Keuringsreglement surveillancehond

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Keuringsreglement surveillancehond"

Transcriptie

1 Keuringsreglement surveillancehond

2 KEURINGS REGLEMENT POLITIE SURVEILLANCEHONDEN COLOFON Opdrachtgever Rijksgecommitteerden Samensteller Opleiding Technische Commissie Rijksgecommitteerden Keurmeesters / Helpers Datum 1ste druk 1 oktober 1994 Versie: Laatste wijziging: 9 juli 2008 Landelijk Keuringsbureau Politiehonden Keuringsreglement surveillancehond

3 VOORWOORD Jarenlang is er gepraat over een Keuringsreglement voor de politiehond in dienst van de politie. Velen hebben bijgedragen tot de discussie die hieromtrent werd gevoerd. Door de Nederlandse Bond voor de Diensthond, de Koninklijke Nederlandse Politiehond Vereniging, Hondenbrigade Rotterdam en de Rijksspeurhondenschool is de overheid gewezen op haar verantwoordelijkheid v.w.b. het gebruik van het geweldsmiddel hond. Dit heeft uiteindelijk geleid tot de Regelgeving Politiesurveillancehond en het daarbij behorende Keuringsreglement. Door twee Ministeries is de afhandeling overgedragen aan de Raad van Hoofdcommissarissen, die op haar beurt de administratieve afhandeling van de keuringen en alles wat daarbij hoort aan het Korps Landelijke Politiediensten, afdeling Dienst Levende Have Politie overdroeg. Door de KLPD zijn de diverse Regiochefs aangeschreven met het verzoek keurmeesters en helpers te leveren voor het certificeren van de combinaties. Wij hopen, dat dit Keuringsreglement en cursusboek, dat nu voor u ligt bij mag dragen aan een éénduidige interpretatie, zodat zoveel als mogelijk de combinaties hetzelfde worden beoordeeld. Er is niet onuitputtelijk op de eventuele aftrekpunten ingegaan. De bedoeling is dat er in de geest van het reglement wordt gekeurd. Wij wensen u veel succes: De samenstellers. Oktober 1994 Keuringsreglement surveillancehond

4 Index reglement politiesurveillancehond Uit de Regeling Politiehonden Staatscourant 11 april R1 Geleider:... 8 R2 Keuringsreglement:... 8 R4 Bewapening met politiesurveillancehond... 9 R5 Rijksgecommitteerden... 9 R6 De keuringscommissie... 9 R7 Algemene keuringsvoorschriften R8 Keuringsvoorschriften politiesurveillancehond R9 Certificering R10 Herkeuringen R11 Protesten KEURINGSREGLEMENT K1. Doelstelling K2. Noodzakelijke voorwaarden: K3. Uitvoering K4. Aanwijzingen van de Keuringscommissie K5. Helper K6. Materiaal K7. Toetsingcriteria K8. Totaal aantal te behalen punten: K9. Puntenwaardering: K10 Herkansing: K11 Combinatievorming: TAAKDEEL I Doelstelling: Algemene puntenwaardering: OEFENING Surveilleren, Afliggen Doelstelling: Omschrijving: Beoordeling: Uitvoering: Surveilleren aan de lijn in gewone pas: Surveilleren aan de lijn in looppas Surveilleren in gewone pas en met omcommanderen: Surveilleren aan de lijn naast de fiets: Afliggen: OEFENING Keuringsreglement surveillancehond

5 Stilzijn Doelstelling Omschrijving: Uitvoering: Puntenwaardering Beoordeling: Vaardigheid Doelstelling Omschrijving Trap: Loopbalk: Pijpconstructie: Schutting: Kuil: Dranghek: Uitvoering Trap: Loopplank: Pijpconstructie Schutting Kuil Dranghek Puntenwaardering Beoordeling Doelstelling Algemene puntenwaardering OEFENING Zoeken van kleine voorwerpen Doelstelling: Omschrijving: Uitvoering: Puntenwaardering: Beoordeling: OEFENING Opzoeken en verwijzen van twee voorwerpen Doelstelling: Omschrijving: Uitvoering: Puntenwaardering: Beoordeling: OEFENING Opzoeken en lokaliseren van een verdachte Doelstelling Omschrijving Uitvoering Puntenwaardering Beoordeling TAAKDEEL Keuringsreglement surveillancehond

6 3.0.0 Doelstelling Algemene puntenwaardering OEFENING 1: Aanhouding van een zich met een stok verwerende verdachte Doelstelling Omschrijving Uitvoering Puntenwaardering Stok Beoordeling OEFENING Aanhouding van een gewapende verdachte Doelstelling Omschrijving Uitvoering Puntenwaardering Schot Beoordeling OEFENING Terugroepen van de achtervolgende hond Doelstelling Omschrijving Uitvoering Puntenwaardering terugroepen Beoordeling OEFENING Aanhouding van een verdachte die zich overgeeft (Schijnstellen) Doelstelling Omschrijving Uitvoering Puntenwaardering schijnstellen Beoordeling OEFENING Aanhouding gewapende verdachte op een gladde vloer Doelstelling Omschrijving Uitvoering Puntenwaardering Beoordeling COMBINATIE Combinatievorming Algemene doelstelling Algemene puntenwaardering Geleider: Hond: ALGEMENE BEOORDELINGEN Algemeen Keuringsreglement surveillancehond

7 5.1. Surveilleren: Sommaties Aanhouding: Achtervolging: e Aanval van de hond Bijten: Loslaten Bewaken na loslaten: Bewaken tijdens het fouilleren: Veiligheidsfouillering: Overbrengen van de verdachte: e Aanval van oef. 1 / Verdedigen van oef. 2 / 1e Aanval van oef Nabeten Extra commando's c.q. tekens: Volgorde oefeningen: RICHTLIJNEN HELPERS Algemeen Functie helper Verzorging en bescherming Richtlijnen Algemeen Taakdeel Opzoeken en lokaliseren van een persoon Taakdeel Aanhouding van een zich met een stok verwerende verdachte Aanhouding van gewapende verdachte Schijnstellen Terugroepen van de achtervolgende hond Aanhouding verdachte op gladde vloer OPLEIDINGEN Opleidingen DOELGROEP INHOUD LEERDOELEN : TOETSING KEURMEESTER Het theorie examen Het praktijk examen Het herexamen TOETSINGSCRITERIA: DUUR OPLEIDING: AANTAL DEELNEMERS AANDACHTSPUNTEN TOETSING HELPER AANSTELLING: METHODIEK: Keuringsreglement surveillancehond

8 Uit de Regeling Politiehonden Staatscourant 11 april 2006 Paragraaf 1. Begripsbepalingen: R1 Geleider: Ambtenaar van politie die toestemming heeft van de korpsbeheerder of de beheerder van het Korps landelijke politiediensten om dienst te doen, met een politiesurveillancehond Ambtenaar van politie: Ambtenaar als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Politiewet 1993; Buiten gewoon opsporingsambtenaar: Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar. Hoofdstuk 7. B.O.A. Artikel 37, lid 2. Indien de aanwijzing mede omvat het gebruik van een wapen, een surveillancehond dan wel handboeien handelt de desbetreffende buitengewoon opsporingsambtenaar mede overeenkomstig de artikelen 4, 7, eerste lid, aanhef en onder a en b, tweede, derde en vierde lid, 10, 12, 12a, 12b, 12c, 15, eerste lid, aanhef en onder a, en tweede lid, 16 respectievelijk 22 en 23 van dit besluit. Artikel 15, tweede lid geeft de opdracht, dat de geleider in het bezit dient te zijn van een krachtens artikel 49, eerste lid, van de Politiewet 1993 vastgesteld certificaat. R2 Keuringsreglement: Reglement op grond waarvan keuringen plaatsvinden; Keuringsreglement surveillancehond

9 R3 Politiesurveillancehond: Hond in eigendom van een regio of de Staat met als doel in politiedienst te worden ingezet bij de surveillancedienst of het optreden van de mobiele eenheid; Voor de buitengewoon opsporingsambtenaar geldt niet, dat de hond eigendom moet zijn van een politieregio. Paragraaf 2. Algemene bepalingen: Een politiesurveillancehond staat onder toezicht van een geleider die beschikt over een geldig certificaat politiesurveillancehond. R4 Bewapening met politiesurveillancehond Bewapening met een politiesurveillancehond geschiedt uitsluitend bij het optreden van de surveillancedienst of de mobiele eenheid Paragraaf 3. Keuringen en certificering. R5 Rijksgecommitteerden De minister wijst rijksgecommitteerden aan voor de politiesurveillancehond. De rijksgecommitteerden voor de politiesurveillancehond houden toezicht op de kwaliteit en de objectiviteit van de keuringen en herkeuringen door de keuringscommissie voor de politiesurveillancehond, en de juiste naleving van de regels terzake. R6 De keuringscommissie Er is een keuringscommissie voor de politiesurveillancehond waarvan de leden worden aangewezen door de rijksgecommitteerden voor de politiesurveillancehond. De aanwijzing vindt plaats nadat het aan te wijzen lid is aangemeld bij een door de korpschefs getroffen voorziening voor de organisatie en administratie van keuringen. Keuringsreglement surveillancehond

10 Aanwijzing vindt niet plaats dan nadat het aan te wijzen lid het examen, bedoeld in het keuringsreglement voor de politiesurveillancehond, met goed gevolg heeft afgelegd. De leden van de keuringscommissie voor de politiesurveillancehond zijn ambtenaar van politie en beschikken over een ruime dressuurtechnische ervaring en praktische politie-ervaring op het gebied van de inzet en het gebruik politiesurveillancehond R7 Algemene keuringsvoorschriften Voor de keuring komen in aanmerking honden die door een dierenarts gezond zijn verklaard en ingeënt zijn tegen de in het Keuringsreglement aangewezen ziekten te weten: Hondenziekte, Parvo, Ziekte van Weill, Para influenza type 1 en 2 (B. bronchi septica), Hepatitis. De inentingen mogen niet ouder zijn dan 12 maanden. R8 Keuringsvoorschriften politiesurveillancehond Aan een keuring van een combinatie van een geleider en een politiesurveillancehond kunnen deelnemen; ambtenaren van politie, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, vanaf de rang van surveillant van politie die zijn aangewezen als geleider. De keuring van een combinatie van een geleider en een politiesurveillancehond geschiedt door de keuringscommissie voor de politiesurveillancehond op basis van het keuringsreglement voor de politiesurveillancehond, met dien verstande dat de leden die keuren afkomstig zijn uit een ander politiekorps dan het korps waar de geleider is aangesteld. Het keuringsreglement voor de politiesurveillancehond bevat tenminste de volgende eisen: Gehoorzaamheid van de politiesurveillancehond aan de geleider; Een goede samenwerking van de politiesurveillancehond met de geleider; De vaardigheid van de politiesurveillancehond in het kunnen nemen van alle hindernissen die voor een goed functioneren in de praktijk noodzakelijk zijn Het vermogen van de surveillancehond om op commando van de geleider geweld tegen derden toe te passen respectievelijk te beëindigen. De politiesurveillancehond wordt gedurende de keuring geleid door zijn geleider. Indien de keuring niet met goed gevolg wordt afgelegd, bestaat de mogelijkheid van maximaal twee herkansingen. Keuringsreglement surveillancehond

11 R9 Certificering De keuringscommissie verstrekt aan de geleider politiesurveillancehond van de combinatie die de keuring met goed gevolg heeft afgelegd, een certificaat op naam van de combinatie van de geleider en de hond. Het certificaat heeft een geldigheidsduur van twee jaar en drie maanden te rekenen vanaf de datum van afgifte van het certificaat. Het certificaat geldt uitsluitend voor de combinatie van geleider en hond op naam waarvan het is afgegeven. Paragraaf 4 Herkeuringen R10 Herkeuringen Een combinatie van een geleider en een politiesurveillancehond, wordt binnen twee jaar na het behalen van het certificaat opnieuw gekeurd door een keuringscommissie voor de politiesurveillancehond. Indien de herkeuring met goed gevolg wordt afgelegd, wordt het certificaat verlengd met de duur van twee jaar en drie maanden. Indien de herkeuring niet met goed gevolg wordt afgelegd, kan binnen de geldigheidsduur van het certificaat een tweede en een derde herkeuring plaatsvinden. Dit betekend: Indien de combinatie de derde herkeuring keuring niet met goed gevolg voltooid komt de betreffende combinatie niet meer voor een keuring op grond van deze regeling in aanmerking. R11 Protesten Protesten met betrekking tot de keuringen moeten uiterlijk 8 dagen na ontvangst van het keuringsrapport schriftelijk worden ingediend bij de voorzitter van de rijksgecommitteerden. Die wijst bij voorkeur 3 rijksgecommitteerden aan voor behandeling. Geen van deze rijksgecommitteerden mag in functie bij die betreffende keuring aanwezig zijn geweest. Deze rijksgecommitteerden beslissen hierop binnen 3 maanden. Deze beslissing is bindend. Keuringsreglement surveillancehond

12 KEURINGSREGLEMENT INHOUDSOPGAVE Doelstelling Toetsingscriteria Puntenwaardering Opbouw reglement Keuringsreglement surveillancehond

13 K1. Doelstelling Het doel van het Keuringsreglement is het stellen van inhoudelijke eisen aan het behalen van het certificaat op NAAM van de combinatie van geleider en diens politiesurveillancehond. Hierdoor kan de geleider en zijn politiesurveillancehond als combinatie ten behoeve van de politiedienst worden ingezet. Er is dan voldoende garantie aanwezig, dat de politiesurveillancehond voldoet aan de door de geleider gegeven opdrachten. Hierdoor is het risico van buiten proportioneel geweld en het risico van letsel tegenover betrokkenen en derden zo minimaal mogelijk. K2. Noodzakelijke voorwaarden: Ervaring met het praktische politieoptreden en kennis van de opsporing van strafbare feiten met inachtneming van het Wetboek van Strafvordering. Hiermee wordt bedoeld de surveillance, de toepassing door de geleider van de geweldsinstructie (Besluit van 8/4/94 nr. 275) en het handelen overeenkomstig het Wetboek van Strafvordering, zoals bij het eerste optreden plaats delict, aanhouding, veiligheidsfouillering, onderzoek aan de kleding of lichaam en inbeslagneming van daarvoor vatbare voorwerpen. De beheersing van de politiesurveillancehond door de geleider onder alle omstandigheden. Het kunnen omgaan met onvoorspelbare en onverwachte situaties zoals deze zich kunnen voordoen in de politiepraktijk. Keuringsreglement surveillancehond

14 K3. Uitvoering De oefeningen dienen uitgevoerd te worden op een landelijke of stedelijke locatie overdag(daglicht) of 's avonds (donker). De keuze van plaats en tijdstip en volgorde van de oefeningen wordt in overleg met de rijksgecommitteerde en keuringscommissie bepaald. Wel dient rekening gehouden te worden met de plaats waar de geleider en politiesurveillancehond praktisch dienst zullen gaan doen of reeds doen. De hond draagt tijdens de keuring een deugdelijke vaste gladde gesp-halsband en lijn met musketon, welke in de dienst ook gebruikt zou kunnen worden. Tijdens de uitvoering van de oefeningen draagt de hond zijn halsband. Indien omschreven blijft de hond tijdens de oefening ook aangelijnd. De stelbaan dient met de volgende markeringen uitgezet te worden: 0 Beginpunt Start surveilleren 10 meter punt Aanvang sommatie Op 80 meter vanaf beginpunt 0, komt zichtbaar voor de combinatie, de verdachte in beeld. 20 meter punt Sommaties moeten zijn gegeven. Voor het bereiken van dit punt moet de hond worden ingezet. Punt waar geleider in dekking kan. 45 meter punt Punt tot waar de geleider bij de oefening terugroepen mag meelopen. 80 meter punt Punt waarop de verdachte in beeld komt, tevens het punt waarop wordt teruggeroepen. 110 meter punt Punt dat de verdachte minstens bereikt moet hebben op het moment, dat de hond bij de oefening terugroepen het 80 meter punt bereikt. K4. Aanwijzingen van de Keuringscommissie. De geleider dient zich te houden aan de aanwijzingen van de keuringscommissie. Indien hij zich niet daaraan houdt, wordt hij gekort in de waardering voor de combinatie. Bij herhaling krijgt de combinatie geen beoordeling in de betreffende oefening. Keuringsreglement surveillancehond

15 De keuringscommissie is te allen tijde bevoegd om de door de geleider gebruikte materialen te controleren. De geleider moet medewerking geven tot de mogelijkheid hiertoe. Bij geconstateerde onrechtmatigheid aan de halsband zal de combinatie van de keuring worden uitgesloten. ( bij ondeugdelijkheid mogelijkheid tot veranderen) K5. Helper. Alle hiervoor in aanmerking komende oefeningen worden uitgevoerd met behulp van een helper gekleed in het zogenaamde bijtpak met uitzondering van de persoon lokaliseren. Deze oefening wordt in burger gedaan. In alle daarvoor in aanmerking komende oefeningen treedt de helper op als verdachte. Als voor een keuring één helper is aangewezen, draagt de organiserende regio zorg voor tweede helper als reserve. K6. Materiaal Indien gewenst dient de organiserende regio het materiaal ter beschikking te hebben voor het houden van een keuring K7. Toetsingcriteria Gehoorzaamheid en vaardigheden Zoeken en revieren naar een persoon en voorwerpen Bewaken en stellen Combinatievorming De toetsingscriteria worden in het Keuringsreglement nader uitgewerkt. K8. Totaal aantal te behalen punten: Taakdeel I : 65 punten 60% = 39 punten Taakdeel II : 60 punten 60% = 36 punten Taakdeel III : 230 punten 60% = 138 punten Combinatievorming: Geleider: 33 punten 60% = 20 punten Hond: 33 punten 60% = 20 punten Totaal: 421 punten 253 punten Keuringsreglement surveillancehond

16 K9. Puntenwaardering: Om in aanmerking te komen voor een certificaat op naam van geleider en politiesurveillancehond moet de combinatie per taakdeel c.q. per oefening een minimum aantal punten behalen. Als men het minimum aantal vereiste punten niet haalt vindt afwijzing van de combinatie plaats. Uitgangspunt is dat per taakdeel minimaal 60% van het totaal van de te behalen punten behaald moet worden. Voor een aantal oefeningen dient echter minimaal 60% van de daarbij aangegeven punten te worden behaald. Dit betreffen oefeningen waarbij het aspect geweldsbeheersing aan de orde komt. K10 Herkansing: Voor de (vaardigheid) oefeningen waar dit is vermeld is herkansing mogelijk. K11 Combinatievorming: De geleider wordt beoordeeld op zijn vakbekwaamheid, vaardigheid en inzicht voor wat betreft het begeleiden en het werken samen met zijn hond. De hond wordt beoordeeld op zijn geschiktheid voor ondersteunende taken ten behoeve van het korps waarin hij dient. In het bijzonder wordt hij beoordeeld op werklust, betrouwbaarheid, beheersbaarheid, intelligentie, vaardigheid, karakter en moed. Keuringsreglement surveillancehond

17 TAAKDEEL I INHOUDSOPGAVE 1 Algemene doelstelling 2 Algemene puntenwaardering 3 Oefening 1 - Surveilleren met afliggen. 4 Oefening 2 - Stil zijn 5 Oefening 3 - Vaardigheid Keuringsreglement surveillancehond

18 Doelstelling: Gedurende de uitvoering van de gehoorzaamheid -en vaardigheidsonderdelen moet worden aangetoond, dat de hond commando's van zijn geleider onvoorwaardelijk opvolgt en over die vaardigheid beschikt, die noodzakelijk is voor de politiepraktijk Algemene puntenwaardering: Oefening 1: Surveilleren met afliggen 25 pnt Oefening 2: Stil zijn 10 pnt Oefening 3: Vaardigheid 30 pnt Totaal: 65 pnt Aantal te behalen punten minimaal 60% = 39 pnt 1.1. OEFENING 1 Surveilleren, Afliggen Doelstelling: De hond moet ten opzichte van zijn geleider zijn volgzaamheid en gehoorzaamheid tonen tijdens het surveilleren. De hond moet aantonen buiten de aanwezigheid van zijn geleider gedurende 3 minuten te kunnen blijven liggen Omschrijving: Het surveilleren begint bij de markering en op een teken van de keurmeester. Deze zal de geleider de richting aangeven waarin gesurveilleerd dient te worden. De combinatie geleider / hond surveilleert oplettend voor de omgeving, over een afstand van ongeveer 50 meter. Naast de te volgen route bevindt zich een persoon, dit om te kunnen beoordelen of de hond oplettend is voor zijn omgeving. Voor het afliggen moet de hond op een aangewezen plaats, op commando van de geleider af gaan liggen, waarna de geleider uit het zicht van de hond gaat. Surveillance - onderdelen die naast het bovenvermelde nog bijzondere details bevatten worden nader omschreven. Keuringsreglement surveillancehond

19 Beoordeling: De onderdelen kennen de volgende maximum punten waardering: 1. Surveilleren aan de lijn in gewone pas 5 pnt 2. Surveilleren aan de lijn in looppas 5 pnt 3. Surveilleren in gewone pas met omcommanderen 5 pnt 4. Surveilleren naast de fiets 5 pnt 5. Afliggen 5 pnt Totaal 25 pnt Combinatie: Aftrek geleider; de geleider houdt zijn armen niet normaal langs het lichaam -1 pnt niet juist ophalen of wegzetten fiets -1 pnt Algemeen: Extra commando s gedurende het surveilleren in taak 1; Een extra commando of teken, gegeven tijdens het surveilleren, wordt niet extra gekort als dit commando betrekking heeft op van het gedrag van de hond. Het gedrag van de hond wordt wel gekort. (uitzondering op punt 5.14; algemeen extra co s of tekens) Uitvoering: Surveilleren aan de lijn in gewone pas: De geleider surveilleert met zijn hond aan een slappe lijn in gewone pas. Surveilleren aan de lijn in looppas. De geleider surveilleert met zijn hond aan een slappe lijn in looppas Surveilleren in gewone pas en met omcommanderen: De geleider surveilleert met zijn hond aangelijnd in gewone pas De geleider moet zijn hond bij de daarvoor geplaatste markeringen (deze staan op 15 en 35 meter van het begin markering) hoorbaar voor keurmeester omcommanderen naar de andere zijde van de geleider.de geleider geeft bij het omgaan van de hond de lijn achterlangs over in de andere hand. Als de hond zonder commando bij een markering omgaat, hoeft de geleider bij die markering niet alsnog een commando te geven. De hond mag tijdens het omgaan naar de andere zijde niet teveel afwijken van de geleider. Aftrek vindt plaats indien: Hond niet op commando naar de andere zijde Hond gaat zonder commando naar de andere zijde telkens -2 pnt telkens -2 pnt Surveilleren aan de lijn naast de fiets: De geleider gaat met zijn aangelijnde hond naar de fiets welke in de nabijheid van de markering staat. Daar aangekomen moet de hond zich al dan niet op commando van zijn geleider naar de rechterzijde van de fiets begeven en gaat de geleider met de fiets en hond naar de begin markering. Keuringsreglement surveillancehond

20 Vanaf hier surveilleert de geleider met zijn aangelijnde hond naar de 50 meter markering waar het surveilleren is beëindigd. De hond dient met de kop ongeveer ter hoogte van de as van het voorwiel te lopen. Bij de eind markering stapt de geleider af en zet samen met de hond de fiets weg. Tijdens het wegzetten van de fiets mag de lijn worden losgelaten. De hond blijft dan op die plek tot de geleider weer bij de hond terug is. Aftrek vindt plaats indien: de hond niet met de kop ter hoogte van de as van het voorwiel loopt. -1 pnt Afliggen: De hond moet gedurende 3 minuten onaangelijnd blijven liggen met aandacht voor zijn omgeving. Vanaf de plaats waar de keurmeester zich bevindt, gaat de geleider met zijn onaangelijnde hond naar de door de keurmeester aangewezen plaats en legt zijn hond af. De geleider gaat uit het zicht van de hond naar een plaats, die hem door de keurmeester is aangewezen. Op het moment dat de geleider bij de hond wegloopt begint het onderdeel afliggen. Op het moment dat de geleider daar aangekomen is gaat de tijd in. Na 3 minuten gaat de geleider op een teken van de keurmeester zijn hond ophalen. Wanneer de geleider bij zijn hond is aangekomen is het afliggen beëindigd. Aftrek vindt plaats indien: de hond niet oplettend is voor zijn omgeving; de hond gaat zitten / staan (kort) de hond gaat zitten / staan (langdurig); de hond verwijdert zich van zijn plaats -1 pnt telkens -1 pnt -2 / -5 pnt p/mtr -1 pnt Keuringsreglement surveillancehond

21 1.2. OEFENING 2. Stilzijn Doelstelling De geleider en zijn hond moeten niet hoorbaar of zichtbaar zich in een verdekte situatie enige tijd stil kunnen ophouden. Bijvoorbeeld achter een woning Omschrijving: De geleider surveilleert, met zijn hond aangelijnd, naar een plaats die de keurmeester hem heeft aangewezen. Deze plaats is een natuurlijke -of aangelegde plek in de omgeving het beginpunt (maximale afstand 10 meter) van de onderdelen surveilleren van oefening 1. Vanaf deze plaats mag hij de geleider of zijn hond niet horen. De keurmeester kan de geleider en hond gedurende de oefening niet zien. Tijdens het ophouden van de geleider met zijn hond in de verdekte situatie zal het surveilleren van een ander combinatie, geleider en hond, plaatshebben Uitvoering: De oefening begint op het teken van de keurmeester bij een markering op ongeveer 20 meter van de aangewezen plaats. De geleider en hond begeven zich stil naar de plek van uitvoering. Als de geleider en hond uit het zicht zijn begint de keurmeester met oefening 1, het surveilleren. Nadat deze combinatie het surveilleren heeft beëindigd geeft de keurmeester een commando of teken aan de geleider en is de oefening beëindigd Puntenwaardering De onderdelen kennen de volgende maximum waardering: 1. Surveilleren (naar de plek van uitvoering) 5 pnt 2. Stil zijn 5 pnt Totaal 10 pnt Beoordeling: Surveilleren (naar de plek van uitvoering) De geleider surveilleert met zijn hond aan een slappe lijn in gewone pas naar de plek van uitvoering. (waardering als onderdeel aangelijnd surveilleren) Stil zijn: Stil zijn is uitmuntend of niet volbracht Als het stil zijn niet wordt volbracht wordt voor de gehele oefening geen waardering gegeven. Keuringsreglement surveillancehond

22 Vaardigheid Doelstelling De geleider moet met zijn hond aantonen dat deze diverse obstakels kan nemen. De hond is onaangelijnd Omschrijving Trap: Een open trap (zonder stootborden) van tenminste 12 treden. Loopbalk: Een balk of een plank van ongeveer 50 centimeter breed en minimaal 5 meter lang moet op een hoogte van ongeveer 2 meter zijn aangebracht op een stellage waar de hond op en af moet kunnen. Pijpconstructie: Een pijpconstructie waar de hond kruipend door moet met een middellijn van ongeveer 50 centimeter en een lengte van ± 7 meter en waarvan het uiteinde niet zichtbaar is. Schutting: Een schutting met een hoogte van tenminste 1.80 meter en ten hoogste 2 meter met aan de achterzijde een afloop- of een opvangschot. Kuil: Een kuil of sloot van tenminste 2,25 meter breed welke mag zijn voorzien van een schuine springklep van ongeveer 1 meter breed en ongeveer 50 centimeter boven de kuil. Dranghek: Een dranghek met open spijlen dat wordt gebruikt bij afzettingen. Het hek moet vrij staan en dient minimaal één meter hoog te zijn. Keuringsreglement surveillancehond

23 1.4.2 Uitvoering De geleider werkt de onderdelen na teken keurmeester in willekeurige volgorde zelfstandig af. De geleider neemt met zijn hond naast zich voor de onderdelen plaats. Hierna geeft hij zijn hond een commando ter uitvoering. Nadat de hond een onderdeel genomen heeft vervolgt de geleider zijn traject. Per object dient als volgt te worden uitgevoerd: Trap: Er is sprake van niet juist uitgevoerd, indien de hond de gehele trap niet goed oploopt Loopplank: De hond loopt over een balk of plank. Er is sprake van niet juist uitgevoerd, indien de hond de loopplank of balk te vroeg verlaat. Pijpconstructie De hond moet door een pijp gaan en deze zelfstandig verlaten. Schutting De hond moet over een schutting springen / klimmen en deze aan de andere zijde via een afloop -of opvangschot weer verlaten. Kuil De hond moet een heensprong over de sloot of kuil maken. Dranghek De hond moet een vrije heensprong maken. Er is sprake van niet juist uitgevoerd, indien de hond de sprong niet vrij maakt. Aftrek vindt ook plaats indien de hond het dranghek licht of even aanraakt -1 pnt Puntenwaardering De onderdelen kennen de volgende maximum waardering: 1. Trap 5 pnt 2. Loopplank 5 pnt 3. Pijpconstructie 5 pnt 4. Schutting 5 pnt 5. Kuil 5 pnt 6. Dranghek 5 pnt Totaal 30 pnt. Keuringsreglement surveillancehond

24 Beoordeling niet juist uitgevoerd -2 pnt weigering of herhaling -3 pnt hulp van geleider -3 pnt Er is sprake van hulp, indien de geleider nadat hij aan zijn hond een commando tot uitvoering heeft gegeven de hond steunt. (b.v aan de hond komt, meeloopt, extra co s geeft of dwingend aanwijst) Er is sprake van een weigering indien de hond na het commando van de geleider daartoe niet begint /uitvoert. Er is sprake van herhaling, indien de geleider na het begin van uitvoering door de hond deze terugroept en opnieuw een commando geeft voor het begin van uitvoering. Herhaling bij mislukking is éénmaal mogelijk. Er is ook sprake van niet juist uitgevoerd indien de hond begint met een onderdeel voor het commando daartoe. Indien een onderdeel niet wordt volbracht zal dit onderdeel niet worden gewaardeerd. Keuringsreglement surveillancehond

25 TAAKDEEL 2 INHOUDSOPGAVE 1 Algemene doelstelling 2 Algemene puntenwaardering 3 Oefening 1 - Zoeken naar kleine voorwerpen 4 Oefening 2 - Opzoeken en aanwijzen van twee voorwerpen 5 Oefening 3 - Opzoeken en lokaliseren van een verdachte Keuringsreglement surveillancehond

26 Doelstelling Bij deze oefeningen moet worden aangetoond, dat de geleider zijn hond goed kent. Hij moet zo optimaal mogelijk gebruik maken van het reukorgaan van de hond. De hond moet aantonen, dat hij reageert op menselijke geuren. De geleider moet het gedrag van zijn hond goed weten te interpreteren Algemene puntenwaardering Oefening 1: Zoeken van kleine voorwerpen 20 pnt Oefening 2: Het opzoeken en aanwijzen van twee voorwerpen 20 pnt Oefening 3: Het opzoeken en lokaliseren van een verdachte 20 pnt Totaal 60 pnt Aantal te behalen punten minimaal 60% = 36 pnt OEFENING 1 Zoeken van kleine voorwerpen Doelstelling: Op een willekeurig terrein of plaats met een afmeting van ongeveer 30 bij 50 meter dat wordt aangewezen door de keuringscommissie, moet de hond drie kleine voorwerpen met daaraan menselijke geur zoeken, vinden en apporteren of verwijzen. De gevonden voorwerpen moeten kunnen dienen voor waarheidsvinding Omschrijving: In het aangewezen terrein waarvan het oppervlak de praktijksituatie (meerdere ondergronden) zo goed mogelijk moet benaderen bevinden zich drie kleine voorwerpen ter grootte van bijvoorbeeld een sleutel, een klein zakmes, een klein slot e.d. met daaraan menselijke geur. Deze voorwerpen kunnen zowel op de grond, als ongeveer 50 centimeter boven de grond zijn weggelegd. Voor honden die de voorwerpen zullen verwijzen zal een apart zoekterrein moeten worden aangeboden. Is er op een keuring één hond die verwijst dan kan deze hond als laatste op het aangeboden zoekterrein de oefening kunnen doen. Keuringsreglement surveillancehond

27 Uitvoering: De keurmeester geeft de zijde van de locatie aan waarlangs de geleider zijn hond mag begeleiden. De geleider mag zijn hond tijdens het onderzoek aanmoedigen. De geleider mag zich niet in het te onderzoeken terrein begeven anders dan om de voorwerpen na verwijzing uit het terrein te halen. De tijdsduur van de oefening is 10 minuten. Als de hond een voorwerp, uit vrije wil en zonder commando daartoe, verwijst, moet de geleider de plaats waar het voorwerp zich bevindt kenbaar maken aan de keurmeester, waarna deze de geleider een teken geeft om de hond en het voorwerp uit het terrein te halen. Tijdens het ophalen zal de tijd van het zoeken worden stilgezet. Hierna kan de hond het onderzoek voortzetten en gaat de tijd weer lopen Puntenwaardering: De onderdelen kennen de volgende maximum waardering: 1. Wijze van zoeken door de hond 5 pnt 2. Drie voorwerpen a 5 punten per voorwerp 15 pnt Totaal 20 pnt Beoordeling: 1. Wijze van zoeken: 2 voorwerpen max. 3 pnt 1 voorwerp max. 2 pnt Ingeslikte of niet gevonden voorwerpen worden niet gewaardeerd en als niet gevonden beschouwd. 2. Drie voorwerpen: Voorwerp kapot of zwaar gedeukt per voorwerp -3 pnt Niet goed apporteren c.q afgeven per voorwerp -1 pnt Indien de hond verwijst: Eerst verwijzen en dan bijten/apporteren per voorwerp Eerst bijten/apporteren en dan verwijzen per voorwerp Hond komt van voorwerp voor teken keurmeester -1/ -3 pnt -1/ -3 pnt -1/ -3 pnt Aftrek op het totaal aantal punten oefening: Hond doet dingen die niet bij het onderzoek horen Combinatie: Aftrek geleider: geleider komt in zoekterrein anders dan na toestemming van de keurmeester p/keer -1 pnt p/keer - 1 pnt Keuringsreglement surveillancehond

28 2.2. OEFENING 2 Opzoeken en verwijzen van twee voorwerpen Doelstelling: In een door de keuringscommissie aangewezen ruw terrein moet de hond twee voorwerpen, met daaraan menselijke geur, die kunnen dienen voor waarheidsvinding, zoeken en aanwijzen Omschrijving: In ruw terrein met een minimum lengte van 75 meter en een maximum lengte van 150 meter, zijn twee voorwerpen (bijvoorbeeld een klein wapen/luchtdrukpistool, breekijzer 50 cm, hamer 30 cm ander klein gereedschap, klein geldkistje 10x 20 cm), met daaraan menselijke geur weggegooid, zodanig dat deze niet zichtbaar zijn. De diepte van het terrein wordt aangegeven door een lid van de keuringscommissie Uitvoering: Vanaf een beginpunt dat door de keurmeester wordt aangegeven wordt het onderzoek door de geleider met zijn hond begonnen. De geleider mag niet in het terrein komen. Zijn looproute gaat langs het te doorzoeken terrein. De geleider mag zijn hond aanmoedigen en op een rustige manier corrigeren. Als de hond een voorwerp verwijst, moet de geleider de plaats waar het voorwerp zich bevindt kenbaar maken aan de keurmeester, waarna de keurmeester de geleider een teken geeft om de hond uit het terrein te roepen. De aangewezen voorwerpen moeten voor een ander onderzoek geschikt blijven. Zij moeten in het terrein achter blijven. Indien een voorwerp door een hond uit het terrein wordt geapporteerd wordt dit door de keurmeester na het onderzoek teruggegooid. Indien de hond het voorwerp heeft verplaatst, gaat de keurmeester als hij dat nodig vindt, na overleg met de terreinleider, na het onderzoek naar het voorwerp om dit terug te brengen op de beginplek. De geleider mag gedurende dit onderzoek aan de keurmeester slechts twee maal een plaats aangeven. De hond mag geen andere dingen doen dan die verband houden met dit onderzoek. De manier van verwijzen van de voorwerpen door de hond wordt niet voorgeschreven. De tijdsduur van dit onderzoek is 10 minuten Puntenwaardering: De onderdelen kennen de navolgende maximum waardering: 1. Wijze van het terrein nemen 2 x 5 pnt 2. Verwijzen van de voorwerpen 2 x 5 pnt Totaal 20 pnt Keuringsreglement surveillancehond

29 Beoordeling: 1. Wijze van terrein nemen: hond vindt één voorwerp max. 5 pnt Hond zoekt niet goed, slaat stukken over -1 / -3 pnt geleider geeft verkeerde verwijzing -5 pnt 2. Verwijzen voorwerpen: hond vindt één voorwerp max 5 pnt geleider geeft een verkeerde verwijzing -5 pnt hond apporteert een voorwerp -3 pnt hond blijft met voorwerp bezig per co extra -1 pnt hond verwijst verkeerd telkens-1 pnt (geleider geeft dit niet aan) hond bijt in voorwerp p/beet -1 pnt hond verplaatst voorwerp p/mtr -1 pnt hond komt van voorwerp voor teken keurmeester -1 / -3 pnt Aftrek op het totaal aantal punten oefening: Hond doet dingen die niet bij het onderzoek horen p/keer -1 pnt 2.3. OEFENING 3 Als de hond na 5 commando s niet van een voorwerp naar zijn geleider komt wordt dat voorwerp als niet gevonden beschouwd. Het voorwerp wordt ook als niet gevonden beschouwd indien de hond anders dan op commando door / naar zijn geleider wordt gelokt Combinatie: aftrek geleider; geleider in het terrein -1 pnt. Combinatie: aftrek hond Hond vind een voorwerp - 1 pnt. Opzoeken en lokaliseren van een verdachte Doelstelling In een willekeurig gebied of locatie moet de hond een in burger gekleed verdachte, die zich heeft verstopt, opzoeken en vinden Omschrijving In een willekeurig gebied of locatie wordt door alleen de keuringscommissie een verdachte verstopt. De verdachte dient zodanig verstopt te zijn dat de hond nimmer bij hem kan komen, de geleider hem niet kan zien en vanaf de route, na het lokaliseren van de verdachte door de hond, de plaats kan melden.( s nachts met lampverlichting) Het gebied of locatie moet minimaal 6 tot 10 verspreide mogelijkheden hebben waar een verdachte verstopt zou kunnen zitten. De af te leggen route dient tenminste 40 meter te bedragen. De hond dient, op zijn reukvermogen, de verstopte verdachte zelfstandig te lokaliseren. Keuringsreglement surveillancehond

30 Uitvoering De hond dient tijdens de sommatie aangelijnd te zijn met een deugdelijke vaste halsband en lijn. Door een lid van de keuringscommissie wordt een looproute aangegeven, waarvan door de geleider niet mag worden afgeweken. Op een teken van dit lid begint de geleider met de uitvoering van de oefening Voor het begin van de zoeking sommeert de geleider twee maal: "Hier spreekt de politie, kom te voorschijn of de hond wordt ingezet". In de oefening geeft de verstopte verdachte geen gevolg aan de sommatie. Na de commando s wordt de hond afgelijnd en ingezet. Tijdens het zoeken laat de geleider de hond, indien mogelijk, zowel links als rechts het terrein of de locatie doorzoeken op een afstand dat hij de hond onder toezicht houdt. Als de hond de plaats waar de verdachte zich verborgen heeft zelfstandig lokaliseert, dit ter beoordeling van de geleider (kennis van zijn hond), maakt de geleider dit kenbaar aan de keurmeester. Op een teken van de keurmeester gaat de geleider naar zijn hond en neemt deze mee naar een voor hem veilige plaats, waar hij niet gelijk in het zicht van de verdachte staat. De hond mag vanaf deze plaats ook door de geleider bij zich geroepen worden. - Hier sommeert hij de verdachte te voorschijn te komen, waarna deze wordt aangehouden. Het sommeren en aanhouden dient met de hond aangelijnd aan een deugdelijke vaste halsband en lijn te geschieden. De geleider mag éénmaal een gelokaliseerde plaats kenbaar maken aan de keuringscommissie. Indien de hond een plaats kenbaar maakt waar de verdachte zich niet bevindt, maar waarvan aannemelijk is dat er menselijke geur aanwezig is (dit ter beoordeling van de keuringscommissie) kan het lid van de keuringscommissie de geleider door laten surveilleren en de zoeking laten vervolgen. De geleider mag tijdens de zoeking zijn hond op rustige wijze aanmoedigen en corrigeren. Tijdens de zoeking volgt een lid van de keuringscommissie de combinatie. De keuringscommissie zal zich niet onnodig ophouden in of op de te doorzoeken lokatie. De tijdsduur van de oefening is maximaal 10 minuten Puntenwaardering De onderdelen kennen de navolgende maximum waardering: 1. Wijze van terrein of locatie nemen 5 pnt 2. Surveilleren/ begeleiden door de geleider 5 pnt 3. Wijze van lokaliseren 5 pnt 4. Bewaken 5 pnt Totaal 20 pnt Keuringsreglement surveillancehond

31 Beoordeling Aftrek vindt plaats indien: Wijze van terrein of locatie nemen: Hond zoekt niet/loos blaffen telkens -1 pnt bij herhaling niet onder toezicht geleider -1 pnt Surveilleren/ begeleiden geleider: geleider slaat een gedeelte over waar een verdachte zich zou kunnen bevinden telkens -1 pnt geleider heeft geen kennis van de hond telkens -1 pnt geleider wijkt van de aangewezen route -1 pnt geleider werkt te kort op de hond telkens -1 pnt Wijze van lokaliseren: Als de hond lokaliseert, maar dit niet in de directe omgeving van de verdachte geschiedt, ( wat door omstandigheden verklaarbaar is ) worden de onderdelen wijze van lokaliseren en bewaken met ten hoogste 4 pnt. gewaardeerd. Bewaken: Hond bewaakt niet in directe omgeving Hond brengt een beschadiging aan -1 /-5 pnt -1 /-3 pnt Indien het onderdeel bewaken met 0 punten wordt gewaardeerd kunnen de andere onderdelen mits uitmuntend uitgevoerd met maximaal 3 punten worden beoordeeld. Geen waardering voor de oefening: indien de hond de verdachte niet lokaliseert de geleider de hond helpt met het lokaliseren (aanwijzingen) de geleider wijkt bij herhaling van de aangewezen route. Aftrek op het totaal aantal punten oefening: Hond dingen doet die niet bij het onderzoek horen Combinatie: Aftrek geleider; geeft de hond geen gelegenheid tot zoeken geen duidelijke (twee) sommaties bij aanvang oefening geen veilige positie bij aanhouden verdachte p/keer -1 pnt -1 pnt -3 pnt -1 pnt Aandachtspunt tijdens de zoeking: De veiligheid van de geleider wordt tijdens de zoeking mede bepaald door het onder direct toezicht houden van de hond en het begeleiden van deze! Keuringsreglement surveillancehond

32 TAAKDEEL 3 INHOUDSOPGAVE Algemene doelstelling Algemene puntenwaardering Oefening 1 - Aanhouding van een zich met een stok verwerende verdachte Oefening 2 - Aanhouding gewapende verdachte Oefening 3 - Terugroepen van de achtervolgende hond Oefening 4 - Aanhouding van verdachte die zich overgeeft (Schijnstellen) Oefening 5 - Aanhouding verdachte op gladde vloer Keuringsreglement surveillancehond

33 3.0.0 Doelstelling Bij de inzet van de hond moet het risico verbonden aan het aanwenden van geweld, zoveel mogelijk worden beperkt met het in acht nemen van de eigen veiligheid. Bij de uitvoering van de aanvalsoefeningen, dient na inzet van de hond, de verdachte ontwapend te worden dan moet de geleider, als hij bij de verdachte is aangekomen, zijn hond los commanderen (als deze nog bijt) waarna hij de verdachte moet aanhouden. Tevens moet worden aangetoond, dat de hond beheersbaar is Algemene puntenwaardering Oef. 1: Aanhouding van een zich met een stok verwerende verdachte Oef. 2: Aanhouding van een gewapende verdachte Oef. 3: Terugroepen van een achtervolgende hond Oef. 4: Aanhouding van verdachte die zich overgeeft (schijnstellen) Oef. 5: Aanhouding gewapende verdachte op een gladde vloer. 65 pnt 65 pnt 15 pnt 60 pnt 25 pnt Totaal 230 pnt Aantal te behalen punten minimaal 60% = 138 pnt 3.1 OEFENING 1: Aanhouding van een zich met een stok verwerende verdachte Doelstelling De hond wordt ingezet tegen een zich met een stok verwerende verdachte. De hond zal hier zijn moed en beheersbaarheid moeten tonen Omschrijving Tijdens de surveillance ontdekt de geleider met zijn hond een zich verdacht ophoudend persoon die iets in een tas deponeert. Keuringsreglement surveillancehond

34 Uitvoering De geleider die dit feit ontdekt sommeert de verdachte tweemaal met: "Halt politie, geeft u zich over of de hond wordt ingezet" aan deze sommatie wordt door de verdachte niet voldaan en hij vlucht weg nadat hij de tas heeft weggegooid. De geleider lijnt zijn hond af en geeft opdracht de verdachte tot staan te brengen. De geleider volgt zijn hond zo snel mogelijk met medeneming van de weggegooide tas. De hond moet de verdachte, die enige passen in de richting van de hond gaat en hem probeert af te weren met dreigende commando s en een stokslag, met zijn eerste aanval direct tot staan brengen. Als de geleider bij de verdachte is aangekomen geeft hij deze een commando om de stok te laten vallen waarna de hond, als deze nog bijt, op commando van de geleider moet loslaten. Nadat de hond heeft losgelaten gaat de hond over tot bewaken van de verdachte. De geleider houdt de verdachte aan, waarna hij een veiligheidsfouillering toepast. Tijdens de fouillering ligt de hond op ongeveer 3 meter bij de verdachte en zorgt de geleider er voor dat hij niet tussen de hond en de verdachte komt. Na de fouillering wordt met medeneming van de tas, door de geleider, de verdachte overgebracht naar een gereed staande dienstauto. Voordat de verdachte wordt overgebracht geeft de geleider duidelijk de richting aan waarheen de verdachte moet lopen. De geleider volgt op ongeveer 2 meter achter de verdachte, met zijn hond naast zich. Op een afstand van 2 meter van de dienstauto laat de geleider de verdachte halt houden. De geleider laat zijn hond ter bewaking bij de verdachte achter, waarna hij de deur van de dienstauto moet openen en de tas in de auto moet leggen. De verdachte doet, als het portier geopend wordt, een vluchtpoging. De hond moet de verdachte zonder dat hij daartoe een commando krijgt resoluut tot staan brengen en al of niet op commando loslaten en overgaan tot bewaken. Op een teken van de keurmeester gaat de geleider naar zijn hond en verwijdert zich, met de hond los, ongeveer 5 meter van de verdachte waarna de oefening is beëindigd. Plaats keurmeester: wenselijk is dat in elk geval, na de aanval van de hond, een keurmeester zich zodanig opstelt dat deze kan zien en horen wat geleider en hond doen. Keuringsreglement surveillancehond

35 Puntenwaardering Stok De diverse onderdelen kennen de volgende maximum waardering: 1. Surveilleren 5 pnt 2. Achtervolging 5 pnt 3. Aanval 5 pnt 4. Bijten 5 pnt 5. Loslaten 5 pnt 6. Bewaken na het loslaten 5 pnt 7. Bewaken tijdens onderzoek 5 pnt 8. Overbrengen 5 pnt 9. Bewaken voor 2e aanval 5 pnt 10. 2e aanval 5 pnt 11. Bijten 5 pnt 12. Loslaten 5 pnt 13. Bewaken 5 pnt Totaal 65 pnt Aantal te behalen minimum punten 60% = 39 pnt Beoordeling Combinatie: Aftrek geleider; geleider neemt tas niet mee of legt deze niet in de auto -1 pnt 3.2. OEFENING 2. Aanhouding van een gewapende verdachte Doelstelling De hond wordt ingezet tegen een verdachte die van een vuurwapen en een werpstuk gebruik maakt. De hond zal hier zijn moed en beheersbaarheid moeten tonen Omschrijving Tijdens de surveillance ontdekt de geleider met zijn hond een zich verdacht ophoudend persoon. Deze schiet met een vuurwapen in de richting van de geleider. Keuringsreglement surveillancehond

36 Uitvoering De geleider gaat na de beschieting snel in dekking. De geleider hoeft de verdachte niet te sommeren, lijnt zijn hond af en geeft de hond opdracht de verdachte tot staan te brengen. Als de hond de verdachte tot op ongeveer 35 meter is genaderd, vuurt de helper het 2 e schot in de richting van de hond. Gelijk daarop gooit hij bovenhands het voorwerp (een plastic jerrycan inhoud ± 5 liter) in de richting van de hond, zonder deze te raken en vlucht verder. Na het gooien dient te helper ervoor te zorgen, dat hij weer in een natuurlijke loop voorwaarts is op het moment van aanval/inbijten van de hond. Een van de keurmeesters heeft een 2 e vuurwapen waarmee deze, indien het schot van de verdachte weigert, een schot afvuurt. De hond moet de verdachte resoluut tot staan brengen. De geleider commandeert de verdachte vanuit een dekking het vuurwapen neer te leggen. De verdachte geeft zich na het neerleggen van het vuurwapen over en doet al dan niet op commando twee stappen achterwaarts. De geleider gaat nu snel naar de verdachte. Als de geleider bij de verdachte is aangekomen moet hij, indien de hond nog bijt, deze los commanderen. Dan houdt hij de verdachte aan, waarna het vuurwapen in beslag wordt genomen dat wordt veilig gesteld. Bij de verdachte wordt een veiligheids- fouillering toepast. Tijdens het fouilleren ligt de hond op ongeveer 3 meter bij de verdachte. De geleider draagt er zorg voor dat hij niet tussen de hond en de verdachte komt. Na het fouilleren wordt met medeneming van het inbeslag- genomen vuurwapen, de verdachte overgebracht naar een gereedstaande dienstauto. Voordat de verdachte wordt overgebracht geeft de geleider duidelijk de richting aan waarheen de verdachte moet lopen. De geleider volgt op ongeveer 2 meter achter de verdachte met zijn hond naast zich. Op een afstand van 2 meter van de dienstauto laat de geleider de verdachte halt houden. De geleider laat zijn hond bij de verdachte achter, waarna hij de deur van de dienstauto moet openen en het vuurwapen in de auto moet leggen. Vervolgens keert de geleider terug naar zijn hond. Tijdens het naderen valt de verdachte de geleider aan als deze binnen bereik van de verdachte is. De hond moet uit eigener beweging de verdachte aanvallen en vervolgens al of niet op commando loslaten zodra de verdachte zich overgeeft. Op een teken van de keurmeester gaat de geleider naar zijn hond en verwijdert zich, met de hond los, ongeveer 5 meter van de verdachte waarna de oefening is beëindigd. Plaats keurmeester: wenselijk is dat in elk geval, na de aanval van de hond, een keurmeester zich zodanig opstelt dat deze kan zien en horen wat geleider en hond doen. Keuringsreglement surveillancehond

37 Puntenwaardering Schot De onderdelen kennen de navolgende maximum waardering: 1. Surveilleren 5 pnt 2. Achtervolging 5 pnt 3. Aanval 5 pnt 4. Bijten 5 pnt 5. Loslaten 5 pnt 6. Bewaken na het loslaten 5 pnt 7. Bewaken tijdens het onderzoek 5 pnt 8. Overbrengen 5 pnt 9. Bewaken voor verdedigen 5 pnt e aanval/ verdedigen 5 pnt 11. Bijten 5 pnt 12. Loslaten 5 pnt 13. Bewaken 5 pnt Totaal 65 pnt Aantal te behalen punten minimaal 60% = 39 pnt Beoordeling Aanval: hond wijkt voor jerrycan of rook (als dit angst is) -1 pnt Combinatie: Aftrek geleider; sommatie wapen te laten vallen niet vanuit de dekking -2 pnt geleider raapt het wapen te vroeg op. -1 pnt geleider legt vuurwapen niet in de auto -1 pnt 3.3. OEFENING 3. Terugroepen van de achtervolgende hond Doelstelling De hond wordt ingezet op een vluchtende verdachte. De hond moet zijn beheersbaarheid tonen door op commando van zijn geleider direct terug te komen Omschrijving Als de geleider zijn hond terugroept, moet deze onmiddellijk aan dit commando voldoen en naar de geleider terugkomen. Keuringsreglement surveillancehond

38 Uitvoering Tijdens de surveillance ontdekt de geleider met zijn hond iemand, die even van tevoren een misdrijf heeft gepleegd. De geleider roept de verdachte aan met de woorden: Halt politie, geeft u over of de hond wordt ingezet. Hieraan wordt, ook na herhaling, door de verdachte geen gevolg gegeven. Vervolgens lijnt de geleider zijn hond af en geeft opdracht de verdachte tot staan te brengen. De geleider mag zijn hond volgen tot het punt wat aangegeven is in de stelbaan. Als de hond in achtervolging voorbij het aangegeven markeringspunt is gegaan, roept / fluit de geleider zijn hond terug. Deze dient onmiddellijk aan dit commando te voldoen en moet naar de geleider terugkomen. De geleider mag de hond twee commando s geven om terug te komen. Een lid van de keuringscommissie bevindt zich bij de oefening - terugroepen - aan de start Puntenwaardering terugroepen De onderdelen kennen de navolgende maximum waardering: 1. Surveilleren 5 pnt 2. Achtervolging 5 pnt 3. Terugkeren 5 pnt Totaal 15 pnt Aantal te behalen punten minimaal 60% = 9 pnt Beoordeling Achtervolging: De geleider mag zijn hond volgen tot het aangegeven markeringspunt Terugkeren: hond komt erg traag terug -1 pnt te ver door -1 / -2 pnt Algemeen: Het onderdeel Terugkeren mag indien de Achtervolging met 3 pnt of minder is gewaardeerd niet hoger worden gewaardeerd. Indien de hond tijdens de oefening de verdachte bijt, wordt de combinatie afgewezen. Keuringsreglement surveillancehond

39 3.4. OEFENING 4 Aanhouding van een verdachte die zich overgeeft (Schijnstellen) Doelstelling De hond wordt ingezet op een vluchtende verdachte, die nadat de hond is ingezet, zich overgeeft en stil gaat staan. De hond moet zijn beheersbaarheid tonen Omschrijving Nadat de hond is ingezet geeft de verdachte zich, na een teken van de keurmeester daartoe, over. De hond moet direct overgaan tot bewaken als hij bij de verdachte is aangekomen. Nadat de verdachte zich heeft overgegeven, mag de geleider tot tweemaal toe een commando tot niet bijten geven. Wanneer de hond tot bewaken is overgegaan mag niets meer gezegd worden Uitvoering Tijdens de surveillance ontdekt de geleider iemand die even daarvoor een misdrijf heeft gepleegd. De geleider roept de verdachte aan met de woorden: Halt politie, geeft u over of de hond wordt ingezet. Hieraan wordt ook, na herhaling, door de verdachte geen gevolg gegeven. Vervolgens lijnt de geleider zijn hond af en geeft opdracht de verdachte tot staan te brengen. De geleider volgt zijn hond. Als de hond in achtervolging de verdachte tot ongeveer 30 meter is genaderd, geeft de verdachte zich over door zich om te draaien en stil te gaan staan. Als de hond bij de verdachte is aangekomen, gaat de hond onmiddellijk over tot bewaking. Na aanhouding past de geleider een veiligheidsfouillering toe bij de verdachte. Tijdens de fouillering ligt de hond op ongeveer 3 meter van de verdachte en de geleider zorgt er voor dat hij niet tussen de hond en de verdachte komt. Na de fouillering wordt de verdachte overgebracht naar een gereedstaande dienstauto. Voordat de verdachte wordt overgebracht geeft de geleider duidelijk de richting aan waarin de verdachte moet lopen. De geleider volgt met zijn hond op ongeveer 2 meter afstand achter de verdachte. Keuringsreglement surveillancehond

40 Op een afstand van ongeveer 2 meter van de dienstauto laat de geleider de verdachte halt houden. De geleider laat de hond bij de verdachte achter, waarna hij de deur van de dienstauto moet openen. De verdachte doet dan een vluchtpoging. De verdachte draait daartoe van de hond af in de richting waar hij vandaan is gekomen. De hond moet de verdachte, zonder dat hij het commando krijgt, resoluut tot staan brengen en al of niet op commando loslaten en overgaan tot bewaken. Op een teken van de keurmeester gaat de geleider naar zijn hond en verwijdert zich, met de hond los, ongeveer 5 meter van de verdachte waarna de oefening is beëindigd. Een keurmeester bevindt zich zo ver voor het punt waar de helper uitkomt dat hij duidelijk het teken tot stilstaan en draaien kan geven en dat hij dan achter de helper staat. De vluchtende helper zorgt dat hij niet voorbij de keurmeester loopt Puntenwaardering schijnstellen De diverse onderdelen kennen de navolgende maximum waardering: 1. Surveilleren 5 pnt 2. Achtervolging 5 pnt 3. Niet bijten 5 pnt 4. Bewaken 5 pnt 5. Bewaken tijdens onderzoek 5 pnt 6. Overbrengen 5 pnt 7. 2 e Niet bijten 5 pnt 8. Bewaken voor de aanval 5 pnt 9. Aanval 5 pnt 10 Bijten 5 pnt 11.Loslaten 5 pnt 12.Bewaken 5 pnt Totaal 60 pnt Aantal te behalen punten minimaal 60% = 36 pnt Keuringsreglement surveillancehond

41 Beoordeling Achtervolging bij het schijnstellen: Indien door het bewaken - na de achtervolging - de achtervolging met een 3 of lager wordt gewaardeerd, mag, als in de achtervolging reeds een korting is toegepast in dit onderdeel worden gekort tot minder dan 2 pnt. De achtervolging eindigt als de hond kan overgaan tot bewaken. Niet bijten De beoordeling van het niet bijten begint zodra de hond bij de verdachte is aangekomen. Indien de hond bij het onderdeel niet bijten bij de oef schijnstellen, de verdachte bijt of zwaar aanvalt wordt de combinatie afgewezen. Bewaken: Een lichte beet na een moment van bewaken wordt als nabeet beschouwd. Meerdere nabeten in het onderdeel bewaken lijden tot afwijzing van de combinatie. hond gaat niet direct over tot bewaken -1 / -5 pnt geleider geeft commando s aan zijn hond -5 pnt Indien onderdeel bewaken, met 3 punten of lager wordt gewaardeerd, mogen de onderdelen 1 t/m 7, mits uitmuntend uitgevoerd, niet hoger worden gewaardeerd. (uitzondering: zie achtervolging bij schijnstellen) 2 e Niet bijten: Indien de hond bijt in de onderdelen 5. (Bewaken tijdens onderzoek) en/of 6. (Overbrengen) wordt dit onderdeel gewaardeerd met 0 pnt. Voorbeeld Algemene beoordeling 5.4. Indien de achtervolging van de hond met minder dan 2 pnt. wordt gewaardeerd dan kunnen er voor de oefening geen punten worden toegekend. Onderdelen oefening aftrek technische Beoordeling waardering (Niet hoger dan:) Achtervolging -2punten 3 punten 1 punt staakt Bewaken betrekkelijk - 2 punten 3 punten 3 punten Door punt mag in dit geval de achtervolging met 1 punt worden gewaardeerd. Keuringsreglement surveillancehond

42 3.5. OEFENING 5 Aanhouding gewapende verdachte op een gladde vloer Doelstelling De hond wordt ingezet tegen een gewapende verdachte, die zich op een gladde vloer bevindt. De geleider laat zien dat hij met overzicht en veilig kan werken Omschrijving Op of in een locatie met een gladde vloer is een verdachte aanwezig. De geleider gaat op een teken van de keurmeester, met zijn hond aangelijnd op de gladde vloer tot op een afstand van ong. 5 meter van de verdachte. Op dat moment pakt de verdachte een slagwapen en bedreigd daarmee de geleider Uitvoering De geleider komt met aangelijnde hond (normale lijn en halsband) op de plaats van uitvoering. Op dat moment pakt de verdachte het slagwapen en bedreigt daarmee de geleider. De geleider sommeert tweemaal: Politie, laat vallen dat wapen of de hond wordt ingezet. ( Als de afstand naar de verdachte toe, nog ong. 5 meter is staat de geleider met het geven van de sommaties stil.) De verdachte voldoet hier niet aan. Nu geeft de geleider zijn hond de opdracht aan te vallen en zet deze aangelijnd in. De hond dient, aangelijnd, enkele meters over een gladde ondergrond te lopen. De geleider zorgt dat hij de lijn laat vieren en snel de hond volgt. De hond moet de verdachte resoluut aanvallen om zijn verzet te breken. Als de verdachte door de hond tot overgave is gedwongen commandeert de geleider de verdachte het wapen te laten vallen. De geleider commandeert nu zijn hond los waarbij de lijn wordt vastgehouden op ongeveer één meter. Gedurende het los commanderen moet ook aan eigen veiligheid worden gedacht.de geleider staat dan niet voor de verdachte en buiten diens bereik! Nadat de hond heeft losgelaten houdt de geleider de verdachte aan en vervolgens beveelt de geleider de verdachte zijn armen te spreiden en zijn handen te laten zien. De verdachte wordt nu overgebracht richting plek waar de geleider de oefening begon. Voordat de verdachte wordt overgebracht geeft de geleider duidelijk de richting aan waarheen de verdachte moet lopen. Het overbrengen geschiedt over een afstand van minimaal 15 meter. De geleider volgt op ongeveer 2 meter achter de verdachte, met zijn aangelijnde hond naast zich. Keuringsreglement surveillancehond

43 In de andere ruimte of buiten laat de geleider de verdachte op een teken van de keurmeester halt houden. De hond zal attent op de verdachte moeten blijven tot de geleider een teken krijgt van de keurmeester, waarna de geleider met zijn hond van de verdachte weg volgt Puntenwaardering De diverse onderdelen kennen de navolgende maximum waardering: 1. Aanval 5 pnt 2. Bijten 5 pnt 3. Loslaten 5 pnt 4. Overbrengen 5 pnt 5. Bewaken 5 pnt Totaal 25 pnt Aantal te behalen punten minimaal 60% = 15 pnt Beoordeling Aanval: hond glijdt uit hond heeft angst voor de gladde vloer, doch bijt wel -1 pnt -2 pnt Keuringsreglement surveillancehond

44 4. COMBINATIE INHOUDSOPGAVE 1 Algemene doelstelling 2 Algemene puntenwaardering 3 Waardering en beoordeling Keuringsreglement surveillancehond

45 Combinatievorming 4.0. Algemene doelstelling. De geleider wordt beoordeeld op zijn vakbekwaamheid, vaardigheid en inzicht voor wat betreft het begeleiden en het werken samen met zijn hond. De hond wordt beoordeeld op zijn geschiktheid voor ondersteunende taken ten behoeve van het korps waarin hij dient. In het bijzonder wordt hij beoordeeld op werklust, betrouwbaarheid, beheersbaarheid, intelligentie, vaardigheid, karakter en moed Algemene puntenwaardering. De oefeningen waarin de combinatie wordt beoordeeld zijn die (onderdelen van) oefeningen die door de geleider en zijn hond gezamenlijk worden gedaan. Oefeningen Geleider Hond 1. 3 oefeningen in taak 1 3 x3 pnt 3 x 3 pnt 2. 3 oefeningen in taak 2 3 x 3 pnt 3 x 3 pnt 3. 5 oefeningen in taak 3 5 x 3 pnt 5 x 3 pnt Totaal 33 pnt 33 pnt Zowel de geleider als de hond dienen 60% = 20 pnt van het door hen te behalen aantal punten te scoren.waardering en beoordeling. Om te komen tot een beoordeling van de Combinatie worden: de geleider en de hond op het totaal beeld van een oefening naar praktische maatstaven beoordeeld aftrek per onderdeel 0, 1, 2 of 3 pnt. Keuringsreglement surveillancehond

46 4.2. Geleider: geen aftrek Voor de geleider die een goede omgangsvorm met zijn hond heeft Die de praktische inzichten, tactische handelingen in een oefening toont 4.3. Hond: 1 pnt aftrek Als door de geleider niet wordt voldaan aan de uitvoering van een oefening omschreven in het Keuringsreglement. Als de geleider de lijn in een oefening niet opgeborgen heeft. (i.v.m. eigen veiligheid) Als nergens uit blijkt dat de geleider aan eigen veiligheid denkt bij de oefeningen met de verdachte 2 pnt aftrek Als de begeleiding zeer slecht is. 3 pnt aftrek Als er geen of onvoldoende waardering wordt behaald en dit door de geleider komt. Aftrekpunten voor de geleider die in een onderdeel van een oefening worden voorgeschreven geen aftrek Voor de hond die de opdrachten van zijn geleider opvolgt. Die voldoet aan de doelstelling genoemd onder 4. 1 pnt aftrek Als door de hond niet wordt voldaan aan de doelstelling, omschreven in het Keuringsreglement 2 pnt aftrek Als het werk zeer slecht is. 3 pnt aftrek Als er geen of onvoldoende waardering wordt behaald in een oefening en dit door de hond komt. Aftrekpunten voor de hond die in een onderdeel van een oefening worden voorgeschreven. Keuringsreglement surveillancehond

47 5. ALGEMENE BEOORDELINGEN 5.0. Algemeen. De algemene beoordeling wordt afgemeten op een schaal van 0 t/m 5 punten. Door de keuringscommissie wordt daarbij de volgende waardering gevolgd: 5 pnt = uitmuntend 4 pnt = goed 3 pnt = betrekkelijk 2 pnt = onvoldoende 1 pnt = slecht 0 pnt = niet volbracht. De beoordeling van een Oefening / Onderdeel dient te geschieden volgens de Omschrijving en de Algemene beoordeling. Als de geleider voorgeschreven handelingen, omschreven in een onderdeel van een oefening, niet uitvoert, wordt het betreffende onderdeel niet gewaardeerd. Oefeningen / onderdelen die bijzondere details mbt. uitvoering en / of aftrek van punten worden daar nader omschreven Bij elk van de oefeningen in taakdeel 3, dient tenminste 60% van het totaal aantal punten behaald te worden. Indien voor één van de oefeningen 1 t/m 5 van taakdeel 3 geen of onvoldoende waardering plaatsvindt, dan wordt de combinatie afgewezen Surveilleren: Taakdeel 1 en 3 Geleider en / of hond niet oplettend voor omgeving -1 pnt geen slappe lijn -1 /- 4 pnt hond niet direct naast de geleider -1 /- 4 pnt Taakdeel 3 Combinatie: Aftrek geleider; Geleider heeft lijn niet vast aan de zijde waar de hond volgt : Geleider houdt lijn vast met beide handen; Per oefening aftrek -1 pnt. Tijdens het surveillanceonderdeel in de oefeningen van taakdeel 3 is de hond aangelijnd. Het onderdeel surveilleren eindigt, zodra de helper in zicht komt. De hond draagt tijdens het surveilleren en de sommaties een deugdelijke vaste halsband en lijn. (geen sliplijn) (zie bij K3 uitvoering) De beoordeling van het surveilleren is als in taakdeel 1 en verder: hond niet aangelijnd -5 pnt. Keuringsreglement surveillancehond

48 Taakdeel 2 en Sommaties De geleider dient voor de daartoe aangewezen oefeningen twee duidelijke en hoorbare sommaties te geven. In de sommaties dient zeker te worden vermeld dat de verdachte met de politie van doen heeft en het soort geweld dat zal worden gebruikt. Zie hiervoor de voorbeelden beschreven in de oefeningen. Tijdens de sommaties voor de oefeningen; aanhouding van een zich met stok verwerende man, schijnstellen en terugroepen blijft de geleider doorlopen richting verdachte. De hond moet worden ingezet vóór de daartoe aanwezige markering. De overige sommaties worden stilstaand gegeven. Combinatievorming: Aftrek geleider; Als geen, onduidelijke of te weinig sommaties gegeven worden bij oefeningen waar deze moeten worden gegeven, zal er in de combinatievorming op het onderdeel geleider een korting toegepast worden van - 3 pnt 5.3. Aanhouding: Taakdeel 3 De aanhouding dient volgens de daarvoor bestaande regels overeenkomstig het Wetboek van Strafvordering te geschieden. Combinatie: Aftrek geleider; de geleider houdt de verdachte niet aan -3 pnt 5.4. Achtervolging: De achtervolging begint op het moment dat de lijn is losgemaakt van de halsband. De hond draagt tijdens de oefening de voorgeschreven halsband. inhouden / omkijken / draaien telkens -1 pnt staken, daarna verder -2 pnt hond wordt opgejaagd -5 pnt Indien de achtervolging van de hond met minder dan 2 pnt. wordt gewaardeerd dan kunnen er voor de oefening geen punten worden toegekend. Indien door punt 5.5 (aanval) dit onderdeel met een 3 of lager wordt gewaardeerd, mag, als in dit onderdeel een korting is toegepast alleen in dit onderdeel worden gekort tot minder dan 2 pnt. Keuringsreglement surveillancehond

49 Achtervolging eindigt als helper zich omdraait of de hond een commando tot terugkeren heeft gekregen of bij de oefening schijnstellen kan overgegaan tot bewaken. Combinatie: Aftrek hond; Als aan de hond een extra commando wordt gegeven op het onderdeel achtervolging. telkens -1 pnt e Aanval van de hond De beoordeling van een aanval begint zodra de verdachte draait in de richting van de hond om de hond te bedreigen en eindigt bij de verdachte zodra de hond heeft ingebeten of de deze door de hond bijtend ten val is gebracht. Dit geldt voor de oefeningen stok, schot en gladde vloer. hond mist 1 keer -1 pnt hond gaat bewust of met angst langs verdachte -2 pnt hond valt na een herhaalde poging niet direct aan -5 pnt Hond valt aan op commando van de geleider -5 pnt 5.6. Bijten: Indien in de oefeningen stok en schot de aanval van de hond met 3 punten of lager wordt gewaardeerd dan mogen de onderdelen 1 t/m 8, niet hoger worden gewaardeerd. Indien in de oefening gladde vloer de aanval van de hond met 3 punten of lager wordt beoordeeld dan mogen de onderdelen 1 t/m 3, niet hoger worden gewaardeerd. De beoordeling begint zodra de hond met de aanval heeft ingebeten en eindigt zodra de hond uit zichzelf loslaat en is overgegaan tot bewaken of een commando voor het loslaten heeft gehad en is overgegaan tot bewaken. Bijten op een arm of been maakt voor de beoordeling geen verschil. hond laat verdachte los om weer te bijten (overbijten) zonder een moment van bewaken telkens -1 pnt net vast -2 pnt hond verbijt -3 pnt 5.7. Loslaten De geleider mag niet aan de verdachte of hond komen, hij mag niet bedreigend zijn en het "Los" commanderen moet op ongeveer 2 meter van de verdachte gedaan worden. De geleider mag maximaal 3 extra commando's aan zijn hond geven. Laat de hond niet los, of komt de geleider aan de verdachte of hond dan wordt er geen certificaat verstrekt. extra commando s telkens -1 pnt Het onderdeel loslaten is beëindigd als is overgegaan naar het volgende onderdeel van de oefening. (bewaken) Keuringsreglement surveillancehond

50 5.8. Bewaken na loslaten: De beoordeling begint zodra de hond al of niet op commando heeft losgelaten. hond niet attent op verdachte -1 tot -4 pnt hond verplaatst zich p/mtr -1 pnt 5.9. Bewaken tijdens het fouilleren: De beoordeling begint zodra de geleider zijn hond een commando geeft om op ongeveer 3 meter van de verdachte te gaan liggen en eindigt tot het moment dat de geleider na de veiligheidsfouillering bij zijn hond is aangekomen Het bewaken dient door de hond met volle aandacht voor de verdachte en zonder aanval of bijten te geschieden. De hond mag zich niet verplaatsen, zitten of staan hond niet attent op verdachte -1 tot -4 pnt hond verplaatst zich p/mtr -1 pnt hond even gaat zitten / staan telkens -1 pnt hond gaat langdurig zitten / staan -2 pnt Veiligheidsfouillering: Na de aanhouding dient een veiligheidsfouillering plaats te vinden. De verdachte wordt van achteren benaderd voordat tot daadwerkelijk fouilleren wordt overgegaan. Tijdens het fouilleren staat de geleider achter de verdachte en mag niet tussen de verdachte en de hond komen De veiligheidsfouillering dient te geschieden conform de Politiewet. Combinatie: Aftrek geleider; geleider benadert verdachte niet van achteren -1 pnt geleider staat niet achter verdachte tijdens fouilleren -1 pnt summier -1 pnt geleider vraagt de verdachte niet of hij in het bezit is van gevaarlijke voorwerpen -1 pnt geleider komt of bevindt zich tussen verdachte en hond tijdens het fouilleren. telkens -1 pnt Overbrengen van de verdachte: Alvorens de verdachte over te brengen moet de geleider hem een richting aangeven waarheen het overbrengen geschiedt. Hierna commandeert de geleider de verdachte voorwaarts te gaan. Tijdens het overbrengen dient de geleider met de hond onaangelijnd naast zich, op ongeveer 2 meter achter de verdachte te blijven. Het overbrengen eindigt op een afstand van ongeveer 2 meter van de gereedstaande dienstauto. Keuringsreglement surveillancehond

51 geen 2 meter achter de verdachte geleider geeft niet duidelijk de richting aan hond loopt naast verdachte hond en geleider bij de verdachte overbrengen te ver van of te dicht bij dienstauto eindigen -1 pnt -1 pnt -4 pnt -5 pnt -1 pnt e Aanval van oef. 1 / Verdedigen van oef. 2 / 1e Aanval van oef. 4 Bij een vlucht -of een verdedigingspoging dient de hond resoluut uit eigener beweging de verdachte aan te vallen en tot staan te brengen. De geleider moet de deur van het dienstvoertuig openen en hierna de hond los commanderen, uitgezonderd bij het verdedigen waarbij de geleider het portier moet sluiten en naar de helper terug moet lopen. beoordeling zoals 1 e Aanval van oef. 1. hond valt niet aan -5 pnt De 2 e aanval of het verdedigen wordt ten hoogste met 3 punten gewaardeerd als de hond de verdachte aanvalt; voordat de geleider de deur van de dienstauto heeft geopend voordat de geleider de verdachte is genaderd tot op ongeveer 1 meter voor het verdedigen Het vluchten of verdedigen vindt dan niet meer plaats. Indien de 2 e aanval / verdediging van de hond met 3 punten of lager wordt gewaardeerd dan mogen de resterende onderdelen vanaf het onderdeel bewaken voor de aanval, mits uitmuntend uitgevoerd, niet hoger worden gewaardeerd Nabeten Nabeten worden in mindering gebracht op het totaal van de oefening met een maximum van 3. Indien er sprake is van meer dan 3 nabeten per oefening of meer dan 10 nabeten gedurende de keuring, dan wordt er geen certificaat verstrekt. Combinatie: Aftrek Hond; Als de hond nabijt telkens -1 pnt. Commando s tot loslaten bij nabeten. De geleider mag niet aan de verdachte of hond komen, hij mag niet bedreigend zijn en het "Los" commanderen moet ten spoedigste gebeuren. De geleider mag maximaal 4 commando s tot lossen aan zijn hond geven. Laat de hond niet los, of komt de geleider aan de verdachte of hond dan wordt er geen certificaat verstrekt. Combinatie: Aftrek Hond; Als de hond nabijt en daartoe meer dan 1 co. nodig heeft tot lossen (extra commando s) telkens -1 pnt. Keuringsreglement surveillancehond

52 Aftrek commando s loslaten en nabeten Aftrek ONDERDEEL Oefening Aftrek TOTAAL Oefening Aftrek COMBINATIE Onderdeel HOND Commando loslaten Bij onderdeel loslaten na 1ste co. 1 pnt per co. (MAX 3 extra) Nabeet 1 pnt per nabeet 1 pnt per nabeet 1 ste Commando loslaten bij nabeet Overige commando s Loslaten bij nabeet 1 pnt pnt per commando ( 2de, 3de en 4de) -1 pnt per commando (2de, 3de en 4de) Extra commando's c.q. tekens: Extra commando s en/of tekens met uitzondering van het onderdeel "Loslaten", de eerste twee terugkeercommando s alsmede de twee commando's tot niet bijten bij de oefening "Schijnstellen", leiden per keer tot een aftrek van - 1 punt van het totaal van de oefening Volgorde oefeningen: Als algemeen kan worden gesteld, dat het de keuringscommissie vrij staat in welke volgorde de oefeningen dienen te worden uitgevoerd. Terugroepen en schijnstellen mogen echter niet direct achter elkaar worden uitgevoerd. Keuringsreglement surveillancehond

53 6 RICHTLIJNEN HELPERS INHOUDSOPGAVE 1. Algemeen 2. Richtlijnen Keuringsreglement surveillancehond

54 Algemeen Functie helper Voor de functie van helper komen in aanmerking personen die voldoen aan de volgende eisen: bezoldigd of buitengewoon opsporingsambtenaren zijn goede lichamelijk conditie hebben kennis van het Keuringsreglement hebben ervaring met diensthonden hebben. de leeftijd van 45 jaar nog niet heeft bereikt. De helper heeft tot taak de keuringscommissie -in technisch opzicht - te assisteren bij het keuren van politiesurveillancehonden in combinatie met hun geleider. De helper vervult de rol van "verdachte" bij de daarvoor in aanmerking komende oefeningen. De helper dient zich naast het behaalde "helpers" examen te bekwamen in alle voorschriften m.b.t. zijn functie bij keuringen voor politiesurveillancehonden en deze zich eigen te maken. De helper voert alleen die opdrachten uit, welke hem door de keuringscommissie, of afzonderlijke leden van die commissie worden opgedragen. De helper verricht zijn werkzaamheden zonder aanzien des persoons, eerlijk en met een zo groot mogelijke mate van objectiviteit. De helper deelt zijn bevindingen alleen mede aan de keuringscommissie en niet aan de geleiders, noch aan derden of aan het publiek. De helper draagt zorg, dat hij zijn werkzaamheden op zodanige wijze verricht, dat hij het aanzien van de keuring niet schaadt. De helper draagt zorg, dat hij bij de hond geen onnodige pijn of letsel veroorzaakt. Hij heeft alleen tot taak "object" te zijn, waarop / waarbij de hond zijn kunnen in opdracht van de geleider toont. De helper is zich bewust, dat hij zodanig veilig en beschermd is gekleed, dat hij daarmede elk hondengeweld kan weerstaan en daardoor elke op hem afgestuurde hond negatief kan beïnvloeden. Hij realiseert zich, dat deze kleding volkomen afwijkend is van de dagelijkse politiepraktijk. De helper draagt zoveel mogelijk zorg, dat hij alle honden op dezelfde wijze tegemoet treedt en behandelt. Keuringsreglement surveillancehond

55 Verzorging en bescherming. De helper stelt zich beschikbaar tot het doen uitoefenen van geweld door de hond op zijn beschermende kleding, totdat de keuringscommissie zich een duidelijk oordeel over de verrichtingen van de hond heeft kunnen vormen. De helper is bij de daarvoor in aanmerking komende oefeningen gekleed in het zogenaamde bijtpak (leer+jutte) of het Franse pak. Het pak moet donker of naturel van kleur zijn Tevens dient de helper hoge stevige schoenen te dragen De helper dient te beschikken over een geldige medische verklaring ten aanzien van deze werkzaamheden. De verklaring mag niet ouder zijn dan één jaar. De helper draagt zorg, dat hij tijdig aanwezig is. Alvorens de helper zich in het leren, jutte -of franse bijtpak kleedt, draagt hij zorg: Dat hij niet teveel heeft gegeten of gedronken, dit gelet op zijn helperstaak. Dat hij eerst - indien nodig - naar het toilet is geweest. Dat hij zich van horloges, ringen en andere kostbare en /of gevaarlijke hulpmiddelen heeft ontdaan Richtlijnen Algemeen. De helper mag voor geen enkele hond, en bij geen enkele oefening angst tonen. De helper vraagt, voordat hij aan een oefening begint, naar de instructie van de keuringscommissie m.b.t. de wijze van optreden / handelen. In alle daartoe in aanmerking komende oefeningen gedraagt de helper zich naar de aanwijzingen van de geleider. De helper laat duidelijk in oefeningen het verschil zien tussen bewegen en stilstaan. De helper is bij de oefening waarbij hij gebeten wordt, gekleed in het zogenaamde "bijtpak". Keuringsreglement surveillancehond

56 Taakdeel 2 Opzoeken en lokaliseren van een persoon De helper bevindt zich op een door de keurmeester aangewezen plaats. Hij houdt zich zo stil als mogelijk. Op de sommaties van de geleider reageert hij niet. De helper is bij deze oefening geheel in "burger" gekleed. Nadat de geleider met zijn hond de plaats van uitvoering heeft verlaten kan de helper de keurmeester desgevraagd inlichten of de sommaties hoorbaar waren en of hij iets weet over het gedrag van de hond Taakdeel 3 Aanhouding van een zich met een stok verwerende verdachte. Op een teken van de keurmeester, na het onderdeel surveilleren, komt de helper in het zicht van de surveillerende combinatie. De afstand waarop de helper in het zicht komt is ongeveer 80 meter van de geleider. De helper is in het bezit van een stok en een tas. Hij gedraagt zich verdacht en schichtig. Nadat de geleider hem gesommeerd heeft te blijven staan vlucht hij weg van de geleider en de hond en laat daarbij de tas vallen. Dit wegvluchten dient vlot te gebeuren. Als de hond de helper tot ongeveer 25 meter is genaderd draait de helper zich naar de hond om en loopt in gewone pas - in een rechte lijn - naar de hond toe. Hij tracht met enkele dreigende commando s en de stok omhoog de hond van zijn aanval af te brengen. Als de hond hem aanvalt geeft hij de hond, in zijn aanval, een draaglijke stokslag over de rug. Als de helper de stokslag geeft staat hij even stil. Als de hond op het pak heeft ingebeten draait de helper zich om en loopt vlot (ongeveer 3 a 4 passen) in de richting van de geleider af. Hierna blijft hij stilstaan en draait front in de richting van de geleider en volgt dan alle aanwijzingen van de geleider op. Als de hond, om reden, niet heeft ingebeten op het pak, gaat de helper, indien mogelijk, voor de 2 e keer dreigend - in een rechte lijn - tegen de hond in teneinde hem een andermaal van zijn aanval af te houden. Bijt de hond nu wel dan loopt de helper vlot (ongeveer 3 a 4 passen) in de richting van de geleider af. Bijt de hond weer niet herhaald de helper nog eens de dreiging (3 e keer) enz.. Als de hond nu niet inbijt op het pak vlucht de helper weg van de geleider en de hond. Als de helper de stokslag gegeven heeft (ongeacht of hij de hond heeft geraakt) mag hij dit niet nog eens doen. De 2 e aanval wordt opnieuw door de helper ingezet, zodra de hond zich hersteld heeft van de gemiste aanval. Nadat hij aan de kleding is onderzocht zal hem door de geleider een richting aan worden gewezen waarin hij op een rustige manier moet lopen. De geleider volgt hem met de hond op ongeveer 2 meter. Op ongeveer 2 meter van de gereedstaande dienstauto laat de geleider de helper halt houden. Keuringsreglement surveillancehond

57 De geleider laat zijn hond ter bewaking bij de helper achter. De geleider loopt hierna naar de dienstauto en opent een portier. Dan moet de helper een vluchtpoging doen. Dit vluchten moet op energieke wijze en van de geleider af gebeuren in de richting vanwaar hij gekomen is. Voordat de helper vlucht probeert hij eerst de plek van de bewakende hond te ontdekken. Het vluchten geschied in een kleine draai en van de hond af. Als de hond op het pak inbijt loopt hij nog na 3 a 4 passen, blijft dan stilstaan en maakt front naar de geleider. De helper vlucht als een portier van de dienstauto geopend wordt en hij op dat moment niet wordt gebeten door de hond. Wordt het autoportier niet geopend dan vlucht de helper na een teken van een keurmeester. In de voorkomende gevallen houdt hij zich ook aan de aanwijzingen door de keurmeester gegeven. Hij houdt daartoe zichtcontact met een keurmeester Aanhouding van gewapende verdachte Op een teken van de keurmeester komt de helper in het zicht van de surveillerende combinatie. De afstand waarop de helper in het zicht komt is ongeveer 80 meter. De helper is in het bezit van een alarmrevolver kaliber 9 mm en een werpvoorwerp (plastic jerrycan ± 5 liter) Zodra de helper in het zicht van de combinatie is gekomen vuurt hij een schot af in de richting van de geleider en hond. Hierna vlucht hij weg van de geleider en de hond. Dit vluchten dient vlot te gebeuren. Bij deze oefening wordt hij niet gesommeerd te blijven staan. Indien de hond na inzet de helper tot ongeveer 35 meter genaderd is vuurt hij nogmaals een schot af in de richting van de hond. De helper blijft na het 2 e schot het vuurwapen vasthouden. Na het 2 e schot, de hond is dan tot op 25/30 meter de helper genaderd (snelheid van de hond) gooit hij bovenhands het voorwerp in de richting van de hond. De helper maakt tijdens het gooien zoveel mogelijk front naar de hond en draagt er zorg voor dat hij de hond niet raakt (het voorwerp mag zowel links als rechts van de hond gegooid worden) Na dit werpen loopt hij tegenovergesteld aan de hond weg. Hij zorgt ervoor dat de hond zowel rechts als links op het pak kan inbijten. Hij bied de hond niet opzichtig een arm aan. Als de hond op het pak inbijt loopt de helper nog 3 a 4 passen en blijft dan stil staan. Hij maakt daarbij front richting geleider en volgt alle aanwijzingen van de geleider op. Mist de hond de aanval dan loopt de helper, zodra de hond zich hersteld heeft, door totdat de hond inbijt. Na het commando van de geleider om het vuurwapen neer te leggen voldoet hij daaraan en doet dan - al of niet op commando van de geleider - 2 passen achteruit teneinde de geleider enige ruimte te geven het wapen veilig te stellen. (indien de hond niet meer bijt geen passen achteruit, ook niet op co geleider) Na onderzoek aan de kleding wordt hem door de geleider medegedeeld dat hij in de richting van het dienstvoertuig dient te lopen. De geleider volgt met zijn hond de helper op ongeveer 2 meter. Op een afstand van ongeveer 2 meter van de gereedstaande dienstauto laat de geleider de helper halt houden. Keuringsreglement surveillancehond

58 Schijnstellen De geleider laat zijn hond ter bewaking bij de helper achter. De geleider opent een deur van de dienstauto en gaat dan terug naar de helper en hond. Tijdens het naderen (als de geleider binnen zijn bereik komt) valt de helper de geleider aan.(ook als het portier niet geopend is door de geleider) Indien de hond de helper bijt geeft deze zijn verzet op en blijft stil staan met het front in de richting van de geleider. De helper valt de geleider niet aan als hij op het moment dat de geleider, binnen zijn bereik komt, wordt gebeten door de hond. In de voorkomende gevallen houdt hij zich aan de aanwijzingen gegeven door de keurmeester. Hij houdt daartoe zichtcontact met een keurmeester De helper komt op een teken van de keurmeester in het zicht van de surveillerende combinatie. De afstand waarop de helper in het zicht komt is ongeveer 80 meter. Aan de door de geleider gegeven sommaties wordt niet voldaan. De helper vlucht vlot in de richting tegenovergesteld aan de combinatie. De helper is bij deze oefening niet gewapend. Als de hond de helper op ongeveer 30 meter genaderd is draait de helper zich (op een teken van de keurmeester) in de richting van de hond en blijft zo stil als mogelijk staan. Na onderzoek aan de kleding door de geleider wijst deze de helper de richting aan waarin hij moet lopen. De geleider en zijn hond volgen de helper op ongeveer 2 meter. Op ongeveer 2 meter van de gereedstaande dienstauto laat de geleider de helper halt houden. De geleider laat zijn hond ter bewaking bij de helper achter. De geleider loopt hierna naar de dienstauto en opent een portier. Hierna moet de helper een vluchtpoging doen. Dit vluchten moet op energieke wijze en van de geleider af gebeuren in de richting vanwaar hij gekomen is. Voordat de helper vlucht probeert hij eerst de plek van de bewakende hond te ontdekken. Het vluchten geschied in een kleine draai en van de hond af. Als de hond op het pak inbijt loopt hij nog na 3 a 4 passen, blijft dan stilstaan en maakt front naar de geleider. De helper vlucht als een portier van de dienstauto geopend wordt en hij op dat moment niet wordt gebeten door de hond. Wordt het autoportier niet geopend dan vlucht de helper na een teken van een keurmeester. In de voorkomende gevallen houdt hij zich ook aan de aanwijzingen door de keurmeester gegeven. Hij houdt daartoe zichtcontact met een keurmeester Terugroepen van de achtervolgende hond De helper komt op een teken van de keurmeester in het zicht van de surveillerende combinatie. De afstand waarop de helper in het zicht komt is ongeveer 80 meter. Nadat de geleider de helper gesommeerd heeft te blijven staan vlucht de helper vlot weg in de richting tegenovergesteld aan die van de combinatie. Keuringsreglement surveillancehond

59 Nadat de geleider de hond het commando tot terugkeren heeft gegeven gaat de helper over in de normale pas. Als de hond bij de geleider is teruggekeerd gaat de helper terug naar zijn uitgangspositie. In de voorkomende gevallen houdt de helper zich aan de aanwijzingen van de keurmeester Aanhouding verdachte op gladde vloer De helper bevindt zich op een gladde vloer. Op het moment dat de geleider met zijn hond de locatie betreden pakt de helper een slagwapen en uit enkele zware bedreigingen tegen de geleider. De helper nadert de geleider, indien de ruimte dit toelaat, dreigend tot 5 meter. De afstand voor de aanval van de hond moet minimaal 5 meter bedragen. Is de ruimte kleiner uit de helper zijn dreigingen stilstaand. Aan de door de geleider gegeven sommaties voldoet de helper niet. De geleider zet hierna zijn aangelijnde hond in. De helper geeft nu dreigende commando s naar de hond teneinde deze van zijn aanval af te brengen en gaat indien de hond op het pak inbijt stil staan. Indien de hond ontwijkt blijft hij dreigen naar de hond. De helper tracht de hond op te vangen op zijn linker onder arm welke hij op het moment van de aanval aanbied. De hond mag ook bijten op het been. In de voorkomende gevallen houdt hij zich aan de aanwijzingen gegeven door de keurmeester. Nadat de aanwijzingen van de geleider zijn opgevolgd wijst deze de helper de richting aan waarin hij moet lopen. De geleider en zijn aangelijnde hond volgen de helper op ongeveer 2 meter. Op een teken van de keurmeester laat de geleider de helper halt houden. De geleider en zijn hond blijven ter bewaking bij de helper tot de keurmeester een teken heeft gegeven aan de geleider waarna de oefening is beëindigt. Keuringsreglement surveillancehond

60 7. OPLEIDINGEN Doelgroep Inhoud Leerdoelen Toetsing Beoordeling Duur Aantal deelnemers Aandachtspunten Methodiek Aanvulling op punt 7. Opleidingen. Uitleg waarderings methodiek: Keuringsreglement surveillancehond

61 Opleidingen 7.1 DOELGROEP 7.2 INHOUD Degene die door de diverse Regiokorpsen zijn aangemeld voor de opleiding keurmeester / helper bij het Keuringsinstituut en voldoen aan de aanstellingseisen. Basistheorie Regelgeving Keuringsreglement Richtlijnen helpers 7.3 LEERDOELEN : Basisvaardigheden verwerven die noodzakelijk zijn voor het uitoefenen van de functie van keurmeester / helper politiesurveillancehonden Na de opleiding is de keurmeester vaardig in: Het attent en vakkundig afnemen van examens; Kennis van de regelgeving Politiesurveillancehonden; Kennis van de richtlijnen voor de helpers Na de opleiding is de helper vaardig in: Het technisch assisteren van een keuringscommissie; Het testen van honden Kennis van de richtlijnen voor de helpers 7.4 TOETSING KEURMEESTER Het examen keurmeester politiesurveillancehond bestaat uit: Een schriftelijk theorie-examen; Een praktijkexamen. Het theorie-examen bestaat uit 2 delen: De klassikaal ingevulde staten tijdens de theoriedagen. De 2 staten ingevuld tijdens het theorie-examen op de 5 e cursus dag. Het praktijkexamen bestaat uit: Het zelfstandig keuren en waarderen van ten minste 6 honden tijdens 2 (stage) keuringsdagen. Op deze dagen moet het volledige programma surveillancehond worden afgewerkt. Keuringsreglement surveillancehond

62 7.5. Het theorie examen Het theorie-examen bestaat uit 2 delen: De klassikaal ingevulde staten tijdens de theoriedagen. De 2 examenstaten ingevuld tijdens het theorie-examen op de 5 e cursus dag De kandidaat is geslaagd als hij gemiddeld 70% of meer van het totale aantal punten heeft behaald uit 3 ingevulde staten tijdens de theoriedagen en de 2 ingevulde staten tijdens het examen. Tevens dient uit de 2 examenstaten gemiddeld 70% of meer van het totale aantal punten behaald te worden en in deze 2 staten zullen niet meer dan 3 technische verbandfouten gemaakt mogen worden Het praktijk examen De kandidaat mag aan het praktijkexamen deelnemen als hij is geslaagd voor het theorie-examen. Voor het praktijkexamen zijn de beoordelingsnormen en waarderingen zoals hieronder vermeld staan van toepassing. De kandidaat is geslaagd als hij 70% of meer van het totale aantal punten heeft behaald en niet meer dan 2 technische verbandfouten heeft gemaakt 7.7. Het herexamen De kandidaat mag in het totaal 2 keer een theorie-examen en 2 keer een praktijkexamen keurmeester afleggen. Wanneer een kandidaat niet slaagt voor het praktijkexamen keurmeester mag hij dit examen één keer overdoen. Het afgelegde theorie-examen blijft hiervoor geldig. 7.8 TOETSINGSCRITERIA: Voor de keurmeester: 70 % behalen in theorie controle testen 70 % behalen op elk van de stagedagen op een keuring Voor de helper: Conditioneel een goede indruk Het testen van de honden dient degelijk uitgevoerd te worden 70 % behalen in de theorietoets 7.9 DUUR OPLEIDING: Voor de keurmeester: 5 theorie controle testen 3 praktische oefendagen 2 stages op een officiële keuring Voor de helper: 2 begeleidingsdagen 1 praktische testdag Keuringsreglement surveillancehond

63 7.10 AANTAL DEELNEMERS Bij voldoende deelname zal er in het 1 e en 4 e kwartaal van het jaar een opleiding gehouden worden 7.11 AANDACHTSPUNTEN Keurmeesters en helpers zijn: bezoldigd of buitengewoon opsporingsambtenaar; ruime en recente praktische ervaring in relevante dressuur; TOETSING HELPER De toetsing van de helper bestaat uit de volgende onderdelen: Begeleiding in praktisch oefenen 4 honden testen in taak 3 Theorietoets over de richtlijnen voor helpers uit het Keuringsreglement AANSTELLING: De aanstelling van keurmeesters en helpers geschiedt door de commissie van Rijksgecommitteerde METHODIEK: Jaarlijks worden personen door de vergadering van Rijksgecommitteerden aangesteld, die een opleiding en /of begeleiding verzorgen en testen afnemen Tijdens de opleiding wordt de volgende opleidingsvorm gebruikt: Voor de keurmeester Zelfstudie De leerstof uit het Keuringsreglement wordt thuis, dmv toegestuurde taken, gemaakt. Groepsgewijs Het maken van een theoretische controletoets, welke klassikaal wordt nagekeken en behandeld Vragen uurtje Voor de helper Zelfstudie Het praktisch pakwerk dient op een aanvaardbaar niveau te zijn om in aanmerking te komen voor de begeleiding. Het leren van de richtlijnen voor helpers uit het Keuringreglement Begeleiding Het doen van pakwerk met advies Keuringsreglement surveillancehond

64 8. Uitleg waarderings methodiek toetsing keurmeester De puntenstaat heeft 69 onderdelen. Elk onderdeel krijgt voor de beoordeling 5 pnt. Dit zijn totaal 345 pnt. (= 100 %) per puntenstaat. 70 % = 242 pnt. We onderscheiden: Verschilfouten ( 1 verschilfout = 1 fout). Voorgeschreven waarderingsfouten ( 1 voorgeschreven waarderingsfout = 10 fouten) Technische verbandfouten ( 1 technische verbandfout = 20 fouten). Voor zowel de puntenstaten als voor het praktijkexamen zijn de beoordelingsnormen zoals hierna vermeld van toepassing: Verschilfouten: Als verschilfouten worden waarderingsafwijkingen aangemerkt. Waarderingsafwijkingen ontstaan doordat een kandidaat een onderdeel onjuist beoordeelt waardoor - om technische redenen - andere onderdelen in de betreffende oefening lager of hoger moeten worden gewaardeerd, zullen niet als verschilfouten worden aangemerkt. Voorgeschreven waarderingsfouten: Als voorgeschreven waarderingsfouten worden aangemerkt, waarderingen die het keuringsreglement voorschrijft, maar op een onjuiste wijze, op een onderdeel van een oefening, worden toegepast. Waarderingsfouten mogen niet tevens als verschilfouten worden aangemerkt. Technische verbandfouten: Als technische verbandfouten worden aangemerkt, waarderingsafwijkingen ontstaan door een foute toepassing van de in het keuringsreglement voorgeschreven technische verbanden. Met een technische verbandfout wordt gelijkgesteld de niet juist toegepaste aftrek op het onderdeel van een oefening die zou moeten leiden tot het niet beoordelen van deze gehele oefening afwijzing. de niet juist toegepaste aftrek op het onderdeel van een oefening dat leidt tot een foute technische waardering. Technische verbandfouten mogen niet tevens als verschilfouten worden aangemerkt. In alle gevallen, waarin dit reglement niet voorziet, beslist de commissie rijksgecommitteerden. Deze beslissing zal bindend zijn. De nadruk tijdens een opleiding ligt op het uitvoeren van het gestelde in het Keuringsreglement en het verkrijgen van vaardigheden. Keuringsreglement surveillancehond

65 Keuringsreglement surveillancehond

66 Keuringsreglement surveillancehond

Regeling politiehonden 1

Regeling politiehonden 1 Regeling politiehonden 1 De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Handelende in overeenstemming met de Minister van Justitie; Gelet op artikel 49 van de Politiewet 1993; Besluit: Paragraaf

Nadere informatie

AFDELING I: Uitleg Keurmeester (Km): De Km geeft uitleg over wijze waarop de volgoefeningen uitgevoerd dienen te worden.

AFDELING I: Uitleg Keurmeester (Km): De Km geeft uitleg over wijze waarop de volgoefeningen uitgevoerd dienen te worden. AFDELING I: A. Volgoefeningen: Doelstelling: De combinatie dient in staat te zijn een surveillance uit te voeren. Algemeen: Alle oefeningen beginnen- en eindigen bij de Km; Het volgen dient te geschieden

Nadere informatie

AFDELING I: Uitleg Keurmeester (Km): De Km geeft uitleg over wijze waarop de volgoefeningen uitgevoerd dienen te worden.

AFDELING I: Uitleg Keurmeester (Km): De Km geeft uitleg over wijze waarop de volgoefeningen uitgevoerd dienen te worden. AFDELING I: A. Volgoefeningen: Doelstelling: De combinatie dient in staat te zijn een surveillance uit te voeren. Algemeen: Alle oefeningen beginnen- en eindigen bij de Km; Het volgen dient te geschieden

Nadere informatie

Bijlage 7 bij de Regeling politiehonden KEURINGSREGLEMENT AOE-HOND

Bijlage 7 bij de Regeling politiehonden KEURINGSREGLEMENT AOE-HOND Bijlage 7 bij de Regeling politiehonden KEURINGSREGLEMENT AOE-HOND Keuringsreglement AOE-hond 2008 KEURINGSREGLEMENT...1 AOE-HOND...1 INHOUDSOPGAVE...5 I ALGEMEEN...6 1. BEGRIPSBEPALINGEN...7 2. DOELSTELLING...7

Nadere informatie

KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND BRANDVERSNELLENDE MIDDELEN

KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND BRANDVERSNELLENDE MIDDELEN Bijlage 4 bij de Regeling politiehonden. KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND BRANDVERSNELLENDE MIDDELEN VOORWOORD De politietaak, het praktisch politieoptreden en de eisen die de huidige samenleving aan

Nadere informatie

KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND GELD

KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND GELD Bijlage 6 bij de Regeling politiehonden KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND GELD VOORWOORD De politietaak, het praktisch politieoptreden en de eisen die de huidige samenleving aan de politie met betrekking

Nadere informatie

AFDELING II. A. Zoeken en apporteren/verwijzen van drie voorwerpen

AFDELING II. A. Zoeken en apporteren/verwijzen van drie voorwerpen AFDELING II A. Zoeken en apporteren/verwijzen van drie voorwerpen Doelstelling: De hond moet drie in het terrein achtergelaten voorwerpen met menselijke lucht zoeken en vinden. Voorbrengen: Vijf meter

Nadere informatie

Keuringsreglement. Reddingshonden Versie 2015

Keuringsreglement. Reddingshonden Versie 2015 Keuringsreglement Reddingshonden Versie 2015 1 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE...2 I ALGEMEEN...4 I.1 DOELSTELLING... 4 I.2 CERTIFICAAT... 4 I.3 ALGEMENE BEPALINGEN... 4 Doelstelling...4 Eisen tot toelating

Nadere informatie

KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND VERDOVENDE MIDDELEN

KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND VERDOVENDE MIDDELEN Bijlage 5 bij de Regeling politiehonden KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND VERDOVENDE MIDDELEN VOORWOORD De politietaak, het praktisch politieoptreden en de eisen die de huidige samenleving aan de politie

Nadere informatie

KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907 - Beschermheer: Prof. Mr. Pieter van Vollenhoven

KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907 - Beschermheer: Prof. Mr. Pieter van Vollenhoven KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907 - Beschermheer: Prof. Mr. Pieter van Vollenhoven EISEN KEURINGSTERREINEN POLITIEHOND 1 Eisen voor keuringsterreinen 2007 Politiehond 1 algemeen

Nadere informatie

KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND MENSELIJKE GEUR

KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND MENSELIJKE GEUR Bijlage 1 bij de Regeling politiehonden. KEURINGSREGLEMENT POLITIESPEURHOND MENSELIJKE GEUR VOORWOORD De basis van dit keuringsreglement is het keuringsreglement zoals dat werd opgesteld in 1991. De herzieningen

Nadere informatie

KEURINGSREGLEMENT SPEURHOND EXPLOSIEVEN

KEURINGSREGLEMENT SPEURHOND EXPLOSIEVEN KEURINGSREGLEMENT SPEURHOND EXPLOSIEVEN 1. De geleider dient lid te zijn van de Nederlandse Bond voor de Diensthond, of werkzaam te zijn bij leden van de Bond, e.e.a. als bedoeld in artikel 13 van de statuten.

Nadere informatie

REGLEMENT VOOR HET EXAMEN AFDELINGSHELPER VAN DE AFDELING NOORD BRABANT DER KNPV

REGLEMENT VOOR HET EXAMEN AFDELINGSHELPER VAN DE AFDELING NOORD BRABANT DER KNPV REGLEMENT VOOR HET EXAMEN AFDELINGSHELPER VAN DE AFDELING NOORD BRABANT DER KNPV Inleiding De eisen voor Afdelingshelper en Helper der KNPV zijn identiek. De Afdelingshelper wordt door de Afdeling ingezet

Nadere informatie

Gedrag en Gehoorzaamheid Beginners REGLEMENTEN G&G B. FHN2005v1

Gedrag en Gehoorzaamheid Beginners REGLEMENTEN G&G B. FHN2005v1 REGLEMENTEN G&G B FHN2005v1 REGLEMENTEN G&G BEGINNERS Gedrag & Gehoorzaamheid Beginners ( GGB) Aan het G&G B examen kunnen alleen honden deelnemen die reeds in het bezit zijn van een S.H.H. diploma. Bij

Nadere informatie

KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907 - Beschermheer: Prof. Mr. Pieter van Vollenhoven

KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907 - Beschermheer: Prof. Mr. Pieter van Vollenhoven ~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~ ~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~ KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907

Nadere informatie

Inhoudsopgave: Afdeling 1 Afdeling 3 Afwijkende oefeningen Politiehond 2 Afdeling 1 Afdeling 3 Afwijkende oefeningen Objectbewakingshond Afdeling 2

Inhoudsopgave: Afdeling 1 Afdeling 3 Afwijkende oefeningen Politiehond 2 Afdeling 1 Afdeling 3 Afwijkende oefeningen Objectbewakingshond Afdeling 2 Inhoudsopgave: Voorwoord--------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 3 Reglementen voor het examen helper KNPV------------------------------------------------------------------

Nadere informatie

Proef 1 - Aangelijnd (1a) en los volgen(1b).

Proef 1 - Aangelijnd (1a) en los volgen(1b). Proef 1 - Aangelijnd (1a) en los volgen(1b). Opdracht De hond moet zijn begeleider over een traject van ongeveer 40 meter volgen. Eerst aangelijnd en vervolgens onaangelijnd. De proef start bij pylon A.

Nadere informatie

Besluit bewapening en uitrusting politie

Besluit bewapening en uitrusting politie http://wetten.overheinl/bwbr0032136/geldigheidsdatum_12-09-20.. 1 van 8 02/06/2015 15:30 Besluit bewapening en uitrusting politie (Tekst geldend op: 12-09-2014) Besluit van 13 oktober 2012, houdende regels

Nadere informatie

opleiding BOA Besluit BOA

opleiding BOA Besluit BOA Deze reader geeft een overzicht van de die zijn genoemd, versie juni 2005. Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Artikel 2 De buitengewoon opsporingsambtenaar die beschikt over: a. een titel van opsporingsbevoegdheid,

Nadere informatie

Waak en verdediging P 2

Waak en verdediging P 2 Waak en verdediging P 2 Gemaakt door NVDV vzw op 01/03/2016 Aanval De aanval bij de P 2 moet los gebeuren. De begeleider en de hond nemen plaats achter een gemerkt punt of een lijn. Hun positie is maximum

Nadere informatie

Waak en verdediging P 2

Waak en verdediging P 2 Waak en verdediging P 2 Gemaakt door NVDV vzw op 23-01-2017 Aanval De aanval bij de P 2 moet los gebeuren. De begeleider en de hond nemen plaats achter een gemerkt punt of een lijn. Hun positie is maximum

Nadere informatie

Artikel 3. Artikel 4. Artikel 5

Artikel 3. Artikel 4. Artikel 5 UITGAVE januari 2008 KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907 Beschermheer: Mr. Pieter van Vollenhoven Afdeling Utrecht Reglement voor Demonstraties, Oefendagen en Wedstrijden Hoofdstuk

Nadere informatie

Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon

Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon JU Regeling toetsing geweldsbeheersing opsporingsambtenaar Regeling van de Minister van Justitie d.d. 27 november 2003, kenmerk 5255744/503/CBK, houdende vaststelling van bepalingen inzake toetsing van

Nadere informatie

KNPV. Keuringsreglement. Programma. Objectbewakingshond

KNPV. Keuringsreglement. Programma. Objectbewakingshond Keuringsreglement Programma Objectbewakingshond Inhoudsopgave 2 Hoofdstuk 1 : Bepalingen met betrekking tot de deelname aan een keuring 5 Hoofdstuk 2 : Bepalingen met betrekking tot de keurmeesters, de

Nadere informatie

KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907 - Beschermheer: Prof. Mr. Pieter van Vollenhoven

KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907 - Beschermheer: Prof. Mr. Pieter van Vollenhoven KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907 - Beschermheer: Prof. Mr. Pieter van Vollenhoven BASISCERTIFICAAT Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Bepalingen met betrekking tot de deelname aan

Nadere informatie

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~ KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~ KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING ~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~ ~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~ KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Opgericht 1907

Nadere informatie

Gemeentewet. Hoofdstuk IX. De bevoegdheid van de raad. Artikel 151b

Gemeentewet. Hoofdstuk IX. De bevoegdheid van de raad. Artikel 151b Verruiming fouilleerbevoegdheden, versie 6 april 2011 internetconsultatie: de relevante bepalingen van de huidige Gemeentewet en Wet wapens en munitie en van de toekomstige Politiewet 201x, met daarin

Nadere informatie

- 60 punten: a) niet inbijten, volgt richtlijnen niet.

- 60 punten: a) niet inbijten, volgt richtlijnen niet. Waak en verdediging P 1 Gemaakt door NVDV vzw op 23-01-2017 Aanval De aanval bij de P 1 moet volledig los gebeuren. De begeleider en de hond nemen plaats achter een gemerkt punt of een lijn. Hun positie

Nadere informatie

EXAMEN REGLEMENT Algemene bepalingen Vlaktezoeken levend Vlaktezoeken dood-levend Puinzoeken Waterzoeken

EXAMEN REGLEMENT Algemene bepalingen Vlaktezoeken levend Vlaktezoeken dood-levend Puinzoeken Waterzoeken EXAMEN REGLEMENT Algemene bepalingen Vlaktezoeken levend Vlaktezoeken dood-levend Puinzoeken Waterzoeken Examenreglement SIN januari 2011 Pagina 1 van 15 Algemene bepalingen 1. Aanmeldingen voor het SIN

Nadere informatie

EXAMENREGLEMENT VLAKTEZOEKEN LEVEND

EXAMENREGLEMENT VLAKTEZOEKEN LEVEND EXAMEN REGLEMENT 2019 STICHTING INZE ET REDDINGSHOND NEDERLAND EXAMENREGLEMENT Begrippen: SO = Vermiste persoon. Keuringscommissie = De keuringscommissie bestaat uit 2 Sin keurmeesters of 1 Sin keurmeester

Nadere informatie

Op de voordracht van Onze Minister van Veiligheid en Justitie, in overeenstemming met Onze Minister van Defensie;

Op de voordracht van Onze Minister van Veiligheid en Justitie, in overeenstemming met Onze Minister van Defensie; Besluit van, houdende wijziging van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren in verband met de herziening van de geweldsmelding Op de voordracht van

Nadere informatie

FHN Reglementen. Speuren Speurhond 1

FHN Reglementen. Speuren Speurhond 1 FHN Reglementen Speuren Speurhond 1 Speuren SH1 versie 2011 Speurhond 1 Om tot dit examen te worden toegelaten moet de hond in bezit zijn van het Speur Certificaat 3. Het spoor van circa 1000 passen wordt

Nadere informatie

520.Basisopleiding Graad 1.

520.Basisopleiding Graad 1. 520.Basisopleiding Graad 1. A. Geschiktheidtest. De honden dienen voor het begin van de proef een test te ondergaan. Ze komen in groep op het terrein, stellen zich op in rechte lijn en dan volgt de geschiktheidtest,

Nadere informatie

Commissie Werkhonden Ingesteld door de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland

Commissie Werkhonden Ingesteld door de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland Commissie Werkhonden Ingesteld door de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland Secretaris: G. Besselink Oeverstraat 12 7011 CH Gaanderen Tel. 0315-325665 e-mail: [email protected] website:

Nadere informatie

KNPV. Keuringsreglement. Programma Politiehond - 2

KNPV. Keuringsreglement. Programma Politiehond - 2 2 Keuringsreglement Programma Politiehond - 2 Inhoudsopgave 3 Hoofdstuk 1: Bepalingen met betrekking tot de deelname aan een keuring 5 Hoofdstuk 2: Bepalingen met betrekking tot de keurmeesters, de helpers

Nadere informatie

FHN Reglementen. Speuren Speurcertificaat 1

FHN Reglementen. Speuren Speurcertificaat 1 FHN Reglementen Speuren Speurcertificaat 1 Speuren SC1 versie 2012 Speur Certificaat 1 Om tot het examen Speurcertificaat 1 te worden toegelaten moet de hond ouder zijn dan 12 maanden De keurmeester bepaalt

Nadere informatie

Tijdsduur Minimaal 3 maanden waarbij er 3 maandelijks een overgang wordt afgenomen. Training 2x per week 45 minuten.

Tijdsduur Minimaal 3 maanden waarbij er 3 maandelijks een overgang wordt afgenomen. Training 2x per week 45 minuten. B1- Groep Doelgroep Honden die de A-groep met goed gevolg hebben afgelegd. Honden die van een andere vereniging zijn overgekomen en beschikken over een bepaald niveau. Tijdsduur Minimaal 3 maanden waarbij

Nadere informatie

EXAMEN REGLEMENT. Algemene bepalingen SIN examens Vlaktezoeken levend Vlaktezoeken dood-levend Puinzoeken Waterzoeken

EXAMEN REGLEMENT. Algemene bepalingen SIN examens Vlaktezoeken levend Vlaktezoeken dood-levend Puinzoeken Waterzoeken EXAMEN REGLEMENT Algemene bepalingen SIN examens Vlaktezoeken levend Vlaktezoeken dood-levend Puinzoeken Waterzoeken Examenreglement SIN maart 2017 Pagina 1 van 15 Algemene bepalingen SIN examens 1. Aanmelden

Nadere informatie

KNPV Keuringsreglement. Programma Politiehond - 1

KNPV Keuringsreglement. Programma Politiehond - 1 1 Keuringsreglement Programma Politiehond - 1 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 : Bepalingen met betrekking tot de deelname aan een keuring 5 Hoofdstuk 2 : Bepalingen met betrekking tot de keurmeesters, de helpers

Nadere informatie

Handboek voor Helpers PH1

Handboek voor Helpers PH1 Afdeling Limburg Handboek voor Helpers PH1 1 Beste Lezer, Voor U het Handboek voor Helpers De bedoeling van dit boek is om als leidraad te gebruiken bij de opleiding van nieuwe helpers. Het is ook een

Nadere informatie

EXAMEN REGLEMENT Vlaktezoeken dood-levend Puinzoeken Waterzoeken

EXAMEN REGLEMENT Vlaktezoeken dood-levend Puinzoeken Waterzoeken EXAMEN REGLEMENT Vlaktezoeken dood-levend Puinzoeken Waterzoeken Examenreglement SIN januari 2018 Pagina 1 van 11 Vlaktezoeken dood/levend DOEL Het opzoeken en het verwijzen van 2 liggende/zittende OVERLEDEN

Nadere informatie

PROEF BREVET ASSISTENT RINGWEDSTRIJDEN THEORETISCH GEDEELTE - VRAGEN

PROEF BREVET ASSISTENT RINGWEDSTRIJDEN THEORETISCH GEDEELTE - VRAGEN KKUSH SECTIE 1B PROEF BREVET ASSISTENT RINGWEDSTRIJDEN THEORETISCH GEDEELTE - VRAGEN A. AANVALLEN 1. Wanneer is voor een assistent de aanvalsoefening afgelopen? Wanneer de oefening door de keurders met

Nadere informatie

REGLEMENT VOOR HET EXAMEN KEURMEESTER KNPV POLITIEHOND 1 en 2 en OBJECTBEWAKING

REGLEMENT VOOR HET EXAMEN KEURMEESTER KNPV POLITIEHOND 1 en 2 en OBJECTBEWAKING KNPV Examenreglement Keurmeester PH1, PH2 en Objectbewakingshond REGLEMENT VOOR HET EXAMEN KEURMEESTER KNPV POLITIEHOND 1 en 2 en OBJECTBEWAKING Als lid van de KNPV heeft men de mogelijkheid om keurmeester

Nadere informatie

De Minister van Justitie, Gelet op artikel 3a van de Wet wapens en munitie; Besluit:

De Minister van Justitie, Gelet op artikel 3a van de Wet wapens en munitie; Besluit: Regeling van de Minister van Justitie d.d. 16 december 2004, kenmerk 5325373/504/CBK houdende vaststelling van bepalingen inzake toetsing van buitengewoon opsporingsambtenaren terzake van geweldsbeheersing,

Nadere informatie

FHN. Gedrag en Gehoorzaamheid GGB. Versie: 2016

FHN. Gedrag en Gehoorzaamheid GGB. Versie: 2016 FHN Gedrag en Gehoorzaamheid GGB Versie: 2016 INHOUDSOPGAVE ALGEMEEN... 3 PROGRAMMA VAN EISEN... 3 1. Gedrag ten aanzien van andere honden... 4 2. Blijven liggen 2 minuten in zicht... 4 3. Volgen aan de

Nadere informatie

KNPV keuringsreglement PH 2

KNPV keuringsreglement PH 2 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Bepalingen met betrekking tot de deelname aan een keuring.. 4 Hoofdstuk 2: Bepalingen met betrekking tot de keurmeesters, de helpers en de leider 9 Hoofdstuk 3: Bepalingen met

Nadere informatie

Elementaire Gehoorzaamheid. Examenreglement

Elementaire Gehoorzaamheid. Examenreglement Elementaire Gehoorzaamheid Examenreglement Kringgroep Dordrecht e.o. van de Nederlandse Boxerclub 2012 Examenreglement Elementaire Gehoorzaamheid Kringgroep Dordrecht van de NBC Doelstelling en reglement

Nadere informatie

FHN REGLEMENT. Gedrag en Gehoorzaamheid GG1. Versie: 2016

FHN REGLEMENT. Gedrag en Gehoorzaamheid GG1. Versie: 2016 FHN REGLEMENT Gedrag en Gehoorzaamheid GG1 Versie: 2016 INHOUDSOPGAVE 1. PROGRAMMA VAN EISEN... 4 1. Gedrag ten aanzien van andere honden... 4 2. Blijven zitten één (1) minuut in zicht... 4 3. Blijven

Nadere informatie

FHN REGLEMENT. Gedrag en Gehoorzaamheid GG2. Versie: 2016

FHN REGLEMENT. Gedrag en Gehoorzaamheid GG2. Versie: 2016 FHN REGLEMENT Gedrag en Gehoorzaamheid GG2 Versie: 2016 INHOUDSOPGAVE 1. PROGRAMMA VAN EISEN... 4 1. Blijven zitten twee (2) minuten uit zicht... 4 2. Blijven liggen, vier (4) minuten uit zicht... 5 3.

Nadere informatie

Cursus Voortgezette Elementaire Gehoorzaamheid ( V.E.G.)

Cursus Voortgezette Elementaire Gehoorzaamheid ( V.E.G.) Cursus Voortgezette Elementaire Gehoorzaamheid ( V.E.G.) www.fredriet.nl versie 4-2008 1 Inleiding Welkom bij de Voortgezette Elementaire Gehoorzaamheid training van Hondentrainingscentrum Fred Riet. Het

Nadere informatie

Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon opsporingsambtenaar 2005

Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon opsporingsambtenaar 2005 JU Regeling toetsing geweldsbeheersing 2005 Regeling van de Minister van Justitie d.d. 16 december 2004, nr. 5325373/504/CBK, houdende vaststelling van bepalingen inzake toetsing van opsporingsambtenaren

Nadere informatie

Zuchttaugglichkeitsprufung. - De Boxer moet minstens 12 mnd. oud zijn op de dag van de keuring.

Zuchttaugglichkeitsprufung. - De Boxer moet minstens 12 mnd. oud zijn op de dag van de keuring. Zuchttaugglichkeitsprufung Zuchttauglichkeitsprufung Z.T.P De Z.T.P. beoogt een nauwkeurige beoordeling van het karakter van de Boxer en gelijktijdig de beoordeling van de raskenmerken in alle details.

Nadere informatie

Om tot dit examen te worden toegelaten moet de hond in het bezit zijn van VZH/BH.

Om tot dit examen te worden toegelaten moet de hond in het bezit zijn van VZH/BH. Speurhond-I (SpH-I) Om tot dit examen te worden toegelaten moet de hond in het bezit zijn van VZH/BH. Circa 1200 passen, 7 spoorgedeelten, 6 hoeken, 4 voorwerpen. Circa 180 min oud vreemd spoor. Verleidingsspoor

Nadere informatie

UITVOERINGSREGELS KYNOLOGISCHE OPLEIDINGEN

UITVOERINGSREGELS KYNOLOGISCHE OPLEIDINGEN UITVOERINGSREGELS KYNOLOGISCHE OPLEIDINGEN Uitvoeringsregels voor: de organisatie en uitvoering van kynologische opleidingen en examens georganiseerd door de Raad van Beheer al dan niet in samenwerking

Nadere informatie

Bepalingen met betrekking tot de wedstrijden en de demonstraties 9

Bepalingen met betrekking tot de wedstrijden en de demonstraties 9 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Bepalingen met betrekking tot de deelname aan een keuring 4 Het doel van de keuring 4 Eisen voor toelating tot de keuring 4 Lidmaatschap 4 Loopse honden 4 Aanmelding voor een

Nadere informatie

REGLEMENT VOOR HET EXAMEN AFDELINGSHELPER VAN DE AFDELING NOORD BRABANT DER KNPV

REGLEMENT VOOR HET EXAMEN AFDELINGSHELPER VAN DE AFDELING NOORD BRABANT DER KNPV REGLEMENT VOOR HET EXAMEN AFDELINGSHELPER VAN DE AFDELING NOORD BRABANT DER KNPV 1.INLEIDING Eenieder die aan de onder punt 2 vermelde voorwaarden voldoet kan Afdelingshelper van de Afdeling Noord - Brabant

Nadere informatie

Rapport. Een onverwachte wending. Een onderzoek naar geweldgebruik door een hondengeleider. Oordeel

Rapport. Een onverwachte wending. Een onderzoek naar geweldgebruik door een hondengeleider. Oordeel Rapport Een onverwachte wending Een onderzoek naar geweldgebruik door een hondengeleider. Oordeel Op basis van het onderzoek vindt de klacht over de politiechef van de regionale eenheid Zeeland-West-Brabant

Nadere informatie

Afdeling B - Gehoorzaamheid IGP 1, 2 en 3. Algemene bepalingen: Verplichte eisen

Afdeling B - Gehoorzaamheid IGP 1, 2 en 3. Algemene bepalingen: Verplichte eisen Afdeling B - Gehoorzaamheid IGP 1, 2 en 3 Algemene bepalingen: Verplichte eisen Voor het begin van het examen moet de keurmeester de in het IGP reglement voorgeschreven materialen op hun geschiktheid onderzoeken.

Nadere informatie

WEDSTRIJDREGLEMENT. Algemeen:

WEDSTRIJDREGLEMENT. Algemeen: WEDSTRIJDREGLEMENT VAN DE KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Algemeen: Jaarlijks worden door het hoofdbestuur van de KNPV de Nationale kampioenswedstrijden politiehond 1, politiehond 2, objectbewakingshond

Nadere informatie

FHN Reglementen. Gedrag & Gehoorzaamheid GG2

FHN Reglementen. Gedrag & Gehoorzaamheid GG2 FHN Reglementen Gedrag & Gehoorzaamheid GG2 Gedrag & Gehoorzaamheid GG2 versie 2012 REGLEMENTEN GG2 Voor zover niet anders bepaald, zijn de algemene bepalingen voor GG examens, kwalificatie- en kampioenschapwedstrijden

Nadere informatie

Gedrag en Gehoorzaamheid GG1

Gedrag en Gehoorzaamheid GG1 Gedrag en Gehoorzaamheid GG1 Versie 2007v1 REGLEMENTEN GG 1. Voor zover niet anders bepaald, zijn de algemene bepalingen voor GG examens, kwalificatie- en kampioenschapwedstrijden van toepassing op GG1

Nadere informatie

KNPV Certificaat Objectbewakingshond

KNPV Certificaat Objectbewakingshond Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Bepalingen met betrekking tot de deelname aan een keuring......... 4 Hoofdstuk 2: Bepalingen met betrekking tot de keurmeesters, de helpers en de leider.... 9 Hoofdstuk 3: Bepalingen

Nadere informatie

Examenreglement. Keurmeester Politiehond 1 Keurmeester Politiehond 2 Keurmeester Objectbewakingshond

Examenreglement. Keurmeester Politiehond 1 Keurmeester Politiehond 2 Keurmeester Objectbewakingshond Koninklijke Nederlandse Politiehond Vereniging opgericht 1907 - Beschermheer Prof.mr. Pieter van Vollenhoven Examenreglement Keurmeester Politiehond 1 Keurmeester Politiehond 2 Keurmeester Objectbewakingshond

Nadere informatie

KNPV Certificaat: Speuren, Sorteren, Puinzoeken, Vlakterevieren.

KNPV Certificaat: Speuren, Sorteren, Puinzoeken, Vlakterevieren. Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Bepalingen met betrekking tot deelname aan een keuring.. 4 Hoofdstuk 2: Bepalingen met betrekking tot de keurmeesters, de spoorlegger(s), het/de slachtoffer(s) en de leider...

Nadere informatie

Samenwerkingsovereenkomst Buitengewoon Opsporing Ambtenaren Domein III Onderwijs (Leerplicht) gemeenten Enschede, Losser, Oldenzaal, Dinkelland

Samenwerkingsovereenkomst Buitengewoon Opsporing Ambtenaren Domein III Onderwijs (Leerplicht) gemeenten Enschede, Losser, Oldenzaal, Dinkelland Samenwerkingsovereenkomst Buitengewoon Opsporing Ambtenaren Domein III Onderwijs (Leerplicht) gemeenten Enschede, Losser, Oldenzaal, Dinkelland Partijen: De burgemeesters van de navolgende gemeenten: 1.

Nadere informatie

Benoeming, beëdiging en bewapening buitengewoon opsporingsambtenaar

Benoeming, beëdiging en bewapening buitengewoon opsporingsambtenaar Benoeming, beëdiging en bewapening buitengewoon opsporingsambtenaar JU Circulaire Onderdeel: Directie Opsporingsbeleid Contactpersoon: C.H. Schrijver Doorkiesnummer(s): 070-370 68 22 Datum: 20 oktober

Nadere informatie

Wijzigingen: AB 2000 no. 11; AB 2004 no. 47; AB 2010 no. 17; AB 2011 no. 41 ====================================================================

Wijzigingen: AB 2000 no. 11; AB 2004 no. 47; AB 2010 no. 17; AB 2011 no. 41 ==================================================================== Intitulé : LANDSBESLUIT, houdende algemene maatregelen, ter uitvoering van de artikelen 10, vierde lid, 16, derde lid, en 17 van de Landsverordening wegverkeer (AB 1997 no. 18) Citeertitel: Landsbesluit

Nadere informatie

KNPV keuringsreglement PH 1

KNPV keuringsreglement PH 1 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Bepalingen met betrekking tot de deelname aan een keuring.. 4 Hoofdstuk 2: Bepalingen met betrekking tot de keurmeesters, de helpers en de leider... 9 Hoofdstuk 3: Bepalingen

Nadere informatie

Uitvoeringsprotocol MAG-test. (Bijlage Reglement MAG test)

Uitvoeringsprotocol MAG-test. (Bijlage Reglement MAG test) Uitvoeringsprotocol MAG-test (Bijlage Reglement MAG test) Januari 2019 INHOUD MAATSCHAPPELIJK AANVAARDBAAR GEDRAG-TEST 2 INLEIDING ALGEMEEN. 2 TESTONDERDELEN MET DE GELEIDER. 3 Testonderdeel 1 kennismaking

Nadere informatie

Wet op de bijzondere opsporingsdiensten Geldend van t/m heden

Wet op de bijzondere opsporingsdiensten Geldend van t/m heden Wet op de bijzondere opsporingsdiensten Geldend van 01-01-2013 t/m heden Wet van 29 mei 2006 tot vaststelling van regels met betrekking tot de bijzondere opsporingsdiensten en de instelling van het functioneel

Nadere informatie

FHN Reglement. Gedrag en Gehoorzaamheid GG3. Versie: 2016

FHN Reglement. Gedrag en Gehoorzaamheid GG3. Versie: 2016 FHN Reglement Gedrag en Gehoorzaamheid GG3 Versie: 2016 INHOUDSOPGAVE 1. PROGRAMMA VAN EISEN... 3 1. Blijven zitten twee (2) minuten uit zicht... 3 2. Blijven liggen, vier (4) minuten uit zicht... 4 3.

Nadere informatie

FHN Reglementen. Gedrag & Gehoorzaamheid GG1

FHN Reglementen. Gedrag & Gehoorzaamheid GG1 FHN Reglementen Gedrag & Gehoorzaamheid GG1 Gedrag & Gehoorzaamheid GG1 versie 2012 REGLEMENTEN GG 1 Voor zover niet anders bepaald, zijn de algemene bepalingen voor GG examens, kwalificatie- en kampioenschapwedstrijden

Nadere informatie

KNPV Basiscertificaat Zoekhonden

KNPV Basiscertificaat Zoekhonden Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Bepalingen met betrekking tot de deelname aan een keuring.. 4 Hoofdstuk 2: Bepalingen met betrekking tot de keurmeesters, de spoorlegger(s), het/de slachtoffer(s) en de leider

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 11398 21 juli 2010 Onderlinge regeling houdende kwaliteitseisen, opleidings- en trainingsvereisten politie van Curaçao,

Nadere informatie

Cursus Elementaire Gehoorzaamheid ( E.G.)

Cursus Elementaire Gehoorzaamheid ( E.G.) Cursus Elementaire Gehoorzaamheid ( E.G.) www.fredriet.nl versie 4-2008 Inleiding Welkom bij de Elementaire Gehoorzaamheid (E.G.) training van Hondentrainingscentrum Fred Riet. Het feit dat u nu dit boekje

Nadere informatie

FHN Reglementen. Gedrag & Gehoorzaamheid GGB

FHN Reglementen. Gedrag & Gehoorzaamheid GGB FHN Reglementen Gedrag & Gehoorzaamheid GGB Gedrag & Gehoorzaamheid GGB versie 2012 REGLEMENTEN GG BEGINNERS (GGB) Voor zover niet anders bepaald, zijn de algemene bepalingen voor GG examens, kwalificatie-

Nadere informatie

Leidraad certificaatdagen

Leidraad certificaatdagen Leidraad certificaatdagen Inleiding De jachtcommissie SUN heeft de taak het stimuleren van de jachteigenschappen van spaniels door: - het houden van instructiedagen - het organiseren van diplomadagen c.q.

Nadere informatie

KNPV Certificaat Toetsing Objectbewakingshond

KNPV Certificaat Toetsing Objectbewakingshond KNPV Certificaat Toetsing Objectbewakingshond Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Bepalingen met betrekking tot de deelname aan een keuring 4 Hoofdstuk 2: Bepalingen met betrekking tot de keurmeesters, de helpers

Nadere informatie

1. In de eerste volzin vervalt:, bedoeld in artikel 1, derde lid, van de Politiewet 1993,.

1. In de eerste volzin vervalt:, bedoeld in artikel 1, derde lid, van de Politiewet 1993,. Artikel PM1 A.4 Bijlage 4 De Wet veiligheidsregio s wordt als volgt gewijzigd: A In artikel 1 wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van het artikel door een puntkomma, toegevoegd korpschef:

Nadere informatie

WEDSTRIJDREGLEMENT van de

WEDSTRIJDREGLEMENT van de WEDSTRIJDREGLEMENT van de KONINKLIJKE NEDERLANDSE POLITIEHOND VERENIGING Jaarlijks worden door het hoofdbestuur van de KNPV de nationale kampioenswedstrijden politiehond 1, politiehond 2, objectbewakingshond

Nadere informatie

Voorts klaagt verzoeker erover dat deze politieambtenaren hem ongepaste vragen hebben gesteld.

Voorts klaagt verzoeker erover dat deze politieambtenaren hem ongepaste vragen hebben gesteld. Rapport 2 h2>klacht Verzoeker klaagt erover dat hij zonder gegronde reden in de nacht van 1 op 2 april 2009 is staande gehouden door ambtenaren van het regionale politiekorps Kennemerland. Voorts klaagt

Nadere informatie

Datum inwerkingtreding: 14 november 2017 (hiermee vervallen alle voorgaande versies van dit reglement)

Datum inwerkingtreding: 14 november 2017 (hiermee vervallen alle voorgaande versies van dit reglement) REGLEMENT voor het afnemen van het examen BEVOEGDHEIDSVERLENGING KEURMEESTER CARAVAN EN CAMPER zoals bedoeld In de Branchetoetsdocumenten Bevoegdheidsverlenging Keurmeester Caravan en Camper. Goedgekeurd

Nadere informatie

FHN Reglementen. Gedrag & Gehoorzaamheid GG3

FHN Reglementen. Gedrag & Gehoorzaamheid GG3 FHN Reglementen Gedrag & Gehoorzaamheid GG3 Gedrag & Gehoorzaamheid GG3 versie 2012 REGLEMENTEN GG3 Voor zover niet anders bepaald, zijn de algemene bepalingen voor GG examens, kwalificatie- en kampioenschapwedstrijden

Nadere informatie

Overgangsexamen van B naar C April 2012

Overgangsexamen van B naar C April 2012 Om te slagen moet de hond minstens 50% behalen op elke oefening, en 70% in het totaal. Je hebt recht op 2 herkansingen, doch niet op één en dezelfde oefening. Er wordt NIET met de lange lijn gewerkt. Honden

Nadere informatie

KNPV Basiscertificaat Speurhonden

KNPV Basiscertificaat Speurhonden Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Bepalingen met betrekking tot de deelname aan een keuring.. 4 Hoofdstuk 2: Bepalingen met betrekking tot de keurmeesters, de helper(s) speurhonden en de leider. 8 Hoofdstuk 3:

Nadere informatie