van een balkon, en o De borstwering 1.20 meter hoog wordt indien het hoogteverschil tussen een vloer en een aangrenzende vloer, terrein of water meer dan 13 meter is. In alle andere gevallen is de borstwering maximaal 1 meter hoog. Voor overige bijbehorende bouwwerken is 4
5 - buiten de bebouwde kom, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 meter, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, b. De oppervlakte niet meer dan 150 m². individuele toetsing vereist. Individuele toetsing vereist Artikel 2 een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening als bedoeld in artikel 2, onderdeel 18, onder a, dat niet voldoet aan de in dat subonderdeel genoemde eisen, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 meter, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; Individuele toetsing vereist Artikel 3 een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 10 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; Akkoord onder de voorwaarden dat: Er sprake is van een erfafscheiding tot een hoogte van 2 m, en o Het gedeelte voor de voorgevel dat niet aansluit aan het achtererf niet hoger is dan 1 meter, en o Het gedeelte voor de voorgevel dat aansluit aan het achtererf tot ten hoogste één meter vanaf de grond een dichte constructie, dan wel open constructie, en het gedeelte opgetrokken tot maximaal twee meter een open constructie heeft, of o Het geheel een open constructie heeft, en o De erfafscheiding voldoet aan hetgeen verbeeld is op bijlage 1, tekening D, E en F. Er sprake is van een vlaggenmast, en o er zich maximaal 3 vlaggenmasten op een perceel bevinden, en o een vlaggenmast binnen de bebouwde kom niet hoger wordt dan 6 m, en o een vlaggenmast buiten de bebouwde kom niet hoger wordt dan de bestaande bebouwing op het betreffende perceel. Er sprake is van een lantaarnpaal of lichtmast, en o een lantaarnpaal binnen de bebouwde kom niet hoger wordt dan 6 m, en o een lantaarnpaal buiten de bebouwde 5
6 kom niet hoger wordt dan de bestaande bebouwing op het betreffende perceel; o een lichtmast op een sportpark van maximaal 10 meter hoog Er sprake is van een carport, en o deze niet hoger wordt dan de vloer van de eerste bouwlaag met een maximum van 3 m, en o geheel in het zij- of achtererf gebied is gelegen, en o een totale oppervlakte heeft van maximaal 20 m², en o de carport minimaal 2m uit het openbaar toegankelijk gebied is gelegen Er sprake is van reclame, en o De maximaal 6 m hoog is, en o Het totaal oppervlak niet meer bedraagt dan 3 m² Voor overige bouwwerken, geen gebouw zijnde of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, is individuele toetsing vereist. Artikel 4 een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw dan wel de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard; Akkoord onder de voorwaarden dat: Er sprake is van een dakkapel of dakvenster waarbij o De oppervlakte van een hellend dakvlak voor maximaal 25% wordt doorbroken Er sprake is van een dakopbouw op het hoofdgebouw, en o Het een verlenging van het voordakvlak betreft, en o Het een verlenging van een dakvlak bij een rijwoning betreft, en o Het een verlening van een zadeldak betreft, en o de verlenging de gehele breedte van het voordakvlak en geen zijdakvlak betreft, en o de verlenging maximaal 1 m naar achteren betreft, en o de dakhelling niet meer is dan 40, en o het hoofdgebouw niet meer dan 2 bouwlagen heeft, en o de nieuwe nokhoogte niet meer dan 10 meter bedraagt. Voor overige dakkapellen, dakopbouwen of gelijksoortige uitbreiding dan wel de uitbreiding van een bouwwerk met een 6
7 bouwdeel van ondergeschikte aard is individuele toetsing vereist. Artikel 5 een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m; Individuele toetsing vereist Artikel 6 een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Elektriciteitswet 1998 Individuele toetsing vereist Artikel 7 een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen; Individuele toetsing vereist Artikel 8 het gebruiken van gronden voor een nietingrijpende herinrichting van openbaar gebied; Individuele toetsing vereist Artikel 9 Het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers; Er sprake is van een aan-huis-gebonden beroep bij een woning en/of in een bijgebouw, en o het oppervlak ten behoeve van die activiteiten maximaal 40% van de vloeroppervlakte van het hoofdgebouw met een maximum van 50 m2 bedraagt, en o de activiteiten door de bewoners van het hoofdgebouw zelf worden uitgeoefend, en o indien voor de activiteiten extra parkeerplaatsen en/of laad- en losplaatsen nodig zijn, dienen deze op eigen terrein te worden gerealiseerd, tenzij in de omgeving in parkeren en/of laden en lossen kan worden voorzien, en o er geen sprake is van een prostitutiebedrijf, en o het gebruik niet gepaard gaat met horeca en/of detailhandel, uitgezonderd beperkte verkoop die ondergeschikt is 7
8 aan de uitoefening van de betrokken activiteiten, en o de activiteiten vallen onder milieucategorie 1 uit bijlage 1 van de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering (editie 2009). Dit artikel is niet van toepassing op een activiteit als bedoeld in onderdeel C of D van de bijlage bij het Besluit milieueffectenrapportage. Voor overige gebruikswijzigingen is individuele toetsing vereist. Artikel 10 het gebruik van een recreatiewoning voor bewoning mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen; b. de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder, de Wet ammoniak en veehouderij en de Wet geurhinder en veehouderij gestelde regels of de Reconstuctiewet concentratiegebieden, c. de bewoners op 31 oktober 2003 de recreatiewoning als woning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en d. de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was; Akkoord Artikel 11 ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 10, voor een termijn van ten hoogste 10 jaar. Dit artikel is niet van toepassing op een activiteit als bedoeld in onderdeel C of D van de bijlage bij het Besluit milieueffectenrapportage. Voor overige gebruikswijzigingen is individuele toetsing vereist Artikel 12 Hardheidsclausule Burgemeester en wethouders blijven bevoegd om af te wijken van deze regeling wanneer die voor één of meer belanghebbenden gevolgen heeft die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregels te dienen doelen. In een dergelijk geval zal een aparte gemotiveerde beoordeling plaatsvinden. 8
9 Artikel 14 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking op de dag na de bekendmaking. Artikel 15 Titel Dit besluit kan worden aangehaald als het Beleid kruimelgevallen. Burgemeester en wethouders van de gemeente Katwijk, de secretaris, de burgemeester, 9
10 3. Toelichting Stedenbouwkundige onderbouwing 1. een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 meter, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, b. De oppervlakte niet meer dan 150 m²; Het is onwenselijk om een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan in iedere situatie toe te staan, daarvoor is het maximaal toegestane volume te groot. Individuele toetsing is nodig, waarbij de zichtbaarheid en de situering ten opzichte van andere bouwwerken onder andere een rol spelen. Het straatbeeld wordt voor een belangrijk deel bepaald door de voorgevelrooilijn. Door het toestaan van een erker, wordt deze voorgevelrooilijn doorbroken. Omdat een te grote doorbreking een ongewenst straatbeeld veroorzaakt, mogen deze beperkt van omvang zijn. Stedenbouwkundig is het onwenselijk dat de beperkingen in deze beleidsregels van bijbehorende bouwwerken wordt overschreden. De reden hiervoor is dat het ondergeschikte karakter van de erfbebouwing ten opzichte van het hoofdgebouw en de minimale openheid van het erf anders niet blijven behouden. Een wijziging in de bestaande dakhelling van een hoofdgebouw heeft impact op het straatbeeld en de verschijningsvorm van het hoofdgebouw. Om een aantasting van het karakteristieke straatbeeld en de architectonische verschijningsvorm van het hoofdgebouw te voorkomen worden een maximale dakhelling en bijbehorende voorwaarden gehanteerd. Dakterrassen en balkons worden alleen toegestaan op een aan- of uitbouw dan wel een aangebouwd bijgebouw om de ruimtelijke impact op de omgeving te beperken. Er wordt een maximale hoogte van een borstwering van 1 meter gehanteerd, zodat een dakterras of balkon een ondergeschikt karakter behoudt en wordt voorkómen dat deze worden vormgegeven als een extra bouwlaag. 2. een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening als bedoeld in artikel 2, onderdeel 18, onder a, van het Bor, dat niet voldoet aan de in dat subonderdeel genoemde eisen, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 meter, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; 3. een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 10 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; Het is onwenselijk om de uitbreiding van een infrastructurele of openbare voorziening in iedere situatie toe te staan, op de manier waarop het nu in artikel 3 is omschreven. Daarvoor is het maximaal toegestane volume te groot. Een bouwwerk geen gebouw zijnde of een gedeelte van een bouwwerk is een heel ruime categorie. Voor de meest voorkomende bouwwerken geen gebouw zijnde (erfafscheiding, vlaggenmasten, lantaarnpalen en lichtmasten, carports en reclame) zijn voorwaarden gegeven. Een schutting, muur of hekwerk die hoger is dan één meter markeert scherp de overgang tussen de 10
11 openbare ruimte en het eigen domein. Die harde overgang tast de beeldkwaliteit aan. Door toepassing van een doorzichtige constructie, eventueel begroeid met planten (klimop e.d.) wordt een minder harde overgang bewerkstelligd maar wordt de privacy van bewoners voldoende gewaarborgd. Het is vanuit stedenbouwkundig oogpunt onwenselijk om woningen geheel af te schermen. Dit geeft een onaangenaam straatbeeld. Daarom mag de erfafscheiding voor de voorgevel niet hoger worden dan 1 meter. De stedenbouwkundige impact van een vlaggenmast en/of lantaarnpaal is gering. Voor de hoogte van de vlaggenmast/lantaarnpaal is binnen de bebouwde kom aangesloten bij de hoogte die vergunningvrij is toegestaan. Buiten de bebouwde kom wordt voor de hoogte aangesloten bij de aanwezige bebouwing, zodat de vlaggenmast/lantaarnpaal qua hoogte in afstemming met de aanwezige bebouwing kan worden gerealiseerd. Het is vanuit stedenbouwkudig oogpunt onwenselijk dat carports voor de voorgevel uitsteken. Dit geeft al snel een rommelig straatbeeld. Ze dienen daarom geheel op het zij- of achtererf te liggen. 4. een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw dan wel de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard; Het is vanuit stedenbouwkundig oogpunt onwenselijk dat reclame een grote impact heeft op het straatbeeld. Bij grotere reclame-uitingen is vanwege de impact op het straatbeeld maatwerk nodig. De overige worden individueel getoetst. Voor dakkapellen geldt dat zij in de regel vergunningvrij zijn. Dit betekent dat op de meeste dakkapellen geen stedenbouwkundige eisen kunnen worden gesteld. Hierop uitgezonderd zijn alle dakkapellen in het voordakvlak en in naar openbaar toegankelijk gebied gekeerde achter- en zijdakvlakken. Omdat het wenselijk is dat deze dakkapellen een ondergeschikt karakter hebben, is de dakdoorbreking van deze dakkapellen beperkt. Door een verlenging van het voordakvlak met een meter naar achteren wordt het straatbeeld niet aangetast. Doordat deze verlenging alleen is toegestaan bij hoofdgebouwen bestaande uit één of twee bouwlagen, blijft de verhouding voorgevel en dakvlak bewaard. 5. een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m; 6. een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Elektriciteitswet 1998 Het is onwenselijk om een antenne installatie in iedere situatie toe te staan. Hiervoor is individuele toetsing nodig waarbij de zichtbaarheid van het openbaartoegankelijk gebied een rol speelt. Het is onwenselijk om een warmtekrachtkoppeling installatie in iedere situatie toe te staan. Hiervoor is individuele toetsing nodig. De installatie is bij voorkeur niet zichtbaar vanaf openbaar toegankelijk gebied 11
12 7. een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen; 8. het gebruiken van gronden voor een nietingrijpende herinrichting van openbaar gebied; 9. het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers; 10. het gebruik van een recreatiewoning voor bewoning mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen; b. de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder, de Wet ammoniak en veehouderij en de Wet geurhinder en veehouderij gestelde regels of de Reconstuctiewet concentratiegebieden, c. de bewoners op 31 oktober 2003 de recreatiewoning als woning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was; 11. ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 10, voor een termijn van ten hoogste 10 jaar. Het is onwenselijk om een dergelijke installatie in iedere situatie toe te staan. Hiervoor is individuele toetsing nodig. De installatie is bij voorkeur niet zichtbaar vanaf openbaar toegankelijk gebied Het is onwenselijk om het gebruik van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied in iedere situatie toe te staan. Hiervoor is individuele toetsing nodig, waarbij gekeken wordt de inpassing van het gebruik in zijn omgeving. Het is onwenselijk om dergelijk gebruik in iedere situatie toe te staan. Hiervoor is individuele toetsing nodig waarbij de impact van een dergelijk gebruik op zijn omgeving een rol speelt, denk daarbij aan parkeren. Het permanent gebruiken van een recreatiewoning die al sinds 31 oktober 2003 onafgebroken bewoond wordt heeft weinig ruimtelijke impact. Het is onwenselijk om dergelijk gebruik in iedere situatie toe te staan. Hiervoor is individuele toetsing nodig waarbij de impact van een dergelijk gebruik op zijn omgeving een rol speelt, denk daarbij aan parkeren. 12
13 4. Bijlagen Bijlage 1: Tekening D 13
14 Tekening E Tekening F 14
CVDR. Nr. CVDR610568_1. Beleid kruimelgevallen Inleiding. 2. Beleidsregels. Artikel 1. 6 juni Officiële uitgave van Katwijk.
CVDR Officiële uitgave van Katwijk. Nr. CVDR610568_1 6 juni 2018 Beleid kruimelgevall 2015 Beleidsregels voor afwijking van het bestemmingsplan op grond van artikel 2.12 lid 1 onder a onder 2 van de Wet
Handreiking Uitzonderingen
PROVINCIE NOORD-HOLLAND Handreiking Uitzonderingen Toepassing Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV) bij beoordelen van omgevingsvergunningen op basis van artikel 4 Bijlage II Besluit Omgevingsrecht
Beleidsregels Planologische Afwijkingsmogelijkheden
Beleidsregels Planologische Afwijkingsmogelijkheden Gemeente Zederik december 2014 1. Inleiding Aanleiding In de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is in artikel 2.12 lid 1 sub a sub 2 geregeld
Beleidsregels van burgemeester en wethouders van de gemeente Hulst voor afwijkingen in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
Beleidsregels van burgemeester en wethouders van de gemeente Hulst voor afwijkingen in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Inleiding Op 1 oktober 2010 is de nieuwe Wet algemene bepalingen
BIJLAGE 4: RELEVANTE WETSARTIKELEN
BIJLAGE 4: RELEVANTE WETSARTIKELEN Pagina 1 van 8 Pagina 2 van 8 WET ALGEMENE BEPALINGEN OMGEVINGSRECHT (WABO) Artikel 2.12 1. Voor zover de aanvraag betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel
Gemeente Cuijk BELEIDSREGEL AFWIJKEN VAN HET BESTEMMINGSPLAN ONDER DE WABO VOOR KRUIMELGEVALLEN 2012
Gemeente Cuijk BELEIDSREGEL AFWIJKEN VAN HET BESTEMMINGSPLAN ONDER DE WABO VOOR KRUIMELGEVALLEN 2012 Artikel 2.12, lid 1 onder a sub 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), Artikel 4 Bijlage
GEMEENTEBLAD. Nr. 67309
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Rhenen. Nr. 67309 22 juli 2015 Gemeente Rhenen - Beleidsregels - Omgevingsvergunning voor de activiteit het gebruiken van gronden en bouwwerken in strijd met
Beleid omtrent planologische afwijking op grond van artikel 4 van Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht
Beleid omtrent planologische afwijking op grond van artikel 4 van Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht Inleiding Arnhem is een dynamische stad. Dat betekent dus ook dat het gebruik van de ruimte in
Omgevingsvergunning voor de activiteit het gebruiken van gronden en bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan 2015
Beleidsregels Omgevingsvergunning voor de activiteit het gebruiken van gronden en bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan 2015 Vastgesteld door het college d.d. 14 juli 2015 Datum inwerkingtreding
BELEIDSREGELS Voor het afwijken van het bestemmingsplan
BELEIDSREGELS Voor het afwijken van het bestemmingsplan Gemeente Middelburg Afdeling Ruimtelijk Beleid Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 17 mei 2011. Toelichting Per 1 oktober
Beleidsregels planologische kruimelgevallen Gemeente Sint-Michielsgestel (1e herziening)
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Sint-Michielsgestel. Nr. 8675 30 januari 2015 Beleidsregels planologische kruimelgevallen Gemeente Sint-Michielsgestel (1e herziening) Inzake toepassen artikel
Collegebesluit Aanpassing beleidsregels kleine buitenplanse afwijkingen o.g.v. de Wabo (planologische kruimelgevallen)
GEMEENTEBLAD Nr. 53720 29 september Officiële uitgave van gemeente Tilburg. 2014 Collegebesluit Aanpassing beleidsregels kleine buitenplanse afwijkingen o.g.v. de Wabo (planologische kruimelgevallen) Dit
Aan- en uitbouw Een aan een hoofdgebouw gebouwd gebouw dat in bouwkundig opzicht te onderscheiden is van het hoofdgebouw.
BEGRIPSBEPALINGEN Aan- en uitbouw Een aan een hoofdgebouw gebouwd gebouw dat in bouwkundig opzicht te onderscheiden is van het hoofdgebouw. Aansluitend terrein / erf Al dan niet bebouwd perceel, of een
Afwijkingenbeleid kruimelgevallen Bunnik 2013
Afwijkingenbeleid kruimelgevallen Bunnik 2013 INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1: Algemene toelichting 1. Inleiding 2. Procedure invoering beleidsregels 3. Procedure toepassing regeling voor planologische kruimelgevallen
Afwijkingenbeleid Kruimelgevallen
Afwijkingenbeleid Kruimelgevallen ex artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 2, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht j o artikel 4 van bijlage II Besluit omgevingsrecht Gemeente Barneveld maart 2013 Afwijkingenbeleid
Begrippen: bebouwing één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.
Beleidsregels voor de toepassing van een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan op grond van artikel 2.12 lid 1 onder a sub 2 Wabo. 1. Voor een toetsing van een aanvraag om een omgevingsvergunning
De Belangenverenigingen Binnenstad Noord, De Oude en De Nieuwe Delf, en Zuidpoort p/a Rietveld 15 2611 LG Delft
De Belangenverenigingen Binnenstad Noord, De Oude en De Nieuwe Delf, en Zuidpoort p/a Rietveld 15 2611 LG Delft Aan: I.a.a: De gemeenteraad van Delft De fracties van de gemeenteraad van Delft Het college
Beleidsregels voor de toepassing van de ontheffingsbevoegdheid ex artikel 4 van bijlage II Besluit omgevingsrecht (Bor)
Beleidsregels voor de toepassing van de ontheffingsbevoegdheid ex artikel 4 van bijlage II Besluit omgevingsrecht (Bor) A. Algemeen 1.1. Inleiding Bij de inwerkingtreding van de Wet ruimtelijke ordening
Beleidsregels voor de toepassing van de ontheffingsbevoegdheid ex artikel 4 van bijlage II Besluit omgevingsrecht (Bor) A. Algemeen. 1.1.
Beleidsregels voor de toepassing van de ontheffingsbevoegdheid ex artikel 4 van bijlage II Besluit omgevingsrecht (Bor) A. Algemeen 1.1. Inleiding Bij de inwerkingtreding van de Wet ruimtelijke ordening
Kruimelbeleid. In het kader van artikel 2.12, lid 1a sub 2 Wabo. Gemeente Geldermalsen
Kruimelbeleid In het kader van artikel 2.12, lid 1a sub 2 Wabo Gemeente Geldermalsen 0 Opdrachtgever: Gemeente Geldermalsen Contactpersoon opdrachtgever: de heer R. Oldebesten Datum: november 2015 Projectleider
Artikel 22 Wonen - 1. 22.2 Bouwregels Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels:
143 Artikel 22 Wonen - 1 22.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen, al dan niet met aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige
GEMEENTEBLAD. Nr Aanpassing kruimelgevallenbeleid. Besluit Het college heeft besloten om
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Tilburg. Nr. 30692 14 maart 2016 Aanpassing kruimelgevallenbeleid collegebesluit van 16 februari 2016-08 Aanleiding Door toepassing van de kruimelgevallenregeling
De 1 e herziening "Beleidsregels voor afwijkingen in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht"
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Hulst. Nr. 6730 21 januari 2016 2e Herziening Beleidsregels voor afwijkingen in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Beleidsregels artikel
Hoofdstuk 1 Inleidende regels 3 Artikel 1 Toepassingsregels 3 Artikel 2 Begrippen 3. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels 5 Artikel 3 Wonen 5
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleidende regels 3 Artikel 1 Toepassingsregels 3 Artikel 2 Begrippen 3 Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels 5 Artikel 3 Wonen 5 Hoofdstuk 3 Overgangs- en slotregels 8 Artikel 4 Slotregel
Beleid omtrent planologische afwijking op grond van artikel 4 Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht gemeente Lingewaard
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van de gemeente Lingewaard Nr. 114063 5 juli 2017 Beleid omtrent planologische afwijking op grond van artikel 4 Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht gemeente Lingewaard
Toelichting op de beleidsregels voor de toepassing van artikel 2.12 eerste lid, onderdeel a sub 2 Wabo Hellevoetsluis 2015
INLEIDING In de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is de mogelijkheid opgenomen om voor planologische kruimelgevallen af te wijken van het bestemmingsplan (of een beheersverordening). Dit middels
BELEID VOOR HET AFWIJKEN VAN HET BESTEMMINGSPLAN
BELEID VOOR HET AFWIJKEN VAN HET BESTEMMINGSPLAN Kenmerk #3643464 Gemeente Amersfoort Postbus 4000 3800 EA Amersfoort Bezoekadres: Stadhuisplein 1 3811 LM Amersfoort Telefoon (033) 469 51 11 Fax (033)
Pelgrimsche Hoeve. Kavelgegevens prijs: 325 / m² ex. btw. Fase 3 kavelnummer: 1. 's-hertogenbosch. PRIJS: k.k. ex. btw.
Pelgrimsche Hoeve Kavelgegevens prijs: 325 / m² ex. btw 's-hertogenbosch Fase 3 kavelnummer: 1 PRIJS: 145.925 k.k. ex. btw Team Uitgifte Monique van Griensven - van Lent 06-31942182 [email protected]
Gemeente Steenbergen Afwijkingenbeleid Kruimelgevallen 2016
Inhoudsopgave 1. Algemeen 1.1 Inleiding 3 Gemeente Steenbergen Afwijkingenbeleid Kruimelgevallen 2016 1.2 Doelstelling 3 1.3 Afwijking 3 1.4 Procedure 3 1.5 Leeswijzer 3 2. Beleidsregels 2.1 Begripsbepalingen
Artikel 21 Wonen. Voor het bouwen gelden de volgende regels:
176 Artikel 21 Wonen 21.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen en in samenhang daarmee voor de uitoefening van aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige
De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. educatieve instellingen met inbegrip van kinderopvang;
Artikel 7 Maatschappelijk 7.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. maatschappelijke voorzieningen waaronder: 1. educatieve instellingen met inbegrip
BIJLAGE 2 - VOORSCHRIFTEN - PLANKAART
BIJLAGE 2 - VOORSCHRIFTEN - PLANKAART Artikel 1 Woondoeleinden W- 1. Doeleinden De gronden op de plankaart aangewezen voor Woondoeleinden W- zijn bestemd voor het wonen. Bij de realisatie van nieuwe woningen
Artikel 2 Woondoeleinden IV (W IV) 5 Artikel 3 Erven III (E III) 7 Artikel 4 Tuinen II (T II) 9
Inhoud van de regels Hoofdstuk 1 Inleidende en algemene bepalingen blz. 3 Artikel 1 Begripsbepalingen 3 Hoofdstuk 2 Bestemmingen en gebruik 5 Artikel 2 Woondoeleinden IV (W IV) 5 Artikel 3 Erven III (E
Derde wijziging van de Beleidsregels afwijking bestemmingsplan
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van de gemeente Goes Nr. 128201 24 juli 2017 Derde wijziging van de Beleidsregels afwijking bestemmingsplan Artikel 1 Inleidende bepalingen 1. Voor een omschrijving van de
Beleidsregels Kruimelgevallen 2016
Beleidsregels Kruimelgevallen 2016 Beleidsregels voor afwijkingen van bestemmingsplan op grond van artikel 2.12 lid 1 onder a onder 2 van de Wabo juncto artikel 4 Bijlage II Bor VASTGESTELD DOOR HET COLLEGE
Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheden kruimelgevallen. Gemeente Duiven
Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheden kruimelgevallen Gemeente Duiven Versie: januari 2011 Vastgesteld op: 8 februari 2011 Inwerkingtreding: 8 februari 2011 Inhoud 1 Inleiding 5 1.1 Aanleiding
Kruimelgevallenbeleid Hillegom
Kruimelgevallenbeleid Hillegom Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 18 december 2018 Inhoud 1. Inleiding... 3 1.2 Wettelijke borging... 4 1.3 Overige afwijkingsmogelijkheden...
Afwijkingenbeleid Toepassing planologische kruimelgevallen (artikel 4 bijlage II van het Besluit omgevingsrecht)
Afwijkingenbeleid Toepassing planologische kruimelgevallen (artikel 4 bijlage II van het Besluit omgevingsrecht) Vastgesteld 15 oktober 2013 In werking getreden 1 november 2013 (T13.12161) Inhoudsopgave
Inhoud van de regels. Hoofdstuk 1 Inleidende regels blz. 3. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels 5. Artikel 1 Begrippen 3
REGELS Inhoud van de regels Hoofdstuk 1 Inleidende regels blz. 3 Artikel 1 Begrippen 3 Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels 5 Artikel 2 Woondoeleinden VI (WVII) 5 Artikel 3 Groen (G) 8 Adviesbureau RBOI 162100.16253.00
Beleidsregels binnenplans afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 Wabo)
Beleidsregels binnenplans afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 Wabo) Versie: vastgesteld Gemeente Landsmeer, januari 2011 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 1. Inleiding...
Beleidsregels ruimtelijk omgevingsrecht
A gemeente Eindhoven Beleidsregels ruimtelijk omgevingsrecht Januari 2012 bke/xe11033043 Colofon Uitgave Gemeente Eindhoven Datum Januari 2012 gemeente Eindhoven Inhoudsopgave Inhoudsopgave...3 1 Inleiding
BELEIDSREGELS PERSOONSGEBONDEN OMGEVINGSVERGUNNING VOOR HET PERMANENT BEWONEN VAN EEN RECREATIEWONING
BELEIDSREGELS PERSOONSGEBONDEN OMGEVINGSVERGUNNING VOOR HET PERMANENT BEWONEN VAN EEN RECREATIEWONING afdeling Milieu & Bouwen i.s.m. afdeling Ontwikkeling & Grondzaken 29 oktober 2012 Inhoudsopgave Inhoudsopgave...
Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheden o.g.v. artikel 4 van bijlage II Bor. Gemeente Doesburg
Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheden o.g.v. artikel 4 van bijlage II Bor Gemeente Doesburg Projectnr. W-13010 / vastgesteld / juni 2014 Vestigingsadres: Schoenaker 10, 6641 SZ Beuningen
Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheid gemeente Twenterand
Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheid gemeente Twenterand Beleidsregels als bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2, van de Wabo Vastgesteld op 31 maart 2015 In werking getreden
b. beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten, met dien verstande dat:
Artikel 8 Wonen - 2 8.1 Bestemmingsomschrijving 8.2 Bouwregels 8.3 Nadere eisen 8.4 Afwijking van de bouwregels 8.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
Beleidsnotitie afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 2 Wabo)
Beleidsnotitie afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 2 Wabo) Gemeente Landsmeer, november 2010 1 2 Inhoudsopgave...3 1. Inleiding...4 Algemeen...4 Actualisatie bestemmingsplannen...4
Artikel 19 Wonen - Karakteristiek
Artikel 19 Wonen - Karakteristiek 19.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'wonen-karakteristiek' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. aan huis verbonden beroepen; c. water; d. behoud van de
BESTEMMINGSBEPALINGEN
05-01-03 blz 11 BESTEMMINGSBEPALINGEN Artikel 3: Woondoeleinden 1 3. 1. Bestemmingsomschrijving De voor woondoeleinden 1 aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woonhuizen, al dan niet in combinatie met
Gemeente Hilvarenbeek Ingekomen:
Gemeente Hilvarenbeek Ingekomen: 4-1 -2016 Bestemmingsplan "Kern Hilvarenbeek" Artikel 17 Wonen 17.1 Bestemmingsomschrijving 17.1.1 Algemeen De voor "Wonen" aangewezen gronden zijn bestemd voor het wonen
Beleidsregels voor de toepassing van artikel 2.12 eerste lid onder a onder 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
Beleidsregels voor de toepassing van artikel 2.12 eerste lid onder a onder 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Afdeling SBP Team RO 8 november 2010 vastgesteld 16 november 2010 gewijzigd op
Waterfront-Zuid Watersportboulevard. Vastgesteld uitwerkingsplan
Waterfront-Zuid Watersportboulevard Vastgesteld uitwerkingsplan Waterfront-Zuid - Watersportboulevard Inhoudsopgave Regels 3 Hoofdstuk 1 Inleidende regels 5 Artikel 1 Begrippen 5 Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen;
Artikel 15 Wonen 15.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen; alsmede voor: b. garageboxen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'garage'; c. dienstverlening,
Vinkelse Slagen. Kavelgegevens. kavelnummer: 1. 's-hertogenbosch. oppervlakte: 949 m 2. prijs: 247.350 ex. btw. Team Uitgifte
oppervlakte: 949 m 2 kavelnummer: 1 prijs: 247.350 ex. btw kavelnummer: 2 oppervlakte: 963 m2 prijs: 249.450 ex. btw kavelnummer: 3 oppervlakte: 1.011 m2 prijs: 256.650 ex. btw kavelnummer: 4 oppervlakte:
1. Algemeen 1.1 Inhoud notitie 1.2 Randvoorwaarden en overige regels
Beleidsnotitie voor het afwijken van een ruimtelijk plan op grond van artikel 2.12 lid 1 sub a onder 2 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) gemeente Hardenberg ONTWERP Inhoud 1. Algemeen 3 1.1
Beleid standaardplanologische. afwijkingen
Beleid standaardplanologische afwijkingen Beleidsregels voor de toepassing van artikel 2.12 eerste lid onder a onder 2 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht 28 april 2015 Versie: 1.6 Status: vastgesteld
P l a n r e g e l s vrs
P l a n r e g e l s 012.10.01.02.00.vrs I n h o u d s o p g a v e Artikel 1 Relatie met het vigerende bestemmingsplan 3 Artikel 2 Wonen 4 Artikel 3 Geluidzone (dubbelbestemming) 9 Artikel 4 Anti-dubbeltelregel
Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheid gemeente Twenterand
Beleidsregels planologische afwijkingsmogelijkheid gemeente Twenterand Beleidsregels als bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2, van de Wabo Versie: 31 mei 2011 Pagina 1 van 24 1. Inleiding
HOOFDSTUK 1 INLEIDENDE REGELS
Regels HOOFDSTUK 1 INLEIDENDE REGELS... 1 Artikel 1 Begrippen... 1 Artikel 2 Nadere regels... 1 HOOFDSTUK 2 Bestemmingsregels... 2 Artikel 3 Groen... 2 Artikel 4 Maatschappelijk... 2 Artikel 5 Verkeer
Artikel 4: Woondoeleinden 2
05-01-03 blz 17 Artikel 4: Woondoeleinden 2 4. 1. Bestemmingsomschrijving De voor woondoeleinden 2 aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woonhuizen, al dan niet in combinatie met ruimte voor een aan-huis-verbonden
Beleidsregels voor afwijkingen van bestemmingsplan op grond van artikel 2.12 lid 1 onder a onder 2 van de Wabo juncto artikel 4 bijlage II Bor
CVDR Officiële uitgave van Enschede. Nr. CVDR613969_1 9 november 2018 Planologische afwijkingsmogelijkheden 2018 Beleidsregels voor afwijkingen van bestemmingsplan op grond van artikel 2.12 lid 1 onder
Beleid. Afwijkingen bestemmingsplan. Besluit omgevingsrecht bijlage II, artikel 4
Beleid Afwijkingen bestemmingsplan Besluit omgevingsrecht bijlage II, artikel 4 januari 2012 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2.1 leeswijzer 3 2. Beleidsregels 4 2.1 leeswijzer 4 2.2 Begripsbepalingen 4 2.3
Beleidsregel voor bouwen en gebruik in strijd met planologisch regime
CVDR Officiële uitgave van Grave. Nr. CVDR105251_1 22 mei 2018 Beleidsregel voor bouwen en gebruik in strijd met planologisch regime INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING 3 1.1 Aanleiding 31.2 Leeswijzer 31.3 Inwerkingtreding
Besluit omgevingsrecht, Bijlage II
Besluit omgevingsrecht, Bijlage II (Tekst geldend op: 10-12-2015) Bijlage II. Behorende bij de artikelen 3, 5a en 7 Aanwijzing van categorieën gevallen waarin: voor bouwactiviteiten, planologische gebruiksactiviteiten
Beleidsregels voor afwijken van het bestemmingsplan op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 1 en 2
06-09-2016 Beleidsregels voor afwijken van het bestemmingsplan op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 1 en 2 1 onder 1 o en 2 o 2 Beleidsregels voor
Planregels. Wijzigingsplan Nieuw-Vennep 1e wijziging 2 e fase
Planregels Wijzigingsplan Nieuw-Vennep 1e wijziging 2 e fase HOOFDSTUK 1 INLEIDENDE BEPALINGEN ARTIKEL 1 Begripsbepalingen plan: (digitaal) het wijzigingsplan 'Nieuw-Vennep 1e wijziging 2 e fase' van de
In een aantal bestemmingsplannen is een bepaling opgenomen over dakterrassen. Voor dit beleid is aangesloten bij deze bepaling.
2 e wijziging 2.12 Beleid De Bilt 2014 Artikel 6 Tekst artikel 4 lid 4 bijlage II Besluit omgevingsrecht Een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een
Gemeente Moerdijk. Beleid planologisch strijdig gebruik 2016
Gemeente Moerdijk Beleid planologisch strijdig gebruik 2016 Vastgesteld op 14 juni 2016 Inhoud 1 Inleiding 1 1.1 Aanleiding 1 1.2 Doel 1 1.3 Leeswijzer 1 2 Beleidsregels 3 2.1 Algemene regels 3 2.2 Specifieke
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 22720 7 november 2012 Gewijzigd vastgesteld bestemmingsplan bouwen één woning Melkstraat 2b te Alphen, West Maas en Waal
A r t i k e l 1 T u i n
A r t i k e l 1 T u i n 1. 1 B e s t e m m i n g s o m s c h r i j v i n g De voor Tuin aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuinen behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouwen,
voorgevelrooilijn: voorgevelrooilijn als bedoeld in het bestemmingsplan, de beheersverordening dan wel de gemeentelijke bouwverordening;
WaboAdvies Vaassen BV Julianalaan 13 8171EA Vaassen [email protected] tel 06-13154648 www.waboadvies.nl Besluit van 25 maart 2010, houdende regels ter uitvoering van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
Opdrachtgever: Gemeente Noordenveld Projectnummer:
Memo Opdrachtgever: Gemeente Noordenveld Projectnummer: 160.00.02.01.00 Onderwerp: nieuwe bijgebouwenregeling Datum: 1 november 2014 Nieuwe bijgebouwenregeling Noordenveld A a n l e i d i n g De gemeente
Woondoeleinden 2 (W2)
Artikel 4 Woondoeleinden 2 (W2) 4.1 Doeleindenomschrijving De op de plankaart voor Woondoeleinden 2 (W2) aangewezen gronden zijn bestemd voor de volgende doeleinden: a wonen; b aan huis verbonden beroepen;
Regels 1e herziening 'Smitsweg', locaties Noord en Midden
Regels 1e herziening 'Smitsweg', locaties Noord en Midden HOOFDSTUK 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen 1.1 het plan Het bestemmingsplan '1e herziening Smitsweg, locaties Noord en Midden' met identificatienummer
Advies Bestemmingsplan Het Nieuwe Water 2
Advies Bestemmingsplan Het Nieuwe Water 2 Vraagstelling Uw vraag is of een carport vergunningvrij op het onderstaande perceel kan worden gebouwd. U hebt aangeleverd een schets van het bouwvlak en een kaartje
Beleidsregels Kruimelgevallen
Beleidsregels voor afwijkingen van bestemmingsplan op grond van artikel 2.12 lid 1 onder a onder 2 van de Wabo juncto Bijlage II, artikel 4 Bor Stellers : Bart Koffeman, Erik Beumer Eigenaar : Ruimtelijke
Toelichting bij de beleidsnotitie voor bijbehorende bouwwerken Gemeente Pekela
Toelichting bij de beleidsnotitie voor bijbehorende bouwwerken Gemeente Pekela 2012 Inhoudsopgave Inleiding... 3 Begrippen... 3 Het beleid uit 2005... 4 Vraagstelling... 4 Planologisch kader... 4 Juridisch
GEMEENTEBESTUUR UITGEEST
GEMEENTEBESTUUR UITGEEST Nota / advies van: Patrick Monincx Behandelende afdeling: Publiekszaken/ Vergunningen Datum: 07-05-2015 NR. TITEL: Maatwerk voor erkers/woninguitbreiding aan de voorzijde, die
Erfafscheidingen. Gemeente Zeewolde, juni 2011
Erfafscheidingen Gemeente Zeewolde, juni 2011 Versie augustus 2016 2 1. Inleiding Iedereen wenst zijn/ haar perceel op een goede manier met de buren of het openbaar gebied te scheiden. Wanneer hiervoor
Beleidsregels voor beperkte afwijkingen van het bestemmingsplan herziening 2013
Het college van burgemeester en wethouders, gelet op artikel 2.12, Iid1, sub a onder 1 en 2 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht jo. artikel 4 Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht, en artikel 4:81
Beleidsregels Planologische Afwijkingsmogelijkheden
* 1 1 0 0 3 4 6 1 * Beleidsregels Planologische Afwijkingsmogelijkheden GEMEENTE BOSKOOP 3!J 3ESLIKT BURGEMEESTrH 1 Beleidsregels In de onderhavige notitie zijn beleidsregels geformuleerd voor de planologische
Gelet op de projectomschrijving en op artikel 2.4 van de Wabo zijn wij in dit geval het bevoegde gezag om op de aanvraag te beslissen.
Omgevingsvergunning Zaaknummer 550658 1. Inleiding Op 21 september 2015 hebben wij uw aanvraag om een omgevingsvergunning ontvangen voor het vergroten van de bestaande dakkapel (wijziging op de eerder
GEMEENTEBLAD. Nr. 2783. Beleidsregels kruimelgevallen. 22 januari 2014. Officiële uitgave van gemeente Lochem.
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Lochem. Nr. 2783 22 januari 2014 Beleidsregels kruimelgevallen Deze beleidsregels treden in werking op 23 januari 2014 Burgemeester en wethouders van de gemeente
Bijlage 1 Wetteksten Wabo en Bor
Bijlage 1 Wetteksten Wabo en Bor Ontheffing artikel 3.23 Wro Artikel 4.1.1 Bro 1. Voor de toepassing van artil
