Kwaliteitszorg sportmassage.
|
|
|
- Fien Bosman
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Kwaliteitszorg sportmassage. De sportmasseur wordt geacht kennis te hebben van een 4-tal wetten die betrekking hebben op de voorbereiding, uitvoering, afsluiting, en administrering van sportmassage behandelingen. Het gaat hier om: 1. de WBP de Wet Bescherming Persoonsgegevens. 2. de BIG de Wet op de Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg 3. het WKCZ de Wet Klachtrecht Cliënten Zorgsector en WGBO (Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst). 4. de WGBO de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst Hoofdlijnen wet- en regelgeving privacyregelingen cliënten (wet WBP) Waarden en normen zijn in de persoon geïnternaliseerd op basis van eigen inzichten, ervaring en opleiding en zij uiten zich in een mentaliteit. Het zich eigen maken van nieuwe waarden en normen is een geheel eigenstandig en langdurig socialisatieproces. Normen Normen zijn concrete richtlijnen voor het handelen. Ze vormen de verbinding tussen de algemene waarden (zoals vrijheid, rechtvaardigheid) en de concrete gedragingen; het zijn opvattingen over hoe men zich wel of niet moet gedragen in concrete omstandigheden. Normen zijn gedragsregels; ze regelen het dagelijks sociaal verkeer. Normen zijn dus de regels voor het dagelijks handelen, de gedragsregels, de afspraken. Sommige normen zijn vastgelegd in wetten en besluiten. Dat zijn de formele normen. Andere normen zijn ongeschreven. Dat zijn de informele regels. Normen geven aan waar in de samenleving de grens ligt, wat wel aanvaardbaar gedrag is en wat niet. Waarden geven aan wat gewenst is, de normen geven ook aan wat ongewenst is. Normen zijn daarmee een stuk concreter dan waarden. Normen zijn van invloed op ons gedrag. Een voorbeeld: Waarde: eerlijkheid is belangrijk. Norm: stelen is verboden. Gedrag: je rekent in de supermarkt de spullen netjes af bij de kassa. Waarden Waarden zijn de achterliggende idealen en motieven voor de normen. Bij waarden moeten we denken aan zaken als gerechtigheid, liefde, vrijheid en gelijkheid. Het zijn de motieven en idealen waarop de concrete normen gebaseerd zijn. Het zijn ook de grootheden die met de normen bereikt willen worden. Er zijn normen en regels om idealen (waarden) te bereiken. Ieder persoon en iedere beroepsgroep kent een aantal waarden waarvoor ze staat. De sportmassage branche streeft naar het uitdragen van belangrijke waarden, t.w. klantgerichtheid, integriteit en discretie, onafhankelijkheid en kwaliteit. Klantgerichtheid Uit zich in het besef dat de branche een belofte geeft: de belofte dat de branche een resultaat levert dat voldoet aan de verwachtingen van de cliënt.
2 Integriteit en discretie Vertalen zich bij het de branche in betrouwbaarheid. De informatie van de cliënt wordt door de branche ook echt als zodanig behandeld. Onafhankelijkheid en kwaliteit Is het de branche alles waard. Het zijn de behoeften van de cliënt die bepalend zijn voor de mate en kwaliteit van zorg die de branche geeft en níet de (technische) mogelijkheden zoals ze door marktpartijen worden aangeboden Wet WBP Ingevolge art. 21 van de WBP is het verbod om persoonsgegevens te verwerken niet van toepassing op o.a. hulpverleners voor gezondheidszorg. In de toelichting wordt niet specifiek aangegeven dat deze hulpverleners BIG- geregistreerden moeten zijn. Dus is art. 21 WBP ook van toepassing op sportmasseurs. Indien art. 21 WBP niet van toepassing zou zijn op sportmasseurs is dat verder ook geen probleem. Het merendeel van de sporters weet dat hun gegevens worden opgeslagen en verwerkt. Zij hebben immers deze gegevens zelf aan de sportmasseur verstrekt. Het enige verschil thans is dat er elektronische verwerking van gegevens plaats vindt. Voor de WBP maakt dit geen verschil. Voor toekomstige klanten geldt dat het aan te raden is om direct bij het verschaffen van de medische gegevens een bezwaarmogelijkheid te creëren. Dit is te doen door bijvoorbeeld de cliënt er op attent te maken dat er een klachtenregeling bestaat bij de behandelende sportmasseur. Kortom; de sportmasseur komt in aanmerking voor de ontheffingsregeling voor wat betreft het administreren van cliëntengegevens. Toelichting Wet bescherming persoonsgegevens (WBP) DE VERWERKING VAN PERSOONSGEGEVENS IN HET ALGEMEEN Artikel Persoonsgegevens worden niet langer bewaard in een vorm die het mogelijk maakt de betrokkene te identificeren, dan noodzakelijk is voor de verwerkelijking van de doeleinden waarvoor zij worden verzameld of vervolgens worden verwerkt. 2. Persoonsgegevens mogen langer worden bewaard dan bepaald in het eerste lid voor zover ze voor historische, statistische of wetenschappelijke doeleinden worden bewaard, en de verantwoordelijke de nodige voorzieningen heeft getroffen ten einde te verzekeren dat de desbetreffende gegevens uitsluitend voor deze specifieke doeleinden worden gebruikt. PARAGRAAF 2 DE VERWERKING VAN BIJZONDERE PERSOONSGEGEVENS Artikel 16 De verwerking van persoonsgegevens betreffende iemands godsdienst of levensovertuiging, ras, politieke gezindheid, gezondheid, seksuele leven, alsmede persoonsgegevens betreffende het lidmaatschap van een vakvereniging is verboden behoudens het bepaalde in deze paragraaf. Hetzelfde geldt voor strafrechtelijke persoonsgegevens en persoonsgegevens over onrechtmatig of hinderlijk gedrag in verband met een opgelegd verbod naar aanleiding van dat gedrag.
3 Artikel Het verbod om persoonsgegevens betreffende iemands gezondheid te verwerken als bedoeld in artikel 16, is niet van toepassing indien de verwerking geschiedt door: a. hulpverleners, instellingen of voorzieningen voor gezondheidszorg ofmaatschappelijke dienstverlening voor zover dat met het oog op een goede behandeling of verzorging van de betrokkene, dan wel het beheer van de betreffende instelling of beroepspraktijk noodzakelijk is; b. verzekeraars als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder h, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993, verzekeraars als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf en tussenpersonen en sub-agenten als bedoeld in artikel 1, onder b en c, van de Wet assurantiebemiddelingsbedrijf voor zover dat noodzakelijk is voor: 1. de beoordeling van het door de verzekeringsinstelling te verzekeren risico en de betrokkene geen bezwaar heeft gemaakt of 2. de uitvoering van de verzekeringsovereenkomst; c. scholen voor zover dat met het oog op de speciale begeleiding van leerlingen of het treffen van bijzondere voorzieningen in verband met hun gezondheidstoestand noodzakelijk is; d. een reclasseringsinstelling, een bijzondere reclasseringsambtenaar, de raad voor de kinderbescherming of voogdij- en gezinsvoogdijinstellingen, voor zover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van de hun wettelijk opgedragen taken; e. Onze Minister van Justitie voor zover dat in verband met de tenuitvoerlegging van vrijheidsstraffen of vrijheidsbenemende maatregelen noodzakelijk is of f. bestuursorganen, pensioenfondsen, werkgevers of instellingen die te hunnen behoeve werkzaam zijn voor zover dat noodzakelijk is voor: 1. een goede uitvoering van wettelijke voorschriften, pensioenregelingen of collectieve arbeidsovereenkomsten die voorzien in aanspraken die afhankelijk zijn van de gezondheidstoestand van de betrokkene of 2. de reïntegratie of begeleiding van werknemers of uitkeringsgerechtigden in verband met ziekte of arbeidsongeschiktheid. 2. In de gevallen als bedoeld in het eerste lid worden de gegevens alleen verwerkt door personen die uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift, dan wel krachtens een overeenkomst tot geheimhouding zijn verplicht. Indien de verantwoordelijke gegevens persoonlijk verwerkt en op hem niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift een geheimhoudingsplicht rust, is hij verplicht tot geheimhouding van de gegevens, behoudens voor zover de wet hem tot mededeling verplicht of uit zijn taak de noodzaak voortvloeit dat de gegevens worden meegedeeld aan anderen die krachtens het eerste lid bevoegd zijn tot verwerking daarvan. 3. Het verbod om andere persoonsgegevens als bedoeld in artikel 16 te verwerken, is niet van toepassing voor zover dit noodzakelijk is in aanvulling op de verwerking van persoonsgegevens betreffende iemands gezondheid als bedoeld in het eerste lid, onder a, met het oog op een goede behandeling of verzorging van de betrokkene. 4. Persoonsgegevens betreffende erfelijke eigenschappen mogen slechts worden verwerkt voor zover deze verwerking plaatsvindt met betrekking tot de betrokkene bij wie de betreffende gegevens zijn verkregen, tenzij: a. een zwaarwegend geneeskundig belang prevaleert of b. de verwerking noodzakelijk is ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek of statistiek. In het geval als bedoeld onder b, is artikel 23, eerste lid, onder a, en tweede lid, van overeenkomstige toepassing. 5. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen omtrent de toepassing van het eerste lid, onder b en f, nadere regels worden gesteld.
4 Bewaartermijn cliëntengegevens. In de Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBP) staat niets specifiek hierover voor sportmasseurs. Voor wat betreft het doen van geneeskundige behandelingen staat een wettelijke bewaartermijn van 10 jaar. Aangezien de handelingen van sportmasseurs niet vallen onder geneeskundige behandelingen geeft art. 10 van de WBP het advies om de cliëntengegevens te bewaren zo lang het nodig is of zolang mogelijk. Het NGS adviseert o.b.v. een eerdere rechtelijke procedure een bewaartermijn van minimaal 2 jaar. Hoofdlijnen wet- en regelgeving cliëntenrechten Wat zijn cliëntenrechten? Als een cliënt in behandeling komt bij bijvoorbeeld een vrijgevestigde hulpverlener treden er een aantal regels in werking waaraan u en uw behandelaar moeten voldoen. Er bestaan algemene rechten en specifieke rechten die per instelling kunnen verschillen. De specifieke rechten zijn vaak vastgelegd in een huishoudelijk reglement. Veel algemene rechten zijn wettelijk vastgelegd, zoals in de wetten WKCZ (Wet Klachtrecht Cliënten Zorgsector of de Klachtwet) en WGBO (Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst). De algemene rechten zullen hieronder worden behandeld. Vervolgens worden er enkele omstandigheden belicht, waarbij de rechten van de cliënt beperkt kunnen worden. Tevens wordt aandacht besteed aan hoe de cliënt kan handelen als er een klacht is. De algemene rechten voor cliënten beslaan de volgende onderwerpen: 1. Recht op een behandeling en een duidelijk behandelplan 2. Inzage dossier. 3. Privacy 4. Inspraak Ad 1. Recht op een behandeling en een duidelijk behandelplan De cliënt heeft recht op behandeling, begeleiding en verpleging (verzorging). Dit wil echter niet zeggen dat de cliënt altijd direct in behandeling kunt (denk bijvoorbeeld aan de wachtlijsten). Als de cliënt in behandeling komt dan: Mag niemand zonder de toestemming aan het lichaam van de cliënt komen of behandelen. Een uitzondering is als de cliënt gedwongen is opgenomen en/of sprake is van een acute noodsituatie, Heeft de cliënt recht op een vertrouwensrelatie met de behandelaar of begeleider, waarbinnen deze de cliënt met respect behandelt en serieus neemt. Dwang is hiermee in strijd, Kan de cliënt aanspraak maken op voldoende aandacht (lees regelmatige gesprekken) van hulpverleners, Kan de cliënt aandringen op een andere hulpverlener of op overplaatsing naar een andere afdeling, als de cliënt geen vertrouwen heeft in de huidige hulpverlener, Hebben minderjarigen vanaf 16 jaar en volwassenen het recht om in principe volledig zelf over de behandeling te beslissen (de zorgverlener heeft toestemming van de cliënt nodig alvorens de cliënt wordt behandeld), Moet de behandelaar antwoord geven op al de vragen van de cliënt, Heeft de cliënt het recht (overigens vaak op eigen kosten) een tweede behandelaar om advies te vragen (second opinion).
5 Kan de cliënt om overplaatsing naar een andere afdeling of een andere instelling verzoeken (indien de cliënt is opgenomen in een ziekenhuis) Heeft de cliënt tevens recht op een goede lichamelijke zorg. Dit betekent dat de cliënt, indien hij/zij is opgenomen, zijn/haar huisarts, tandarts en specialisten moet kunnen raadplegen. Mag een behandelaar geen seksuele relatie met cliënt aangaan. Ook niet als de client het initiatief neemt. Heeft cliënt het recht op uw eigen geloof of levensovertuiging en de uitoefening daarvan. Belangrijk als cliënt in behandeling komt is het opstellen van een behandel-, begeleidings- of Zorgplan (hierna: stappenplan). Dit is een overeenkomst tussen u en uw behandelaar waarin zaken als doelstelling en vorm van de behandeling e.d. aan de orde komen. U dient tot een plan te komen, waar u en de cliënt het allebei over eens zijn. De behandelaar mag het niet eenzijdig opleggen of zonder toestemming tussentijds wijzigen. Als de cliënt bij een zelfstandig gevestigde hulpverlener in behandeling komt, wordt aangeraden na te gaan of hij of zij is aangesloten bij een overkoepelende beroepsvereniging (zoals het Nederlands Genootschap voor Sportmassage (NGS)). Deze vereniging heeft aparte richtlijnen waaraan de hulpverlener moet voldoen en kent een interne klachtenprocedure. Vraagt u deze regels gerust op. Ad 2. Inzage dossier. De cliënt heeft zondermeer recht om de gegevens (dossier) in te zien. In het dossier worden gegevens vastgelegd zoals resultaten van onderzoek, verslagen van observaties, het stappenplan, verslagen van gesprekken, etc. Werkaantekeningen kunnen door de behandelaar wel worden verwijderd. De cliënt heeft het recht aantoonbare fouten in zijn/haar dossier te corrigeren en het dossier aan te vullen met zijn/haar mening. De verantwoordelijke hulpverlener kan als eis stellen dat het dossier onder toezicht wordt ingezien als hij dat wenselijk acht. Cliënt heeft echter het recht om tegen kostenvergoeding fotokopieën van het dossier te maken, zodat de cliënt het rustig in zijn/haar eigen omgeving en tijd door kunt lezen. Cliënt heeft recht op geheimhouding van de gegevens. Mensen die niet direct bij uw behandeling betrokken zijn, mogen het dossier niet inzien. Bij overplaatsing mag de nieuwe hulpverlener of instelling uw dossier niet inzien zonder schriftelijke toestemming van de cliënt. De Inspectie voor de GGz mag het dossier wel inzien, maar vraagt de cliënt gewoonlijk eerst om toestemming. Ad 3. Privacy Zie koepelterm Wet- regelgeving privacyregelingen. Ad 4. Inspraak Iedere hulpverlener en GGz-instelling moet op een of andere manier inspraak mogelijk maken van patiënten-, cliënten. Deze inspraak voor GGz-instellingen zijn vast geregeld. De zgn. inspraakraden zijn in het leven geroepen om de positie van de cliënten in de instellingen te verbeteren en toe te zien op de naleving van de rechten van cliënten. Zij hebben inspraak en adviesrecht bij beleidsmatige aangelegenheden. Voor sportmasseurs zijn geen wettelijke procedures vastgesteld om de inspraak te regelen. Het is aan de individuele hulpverlener hoe hij/zij dit regelt. Als het maar wel geregeld is en toonbaar is.
6 Overzicht wetgeving cliëntenrechten De rechten van cliënten in de zorg worden door een aantal wetten bepaald. Onder andere deze rechten geven cliënten de mogelijkheid invloed uit te oefenen op de kwaliteit van zorg. Hieronder volgt een overzicht van relevante wetten die onder meer de invloed die cliënten op de kwaliteit van zorg hebben bepalen. Per wet is de kern en de rechten weergegeven die cliënten invloed geven op de kwaliteit van zorg. WKCZ De Wet Klachtrecht Cliënten Zorgsector bepaalt dat elke zorgaanbieder een regeling moet treffen voor de behandeling van klachten door cliënten. De zorgaanbieder moet deze regeling op passende wijze onder de aandacht brengen van cliënten. Cliëntenrechten: Op een klachtenregeling met klachtencommissie. Op informatie over de klachtenregeling. Op mondeling of schriftelijk toelichten van de klacht. Op uitspraak binnen de gestelde termijn. Op een jaarverslag van de klachtencommissie (aan de organisatie die de belangen van cliënten in de regio behartigt). BIG De Wet op de Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg bepaalt dat het verrichten van een aantal categorieën van handelingen in het kader van de gezondheidszorg alleen mogen worden uitgevoerd door daarvoor gekwalificeerde personen. Cliëntenrechten: Op informatie over het ingeschreven zijn van personen in het BIG-register. Op het indienen van een klacht jegens een onder de wet BIG vallende functionaris. Op aanwezigheid bij de zitting van de tuchtzaak over zijn/ haar klacht. Op kennisnemen van de processtukken van de tuchtzaak over zijn/ haar klacht. Op het oproepen van getuige/ deskundige voor de tuchtzaak over zijn/ haar klacht. Op een beslissing binnen de gestelde termijn van het tuchtcollege. Op beroep inzake een tuchtzaak bij het centrale tuchtcollege WGBO De Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) regelt de relatie tussen cliënt en zorgverlener. Wanneer een cliënt de hulp van een zorgverlener inroept ontstaat een geneeskundige behandelingsovereenkomst tussen beide. De cliënt is opdrachtgever tot zorg (voor deze wet betekent dat: onderzoek, raad geven en handelingen op het gebied van de geneeskunst die tot doel hebben een ziekte te genezen, te voorkomen, de gezondheidstoestand te beoordelen of het verlenen van verloskundige zorg). In de WGBO is een aantal plichten van cliënten bepaald. De cliënt moet de zorgverlener goed, eerlijk en volledig op de hoogte stellen van de problematiek. Bovendien moet de cliënt zoveel mogelijk meewerken en de adviezen opvolgen van de zorgverlener. De cliënt moet er daarnaast voor zorgen dat de zorgverlener betaald krijgt voor zijn diensten.
7 Cliëntenrechten: Op begrijpelijke informatie. Geen informatie te willen. Op een medisch dossier en inzage hierin. Op verzoek het medisch dossier te wijzigen of aan te vullen met de eigen visie van de cliënt. Op 10 jaar bewaren van het dossier. Op vernietiging binnen 3 maanden tenzij. Op bescherming van de privacy van de cliënt. Op bezwaar tegen gebruik van gegevens van de cliënt voor wetenschappelijk onderzoek. Op al dan niet verlenen van toestemming voor een behandeling of onderzoek. Kwaliteitswet Zorginstellingen De kwaliteitswet Zorginstellingen stelt globale eisen aan de kwaliteit van de zorg. De nadruk van deze wet ligt bij de eigen verantwoordelijkheid van instellingen voor het leveren van kwalitatief goede zorg. De wet geldt voor alle zorginstellingen, de instellingen moeten de algemene regels zelf nader uitwerken en invullen. De instellingen moeten omwillen van de kwaliteit aan vier eisen voldoen: Verantwoorde zorg Doeltreffend, doelmatig en cliënt gericht. Op kwaliteit gericht beleid De instelling organiseert de zorgverlening op zodanige wijze, voorziet de instelling zowel kwalitatief als kwantitatief zodanig van personeel en materieel, en draagt zorg voor een zodanige verantwoordelijkheidstoedeling, dat een en ander leidt of redelijkerwijs moet leiden tot een verantwoorde zorg. Kwaliteitssystemen De zorg moet systematisch, beheerst en verbeterd worden door de instelling. Hiermee wordt bedoeld het registreren van gegevens betreffende de kwaliteit van zorg, aan de hand van deze gegevens toetsen en op basis van de uitkomst van de toetsing zo nodig veranderen van de wijze waarop de zorg wordt uitgevoerd. Jaarverslag Zorginstellingen rapporteren jaarlijks over de kwaliteit van de zorg in hun organisatie. Cliëntenrechten: Op verantwoorde zorg. Op (collectieve) invloed op het kwaliteitsbeleid van zorginstellingen. Op een kwaliteitsjaarverslag te ontvangen door de organisatie die in de regio de belangen van cliënten behartigt WMG De Wet Marktordening Gezondheidszorg stelt regels inzake de ontwikkeling en ordening van markten op het gebied van gezondheidszorg. Er is de laatste jaren het nodige veranderd in de gezondheidszorg, er is meer ruimte gekomen voor keuzes (door cliënten, aanbieders en verzekeraars) en marktwerking. Doel van de WMG is meer concurrentie in de gezondheidszorg bewerkstelligen. Cliëntenrechten: Op een regeling voor klachten over formulieren van zorgaanbieders en zorgverzekeraars. Tijdige informatie over het tarief van zorgaanbieders. Op openbare informatie over aangeboden prestaties en diensten van zorgaanbieders en zorgverzekeraars, zodat deze vergelijkbaar zijn
8 Kennis van de omgeving en ontwikkelingen van en rond de sportmasseur. Ontwikkelingen van en rond de sportmasseur. Sport en gezondheidszorg raken steeds nauwer met elkaar verweven. Vanuit de gezondheidszorg wordt de waarde van sport en bewegen voor de gezondheid steeds meer erkend. Sport heeft op haar beurt als maatschappelijke activiteit een sterke ontwikkeling doorgemaakt, waardoor het aantal sportgerelateerde hulpvragen aan de sportgezondheidszorg aanzienlijk is. Op het grensgebied van sport en gezondheidszorg ontwikkelt zich de sport gezondheidszorg onder invloed van impulsen vanuit beide maatschappelijke sectoren. Sportgezondheidszorgis een nog betrekkelijk jonge deelsector van de gezondheidszorg. Pas in 1987, dus nog geen twintig jaar geleden, is sportgeneeskunde officieel erkend als een zelfstandig sociaalgeneeskundig specialisme. Sindsdien heeft dit specialisme zorginhoudelijk een sterke ontwikkeling doorgemaakt. Ook de verbijzondering sportfysiotherapie binnen de fysiotherapie is van betrekkelijk recente datum. Sportmasseurs maken nog geen onderdeel uit van het gezondheidszorgdomein. Met deze drie beroepsgroepen zijn tegelijkertijd de kerndisciplines van de sportgezondheidszorg genoemd. Deze drie kerndisciplines zijn op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport met elkaar in overleg getreden om te komen tot afspraken voor een verhoging van de doelmatigheid van de sportgezondheidszorg. Deze zou tot stand kunnen worden gebracht door: de positie van de sportgezondheidszorg binnen en de relatie met de algemene gezondheidszorg helder te beschrijven, de bouwstenen aan te dragen voor functionele verwijsafspraken binnen de sportgezondheidszorg en tussen de sportgezondheidszorg en de algemene gezondheidszorg, de mogelijkheden voor taakafstemming en taakherschikking te beschrijven. De drie beroepsorganisaties van deze kerndisciplines, respectievelijk de VSG, de NVFS en het NGS, hebben met elkaar overleg gevoerd in het Landelijk Platform Sportgezondheidszorg (LPS). Naast vertegenwoordigers van de drie genoemde beroepsorganisaties hebben ook twee medewerkers van NOC*NSF als klankbord aan de bijeenkomsten deelgenomen. Een ambtenaar van het ministerie van VWS nam als waarnemer deel aan de bijeenkomsten van het LPS die werden voorgezeten door een onafhankelijk voorzitter. Het Strategisch Plan Sportgezondheidszorg In de eerste helft van 1999 hebben vertegenwoordigers van een aantal belangen- en beroepsorganisaties in de sportgezondheidszorg een poging ondernomen om te komen tot een gemeenschappelijke visie op de gewenste organisatie van de sportgezondheidszorg. Initiatiefnemer hiertoe was het NOC*NSF. De overige betrokken organisaties waren: de Vereniging voor Sportgeneeskunde (VSG), de Nederlandse Vereniging voor Fysiotherapeuten in de Sport (NVFS), het Nederlands Genootschap voor Sportmassage
9 (NGS) en de (toenmalige) Federatie van SportMedische Adviescentra (FSMA). Met elkaar vormden deze vertegenwoordigers de Stuurgroep Strategisch Plan Sportgezondheidszorg. Het initiatief bouwde voort op een gezamenlijke intentieverklaring die deze partijen in 1998 hadden opgesteld met betrekking tot het oplossen van knelpunten in de sportgezondheidszorg. De doelstelling van dit initiatief luidde: Het opstellen van een strategisch plan voor de sportgezondheidszorg, waarin een samenhangende visie wordt gegeven op de gewenste ontwikkelingen in de sportgezondheidszorg en dat: de instemming heeft van de belangrijkste partijen op het terrein van de sportgezondheidszorg; een richtinggevend kader biedt voor de ontwikkeling van de sportgezondheidszorg in de komende jaren. Deze doelstelling is niet gerealiseerd. Wel is op hoofdlijnen consensus bereikt over de kerncompetenties van de betrokken beroepsgroepen en over enkele hoofdlijnen van ontwikkelingen in de sportgezondheidszorg. Sport en zorg zorg en sport Sport is goed, Zorg moet luidde het motto, dat de Vereniging voor sport geneeskunde (VSG) haar beleidsnota uit 2002 meegaf. Een terecht motto. Zo langzamerhand is iedereen er wel van overtuigd dat sport en bewegen leiden tot een betere gezondheid en daarmee tot een hogere kwaliteit van leven, ook -en misschien wel juist- voor mensen die weinig lichamelijk actief zijn of aan een chronische aandoening lijden. Tegelijkertijd moet worden geconstateerd dat sporten ook tot gezondheidsrisico s kan leiden. Sporters kunnen blessures oplopen. Sporters die het maximale uit hun lichamelijke mogelijkheden proberen te halen zijn daarbij extra kwetsbaar. Ook zijn er mensen die na een soms jarenlange periode van inactiviteit weer aan sport willen gaan doen. Over deze groep mensen is er de zorg of zij kunnen gaan sporten zonder gezondheidsschade op te lopen. Deze zorg geldt evenzeer voor mensen met chronische aandoeningen. Sport en gezondheidszorg zijn nauw met elkaar verweven. De sportgezondheidszorg is echter een nog relatief jonge deelsector van de gezondheidszorg. Zij ontwikkelt zich op de grens van twee complexe deelsectoren van de samenleving: de gezondheidszorg en de sport. Vanuit de sport is in de loop van de jaren steeds meer aandacht ontstaan voor de gezondheidszorgaspecten en vanuit de gezondheidszorg wordt sport en bewegen steeds nadrukkelijker een aandachtsgebied. Ieder van deze twee deelsectoren kent haar eigen ontwikkelingslijnen die tot op heden niet of nauwelijks op elkaar zijn afgestemd. Een korte schets van de belangrijkste ontwikkelingen in deze beide maatschappelijke sectoren:
10 Gezondheidszorg De belangrijkste -voor de sportgezondheidszorg relevante- ontwikkelingen in de gezondheidszorg zijn: 1. De aandacht voor het aspect sport en bewegen is vanuit de gezondheidszorg sterk toegenomen. De laatste jaren wordt het belang van gezond bewegen naast zaken als gezonde voeding steeds meer benadrukt. Gezondheidswinst door sport en bewegen wordt ook vanuit de gezondheidszorg steeds meer onderkend. 2. De ontwikkeling van de beroepsinhouden van de betrokken professionele beroepsgroepen De sportarts heeft zich in de loop van de tijd ontwikkeld van een beroepsgroep die vooral preventief en beleidsmatig werkt, tot een beroepsgroep die voor een belangrijk deel ook diagnostische en curatieve werkzaamheden verricht, veelal in tweedelijnsvoorzieningen dan wel in gespecialiseerde, vrij toegankelijke voorzieningen, zoals sportmedische instellingen Binnen de fysiotherapie heeft de sportfysiotherapie zich als een afzonderlijke verbijzondering ontwikkeld. Ook zij is direct toegankelijk voor patiënten/cliënten De beroepsinhoud van de sportmasseur ontwikkelt zich tot die van een breed inzetbare sportzorgprofessional. Er is veel aandacht voor de kwaliteit van de beroepsuitoefening en voor de ontwikkeling van aanvullende cursussen over een breed spectrum van aanpalende onderwerpen. Een nieuw beroep is in ontwikkeling, dat van de sportmasseur / sportverzorger die, gegeven het opleidingsprofiel, volwaardig deel uit kan maken van het zorgdomein van de sportgezondheidszorg. 3. In de gezondheidszorg is in toenemende mate aandacht voor doelmatigheidsbevordering door taakherschikking. Dat wil zeggen dat een zorgvraag zo veel mogelijk terecht komt bij degene die qua opleidingsniveau deze het meest adequaat (in termen van kwaliteit én doelmatigheid) kan beantwoorden. Sport De samenleving is steeds meer aan het versporten. Sport neemt als amusement een steeds belangrijker plaats in, maar ook het zelf willen sporten en bewegen wordt voor steeds meer mensen belangrijk. Daarin zijn wel veranderingen merkbaar. In de algemene trend naar individualisering van de samenleving zijn er signalen dat sportverenigingen steeds meer sport op maat gaan aanbieden. Zij zullen zich meer marktgericht gaan ontwikkelen. Sportverenigingen zullen zich meer gaan instellen op die nieuwe, meer individueel bepaalde vraag naar sportbeoefening. De sportvereniging zal daarbij ook open moeten staan voor het gegeven dat het voor veel mensen niet alleen maar gaat om de sport zelf maar ook om de gezondheidswinst die mendaarmee verwacht te behalen. De algemene gezondheidstoestand van de sporter wordt een steeds belangrijker motivering om te gaan sporten. Wanneer sportverenigingen zich daarbij gaan richten op doelgroepen, zullen zij een apart sportaanbod kunnen gaan ontwikkelen voor bijvoorbeeld ouderen en chronisch zieken. Met dat gegeven zal in de toekomst de relatie tussen de sportverenigingen en de gezondheidszorg aan belang winnen. Tegelijkertijd wordt sport ook vrijblijvender, grootschaliger en commerciëler. Steeds meer mensen willen niet in georganiseerd verband hun sport beoefenen. Zij willen sporten op hun eigen manier en op de momenten dat het hun uitkomt. Wandelen, hardlopen, fietsen en zwemmen voldoen aan die voorwaarden en kunnen zich dan ook in een toenemende belangstelling verheugen. Dit dreigt ten koste te gaan van de verenigingssport. Fitness lijkt een tussenvorm. Het sporten gebeurt wel in georganiseerd verband, maar de sporter( cliënt ) is toch in redelijke mate in staat om zelf het programma en de momenten van sportbeoefening te bepalen.
11 Een grotere sportparticipatie, ook door meer kwetsbare groepen, zoals ouderen en chronisch zieken, verhoogt het risico op sportblessures en kan dus leiden tot een groter beroep op de (sport)gezondheidszorg. Hierover volgen enkele feiten en cijfers. Feiten en cijfers Enkele feiten en cijfers om het belang van de combinatie sport en zorg te illustreren: In totaal sporten er in Nederland ongeveer 7,3 miljoen mensen. Er ontstaan jaarlijks ongeveer 1,2 miljoen sportblessures, waarvan de helft medisch wordt behandeld. Ongeveer blessures worden behandeld op de spoedeisende afdeling van een ziekenhuis. Dit brengt (inclusief vervolgbehandeling) naar schatting 97 miljoen euro aan medische kosten met zich mee. Deze blessures leidden onder meer tot consulten bij huisartsen, consulten bij fysiotherapeuten en ruim consulten bij medisch specialisten en (sport)artsen. Blessures aan de enkels (kneuzingen en verstuikingen) komen verreweg het meest voor. In totaal bijna Ongeveer worden medisch behandeld. Sportblessures leiden tot 2,6 miljoen dagen arbeidsverzuim en tot 820 duizend dagen schoolverzuim. Gegevens over Bron: Sportblessures: het totale speelveld (Schmikli et al, 2004) Het bovenstaande illustreert het belang van zorg voor de sportbeoefening. Er is ook een belang van sport als onderdeel van de zorg als onderdeel van herstel en als bijdrage aan het verhogen van de kwaliteit van leven. Ook hierover enkele feiten en cijfers. Naar schatting zijn er tussen de 1,5 en 4,5 miljoen mensen in Nederland met een chronische aandoening. In de komende 20 jaar zal dit aantal naar verwachting met 25 tot 55 procent groeien. Verantwoord bewegen kan het beloop van een aantal chronische aandoeningen gunstig beïnvloeden. Er is echter juist onder de groep chronisch zieken sprake van bewegingsarmoede. In het bijzonder onder mensen met artrose, hart- en vaatziekten en astma/copd. Bron: Trendrapport Bewegen en Gezondheid 2002/2003 (Hildebrandt, et al, 2004)
12 Raakvlakken van de sportgezondheidszorg met de algemene gezondheidszorg Beroepsbeoefenaren van buiten de sportgezondheidszorg moeten op de hoogte zijn van de competenties van de sportzorgprofessionals. Dit geldt in het bijzonder voor huisartsen en medisch specialisten. De sportgezondheidszorg heeft een eigen verantwoordelijkheid om deze competenties ruim bekend te maken. Huisartsen en medisch specialisten moeten weten waar binnen hun werkgebied sportzorgprofessionals zijn te vinden. Voorgesteld wordt dat de beroepsorganisaties uit de sportgezondheidszorg deze informatie beschikbaar stellen (zie ook hierboven). Beroepsgroepen uit de sportgezondheidszorg zullen het initiatief nemen om met beroepsgroepen uit de algemene gezondheidszorg (in het bijzonder huisartsen en fysiotherapeuten) op het niveau van aandoeningen afspraken te maken over de vraag onder welke omstandigheden patiënten worden doorverwezen en naar welke sportzorgprofessional. Daarbij dienen ook afspraken te worden gemaakt over de noodzakelijke verwijsinformatie. Ten behoeve van de doelgroep mensen met chronische aandoeningen zullen de algemeen fysiotherapeuten, de sportfysiotherapeuten en de fysiotherapeuten die zich ineen bepaalde aandoening hebben gespecialiseerd, onderling afspraken maken over de advisering aan en de begeleiding van deze groep patiënten op het gebied van sport en bewegen. Een voorbeeld van zo n afspraak luidt: Mensen met lichte aandoeningen kunnen worden begeleid door de algemeen fysiotherapeut. (Er zijn immers nauwelijks beperkingen om te bewegen of te sporten.) Mensen met matig ernstige aandoeningen kunnen worden begeleid door een sportfysiotherapeut. (De beperkingen zijn zodanig dat het sport- en beweegaanbod aangepast moet worden.) Mensen met ernstige chronische aandoeningen kunnen worden begeleid door een in die aandoening gespecialiseerde fysiotherapeut. (De beperking is dusdanig ernstig dat grondige kennis van de aandoening noodzakelijk is voor het geven van een optimale begeleiding.) Prestatiegerichte sporters die zijn geholpen in de algemene gezondheidszorg, dienen na behandeling te worden doorverwezen naar sportmasseurs om hen voor te lichten over het voorkomen van herhaling of verergering van de klachten dan wel om daadwerkelijk preventieve activiteiten te verrichten.
13 Raakvlakken van de sportgezondheidszorg met de sport Sportbonden dienen via internet toegangseisen en adviezen voor het beoefenen van de betreffende sport breed bekend maken. Daarbij dient onderscheid te worden gemaakt naar de vijf in dit rapport onderscheiden doelgroepen. Iedere organisatie die sport en bewegen aanbiedt (waaronder sportverenigingen, fitnesscentra en sportscholen) dient een beleid te hebben ten aanzien van de toegang tot de sportbeoefening. In dit beleid dient met name aandacht te zijn voor: nieuwe leden die zich na een (lange) periode van inactiviteit aanmelden voor sportbeoefening ouderen en jeugdigen deelnemers/leden met chronische aandoeningen. Dit beleid kan zich bijvoorbeeld concretiseren in het (regelmatig) screenen op de aanwezigheid van risicofactoren. Deze organisaties dienen afspraken te hebben met één of meer sportzorgprofessionals in haar omgeving om leden die daarop zijn aangewezen eventueel naar te kunnen verwijzen. Iedere sportvereniging die ernaar streeft een prestatiegerichte vereniging te zijn, dient voor haar selectiespelers ten minste een sportmasseur (deeltijds) in dienst te hebben. Deze sportmasseur dient op zijn beurt werkafspraken te hebben met andere sportzorgprofessionals in de omgeving. Tijdens wedstrijden van de selectieteams van prestatiegerichte verenigingen dient een sportmasseur aanwezig te zijn. De beroepsgroepen uit de sportgezondheidszorg zullen gezamenlijk een beleid ontwikkelen ten aanzien van het te leveren sportzorgaanbod bij (grootschalige) sportevenementen. Waar nodig dient dit sportzorgaanbod te zijn afgestemd met de algemene regelgeving voor grootschalige publieksevenementen. Organisaties en beroepsdomeinen kerndisciplines Hier worden de (beroeps)domeinen beschreven van achtereenvolgens Het NOC*NSF, de sportartsen, de sportfysiotherapeuten en de sportmasseurs. Deze beschrijvingen zijn geformuleerd op basis van informatie die vanuit de beroepsgroepen zelf is aangeleverd. NOC*NSF. Nederlands Olympisch Comité*Nederlandse Sport Federatie (NOC*NSF) is de bundeling van de georganiseerde sport in Nederland. De 90 aangesloten landelijke sportorganisaties vertegenwoordigen samen ongeveer verenigingen met in totaal ruim 4,7 miljoen georganiseerde sporters. Strategie en beleid. Sport is ook een bedrijfstak, een sportieve onderneming. Samen sporten is leuk en zorgt voor binding en saamhorigheid. Sport raakt ons! Het Oranjegevoel dat we bij Nederlandse sportsuccessen krijgen én uitdragen, laat dat zien. Fundamenten De maatschappelijke betekenis van sport is erkend, maar wie niet blijft investeren in de unieke kracht van sport, speelt met de toekomst. Als Nederland echt de sociale en maatschappelijke waarde van sport wil benutten en bovendien bij de top tien van de wereld wil horen, dan moeten we met z n allen - sport, overheid en bedrijfsleven - fors investeren. De georganiseerde sport daagt met dit manifest iedereen uit om met ons te investeren in de kracht van de sport.
14 Beroepsdomein sportarts 1. Kennisdomein/vaardigheden De sportarts is tot het volgende in staat: 1. Kunnen afnemen van een relevante, beknopte en accurate anamnese, het efficiënt uitvoeren van een doelmatig lichamelijk onderzoek, het uitvoeren van relevante procedures om gegevens te verzamelen, te analyseren en te interpreteren, het stellen van een diagnose en het verrichten van de juiste geneeskundige procedures om het probleem van een patiënt/ sporter te helpen oplossen. 2. Toont specifieke diagnostische en behandelingsvaardigheden om op effectieve en ethische wijze uiteenlopende problemen met betrekking tot patiëntenzorg te managen vanuit de sportgeneeskunde. Daartoe behoren: a. inspanningsdiagnostiek b. aanvullende diagnostiek (drukmetingen, echografie, MRI, scans e.d.) c. behandeling in de vorm van belastingadviezen (belasting in relatie tot belastbaarheid) d. oefentherapie 3. Raadpleegt relevante informatie en behandelingsmogelijkheden en past deze in de praktijk toe. Hieronder valt het weten te stellen van de juiste, patiëntgerelateerde vragen, het systematisch zoeken naar onderbouwing en het kritisch evalueren van sportgeneeskundige en andere relevante literatuur en ander bewijs om de klinische besluitvorming te optimaliseren. 4. Toont medische deskundigheid in situaties die niet te maken hebben met directe patiëntenzorg. Hieronder valt het afgeven van verklaringen als medisch deskundige (sportkeuringen, aanstellingskeuringen van topsporters) en het geven van presentaties. 5. Toont effectieve consultatievaardigheden. Hieronder valt het presenteren van goed onderbouwde evaluaties en aanbevelingen, zowel mondeling als schriftelijk, naar aanleiding van een verzoek van een andere gezondheidswerker. De rollen van communicator, groepswerker, manager, belangenbehartiger, deskundige en wetenschapper zijn uiteraard beschreven maar worden in dit kader niet relevant geacht. 2. Werkdomein Sportartsen werken in principe op verwijzing van andere artsen (huisartsen en medisch specialisten), maar in veel gevallen wenden sporters zich rechtstreeks tot een sportarts. De sportarts kan op zijn beurt door- of terugverwijzen naar huisarts, medisch specialist, sportfysiotherapeut en sportmasseur. Wanneer een sportarts in een behandelteam fungeert, zal hij in het algemeen als hoofdbehandelaar optreden. Binnen het kader van een (beroeps)sportorganisatie is de relatie tussen de sportarts en de trainer/coach belangrijk.
15 3. Taken Tot de kerntaken van de sportarts behoren de volgende activiteiten:. Consultaties Op grond van een sportmedisch probleem (zoals van het bewegingsapparaat of een intern probleem) adviseren, behandelen c.q. verwijzen. Bij de consultatie wordt desgewenst gebruik gemaakt van aanvullend sportmedisch onderzoek.. Preventieve sportmedische onderzoeken Dit betreffen fysisch/diagnostische onderzoeken, inspanningstesten of keuringen die gevraagd worden door een sporter of een patiënt. De vraag richt zich op het beïnvloeden van het klinische beeld als zodanig (sportrevalidatie) of op de beperkende randvoorwaarden, gegeven het klinische beeld, in het geval de patiënt gaat starten met trainen/bewegen/sporten.. Sportmedische begeleiding Bovenstaande taken (consulten en sportmedische onderzoeken), maar dan over langere termijn voor meerdere individuen. In dat geval functioneert de sportarts bij uitstek als coördinator van zorg. 4. Werkomgeving De sportarts oefent zijn beroep voornamelijk uit bij sportmedische instellingen (een sportgeneeskundige werkplek/afdeling in een ziekenhuis of bij een SMA) en bij sportorganisaties. Een sportmedische instelling dient een volgens de kwaliteitseisen van de Federatie van Sport Medische Instellingen (FSMI) gecertificeerde instelling te zijn. Onder sportorganisaties worden onder meer sportbonden, -verenigingen of -teams verstaan. Het werken van de sportarts in een sportmedische instelling is gehouden aan bepaaldeafspraken, zoals vastgelegd in de statuten van de Federatie van Sport Medische Instellingen. Hieraan dient de sportarts zich te houden. Andere instellingen, zoals sportbonden, ziekenhuizen, ARBO-diensten en GGD-instellingen, van waaruit of namens welke, de sportarts activiteiten ontwikkelt, kennen hun eigen specifieke regels en richtlijnen, waaraan de sportarts zich in deze voorkomende gevallen dient te committeren. Gelet op de ontwikkelingen om binnen de sportgeneeskunde te komen tot Diagnose Behandel Combinaties (DBC) zal de sportarts zich in de toekomst ook gehouden weten aan te maken afspraken hieromtrent. 5. Beroepsorganisatie De vereniging voor Sportgeneeskunde (VSG) is de beroepsvereniging van sportartsen. Zij bestaat uitsluitend uit artsen. De vereniging telt ruim 600 leden. Van hen zijn 132 geregistreerd als sportarts.
16 Beroepsdomein sportfysiotherapeut 1. Kennisdomein/vaardigheden In algemene zin houdt de sportfysiotherapie zich bezig met: de behandeling en begeleiding van sporters met een blessure en/of chronische ziekte de behandeling en begeleiding van sporters met een lichamelijke en/of verstandelijke handicap de begeleiding van sporters zonder blessure advisering en voorlichting over specifieke sportbeoefening en/of over gezond sporten en bewegen in het algemeen Sportfysiotherapeuten verrichten in het algemeen de volgende handelingen: begeleiden en coachen instrueren van specifieke oefentherapie fysische therapie in engere zin manuele verrichtingen 2. Werkdomein De doelgroep van de sportfysiotherapie bestaat uit sporters op alle denkbare niveaus, van topsport tot breedtesport, al dan niet in georganiseerd verband beoefend. Sportfysiotherapeuten kennen veel samenwerkingspartners. Door meer dan de helft van de sportfysiotherapeuten worden genoemd: huisartsen fysiotherapeuten sportartsen (orthopedisch) chirurgen trainers/coaches Daarnaast worden onder meer nog genoemd: manueel therapeuten, sportmasseurs, radiologen, inspanningsfysiologen en sportpsychologen. Veel van de contacten zijn op ad hoc basis (probleemgericht), maar ook structureel overleg komt relatief veel voor, vooral met (sport)fysiotherapeuten, sportmasseurs en trainers/coaches. De sportfysiotherapeut kan werken op verwijzing van onder meer de huisarts, de sportarts, andere medisch specialisten, andere (sport)fysiotherapeuten en de (sport)masseur. Op zijn beurt kan de sportfysiotherapeut naar deze beroepsgroepen verwijzen.
17 3. Taken Sportfysiotherapeuten kunnen het volgende zorgaanbod leveren: onder verwijzing van een arts: blessurebehandeling en -begeleiding zonder verwijzing: blessurepreventie en -advies Hiertoe behoren onder meer: tapen, bandageren en mobiliseren, het afnemen van fitheidstesten en het vaststellen van fitheidsprofielen. advies over sportkeuze, materiaal en kleding, schoeisel en sociaalmaatschappelijke aspecten sportmedische begeleiding van trainingsprogramma s sportfysiotherapeutisch advies De sportfysiotherapeut is in staat een fysiotherapeutische diagnose te stellen en conclusies te trekken ten behoeve van het herstelproces. De sportfysiotherapeut is in staat een fysiotherapeutisch behandel- en/of herstelplan op te stellen en uit te voeren. 4. Werkomgeving De meeste sportfysiotherapeuten werken grotendeels extramuraal. De meest voorkomende werksetting is die van de particuliere praktijk, waarin eveneens de meeste werktijd besteed wordt. Daarnaast komen we de sportfysiotherapeuten tegen in onderstaande werkomgevingen: sportverenigingen (zoals voetbalclubs of atletiekverenigingen) sportorganisaties en -bonden centra voor fitness en bewegen sportmedische centra, FysioSport Centra en andere gezondheidscentra Veel sportfysiotherapeuten functioneren in meerdere van deze werksituaties. 5. Beroepsorganisatie (omvang, organisatiegraad, kenmerken) De Nederlandse Vereniging voor Fysiotherapie in de Sportgezondheidszorg (NVFS) is de beroepsorganisatie van de sportfysiotherapeuten. Zij maakt als beroepsinhoudelijke organisatie deel uit van het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF). Het merendeel van de ongeveer 650 sportfysiotherapeuten is lid van de NVFS.
18 Beroepsdomein Sportmasseur 1. Kennisdomein / Vaardigheden In de breedtesport is de sportmasseur als zelfstandig beroepsbeoefenaar werkzaam vanuit zijn eigen vakinhoudelijke deskundigheid. Bij zijn cliënten is geen sprake van pathologie, stoornis of ziekte. Wanneer de sportmasseur een van deze zaken constateert, adviseert hij de cliënt naar de huisarts te gaan of andere deskundige hulp in te roepen. De sportmasseur kan de volgende rollen vervullen naar zijn cliënten: begeleider van de cliënt bij blessurepreventie vertrouwenspersoon eerste contactpersoon bij klachten ondersteuner van arts en fysiotherapeut binnen de sportgezondheidszorg 2. Werkdomein Doelgroep Het doel van het werk van de sportmasseur is: het treffen van maatregelen ter verbetering van de conditie van de cliënt en ter voorkoming of vermindering (van recidivering) van blessures van cliënten. Met deze omschrijving behoort iedereen die bewust bezig wil zijn met sport of bewegen tot de doelgroep van de sportmasseur. Professionele relaties Voor de sportmasseurs die (zelfstandig) in een sportvereniging functioneren, is de belangrijkste professionele relatie die met de trainer/coach. Wanneer een sportmasseur onderdeel is van een behandelteam, liggen zijn belangrijkste professionele relaties met de sportarts, de sportfysiotherapeut en de trainer/coach. Binnen het behandelteam werkt de sportmasseur volgens daar gemaakte afspraken en protocollen. Verwijsrelaties Wanneer de sportmasseur een vermoeden heeft van pathologie, zal hij de cliënt doorverwijzen naar de huisarts. Functionerend binnen een behandelteam zal hij kunnen verwijzen naar de sportarts of de sportfysiotherapeut. Wanneer de sportmasseur betrokken is bij sportevenementen kan hij in geval van acute blessures verwijzen naar de afdeling spoedeisende hulp van het dichtst bijzijnde ziekenhuis. De sportmasseur kan werken op verwijzing van artsen (huisartsen, sportartsen, andere medisch specialisten) en (sport)fysiotherapeuten.
19 3. Taken De bijdrage van de sportmasseur aan de sportgezondheidszorg is met name gelegen in het verbeteren of op het gewenste niveau houden van de conditie van zijn cliënten en het verrichten van preventieve handelingen ter voorkoming, verergering of herhaling van blessures. Deze bijdrage komt tot uiting in de volgende kerntaken: 1. onderzoeken bewegingsapparaat en opstellen stappenplan 2. masseren van cliënten 3. tapen en bandageren van cliënten 4. voorlichting en advies geven aan cliënten of groepen 5. zorg verlenen aan cliënten bij acuut sportletsel 6. registreren en gegevens vastleggen van cliënten 4. Werkomgeving Sportmasseurs zijn veelal werkzaam binnen sportverenigingen of in een eigen praktijk. Daarnaast zijn sportmasseurs nog in vele andere werksituaties te vinden, zoals: sauna, sportschool, fitnesscentrum, schoonheidssalon en fysiotherapiepraktijk. Sportmasseurs zijn vaak betrokken bij sportevenementen. In bepaalde situaties, zoals professionele sportorganisaties, maakt de sportmasseur deel uit van een behandelteam. 5. Beroepsorganisatie (omvang, organisatiegraad, kenmerken) Het Nederlands Genootschap voor Sportmassage (NGS) is de beroepsorganisatie voor de sportmasseurs. Het NGS telt ongeveer leden, ruim 30% van het aantal licentiehouders.
20 Doelgroepen en zorgketens in de sportgezondheidszorg De volgende vijf doelgroepen van de sportgezondheidszorg zijn: 1. chronisch zieken 2. inactief actief 3. recreatiegerichte sporters 4. prestatiegerichte sporters 5. maximale sporters DOELGROEP: CHRONISCH ZIEKEN Het gaat hier om een groep mensen van wie bekend is dat zij aan een chronische aandoening lijden. Het betreft een grote en gevarieerde groep mensen, zowel naar aandoening als naar ernst van de aandoening DOELGROEP: INACTIEF ACTIEF Dit betreft de groep mensen die vanuit een -in termen van sport en bewegen- inactief bestaan toe willen naar een meer actief bestaan. Het kan gaan om mensen die vele jaren niet aan sport hebben gedaan. Een deel van deze mensen zal volledig hun eigen weg gaan. Zij worden niet gezien als een doelgroep van de sportgezondheidszorg. De sportgezondheidszorg doet niet aan bemoeizorg. Een ander deel zal zich willen laten voorlichten over vragen als: Welke sport kan ik het beste gaan beoefenen, gegeven mijn individuele omstandigheden? Hoe moet ik mijn sportbeoefening opbouwen? Op welke signalen moet ik letten? Kortom: ook voor deze doelgroep zal de belangrijkste hulpvraag bestaan uit een vraag naar een sport- en beweegadvies DOELGROEP: RECREATIEGERICHTE SPORTERS Het gaat hier om de grote groep sporters die vooral vanwege de behoefte aan (gezonde)ontspanning een sport beoefenen. Gezonde ontspanning is dikwijls niet de enige motivatie. Ook de behoefte aan regelmatige sociale contacten kan een rol spelen. In ieder geval speelt het leveren van prestaties voor deze mensen een ondergeschikte rol bij hun sportbeoefening. Kwantitatief gaat het om een grote groep mensen, naar schatting tussen de 5 en 6 miljoen. Zij kunnen in georganiseerd verband dan wel niet-georganiseerd hun sport beoefenen. DOELGROEP: PRESTATIEGERICHTE SPORTERS Het betreft hier de groep van wellicht één miljoen of meer sporters die hun sport beoefenen, gericht op het leveren van prestaties. Er zijn hier natuurlijk vele niveauverschillen in te onderscheiden. Maar in ieder geval gaat het -op welk niveau dan ook- om het leveren van een hogere prestatie dan alleen maar recreatief bezig willen zijn. De sportgezondheidszorg zal hier meer nadrukkelijk in beeld zijn bij de sporters. Zo zal bijvoorbeeld in veel gevallen een sportmasseur of -fysiotherapeut aanwezig zijn bij wedstrijden. De sportmasseur verzorgt de EHBSO en beoordeelt of er sprake is van pathologie. Bij pathologie wordt doorverwezen DOELGROEP: MAXIMALE SPORTERS Het betreft hier een groep sporters (geschat wordt ongeveer 2.500) die het maximale uit hun lichamelijke vermogens willen halen. In vrijwel alle gevallen zal de sportbeoefening hun belangrijkste bezigheid zijn, mogelijk zelfs hun belangrijkste bron van inkomsten. Voor hen is derhalve optimale preventie, optimale voorbereiding van sportprestaties en een snel herstel van blessures zeer belangrijk. Deze belangen bepalen dan ook de belangrijkste bijdragen die de sportgezondheidszorg aan deze groep kan leveren.
21 Doping en sport Verboden en verplichtingen van begeleiders De rol van begeleiders staat uitgebreid in een dopingreglement beschreven. Onder hetbegrip begeleiders valt bijvoorbeeld de trainer/coach, maar ook het (para)medisch personeel zoals artsen, fysiotherapeuten, masseurs/verzorgers, maar ook managers en alle andere personen die op welke wijze dan ook een sporter tijdens zijn/haar sportcarrière begeleiden. Het is een begeleider verboden de volgende handelingen uit te voeren: - het niet of onvoldoende meewerken aan een dopingcontrole; - frauderen; - het in het bezit hebben en de toediening van dopinggeduide stoffen zonder geldige reden; - en de handel in dopinggeduide stoffen. Daarnaast hebben begeleiders een aantal verantwoordelijkheden meegekregen: - begeleiders dienen sporters op de hoogte te brengen van de dopinglijst; - - begeleiders zijn verplicht op de hoogte te zijn van de regels; - begeleiders zijn verplicht medewerking te verlenen aan dopingcontroles; en - begeleiders zijn verplicht de houding van sporters ten aanzien van doping gunstig te beïnvloeden. Indien een begeleider een van de dopingregels overtreedt, kunnen zware sancties volgen.dit kan variëren van twee jaar tot een levenslang verbod op het uitoefenen van functies binnen de bond. Het verbod wordt door alle overige sportbonden overgenomen. Voedingssupplementen altijd checken Van topsporters worden buitengewone topprestaties verwacht. Eén van de voorwaardenvoor maximale prestaties én het behoud van de gezondheid is een verantwoord gebruik van voeding en voedingssupplementen, afgestemd op de individuele behoefte van de topsporter. Uit (inter)nationaal onderzoek is echter gebleken dat voedingssupplementen een dopinggeduide stof kunnen bevatten, zonder dat dit op het etiket vermeld staat. Dit kan leiden tot een verhoogd risico op een positieve uitslag van een dopingcontrole. In het verleden was het advies aan sporters geen supplementen te gebruiken om het verhoogde risico op een positieve dopinguitslag te vermijden. Dit was echter een onbevredigende oplossing, omdat sommige sporters in bepaalde omstandigheden supplementen nodig hebben. Daarom hebben het Ministerie van VWS, NOC*NSF, de brancheorganisatie Natuur- & GezondheidsProducten Nederland (NPN), het NeCeDo (thans de Dopingautoriteit) en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), het Nederlands Zekerheidssysteem Voedingssupplementen Topsport (NZVT) opgezet. In dit systeem worden supplementen volgens bijzondere kwaliteitseisen geproduceerd en speciaal gecontroleerd op de aanwezigheid van dopinggeduide stoffen. Supplementen die aan al deze eisen voldoen, worden op een website geplaatst, Sporters wordt aangeraden slechts die supplementen te gebruiken die op de NZVT-website gepubliceerd staan, omdat alleen deze supplementen de hoogst mogelijke zekerheid op een dopingvrij product bieden. Let op, deze zekerheid geldt alleen voor de specifieke productbatch combinaties op de website. Check altijd de website voor de meest recente lijst met gecontroleerde supplementen.
22 Gebleken is dat een klein aantal fabrikanten van voedingssupplementen beweert dat hun supplementen aan dezelfde kwaliteitseisen voldoen als de producten op de website, zonder dat deze fabrikanten zich bij het NZVT-systeem hebben aangesloten. Het NZVT-systeem is echter uniek in de wereld en geen enkel ander kwaliteitssysteem kan vooralsnog dezelfde garanties bieden. Doping Infolijn De Dopingautoriteit heeft een telefonische informatielijn, de Doping Infolijn, voor alle dopingvragen. De Doping Infolijn is elke dag tussen en uur geopend en kost 0,10/ minuut. Het telefoonnummer is De meest gestelde vragen van (top)sporters gaan over geneesmiddelen en of ze zijn toegestaan. In dat geval is het handig als een sporter de merknaam en werkzame stof van het geneesmiddel bij de hand heeft, zodat direct een antwoord kan worden gegeven. Als extra waarborg kunnen de antwoorden op deze vragen bovendien nog schriftelijk worden bevestigd. Behalve wanneer nog schriftelijke beantwoording volgt, blijft de beller anoniem. Alle vragen die bij de Doping Infolijn binnenkomen worden altijd volledig vertrouwelijk behandeld. Overigens kunnen dopingvragen natuurlijk ook g d worden naar Indien het een vraag is over geneesmiddelen dienen de adresgegevens en tak van sport vermeld te worden zodat schriftelijke bevestiging kan volgen Eigen verantwoordelijkheid Het kan niet vaak genoeg gezegd worden, maar een sporter is zelf verantwoordelijk voor alle verboden stoffen of afbraakproducten van verboden stoffen die worden aangetroffen in zijn/ haar (urine)monsters. Het is de persoonlijke plicht van elke sporter ervoor te zorgen dat geen verboden stoffen en/of afbraakproducten daarvan in zijn/haar lichaam binnenkomen. Er hoeft geen opzet, schuld, nalatigheid van of bewust gebruik door de sporter te worden aangetoond om een dopingovertreding volgens het dopingreglement te kunnen vaststellen. Interessante website voor de laatste informatie rondom doping.
23 Verbeterprocedé / kwaliteitszorg. Kwaliteit en kwaliteitszorg. Definitie kwaliteit Geheel van kenmerken van een entiteit dat betrekking heeft op het vermogen van die entiteit om kenbaar gemaakte en vanzelfsprekende behoeften te bevredigen. M.a.w. kwaliteit is datgene dat wordt geleverd en dat voldoet aan de wensen van de klant volgens de afspraken die met deze klant gemaakt zijn Kortom: waarborgen van een afgesproken kwaliteitsniveau De benadering vanuit de klant De klant heeft dus een belangrijke zeg in de kwaliteit van de sportmasseur. Formeel gezegd; hoe meer een dienst/product aan de wens van de klant/cliënt voldoet, hoe hoger de kwaliteit. Men zegt dan: Quality is fitness for use (een uitspraak van J.M. Juran). Dit laatste is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Immers hoe stelt men de gemiddelde voorkeur vast? Hoe meet men de wensen van de klant? Niet iedereen stelt dezelfde eisen. Mensen die in een hoofdstedelijke kledingspeciaalzaak kopen, stellen andere eisen dan mensen die hun kleding kopen in een dorpswinkel. Wat niet vergeten mag worden is dat de cliënt nooit alleen de kwaliteit bepaald. De cliënt kan een wens hebben voor een specifieke behandeling, terwijl de sportmasseur weet vanuit zijn/ haar deskundigheid dat deze behandeling niet de beste is. Belangrijk is dan te achterhalen waarom de cliënt deze wens heeft (is het uitgangspunt van de cliënt het zelfde als het uitgangspunt van de sportmasseur). Kwaliteitszorg Organisaties dienen ervoor te zorgen dat afnemers (leden) voldoende vertrouwen hebben in de producten (ondersteuning) die ze afnemen van de leverancier (ngs). Dat is kortweg de kern van kwaliteitszorg. Algemeen gedefinieerd als: alle activiteiten van de totale managementfunctie die het kwaliteitsbeleid, de kwaliteitsdoelstellingen en de verantwoordelijkheden vaststelt en deze implementeert met de middelen als kwaliteitsplanning, kwaliteitsbeheersing, kwaliteitsborging en kwaliteitsverbetering binnen het kwaliteitssysteem. Product- en proceskwaliteit Wat is productkwaliteit? Productkwaliteit is een vrij subjectief begrip. Productkwaliteit kan vanaf verschillende kanten belicht worden: - Prestaties: verschillende producten kunnen verschillen in kwaliteit op basis van bepaalde prestaties. - Secundaire productkenmerken: bijvoorbeeld opties bij de aankoop van een auto.
24 - Betrouwbaarheid: de waarschijnlijkheid dat een product gedurende een bepaalde periode zonder fouten functioneert. - Conformiteit: de mate waarin de eigenschappen van het product die ervaart worden door de consument, overeenkomen met datgene wat er in een offerte of catalogus staat. - Duurzaamheid: de mate en duur van het gebruik voordat het product slechter gaat functioneren. - Onderhoudbaarheid: de snelheid en het gemak waarmee het onderhoud uitgevoerd kan worden. - Esthetische waarde: dit is zeer subjectief, hoe ziet het product eruit, hoe ruikt het, hoe voelt het, hoe smaakt het, hoe klinkt het. - Ervaren kwaliteit: dit is ook zeer subjectief en komt voort uit de perceptie van de consument over de kwaliteit van het product. Deze kwaliteit wordt gevormd door bijvoorbeeld het imago, de verpakking en de merkbekendheid. Daardoor wordt de kwaliteit van merkproducten hoger ingeschat dan die van merkloze producten. Productkwaliteit wordt niet bepaald door de eindcontrole van een product, maar door het gehele voorgaande proces. Daardoor is de inrichting en het verbeteren van processen hoofdzaak bij het verbeteren van de kwaliteit van het product. Wat is proceskwaliteit? Bij proceskwaliteit is het de bedoeling om op steeds dezelfde manier goede producten of diensten te maken, door de werking van de processen goed te beheersen. Door de proceskwaliteit te verbeteren, wordt automatisch ook de kwaliteit van producten verbeterd. Dit omdat de kwaliteit van het product wordt bepaald door de kwaliteit van het proces. Integrale kwaliteit. Om succes te hebben in een markt van constante verandering en toenemende concurrentie moeten bedrijven erin slagen hun producten of diensten aan te passen aan de wensen van de klant. Integrale kwaliteitszorg is het middel bij uitstek om enerzijds de wensen van de klant te vertalen in producten en diensten en anderzijds alle mensen en middelen in de organisatie te richten op de gewenste resultaten Evaluatie en nazorg. Doel. Hieronder wordt verstaan het traject na de feitelijke zorgverlening. Evaluatie kan in overleg met de cliënt leiden tot aanpassing van het zorgaanbod c.q. bijsturing van de zorg. Evaluatie gebeurt tijdens het behandelproces. In het bijzonder bij langdurige behandelingen is het proces cyclisch: de zorgvraag blijft gedurende langere tijd bestaan. Nazorg gebeurd na afloop van het behandelproces. Er zijn twee evaluatiemomenten; voor en tijdens het voortgangsproces. De kwaliteit van beleid wint aanzienlijk door de ontwikkeling van evaluatiecriteria. Je weet immers waarop moet worden aangestuurd.
25 Belang Er zijn twee evaluatiemomenten tijdens het behandelingsproces; voor en tijdens de behandeling. Voorts is er een nazorg moment; na de behandeling De kwaliteit van het gekozen beleid (i.c. de behandeling) wint aanzienlijk door de ontwikkeling van evaluatie- en nazorgcriteria. Je weet immers waarop moet worden (aan)gestuurd en wat moet worden verbeterd. De sportmasseur is verantwoordelijk voor een goede evaluatie voor en tijdens zijn werkzaamheden. Ook is de sportmasseur verantwoordelijke voor een goede nazorg. Richtlijnen Evaluatie: Minimaal criterium voor de sportmasseur om zorg te dragen voor een goede evaluatie is: Voor en tijdens de behandelcyclus zijn/haar doelstellingen SMART formuleren. Specifiek Meetbaar acceptabel Realistisch Tijdsgebonden Minimale momenten van evaluatie: Na elk deelproces (anamnese, inspectie en functieonderzoek) Beide criteria zijn toetsbaar in het stappenplan en afzonderlijk op de onderzoeksformulieren. Nazorg: Minimaal criterium voor de sportmasseur om zorg te dragen voor een goede nazorg is: Na afloop van de behandeling neemt de sportmasseur een klanttevredenheidsonderzoek af bij de cliënt. Deze komt in het cliëntendossier. De sportmasseur bekijkt elk klanttevredenheidsonderzoek en past zonodig het proces aan, aan het advies c.q. klacht van de cliënt. Klachten Een klacht uiten is een manier om de kwaliteit van de individuele zorg te beïnvloeden. Er zijn verschillende manieren waarop cliënten hun klachten kunnen uiten. Belangrijk is dat de wijze van klachtafhandeling aansluit bij de doelen, behoeften en verwachtingen van de klager. De klager is vrij in de (eerste) ingang die hij kiest voor het aan de orde stellen van zijn klacht. Direct bespreken klachten Uitgangspunt van klachtenregelingen is over het algemeen dat de cliënt bij klachten deze eerst bespreekt met de betreffende zorgverlener en/ of de leidinggevende van de betreffende afdeling.
26 Het directe contact tussen zorgverlener en klager is bij uitstek de plaats voor een effectieve reactie op klachten. De zorgverlener kan rechtstreeks achterliggende vragen beantwoorden, opheldering geven bij misverstanden of problemen trachten op te lossen. Klachtenregeling De sportmasseur hanteert een duidelijk aan de cliënt bekendgemaakte klachtenprocedure. De klachten dienen geanalyseerd te worden en te leiden tot corrigerende maatregelen. Er wordt bewaakt of genomen maatregelen effectief zijn. Minimale criteria voor het wel of niet behandelen van een klacht De klacht moet schriftelijk worden ingediend De klacht moet zaken behelzen die direct of indirect van toepassing zijn (geweest) op de relatie cliënt en sportmasseur, De klacht mag niet gaan over zaken die langer dan een jaar geleden zijn voorgevallen tussen cliënt en sportmasseur, Minimale criteria voor het vastleggen van een klacht De klacht wordt schriftelijk vastgelegd op het daartoe bestemde klachtenformulier De sportmasseur maakt per cliënt een klachtendossier aan. In dit dossier komen alle relevantie informatie betreffende de klacht (correspondentie e.d.) Elke klacht krijgt een meldingsnummer, welke begint met KL en bestaat uit minimaal 4 cijfers Minimale criteria voor het afhandelen van een klacht (wijze e.d.) De sportmasseur hanteert de daartoe beschreven procedure en klachtenreglement bij het afhandelen van de klacht, De afhandeling van de klacht gebeurt altijd schriftelijk. Werkwijze. De sportmasseur maakt bij inschrijving aan de cliënt de klachtenprocedure bekend. Start van het proces. 1. De klacht van een derde wordt door de sportmasseur ontvangen, 2. De sportmasseur stelt vast of de klacht wel of niet behandeld moet worden, 3. Indien de klacht niet behandeld kan worden stelt de sportmasseur de klager hiervan op de hoogte. Tevens bewaart de sportmasseur de klacht in het archief. 4. Indien de klacht wel behandeld wordt door de sportmasseur, stelt de sportmasseur de klager hiervan schriftelijk op de hoogte, 5. De sportmasseur handelt onder normale omstandigheden de klacht binnen drie weken af. Hij doet dit schriftelijk. 6. De brief van de sportmasseur wordt samen met het klachtenformulier bewaard in het archief,
27 Documentatiebeheer & archivering Documentatiebeheer is van groot belang voor een juiste en actuele bedrijfsvoering van de sportmasseur. Uit het oogpunt van beheersing en controle moet uit documentatie snel blijken door wie het document wordt beheerd, wanneer het document voor het laatst is gewijzigd, wanneer het document is gemaakt, waar het document in het archief te vinden is en of het document een vastgesteld document is of een concept document. Officiële werkdocumenten van de sportmasseur moeten in het kader van beheersing en controle minimaal de volgende informatie geven: Door wie wordt het document beheerd Wanneer is het document voor het laatst gewijzigd Datum van opmaak van het document Kenmerk waar het document te vinden is in het archief/ administratie (doc.nr) Status van het document (concept / definitief) Deze kenmerken kunnen middels een te maken voettekst op het document aangemaakt worden. Minimale criteria beheer (= bewaren, beveiligen van documenten, hoe en waar) Hoe: Papier Digitaal Waar: Archief Computer Archivering. Onder archivering wordt verstaan het proces van binnenkomende post tot aan het wel of niet bewaren van gegevens voor langere periode. De gegevens worden op een geordende manier bewaard, zodat deze binnen korte tijd opvraagbaar zijn. Voordat met archivering wordt begonnen moet worden vastgesteld of een document archiefwaardig is of niet. Hiervoor worden algemene criteria opgesteld. Deze kunnen aangevuld worden naar gelang de wensen van de sportmasseur. Wanneer vastgesteld is of een document archiefwaardig is moet een keuze gemaakt worden voor het type archief, t.w.:
28 1) Dynamisch archief voor lopende zaken (behandelingen, briefwisseling etc) 2) Semi statisch archief voor afgesloten zaken 3) Statisch archief voor relevante documenten om te bewaren*. Minimale criteria archiefwaardigheid: documenten waarover mogelijk verantwoording afgelegd moet worden documenten waarvan hergebruik (vanuit oogpunt beheer / onderzoek) te verwachten is Minimale criterium archivering. elke archiefwaardig document krijgt een nummer en een onderwerp. Documenten die ten minste archiefwaardig zijn: cliëntendossier, cliëntenkaart, verwijs documenten of alle communicatie tussen sportmasseur en verwijzer, correspondentie (in- en uitgaande post) Hieronder worden alle documenten verstaan die van invloed zijn op: de bedrijfsvoering van de sportmassage praktijk (werkgeversschap, personeelsbeleid e.d.) de behandeling van de cliënt (vakbladen e.d.) Voorbeelden van niet archiefwaardigheid zijn. uitnodigingen, bevestigingen van afspraken, documenten in de vorm van boeken, tijdschriften, knipsels en catalogi, adreswijzigingen kopieën van documenten waarop geen aanvullende aantekeningen zijn gemaakt, documenten in afschrift aan of ter kennisgeving waarvan geen actie wordt verwacht en/of die geen relevante bijdrage leveren aan de bedrijfsvoering mededelingen, aanwijzingen, orders, convocaties en vergaderverslagen die intern worden verspreid, behoeven in principe niet te worden gearchiveerd door de ontvanger, wel door de steller/afzender adreswijzigingen (na verwerking) Stelregel: bij twijfel, altijd registreren en archiveren
1. Welke sociale vaardigheden zijn voor de sportmasseur het meest belangrijk
1. Welke sociale vaardigheden zijn voor de sportmasseur het meest belangrijk A. goed kunnen registreren B. goed kunnen masseren C. goed kunnen communiceren D. goed kunnen beoordelen 2. Wat moet er gebeuren
Kwaliteitseisen. Evaluatie en nazorg. Wet en regelgeving/cliëntenrechten. Klachten. Wet en regelgeving/cliëntenrechten
Kwaliteitszorg Kwaliteit Wat is kwaliteit? Definitie Met je product of dienst voldoen aan de eisen van de cliënt volgens afspraken die met de cliënt gemaakt zijn Dus: waarborgen van een afgesproken kwaliteitsniveau
Wet Bescherming Persoonsgegevens : WBP AANGESLOTEN BIJ:
AANGESLOTEN BIJ: Btw nummer 086337798 B01 K.v.K. nr. 14096082 Maastricht Wet Bescherming Persoonsgegevens : WBP Kwaliteit Per 1 september 2001 is de Wet Persoonsregistraties vervangen door de Wet Bescherming
8.50 Privacyreglement
1.0 Begripsbepalingen 1. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon; 2. Zorggegevens: persoonsgegevens die direct of indirect betrekking hebben
Missie en visie van sportartsen werkzaam ten behoeve van sportbonden
Missie en visie van sportartsen werkzaam ten behoeve van sportbonden Vereniging voor Sportgeneeskunde Werkgroep Sportartsen Sportbonden Bilthoven, augustus 2002 1. Preambule De in 1987 verschenen overheidsnota
1.1. Persoonsgegevens Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.
PRIVACY REGLEMENT Algemene bepalingen Begripsbepalingen 1.1. Persoonsgegevens Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. 1.2 Gezondheidsgegevens / Bijzondere
Project Regionalisatie Ketenzorg
Project Regionalisatie Ketenzorg Bijeenkomst Regionalisatie/Ketenkwaliteit Regio Oost Brabant Achtergrond Doel van het project Ketenafspraken rondom diagnosegroep Ketenkwaliteit Vertalen landelijk niveau
1.1 Persoonsgegevens Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.
Privacyreglement Stichting de As Inleiding en doel Bij Stichting de As worden persoonsgegevens van zowel patiënten als van medewerkers verwerkt. Het gaat daarbij vaak om zeer privacygevoelige gegevens
Privacy reglement kinderopvang Opgesteld volgens de Wet Bescherming Persoonsgegevens (W.B.P.)
Privacy reglement kinderopvang Opgesteld volgens de Wet Bescherming Persoonsgegevens (W.B.P.) 1. Begripsbepalingen 1. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare
Uw rechten en plichten als patiënt
Uw rechten en plichten als patiënt In de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) en de Wet Bescherming Persoonsgegevens staan uw rechten en plichten als patiënt beschreven. Het is belangrijk
Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO)
Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) Hieronder vindt u een samenvatting van de inhoud van de WGBO. Voor verdere informatie verwijzen wij u naar het Burgerlijk Wetboek Boek 7: Bijzondere
Rechten en plichten van de patiënt
Rechten en plichten van de patiënt Inleiding Als patiënt hebt u een aantal rechten en plichten die zijn vastgelegd in de Wet Bescherming Persoonsgegevens, de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst
Sporten is gezond, maar voorkom blessures. Nieuwe vestiging sportfysiotherapie op een unieke locatie.
Sporten is gezond, maar voorkom blessures. Nieuwe vestiging sportfysiotherapie op een unieke locatie. Sportfysiotherapie preventie en revalidatie voor de moderne sporter Beste collega s en sportliefhebbers,
Informatie over privacywetgeving en het omgaan met persoonsgegevens
Informatie over privacywetgeving en het omgaan met persoonsgegevens Inleiding Op 1 september 2001 is de Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBP) in werking getreden. Hiermee werd de Europese Richtlijn over
Privacyreglement Huisartsenpraktijk Kloosterpad
Privacyreglement Huisartsenpraktijk Kloosterpad Uw persoonsgegevens en privacy in onze huisartsenpraktijk. Algemeen De Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBP) is door de Nederlandse wetgever opgesteld ter
Uw rechten Recht op informatie Second opinion (tweede mening) Recht op privacy
Rechten en plichten Als er met uw gezondheid iets aan de hand is, heeft u de hulp van een arts of een andere behandelaar* nodig. Zodra de behandelaar u gaat onderzoeken of behandelen, is er sprake van
Privacyreglement HAP S. Broens
Privacyreglement HAP S. Broens Verstrekking van uw persoonsgegevens aan derden De medewerkers van HAP S. Broens hebben de verplichting vertrouwelijk met uw persoonsgegevens om te gaan. Dit houdt bijvoorbeeld
Rechten en plichten van de patiënt
1/5 Algemeen Rechten en plichten van de patiënt Inleiding Als patiënt hebt u een aantal rechten en plichten die zijn vastgelegd in de Wet Bescherming Persoonsgegevens, de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst
Privacy Persoonsgegevens
Privacy Persoonsgegevens Praktijk voor GCK maakt onderdeel uit van Gezondheidscentrum. Dit privacyreglement met betrekking tot persoonsgegevens geldt voor alle instanties binnen het centrum. Deze informatie
ARTIKEL 3 Totstandkoming van de behandelingsovereenkomst
Algemene voorwaarden ARTIKEL 1 Definities en begrippen In deze voorwaarden wordt verstaan onder: Opdrachtgever: degene die voor zichzelf of voor een bepaalde derde een behandelingsovereenkomst sluit met
Privacyreglement Cliënten en medewerkers
1. Begripsbepaling 1.2 Persoonsgegeven: Een gegeven dat herleidbaar is tot een individuele natuurlijke persoon. 1.3 Persoonsregistratie: Een samenhangende verzameling van op verschillende personen betrekking
WETTELIJKE EISEN BIJ DE BEROEPSUITOEFENING
WETTELIJKE EISEN BIJ DE BEROEPSUITOEFENING Onderstaand wordt beknopt weergegeven met welke aspecten een logopedist rekening dient te houden uit hoofde van wetgeving. 1. Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst
Rechten en plichten van patiënten
Rechten en plichten van patiënten Het is belangrijk te weten dat u als patiënt een aantal rechten en plichten heeft. Deze rechten en plichten zijn vastgelegd in onder andere de Wet op de Geneeskundige
Rubriek Onderwerp Nummer Datum document KWALITEIT - BELEID Privacybeleid
Rubriek Onderwerp Nummer Datum document KWALITEIT - BELEID Privacybeleid 1.1.01 20160122 Artikel 1 1.1 Persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.
PRIVACY REGLEMENT Jeugdtandzorg West, Calandstraat AD Den Haag. Artikel 1 Definities
PRIVACY REGLEMENT Jeugdtandzorg West, Calandstraat1 2521 AD Den Haag Artikel 1 Definities Persoonsgegeven Bestand Betrokkene Wettelijke vertegenwoordiger Bewerker Derde Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde
1. Persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.
PRIVACYREGLEMENT 1. Begripsbepalingen 1. Persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. 2. Zorggegevens: persoonsgegevens die direct of indirect
De rechten en plichten van de patiënt
1/6 Algemeen De rechten en plichten van de patiënt Inleiding Als patiënt hebt u een aantal rechten en plichten die zijn vastgelegd in de Wet Bescherming Persoonsgegevens, de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst
Gedragscode voor Onderzoek & Statistiek. Gedragscode op basis van artikel 25 Wet bescherming persoonsgegevens
Gedragscode voor Onderzoek & Statistiek Gedragscode op basis van artikel 25 Wet bescherming persoonsgegevens Inhoudsopgave 1. Considerans...3 2. Begripsbepaling...3 3. Omschrijving van de sector en toepassingsgebied...4
Definitie SportMedische Begeleiding
Definitie SportMedische Begeleiding Aanleiding en definities Het begrip SportMedische Begeleiding (SMB) is een veel gebruikte term in het zorgcircuit rondom een sporter. Het blijkt in de praktijk echter
De bestuurder van de Stichting Advies en Klachtenbureau Jeugdzorg te Amsterdam;
Privacyreglement Stichting Advies en Klachtenbureau Jeugdzorg De bestuurder van de Stichting Advies en Klachtenbureau Jeugdzorg te Amsterdam; Overwegende Dat het Advies en Klachtenbureau Jeugdzorg tot
1. Inleiding... 2. 2. Algemene beroepscode... 2. 3. Beroepscode in relatie tot cliënten... 3. 4. Beroepscode in relatie tot collegae therapeuten...
Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Algemene beroepscode... 2 3. Beroepscode in relatie tot cliënten... 3 4. Beroepscode in relatie tot collegae therapeuten... 4 5. Beroepscode in relatie tot andere hulpverleners...
Sportmedisch Centrum Maartenskliniek. Samen sterk in beweging
Sportmedisch Centrum Maartenskliniek Samen sterk in beweging Samen sterk in beweging Bewegen is een onderdeel van het dagelijkse leven. Het is gezond voor de mens en heeft een aantoonbaar gunstig effect
Privacy reglement Kraamzorg Renske Lageveen
Privacy reglement Kraamzorg Renske Lageveen Inleiding Kraamzorg Renske Lageveen heeft ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer van haar cliënten een reglement opgesteld, houdende de regels voor
3. Zowel jij als de behandelaar zijn verplicht gemaakte afspraken na te komen. Wanneer dit niet mogelijk is, zal een ieder dit tijdig aangeven.
Huisreglement Helder 1. Dit reglement wordt aan iedere patiënt(e) ter inzage aangeboden bij aanvang van de behandeling. Wij gaan ervan uit dat je je conformeert aan onderstaand reglement. Het is van toepassing
In deze brochure zetten we de belangrijkste rechten en plichten op een rij:
UW RECHTEN ALS CLIËNT BIJ GGZ WNB INLEIDING Als u na uw aanmelding besluit tot een behandeling bij GGZ WNB, maken we daarover afspraken met u. Die worden vastgelegd in het behandelplan. Daarin staat voor
RECHTEN VAN KINDEREN EN JONGEREN TOT 18 JAAR EN HUN OUDERS BIJ EEN BEHANDELING DOOR GGZ WNB
RECHTEN VAN KINDEREN EN JONGEREN TOT 18 JAAR EN HUN OUDERS BIJ EEN BEHANDELING DOOR GGZ WNB Uw zoon of dochter is aangemeld bij GGZ WNB, Zorgprogramma s Jeugd- en jongvolwassenpsychiatrie. In deze folder
Persoonsgegevens Alle gegevens die informatie kunnen verschaffen over een identificeerbare natuurlijke persoon.
Privacyreglement Intermedica Kliniek Geldermalsen Versie 2, 4 juli 2012 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1. Begripsbepalingen Persoonsgegevens Alle gegevens die informatie kunnen verschaffen over een identificeerbare
Rechten en plichten. Uw rechten
Rechten en plichten Als er met uw gezondheid iets aan de hand is, heeft u de hulp van een arts of een andere deskundige nodig. Zodra de behandelaar u gaat onderzoeken of behandelen, is er sprake van een
Privacyreglement. ALTRA Jeugd- en Opvoedhulp
Privacyreglement ALTRA Jeugd- en Opvoedhulp 1 Vastgesteld MT Altra 11 november 2016 INHOUDSOPGAVE Algemene bepalingen 1. Begripsbepalingen 2. Reikwijdte Rechtmatige verwerking persoonsgegevens 3. Doel
1. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.
Privacyreglement Kraambureau Tilly Middendorp Vooraf De WBP (Wet Bescherming Persoonsgegevens) verplicht de instelling niet meer tot het maken van een privacyreglement. Dat betekent niet, dat het niet
Kwalificatieprofiel NGS Sportmasseur
Kwalificatieprofiel NGS Sportmasseur 2013, NGS Nederlands Genootschap voor Sportmassage Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand
Persoonsgegevens Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.
Algemene bepalingen Begripsomschrijving: Persoonsgegevens Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. Gezondheidsgegevens Persoonsgegevens die direct of indirect
Uw rechten Recht op informatie Second opinion (tweede mening) Recht op privacy
Rechten en plichten Als er met uw gezondheid iets aan de hand is, heeft u de hulp van een arts of een andere behandelaar* nodig. Zodra de behandelaar u gaat onderzoeken of behandelen, is er sprake van
Convenant voor gegevensuitwisseling tussen Politie en beveiligingsorganisaties en organisatoren van evenementen
Convenant voor gegevensuitwisseling tussen Politie en beveiligingsorganisaties en organisatoren van evenementen Partijen: A. De politie, het district., hierna te noemen "politie"; B..., hierna te noemen
Privacyreglement Stichting Peuterspeelzalen Steenbergen
Privacyreglement Stichting Peuterspeelzalen Steenbergen 1. Begripsbepalingen 1. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. Het betreft hier
Privacyreglement ONS welzijn PRIVACYREGLEMENT. Bestemd voor: Iedereen Documentbeheerder: Manager Uitvoering
Privacyreglement ONS welzijn PRIVACYREGLEMENT Bestemd voor: Iedereen Documentbeheerder: Manager Uitvoering Versie: Definitief Datum: 03.12.2015 Documentnummer: 1.6 Evaluatiedatum : 03.12.2018 Privacyreglement
Wet op de geneeskundige behandelovereenkomst (WGBO) Informatie voor cliënten
Wet op de geneeskundige behandelovereenkomst (WGBO) Informatie voor cliënten Inhoud 1 Rechten 5 1.1 Recht op informatie 5 1.2 Het recht om geen informatie te willen 5 1.3 Recht op toestemming 5 1.4 Het
a) Persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.
Privacyreglement QPPS LIFETIMEDEVELOPMENT QPPS LIFETIMEDEVELOPMENT treft hierbij een schriftelijke regeling conform de Wet Bescherming Persoonsgegevens voor de verwerking van cliëntgegevens. Vastgelegd
Huisartsenpraktijk Bender Overschie, januari 2013 Auteur: P.P.M. Bender versie: 1.0
Huisartsenpraktijk Bender Overschie, januari 2013 Auteur: P.P.M. Bender versie: 1.0 Informatiebeveiling Zie ook het Privacyregelement 1. Beroepsgeheim De huisartsen, psycholoog en POH s hebben als BIG
Privacyreglement van de Stichting Welzijnswerk. inzage-exemplaar voor klanten
Privacyreglement van de Stichting Welzijnswerk inzage-exemplaar voor klanten Privacyreglement van de Stichting Welzijnswerk Reglement ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer in verband met persoonsregistraties
Privacyreglement Groenhuysen
Privacyreglement Groenhuysen Voorwoord Dit privacyreglement heeft als doel een praktische uitwerking te geven van de relevante bepalingen van Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp), de Wet bijzondere opneming
Klachtenregeling Klachtenportaal Zorg voor jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen vallend onder de Jeugdwet Artikel 1 Begripsbepalingen
Klachtenregeling Klachtenportaal Zorg voor jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen vallend onder de Jeugdwet De onafhankelijke klachtenregeling van jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen
Hoofdstuk 4. Kwaliteit
Fawzi Salih van K2 Brabants Kenniscentrum Jeugd heeft voor u een eerste screening gemaakt van hoofdstuk 4. Het resultaat van de screening is terug te vinden op de volgende pagina s. De samenvatting per
Privacyreglement KOM Kinderopvang
Privacyreglement KOM Kinderopvang Doel: bescherming bieden van persoonlijke levenssfeer van de ouders en kinderen die gebruik maken van de diensten van KOM Kinderopvang. 1. Algemene bepalingen & begripsbepalingen
1.1. Persoonsgegevens Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.
1. Begripsbepalingen 1.1. Persoonsgegevens Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. 1.2. Gezondheidsgegevens Persoonsgegevens die direct of indirect betrekking
Privacy. Informatie. www.arienszorgpalet.nl
Privacy Informatie www.arienszorgpalet.nl Inleiding Over ons Over AriënsZorgpalet AriënsZorgpalet is een toonaangevende zorginstelling in Enschede. Met 900 medewerkers en 350 vrijwilligers bieden we onze
Privacy reglement. Birtick Zorg & Welzijn
Inhoud 1. Begripsbepalingen 2. Reikwijdte 3. Doel 4. Categorieën van personen over wie gegevens in de registratie worden opgenomen 5. Vertegenwoordiging 6. Soorten van gegevens die in de registratie worden
FYSIOTHERAPIE STEENWIJK
FYSIOTHERAPIE STEENWIJK Privacyreglement Introductie van dit reglement Onze praktijk houdt, om u zo goed mogelijk ten dienst te kunnen zijn en vanwege wettelijke verplichtingen een registratie bij van
OPSIS OOGZIEKENHUIS PRIVACYREGLEMENT. Patiënt bij Opsis Oogziekenhuis
OPSIS OOGZIEKENHUIS PRIVACYREGLEMENT Patiënt bij Opsis Oogziekenhuis PRIVACYREGELING OPSIS OOGZIEKENHUIS Als patiënt heeft u het recht op bescherming van uw medische gegevens. Een zorgverlener (oogarts,
