Romeinen 1. Begin van de brief
|
|
|
- Renske van den Berg
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Romeinen 1 Begin van de brief Paulus groet de christenen in Rome 1-7 Dit is een brief van Paulus aan alle christenen in de stad Rome. Ik ben een dienaar van Jezus Christus. God heeft mij uitgekozen om apostel te zijn. Hij heeft mij de opdracht gegeven om het goede nieuws te vertellen. Het goede nieuws gaat over Jezus Christus, de Zoon van God. God liet de profeten al over hem vertellen in de heilige boeken. Jezus Christus is een nakomeling van David. Zo kwam hij als mens op aarde. En God liet zien dat Jezus zijn Zoon is, toen hij hem uit de dood liet opstaan. God gaf hem de hoogste macht, de macht van de heilige Geest. Zo werd Jezus Christus onze Heer. Dankzij Jezus Christus is God goed voor mij. God heeft mij uitgekozen om overal het goede nieuws te vertellen. Want mensen van alle volken moeten gaan geloven, en gehoorzaam worden aan God. Dan krijgt Jezus Christus alle eer. Ook jullie zijn in Jezus Christus gaan geloven. Hij heeft jullie uitgekozen om bij hem te horen. Nu zijn jullie christenen, en God houdt van jullie. Ik wens jullie toe dat God, onze Vader, en de Heer Jezus Christus goed voor jullie zijn en jullie vrede geven. Paulus dankt God 8 Allereerst dank ik mijn God voor jullie allemaal. Want over jullie geloof wordt overal in de wereld gesproken! Ik vraag Jezus Christus om mijn dank aan God over te brengen Elke dag bid ik voor jullie. En elke keer vraag ik aan God of ik eindelijk naar jullie toe mag komen. God weet dat dat waar is! Hij weet dat ik alles overheb voor het goede nieuws over zijn Zoon. 11 Ik wil jullie graag ontmoeten. Ik wil jullie iets doorgeven van de bijzondere krachten die ik van God gekregen heb. Daarmee wil ik jullie geloof sterker maken. 12 Ik bedoel natuurlijk dat we dan elkaars geloof sterker zullen maken. En dat we elkaar dan tot steun kunnen zijn. Het werk van Paulus Paulus wil graag naar Rome komen 13 Vrienden, jullie moeten weten dat ik al vaak van plan geweest ben om naar jullie toe te komen. Want ik wilde ook bij jullie in Rome mensen tot geloof brengen, net als in de rest van de wereld. Maar tot nu toe werd ik steeds tegengehouden. 14 Het is mijn opdracht om aan alle volken het goede nieuws te vertellen. Aan de volken die Grieks spreken, net als wij, maar ook aan volken met andere talen en vreemde gewoontes. 15 Daarom is het dus steeds mijn wens geweest om ook bij jullie in Rome het goede nieuws te vertellen. Iedereen die gelooft, wordt gered
2 16 Ik schaam me niet om te vertellen dat Jezus aan het kruis gestorven is. En dat de machtige God hem heeft laten opstaan uit de dood. Iedereen die dat goede nieuws gelooft, wordt gered. In de eerste plaats alle Joden, maar ook alle niet-joden. 17 De redding die God wil geven, is nu al op aarde te zien. Want steeds meer mensen geloven het goede nieuws over Jezus Christus. En in de heilige boeken staat: «Als je gelooft, ziet God je als een goed mens. Dan zul je leven.» Iedereen verdient Gods straf De mensen weigeren om God te eren 18 God laat zien dat hij woedend is over de slechtheid van de mensen. Hij is boos omdat de mensen geen eerbied voor hem hebben, en omdat ze elkaar slecht behandelen. De mensen verzetten zich tegen de waarheid over God. 19 Terwijl ze echt wel kunnen weten wie God is. God heeft zich namelijk aan alle mensen bekendgemaakt. 20 Want ook al kun je God niet zien, je kunt wel zien wat hij gedaan heeft. God heeft de wereld gemaakt. Zo kan iedereen die verstand heeft, Gods eeuwige macht zien, en begrijpen dat hij God is. Daarom hebben mensen die God niet eren, geen enkel excuus! De mensen kenden God dus wel, maar ze wilden hem niet danken en eren. Nee, daar vonden ze zichzelf te goed voor. Ze dachten dat ze heel wijs waren, maar ze raakten hun verstand juist kwijt. Ze konden niet meer helder denken. En het werd duidelijk dat ze niets waard waren. 23 Ze gingen beelden vereren van sterfelijke mensen en van allerlei dieren en vogels. Maar ze hadden geen eerbied voor de heilige God, die eeuwig bestaat. De mensen zijn in de macht van het kwaad 24 Toen gaf God de mensen over aan de macht van het kwaad. Hun slechte verlangens zijn de baas over hen geworden. En hun verkeerde seksuele gedrag heeft hen onrein gemaakt. 25 Dat gebeurt er als mensen afgoden gaan vereren en knielen voor beelden van mensen of dieren. En als ze God, die alles gemaakt heeft, niet willen eren. Maar de ware God moet juist alle eer krijgen, altijd en overal! Amen God zorgde ervoor dat de mensen slaaf werden van hun eigen slechte verlangens. Daardoor gingen ze zich verkeerd gedragen op seksueel gebied. Vrouwen hebben nu seks met vrouwen. En mannen verlangen hevig naar mannen, en ook zij hebben seks met elkaar. Het is hun verdiende loon voor hun zonde tegen God. 28 De mensen vonden het zinloos om eerbied voor God te hebben. Daarom zorgde God ervoor dat ze slaaf werden van hun eigen zinloze ideeën. Ze gingen dingen doen die verkeerd zijn Ze zitten vol slechtheid: Ze zijn oneerlijk, misdadig en gemeen. Ze denken alleen aan zichzelf. Ze zoeken ruzie en ze plegen moorden. Ze liegen en ze zijn jaloers op elkaar. Ze roddelen en ze spreken kwaad over elkaar. Ze haten God. Ze vinden zichzelf geweldig, ze voelen zich beter dan anderen en ze scheppen graag op. Ze bedenken gemene plannen, en ze hebben geen respect voor hun ouders.
3 31 Ze hebben geen verstand. Je kunt ze niet vertrouwen. Ze weten niet wat liefde is. En ze hebben met niemand medelijden. 32 Iedereen weet hoe God over die dingen oordeelt: wie zulke dingen doet, verdient de zwaarste straf. Toch doen de mensen al die slechte dingen. Ze wensen elkaar er zelfs succes bij! Romeinen 2 Wie kwaad doet, wordt gestraft 1 Misschien zegt iemand: Al die dingen gaan niet over mij. Maar dan zeg ik tegen hem: Luister, jij oordeelt over andere mensen en je hebt kritiek op hun gedrag. Maar de dingen waar jij kritiek op hebt, die doe je zelf ook. Zo laat je zelf zien dat je straf verdient. 2 Mensen die al die verkeerde dingen doen, krijgen van God de straf die ze verdienen. Dat weten we allemaal. 3 Denk jij dan dat je kunt ontsnappen aan Gods straf? Jij hebt wel steeds kritiek op andere mensen, maar je doet zelf ook verkeerde dingen! 4 God is goed en geduldig, hij wacht lang met straffen. Jij denkt: Zo n God hoef ik niet serieus te nemen! Maar dan begrijp je het niet. God is juist goed voor je: hij geeft je de kans om een nieuw leven te beginnen. 5 Maar jij bent ongehoorzaam. Je wilt je leven niet veranderen. Zo maak je jezelf nog schuldiger. Op de dag dat God zal rechtspreken over de wereld, zal hij ook jou straffen. Je krijgt wat je verdient 6 God zal alle mensen geven wat ze verdienen. 7 De mensen die het volhouden om te doen wat God wil, krijgen het eeuwige leven. Want zij hebben alles over voor het volmaakte leven bij God. 8 Maar God straft de mensen die zichzelf beter vinden dan anderen. De waarheid is voor hen niet belangrijk. Voor hen telt alleen oneerlijk gedrag. 9 Ieder mens die slechte dingen doet, zal door God gestraft worden met pijn en ellende. Dat geldt in de eerste plaats voor de Joden, maar ook voor alle niet-joden. 10 Maar ieder mens die het goede doet, zal eer krijgen van God, en in vrede bij hem leven. Dat geldt in de eerste plaats voor de Joden, maar ook voor alle niet-joden. 11 Want God beoordeelt ieder mens op dezelfde manier. Het gaat erom hoe je leeft 12 De niet-joden kennen Gods wet niet. Maar ook zonder wet geldt: als je verkeerd leeft, loopt het slecht met je af. De Joden kennen Gods wet wel. Voor hen geldt: wie verkeerd leeft, wordt volgens de regels van de wet gestraft. 13 Want voor God gaat het er niet om dat je de wet kent. Het gaat erom dat je je aan de wet houdt. Alleen dan zul je gered worden Mensen die niet als Jood geboren zijn, kennen de Joodse wet niet. Maar stel dat ze toch leven zoals de wet het bedoelt. Dan zie je aan hun daden dat ze de wet in hun
4 hart hebben. Diep van binnen weten ze wat goed en slecht is. In gedachten geven ze een eerlijk oordeel over hun eigen daden. 16 God weet hoe de mensen van binnen zijn. Alles zal bekend worden op de dag dat hij Jezus Christus laat rechtspreken over de wereld. Dat is het goede nieuws dat ik vertel. Het gaat erom wat je doet 17 Jij zegt: Ik ben een Jood. Ik vertrouw op de wet, en ik ben trots op mijn God. 18 Ik ken Gods wil. Ik weet precies wat belangrijk is. Dat heeft de wet mij geleerd Ik ken de wet goed. En de wet geeft mij ware wijsheid. Daardoor kan ik anderen vertellen hoe ze moeten leven. Mensen die dom zijn en nog veel moeten leren, wijs ik op hun fouten. Zo lijk ik op iemand die blinden de weg wijst. En op een lamp die in het donker schijnt. 21 Jij vertelt anderen dus hoe ze moeten leven. Maar luister jij zelf wel naar die lessen? Je vertelt iedereen: Je mag niet stelen. Maar zelf steel je wel. 22 Je zegt: Je mag niet vreemdgaan. Maar zelf ga je wel vreemd. Je vindt het vereren van afgoden afschuwelijk. Maar voor de dingen die heilig zijn, heb je geen eerbied. 23 Jij bent er trots op dat je de Joodse wet kent. Maar je houdt je niet aan die wet, en zo beledig je God. 24 Zo staat het al in de heilige boeken: «Omdat jullie je zo slecht gedragen, hebben de andere volken geen eerbied voor God.» Het gaat erom hoe je van binnen bent 25 Goed, jij bent een Jood en dus ben je besneden. Maar dat is alleen een voordeel als je je houdt aan de wet. Anders heb je er niets aan dat je besneden bent. 26 En stel dat iemand die niet besneden is, zich houdt aan de regels van de wet. Dan ziet God hem als iemand die wel besneden is. 27 Stel dat een niet-jood, die dus niet besneden is, leeft zoals de wet het bedoelt. En stel dat jij je niet houdt aan de wet, terwijl jij wel besneden bent en de wet precies kent. Dan ben jij degene die aan het einde van de tijd gestraft zal worden Waardoor is iemand echt een Jood? Niet doordat andere mensen weten dat hij een Jood is, of doordat hij besneden is en de wet kent. Nee, iemand is echt een Jood door hoe hij van binnen is. En doordat hij zich laat leiden door de heilige Geest. De eer die zo iemand krijgt, komt niet van mensen, maar van God. Romeinen 3 God blijft trouw aan zijn belofte 1 Je zou kunnen zeggen: Welk voordeel heeft het eigenlijk om Jood te zijn? Wat heb je eraan als je besneden bent? 2 Het antwoord is: Je hebt er heel veel aan om Jood te zijn. Het belangrijkste is dat God aan de Joden zijn beloftes gegeven heeft. Die staan in de heilige boeken. 3 Maar toen Gods beloftes uitkwamen, wilden veel Joden het niet geloven. Is dat voor God een reden om hen in de steek te laten?
5 4 Nee, natuurlijk niet! Want mensen kun je niet vertrouwen, maar God wel. Hij blijft trouw aan wat hij beloofd heeft. Want zo staat het al in de heilige boeken: «God, iedereen zal zien dat uw woorden waar zijn. Iedereen zal weten dat u gelijk hebt.» 5-6 Nu zou je kunnen zeggen: De slechtheid van de mensen is dus nodig om te laten zien dat God eerlijk en betrouwbaar is. Maar dan is het oneerlijk als God de mensen voor hun slechtheid straft! Zo kun je natuurlijk niet over God spreken! God is goed en eerlijk. Anders zou hij nooit de rechter van de wereld kunnen zijn. 7 Nu zou je kunnen zeggen: Goed, alleen God is betrouwbaar, alleen hij verdient alle eer. Dankzij mijn slechte gedrag wordt dat juist duidelijk. Maar dan hoef ik toch niet meer gestraft te worden? 8 Houd toch op, dat is niet wat ik zeg! Er zijn mensen die beweren: Volgens Paulus moet je veel slechte dingen doen. Want dan kan God laten zien hoe goed hij is! De mensen die dat over mij zeggen, liegen. Zulke mensen verdienen Gods straf! Alle mensen zijn zondig 9 Je zou nu kunnen zeggen: Is het dan een nadeel om Jood te zijn? Absoluut niet! Want wat ik vastgesteld heb, is dit: alle mensen doen verkeerde dingen, Joden en niet-joden. 10 In de heilige boeken staat: «Er is geen mens die altijd goed doet, zelfs niet één. 11 Niemand is wijs, niemand is trouw aan God. 12 Iedereen is slecht en oneerlijk. Geen mens is goed, zelfs niet één. 13 Mensen spreken alleen maar kwaad, en ze vertellen alleen maar leugens. Hun woorden zijn slecht en gevaarlijk. 14 Ze liegen en bedriegen. 15 Ze plegen graag moorden. 16 Overal brengen ze geweld en ellende. 17 Vrede krijgt bij hen geen kans. 18 En eerbied voor God hebben ze niet.» 19 Dat staat in de heilige boeken van de Joden, en dus gaat het ook over de Joden zelf. Voor hen geldt hetzelfde als voor iedereen: Niemand heeft een excuus voor zijn slechte gedrag. Iedereen is schuldig tegenover God. 20 En niemand wordt gered doordat hij zich aan de Joodse wet houdt. Want het lukt niemand om alles te doen wat er in de wet staat. De wet leert ons juist dat ieder mens verkeerde dingen doet. Redding door het geloof God redt iedereen die gelooft Maar God wil de mensen redden. Dat wordt al verteld in de heilige boeken. En nu mag het aan iedereen bekendgemaakt worden: Mensen worden gered, niet doordat ze zich aan de wet houden, maar doordat ze geloven. Want God redt iedereen die gelooft in Jezus Christus. God maakt geen verschil tussen Joden en niet-joden. 23 Want alle mensen doen verkeerde dingen. Daardoor leeft niemand dicht bij God.
6 24 Maar God wil de mensen redden, zomaar, voor niets. Hij vergeeft de zonden van iedereen die gelooft in Jezus Christus. Zo goed wil God voor ons zijn Tegelijk wil God dat de schuld van de mensen weer goedgemaakt wordt. Hij heeft daarom zelf gezorgd voor een geschenk waarmee dat kan gebeuren. Dat geschenk is Jezus Christus. Dankzij zijn dood worden de mensen die in hem geloven, gered. God heeft altijd veel geduld met de mensen gehad. Hij liet hen in leven, ook al deden ze veel verkeerde dingen. En nu redt God iedereen die gelooft in Jezus Christus. Want iedereen die gelooft, wordt door God als een goed mens gezien. Alleen door geloof word je gered 27 Kunnen we dan nog zeggen dat het ene volk beter is dan het andere? Nee! Voor iedereen geldt dezelfde wet. Is dat een wet met regels om je aan te houden? Nee, het is de wet van het geloof. 28 Want wij weten dat mensen alleen gered kunnen worden door het geloof. En niet doordat ze zich aan de Joodse wet houden Er is maar één God. En hij is niet alleen de God van de Joden, maar ook de God van alle andere volken. Hij redt Joden als ze geloven, en hij redt niet-joden als ze geloven. 31 Beweer ik nu dat alleen het geloof belangrijk is, en de wet helemaal niet? Nee, ik zeg juist dat je je pas echt aan de wet houdt als je gelooft. Romeinen 4 Als je gelooft, ziet God je als een goed mens 1 Laten we eens kijken naar het voorbeeld van Abraham, de voorvader van de Joden. Hoe is het met hem gegaan? 2 Abraham heeft veel goede dingen gedaan. Dat maakt indruk op mensen, maar voor God gaat het om iets anders. God heeft Abraham niet gered omdat hij zo goed leefde. 3 Nee, in de heilige boeken staat: «Abraham geloofde in God, en daarom zag God hem als een goed mens.» 4 Als iemand werkt, krijgt hij loon. Niet als geschenk, maar omdat hij het verdient. 5 Maar niemand verdient het om door God gered te worden. Je moet er dus op vertrouwen dat God je wil redden, ook al ben je een slecht mens. Als je dat gelooft, ziet God je als een goed mens. 6 Wat is het echte geluk? Dat God je als een goed mens ziet, ook al verdien je dat niet. Ook David heeft dat gezegd in de heilige boeken. Hij zei: 7-8 «Je bent gelukkig als God je zonden vergeeft. Je bent gelukkig als God niet meer denkt aan je fouten, en niet meer kijkt naar je schuld.» Het geloof was er voor de besnijdenis 9 Maar voor wie is het echte geluk? Alleen voor mensen die besneden zijn? Of ook voor mensen die niet besneden zijn? Denk even aan wat ik net zei: Abraham geloofde in God, en daarom zag God hem als een goed mens.
7 10 Wanneer gebeurde dat? Toen Abraham al besneden was, of toen hij nog niet besneden was? Het gebeurde toen hij nog niet besneden was! 11 Door Abrahams geloof zag God hem als een goed mens, ook al was hij toen nog niet besneden. Zo werd Abraham de voorvader van alle gelovigen die niet besneden zijn. Zij worden gered omdat ze geloven. Later werd Abraham besneden. Dat was het teken dat God hem als een goed mens zag. 12 Zo werd Abraham ook de voorvader van de mensen die besneden zijn. Maar dan moeten ze wel geloven! Net zoals Abraham, die al geloofde voordat hij besneden was. Gods belofte hoort bij het geloof 13 God beloofde aan Abraham en zijn nakomelingen dat de nieuwe wereld voor hen zou zijn. Dat was niet omdat Abraham zich aan de wet hield, maar omdat hij geloofde. Want daarom zag God hem als een goed mens. 14 Dus waar gaat het om? Dat je leeft volgens de Joodse wet? Nee, dan zou het geloof geen zin hebben. En dan zou Gods belofte niet uitkomen. 15 De wet laat alleen maar zien dat mensen schuldig zijn. Maar voor wie gelooft, geldt dat niet. 16 God wilde laten zien hoe goed hij voor ons is. Daarom beloofde hij zijn nieuwe wereld aan alle nakomelingen van Abraham. Niet alleen aan de Joden, maar ook aan de niet-joden. Als ze maar geloven, net zoals onze voorvader Abraham. 17 Want in de heilige boeken zegt God tegen Abraham: «Ik beloof je dat er later heel veel volken van jou zullen afstammen.» Abraham geloofde wat God zei God beloofde dus veel nakomelingen aan Abraham, en Abraham geloofde God. Hij wist dat God de macht heeft om doden levend te maken. En om iets dat niet bestaat, te laten leven. 18 Abraham geloofde dat er later heel veel volken van hem zouden afstammen. Want God had gezegd: Je zult heel veel nakomelingen krijgen. Abraham geloofde dat, ook al was het iets dat eigenlijk helemaal niet kon. 19 Want Abraham wist best dat hij veel te oud was om vader te worden. Hij was al honderd jaar. En zijn vrouw Sara was veel te oud om een kind te krijgen. 20 Toch twijfelde Abraham niet, maar hij geloofde dat ze een kind zouden krijgen. Omdat God het beloofd had. God zorgde ervoor dat Abrahams geloof steeds sterker werd. En Abraham eerde God. 21 Want God heeft de macht om te doen wat hij belooft. Dat geloofde Abraham, zonder te twijfelen. 22 En daarom zag God hem als een goed mens. God ziet ook ons als goede mensen 23 In de heilige boeken staat dus dat God Abraham als een goed mens zag. Dat geldt niet alleen voor Abraham, 24 maar ook voor ons. Want God ziet ook ons als goede mensen, omdat we in hem geloven. Wij geloven dat God Jezus Christus, onze Heer, heeft laten opstaan uit de dood.
8 25 Omdat Jezus Christus gestorven is, worden onze zonden vergeven. En omdat hij is opgestaan uit de dood, worden wij gered. Romeinen 5 De zekerheid van de redding We zullen eeuwig bij God leven 1-2 God ziet ons dus als goede mensen omdat we geloven. Wij waren vijanden van God. Maar nu is er vrede tussen God en ons, dankzij onze Heer Jezus Christus. Daarom vertrouwen we erop dat we eeuwig bij God zullen leven. Op dat vertrouwen mogen we trots zijn. 3 En dat is niet het enige. We mogen er ook trots op zijn dat we het nu moeilijk hebben. Want door alle moeilijkheden leren we om vol te houden. 4 En door vol te houden worden we sterk in ons geloof. En daardoor hebben we het vaste vertrouwen dat we eeuwig bij God zullen leven. 5 Dat zal zeker gebeuren, want God heeft ons zijn heilige Geest nu al gegeven. Het is zeker dat we gered worden 6 Vroeger waren we vijanden van God. Wijzelf konden dat niet veranderen, maar Christus wel: hij is voor ons gestorven. 7 Welk mens is bereid om voor een ander te sterven? Misschien als die ander een goed en eerlijk mens is? Ja, misschien zijn er mensen die willen sterven voor een goed mens. 8 Maar Christus is voor ons gestorven toen we nog leefden als slechte mensen. Dat is het bewijs dat God van ons houdt! 9-10 Vroeger waren we dus vijanden van God. Maar nu is het goed tussen God en ons, dankzij de dood van zijn Zoon. Want dankzij de dood van Christus ziet God ons als goede mensen. En dus zullen we ook voor eeuwig gered worden. Daar hoeven we niet aan te twijfelen. Want Christus leeft, en hij zal ons redden op de dag dat God rechtspreekt over de wereld. 11 Laten we God alle eer geven. Want dankzij onze Heer Jezus Christus is het nu goed tussen God en ons. De dood en het leven Door Adam kwam de dood in de wereld 12 Door één mens, Adam, kwam de zonde in de wereld. En door de zonde kwam de dood in de wereld. En omdat alle mensen na Adam verkeerde dingen deden, kwam de dood voor iedereen In de tijd tussen Adam en Mozes was de Joodse wet er nog niet. De mensen konden dus nog niet veroordeeld worden door de wet. Adam deed wat God hem had verboden, de mensen na Adam deden verkeerde dingen uit zichzelf. En alle mensen
9 moesten sterven, want de dood had macht over iedereen. Maar tegenover Adam staat een ander mens: Jezus Christus De zonde van Adam had grote gevolgen: voor alle mensen kwam de dood. De straf voor Adam werd dus de straf voor alle mensen. Maar er is iets gebeurd dat belangrijker is. God heeft ons een groot geschenk gegeven: Jezus Christus. Door die ene mens is God goed voor alle mensen. Dankzij Jezus Christus ziet God ons als goede mensen, ook al hebben we veel fouten gemaakt. Ons leven wordt niet meer bepaald door de zonde van Adam, maar door Gods grote geschenk. Door Christus krijgen we eeuwig leven 17 Vanwege de zonde van één mens, Adam, kreeg de dood macht over alle mensen. Maar dankzij één mens, Jezus Christus, zullen wij allemaal eeuwig leven, samen met hem. Want dankzij Jezus Christus ziet God ons als goede mensen. Dat is Gods grote geschenk voor ons Door de zonde van één mens strafte God alle mensen. Doordat Adam ongehoorzaam was aan God, kreeg de zonde macht over iedereen. Maar doordat één mens het goede deed, ziet God ons allemaal als goede mensen. Doordat Jezus Christus gehoorzaam was aan God, zal God aan ons allemaal het eeuwige leven geven. 20 Toen de Joodse wet kwam, werd duidelijk welk gedrag verkeerd was. Daardoor kwam er steeds meer zonde. Maar hoeveel zonde er ook kwam, Gods goedheid was altijd groter. 21 Zolang de zonde macht had over de mensen, moesten alle mensen sterven. Maar nu wordt ons leven bepaald door Gods goedheid. Nu ziet God ons als goede mensen en wil hij ons het eeuwige leven geven, dankzij Jezus Christus, onze Heer. Romeinen 6 De zonde heeft geen macht meer De zonde beheerst ons leven niet meer 1 Wat is nu de conclusie? Moeten we verkeerde dingen blijven doen, zodat God steeds kan laten zien hoe goed hij voor ons is? 2 Nee, natuurlijk niet! De zonde heeft geen macht meer over ons. Dan moeten wij dus ook niet doorgaan met het doen van verkeerde dingen! 3-4 Jullie weten wat de doop betekent. De doop laat zien dat we bij Jezus Christus horen. Door onze doop zijn we eigenlijk samen met hem gestorven en begraven. En door onze doop leven wij nu als nieuwe mensen. Want Christus leeft! Onze machtige Vader heeft hem laten opstaan uit de dood. 5 Dus eigenlijk zijn we gestorven, net als Christus. Maar dan zullen we ook opstaan en eeuwig leven, net als Christus. 6 Dit is zeker: ons oude ik is samen met Christus aan het kruis gestorven. Alleen zo kon er een eind komen aan ons zondige bestaan. Nu wordt ons leven niet meer beheerst door de zonde. 7 Want als je gestorven bent, heeft de zonde geen macht meer over je. Dan ben je vrij.
10 Gods goedheid bepaalt ons leven 8 Wij zijn gestorven met Christus. En daarom geloven we dat we ook eeuwig zullen leven met Christus. 9 Dit is zeker: Christus is opgestaan uit de dood, en hij zal nooit meer sterven. Want de dood heeft geen macht meer over hem. 10 Door zijn dood heeft Christus voor altijd een eind gemaakt aan de macht van de zonde. Nu leeft hij tot eer van God. 11 Zo is het ook met ons. Ons oude ik is gestorven, dus de zonde heeft geen macht meer over ons. Wij leven tot eer van God, want we horen bij Jezus Christus. 12 We leven nog als sterfelijke mensen met verkeerde verlangens. Maar daar mogen we niet aan toegeven! Want dan zou de zonde opnieuw macht over ons krijgen. 13 Wij zijn vanuit de dood naar het leven gegaan. Doe daarom geen verkeerde dingen meer. Want daarmee leef je in dienst van de zonde. Maar doe het goede, want alleen dan leef je in dienst van God. 14 De zonde zal geen macht meer over ons hebben. Want ons leven wordt niet bepaald door de Joodse wet, maar door Gods goedheid. We zijn geen slaven van de zonde meer 15 Betekent dit dat we kunnen doorgaan met het doen van verkeerde dingen? Nee, natuurlijk niet! 16 Jullie weten hoe het gaat met slaven. Als je slaaf wordt van iemand, dan is hij je meester. Dan moet je hem gehoorzamen. Nu vraag ik jullie: Wie is jullie meester? Is dat de zonde, die leidt tot de dood? Of zijn jullie gehoorzaam aan God, zodat jullie gered worden? 17 Gelukkig kan ik God danken! Want jullie waren eerst slaven van de zonde. Maar nu zijn jullie gehoorzame knechten geworden, in dienst van het goede nieuws. 18 We zijn bevrijd uit de macht van de zonde. We zijn nu slaven van de God die ons wil redden. 19 Ik zeg expres slaven, ook al klopt dat niet helemaal. Anders begrijpen jullie het misschien niet. Wie bij God hoort, zal eeuwig leven Vroeger lieten jullie je leiden door je verkeerde verlangens. Jullie gedrag werd slechter en slechter. Nu moeten jullie je laten leiden door het goede. Jullie moeten leven als mensen die bij God horen. 20 Vroeger waren jullie slaven van de zonde. Toen hadden jullie niets te maken met de God die jullie wilde redden. 21 En hoe leefden jullie toen? Jullie deden slechte dingen, waar je je nu voor schaamt. Zo n leven leidt tot de dood. 22 Maar nu zijn jullie bevrijd van de zonde. Nu zijn jullie slaven van God, nu leven jullie als mensen die bij God horen. Zo n leven leidt tot het eeuwige leven. 23 Wie gehoorzaam is aan de zonde, krijgt als beloning de dood. Maar wie bij God hoort, krijgt het geschenk dat God ons wil geven: het eeuwige leven, dankzij onze Heer Jezus Christus.
11 Romeinen 7 We zijn bevrijd van de zonde De wet geldt niet meer voor ons 1 Vrienden, jullie kennen de wet. De wet geldt voor een mens zolang hij leeft. 2 Ik geef een voorbeeld. Een vrouw die getrouwd is, moet bij haar man blijven. Dat is een regel van de wet. Die regel geldt voor haar zolang haar man leeft. 3 Stel dat ze de vrouw van een ander wordt terwijl haar man nog leeft. Dan doet ze iets dat de wet verbiedt. Maar als haar man sterft, dan geldt die regel niet meer voor haar. Dan mag ze volgens de wet de vrouw van een ander worden. 4 Vrienden, dit voorbeeld gaat over ons. Wij zijn gestorven samen met Christus. Daarom geldt de wet niet meer voor ons. Wij horen nu bij Christus, die is opgestaan uit de dood. En daardoor kunnen we nu leven tot eer van God. 5 Toen wij Christus nog niet kenden, werd ons leven beheerst door verkeerde verlangens. Wij deden alles wat de wet ons verbiedt. Daarom verdienden wij de dood. 6 Maar nu is ons oude ik gestorven, en daardoor zijn we bevrijd van de wet. Die geldt niet meer voor ons. We zijn nu nieuwe mensen. Ons leven wordt niet meer bepaald door de wet, maar door de heilige Geest. De zonde maakt misbruik van de wet 7 Moeten we de conclusie trekken dat de wet en de zonde hetzelfde zijn? Nee, natuurlijk niet! Maar het zit zo: Door de wet leerden de mensen wat zonde is. Want de wet verbiedt alle verkeerde verlangens. Zo leerden de mensen die verlangens kennen. 8 En de zonde zorgde ervoor dat ze naar hun verkeerde verlangens gingen luisteren. Zo maakt de zonde misbruik van de wet. Zonder de wet heeft de zonde geen enkele macht. 9 Ooit leefden de mensen zonder de wet. Daarna kwam de wet, en door de wet kreeg de zonde macht over de mensen. 10 De wet wilde de mensen het leven geven, maar bracht de dood. 11 Dat kwam door de zonde, want de zonde maakte misbruik van de wet. De zonde heeft de mensen verleid om te doen wat de wet verbiedt. En daardoor moeten alle mensen sterven. 12 Maar de wet zelf is heilig. Ja, de wet is heilig, eerlijk en goed. Het lukt mensen niet om het goede te doen 13 Waarom moeten alle mensen sterven? Komt dat door de wet? Nee, natuurlijk niet. Dat komt door de zonde! Want de wet is goed, maar de zonde maakt misbruik van de wet. Zo brengt de zonde voor de mensen de dood. De zonde is dus het echte kwaad. 14 We weten dat God de wet gegeven heeft. Maar mensen zijn in de macht van de zonde, en ze zijn zwak. 15 Ze kunnen hun eigen gedrag niet eens begrijpen. Want vaak doen ze niet wat ze willen doen. Ze doen juist verkeerde dingen, die ze absoluut niet willen doen.
12 16 Mensen willen wel het goede doen. Daaraan kun je zien dat de wet goed is. Toch doen mensen steeds het verkeerde. 17 Eigenlijk doen ze dat niet zelf, maar het is de zonde die dat doet. Want de zonde heeft macht over hen Het goede heeft geen macht over de mensen, het heeft geen macht over hun verkeerde verlangens. Want mensen willen wel het goede doen, maar het lukt ze niet. Ze doen juist de slechte dingen, die ze niet willen doen. Mensen zijn in de macht van de zonde 20 Mensen doen steeds slechte dingen, ook al willen ze dat niet. Dat komt doordat de zonde macht over hen heeft. 21 Zo gaat het altijd: mensen doen verkeerde dingen, ook als ze het goede willen doen. 22 Mensen zijn blij met Gods wet, want diep van binnen weten ze: de wet is goed Maar aan hun daden zie je dat ze in de macht van de zonde zijn. Ze luisteren niet naar hun verstand, maar ze luisteren naar hun eigen verkeerde verlangens. Hun verstand zegt: Luister naar de wet van God. Maar hun lichaam is een slaaf van de zonde. Arme mensen! Kunnen ze ooit bevrijd worden van de zonde en de dood? Ja, dankzij Jezus Christus, onze Heer. Laten we God daarvoor danken! Romeinen 8 De heilige Geest beheerst ons leven We zijn bevrijd 1 De mensen die bij Jezus Christus horen, zijn bevrijd van Gods straf. 2 Wij waren in de macht van de zonde en de dood. Maar de heilige Geest heeft ons uit die macht bevrijd. En dankzij Jezus Christus krijgen we het eeuwige leven. 3 Wij waren in de macht van de zonde, en de wet kon ons niet redden. Maar God zorgde ervoor dat wij gered konden worden. Hij stuurde zijn Zoon. Zijn Zoon kwam als mens op aarde, waar de zonde heerste. Want alleen zo kon hij de zonde verslaan. Op die manier heeft God een eind gemaakt aan de macht van de zonde. 4 En daardoor kunnen wij nu leven zoals God het wil. Want wij worden geleid door de heilige Geest, en niet meer door onze verkeerde verlangens. De heilige Geest helpt ons 5 Als je je laat leiden door je slechte verlangens, dan wil je alleen maar verkeerde dingen doen. Maar als je je laat leiden door de heilige Geest, dan wil je alleen maar goede dingen doen. 6 Wie luistert naar zijn verkeerde verlangens, eindigt in de eeuwige dood. Maar wie luistert naar de heilige Geest, zal voor eeuwig leven bij God. 7 Wie luistert naar zijn slechte verlangens, is een vijand van God. Want slechte verlangens trekken zich niets aan van Gods wet. Ze gaan hun eigen gang. 8 Als je je laat leiden door je slechte verlangens, kun je niet doen wat God wil.
13 De heilige Geest is in ons 9 Maar bij jullie is dat heel anders. Jullie laten je niet leiden door je slechte verlangens, maar door de heilige Geest. Want de heilige Geest is in jullie gekomen. En je kunt alleen bij Christus horen als zijn Geest in je is. 10 Christus is in ons allemaal. De zonde zorgt er nog wel voor dat wij moeten sterven, maar de heilige Geest geeft ons het eeuwige leven. Want God ziet ons als goede mensen. 11 God heeft Jezus Christus laten opstaan uit de dood. En God zal ook aan ons, sterfelijke mensen, het eeuwige leven geven. Dat weten we zeker, want zijn Geest is nu al in ons gekomen. Wij zijn Gods kinderen 12 Vrienden, wij mogen ons niet langer laten leiden door onze slechte verlangens. 13 Want wie luistert naar zijn slechte verlangens, eindigt in de eeuwige dood. Maar wie dankzij de Geest een eind maakt aan zijn slechte gedrag, die zal voor eeuwig leven. 14 Als we ons laten leiden door Gods Geest, dan zijn we Gods kinderen. 15 God heeft ons niet zijn Geest gegeven om weer bange slaven van ons te maken. Nee, God heeft ons zijn Geest gegeven om van ons zijn kinderen te maken. En als Gods kinderen bidden wij: Abba, Vader! 16 De heilige Geest geeft ons de zekerheid dat we Gods kinderen zijn. 17 God heeft aan Christus het volmaakte leven gegeven. En dat wil hij ook aan ons geven, omdat ook wij zijn kinderen zijn. Wij horen bij Christus. Nu moeten we nog lijden, net als hij. Maar straks zullen we voor eeuwig leven, samen met hem. Niets houdt onze redding tegen Er komt een einde aan het lijden 18 Dit weet ik zeker: hoe zwaar ons lijden ook wordt, het brengt ons eeuwige leven niet in gevaar Alles op aarde wordt bedreigd door de macht van de dood. Dat is niet de schuld van de aarde, maar het is de straf van God voor de slechtheid van de mensen. Toch is er hoop! Want ooit wordt de aarde bevrijd. Dan komt er een eind aan de macht van de dood. De aarde verlangt hevig naar dat moment van bevrijding. Dan zal God aan zijn kinderen het eeuwige leven geven. En dan zullen zij voor altijd op aarde leven. Ook aan ons lijden komt een einde 22 Nu is het leven op aarde nog vol pijn en ellende. 23 Dat geldt ook voor ons leven. God heeft ons de heilige Geest al gegeven, maar we wachten nog op een lichaam dat nooit zal sterven. Dat is het grootste geschenk dat God ons zal geven. Dan zullen we leven als Gods kinderen. Maar tot die tijd hebben we het moeilijk en zwaar We zijn al gered, ook al zien we dat nu nog niet. Toch vertrouwen we erop dat God ons de eeuwige redding zal geven. Als we het nu al konden zien, dan hoefden we er niet op te vertrouwen. Maar door vol te houden in deze moeilijke tijd, laten we zien dat we echt op God vertrouwen.
14 De heilige Geest bidt voor ons 26 De heilige Geest steunt ons als we het moeilijk hebben. Wij weten niet welke bedoeling God heeft met ons lijden. En we weten daarom niet wat we moeten bidden. Maar de heilige Geest zelf bidt voor ons, beter dan een mens het ooit zou kunnen. Zo smeekt hij God om ons te helpen. 27 God weet hoe wij van binnen zijn. Hij weet wat de Geest hem namens ons vraagt. Want het is zijn eigen Geest die voor ons bidt. 28 God zorgt ervoor dat al ons lijden uiteindelijk het goede brengt: onze eeuwige redding. Dat is zeker, want God houdt van ons. Gods kinderen zullen eeuwig leven God heeft ons uitgekozen volgens zijn plan. 29 Hij kende ons al voordat we er waren. En hij heeft ons uitgekozen om zijn kinderen te zijn. God zal ons een volmaakt lichaam geven. Een lichaam zoals dat van zijn Zoon, die lijkt op God zelf. Dan zullen wij broers en zussen zijn van Christus, de enige Zoon van God. 30 Want God heeft ons uitgekozen om te gaan geloven. En omdat we geloven, ziet hij ons als goede mensen. En omdat hij ons als goede mensen ziet, geeft hij ons het eeuwige leven. Gods liefde overwint alles 31 Wat moet ik hier verder nog over zeggen? God houdt van ons. Voor wie zouden wij dan nog bang moeten zijn? 32 God liet toe dat zijn eigen Zoon gedood werd. Hij leverde hem uit aan slechte mensen. Dat deed God voor ons allemaal. Maar dan is het zeker dat hij ons ook het eeuwige leven zal geven, het eeuwige leven dat zijn Zoon al gekregen heeft Wij zijn door God uitgekozen. Moeten we dan bang zijn als mensen ons beschuldigen of ons veroordelen? Nee! Want God ziet ons als goede mensen. Jezus Christus is gestorven, maar nog belangrijker: hij is opgestaan uit de dood. Hij is in de hemel en zit naast God, aan de rechterkant. Hij laat ons nooit in de steek. 35 Wij horen bij Christus, en Christus houdt van ons. Niets kan dat veranderen. Ook al moeten we lijden, ook al worden we vervolgd of bedreigd. Ook al hebben we honger, ook al zijn we arm, ook al is ons leven in gevaar. 36 In de heilige boeken staat: «Omdat we bij u horen, moeten we elke dag lijden. We worden behandeld als schapen die geslacht worden.» 37 Maar hoe zwaar het ook wordt, we zullen alle moeilijkheden overwinnen. Want God houdt van ons Dit weet ik zeker: door de dood en opstanding van Jezus Christus, onze Heer, liet God zien hoeveel hij van ons houdt. En niets kan dat veranderen: geen engel, geen geest, geen machthebber, geen mens of macht op aarde of in de hemel. Want wat er ook gebeurt, vandaag of in de toekomst, of we nu leven of sterven: God houdt van ons! Romeinen 9
15 God bepaalt wie hij uitkiest Paulus heeft verdriet over zijn volk 1-3 Wat ik nu ga zeggen, is de volle waarheid. Christus weet dat ik niet lieg: ik ben kapot van verdriet over mijn eigen volk, de Joden. Echt, ik meen het, de heilige Geest weet dat het waar is. Ik ben ziek van verdriet. Ik zou willen dat ik mijn volk, mijn eigen mensen, kon helpen. God zou mij mogen straffen en bij Christus weghalen, als ik mijn volk daarmee het geloof kon geven. 4 De Israëlieten zijn Gods kinderen. Ze vereren de ware God, die altijd bij hen is. Met hen maakte God zijn afspraken, en aan hen gaf hij zijn wet. En God deed aan hen al zijn beloftes. 5 Zij zijn het volk dat afstamt van Abraham, Isaak en Jakob. En zij zijn het volk waaruit Christus is gekomen, toen hij leefde als mens. Alle eer aan Christus, die als God heerst over alle mensen, voor altijd! Amen. God bepaalt wie zijn kinderen zijn 6 Een deel van de Joden gelooft niet in Jezus Christus. Toch blijven Gods beloftes voor zijn volk gelden. Maar niet iedereen die een Jood is, hoort ook echt bij het volk van God. 7 Er stammen veel volken van Abraham af, maar alleen de Joden gelden als de echte nakomelingen van Abraham. Want in de heilige boeken zegt God tegen Abraham: «Alleen de kinderen van Isaak gelden later als jouw echte nakomelingen.» 8 God heeft de Joden als zijn kinderen uitgekozen. Niet omdat ze van Abraham afstammen, maar omdat God beloofd heeft dat zij Gods kinderen zouden zijn. 9 Dit was de belofte die God aan Abraham gaf: «Binnen een jaar zal Sara een zoon krijgen.» Later werd Rebekka zwanger van onze voorvader Isaak. God vertelde haar dat ze een tweeling zou krijgen. En hij zei: Ik maak de jongste belangrijk, maar de oudste niet. Zo liet God zien hoe hij werkt: hij bepaalt wie hij uitkiest. De kinderen waren nog niet eens geboren. Ze hadden nog geen goed of kwaad gedaan. Het gaat dus om de keuze van God, niet om het gedrag van mensen. 13 En dit staat in de heilige boeken: «God hield van Jakob, maar hij hield niet van Esau.» Alles hangt af van Gods goedheid 14 Maar is dat niet oneerlijk van God? Nee, natuurlijk niet! 15 God heeft tegen Mozes gezegd: «Ik zal goed zijn voor wie ik goed wil zijn. Ik geef liefde aan wie ik liefde wil geven.» 16 God bepaalt zelf wat hij doet. En dat hangt niet af van wat een mens wil of hoe goed een mens zijn best doet. Maar alles hangt af van Gods goedheid en liefde In de heilige boeken zegt God tegen de farao van Egypte: «Ik heb jou koning gemaakt, en ik zorg ervoor dat je tegen mij in opstand komt, en dat je gestraft wordt. Zo laat ik zien dat ik alle macht heb. Zo laat ik aan iedereen op aarde zien wie ik ben.» Het is dus God die bepaalt of iemand tegen hem in opstand komt. En het is God die beslist voor wie hij goed is.
16 God beslist over de mensen 19 Je zou kunnen vragen: Waarom wordt God dan boos als mensen verkeerde dingen doen? Hij beslist toch zelf of iemand hem wel of niet gehoorzaamt? 20 Dan zeg ik: Luister, jij bent een mens. Hoe durf je dan zo over God te spreken? Heb je ooit een pot horen vragen aan de pottenbakker: Had je mij niet anders kunnen maken? 21 De pottenbakker beslist wat hij doet met zijn klei. Van hetzelfde stuk klei kan hij een prachtige vaas maken, maar ook een heel gewone pot. Net zo beslist God zelf wat hij doet. 22 God had de mensen kunnen straffen, want door hun slechtheid verdienden zij de zwaarste straf. God was boos op hen, en hij wilde zijn macht laten zien. Toch bleef hij geduld hebben met de mensen, en hij liet ze in leven. 23 Want hij had een deel van de mensen bestemd voor het eeuwige leven. God wilde hun laten zien hoe goed hij voor hen is. En hij wilde hun laten zien hoe geweldig het eeuwige leven is. 24 Dat gaat over ons. Wij horen bij de mensen die God uitgekozen heeft. En dat zijn dus niet alleen Joden, maar ook mensen van andere volken. God heeft Joden en niet-joden uitgekozen 25 God heeft ook mensen uitgekozen die niet bij het Joodse volk horen. Dat staat al in de heilige boeken. In het boek Hosea zegt God: «Mensen die eerst niet mijn volk waren, zullen mijn volk worden. Eerst hield ik niet van hen, maar ik zal van hen gaan houden. 26 Eerst zei ik dat zij niet mijn volk waren. Maar eens zullen ze kinderen van de levende God genoemd worden.» 27 Maar God heeft ook Joden uitgekozen. De profeet Jesaja heeft over hen gezegd: «Van dat grote volk Israël zal een klein deel gered worden. 28 De Heer zal dat doen. Hij zal snel redding brengen op aarde.» 29 En de profeet Jesaja zei ook al: «Gelukkig heeft de machtige Heer nog iets overgelaten van ons volk. Anders zou ons volk verdwenen zijn, net zoals de steden Sodom en Gomorra verdwenen zijn.» De Joden en het goede nieuws Het gaat om geloof in Jezus Christus 30 Dit is de situatie: De niet-joden deden niet hun uiterste best om te leven als goede mensen. Toch ziet God sommigen van hen nu als goede mensen. Waarom? Omdat ze geloven in Jezus Christus De Joden deden juist wel hun uiterste best om te leven zoals God het wil. Ze probeerden gered te worden door zich aan de wet te houden. Toch hebben ze hun doel niet bereikt. Waarom niet? Omdat ze niet geloofden in Jezus Christus. Hij is de steen waarover ze gestruikeld zijn. 33 Dat staat al in de heilige boeken: «God zegt: Ik stuur de redder naar mijn volk Israël. Het loopt slecht af met alle mensen die zich tegen hem verzetten. Want hij is als een steen waarover ze struikelen. Maar wie in hem gelooft, zal gered worden.»
17 Romeinen 10 Je kunt jezelf niet redden 1 Vrienden, het is mijn grootste wens dat de Joden gered zullen worden. Daarom bid ik voor hen tot God. 2-3 De Joden willen leven zoals God het wil, daar hebben ze alles voor over. Dat heb ik met mijn eigen ogen gezien. Maar ze kunnen en willen niet begrijpen dat het gaat om geloof. Als je gelooft, ziet God je als een goed mens. De Joden proberen gered te worden door zelf goed te leven. Maar zo zijn ze juist ongehoorzaam aan God. Want God redt mensen omdat ze geloven. 4 Het doel van de wet was altijd al dat mensen gered zouden worden doordat ze geloven. Door Christus is dat doel bereikt. De heilige boeken gaan over redding 5 Kunnen mensen gered worden door zich te houden aan de wet? Mozes schrijft daarover: «Een mens die zich houdt aan alle regels van de wet, zal eeuwig leven.» 6-7 Toch laten de heilige boeken duidelijk zien dat mensen alleen gered kunnen worden door het geloof. Want daarin staat: «Het is verkeerd om te zeggen: Je moet zelf omhoogklimmen naar de hemel, je moet zelf naar het land van de dood gaan!» Alsof jullie Christus moeten ophalen uit de hemel! Alsof jullie Christus moeten terughalen uit de dood! 8 Nee, in de heilige boeken staat iets heel anders: «Gods boodschap is dicht bij jullie: in jullie mond en in jullie hart.» Gods boodschap is het goede nieuws waarover wij vertellen. 9 Met onze mond eren we Jezus als onze Heer. En met heel ons hart geloven we dat God hem uit de dood heeft laten opstaan. Daarom zullen we gered worden. 10 Want als we geloven met heel ons hart, ziet God ons als goede mensen. En als we Jezus eren als onze Heer, worden we gered. 11 En in de heilige boeken staat ook: «Iedereen die in hem gelooft, zal gered worden.» 12 Daarom is er geen verschil tussen Joden en mensen van andere volken. Iedereen heeft dezelfde Heer, Jezus Christus. Hij geeft zijn hemelse rijkdom aan alle mensen die hem Heer noemen. 13 Want in de heilige boeken staat: «Iedereen die hem Heer noemt, zal gered worden.» Het goede nieuws wordt verteld 14 Er zijn dus mensen die Christus hun Heer noemen. Dat betekent dat ze in hem geloven. En dat kan alleen doordat ze het nieuws over hem gehoord hebben. Dat betekent dus dat iemand het goede nieuws aan hen verteld heeft. 15 En dat kan alleen doordat God aan mensen de opdracht gegeven heeft om het te vertellen. Zo staat het ook in de heilige boeken: «God kiest het moment waarop het goede nieuws verteld wordt.» Je kunt pas geloven als je het goede nieuws over Christus gehoord hebt. Maar niet iedereen die het gehoord heeft, wil het geloven. In het boek Jesaja staat: «Heer, wij hebben het nieuws bekendgemaakt, maar veel mensen wilden het niet geloven.»
18 Veel Joden geloven niet in Jezus 18 Hebben de Joden die niet geloven, het goede nieuws dan niet gehoord? Jawel, ze hebben het wel gehoord. Want in de heilige boeken staat: «Het goede nieuws gaat de hele aarde over, het gaat de hele wereld rond.» 19 Maar heeft het volk van Israël het goede nieuws dan niet begrepen? Luister hoe het gegaan is. Eerst heeft Mozes tegen Israël deze woorden van God gezegd: «Ik zal jullie jaloers maken op mensen die niet bij mijn volk horen en mij niet kennen. Ik zal jullie woedend op hen maken.» 20 En later heeft Jesaja zelfs deze woorden van God gesproken: «Mensen die mij niet zochten, hebben mij gevonden. Ik heb mijzelf bekendgemaakt aan mensen die niet naar mij op zoek waren.» 21 En over Israël zei God: «Ik heb steeds klaargestaan om mijn volk met open armen te ontvangen. Maar mijn volk was ongehoorzaam, het heeft zich steeds tegen mij verzet.» Romeinen 11 Straks zal iedereen geloven God blijft trouw aan zijn volk 1 Dan is nu mijn vraag: Heeft God zijn eigen volk in de steek gelaten? Nee, natuurlijk niet! Kijk maar naar mij: Ik ben zelf een Israëliet. Ik ben een nakomeling van Abraham, en ik hoor bij de stam Benjamin. 2 God heeft zijn volk Israël niet in de steek gelaten. Hij heeft zijn volk vanaf het begin zelf uitgekozen! Jullie kennen toch het verhaal over de profeet Elia? Het staat in de heilige boeken. Elia klaagt tegen God over het volk van Israël: 3 «Heer, ze hebben uw altaren verwoest en uw profeten gedood. Ik ben de enige die nog overgebleven is. En nu willen ze ook mij doden!» 4 Maar dan zegt God tegen Elia: «Ik heb ervoor gezorgd dat zevenduizend mensen geen afgoden gediend hebben, maar trouw gebleven zijn aan mij.» 5-6 Ook nu zorgt God ervoor dat een deel van de Joden trouw aan hem blijft. God heeft die mensen zelf uitgekozen. Niet omdat zij zich zo goed aan de wet houden, maar omdat God goed voor hen wil zijn. Want het is alleen te danken aan Gods goedheid dat mensen gered kunnen worden. Niet iedereen is uitgekozen 7 Dit is de situatie: De Joden proberen zo te leven dat God hen zal redden. Maar het lukt ze niet. Alleen degenen die door God uitgekozen zijn, worden gered. God zorgt ervoor dat de anderen niet naar hem willen luisteren. 8 Zo staat het in de heilige boeken: «God zorgt ervoor dat jullie er niets van begrijpen. Jullie ogen kunnen niets zien, jullie oren kunnen niets horen. Het lijkt wel of jullie heel diep slapen. En zo is het nog steeds.» 9-10 En David zegt in de heilige boeken: «Heer, zorg dat hun ogen niets meer zien. Zorg dat ze geen kracht meer hebben. Laat het goede dat u hun gaf, voor hen een straf worden. Zorg dat uw geschenken hun leven verwoesten.»
19 Het plan van God 11 Veel Joden geloven niet in Jezus Christus. Wil God dat zij voor altijd ongehoorzaam blijven? Nee, natuurlijk niet! Gods plan is anders. Door de ongehoorzaamheid van de Joden konden mensen van andere volken gered worden. Op die manier wilde God de Joden jaloers maken. 12 De ongehoorzaamheid van de Joden zorgde er dus voor dat de hele wereld een groot geschenk kreeg. En het grootste geschenk komt nog, als het weer goed is tussen God en heel het Joodse volk. Eens zullen alle Joden geloven 13 Vrienden, het volgende schrijf ik speciaal voor de niet-joodse christenen. Ik ben een apostel voor de niet-joden. En ik dank God voor de taak die hij mij gegeven heeft. 14 Maar ik hoop dat ik ook Joden, mensen van mijn eigen volk, zal kunnen redden. Ik hoop dat zij jaloers worden op het geloof van de niet-joden. Want dan gaan ze misschien zelf ook geloven. 15 Veel Joden geloofden niet in Jezus Christus. Toen kregen de niet-joden het goede nieuws te horen, en zij gingen geloven. Zo kwam het weer goed tussen God en de wereld. En het wordt nog veel beter als straks alle Joden gaan geloven. Want dan zullen de mensen opstaan uit de dood, en dan begint het eeuwige leven! Het voorbeeld van de olijfboom Israël is een heilig volk Het volk van Israël is ontstaan door Gods belofte aan Abraham. Gods belofte is heilig. Daarom is en blijft Israël een heilig volk. Het volk van Israël lijkt op een olijfboom. De wortel van die boom is Gods belofte aan Abraham. En de takken zijn de mensen van het volk van Israël. Een deel van die mensen gelooft niet in Jezus Christus. Zij lijken op takken die van de boom afgebroken zijn. Alle gelovigen horen bij Israël Jullie zijn geen Joden, maar jullie zijn wel gaan geloven. Eerst waren jullie takken van een wilde struik, maar nu zijn jullie takken aan de olijfboom geworden. Alle takken van de olijfboom krijgen hun voedsel uit de wortels, 18 ze leven dankzij de wortels. Zo is het ook met jullie: jullie leven dankzij de belofte van God. Denk dus niet dat jullie beter zijn dan de Joden die niet geloven! 19 Jullie zeggen misschien: Die andere takken zijn van de boom afgebroken om plaats te maken voor ons. 20 Dat is waar. Die mensen geloofden niet in Jezus Christus, en daarom horen ze niet meer bij Gods volk. Jullie horen er nu wel bij, omdat jullie geloven. Maar pas op! Denk niet dat jullie beter zijn dan zij! 21 Want God heeft takken afgebroken die vanaf het begin bij de boom hoorden. Dan kan hij zeker de nieuwe takken, jullie dus, er weer afbreken! Door Gods macht kan iedereen bij Israël horen
20 22 Zo zien we hoe God werkt: hij is goed en streng tegelijk. God is streng voor de Joden die niet geloven. Ze horen niet meer bij zijn volk. En God is goed voor jullie, niet-joden. Want jullie mogen er nu wel bij horen. Maar blijf alleen op God vertrouwen, vertrouw niet op jezelf. Want anders mag je niet langer bij Gods volk horen En als de Joden die eerst niet geloofden, later toch gaan geloven? Dan zal God hen weer bij zijn volk laten horen. Dan lijken ze op afgebroken takken die door God weer aan de boom gezet worden. Want God heeft de macht om takken van een wilde struik aan de olijfboom te zetten. En dus heeft hij zeker de macht om afgebroken takken weer aan hun eigen boom te zetten! Gods plan om mensen te redden Het geheim van de redding 25 Vrienden, het is belangrijk dat ik jullie vertel over het wijze plan van God. Want jullie moeten niet vertrouwen op je eigen ideeën. Een deel van het volk van Israël weigert om te geloven in Jezus Christus. Dat zal zo blijven totdat alle volken gaan geloven. 26 En dan, als het einde gekomen is, zal heel Israël gered worden. Want in de heilige boeken staat: «De redder zal uit Sion komen. Hij zal een eind maken aan de ongehoorzaamheid van Israël. 27 God zal de zonden van zijn volk wegnemen. Zijn belofte aan hen blijft altijd gelden.» God redt iedereen op dezelfde manier 28 Veel Joden hebben zich tegen God verzet. Zij wilden het goede nieuws niet geloven. Zo moest het gaan, want daardoor kon het goede nieuws aan de andere volken verteld worden. Maar God blijft zijn volk liefhebben, want hij heeft hen zelf uitgekozen. Hij heeft zijn belofte aan hun voorouders gegeven. 29 De liefde die God geeft, duurt eeuwig. Als hij iemand uitkiest, is dat voor altijd. 30 Niet-Joden, luister! Vroeger waren jullie ongehoorzaam aan God. Maar nu merken jullie dat God toch goed voor jullie wil zijn. Dat kon gebeuren doordat de Joden ongehoorzaam werden aan God. 31 Zo moest het gaan. Door hun ongehoorzaamheid leerden jullie Gods goedheid kennen. Maar God wil dat ook de Joden zullen merken dat hij goed voor hen wil zijn. 32 God heeft er dus voor gezorgd dat alle mensen, Joden en niet-joden, ongehoorzaam werden. Want alleen zo zouden alle mensen, Joden en niet-joden, merken dat God goed voor hen wil zijn. 33 Zo geweldig is Gods wijsheid! Zo bijzonder zijn Gods beslissingen! Voor mensen zijn ze onbegrijpelijk, ongelofelijk, onvoorstelbaar. 34 Geen mens kan bedenken wat God van plan is. Niemand heeft hem raad gegeven. 35 Niemand heeft hem geholpen. Niemand kan iets van hem eisen. 36 God heeft alles gemaakt. Alles bestaat dankzij hem, en alles bestaat tot zijn eer. Alle eer aan God, voor eeuwig! Amen.
21 Romeinen 12 We moeten goed leven Je leven moet een offer voor God zijn 1 Vrienden, jullie weten hoe goed God voor ons is. Daarom vraag ik jullie: Geef jezelf als een geschenk aan God. Laat je leven een offer zijn dat God graag wil aannemen. Dat betekent: leef als mensen die bij God horen. Want dat is de juiste manier om God te vereren. 2 Doe niet zoals de mensen die zonder God leven, maar leef als nieuwe mensen. Want God geeft jullie de wijsheid om zijn wil te kennen. Daardoor weten jullie wat goed en volmaakt is, en waar God blij mee is. Iedereen heeft een eigen functie 3 Jullie weten hoe goed God voor mij geweest is. Luister daarom naar wat ik tegen jullie zeg. Denk niet van jezelf dat je geweldig bent. Nee, wees verstandig en bedenk goed dat er voor God maar één ding belangrijk is: dat je gelooft in Jezus Christus. 4 Het lichaam is één geheel, maar het bestaat uit veel delen. En al die delen hebben een eigen functie. 5 Net zo vormen wij samen één lichaam, want we horen allemaal bij Christus. Maar we hebben wel allemaal onze eigen functie. 6 Want God heeft aan ieder van ons een bijzonder geschenk gegeven. Zo goed is hij voor ons. De één krijgt een boodschap van God, een boodschap die past bij ons geloof. 7 Een ander heeft een bijzondere taak in de kerk, en voert die uit als een goede dienaar. Weer een ander geeft uitleg over God en doet dat goed. 8 Iemand die anderen oproept om vol te houden, moet hen ook echt steunen. Iemand die iets uitdeelt aan anderen, moet niet hopen op voordeel voor zichzelf. Iemand die anderen hulp geeft, moet dat met aandacht doen. Iemand die iets goeds doet voor anderen, moet dat met plezier doen. Houd van elkaar 9 Jullie liefde voor elkaar moet echt zijn. Blijf ver weg van alles wat slecht is, en houd vast aan alles wat goed is. 10 Houd van elkaar zoals broers en zussen van elkaar houden. Laat altijd zien dat je respect hebt voor de ander. 11 Doe dat met heel je hart, laat de heilige Geest in je werken, en dien God, de Heer. 12 Laat zien dat je blij bent omdat je op God vertrouwt. Houd vol als je in moeilijkheden komt, en blijf altijd bidden. 13 Steun de christenen die hulp nodig hebben. En ontvang ze hartelijk in je huis. Doe altijd het goede 14 Als mensen je in moeilijkheden brengen, bid dan voor hen. Vraag God niet om hen te straffen, maar bid voor hen.
22 15 Jullie moeten altijd met elkaar meeleven, in vreugde en in verdriet. 16 Vergeet nooit dat jullie als christenen allemaal gelijk zijn. Je moet jezelf niet belangrijker vinden dan anderen. Wees tevreden met een onbelangrijke plaats, en wees niet eigenwijs. 17 Als iemand je kwaad doet, doe hem dan geen kwaad terug. Maar laat aan alle mensen zien dat jullie het goede willen doen. 18 Doe je uiterste best om met iedereen in vrede te leven. 19 Beste vrienden, neem geen wraak op anderen. Laat het straffen over aan God. Want in de heilige boeken zegt God: «Ik ben het die straft. Ik geef ieder mens wat hij verdient.» 20 Dus als je vijand honger heeft, geef hem dan te eten. Als hij dorst heeft, geef hem dan te drinken. Daarmee laat je zien dat niet jij, maar God hem zal straffen. 21 Laat je niet overwinnen door het kwaad. Maar overwin het kwaad door het goede. Romeinen 13 De overheid staat in dienst van God 1 Iedereen moet het gezag van de overheid accepteren. Want de macht van de overheid komt van God. Alle macht die mensen hebben, heeft God hun gegeven. 2 Verzet je dus niet tegen de overheid. Want anders verzet je je tegen iets dat God zelf heeft ingesteld. En dan zal God je straffen. 3 Als je goed leeft, hoef je niet bang te zijn voor machthebbers. Je moet pas bang zijn als je verkeerde dingen doet. Wil je leven zonder angst voor de overheid? Doe dan wat goed is, dan word je met respect behandeld. 4 De overheid staat in dienst van God. Het is de taak van de overheid om jou te beschermen. Maar als je verkeerde dingen doet, kijk dan maar uit! Want de overheid heeft haar macht niet voor niets. Mensen die misdaden plegen, krijgen hun verdiende straf. Ook op die manier staat de overheid in dienst van God. 5 Accepteer dus het gezag van de overheid. Allereerst omdat je dan niet gestraft wordt. Maar ook omdat je weet dat dat goed is. 6 Daarom betaal je ook belasting. De mensen die belasting ophalen, staan in dienst van God. 7 Geef dus altijd wat je moet geven. Betaal alle belasting die je moet betalen. Heb respect voor wie respect verdient. En geef eer aan wie eer verdient. Houd van elkaar 8 Zorg ervoor dat je niemand iets schuldig bent. Voor jullie geldt alleen deze regel: houd van elkaar. Want als je houdt van de ander, heb je precies gedaan waar het in de wet om gaat. 9 In de wet staat: «Vermoord niemand. Ga niet vreemd. Steel niet. Verlang niet naar iets dat van een ander is.» Deze en alle andere regels kunnen in één zin gezegd worden: «Van de mensen om je heen moet je evenveel houden als van jezelf.»
23 10 Als je van de ander houdt, zul je hem geen kwaad doen. Het gaat er dus om dat jullie elkaar liefhebben. Dat is alles wat de wet van je vraagt. Leef als mensen die bij Christus horen 11 Jullie weten dat het moment van onze redding dichtbij is. De dag waarop dat zal gebeuren, is nu nog dichterbij dan toen wij gingen geloven. Het is tijd dat jullie wakker worden. 12 De nacht is bijna voorbij, de dag gaat beginnen. We moeten alles wat slecht is, achter ons laten. Want dat hoort bij de donkere nacht. We moeten klaarstaan om te gaan leven in Gods licht. 13 We moeten ons goed gedragen, als mensen die gered zullen worden. Doe niet mee met feesten waarop iedereen zich vol eet en dronken wordt. Laat je niet verleiden tot verboden seks, maar gedraag je goed op seksueel gebied. Zoek geen ruzie, en eis niet steeds respect van anderen. 14 Luister niet naar je eigen verkeerde verlangens. Maar laat door je gedrag zien dat jullie helemaal bij de Heer Jezus Christus horen. Romeinen 14 De kerk moet een eenheid zijn Maak geen ruzie over eten 1-2 De meesten van jullie geloven dat christenen alles mogen eten. Maar sommigen hebben niet zo n sterk geloof. Zij geloven dat christenen geen onrein vlees mogen eten. Zorg ervoor dat ook die mensen welkom zijn als jullie bij elkaar komen. Maak geen ruzie over dat soort verschillen. 3 Geloof je dat je alles mag eten? Prima. Maar denk niet dat je beter bent dan iemand die geen vlees eet. Geloof je dat je geen onrein vlees mag eten? Prima. Maar zeg niet dat het verkeerd is als een ander dat wel doet. Want bij God zijn jullie allebei welkom. 4 Wie beoordeelt of een slaaf zijn werk goed doet? Alleen zijn eigen meester. Net zo worden wij alleen door onze Heer beoordeeld. En hij zorgt ervoor dat ieder van ons vasthoudt aan zijn geloof. Doe alles om de Heer te eren 5 Voor sommigen van jullie zijn bepaalde dagen heilig. Voor anderen zijn alle dagen gelijk. Houd vast aan de overtuiging die je hebt. 6 Wie feestviert op heilige dagen, doet dat om de Heer te eren. En wie alles eet, doet dat ook om de Heer te eren. Want hij dankt God voor zijn eten. Maar ook iemand die geen vlees eet, doet dat om de Heer te eren. Want ook hij dankt God voor zijn eten. 7 Niemand van ons leeft voor zichzelf, en niemand van ons sterft voor zichzelf. 8 Als wij leven, leven wij voor de Heer. En als wij sterven, sterven wij voor de Heer. Wij horen bij onze Heer Jezus Christus, in heel ons leven en ook als we sterven. 9 Want Christus is gestorven en opgestaan om Heer van ons allemaal te zijn. Hij is onze Heer, zolang we leven. En hij blijft onze Heer als we gestorven zijn.
24 Alleen God zal over ons oordelen 10 Zeg nooit over andere gelovigen: Wat zij doen, is verkeerd! En denk ook niet dat je beter bent dan andere gelovigen. Want op een dag staan we allemaal voor Gods troon. En dan zal God over ons rechtspreken. 11 In de heilige boeken zegt God: «Zo zeker als ik leef, alle mensen zullen voor mij knielen en mij eren.» 12 God zal ons dus allemaal beoordelen op onze eigen daden. Behandel andere gelovigen met liefde 13 Vrienden, we moeten elkaar niet meer veroordelen. Laten we afspreken dat we het andere gelovigen niet moeilijk maken. En dat we hun geloof niet in gevaar brengen. 14 Ik weet zeker dat voedsel op zichzelf nooit onrein is. De Heer Jezus heeft mij daarvan overtuigd. Voedsel is alleen onrein voor je, als je gelooft dat het onrein is. 15 Sommige christenen geloven dat bepaald voedsel onrein is. Als je met hen eet, moet je zulk voedsel dus niet op tafel zetten. Want dan maak je het moeilijk voor hen. En dan behandel je hen niet met liefde. Christus is ook voor hen gestorven! Breng hun redding dus niet in gevaar door voedsel. 16 Want dan maak je de vrijheid die God jullie geeft, kapot. 17 Waar gaat het om in Gods nieuwe wereld? Niet om wat je eet of drinkt! Het gaat erom dat we goed zijn voor elkaar, en in vrede met elkaar leven. En dat we blij zijn, omdat de heilige Geest in ons is. 18 Als je Christus zo dient, dan doe je wat God wil. En dan zal iedereen respect voor je hebben. Bewaar de eenheid van Gods kerk 19 We moeten in vrede met elkaar leven en elkaar steunen. Daar moeten we ons uiterste best voor doen. 20 Breng de eenheid in Gods kerk niet in gevaar door zomaar alles te eten. Zeker, al het eten is rein, je mag alles eten. Maar het is verkeerd als je daarmee het geloof van anderen in gevaar brengt. 21 Je mag het geloof van anderen niet in gevaar brengen door vlees te eten of door wijn te drinken. Laat die dingen dan liever staan! 22 Houd vast aan je overtuiging, want dat is iets tussen jou en God. En volg je overtuiging op een goede manier. Dan zul je gelukkig zijn. 23 Maar als je vlees eet om ruzie te zoeken met andere gelovigen, zul je gestraft worden. Want dan eet je vlees, maar niet uit geloof. En alles wat je niet uit geloof doet, is verkeerd. Romeinen 15 Vorm een eenheid
25 1 De meesten van ons kunnen goed omgaan met de vrijheid die God ons geeft. Maar sommige christenen hebben een zwak geloof. Zij hebben het moeilijk met die vrijheid. Wij moeten hen helpen, en niet bezig zijn met wat goed is voor onszelf. 2 Ieder van ons moet doen wat goed is voor de ander en wat de ander helpt. 3 Ook Christus was niet bezig met wat goed was voor hemzelf. Hij deed alleen wat God wilde. Dit staat over hem in de heilige boeken: «God, telkens als mensen u beledigen, doet mij dat pijn.» 4 Alles wat in de heilige boeken staat, is al lang geleden opgeschreven voor ons. Het geeft ons uitleg over Gods plan. Zo geven de heilige boeken ons moed om vol te houden, en om op God te blijven vertrouwen. 5 God zelf geeft ons moed en kracht om vol te houden. En ik bid dat God jullie zal helpen om het voorbeeld van Jezus Christus te volgen. Dan leren jullie om met elkaar mee te voelen. 6 Want dan zijn jullie echt een eenheid. En dan kunnen jullie samen de God en Vader van onze Heer Jezus Christus alle eer geven. Joden en niet-joden worden één geheel 7 Jullie moeten elkaar dus vol liefde accepteren, tot eer van God. Want ook Christus heeft jullie allemaal vol liefde geaccepteerd. 8 Luister goed: Christus werd een dienaar van de Joden. Zo liet hij zien dat God doet wat hij beloofd heeft. Want de belofte van God aan de voorouders van de Joden werd werkelijkheid toen Christus kwam. 9 Ook liet Christus zien hoe goed God is voor de niet-joden. Want alle volken danken God voor de redding die hij wil geven. Zo staat het ook in de heilige boeken: «Samen met alle volken wil ik God danken. Ik zing een lied om hem te eren.» 10 En er staat ook: «Alle volken moeten blij zijn, samen met Israël.» 11 En: «Juich voor de Heer, alle volken. Zing voor hem, alle landen.» 12 En de profeet Jesaja heeft gezegd: «Er zal een nieuwe koning komen uit de familie van David. Hij zal regeren over alle volken. En alle mensen verwachten hun redding van hem.» 13 God geeft ons het vertrouwen dat we gered zullen worden. Ik bid dat hij jullie vreugde en vrede zal geven door jullie geloof in Jezus Christus. Dan zal jullie vertrouwen op God steeds sterker worden, door de kracht van de heilige Geest. De plannen van Paulus God heeft Paulus apostel gemaakt 14 Vrienden, ik heb veel vertrouwen in jullie. Jullie willen absoluut het goede voor elkaar. Jullie weten precies wat God van jullie vraagt. En daardoor kunnen jullie elkaar helpen om geen fouten te maken. 15 Ik heb jullie veel geschreven. Een deel ervan wisten jullie al. Ik durfde jullie al die dingen te schrijven, omdat God zelf mij heeft uitgekozen om zijn apostel te zijn. 16 God stuurde mij naar de niet-joden als dienaar van Jezus Christus. Overal vertel ik het goede nieuws. Daarmee dien ik God. Want de niet-joden die het goede nieuws
26 geloven, krijgen de heilige Geest. En die maakt hen heilig. Zo worden zij een geschenk dat God graag wil aannemen. 17 Ik ben er trots op dat ik als dienaar van Jezus Christus voor God werk. Paulus heeft het goede nieuws verteld 18 Ik spreek niet namens mijzelf, ik zeg wat Christus mij laat zeggen. Christus gebruikt mijn woorden en daden om mensen van alle volken gehoorzaam aan God te maken. 19 Door de macht van Christus gebeuren er wonderen als ik het goede nieuws vertel. En door de macht van de heilige Geest gaan mensen geloven. Zo heb ik het goede nieuws over Christus overal kunnen vertellen, vanuit Jeruzalem helemaal tot in Illyrië. 20 Ik heb steeds mijn uiterste best gedaan om het goede nieuws bekend te maken. Ik ging niet naar plaatsen waar anderen al over Christus verteld hadden. Want het is niet mijn taak om verder te gaan met het werk van anderen. 21 Nee, mijn taak staat al in de heilige boeken: «Mensen die hem niet kennen, krijgen het goede nieuws te horen. Dan zullen ze de waarheid kennen.» Paulus wil via Rome naar Spanje gaan 22 Vrienden, telkens was er wel iets dat mij tegenhield om naar jullie toe te komen Maar nu ben ik klaar met mijn werk in het oosten. Ik ben van plan om naar Spanje te reizen en daar het goede nieuws te vertellen. Maar ik zal via Rome reizen. Want ik verlang er al zo lang naar om naar jullie toe te komen! Ik wil jullie dus bezoeken om een goede tijd met jullie te hebben. En ik hoop dat jullie mij dan zullen helpen bij mijn reis naar Spanje. Paulus gaat eerst naar Jeruzalem 25 Maar ik ga nu eerst naar Jeruzalem om de christenen daar te steunen. 26 Want de christenen in Macedonië en Achaje hebben geld ingezameld voor de arme christenen in Jeruzalem. 27 Het was hun eigen beslissing om dat te doen, maar ze waren dat ook verplicht. Want ook zij krijgen de hemelse rijkdom die God beloofde aan het Joodse volk. En daarom moeten zij de Joodse christenen steunen met hun aardse rijkdom. 28 Ik ga nu dus eerst naar Jeruzalem. Want ik moet ervoor zorgen dat al het geld daar veilig aankomt. Meteen daarna kom ik naar Rome toe. En dan reis ik daarvandaan verder naar Spanje. 29 En dit weet ik zeker: als ik bij jullie kom, dan kom ik met de zegen van Christus. Paulus vraagt om steun 30 Vrienden, ik wil jullie dringend vragen om voor mij te bidden. Wij horen bij elkaar, want Jezus Christus is onze Heer. En de heilige Geest zorgt ervoor dat we van elkaar houden. Steun mij dan ook bij mijn werk door voor mij te bidden! 31 Bid dat God mij in Judea beschermt tegen de Joden die niet in Christus geloven. Bid dat de Joodse christenen in Jeruzalem het geld van de niet-joodse christenen willen aannemen.
27 32 En bid dat God mij daarna veilig bij jullie laat komen. Dan kunnen we er samen blij om zijn dat de christenen een eenheid vormen. 33 Ik wens jullie toe dat God aan jullie allemaal zijn vrede geeft. Amen. Romeinen 16 Slot van de brief Febe brengt de brief naar Rome 1 Vrienden, mijn brief wordt bij jullie gebracht door Febe. Zij is een leider van de kerk in de stad Kenchreeën, en ze werkt met mij samen. 2 Ik vraag jullie om haar met open armen te ontvangen. Behandel haar met veel respect, zoals christenen met elkaar omgaan. Geef haar alle hulp waar ze om vraagt. Zij heeft zelf aan veel christenen hulp en bescherming gegeven, ook aan mij. Groeten van Paulus 3 Breng mijn groeten over aan Prisca en Aquila. Zij vertellen net als ik het goede nieuws over Jezus Christus. 4 Een tijd geleden hebben zij hun leven voor mij gewaagd. Daar ben ik hun dankbaar voor. En alle niet-joodse christenen zijn dat ook. 5 Doe ook mijn groeten aan de christenen die in het huis van Prisca en Aquila bij elkaar komen. Breng mijn groeten over aan mijn vriend Epenetus. Hij was de eerste in de provincie Asia die in Jezus Christus ging geloven. 6 En doe mijn groeten aan Maria, die veel moeite voor jullie heeft gedaan. 7 Groet ook Andronikus en Junia van mij. Zij zijn net als ik Joden, en ze hebben samen met mij in de gevangenis gezeten. Zij horen bij de belangrijkste apostelen. Ze waren al eerder christen dan ik. 8 Breng mijn groeten over aan mijn vriend Ampliatus, die ook bij de Heer hoort. 9 Groet ook Urbanus van mij. Hij vertelt net als ik het goede nieuws over Christus. En doe mijn groeten aan mijn vriend Stachys. 10 Breng mijn groeten over aan Apelles. Hij heeft laten zien dat zijn trouw aan Christus echt is. Doe mijn groeten aan de familie en slaven van Aristobulus. 11 Groet ook Herodion van mij. Hij is net als ik een Jood. Breng mijn groeten over aan de familie en de slaven van Narcissus die christen zijn. 12 En doe mijn groeten aan Tryfena en Tryfosa, die veel moeite doen voor de Heer. Groet ook Persis, die een vriendin van mij is. Ook zij heeft heel veel moeite gedaan voor de Heer. 13 Groet Rufus van mij. De Heer heeft hem uitgekozen voor een bijzondere taak. En breng mijn groeten over aan zijn moeder, die ook voor mij als een moeder is. 14 Doe mijn groeten aan Asynkritus, Flegon, Hermes, Patrobas, Hermas en de andere christenen van hun groep.
28 15 En doe mijn groeten aan Filologus en Julia, aan Nereus en zijn zus, aan Olympas, en aan alle christenen van hun groep. 16 Vrienden in Rome, groet elkaar met een heilige kus. Ik breng aan jullie de groeten over van alle kerken waar ik ben geweest. Laatste waarschuwingen 17 Denk erom, vrienden, pas op voor de mensen die ruzie veroorzaken in de kerk. Zij proberen jullie geloof in gevaar te brengen. Ze vertellen jullie iets heel anders dan wat jullie geleerd hebben over het geloof. Luister niet naar die mensen. 18 Want zij dienen onze Heer Christus niet. Nee, ze zijn alleen bezig met wat ze zelf prettig vinden. En met hun mooie woorden bedriegen ze de eenvoudige gelovigen. 19 Jullie zijn gehoorzaam geworden aan God, jullie geloof is bekend in de hele wereld. Ik ben dus erg blij met jullie. Maar ik wil ook dat jullie steeds beter begrijpen wat goed is. En dat jullie niet langer denken aan wat slecht is. 20 Het moment dat God jullie de macht geeft om Satan te vernietigen, komt snel. Zo zal God jullie vrede geven.bik wens jullie toe dat onze Heer Jezus goed voor jullie is. Groeten van de vrienden van Paulus 21 Jullie krijgen de groeten van Timoteüs, die samen met mij het goede nieuws bekendmaakt. En ook van Lucius, Jason en Sosipatrus. Zij zijn net als ik Joden. 22 Een hartelijke groet van Tertius. Hij heeft deze brief voor mij opgeschreven. Ook hij hoort bij de Heer Jullie krijgen de groeten van Gajus. Hij heeft mij hartelijk ontvangen in zijn huis, waar alle christenen bij elkaar komen. En de groeten van Erastus, één van de bestuurders van de stad. En tot slot krijgen jullie de groeten van mijn vriend Quartus. Alle eer aan God De machtige God zorgt ervoor dat jullie vasthouden aan het geloof. Dat is het geloof in het goede nieuws over Jezus Christus dat ik vertel. Eeuwenlang heeft God zijn boodschap voor de mensen verborgen gehouden. Maar nu maakt hij die boodschap bekend. Mensen van alle volken moeten het goede nieuws horen, dat verteld wordt in de heilige boeken. Dan zullen ze gaan geloven en gehoorzaam worden aan God. Dat is de wil van de eeuwige God. 27 Dankzij Jezus Christus hebben wij Gods wijze plan leren kennen. Alle eer aan God, voor altijd! Amen.
Kolossenzen 1. Begin van de brief
Kolossenzen 1 Begin van de brief Paulus groet de christenen in Kolosse 1-2 Dit is een brief van Paulus aan de christenen in de stad Kolosse. Ik ben een apostel van Jezus Christus. Dat is Gods wil. Ik schrijf
Filippenzen 1. Begin van de brief
Filippenzen 1 Begin van de brief Paulus groet de christenen in Filippi 1 Dit is een brief van Paulus, aan alle mensen in de stad Filippi die dankzij Jezus Christus bij God horen. De brief is ook voor de
2 Petrus 1. Begin van de brief
2 Petrus 1 Begin van de brief Petrus groet alle christenen 1 Dit is een brief van Simon Petrus, een dienaar en apostel van Jezus Christus. Aan alle mensen die zijn gaan geloven. Jullie geloof is net zo
Efeziërs 1. Begin van de brief
Efeziërs 1 Begin van de brief Paulus groet de christenen in Efeze 1 Dit is een brief van Paulus aan de christenen in de stad Efeze. Ik ben een apostel van Jezus Christus. Dat is Gods wil. Jullie horen
Galaten 1. Begin van de brief
Galaten 1 Begin van de brief Paulus groet de christenen in Galatië 1-3 Dit is een brief van Paulus aan de christenen in de provincie Galatië. Allereerst dit: Ik ben niet door mensen aangesteld als apostel,
1 Tessalonicenzen 1. Begin van de brief
1 Tessalonicenzen 1 Begin van de brief Paulus groet de christenen in Tessalonica 1 Dit is een brief van Paulus, Silvanus en Timoteüs, aan de christenen in de stad Tessalonica. Jullie horen bij God, de
4 Heer, u hebt aan de mensen uw regels gegeven. Zo weet ik wat ik moet doen. 5 Ik wil leven volgens uw wetten, en dat volhouden, elke dag weer.
Psalmen Psalm 119 Heer, ik wil leven volgens uw wetten 1 Gelukkig zijn mensen die altijd het goede doen, die leven volgens de wet van de Heer. 2 Gelukkig zijn mensen die altijd denken aan de woorden van
1 Petrus 1. Begin van de brief
1 Petrus 1 Begin van de brief Petrus groet de christenen 1-2 Dit is een brief van Petrus, een apostel van Jezus Christus. Aan de christenen die tussen de ongelovigen wonen, in de provincies Pontus, Galatië,
1 Maleachi was een profeet. Hij moest een boodschap van de Heer doorgeven aan Israël. Hier volgen de woorden van Maleachi.
Maleachi 1 1 Maleachi was een profeet. Hij moest een boodschap van de Heer doorgeven aan Israël. Hier volgen de woorden van Maleachi. De liefde van de Heer 2-3 De Heer zegt: Ik houd van jullie, Israëlieten!
3 Jullie moeten jezelf niet beter vinden dan een ander, of opscheppen
3 Jullie moeten jezelf niet beter vinden dan een ander, of opscheppen over jezelf. Nee, jullie moeten bescheiden zijn, en een ander belangrijker vinden dan jezelf. 4 Denk niet alleen aan jezelf, maar zorg
Cadeautjes. Aangepaste dienst Zondag 27 november 2016 Ds. Henk Bondt
Cadeautjes Aangepaste dienst Zondag 27 november 2016 Ds. Henk Bondt Welkom Mededelingen Votum en groet Zingen: Opwekking 32 Dit is de dag, dit is de dag, die de Heer ons geeft, die de Heer ons geeft. Wees
y02 Marcus 15.2 Rinze IJbema - Marcus 15, 2-5. Gemeente van Jezus Christus,
Rinze IJbema - Marcus 15, 2-5. Gemeente van Jezus Christus, het is al bijna 8 april, het is al bijna Pasen. Met Pasen vieren we feest, omdat Koning Jezus de dood overwint. Onze Koning is sterker dan de
Waarom was het noodzakelijk dat Jezus stierf?
Les 5 - Redding Vier feiten die je moet kennen om het Evangelie goed te begrijpen In deze bijbelstudies wordt gebruik gemaakt van de NBG-vertaling Dag 1 Waarom was het noodzakelijk dat Jezus stierf? In
2 U geeft mij moed, God! Ik wil muziek maken en zingen, met heel mijn hart.
108 1 Een lied van David. God geeft mij moed 2 U geeft mij moed, God! Ik wil muziek maken en zingen, met heel mijn hart. 3 Ik wil mijn harp laten klinken, ik wil de zon wakker maken met mijn lied. 4 Heer,
2 Timothieüs 1. Begin van de brief
2 Timothieüs 1 Begin van de brief Paulus groet Timoteüs 1-2 Dit is een brief van Paulus aan Timoteüs. Ik ben een apostel van Jezus Christus. Dat is de wil van God. Hij heeft mij de opdracht gegeven om
Vraag 96 : Wat eist God in het tweede gebod?
Zondag 35 Zondag 35 gaat over het tweede gebod. Lees de tekst van Zondag 35. Vraag 96 : Wat eist God in het tweede gebod? Antw : Dat wij God in generlei wijze afbeelden en op geen andere wijze vereren,
BIJBELLEESROOSTER VOOR GEZINNEN met kinderen in de basisschoolleeftijd
BIJBELLEESROOSTER VOOR GEZINNEN met kinderen in de basisschoolleeftijd DAG 1: God is Koning Lees Psalm 24 Is koning Willem-Alexander belangrijk? Voor Nederland wel. Maar als je naar heel de wereld kijkt,
Bijbelstudie Door het geloof I
Bijbelstudie 1 Bijbelstudie Door het geloof I Kaïn en Abel Genesis 4:1-16 Wat voor werk deed Kaïn? Een welk beroep deed zijn broer Abel? Kain- landbouwer Abel- schaapherder a. Waarom niet, denk je? De
De gelijkenis van de onbarmhartige dienstknecht. (Deze gelijkenis kun je lezen in : Mattheüs 18:21-35 )
De gelijkenis van de onbarmhartige dienstknecht. (Deze gelijkenis kun je lezen in : Mattheüs 18:21-35 ) Eerst lezen. Daarna volgen er vragen en opdrachten. Gelijkenissen Toen de Heere Jezus op aarde was,
1. Bij een nieuw begin
Inhoudsopgave Bij een nieuw begin 13 Een bijeenkomst beginnen 37 Bij het begin van de dag 59 Bij een goed gesprek 85 Bij verdriet 119 Bij vreugde 147 Bij twijfel 183 Bij zorgen 215 Bij ziekte 245 Om troost
De gelijkenis van de twee zonen. Eerst lezen Daarna volgen er vragen en opdrachten
De gelijkenis van de twee zonen Lees : Mattheüs 21:28-32 Eerst lezen Daarna volgen er vragen en opdrachten Gelijkenissen Toen de Heere Jezus op aarde was, heeft Hij gelijkenissen verteld om de mensen veel
Lees : Mattheüs 25:14-30
De gelijkenis van de talenten Lees : Mattheüs 25:14-30 Eerst lezen. Daarna volgen er vragen en opdrachten Gelijkenissen Toen de Heere Jezus op aarde was, heeft Hij gelijkenissen verteld om de mensen veel
de doop zoals wij die kennen is afkomstig van niemand minder dan de Here Jezus zelf
de doop zoals wij die kennen is afkomstig van niemand minder dan de Here Jezus zelf kort voordat Hij naar de hemel ging gaf hij zijn leerlingen deze opdracht: trek erop uit en maak alle volken tot mijn
Zondag 26 oktober 2014, Hoflaankerk Bijbelzondag
Protestants Kralingen Zondag 26 oktober 2014, Hoflaankerk Bijbelzondag de afdaling naar sodom marc chagall, 1931 orgelspel verwelkoming door de ouderling [allen gaan staan] stilte bemoediging: Liedboek
1 Korintiërs 1. Begin van de brief
1 Korintiërs 1 Begin van de brief Paulus groet de christenen in Korinte 1-2 Dit is een brief van Paulus aan de christenen in de stad Korinte, en aan iedereen op aarde die in Jezus Christus gelooft. Ik
God, laat ons uw liefde zien en maak ons gelukkig.
zondag 1 januari NIEUWJAARSDAG God, laat ons uw liefde zien en maak ons gelukkig. Psalm 67:2 God, laat ons uw liefde zien en maak ons gelukkig. Wees bij ons en bescherm ons. Dan zal iedereen zien dat u
maandag januari NIEUWJAARSDAG Gelukkig is iemand die niet luistert naar slechte mensen. Psalm 1:1
maandag 1 januari NIEUWJAARSDAG Gelukkig is iemand die niet luistert naar slechte mensen. Psalm 1:1 Gelukkig is iemand die niet luistert naar slechte mensen, die nee zegt tegen hun verkeerde plannen. Als
9 Vader. Vaders kijken anders. Wat doe ik hier vandaag? P Ik leer mijn Vader beter kennen. P Ik weet dat Hij mij geadopteerd
53 9 Vader Wat doe ik hier vandaag? P Ik leer mijn Vader beter kennen. P Ik weet dat Hij mij geadopteerd heeft. P Ik begin steeds beter te begrijpen dat het heel bijzonder is dat ik een kind van God, mijn
14 God ging steeds voor hen uit, overdag in een wolk, s nachts in licht en vuur.
Psalmen Psalm 78 1 Een lied van Asaf. De lessen van het verleden Luister allemaal naar mijn woorden. Luister goed, want ik wil jullie iets leren. 2 Wijze woorden wil ik spreken, wijze woorden over het
Tevredenheid 1. Tevreden over wat je hebt gedaan 8 2. Tevreden in alle omstandigheden Tevreden met weinig Tevreden met wat je hebt 14
Inhoud Tevredenheid 1. Tevreden over wat je hebt gedaan 8 2. Tevreden in alle omstandigheden 10 3. Tevreden met weinig 12 4. Tevreden met wat je hebt 14 Angst 5. Angst voor mensen 16 6. Angst voor God
5 Dit is de boodschap die we van Hem gehoord hebben en u bekend maken: dat God licht is en in Hem totaal geen duisternis is.
1 JOHANNES vertaling dr. A. Dirkzwager 1 Wat er was vanaf het begin, wat we gehoord hebben, wat we met onze ogen gezien hebben, wat we bekeken hebben en onze handen aangeraakt hebben in verband met het
GOD EERT JOZEF, DE SLAAF
Bijbel voor Kinderen presenteert GOD EERT JOZEF, DE SLAAF Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: M. Maillot en Lazarus Aangepast door: M. Maillot en Sarah S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd
ONZE HEMELSE VADER ZORGT VOOR ALLE DINGEN
Zondag 10 / gehouden op 21-06-2009 / p.1 ONZE HEMELSE VADER ZORGT VOOR ALLE DINGEN Liturgie Votum en groet Zi: Psalm 118:1.5 Gebed Schriftlezing: Gen. 22:1-19 Zi: Psalm 33:2 Schriftlezing:Gen: 50:17-21:
Schoongewassen! 1 Kor. 6:10-11
Schoongewassen! 1 Kor. 6:10-11 10 Houd jezelf toch niet voor de gek! Mensen die met allerlei mannen of vrouwen naar bed gaan, of afgoden aanbidden, of niet trouw zijn aan hun eigen man of vrouw, of mannen
De gelijkenis van het huis op de rots en op het zand.
De gelijkenis van het huis op de rots en op het zand. Eerst lezen. Daarna volgen er vragen en opdrachten. Gelijkenissen Toen de Heere Jezus op aarde was, heeft Hij gelijkenissen verteld om de mensen veel
Wie is Jezus, deel 2. les 5b FOLLOW
Wie is Jezus, deel 2 les 5b DEEL 2B FOLLOW JEZUS, DE REDDER Joh 4:7-9,22 Jezus deed in dit verhaal een aantal dingen die niet gebruikelijk waren. Hij sprak alleen met een vrouw. Dit was ook nog eens een
DE WIJZE KONING SALOMO
Bijbel voor Kinderen presenteert DE WIJZE KONING SALOMO Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Lazarus Aangepast door: Ruth Klassen Vertaald door: Importantia Publishing Geproduceerd door: Bible
De gelijkenis van de verloren zoon.
De gelijkenis van de verloren zoon. Eerst lezen. Daarna volgen er vragen en opdrachten. Gelijkenissen Toen de Heere Jezus op aarde was, heeft Hij gelijkenissen verteld om de mensen veel dingen te leren.
30. De koning wordt geboren 31. Blij met Jezus 32. Jezus, de koning die dient 33. Jezus sterft 34. Jezus leeft 35. Jezus en de Heilige Geest
Themaoverzicht Groep 1 1. In het begin 2. Noach 3. God belooft 4. Abraham 5. Isaak 6. Jakob en Esau 7. Jakob 8. Jozef 9. Dromen 10. Jozef de onderkoning 11. Mozes 12. Mozes naar de farao 13. God straft
BLIJF IN DE HERE! Liturgie:
BLIJF IN DE HERE! 1 Joh. 2:28 / gehouden op 31-05-2009 (openbare geloofsbelijdenis) p.1 Liturgie: Votum en groet Zingen: Gezang 147:1.3.4 Gebed Openbare geloofsbelijdenis Zingen: Gezang 10:1 Voorbede Schriftlezing:
Bijbel voor Kinderen presenteert DE VERVOLGDE GEMEENTE
Bijbel voor Kinderen presenteert DE VERVOLGDE GEMEENTE Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Janie Forest en Lazarus Aangepast door: Lyn Doerksen Vertaald door: Importantia Publishing Geproduceerd
Dooponderwijs en -vragen (aangepast) Presentatie Geliefde broers en zussen, jullie willen heel graag dat jullie kinderen worden gedoopt!
Dooponderwijs en -vragen (aangepast) Presentatie Geliefde broers en zussen, jullie willen heel graag dat jullie kinderen worden gedoopt! Over dopen Aan dat verlangen geven we als gemeente ook vandaag graag
GOD EERT JOZEF, DE SLAAF
Bijbel voor Kinderen presenteert GOD EERT JOZEF, DE SLAAF Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: M. Maillot en Lazarus Aangepast door: M. Maillot en Sarah S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd
Een nieuw begin. De schepping van hemel en aarde Genesis 1:1-10
Een nieuw begin De schepping van hemel en aarde Genesis 1:1-10 God heeft door te spreken de hemel en de aarde gemaakt. Onvoorstelbaar machtig is God. Wat een wijsheid zien we in al die mooie schepselen
Mag ik jou een vraag stellen?
Mag ik jou een vraag stellen? Mag ik jou, die dit leest, een zeer belangrijke vraag stellen? Stel dat je vandaag zou sterven, doordat er iets verschrikkelijks gebeurt, bijvoorbeeld een auto ongeluk of
JESAJA ZIET IN DE TOEKOMST
Bijbel voor Kinderen presenteert JESAJA ZIET IN DE TOEKOMST Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Jonathan Hay Aangepast door: Mary-Anne S. Vertaald door: Erna van Barneveld Geproduceerd door:
DE HERE JEZUS GAAT IN ONS LEVEN DOOR ZIJN GEEST.
Zondag 12 / gehouden op 9-12-2007 / p.1 DE HERE JEZUS GAAT IN ONS LEVEN DOOR ZIJN GEEST. Liturgie: (middagdienst) Votum & groet Zi: Ps. 89:1.2 Gebed Schriftlezing: Gal. 2:15-21 Zi: Gez. 91 (GKB) Preek:
Johannes 8 : 11. dia 1
Johannes 8 : 11 in de wet van Mozes stond het duidelijk (Deut. 22:22) als een man wordt betrapt met een getrouwde vrouw moeten beiden ter dood gebracht worden zowel de man als de vrouw met wie hij geslapen
IN GESPREK MET Nieuwe Testament
IN GESPREK MET Nieuwe Testament Ontdekkingsreis 11: Jezus, Gods Zoon Goed nieuws! Keziah en haar moeder en vader (Alison en Peter) lezen samen dit bijbelverhaal. De 7 jaar oude Keziah heeft allerlei vragen
3. a. Nee. b. Ze denken dat hij in de menigte meeloopt met vrienden, bekenden of familieleden. c. Drie dagen.
Antwoorden Bijbelstudie 1 1. d. Van Nazareth naar Jericho = 97,5 km Van Jericho naar Jeruzalem = 24 km Totaal: 97.5 + 24 = 121,5 km e. 4,05 dagreizen 2. Derde rondje. Benadruk bij het beantwoorden van
Jezus en jij. Tekst: Willem de Vink. Illustraties: Arjan Wilschut, Timo Visser en Willem de Vink
Jezus en jij Tekst: Willem de Vink Illustraties: Arjan Wilschut, Timo Visser en Willem de Vink Vooraf Jezus en jij Minidagboek Vink, Willem de ISBN 978-90-8601-101-8 NUR 248, 707 Boekverzorging: Marian
Hoe praat je over het geloof?
Hoe praat je over het geloof? Waarom praat je over het geloof? Ieder die de naam van de Heere aanroept, zal worden gered. 14 Maar hoe kunnen ze Hem aanroepen als ze niet in Hem geloven? En hoe kunnen ze
Formulier om de christelijke doop te bedienen aan de kinderen van de gelovigen (1)
Formulier om de christelijke doop te bedienen aan de kinderen van de gelovigen (1) Gemeente van onze Heer Jezus Christus, Over de doop Bij de doop word je in water ondergedompeld of ermee besprenkeld.
De gelijkenis van de onbeschaamde vriend. ( of over gebedsverhoring )
De gelijkenis van de onbeschaamde vriend. ( of over gebedsverhoring ) Eerst lezen. Daarna volgen er vragen en opdrachten. Gelijkenissen Toen de Heere Jezus op aarde was, heeft Hij gelijkenissen verteld
De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan.
De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan. Eerst lezen. Daarna volgen er vragen en opdrachten. Gelijkenissen Toen de Heere Jezus op aarde was, heeft Hij gelijkenissen verteld om de mensen veel dingen
INHOUD - 1. Wat voor boek is de Bijbel? Hoe kun je de Bijbel lezen? Tips bij het gebruik van de Bijbel in Gewone Taal 17
INHOUD - 1. Wat voor boek is de Bijbel? 9 2. Hoe kun je de Bijbel lezen? 13 3. Tips bij het gebruik van de Bijbel in Gewone Taal 17 4. 21 dagen bijbellezen 21 5. Belangrijke mensen in de Bijbel 47 6. Waar
Johannes 20,1-18 Jezus is opgestaan en zoekt ons!
Johannes 20,1-18 Jezus is opgestaan en zoekt ons! Liturgie Voorzang: - Gez 96,1-3 - Weet je dat de lente komt Aansteken nieuwe kaars Zingen: Gez 95,1.2.4 Stil gebed Votum / groet Zingen: Opw 488 Gebed
Ds. Arjan van Groos ( ) Tekst: 1 Korinthiërs 7, 14 Middagdienst Dopen. Broeders en zusters,
Ds. Arjan van Groos (1962-2014) Tekst: 1 Korinthiërs 7, 14 Middagdienst Dopen Broeders en zusters, 1. Zingen : Gezang 25 : 1 en 3 2. Gebed voor de opening van het Woord 3. Bediening van de Heilige Doop
Avondmaal vieren. Avondmaalsformulier 2. Viering op 4 e zondag voor Pasen :
Avondmaal vieren - Psalmen en Gezangen uit Geref Kerkboek van de Gz zijn de 1 e regels 1 e couplet weergegeven Viering op 4 e zondag voor Pasen : Thema 4 e zondag : oculi meï Mijn ogen (oculi meï) zijn
De boom van Isaï. Vragen. Lezen: Jesaja 11:1-10
1 De boom van Isaï Lezen: Jesaja 11:1-10 Heb je weleens een afgekapte boom gezien? Wat in de grond blijft zitten, noem je een tronk. De boom lijkt helemaal dood. In de Bijbel wordt de familie van Isaï
GODS BELOFTE AAN ABRAHAM
Bijbel voor Kinderen presenteert GODS BELOFTE AAN ABRAHAM Geschreven door: E. Duncan Hughes Illustraties door: Byron Unger en Lazarus Aangepast door: M. Maillot en Tammy S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd
GODS BELOFTE AAN ABRAHAM
Bijbel voor Kinderen presenteert GODS BELOFTE AAN ABRAHAM Geschreven door: E. Duncan Hughes Illustraties door: Byron Unger en Lazarus Aangepast door: M. Maillot en Tammy S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd
Liturgie zondagmorgen 8 januari 2017 Jeugddienst 12-
Liturgie zondagmorgen 8 januari 2017 Jeugddienst 12- Voorganger: ds W.G. Teeuwissen Samen in de naam van Jezus 1 Samen in de naam van Jezus heffen wij een loflied aan, want de Geest spreekt alle talen
Jona 2: God is barmhartig a. De koppige Jona wordt een biddend Jona > de Heere redt hem
0.1 Lezing uit de Bijbel: Jona 3 nr. 771 Voorafgaande aan de Schriftlezing: 1. Gods barmhartigheid = Zijn warmhartigheid Rode draad door boekje Jona (en feitelijk door de hele Bijbel). Jona 1: God is barmhartig
EEN PRINS WORDT EEN HERDER
Bijbel voor Kinderen presenteert EEN PRINS WORDT EEN HERDER Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: M. Maillot en Lazarus Aangepast door: E. Frischbutter en Sarah S. Vertaald door: Erna van Barneveld
JEREMIA, DE MAN VAN TRANEN
Bijbel voor Kinderen presenteert JEREMIA, DE MAN VAN TRANEN Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Jonathan Hay Aangepast door: Mary-Anne S. Vertaald door: Erna van Barneveld Geproduceerd door:
DE WIJZE KONING SALOMO
Bijbel voor Kinderen presenteert DE WIJZE KONING SALOMO Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Lazarus Aangepast door: Ruth Klassen Vertaald door: Importantia Publishing Geproduceerd door: Bible
Bijbel voor Kinderen presenteert DE WIJZE KONING SALOMO
Bijbel voor Kinderen presenteert DE WIJZE KONING SALOMO Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Lazarus Aangepast door: Ruth Klassen Vertaald door: Importantia Publishing Geproduceerd door: Bible
Liturgie voor de vierde zondag van Advent en bevestigingsdienst
Liturgie voor de vierde zondag van Advent en bevestigingsdienst 18-12-2016 Voorganger: Organist: Locatie: Bevestiging van: Thema: ds. Nita van der Horst - Kattenberg Marco 't Hart Dorpskerk te Oostvoorne
Doopvragen, na alle formulieren zijn deze hetzelfde:
Doopvragen, na alle formulieren zijn deze hetzelfde: Geliefden in de Here Jezus Christus. God heeft de doop ingesteld om ons en onze kinderen zijn verbond te verzegelen. In dat geloof en niet uit gewoonte
Binnenkomst in stilte in de donkere kerk. We zingen:
Jaargang 8, nummer 19 Voorganger: ds. Piet Jan Rebel Koor o.l.v. Tanja van Dijk Piano: Myrre van Dijk, David van Dijk Zaterdag 20 april 2019 Paaswake Een nacht vol hoop Binnenkomst in stilte in de donkere
Nieuwe geboorte in het koninkrijk. les 1 FOLLOW
Nieuwe geboorte in het koninkrijk les 1 DEEL 3 FOLLOW DE GEBOORTE Leven begint met een man en vrouw die elkaar liefhebben. Diep in het binnenste van de buik van de moeder ontstaat nieuw leven. Het duurt
Vraag 6 Moeder van de dode baby zegt: dat is goed Moeder van de levende baby zegt: nee, geef hem dan maar aan haar
Antwoorden 22.1: Gods geschenk aan koning Salomo a. Eigen antwoord b. Dat we het aan de Heere vragen. Hij voelt zich (te) jong om leiding te geven aan dit grote volk. Hij erkent en belijdt dat hij de hulp
De gelijkenis van de onbarmhartige dienstknecht
De gelijkenis van de onbarmhartige dienstknecht Lees : Mattheüs 18:21-35 Eerst lezen Daarna volgen er vragen en opdrachten Gelijkenissen Toen de Heere Jezus op aarde was,heeft Hij gelijkenissen verteld
GODS BELOFTE AAN ABRAHAM
Bijbel voor Kinderen presenteert GODS BELOFTE AAN ABRAHAM Geschreven door: E. Duncan Hughes Illustraties door: Byron Unger en Lazarus Aangepast door: M. Maillot en Tammy S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd
GOD TEST ABRAHAMS LIEFDE
Bijbel voor Kinderen presenteert GOD TEST ABRAHAMS LIEFDE Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Byron Unger en Lazarus Aangepast door: M. Maillot en Tammy S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd
Hervormde Gemeente Ouderkerk aan den IJssel
Hervormde Gemeente Ouderkerk aan den IJssel Naam: Met wie ben je gekomen: _ Hervormde Gemeente Ouderkerk aan den IJssel Naam: Met wie ben je gekomen: _ De kerkenraad komt binnen en de afkondigingen worden
Bijbellezing: Johannes 14 vers 1 tot 12. Tom, Tom is altijd goed Kom, kom nou zeg, is dat zo?
Bijbellezing: Johannes 14 vers 1 tot 12 Tom, Tom is altijd goed Kom, kom nou zeg, is dat zo? Heb een Tom, Tom gekocht Bij de ANWB winkel in Drachten Nou ja ik heb hem eigenlijk gekregen Voor mijn verjaardag
Bijbel voor Kinderen. presenteert DANIËL DE GEVANGENE
Bijbel voor Kinderen presenteert DANIËL DE GEVANGENE Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Jonathan Hay Aangepast door: Mary-Anne S. Vertaald door: Erna van Barneveld Geproduceerd door: Bible
Betekenis van 5 kleuren van het geloof
Betekenis van 5 kleuren van het geloof God is Koning, Hij heeft mij gemaakt en wil dat we voor Hem leven. Goud schittert, zo schittert God, omdat Hij zo groot en heerlijk is. Hij glanst nog véél meer dan
De tien Geboden. Tien belangrijke regels. Aangepaste dienst Zondag 17 april 2016 Ds. Henk Bondt
De tien Geboden Of Tien belangrijke regels Aangepaste dienst Zondag 17 april 2016 Ds. Henk Bondt Welkom Mededelingen Votum en groet Zingen: Gezang 119: 1 en 2 De kerk van alle tijden kent slechts één vaste
DE VERVOLGDE GEMEENTE
Bijbel voor Kinderen presenteert DE VERVOLGDE GEMEENTE Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Janie Forest en Lazarus Aangepast door: Lyn Doerksen Vertaald door: Importantia Publishing Geproduceerd
vrijdag 1 januari NIEUWJAARSDAG De Heer zal jullie gelukkig maken en jullie beschermen. Numeri 6:24
vrijdag 1 januari NIEUWJAARSDAG De Heer zal jullie gelukkig maken en jullie beschermen. Numeri 6:24 De Heer zei tegen Mozes: Zeg tegen Aäron en zijn zonen dat ze de Israëlieten met deze woorden moeten
zondagmorgen 14 november 2010 Welkomkerk ds. W.H. Hendriks-Vogelaar
Gemeente van de Heer Jezus Christus, Jongeren, ouderen, kinderen van God, Zoals ik voor de lezing al gezegd heb; het gaat vanmorgen niet over trouwen of getrouwd zijn, dat is alleen een voorbeeld verhaal.
Ik werd een kind van God (Johannes 1:12; 1 Johannes 3:1-2)
Les 9 - Redding Ik werd een kind van God Ik werd gerechtvaardigd In deze bijbelstudies wordt gebruik gemaakt van de NBG-vertaling Dag 1 Ik werd een kind van God (Johannes 1:12; 1 Johannes 3:1-2) In 1 Johannes
Voorbeeld brief 2de eeuw 2 Petrus)
Voorbeeld brief 2de eeuw 2 Petrus) 1 PROS GALATAS 1931 Sir Chester Beatty 1931 Sir Chester Beatty 1931 Sir Chester Beatty P A U L O C PAULUS WIE WAS DEZE MAN? Muurschildering van de apostel Paulus in een
Paulus in actie. In een heilige actie. Gericht op de drie-enige God. Dat is tot eer van God en uitbreiding van Zijn Koninkrijk.
Paulus in actie Samenstelling: mevr. H.J. de Jongste en mevr. M. Quist Er is veel over Paulus te schrijven. Over al zijn werk lees je in het Bijbelrooster. Hij schrijft over zijn bezoeken en persoonlijke
DAG 1: Voorbeelden Lees Johannes 13:12-17 Als je van lego iets gaat bouwen, gebruikt je vaak een voorbeeld. Dat voorbeeld maak je na. Ook op school gebruik je vaak voorbeelden. Bij schrijven, bij knutselen
Preek over Markus 8: Broeders, zusters, jong en oud,
Preek over Markus 8: 27-33 Broeders, zusters, jong en oud, Vandaag gaat het over de belangrijkste vraag die een mens zich maar kan stellen. Het is de vraag die Jezus hier stelt aan zijn vrienden en die
Vraag 1 Waar denk je aan bij het woord heilig? Schrijf dit op de briefjes Antwoord 1 Vraag naar de mening van de kinderen
Bijbelstudie 1 God is heilig Samen Bijbellezen Exodus 3: 1-15 Vraag 1 Waar denk je aan bij het woord heilig? Schrijf dit op de briefjes 1 Vraag 2 a. Wat moet Mozes doen en waarom? Mozes moet zijn schoenen
Inleiding over het kernwoord zonde
Inleiding over het kernwoord zonde Door Eline Lezen: Mattheüs 5 : 21 t/m 48 Zingen: Psalm 6 : 1 en 4 1. Waarom moeten wij weten wat zonde is? Toen ik deze inleiding begon te maken vroeg ik me af wat ik
De Dordtse Leerregels. Artikel 1 t/m 5
De Dordtse Leerregels Hoofdstuk 1 Artikel 1 t/m 5 Werkboek 1 De Dordtse Leerregels Geschiedenis Het gaat in dit werkboek over de Dordtse Leerregels, of de vijf artikelen tegen de remonstranten. In het
Jezus kreeg de straf voor onze zonden, wij ontvangen vergeving en vrede. Jesaja 53:4-6 en 1 Petrus 2:24
Jezus kreeg de straf voor onze zonden, wij ontvangen vergeving en vrede. Jesaja 53:4-6 en 1 Petrus 2:24 Als je iets verkeerd doet, verdien je straf. Ja toch? Dat is eerlijk. Er is niemand die nooit iets
