Proefdieren in de wetenschap VU & VUmc
|
|
|
- Gert Martens
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Proefdieren in de wetenschap VU & VUmc jaarverslag dierproeven 2013 De VU en VUmc doen onderzoek met behulp van proefdieren. Dat gebeurt met zeer goede redenen en op een verantwoorde manier. Over het gebruik van proefdieren voor wetenschappelijk onderzoek is tegenwoordig veel te doen, maar er is weinig feitelijke informatie over te vinden. Code Openheid Dierproeven In 2008 hebben VU en VUmc de Code Openheid Dierproeven ondertekend. Een werkgroep is vervolgens aan de slag gegaan met de uitvoering. Om een zo breed mogelijk publiek te bedienen, staat informatie over het hoe, wat en waarom van dierproeven op de websites van VU en VUmc. Een deel van deze informatie wordt aangeboden in dit jaarverslag. Wat is nu precies een proefdier? Dat is een levend, gewerveld dier. Dus een vis, amfibie, reptiel, vogel of zoogdier. Voorbeelden zijn een muis, een rat, een konijn, een kip of een geit. Overigens vormen muizen en ratten de overgrote meerderheid van de proefdieren. In 2013 zijn in Nederland ruim proefdieren gebruikt, waaronder ruim muizen en ratten. 1 We noemen een dier een proefdier als het wordt gebruikt voor (wetenschappelijk) onderzoek en als er een risico bestaat dat het dier daardoor ongerief ervaart. Ongerief kan pijn zijn, maar het is breder dan dat. Het is het gemakkelijkst ongerief te zien als het omgekeerde van welzijn of welbevinden. Kortom, een dier is een proefdier als het wordt gebruikt voor onderzoek en daarbij de kans loopt zich onprettig te voelen, pijn te hebben of te sterven. Belangenafweging Een dier pijn bezorgen of doodmaken is natuurlijk nogal wat. Dat doe je als onderzoeker niet zomaar, daar moet wel iets erg belangrijks, een groter doel tegenover staan. Daarom mogen dierproeven alleen plaatsvinden als er absoluut geen andere mogelijkheid is. De noodzaak van het onderzoek moet duidelijk zijn. Er is sprake van een belangenafweging. Aan de ene kant staat het belang van het proefdier en aan de andere kant het belang van het onderzoek. Voor iedere dierproef moet een gespecialiseerde commissie, de Dierexperimentencommissie (DEC), toetsen of het belang van het onderzoek opweegt tegen het gebruik van de proefdieren en hun ongerief. Bij de belangenafweging maakt de DEC onderscheid tussen wetenschappelijke en maatschappelijke belangen: Bij wetenschappelijke belangen valt te denken aan hoe de informatie die met de dierproef wordt verzameld kan bijdragen aan de verdere groei van belangrijke kennis. Bij maatschappelijke belangen valt te denken aan de baat die de samenleving heeft bij de uitkomsten van de dierproef. Daarvan is bijvoorbeeld sprake als een dierproef een stap vormt op de weg die leidt tot de ontwikkeling van een nieuw medicijn of een nieuwe therapie. Onderzoek Binnen de VU en VUmc worden proefdieren alleen gebruikt voor biologisch en medisch onderzoek. Het gaat dan bijvoorbeeld om onderzoek naar de werking van de hersenen of het immuunsysteem of naar ziektes zoals kanker of multiple sclerose. Het is belangrijk om dergelijk onderzoek te doen om meer te weten te komen over hoe het lichaam functioneert, hoe bepaalde ziektes ontstaan en hoe ze (hopelijk) behandeld en genezen kunnen worden. De kennis van het menselijk lichaam en de 1 Bron: Zo doende
2 behandelingsmogelijkheden voor veel aandoeningen zijn de afgelopen jaren steeds verder gegroeid en verbeterd. Maar we zijn er nog niet. Voor veel aandoeningen zijn nog geen geschikte, succesvolle behandelmethoden bekend, of zijn de behandelingen niet bij alle patiënten effectief. Als we als maatschappij ook voor die aandoeningen (betere) behandelingen willen vinden is verder onderzoek essentieel. En helaas zijn dierproeven op dit moment nog onmisbaar voor veel van dit biomedische onderzoek. Onderwijs en training Op zeer beperkte schaal worden proefdieren ingezet voor het onderwijs aan biomedische studenten en de training van medisch specialisten, onderzoekers en biotechnici. Hoewel voor het overgrote deel van het onderwijs tegenwoordig gebruik kan worden gemaakt van alternatieve methoden, zoals computersimulaties, bestaat er voor enkele specifieke onderdelen van de opleiding nog geen volwaardig alternatief. Voor het oefenen van ingewikkelde operaties en dergelijke kunnen we op dit moment evenmin zonder proefdieren. Ook dierproeven ten behoeve van onderwijs en training worden vooraf getoetst door de DEC. Alternatieven Iedere dierproef wordt altijd vooraf op deze drie criteria beoordeeld, ook wel de de 3 V's worden genoemd: Vervanging: het is bij wet vastgelegd dat een onderzoeker alleen een proefdier mag gebruiken als hij op geen enkele andere wijze antwoord kan krijgen op de onderzoeksvraag. Dus als er de keuze is tussen een dierproef of een andere techniek om iets uit te zoeken, dan moet de andere techniek worden gebruikt. Deze andere techniek vervangt dan de dierproef. Vermindering: met vermindering wordt bedoeld dat een dierproef altijd moet worden gedaan met zo min mogelijk dieren. Verfijning: verfijning houdt in dat de dierproef zo moet worden opgezet dat het proefdier het minste ongerief heeft. Dierproeven vervangen door andere methoden, dat is wat we willen en daar wordt aan gewerkt. Er is nog veel meer onderzoek nodig naar alternatieven. Voor veel soorten onderzoek zijn dierproeven op dit moment helaas nog de enige beschikbare optie. Zorgvuldigheid De 3 V's zijn een onderdeel van de zorgvuldige omgang met proefdieren. De VU en VUmc vinden dat bij proefdierenonderzoek er niet alleen wettelijke maar ook morele verplichtingen zijn om aan zo hoog mogelijke zorgvuldigheidseisen te voldoen. Dat geldt ook voor de huisvesting en de verzorging van proefdieren. De VU en VUmc beschikken over moderne dierverblijven, waar goed opgeleid personeel de proefdieren verzorgt en dierproeven uitvoert. Wetenschappers moeten een speciale cursus proefdierkunde volgen voor zij dierproeven mogen doen. Verder is er grondig toezicht op dierproeven en de uitvoering ervan. Intern door de proefdierdeskundige, een specialist op het gebied van proefdieren en dierproeven, die onderzoekers adviseert over de optimale uitvoering van dierproeven. Daarnaast houdt ook de overheid toezicht. Inspecteurs bezoeken regelmatig de proefdierverblijven en controleren of aan alle wettelijke regels en eisen wordt voldaan. Conclusie Zo lang biomedisch onderzoek nodig is en dierproeven nog niet vervangen kunnen worden door proefdiervrije alternatieven, moeten deze zo zorgvuldig mogelijk worden uitgevoerd. VU en VUmc zien het als hun taak om niet alleen in het onderzoek zelf, maar juist ook in de zorgvuldige omgang met dieren een vooraanstaande rol te spelen. 2
3 Dierexperimentencommissie Als een onderzoeker een dierproef wil doen, dan mag dat niet zomaar. Hij of zij moet daarvoor eerst toestemming krijgen van de dierexperimentencommissie (DEC). De DEC beoordeelt of het belang van het onderzoek opweegt tegen het gebruik van het benodigde aantal dieren, en het ongerief waarmee de dieren tijdens de proef te maken krijgen. Voortraject Voordat een onderzoeker al dan niet toestemming krijgt om de dierproef te doen, moet er het een en ander gebeuren. Het begint met het formuleren van de vraagstelling van het onderzoek. Wat wil de onderzoeker precies uitzoeken? (In de praktijk van wetenschappelijk onderzoek komt de vraag voort uit een onderzoekshypothese, die weer is gebaseerd op voorafgaand onderzoek en/of op publicaties van andere wetenschappers.) Als de onderzoeksvraag duidelijk is, moet de onderzoeker eerst uitzoeken of voor het beantwoorden ervan echt een dierproef noodzakelijk is. Misschien is het bijvoorbeeld mogelijk om de vraag te beantwoorden met onderzoek in vitro, aan een gekweekte cellijn. Als er een dergelijk alternatief voor een dierproef bestaat, mag de onderzoeker geen dierproef doen. (Dit staat in de Wet op de dierproeven, artikel 10.1a.) Er is dan sprake van vervanging. In dat geval wordt het onderzoek dus niet eens aan de DEC aangeboden, aangezien er geen sprake is van een dierproef. Als er echter geen vervanging mogelijk is, zal de onderzoeker een dierproef moeten doen om de onderzoeksvraag te beantwoorden. Hij of zij moet dan de meest geschikte proefopzet bedenken. Hierbij komen twee andere vormen van alternatieven in het spel, namelijk vermindering en verfijning. Ook deze alternatieven zijn bij wet verplicht. Vermindering houdt in dat de onderzoeker verplicht is om te kiezen voor een dierproef waarbij zo min mogelijk dieren nodig zijn. Verfijning houdt in dat de onderzoeker de proef zo moet opzetten dat de dieren zo min mogelijk pijn of ander ongerief ervaren. Als de onderzoeker de optimale proefopzet voor de dierproef heeft bedacht, moet deze in detail worden opgeschreven, zodat de DEC de dierproef kan beoordelen. De onderzoeker gebruikt hiervoor een speciaal formulier. In het formulier staat onder andere beschreven wat het doel van de dierproef is, waarom vervanging niet mogelijk is, hoeveel dieren er nodig zijn, wat er met de dieren gebeurt, welke mate van ongerief voor de dieren wordt verwacht, wat de belangen van het onderzoek zijn, en nog vele andere details. Het formulier kan echter nog niet naar de DEC. Eerst moet het worden beoordeeld en goedgekeurd door de wetenschapscommissie. De wetenschapscommissie kijkt specifiek naar de vraagstelling en de proefopzet van het onderzoek. Centrale vragen daarbij zijn: Is de onderzoekshypothese wetenschappelijk relevant en up-to-date? Geeft de voorgestelde dierproef een antwoord op de onderzoeksvraag? Met andere woorden, is het onderzoek van goede wetenschappelijke kwaliteit? Behandeling Als de wetenschapscommissie het onderzoek heeft goedgekeurd, stuurt de onderzoeker het formulier naar de DEC. De DEC en de proefdierdeskundige bespreken het onderzoeksvoorstel vervolgens gezamenlijk. Het is de DEC die uiteindelijk een afweging moet maken, maar de proefdierdeskundige speelt als inhoudsdeskundige een grote rol en adviseert de DEC over de technische en proefdierkundige kanten van de dierproef. Bij de behandeling van het onderzoeksvoorstel let de DEC onder andere op de volgende zaken: Doel- en vraagstelling: Is duidelijk waarom de dierproef moet worden gedaan? Wat wil de onderzoeker ermee bereiken? 3
4 Belangen: Wat zijn de (verwachte) wetenschappelijke en maatschappelijke belangen van de dierproef? Levert de proef belangrijke nieuwe kennis op? Leidt deze kennis (op termijn) tot verbetering van de behandeling van een bepaalde ziekte of aandoening? Proefdieren: Is de keuze voor de diersoort (muis, rat, etc.) en het benodigde aantal dieren goed onderbouwd? Proefopzet: Wat wordt er precies met de dieren gedaan? Ongerief: Hoeveel pijn of ander ongerief zullen de dieren ondergaan als gevolg van de proef? Verzorging en toezicht: Hoe worden de dieren gehuisvest en verzorgd? Hoe worden de dieren tijdens de proef in de gaten gehouden? Wat gebeurt er als een dier onverhoopt ziek wordt? Alternatieven: Is het echt niet mogelijk om de dierproef te vervangen? Kan het aantal dieren of het ongerief nog verder worden verminderd? Daarnaast let de DEC nog op diverse administratieve zaken, zoals de bevoegdheid van de onderzoeker en andere betrokkenen bij de dierproef. Zoals uit bovenstaande opsomming al blijkt, verwerkt de DEC veel informatie bij de behandeling van een onderzoeksvoorstel. Een deel daarvan zou beschouwd kunnen worden als een soort kwaliteitscontrole: als niet aan alle gestelde eisen wordt voldaan, mag de dierproef sowieso niet worden uitgevoerd. De hoofdtaak van de DEC is echter het maken van een afweging. De commissie moet beoordelen of het belang van het onderzoek opweegt tegen het gebruik van het benodigde aantal dieren en het verwachte ongerief. Bij de afweging maakt de DEC gebruik van een soort denkbeeldige weegschaal of balans. Om ernstig(er) ongerief en/of relatief grote(re) aantallen proefdieren te kunnen rechtvaardigen, moeten de wetenschappelijke en maatschappelijke belangen van de dierproef ook zwaarder wegen. Zo valt bij een dierproef die gericht is op het ontwikkelen of verbeteren van de behandeling voor een ernstige ziekte meer ongerief te rechtvaardigen dan bij een dierproef voor fundamenteel onderzoek zonder direct aanwijsbare maatschappelijke relevantie. Als de DEC van mening is dat de belangen de dierproef rechtvaardigen, geeft de commissie een zogenaamd positief advies. Met dit advies krijgt de onderzoeker van de vergunninghouder toestemming om de dierproef uit te voeren. Als dat nodig is kunnen bij een advies ook extra voorwaarden worden gesteld, waaraan de onderzoeker zich moet houden. Als de DEC van mening is dat de belangen de dierproef niet rechtvaardigen, kan de commissie in principe een negatief advies geven. In de praktijk komt dit echter zelden of nooit voor. De reden daarvoor is niet dat de DEC niet kritisch is, maar simpelweg dat het onderzoek dat bij de DEC wordt aangemeld van voldoende groot belang is. Dat is op zich natuurlijk niet vreemd, als je bedenkt dat er tegenwoordig in Nederland eigenlijk alleen nog geld wordt uitgegeven aan hoogwaardig onderzoek met een duidelijke maatschappelijke en/of wetenschappelijke relevantie. Verder is het zeker niet zo dat ieder onderzoeksvoorstel direct wordt goedgekeurd. In de praktijk worden over de meeste onderzoeksvoorstellen vragen gesteld aan de onderzoeker, of suggesties voor aanpassingen aan de proefopzet gedaan. Pas als de DEC en de proefdierdeskundige er van overtuigd zijn dat alle benodigde informatie beschikbaar is en dat de proefopzet voor de dierproef absoluut optimaal is, zal de commissie een advies geven. Commissie De samenstelling en werkwijze van de DEC zijn bij wet vastgelegd. De DEC bestaat uit tenminste zeven leden. Tenminste drie leden, onder wie de voorzitter, zijn niet in dienst van de vergunninghouder (in dit geval VU of VUmc). Op deze wijze wordt de onafhankelijkheid van de commissie gewaarborgd. 4
5 De DEC bestaat uit personen die deskundig zijn op één of meerdere van de volgende gebieden: Dierproeven Alternatieven voor dierproeven (Vervanging, Vermindering en Verfijning) Proefdieren en hun bescherming Ethische toetsing Bij de vergaderingen van de DEC zijn verder de proefdierdeskundige en de ambtelijk secretaris van de DEC aanwezig. Zij hebben geen stem in de adviezen van de DEC, maar ondersteunen alleen de commissie. De DEC maakt ieder jaar een verslag van de werkzaamheden in het voorafgaande jaar en stuurt dat naar de Minister van VWS en de vergunninghouder (VU/VUmc). De jaarverslagen van de DEC zijn openbaar en te vinden op de websites van VU en VUmc: 5
6 Aantallen proefdieren 2013 In onderstaande tabellen zijn de aantallen dierproeven weergegeven die door VU en VUmc zijn uitgevoerd. (Onder dierproef wordt hier verstaan een experiment met één enkel dier.) Vrije Universiteit Muizen Muizen (transgeen) Ratten Ratten (transgeen) 57 Hamsters Cavia s Konijnen Apen Varkens Geiten 2 1 Amfibieën Vissen Vissen (transgeen) Totaal VU medisch centrum Muizen Muizen (transgeen) Ratten Ratten (transgeen) 16 Hamsters 14 Cavia s Konijnen Apen 3 Varkens Geiten Amfibieën Vissen Vissen (transgeen) Totaal De aantallen dierproeven, en ook de variaties daarin, hangen voornamelijk samen met het aantal onderzoeksprojecten waarvoor in het betreffende jaar proefdieren worden gebruikt. Hierin kunnen, mede afhankelijk van de aard van het onderzoek, van jaar tot jaar grote verschillen optreden. 6
Wat is een dierproef?
Proefdieren Lesoverzicht Wat weet je al? Wat is een dierproef? Waarom worden dierproeven uitgevoerd? Welke dieren zijn proefdieren? Wie controleert dierproeven en hoe? Welke bedrijven doen aan dierproeven?
JAARVERSLAG DIEREXPERIMENTENCOMMISSIE UNIVERSITEIT LEIDEN. Universiteit Leiden
JAARVERSLAG 2011 DIEREXPERIMENTENCOMMISSIE UNIVERSITEIT LEIDEN Universiteit Leiden Inleiding De Dierexperimentencommissie (UDEC) toetst de onderzoeksplannen van de Universiteit Leiden waarbij sprake is
7,4. Keuzeopdracht door een scholier 1316 woorden 25 maart keer beoordeeld. - Wat zijn proefdieren eigenlijk?
Keuzeopdracht door een scholier 1316 woorden 25 maart 2003 7,4 24 keer beoordeeld Vak ANW - Wat zijn proefdieren eigenlijk? Een dierproef is een experiment waarbij (levende) dieren worden gebruikt voor
JAARVERSLAG 2013. Dierexperimentencommissie Beroepsonderwijs Nederland
JAARVERSLAG 2013 Dierexperimentencommissie Beroepsonderwijs Nederland DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC BON DEC
DIERPROEVEN. Zo doen ze dat! EDITIE 2014. Want we willen: Lees hier alles over dierproeven en vorm je eigen mening.
DIERPROEVEN Zo doen ze dat! EDITIE 2014 Dierproeven doe je niet zomaar. Toch zijn ze soms nodig. Strenge regels zorgen ervoor dat je alleen dierproeven kunt doen als het echt niet anders kan. Veel mensen
DIERPROEVEN. Zo doen ze dat! EDITIE 2015. Want we willen: Lees hier alles over dierproeven en vorm je eigen mening.
DIERPROEVEN Zo doen ze dat! EDITIE 2015 Dierproeven doe je niet zomaar. Toch zijn ze soms nodig. Strenge regels zorgen ervoor dat je alleen dierproeven kunt doen als het echt niet anders kan. Veel mensen
dierproeven Zo doen ze dat!
dierproeven Zo doen ze dat! Dierproeven doe je niet zomaar. Er gelden strenge regels die het welzijn van proefdieren moeten beschermen. Ondanks tal van bezwaren, ook bij onderzoekers, doen we dierproeven.
Niet-technische samenvatting Algemene gegevens. 2 Categorie van het project. weefselconstructie, bloedvaten, nierfalen
Niet-technische samenvatting 2015310 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project De invloed van nierfalen op weefselconstructie van bloedvaten 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal 5)
Analisten en proefdieren
Analisten en proefdieren LIMO labdag 5 oktober 2011 Fred Poelma Proefdierdeskundige Universiteit Utrecht en UMC Utrecht 31 oktober 2011 Inhoud presentatie Inleiding Wet op de dierproeven 3 V s Bevoegd
Hoe doen ze dat: een medicijn maken?
Hoe doen ze dat: een medicijn maken? Je neemt vast wel eens iets tegen de hoofdpijn of koorts. En vaak waarschijnlijk zonder er bij na te denken. Maar wist je dat het wel twaalf jaar duurt voordat een
Alternatieven voor dierproeven. dierproeven. Alternatieven voor. dierproeven. Wat zijn dierproeven?
Alternatieven voor Alternatieven voor Jan van der Valk 3V-Centrum ULS / NKCA Dept. Dier in Wetenschap en Maatschappij Fac. Diergeneeskunde Universiteit Utrecht Wat zijn? Alternatieven voor 1 Wat zijn?
1,5 miljoen Fout. Dit is het aantal dierproeven dat in 1978 werd gedaan. In 2008 is het aantal dierproeven gehalveerd naar 580.000.
Quiz over dierproeven Hier kun je alle vragen en antwoorden van de quiz nalezen. Stel de vragen ook eens aan je klasgenoten na afloop van een spreekbeurt of presentatie over dierproeven. Hoe ga je te werk?
Biodistributie, kinetiek, centraal zenuwstelsel, oogziekten, huidaandoeningen
Niet-technische samenvatting 2016788 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Onderzoek naar de biodistributie van nieuwe, op oligonucleotiden gebaseerde, teststoffen voor de behandeling van zeer
JAARVERSLAG 2006. FUNCTIONARIS EX. ART. 14 Wod NVI. (Dierproeven NVI in 2006) Bilthoven, mei 2007
JAARVERSLAG 2006 FUNCTIONARIS EX. ART. 14 Wod NVI (Dierproeven NVI in 2006) Bilthoven, mei 2007 Nederlands Vaccin Instituut (NVI), Bilthoven Jaarverslag 2006 Functionaris ex. art. 14 Wod, N VI ALGEMEEN
Dierexperimenteel jaarverslag 2013
Dierexperimenteel jaarverslag 2013 Inleiding Binnen de Universiteit Leiden wordt veel onderzoek gedaan. Hierbij wordt ook dierexperimenteel onderzoek verricht. De Universiteit is zich bewust van het feit
Galzouten, darmontsteking, leverkanker, ernstig overgewicht, nieuwe therapie
1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project De functie van galzouten in ziekte en gezondheid 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal 5) 5 jaar Galzouten, darmontsteking, leverkanker, ernstig
Dierproeven in Nederland
Nederland is een periodieke uitgave van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Dierproeven in Nederland Jaarlijks worden in Nederland ongeveer 650.000 dierproeven verricht. Deze dierproeven
afweerbalans; virusinfecties in luchtwegen; auto-immuunziektes; ontstekingsziekten
Niet-technische samenvatting 2015322 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Nieuwe behandelmethoden voor schadelijke afweerreacties 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal 5) 5 jaar
Niet-technische samenvatting 2015129. 1 Algemene gegevens. 2 Categorie van het project. 5 jaar.
Niet-technische samenvatting 2015129 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Evaluatie en behandeling van pulmonale arteriële hypertensie. 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal 5)
DIERPROEVEN. Zo doen ze dat! in België. Lees hier alles over dierproeven.
DIERPROEVEN in België Zo doen ze dat! Dierproeven doe je niet zomaar. We doen dierproeven omdat we: willen weten hoe mensen en dieren in elkaar zitten medicijnen willen ontwikkelen ziektes zoals kanker
Vergunninghouder MUMC +
Vergunninghouder MUMC + Proefdierkundig jaarverslag 2011 Proefdierdeskundige MUMC + 23 mei 2012 1 Inhouds opgave 1. Inleiding 2. Te rapporteren zaken 3. Dieren, aantallen en herkomst 4. Betrokken art.
Werkstuk Maatschappijleer Proefdieren
Werkstuk Maatschappijleer Proefdieren Werkstuk door een scholier 2635 woorden 21 november 2006 6,5 134 keer beoordeeld Vak Maatschappijleer Proefdier vrij!!!!!!!!!!!!!! Dierproeven Wat is een dierproef???
Niet-technische samenvatting Algemene gegevens. 2 Categorie van het project
Niet-technische samenvatting 2015246 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Het ontrafelen van de rol die darmflora speelt in het ontstaan van hart- en vaatziekten 1.2 Looptijd van het project 1.3
Niet-technische samenvatting Algemene gegevens. 2 Categorie van het project
Niet-technische samenvatting 2015307 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Nieuwe behandelingen voor gewrichtsschade bij paarden 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal 5) 2015-2020
1 Algemene gegevens. 2 Categorie van het project
1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Het testen van een nieuw calciumfosfaat keramiek met botgroeistimulerende eigenschappen (EpitaxOs) als botvervanger in mond- kaak en aangezichtschirugische
Aanmeldingsformulier voor proeven met gewervelde dieren.
Aanmeldingsformulier voor proeven met gewervelde dieren. Secretariaat DEC Aanvrager: Afdeling: Titel dierproef: Permanente vergunning tot boedafname bij diverse warmbloedige landbouwhuisdieren, 3e verlengingsaanvraag
Gecontroleerde afgifte, ontstekingsremmers, lokale behandeling, vertaling, artrose, rugpijn
1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Medicijnen voor plaatselijke behandeling van rugpijn en artrose 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal 5) 2015-2020 Gecontroleerde afgifte,
Spreekbeurt Nederlands Dierproeven
Spreekbeurt Nederlands Dierproeven Spreekbeurt door een scholier 1553 woorden 31 oktober 2002 7,2 110 keer beoordeeld Vak Nederlands Geschiedenis proefdiergebruik De eerste proeven werden al gedaan rond
Niet-technische samenvatting Algemene gegevens. 2 Categorie van het project. 5 jaar.
Niet-technische samenvatting 2015129-1 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Evaluatie en behandeling van pulmonale arteriële hypertensie. 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal
F Niet-technische samenvatting 2015301
F Niet-technische samenvatting 2015301 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Op naar begrip van en behandeling voor bijniertumoren 1.2 Looptijd van het project 1-12-2015-1-12-2020 1.3 Trefwoorden
1 Algemene gegevens. 2 Categorie van het project
1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Ontwikkelen van een eilandjesbron ten behoeve van transplantatie van geëncapsuleerde eilandjes van Langerhans voor behandeling van diabetes 1.2 Looptijd van
Afweer systeem tegen ziektes, moederlijk hormoon,ontwikkeling, vogels, testosteron
Niet-technische samenvatting 2015311 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Heeft de kwaliteit van het afweer systeem bij de vader een invloed on de kwetsbaarheid van de kinderen voor moederlijk
Afsluitende les. Leerlingenhandleiding. Proefdieren, overbodig of hoognodig?
Afsluitende les Leerlingenhandleiding Proefdieren, overbodig of hoognodig? Inleiding Hoewel bijna iedereen wel een beeld heeft van proefdieren en wat er in het verleden wellicht mee gedaan is, weet bijna
Niet-technische samenvatting 2015134. 1 Algemene gegevens. 2 Categorie van het project. 5 jaar.
Niet-technische samenvatting 2015134 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Evaluatie en behandeling van falen van de rechter hartkamer. 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal 5)
Niet-technische samenvatting 2015245. 1 Algemene gegevens. 2 Categorie van het project
Niet-technische samenvatting 2015245 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project De rol van Nucleaire Hormoon Receptoren in de regulatie van het glucose- en lipidemetabolisme en de ontwikkeling van type
Niet-technische samenvatting Algemene gegevens. 2 Categorie van het project
Niet-technische samenvatting 2016490 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Kleine diermodellen om de oorzaken van artrose te bestuderen 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal 5)
Proefdierkundig verslag. Institutenorganisatie KNAW 2011 2012
Proefdierkundig verslag Institutenorganisatie KNAW 2011 2012 Amsterdam, september 2013 2013 Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) Sommige rechten zijn voorbehouden / Some rights reserved
Niet-technische samenvatting 2015188
Niet-technische samenvatting 2015188 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Hersenverbindingen die betrokken zijn bij (eet)verslaving 1.2 Looptijd van het project 1.3 Trefwoorden (maximaal 5) 5
Verkoudheid; virale infectie; respiratoir syncytieel virus; vaccins; antivirale middelen
Niet-technische samenvatting 2015107 1 Algemene gegevens 1.1 Titel van het project Dierstudies in het kader van ontwikkeling van medicijnen voor het behandelen en voorkomen van virale infecties aan de
Profielen deskundigheden vertegenwoordigd in de DEC. Inleiding
Profielen deskundigheden vertegenwoordigd in de DEC Inleiding De evaluatie van de Wet op de dierproeven (Wod) in 2005 heeft een reeks van acties in gang gezet. Eén van die acties is dat de NVDEC een nadere
gebruik van niet-humane primaten (nhp) als proefdier nut en noodzaak?
gebruik van niet-humane primaten (nhp) als proefdier nut en noodzaak? publiekssamenvatting 2014 Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) Sommige rechten zijn voorbehouden / Some rights
Inventaris Wob-verzoek W15-06
Inventaris Wob-verzoek W15-06 wordt verstrekt weigeringsgronden nr. document reeds openbaar niet geheel deels 10.1.c 10.2.e 10.2.g 11.1 NTS 2015107 Dierstudies virale infecties luchtwegen 1 Aanvraagformulier
ALLES OVER DIERPROEV EN
Wat vind jij van dierproeven? Zijn er alternatieven? ALLES OVER DIERPROEV EN EN Alternatieven Deze informatiebrochure is gemaakt door het 3Rs-Centre Utrecht Life Sciences. Departement Dier in Wetenschap
DIERPROEVEN, PROEFDIEREN EN DE PROEFDIERKUNDE
DIERPROEVEN, PROEFDIEREN EN DE PROEFDIERKUNDE DIERPROEVEN, PROEFDIEREN EN DE PROEFDIERKUNDE Tekst: Heleen van de Weerd (Januari, 1999) Update: Jan van der Valk (5 oktober, 2004) Een uitgave van het: Nationaal
Waarom welzijn? Over de ethiek van diergebruik en de waarde van welzijn
Waarom welzijn? Over de ethiek van diergebruik en de waarde van welzijn Dr. Franck L.B. Meijboom Ethiek Instituut & Faculteit Diergeneeskunde Universiteit Utrecht Welzijn We zijn niet de eerste! Welzijn
Onderwijsprojecten Centrale Dienst Proefdieren 01-10-2010 2jaar
Rijksuniversiteit Groningen Deel project aanvraag projectnummere30 [ Ontvangst: 23-09-2010 Project Aanvrager Naam Organisatie/Eenheid Onderafdeling Ad res Postcode Plaats Telefoon E-mail Vergunninghouder
