Kwartierstaat Visscher Stoel
|
|
|
- Nelly van de Velde
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Kwartierstaat Visscher Stoel door Klaasjan Visscher 1 Versie 11 januari 2016 Generatie I 1. [Probant] Generatie II 2. Marten Visscher, zn. van Marten Visscher en Maria Flierjans, geboren te Spoolde op 31 augustus 1911, groentenhandelaar, wachtmeester bij het 1e regiment huzaren van 1931 tot 1932, belijdenis te Zwolle op 30 maart 1933, brievenbesteller, expediteur, employee 2e klas en magazijnbeheerder bij de PTT te Zwolle, wachtmeester bij het 5e eskadron van het 1e regiment huzaren van 1939 tot 1940, verzetsman, wachtmeester bij de Binnenlandse Strijdkrachten in 1945, 2e luitenant bij het 10e regiment infanterie in 1945, wachtmeester bij het depot pantserwagens van 1946 tot 1947, instructeur van de bewakingskernen bij de PTT vanaf 1967, drager van het oorlogsherinneringskruis met de gesp 'Nederland mei 1940', drager van het ereteken voor bijzondere krijgsbedrijven met de gesp, drager van het herinneringsinsigne Binnenlandse Strijdkrachten , drager van de eremedaille in brons verbonden aan de orde van Oranje-Nassau in 1975, overleden te Zwolle op 31 juli 1984, trouwt te Zwolle op 25 juni 1936 met 3. Klaasje Stoel, dr. van Jan Stoel en Geesje Evertsen, geboren te Staphorst op 23 augustus 1915, leerlinge aan de Gemeentelijke Naaischool te Zwolle van 1929 tot 1931, dienstbode bij de directeur van de PTT te Zwolle, belijdenis te Zwolle op 4 april 1935, overleden te Zwolle op 6 november Generatie III 4. Marten Visscher, zn. van Marten Visscher en Margje Stoffers, geboren te Veecaten op 19 september 1886, spoorwegarbeider, schaalknecht bij de spoorwegen, fietsenmaker, onbezoldigd dienaar van politie te Zwollerkerspel vanaf 1918, wonend aan de Meenteweg in Spoolde, overleden te Spoolde op 20 mei 1946, trouwt te Zwollerkerspel op 12 mei 1910 met 5. Maria Flierjans, dr. van Jan Flierjans en Fennegien Schaatsberg, geboren te Zwolle op 30 januari 1889, dienstbode, overleden te Zwolle op 27 oktober [email protected]. Vragen, aanvullingen en correcties zijn van harte welkom. 1
2 6. Jan Stoel, zn. van N.N. en Klaasje Stoel, geboren te Den Hulst op 21 december 1892, molenaarsknecht, landbouwer, trompetter bij de grenadiers, wachtmeester 1e klas bij de gemeentepolitie te Zwolle, overleden te Zwolle op 10 juni 1979, trouwt te Nieuwleusen op 25 februari 1915 met 7. Geesje Evertsen, dr. van Hendrik Evertsen en Hendrikje Tempelman, geboren te Nieuwleusen op 12 oktober 1893, overleden te Zwolle op 30 maart Generatie IV 8. Marten Visscher, zn. van Jan Visscher en Dirkje Doorneweerd, geboren te Veecaten op 28 januari 1848, visser, overleden te Veecaten op 3 april 1891, trouwt te IJsselmuiden op 31 januari 1876 met 9. Margje Stoffers, dr. van Gerrit Stoffers en Lambertje Boxem, geboren te Oldebroek op 5 december 1850, dienstmeid, overleden te Zwolle (in de Akkerstraat) op 1 juli : Volgens de overlevering is Marten Visscher overleden nadat zijn boot was omgeslagen. Hij wist zich aanvankelijk te redden door in het zeil te springen, maar overleed later aan een longontsteking. 10. Jan Flierjans, zn. van Marten Flierjans en Maria Stegeman, geboren te Zwollerkerspel op 23 september 1865, boerenknecht, pakhuisknecht, landbouwer, overleden te Zwollerkerspel op 18 december 1926, trouwt te Zwolle op 22 november 1888 met 11. Fennegien Schaatsberg, dr. van Hendrik Schaatsberg en Willempje Schaapman, geboren te Harculo op 29 september 1868, overleden te Spoolde op 20 januari : Jan Flierjans, boerenwerker, in 1884 te Zwollerkerspel ingeschreven voor de lichting 1885, is bij loting nr. 33 ten deel gevallen. Hij is door de militieraad vrijgesteld uithoofde van te zijne eenige wettige zoon [Certificaat Nationale Militie]. 12. N.N., mogelijk afkomstig uit Zuidwolde, heeft een relatie met 13. Klaasje Stoel, dr. van Jan Stoel en Hendrikje Ganzeboer, geboren te Den Hulst op 2 oktober 1868, overleden te Nieuwleusen op 2 mei 1930, trouwt te Staphorst op 4 mei 1901 met Klaas Vonder, geboren te Staphorst op 22 februari 1871, landbouwer, sluiswachter, brugwachter, overleden te Avereest op 27 februari
3 14. Hendrik Evertsen, zn. van Mannes Evertsen en Geesje van Meekeren, geboren te Nieuwleusen op 8 mei 1865, landbouwer, veldarbeider, dienstplichtig militair bij het 5e regiment infanterie tussen 1885 en 1889, overleden te Staphorst op 11 september 1939, trouwt (2) te Nieuwleusen op 9 december 1929 met Roelofje Baas, geboren te Avereest rond 1869, overleden te Nieuwleusen op 23 juni 1954, trouwt (1) te Nieuwleusen op 25 augustus 1887 met 15. Hendrikje Tempelman, dr. van Hendrik Willem Tempelman en Aaltje Nagel, geboren te Nieuwleusen op 9 april 1865, overleden te Nieuwleusen op 17 oktober : Hendrik Evertsen, nr , meter lang; ovaal aangezicht, laag voorhoofd, bruine ogen, gewone neus, mond en kin, blond haar, geen merkbare tekenen; gehuwd; den 13 mei 1885 ingedeeld als loteling van de lichting van 1885 uit de gemeente Nieuwleusen onder N 4. Den 30 april 1886 met groot verlof, 13 aug 1888 terug, 15 sept 1888 met groot verlof, 11 nov 1889 terug, 23 nov 1889 met groot verlof. Den 12 mei 1892 met paspoort wegens geeindigden militie diensttijd. Het bewijs van goed gedrag afgegeven [Stamboek 5e regiment infanterie] : Hendrik Evertsen, milicien bij het 5e regiment infanterie, uit Nieuwleusen lichting 1885, krijgt van zijn kolonel, te Nijmegen, toestemming om te trouwen. Hij was op ingelijfd en is bij zijn huwelijk nog dienende [Huwelijksbijlagen]. Generatie V 16. Jan Visscher, zn. van Gerrit Harms Visscher en Marrigje Stevens Meuleman, geboren te Veecaten op 19 mei 1816, visser, landbouwer, overleden te Veecaten op 30 juni 1899, trouwt te Zalk op 6 juli 1844 met 17. Dirkje Doorneweerd, dr. van Gerrit Hermsen Doorneweerd en Grietje Everts Vlesse, geboren te Oldebroek op 10 november 1822, gedoopt te Oldebroek op 24 november 1822, boerenwerkster, overleden te Veecaten op 17 mei : Jan Visscher, visser, is binnen de gemeente Zalk en Veecaten voor de Nationale Militie ingeschreven voor de lichting 1835, waarbij hem lotingsnummer 8 ten deel is gevallen, hetwelk tot heden niet opgeroepen zijnde, hem tot geen dienst heeft verplicht. Signalement: 1 el en 520 strepen lang, bruin haar, blauwe ogen, een rond aangezicht, een ronde kin, laag voorhoofd en een kleine neus [Certificaat Nationale Militie]. 1863: Jan Visscher erft van zijn vader een huis met erf, tuin en bosgrond in Zalk (Sectie A, nrs. 266, 267, 268) [Memorie van Successie]. 18. Gerrit Stoffers, zn. van Klaas Stoffers en Marrigje Martens Kooijman, geboren te Oldebroek op 16 november 1806, landbouwer, militair bij de afdeling kurassiers nr.1 van 1831 tot 1840, 3
4 militair bij het 1e regiment zware dragonders van 1840 tot 1843, overleden te Oldebroek op 20 november 1860, trouwt te Oldebroek op 21 september 1844 met 19. Lambertje Boxem, dr. van Gerrit Berents Boxem en Jantje Alberts, geboren te Veecaten op 7 februari 1815, gedoopt te Wilsum op 12 februari 1815 (wijl men wegens het ijs niet in Zalk kon komen), overleden te Oldebroek op 30 juni : Gerrit Christoffels, stamboeknr. 4379; 1 ellen 7 palmen 6 duimen 5 strepen; Aangezigt blozend, voorhoofd rond, oogen blaauw, neus ordinair, mond middelmatig, kin rond, haar ligtbruin, wenkbraauwen idem, merkbare teekenen een snede over de voorste vinger der linkerhand; op 31 januarij 1840 bij suppressie overgenomen van de afdeling kurassiers nr.1 ingevolge besluit van Z.M. 4 januarij 1840 no.87. Op den 1 april 1831 ingedeeld als milicien voor een tijd van vijf jaren bij de afdeling kurassiers no 1 zijnde plaatsvervanger voor Agter de Molen Helmien van de ligting van 1831 uit de provincie Gelderland gemeente Oldebroek onder no 87. Den 30 oct 1831 overgeg. tot de H. armee voor den tijd van zes jaren ingev. autor. van 't D.V.O. 26 oct 1830 no 29 en kragtens aut 171 der wet van den 18 jan 1817 premie ontv van f 10 =. Den 18 mei 1837 gereëngageerd voor 6 jaren voor handgeld toegestaan f 60. Ingevolge de instructie van het DVO van den 18 april 1836 no 10 als milicien geroijeerd en thans als vrijwilliger aangemerkt. 1832, 1833, 1834 bij het mobiele leger, bij gelegenheid van den opstand in Belgiën. Op den 2 augustus 1840 den bronzen medaille ontvangen met f 6,00 gratificatie ingevolg premie aanschrijving van 15 july Den 31 december 1843 met paspoort, bij expiratie van dienst ingevolge authorisatie DVO dato 27 feruarij 1843 no 1B, gegrond op s Konings besluit dato 21 mei 1821 no 61 [Stamboek 1e regiment zware dragonders] : Gerrit Christoffels, boerenknecht uit Oldebroek, is inschreven voor de Nationale Militie te Oldebroek, waarbij hem nr.101 ten deel is gevallen, hetwelk hem, tot heden niet opgeroepen zijnde, tot geen dienst verplicht [Certificaat Nationale Militie; Huwelijksbijlagen]. 1860: Gerrit Christoffels, dagloner, overleden Oldebroek , gehuwd met Lammertje Boxem, [ ] kinderen, geen memorie [Memorie van Successie; kantoor Elburg; 1860 nr.5029]. 20. Marten Flierjans, zn. van Jan Willems Flierjans en Jennigje Berends Askamp, geboren te Dalfsen op 17 oktober 1840, arbeider, overleden te Zwolle (aan de Deventerstraat) op 17 februari 1907, trouwt (2) te Heerde op 17 mei 1870 met Teune Draaijer, geboren te Heerde rond 1842, overleden te Zwolle op 13 mei 1924, trouwt (1) te Zwollerkerspel op 11 mei 1865 met 21. Maria Stegeman, dr. van Seine Hermans Stegeman en Aaltje Arends Grotenhuis, geboren te Oldeneel op 8 mei 1841, boerenmeid, overleden te Berkum op 29 september : Marten Flierjans, boerenknecht, ingeschreven te Dalfsen in 1859 voor de lichting 1859, is bij de loting nr.52 ten deel gevallen, dat, buiten oproeping gebleven zijnde, hem tot geen dienst heeft verplicht [Certificaat Nationale Militie]. 1865/1868: Marten Flierjans woont in 1865 in Langenholte en in 1868 in Berkum Bruggenhoek : De burgemeester van Dalfsen verklaart dat Marten Flierjans te onvermogend is om de kosten van de huwelijksakten te kunnen betalen [Huwelijksbijlage]. 22. Hendrik Schaatsberg, zn. van Hendrik Teunis Schaatsberg en Marrigje Stevens Timmerman, geboren te Westenholte op 6 maart 1842, boerenknecht, landbouwer, pakhuisknecht, wijnhandelaar, dienstplichtig militair bij het 3e regiment vestingartillerie van 1861 tot 1866, overleden te Zwolle (aan de Ossenkampsweg) op 11 maart 1929, trouwt (2) te Zwolle op 16 maart 1876 met Gerrigje Meulenbelt, geboren te Zwolle rond 1848, overleden te Zwolle op 26 juli 1886, trouwt (3) te Zwolle op 27 januari 1887 met Jansje Stolte, geboren te Ommen rond 1865, overleden te Zwolle op 6 februari 1932, trouwt (1) te Zwollerkerspel op 2 november 1865 met 23. Willempje Schaapman, dr. van Lubbert Roelofs Schaapman en Fennigje Gerrits van Berkum, geboren te Zwolle op 8 april 1847, boerenmeid, overleden te Zwolle (op de Ooster Enk) op 24 september
5 : Hendrik Schaatsberg wordt voor 5 jaar ingelijfd bij het 3e regiment vestingartillerie in Nijmegen. Hij heeft een rond aangezicht, een lang [of laag] voorhoofd, blauwe ogen, een kleine neus, een ronde kin, donkerblond haar en geen merkbare tekenen. Op gaat hij met groot verlof en op krijgt hij een paspoort vanwege geëindigde diensttijd. Hendrik Schaatsberg woont op de Nijstad bij Zwolle, later op de Boerendanserdijk, de Ooster Enk, de Herfterweg en de Ossenkampsweg. 26. Jan Stoel, zn. van Jan Jans Stoel en Klaasje Dirks Seinen, geboren te Staphorst (Rouveensche Huls) op 2 september 1836, landbouwer, scheepsjager, overleden te Den Hulst op 4 februari 1905, trouwt te Nieuwleusen op 16 september 1858 met 27. Hendrikje Ganzeboer, dr. van Klaas Arends Ganzeboer en Gesina Jans Vonder, geboren te Nieuwleusen op 22 augustus 1836, overleden te Den Hulst op 19 november : Jan Stoel, landbouwer, geboren te Staphorst, was binnen de gemeente Nieuwleusen ingeschreven voor de Nationale Militie, waarbij hem nr.23 ten deel was gevallen, waarvoor hij tot op heden niet is opgeroepen, wat hem tot geen dienst verplicht [Certificaat Nationale Militie; Huwelijksbijlagen]. 1859: Gisteren heeft het provinciaal Gerechtshof in Overijssel uitspraak gedaan in de zaak van de dertien Nieuwleusener boeren, beschuldigd van rebellie tegen de rijksveldwachters op 6 mei 1859 gepleegd op de Meele. Het hof heeft ook thans weder, met uitzondering van twee personen, met name Frederik Dekker en Jan Stoel, wier schuld niet bleek, elf dier beschuldigden met verzachtende omstandigheden veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf [ ] [Provinciale Overijsselsche en Zwolse Courant ]. De aanleiding was de aangekondigde verkoop van de Mele, een deel van de Rosengaarder Marke. De commissie van verdeling had de landbouwers in Nieuwleusen, die altijd hun vee op de Mele hadden doen weiden, verboden hun vee hier nog te weiden en had een ander deel van de marke hiervoor aangewezen. De landbouwers wilden zich echter niet onderwerpen, waarop tien rijksveldwachters zich op 5 mei naar de Mele begaven om te trachten de boeren te beletten hun vee hier te drijven, wat wegen overmacht niet lukte. De volgende dag werd het Melerveld door rijksveldwachters onder leiding van de rechter commissaris en de substituut officier van justitie afgezet, waarop enkele honderden mannen en vrouwen, met stokken en schoppen, hun vee voor zich uitdrijvende, zich verzamelden en de dieren het Melerveld opgejoegen. Daarop werd de hulp van militairen ingeroepen. Na enige uren verscheen luitenant van Lijnden met 50 manschappen, waarop de boeren hun vee de weide uitdreven, maar met een honderdtal gewapende boeren achterbleven. De subst. officier van justitie gaf daarop het bevel onderscheidene der aanvoeders aan te houden. Diezelfde avond werden er 8 personen naar het huis van burgerlijke en militaire verzekering in Zwolle overgebracht, de volgende morgen nog 3 anderen. De militaire macht werd vervolgens in Nieuwleusen ingelegerd [Provinciale Zwolse Courant ] 28. Mannes Evertsen, zn. van Gerrit Jan Evertsen en Fenneken Jans Albertsboer, geboren te Ankum op 13 december 1834, boerenwerker, landbouwer, overleden te Nieuwleusen op 24 juli 1894, trouwt (2) te Nieuwleusen op 15 maart 1888 met Maria Smit, geboren te Zwolle rond 1847, overleden te Avereest op 20 juli 1919, trouwt (1) te Nieuwleusen op 25 mei 1861 met 29. Geesje van Meekeren, dr. van Gerrit Jan van Meekeren en Maria Hendrika Voorhorst, geboren te Nieuwleusen op 16 juni 1832, overleden te Nieuwleusen op 18 juli : Mannes Evertsen, boerenwerker uit Dalfsen, is inschreven voor de Nationale Militie te Dalfsen, waarbij hem nr.59 ten deel is gevallen, hetwelk hem, tot heden niet opgeroepen zijnde, tot geen dienst verplicht [Certificaat Nationale Militie; Huwelijksbijlagen]. 30. Hendrik Willem Tempelman, zn. van N.N. en Hendrikje Willems Tempelman, geboren te 5
6 Ankum op 23 november 1833, klompenmaker, landbouwer, overleden te Nieuwleusen op 8 januari 1890, trouwt te Nieuwleusen op 23 januari 1858 met 31. Aaltje Nagel, dr. van Hermannus Hermans Nagel en Hendrikje Jans Velthuis, geboren te Dalfsen op 2 december 1829, dienstmeid, overleden te Nieuwleusen op 21 oktober Volgens de overlevering zou Aaltje Nagel de dochter zijn van de baron van Nagel. Deze baron zou Aaltje hebben verwekt bij zijn dienstbode, met wie hij dan later zou zijn getrouwd. Door deze affaire had hij echter afstand moeten doen van zijn titel. Dat dit verhaal niet klopt moge duidelijk zijn: Aaltjes vader was de dagloner Hermannus Nagel. Als er al enige waarheid in het verhaal schuilt betreft het niet Aaltje, maar haar man Hendrik Willem Tempelman, die een buitenechtelijk kind is. Het is er echter nooit van gekomen dat deze vermeende edelman met de moeder van Hendrik Willem getrouwd is. 1833: Hendrik Willem Tempelman, geboren op om 7 uur 's morgens, te Ankum. Moeder is Hendrikjen Tempelman, arbeiderse te Ankum. Aangevers zijn Arend Hugo, 60 jr, bouwman te Ankum, en Egbert Spijker, 52 jr, dagloner te Ankum [B.S. Dalfsen]. NB Buitenechtelijke kinderen worden vaak naar hun vader vernoemd. De enige Hendrik Willem die in Dalfsen in de Burgerlijke Stand voorkomt is Hendrik Willem Ophoff, zoon van Jacob Ophoff en Hendrica Meijer, landbouwer te Emmen, geboren te Zwolle rond 1793, overleden te Zwolle (ingeschreven te Dalfsen) op , en getrouwd te Dalfsen op met Jennigje Bosch. Er is vooralsnog geen enkel bewijs dat Hendrik Willem Ophoff daadwerkelijk de vader van Hendrik Willem Tempelman is. Generatie VI 32. Gerrit Harms Visscher, zn. van Harm Jans Visscher en Aaltje Wolters, geboren te Veecaten op 1 januari 1792, gedoopt te Zalk op 8 januari 1792 (get: Aaltje Derks, vrouw van Hendrik Gerrits, zv den overleden Gerrit Harms zijnde ook visschers), visser, wonend op de Pol aan de Veecaterdijk, overleden te Veecaten op 12 maart 1863, trouwt te Zalk op 15 juli 1814 met 33. Marrigje Stevens Meuleman, dr. van Steven Goossens Meuleman en Johanna Asjes Linthorst, geboren te 's-heerenbroek op 4 februari 1780, belijdenis te Mastenbroek op 20 mei 1803, met attestatie naar Zalk, overleden te Veecaten op 7 september 1859, trouwt (1) met Hendrikus Hageman, overleden te Veecaten, begraven te Zalk op 8 oktober : Harm Jans Visscher toont het testament van Gerrit Jans, uit Veecaten, overleden op , waarin staat vermeld dat aan de zoon van de comparant, genaamd Gerrit Harms, zich noemende Gerrit Harms Visscher, een stuk land in Westenholte is gelegateerd en het huis waarin de testateur gewoond heeft. In verband met het bereiken van de meerderjarige leeftijd, wordt een en ander nu aan comparants zoon overgedragen [ONA Kampen; not. Verhaagen, akte 46] : Tijdens de watersnood in Overijssel kwam Veecaten diep onder water te staan, hoewel de dijk behouden bleef. De huizen stortten grotendeels in en weinig bleven onbeschadigd; bijna al het vee verdronk. Gerrit Visscher redde samen met K. Koerts, D. van Dijk en W. Bosman Johanna Knol en twee anderen van het dak van het huis van de weduwe Hk. Bastiaan in Veecaten en brachten haar naar de dijk. Het meisje overleed daar aan de ontberingen. Haar twee krankzinnige broers, ook besteed bij de weduwe, waren in het water omgekomen. 'Van de ingezetenen dezer buurschap, welke door hulpvaardigheid hebben uitgemunt, behooren inzonderheid Derk Nieuwbroek, Willem Westra, Gosen Meulman, Jan Warners Stoel en Jan Visscher genoemd worden.' Zij voeren vanaf 3 uur 's ochtends 'moeite noch gevaar ontziende' naar Veecater woningen om gezinnen naar de dijk te brengen en voorzagen anderen, die op hun zolder bleven, van vuur en licht. Zij redden ook een gezin van een wagen die bijna begon te drijven. [J. ter Pelkwijk: Beschrijving van Overijssels watersnood in 1825, p.161]. 1825: Opgave van eerste voorzieningen in Zalk en Veecaten van het herstellen van de door den watersnood beschadigde huizen, schuren, enz, welke eigenaren daar toe niet in staat zijn. Hieronder: Gerrit Visscher, kalk f 4,20, hout f 14, ijzerw[erk] f 2,80, arbeidsloon f 14, samen f 35. In een staat van de commissie voor de noodlijdenden door den watersnood wordt de schade van Gerrit Visscher op f 40 6
7 gesteld [Gemeentearchief Kampen; toegang 13, inv.nr.339]. 1832: Gerrit Herms Visscher, visser te Veecaten, is eigenaar van een huis en erf genaamd de Pol (Zalk, A 268), een tuin (A266) en een perceel bos (A 267) [Kadastrale kaart 1832]. 1863: Gerrit Visscher bezit een huis met erf, tuin en bosgrond in Zalk. Kadastraal zijn dit in sectie A, de nrs. 266 (tuin, 3 roeden 70 el), 267 (bos, 27 roeden 40 el) en 268 (huis en erf, 3 roeden 40 el). Zijn zoon Jan erft dit onroerend goed, alsmede het roerend goed, de inboedel en de schulden. Dochter Janna krijgt f 74,-. Lijfsbehorens, kleding, goud en zilver worden gelijk verdeeld. [Memorie van Successie]. 34. Gerrit Hermsen Doorneweerd, zn. van Harmen Hendriks Doorneweerd en Dirkje Hannis Zoet, geboren te Doornspijk op 19 november 1790, knecht, dagloner, landbouwer, wonend in 't Loo te Oldebroek, overleden te Oldebroek op 25 februari 1864, begraven te Oldebroek (op het gemeente-erf) op 29 februari 1864, trouwt te Oldebroek op 1 mei 1812 met 35. Grietje Everts Vlesse, dr. van Evert Everts Vlesse en Marchje Dries Otten, geboren te Oldebroek op 20 december 1791, overleden te Oldebroek op 21 april 1877, begraven te Oldebroek (op het gemeente-erf) op 25 april : Gerrit Doorneweerd, knecht, geboren op [Registre Civique Oldebroek]. 1825: Gerrit Doornweerd woont in het Mullingerot nr onder Heerde, in een huis waarvan hij zelf eigenaar is. Hij woont daar met zijn vrouw en 3 ongehuwde dochters. Hij bezit 1 koe die ouder dan 2 jaar is [Rotlijsten Oldebroek 1825]. 36. Klaas Stoffers, zn. van Christoffer Gerrits van Steenbergen en Machteld Claes, gedoopt te Vorchten op 5 augustus 1770, landbouwer, overleden te Oldebroek op 11 mei 1820, trouwt te Oldebroek op 12 mei 1805 met 37. Marrigje Martens Kooijman, dr. van Marten Jans Kooijman en Janna Gerrits van Dieren, geboren te Oldebroek op 19 januari 1783, overleden te Oldebroek op 4 april 1843, trouwt (2) te Oldebroek op 9 april 1824 met Herman Achter de Hagen, geboren te Oldebroek op 11 december 1768, bouwman : Claas Stoffersz, j.m. wonende te Oldebroek, gedoopt te Vorgten 13 april 1766 [sic!], trouwt met Marretje Martens Cooijman, j.d. wonende te Oldebroek, geboren in Oldebroek op 19 januarij Getuigen: Attest van de bruidegoms vader Stoffer Gerrits Steenbergen, Marten Jansz Kooijman vader van de bruid. 1ste gebod; 21 dito, 2de gebod; 28 dito, 3de gebod; 5 maij, Solemnisatie; op den 12e meij 1805 alhier te Oldebroek kerkelijk voltrokken [Trouwboek Oldebroek]. 1811: Klaas Stoffers woont in Gerrit Reyers rot (later genoemd het Oosteinder/Lapstreker rot) [Archief gemeentebestuur Oldebroek , invnr. 63] : Klaas Stoffers is op te Oldenbroek overleden en tot zijn dood door de armenkas verpleegd en onderhouden. Zijn nalatenschap heeft geen waarde [Memorie van Successie kantoor Harderwijk, inv.nr.3, nr.140]. 1825: Harmen achter de Hagen, getrouwd met Marrigje Martens Kooijman, weduwe van Klaas Stoffers, is eigenaar van de huizen 105 en 105-k in het Oosterrot in Oldebroek. In één van beide huizen woont hij zelf. Eerder was dit huisnummer eigendom van Marrigjes ouders. Hij bezit 1 paard 5 koeien ouder dan 2 jaar en 3 schapen [Rotlijsten Oldebroek 1825]. 1841: Marrigje Kooiman, verkoop onroerend goed [not. Boonzaaier van Jeveren, nr 2521] : Gerrit Stoffers, in dienst bij het 1e regiment zware dragonders te 's Gravenhage, Gerritje Stoffers, huisvrouw van Gerrit Roelofs van Ommen, landman te Oldebroek, Stoffer Stoffers, landman te Oldebroek, Harmen de Groot, landman te Oldebroek, voogd van Janna en Gerritje Stoffers, kinderen van de overledene, verklaren dat Marrigje Kooiman, weduwe van Harmen Achter de Hagen, eerder weduwe van Klaas Stoffers, te Oldebroek is overleden op (aan de Oostbroekdijk 172). De nalatenschap bestaat uit een huis en schuur te Oldebroek (kad L 856), bouwland en weiland te Oldebroek (kad. L , 907, 952) en te Doornspijk (kad. A 220), in totaal 9 bunder 25 roeden 40 ellen. De kinderen kunnen niet schrijven [Memorie van Successie; kantoor Elburg; 1843 eerste helft, foto 332]. 7
8 38. Gerrit Berents Boxem, zn. van Berent Roelofs en Elisabeth Lubberts, gedoopt te Mastenbroek op 10 juni 1768, landbouwer, overleden te Veecaten op 2 januari 1825, trouwt te Zalk op 24 april 1795 met 39. Jantje Alberts, dr. van Albert Arends en Lammichje Berends, gedoopt te IJsselmuiden op 25 oktober 1772, daghuurderse, boerin, overleden te Mastenbroek op 23 december Jan Willems Flierjans, zn. van Willem Jansen Vlierman en Maria Willems Huisjes, geboren te Magele op 1 juli 1802, daghuurder, fusilier bij de 7e afdeling infanterie van 1822 tot 1827, overleden te Emmen op 7 oktober 1868, trouwt te Dalfsen op 25 november 1836 met 41. Jennigje Berends Askamp, dr. van Berend Berends Askamp en Janna Janssen Brinkman, geboren te Emmen op 12 februari 1809, boerenwerkster, overleden te Emmen op 11 november : Jan Flierjans, nr. 9654; 1 el 5 palmen 6 duimen 7 strepen; aangezigt rond, voorhoofd smal oogen ligtbruin, neus klein, mond dik, kin kort, haar blond, wenbraauwen idem, een lidteken in het linker wenkbraauw; op den 1e meij 1822 ingedeeld als milicien voor den tijd van vijf jaren zijnde loteling van de ligting van het jaar 1822 uit de provincie Overijssel gemeente Den Ham onder nr.5. 1 mey 1822 fusilier. Op 10 maart 1827 gepasporteerd [Stamboek 7e afdeling infanterie] : Jan Flierjans, boerenknecht, binnen Den Ham voor de Nationale Militie ingeschreven voor de lichting 1821 en ingelijfd bij de 7e afdeling infanterie, waar hij voor 5 jaar gediend heeft. Geregistreerd nr [Certificaat Nationale Militie]. 42. Seine Hermans Stegeman, zn. van Hermannus Everts Stegeman en Anna Christina Everts Hollemans, geboren op 7 november 1798 (op 't Scheller tichelwerk), gedoopt te Zwolle op 11 november 1798, daghuurder, landbouwer, wonend te Oldeneel, belijdenis op 2 april 1832, overleden te Zwolle op 12 december 1879, trouwt te Zwollerkerspel op 24 oktober 1835 met 43. Aaltje Arends Grotenhuis, dr. van Arend Janssen Grotenhuis en Antonia Jans Zwarts, gedoopt te Wijhe op 24 april 1808, dienstmeid, wonend in het N.H. bejaardentehuis aan de Deventerstraat te Zwolle vanaf 1879, overleden te Zwolle op 20 juli : Seine Stegeman verklaart onder ede dat hij niet weet in welke plaats zijn grootouders van vaders zijde overleden zijn of waar zij het laatst gewoond hebben [B.S. Huwelijken Zwollerkerspel]. 44. Hendrik Teunis Schaatsberg, zn. van Teunis Hendriks en Lutgertje Hendriks, geboren te Werven op 7 december 1792, gedoopt te Vorchten op 9 december 1792, boerenknecht, daghuurder, brugwachter van de Spoolderbergbrug te Zwolle, overleden te Westenholte op 31 januari 1876, trouwt te Zwollerkerspel op 3 januari 1829 met 45. Marrigje Stevens Timmerman, dr. van Steven Hendriks Timmerman en Hendrikje Gerrits, geboren te Zwolle op 30 april 1796, dienstmaagd, landbouwster, wonend in het N.H. Bejaardentehuis aan de Deventerstraat vanaf 8 september 1877, overleden te Zwolle op 27 september 1880, trouwt (1) te Zwollerkerspel op 12 mei 1823 met Arend Wijnkoop, gedoopt te Zwolle op 6 oktober 1782, timmerman, overleden te Zwollerkerspel op 18 oktober : Gerrit Gerritsen van Leeuwen, 80 jaar, koopman, en Willem Coentjes (?), 78 jaar, dagloner, Berend Meier, justitiedienaar oud 66 jaar, en Berend Koster, kuiper oud 64 jaar, allen wonend te Heerde, verklaren ter instantie van Hendrik Schaatsberg, boerenknecht, dat Teunis Hendriks en Teunis Schaatsberg, ongeveer 36 jaar geleden in Heerde overleden, één en dezelfde persoon was en onder beide namen bekend was. Voorts verklaren zij dat zij gekend hebben Hendrik Klein en Maria Viege, grootouders van moeders zijde van Hendrik Schaatsberg, welke ongeveer 40 jaar geleden in Heerde zijn overleden, en dat voorts Hendrik Teunis en zijn vrouw Maria Jans, grootouders van vaders zijde hen niet bijzonder zijn bekend geweest dan dat dezelven meer dan 8
9 zeventig jaren moeten overleden zijn, terwijl zij daarvan niets anders kunnen opgeven dan dat zij zulks wel hebben horen zeggen [Huwelijksbijlage 1829]. 1856: De Spoolderbergbrug, die vanaf 1856 de verbinding over de Willemsvaart tussen de Veerallee en het Engelse Werk vormde, werd ook wel genoemd 'de brug van Schaatsberg' genoemd [F.C. Berkevelder, Zo was Zwolle rond 1900, p.16]. 46. Lubbert Roelofs Schaapman, zn. van Roelof Everts Schaapman en Willempje Hendriks van der Steege, geboren te Mastenbroek (Hasselerdijk) op 23 juli 1823, veehouder, oliemolenaarsknecht, wonend aan de Hasselerdijk te Mastenbroek, dienstplichtig militair bij het 2e regiment zware dragonders tussen 1842 en 1845, overleden te Zwolle op 7 november 1871, trouwt te Zwollerkerspel op 12 februari 1846 met 47. Fennigje Gerrits van Berkum, dr. van Gerrit Hendriks van Berkum en Geertruid Hendriks Bergkamp, geboren te Zwolle op 7 juli 1823, dienstmeid, overleden te Zwolle op 2 januari : Lubbert Schaapman, stamboeknr. 5172; 1 ellen 6 palmen 7 duimen; voorhoofd plat, ogen bruin, neus dik, mond ordinair, kin ront, haar bruin, merkbare teekenen geene, gehuwd; op 30 april 1842 ingedeeld als milicien voor den tijd van vijf jaren zijnde loteling van de ligting 1842 uit de provincie Overijssel gemeente Zwollerkerspel onder no 37. Reserve. Den 1 juny 1843 in activiteit, onbepaald verlof van 31 dec Den 1 septem 1845 bij het korps terug. 30 septb 1845 met onbepaald verlof. Op den 10 maart 1847 met paspoort wegens werkelijk volbragten dienst, etc. [Stamboek 2e regiment zware dragonders]. 52. Jan Jans Stoel, zn. van Jan Egberts Stoel en Lubbigje Jans Berends, geboren te Zwolle op 6 december 1795, daghuurder, overleden te Staphorst op 5 april 1840, trouwt (1) te Nieuwleusen op 31 december 1821 met Femmigje Gerrits Frijlink, geboren te Nieuwleusen op 28 november 1793, trouwt (2) te Nieuwleusen op 1 december 1830 met 53. Klaasje Dirks Seinen, dr. van Derk Jans Seinen en Marrigje Hendriks, geboren te Ruitenveen op 7 juli 1804, gedoopt te Nieuwleusen op 8 juli 1804, dagloonster, overleden te Nieuwleusen op 27 december Klaas Arends Ganzeboer, zn. van Arend Jans Ganzeboer en Marrigje Jans Kalf, geboren te Ruitenveen op 8 februari 1805, gedoopt te Nieuwleusen op 10 februari 1805, arbeider, landbouwer, fuselier bij het 7e regiment infanterie van 1824 tot 1829, overleden te Avereest op 14 januari 1892, trouwt (2) te Nieuwleusen op 3 februari 1866 met Grietje van der Wolde, dr. van Koop van der Wolde en Grietje Roelofs, geboren te Dalfsen rond 1817, overleden te Avereest op 7 maart 1884, trouwt (1) te Nieuwleusen op 29 oktober 1831 met 55. Gesina Jans Vonder, dr. van Jan Thijs Vonder en Hendrikje Willems, geboren te Nieuwleusen op 20 oktober 1811, overleden te Nieuwleusen op 31 maart : Klaas Ganseboer, nr.11561, zoon van Arend en Marrigje Jans, geboren te Nieuwleusen , laatst gewoond te Nieuwleusen, bij zijne aankomst bij het korps lang 1 el 5 palmen 8 duimen, boerenwerker, vol aangezigt rond voorhoofd, blauwe ogen, gebogen neus, mond ordinair, ronde kin, blonde haren, geen merkbare tekenen, op ingedeeld als milicien voor de tijd van 5 jaar, zijnde een loteling van de ligting van 1824, Nieuwleusen, fuselier, op gepasporteerd [Stamboek 7e regiment infanterie ; familysearch.org] : Klaas Ganzeboer, landbouwer te Nieuwleusen, is binnen de gemeente Nieuwleusen ingeschreven voor de Nationale Militie. Hij is ingelijfd binnen de 7e afdeling Nat. Infanterie, waar hij 5 jaar gediend heeft en behoorlijk ontslagen is [Certificaat Nationale Militie; Huwelijksbijlagen] : Op 2 augustus 1862 zal mr. C.M. van Dedem, notaris te Nieuwleusen en Avereest, publiek verkopen ten huize van Klaas Ganzeboer in den Hulst te Nieuwleusen: 1 paard, 6 koebeesten, 16 schapen, bouw- en melkgereedschap, huisraad, kleeren, enz. Na afloop van de verkoop zal het huis en land, thans bewoond door en in gebruik bij gezegden Ganzeboer, publiek worden verhuurd 9
10 [Provinciale Overijsselsche en Zwolse Courant ]. 56. Gerrit Jan Evertsen, zn. van Evert Gerrits en Geertje Gerrits, geboren te Emmen, gedoopt te Dalfsen op 27 april 1788, boerenwerker, landbouwer, wonend te Ankum, overleden te Welsum op 23 september 1856, trouwt (1) te Dalfsen op 27 april 1816 met Hendrikje Simmers, gedoopt te Dalfsen op 7 november 1773, overleden te Ankum op 6 augustus 1824, trouwt (2) te Dalfsen op 6 mei 1825 met 57. Fenneken Jans Albertsboer, dr. van Jan Albertsboer en Willemina Gerrits van den Berg, geboren te Hellendoorn op 23 mei 1799, dienstmaagd, overleden te Dalfsen op 22 mei Gerrit Jan van Meekeren, zn. van Jurrien Hermannusz van Meekeren en Aaltje Jans van Straten, geboren te Hattem op 21 januari 1808, gedoopt te Hattem op 4 februari 1808, bakker, winkelier, overleden te Nieuwleusen op 15 april 1891, trouwt te Nieuwleusen op 17 januari 1832 met 59. Maria Hendrika Voorhorst, dr. van Lambertus Voorhorst en Geesje Wijnvoorden, geboren te Rouveen op 18 mei 1815, overleden te Nieuwleusen op 17 februari : Gerrit Jan van Meekeren is 1,665 m. lang, heeft blond haar, grijze ogen, een rond aangezicht met een ronde kin, een gewone neus en een kleine mond [Certificaat van de Nationale Militie]. 60. N.N., heeft een relatie met 61. Hendrikje Willems Tempelman, dr. van Willem Hendriks Tempelman en Christina Dirks Boerdam, geboren te Ankum op 28 september 1804, arbeidster, overleden te Nieuwleusen op 10 april 1848, trouwt (2) te Nieuwleusen op 26 november 1836 met Hendrik Jan Westerhof, geboren te Dalfsen rond 1785, daghuurder, klompenmaker, overleden te Nieuwleusen op 28 mei Hermannus Hermans Nagel, zn. van Hermannus Arends Nagel en Aaltje van Zuithem, geboren op 12 oktober 1800, gedoopt te Zwolle op 15 oktober 1800, boerenknecht, daghuurder, wonend in de Schoolhoek te Oudleusen, overleden te Dalfsen op 18 september 1850, trouwt te Dalfsen op 5 februari 1829 met 63. Hendrikje Jans Velthuis, dr. van Jan Asjes Velthuis en Gerritdina Gerrits Krukkert, geboren te Ankum op 11 januari 1804, dienstmaagd, arbeidster, landbouwster, belijdenis te Dalfsen op 27 april 1823, overleden te Oudleusen op 15 juni 1878, trouwt (2) te Dalfsen op 14 augustus 1851 met Hendrikus Wemekamp, geboren te Den Ham rond 1817, arbeider : Mannes Nagel, geboren te Zwolle op , landbouwer, zoon van Hermannus en Aaltje van Zuithem, beide overleden, is binnen de gemeente Zwolle voor de Nationale Militie ingeschreven. Bij de loting krijgt hij nr.54 en in 1820 is hij door de militieraad te Zwolle finaal vrijgesteld 'uit hoofde van gemis van het regter oog'. Signalement: 1 el 640 str, ovaal aangezicht, smal voorhoofd, bruin oog, dikke neus, gewone mond, ronde kin, bruin haar en wenkbrauwen, en het gemis van het rechteroog [Certificaat Nationale Militie]. 1832: Hermannus Nagel is eigenaar van een huis en erf in de Schoolhoek in Oudleusen (Dennenkamp 8), met een stuk bouwland en een stuk jong dennebos (secties C 846, 847, 848), en van een perceel bouwland op de Vosser Es in 't Middelblok in Dalfsen [Kadaster 1832]. Generatie VII 64. Harm Jans Visscher, zn. van Jan Jansen Visscher en Hermina Jans, gedoopt te Zalk op 30 november 1755, visser, wonend aan de Veecaterdijk te Veecaten, overleden te Veecaten op 10 augustus 1820, trouwt (1) met Harmpje Jans, ondertrouwt (2) te Wilsum op 14 maart 1788, trouwt te Zalk in maart 1788 met 10
11 65. Aaltje Wolters, dr. van Jan Matthijs Wolters en Anna Gerrits Bastiaan, geboren te Wilsum op 13 juni 1764, visserse, landbouwster, overleden te Veecaten op 27 april 1844, trouwt (2) te Zalk op 25 september 1824 met Hermannus Beekman, gedoopt te Zwolle op 14 november 1768, huzaar, later soldaat bij de infanterie van linie tussen 1787 en 1816, strijdt bij de Diemerbrug in 1787, in Brabant in 1794, in Noord Holland in 1799, bij Wurtzburg in 1800 en tegen Oostenrijk in 1807, gevangen door de Engelsen in Zeeland in 1809, neemt dienst bij het 10e bataljon van de Prins van Oranje en keert terug naar Holland in 1814, raakt gewond in de slag bij Waterloo in 1815 (door een kogel in de hals), gedeserteerd in 1817, fusilier bij het garnizoensbataljon van 1818 tot 1819, metselaar in 1824, gepensioneerd militair in 1839, overleden te Zwolle op 15 oktober : Harm Jans, weduwnaar van Harmpje Jans, is voornemens te hertrouwen met Aaltje Wolters uit Wilsum. Als mombers over zijn twee minderjarige dochters worden aangesteld: Peter Antonie uit Veecaten, oom van moeders zijde, en Gerrit Peters uit Westenholte [ORA Zalk & Veecaten, nr.18 folio 109] : Harm Jans, weduwnaar van Zalk, ondertrouwt te Wilsum met Aeltien Wolters, j.d. van Uterwijk onder Wilsum. 1801: Request van Harm Jans, ingediend bij de schout, waarin hij vraagt de mombers over zijn dochter Hendrikje te willen machtigen c.q. zonodig te gelasten voor het meisje kleding van haar eigen geld aan te schaffen, waarop de kantbeschikking, dat de zaak wordt aangehouden [HCO, Schoutambt Zalk en Veekaten 85, nr.58]. 1808: Harm Visscher, in Veecaten, wordt ingedeeld in klasse 38 (jaarinkomen van gulden) en betaalt 2 gulden [Personele quotatie 1808] : Harmen Jans Visscher, visser te Veecaten, geeft een volmacht aan Otto Hendrik Moulin, Praktizijn voor de rechtbank Zwolle te Kampen, speciaal om comparants zaak tegen Clemens Luchtenberg uit Westenholte te behartigen over afbraak van comparants huis en ontruiming van de grond. De volmachtgever zegt niet te kunnen schrijven [Notarieel Archief Kampen; Mr. F.L. Rambonnet, inv.nr. I-560b, akte 150] : Harm Jans Visscher, visser te Wilsum, erfgenaam van Gerrit Jans uit Veecaten, verklaart verkocht te hebben aan Floor Wijnbelt, witwerker te Wilsum, een schuldvordering, groot ƒ198 tegen 5 procent, ten laste van Jacob Bruintjes en diens echtgenote Berendina Roeland te Genemuiden. De verkoper meldt niet te kunnen schrijven [Notarieel Archief Kampen, mr. G.J. van Wijhe, I-568a, 691; : Door zware ijsgang zijn bij Harm Visscher een schuit en visgerei door het ijs verbrijzeld [J. v.d. Wetering (2001), Vergeten levens; Geschiedenissen van het Sallandse land, p. 204]. 66. Steven Goossens Meuleman, zn. van Gosen Arentsz Meuleman en Dirkje Thijssen, gedoopt te Zwolle op 11 april 1735, landbouwer, wonend te 's-heerenbroek, belijdenis te Mastenbroek op 20 april 1758, begraven te Mastenbroek op 28 april 1810, trouwt (2) te Mastenbroek op 30 december 1781 met Swaantje Hendriks Verwei, ondertrouwt (1) te Dalfsen op 22 mei 1767, trouwt te Zwolle op 14 juni 1767 met 67. Johanna Asjes Linthorst, dr. van Asje Lamberts Linthorst en Janna Jans Schutten, gedoopt te Zwolle op 5 juni 1746, wonend aan 't Lange Slag te Lenthe in 1767, begraven te Mastenbroek op 4 juli : Hermannes, het onechte kind van Janna Derks wordt gedoopt in de Betlehemkerk in Zwolle. Als vader wordt Steven Goosens opgegeven 'welke egter met Eede Alhier op 't stadhuis verklaart heeft geen vader van dit kind te sijn' [Doopboek Zwolle]. Steven Meuleman en Janna Assies nemen een hypotheek op een stuk land op de Bijvank [ORA Zalk nr.17 folio 329]. 1781: Den 4 Julij begraven de vrouw Steven Goossen geh[eten] Janna Asjes. Enkelt gegraven. Graf nr.71 in de kerk in Mastenbroek [Begraafboek Mastenbroek] : Steven Gosens, weduwnaar van Janna Asjes Linthorst, heeft over zijn zes minderjarige 11
12 kinderen met namen Aaltjen, Derk, Geertjen, Asjes, Marrigjen en Janna, tot mombers verzocht en geobtineerd Arend Gosens Meuleman, oom van vaders zijde, en Jan Asjes Lindhorst, oom van moeders zijde. Hij doet erfuiting en bewijst aan zijn zes kinderen 800 gulden aan geld, voorts het goed tot hun moeders lijf behorend, waarvan aan Marrigjen de gouden krinken, aan Jannigjen de twee gouden stiften, en aan Geertjen en Aaltjen ieder een gouden ring, waartegen de jongens ieder een paar gouden knopen zullen genieten [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.629, fol.52] : Steven Meuleman en Zwaantien Hendriks, wonend in 's Heerenbroek, zijn f 300,- schuldig aan Dhr. Poppe, onder een rente van 4%. Als onderpand dienen hun eigendommelijke stukken land, gelegen op de Bijvank in Veecaten [ORA Zalk nr.18 folio 200] : Steven Meuleman (tekent) verkoopt per publieke veiling aan Jan Albertsen Stoel een katerstede, genaamd de Wijenberg, met landerijen, gelegen aan 's Heerenbroekersteege in Veecaten, voor f 1850,-. De koop omvat een huis met hof, boomgaard en achtergelegen land [ORA Zalk nr.18 folio 457]. 1808: Steven Goosen, in s Heerenbroek, wordt ingedeeld in klasse 35 (jaarinkomen van gulden) en betaalt 6 gulden [Personele quotatie 1808]. 1810: Den 28 Grasmaand begraven Steven Goossens ongeveer 2 verdiepingen, in graf nr.1 in de kerk van Mastenbroek [Begraafboek Mastenbroek]. 68. Harmen Hendriks Doorneweerd, zn. van Hendrik Jans Snijder en Aartje Harms Nagelhout, gedoopt te Doornspijk op 9 maart 1749, landbouwer, overleden te Doornspijk op 29 september 1810, ondertrouwt te Nunspeet op 20 februari 1779, trouwt te Doornspijk op 11 maart 1779 met 69. Dirkje Hannis Zoet, dr. van Hannes Hendriks Soet en Janna Aerts, geboren te Doornspijk op 14 juni 1754, overleden te Doornspijk op 4 februari : Harmen Hendriks Doornwaard komt van Doornspijk en woont in Nunspeet : Onderpand bij een lening van Lambert Gerrits is o.a. een huis met 5 schepel op Oostbeeke, door Harmen Hendriks bewoond wordende [Protocol van bezwaar Doornspijk] : Teunis Beertsen van de Werfhorst en Neeltje Willems verkopen voor f 170,- aan Wyndelt Boschman en Marrigje Voerman een half mud bouwland, in erfpacht uitgedaan aan Hermen Doornewaard, die daar een huisje op heeft met de erfpachtsbrief [Protocol van bezwaar Doornspijk] : Memorie van Dirkje Zoet, werkvrouw te Doornspijk, Werfhorst nr.59, 82 jaar, overleden , weduwe met kinderen, geen onroerende goederen nalatend. Erfgenamen zijn: Aart Doornwaard, dagloner te Doornspijk; Gerrit Doornwaard, dagloner te Oldebroek; Geertjen Doornwaard huisvrouw van Gerrit Aalten Vinke, landman te Doornspijk, in onze kwaliteit van kinderen der overledenen Lubbigjen Mulder, huisvrouw van Dries Klomp, dagloner te Doornspijk, weduwe van Hannis Doornwaard, in mijne kwaliteit van moeder en voogdesse van mijn minderjarige zoon Berend Doornwaard, voor zijn overleden vader Hannis Doornwaard, die mede een zoon was der overledene [Memorie van Successie, kantoor Harderwijk; 1834 eerste helft]. 70. Evert Everts Vlesse, zn. van Evert Vlesse en Grietje Jans, geboren te Epe op 6 december 1745 (Registre Civique), daghuurder, schotter te Oldebroek in 1800, overleden te Oldebroek op 16 november 1820, ondertrouwt te Oldebroek op 8 april 1774, trouwt te Oldebroek op 1 mei 1774 met 71. Marchje Dries Otten, dr. van Dries Otten en Jannetje Dirks, gedoopt te Oldebroek op 21 september 1749, overleden te Oldebroek op 3 november : Evert Evertsz j.m. van Eepe, wonende te Oldebroek, en Marretje Dries j.d. van en te Oldebroek. D. 1 maij alhier bevestigd[trouwboek Oldebroek] : Evert Evertszen wordt benoemd door het gemeentebestuur van Oldebroek tot scheuter [Inventaris van het archief van het richterambt Oldebroek]. 1811: Evert Everts in de Vlesse woont in Jan Hendriks de Groot Rot (later genoemd het Broekdijker rot) [Archief gemeentebestuur Oldebroek , inv.nr. 63]. 12
13 1811: Evert Everts, daghuurder, geboren op [Registre Civique Oldebroek 1811/1812]. 1818: Evert in de Vlesse, wonend in Oldebroek nr.49, bezit 1 rund onder de 2 jaar en 2 runderen boven de 2 jaar [Streekarchivariaat Noordwest Veluwe] : Aangifte van de nalatenschap van wijlen Evert Vles of Fles, gewoond hebbend en op onder Oldebroek overleden, nalatende de zonen Dries, Evert en Hendrik Fles wonend te Oosterwolde en Oldebroek, en twee dochters Jennigjen en Grietje Fles te Oldebroek woonachtig, gedaan ten huize van Hendrik Fles voornoemd nr. 49 te Oldebroek, waar Evert Fles is overleden. Er zijn geen nagelaten onroerende goederen [Memories van Successie, kantoor Harderwijk, toegang 30, inv.nr.3, nr.138]. 1825: Marrigje weduwe Vlesse woont met 2 ongehuwde zoons in het Broekdijkerrot nr.49 in Oldebroek, dat in het bezit is van de diakonie van Oldebroek. Zij bezit 1 koe ouder dan 2 en 2 koeien onder de 2 jaar [Rotlijsten Oldebroek 1825]. 72. Christoffer Gerrits van Steenbergen, zn. van Gerrit Stoffers en Anna Margretha Knoop, j.m. van Wijhe, trouwt te Vorchten op 2 mei 1762 met 73. Machteld Claes, dr. van Claes Jans en Grietje Berends, gedoopt te Heerde op 16 juli Marten Jans Kooijman, zn. van Jan Jansen Fox en Janna Herms, geboren op 10 oktober 1727 (Registre Civique), landbouwer, overleden te Oldebroek op 16 maart 1817, ondertrouwt te Hattem op 9 maart 1776, trouwt te Hattem op 31 maart 1776 met 75. Janna Gerrits van Dieren, dr. van Gerrit van Dieren en Marrigje Jakobs, geboren te Hattem op 1 februari 1744, overleden te Oldebroek op 11 februari : Merten Jans is één van de vijf dienstboden van Dirk Simons en Mergjen Aalts. Dit waren de buren van Jan Kooijman en Janna Herms [Volkstelling Zalk 1748] : Marten Jans j.m. van Zalk en Johanna Gerrits Dieren j.d, beijde onder Hattem, maert 31 getrout [Trouwboek Hattem] : Jan Jansen Kooyman verkoopt aan zijn zoon Martinus Kooyman en zijn vrouw Janna Garrets twee morgen land, vanouds genoemd het Breewegsland, gelegen in het Zalkerbroek, voor 250 gulden [ORA Zalk & Veecaten, boek 17, fol.298, 299] : De erfgenamen van Hendrik Heimans verkopen aan Marten Jans en Janna Gerrits voor f.570,- 8/11 portie in een kamp van 8 gresen thans bij Aalbert Jans in pacht. Op verkopen andere erfgenamen hun ook hun 1/11 gedeelte voor f 142,- [Protocol van bezwaar Doornspijk] : De diaconen Gerrit Beertsen en Jan Mulder en de predikant E.W. Brink verkopen aan Marten Jans en Janna Gerrits voor f 170,- 1/11 part in 8 gresen, "de Clavercamp" genaamd [Protocol van bezwaar Doornspijk] : Jacob Beerts van de Werfhorst en Grietje Everts verkopen aan Marten Jans Kooiman en Janna Gerrits van Dieren 3 gresen in de Zijen aan de Grote Woldweg [Protocol van bezwaar Doornspijk] : Gerrit Jansen en Hendrik Kamerman, beiden zich sterk makend voor Aaltje Egberts, verkopen voor f 282,- aan Marten Jans Kooiman en Janna van Dieren 3 gresen hooiland in de Wenden [Protocol van bezwaar Doornspijk] : Marten Jansz. Kooijman en Janna Gerrits van Dieren (ver)kopen huis, hof en land aan het Stuivezand, de Broekdijk en de Bovenheijgraven in Oldebroek [VR. Oldebroek , inv.nr.76] : Marten Janszen Cooijman (ver)koopt land [VR. Oldebroek , inv.nr.110] : Hypotheek van Marten Cooijman [VR. Oldebroek , inv.nr.112v]. 1811: Marten Jans Kooyman woont in Gerrit Reyers Rot (later genoemd het Oosteinder/Lapstreker rot) [Archief gemeentebestuur Oldebroek , inv.nr. 63]. 1812: Marten Jans Kooyman, geldlening [not. van Spaen nr 142]. 1813: Maarten Kooijmans: pacht van een erf [not. van Spaen nr. 330]. 1818: De weduwe van Marten Kooijman, wonend in Oldebroek nr.105, bezit 4 runderen onder de 2 jaar, 7 runderen boven de 2 jaar en 2 paarden [Streekarchivariaat Noordwest Veluwe] : Jakob Veldman, bouwman, buurman der overledene, oud 33 jaar, niet verwant, en Hendrik 13
14 Bakker, bouwman, neef der overledene, 27 jaar, beide wonend in deze gemeente, verklaren dat Janna van Dieren, landbouwster, te Hattem geboren, dochter van wijlen Gerrit van Dieren en Merrigje Jacobs, weduwe Merten Kooijman, twee kinderen nalatende, op gisteren woensdag den elfden dezer des middags ter vier uren in hare woning nr 105 binnen deze gemeente is overleden in de ouderdom van 79 jaar [B.S. Oldebroek] : Memorie van aangifte van Janna Gerrits van Dieren, landbouwster te Oldebroek, Oosteinde nr.105, overleden 11 febr 1824, 79 jaar, geboren te Hattem 1 febr 1744, weduwe laat twee kinderen na. Nalatenschap opgenomen door Marritje Kooyman, Jantje Kooyman, en Hannisje van het IJsselt zijnde dochter van Gerrit van het IJsselt bij Gerritje Kooyman in echte verwekt, meerderjarigen te Oldebroek. De overledene heeft nagelaten tot erfgenamen twee dochters en een kleindochter, wegens een mutueel testament voor schout en gerichtslieden op Omdat zij allen erfgenamen zijn in de rechte lijn is geen recht van successie verschuldigd. Het onroerend goed bestaat uit (voor de eerste en laatste aangeefster) een rijf en goed onder Oldebroek nr 105 groot 9 bunder 23 rd 35 el; een stuk bouwland in de Lapstreek onder Oldebroek nr 143 groot 43 roeden 63 el; een stuk weiland nr 463 in Oosterwolde, 1 bunder 7 rd 2 el; (en voor de tweede aangeefster) een stuk weiland in Oosterwolde groot 95 rd 24 el; een dito stuk in Oosterwolde groot 3 bunder 2 rd 11 el; een stuk dito onder Zalk groot 1 bunder 135 rd 55 el. [Memories van Successie; kantoor Harderwijk 1824 nr.59; register Oldebroek februari 1824]. 76. Berent Roelofs, j.m. te Mastenbroek, veehouder op de Boxem aan de Oude Wetering, begraven te Mastenbroek (in de kerk) in 1796, ondertrouwt te Mastenbroek op 3 mei 1754, trouwt te Mastenbroek op 3 juni 1754 met 77. Elisabeth Lubberts, dr. van Lubbert Gerrits en Fijgjen Hendricks, j.d. te Mastenbroek, belijdenis te Mastenbroek in 1753, begraven te Mastenbroek (kerk) op 21 april : Berent Roelofs te Mastenbroek en Hermen Herms a.d. Hasselerdijk zijn getuigen bij het huwelijk van Jan Willems, boere werkman te Mastenbroek, van Berkum, en Maria Gerrits, weduwe van Warner van Dueren [Trouwboek Mastenbroek]. 1784: Den 21 April begraven Lijsbet Huijsvrouw Berent Roelofs. Enkeld gegraven. Graf nr.24 in de kerk van Mastenbroek [Begraafboek Mastenbroek] : Jan Peters en Berend Roelofs, beide te Mastenbroek, zijn getuige bij het huwelijk van Hendrik Peters, boer te Mastenbroek, en Trijntjen Herms, j.d, boere diensmeid te Mastenbroek [Trouwboek Mastenbroek]. 78. Albert Arends, zn. van Arent Harms en Marrigje Willems, j.m. van Mastenbroek, overleden te IJsselmuiden op 27 februari 1778, ondertrouwt te Mastenbroek op 17 maart 1770, trouwt te Mastenbroek op 8 april 1770 met 79. Lammichje Berends, dr. van Berent Hendriks Roeteman en Jantjen Jacobs, gedoopt te Mastenbroek op 6 februari 1735, begraven te IJsselmuiden op 2 juli : Harmen Harms en Elsjen Jacobs, echtelieden, verklaren schuldig te zijn aan het onmondige dochtertje van Berend Hendriks, genaamd Lammegien, waarover Harmen Harmens en Roelof Arends mombers zijn, de som van 65 gulden. Zij stellen hun huis aan de Camperdijk als onderpand. Harmen Peters stelt zich borg. Op is de schuld voldaan [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7 (3320)] : Geesien Hendriks, als stiefmoeder, en Harm Harmens en Roelof Arens als voogden van het onmondige kind Lammegien van wijlen Berent Hendricks, komen overeen dat de voogden van de pupil afstand doen van de vaderlijke erfenis, waartegen de weduwe de pupil zal onderhouden tot mei 1759 [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7] : Lubbert Hendriks en Geessien Lubbers verklaren schuldig te zijn aan Lammegien Berends, dochter van wijlen Berend Hendriks, met als voogden Harmen Harmens en Roelof Arends,de som van 50 car.gulden. Op is de schuld voldaan [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7]. 14
15 80. Willem Jansen Vlierman (Flierjans), zn. van Jan Hendriks Vliermaat en Derkjen Harms Podderks, geboren te Den Ham op 29 augustus 1777, daghuurder, landbouwer, schaapherder, overleden te Avereest op 11 oktober 1851, trouwt te Ommen op 13 november 1796 met 81. Maria Willems Huisjes, dr. van Willem Willems Huisjes en Aaltje Derks Huisjes, gedoopt te Ommen op 17 april 1768, dagloonster, landbouwster, overleden te Avereest op 17 maart : Willem Flierjans en Maria Willems dragen een huis met erf, gelegen tussen huis en land van de weduwe Lindenhovius en dat van de weduwe Arend Wennemers, over aan Jan Hendrik Hemmink. Het huis en hof waren aangekocht door W.A. van Laar. Op dezelfde datum wordt het huisje Amsink, gelegen te Den Ham, met grond overgedragen door P.J. Bouwmeester aan Willem Flierjans en Maria Willems, vanwege de gerechtelijke verkoop van 25 oktober : Willem Vlierjans, schaapherder te Avereest, bezit een huis en erf, Helgens genaamd, met tuin, hooiland en bouwland, gelegen in Magelde en Hammer Flier (de Magelder Esch en de Bossink Kampen), kadastraal Den Ham A61, A813-A818, in totaal ha [OAT Den Ham; Kadaster 1832]. 82. Berend Berends Askamp, zn. van Berend Harms Askamp en Annigje Janssen, geboren te Dalfsen op 20 juni 1781, arbeider, landbouwer, wonend op t Brinkmans te Emmen, overleden te Emmen op 26 januari 1847, trouwt te Dalfsen op 1 mei 1803 met 83. Janna Janssen Brinkman, dr. van Jannes Janssen Brinkman en Hendrina Janssen, geboren te Emmen, gedoopt te Dalfsen op 16 september 1770, landbouwster, overleden te Emmen op 27 januari : Berend Berendsen j.m. geb. in Dalfsen en won. te Emmen, en Janna Jansen j.d. geb. en won. in Emmen. Volgens attest van den pred. W.A.J. Roosendael alhier op 1 mei 1803 in de huwelijkse staat bevestigd [Civiel trouwboek Dalfsen] : Ten verzoeke van George Lodewijk Carel Hendrik Grave van Ranzow en zijn vrouw, worden de in beslag genomen goederen van mr. Johannis Wilhelmus van Rijn verkocht, waaronder 'De katerstede Brinks, L.C. nr.26, groot ongeveer 4 bunders, bewoond en in pacht bij Berend Askamp, voorloopig toegewezen voor f 130' [Overijsselse courant ]. 1832: Berend Askamp, dagloner in Emmen, is eigenaar van een perceel bouwland op de Emmer Es (genaamd de Vegterweerd, nr. I 4865) [Kadaster 1832] : Testament: Dochter Jennigje wordt universeel erfgenaam. Zoon Jannes krijgt de helft van een stuk bosgrond in Emmen en f 6,- voor elk van zijn kinderen. 1847: De nalatenschap van Berend Askamp is zo gering dat daarover geen successierechten hoeven te worden betaald [Memorie van Successie]. 84. Hermannus Everts Stegeman, zn. van Evert Teunis Stegeman en Eva Arents, geboren te Schelle op 20 juli 1764, boerenknecht, dagloner, overleden te Oldeneel op 6 augustus 1811, ondertrouwt te Zwolle op 4 september 1790, trouwt te Zwolle (Michaelikerk) op 19 september 1790 met 85. Anna Christina Everts Hollemans, dr. van Everhardus Gerhardus Hollemans en Gerritdina Hendricks de Graaff, gedoopt te Zwolle op 14 januari 1759, boerenmeid, overleden te Ittersum op 22 oktober : Ondertrouw Hermanius Stegeman, jonkman in Schelle doende boerenwerk, en Stijntje Everts, jongedogter in Schelle doende mede boerenwerk. Zijn getrouwd zondag in de Michaelikerk. Getuigen: Evert Gerhardus Holleman, wonende in Spoolde, en Berbera Fredriks, vrouw van Hendrik Stegeman, woonende voor de Sassenpooort [Trouwboek Zwolle]. 1806: Mannes Stegeman, daghuurder, geboren 20 july 1764 [Register hoofdbewoners Zwollerkerspel, 15
16 inv.nr.1015, Oldeneel huis nr.7]. 86. Arend Janssen Grotenhuis, zn. van Jannes Gerrits Grotenhuis en Janna Jansen Rouwendal, gedoopt te Olst op 2 september 1770, dagloner, landbouwer, overleden te Lenthe op 17 februari 1847, trouwt te Wijhe op 10 oktober 1800 met 87. Antonia Jans Zwarts, dr. van Jan Thijssen Zwarts en Aeltje Wichers, gedoopt te Wijhe op 23 december 1781, arbeidster, overleden te Lenthe op 1 oktober : Arend Grotenhuis woont onder Wesepe, Antonia Zwarts in Wijhe. Later wonen zij aan de Langestraet in Wijhe (1801), op 't Ganzebroek in Herxen (1802), op 't Keyzer in Tongeren ( ), in Heino (1835) en in Dalfsen (1844). 88. Teunis Hendriks (Schaatsberg), zn. van Hendrik Teunis en Maria Jans, overleden te Heerde rond 1793, trouwt met 89. Lutgertje Hendriks, dr. van Hendrik Rutgers Klein en Maria Stevens Vijge, geboren te Heerde op 11 februari 1759, overleden te Heerde op 6 januari 1818, begraven te Heerde op 9 januari 1818, trouwt (1) te Hattem op 10 februari 1788 met Teunis Rutgers Schaasbergen : Memorie van aangifte door Klaas van Zalk, administrerend diaken van de hervormde gemeente te Heerde, in het dorp Heerde huis nr.52, wegens de nalatenschap van Lutgertjen Hendriks, weduwe van Teunis Hendriks, overleden te Heerde , huis nr.134, zijnde de overledene gealimenteerd door de diaconie. De nalatenschap bedraagt minder dan 300 gulden en is zodoende van successie vrijgesteld; er zijn geen onroerende goederen [Memories van Successie, kantoor Hattem, 1818, nr.42]. 90. Steven Hendriks Timmerman, zn. van Hendrik Janssen Timmerman en Aaltje Berents Lindeboom, geboren te Millingen, gedoopt te Dalfsen op 6 januari 1754, voerman, kleine koemelker, wonend voor de Sassenpoort, milicien in 1788, overleden te Zwolle op 2 januari 1821, trouwt te Zwolle op 4 mei 1788 met 91. Hendrikje Gerrits, dr. van Gerrit Hendriks en Marta Asjes, gedoopt te Zwolle (Grote kerk) op 26 december 1764, overleden te Zwolle op 19 december : Ondertrouw van Steven Timmerman, j.m. op de Grote Aa, dienstbaar, en Hendrikien Gerrits, j.d. voor de Sassenpoort. Zijn getrouwt zondag den 4 meij Getuigen: Arent Timmerman bij Dalsen en Metta Brinkers buiten de Sassenpoort [Trouwboek Zwolle] : Hendrikje Gerrits wordt, onder hulderschap van haar man Steven Timmerman, beleend met de 'helfte van een acker, bestaende in twee ackeren, groot drie scheepel gesaay, op den Assendorper Enck', na opdracht door haar vader Gerrit Hendriks. Op dezelfde dag vestigen Steven Timmerman en zijn vrouw Hendrikje Gerrits ten behoeve van de gebroeders Johannes en Hendrik Bunskerken een hypotheek van f. 1350,- op dit goed [Repertorium op de leen-, tins- en hofhorige goederen van het Stift Essen, Assendorp] : Steven Timmerman koopt van Jan Marsman een huis met hof en berg en een akker in Assendorp, gelegen voor de Sassenpoort tussen het Molenpad en het huis van A.Voedt : Steven Timmerman leent van Dhr. van Beunskerken een som van 1350 gulden, tegen een rente van 3 gulden en 4 stuivers per 100 gulden. Als onderpand dienen een huis, hof, berg en een akker in Assendorp. 1817: Steven Timmerman, pachter van een stuk buitendijks groenland bij de Riesebos, verzoekt om remissie van de pacht over Dit verzoek wordt door de gemeenteraad afgewezen. 92. Roelof Everts Schaapman, zn. van Evert Peters en Lubbigje Gerrits, gedoopt te IJsselmuiden op 15 februari 1778, landbouwer op de Oude Wetering, later op Stikkelregt in de Roebollige Hoek, overleden te Mastenbroek op 4 oktober 1864, trouwt (1) op 10 juni 1802 met Marrigje Gerrits Hollander, trouwt (3) te Zwollerkerspel op 18 februari 1833 met Jannegje Fortuijn, 16
17 geboren te Hasselt op 9 maart 1803, trouwt (2) te Zwollerkerspel op 25 april 1818 met 93. Willempje Hendriks van der Steege, dr. van Hendrik Jans van der Steege en Hermpje Alberts, gedoopt te Mastenbroek op 11 januari 1798, dienstmeid, overleden te Zwollerkerspel op 30 augustus : Roelof Schaapman, boerderij, geboren 11 february 1779 [sic!] [Register hoofdbewoners Zwollerkerspel, inv.nr.1015, huis nr.44]. 1808: Roelof Schaapman, in Mastenbroek, wordt ingedeeld in klasse 37 (jaarinkomen van gulden) en betaalt 3 gulden [Personele quotatie 1808] : Roelof Schaapman woont aan de Nieuwe Wetering in Mastenbroek, Willempje van der Steege in Mastenbroek. Later wonen zij in de Roebollige Hoek (1823, 1864) : Op 11 april 1822 wordt ten huize van kastelein G.J. Kragt te Mastenbroek verkocht 'een erve, bestaande in eene boerenwoninge, zijnde nr. 22, met twee hooibergen en een schuurtje met eenige hofgrond, gelegen op de Oude Wetering, omtrent de Mastenbroeker Kerk, voorts met ongeveer 23,37, 69 Bunders Nederlandsch, of ongeveer 19 Morgens oude maat, zoo weide als hooiland, tusschen de Oude en Nieuwe Wetering, en dan nog 3,69,23 Bunders Nederlansch, of ongeveer 3 Morgens oude maar weideland, aan de Nieuwe Wetering bij het huis van Hendrik Hulleman, alles onder Zwoler Karspel, thans bemeijert bij Roelof Schaapman' [Overijsselsche Courant ]. 1829: Roelof Schaapman bezit een graf in Mastenbroek [p.1, 1830 p.2]. 94. Gerrit Hendriks van Berkum, zn. van Hendrik Lucas van Berkum en Fennegien Gerrits Schutte, geboren te Zwolle op 10 februari 1802, boerenknecht, arbeider, landbouwer, olieslagersknecht, huisknecht, overleden te Zwolle (op de Nijstad voor de Diezerpoort) op 25 november 1857, trouwt te Zwolle op 21 februari 1822 met 95. Geertruid Hendriks Bergkamp, dr. van Hendrik Janssen Bergkamp en Geertje Roelofs Veltkamp, geboren te Zwolle op 3 november 1800, overleden te Zwolle (op den Ooster Enk) op 10 december : De burgemeesteren der Stad Zwolle, mede op het getuigenis der wijkmeesteren voor de Diezerpoort, certificeren dan Geertruid Bergkamp, zonder beroep, wonende in deze Gemeente, niet in staat is tot de voldoening der kosten op de voltrekking van haar voorgenomen huwelijk [Huwelijksbijlagen] : Gerrit Lucas van Berkum, geboren te Zwolle den 19 Julij 1802, van beroep boerwerker, zoon van Lucas Hendrik [sic!] en van Femmigje Gerrits, van beroep landbouwer, binnen de Gemeente van Zwolle voor de Nationale Militie lichting 1821 ingeschreven. Hem is bij loting nummer 75 ten deel gevallen. De militieraad te Zwolle heeft hem vrijgesteld van de dienst als hebbende een verouderd lidteken op den rug (?) veroorzaakt door eene ver[.]ring. Signalement: 1.54 el, vol aangezicht, breed voorhoofd, bruine (?) ogen, dikke neus, ord. mond, ronde kin, blond haar en wenkbrauwen, geen merkbare tekenen. Kan niet schrijven [Huwelijksbijlagen; Certificaat Nationale Militie] : In de huwelijksakte staat vermeld dat de echtelieden verklaren dat op uit hen is geboren hun zoon Hendrik, en dat zij zich als vader en moeder van het kind erkennen [B.S. Huwelijken] : Notaris J.R. van Roijen zal op , in het Odeon te Zwolle, verkopen aan de meestbiedende: Drie huizen en erven, met een tuin, staande en gelegen buiten de Diezerpoort op de Nieuwstad te Zwolle, Kad. Sectie B312, B590 en B591, samen groot 1 Roe 56 el. Staande op f 410 (en niet op f 500 zoals vroeger is geanonceerd). De aanwijzing geschiedt door de weduwe G. van Berkum [Provinciale Overijsselsche Courant ] Jan Egberts Stoel, zn. van Egbert Jans Stoel en Aaltje Jans Leeuw, gedoopt te Zalk op 22 november 1761, daghuurder, landbouwer, overleden te Ankum op 14 oktober 1831, trouwt te Zwolle op 1 juni 1789 met 105. Lubbigje Jans Berends (van Tolij), dr. van Jan Berends en Dirkje Jansen, geboren te Ankum, gedoopt te Dalfsen op 9 december 1759, overleden te Dalfsen op 2 juli
18 : Ondertrouw Jan Egbert Stoel j:m: aan de sagemole met Lubbegien Jansen Berens j:d: te Dalfsen. Zijn getrouwt maandags 1 junij S:g: Egbert Jans Stoel, bruidegoms vader; H:g: Vrouw van den Berg in de Wijn Kanne [Trouwboek Zwolle]. 1795: Jan Egberts Stoel en Lubbigje Jans Berends wonen voor de Diezerpoort in Zwolle Derk Jans Seinen, zn. van Jan Jans en Aaltje Derks, gedoopt te Nieuwleusen op 14 juli 1773, landbouwer, wonend te Ruitenveen, overleden te Nieuwleusen op 4 maart 1829, ondertrouwt te Nieuwleusen op 19 maart 1802, trouwt te Nieuwleusen op 4 april 1802 met 107. Marrigje Hendriks (Schuurman), dr. van Hendrik Jans en Claasje Claas, gedoopt te Nieuwleusen op 24 oktober 1781, daghuurster, landbouwster, overleden te Nieuwleusen op 11 september : Derk Jans j.m. geboren op het Roetenveen en wonende op Nieuwleusen en Margjen Hendriks j.d. geboren en wonende op Nieuwleusen solvit den 4 April hier getrouwt [Trouwboek Nieuwleusen] Arend Jans Ganzeboer, zn. van Jan Arents Warmerink en Fenne Jans, j.m. van Lemele, gedoopt te Ommen op 1 april 1753, castelein, landbouwer, wonend te Ruitenveen, overleden te Ruitenveen op 29 maart 1814, ondertrouwt (1) te Nieuwleusen op 25 april 1783, trouwt te Ommen op 27 april 1783 met Geertjen Alberts, ondertrouwt (2) te Nieuwleusen op 18 april 1789 met 109. Marrigje Jans Kalf, geboren te Ruitenveen rond 1760, landbouwster, overleden te Ruitenveen op 13 augustus 1850, ondertrouwt (1) te Nieuwleusen op 11 augustus 1787 met Jan Dries, overleden te Ruitenveen op 5 januari : Willempien Berents, boerwerk, afkomstig uit Dalfsen, 20 jaar wonend in Ruitenveen, 6 kinderen, is bewoner en eigenaar van Ruitenveen nr.52. Later is Arend Jans Ganseboer eigenaar en bewoner [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 655]. 1789: Marrigje Jans, weduwe van Jan Dries op 't Rutenveen, geeft zeer eerbiedig te kennen dat haar man de 5 januari deses jaars is overleden, dat zij met haar man een jaar en ruim zeven maanden getrouwd geweest is, dat haar man van het begin van haar trouwen ziekelijk is geweest, en dat zij geen kind van hem heeft noch zwanger is; dat zij alleen de kost niet kan winnen en thans wil hertrouwen, buiten 't welk zij in de armenstaat zou vervallen [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.631]. 1795: Arend, castelein, aangegeven door Mergien Jans, vier personen [Volkstelling 1795 Ruitenveen]. 1832: De weduwe van Arend Ganzeboer, landbouwer, geboren Marrigje Klaas [sic!], bezit een huis en erf, een tuin, bouwland en grasgrond, te Ruitenland (Achter Stadhoek en Ooster Stadhoek), kadastraal Nieuwleusen B328-B330, B338 en B342, in totaal groot [OAT Nieuwleusen; Kadaster 1832] Jan Thijs Vonder, zn. van Thijs Claas en Geziena Claas, gedoopt te Nieuwleusen op 9 januari 1785, landbouwer, wonend te Den Hulst, overleden te Den Hulst op 20 september 1827, trouwt te Dalfsen op 17 juli 1811 met 111. Hendrikje Willems, dr. van Willem Coops en Claasje Claas, geboren te Ruitenveen, gedoopt te Nieuwleusen op 8 mei 1791, dienstmaagd, landbouwster, overleden te Nieuwleusen op 31 maart 1860, trouwt (2) te Nieuwleusen op 23 juli 1828 met Arend Hendriks Evenboer, geboren te Nieuwleusen op 23 juli 1800, landbouwer : Verklaring van Arend Loseman, deurwaarder bij de rechtbank van eersten aanleg in Deventer, op verzoek van Jan Thijs, bouwman in de Hulst, om aan de maire van Dalfsen een afschrift te geven van een vonnis dd 15 juni jl, van Jan Thijs tegen de weduwe Hendrikje Roelofs als moeder en voogdesse van haar minderjarige dochter Hendrikje Hendriks [Huwelijksbijlage; vonnis erg moeilijk leesbaar]. 1832: De erven Jan Vonder, te Den Hulst, bezitten een huis en erf, bouwland, weiland en grasgrond 18
19 met bomen te Ooster Hulst in Den Hulst, samen ha, kadastraal E80-E86 [OAT Nieuwleusen; Kadaster 1832] Evert Gerrits, zn. van Gerrit Gerrits en Janna Everts, geboren te Rechteren, gedoopt te Dalfsen op 28 maart 1751, landbouwer op 't Roons in Emmen, later op Rutgers in Hellendoorn, belijdenis te Dalfsen in 1774, overleden te Hellendoorn in 1801, trouwt (2) te Dalfsen op 26 augustus 1792 met Maria Jansen, geboren te Den Ham, trouwt (1) te Dalfsen op 13 april 1787 met 113. Geertje Gerrits, dr. van Gerrit Jansen en Ida Hendriks, geboren te Emmen, gedoopt te Dalfsen op 8 januari 1764, begraven te Dalfsen op 1 juli : Evert Gerrits j.m. en Geertje Gerrits j.d, beiden in Emmen [Trouwboek Dalfsen] : Evert Gerrits en zijn echtgenote wonen in Emmen (1788), op 't Roons bij Nierveer in Millingen (1791), in Emmen aan Roonshuijs (1793), in Millingen aan t Nieuwe Veer (1795), in Oudleusen op Altena (1797) en op erve Rutgers op de Schuilenberg in Hellendoorn (1800) [Doopboek Dalfsen en Hellendoorn] : Evert Gerrits, weduwnaar te Emmen, geeft zijn onmondige zoon Gerrit Jan Evers, bij Geertje Gerrits in echte verwekt, voor zijn moederlijke goed zijn moeders klederen, linnen en wollen, alsmede goud en zilver, een paar gouden krullen, een gouden slot, een gouden ring, een zilveren punthaak, een bijbel met zilveren krappen, een boeren kist en zes nieuwe hemden. Gerrit Gerrits en Willem van de Vegte, ooms van het kind, hebben de momberschap aangenomen [ORA Dalfsen 14, fol.349] : Evert Gerrits wedr van Geertjen Gerrets aan Roonshuys te Emmen (zoon van Gerrit Gerrits en Janna Everts) en Maria Jansen j.d. geb in den Ham, thans dienende aan de Horst onder Windesheim (dogter van Jan Hendriks en Aaltjen Nijman). Met attestatie van Windesheim getrouwd te Dalfsen op 26 augustus [Trouwboek Dalfsen] Jan Albertsboer, zn. van Albert Jansen Boer en Hendrikje Hendriks Reimink, gedoopt te Hellendoorn op 21 november 1773, arbeider, landbouwer op Albertsboer, overleden te Hellendoorn op 4 oktober 1818, ondertrouwt te Hellendoorn op 22 april 1797, trouwt te Hellendoorn op 14 mei 1797 met 115. Willemina Gerrits van den Berg, dr. van Gerrit Wolters van den Berg en Fenne Derksen, gedoopt te Hellendoorn op 12 november 1775, boerwerkster, boerin, overleden te Hellendoorn op 11 juli Albertsboer ligt op de Nieuwstad bij Hellendoorn. Tegenwoordig is dat Nieuwstadweg nr : Jan Albertsen Boer koopt van Antonij Groot Roosink een stuk land, genaamd het Nije, gelegen in de Hellendoornsche esch bij het Boershuijs aan de Nijstad [ORA Hellendoorn f.39] : Jan Albertsboer koopt van Willem Groot Roosink een stuk land, genaamd het Blokstuk, gelegen in de Hellendoornsche esch [ORA Hellendoorn f.52] : Jan Albertsboer koopt een stuk grond [ORA Hellendoorn f.58] : Jan Alberts Boer j.m. geboortig en woonagtig in 't kerkdorp en Willemine Gerritsen van den Berg j.d. geboortig en woonagtig in het kerkdorp, op 14 mei 1797 in de kerk te Hellendoorn getrouwt [Civiel trouwen Hellendoorn] : In de overlijdensakte van Willemina Gerrits staat dat zij een dochter is van Gerrit Gerrits en Gerritdina Jansen Jurrien Hermannusz van Meekeren, zn. van Hermannus Jurriaens van Meekeren en Hendrika Keijman, geboren te Hattem op 27 maart 1766, gedoopt te Hattem op 31 maart 1766, meestertimmerman, aannemer, overleden te Kampen op 24 maart 1831, trouwt (2) te Hattem op 12 augustus 1825 met Bartje Zwanepol, ondertrouwt (1) te Hattem op 20 juni 1788, trouwt te Hattem op 6 juli 1788 met 117. Aaltje Jans van Straten, dr. van Jan Jansen van Straten en Bartha Jansen Vorstelman, 19
20 geboren te Hattem op 1 november 1767, overleden te Hattem op 5 maart : Jurrien van Mekeren j:m: van Hattem, Aaltje van Straaten j:d: mede onder Hattem. Getrout den 6. Juli [Trouwboek Hattem] : Jurriën van Meekeren Hermannuszoon en Aaltje van Straaten, beiden gaande en staande, maken een testament op de langstlevende [ORA Hattem, inv.nr.144, fol.216v] : Jurriën van Meekeren Hermannuszoon en Aaltje van Straten verkopen aan Jurriën van Meekeren Hendrikszoon en Hendrina Barneveld voor 1725 gulden een 'Huys en Wehre met 5 schaeren Weijdens op Homoet staande alhier inde Kruijsstraat tusschen de behuizinge van Engelbertus Hoogers ter Eenre ende Gasthuis Steege ter andere zijde'. Het huis doet jaarlijks f verponding [Transportregisters Hattem, inv.nr.127, fol.251v]. 1806: Jurriën van Meekeren en Aaltje van Straten bewonen een huis op nr.155 in Hattem, een halve schepel groot, met een huurwaarde van f 24,-. Verder betalen zij aan rechten en patenten f 8,- [Hattem reg 386: verponding] :Jurrien van Meekeren koopt graf nr.250 in de kerk van Hattem voor f14, : Jurrien van Meekeren, timmerman, 64 jaar, man van [Bartjen] Zwanepol, op overleden te Kampen, wonend te Hattem, geen goederen met den dood heeft ontruimd, als behorende onder de behoeftige volkklasse [Memorie van Successie, kantoor Hattem; 1831 eerste helft] Lambertus Voorhorst, zn. van Lambert Berends Voorhorst en Maria Hendrika Broekhuys, geboren te Zwolle op 2 november 1783, gedoopt te Zwolle op 5 november 1783, koopman, grutter, bakker, gewezen rijdende commies in 1813, verhuist van Zwolle naar Rouveen op 21 december 1813, overleden te Nieuwleusen op 14 maart 1866, trouwt (2) te Nieuwleusen op 14 april 1821 met Anna Aleida Ottink, geboren te Uelsen op 3 oktober 1797, overleden te Nieuwleusen op 25 april 1832, trouwt (1) te Zwolle op 28 mei 1813 met 119. Geesje Wijnvoorden, dr. van Cornelis Wijnvoorden en Johanna Klaassen, geboren te Zwolle op 5 juni 1781, gedoopt te Zwolle op 7 juni 1781, gruttersvrouw, overleden te Nieuwleusen op 8 februari : Lambertus Voorhorst verkrijgt het patent voor grutter en winkelier in kruidenierswaren : In de marge van de huwelijkseakte van Lambert Voorhorst en Geesien Wienvoorden staat ingeschreven dat zij Cornelia Lamberta, geboren , erkennen als hun dochter [B.S. Huwelijken Zwolle]. 1832: Lammert Voorhorst, grutter, is eigenaar van de percelen 173k (huis en erf, ha), 173i (bouwland, ha), 173a (grasgrond, ha) en 180 (bouwland, , doorgehaald), gelegen in sectie D, Oost Nieuwleusen [OAT Kadaster 1832] : Lambert Voorhorst en kinderen verkopen publiekelijk op 5 mei 1835 ten huize van Barteld van Holten, te Nieuwleusen: 1. Een voor 5 jaren geheel nieuw getimmerd huis, waarin eene bakkerij en grutterij, met grutten molen en verdere grutters gereedschappen, staande te Nieuwleusen aan de Zwolsche weg, tegen over de kerk. 2. Een kamp bouwland, met het daarop staande huis, groot 3 bunders 93 roeden, mede aldaar gelegen. 3. Drie dubbele akkers bouwland, groot 1 bunder 7 roeden, gelegen in den Ooster Hulst, onder Nieuwleusen. De aanwijzing zal geschieden door opgenoemde Lambert Voorhorst [Overijsselsche Courant ] : Ten verzoeke van Hendrik Blom, tuinman, wonende in Zwollerkerspel; en ten laste van 1. Lambert Voorhorst, zonder beroep, wonende te Nieuwleusen, zoo voor zich, als in hoedanigheid van vader en voogd over zijne minderjarige kinderen Cornelis Johannes, door hem bij nu wijlen Geesje Wijnvoorden in eerste huwelijk verwekt; Gerrit, Johannes Albertus, Zwaantje en Agneta Johanna, door hem bij nu wijlen Alijda Johanna Ottink in tweede huwelijk verwekt; 2. Maria Hendrika Voorshorst, zonder beroep, huisvrouw van Gerrit Jan van Mekeren, bakker te Nieuwleusen; 3. Gerrit Jan van Mekeren zelve; 4. Lamberta Cornelia Voorhorst, meerderjarig, ongehuwd, zonder beroep, wonende te Delft; zal worden overgegaan tot den verkoop bij geregtelijke uitwinning, aan den meestbiedende of hoogstafmijnende, van het na te melden onroerend goed, te weten: 1. een perceel grasgrond en bouwland, in de gemeente Nieuwleusen [nr. D172i, 2 bunders 84 roeden 20 ellen groot]; 20
21 2. een huis en erf, in de gemeente Nieuwleusen [nr. D172k, 9 roeden 50 ellen groot]; 3. een perceel bouwland in de gemeente Nieuwleusen [nr. D173a, 27 roeden 30 ellen groot]; 4. een perceel bouwland op de Ooster Bouwlanden in de gemeente Nieuwleusen [nr. D539, 52 roeden]. De toewijzing zal plaatsvinden op 23 october op het raadshuis in Zwolle. Executant is procureur J.J. de Boer [Overijsselsche courant ] Willem Hendriks Tempelman, zn. van Hendrik Bartels Nienes en Hendrikje Lucas Tempels, gedoopt te Ommen op 9 januari 1774, dagloner, overleden te Ankum op 7 maart 1812, trouwt te Nieuwleusen op 22 april 1804 met 123. Christina Dirks Boerdam, dr. van Derk Jans Boerdam en Eva Stoffers Kruijsdijk, gedoopt te Olst op 12 januari 1783, dagloonster, overleden te Ankum op 10 februari 1823, trouwt (2) te Dalfsen op 3 juli 1813 met Gerrit van 't Land, geboren te Zwolle rond 1787, arbeider, overleden te Ankum op 18 april : Willem Tempelman woont in Ruitenveen, Christina Boerdam in Nieuwleusen. In 1804 wonen zij op 't Jan van Ommens in Ankum Hermannus Arends Nagel, zn. van Arent Nagel en Johanna, j.m. van Sappemeer (geboren op 4 maart 1756 [Registre Civique]), molenmakersknecht, molenaar, timmerman, verhuist van Den Ham naar Zwolle op 10 april 1794, overleden te Zwolle (op de Plas) op 4 maart 1815, trouwt (1) te Den Ham op 1 februari 1784 met Jannegje Overmars, overleden te Den Ham rond 1791, trouwt (2) te Zwolle op 4 mei 1794 met Isabella Hulmans, trouwt (3) te Zwolle op 6 maart 1796 met 125. Aaltje van Zuithem, dr. van Jan Henrick van Zuthem en Maria Arends, gedoopt te Hattem op 27 september 1761, dienstmeid, belijdenis te Zwolle op 20 december 1784, overleden te Zwolle op 30 november 1812, ondertrouwt (1) te Zwolle op 10 april 1784, trouwt te Zwolle op 2 mei 1784 met Albert Smit, timmermansknecht : Aaltien van Zuttem is bij haar eerste huwelijk dienstmeid en woont in de Corte Camperstraat. Als huwelijksgetuige(n): de suster Hend. Wees te Hattem. 1786: Hermannus Arends Nagel woont in Den Ham (1786, 1788), later in de Sassenstraat in Zwolle (1794) en de Diezerpoorterplas nr.20 in Zwolle (1812, 1815) : Albert Sandhuis en Berend Schutte stellen zich borg voor Hermannus Nagel voor de tijd van 6 jaar, belovende de armenkamer te indemneren indien hij binnen deze tijd tot armoede mocht vervallen [HCO; Register van Nieuwe inwoners , fol.123] : Acte van indemniteit van de diaconie van Den Ham voor de beide kinderen van Hermannus Nagel voor de tijd van zes jaren [Akten van Indemniteit Zwolle]. 1794: Hermannus Nagel schrijft dat hij blij is met de aanstelling van Bartus Overmars en Jan Hendriks Hulleman als voogden over de kinderen die hij bij Jannegje Overmars, zijn vrouw, verwekt heeft. Deze kinderen genieten van hun moeder en grootmoeder 6 dukaten en krijgen van hun vader ieder 6 gulden. Hun schuld bedraagt 17 gulden [Zwolle: RA , p ; Schepenen en Raden 1794 p.150]. 1812: Herm. Nagel, geboren , gehuwd, molenmakersknecht, zoon van Arent Nagel, wagemaker, en Johanna, gewoond hebbende te Oost Friesland, ouders overleden [HCO, Register van alle huizen, Zwolle, wijk de Dijk 20, p.14-15] Jan Asjes Velthuis, zn. van Gerrit Asjes Velthuis en Janna Janssen, geboren te Ankum, gedoopt te Dalfsen op 5 juni 1766, arbeider, landbouwer op t erve voor de Ruitenborgh in Ankum, belijdenis te Dalfsen in 1789, overleden te Ankum op 23 oktober 1830, ondertrouwt te Dalfsen op 4 november 1795, trouwt te Dalfsen op 22 november 1795 met 127. Gerritdina Gerrits Krukkert, dr. van Gerrit Jans van 't Kroemers en Hendrikje Gerrits Asjes, geboren te Meer, gedoopt te Den Ham op 6 januari 1765, landbouwster, overleden te Ankum op 7 april
22 1813: Jan Veldhuis te Ankum vraagt om kwijtschelding van belasting op het vee voor 5 jaren wegens brandschade: Monsieur! Expose très humblement Jan Veldhuis, laboureur à Ancum, commune de Dalfsen, Canton d'ommen, qu'il a en le 28 Juin 1813 le malheur de voir brûler de fond en comble sa maison, située dans le voisinage préserit, même de la sorte, qu'il n'a pas pu garder quelque chose de ses meuble, entre autre ses cochons, ses vaches, tout son foin et sa paille, et tous ses outils pour le labourage, excepte quelque outils, comme la charrue et la herse: quil est jettés par là, avec sa femme et quatre enfans, et un père vieillard de quatre vingt ans, dans le plus grande embarras et plongé dan une situation deplorable, de manière qu'il n'est pas en 'etat de payer les contributions qu'il doit. C'est en consequence qu'il prend la liberté de prier très humblement qu'il plaise à vous, Mons le sous Pref d'effectuer, qu 'il soit excusé des contributions foncières personnelle et mobilière pour un temps de cinq annes. Jan Velthuis. Aangehecht is een duplicaat van de contributie over 1813, voor een bedrag van 52 franc 80 cent (voor gebouwde eigendommen 9 fr 26, deuren en vensters 3 fr 20, ongebouwde eigendommen 29 fr 82, personeel en mobilair 10 fr 52)[Toegangsnummer 22, Onderprefect van Deventer ; nr.328]. Generatie VIII 128. Jan Jansen Visscher, j.m. van Veessen, visser, overleden te Veecaten op 31 januari 1786, trouwt (1) te Zalk op 26 april 1734 met Hermpje Gerrits Bastiaan, dr. van Gerrit Jans Bastiaen en Gerrigje Gerrits, gedoopt te Zalk op 6 mei 1711, overleden te Zalk op 6 januari 1750, trouwt (2) te Zalk op 4 augustus 1754 met 129. Hermina Jans, dr. van Jan Gerrits Bastiaan en Willempjen Engberts, gedoopt te Zalk op 21 oktober 1731, overleden te Veecaten op 28 februari : Jan Bastiaen en Jan Jansen Visser aannemende de Heer van Zalk en de scholtus wegens het vissen met pookgarens in de Buckhorster hanik. Zij verklaren de heer van Zalk niet in diens visserij te zullen benadelen [ORA Zalk 39] : Garrigie Gerrits, weduwe van Garrit Bastiaen, als moeder en voogdesse over haar onmondige kinderen, sluit ter voorkoming van disputen een accoord met haar dochter Harmina Garrits, getrouwd met Jan Visser, en haar mondige zoons Garrit en Jan Garrits bijgenaamd Koninck. Harmina, getrouwd met Jan Visser, ontvangt het huis, met bakhuis, berg en hof, waarin haar moeder met haar onmondige kinderen mag blijven wonen, en waarvoor zij bij diens overlijden 400 Car. Gulden inbrengen. De drie oudste kinderen krijgen elk 45 gulden voor hun vaders goed [ORA Zalk 16, fol. 12,13]. 1744: Jan Visscher, carpelsongeld f 4-13-, staet op de aparte lijste [ORA Zalk & Veecaten nr.56, rekesten]. 1748: Jan Jans en zijn vrouw Hermpjen Gerrits wonen met hun kinderen Gerrit, Evert, Jan en Jannigjen in Veecaten, zonder dienstboden. Zij wonen bij de weduwe van Gerrit Bastiaen [Volkstelling 1748] : De scholtus Jacob ter Welberg doet door de onderscholtus panden 'alle sodane personen als volgens overgegeven restandcodel van de jare 1744 en 1745 yder apart gedebiteet staan'[ ] wegens het verschulde an het Carspel van Zalk, Jan Visser, Gerrit Gajeman en Gerrit Jans in Vecaten' [ORA Zalk & Veecaten nr.56, rekesten]. 1750: Jan Janssen, wonend aan de Dijk, wordt ingedeeld in de 11e categorie (jaarinkomen onder de 200 gulden) en betaalt gulden [Personele quaotatie 1750] : Jan Jans, weduwnaar van Hermpien Gerrits, gaat hertrouwen met Hermine Jans. Als voogd over zijn kinderen Gerrit, Evert en Jan worden Gerrit Gerrits en Jan Gerrits benoemd [ORA Schoutambt Wilsum 3370; Gens Nostra 2000, p.385] : Jan Jans, weduwnaar van Hermpjen Gerrits, is voornemens te hertrouwen met Hermine Jans. Over zijn drie kinderen, met name Gerrit, 16 jaar, Evert, 12 jaar, en Jan, 6 jaar, worden als momberen aangesteld Gerrit Gerrits en Jan Gerrits, beiden in Veecaten. De vader geeft zijn kinderen voor hun moederlijke goed: Gerrit 6 Car. gld en een 'sersien rock', en voor Evert en Jan elk 12 gld. 22
23 [ORA Zalk 16] : Jan Jans, ziek te bedde, benoemt zijn jongste zoon Harmen Jans tot universele erfgenaam van al zijn na te laten goederen, 'edog met dien verstaende aan zijn drie andre soonen als namelijk Gerrit, Evert en Jan Jans de legitieme portie haar naar strikten Regten competerende' [ORA Zalk & Veecaten 17, fol.457, 458] Jan Matthijs Wolters (ook: Wolter Matthijs), zn. van Matthijs Wolters en Trijntje Elsje, geboren te Dueshorn (Hannover) rond 1734 (of 1739), visser, overleden te Wilsum op 4 juni 1816, trouwt met 131. Anna Gerrits Bastiaan, dr. van Gerrit Jans Bastiaan en Aaltje Mensen, gedoopt te Zalk op 29 juni 1738, overleden te Wilsum op 16 april In het doopboek van Wilsum staat aangetekend dat Wolter Matthijs lutheraan is en Anna Gerrits gereformeerd : Wolter Marteijs bezit 2 koeien boven de 2 jaar en 1 koe onder de 2 jaar en betaalt 5 stuivers [Hoornbeesten Stad Wilsum; Statenarchief 3.1, inv.nr.5664; Website hist.ver. Jan van Arkel] Gosen Arentsz Meuleman, zn. van Arend Gosens en Anna Rutgers, begraven te Zwolle (in de Broerenkerk) op 9 november 1770, ondertrouwt (2) te Zwolle op 16 november 1737, trouwt te Zwolle op 1 december 1737 met Geertje Jans, j.d. van Wilsum, belijdenis te Mastenbroek op 4 april 1754, ondertrouwt (1) te Zwolle op 20 maart 1730, trouwt te Zwolle (met attestatie van Mastenbroek) met 133. Dirkje Thijssen, overleden voor 1 december : Goossen Arendsen j.m. en Derkjen Thijs beide inden 's Herebroek Hier getrouwt op attestatie uijt Mastenbroek [Trouwboek Zwolle]. 1733: Peter Hendriks van Wyringen, 10 m 5 hond, in IJsselmuiderslag, f verponding. Eigenaar: Lucas Bols, later Hendrik Franken, later Gosen Arends, later Jan Stevens, later Anton (?) Gerrits [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.71]. 1733: Jochem Lubbers, 1 m, in Lammegies Brugge, f verponding. Eigenaar: Hermen Albers, later Gosen Arends erfg. en Arend Gosens [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.173] : Gosen Arends en Derkje Thijs, eheluiden, kopen van Egbert Hendriks en Lubbigje Harms, eheluiden, een morgen land, het blauwe slagh genaamd, in het Voorsterslag te Mastenbroek [RAZK620, fol.277] : Gosen Arents, ook voor zijn huisvrouw Derkien Thijs, bekent schuldig te zijn aan Garr. Noortman, als momber over het kind Witt Jacobs, tot Barcum wonende bij zijn oom en medemomber Rutg. Willems, de som van 600 Car. gulden. Zij stellen al hun goederen tot onderpand, in specie 'haer plaetsien en caterstede nevens huis en boomgewasch van dien in Vecaten'. (door Lubbegien Harms en Egbert Hendriks aan de comparant overgedragen). De schuld is op geroyeerd [ORA Zalk, nr.15, fol ]. 1737: Goosen Arents gebruikt 3 m in 't Swarte Campjen en het land bij 't Huijs en ½ m gezaaij in de Belten, gelegen in Voorst/Westenholte, in eigendom bij juffr. Bruins erfgenamen modo Rijnvis [Verponding Zwollerkerspel 1737] : Gosen Arents Meuleman, weduwnaar van wijlen Derkjen Thijs, heeft over zijn 3 onmondige kinderen Arent, Steven en Geesje, als voogden aangesteld Jan Arents Meuleman, oom van vaderszijde, en Frerik Alberts, oom van moeders zijde. Als erfuiting heeft hij een accoord overlegd, welke hij met de voogden heeft opgesteld. In dit accoord staat: elk kind krijgt 200 gulden, 2 gouden ringen en 2 gouden stiften voor haardraaien. Geesje krijgt een bed met toebehoren, de silveren beugel met toebehoren en het linnen van haar moeder. De vader en mombers tekenen met een handmerk. Het handmerk van Goossen Arens is een omgekeerde hoofdletter A [ORA Zwolle & Zwollerkerspel, nr.621, fol.12]. 1750: Goossen Arends, te 's Heerenbroek, wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en 23
24 betaalt 3 gld [Personele quotatie Zwollerkerspel 1750]. 1751: Goosen Arends, selfs eigenaar van een huis te 's Heerenbroek met 1 vuurstede [Vuurstedengeld Zwollerkerspel 1751]. 1751: Het huus en have bij Gosen Arents, te Veecaten, 1 vuurstede, in eigendom van de vrouw van den Dingshof. Daarnaast is Gosen Arents eigenaar van een huis in Veecaten (nr.1) met 1 vuurstede (in 1711 was dit huis van Harm Alberts). [Vuurstedengeld Zalk & Veecaten 1751] : Gosen Arens en Willem Gerrits worden aangesteld als mombers over de vier onmondige kinderen van Geesjen Gerrits, die gaat hertrouwen met Gerrit Arens, en wijlen Derk Jans Posjen [Stadsgericht Wilsum 2 fol.54] : Gosen Arents geeft aan een erve en goedt gelegen in Mastenbroek op de Bisschopswetering, zijnde aangeerft tien morgen en vijf hond den 24 Juni 1754 van Hendrik Franke en dezelfs huisvrouw met een somma van duizend en vijf guldens aangekocht [ORA IJsselmuiden inv.nr.76] : Jan Stevens geeft aan een erve land in Mastenbroek bij hemzelfs wordende bewoont voor een week of drie van Gosen Arents met een somma van eenduizend zeshonderd en vijfendertig guldens aangekocht [ORA IJsselmuiden inv.nr.76] : Gosen Meuleman betaalt hoofdgeld in s Heerenbroek : Gosen Meuleman verkrijgt de eigendom van een huis in de Broerenstraat in Zwolle [Transp.reg. p.496] : Goosen Arends Meuleman weleer woonende op 's Heerenbroek. Nu alhier overleden ten huijse van desselfs schoonsoon Wolter van der Veen op half drie begraven in de Broerenkerk komt voor een half uur luidens f 2-16 [Begraafboek Zwolle] : De erfgenamen van Gosen Arends verkopen hun huis in de Broerenstraat in Zwolle aan Moses Hertog [Transp.reg. p.364] Asje Lamberts Linthorst, landbouwer, herbergier in de Moriaan te Spoolde, met attestatie van Dalfsen naar Zwolle op 12 juni 1741, ondertrouwt te Mastenbroek op 13 oktober 1742, trouwt te Zwolle op 30 november 1742 met 135. Janna Jans Schutten, dr. van Jan Jansen Schutte en Grietjen Derks, geboren te Ankum, gedoopt te Dalfsen op 27 maart : Asjen Lindhorst j.m. an het Caterveer met Janna Schutte j.d. tot IJsselmuiden. s.g. Gerrit Asjes, h.g. haar vader; alwaar de proclamatien moeten gaan gelijk ook in Mastebroek attestatien getoont sijnde. Sijn alhier getrouwt den 7 Nov [Trouwboek Zwolle]. 1743: Asjen Linthorst, bouwman, en Johanna Schutte, wonen in de wijk 1e Waterstraat nr.26 in Zwolle. Rond 1748 woont hij in de wijk 2e Waterstraat nr.178 [Register van alle huizen, ca en 1748]. 1748: Asje Linthorst en Janna Schutten, in Spoolde, met kinderen Lambert, Margrita, Janna en Jan [Volkstelling]. 1750: Assien Linthorst, in Spoolde, wordt ingedeeld in de 11e klasse (jaarinkomen onder de 200 gulden) en betaalt 3 gulden [Personele quotatie 1750] : Assien Linthorst en zijn vrouw Janna Schutte verklaren wegens geleverde bieren van 1749 tot 1755 en twee jaar van huishuur van het huis Nij Romen van mei 1753 tot 1755 schuldig te zijn aan de heer Burgemr H.R. Meeuwsen een kapitaal van 695 Car. gld. Als speciaal onderpand stellen zij een vierde portie in het erve Geert Mannen genaamd, geleven op 't Ruitenveen, de heer Stenvers ten oosten aangeland, waarvan twee vierde Berend Schutte en een vierde Jochem Hendriks toebehoort [ORA Zwolle & Zwollerkerspel, nr.623] : Asje Linthorst is 90 gulden pacht schuldig, over , voor het huis De Moriaan, gelegen tegen de Spoolderberg [Inventaris van de archieven van de marken in de provincie Overijssel, ] : Asjen Linthorst ter ener en zijn zoon Lambert Asjes en zijn vrouw Geertjen Berends ter andere zijde, bekennen overeengekomen te zijn dat de eerste comparant, die thans een som van 800 gulden bezit, daarvan de halfscheid aan de andere comparanten geeft, gelijk hij hun geeft 200 guldens 24
25 en een huisjen op de Kolk in Diese, door hem mede voor 200 guldens aangekocht; waartegen de tweede en derde comparant de eerste comparant gedurende zijn leven behoorlijke huisvesting zullen verlenen en kost en klederen [HCO, ORA Zwolle & Zwollerkerspel 628, fol.365] Hendrik Jans Snijder, zn. van Jan Reijndertsen Snijder en Rijckjen Heijmens, gedoopt te Nunspeet op 20 november 1718, kleermaker, overleden in 1751, trouwt (1) te Doornspijk op 26 november 1741 met Jannetje Jacobs Boeve, trouwt (2) te Doornspijk op 23 september 1746 met 137. Aartje Harms Nagelhout, dr. van Harmen Hendriks Nagelhout en Gerrigje Gerbrichs, j.d. van Doornspijk, overleden na Hannes Hendriks Soet, zn. van Hendrik Jacobs Soet en N.N, j.m. van Doornspijk, trouwt te Doornspijk op 5 mei 1743 met 139. Janna Aerts, j.d. van Epe : Mr Johan van Erkelens verkoopt aan Jan Lutz en Margaretha Streelyn een hofje over de Eusdyk by Apperlo, dat door Hannis Soet gebruikt wordt [Protocol van bezwaar Doornspijk] : Hannes Hendriksen Soet en Jan Eymberts treden op als voogden over Teunis Jacobs, onmondige zoon van Jacob Hendriks Soet en wijlen Maria Teunis [ORA Elburg; Veluwse Geslachten 2010, p.19] Evert Vlesse, trouwt met 141. Grietje Jans Dries Otten, j.m. van Vaassen, overleden te Oldebroek op 12 mei 1783, ondertrouwt te Oldebroek op 13 maart 1734, trouwt te Oldebroek op 28 maart 1734 met 143. Jannetje Dirks, dr. van Dirk Gerrits Nyemeyer en Grietjen Aarts, gedoopt te Oldebroek op 26 april 1711, overleden te Oldebroek op 29 mei : Dries Otten j.m. van Vaasse en Jannetjen Dirks j.d. van 't Oldebroek beide wonende alhier & hier bevestigt d. 28 dito [Trouwboek Oldebroek] Gerrit Stoffers, trouwt met 145. Anna Margretha Knoop, dr. van Engbert Knoop en Derkjen Stoffers, gedoopt te Wijhe op 29 december : Gerrit Stoffers, Grietje zijn vrouwe. Kinderen: Engbert, boven de 10, Derk, Hendrikus en Geertruijt, onder de 10 [Volkstelling Wijhe 1748] Claes Jans (?), trouwt te Heerde op 15 november 1722 met 147. Grietje Berends (?), trouwt (1) met N.N Claes Janse j.m. en Grietje Berents wed. beijde in Hoorn [Trouwboek Heerde] Jan Jansen Fox (alias Kooijman), zn. van Jan Jansen Fox en Truij Jansen, gedoopt te Zalk op 6 november 1707, wonend op de Kooij, keurnoot te Zalk in 1751, overleden te Hattemerbroek rond 1790, trouwt met 149. Janna Herms, overleden te Hattemerbroek rond : Magteld Willems bedankt haar voogden Jan van den Berg en Jan Jansen Fox. Jan van den Berg was aangesteld i.p.v. wijlen Simon ter Veer op Vader was Willem Jansen, moeder niet genoemd. Kinderen zijn Jan en Magteld Willems [Momberboek Kampen ; inv.nr. 134, 25
26 akte nr.631]. 1748: Jan Kooijman en Janna Herms wonen in Zalk. Hun kinderen zijn Gerrit, Hendrik, Antonij en Egbert [Volkstelling Zalk 1748]. 1750: Jan Janssen Koyman wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en betaalt 2 gld. [Personele quotatie Zalk 1750] : Jan Jansen Fox en Janna Herms bekennen schuldig te zijn aan de Heer Peter Schimmelpenning tot Zwolle 350 Car. gld. Onderpand is 2 morgen Bredewegsland in het Zalkerbroek, tussen de Heer Sloots van Harksvelt, onder het erve de Koele, en Gerrit en Jan Arents [ORA Zalk & Veecaten, boek 17, fol.57] Gerrit van Dieren, overleden te Hattemerbroek rond 1785, trouwt met 151. Marrigje Jakobs (of Jans), overleden rond Lubbert Gerrits, landbouwer in de Boxem, overleden op 6 juni 1753, trouwt met 155. Fijgjen Hendricks, dr. van Hendrick Jans en Lijsabeth Rotgers, gedoopt te Zwolle op 24 maart 1691, j.d. te Langeholte, belijdenis te Zwolle op 25 maart 1717, met attestatie naar Mastenbroek op 18 december 1718, overleden op 5 december 1753, ondertrouwt (1) te Zwolle op 10 september 1718 met Evert Harms, j.m. van Mastenbroek, overleden voor 21 december : Figien Hendriks, weduwe van Evert Herms op Ruimsigt, met Jan Gerwijn als momber, verzoekt als momber over haar onmondige dochter Lijsebeth, bij haar voornoemde eheman geprocreëerd, Albert Freriks, oom van vaders zijde, en Remmelt Willems, oom van moeders zijde. Zij doet erfuiting en geeft haar dochter voor haar vaderlijke goed het derde part van twee morgen land in Diesermarkt, Peters Camp genaamd, 30 gulden aan geld, twee zilveren lepels, vijftig dubbele ellen doek, tien ellen fijn doek, een bedde met toebehoren en een kiste [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 617] : Lubbert Gerrits in de Boxen pacht voor 38 gulden 4 morgen in 't Hasselaar slag onder Mastenbroek 'so Wijnand Eenschooten in pagt gehad heeft', voor de periode Borgen zijn Henrik Egberts en Jan Rietberg. Ook pacht hij een camp groot 6 morgen in het Voorster slag genaamd 'het quade gat, om te weyden en niet te hoyen, so procurator W. Fabius in pagt gehad heeft', voor 76 gulden [Oud Archief Kampen, inv.nr.1933, fol.35] : Lubbert Gerrits is getuige van zijn broeder Hendrick Gerrits, j.m. in Mastebroek, bij diens huwelijk met Aaltien Willems, j.d. in Dieze. Haar getuige is haar zuster Egbertien, huisvrouw van Willem Francen [Trouwboek Zwolle] : Lubbert Gerrits pacht voor zes jaar van de stad Campen 'tot derselver geestelijke goederen gehorende' 7½ morgen te Mastenbroek aan de Rijxsteege 'so sedert eenige jaren woest gelegen', bij Evert Gijsen laatst gebruikt geweest [Oud Archief Kampen, inv.nr.1933, fol.81]. 1733: Albert Lubbers, 1 m, de Koije, in Lammegies Huis, f verponding. Eigenaar: Lubbert Gerrits, later Gerrit Lubberts wed. [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.86]. NB Ook dit betreft mogelijk een naamgenoot : Lubbert Gerrits, wonende in Mastebroek in den Boxen, mede voor zijn zwager Rutger Henderix en Claas Jansen, wordt na de dood van Remmelt Willems, beleend met de helft van drie morgen land in Mastenbroek. Op was Remmelt Willems in Diese beleend met de ledige hand, mede voor Jacobjen Geerlighsen, voor Willem Fransen als voogd van de nagelaten kinderen van Hendrik Jansen, voor Fyghjen Hendriks, Harmen Roelofs en Hendrik Cornelis [HCO; Leenrepertorium van het Stift Essen; toegangsnr ; Mastenbroek, Pinksteren 37] : Lubbert Gerrits en Fijgjen Hendriks verklaren schuldig te zijn aan Fredrik Hendrik van Benthem een som van 700 Car. gulden, komende van een restant van pacht over 1741 van 6 morgen land in het Hasseler Slag onder de kerspel van Zwolle, en wegens 3 jaar pacht over 1742 tot 1744 over hetzelfde land, mitsgaders wegens in 1736 aan hen verstrekte penningen. Als onderpand verbinden zij hun personen en goederen en speciaal hun huis, stal, schuur, berg, hofje en weerhe, staande in Mastenbroek langs de Brede Stege en strekkende tot aan de Stege lands de Oude Wetering, alsmede 26
27 inboedel, huisraad, wagen en rundvee [ORA Zwolle & Zwollerkerspel, nr.622] : Lubbert Gerrits en Fijgjen Hendriks bekennen op ontvangen te hebben van Sine Greven, wed Dr Everhard Pot, de som van 100 Car gld, waarvoor zij hun huis etc. aan de Brede Stege tot onderpand hebben gesteld [ORA Zwolle & Zwollerkerspel, nr.622]. 1748: Lubbert Gerrits en Tijgjen Henricks wonen aan de Oude Wetering, met kinderen Gerrit, Lisabeth en Marrigjen boven de 10 jaar, en 1 knecht [Volkstelling 1748]. 1750: Lubbert Gerrits, te Mastenbroek, wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en betaalt 5 gld [Personele quotatie Zwollerkerspel 1750]. 1751: Lubbert Gerrits Boxen selfs eigenaar, 1 vuurstede, aan de Oude Wetering; eerder de Wed. Perriaens [Vuurstedengeld Zwollerkerspel 1751] : Marregien Lubbers, onmondige dochter van Lubbert Gerrits en Fijgien Hendriks, is door de dood van haar ouders thans nog niet in staat haar eigen zaken naar behoren waar te nemen. Er is goedgevonden tot voogden over haar aan te stellen Hendrik Gerrits, oom van vaderszijde, en Rutger Hendriks, oom van moederszijde [ORA Zwolle & Zwollerkerspel, inv.nr.623] Arent Harms, overleden voor 10 april 1761, trouwt met 157. Marrigje Willems, dr. van Willem Harms en Albertien Berends, begraven te IJsselmuiden op 17 augustus 1780, ondertrouwt (2) te Mastenbroek op 10 april 1761 met Hendrik Rutgers, begraven te IJsselmuiden op 14 juli : Jochum Claassen, 1¼ m in Lammegies Huis, f verponding. Eigenaar: Joan Spaars (?), Hendrik Rutgers wede erf:, later de zoon Albert Arends [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.81] : Jan Smit en Annegien Berens, enerzijds, en Arent Harmens en Marregien Willems, anderzijds, verklaren hun huis, berg en hof te hebben verruild. Arent Harmens mag drie van zijn beste 'bargroeden' uit zijn berg nemen mag en in de geruilde berg van Jan Smit stoppen, waartegen Jan Smit drie van de slechte bargroeden in plaats van zijn gemelde berg van de één in de ander brengt. Daarboven heeft Jan Smit wegens gedane ruilinge aan contante penningen bedongen 30 gulden, die hij verklaart ontvangen te hebben, waarvoor hij zijn hooi op zijn grond moeten overbrengen onder zijn huis. De huizen en bergen liggen naast elkaar aan de Camperzeedijk; ten zuiden van het huis van Jan Smit staan huis, berg en hof van de wed. Lingeman, ten westen ligt de Hooge dijk [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7]. 1748: Arent Harmens en zijn vrouw Marregijn, te Asschet aan Luijterszijl. 1 kind boven de 10 jr, 3 kinderen onder de 10 jaar [Volkstelling Genemuiden 1748] : Marretien Wilms, in de Aschat aan de Camperdijk woonachtig, weduwe van wijlen Arend Harms, met Alberd van den Bergh als momber, voornemens te trouwen met Hendrik Rutgers, verzoekt als voogden aan te stellen over haar drie onmondige kinderen (Jan, Alberd en Hermen Arends) hun oom Hermen Wilms, wonend te Grafhorst, en Peter Felix van de Luijtersziel. Zij geeft de kinderen voor hun vaders goed elk 6 gulden [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7 (3320)] : Jan Rutgers en zijn vrouw Hendrikien Klaasen, Cijmen (?) Gerrits en vrouw Marretien Hendriks, en Assien Wighers en Peter Jakobs als mombers over de minderjarige kinderen van wijlen Rutger Hendriks bij Annetien Jakobs, met namen Willem, Rutger en Lisebed Rutgers, tesamen erfgenamen van wijlen Hendrik Rutgers, betuigen aan Marretien Wilms, weduwe van Hendrik Rutgers, te hebben verkocht alle roerende en onroerende goederen van wijlen haar man [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7] Berent Hendriks Roeteman, overleden voor 24 juli 1746, trouwt (1) met Aaltjen Joghems, trouwt (3) te IJsselmuiden op 2 november 1738 met Geesien Hendricks, trouwt (2) met 159. Jantjen Jacobs, overleden voor 17 oktober : Henrick Berents wil wederom trouwen, met Lubbechien Theunissen, en doet erfuiting voor zijn kind Berent Henrix, bij zalr Lubbertchien Berents geprocureerd, ten overstaan van Berent Rutchers als bestevader en Jan Clasen als aangestelde mombers. Hij belooft zijn zoon tot diens 18e jaar 27
28 te onderhouden, et.c, en geeft hem 42 car. gld. en een kiste voor zijn moederlijke goed [ORA Schoutambt Genemuiden inv.nr.3]. Is dit dezelfde Berend Hendriks? : Berend Hendriks, wonend aan de Camperdijk in het scholtambt Genemuiden, en Wicher Jans, bloedoom, worden aangesteld als voogden over Mechtelt, Janna en Jan Klaasen, onmondige kinderen van Margien Jans en wijlen Klaas Jans [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.6]. 1733: Lubbert Jochems, 10 m, in IJsselmuiderslag, f verponding. Eigenaar: Hendrik Egbers, en Hermen Jochums erfg, later Peter Herms en Berend Hendriks [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.71]. 1733: Albert Jansen Kuik, 1¼ m, in Dieserslag, f verponding. Eigenaar: Jan Rietberg weduwe, later Jan Kuik erfg, later Berent Hendriks [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.50]. 1733: Hugo Willems, 6 m, in Dieserslag, f verponding. Eigenaar: Jan Rietberg weduwe, later [ ] Jacob Clasen en [ ] Wessels Kok, later Hermen Wessels, Jan Peters, Berend Hendriks en Willem Arends [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.55] (of 1734): Berent Henriks, weduwnaar van wijlen Aaltjen Joghems, nomineert tot mombers over zijn twee kinderen met namen Joghem en Liesebet Berendsen, Jacob Joghems woonachtig op de Bosweteringe, oom van moederszijde, en Gerrit Jans, woonachtig te Grafhorst, oom van vaderszijde. Alzo hij zich in de huwelijkse staat gaat begeven met Jentjen Jacobs, zal hij zijn kinderen geven als zij tot hun mondige jaren gekomen zijn 70 gulden geven (samen), en verder de moeders kleren, linnen, wollen, twee gouden ringen, een zilveren oorijzer, een boek met daar in het nieuwe testament en psalmen Davids met twee zilveren 'hakies' [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.6] : Berent Hendriks en Hendrik Nienisch (?), wonend aan de Camperdijk, worden aangesteld als voogden over Klaas, Margien en Zwaantjen Arents, kinderen van Aaltjen Klasen, weduwe van Arent Gerrits [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.6] : Berent Hendriks Roeteman, vader en voogd van zijn onmondige kind genaamd Lammegien Berends, bij Jentien Jacobs in echte verwekt, heeft verzocht tot momber Harmen Harmens, woonachtig in het schoutambt Genemuiden, en Roelof Arens, woonachtig in het schoutambt Zwolle. Hij geeft zijn kind haar moeders kleren, linnen en wollen, die door de mombers verkocht zijn, en waarvoor zij penningen zal ontvangen 165 gulden. Alsmede is door de vader aan de mombers gegeven 18 zilveren hemdrokknopen, een zilveren oorijzer, een zilveren haarpen, 3 zilveren spelden, een zilveren 'haake en ooge', een paar los oplapbanden met zilveren haak, twee banden met [ ], twee schorteldoeken, banden met twee zilveren haaken, een zilveren gesp om in 't hemd te dragen. Verder zal de vader haar onderhouden in kost en kleren [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.6] Jan Hendriks Vliermaat, zn. van Hendrik Hermens Nevesel en Willempje Jans Nevesel, landbouwer op Fliermans in Magele, overleden voor 1795, trouwt tussen 1755 en 1758 met 161. Derkjen Harms Podderks, dr. van Harmen Derks Poot en Anna Catharina Willems, gedoopt te Den Ham op 30 mei 1735, daghuurster, overleden na : Jan Vliermaat, in Magele, betaalt voor 2 personen hoofdgeld. Idem in : Derkjen Herms, wed. van Jan Hendriks, daghuurder, in Magele, als zijnde alleen met haar kinders in huis, 3 mensen [Volkstelling] Willem Willems Huisjes, zn. van Willem Arents en Anna Maria Goossens, gedoopt te Den Ham op 27 juli 1738, boerenknecht, landbouwer op Huisjes in Archem, overleden te Archem op 23 juli 1817, trouwt te Ommen op 2 juni 1765 met 163. Aaltje Derks Huisjes, dr. van Derk Huisjes en Jannigjen Lamberts, j.d. van Archem, lidmaat te Archem in 1759, overleden te Archem op 26 april : Willem Willem heeft gediend op Woertink in Arrien : Willem Willems en Aaltjen Derks, op Huisjes te Archem, leggen voor de schepenen van Ommen vast, dat Derk Willems met zijn echtgenote Hendrika Antonissen alle goederen erven. De dochters Maria Willems, gehuwd met Willem Flierjans te Magele, Jennegien Willems, gehuwd met 28
29 Hannes Kotman, en Willemina Willems krijgen hun deel in geld uitbetaald [ORA Ommen en Den Ham nr. 23, fol ] Berend Harms Askamp, zn. van Hermannus Harms Askamp en Fennegien Janssen, gedoopt te Dalfsen op 10 januari 1723, begraven te Dalfsen op 14 februari 1797, trouwt (1) te Dalfsen op 22 april 1757 met Janna Berents, trouwt (2) te Dalfsen op 25 januari 1767 met 165. Annigje Janssen, j.d. van Den Ham, begraven te Dalfsen op 1 augustus : Berend Askamp, weduwnaar, zeggende wederom te willen trouwen, geeft zijn onmondige kinderen voor hun moederlijke goed een boek met zilveren krappen en een zilveren oorijzer. Vader en stiefmoeder beloven alle kinderen op te voeden als hun eigen kinderen. Albert Jansen en Harmen Harmsen hebben de momberschap aangenomen [ORA Dalfsen nr.11]. Berend Harms woont in 1767 in Oudleusen, Annigje Janssen in Ankum. In 1768 wonen zij in Oudleusen, in 1769 in Oosterdalfsen Jannes Janssen Brinkman, zn. van Jannes Derksen en Jennigje Berents, geboren te Oudleusen, gedoopt te Dalfsen op 9 oktober 1740, daghuurder, keuterboer op het Jan Brinks in Emmen, overleden te Emmen op 7 maart 1815, ondertrouwt te Dalfsen op 22 april 1768, trouwt te Dalfsen op 8 mei 1768 met 167. Hendrina Janssen, dr. van Jan Harmens Brinkman en Berendina Janssen, geboren te Emmen, gedoopt te Dalfsen op 20 september 1744, boerin, overleden te Emmen op 27 januari : Jannes Brinkman is meijer op de katerstede Het Jan Brinks. Deze katerstede is in het bezit van de familie Rouse en onderdeel van een erfenis [Dalfsen 56:p ; ook: p ; ]. 1812: Jannes Janssen neemt de achternaam Brinkman aan. Dezelfde achternaam wordt aangenomen door Jan Janssen, 43 jr, Janna Janssen, 41 jr, Berend Janssen, 37 jr, Jannes Janssen, 30 jr, Berend Jan Janssen, 14 jr, Berendina Janssen, 12 jr, Andries Janssen, 7 jr en Jannigje Janssen, 3 weken [Register van Naamsaanneming Dalfsen, 1812, akte 601] Evert Teunis Stegeman, zn. van Teunis Jansz en Berta Everts, gedoopt te Zwolle op 7 januari 1720, wonend voor de Sassenpoort in 1774, te Berkum in 1778, te Wijhe in 1790, ondertrouwt te Zwolle op 19 april 1750 (op attestatie van Windesheim) met 169. Eva Arents, j.d. van Harculo : Evert Teunis j.m. met Eva Arents j.d. beide te Harculo. Sijn op attestatie van Windesheim alhier getrouwt [Trouwboek Zwolle] Everhardus Gerhardus Hollemans, geboren rond 1724, soldaat onder Mulert in 1743, te Amsterdam in 1747, te Groningen in 1749, te Zutphen in 1752, belijdenis te Zwolle op 20 december 1756, daghuurder in 1795, overleden te Spoolde op 18 februari 1807, begraven te Zwolle (op het kerkhof van het Buitengasthuis) op 24 februari 1807, trouwt te Zwolle op 16 december 1743 met 171. Gerritdina Hendricks de Graaff, dr. van Hendrick Jans en Hermpje Alberts, gedoopt te Zwolle op 23 augustus 1722, belijdenis te Zwolle op 20 december 1756, overleden op 25 april 1809, begraven te Zwolle op 28 april : Everhardus Holleman, j.m. soldaat onder overste Raasvelt, thans alhier; Gerritdina Hendricks de Graaff, buiten de Sassenpoort. Op staat hij vermeld als Rooms Katholiek soldaat onder Mulert, terwijl zij gereformeerd is. Hij toont een officiersbriefje, zij wordt geassisteerd door haar moeder [Trouwboek Zwolle]. 1743: Het regiment van Mulert is later bekend als het regiment nationalen 20. Het bestaat uit musketiers en grenadiers, en bevindt zich in 1731 in Venlo, in 1737 in Zwolle/Kampen, in 1744 in Engeland, in 1746 in Deventer, in 1749 in Groningen en in 1751 en 1753 in Zutphen, Doesburg en 29
30 Bredevoort. Vanaf 1748 is Karel Frederik van Nassau-Weilburg kolonel van dit regiment [ : Gerridina van de Graaf en Everhardus Holleman, wonend aan 't Katerveer, doen belijdenis [Lidmatenboek Zwolle] : Everhardus Holleman en Gerdina de Graaf treden in Amsterdam op als getuige bij de doop van Hermannus, zoon van Johannes Gerner en Johanna de Graaf (Evangelisch Luthers). Bij de doop van kinderen van dit echtpaar treedt ook een Johannes de Graaf op als getuige [Doopboek Amsterdam]. 1795: Evert Holleman, daghuurder, woont met 8 personen te Spoolde [Volkstelling 1795] : Evert Holleman, oud 83 jaar, wonende te Spoolde bij de Spoolderberg, nalatende zijn vrouw en 3 kinderen, is overleden. Hij wordt op van de armen begraven op het kerkhof van het Buitengasthuis [Begraafboek Zwolle] : Gerridina de Graaf, oud 85 jaar, weduwe van Evert Holleman, wonende voor de Camperpoort, nalatende 2 kinderen, is overleden op en door de Gereformeerde armenkamer begraven [Register van aangegeven lijken Zwolle] Jannes Gerrits Grotenhuis, zn. van Gerrit Thonisz Corterik en Geesje Jans Lenderinck, landbouwer op Grotenhuis in Wesepe, overleden te Olst op 7 november 1817, ondertrouwt te Wijhe op 20 mei 1761, trouwt te Wesepe in mei 1761 met 173. Janna Jansen Rouwendal, dr. van Jan Rouwendaal, dienstmeid op het hoogadelijke huis Hagenvoorde, overleden te Olst op 5 september : Jannes Grotenhuis, jm sone van Garrit Korterik, bouman in Wesepe, ondertrouwt met Janna Jansen, jd gedient op den Hagenvoorde onder Wijhe, getrouwt in het laatste van mei [Trouwboek Wesepe] : Jannes Gerrits Grootenhuis en Janna Jansen zijn vrouw lenen geld van Johannes en Daniel Lindeman. Onderpand is katerstede Roosenvoort met alle toebehoren. De schuld wordt geroyeerd op [ORA Olst, 12 fol. 88; zie ook website Stamboom Grotenhuis] : Bij Jannes Grootenhuis is ingebroken en uit een kist van zijn zoon zijn geld en goederen gestolen [ORA Olst, 24 fol.145] : Jannes Grootenhuis erft een som geld van Gerrit Lenderinck, mits hij daarvan aan zijn zoon Albert Grootenhuis ook een som geld geeft [ORA Olst 16 fol.171]. 1803: Jannes Grootenhuis pacht Grotenhuis te Wesepe voor f 180, - van het Groot Kapittel te Deventer [Stadsarchief Deventer; Archief Franse Tijd 1e Grosse nr 13, deel 53 A + M]. 1806/1807: Jannes Grootenhuis is pachter op Grotenhuijs, gelegen aan de Weseperenkweg 2 [RA Olst 55 blz.159] : Grotenhuis te Wesepe, in eigendom van de Stad Deventer, wordt getaxeerd op f [Stadsarchief Deventer; Archief Franse Tijd; Resolutie van Vroedschap en Gemeente Raad, nr 13, blz 88] : Overdracht van de bouwerij op Grotenhuis in Wesepe door Jannes Grotenhuis en zijn vrouw Janna Rouwendal aan dochter en schoonzoon Willem Vosman en Geesjen Grotenhuis. Kinderen zijn Albert Grotenhuis te Wijhe, Gerrit Grotenhuis te Olst, Jan Grotenhuis te Raalte, Arend Grotenhuis te Wijhe, Berendina Grotenhuis te Deventer en Geesjen Grotenhuis, opvolgster, te Olst [ONA Deventer; Notaris H.W. van Marle, akte 224 inv.nr 26] : Jannes Grotenhuis, bouwman te Olst, verkoopt de Keijzer te Tongeren (Wijhe) aan Tone van Aast, bouwman te Wijhe, voor f [ONA Deventer; Notaris H.W. van Marle, akte 361, inv.nr 21] Jan Thijssen Zwarts, zn. van Thijs Berents Swart en Goldina Gerrits Grotenhuis, geboren rond 1739 (of eerder), kotter, koopman, wonend aan de Langestraat te Wijhe, belijdenis te Wijhe in 1758, houttilder in 1816, overleden te Wijhe op 14 december 1816, trouwt te Wijhe op 23 september 1781 met 175. Aeltje Wichers, geboren rond 1752, spinster, belijdenis te Wijhe in 1787, overleden te Wijhe 30
31 op 12 april : Joan Bannier, als gevolmachtigde van de erfgenamen van wijlen Hendrik Garrits Zonnenberg, transporteert aan Jan Tijssen Zwarts een perceel bouwland van ongeveer een halve morgen, ten oosten aan de catestede de Sligte tot aan de plaats van Jan Dekker op de Sligte gelegen, gekocht ter publieke veiling op 23 april [ORA Wijhe, nr.17, fol.124] : Den 23 Dito zijn alhier, na driemael afgekondigt te zijn getrouwt Jan Tijssen Zwartz j:m: En Aeltjen Wichers j:d: Beide onder Wijhe [Trouwboek Wijhe]. Derk en Jan Thijssen Zwarts verkopen een perceel zaailand in den Enk voor f 400,- [ORA Wijhe nr.18 fol.103]. 1795: Jannes Zwarts, kotter, zes personen [Volkstelling Wijhe 1795]. 1803: Jan Zwart (tekent) en Aaltje Wiggers maken een testament op voor hun kinderen (Teune, Alberdiene, Fennigjen, Thijs, Lammert en Hermine) [ORA Wijhe nr.22 fol.199] Hendrik Teunis, trouwt met 177. Maria Jans Hendrik Rutgers Klein, j.m. van Emmelkamp, met attestatie van Emmelkamp naar Heerde in 1758, overleden voor 24 februari 1785, ondertrouwt te Heerde op 21 april 1758, trouwt te Heerde op 15 mei 1758 met 179. Maria Stevens Vijge, dr. van Steven Dries Vijge en Lutgertje Egberts, geboren te Hoorn, gedoopt te Heerde op 1 februari 1728, belijdenis te Heerde in /1746: Op komt Hindric Rôtgers van Emmelkamp naar Kropswolde. Hendrik Rotgers komt op weer van Cropswolde naar Emlichheim [Lidmatenboeken Kropswolde en Emlichheim]. Is hij dezelfde? : Dries Stevens en Aaltje Gerrits ehel, Steven Eijlander en Stijntje Stevens ehel, Steven, Aaltje en Dries Jans, nagelatene meerderjarige kinderen van Jan Stevens en Dries Stevens en Sarris Visser als voogden over Gerrit, Teunis, Egbert, Lutje en Trijntje Jans, nagelatene minderjarige kinderen van Jan Stevens, B.H. Roeterinck en Jennegje Stevens ehel. En als volmagtiger van Aaltje Stevens, gesepereerde huisvrouw van Claas ter Meulen volgens volmacht van te Zwolle, en mede als volmagtiger van Antoni Overweg en Jan van Ulsen Wz als voogden over Steven, Willemina en Helena van Marle, nagelatene kinderen van wijlen Ariaan van Marle en de gemelde Jennigje Stevens, alsmede van Jacques Wolt (?) als vader van zijn minderjarige dochter bij Derkje van Marle, bij volmacht te Zwolle van , en laatstelijk Steven, Rutger, Lutje, Sijna en Aaltje Hendrix, nagelatene kinderen van wijlen Hendrick Rutgers en Maria Stevens, in leven ehelieden, alle erfgenamen van Steven Dries en Lutgertje Egberts, welke verklaren op verkocht hebben per publieke verkoping aan Claas Gerrits en Janna Gerrits de helft van ¾ morgen hooiland genaamd de Schoten, 1½ morgen hooiland in de Vogelcamp, zijnde een gedeelte in drie morgen, samen waard gulden. Ook hebben zij publiek verkocht aan Derk Havercamp voor 101 gulden een hof gelegen in Hoorn aan de Grifte van de agterdeur van Gerrit Arends. Ook verkopen zij aan meester van Meurs, scholtis te Heerde, 2½ schepel zaailand in Hoorn in de Pas gelegen voor 160 gulden, een schepel zaailand in Hoorn agter de Haare voor 70 gulden [Protocollen van Bezwaar Heerde, inv.nr.901, fol.232, 233; inv.nr.904, fol.298] : Steven Hendriks, Rutger Hendrix, Lutje Hendrix, Syna Hendrix en Aaltje Hendrix, nagelaten kinderen en erfgenamen van Hendrik Rutgers en Maria Stevens, hebben op verkocht aan Jacob Evers van Putten, voor 280 gld, een huis en hof in de buurschap Hoorn gelegen, de Bonebos genaamd, bij Jan Koenders in pacht gebruikt, zijnde jaarlijks bezwaard met een thiendhoen [Protocollen van bezwaar Heerde, inv.nr.902, fol.304] Hendrik Janssen Timmerman (alias Staverman), j.m. van Millingen, dagloner, overleden te Millingen voor 1807, trouwt te Dalfsen op 9 mei 1744 met 181. Aaltje Berents Lindeboom (alias Blankvoort), dr. van Berent Herms Lindeboom en Maria 31
32 Stevens, geboren te Millingen rond 1722, belijdenis te Dalfsen in 1741, overleden te Dalfsen op 14 augustus : Hendrik Jansen en Aaltien Berens wonen met 1 kind onder de 10 jaar en inwoner Roelof Hendricks te Millingen [Volkstelling 1748] : Hendrik Jansen Timmerman en Altjen Berents Blankvoort, eheluiden, verklaren overeengekomen te zijn met hun zoon Arent Timmerman om aan hem over te geven de halfscheid van al hun roerende en onroerende goederen, 3½ roeden 'hooijland in de vierendeels en brand', 1½ roeden hooiland in de Hooijslage onder de Roosegaarde, en daarenboven al het huisraad benevens het vee, rak en ree, niets uitgezonderd, benevens de de halve bouw en winst en verlost in gevolgelijk schuld en onschuld, mits Arent Timmerman zijn ouders onderhoudt. Hij zal de boedel houden en moet uitkeren aan zijn broer Herman Timmerman 25 guldens, aan zijn broer Steven Timmerman een pond groot of 6 guldens, aan Hendrik Timmerman 31 guldens benevens zijn vaders kiste, en aan Fennegien Timmerman, getrouwd met Engbert Rutgers [ ] [ORA Dalfsen nr.13] Gerrit Hendriks, zn. van Hendrik Gerrits en Aeltje Jans, knecht, belijdenis te Mastenbroek in 1744, met attestatie van Mastenbroek naar Zwolle op 1 mei 1756 voor Michaeli, begraven te Zwolle (Agnietenklooster), ondertrouwt te Mastenbroek op 10 april 1756, trouwt te Zwolle op 1 mei 1756 met 183. Marta Asjes, dienstmeid, belijdenis te Mastenbroek op 17 april 1750, met attestatie van Mastenbroek naar Zwolle in 1756 voor Michaeli, begraven te Zwolle (Agnietenklooster). 1744: Gerrit Hendriks, servus de Wedwe. van Jan Rolofs den 1 Meij met attest. na Zwol vertrokken [Lidmatenboek Mastenbroek] : Matjen Asjes ancilla Engb. Arents, in 's H.B den 1 Meij met attestatie na Zwol vertrokken [Lidmatenboek Mastenbroek]. 1756: Den 10 april op attest: van Zwol ten houwelijk geplocameert voor de iii maal Gerrit Hendriks j:m: te Zwol met Martje Asjes j:d: op 's Heerenb: den 1 meij attest: gegeven om te Zwolle bevestigt te worden [Trouwboek Mastenbroek] : Gerrit Hendriks, j.m. in het Buitengasthuis, gaat in ondertrouw met Martje Asjes, j.d. wonend tot 's Heerenbroek. Zij trouwen te Zwolle op S.G. de vader, H.G. de huijsvrouw van Hendrik Derks [Trouwboek Zwolle] : Hans Hendriks schenkt aan zijn broer Gerrit Hendriks de 'helfte van een acker, bestaende in twee ackeren, groot drie scheepel gesaay, op den Assendorper Enck', 'uit een bysondere affectie bij wijse van een gifte onder de levenden'. Op vestigt Gerrit Hendriks een hypotheek van f. 200 op dit goed ten behoeve van de gebroeders Johannes en Hendrik Beunskerken te Zwolle, à 3½ % 's jaars [Repertorium op de leen-, tins- en hofhorige goederen van het Stift Essen, Assendorp] : Hendrikje Timmerman, dienstmeid te Zwolle, geeft te kennen dat zij voornemens is te trouwen en dat zij daarvoor de akten van overlijden van haar grootouders van vaders- en moederskant moet produceren. Deze hebben gewoond in de gemeente Zwolle en zijn voor verscheidene jaren overleden en op het St Agnieten klooster begraven. Er is echter geen voldoende aantekening van dit overlijden in de registers van de civiele staat gevonden. Dit wordt bevestigd door Egbert Wichers, Arend Teunis ter Moolen en Roelof Meenhorst, landbouwers, en Hendrik Jan van Dijk, touwslager [Huwelijksbijlagen Zwolle, 1822 nr.13] Evert Peters, zn. van Peter Harms en Hillechien Roelofs, gedoopt te IJsselmuiden op 3 februari 1743, landbouwer op het Spijker aan de Zeedijk, begraven te Mastenbroek (in de kerk) op 26 juli 1781, ondertrouwt te Mastenbroek op 3 april 1772, trouwt te IJsselmuiden op 26 april 1772 met 185. Lubbigje Gerrits, dr. van Gerrit Claassen en Aaltje Roelofs, gedoopt te Mastenbroek op 13 april 1749, begraven te Mastenbroek (in de kerk) op 10 september 1784, trouwt (2) te Mastenbroek op 24 augustus 1783 met Arent Willems. 32
33 : Evert Peters, circa 22 jaar oud, onder hulderschap van zijn stiefvader Albert Louwsen, wordt beleend met twee morgen lands in 6 morgen in het Marcelisslagh in Mastenbroek, genaamd het Piggenland. Op wordt Arent Willems op t Spijker bij Zeedijk hiermee beleend, na de dood van Evert Peters, onder voorwaarde dat hij samen met Willem Grootenhuys en Berent Hendriks de jaarlijkse thins zal betalen. Op wordt Peter Everts van 't Spijker ermee beleend, na opdracht van Arend Willems. [Leenrepertorium van het Stift Essen, 623] : Hendrik Hendrixs en zijn vrouw Dirkje Dirkx hebben verkocht aan Jan Herms en Everd Peters hun huis,berg en where, staande en gelegen in de Asschet aan de Zeedijk, aldaar op dijkgrond hebbende ten oosten Berend Peters en ten westen Jan Klaasen Dekker [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7]. 1772: Den 3 april ten huwelijk opgetekent en vervolgens geproclameert voor iii maal Evert Peters j.m. van de Zeedijk onder IJsselmuiden met Lubbigje Gerrits j.d. van de Zeedijk onder Mastebroek. Den 22. April attest: gegeven om te IJsselmhuijden te mogen trouwen [Trouwboek Mastenbroek]. 1772: Hilletien Roelofs met haar zoon Everd Peter en zijn huisvrouw Lubbetien Gerrits, woonachtig aan de Zeedijk in de Asschet, sluiten het minnelijk verdrag. Zij geeft haar zoon vrije inwoning en degelijk voedsel, en zal betalen 40 gulden, waartgen haar zoon en haar behuwde dochter dan ook aannemen het werk van zijn moeder [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7]. 1779: Albert Hendriks en Everd Peters met hun huisvrouwen Geretien Peters en Lubbetien Gerrits, erfgenamen van hun vader Peter Harms en hun moeder Hilletien Roelofs, maken een scheiding en deling. Everd Peters zal hebben en in volle eigendom behouden, tegen het voldoen der schulden en tegen wat Albert Hendriks bij het ingaan van diens huwelijk of anders mag hebben genoten, of wat Everd Peters uit de boedel zou kunnen vorderen: Alle de goederen als huisraad, huismansgereedschap, linnen en wollen, paarden en beesten, niets uitgezonderd, en dan nog 4 morgen land in Mastenbroek in Lammeties huis en 2 morgen in Marcelis slag. Zij behouden in gemeenschap 5/4 morgen land op de Oostermaete met een weinig agtermaate, met nog 2¼ morgen land mede in Lammeties huis [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7]. 1781: Den 26 Julij begraven Evert Peters van het Spijker an de Zeedijk. Enkelt gegraven, graf nr.2 in de kerk van Mastenbroek [Begraafboek Mastenbroek] : Lubbigjen Gerrits, weduwe van Evert Peters, geassisteerd met Albert Hendrix als momber, verklaart zich te willen veranderzaten met Arend Willems, en doet een erfuiting aan haar vier kinderen, met namen Aaltjen, Peter, Gerrit en Roelof Everts: een som van 1300 guldens, de halfscheid van 5/4 morgen groenland op de Oostermaate, de halfscheid in 2¼ morgen groenland in Lammighuis huis, voorts de klederen tot hun overleden vaders lijf behoord hebbende, alsmede aan ieder kind een kist met enig linnengoed, aan Aaltje een bed met toebehoren en aan de anderen elk 40 gulden. Alle kinderen worden ook behoorlijk met goud en zilver toegerust. Voogden zijn Albert Hendrix en Heimerig Roelofs [ORA Genemuiden; verkregen van Frits van 't Spijker]. 1784: Den 10 sept begraven Lubbigjen Gerrits vrouw Arent Willems van de Zeedijc. Enkelt gegraven, graf nr.15 in de kerk van Mastenbroek [Begraafboek Mastenbroek] : Claes Claessen Kragt vestigt ten behoeve van Albert Hendriks en Heimerick Roelofs, als voogden van de minderjarige kinderen van wijlen Evert Peters en Lubbegien Gerrits, een hypotheek van 1500 gulden à 3%, waartoe mede tot onderpand 3 ½ morgen in Vrenswegenslant en 6 morgen op de Bisschopswetering. Geroyeerd op [Leenrepertorium van het Stift Essen, 616] Hendrik Jans van der Steege, zn. van Jan Gerrit Hendriks van der Steege en Willempje Alberts, gedoopt te Mastenbroek op 30 augustus 1756, boerenknecht, belijdenis te Mastenbroek op 9 mei 1782, begraven te Mastenbroek op 1 november 1808, trouwt te Mastenbroek op 30 april 1797 met 187. Hermpje Alberts, dr. van Albert Anthonis en Dievertje Jans, gedoopt te Mastenbroek op 30 augustus 1767, boerendochter, overleden te Mastenbroek op 7 augustus 1810, trouwt (1) te Mastenbroek op 15 maart 1793 met Tomas Oosten, met attestatie naar Hasselt op 31 maart 1793, trouwt (3) op 30 augustus 1809 met Evert Jans. 1798: Hendrik van der Steege en Hermpje Alberts wonen in 1798 aan de Zeedijk in Mastenbroek. In 33
34 1810 woont zij in de Roebollige Hoek. 1808: Den 1 Nov: beg: Hendrik Jans van de Stege. Hermpjen Jans beg. 11 Aug Graf nr.28 in de kerk van Mastenbroek [Begraafboek Mastenbroek] : Hermpje Alberts, weduwe van Hendrik Jans ter Steege, heeft over haar drie minderjarige kinderen genaamd Wilmpje 11 jaar, Albert 5 jaar, en Jantje 3 jaar, tot mombers verzocht Jan van der Sluis, hun oom van moeders zijde, en Jan Jans ter Stege, oom van vaders zijde, en tot toeziende voogd Egbert Cornelis, welke de momberschap hebben aangenomen. Zij doet erfuiting, bewijzende aan ieder kind 225 gulden, ieder 3 hemden, en voorts de klederen, linnen, zilver en goud, tot hun overleden vaders lijf behorend [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.646] Hendrik Lucas van Berkum, zn. van Lucas Willems en Aaltje Hendriks, gedoopt te Zwolle op 7 december 1759, daghuurder, landbouwer, overleden te Zwolle op 15 mei 1822, trouwt te Zwolle op 30 april 1787 met 189. Fennegien Gerrits Schutte, dr. van Gerrit Jansen Schutte en Grietje Gerrits, geboren te Emmen, gedoopt te Dalfsen op 16 september 1764, arbeidster, landbouwster, overleden te Zwolle op 6 april : Inschrijving van Hendrik Lucas, buiten de Dieserpoort in Diese, jongman, boerenwerk, en Fennegien Gerrits Schutte in Lente, jongedogter, boerenwerk; zijn getrouwt Maandag 30 April Getuigen: Lucas Willems, in Diese, vader van de bruidegom, en Grietien Gerrits, vrouw van Gerrit Schutte [Trouwboek Zwolle] Hendrik Janssen Bergkamp, zn. van Jannes Hendriks en Gerrechje Hendriks Plougman, geboren te Raalte (aan de Bergkamp onder den Vellenaar), gedoopt te Raalte op 2 oktober 1774, daghuurder, schippersknecht, schipper, overleden te Berkum (verdronken in de Vecht) op 3 april 1827, ondertrouwt te Ommen op 18 juni 1794 (met attestatie om in Raalte te trouwen) met 191. Geertje Roelofs Veltkamp, dr. van Roelof Willems en Geertruid Jans, geboren te Arriën, gedoopt te Ommen op 30 december 1770, overleden te Zwolle (voor de Diezerpoort) op 21 oktober : Hendrik Bergkamp, daghuurder, en zijn vrouw wonen aan de Oude Wetering in Mastenbroek [Volkstelling 1795]. In 1800 wonen zij in Zwolle. Geertje Veldkamp woont bij haar overlijden in 1848 op de Nijstad voor de Diezerpoort in Zwolle. 1832: Hendrik Bergkamp, schipper, wonend op de Nieuwstad [NB het zal zijn weduwe betreffen], eigenaar van drie huizen met erf, te Zuid Broek op de Nieuwstad in Zwolle, kadastraal B310, B311 en B312 [OAT Kadaster 1832] Egbert Jans Stoel, zn. van Jan Hendriks Stoel en Janna Hendriks, gedoopt te Zalk op 21 maart 1734, landbouwer op de Bijvanck bij Veecaten, overleden na 1789, trouwt te Zwolle (op attestatie van Zalk) op 30 juli 1759 met 209. Aaltje Jans Leeuw, dr. van Jan Reinders Leeuw en Aeltien Gerrits, begraven te Zalk op 28 november : Gerrit Leeuw en Hendrika Walburgh Staverman hebben volgens testamentaire dispositie van tot erfgenaam van de testateurs zijde benoemd: de kinderen van zijn overleden broeder Jan Leeuw, met name Reinder Jans Leeuw en Aeltien Jans Leeuw, samen voor een derde; de kinderen van zijn overleden broeder Pieter Leeuw, met name Reinder Leeuw en Dries Leeuw, elk voor een derde part. De erfportie van de inmiddels overleden Gerrit Leeuw bedraagt 6000 gulden, waarvan Reinder Jans en Aeltien Jans samen, en Reinder en Dries Peters elk 2000 gulden krijgen, te betalen door de weduwe in drie termijnen [ORA Zalk en Veecaten; boek 16, fol.147]. 1760: Egbert Jans en Aaltje Jans lenen geld van de heer Meulenbeld. Onderpand zijn een huis, berg en schuur, gelegen in de Bijvank in Veecaten, en dan nog een huis op s Heerenbroek. [ORA Zalk & 34
35 Veecaten, Voluntaire Rechtspraak 17 nr.51] : Egb. Jans Stoel en Aaltje Jans verklaren 500 gulden schuldig te zijn aan de Heer Cornelis Pas en Fenna van Vilsteren. Als onderpand stellen zij de halfscheid in 4½ morgen land genaamd de Spieken. De schuld is op afgedaan [Stadsgericht Wilsum 2 fol ] : Egb. Jans Stoel en Aaltjen Jans zijn 500 gulden schuldig aan Jan Bantjes en Jacomina Leusink. Onderpand zijn de halfscheid in 4½ morgen land genaamd de Spieken en ¼ part in 4 morgen hagen en land genaamd de Sennik liggende langs de Sennekerweg. Op is de schuld geroyeerd [Stadsgericht Wilsum 2 fol.121] : Egbert Jans en Aaltje Jans lenen 600 gulden. Onderpand is een vrije en onbezwaarde koeweide in Veecaten, groot 2 ¼ morgen. [ORA Z&V, VR17 nr. 90/91] : Egbert Jans en Aaltje Jans transporteren aan Reynder Jans Leeuw haar gerechte portie in huis [en ], gelegen op de Bijvank in Veecaten, alsmede haar halfrecht van het kampje weideland voor het vermelde huis, ook in Veecaten gelegen [ORA Z&V, VR17 nr.100] : Egbert Jans en Aaltjen Jans, van 's Heerenbroek, verklaren vanwege ontvangen penningen schuldig te zijn aan Jan van Schoonhede een som van 400 gulden. Speciaal onderpand is hun huis op 's Heerenbroek, door de comparanten bewoond [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.626, fol.230] : Egbert Jans en Aaltje Jans, wonend in s Heerenbroek, zijn eigenaars van 4 morgen hagen en land genaamd de Sennik, gelegen langs de Sennikenweg in Wilsum. Jan Bartjes Luijt legt hier beslag op in verband met een hypotheek van 500 gulden, afgesloten op [Stadsgericht Wilsum 2, fol ] : Dr. Sandberg als bediende van Hermen Tuinier en Antoni van Ree, voogden over de minderjarige kinderen van wijlen Pelgrom Voet, zegt dat hij op 12 juli gepand heeft 2¼ morgen hooiland en een morgen Sennik, mede hooiland, toebehorende Egbert Jans op 's Heerenbroek. Hij verzoekt aaneigening. Op verschijnt Egbert Jansen Stoel 'renuntierende van het doen de voorschr wete, en de bepande effecten in volkomen en vrijwillig verwin overgevende, met renunciatie van alle exceptien, met versoek van 4 weken uijtstel' [Stadsgericht Wilsum 2 fol ] : Egbert Jans Stoel en Aeltjen Jans transporteren aan Albert Jans en Margien Derks een vierde part in vier morgen hagen en land genaamd de Sennik. Ook transporteren zij aan Jan van Schoonheden de halfscheid in vier morgen land genaamd de Spiken, gemeen met Reijnder Jans Leeu [Stadsgericht Wilsum 2 fol ] : De Zwolse gemeensman C. van den Helm pandt de roerende goederen van Egbert Jans om daarop een pachtschuld voor een boerenplaatsje in de Mastenbroeker polder te verhalen; na voldoening van deze hoofdschuld vordert hij nog betaling van de kosten, die hij voor inning daarvan heeft gemaakt. Bij incidenteel vonnis werd tweede eis afgewezen [HCO; Schoutambt Zalk & Veekaten; toegang 85; procesdossiers in civiele zaken nr. 47, dossier incompleet] : Reinder Jans Leeu, Egbert Jans en zijn vrouw Aaltien Jans Leeu, en Harmen Geerligh van der Steen, alle gesamenlijke erfgenamen van de weduwe Geerlig Harms van der Steen, verkopen aan Harmen Kobus en Janna Jacobs een 'campien bouland genaamt het Hafien' gelegen in de Nieuwstad van Wilsum [Stadsgericht Wilsum 2 fol.201]. 1783: Reindert Jans pandt de roerende en onroerende goederen van zijn (schoon)broer Egbert Jans, wonende op de Bijvank, teneinde daarop een vordering van 1700 gulden te verhalen, die Egbert hem wegens koop van een erve te Veekaten, de Bijvank, nog zou moeten voldoen. Tevens pandt Reindert Jans pandt de roerende en onroerende goederen van Egbert teneinde daarop een vordering van 663 gulden te verhalen, die Egbert hem wegens koop van een kamp land, gelegen onder Wilsum in de Nieuwstad, nog zou moeten voldoen. Daarnaast pandt Reindert Jans met zijn zwager Herm Geerling de roerende en onroerende goederen van hun Egbert Jans teneinde daarop hun aandelen in de koopprijs van een door Egbert gekochte kamp land, gelegen onder Wilsum in de Nieuwstad, te verhalen. De eisers vangen deze laatste pandprocedure aan op dezelfde dag als de eerste twee, waarop Reindert Jans van de in beide voorgaande nummers genoemde pandingen afziet [HCO; Schoutambt Zalk & Veekaten; toegang 85; procesdossiers in civiele zaken nr , laatste dossier incompleet]. 1783: Harmen Geerligs en Reindert Jans voeren een proces tegen Egbert Jans wegens het niet voldoen van een koopsom voor een perceel grond [ORA Wilsum ]. 1784: Egbert Jans voert een proces tegen Reindert Jans wegens declaratie van kosten [ ORA Wilsum 35
36 ] : Egbert Jans leent 1100 caroli guldens en 20 stuivers tegen 4% van Jan van Vilsteren en Geertruid Mentink. Onderpand zijn zijn erve en getimmer op de Bijvank, alsmede het Hagentie en de landerijen. [ORA Z&V, VR nr.164] : Jan van Vilsteren en de overige crediteuren van Egbert Jans, wonende op de Bijvank, panden diens roerende en onroerende goederen tot verhaal van hun vorderingen. Het vonnis is dat de goederen van Egbert Jans publiek verkocht worden [HCO; Schoutambt Zalk & Veekaten; toegang 85; procesdossiers in civiele zaken nr. 51] : Egbert Jans van de Bijvank heeft bij het overlijden van zijn vrouw Aaltje Jans 5 kinderen. Jan, Geese en Janna zijn getrouwd, Aaltien (15 jaar) en Wilmpje (8 jaar) niet. Aan beide minderjarige kinderen zal hun moederlijke portie, groot 75 caroli guldens en 20 stuivers, worden uitbetaald. Als voogden over de minderjarige kinderen worden aangesteld Jan Wilms en Albert Frericks, wonende op de Harsenhorst onder Wilsum. Egbert Jans tekent met een kruisje. [ORA Z&V18, VR nr ] Jan Berends, zn. van Berent Jansen en Jennegien Gerrits, geboren te Ankum, gedoopt te Dalfsen op 22 mei 1718, begraven te Dalfsen op 23 april 1793, trouwt (1) te Dalfsen op 10 mei 1748 met Janna Assies, trouwt (2) te Dalfsen op 11 februari 1757 met 211. Dirkje Jansen, dr. van Jan Gerrits en Lubbegien Jacobs, geboren te Rechteren, gedoopt te Dalfsen op 8 maart 1733, overleden te Gerner rond : Jan Berents, wed. in Ancum, met Dirkje Jansen, j.d. thans dienende in de Broekhuijsen [Huwelijksregister Dalfsen]. 1758/1775: Jan Berends en Dirkje Jansen wonen in 1758 in Ankum en in 1775 te Oudleusen [Doopboek Dalfsen] : Jan Jansen is komen te overlijden en deszelfs moeder Derkjen Jansen, weduwe Jan Berends, ab intestato erfgenaam zijnde, is niet volkomen bij haar verstand, en dus niet in staat om deezen haar aangestorven illiquide boedel van wijlen gemelde haar zoon Jan Jansen te administreren, of en liquide en effen te maaken, het deshalve noodzaakelijk is, dat gemelde Derkjen Jansen ten dien einde met voogden en momberen worde voorzien, waartoe het Gerigte aansteld en benoemd Antony Arents en Gerrit Westerman, nabuuren van gemelde Derkjen Jansen [ORA Dalfsen; inv.nr. 17 fol.256; transcriptie M. Fokkert] Jan Jans, zn. van Jan Jans Seinen en Geertjen Willems, geboren te Ruitenveen (in de Stellinge), gedoopt te Nieuwleusen op 18 maart 1741, landbouwer, overleden voor oktober 1795, ondertrouwt (2) te Nieuwleusen op 22 februari 1776 met Geesje Arents, trouwt (1) te Nieuwleusen op 22 februari 1766 met 213. Aaltje Derks, dr. van Derk Jans en Geertjen Derks, gedoopt te Nieuwleusen op 17 maart 1743, overleden voor 23 maart Hendrik Jans, j.m. van Ruitenveen, landbouwer, overleden te Nieuwleusen rond 1799, ondertrouwt te Nieuwleusen op 16 april 1774 met 215. Claasje Claas, dr. van Claes Claessen en Fennigjen Hendriks, geboren te Nieuwleusen, gedoopt te Nieuwleusen op 2 november 1755, overleden te Nieuwleusen rond 1794, ondertrouwt (1) te Nieuwleusen op 16 maart 1773 met Arend Jans Jan Arents Warmerink, landbouwer op Welmerink (Warmerink) in Lemele, trouwt met 217. Fenne Jans. 1748: 't Erve Warmerink in Lemele: Jan Warmerink en zijn vrouw Fennigje Jans. De kinderen Egbert, Marijs en Jannigje onder de 10 jaar. Een knecht, Hendrik Willem, een maagd, Geesjen Roelofs, en een scheeper Derk Willems [Volkstelling Ommen & Den Ham 1748]. 1750: Jan Warmerink, te Lemele, wordt ingedeeld in de 10e klasse ( gld.) en betaalt 3-6 gld. [Personele quotatie Ommen 1750]. 36
37 : Hendrik Velthuis en Jan Klein Huismerink, te Lemele, staan borg voor Jan Warmerink te Lemele, in verband met een achterstallige pachtschuld die hij voor moet voldoen aan de baron van IJsselmuiden, heer te Paaslo, Zwollingerkamp [ORA Ommen en Den Ham nr.11, fol.116] Thijs Claas, zn. van Klaas Janssen en Hendrikje Roelofs, gedoopt te Nieuwleusen op 21 juli 1743, landbouwer, diaken vanaf 1780, kerkmeester van 1785 tot 1788, overleden na 1811, ondertrouwt te Nieuwleusen op 30 maart 1771 met 221. Geziena Claas, dr. van Klaas Willems en Henrikje Simons, gedoopt te Nieuwleusen op 4 augustus 1743, belijdenis te Nieuwleusen op 22 april 1764, overleden te Den Hulst rond : Thijs Claas en deszelfs huysvrouwe Gesina Claas komen met attestatie van Nieuwleusen naar Avereest [Lidmatenboek Avereest]. 1789: Claas Everts koopt van de erven Cuper en van Marle-Golts twee boerderijen aan het Oosteinde te Nieuwleusen, in de nabijheid van het landgoed Oosterveen, waarvan er één door Thijs Claes bewoond wordt. Thijs Claes vertrekt daarop naar Den Hulst, waar hij het Jan Everserf koopt van de familie de Famars, efgenamen van Roelinck [W. Visscher (2005), Heeren van de Ligtmis, p.83, 84] Willem Coops, zn. van Coob Peters en Jennigje Harms, gedoopt te Nieuwleusen op 7 oktober 1742, daghuurder, landbouwer, overleden te Ruitenveen op 15 juni 1823, trouwt (1) te Nieuwleusen op 13 maart 1767 met Aaltje Jans, trouwt (2) te Nieuwleusen op 9 februari 1776 met Aaltje Jans, trouwt (3) te Nieuwleusen op 9 maart 1782 met 223. Claasje Claas, geboren te Ruitenveen rond 1764, daghuurster, landbouwster, overleden te Ruitenveen op 23 juni : Jan Klaas en Margien Jans, boerwerk, zijn bewoners en eigenaars van Ruitenveen nr.34. Later is Willem Koops eigenaar en Willem Koops/Klaas Jonker bewoner [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 655] : Willem Coops van 't Ruitenveen, weduwnaar van Aaltjen Jansen, heeft voor zijn drie minderjarige kinderen Lubbigjen, Jantjen en Coop, tot mombers verzocht en geobtineerd Harmen Coops, oom van vaders zijde, en Willem Jans, oom van moeders zijde. Hij doet erfuiting en geeft de kinderen ieder 25 gulden en een kist voor hun moederlijke goed [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.627] : Claasien Claasen, woond op het Roitten Veen, is getuige bij de doop van Aaltje, dochter van Willem Peters en Henrickien Hendriks, woond in Langenholte [Doopboek Broerenkerk Zwolle] Gerrit Gerrits, geboren te Ommen, met attestatie van Ommen naar Dalfsen in 1750, begraven te Dalfsen op 11 september 1781, ondertrouwt te Dalfsen op 13 april 1748, trouwt te Ommen met 225. Janna Everts, dr. van Evert Remmelts en Swaantien Henrics, geboren te Rechteren, gedoopt te Dalfsen op 14 juni 1716, begraven te Dalfsen op 30 april : Gerrit Gerrits j.m. te Ommen, met Janna Everts j.d. van Bensinck onder Rechteren. Getr. te Ommen [Huwelijksregister Dalfsen] Gerrit Jansen, j.m. van Oudleusen, wonend op 't Nierveer te Millingen, overleden voor 6 november 1772, trouwt te Dalfsen op 17 oktober 1762 met 227. Ida Hendriks, dr. van Hendrik Derks in den Hoek en Fennegien Janssen, geboren te Emmen, gedoopt te Dalfsen op 22 februari 1728, overleden te Millingen op 2 februari 1816, trouwt (1) te Dalfsen op 7 maart 1749 met Jannes Willems, ondertrouwt (3) te Dalfsen op 6 november 1772, trouwt te Dalfsen op 22 november 1772 met Lambert Jansen, j.m. van Millingen. 37
38 : Ida Hendriks, weduwe van wijlen Jannes Willems, met Gerrit Jansen als momber geassisteerd, verklaart te willen hertrouwen en is met de mombers overeengekomen om aan haar vier onmondige kinderen voor vadersgoed uit te keren: Aan de zoons Willem, Engbert en Hendrik ieder 10 caroli guldens en aan Derkjen Jannes een buere tot een bedde en peluwe en kussens. Verder zijn mede verschenen Evert Willems en Remmelt Gerrits, die de momberschap met handtasting hebben aangenomen en hebben beloofd zich als goede en getrouwe mombers te gedragen als na landrecht [ORA Dalfsen, fol.634; transcriptie op Forum HCO van Ria van Bessen] :Ida Hendriks, wed. van wijlen Gerrit Jansen, met Lambert Jansen als momber geassisteerd, verklaart te willen hertrouwen en met de mombers te zijn overeengekomen om aan haar onmondige dochter Geertjen Gerrits uit te keren voor vaders goed '100 caroli guldens, een bedde met zijn toebehoor te weten een over en onder bedde, een gouden ring en een bijbel met zilveren krappen van de vader, een eiken kiste benevens een sa: van zeven en twintig gls en 17 stuivers van de verkochte klederen van de vader en nog 8 guldens die Kockman onder zich heeft'. Jannes Kolkman en Jan Mijnders hebben de momberschap aangenomen. In de marge: : In plaats van wijlen Jannes Kolkman is aangesteld als momber Willem Logterman :Geertjen Gerrits met haar man Evert Gerrits verschenen en hebben de mombers bedankt voor de goede administratie en verklaard voldaan te zijn van haar vaders goed. [ORA Dalfsen fol.181; Ria van Bessen op Forum HCO] : Ida Hendriks, wed. van wijlen Lambert Jansen, met Engbert Bloemendal als momber geassisteerd, verklaarde met hare kinderen en haar schoonzoon, namelijk Willem van der Vegte en Aaltjen Bruiniks eheluiden, en Hendirk Remmelts en Derkjen van der Vegte, eheluiden, en haar schoonzoon Evert Gerrits, weduwnaar van wijlen Geertjen Gerrits, alhier present, te zijn overeengekomen met haar voornoemde schoonzoon Evert Gerrits dat zij van nu af aan in vollen eigendom overgeeft en transporteert 'de gehele boedel met schuld en onschuld zoals deselve is en mogte bevonden worden zonder na haar overlijden ten aller minste aan haar boven gemelde kinderen of hun wettige erfgenamen uit te keren, mits dat Evert Gerrits gehouden zal zijn zijn schoonmoeder Ijda Hendriks voor de gemelde boedel te onderhouden in kost en kleder tot haar dood toe en na haar overlijden een eerlijke en fatsoenlijke begrafenis. Mocht het gebeuren dat de contractanten onverhoopt niet vredig tezamen konden wonen en de eerst comparante Ijda Hendriks mogte verkiesen om te vertrekken, dan zal Evert Gerrits gehouden zijn jaarlijks tot aan haar dood toe aan zijn schoonmoeder te geven een somma van vijf en twintig guldens, en haar bed en de kleding tot haar lijf behorende onverhinderd te laten volgen'. Willem van der Vegte en Aaltje Bruininks, Hendrikjen [!] van der Vegte getrout met Hendrik Remmelts verklaarden na het overlijden van hun moeder niets uit de boedel te begeren, noch met de begrafeniskosten iets te doen hebben [ORA Dalfsen nr.14 fol.295; Transcriptie Ria van Bessen op Forum HCO] Albert Jansen Boer, zn. van Jan Boer en Harmine Gerrits, gedoopt te Hellendoorn op 16 oktober 1729, landbouwer op Boer in de Nieuwstad, trouwt (1) te Hellendoorn op 14 mei 1752 met Mientje Jansen, trouwt (2) te Hellendoorn op 19 februari 1763 met 229. Hendrikje Hendriks Reimink, dr. van Hendrik Hendriks Ploer en Jennigje Geerligs, gedoopt te Den Ham op 28 februari : Albert Boer 1/8 part in het Nijstadshekke [Markeboek Hellendoorn] : Albert Boers plaatsjen f 20 [Taxatie van de aangegravene en uitgespittede hoeken en katersplaatsjes; Markeboek Hellendoorn] : Albert Jansen Boer, zich zullende verandersaten met Hendrikjen Hendriks, verzoekt dat over zijn vier onmondige kinderen met namen Jan Berent, Gerrit, Jan Harmen en Teune, bij wijlen Mientjen Jansen in echte verwekt, tot mombers worden benoemd Jan Jansen en Anthonij Jansen. Voor het moederlijke goed bewijst hij aan de drie zoons 'als uijt het huijs en op den dienst komen' ieder twee schapen en aan de dochter de kist kleren, linnen en wollen van wijlen haar moeder. De bruid Hendrikjen Hendriks, met haar broer Jan Reijmink als haar momber, verklaart de kinderen voor eigen kinderen aan te nemen. Zij zullen van haar als eigen kinderen erven in het geval eigen kinderen nablijven [ORA Hellendoorn, nr.9] : Albert Jansen weduwenaer van Mijne Jansen, van de Nijstad, met Hendrikjen Hendriksen 38
39 j.d. van Reimink te Meer onder den Ham [Trouwboek Hellendoorn] Gerrit Wolters van den Berg (alias Berghommelte), zn. van Gerrit Wolter Hendriks Kleijn Roossink en Jenneken Wilmsen, gedoopt te Hellendoorn op 14 oktober 1742, landbouwer op Berghommelte, belijdenis te Hellendoorn op 1 april 1768, ondertrouwt te Hellendoorn op 1 oktober 1766, trouwt te Rijssen op 6 oktober 1766 met 231. Fenne Derksen : Gerrit Wolters j.m. in het kerkdorp Hellendoorn trouwt met Fenne Derkzen j.d. woonende bij Veurdink in Notter [Trouwboek Rijssen] Hermannus Jurriaens van Meekeren, zn. van Jurriaen Hendriks van Meekeren en Geertje Hendriks Winters, gedoopt te Hattem op 26 januari 1735, meestertimmerman, brandwacht in 1762, broeder van het schuttersgilde St.Anna op 16 mei 1785, brandmeester in 1786, overleden te Hattem op 3 januari 1812, trouwt te Hattem op 23 augustus 1761 met 233. Hendrika Keijman, dr. van Arent Otto Dercks Keijman en Stijntien Meijerinck, gedoopt te Zutphen op 9 november 1732, overleden te Hattem op 23 april : Hermannus van Meekeren levert de stad Hattem een doodskist van 1½ duims eiken wagenschot voor 20 gulden [Heemkunde Hattem 1993, p.24] : Bijgjen Wijssenberg, geassisteerd met haar zwager Arent Jaspers als haar momber, heeft verkocht voor 150 gulden aan Hermanus van Meekeren en Hendrica Keijman 'een half huisjen of woninge en stal met een hofjen daar agter staande en gelegen alhier agter de andere helfte van dat huisjen [nu nr. 20 in de Achterstraat] [Transportregisters Hattem, inv.nr.126, fol.338v] : Timmerman van Meekeren maakt een schavot op de markt, waar Hendrika Schutte 60 stokslagen zal krijgen voor diefstal. De kosten zijn pond voor het hout en het maken : Te huur een aangename buitenplaats genaamd Waaburg, bestaande uit een Heeren Huizinge, koetshuis, etc. 'Te bevragen by Hermanus van Meekeren, Mr.Timmerman' [Amsterdamse Courant] : Het bestuur van Hattem besluit om de resterende toren van het kasteel af te breken om de baksteen te kunnen verkopen. Hermannus van Meekeren krijgt de opdracht om de Dikke Tinne op te meten, in tekening te brengen om uit te rekenen wat de opbrengsten en onkosten zullen zijn. Hij krijgt 14 gulden voor de moeite. 1778: Hermanus van Meekeren is eigenaar van een kerkbank (sectie A rij 9 nr.5) in de kerk van Hattem [Veluwse Geslachten Publ. 100] : Egbert Hendriks klaagt bij het stadsbestuur van Hattem over Hermannus van Meekeren. Op 26 september was Egbert Hendriks met zijn meid, Gerrigjen Swiers, bij het huis van Jan de Haan geweest, waar ook van Meekeren aanwezig was. Van Meekeren had Hendriks voorgesteld dat sij malkanderen souden seggen, wat sij wilden, sonder kwaat te worden. Hendriks had daarmee ingestemd, op voorwaarde dat het ordentelijk zou gebeuren. Daarop had van Meekeren Gerrigjen Swiers uitgescholden voor een klungel en gezegd dat Hendriks daar mede toehield. Hendriks had het eerst niet gehoord, maar toen zijn meid het hem vertelde sprak hij van Meekeren daar op aan. Van Meekeren sloeg hem daarop met een vuist voor t hoofd en de neus aan t bloeden, waarna hij wegliep.[ora Stad Hattem, 1778, 91.15] : Op tweede pinksterdag 1785 wordt het Patriotische schuttersgilde St. Anna nieuw leven ingeblazen. Hermannus van Meekeren wordt lid. Herdrik van Meekeren is gildemeester, Herman Willem Daendels is gildekoning : Na verovering van Hattem door de prinsgezinde troepen o.l.v. generaal-majoor Spengler, op , vlucht Hermannus van Meekeren uit Hattem met vele patriotten, waaronder Jurrien en Hendrik van Meekeren, naar Zwolle. Op is hij echter weer terug in Hattem (na amnestie van het Hof van Gelderland). 1789: Hermannus van Meekeren koopt huis nr. 68 in de Agterstraat van Jean Theodore Frese. 1791: In augustus van het jaar 1786 wordt in de grachten van de stad Hattem een dam aangelegd ter 39
40 verdediging van de stad tegen de prinsgezinde troepen. De dam blijkt niet bestand tegen het opstuwende water uit de IJssel en op een kwade dag bezwijkt hij, waarbij de achterliggende Homoetslanden blank komen te staan. Hierbij wordt het gras, dat daar in schoven staat, geheel weggespoeld en voorzover nog niet gemaaid is het bedorven. De grashandelaren, die dit gras al gekocht hadden van de stads-rentmeester, Hendrik Jurriëns van Meekeren, lijden aanzienlijke schade en willen dit met een proces verhalen op de maker van de ondeugdelijke dam, Hermannus Jurriëns van Meekeren. Dit proces vindt in 1791 plaats. De grashandelaren, waaronder Albertus Schulting (die voor f 38-8 schade leed), beschuldigen de timmerman van de dam ervan dat hij bij de bouw onvoldoende voorzorgsmaatregelen heeft genomen om een mogelijke overstroming in voorkomen. Dit terwijl toch duidelijk zichtbaar was dat dergelijke maatregelen geboden waren, omdat het niveauverschil tussen het water aan onder- en bovenzijde van de dam zeer klein was, so selfs dat men met schuiten over de dam van beneden naar boven heeft kunnen vaaren. Daarnaast hebben de gezworenen van de gemeente geen resolutie uitgevaardigd voor het bouwen van de dam. Uit getuigenverklaringen blijkt verder dat Hermannus van Meekeren de bouw heeft uitgevoerd. De verdediger van Hermannus van Meekeren verweert zich als volgt: De dam is indertijd gebouwd als onderdeel van de stadsverdediging in opdracht van de toenmalige tijdelijke stadsregering. Daarbij was de beklaagde niet verantwoordelijk voor de uitvoering van het werk. Waarschijnlijk werd de directie gevoerd door de commandant van de burgerwacht, of door de ingenieur die aanwezig was. Het is overigens ongepast om verder onderzoek naar deze zaken te doen; het was immers oorlog. Getuigen beweren daarentegen dat de verweerder wel degelijk met de uitvoering belast was, omdat hij met zijn knechts op het werk aanwezig was en aanwijzingen gaf. De suggestie dat de verweerder dit werk alleen met zijn knechts zou hebben uitgevoerd is absurd; voor een dergelijk groot werk zijn vele arbeiders nodig. Dat zijn knechts zich onder de arbeiders bevonden en dat de meestertimmerman zelf, naast een menigte andere toeschouwers, op het werk aanwezig was, wordt niet betwist. Als brandmeester was hij zelfs verplicht om aanwezig te zijn om te zien waarvoor de seilen, die uit de kerk gehaald waren, werden gebruikt. Een andere reden voor zijn aanwezigheid was dat men buiten zijn order en zonder te betalen materialen uit zijn schuur gehaald had; hij wilde er nog iets van terug zien te krijgen. De pleiter eindigt zijn verhaal: genoeg is het dat niemand den verweerder, een stil en vreedzaam ingezetene der stad, daarvan zelfs kan verdenken. Het mocht niet baten. Hermannus Jurriëns van Meekeren moest de aangerichte schade vergoeden. [ORA Stad Hattem, Civiele Processen 1791, 94.2a-2g]. 1791: Het stadsgericht van de stad Hattem betaalt aan Hermannus van Meekeren 16 gulden voor het maken van twee doodskisten [ORA Stad Hattem 157a, 1791, nr. 36] : Voor het begraven van de vrouw van Hermannus van Meekeren wordt 7 gld. betaald. Voor hemzelf wordt op ook 7 gld betaald. 1795: Hermannus van Meekeren, timmerman, patriot, woont in de Achterstraat [Heemkunde Hattem, 1994, p.75, huis nr. 112]. 1798: De Stad Hattem is aan Hermannus van Meekeren 1141 gulden verschuldigd voor zijn aandeel in de verdediging van de stad in Als de prinsgezinden hun macht hebben verloren wordt hij schadeloos gesteld. Hij krijgt o.a. 962 gulden en 5 stuivers voor latten, planken, spijkers en andere zaken tot defensie [Bataafs archief, nr. 805, nr.15] : Hieronimus Wynen, keizerlijk notaris in het canton en residentie van Hattem, departement van den Boven-IJssel, hiertoe behoorlijk door de regtbank ter eerster instantie van het arrondisement Arnhem geautoriseert, zal, namens Evert Lubbertus Muller, benoemde curator in den vacanten boedel van wijlen Hermanus van Meekeren, op maandag den zes-en-twintigsten julij achtien honderd en dertien, bij den kastelein Hendrik Camphuis in de Vos te Hattem, des avonds ten zes uren, overgaan tot de provisionele toewijzing van de navolgende ongereede goederen, in gemelden boedel gevonden wordende, als: Een huis met 2½ schare weidens op Hoenweert, voorzien van eenige vertrekken, kelders, tuin, en een stal er achter, staande in de stad Hattem in de Ridderstraat, no.154. Ten tweeden: Een huis daar tegen over in die zelfde straat, met 2¼ schaar weiden op Hoenweert, voorzien van een kamer, keuken en stal, no.155. Ten derden: Een huisje, voorzien van twee woningen, in evengemelde straat, no. 150, welke ook ieder afzonderlijk zullen geveild worden [Staatkundig dagblad van het departement van den Boven-IJssel ]. 40
41 234. Jan Jansen van Straten, zn. van Jan Jansen van Straten en Aaltje Jans, gedoopt te Zwolle op 25 januari 1711, burger te Hattem in 1764, overleden te Hattem op 3 september 1785, ondertrouwt (1) te Zwolle op 25 oktober 1749, trouwt te Hattem op 9 november 1749 met Teunisje Warners, ondertrouwt (2) te Hattem op 10 oktober 1762, trouwt te Hattem op 24 oktober 1762 met 235. Bartha Jansen Vorstelman, dr. van Jan Jakobs Vorstelman en Maria van den Bergh, geboren te Hattem op 3 februari 1734, overleden te Hattem op 24 september : Jan Jansen van Straten komt met attestatie uit Blankenburg naar Zwolle. Op gaat hij weer met attestatie naar Blankenburg. In komt hij terug met attestatie uit Briels Nieuwland : Jan Janssen, jongman te Oldeniel, met Teunisjen Warners, weduwe van Willem Hanssen, onder Hattem. Get. den 9 novemb [Trouwboek Hattem] : Jan van Straten wed: van Teunisjen Warners & Barta Vorstelman, beijde wonagtig onder Hattem. October 24 getrout [Trouwboek Hattem]. 1764: Jan van Straten wordt burger van Hattem [Oud Archief Hattem inv. nr. 64] : Jan van Straaten en Barta Vosselman verkopen publiek aan Gerhardus Palm, scholtis, ½ v akkermaalsbos te Zuuk, op de Wellen, voor 147 gld. [Protocollen van Bezwaar Epe, inv.nr. 917, fol.38v]. 1778: Jan van Straaten is eigenaar van een kerkbank (sectie A rij 11 nr.6) in de kerk van Hattem [Veluwse Geslachten Publ. 100] : Registratie van het testament van Jan van Straeten, d.d Zijn zoon Wigbolt van den Berg is erfgenaam [ORA Veluwe; toegang nr.0203, inv.nr.592, fol.74v] Lambert Berends Voorhorst, zn. van Berend Jans Voorhorst en Aaltje Gerrits Eikelboom, geboren te Olst op 5 maart 1758, grutter in de Korte Voorstraat in Zwolle, kleinburger te Zwolle op 23 augustus 1781, steigermeester aan de Grote Aa vanaf 4 juli 1791, overleden te Zwolle op 17 oktober 1824, trouwt te Zwolle op 12 maart 1781 met 237. Maria Hendrika Broekhuys, dr. van Lambert Broekhuys en Agnes Johanna Mörser, gedoopt te Zwolle op 26 juni 1755, overleden te Zwolle op 14 november : Lambert Berents Voorhorst koopt van Albert Berents Voorhorst de Luigenborghs akker in Welsum [ORA Olst] : Lambert Voorhorst, j.m, grutter, wonende in de Korte Voorstraat, gaat in ondertrouw met Maria Hendrika Broekhuis, doende huishoudend werk, wonende in de Korte Voorstraat. Zij trouwen op [Ondertrouwboek Zwolle] : Lambert Berents Voorhorst verkoopt aan Albert Voorhorst de Luigenborghs akker en aan Jan Berents Voorhorst en diens vrouw drie akkers bouwland op t Zieloever, genaamd de Zieloeverakker [ORA Olst] : Lambert Voorhorst, grutter in Zwolle, wordt beleend met den Legen Enck, gelegen tussen t H. Cruys en t Frankhuis in Assendorp, na opdracht door Johanna Muntz en haar man Petrus Justus Tuessinck. [Leenrepertorium van het Stift Essen] : Lambert Voorhorst, gereformeerd, krijgt het kleine burgerschap van Zwolle voor 2 brandemmers (f 6,60) [Burgerboek Zwolle]. 1782: Testament Lambert Voorhorst en Maria Hendrika Broekhuijs : Lambert Voorhorst en Maria Hendrika Broekhuijs kopen van de weduwe van luitenantgeneraal Famars een morgen land buiten de Kamperpoort in Assendorp achter het Kruijsjesgasthuis [Transportregister Zwolle] : Lambert Voorhorst en Maria Hendrika Broekhuijs verkopen aan Tobias Kok een huis en hof voor de Kamperpoort [Transportregister Zwolle] : Lambert Voorhorst wordt na het overlijden van Lambert Broekhuijs benoemd tot medesteigermeester aan de Grote Aa, bij het huis van de heer Cameraar Rouse, naast Hendrik 41
42 Marsman. [Resol. Schepenen en Raden, p.514] : Request van Lambert Voorhorst, grutter, wonend achter de Juffertjeswal [ORA Zwolle] : Lambert Voorhorst wordt medevoogd over de minderjarige zoon van Barend Pijffers, in plaats van wijlen Jan Voskuil. 1796: De grutters Willem van Cleef en Lambert Voorhorst hebben een request ingediend om te verbieden om gezift en gebuld meel te malen, anders dan voor eigen gebruik. Dit is door de keurmeesters goedbevonden. [Resol. Provisionele Representanten, p.160] : Request van Jacob Voorhorst, thans geconfineerd in het Tuchthuis te Zwolle, geassisteerd met zijn broeder Lambertus Voorhorst, wonend te Zwolle, die verzoekt te worden geadmitteerd om boeten en kosten te betalen, hem bij twee sententiën opgelegd, onder borgtocht van zijn broeder. Er wordt besloten dat hij wordt vrijgelaten als hij alle boeten en kosten heeft voldaan. Het overige verzochte wordt van de hand gewezen [Besluiten der Eerste Kamer van het Vertegenwoordigend Lichaam des Bataafschen volks; Early Dutch books online] : Lambert Voorhorst en Maria Hendrika Broekhuijs lenen van de koopman Johan van Engeland 1000 gulden, tegen 5% rente. Onderpand is een kamp land voor de Kamperpoort achter de Schevemolen : Lambert Voorhorst en Maria Hendrika Broekhuijs lenen van Nicolaas Dumpel 2000 gulden, tegen 5% rente. Onderpand is een stuk weideland, de Laage Enk genaamd, gelegen buiten de Kamperpoort tussen het Frankhuis en het heilige kruis, tussen het bezit van A. Noortman en de gemeene weg : Lambert Voorhorst en Maria Hendrika Broekhuijs lenen van de weduwe van Hermannus Eekmans 4000 gulden, tegen 4% rente. Onderpand is een huis en grutterij in de Korte Voorstraat en twee huisjes op de Juffertjeswal. 1808: L. Voorhorst, in de wijk Voorstraat in Zwolle, wordt ingedeeld in klasse 35 (in Zwolle: jaarinkomen van gulden) en betaalt 6 gulden [Personele quotatie 1808] : Heden overleed, aan de gevolgen eener bezetting op de borst, in den ouderdom van ruim vier-en-zestig Jaren, mijne geliefde Echtgenoote Maria Hendrika Broekhuys; gevende ik langs dezen weg daarvan kennis aan Naastbestaanden en Vrienden, zullende ik mij van deelneming, ook zonder Rouwbeklags Brieven, verzekerd houden. Zwolle, 14 November Lambt Voorhorst, Sen [Overijsselsche courant ] Cornelis Wijnvoorden, zn. van Hendrik Wijnvorden en Wobbigjen Cronemans, schipper op de trekschuit van Zwolle naar Kampen, belijdenis te Wijhe in 1759, begraven te Zwolle (Betlehemse kerk) op 3 november 1791, ondertrouwt te Zwolle op 22 oktober 1774, trouwt te Zwolle op 7 november 1774 met 239. Johanna Klaassen, dr. van Jan Klaassen Lammertink en Geeske ten Winckel, gedoopt te Rijssen op 27 februari 1739, overleden te Zwolle (Betlehemse kerk) op 15 december : De gebroeders Berent en Arend Voordenhout transporteren aan aan Cornelis Wijnvoorden een huis en doorgaande werke staande en gelegen bij de Korte Voorstraat en achter aan de wal naast de Drakentoren : Cornelis Wijnvoorden, j.m. in de Camperstraat, schipper op de trekschuit na Campen varende, en Janna Claassen, j.d. in de Koestraat, dienstmaagd. Zijn hier getrout op maandag Getuigen: Jan Voskuil in de Camperstraat, G[ ] Claassen aan de Grote Markt [Trouwboek Zwolle] : Cornelis Wijnvoorden leent van Burgemeester van Sonsbeek 1000 gulden, tegen 3% rente. Onderpand is een kamp weideland in Blaarlo. De schuld is voldaan op : Albert ten Windmolen transporteert aan C. Wijnvorden een huis, hof en weideland, genaamd De Kleine Luire, gelegen voor de Camperpoort in Assendorp : Cornelis Wijnvoorden mag opnieuw voor 3 jaren de kampertrekvaart pachten, voor de oude pacht van 120 gulden [Resol. Schepenen en Raden, p.430] : Cornelis Wijnvoorden heeft zig wederom zodanig in den drank verlopen [ ] dat hij met zijn schuit te Campen komende zeer dronken was, en zulks niettegenstaande een ongeluk dien morgen 42
43 zijn knegt overkoomen dubbele attentie op die reise van hem vorderde. Hierover zijn al eerder klachten gekomen en Cornelis heeft de heren Prosidenten toen beloofd zijn gedrag te beteren. Aangezien hij die beloften niet is nagekomen laten de schepenen en raden hem nu weten van hun hoogste ongenoegen over zijn aanhoudend ergerlijk gedrag door geduirige dronkenschap, met de uitdrukkelijke waarschuwing dat zij maatregelen zullen nemen als hij weer dronken is. [Resol. Schepenen en Raden, p. 335] : De resolutie mag niet baten. Cornelis Wijnvoorden blijft zich aan de drank te buiten gaan. Enkele dagen geleden is hij zodanig op zijne reis van Campen na herwaarts dronken [ ] geweest, dat [hij] tot niets bequaam was, zo zelfs dat door eene der passagiers de schuit heeft moeten worden overgestuurt. Om ongelukken te voorkomen gelast men Cornelis om een bekwame vervanger te zoeken. Verder wordt hem nadrukkelijk verboden om zich direct of indirect met de schuit te bemoeien, of om zelfs maar met de schuit naar Kampen te varen. Dit tot 1 mei [Resol. Schepenen en Raden, p. 373] : Cornelis Wijnvoorden verzoekt om weer toestemming te krijgen om de trekschuit op Kampen te bedienen. Dat wordt goedgevonden en op 1 april mag hij weer aan de slag. [Resol. Schepenen en Raden, p. 443] ; Na overlijden van Cornelis Wijnvoorden wordt Willem de Vries aangesteld als schipper op de trekschuit. [Resol. Schepenen en Raden, p. 3659] : De weduwe van wijlen Cornelis Wijnvoorden verzoekt wegens haar ongelukkige omstandigheden om teruggave van de pachtsom van 120 gulden. Dit wordt goedgekeurd. [Resol. Schepenen en Raden, p.165; bijlage] : De weduwe van Cornelis Wijnvoorden verzoekt om de uitreiking van zekere penningen van het provenue van de Camperschipperplaats bij t leven van haar man ontvangen en op t stadhuis berustende. Dit wordt goedgevonden. [Resol. Schepenen en Raden, p. 218] : Johanna Klaassen leent van Werner Smit 2000 gulden, tegen 3 ¾ % rente. De schuld is voldaan op : Johanna Klaassen transporteert aan Jan van Dijk sr. een huis, hof en een kamp weideland, gelegen aan de allee lopende naar het grote veer buiten de Camperpoort, vanouds genaamd De Kleine Luire, in gebruik bij Jan Zuidberg : De voogden van de kinderen van wijlen weduwe Wijnvoorden, Evert van Slooten en Gerrit Jan Schuurman, transporteren aan Jan van Dijk 2 morgen land buiten de Camperpoort, in Blaarlo achter de eerste bane Hendrik Bartels Nienes (alias Tempelman), geboren op 20 mei 1746, overleden te Arriën op 26 augustus 1814, ondertrouwt (2) te Ommen op 12 november 1780 met Jenne Seinen Heemstede, geboren te Varsen, gedoopt te Ommen op 17 augustus 1749, overleden te Arriën op 3 augustus 1819, ondertrouwt (1) te Ommen op 1 augustus 1773, trouwt te Ommen op 5 september 1773 met 245. Hendrikje Lucas Tempels, dr. van Lucas Engberts Tempelman en Swaantje Gerrits, gedoopt te Ommen op 24 augustus 1745, overleden voor : Hendrik Bertus Tempelman van Arrien, weduwnaar van Hendrikje Lucas, bij welke in echte verwekt zijn Willem en Lucas Hendriks, also hij staat te hertrouwen, verzoekt tot mombers Jan Belthouwer van Beerze, oudoom van vaderszijde, en Roelof Herms, oudoom van moederszijde. Hij geeft elk kind voor hun moeders goed 6 guldens. Ook verschenen is Janna Seinen, met Hend. Nagel als momber, staande te trouwen met Hendr. Bertus Tempelman, nemende deze kinderen voor echte aan. Verschenen is ook Swaantje Gerrits, weduwe van Wicher Tempelman, geassisteerd met Hendr. Nagel, gevende haar goederen van deze boedel aan Hendrik Bartus Tempelman en bruid, die dit aannemen, met de conditie dat zij Swaantje Gerrits tot het einde van haar leven zullen onderhouden [ORA Ommen en Den Ham nr.18, p.610]. NB De voogden zijn wellicht dezelfde als Jan Peters Belthouwer (eerder op Niehoff) te Beerze, getrouwd met Aaltjen Gerrits, en Roelof Harms op Klodders huijs te Ommen, getrouwd met Jennichjen Gerrits. 1795: Hendrik Tempelman woont met vrouw en 2 kinderen in Arrien [Volkstelling 1795]. 43
44 246. Derk Jans Boerdam, zn. van Jan Derks Boerdam en Maria Janssen, gedoopt te Wesepe op 30 juli 1742, wonend op het Hennepegaaven te Dalfsen, belijdenis te Wijhe in 1764, gedetineerde in het Provinciaal Tuchthuis te Zwolle van 15 juli 1790 tot 28 juli 1804, overleden te Dalfsen op 15 april 1807, trouwt te Olst op 28 april 1775 met 247. Eva Stoffers Kruijsdijk, dr. van Christoffer Lamberts Kruijsdijk en Anna Hendriks Mandemakers, gedoopt te Olst op 26 mei 1748, begraven te Dalfsen op 15 november : Derk Boerdam, naar eigen zeggen 46 jaar, geboren in Wijhe en sedert enkele jaren woonachtig onder Dalfsen, thans gedetineerd in het Provinciaal Tuchthuis in Zwolle, bekent herhaaldelijk en zonder pijn het volgende. Op dinsdag 8 juni heeft hij rond half tien s avonds zijn huis, genaamd het Hennepegaaven, gelegen onder Dalfsen, verlaten en zich begeven naar de Olden of Zwolsche Marsch. Daar heeft hij die nacht vier overgaande vaarzen gestolen, die hij door het hek heeft gedreven en van daaruit langs de Zwolsche weg naar Raalte. De volgende dag heeft hij deze dieren in Raalte op de markt gebracht en er drie daadwerkelijk verkocht: één voor 25 gulden an één voor 24 gulden aan Lucas Bruggink uit Almelo, en één voor 23 gulden aan Egbert Landeweer uit Holten. Boerdam had de beesten nog niet daadwerkelijk geleverd, noch had hij het geld ontvangen. De eigenaar van twee van de gestolen beesten kwam namelijk opdagen en Derk Boerdam, die dit hoorde, sloeg op de vlucht. Hij kon echter worden achterhaald en werd in hechtenis genomen. De landdrost ad interim, Antony Carel Baron van Voerst tot den Borgel, veroordeelt Derk Boerdam om aan een paal met raeden strengelijk te worden gegeeseld, daar na gebrandmerkt en voorts te worden geconfineerd in het Provinciale Tugthuis voor den tijd van veertien jaaren, om aldaar geduurende dien tijd met sijn handenwerk sijn kost en verder onderhoud te gewinnen. Het vonnis wordt uitgevoerd in Dalfsen op [HCO 32, Archief van het Drostambt Salland, 1605/ ; nr.60; Oude Orde 201, 208] Arent Nagel, wagenmaker, trouwt met 249. Johanna Jan Henrick van Zuthem, zn. van Hendrick Jan van Suttem en Janna Jans, gedoopt te Hattem op 1 oktober 1723, daghuurder, overleden te Hattemerbroek, ondertrouwt te Hattem op 26 september 1744, trouwt te Hattem op 20 oktober 1744 met 251. Maria Arends, j.d. van Heerde, overleden te Hattemerbroek : Jan Hendrick van Suttem jm van Hattem met Maria Aarren jd van Heerde. Den 20 octobr getrout [Trouwboek Hattem] Gerrit Asjes Velthuis, zn. van Asje Berends en Jannegien Gerrits, gedoopt te Dalfsen op 18 augustus 1736, landbouwer, overleden te Ankum op 29 november 1815, ondertrouwt te Ommen op 9 juli 1765, trouwt te Dalfsen op 18 augustus 1765 met 253. Janna Janssen, j.d. van Ommen, overleden voor : Gerrit Asjes j.m. in Ankum onder Dalfsen & Janna Jannes j.d. op Wijhorst aan de nieuwe brug. getr te Dalfsen [Trouwboek Ommen] : Gerrit Asjes verkoopt de katerstede genaamd Berend Goossens Groene Stede in Ankum, thans beheerd door Thijs Dorgelo, aan Jan Dorgelo : Gerrit Asjes erft van zijn broer, Jan Asjes, de halfscheid van een huis en hof, met daarbijbehorende landerijen, enz, en een stuk grond in de Hooijslagen. 1795: Gerrit Asjes woont met 8 personen, waaronder zijn vrouw, in Ankum [Volkstelling 1795] Gerrit Jans van 't Kroemers (alias Krukkert), zn. van Jan Coerts Harink en Marije Jansen, geboren te Marle, gedoopt te Hellendoorn op 19 juli 1711, landbouwer op Krukkert in Meer, trouwt (1) te Hellendoorn op 25 september 1740 met Hendrikje Derks op den Krukke, 44
45 trouwt (2) voor 1765 met 255. Hendrikje Gerrits Asjes : Gerrit Jansen j.m. van 't Kroemers te Marle dienende bij Lieffert Willems op 't Groote Laar buijten den Ham, ende Hendrikjen Derks, wed. van Gerrit Jansen van 't Krukkers Meer onder den Ham [Trouboek Hellendoorn]. 1750: Gerrit Jans op 't Krukkert in Meer wordt getaxeerd op 150 gulden [1000e penning]. 1760: Jan Smeenk, van vaderszijde, en Jan Krukkers, van moederszijde, zijn voogd over de kinderen van Gerrit Jans en Hendrikje Derks. 1767: Gerrit Krukkert, in Meer, betaalt voor 2 personen hoofdgeld. Generatie IX 258. Jan Gerrits Bastiaan, zn. van Gerrit Jans Bastiaen en Hermpje Jans, visser, overleden te Veecaten (verdronken) op 21 mei 1746, trouwt voor 1717 met 259. Willempjen Engberts, dr. van Engbert Wigbelt en Aeltien Gerrits, overleden te Veecaten op 5 november : Jan Bastiaan en dezelfs vrouw, P[auper], te Veecaten [Hoofdgeld Zalk 1723] : 'Des agtermiddags om half vier uren door de jongens van Ber: Garrits Bot praemschipper en van Jan Bastiaen aen den dijk in Vecaten bekent gemaekt dat in den IJssel omtrent butendijks weijde hadden sien leggen een verdronken vrouwe persoon'. Bij het dode lichaam liggen twee praamschuiten nevens Jan Bastiaen met zijn visschuit. De vrouw wordt op het kerkhof begraven. Op 27 september blijkt dat de verdronkene Magteld Willems is, de vrouw van Garrit Jansen, wonend te Epe aan de Lobrink [ORA Zalk & Veecaten nr.39] : Gevisiteert Jan Bastiaen als verdronken sijnde onder Zalck tegen de butendijks weide in het midden sijnde [ ] bevonden en door des selfs soon en broer met aelrepen weer opgevist, en anders ongeschonden bevonden [ORA Zalk 39]. 1748: Willemine Engberts, wed. van Jan Bastiaan, met Jan Jans, Hermine Jans en Hermanus Jans (ouder dan 10). Zij woont naast haar zoon Gerrit Jans in Veecaten [Volkstelling 1748] Matthijs Wolters, overleden rond 1744, trouwt met 261. Trijntje Elsje, overleden rond : Gerrit Maartens Bastiaan, visscher, Lubbert Bos, visscher, Waandert Uiterwijk, landbouwer, Maarten Gerrits Bastiaan, visscher, verklaren ter instantie van Aaltje Wolters, van de boeren stand, wonend onder Zalk, dat Matthijs Wolters en Trijntje Elsje, in der tijd ehelieden, grootouders van vaders zijde van Aaltje Wolters, gewoond hebben te Dishoorn in Hanover en aldaar beiden overleden zijn, de man voor 80 en de vrouw voor ruim 46 jaren, zonder de juiste tijd daarvan te kunnen bepalen. De comparanten hebben de ouders van Aaltje Wolters zeer wel gekend en dikwijks van hen gehoord dat de ouders van mans zijde ongeveer die tijd gestorven zijn [Huwelijksbijlagen 1824] Gerrit Jans Bastiaan, zn. van Jan Gerrits Bastiaan en Willempjen Engberts, geboren te Veecaten, overleden rond 1797, trouwt (2) rond augustus 1754 met Aaltje Jacobs Blaauw, trouwt (1) te Zalk op 15 juli 1736 met 263. Aaltje Mensen, overleden voor 1754, trouwt (1) met Hermannus Jansen (Pontificus), trouwt (2) te Zalk op 29 juni 1727 met Hermannus Heijincks : Hermannus Heijink, weduwnaar van Yge Jacobs, gaat hertrouwen met Aeltien Mensen, weduwe van Hermannus Jansen. Hermannus Heijink wordt aangesteld als momber over zijn dochter Derkien Herms, ongeveer 3 jaar, naast Hendrik Hendriksen, 'des selfs swager onder het Carspel van Zwoll', en Alb Hendriks, alhier in Vecaten wonende. Aeltien Mensen heeft twee zonen, Jan, ongeveer 45
46 8 jaar, en Andries Harms, 4 jaren. Tot momberen worden aangesteld Gerr. Bastiaen en in plaats van haar zwager Jan Jansen tot Veesen 'met dy selfs bewillinge' voorzegde. Alb. Hendriks, welke het momberschap hebben aangenomen. Hermannus Heijink geeft zijn dochter voor haar moederlijke goed een pond groot ad 6 gulden en een paar zilveren gespen met 'de bojen schorte en een blauwe rock en twee hemden', uit te keren over een jaar. Aeltien Mensen geeft haar kinderen voor hun vaderlijke goed 'yder een pont groot ad ses guld, yder een paer hemden en een paer dassen en dan nog aen de ouste soon een yrse pijen rock en een kamisool [?] en an de jongste soon een hemrock met silveren knopen, en een kiste', uit te keren over twee jaar. Zij beloven ook hun kinderen te leren lezen en schrijven. Bijgevoegd is een copia van een brief van 'Goede vrint Aeltien Mensen. Ik kan tegenwoordig niet bij brengen om te komen, dat moet gij UE niet qwalijk nemen, want ick sal so laet [?] overkomen als ik kan. Maer ik bevele UE de kinderen, want gij syeter nu te veel als vader en moeder over, want gy moet so goet wesen en kregen een ander man in mijn plase, die daer goet en beqwaem toe is en was, darom vaert vrij met u saken voort: maer suster Aeltijn ik bevele UE voor al de kynders, want het sou mijn leet wesen, dat gij de kynders onder de voeten souden treën, nu niet anders op diet pas, en ik wense u dat wenselijk de groetenis aen u kynders'. Getekend met een kruisje door Jan Jansen Drost, met Evert Lymbers en Jacop Jans als getuigen [ORA Zalk, nr.15, fol ]. Aeltie Mensen woont in 1727 en in 1736 in Veecaten. In 1727 trouwt zij als weduwe. 1748: Gerrit Jans en Aaltje Mense, in Veecaten, met kinderen Hermannus (ouder dan 10), Annigje en Merten (jonger dan 10) [Volkstelling 1748]. 1751: De armen van Zalk (in 1711), en vervolgens Aeltien Mense zijn eigenaar van het 'weeropgetimmerde verbrande husien onder aen den dijk' te Veecaten, met 1 vuurstede; 'word niet bet. en is de dyk tot het vergeven byster van de kleine ovens'[vuurstedengeld Zalk & Veecaten 1751] : Gerrit Jans gaat hertrouwen met Aaltje Jacobs. Over zijn onmondige kinderen Anna en Merten Gerrits, bij wijlen zijn vrouw Aaltjen Mensen, worden als mombers aangesteld Willem Gerrits en Andries Harms. De kinderen krijgen voor hun moeders goed elk 10 gulden, ieder een kiste en twee hemden [Stadsgericht Wilsum 2 fol.72]. 1795: Gerrit Jans, een arm oud man, in Wilsum [Volkstelling 1795] : Gerrit Maartens Bastiaan, visscher, Lubbert Bos, visscher, Waandert Uiterwijk, landbouwer, Maarten Gerrits Bastiaan, visscher, verklaren ter instantie van Aaltje Wolters, van de boeren stand, wonend onder Zalk, dat Gerrit Bastiaan en Aaltje Dirks [sic!], in der tijd ehelieden, grootouders van moeders zijde van Aaltje Wolters, gewoond hebben te Wilsum en aldaar beiden overleden zijn, de man ongeveer 17 en de vrouw wel 60 jaren geleden, zonder de juiste tijd daarvan te kunnen bepalen. De comparanten hebben de ouders van Aaltje Wolters zeer wel gekend en dikwijks van hen gehoord dat de ouders van vrouws zijde ongeveer die tijd gestorven zijn [Huwelijksbijlagen 1824] Arend Gosens, schipper, trouwt met 265. Anna Rutgers Jan Jansen Schutte, geboren te de Ruite, trouwt te Nieuwleusen op 24 maart 1700 met 271. Grietjen Derks, geboren te Ankum : Zijn Jan Janzen uit de Ruite en Grietjen Derkz van Ankum alhijr in den huwelijken state bevestigd [Trouwboek Nieuwleusen] Jan Reijndertsen Snijder, geboren te Nunspeet, kleermaker, lidmaat te Nunspeet op 12 mei 1695, begraven te Nunspeet op 23 april 1743, trouwt te Elspeet op 1 maart 1696 met 273. Rijckjen Heijmens, dr. van Heijmen Jansen en Henrickjen Christiaens, gedoopt te Elspeet op 21 mei 1676, begraven waarschijnlijk te Nunspeet op 21 oktober Harmen Hendriks Nagelhout, zn. van Hendrik Harmens Nagelhout en Aartje Jans, gedoopt te Elburg op 24 augustus 1679, landbouwer op de Quackelenberg in Oostendorp, trouwt te Elburg op 7 december 1710 met 46
47 275. Gerrigje Gerbrichs, dr. van Gerbrech Jans en Metjen Peters, overleden voor 31 januari : Herman Henricksen Nagelholt heeft de wagen van Jan Haese op de Camperwegh van de dijck gejaecht [Uittreksels breuckcedulen Elburg ]. 1709: Herman Nagelholt, sig met Cornelis Lubbertsen in Oldebroek geslagen hebbende, staat alhier de heeren boete te verantwoorden [Uittreksels breuckcedulen Elburg ] : Jan Blaauw en Bartha Francken peinden de goederen die Jochen Driesen en Maritien Hendericks hebben toebehoord: een ¼ part en een 1/8 part in een erfken int Oostendorp, de Quackelenberg genaamd, daar pachter van is Harmen Nagelholt [Protocol van bezwaar ORA Doornspijk ] : Lubbert Gerberichsen verbindt zijn aandeel in de nalatenschap van zijn moeje Aeltien Jans, wed. van Gijsbert Dircks, aangeërfd en mede het aandeel dat van zijn broeder Jan Gerberichsen is aangekocht volgens zegel en brief d.d. 19 maart En insgelijks verbindt Hermen Nagelholt zijn 1/5 part in de voornoemde erfenis van zijn moeje Aeltien Jans, alles in Oostendorp en daaromtrent gelegen._deze erfenis is bezwaard, een ieder voor zijn contingente portie, met 450 gulden ten behoeve van Lubbert Nagelholt en Maertje Berents echtel, en haar erven ad 4 %, geregistreerd op (op vertoning van een kwitantie van Jan Michielsen en Gerrit Reyers, uit naam van zijn vrouw Fennetje en Henrickje Nagelhold, alsmede van Henrick van Wesel als volm. Van Gerritje en Berentje Berents, is deze geroyeerd op den ) [Protocol van bezwaar ORA Doornspijk ] : Jannetje Jans, geass. met R.O.Schrassert, verkoopt voor f 100,- aan Harmen Hendriksen Nagelhout en Gerrigje Gerbrigs echtelieden een 1/12 part in een erf in Oostendorp, welk erf door Lubbert Gerritsen deels in eigendom en deels in huur bewoont wordt [Protocol van bezwaar ORA Doornspijk ] : Er verschenen Catharina Gerrits gevolm van haar man Albert Roelofs, Harmen Nagelhout, mede als momber voor het onmondige kind van Jan Nagelhout, Hendrik Nagelhout en Hendrikje Roes echtel, Lambert Nagelhout en Geertje Reints echtel, Aalt Hendriksen en Aaltje Hendriks echtel, Harmen Nagelhout Jr en Stijntje Jansen echtel, Jan Michielsen en Fennigje Lubberts, echtel, en voorts Willem Hengeveld als momber van de onmondige kinderen van zaliger Gerrit Hengeveld bij Stijntje Jansen in echt verwekt, en dan nog Gerrit Reiersen en Hendrikje Lubberts echtel, zijnde de eerste geass. met Daniel van Heerde. Zij zijn allen universele erfgenamen van Eibertje Gerrits en tesamen erfgenamen van Gerrit Nagelhout en verkopen aan Alexander van Dedem 3 schepel zaailand, het Joostcampje genaamd, aan de Schietweg, voor f 390,- [Protocol van bezwaar ORA Doornspijk ]. Ook verkopen zij voor f.890,- aan Augustijn Eimbertsen en Evertje Gerrits 2 1/2 mudde zaailand aan de Diepe Steeg, voor f 575,- aan Jacob Veneman en Wobbigje Aalts 5 gresen aan het Velickendijkje, voor f 150,- aan Willem Hengeveld en Aaltje Pannekoek 1 1/2 schepel in 6 schepel bij de achterste molen en voor f 230,- aan Harmen Nagelhout de Olde, wonende in Oostendorp, een half mudde op 't einde van de Steenstraat welke half aan Hendrik Wijnne behoort. Op verkopen zij voor f 800,- een doorgaand huis aan de Beekstraat (in Elburg) met de helft van de stal in de Kerkstraat en de helft van een hof voor de Mheenpoort [Protocollen van vrijwillige rechtspraak, Elburg ] : Onderpand in een lening van Jacob Lamberts en Jannigje Jans is ¼ part in een huis en getimmer hof en 6 mudde bouwland met bomen en houtgewassen, waaraan de kinderen van Gerrit Willemsen en het kind van Aart Heimensen Koekoek de rest toebehoort, wordende dat huis thans door Harmen Nagelhout meierswijze gebruikt. Idem op : hun ¼ deel in een erf en plaatsje in Oostendorp, ten dele in Oldebroek gelegen, thans door Harmen Nagelhout als pachter bewoond [Protocol van bezwaar ORA Doornspijk ] : Hendrik Gerritsen Pompert en Matje Stevens, echtel, verkopen aan Gerbrig, Hendrik, Aartje en Marten Nagelhout, samen kinderen van Harmen Nagelhout en wijlen Gerritje Gerbrigs, in leven echtelieden, een ¼ part van het erf de Quackelenberg, waar voornoemde Harmen Nagelhout thans woont, liggende het grootste gedeelte van het weiland onder Oldebroek; nog een schepel bouwland op de Enk; dan nog een ½ mud op de Enk. Van welk erf Wichman Willemsen 1½ en Aart Heimensen een ½ vierde part hebben. En dat voor f 345,- en de portie onder Oldebroek voor f 100,- [Protocol van bezwaar ORA Doornspijk ] : Er verschijnen ten eenre zijde: Jan Gijsbert Sandberg en Anna Catharina van Ingen echtel. 47
48 Ten andre zijde: Wilhelmina Hendriks wed. van Lubbert Gerbrigs (voor zichzelf en haar kinderen), Maria Gerbrigs wed. van Jan Pannekoek en geass. met Harmen Nagelhout de Oude (voor zich en haar kinderen bij Gerritje Gerbrigs in echt verwekt) en Beert Reiersen en Matje Peters. Zij hebben samen een verdeling gemaakt van 2 stukken zaailand waarvan het ene 6 schepel, de Hoek genaamd, en het andere stuk groot 2 schepel, het Hoekje genaamd, en waarvan de fam. Sandberg 5/8 part en de anderen 3/8 parten toebehoren. Aan Sandberg wordt toegedeeld 6 schepel en de anderen verkopen hun portie aan Sandberg voor f 50,-elk [Protocol van bezwaar ORA Doornspijk ] Hendrik Jacobs Soet, zn. van Jacob Harms Soet en Eijbertjen Willems, gedoopt te Nunspeet op 26 februari 1688, trouwt (2) te Nunspeet op 15 april 1729 met Neeltje Gerrits Fidder, dr. van Gerrit Jans Fidder en Arisjen Jans, gedoopt te Nunspeet op 23 oktober 1701, trouwt (1) met 277. N.N : Hendrick Jacobsen, wedn. van Doornspijk, trouwt Neeltje Gerrits, j.d. van alhier [Trouwboek Nunspeet] Dirk Gerrits Nyemeyer, zn. van Gerrit Roelofs Niemeyer en Jannetjen, geboren te Oldebroek, trouwt te Oldebroek op 7 maart 1705 met 287. Grietjen Aarts, dr. van Aart Cornelisz en Hendrikjen Roelofs, gedoopt te Oldebroek op 20 januari : Dirric Gerritsz j.m. ende Grietjen Aartsz j.d. beyde wonende in't Old. Hier bevestight [Trouwboek Oldebroek] Engbert Knoop, zn. van mr. Roelof Knoop, gedoopt te Wijhe op 12 juni 1671, trouwt met 291. Derkjen Stoffers : Engbert Roelofsen Knoop en Derkjen Stoffers, eheluiden, voorts Hester Roelofs Knoop, geassisteerd met Gerrit de Haan als momber, bekenden om een somma van penningen getransporteerd te hebben aan Jan van Zwolle, voerman alhier, en zijn huisvrouw, hun huis en hofjen in het kerkdorp Wijhe, ten noorden aan den Nieuwen Dijk en ten westen aan het huis van Albert Berents, hetwelke zij van hun zuster Willemijntje Knoop hebben aangeërfd [ORA Wijhe, nr.11 fol.126] Jan Jansen Fox, zn. van Jan Jansen Fox en Hendrikje Jacobs, gedoopt te Zalk op 12 april 1685, wonend op 't Sand, belijdenis te Zalk in 1713, keurnoot te Zalk tussen 1731 en 1746, trouwt (2) te Zalk op 28 juni 1750 met Teune Dirks, trouwt (1) te Zalk in 1707 met 297. Truij Jansen, j.d. van Zalk, belijdenis te Zalk in 1717, overleden te Zalk op 19 september 1747 (aan de rode loop) : Dries Lubberts Dijk heeft overgedragen aan Jan Fox en Truij Jansen, ehelieden, vier morgen land, genaamd het Bredewegsland, gelegen in het Zalcker Broek. Op dezelfde dag verklaart Jan Jans Fox 200 Car. guldens schuldig te zijn aan Dries Lubberts Dijk. De schuld is op geroyeerd [ORA Zalk en Veecaten nr.15, ] : Jan Jansen Fox en Jannes van den Berg treden op als mombers over Magtelt Jans, dochter van Willem Jans, gewoond hebbende op het haatland bij Campen [ORA Zalk en Veecaten; boek 16, fol.12] : Getruit Jansen, vrouwe van Jan Jansen Fox, voor zoveel nodig geassisteerd met de custos Herm. Ruijl, 'siek op het bedde liggende, dog haeres verstands volkomen machtig', testeert. Zij benoemt haar man Jan Jansen Fox tot haar universele erfgenaam van haar gerede en ongerede goederen, voorbehoudens hun beider kinderen, met namen Jan Jansen en Willempjen Jansen, om de nagelaten goederen in het gemeen te bezitten. In geval van hertrouwen zullen de kinderen de halfscheid krijgen. Zij legateert aan Getruit Willems, dochter van Willem Willemsen en Willempjen 48
49 Jans, haar gouden ring en twee zilveren stiften; en aan Getruit Jans, dochter van Jan Jansen en Janna Harms, 'de zilveren beugel met de tasse, nevens een swart grimmelt jack en een swart gestreepte rock nevens het korte linnen tot haer lijf en twintig pont gehekelt vlas', waartegen haar zoon Jan Jansen zal hebben zeven dubb. ellen van het mooye (?) doek en zeven ellen van het loondoek. Nog aan haar meid Grietien Rulofs haar zilveren gespen en een half sleten vlasdoeken laken. Aan de armen van Zalk vier gulden [ORA Zalk 16, fol.113]. 1750: Jan Janssen Fox wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en betaalt 1 gld. [Personele quotatie Zalk 1750] :Testament Jan Jansen Fox en Teune Dirks, zij ziek te bedde [ORA Zalk 16, fol.140] Hendrick Jans, j.m. te Langenholte, overleden voor 30 april 1700, ondertrouwt te Zwolle op 27 november 1686, trouwt te Zwolle op 14 december 1686 met 311. Lijsabeth Rotgers, j.d. te Langenholte, belijdenis te Zwolle in december 1686, ondertrouwt (2) te Zwolle op 6 april 1700, trouwt te Zwolle op 30 april 1700 met Herman Roelofs : Elijsabeth Rutgers, weduwe van Hendrick Jansen te Langenholte, met de gerichtsschrijver als momber, heeft voor haar drie onmondige kinderen Marrechien, Sophia en Rutger Hendriks, bij haar eheman Hendrick Jansen geprocreëerd, tot mombers verzocht Willem Jansen, oom van vaders zijde, en Willem Fransen, aangehuwelijkte oom van moeders zijde. Zij doet erfuiting en geeft de kinderen voor hun vaders goed de halfscheid van het land in Diesermerckten en aan ieder kind 225 car. gulden als zij 20 worden. Zij krijgen ook de kleding van de vader. De zoon krijgt bovendien het mes met een zilveren hecht, weleer bij de vader gebruikt, de dochters elk een paar zilveren lepels, edoch daaronder gerekend drie zilveren lepels die de kinderen reeds toebehoren. Verder belooft zij elk kind een kiste om hun klederen in te bergen als zij gaan dienen. Elke dochter krijgt ook een stuk linnen van 30 ellen en een bed met toebehoren, de zoon een stuk linnen van 40 ellen en een paard waard 50 daalders. Hiertegen zal de comparante de hele nalatenschap behouden, met alle credieten, en schulden van landpachten en genegotieerde penningen, waarvan de kinderen ontlast zijn. Wat aangaat hetgene door het versterf van zal. Jacob Jansen reeds vervallen is, is hierin niet begrepen, maar zal t.z.t. half bij de moeder en half bij de kinderen ontvangen worden. De moeder zal de kinderen onderhouden tot hun 20e, leren lezen en schrijven naar behoren en de dochters 'soo veel naaijen dat bequaem sijne om haer goet te kunnen verstellen' [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 615] : Herman Roelofsz j.m. en Lijsbeth Rutgers wed: S.G. de vader, H.G. de Suster [zij] moet erfuijtinge doen [Trouwboek Zwolle] : Wolter Willems op de Olde Weteringe in Mastebroeck, mede ten behoeve van de kinderen van Henrick Jansen voor Westervelt en van Henrick Cornelissen, zoon van wijlen Cornelis Lousen, gelijk daarmee in 1682 Jacob Jans tot Langenholt werd beleend, wordt beleend met de helft van drie morgen land, gelegen in Mastenbroek tegenover de kerk 'waarvan burgemeester Van de Weteringe de resterende 1½ morgen toebehoren' [Repertorium op de leen-, tins- en hofhorige goederen van het Stift Essen; Schoutambt Zwolle, Mastenbroek Pinksteren 37] Willem Harms, overleden voor 2 november 1714, trouwt met 315. Albertien Berends, dr. van Berent Jans en Merghjen Derks, ondertrouwt (2) te Zwolle op 4 december 1714 (met attestatie naar Mastenbroek) met Jan Harms van 't Loo, j.m. van Mastenbroek : Albertje Berens, dochter van Berent Jans op de Oude Weteringe, met haar vader als momber geassisteerd, ontslaat haar gewezen mombers Jan Jansen, oom van vaders zijde, en Wolter Willems, naberman, van hun momberschap, en bedankt hen voor de administratie [Transcriptie op Forum HCO]. 1701: Willem Herms, aan de Bisschopswetering, betaalt f [Zoutgeld IJsselmuiden] : Albertien Berents, weduwe van Willem, bewijst aan haar onmondige kinderen Hermen, Gerrit en Mergien Wilms aan ieder 6 gulden (tesamen 18 gulden), en aan de jongens Hermen Wilms en Gerrit Wilms de linnen en wollen kleren van de vader, en aan het meisje een bed met toebehoren. 49
50 De moeder belooft de kinderen te zullen grootbrengen tot aan hun mondige jaren en hen laten leren lezen en schrijven. Tot mombers worden genomineerd Bennier Wijggers en Hendrik Herms [ORA IJsselmuiden, fol.8; transcriptie op HCO forum] : Jan Harms zegt dat hij heeft doen ceteren 'Margin Jans, weduwe: Berent Jans, doet voor draagen hoe dat comparants huijsvrouw Albertin Beerens eerste man Willem Harms zaliger is borge geweest, voor de gedaagd man zaliger Berent Jans, voor 6 mergin lant de geestelijkheit van Camper[..] toebehoorende', etc. [ORA Grafhorst; transcriptie op HCO Fourm] : Jan Harms en zijn huisvrouw Albertien Berents verklaren schuldig te zijn aan Willem Eekholt, gemeensman van de stad Campen een som van 250 Caroli gulden. Zij stellen tot onderpand hun huis en berg met drie morgen land in Mastebroek in Lammegies Huijs, waaraan ten oosten Timen Cok cum suis, ten zuiden Jacob Jochems cum suis, ten westen Gerrit Vribbels en ten noorden de Zeedijk, onder het Schoutambt van Zwolle gelegen. Op verklaart Willem Eekhout voldaan te zijn [ORA Zwolle & Zwollerkerspel, fol.564] Hendrik Hermens Nevesel, j.m. van Sibculo, landbouwer op Nevesel in Noordmeer, ondertrouwt te Hardenberg op 2 juni 1720 met 321. Willempje Jans Nevesel, dr. van Jan Willems Nevesel en N.N, j.d. van Den Ham : Hendrik Harms, j.m, in het Klooster Zipkulo, met Willemtje Jansen, j.d. op het Nersel in het Noordtmeer onder de kerke van den Ham [Ondertrouwboek Hardenberg]. 1723: Henrik Nevenzel, in Noord Meer, betaalt voor 2 personen hoofdgeld : Gerrijt Lamberts ten Kotte en zijn vrouw Eva Jans Boers maken een testament. Zij wordt geassisteerd door haar neef Henrik Hermsen Nevelsel [ORA Ommen & Den Ham, inv.nr.4, fol.168]. 1737: Nevelsel in Noordmeer betaalt 8-4 gulden verponding en gulden contributie [Verponding Den Ham 1716/1737]. 1748: Bij de volkstelling van 1748 wonen Hendrik Nevesell en sijn vrouw Willempje Jansen met hun kinderen Jan, Geertje, Aaltje (ouder dan 10), Albert, Eeve en Femmigje (jonger dan 10) in Noordmeer. 1751: Nevenzael heeft 1 vuurstede. Het is in bezit van de Heer van Eerde [Vuurstedengeld 1751] Harmen Derks Poot (alias Bergland), zn. van Derk Lamberts Bergland en Berendje Jansen, landbouwer op Poot Derk in Noordmeer, overleden voor 1748, trouwt voor 1725 met 323. Anna Catharina Willems (alias Dries), overleden na 1755, trouwt (2) met Lambert Westermars. 1750: Poot Derk, in Hellendoorn (sic!), wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gulden) en betaalt gulden [Personele quotatie 1750] : Een huwelijkscontract in het kader van het huwelijk van Willempje Harms, dochter van Anna Catharina Willems en Harmen Derks, en Harmen Hendriksen van Daarle. Partijen zijn Lambert Westermars, zijn huisvrouw Anna Catharina Willems, haar dochter Willempje Harms en haar bruidegom Harmen Hendriksen van Daarle, Maria Herms en haar man Lubbert Berends, Derkje Harms en haar toekomende man Jan Nevezeel, Lysabeth Herms en haar man Jan Plaggemars, en Dina Herms, als zijnde onnosel of niet al te wel bij haar sinnen. Er wordt afgesproken dat de bruidegom Hermen Hendriks zal intrekken bij Lambert Westermars en zijn vrouw Anna Catharina Willems op 't Erve en plaatse Pont Derk te Noordmeer in 't Carspel Ham, en dat aan hem en zijn vrouw de halfscheid wordt overgedragen van alle hare reele en personele goederen, hoe die ook genaemt mogten kunnen worden. En na het overlijden van Lambert Westermars en Anna Catharina Willems zullen alle hare reele en personele goederen, gene daer van uitgesonderd aan hen worden nagelaten. Na het overlijden van Anna Catharina Willems zullen haar kleren gelijk verdeeld worden over haar kinderen, doch haar swarte schorten zijn voor haar dochter Maria Herms. Ook zal na het overlijden van Lambert Westermars en Anna Catharina Willemsen veertig gulden moeten worden uitgekeerd aan Maria Herms, evenals aan Derkje Herms en Lysabeth Herms. Dina Herms zal de jaarlijkse opbrengst van een schepel saailand op 't sogenaemde Rot te Noordmeer in 't Carspel Ham krijgen, zo lang zij leeft. Na haar overlijden zal dit land weer tot het huis behoren, zonder dat haar andere zusters 50
51 bevoordeeld zullen worden. Tevens spreken de buidegom en bruid af dat, wanneer een van beiden te overlijden komt zonder erfgenamen, de langst levende de nagelaten vaste en mobiele goederen zal behouden [RAS Ommen en Den Ham] Willem Arents, zn. van Arent Hendriks op den Geerlig en Willemtjen Berents, gedoopt te Den Ham op 25 november 1708, landbouwer op Bijster in Linde, trouwt (2) te Den Ham op 12 januari 1743 met Grietjen Jans, trouwt (1) met 325. Anna Maria Goossens, dr. van Gosen in den Bijster, gedoopt te Den Ham op 23 november 1706, overleden voor 12 januari : Willem Arents Bijster, weduwnaar van Marije Gosens, verzoekt over zijn kinderen Gesien, Willem en Gerryt, een half jaar oud, aan te stellen tot mombers Henrik Henrix op 't Marsmans tot Raan, wiens vrouw een zuster is geweest van de overleden Marije Gosens, en de vader van de comparant, Arent Henrix Knippers. Zijn bruid is Grietien Jans, met haar stiefvader Derk Jans Hofman tot Eegden. Hij doet geen erfuiting aan zijn kinderen omdat hij met zijn bruid was overeengekomen dat zij de kinderen aanneemt als haar eigen kinderen, dat zij op zijn plaatse het Bijster gaat zitten in gemeenschap van goederen, en dat haar goederen in het huis zullen blijven als zij zonder kinderen komt te sterven [ORA Ommen & Den Ham]. 1750: Willem Bijster wordt getaxeerd op 200 gulden [1000e penning]. 1750: Willem Arends is ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gulden) en betaalt 2 gulden [Personele quotatie 1750]. 1751: Willem op den Bijster (vroeger Gosen Bijster) is zelf eigenaar van Roelof op de Bijsterije, met 1 vuurstede [Vuurstedengeld Linde] : Willem Arends Bijster en Grietje Jansen verklaren een bedrag schuldig te zijn aan Jan Ronhaar en Gerrit Alberts, aan de Nieuwe Brugge, mombers over de kinderen van Jan Hoenink te Egede, waarvoor zij als onderpand stellen een mudde stuk zaailand, gelegen op den Bijster te Linde onder de klokke van Den Ham. De schuld dateert van [ORA Ommen & Den Ham, inv.nr.10, fol.8v] : Willem op den Bijster, oom van moederszijde, en Hendrik Jansen Wemecamp, neef van vaderszijde, worden aangesteld als voogden over de kinderen van Hermen Gerrits Wemecamp en wijlen Aaltje Arends, van Magele. Omdat de voogden niet kunnen lezen of schrijven wordt Jan Toerse toeziende voogd [ORA Ommen en Den Ham nr.12, fol.67v] : Testament Derk Huisjes, landbouwer op Huisjes in Archem, overleden voor 18 februari 1777, trouwt met 327. Jannigjen Lamberts. In 1731 is een Derk Jans Huissien uit Archem keurnoot van Ommen en Den Ham. In 1736 is een Derk Willems Huissien uit Archem keurnoot en in 1704, 1706 en 1727 een Willem Jans Huissien. 1748: Derk Huissies en sijn vrouw Jannigje Lamberts, op 't Erve Huissies in Archem, een kind Aale (onder de 10 jaren) [Volkstelling 1748]. 1750: Dirk Huisjes, te Archem, behoort tot de armen en betaalt 2 gld. [Personele quotatie Ommen 1750] : Jannigjen Lamberts, weduwe van Derk Huisjes, maakt haar testament op. Kinderen: Aaltje Derks, Jan Derks en Hendrik Derks, overleden, in leven wonend op Polmans te Noordmeer[Ommen inv.nr. 18 fol ] Hermannus Harms Askamp, geboren te Emmen, trouwt te Nieuwleusen (met attestatie van Dalfsen) op 30 juli 1702 met 329. Fennegien Janssen, geboren te Millingen. 1748: Hermannus Askamp, met Berent Hermsz, woont met vrouw Aaltien Jansen, dochter Janna, 51
52 ouder dan 10, en 2 kinderen onder de 10 in het kerkdorp van Dalfsen [Volkstelling 1748] Jannes Derksen, zn. van Derk Teunissen en Jannegien Derks, geboren te Oudleusen, gedoopt te Dalfsen op 8 september 1700 (Dalfser Kermis), lidmaat te Oudleusen op 23 december 1725, begraven te Dalfsen op 17 februari 1778, trouwt met 333. Jennigje Berents, dr. van Berent Henriks en Margien Alberts, geboren te Oudleusen, gedoopt te Dalfsen op 4 februari 1700, lidmaat te Oudleusen op 2 juni : Jannes Derks en Jennegien Berens wonen te Oudleussen, met zoon Teunis Jansen ouder dan 10 jaar en 2 kinderen jonger dan 10 jaar. Er zijn geen inwonende dienstboden [Volkstelling 1748]. 1750: Jannis Brinckman, te Leussen, wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en betaalt 3 gld [Personele quotatie Dalfsen 1750] Jan Harmens Brinkman, trouwt met 335. Berendina Janssen. 1725: Jan Brinks uit Leuzevelt, te Emmen, ord: Verp Contb f Nog uit Scheppings katerstede verp. Contb f -7-. Zelf eigenaar [HCO; Verponding Dalfsen 1725; Statenarchief inv.nr.2499, Salland 4, fol.32]. 1748: Jan Hermsz en Berentien Jansen wonen in Emmen, met dochter Jennegien ouder dan 10 jaar en 1 kind jonger dan 10 jaar, zonder inwonende dienstboden [Volkstelling 1748]. 1750: Jan Brink, te Emmen, wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en betaalt 3 gld [Personele quotatie Dalfsen 1750] Teunis Jansz, ondertrouwt te Zwolle op 4 december 1708 met 337. Berta Everts, dr. van Evert Willems en Marrichje (Martje) Jans, gedoopt te Zwolle op 11 september : Ondertrouw Thjeunis Jansen j.m. en Berta Eevers j.d. Sgt Jan Albers en de moeder [Trouwboek Zwolle] Hendrick Jans, ondertrouwt te Zwolle op 2 juli 1712, trouwt te Zwolle op 19 juli 1712 met 343. Hermpje Alberts, belijdenis te Zwolle op 21 december 1722 wonend buiten de Sassenpoort : Hendrik Jansen, j.m. wonend te Assendorp, ondertrouwt met Hermpjen Albers, wonend te Assendorp. Getrouwd op Getuigen zijn Gerrit Jansen en de vrouw van Henrick Klaassen [Ondertrouwboek Zwolle] Gerrit Thonisz Corterik (ook: Koeverik, Kortrijk), zn. van Tonis Korterik en Janna Tonissen, gedoopt te Raalte (tussen 28 december 1705 en 10 januari 1706), trouwt met 345. Geesje Jans Lenderinck, dr. van Jan Egberts Lenderinck en Berentien Jansen, gedoopt te Wesepe op 6 juni : Gerrit Kotterick, in Tijenraan, met 2 volwassenen, 1 kind boven de 10 jaar, 4 kinderen onder de 10 jaar en geen dienstboden [Volkstelling Raalte 1748] : aangenomen Garrit Corterik de oude man aan het Grotenhuis [Lidmatenboek Wesepe] : Gerrijt Tonessen Kotterink en zijn vrouw Geesien Jans zijn een som geld schuldig aan de diaconie van Wesepe, waarvoor zij als onderpand stellend hun katerstede het Lange Willenis geheten, ook we genaamd de Heemen. De schuld is afgelost op [ORA Olst (?) 6, fol.77; Willem Lenderink, Gerrit Lenderink en Gerrit Kotterick voor hunzelf en voor Derk Lenderik, Jan in 't Hoofd, Jan Lenderink, Hendrik Lenderink, Roelof, Arent, Janna, Maria, Aaltje, en Lubberta Lenderink geassisteerd door Teunis Heilersich, transporteren aan Teunis Lenderink de 52
53 katerstede 't Kistemaker [ORA Raalte] : Antonij Kortrijk als gevolmachtigde van Gerrit van de Weteringe en zijn vrouw Aaltjen Kortrijk, en comparants vrouw Maria Ravenhorst, Johannis Kortrijk en zijn vrouw Janna Jansen als gevolmachtigden van Jan van Rossem en Geertrui Kortrijck zijn vrouw Gerrit Korterijk, Maria Gerrits en Jan Hofman, zijn vrouw Gerrits Nijkens Korterick en zijn vrouw Janna Albers, transporteren aan Wijbrandus Joannes Kok de katerstede 't Lange Willems of Hemen genaamd [ORA Olst (?) 6, fol. 431] Jan Rouwendaal (?) : E. Teunis en Jan Rouwendal zijn aangesteld als voogden over de kinderen van Albertus Herms en Elisabeth Teunis [ORA Olst nr.20, fol.33]. 1750: Jan Rouwendaal wordt ingedeeld in de 10e klasse ( gld) en betaalt 3-6 gld [Personele quotatie Olst 1750] 348. Thijs Berents Swart, zn. van Berent Jans Swart, overleden voor 1751, trouwt (1) met N.N., trouwt (2) met 349. Goldina Gerrits Grotenhuis, begraven te Wijhe (in de kerk) op 22 april : Thijs Berents Swart is naast Claas Reiser aangesteld als voogd over het onmondige kind van Roelof Reinders bij wijlen zijn eerste huisvrouw Swaantjen Gerrits [ORA Wijhe, vrijwillige rechtspraak, nr. 11, fol. 151] : Thijs Berents Swart en Goldina Gerrits Grotenhuis, eheluiden, de vrouwspersoon met Roelof Knape als haar verkoren en met wille hares ehemans toegelatene momber geassisteerd, hij krank te bedde liggende, en zij gaande en staande, doch beiden gezond van oordeel en verstand, maken een testament op de langstlevende. Hij heeft tot universele erfgenamen benoemd zijn vijf kinderen, met namen Wilhelmina, Derk, Gardina, Teuntjen, en Jan Thijssen Swart, als mede de kinderen van zijn overleden dochter Berentjen Thijssen met namen Jan Thijssen, Kornelis, Evert, Derkjen, Swaantjen en Hendrik Hendriksen Top, deze zes laatsten in hun moeders plaatse, om na dode van zijn huisvrouw Goldina Gerrits Grotenhuis in zes egale delen minnelijk te scheiden en te delen. Zij benoemt tot haar universele erfgenamen haar vier kinderen met namen Derk, Gardina, Teuntjen en Jan Thijssen Swart [ORA Wijhe 12, fol.26]. 1737: Thijs Berents en Goldina Grotenhuys zijn lidmaten te Wijhe [Lidmatenboek Wijhe] : Thijs Berents Swarts en Goldina Grotenhuis bekennen getransporteerd te hebben aan Hendrik Hammink en Willemgen Thijssen Swart eheluiden, hun hof gelegen in het kerkdorp Wijhe achter hun comparantens huis over de weg tot aan de Broekslager Straete, zijnde een allodiaal goed [ORA Wijhe 12, fol.407]. 1748: Thijs Berents, Dijne zijn vrouw; Derk Teune en Jan boven de 10 jaar; Berent onder de tien jaar; wonend in het rot van Peter van Olst in Wijhe [Volkstelling Wijhe 1748]. 1751: Wijhe dorp nr.28, weduwe Zwarts, in een huis met 1 vuurstede, oude cohier: Berent Jansen. [Vuurstedengeld 1751]. Goldina Gerrits, weduwe van Tijs Berents, cedeert al haar goederen aan haar zoon Derk Tijssen. Zij is na de dood van haar man blijven zitten in een boedel met lasten en zonder lusten, en nu is zij overgelaten aan de zorg, moeite en vlijt van haar zoons Derk en Jan. Derk krijgt haar geringe wereldlijke bezit als hij haar de rest van haar leven onderhoudt [ORA Wijhe, vrijwillige rechtspraak, fol.65] Steven Dries Vijge (alias van Koldenhove), zn. van Dries Jansz en Aaltje Lamberts, geboren te Wapenveld, gedoopt te Heerde op 21 november 1692, overleden te Heerde op 18 augustus 1784, ondertrouwt te Heerde op 4 maart 1719, trouwt te Heerde op 24 maart 1719 met 359. Lutgertje Egberts, geboren te Hoorn (Heerde), belijdenis te Heerde in 1724, met Pasen, overleden te Heerde op 23 maart
54 : Claes Cornelisse Keppe en Swana Jacobs verkopen aan Steven Dries en Lutgertje Egberts de helft van een morgen weiland genaamd de Noordberg, waarvan de wederhelft toebehoort aan Jan Meijer, in de buurschap Wapenveld, voor 30 gulden [Protocollen van Bezwaar Heerde, inv.nr.901, fol.287v] : Steven Dries en Lutgert Egberts verkopen aan Geertruijd van Ingen, weduwe van Jan Henrix Meijer: 1 morgen weiland in de buurschap Hoorn, oost de groote wetering, zuid de gemeene weg, west burgermr Westerveld, nood burgermr Greve, voor 70 gulden [Protocollen van Bezwaar Heerde, inv.nr.901, fol.216v] : Jan Egberts Rodius en Geesje van Noorle verkopen aan Steven Dries en Lutgert Egberts een akker land in Hoorn, ter waarde van ƒ 30. Op verkopen zij hun een akkertje zaailand op Negelenkamp te Hoorn ter waarde van ƒ 40 [Protocollen van Bezwaar Heerde, inv.nr.902, fol.260, 262v] : Lubbert Henricks en Maria Herms verkopen aan Steven Dries en Lutgertien Egberts de halfscheid van twee akkertjes, het ene op den Klijnkenberg in Hoorn, het andere in den Negelenkamp, voor 36 gulden [Protocollen van Bezwaar Heerde, inv.nr.902, fol.263] : Compareren Egbert Egberts alsmede Jannes Jacobs de Haen en Stijntje Henrix eheluiden, en Harmen Wijchers als momber over Gerrit Henrix. De eerste comparant Egbert Rutgers [sic!] verkoopt ¾ morgen in Vogelkamp en de anderen verkopen een halve morgen in 't Werfcampje, gelegen in Hoorn, aan Steven Dries en Lutgertje Egberts, voor 95 car. gulden [Protocollen van Bezwaar Heerde, inv.nr.902, fol.265] : Derk Lamberts en Jacomyna Tys, Henrik Lamberts en Grietken Gerrits [en anderen], erfgenamen van Jacob Leusink en Margarieta van Zalk, verkopen aan Steven Dries en [ ] een schepel zaailand achter de Hare te Hoorn voor 46 gulden, en twee schepel zaailand bij Dries van Stuk voor 78 gulden [Protocollen van Bezwaar Heerde, inv.nr.902, fol.295v] : Gerrit Egberts van Zuik en Hieltje Aarts Slykhuis verkopen aan Steven Dries twee derde part in een halve morgen hooiland in het Hoornerbroek, waarin Jan Docter het andere derde part bezit, voor 45 gulden [Protocollen van Bezwaar Heerde, inv.nr.903, fol.250] Berent Herms Lindeboom, wonend op de Aalshorst te Millingen, keurnoot te Dalfsen in 1764, trouwt met 363. Maria Stevens, begraven te Dalfsen op 6 maart : Berent Hermz en Margien Stevens. Dochter Arentien boven de 10 jaar. 1 dienstbode [Volkstelling Millingen 1748]. 1750: De vrou van Berent Lindeboom, te Millingen, wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en betaalt 1 gld [Personele quotatie Dalfsen 1750] Hendrik Gerrits, trouwt met 365. Aeltje Jans : Hannes Hendrix en Margareta Wissinks, de eerste knecht en beide provenaren in 't binnengasthuis alhier, beide gaande en staande, maken een testament op de langstlevende, nadat er vooraf 'bij honorable titel van instittutie aen sijn vader Hendrik Gerrits en moeder Aeltjen Jans of die van de selve sijne test. dag mogen beleven hadde gegeven de legitime portie deselve na regte competerende' [ORA Zwolle, testamenten, nr. 120] Peter Harms, belijdenis te Mastenbroek in 1730, keurnoot in het schoutambt te Genemuiden in 1730, gaat met attestatie van Mastenbroek naar IJsselmuiden op 7 juni 1739, overleden voor 19 februari 1750, trouwt (1) met Sophia Gerrits, overleden voor 7 mei 1730, trouwt (2) in 1730 met 369. Hillechien Roelofs, dr. van Roelof Harms en Gerrigjen Everts, gedoopt te Hasselt op 14 maart 1708, belijdenis te Mastenbroek in maart 1729, wonend aan de Oude Wetering, 54
55 overleden voor 13 maart 1779, trouwt (2) te IJsselmuiden op 19 februari 1750 met Albert Louwsen Blankhart : Peter Herms wordt beleend met twee morgen lands in 6 morgen in Marcelisslag in Mastenbroek, genaamd het Piggenland, na opdracht van Berentien Alberts, weduwe van Jan Fransen, met Gerrit Herms als haar voogd [Leenrepertorium van het Stift Essen, 623] : Gerrit Albers, Willem Hendriks van Lingen, Harmen Roeloffs, Peter Harmens, Berent Dreesen, Jan Jans, Klaas Hendriks, Jan Berens, Cornelis Albers, ingezetenen de voornaamste van Asschet en Watersteijn, hebben zich ieder tot borg ingelaten voor de ontvangers van de redemptiemiddelen van Asschet en Watersteijn, als hoorngeld, paardengeld, schoorsteengeld, dienstbodengeld, etc. [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.6] : Bernard Voed, mede voor zijn vrouw Jacoba Adriana Mels, wordt na opdracht door Pieter Harms in Mastenbroek, mede voor zijn zwager Albert Hendrix en diens vrouw Grietien Gerrits te Vollenhove, door Jan Wittenberg, diens vrouw Zeytie Willems en Gesina Willems, weduwe van Jacob Gerrits, als erfgenamen van wijlen Jan Egberts Bouwmeester en Beerent Jansen Posien beleend met verscheidene percelen 'op de Berckmer Hontesch in de Bouwmeester coyweyde' en de helffte van den Leegencamp in Berkum; tevens verkrijgt hij toestemming om dit stuk met verschillende andere "om de geringe waerdye en de kragtige innudatie van de revier de Veghte" te verenigen tot één leen. Eerdere beleningen waren van Herman Engbertsen Bouwmeester en Trintien Gerrytsen, te Berkum [Repertorium op de leen-, tins- en hofhorige goederen van het Stift Essen]. 1733: Wolter Jansen, 2 m in het Marcelisslag, f verponding. Eigenaar: Peter Harms, later Albert Lous wede [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.97]. 1733: Jan Timensen, 2¼ m, in Lammegies Huis, f 1-1 verponding. Eigenaar: Peter Harms, later Albert Lous wed. [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.86]. 1733: Jacob Dirksen, 2 m; idem Hermen Beniers, 2 m; beide in Lammegies Huis, f verponding. Eigenaar: Hendrik Boumets (?), later Albert Lous wed. [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.82, 89]. 1733: Hermen Beniers, 2¼ m, in de Oostermate, f Eigenaar: Louwe Albers, later Albert Lous weduwe en Steven Ca[ ][HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.191] : Peter Harmens, weduwnaar van Sophia Gerrits, tegenwoordige bruidegom voornemens te trouwen met Hillegien Roelofs, verzoekt tot mombers over zijn twee onmondige kinderen Gerrit en Berent Peters, meester Roelof Jacobs en Hermen Hermens. Hij doet erfuiting en geeft zijn twee onmondige kinderen voor hun moeders goed samen 574 gulden. Verscheen Harmen Peters, mede zoon van Sophia Gerrits, tot zijn mondige jaren gekomen, verklaart met zijn vader Peter Harmens mede te zijn geaccordeerd. Op verklaart Berent Peters dat hij zich in de huwelijkse staat heeft begeven en bedankt meester Roelof Oostwoud en Hermen Hermens [ORA Schoutambt Genemuiden nr fol.133] : Peter Harmens, gehuwd met Hilleg, wonend in Asschet en Waterstein, met 2 kinderen onder de 10, een knegt en meijt, en Albert Louws inwoonder in kost [Volkstelling Stad en Vrijheid Genemuiden 1748] : Hillegien Roelofs, weduwe van Peter Hermens, wonende in de Asschet aan de Zeedijk in het schoutambt van Genemuiden, met Albert Lous als momber, heeft tot momberen over haar onmondige kinderen bij haar man zaliger geprocreëerd, Everd en Gerregien Peters, verzocht Gerrit Peters, oom van de kinderen, mede wonend in het voornoemde schoutambt, en Jan Alberds, haar nabuur wonende in het schoutambt van Zwolle. Zij geeft de kinderen voor hun vaderlijke goed ieder 200 gulden en daarboven Everd Peters een 'kalfde veerse' en Gerregien Peters een 'bedde met zijn toebehoren en twee kopere melck ketels' [ORA Schoutambt Genemuiden, Asschet en Waterstein nr.7, fol.32] : Albert Hendriks en zijn vrouw Gerretien Peters betuigen ontvangen te hebben van haar moeder Hilletien Roelofs en haar broeder Everd Peters, voor zo veel die nog penningen in zijn moeders boedel heeft, een kapitaal van 1000 Karolij guldens, welke som zij aannemen te verrenten met 20 guldens in het jaar [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7] : Compareren de beide zwagers Albert Hendriks en Everd Peters, met hun huisvrouwen Gerretien Peters en Lubbetien Gerrits, Gerritien Peters de volle suster van Everd Peters, erfgenamen 55
56 van wijlen hun vader Peter Harms en moeder Hilletien Roelofs, betuigende de volgende scheiding te hebben gemaakt van de nagelaten goederen. Everd Peters en Lubbetien Gerrits zullen de volle eigendom hebben tegen het voldoen der schulden en hetgene Albert Hendriks bij zijn huwelijk in geld of anders mag hebben genoten, of het goed Everd Peters ook uit eniger hande oorzake uit de boedel zou kunnen vorderen, alle echte goederen als huisraad, huismansgereedschap, linnen en wol, paarden en beester, niets uitgezonderd, enig linnen uit de kast en dan nog vier morgen land in Mastenbroek in Lammetieshuis gelegen, en twee morgen in Marcelisslag mede in Mastenbroek gelegen. Verder hebben zij in gemeenschap vijfvierde morgen land op de Oostermaate gelegen over het maatdijkien tot aan het Lage genaamd 'Out IJseltien', met nog twee en een vierde morgen mede in Mastenbroek in Lammetieshuis gelegen. In deze scheiding is ook begerepen wat extra is aangeërfd van hun stiefvader Albert Louers [ORA Schoutambt Genemuiden, Asschet en Waterstein nr.7] Gerrit Claassen, zn. van Claes Gerrits en Annigjen Gerrits, geboren te Mastenbroek, landbouwer op Wolfshagen in Hasselerdijk, belijdenis te Mastenbroek op 19 april 1730, diaken van 1743 tot 1746, ouderling van 1748 tot 1751, overleden te Mastenbroek op 12 juni 1765, trouwt (2) te Mastenbroek op 12 mei 1754 met Niesje Engberts, trouwt (1) te Mastenbroek op 29 april 1742 met 371. Aaltje Roelofs, dr. van Roelof Herms en Klaasje Heimerigs, geboren te Mastenbroek, belijdenis te Mastenbroek in maart 1734, wonend aan de Oude-Wetering/Zeedijk, overleden te Mastenbroek op 31 januari : Jacob van Ommen, 1 m in het Marcelisslag, f verponding. Eigenaar: Henrick Lubbers, later Lubbert Hendriks wed, later Gerrit Claasen wede. [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.100]. 1748: Gerrit Clasen en Aaltje Roelofs wonen te Hasselerdijk. Kinderen onder de 10 jaar zijn Roelof, Gerrit en Arentje. Zij hebben 1 knecht en 1 meid [Volkstelling 1748]. 1750: Gerrit Claassen, te Hasselerdijk, wordt ingedeeld in de 10e klasse en betaalt 4-8 gld [Personele Quotatie 1750 Schoutambt van Zwolle]. 1751: Gerrit Claassen: Bij Havesaethe de Wolfshagen in Hasselterdijk, een huis met 1 vuurstede, in bezit van de douariere van de drost Wolter Jan van Haersolte [Vuurstedengeld 1751] : Gerrit Claassen, weduwnaar van Aaltien Roelofs van de Hasselaar dijk, stelt over zijn vier kinderen, met namen Arentjen, Gerrit, Lubbegien en Claasjen Gerrits, aan tot momberen Jan Claassen, oom van vaders zijde, en Heimerig Roelofs, oom van moeders zijde. Voorts bewijst ieder kind 90 Car. gld. bij versterf op de vader te erven en wijders in 't gemeen vijf gouden ringen, vier gouden spelden, twee ketens bloedkoralen met een gouden slot, twee gouden stiften, een boek met een zilveren beslag en dito keten, een zilveren haarpenne en een haak met een oog en twee gespen, twee linten om 't lijf, 't ene met een zilveren gespe, een beugeltasje, twee paar 'understen banden met silveren haken', acht blauwe schorteldoeken, twee blauwe en een wollen 'slonde', eenentwintig hemden, een tafellaken, vier bonte 'park nensdoeken', acht bonte kroplappen, twee wollen dito, een zwart k[ ] met een zilveren haak, twee tippen, veertien halsdoeken, negentien trekmutsen, drie bonte mutsen, twee paar 'boortjes voormouwden' en veertien witte kroplappen. Dit wordt uitgekeerd als de kinderen 20 jaar worden. Voorts belooft de vader 'sijne kinders wijders in kost en kleren te onderhouden, lesen, schrijven, en de dogters naijen te zullen laten leren'. Op dezelfde dag verklaren Heimerig Roelofs en Gerrit Claassen, weduwnaar van Aaltien Roelofs, kinderen van Roelof Herms en Claasjen Heimerigs, dat zij door hun momber Herm Roelofs en de overleden Gerrit Heimerigs, bewijs en reliqua hebben ontvangen en bedanken hen voor de goede administratie [ORA Zwolle en Zwollerkerspel 623, blz.336] : Egbert Egberts en zijn vrouw Niessien Engberts verklaren schuldig te zijn aan Arentien en Lubbetien Gerrits, minderjarige kinderen van wijlen Gerrit Klaasen, vooroverleden man van de comparante, bij zijn eerste vrouw Aaltien Roelofs in echte verwekt, een som van 550 gulden. In 1769 verklaren Heimerig Roelofsen, Dirk (?) Herms en Gerrit Dirks dat de schuld voldaan is [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.3320, fol.101]. 56
57 372. Jan Gerrit Hendriks van der Steege, zn. van Hendrik Gerrits en Aeltje Jans, landbouwer aan de Breede Steege, met attestatie van Zalk naar Mastenbroek op 25 december 1744, begraven te Mastenbroek op 20 maart 1798, ondertrouwt (2) te Mastenbroek op 22 april 1769 (op attestatie van Zwolle), trouwt te Zwolle op 14 mei 1769 met Maria Warners, ondertrouwt (1) te Mastenbroek op 3 april 1750, trouwt te Mastenbroek op 26 april 1750 met 373. Willempje Alberts, dr. van Albert Arents en Henrikjen Jans, geboren te Veecaten, gedoopt te Zalk op 4 augustus 1726, met attestatie van IJsselmuiden naar Mastenbroek op 7 september : Den 25 Decemb. op attestatie van Zallik ingekomen Jan Gerrits Hendriksz, servus van Hendr. Zwakenberg[Lidmatenboek Mastenbroek]. 1750: Den 3 april ten houwelijk opgetekent voor de iii maal Jan Gerrit Hendriks j.m. in het buijtengasthuijs bij Zwol met Willemtje Albers j.d. in Masteb. Den 26 april alhier in den E: staat bevestigt [Trouwboek Mastenbroek] : Jan Gerrits Hendrix, wedn, Maria Warnars, j.d, s.g. Hannes Hendrix, h.g. Hendrikje Alberts. De geboden moeten ook te Mastenbroek gaan. Volgens ingekomen att. zijn ook daar de geboden onverhindert gegaan. Zijn hier getrouwt 7 meij 1769 [Trouwboek Zwolle] : Jan Gerrits, weduwnaar van Willempje Alberts, uit Mastenbroek, heeft over zijn vijf minderjarige kinderen Arend, Hendrik, [ ], Hendrikjen en Willem Jans, tot momberen verzocht en geobtineerd Gerrit Hendriks, oom van vaders zijde en Albert Arends, bestevader van moeders zijde, benevens Hendrik Harms, neve van vaders zijde. Hij doet erfuiting en geeft zijn kinderen in 't gemeen 100 gulden, en het linnen, wollen, zilver en goud tot moeders lijf gehoord hebben [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.626] : Jan Gerrits van de Bree Steege. Enk: begraven in graf 1 in de kerk van Mastenbroek [Begraafboek Mastenbroek] Albert Anthonis, zn. van Antonij Jans en Maria Alberts Dutman, j.m. van Mastenbroek, gedoopt te Zwolle op 5 augustus 1728, wonend in Ruimzicht aan de Nieuwe Wetering, met attestatie naar Zwolle op 9 mei 1756, overleden voor 5 januari 1773, ondertrouwt te Mastenbroek op 24 april 1756, trouwt te Zwolle op 10 mei 1756 met 375. Dievertje Jans, dr. van Jan Harmsen Riesebos en Margjen Jans, j.d. van de Riesebos, ondertrouwt (2) te IJsselmuiden op 10 januari 1773, trouwt te Mastenbroek op 31 januari 1773 met Jan Hendriks, j.m. van Mastenbroek : Dievertjen Jans, weduwe van Albert Anthonis te Mastenbroek op de Nieuwe Wetering, met Andries Verhagen als momber, verzoekt aan te stellen tot mombers over haar vier minderjarige dochters Marijgjen, Marrigjen, Jantjen en Harmpjen Alberts, Anthonij Jans, grootvader, en Jan Riesebos, oom van moeders zijde. Zij doet erfuiting aan haar kinderen, met o.a. zilveren en gouden knopen, lakens, een kist, voor de kinderen samen 500 gulden [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.627] Lucas Willems, zn. van Willem Roelofs en Grietje Lucas, gedoopt te Zwolle op 1 maart 1716, begraven te Zwolle (Bergkloosterkerkhof) op 12 mei 1795, trouwt te Zwolle (met attestatie van Hasselt) op 1 mei 1746 met 377. Aaltje Hendriks : Lucas Willemsen, j.m. wonende in Herfte, met Aaltjen Hendriks, j.d. laatst gewoond hebbende onder Hasselt; s.g. Claas Meulenbelt, h.g. de huisvrouw van Hermen Hendriks. De proclamatien moeten mede te Hasselt gaen. att. van Hasselt vertoont, en alhier getrouwt den 1en meij 1746 [Trouwboek Zwolle]. 1750: Sekere landen in Dieser markt met de onraed vandien bij Jan Lammers gepagt [van de stad Kampen]. Lucas Willems f 50. B(org) Henrik Brouwer. Den 2 Nov 1750 is voorsr land aen Lucas Willems voor de tijd van twaelf jaeren verhuirt voor 50 gl jaers mits betalende alle ses jaren 't plakke geld en onder conditie dat wanneer 't gemelte land mogte worden verkogt dat voorsr huire als dan sal 57
58 wesen geannullirt [Oud Archief Kampen, Rekeningen Stad Kampen, inv.nr.1933, fol.39, foto 368] : Lucas Willems en Aaltje Hendriks, eheluiden in Diese wonende, gaande en staande, maken een testament op de langstlevende. Zij institueren tot erfgenamen hun zoons Willem Lucas, Hendrik Lucas en de beide kinderen van wijlen hun dochter Janna Lucas, getrouwd geweest met Hendrik Lamberts, genaamd Grietje en Lambert. Hendrik Lucas zal in zijn erfportie krijgen het huis met de schuur, door de testateurs bewoond [ORA Zwolle, testamenten, nr. 122, fol.230] Gerrit Jansen Schutte, zn. van Jan Lucas en Fennigjen Janssen, geboren te Oosterdalfsen, gedoopt te Dalfsen op 26 augustus 1736, keuter, daghuurder, overleden te Emmen op 10 augustus 1815, trouwt te Dalfsen op 30 april 1761 met 379. Grietje Gerrits, dr. van Gerrit Hendriks en Lamberta Gerrits, geboren te Emmen rond 1735, overleden te Emmen op 2 april : Gt. Schutte, een kutter, wonend te Emmen met 3 personen [Volkstelling Dalfsen 1795] Jannes Hendriks, landbouwer op Bergkamp in de Veltenerhoek bij Raalte, trouwt (1) met Maria Janssen, trouwt (2) met 381. Gerrechje Hendriks Plougman. 1745: Bergkamp te Veltenerhoek:Jannes Hendriks, Gerrit Jans, Janna Jans, Willemina Jans [Lidmatenboek Raalte] Roelof Willems, landbouwer op Veltkamp in Arrien, trouwt rond november 1765 met 383. Geertruid Jans, belijdenis te Ommen in 1760, trouwt (1) met Hendrick Jans Veltkamp : Wicher Tempels en Swaantien Gerrits verkopen aan Roelof Willems en Geertruid Jansen de keuterplaatse met het land, den Winkelhaken genoemd, gelegen in Arriën onder Ommen, vroeger behorende bij het erve Tempels. Op dezelfde dag verkopen Roelof Willems en Geertruid Jansen deze keuterplaatse aan Egbert Friesendorp, burgemeester en kerkmeester te Ommen [ORA Ommen en Den Ham nr.12, fol.80-81v] : Jan Willems, neef van vaderszijde, en Egbert Reinders, oom van moederszijde, worden aangesteld als voogden over Egbert en Jan Hendriks, onmondige kinderen van wijlen Hendrik Jansen te Arrien en Geertruid Jansen. De kinderen doen afstand van hun vaders goed en worden aangenomen als echte kinderen door hun stiefvader Roelof Willems [ORA Ommen en Den Ham nr.12, fol.81v] Jan Hendriks Stoel, zn. van Hendrik Jans Stoel en Hendrikje Jans, geboren te Veecaten, gedoopt te Zalk op 11 november 1694, belijdenis te Zalk in 1741 omtrent St. Michiel, overleden te Zalk op 28 december 1747, trouwt met 417. Janna Hendriks, komt met attestatie van Wilsum naar Zalk in : Janna Hendr, wed. van Jan Hendr. Kinderen: Willem, Egbert, Jannigjen en Janna boven de 10 jaar, Gerrit beneden de 10 jaar. Er is een inwoner, Jan Puppels, en een knecht Gerrit Gerrits [Volkstelling Zalk 1748]. 1750: Wed. Jan Hendriks, wonend over den IJssel, wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en betaalt 2 gld. [Personele quotatie Zalk 1750] Jan Reinders Leeuw, zn. van Reinder Peters Leeuw en Willemtjen Wicherts, j.m. van Veecaten, landbouwer op de Bijvang, overleden voor 8 januari 1746, ondertrouwt te Zalk op 19 januari 1731, trouwt te Zwolle (met attestatie van Zalk) op 5 februari 1731 met 419. Aeltien Gerrits, j.d. van Heerde, overleden te Veecaten, begraven te Zalk op 14 november 1782, ondertrouwt (2) te Zwolle op 6 februari 1746 met Geerlig Harms van den Steen, j.m. te Westenholte, gezworene te Veecaten in 1748, overleden te Veecaten, begraven te Zalk op 13 april
59 : Aeltien Gerrits, weduwe van Jan Reiners Leeuw, geassisteerd met custos H. Ruijl als haar momber, is voornemens te trouwen met Geerlig Harms. Zij heeft twee kinderen, met name Reinder, ongeveer 13 jaar, en Aaltje, 7 jaar, bij wijlen haar eheman in echte verwekt. Als mombers worden aangesteld Reiner Peters Leeuw op 's Heerenbroek en Hendrik Gansebroek in Veecaten. De kinderen krijgen voor hun vaderlijk goed een halve mogen weideland, gelegen voor het huis op de Bijvank, voorts de hagen bij de [ ] van Teunis in de Hagen, met Jonker Swiersen in het gemeen, nog vier en een halve morgen genaamd de Spijker in het schoutambt van Wilsum, nog een camp land van vier morgen op de Bijvanc, daar het huis op staat, ook ten profijte van deze kinderen de halfscheid van huis, berg en schuur en bakhuis op de Bijvanc, en daarbij aan ieder kind 238 guldens, en daarenboven aan haar zoon een tweejarig paard, of 50 gld in plaats, en aan haar dochter een bedde met toebehoren of 50 gld, en dan nog aan ieder kind veertig ellen dubbelbreed vlassendoek, een kerkboek met zilveren beslag en een nieuwe kiste; voorts verzorgt en kleedt zij de kinderen tot 20 jaren, waartegen de moeder het vruchtgebruik geniet van het land. Als een kind sterft gaat de helft naar de moeder, de andere helft naar het andere kind. Keurnoten Gerrit Derks en Jan Jansen Fox [ORA Zalk 16, fol.93; tweede momberstelling op ]. 1748: Geerlof Herms en deszelfs vrouw Aaltjen Gerrits, te Veecaten; kinderen Reijnder en Aaltjen boven de 10 jaar en Herm onder de 10 jaar; dienstboden Gerrit Hendrs. en Hermina Dirks [Volkstelling Zalk en Veecaten 1748] : Compareert Aaltien Gerriets, eerst weduwe van Jan Rijnders Leeuw, nu van Geerlig Harms, geassisteerd met Harmen Herms als haar momber, vervolgens met de goede mannen Rijndert Peters van Mastenbroek en Menso Harms van Spoolde, ten einde een minnelijk accoord te maken en uit te kopen Egbert Jans en zijn vrouw Aaltien Jans nog vanwege de opkomst van de landerijen die hun volgens mombersedel van haar ouderdom van 20 jaar competeren, waarvoor zij jaarlijks 30 gld. zouden ontvangen, over 7 jaar dus f.210, met nog f.54 van een landerij te Wilsum samen f.264, en na aftrek van wat Egbert Jans de boedel schuldig was komt dat op f Verder zijn er een zilveren beker en 10 zilveren lepels die nog half ten dele komen aan Rijndert Jans en Aaltien Jans [ORA Zalk en Veecaten nr.17, fol.225] Berent Jansen (?), geboren te Ankum, trouwt (2) in 1737 met N.N., trouwt (1) te Nieuwleusen (met attestatie van Dalfsen) op 5 juni 1702 met 421. Jennegien Gerrits (?), geboren te Ankum, overleden voor 20 maart : Verschenen Berent Jansen weduwnaar van Jennegien Gerrits. Hij wil voor de 2e keer trouwen en is met de mombers Jan Bulder en Ysak Sanders overeengekomen om aan zijn zes onm. kinderen m.n. Albert, Derkjen, Henrikjen, Gerrit, Jan en Wilm Berentsen uit te keren voor moeders goed zes Car. gld. in totaal. Bij een ander dienende ten alle tijd in huis mogen wederkeren om verpleegd te worden [ORA Dalfsen, fol.116; transcriptie Ria van Bessen op HCO forum] Jan Gerrits (?), landbouwer op de Venenbergh te Rechteren, trouwt met 423. Lubbegien Jacobs (?), dr. van Jacob Derks en Willemtien Gerrits, geboren te Rechteren, gedoopt te Dalfsen op 12 juni Jan Jans Seinen, zn. van Jan Hendriks en Willemtje Gerrits, gedoopt te Nieuwleusen op 1 september 1713, wonend te Ruitenveen, trouwt te Nieuwleusen op 9 april 1740 met 425. Geertjen Willems, geboren te Oudleusen. 1748: Jan Jans en Geertje Willems wonen te Ruitenveen, met hun kinderen Jan, Willem, Jantje en Geertje onder de 10 jaar. Er zijn geen dienstboden. Inwonend is Willempje Gerrits, weduwe van Gerrit Zeijne [Volkstelling 1748] Derk Jans, geboren te Rouveen, belijdenis te Nieuwleusen op 2 april 1741, ondertrouwt te Nieuwleusen op 24 januari 1734 met 59
60 427. Geertjen Derks, dr. van Derk Hermsen en Grietjen Peters, gedoopt te Nieuwleusen op 8 april : Verschenen Willem Derks en verklaarde te hebben aangekocht van zijn broeders Derk Jans en Klaes Derks benevens de mombers over de drie onmondige kinderen van Geertjen Derks alsmede over Petien Derks welke alhier alle mede present zijnde, de gehele nalatenschap als rak en ree en het halve huis, maar geen landerijen van haar moeder en bestemoeder Grietje Peters, mits dan de koper zal moeten uitkeren aan Peter Derks een sa: van 55 gls en een vrije ingang in 't huis bij ziekte of zucht, of zo niet in staat is om te dienen maar als dezelve komt te trouwen zal het gemelde geld aan hem worden uitgekeerd of als meerderjarig is geworden of daarvan de rente ontvangen. En de kinderen van Geertjen Derks met namen Jennegjen, Hilligjen en Altien Derks zullen mede tesamen hebben 55 gls verder zal de koper dezelven onderhouden in kost en kleding tot in staat zijn te dienen en inmiddels het lezen en schrijven laten leren en buitenshuis dienende bij ziekte altijd in het huis mogen komen om verpleegd te worden en als komt te trouwen zal het derde part van de 55 gls kunnen vorderen of al mede verrente. Vorders zal Derk Jans de vader van de 3 opgemelte kinderen de kost in 't huijs hebben zo lang hij leeft en jaarlijks verdienen een sa: van tien gls, twee linnen broeken en een hemdrok, een paar schoenen maar zo hij niet meer kan arbeiden, zo zullen de 10 gls niet betaald worden, edog als hij uit het huis wil vertrekken zal mede aan hem 55 gls worden gegeven, welke loon en toebate of het geld voor de halfscheid zal moeten worden betaald en indien Derk Jans mocht komen te sterven zo zal hetgene in zijn kiste bevonden wordt aan zijn kinderen worden uitgereikt benevens de schapen zo er die zijn enaer de 55 gls blijven in het huijs waarvoor dezelve zullen moeten laten begraven nabuurlijk en boergelijk. Verder hebben de compt: alle tezamen met handtastinge in edes plaats verklaart bovenstaande schikkingen of kopinge ten vollen met haar genoegen te zijn daarmede van haar erfportie wijlen haar moeder Grietjen Peters af te zijn. Verder zijn mede verschenen Jan Hendriks en Teunis Jans en hebben met handtastinge in edes plaats de momberschap aangenomen en belooft zich te zullen gedragen als goede en getrouwe mombers volgens landrecht verplicht zijn. Getekend en gezegeld door de scholtus, Dalfsen den 15 maart 1751 In de marge: Jan Geerts is in plaatse van Jan Hendriks als momber aangesteld op den 24e juni 1754 [ORA Dalfsen 10, fol.210; Transcriptie op Forum HCO] Claes Claessen, j.m. te Nieuwleusen, ondertrouwt te Nieuwleusen op 3 april 1751 met 431. Fennigjen Hendriks, dr. van Henrik Roelofs en Joanna Hendriks, gedoopt te Nieuwleusen op 17 november Klaas Janssen, zn. van Jan Everts en Aeltien Thijs, j.m. van Nieuwleusen, lidmaat te Nieuwleusen op 25 december 1718, kerkmeester in 1749, ondertrouwt (1) te Nieuwleusen op 17 april 1718 met Fenna Coobsen, j.d. van Nieuwleusen, ondertrouwt (2) te Nieuwleusen op 8 mei 1723 met 441. Hendrikje Roelofs, dr. van Roelof Berends en Klaasje Peters, gedoopt te Nieuwleusen op 2 januari : Claas Jansen en Henderkien Roelofs wonen met hun kinderen Fennegien, Jan, Aaltien en Roelof, boven de 10, en 2 kinderen onder de 10 jaar, met 1 dienstbode te Nieuwleusen (in het rot van Derk Geertz). Inwonend is Aaltien Thijs [Volkstelling 1748]. 1750: Claas Jans, in Nieuwleusen, wordt ingedeeld in de 10e klasse ( gulden) en betaalt gulden [Personele quotatie 1750] Klaas Willems, zn. van Willem Janszen en Stijntjen Coops, gedoopt te Nieuwleusen op 7 februari 1706, ondertrouwt te Nieuwleusen op 28 december 1726 met 443. Henrikje Simons, dr. van Simon Albers en Gesina Gerrits, geboren te 's-heerenbroek, belijdenis te Nieuwleusen op 13 april : Klaas Wilmz en Henderkien Siemons wonen met hun dochter Aaltien, boven de 10, en 3 kinderen onder de 10 jaar te Nieuwleusen (in het rot van Derk Geertz) [Volkstelling 1748]. 60
61 444. Coob Peters, zn. van Peter Cornelisz en Hendrikje Peineman, geboren te Nieuwleusen, diaken van 1750 tot 1752, ondertrouwt te Nieuwleusen op 5 februari 1724 met 445. Jennigje Harms, dr. van Hermen Theunisz en Ida Willems, gedoopt te Nieuwleusen op 21 september : Koop Peters en Jennegien Hermsz wonen met hun kinderen Iedegien en Peter boven de 10, en 2 kinderen onder de 10 jaar in Nieuwleusen (in het rot van Hendrik Hendriks) [Volkstelling 1748] Evert Remmelts, zn. van Remmelt Rutgers en Aaltien Roeberts, geboren te Rechteren, gedoopt te Dalfsen op 28 december 1679, landbouwer op Bensinck onder Rechteren, belijdenis te Dalfsen in 1709 tegen kersttijd, trouwt met 451. Swaantien Henrics, met attestatie van Ommen naar Dalfsen op 23 december Hendrik Derks in den Hoek, trouwt met 455. Fennegien Janssen, belijdenis te Dalfsen op 19 december : Hendrik in den Hoek, Fennegien Jansen, Hendricus Herms, Janna Hendriks; 3 kinderen onder de 10; inwoner Derkien [Volkstelling Dalfsen (Emmen) 1748] : Fennigjen Jansen wed. van Hendrik Derks laat alle goederen aan haar dochter Janna Hendriks, andere dochter is Ida Hendriks en haar man Lambert Jansen. Ida Jansen ziet af van haar vaderlijke en grootvaderlijke pretenties [ORA Dalfsen nr.10, fol. 207v; Ria van Bessen op Forum HCO] Jan Boer, dienend op Groot Hulsen, landbouwer op Boer op de Nieuwstad bij Hellendoorn, trouwt voor 1729 met 457. Harmine Gerrits. 1748: Jan Boer en huijsvrouw Hermine Gerrits wonen met 2 personen op De Boer [Volkstelling]. Volgens Ponsteen lag dit boerderijtje aan de Nieuwstadweg, tussen Krijtwever en Geerts [Ponsteen: Nieuwe speurtocht door oud Hellendoorn] Hendrik Hendriks Ploer (alias Reimink, te Meer), zn. van Hendrik Hendriks Ploer en Grietje Jans Goossen, j.m. van Egede, schipper, landbouwer op Reijmink in Meer, trouwt (2) te Rijssen op 22 juni 1738 met Grietjen Wijnolts, trouwt (1) te Hellendoorn op 7 april 1726 met 459. Jennigje Geerligs, dr. van Geerlig Jansen en Liesebeth Leeferts van het Peters, j.d. van Den Ham, overleden in : Hendrik Hendriks j.m. van den Ploer te Eegden, Jennigjen Geerlichs, j.d. van Reijmerink te Meer onder den Ham [Trouwboek Hellendoorn] : Geerlig Jans en zijn vrouw Liesebeth Leferts, op het Geerlig Schippers tot Meer, ter eenre, en hun schoonzoon Hendrik Hendriks, weduwnaar van Jennechien Geerligs, bij wie hij vijf kinderen heeft, met namen Jan, Jennechien, Maria, Henrikkien en Gerrijt, waarover tot momber is aangesteld bestevader Geelich Jans voornoemd, en Henrik Henricks, die gaat hertrouwen met Grietien Wijnolts, hier tegenwoordig met haar vader Wijnolt Everts op het Bartels tot Linde, ter andere zijde. Zij komen overeen dat de bestevader en -moeder de halfscheid van hun gerede en ongerede vaste goeden, met de halve bouw overgeven aan de jonge luiden hier tegenwoordig om met de vijf voorkinderen in gemeenschap te houden. De bruid zal haar goederen inbrengen tot het gemene beste. Na het overlijden van de bestevader en -moeder zullen hun goederen vererven op de jonge luiden, de vijf voorkinderen en mede op de kinderen die uit dit huwelijk zullen komen, maar dat hun linnen en wollen klederen met twee kisten van de overleden moeder en bestemoeder op de vijf voorkinderen zullen vervallen. De jonge luiden zullen de bestevader en -moeder jaarlijks drie rijksdaalders uitkeren [ORA Ommen en Den Ham, p.341]. 61
62 460. Gerrit Wolter Hendriks Kleijn Roossink, zn. van Hendrik Jans Kleijn Roossink en Geese Geertsz, gedoopt te Hellendoorn op 4 februari 1720, landbouwer op Kleijn Roossink in Hellendoorn, trouwt te Hellendoorn op 13 mei 1742 met 461. Jenneken Wilmsen, dr. van Willem Hendriks en Geese Jans, gedoopt te Hellendoorn op 20 maart : Gerrit Wolters j.m. van Klein Rosing met Jennechien Wilmsen j.d. wonende bij Klein Rosing beide uijt het kerkdorp [Trouwboek Hellendoorn]. 1750: Kleyn Rosink, in Hellendoorn, wordt ingedeeld in de 10e klasse ( gulden) en betaalt gulden [Personele quotatie 1750]. 1751: Kleijn Roossink heeft 1 vuurstede en is het in bezit van cameraar ten Brinke en Jan Podt [Vuurstedengeld]. Volgens Ponsteen (p.19) was Kleijn Roossink van oudsher een volgewaard erf en heeft het een part in het onderhoud van hek nr. 7. Waarschijnlijk is het een afsplitsing van Groot Roossink. Het tegenwoordige adres is Ommerweg Jurriaen Hendriks van Meekeren, zn. van Hendrick van Meekeren en Louijse Brocks, gedoopt te Hattem op 1 mei 1692, komt met attestatie van Haarlem naar Hattem in 1721, gemeensman te Hattem van 1727 tot 1741, kerkmeester van 1733 tot 1735, begraven te Hattem op 29 oktober 1741, trouwt te Hattem op 11 mei 1721 met 465. Geertje Hendriks Winters, dr. van Hendrik Jans Winters en Beerntje Alberts, geboren te Hattemerbroek, gedoopt te Hattem op 3 oktober 1697, overleden te Hattem op 13 september 1765, trouwt (2) te Hattem op 9 augustus 1742 met Gerrit Telvoren : Swaantjen Veldcamp, weduwe van Jan Barnevelt, ook voor haar zusters, heeft verkocht voor 830 Car. guldens aan Jurrien van Meeckeren en Geertjen haar 'huis en where' [nu Achterstraat 36]. Zijn zoon Hendrik koopt het huis in 1748 van Gerrit Telvoren, getrouwd met Jurriaens weduwe Geertje Winters, en heeft het in bezit tot Het huis heette toen 'De Halve Maan' [Heemkunde Hattem nr. 37; Transportregisters Hattem, inv.nr. 124, fol.107]. 1735: Willemina Westrick heeft voor 958 guldens verkocht aan Gerrit van Rhaen en Jurrien van Meeckeren en Geertjen zijn vrouw 'haer huijs en where staende aen de kerckstraet' [Transportregisters Hattem, inv.nr.124, fol.139] : Jurrien van Meekeren, f 1-8-; Extraordinaris ontvank van de dooden [Kerkerekening Hattem] Arent Otto Dercks Keijman, zn. van Derk Hendriks en Elisabeth Horstinck, gedoopt te Warnsveld op 12 maart 1682, belijdenis te Zutphen in 1705 (Paaschen), burger te Zutphen op 3 maart 1705, overleden voor 24 april 1758, ondertrouwt (1) te Zutphen op 30 november 1704, trouwt te Zutphen op 18 december 1704 met Steventien Freriks, ondertrouwt (2) te Warnsveld op 1 mei 1716, trouwt te Zutphen (Broerenkerk) op 29 mei 1716 met 467. Stijntien Meijerinck (alias Loeman), dr. van Waender Meijerinck en Willemken Derksen, geboren te Warnsveld, belijdenis te Warnsveld op 21 april : Ondertrouw van Otho Dercks, j.m, en Steventje Frericks, weduwe van Claes ten Bosch : Otto Dercks, geboren te Harffsen, gereformeerd, getrouwd met een burgersdochter, wordt burger van Zutphen en betaalt hiervoor fl [Burgerboek van de Stad Zutphen] : De erfgenamen van Claes ten Boss verkopen aan Otto Keyman de halfscheid van een huis, hof, schuur; waarvan koper de andere helft behoort, en die hij bewoont, gestaan aan de Laarpoort (Laarstraat; kadastraal nr. 1534, 1535). Op verkopen Herman Frericks X Hendersken Willemsen en Jan Rensen X Aeltgen Willemsen verkopen aan Otto Keiman een huis aan de Laarpoort (kadastraal nr. 1534, 1535). Belenders zijn Jan Noordinck en Jan Noortwijck [Historisch Kadaster Zutphen; Verpondingsnr. 1135]. 62
63 : O. Keijman, als pachter van de 7e kloot, der ingeloste coppele, wegen geleeden schade door 't aanleggen der nieuwe bleek, jaarlijks 7. dlrs. op zijn pacht geremitteerd [Regionaal Archief Zutphen; Resoluties van de magistraat , inv.nr. 113]. 1761: Akte van belening door de Gelderse leenkamer van Steyntjen Myerink, weduwe van Otto Keyman, na dode van haar broeder Derk Myerink, met 1/4 gedeelte van het goed Wassink in de buurschap Warken. In 1763 akte van belening door de Gelderse leenkamer van Evert Ludolph van Heeckeren, na opdracht door Stijntje Myerink, weduwe van Otto Keyman [Gelders Archief; Familie Van Heeckeren van Waliën, inv.nr 0532, nrs. 142, 143] : Henderik Jan van der Dussen, als gevolmachtigde van Evert Meijerink en Mechtelt Meijerinck ehel., krachtens volmacht voor het scholtengericht van Zutphen van , voor Stijntjen Meijerinck, weduwe van Otto Keijman, geassisteerd met Louis Albers, Geertruid Meijerink weduwe van Jan Willem te Harkel, geassisteerd met haar zoon Hendrik Jan te Harkel, Johanna Meijerink weduwe van Derk Meijerink, geassisteerd met Hendrik Jan van der Dussen, wijders Hendrik Jan van der Dussen en Louis Albers als mombers over de minderjarige kinderen van wijlen Gerrit Meijerink bij Willemina Kruikerink, nu hertrouwd aan Hendrik Jan Heuvelman, erfgenamen van wijlen Derk Meijerink, verklaren verkocht te hebben aan Francois de Wolf en Aleida Dumbar de halfscheid van erven en goederen Stokkersplaatse en Scholtenplaatse, anders Ebberkink geheten, gelegen in Gelselaar, met al het bouw-, hooi- en weideland, bossen en houtgewas [Protocol van opdrachten en bezwaren ten landgerichte; ORA Borculo 423 fol.53] Jan Jansen van Straten, geboren te Wijhe, overleden te Oldeneel op 7 december 1761, trouwt te Zwolle op 18 november 1710 met 469. Aaltje Jans, geboren te Ittersum, belijdenis te Zwolle in maart 1710, wonend in Oldeneel, overleden te Oldeneel op 23 februari : Jan Janssen, j.m. en Aaltjen Janssen j.d.; s.g. Teunis Janssen, h.g. de huisvrouw van Teunis Janssen. Getrouwt den 18 November 1710 [Trouwboek Zwolle]. 1737: Jan van Straten bewoont een erf in Oldeniel dat in eigendom is van De Sloet van Westerburgh. Verponding: f 18-8; contr. f 14 [Verponding Zwollerkerspel 1737]. 1741: Heer Sloot van Westerholt is eigenaar van Oldeneel nr.7; bewoners zijn Jan van Straten, afkomstig uit Wijhe, en Aaltjen Jansen, afkomstig uit Ittersum; sinds 25 jaar wonend in Oldeneel; 8 kinderen; bouwerije; gereformeerd [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 655]. 1748: Jan van Straaten, Oldeneel nr.10, Fennigje en Teunis boven de 10 jaar, 2 knechten en een meid [Volkstelling 1748]. 1750: Jan van Straaten, in Oldeneel, wordt ingedeeld in de 10e klasse ( gulden) en betaalt gulden [Personele quotatie 1750] Jan Jakobs Vorstelman, zn. van Jacob Driessen Vorstelman en Henderickjen Jans, gedoopt te Epe op 21 juli 1708, korenkoper, jeneverbrander, burger te Hattem in 1733, trouwt te Hattem op 17 mei 1733 met 471. Maria van den Bergh, dr. van Wigbold Frederiks van den Bergh en Willemina Wildeman, gedoopt te Hattem op 10 januari 1703, overleden te Hattem op 23 februari : Jan Vorstelman koopt het huis aan de Achterstraat 26 van Willem Horst [TR ]. In 1794 wordt het huis doorverkocht door Wessel de Vries en vrouw Willempje Vorstelman (dochter), Jan Hulsbergen en zijn vrouw Maria van Straaten (kleindochter), Jurrien van Meekeren en zijn vrouw Aaltje van Straaten (kleindochter) en Jacob Vorstelman (zoon), weduwnaar van Albertje de Vries, aan Hermen Blom [TR v]. [Heemkunde Hattem, 1987, p.19] : Jan Vosselman en Marija van den Berg verkopen aan Jan Jansen van de Vosse en Gerrittij Martens een stuk land, de Hueren, op de Zuuker Enk, voor 245 gld. [Protocollen van Bezwaar Epe, inv.nr. 913, fol.181v; ingeschreven op ]. 1749: Jan Vorstelman, korenkoper, en zijn vrouw bezitten een huis in Hattem met 2 haardsteden, en verder 1 schepel licht zand en 4 schepel zandland. Zij betalen 5.5 gulden pacht (3 gulden en 10 63
64 stuivers in 1748)[Haardstedengeld 1749]. 1749: Maria van den Bergh staat in de klapper van de liberale gift van 1748/1749 [Arch. Hattem nr. 775] : Jan Jacobs Vorselman en Marij van den Barg verkopen aan Andries Feith ½ molder zaailand op de ZuukerEnk voor 134 gld [Protocollen van Bezwaar Epe, inv.nr. 915, fol.76; ingeschreven op ] : Jan Jacobs Vorstelman en Maria van den Berg verkopen aan Gerrit de Haas een huis, hof, 2 mud zaailand en wei, te Zuuk op de Wellen, voor 1162 gld. [Protocollen van Bezwaar Epe, inv.nr. 915, fol.77; ingeschreven op ]. 1762: Jan Vorstelman, B. Beekman, J. Beekman en L. Boeve zijn vanaf 1762 pachter/eigenaar van een jeneverbranderij, genaamd De Branderij, aan de Ridderstraat [Heemkunde Hattem, 1995, p.44] : Jan Vorstelman en Maria van den Bergh maken een testament op de langstlevende. Genoemd worden ongerede goederen, staande en gelegen in Amsterdam, als zij hebben aangeërfd van haar broeder Fredrik van den Bergh [ORA Hattem, inv.nr.144, fol.97]. 1778: De kinders van Jan Vorstelman zijn eigenaar van een kerkbank (sectie C rij 1 nr.6) in de kerk van Hattem [Veluwse Geslachten Publ. 100] Berend Jans Voorhorst, zn. van Jan Lamberts en Henrickijen Berendts Gesink, gedoopt te Olst op 6 augustus 1703, landbouwer, overleden voor 2 april 1771, trouwt voor 1748 met 473. Aaltje Gerrits Eikelboom, dr. van Gerrit Jans Eikelboom en Maria Jacobs van Linden, gedoopt te Olst op 6 augustus 1724, overleden voor 17 januari : Berend Voorhorst leent 100 gulden aan Jacob Beumer : Berend Voorhorst koopt van Jacob Beumer en diens vrouw Aaltje Berents een stuk land in Welsum, genaamd De Kleine Geersmate, met ten oosten t stift ter Hunnepe, ten westen Luilof Willems Beumer, ten zuiden de straate en ten noorden t Cappitel van Deventer : Berend Jans Veurhorst heeft op 10 maart van Jannis Gerrits Veurhorst gekocht het halve boomgaardjen te Welsum, voor f. 90 [ORA Olst nr.57, fol.107; 50e penning] : Berend Veurhorst koopt van Jannes Gerrits Voorhorst en zijn vrouw Gerrigien Teunis hun vrije allodiale eigendommelijke halve boomgaardjes : Berend Veurhorst en Gerrit Jans Eikelboom verkopen aan Derk Derks Koster hun eigendommelijke katerstede Elsenhoff, gelegen te Welsum in de buurt van have de Hogenhoff. Ook verkoopt Berend Veurhorst hem twee akkers bouwland, genaamd De Kleine Geersmate, gelegen te Welsum tussen de Groote Geersmate van Luilof Jans Beumer en de katerstede van Luilof Willems Beumer : Berend Veurhorst verkoopt aan Jacob Jansen zijn eigendommelijke kampje bouwland, genaamd De Hofstede met daarbij het boomgaardje, en ook het boomgaardje, genaamd Bartencampje te Welsum. 1748: Berent Jans woont met zijn vrouw, 3 kinderen onder de 10 jaar en 4 dienstboden te Welsum [Volkstelling Olst 1748] : Berend Jansen Voorhorst en Aaltien Garrits worden beleend met het erve en goed Hombraake, onder het gericht van Olst, gelegen in de boerschap Welsum, met alle zijn recht en gerechtigheden, ap- en dependentien. Op , na de dood van Berend Jans Voorhorst, gaat het leen over op Aeltjen Gerrits (hulder haar zoon Jan Berent Voorhorst). Jan Berent Voorhorst wordt op met dit goed beleend, na de dood van zijn moeder [Overijssels Leenrepertorium]. 1750: Berend Jans, in Olst, wordt ingedeeld in de 9e klasse (jaarinkomen van gulden) en betaalt 4-12 gulden [Personele quotatie 1750]. 1751: Berend Jans Veurhorst is eigenaar en bewoner van een huis in Welsum, nr. 92, met 2 vuursteden. (Oude quohier: Albert Derks) [Vuurstedengeld 1751] : Berent Jans Veurshorst komt voor in het testament van zijn broer Gerrit Jansen Veurhorst (getrouwd met Hermken Burgerinks), in de Engel te Welsum, evenals zijn broers Lammert Jansen Veurhorst en Luilof Jansen Beumer (getrouwd met Angenetha Berents), en Gerrits nicht Janna Bekkenkamps (getrouwd met Berent Lamberts Dingshof). [ORA Olst, 15/173] : Gerrit Beernts Eykelboom en Eva de Hoog hebben verkocht voor 192 gulden aan Berent 64
65 Jans Voorhorst en Aaltje Geerits Eykelboom 1/3 part in een huis en hof te Veessen [ORA Veluwe en Veluwezoom; Protocol van Bezwaar Veessen; nr.907, fol.287] : Beernt Janssen Voorhorst en Aaltje Gerrits Eijkelboom transporteren aan Jan Gelderman en Anna Everts vijf akkers zaailand in Veessen. Ook transporteren zij aan Jan Beernts Schipper en Jennigjen Jans de halfscheid in een kamp weideland groot 1½ morgen, de Schippershoeve genaamd, waarin de kopers de tweede helft toebehoort [ORA Veluwe en Veluwezoom; Protocol van Bezwaar Veessen; nr.907, fol.296] : Berent Jans en Aaltje Geerits hebben voor 200 gulden verkocht aan Jan Hogeboom en Geertjen Willems 1/3 deel in een huis en [ ] met een hoekje voor de agterdeur met nooteboomen, gelegen in Veessen [ORA Veluwe en Veluwezoom; Protocol van Bezwaar Veessen; nr.907, fol.305v]. 17xx: Albert Jans Bakhuis en Berent Gerrits Eikelboom worden aangesteld als voogden over de onmondige kinderen van Berend Voorhorst en Aaltje Gerrits Eikelboom: Gerrit, Jan, Jacob, Lammert, Hendrik en Janna [ORA Olst, nr ] Lambert Broekhuys, zn. van Andries Aerts en Henrickien Jans, geboren rond 1699, meestergrutter, steigermeester aan de Grote Aa te Zwolle, kleinburger te Zwolle op 27 augustus 1727, overleden te Zwolle op 3 februari 1780, ondertrouwt (1) te Zwolle op 23 juli 1729 (proclamatiën mede te Hattem), trouwt te Mastenbroek op 13 augustus 1729 met Aleida Tiggelaar, overleden te Zwolle op 3 november 1730, ondertrouwt (2) te Zwolle op 10 november 1731, trouwt te Hattem op 25 november 1731 met Geertruij van der Vaerst, dr. van Lubbert van der Vaerst en Aleida van Oene, overleden te Zwolle op 13 november 1736, ondertrouwt (3) te Zwolle op 31 augustus 1754, trouwt te Nijbroek op 16 september 1754 met 475. Agnes Johanna Mörser, dr. van Anthon Frederick Mörser en Maria Hendricks van der Vaerst, geboren te Voorst in 1715, lidmaat te Voorst in 1730, begraven te Zwolle (Grote kerk) op 7 april : Lambert Broekhuys, gereformeerd grutter, verwerft het kleine burgerrecht van Zwolle voor 140 gulden (et solvit f35) : Lambert Broekhuijs, j.m. van Zwolle, Aleijda Tickelers j.d. laatst gewoont hebbende te Hattem. Attestatie gegeven na Zwolle de 13. Augustij [Trouwboek Hattem] : Lambert Broekhuis j.m. en Alijda Tiggelaar j.d. bijde in de Korte Voorstraat. Sijn getuijge de vader. Haar getuijge de moeder van de Bruijt moet Attestasi inkoomen dat de proclam: tot Hattem mede gegaan sijn. Is getoont. Attestatie bekomen om tot Mastebroek te trouwen den 13 aug: 1729 [Trouwboek Zwolle] : Lambert Broekhuis wed. van Aleida Tichelers alhier en Geertruij vander Vaerst j.d. te Hattem. Hij moet erfuijting doen. Is getoont. De proclamatiengaan mede te Hattem, alwaar deselve ook sijn ingeschreven den 25 Nov: att. afgegeven om tot Hattem te trouwen [Trouwboek Zwolle]. 1748: Lambert Broekhuys woont in Zwolle in de Voorstraat nr. 315, zonder vrouw, met 4 kinderen boven de 10 jaar en met een knecht [Volkstelling 1748] : Lambert Broekhuijs is getuige van Hendrik Broekhuijs, weduwnaar aan de Melkmarkt, bij zijn huwelijk met Hendrika Lubberts j.d. in de Camperstr [Trouwboek Zwolle]. 1750: Lambert Broekhuys wordt ingedeeld in de 9e klasse ( gld.) en betaalt 3-9 gld. [Personele quotatie Zwolle 1750]. 1753: Testament [ORA Zwolle,1753, p.21; 1757, p.125] : Agnes Johanna Mörser is de nicht van Geertruij van de Vaerst, de tweede vrouw van Lambert (Haar moeder Maria was de zus van Lubbertus, de vader van Geertruij) en de oudere zus van Hendrik Carel Claas Mörser, schoonzoon van Lambert. Uit de data komt een mooi verhaal naar boven. Lambert, rond de 55 jaar en al 18 jaar weduwnaar, van twee vrouwen die in het kraambed gestorven zijn, ontmoet op de bruiloft van zijn dochter in Groenlo, in 1752, de oudere zus van zijn schoonzoon, die hij nog van vroeger kent als de nicht van zijn tweede vrouw. Zij is al een eind in de 30, woont bij haar broer, die predikant is in Nijbroek, en kan of wil maar niet aan de man komen. Er ontstaat misschien een romance, misschien wordt er een verstandshuwelijk gearrangeerd. Maar binnen twee 65
66 jaar zijn ze getrouwd en Agnes krijgt op haar 40e zowaar nog een dochter: Maria Hendrika. 1759: Civiel proces in Hattem (nr. 90.1), wellicht in verband met de dood van burgemeester Lubbert van der Vaerst, vader van Lamberts tweede vrouw Geertruij : Lambert Broekhuis oud 80 jaar 11 maanden en eenige daagen om ½ drie begraven in de Groote Kerk in 't portaal aan de Markt no Komt voor een half uur luiden en kerkk: gereg [Begraafboek Zwolle] : Agnita Mosser wed van Lambert Broekhuys s avens om 11 uur bijgeset in de Grote kerk in 't portaal aan de Markt in de groeve no. 725 komt voor klokken en kerkkengeregtigheid f [Begraafboek Zwolle] Hendrik Wijnvorden, zn. van Balthasar Derks Wijnvorden en Aeltje Willems Meijberg, geboren te Wijhe, keurnoot te Wijhe in 1768, overleden te Wijhe op 31 maart 1781, trouwt te Wijhe op 21 april 1730 met 477. Wobbigjen Cronemans, dr. van Hendrik Cornelissen Cronemans en Willemken Cornelissen, gedoopt te Wijhe op 15 januari 1706, overleden te Wijhe op 2 april : Hendrik Wijnvorden en Wobbigjen Cronemans gaan met attestatie naar Heino. Vanaf 1734 laten zij kinderen in Wijhe dopen. 1737: Hendrik Balthasar en Wibbeltjen Kronemans zijn lidmaten te Wijhe [Lidmatenboek Wijhe] : Hendrik Wijnvorden [ORA Wijhe, p ] : Evert Jansen op den Zantkamp en zijn vrouw Aaltjen Jansen, Jan Meijer en zijn vrouw Anna Balthasars Wijnvorden, Geerlig Balthasars Wijnvorden en zijn vrouw Willemina Mattheus, Henrick Gerrits ter Beeck en zijn vrouw Derkjen Balthasars Wijnvorden, Henrik Wijnvorden en zijn vrouw Wobbigjen Croneman, Aaltjen Balthasars Wijnvorden weduwe van Asjen Jacobs, met als haar momber Geerlig Balthasar Wijnvorden, en Henrik Gerrits op de Duite namens Willem Balthasars Wijnvorden en zijn vrouw Elisabeth van Thooren, transporteren 1 1/8 morgen, het Wijtemerslag, gelegen in Wegterholt, aan Jan ten Broeke en zijn vrouw Magteltjen Jacobs van den Bergh, en Willem Nijenbergh en zijn vrouw Jennigjen Hendriks Dijstelhoff; Op dezelfde datum transporteren zij 1¼ morgen uit het Hammerland, gelegen in Herxen, aan Gerrit Harinck en zijn vrouw. Ook transporteren zij 6/7 deel van 1/4 uit de Meijbergh, waarvan 1/7 deel de koper reeds toebehoort, aan Evert Zandkamp [ORA Wijhe nr.13, fol.89, 91, 92] : Evert Balster Wijnvoorden en Aeltjen Jans, eheluijden, Geerlich Wijnvoorden en Willemina Mattheus, Jan Meijer en Anna Balster Wijnvoorden, Henrick Gerrits Smit en Derkjen Balster Wijnvoorden, Henrick Balster Wijnvoorden en Wibbegien Henrix, voorts Henrick Leuijbuijs als volmr van Willem Balster Wijnvoorden en Elisabeth van Tooren (volgens volmacht van te Schraeven Hage), zich sterk makende voor Aeltien Balster Wijnvoorden en haar kinderen bij Assien Jacobs verwekt, hebben verkocht voor 355 gulden een stuk land, genaamd het Boerlandt, ongeveer een morgen groot, aan vrouw Martina Gerharda van Doorninck, weduwe van de scholtis Jordens. Zij verkopen ook voor 190 gulden een stuk land, het Korte Slagh genaamd, aan Willem de Weerdt en Jan Boskamp met hun vrouwen, ieder de helft. Ook verkopen zij voor 34 gulden Egbert Coerts en Theunisje van Putten de keuse mergen in 't Sijbroeck te Vorchten [ORA Veluwe en Veluwezoom; Protocol van Bezwaar Veessen; nr.907, fol.174; Vorchten, nr. 909 fol.41v]. 1748: Hendrik Wijnvoorden, Webbigjen zijn vrouw; Jannigjen, Aaltjen en Kornelis boven de 10 jaar, Hendrik Willemina en Balster onder de 10 jaar; 1 dienstbode, Berentjen; wonend in Tongeren [Volkstelling Wijhe 1748]. 1751: Hendrik Wijnvoorden is eigenaar van de katerstede Ottenkamp, met 1 vuurstede, gelegen in Tongeren nr.74 (Wijhe) [Vuurstedengeld 1751] Jan Klaassen Lammertink, zn. van Claes Lammertink, geboren te Rectum, landbouwer, overleden te Rijssen, trouwt te Rijssen op 19 februari 1736 met 479. Geeske ten Winckel, dr. van Aelbert ten Winckel en Janna Grooten, geboren te Rijssen. 1748: Jan Claassen en vrouw, hun kinderen Geesken, Janna, Claas, Jenneken en Jan (jonger dan 10 jr), 66
67 'inwoner' Albert Winkel [Volkstelling Rijssen 1748] Lucas Engberts Tempelman, landbouwer op Tempelman in Arrien, overleden voor 23 maart 1753, trouwt met 491. Swaantje Gerrits, lidmaat te Ommen in 1746, trouwt (2) voor 1755 met Wicher Willems Kolvoort (alias Tempelman), overleden voor 9 november : Lucas Tempelman en zijn vrouw Swane Gerrits kopen van Philippus van Arnhem en zijn zuster Elisabeth (met haar man Arnoldus Helmich) het erve en goed Tempelman in Arrien [Archief van het huis Vilsteren (226) nr. 1000]. 1748: Lucas Tempelman, Swaantje Gerrits en dochter Hanke wonen in Arrien, met een knecht (Jan Janssen), een maagd en een scheeper (Jan Claassen) [Volkstelling 1748] : Philippus van Aarnhem, te Zwolle, verkoopt aan Lucas Tempelman en Swane Gerrits het erve Tempels, gelegen in Arriën, met uitzondering van 4 mudde bouwland, dat aan Albert Nijkamp weer is verkocht. Op dit erve blijft een hypotheek liggen [ORA Ommen & Den Ham, inv.nr.7, fol.141v]. 1750: Lucas Tempels, in Arrien, wordt ingedeeld in de 11e klasse (jaarinkomen onder de 200 gulden) en betaalt gulden [Personele quotatie 1750]. 1751: Lucas Tempelman is eigenaar van erve Tempels of Tempelman in Arrien. Het erf heeft 1 vuurstede [Vuurstedengeld 1751] : Lucas Tempels en Swaene Gerritse verkopen aan Berent Nagel, onderscholte van Dan Ham, een tiende, bestaande uit 2 stukjes zaailand De Bijl-stukjes genaamd, groot ongeveer 6 schepel gezaai, uit het erve Beniers te Arriën [ORA Ommen & Den Ham, inv.nr.7, fol.148] : Lucas Egberts Tempelman en Swaantjen Gerrits, te Arriën, verkopen aan Wennemer Egberts op het Brinkhuis te Arriën, een stuk land, groot een mudde gezaai, het Lemeler Stukke genoemd, te Arriën tussen het erve Namink en het erve Nienhuis [ORA Ommen & Den Ham, inv.nr.9, fol.48] : Swaantjen Gerrits, weduwe van Lucas Tempels, wil trouwen met Wijgmond Willems. Er zijn twee onmondige kinderen: Geertjen en Hendrikje Lucas. Voogden zijn Roelof Hermsen, te Ommen, en Wennemer Brinkhuis, te Ommen [ORA Ommen & Den Ham, inv.nr.9, fol.62v] : Wiger Willems en Swaantien Gerrits verkopen aan Hendrik Jannis en Geertruid Jans de katerstede met het land, genaamd den Winkelhaken, te Arriën, oorspronkelijk uit het erve Tempelmans. Op dezelfde dag zijn Hendrik Jannis en zijn vrouw een bedrag schuldig aan Wiger Willems en Swaantje Gerrits, waarvoor zij hun katerstede den Winkelhaken, door hun bewoond, als onderpand stellen. Getuigen zijn Engbert en Luicas Mensink. De schuld is op voldaan [ORA Ommen & Den Ham, inv.nr.10, fol.111] : Wicher Tempels en Swaantien Gerrits verkopen aan Roelof Willems en Geertruid Jansen de keuterplaatse met het land, den Winkelhaken genoemd, gelegen in Arriën onder Ommen, vroeger behorende bij het erve Tempels. Op dezelfde dag verkopen Roelof Willems en Geertruid Jansen deze keuterplaatse aan Egbert Friesendorp, burgemeester en kerkmeester te Ommen [ORA Ommen en Den Ham nr.12, fol.80-81v] : Wicher Tempels en Swaantien Gerrits verkopen onroerend goed [ORA Ommen en Den Ham nr.12, fol.77v, 78v, 110, 174] Jan Derks Boerdam (?), begraven te Wijhe op 12 maart 1765, trouwt met 493. Maria Janssen (?), begraven te Wijhe op 28 november : Jan Dirksen op Boerdam en Maria Janssen zijn lidmaten te Wijhe [Lidmatenboek Wijhe] Christoffer Lamberts Kruijsdijk, zn. van Lambert Jans Kruijsdijk en Eva Stoffers, gedoopt te Olst op 22 oktober 1713, landbouwer op Vijfakkers in Olst, trouwt voor 1747 met 495. Anna Hendriks Mandemakers, overleden voor 6 mei
68 : Christoffer Lamberts Kruijsdijk koopt de vrije allodiale katerstede genaamd De Voorste Vijf Akkers, met bijbehorend land en houtgewas, van de erfgenamen van Hendrik van Marle [ORA Olst nr.5.651] : Tot mombers over Hendrik, Eva, Lambert, Derkje en Jan, onmondige kinderen van Christoffer Kruisdijk bij wijlen Anna Hendriks Mandemaker worden aangesteld Evert Lamberts Kruisdijk en Willem Derks op de Kleine Hulst. De kinderen krijgen voor hun moederlijke goed gezamenlijk een som van 175 gulden, een psalmenboek met zilver beslag en klampen, vier hemden, twee bonte scholteldoeken, zes witten neteldoekse halsdoeken, acht toef mutsen en zes servetten. De vader behoudt de overige goederen, mits hij de lusten en de lasten voor zijn rekening neemt. Hij belooft zijn kinderen goed op te zullen voeden en hij verplicht zich ook om voor zijn kinderen te zorgen als ze ziek zijn terwijl zij een baan buitenshuis hebben [ORA Olst nr.20, fol.235] Hendrick Jan van Suttem, j.m. van Hattem, ondertrouwt te Hattem op 21 juli 1715, trouwt te Hattem op 7 augustus 1715 met 501. Janna Jans : Henrick Jan van Suthem j.m. van Hattem; Ende Janna Jans j.d. aen den Ysseldijck. Copulati August.7 [Trouwboek Hattem] Asje Berends, zn. van Berend Hendriks en Geesje Asjes, gedoopt te Dalfsen op 1 maart 1696, overleden te Ankum op 16 juli 1778, trouwt (2) te Dalfsen op 7 maart 1748 met Jannichje Janssen, ondertrouwt (1) te Zwolle op 29 mei 1728, trouwt te Dalfsen met 505. Jannegien Gerrits, overleden voor 7 maart : Assien Berents j.m. te Ankum en Jannigjen Gerrits j.d. te Gerner hebbende gewoont alhier De proclam: gaan mede te Dalfsen, alwaar ook sijn ingeschreven den 29 Maij att. gegeven om tot Dalfsen te trouwen [Trouwboek Zwolle]. 1748: Assje Berents en Jannechien Jansen wonen te Ankum met één kind boven de 10 jaar, genaamd Jan, vier kinderen onder de 10 jaar en een dienstbode [Volkstelling Dalfsen 1748]. 1750: Asjen Berends, te Ankum, wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en betaalt 2 gld. [Personele quotatie Dalfsen 1750] Jan Coerts Harink (alias Dekkers), zn. van Coert Geertsen Heerinck en Geertje Dercks, landbouwer, trouwt te Hellendoorn op 7 april 1709 met 509. Marije Jansen, dienstmeid : Jan Coertz j.m. te Harink en Marije Jans j.d. dienende bij Haver Egbert, beijde te Marle [Trouwboek Hellendoorn]. Generatie X 516. Gerrit Jans Bastiaen (alias Visch Gayer), j.m. van Oosterholt, visser, keurnoot te Zalk tussen 1720 en 1726, overleden te Veecaten op 10 november 1730, trouwt (2) met Gerrigje Gerrits, dr. van Gerrit Jans en Jannegien Gerrits, overleden te Veecaten op 6 januari 1754, begraven te Wilsum (vanwege het hoge water), trouwt (1) te Zalk op 5 mei 1678 met 517. Hermpje Jans, dr. van Jan Toenijsz op Quinckelenberg en Willemtje Herms, gedoopt te Zalk op 17 juni : Hendrick Willems en Wibbegien Herms hebben verkocht aan Gerrit Jansen en Harmtjen Jans hun huis 'staende ande voet van den Isseldijck in Vecaten gelegen neffens het gepoot, bestaende in appel, peer, pruimen en willigen boomen', bij de verkopers bewoond [ORA Zalk en Veecaten nr.13, fol.333] : Gerrit Bastjans, te Veecaten, pro deo [Quohier van 't zoutgeld van de heerlijkheid Zalk en 68
69 Veecaten] : Gerr. Bastiaan en dezelfs vrouw, 2 personen, te Veecaten [Hoofdgeld Zalk 1723] : Hendr Garrits bij Bockhorst en Garr. Bastiaen worden aangesteld als mombers over Egbertien Harms, dochter van Harm. Derks en wijlen Claesien Jansen [ORA Zalk & Veecaten 15, fol.246] : 's Morgen om 7 uur door Garr: Bastiaen en Derk Harms, het oude mannegien bijgenaamd, aan het gericht en Dne Cock bekend gemaakt dat ter zijden van het huis van Garr: Bastiaen bij de Hooijmijte in Veecaten zij hadden gevonden een kind 'soo leek wel een week a drie oud, en wel in een lure geslagen', die te vondeling gelegd was. Het kindje werd ook door de onderscholte gevisiteerd en geheel en al onbeschadigd gevonden 'als alleen aen desselfs billegien wat smartagtig'. Volgens de onderscholte was het een jongen van wel zes weken oud, in een goed groen dekentje, met een geel bajen cappe, een bont borstrockien en een hemtien, en op het hoofd een donker mussien en daaronder een wit mussien. Bij provisie wordt geordineerd dit kind bij Garr: Bastiaen voor gebeur in te nemen. Op 4 november wordt het kind besteed door de diaconie en gedoopt door Dne Cock met de naam Derk [ORA Zalk & Veecaten nr.39] : Garrit Bastiaen, ziek, testeert. Hij benoemt tot erfgenamen zijn huisvrouw Garritien Garrits en hun 8 kinderen, alsmede zijn 4 kinderen bij Harmpien Jans [ORA Zalk 15, fol. 319; B. van Dooren (2000), Bastiaan,Gens Nostra, p.384] : Jacob Brink doet arrest als zodanige penningen als Bartelt Garrits, zoon van wijlen Garrit Bastiaen in Veecaten, van zijn vader en diens weduwe Garrigien Garritsen competeert, om te kunnen verhalen twee verlopen jaren huurpenningen van 17 gulden wegens een huis hof en boomgaard door Bartelt Garrits van de comparant gehuurd, staande tot Brunnepe [ORA Zalk & Veecaten nr.39] : Er is een dispuut ontstaan tussen de weduwe van Gerrit Bastiaan en de kinderen uit zijn eerste huwelijk over de boedelscheiding. Besloten wordt dat de weduwe aan de kinderen Bastiaen, Elsien, Fennegien en Jan 400 Carolus guldens zal uitreiken [ORA Zalk 15, fol. 350; Gens Nostra 2000, p.385]. 1751: De weduwe van Gerr. Bastiaen (ook in 1711) is eigenaar van het huis op de grond van den Huse Buckhorst te Veecaten, met 1 vuurstede [Vuurstedengeld Zalk & Veecaten 1751] Engbert Wigbelt, zn. van Wigbelt Everts Rot en Jannegien Gerrits, overleden voor 28 augustus 1715, trouwt met 519. Aeltien Gerrits : Engbert Wigbelts, nagelaten zoon van Wigbelt Evers en Jannegien Gerrits, heeft zijn stiefvader Gerrit Jansen, nadat zijn momber Hendrik Roelofs Brueman aan hem had overgeteld 77 Car. gulden en 10 st, bedankt voor zijn goede administratie en momberschap [ORA Zalk 37]. 16??: Evert Wigbeltsen en Aeltien Gerrits zijn huisvrouw bekennen verkocht te hebben aan Henderick Derrickse Schipper en Femmegien Wighbelts zijn huisvrouw, twee akkers gelegen bij den Harstenhorst binnendijks, van zijn overleden vader Wighbelt Evertse aangeërfd [Stadtboek Wilsum; Stadsgericht Wilsum,inv.nr.1, fol.556] = 258 Jan Gerrits Bastiaan, trouwt met 525. = 259 Willempjen Engberts Heijmen Jansen, j.m. van Elspeet, overleden voor 21 mei 1729, trouwt te Nunspeet op 28 februari 1675 met 547. Henrickjen Christiaens, dr. van Christiaen Gerritsen en Rijkje Jans, gedoopt te Nunspeet op 4 september : Heijmen Jansen krijgt, na transport door Henrick Hermsen n.u. Aeltie Claes, oprukking voor het halve 'Egbert ten Peselsgoet' in Elspeet [Herengoederen Veluwe, dl.2, p.200] Hendrik Harmens Nagelhout, geboren te Apeldoorn, trouwt (1) met Geertjen Everts, 69
70 trouwt (2) te Elburg op 6 december 1674 met 549. Aartje Jans, j.d. van Doornspijk : Henrick Nagelholdt bewoont een doorgaand huis in de Oosterbloemstraat in Elburg, dat door Lambert Henricksen c.s. verkocht wordt aan Jan Gerbertsen van Loo en Marrichje Top voor f 200,- [Protocol vrijwillige rechtspraak Elburg]. 1699: Henrick Nagelholt heeft aldaar (op de Wal) Willem Lubbers geslagen. Henrick krijgt 2 h.ponden boete [Uittreksels breuckcedulen Elburg ]. 1700: De jongens van Simon Henricks, Teune en Gijsbert Beertsens hebben tesamen de jongen van Henrick Nagelholt deerlick geslagen en mishandeld. Is verstaan dat dese olders voor meestersloon pijn en smart aen Henrick Nagelholt sullen hebben aentellen f 7,50 [Uittreksels breuckcedulen Elburg ] : Verschenen Hendrik Nagelhout Sr en Hendrik Nagelhout Jr. Zij staan borg voor de f 50,- die Cornelis Egbertsen en Geisje Hendriks echtel moeten uitkeren bij mondigheid aan haar natuurlijk kind bij Willem Lubbertsen geprocureert [Vrijwillige Rechtspraak Elburg] Gerbrech Jans, geboren te Doornspijk, trouwt te Oldebroek op 9 maart 1672 met 551. Metjen Peters, geboren te Oldebroek, overleden na 31 mei 1750, trouwt (2) met Beert Reijers. 1676: Berent Feith c.s. contra Gerbrich Janssen [ORA Elburg nr.162] : Hendrik Oosterom en Swaantje Woelderts. verkopen aan Lubbert Gerbrigsen en Willemina Willems echtel, en aan Beert Reiersen en Matje Peters echtel, hun 1/12 part van een erf in Oostendorp voor f 100,-, thans door Lubbert Gerbrigsen en vrouw bewoond, en heengekomen van zaliger Gerbrig Jansen (Nagelhout). Dezelfden verkopen voor f 135,- aan Jan Pannekoek en Marie Gerbrigs echtel, een hof voor de Mheenpoort gelegen [Protocol van bezwaar Elburg] Jacob Harms Soet, wonend te Hoophuizen, trouwt met 553. Eijbertjen Willems, dr. van Willem Lubbertsen en Cornelisien Jans, gedoopt te Nunspeet op 7 november 1647, begraven te Nunspeet op 17 februari Gerrit Roelofs Niemeyer, meijer op een hofstede in het Stuijvesant te Oldebroek in 1694, trouwt met 573. Jannetjen. 1682: Gert Roelifsen, ½ merge, 2 mud, 5 hoornbeesten, 4 personen boven de 5 jaar; 7-8, 1-11 [Kohier van verponding en bezit van rundvee en het aantal personen van 5 jaar en ouder in het ambt Oldebroek, inv.nr.55; Transcriptie P. Zunderman] Aart Cornelisz, zn. van Cornelis Wijchmans en Hille Jans, geboren te Oldebroek, belijdenis te Oldebroek op 18 september 1669, trouwt te Oldebroek op 3 februari 1672 met 575. Hendrikjen Roelofs, dr. van Roelof Alberts en Lysbet Henricks, geboren te Oldebroek, belijdenis te Oldebroek op 5 april : Aert Cornelissen, 6 1/3 mergen, 1½ mud, 7 hoornbeesten, 5 personen boven de 5 jaar; 19-17, 3-17 [Kohier van verponding en bezit van rundvee en het aantal personen van 5 jaar en ouder in het ambt Oldebroek, inv.nr.55; Transcriptie P. Zunderman] : Evert Albertsen ende Lijsken Cornelis, echteluyden, Aert Cornelis ende Hendrickien Roeloffs, echteluyden, Lubbert Lubbertsen ende Mentse Cornelis, echteluyden, Albert Janssen ende Jennechien Cornelis, echteluyden, ider voor 1/8 part, en Cornelis Hendricxs ende Beert Dercxsen voor sich selven en als mannen en mombers haerder huysvrouwen Grietien en Aeltien Hendricxs caverende mede voor Toenis, Reijer en Aert Hendricxs oock voor 1/8 part en Cornelis ende Lambert Janssen caverende mede voor Hartger Wijchmens en Wobbe Jans, eheluyden, Helmich Hendricxs en Jacobien 70
71 Jans, echteluyden, Dries Aeltsen en Jennichien Jans, echteluyden, Jan Lambertsen en Aeltien Jans, echteluyden, Coendert, Aert en Gert Jansen oock voor 1/8 part, Egbert Jans voor sich selfs en als vader van sijne 3 onmundige kinderen in echtschap bij Aeltien Cornelis erworven mit approbatie desis gerichte oock voor 1/8 part, en Hermen Alberts caverende mede voor sijn suster Jennichien Alberts en sijn halve broeder Cnelis Hendricxs oock voor 1/8 part, hebben int geheel ider voor haer quota vercoft en dragen op na bekentenisse van voldoeninge die gehele cooppenningen an Jacob Reijerts en Neeltien Egbertsen, echteluyden drie mergen weydelandts int Eecktermerck in desen ampte gelegen, sijnde allodiael, vrij en onbekommert goet, dan sijne gewoentelicke onraet, tins coper bekent onverkort. [..]. Actum Oldebroeck voor die heer richter en gerichtsluyden Hendrick Jans, schepen ende Berent Dijck, secrtaris, den 12 octobris Insgelijcxs hebben bovenstaende vercoperen ende transportanten op een ende selve tijt oock getransporteert en overgedragen uyt kracht van coop en voldoeninge van die gehele cooppennigen aen Evert Albertsen ende Lijsken Cornelis, echteluyden, een molder saylants bovent dorp over d Heygrave gelegen mit sijn holtgewas, soom veen en plaggevelt sijnde mede allodiael, vrij en onbeswaert goet, dan sijne gewoentelicke onraet en tins coper bekent onverkort [..] [Protocollen Oldebroek, 203, fol. 84v]. 1696: Aert Cornelissen pacht [een boerderij] van borgemeester Hendrick Feith. De verponding is Idem van 1 mudde Aert Cornelis is eigenaar van 1 schepel, waarvoor op verponding betaald wordt [Kohier van Verponding in het ambt Oldebroek, inv.nr.58; Transcriptie P. Zunderman] : De heer Arnout Feith, [..] in naam van de erfgenamen van Dibbolt Feith, in leven richter en ontfanger van de heerenpenninge desis ampts, heeft doen peynden aan de gerede goederen van navolgende personen om te hebben betalinge na veel en vergeefse waarschouwinge doch aaneminge van de schult soo van 5 spetien familigelt offte personelen 500 penningen genaemt als amptslasten als aan haar heer vader salliger buyten de verpondinge volgens sijn boeck off extracten van dien neffens den interessen, [waaronder] Aert Cornelissen [Protocollen Oldebroek, 403, fol. 182] mr. Roelof Knoop, overleden voor : Wed. Knoops, in het kerkdorp Wijhe, 1 vuurstede, p(auper) [Vuurstedengeld Wijhe 1682] 592. Jan Jansen Fox, zn. van Jan Willems en Teunisjen Fox, j.m. van Zalk, keurnoot te Zalk tussen 1690 en 1692, overleden voor 1695, trouwt te Zalk op 14 mei 1682 met 593. Hendrikje Jacobs, dr. van Jacob Gerberts en Berentjen Gerrits Bijvanck, geboren te Zalk (op de Meente), gedoopt te Zalk op 6 maart 1659, overleden voor 19 september 1721, trouwt (2) te Zalk in 1695 met Garrit Theunis Fox, keurnoot te Zalk in : Garrit Theunis Fox is voornemens opnieuw te trouwen. Zijn vier kinderen, met name Theunis, Jan, Aeltien en Gerberig Garrits, bij wijlen zijn laatste huisvrouw Hendrikjen Jacobs verwekt, worden hun moederlijke goed bewezen. Jan Fox, een halve broer van de vier kinderen, en Jan Maes zijn als mombers aangesteld. Uit hun moederlijk goed krijgt elk kind 7 car. guldens en een paar nieuwe hemden [ORA Zalk en Veecaten nr.15, ] Berent Jans, wonend op de Oude Wetering, overleden voor 16 januari 1732, trouwt (2) met Margien Jans, trouwt (1) met 631. Merghjen Derks, overleden voor 25 augustus : Berent Janssen, aan de Oude Wetering te Mastenbroek, 1 vuurstede, in eigendom van Amptman Wijer en Vermeer [Vuurstedengeld Zwollerkerspel 1682] : Berent Jansen op de Oude Wetering heeft over zijn onmondige kind met name Albertjen, in echte geprocreëerd bij zalr Merghjen Derks, tot momberen verzocht Jan Jansen, oom van vaders zijde, en Wolter Willems zijn naberman, die dat hebben aangenomen. Hij doet erfuiting en bewijst het kind voor het moederlijke goed een som van 40 car. gld. en een bed met toebehoren [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 612]. 71
72 642. Jan Willems Nevesel, meier op Nevesel in Noordmeer, trouwt met 643. N.N : Dr. Wilhelm van Grootvelt, als gevolmachtigde van zijn tante Hendrina Moerkerken, verkoopt aan de Baron van Pallandt, Heer tot Eerde, luitenant-generaal ten dienste van den Staat der Verenigde Nederlanden, en zijn vrouw, de Baronesse van Baer, het erve en goed Neversel ofte Neverswill, ook opganck genaemt, gelegen in den Boerschap Nortmeer, met alle sijn getimmer, soo daer op is staende opgaende eyken boomen, hegge holt, hooge en de leege landen en alle regt en gerechtighijt, van outs daer toe gehoert hebbende, sijnde hier ook onder begrepen den aengegraven kamp. De verkoopprijs is 4000 Caroli guldens. Aan de meyer Jan Willems moeten door de koper nog drie resterende jaren pacht worden uytgehouden. Verder wordt ook de katerstede Miskotten verkocht, ook gelegen in Noordmeer, voor 800 gulden (de meyer van deze katerstede, Herman Berglandt, moet jaarlijks 20 gulden en twee paar hoenders als pacht betalen) [ORA Ommen en Den Ham; Derk Lamberts Bergland, zn. van Lambert Bergland en Maria Gerrits Bergland, geboren rond 1667, overleden na 1723, trouwt met 645. Berendje Jansen. 1687: Derk Lamberts Bergland [ORA Ommen en Den Ham; niet-vrijwillige zaken] Arent Hendriks op den Geerlig (alias Knippers), zn. van Hendrik Arents en Willempje Egberts, landbouwer op Huijsjen in de Lindemars, later op Knippers aan den Geerlig in Magele, overleden na 1767, trouwt voor 1707 met 649. Willemtjen Berents, overleden voor : Derk Egberts van de Geerlich, ziek bij het vuur, en zijn zuster Marregien Egberts vermaken hun boedel aan hun neefje Arent Hendriks en Willempje Berents. De kinderen van hun zuster zaliger Ydegien Egberts, door Jan Vrerix Verver verwekt, krijgen 100 Rijndaalders ad 50 stuiver stuk. Hendrik Arents, man van wijlen hun zuster Willempje en vader van Arent Hendriks, krijgt 100 Rijndaalders. De kinderen van hun overleden broer Jacob Egberts krijgt 100 Rijndaalders. Hun nicht Elsje Willems, dochter van zuster Jennigje Egberts, door wijlen de meesterchirurgijn Willem Berents verwekt, krijgen ook 100 Rijndaalders, 6 spint land op de Vrettekamp en nog land te Meer. [RAO Ommen en Den Ham]. 1723: Arent op den Geerlig, in Magele, betaalt voor 4 personen hoofdgeld. 1733: Arent op den Geerlich met sijn meijer, in Magele, worden getaxeerd op 1000 gulden [1000e penning]. Idem in : Testament van Marrichien Egberts. Zij vererft alle gerede en ongerede goederen aan Arent Hendriks, gehuwd met Willemtien Berents. Het testament van haar overleden broer Derk Egberts op den Geerlich van 30 mei 1716 wordt teniet gedaan, behoudens het geldbedrag voor de armen van Den Ham : Arent Hendriks, van den Geerligh bij Den Ham, is een bedrag schuldig aan de vrouwe Douarière van Reghteren, gravin van Castel en vrouwe toe Mennigushave, waarvoor hij de katerstede den Bisschop, gelegen in Linde onder Den Ham als onderpand stelt. Op verklaart de lasthebber van F.H. van Rechteren dat de schuld door Jan Schutmaat, getrouwd met een kleinkind van Arent Hendriks, voldaan is [ORA Ommen & Den Ham, inv.nr.7, fol.5v] : Arend Hendrik van den Geerlig te Den Ham verkoopt aan Derk Willems en Geesje Gerrits te Linde een half mud zaailand, uit het erve van Jan Lamberts, gelegen te Linde tussen Lucas Herms en Horsjan [ORA Ommen & Den Ham, inv.nr.7, fol.129]. 1751: Arent Geerligh wordt ingedeeld in de 11e klasse (jaarinkomen onder de 200 gulden) en betaalt 2-34 gulden [Personele quotatie]. 1751: Arend op den Geerlig is zelf eigenaar van Knippers an den Geerlig, met 1 vuurstede 72
73 [Vuurstedenregister] : Arent op den Geerlig wordt samen met Lucas Berents momber van Geesien Menschen, weduwe van Gerrit Antoni ten Brinke zo om haar hoge jaeren als andersints momboiren over haar, en hare goederen benodigt sijn. Zij treden o.a. op als zodanig op [Vrijwillige rechtspraak Den Ham] : Arend op den Geerlig neemt een hypotheek op het halve plaatsje t Geerlig in Magele. 1764: Arent op den Geerlig betaalt voor 3 personen hoofdgeld. Idem in 1765, Gosen in den Bijster, landbouwer op de Bijster in Linde Derk Teunissen, trouwt met 665. Jannegien Derks Berent Henriks, trouwt met 667. Margien Alberts Evert Willems, j.m. buiten de Sassenpoort, ondertrouwt te Zwolle op 26 februari 1678 met 675. Marrichje (Martje) Jans, j.d. te Ittersum, ondertrouwt (1) te Zwolle op 2 mei 1671 met Jan Lamberts, j.m. te Ittersum : Evert Willemsen j.m. buijten den Sassenpoort en Marrechijn Jans, Jan Lamberts naegelaeten wed: [Trouwboek Zwolle] Tonis Korterik, trouwt met 689. Janna Tonissen. 1699: Tonis Korterik en Janna Tonissen, eheluiden, in Tonis Korteriks huis in Tijenraan [Lidmatenboek Raalte]. 1745: Janna Kooikers, op Kortrijk te Thijenraan [Lidmatenboek Raalte] Jan Egberts Lenderinck, zn. van Egbert Lenderinck, landbouwer op Lenderinck in Wesepe, trouwt met 691. Berentien Jansen. 1707: Jan Lenderink op Lenderink in Wesepe, in eigendom van het Voorster gasthuis te Deventer [SA Deventer, Instellingen van Weldadigheid; Rekeningen , ] : Jan Lenderink treedt op als voogd over Jenneken Willems, en verkoopt samen met Henrik Willems en Berentien Janssen, en Berent Willems en Hendrine Janssen, de katerstede Gravemans aan Jan Grotenhuis en Lammert ten Have, als diakens van Wesepe [ORA Olst nr.5] Berent Jans Swart. 1716: Berent Jansen Swart, te Wijhe, verponding 0-4-8, contributie [Verponding Salland, Wijhe] 716. Dries Jansz, zn. van Jan Driessen en Hillechien Egberts, gedoopt te Heerde op 22 juni 1662, trouwt met 717. Aaltje Lamberts, dr. van Lambert Peters en Jantien Stevens, gedoopt te Heerde op 29 september Roelof Harms (?), zn. van Hermen Alberts en Hilligien Jans, gedoopt te Hasselt op 16 december 1683, huisman, trouwt (1) te Hasselt op 4 mei 1705 met Lubbegien Herms, trouwt (2) te Hasselt op 16 maart 1707 met 73
74 739. Gerrigjen Everts (?), geboren te Hasselerdijk, trouwt (2) te Hasselt op 10 juni 1722 met Jan Hendriks. Roelof Harms woont bij zijn eerste huwelijk in 1705 'op ter Wee', Lubbegien Herms woont in Streukel. Bij zijn tweede huwelijk in 1707 woont hij in Streukel : Jan Hendriks, j.m. wonend op de Leemkuijle, trouwt met Gerrechien Everts, weduwe aan de Hasselerdijk [Trouwboek Hasselt] Claes Gerrits (?), landbouwer, overleden op 28 december 1747, begraven te Mastenbroek op 4 januari 1748, trouwt met 741. Annigjen Gerrits (?), overleden op 25 oktober 1756, begraven te Mastenbroek op 2 november 1756, ondertrouwt (2) te Mastenbroek op 10 mei 1754, trouwt te Mastenbroek op 9 juni 1754 met Arent Roelofs, j.m. van Mastenbroek : Burgemeester Cornelis Kerckhoff en Roeloff Jans [ ], als provisoren van de armen van Genemuiden, hebben getransporteerd aan Claas Gerrits en zijn huisvrouw een stuk hooiland, groot 3½ morgen 'dog sonder maate' gelegen op de Oostermate, strekkende van de Hooge dijk tot in de zee met rietland, ten westen de Geestelijkheid van Campen, ten oosten Cornelis Albers vrouw van der Werff en Jacob Claasen [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.6] : Abraham Braij verklaart schuldig te zijn aan Claas Gerritsen en Annegien Gerrits de som van 500 gulden. In 1735(?) blijkt de schuld te zijn voldaan [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.6]. 1748: Annigje Gerrits, weduwe van Claas Gerrits, wonend aan de Zeedijk, kinderen Jan en Geertjen, 1 knecht [Volkstelling Mastenbroek 1748]. 1750: De weduwe Claas Gerrits, te Mastenbroek, wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld) en betaalt 4 gld [Personele Quotatie 1750]. 1751: Claas Gerrits wed. selfs eigenaar, aan de Zeedijk te Mastenbroek,1 vuurstede; eerder Cornelis Louwsen selfs eigenaar [Vuurstedengeld Zwollerkerspel 1751] : Claas Gerrits wed. pacht van de Stad Kampen voor 180 gulden een erve (nr.12) van 36 morgen 'met syn raad en onraed daer te gehorende dog het holtgewas blijven ten profijte van de Geestelijkheit hier bij gelegt ses m op de Oostermate bij Claas Gerrits gepagt'. Op wordt dit erve door het overlijden van de weduwe aan haar zoon Jan Claessen overgegeven [Oud Archief Kampen, inv.nr.1933, fol.37] Roelof Herms, zn. van Herman Stoffers en Lubbechien Peters, overleden te Mastenbroek op 22 november 1735, trouwt (1) met Geertje Dirks, overleden voor 15 april 1713, trouwt (2) op 18 mei 1713 (huwelijkse voorwaarden) met 743. Klaasje Heimerigs, dr. van Heijmerigh Francken en Aeltien Gerrits, gedoopt te Kampen op 29 januari 1697, begraven te Mastenbroek op 16 februari 1776, trouwt (2) met Jan Alberts, begraven te Mastenbroek op 8 februari : Peter Herms, Roelof Herms en Egbert Henricks, treden op als mombers over de onmondige kinderen van Thomas Herms aan de Zeedijk. Lubbechien Thomas, huisvrouw van Henrick Evers aan de Zeedijk, ontslaat Peter Herms en Roelof Jansen aan de Zeedijk van hun momberschap [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 617] : Roelof Herms en Jacob Stevens, beiden bloedverwanten, worden aangesteld als mombers over het soontijn door wijlen Peter Harms bij Marighien Jans in echte geprocureerd, 'namens Peter Herms'. Marighien Jans gaat hertrouwen met Wolter Jacobs Poort en belooft het kind te onderhouden etc en geeft hem 20 car gld voor zijn vaderlijke goed [ORA Schoutambt Genemuiden inv.nr.3] : Jan Bartels, Henrick van den Bergh en de Roelof Hermsen worden aangesteld als mombers over de kinderen van Geesjen Dirks bij Dirck Hermsen en de Lubbichjen Herms sal. in echte verwekt [Kampen voogdijakten , inv.nr.133, fol.97v]. 1709: Roeloff Hermsen en Henric Egbertsen, beiden aan de Zeedijck, zijn borg voor Reijner Minicus 74
75 [Oud Archief Kampen, Rekeningen Stad Kampen, inv.nr.1932, fol.6v, foto 13] : Roelof Herms aan de Zeedijck, weduwnaar van Geertien Dercks, heeft aan zijn twee kinderen, Harmen Roelofs en Lubbechien Roelofs getrouwd aan Henrick Egbers, doet erfuiting. Voor hun moederlijke goed krijgt elk kind 570 car. guldens [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 617 fol.121] : Roelof Herms en Claesjen Heymerghs, eheluiden, zij met Daniel van Campen als momber, stellen huwelijkse voorwaarden op. De akte wordt op getekend met handmerken van Roelof Herms, Klasien Heymerigh, Heymerigh Francken en Gerrit Heymerighs [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 617] : Roelof Herms en Klaasje Heijmerighs, zij met Evert Jan Vastenou als momber, maken een testament. Als hij zonder descendenten bij zijn huidige huisvrouw komt te overlijden, institueert hij zijn twee voorkinderen tot universele erfgenamen. Verder krijgt Klaasjen Heijmerighs de halfscheid van al zijn goederen. Heeft hij wel kinderen bij har dan delen die ook mee. Als hij overlijdt zonder kinderen uit zijn huidige echt, dan krijgt Klaasje Heijmerighs 600 gulden, wanneer er wel kinderen bij Klaesjen Heijmerighs zijn verwekt krijgt zij 400 gulden. Klaasje Heijmerighs institueert haar man Roelof Herms als enige erfgenaam, en bij zijn vooraflijvigheid zijn twee voorkinderen Lubbetje en Hermen Roelofs. Als zij kinderen krijgt bij Roelof Herms dan institueert zij die als universele erfgenamen [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 617] : Harger Peters, Franco Jacobs en Roeloff Harms worden aangesteld als mombers over Aeltjen en Albert Gerrits, bij Gerrit Heijmerighs en Berentjen Albers sal. [ORA Kampen nr.132, fol.168] : Roelof Hermsen pacht voor 112 (?) gulden negen morgen 'bij de Hasseler dijck met den onraat daar toe gehorende om te wijden en uijt te rooijen', laatst gebruikt door Egbert Henricks en Klaas Gerrits. Borgen zijn Evert Gerrits en Klaas Keppel [Oud Archief Kampen, Rekeningen Stad Kampen, inv.nr.1932, fol.96v, foto 188] : Roelof Harms pacht van de stad Campen 'negen morgen in verscheidene campen verdeeld met een onraed op de Oostermate en de drie roeden op de [ ]waede die de Huirman tot sijnen laste sal neemen so Henrik Berents Lingeman in pagt gehad heeft', voor 86 gulden, voor een periode van zes jaar. Borgen zijn Harmen Roelofs en Albert Peters [Oud Archief, inv.nr.1933]. In de voorgaande periode pachtte Henrick Berents Lingeman deze 9 morgen voor 100 gld en waren Harmen Roelofs en Roelof Herms borg; in de daaropvolgende periode is Claas Gerrits pachter voor 84 gulden [in.nr.1932, fol.124v; inv.nr.1933, fol.96v]. 1733: Hermen van Westerholt, 4 m, in IJsselmuiderslag, f 9-6 verponding. Eigenaar: Roelof Herms cum suis, later Egbert Hendriks en Jan Albers, later Heimerig Roelofs en Willem Lubberts [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.72]. 1748: Jan Alberts en Claasjen Heimerigs, wonend aan de Zeedijk, met kinderen Heimerig en Jantjen, 1 meid [Volkstelling Mastenbroek 1748]. 1751: Jan Albers, eigenaar 't Gasthuis te Campen, aan de Zeedijk te Mastenbroek,1 vuurstede; eerder Hermen Stoffers, selfs eigenaar [Vuurstedengeld Zwollerkerspel 1751] : Jan Albers en Klaasjen Heijmerigs van de Rijkssteege uit Mastenbroek, beiden gezond van lichaam, maken een testament. Erven zullen de broers en zuster van de testator 1½ morgen weideland in Mastenrboek aan de Rijkssteege, tegenover de Krommesteege gelegen. De testatrice nomineert en institueert haar kleindochter Lubbetien Gerrits en haar overkleindochter Aeltien Klaassen tesamen in de legitieme portie en verder niet. De testator benoemt zijn vrouw Klaasje Heijmerigs tot universele erfgenaam, en bij vooroverlijden van zijn stiefzoon Heimerig Roelofs en diens vrouw en kinderen, met aftrek van het legaat. De testatrice benoemt haar zoon Heijmerig Roelofs tot universele erfgenaam, en zijn vrouw en kinderen bij zijn overlijden [ORA Schoutambt Genemuiden, inv.nr.7] = 364 Hendrik Gerrits, trouwt met 745. = 365 Aeltje Jans Albert Arents, j.m. van Zalk, veehouder, overleden na 22 april 1769, trouwt te Zalk op 6 mei 1725 met 747. Henrikjen Jans, j.d. van Zalk, belijdenis te Mastenbroek op 27 maart 1744, met attestatie naar 75
76 Kampen op 9 april 1756, overleden na : Weduwe Holts is eigenaar van Mastenbroek (Bisschopswetering) nr.68; bewoner is Albert Arents, afkomstig uit Spoolde; sinds 2 jaar wonend in Mastenbroek; 2 kinderen; vehouden; gereformeerd [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 655] : Hendrikje Jans uxor Albert Arents, aan de Bree-Steege den 9 April attestatie na Campen gegeven [Lidmatenboek Mastenbroek]. 1747: Albert Arents pacht in 1747 voor 16 gld. vier morgen in 't Hasselaer slag, in gebruik geweest bij Asien Jans van Marle, blijvende de ongelden aan de Geestelijkheid. In wordt dit land voor 25 gld aan Henrik Wind verpacht [Oud Archief Kampen, Rekeningen Stad Kampen, inv.nr.1933, fol.183v, foto 287]. 1748: Albert Arents en Henrikjen Jans wonen aan de Bisschopswetering, met dochter Willempjen en Janna boven de 10 jaar, 1 knecht en 1 meid [Volkstelling 1748]. 1750: Albert Arends, te Mastenbroek, wordt ingedeeld in de 11e klasse en betaalt 4 gld [Personele Quotatie 1750 Schoutambt van Zwolle]. 1751: Albert Arens, eigenaar de wed. dr. Jan Holt, 1 vuurstede, aan de Bisschopswetering te Mastenbroek. Eerder de wed. Greve [Vuurstedengeld Zwollerkerspel 1751] Antonij Jans, j.m. in de Riesebos, overleden na 5 januari 1773, ondertrouwt te Zwolle op 11 september 1723, trouwt te Hattem op 6 oktober 1723 met 749. Maria Alberts Dutman, dr. van Albert Dutman en Maria Gerrits, j.d. aan de IJsseldijk bij Hattem : Antonij Jansen j.m. wonende in de Rijsebos met Maria Dutmans j.d. wonende aen den IJsseldijk bij Hattem. De proclamatien gaan mede te Hattem, alwaar ook ingeschreven sijn. attestatie om te Hattem te trouwen afgegeven den 6 Octob: 1723 [Trouwboek Zwolle]. 1748: Antonij Jans en Maria Alberts, wonend aan de Nieuwe Wetering, zoon Albert ouder dan 10 jaar [Volkstelling 1748]. 1750: Anthony Jans, te Mastenbroek, wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en betaalt 3 gld [Personele quotatie Zwollerkerspel 1750] Jan Harmsen Riesebos, zn. van Jan Herms in 't Clooster en Diewertien Peters, gedoopt te Zwolle op 28 september 1694, landbouwer op de Riesebos, begraven te Zwolle (Bergkloosterkerkhof) op 14 december 1753, ondertrouwt (2) te Zwolle op 8 maart 1738, trouwt te Mastenbroek met Janna Claessen, overleden te Mastenbroek op 26 januari 1791, trouwt (1) te Zwolle op 16 april 1719 met 751. Margjen Jans, j.d. van Ankum : Jan Hermsen Klooster j.m. in de Rysebos en Margien Jansen j.d. te Ankum. Getrouwt den 16 april de proclamatien gaan mede te Dalfsen alwaar ook zijn ingeschreven [Trouwboek Zwolle] : Jan Hermsen wordt na de dood van zijn moeder Diewertien Peters beleend met 'de gerechte helffte van de Millinger Koye in Mastebroeck in 't Hoogebruggherslag'. Op wordt dit samengevoegd met het andere deel wegens de geringe waarde [Repertorium op de leen-, tinsenhofhorige goederen van het Stift Essen] : Jan Herms wordt als oom van vaderszijde aangesteld als voogd van de onmondige kinderen van Willem Snel, weduwnaar van Merrigjen Teunis [RA Zwolle en Zwollerkerspel] : Jan Hermsen, mede voor zijn vrouw Marrichien Jans, wordt na opdracht door Joannes Cops beleend met 'twee ende een vierendeel margen landes in Mastebroeck, genaemt Popeloenenlant'. Op wordt Claas Peeters hiermee beleend en op Peter Jansen Rysebos, ten behoeve van zijn moeder, de weduwe van Claes Peters [Repertorium op de leen-, tins- enhofhorige goederen van het Stift Essen]. 1733: Cornelis Claassen, 2¼ m de Koeje, in het Hoogbrugger Slag, f verponding. Eigenaar: 76
77 Jan Herms Riesebos, later Claas Peters weduwe [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489, fol.47] : Jan Herms Clooster wed. in de Rijsebos met Janna Claessen j.d. in Mastenbroek. haer getuijge is de huisvrouw van Willem Arens en zijn getuijge is Henricus Velink. Bruidegom moet nog Erfuitinge doen. Is getoont Den 1 Meert att afgegeven om te Mastebroek te trouwen alwaar de proclam: mede moeten gegaan zijn [Ondertrouwboek Zwolle] : Als mombers over de vier nagelaten kinderen van wijlen Margjen Jans worden aangesteld Hendricus Velink en Derk Jans. Jan Herms Clooster heeft ter presentie van de momberen erfuiting gedaan aan zijn vier kinderen Jan, Aaltjen, Dievertje en Herman. Samen krijgen zij voor hun moederlijke goed 470 Car gld, voorts 4 stukken linnen daar ieder zijn letter op geletterd staat, 2 tafellakens, 8 servetten, 14 hemden, 7 witte kroplappen, 16 witte kousen, 9 neteldoekse neusdoeken, 8 paar vrouwen voormouwen, 2 paar witte handschoenen, 4 gouden hoepringen en een gouden ring met stenen, 1 paar gouden krullen, een zilverwerk met 6 ketens daaraan een zilveren beugel met een tas daaraan, een zilveren haak en oog, 2 zwarte zijden schorteldoeken en 2 zwarte zijden kappen, 1 damasten rok, 1 sersien rok, 1 greinen rok, 1 blauwe lakense rok met koorden, 1 couleert rasdemarokken jak, 1 zwart rasdemarokken jak, 2 blauwe schorteldoeken [ORA Zwolle nr.154] : Voogdijstelling [RA Zwolle en Zwollerkerspel] Willem Roelofs, j.m. van Hardenberg, met attestatie van den Hardenberg naar Zwolle op 19 december 1712, ondertrouwt (2) te Zwolle op 23 juni 1727, trouwt te Zwolle op 14 juli 1727 met Fennegien Jansen, ondertrouwt (1) te Hardenberg op 23 oktober 1712, trouwt te Zwolle op 8 november 1712 met 753. Grietje Lucas, dr. van Lucas Harms en Willempje Hendrix, gedoopt te Zwolle op 23 maart 1693, begraven te Zwolle (op het Bergkloosterkerkhof) op 31 juli : Willem Roelofs j.m. ende Grietje Lucas jd. sijn getujge Roeloff Hermsen, haar getujge haar moeder. Getrouwd den 8 November 1712 [Trouwboek Zwolle] Willem Roelofs, j.m. te Brogt, met Grietje Lucassen, j.d. te Berkum onder Zwolle; met attestatie nae Zwolle gegaan den 26 november [Ondertrouwboek Hardenberg] : Willem Roelofs in de Veldhoek te Berkum, weduwnaar van Grietien Lucas, heeft over zijn vier onmondige kinderen, met namen Weijme, Lucas, Gesien en Albertien, tot mombers verzocht en geobtineerd Lucas Herms, bestevader van moeders zijde, en Jan Lucas, oom van vaders zijde, die dat hebben aangenomen. De drie dochters krijgen uit hun moederlijke goed bij hun trouwen of mondige jaren een bed met peulue en twee kussens, zijn zoon krijgt een vaars [ORA Zwolle en Zwollerkerspel 619, blz.253] : Willem Roelofs, weduwer an 't Berkummervelt, met Fennegien Jans j.d. in Berkum. S.G.: Luykas Hermes; H.G. De huysvrouw van Gerryt Jans. Hij moet erfuiting doen. Getrouwd 14 july 1727 [Trouwboek Zwolle]. 1737: Willem Roelofs is eigenaar van 4½ m in Velthoek te Berkum, waarvoor f 5-8 verponding f 7 - contributie [Verponding Zwollerkerspel 1737] Jan Lucas, ondertrouwt te Zwolle op 16 april 1729, trouwt te Zwolle op 8 mei 1729 met 757. Fennigjen Janssen : Jan Lucas j.m. op den Ordel, met Fennigjen Jans j.d. in 't Tolhuijs - de proclamatien gaen mede te Dalfsen - siin alhier getrouwt den 8 Meij S.G. de vader, H.G.Maria Hendricks haar suster [Trouwboek Zwolle]. 1748: Jan Lucas en Fennegien Jansen, 2 kinderen boven de 10 jaar (Gerrit en Lucas), inwoonder Welmer Lucas, te Oosterdalfsen [Volkstelling Dalfsen 1748] Gerrit Hendriks, wonend op den Pijlstaert te Emmen, trouwt met 759. Lamberta Gerrits. 77
78 1748: Gerrit Hendriks en Lamberte Gerrits, 1 kind boven de 10 jaar (Grietien), te Emmen [Volkstelling Dalfsen 1748] Hendrik Jans Stoel, zn. van Jan Gerrits en Elsje Willemsen, geboren te Veecaten, gedoopt te Zalk op 30 augustus 1663, belijdenis te Zalk op 18 oktober 1691, overleden voor 1729, trouwt (2) te Zalk op 1 juni 1704 met Geertje Alberts, trouwt (1) te Zalk op 3 april 1692 met 833. Hendrikje Jans, j.d. van graafschap Bentheim, belijdenis te Zalk op 8 april : Hendrik Stoel, te Veecaten, betaalt f 0-10 zoutgeld [Quohier van 't zoutgeld van de heerlijkheid Zalk en Veecaten]. 1711: Hend. Jansen Stuil is eigenaar van een huis met 1 schoorsteen te Veecaten, op de grond van Juffr Greve. In 1732 is Assien Derks eigenaar [Vuurstedengeld Zalk & Veecaten 1751] : Hend. Stuil en dezelfs vrouw, 2 personen, te Veecaten [Hoofdgeld Zalk 1723] Reinder Peters Leeuw, zn. van Peter Reinders Leeuw en Aaltje Willems, j.m. van Wilsum, wonend op de Bijvang te Veecaten, keurnoot te Zalk tussen 1698 en 1700, overleden te Veecaten, begraven te Wilsum op 21 augustus 1731, trouwt te Zalk op 9 februari 1679 (met attestatie op Wilsum) met 837. Willemtjen Wicherts, dr. van Wijcher Gerrits en Diewertjen Herms, j.d. van Mastenbroek, overleden voor 1723, ondertrouwt (1) te Zalk op 12 maart 1676, trouwt te Mastenbroek op 9 april 1676 met Jan Hendrix Posien, zn. van Hendrick Dircks Posien : Reinder Peters, j.g. van Wilsum, en Willemtjen Wichers, wed in Vecaten. Attestatie gegeven op Wilsum. Willemtjen Wicherts, j.d. van Mastenbroek, ondertrouwt in Zalk op met Jan Hendrix Posjen, j.m. van Vecaten. Zij trouwen op 9-4 te Mastenbroek : Willemtien Wijchers, weduwe van Jan Henricksen Posien, geassisteerd met Reinder Peters, heeft verzocht dat over haar onmondige dochter Geertjen Jans Posien tot mombers worden aangesteld Wijcher Gerrids en Rutger Henricksen Posien. Zij geeft haar dochter voor haar vaderlijke goed verschillende goederen, waaronder de helft in 8 morgen land, een som van 450 gld, etc. Er zijn ook schulden [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Jan Jansen onderscholtis ter instantie van Rutger Henricksen Posien heeft aangezegd aan Reinder Peter 'dat hij geen beesten op zijn lant sal hebben te brengen' vooraleer hij hem nieuwe huur heeft gemaakt. Reinder Peters zegt daarop dat hij 'noch huire an Rutger Henricks Posies lant heeft en dat hij hetselve lant denkt te gebruicken soo lange als hij huyre heeft' [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Rimer Petersen Leuw en Willemtjen Wijchers verklaren dat, zoals in de 'acte van bewijsinge' van als schuld gespecificeerd staat, Geertien Jans Posien, dochter van Jan Henricksen Posien en Willemtien Wijchers, haar quota moet dragen in een schuld van 1248 caroli gulden en 4 stuivers, eigenlijk toebehorend aan Wijcher Gerridts en zijn huisvrouw, de ouders en schoonouders van de comparanten, 'om redenen, dat deselve aen wijlen Jan Henricksen Posien en sijne doenmaelige huijsvrouwe bovengenoemt, voornoemde somme deughdelick hebben verstreckt' om landerijen te betalen, samen 8 morgen groot, in de Bijvanck in Veecaten, die Jan Henricksen Posien en Willemtien Wijchers uit de boedel van wijlen Hendrick Dircksen Posien, volgens magescheid van , hebben gekocht [ORA Zalk, nr.37; Contentieuse zaken] : Reijnder Peters, te Veecaten, betaalt f 2-10 zoutgeld [Quohier van 't zoutgeld van de heerlijkheid Zalk en Veecaten] : Dr. Schuurman als gevolmachtigde van de gasthuismeesters der stad Wilsum pandt 't gerede van Reijndert Peters als mede erfgenaam van wijlen zijn vader Peter Reijnders, om daaruit te verhalen een som van penningen met interest, vanwege een verstrekt kapitaal van 110 gld. Op is de peinding aan Reijndert Peters geïnsinueerd door de onderscholte Lubbert Huisman, waarop Reijndert Peters geantwoord heeft dat hem geen gerechtelijke opzage was geschied en dat de gasthuismeesters het onderpand waarop het geld verschoten was hadden moeten aantasten [ORA Zalk & Veecaten nr.38] : Jan Willems Westra nomine uxoris Geertjen Jans Posjen doet panden 't gerede voorts 78
79 bestialen, coorn, hoij en de halfscheid van 8 morgen met een huis en getimmer, berg en schuur te Veecaten, toebehorend aan Reiner Petersen Leeuw, getrouwd met Willemtjen Wichers, om daar aan te verhalen, uit kracht van erfuiting van : Voor de uitkoop van het huis etc. een som van 375 gld; voor de peerden, beesten, verkens en inboedel 450 gld; dan nog voor 10½ jaar loon, zo Geertjen Jans sedert de ouderdom van 18 jaar bereikt hebbende bij de stiefvader Reiner Peter en moeder heeft gewoond, 252 gld; wegens toegeld 63 gld; en 10½ jaadr pacht van de 8 morgen land, de paneisers vrouw toekomend volgens presentatie van de pandweerder aan de momber Rotger Posjen gedaan jaarlijks 60 gld. Alles onder afslag van gedane bewijslijke betalinge wegens de obligatie van Hendrik Derksen Posjens en Geertjen Hansen. De panding is door de onderscholte aan Reinder Peters Leeuw gedaan. Op protesteert R.F. Eeckholt, advocaat van Reinder Peterse Leeuw, hiertegen [ORA Zalk & Veecaten nr.38]. 1711: Reiner Peters is eigenaar van een huis te Veecaten met 1 vuurstede. In 1729 is Jan Reinders eigenaar, in 1745 Geerlig Harms. In 1798 is deze vuurstede afgeschreven [Vuurstedengeld Zalk & Veecaten 1751] : Reiner Peters, 1 persoon en dezelfs zoon en dochter 2 personen, 2 knechten en 1 maagd, 3 personen, samen 6 personen, te Veecaten [Hoofdgeld Zalk 1723] Jacob Derks, j.m. van Junne, trouwt te Dalfsen op 21 februari 1691 met 847. Willemtien Gerrits, j.d. van Rechteren. 1715: Hr. van Rechteren [eigenaar], Jacob Derkzen [pachter]. Ord. Verpond. f -11-4, contrib f 1-3-; van Zeijne Bouwhuis verp f 1; van 't maatstuk verpd f 2-10 [Verponding Dalfsen; Rechteren] Jan Hendriks, geboren te Ruitenveen, overleden voor 5 oktober 1714, trouwt (1) te Nieuwleusen op 30 maart 1710 met Jennegjen Seine, trouwt (2) te Nieuwleusen op 24 juli 1712 met 849. Willemtje Gerrits, geboren te Emmen, ondertrouwt (2) te Nieuwleusen op 5 oktober 1714 met Gerrit Seinen, overleden voor : Willemtjen Gerrits, nagelaten weduwe van wijlen Jan Hendriks, met Seine Geerts als momber, heeft over haar zoon Jan Jans, als mombers verzocht en geobtineerd Hermen Lubbers, oom van vaders zijde, en Gerrit Gerrits, oom van moeders zijde. Zij geeft haar zoon voor zijn vaderlijke goed 80 gulden, benevens een kiste. In de marge staat dat in juni 1716 Gerrit Seijne en Willemtjen Gerrits, eheluiden, verklaren, met Evert Jans Vasteman (?) als momber, dat zij met momber Hermen Lubberts overeengekomen zijn dat zij Jan Jans geen 80 gld, maar 100 gld. zullen geven voor zijn vaderlijke goed [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.616, fol.220] Derk Hermsen, geboren te Nieuwleusen, belijdenis te Nieuwleusen op 1 april 1714, diaken van 1742 tot 1744, ouderling van 1745 tot 1749, trouwt te Nieuwleusen op 25 mei 1713 met 855. Grietjen Peters, geboren te Nieuwleusen, belijdenis te Nieuwleusen op 1 april : Derk Hermz woont met zijn zoons Wilm en Peter, boven de 10, 2 kinderen onder de 10 jaar, en 2 dienstboden te Nieuwleusen (in het rot van Derk Geertz). Inwonend zijn Derk Jansen en Jennegien Derks [Volkstelling 1748] Henrik Roelofs, zn. van Roelof Berends en Klaasje Peters, j.m. van Nieuwleusen, ondertrouwt te Nieuwleusen op 8 december 1726 met 863. Joanna Hendriks, dr. van Henrik Jansen en Fennechien Cornelissen, geboren te Ruitenveen, gedoopt te Nieuwleusen op 16 januari : Hendrick Roelof uit Nieuwleusen, aankoop van een erve in Nieuwleusen van Wilm Floris van Pallandt, in huur geweest bij de weduwe van Roeloft Berents [ORA Dalfsen, 50e penning; inv.nr.7 fol.39]. 79
80 880. Jan Everts, zn. van Evert Claes en Jantien Herms, ouderling, trouwt voor 1670 met 881. Aeltien Thijs, dr. van Tijs Jans en Stientje Alberts. 1682: Jan Everts wordt aangeslagen voor 1 vuurstede. Eigenaar is de Hr. Van Gerner [Vuurstedengeld Nieuwleusen 1682] Roelof Berends, zn. van Berend Roelofs en Claassien Claes, gedoopt te Nieuwleusen op 27 augustus 1676, kerkmeester van 1721 tot 1723, trouwt te Nieuwleusen op 24 maart 1700 met 883. Klaasje Peters, dr. van Peter Klaaszen Kragt en Geertien Henricks, gedoopt te Nieuwleusen op 21 juni Willem Janszen, belijdenis te Nieuwleusen in 1706, overleden voor 6 april 1711, trouwt te Nieuwleusen op 12 oktober 1704 met 885. Stijntjen Coops, dr. van Coop Beulen en Geesien Thijszen, gedoopt te Nieuwleusen op 21 maart 1686, belijdenis te Nieuwleusen in 1706, trouwt (2) te Nieuwleusen op 6 april 1711 met Gerrit Jaspers 886. Simon Albers, zn. van Albert Engberts en Hendrikje Simons Hartsuicker, gedoopt te Kampen op 1 april 1668, overleden op 9 november 1735, trouwt op 15 oktober 1698 met 887. Gesina Gerrits : Albert Egbertsen, weduwnaar van Hendrickien Simons, met voogden Reinder Dubbelsen en Claes Egbertsen, verklaart voor zijn minderjarige zoon Simon Albertsen als moeders erfdeel te hebben gereserveerd een bedrag van ƒ250 c.g. en een paard en belooft hem lezen en schrijven te laten leren en te doen wat een goed vader verschuldigd is, waarmee de voogden tevreden zijn. In de kantlijn: op bedankt Simon Albertsen zijn voogden voor het beheer van zijn moeders goederen, met belofte van vrijwaring [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.96 fol.12; transcriptie A. Alink] : Simon Alberts op 's Herenbroek geeft te kennen hoe dat Gerrit Lamberts zijn medemomber over Derk Liefers overleden is en dat hij zelf hoog bejaard is en dat hij verzoekt dat twee momberen over het kind mogen worden aangesteld, gelijk dan Hendrik Lieferts broeder van de pupil en Hendrik Jansen des pupillens neef, en dat zij aan Simon Alberts worden geadjungeerd, wat zij hebben aangenomen [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 619] : Lidmaten aan de Bisschopswetering, Simon Alberts, obijt den 9 Novemb. 1735; Gesina Gerrits, obijt; Albert Sijmons, obijt 6 Octb et sepultus den 13 Octb [Lidmatenlijst Mastenbroek; Huijsvisitatie op den 23 Aug. 1729]. 1733: Sijmon Albers, te 's Heerenbroek, betaalt f contributie [HCO; Statenarchief, Verponding Mastenbroek, inv.nr.2489] Peter Cornelisz, zn. van Cornelis Coops en Jacopien Peters, kerkmeester van 1712 tot 1714, diaken van 1715 tot 1717, ouderling van 1718 tot 1721, trouwt te Nieuwleusen op 30 oktober 1698 met 889. Hendrikje Peineman, dr. van Hans Jurrien Peineman en Hendrikje Derks, belijdenis te Nieuwleusen in april Hermen Theunisz, belijdenis te Nieuwleusen in 1704, kerkmeester in 1723, diaken van 1725 tot 1730, trouwt te Nieuwleusen op 30 september 1703 met 891. Ida Willems, dr. van Willem Alberts en Jantien Jans, gedoopt te Nieuwleusen op 5 juni Remmelt Rutgers, landbouwer op Bensinck onder Rechteren, trouwt met 901. Aaltien Roeberts. 80
81 1675: Remmelt op den Rensinck [dit zal Bensinck moeten zijn], te Rechteren, heeft 1 vuurstede en 1 bakoven [Vuurstedengeld Dalfsen 1675]. 1725: Remmelt op en Benzink. Ord. Verpond. f , Contrib. f 27. Van 't Hermen Geertz contb. f Eigenaar: Vos [HCO; Verponding Dalfsen 1725; Statenarchief inv.nr.2499, Salland 4, fol.38] Hendrik Hendriks Ploer, zn. van Hendrik Berents Looij, landbouwer in Egede, trouwt te Hellendoorn op 23 maart 1684 met 917. Grietje Jans Goossen, dr. van Jan Goossen, j.d. van Den Ham : Hendrick Hendricksen n.s. van Hend. Berentsen op den Ploer, en Grietjen Janssen d. van Jan Gosen te Meer onder den Ham [Trouwboek Hellendoorn] Geerlig Jansen, zn. van Jan Berents Looij en Elsken Egberts Reijmink, j.m. van Den Ham, schipper, wonend op Geerlig Schippers te Meer, trouwt te Hellendoorn op 13 april 1704 met 919. Liesebeth Leeferts van het Peters, dr. van Leefert van het Peters, j.d. van Egede. 1708: Geerlich Reijmerinck tot Meer heeft verzwegen een bejaart persoon sijnde de zoon van H. Hansen. In tweede termijn: Geerlick Schippers en H. Hanneses Moddejonge voor de gedaagde Schipper. Dewijl vader is van de selfs scheper waarvan het hooftgeld en de boete wort gevordert zegt dat de onderscholte ervoor 14 dagen de schipper Geerlick niet heeft geciteerd en selfs dat de schipper sijn kind heeft verzwegen maar dat deze soo olt niet was [Gerechtelijke stukken Schoutambt Ommen - Den Ham]. 1711/1724: Schipper Geerlig, in Meer, wordt getaxeerd op 500 gulden [1000e penning]. Idem in 1733, in 1738 Schipper Geerlig schoonzoon idem. 1723: Schipper Geerlig, in Meer, betaalt voor 2 personen hoofdgeld Hendrik Jans Kleijn Roossink, zn. van Jan Jansz Kleijn Roossink en Jenneken Claas, j.m. van Hellendoorn, landbouwer op Kleijn Roossink in Hellendoorn, overleden na 1748, trouwt te Hellendoorn op 26 april 1716 met 921. Geese Geertsz, j.d. van Hellendoorn, overleden voor : Hendrik Janss j.m. en Geese Geertz, beijde op 't klein Roossink alhier [Trouwboek Hellendoorn]. 1733: Volgens het verpondingsregister van 1733 werd voor Klein Roossink pond betaald. 1748: Kleijn Roosink: Hendrik Kleijn Roosink, weduwr; Soon Wolter, huijsv Jenne Wilms; kinderen onder de 10 jaar Gerrit, Geesje en Janna; meit Mette Derks, kleine meit Hermine Derks, scheeper Harmen Lammers [Volkstelling Hellendoorn 1748] Willem Hendriks (?), wonend bij Nellis Lambertjan aan den Brink, later naast Hoevenbrugge, trouwt te Hellendoorn op 17 april 1702 met 923. Geese Jans (?) : Willem Hendriks j.m. met Duskate en Geesjen Janssen j.d. op klein Roossink, beijde in 't kerkdorp [Trouwboek Hellendoorn] Hendrick van Meekeren, kuiper, burger te Hattem op 2 mei 1685, gemeensman te Hattem in 1703, overleden voor 12 augustus 1715, trouwt met 929. Louijse Brocks, dr. van Hans Jurrien Brock en N.N, gedoopt te Hattem op 18 januari : Henrick van Meeckeren d'helfte met sijn vrou Wijsse Brocks behijlick, en sijn beijde sonen Jan Willem daer in bedonghen en geconsenteert. Burgerschap verwonnen voor goltgulden [ORA Hattem, inv.nr.135, fol.254] : Hendrikus van Meekeren en Erasmus Timmerman klagen Pieter de meyster van het 81
82 Spinhuys aan wegens het niet betalen van loon so door de kinderen met spinnen verdiend, alsmede deselve buitentijds loont heeft geincasseerd sonder dat af te dragen [Heemkunde Hattem 1983, p.69]. 1705: Civiel proces van Henderick van Meekeren c.s. tegen Jan Gerritsz, in sheeren Enck [RA Hattem, nr. 77.5] : Louisa Brocks, weduwe van wijlen Hendrick van Meekeren, legateert aan haar oudste zoon Jan 200 Caroli guldens en alle gereedschap en materialen tot de cuijperswinkel behorend, en aan haar jongste zoon Jurrien 200 caroli guldens en een silveren beecker. Haar overige vier zoons mogen de rest gelijkelijk verdelen.[ra Hattem nr ] Hendrik Jans Winters, geboren te Hoorn rond 1652, ondertrouwt te Heerde op 15 oktober 1676, trouwt te Heerde op 9 november 1676 met 931. Beerntje Alberts, dr. van Albert Sanders, gedoopt te Hattem op 13 augustus / : Hendrik Jansen, jongeman van Hoorn, (onder)trouwt te Heerde met Bartjen Alberts, jongedochter wonende in de Voskuil (met attestatie op Hattem) Derk Hendriks, wonend op Weekenstroo, later op Keijmans plaetse te Leesten, trouwt (1) met N.N., trouwt (2) te Warnsveld op 10 september 1670 met 933. Elisabeth Horstinck, dr. van Otto Horstinck, gedoopt te Hengelo op 11 april 1647 (get: die weduwe Stege, Aeltien Duckelenborgh, Reijnt Liefferinck) Waender Meijerinck, zn. van Hendrick Meijerinck en Aeltien, wonend op 't Loo te Leesten, overleden op 31 mei 1742, begraven te Warnsveld op 4 juni 1742, trouwt met 935. Willemken Derksen : Gerrit Gosens en Anneken Lamberts hebben opgedragen aan Wander Meijerinck en Willemken Derksen een stuk land genaamd Ruiterstede, in Warnsveld boerschap Vieracker, groot 7 à 8 schepel gesaeijs [ORA Scholtambt Zutphen; Tafel Vierakker, inv.nr.252] : Fenneken Cocks wed. A. Brands draagt op aan Warner Meijerink en zijn huisvrouw een stuk bouw- en weideland, genaamd 'de hoge en lage Claeskamp' in de boerschap Leesten [ORA Scholtambt Zutphen; Tafel Leesten, inv.nr.252] : Warner Meijerink en Willemken Derksen dragen op aan Berent Nijenhuis en Willemken Garritsen, en aan Zwier Willemsen, de halfscheid van de Middelsten Rusters Distelweerd. Zij dragen ook op aan Jan Janssen en Aaltjen Willems de Rusters stede, bestaande in huis, kempken en gemeente. Verder dragen zij op aan Arent Teunissen en zijn vrouw Teunisken Teunissen de halve Middelsten Rusters Distelweerd. Aan Jan Garritsen, diens vrouw en zoon Garrit Jansen dragen zij op de Rusters Voelen met de gemeente daarbij behorende [ ] gelijks het Verkensgat. Tevens dragen zij op aan Jan Berentsen en Geesken Teunissen, en Jan Teunissen, de Kleinen Rusters Distelweert. Tenslotte dragen zij op op aan Harmen Arentsen en zijn vrouw de Hoogen Rusters Distelweert. Alles is gelegen in de boerschap Vierakker [ORA Scholtambt Zutphen; Tafel Vierakker, inv.nr.252] : Jan Lansink en Lijsebet Willemsen dragen op aan Warner Meijerink en Willemken Derksen een zeker stuk land, ongeveer 7 schepel gesaeijs, liggend tussen Gotinks en Willinks land, met een einde aan de Cattenpol en met het andere einde aan de Middelweg van den Eng, gelegen in Leesten [ORA Scholtambt Zutphen; Tafel Leesten, inv.nr.252] : Warner Meijerink en Willemken Derksen dragen op aan Lambert Jansen en zijn vrouw een stuk land in den Leestensen Enk gelegen, schietende met beide einden aan den gemeenen weg, en met beide zijden aan Gotnks en Willinks land [ORA Scholtambt Zutphen; Tafel Leesten, inv.nr.252] : Waender Meijerink en Willemken Derksen wonen in hoge straetjen tussen huizen van Willem Bouwmeester en Teunis Bartels te Zutphen [A.J.H. Meijerink, Het geslacht Meijerink te Warnsveld] Jacob Driessen Vorstelman, zn. van Dries Jacobs Vorstelman en Ese Evers van Ems, j.m. van Zuuk, trouwt te Epe op 17 juli 1707 met 82
83 941. Henderickjen Jans, dr. van Jan Decemers en Henrickjen Henricks, j.d. van Dijkhuizen, gedoopt te Epe op 21 december : Jacob Driessen nom uxoris Henrikjen Jansen als erfgenaam van haar vader Jan Desemer en mede 't recht hebbende van de andere mede erfgenamen, contra Aert Jansen Grave. Om te hebben voldoening van 16 jaar pacht van 1693 tot 1708 monterende ter somme van 20 gd heerkomende van een vierde part van een weide in Epe buurschap Dijkhuijsen over de grift in het Vemderbroek genaamd Hermen Lamberts weyde en waarvan de aanlegger drievierde part toekomt. Ook om te horen verklaren dat de verweerder zal zijn gehouden de aanlegger te vergoeden een vierde part van een grote 'quantiteit hoppestaecken alsmede een vierde part van een grote opgaende eijckenboom soo verweerder in die voorn weyde heeft gehouwen of doen houwen buyten kennis van hem aanlegger' in 1708, rekenende voor pacht daarbij de schade 50 gld. Jan Decemers is de rechte eigenaar geweest in de zogenaamde Lambers weyde van het vierde gedeelte blijkend uit de originele magescheid bij de kinderen opgericht. In zijn protest zegt de verweerder dat hij de eigendom van de ganse weide heeft als blijkt uit de magescheid tussen zijn vrouw en haar zusters en broeder opgericht op en dat de verweerders voorzaten altijd zijn geweest in rust en vredige possessie en door zijn vrouwen momber in het jaar 1685 verpacht aan Thonis Jacobs voor 6 jaren. De magescheid anno 1669 heeft de aanlegger geen eigendom gegeven. De aanlegger zegt daarop dat Jan Decemers kort voor zijn dood het mergengeld van het vierde part van deze weide heeft betaald en dat Jan Decemers aan de verweerder noch pacht van dit ten achteren was. Dat niet blijkt dat deze weide in het geheel bij de mombers is aangesproken [ORA Veluwe en Veluwezoom; Signaturen van de gerechtszittingen van Veluwe, nr.216 fol.268] : Swentien Theunis, weduwe van Warmelt Dams verkoopt aan Jacob Dries Forsselmaen en Henderickien Jans een akker zaailand, hoekje en hof te Dijkhuizen, voor 350 gulden [Protocollen van Bezwaar Epe, inv.nr. 910, fol.8r] Wigbold Frederiks van den Bergh, zn. van Frerick Wigbolts en Anna Karnebeeck, gedoopt te Hattem op 3 april 1658, gemeensman te Hattem van 1703 tot 1731 behalve in 1704, overleden voor 4 augustus 1733, trouwt (1) met Anna Margrieta Harms, trouwt (2) te Hattem op 19 mei 1695 met 943. Willemina Wildeman, dr. van Berent Harms Wildeman en N.N, gedoopt te Hattem op 20 augustus 1665, begraven te Hattem op 28 februari : Cragt Stuijrman, scholtis tot Zalk, ook voor zijn huisvrouw Johanna Tobias, heeft verkocht voor 665 Car. guldens aan Wighbolt Frericks en Willemtien Wildemans 'seecker huijs en wheer, met drie en een halve schaere weijdens, neffens de annexen stall en hoff, staende in deses Stadts Scherbierstrate' [Dit is de tegenwoordige Agterstraat nr.32] [Transportregisters Hattem, inv.nr.123, fol.43] : De erven van Jan Henricks, in leven stads roededrager te Kampen, en de mede-erfgenamen van Willemina Wigbolt, zijn echtgenote, verklaren een volmacht te verstrekken aan Arent Berents van Gelder en Wijbert Freriks om namens hen voor de hoogste prijs te verkopen huis, hof en landerijen afkomstig uit de boedel van Jan Henricksen en Willemtien Wigbolts en de zaken verder keurig af te handelen zoals opdrachtgevers zelf zouden hebben gedaan [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.99 fol.108; transcriptie A. Alink] : Claes Teunis en Stijne Jacobs krijgen oprukking voor een herengoed in Werven, bestaande uit een huis, hof, boomgaard en 2 morgen in 9 akkers en 1/6 van 2½ morgen in Glevers oevers, met een wilghaag tegenover het dwarsland, na transport door Derck Meyer, Jan de Wey van Haarlem, Betgen Henricx, wed. van Arent Jans, met haar zoon Jan Rotmans, Claes Jans de Wey, Jan Willems de Wey, Jan Wolters, Jan Jansen ten Pol, Wibbolt Frerix, Bernt Greve en Willem Arnts mede voor zijn broer Jan Arents [Herengoederen Veluwe, p.437] : Wigbolt van den Bergh en Willemijntje Wildeman maken een testament. Alle goederen gaan over op de langstlevende. Zij legateren aan hun jongste dochter Willemina het halve huis staande in de Scherbierstraat, thans zelf door de comparanten bewoond [ORA Hattem, inv.nr.142, fol.50]. 83
84 : Willempje Wildeman, weduwe van Wigbolt van den Bergh, prelegateert aan haar drie dochters Maria, Jannegje en Willemina de halve inboedel, speciaal de kast in de kamer, haar kleding en het goud en zilver. Haar universele erfgenamen zijn haar drie dochters, haar zonen Frederik en Berend en haar kleindochter Susanna, dochter van Michiel Rothuis en wijlen haar dochter Bartha [ORA Hattem, inv.nr.142, fol.58] : Willemtje Wildemans, f 1-8-; Extraordinaris ontvank van de dooden [Kerkerekening Hattem] Jan Lamberts, wonend in de Moriaen te Welsum in 1695, keurnoot te Olst tussen 1715 en 1723, overleden voor 27 mei 1739, trouwt met 945. Henrickijen Berendts Gesink, dr. van Berent Berents en Barta Luilofs Boemer, overleden voor 27 mei : Jan Lamberts, te Welsum, 1 vuurstede [Vuurstedegeld Salland] : Jan Gerrytsen Sweertsen en zijn vrouw Machtelt Gessincks constitueren en maken machtig Jan Lamberts tot Welsum om uit hun naam te ontvangen zodanige penningen als zij van hun zal. voorouder te goed hebben. Hij ondertekent Jan Swerts Brevoort, zij Mechtelt Geessing [ORA Olst nr.4 fol.90] : Jan Lamberts en Hendrikje Gessinks, tevens Jan Lamberts als gemachtigde van Jan Sweersen Brevoort en Mechtelt Gessinck, verkopen aan Steven Arents en Neeltje Gerrits de helft van huis de Moriaen, met de hof [ORA Olst nr.4, fol.91] : Jan Gerritsen en Mechteltien Berents hebben verkocht aan Jan Lamberts en Henrickjen Berents hun vierde part in twee hofsteden, de Pennincks en Beemster hofstede, in Welsum gelegen, door Mechteltien Berents van haar ouders aangeërfd [ORA Olst 4 fol.120] : Jan Lamberts en Jan Alberts worden aangesteld als voogden over Lambert, Reindert, Jan en Gesina, kinderen van Jenneke Reinders bij wijlen Gerrit Lamberts Witte. Zij geeft de kinderen o.a. de Blooshofstede, door haar bewoond, en stukken land [ ORA Olst nr.19, fol.72; Veluwse Geslachten 2010, p.31] : De erfgenamen van Willem Lulofs Beumer verkopen aan Jan Lamberts en Hendrikje Berents een stuk land de akker op 't Honderd stuk genoemd [ORA Olst nr.4, fol.266] : Willemtien Bomers, weduwe van Albert Berents, e.a, verkopen aan Jan Lamberts te Welsum en Henrikjen Berents een perceel weideland, het achterland genaamd, uit 't erve de Blankemate, te Welsum [ORA Olst nr.4, fol.323] : Jan Lamberts, self eig. van 2/3 Weggenbrugge (verponding , contributie ) en 1 acker op 't Honderstuck (verp. 1-3) te Welsum. Hij is ook eigenaar van een perceel gebruikt door Tonis Arents (verp , contr. 1-7). Samen met Jan Alberts, Arent Santcamp en mr. Ber. Timmerman is Jan Lamberts eigenaar van de halve Nederhof (verp , contr ). Met Jacob Derks, Henr van Duir, Willem Jansen en de wed. Schockenkamp is hij eigenaar van de Blankemate, gebruikt door Harmen Derks (verp , contr ). Met Henr. Muller, Gerrit Jacobs en mr. Ber. Timmerman (etc) is hij eigenaar van Lulof Bomers plaatse (verp , contr ) [Verponding Salland; Olst, boerschap Welsum] : Albert Gerrits en Lamberta van Wijhe bekennen verkocht te hebben aan Jan Lamberts en Henrickjen Berents een achtste part in Hanninks Hofstede in Welsum, dicht voor de Moriaen aan de IJsseldijk [ORA Olst nr.10, fol.379] : Jacob Beumer en Aeltjen Berents bekennen schuldig te zijn aan Jan Lamberts en Henrickjen Berents een som van 600 gulden. Speciaal onderpand zijn de Blanckemate, aangeërfd van de weduwe van Albert Berents, en de halfscheid van de Geere, waarvan Lulof Beumer de wederhelft toebehoort, beide te Welsum. Op verklaart Berent Jans, zoon en erfgenaam van wijlen Jan Lamberts en Hendrikjen Berents, dat hij 489 gulden ontvangen heeft en dat de Blanckemate uit het verband ontslagen is. Op is ook het restant afgelost [ORA Olst nr.11, fol.278] Gerrit Jans Eikelboom, zn. van Jan Theunisz Eijkelboom en Berentje Jans Gelderman, gedoopt te Veessen op 24 december 1682, geërfde van de Veluwe te Veessen in 1744, trouwt 84
85 te Veessen op 7 juni 1716 met 947. Maria Jacobs van Linden, dr. van Jacob Alberts van Linden en Aeltien Jansen, j.d. van Welsum : Erfdeling tussen Jannes Hengevelt en Berent Schultink als voogden van Gerrit Hengevelt en Machtelt Jacobs, kinderen van Jacob Alberts, ter ene zijde, en Gerrit Jansen en zijn vrouw Maritje Jacobs ter andere zijn. Gerrit Jansen heeft schulden van de pacht van de Hofstede en 1/3 van de Lubbersmate, van de gehele hofstede van Jacob Alberts. Door Gerrit Hengevelt wordt 1/3 uitgekeerd aan Gerrit Jansen namens zijn vrouw en aan Machtelt Jacobs een som geld [ORA Olst, fol.344] : Jannes Hengevelt en Berent Schultink, als momberen over Machteltien Jacobs, onmondige dochter van wijlen Jacob Alberts, voorts Gerrit Hengevelt van der Linde en Aeltien Jacobs, eheluiden, bekennen getransporteerd te hebben aan Gerrit Jansen en Maria Jacobs eheluiden, hun aanparten van een zeker land, zijnde een derde part in Lubberts mate, in Welsem gelegen [ORA Olst nr.5, fol.164] : Gerrit Jansen en Maria Jacobs, Jacob Hengevelt en Aeltjen Jacobs, en dan nog Jannes Hengeveld als voogd over Machteld Jacobs, verkopen aan Berent Schultink ¼ deel van de katerstede die door de koper bewoond wordt, 1/12 in de Lubbersmate en 1/20 van Berent Timmermans hofsteede [ORA Olst nr.5, fol.192] : Momberschapsverborging Gerrit Jans van den Eijckelboom en Reijnder Schoonhoven, voor de onmondige kinderen van Berent Jans van den Eijckelboom en Beijgien van Schoonhoven, met namen Geertien, Jan, Henrick, Mechtelt, Jannigien en Gerrit van den Eijckelboom [ORA Veluwe en Veluwezoom; Inventarissen onmondigen, nr.493, fol.746] : Gerrit Jans Eikelboom en Maria Jacobs kopen van Jan Gelderman en Magteld Jacobs een stuk zaailand te Welsum, genaamd De Hofstede. Ten oosten ligt Hendrik Kosters Dornebosch hofstede, ten zuiden de katerstede t Verken, ten westen Jacob Jansen met de akker van Evert Berents en ten noorden de kopers zelf. [ORA Olst 5, fol.473] : Gerrit Jans Eikelboom en Hermen Jacobs worden aangesteld als momberen over Gargien, Jacob, Jan, Jennegien en Koert, onmondige kinderen van wijlen Gerrit Hengeveld en Aeltien Jacobs [ORA Olst 20; zie ook 1751, ORA Olst 15, fol.153] : Gerrit Jans Eikelboom en Maria Jacobs lenen geld van Johanna Catharina van Markel. Onderpand is het land De Hofstede. Op is de schuld voldaan [ORA Olst 11/527] : Gerrit Jans Eikelboom en Berend Veurhorst verkopen aan Derk Derks Koster hun eigendommelijke katerstede Elsenhoff, gelegen te Welsum in de buurt van have de Hogenhoff [ORA Olst 5]. 1748: Gerrit Jans Eijkelboom woont met 4 kinderen boven de 10 jaar en 2 dienstboden te Welsum [Volkstelling Olst 1748]. 1751: Gerrit Jans Eikelboom woont in Welsum nr.91 in een huis, in eigendom van t Stift ter Hunnepe, met 1 vuurstede en 1 oven [Vuurstedengeld; oude quohier: Willem Jacobs] Andries Aerts, zn. van Aert Janssen Driessen en Geertje Dircks, j.m. van Oldebroek, gedoopt te Oldebroek op 5 december 1669 (of op ), bierbrouwer, overleden tussen 1735 en 1737, trouwt (2) te Hattem op 10 januari 1705 met Bartha Lubberts, ondertrouwt (1) te Oldebroek op 9 april 1698, trouwt te Hattem op 25 april 1698 met 949. Henrickien Jans (ook: Gerrits), dr. van Jan Gerrits en Jannigjen Lamberts, j.d. van Hattemerbroek, gedoopt te Hattem op 5 oktober 1673, begraven te Hattem op 25 september : Dries Aerdts vrouwe inde kercke begraven, [Kerkerekening Hattem] : Hendrick Winter, ongeveer 60 jaar oud, verklaart voor de hoofdschout van Hattem, Oswald Tulleken, dat hij op pinkstermaandag met Dries Aerts, Lubbert Rents en Gerrit Lamberts verzocht is om een kamp bouwland in het Scholtambt, de Stijpscamp genaamd, behorend tot de boedel van Jan Eghberts, te helpen meten en verdelen. Hij verklaart verder dat hij met de andere drie voor haere gedaene deijlingen en moeijten sijn beschonken geworden door Gerrit Jans en Rutger Buissekool met 85
86 een glaesjen genever [RA Hattem, inv.nr.77/17, civ.proces; VG 1984 p.88] : Dries Aerts is binnen Hattem gedetineerd ter saecke van gepleegt geweldt. Schoonvader Lubbert Rens en Jan Gerrits uit s-heeren Enck staan borg [RA Scholtambt Hattem; VG 1984 p.88] : Geertjen Dercks, weduwe van Aert Jansen, geassisteerd met Hendrick Gerrissen Scholte als haar gekozen momber, heeft verkocht voor 275 carolus gulden aan Metjen Jans, de twee derde parten van 4½ morgen hooiland genaamd Den Koppelkamp, alwaar het andere een derde part Dries Aertsen toekomt, gelegen Oldebroeck in het Oosterbroeck [Protocol gericht Oldebroek 515, p.262] : Dries Aerts, ziek, prelegateert aan zijn drie kinderen geproduceerd bij zijn huidige huisvrouw, Willem, Hendrikje en Janna, alle gerede goederen, waardepapieren, huisraad, al het gereedschap tot de brouwerij, benevens 2 morgen bouwland aan de Hilsdijk. Deze drie zijn universele erfgenamen, terwijl zijn zonen Lammert, Jan en Hendrik, uit zijn eerste huwelijk, in de ongerede goederen gelijk zullen opdelen. 1737: Het huis aan de Achterstraat nr.26 komt in 1731 in handen van de kinderen van Dries Aerts en Bartha Lubberts. Deze hadden het huis uit de erfenis van de ouders van Bartha Lubberts, waarin de kinderen van Dries Aerts bij Hendrickien Gerrits volgens het testament niet meedelen. Willem Lamberts Horst verkoopt het huis in 1737 aan Jan Vorstelman [TR Hattem, ; Heemkunde Hattem 1987, p.19] Anthon Frederick Mörser, zn. van Johann Conrad Mörser en Catharina Agneta Groppen, gedoopt te Detmold op 3 december 1686, student in de theologie in 1712, belijdenis te Hattem in 1712, proponent in 1713, predikant te Voorst van 1715 tot 1746, overleden te Voorst op 10 januari 1746, trouwt te Elspeet op 16 mei 1712 met 951. Maria Hendricks van der Vaerst, dr. van Hendrick Lubbertsen van der Vaerst en Jannetien Gangolfs, gedoopt te Elspeet op 1 februari 1685, overleden op 28 maart 1759, begraven te Nijbroek op 2 april Op het wapen van de familie Mörzer staat een apothekersmortier, vergezeld rechts, links en boven van een lelie met afgesneden voet. HT: dito lelie tussen vlucht. Ook staat het wapen vermeld als apothekersmortier met den stamper daarin, vergezeld van drie geleliede stokken, 1 boven, 1 rechts, 1 links van de mortier. Het wapen staat ook in het tweede en derde kwartier van het wapen Mörzer Bruyns [Musschart, 78f/78f2; ANF 1903, p.93] : Bij zijn huwelijk en bij de geboorte van zijn eerste dochter wordt Anthon Frederick aangeduid als student in de theologie. In 1713 wordt hij als proponent aangeduid. Alhoewel niet gevonden is waar hij gestudeerd heeft, ligt het voor de hand te veronderstellen dat dit in Harderwijk was. Het St.Jans vicarie in Ede verstrekte studiebeurzen aan aanstaande predikanten, dus dat zou een reden kunnen zijn waarom hij in deze streken is beland. 1712: D. Antonius Frederijck Morsser, S.S.Th.stud. doet in de zomer van 1712 belijdenis in Hattem : Anthon Frederick Mörser wordt als adjunct beroepen naar Voorst ter vervanging van Bernardus Umgrove, die gestorven is. Hij wordt bevestigd op door de dominee uit Bennekom. In 1717 komt hij in volle dienst. Hij wordt nog eens uitgenodigd om een proefpreek in Amsterdam te houden, maar hij blijft tot zijn dood in 1746 in Voorst. Na zijn dood blijft de plek tot 1752 vacant, vanwege geschillen over het collatarecht [CBG, collectie Röell, dossier Mörzer]. 1749: De weduwe Morser woont in De Pastorije in Voorst met 7/12 morgen zandland [huizenlijst Voorst] : Maria van der Vaerst en haar dochters Agnes en Anna Maria Margaretha worden aangenomen als lidmaat in Nijbroek, waar haar zoon Dithmar Elisa predikant is Balthasar Derks Wijnvorden, zn. van Derck Geerlichs en Jannetien Everts, meijer op Rietbergh te Tongeren in 1711, keurnoot te Wijhe in 1717, overleden voor 18 juli 1728, trouwt met 953. Aeltje Willems Meijberg : Balthasar Derx en Aaltien Willems, ehel, en Engbert Derx, bekennen verkocht te hebben aan 86
87 Heer C.W. van Dedem toe den Gelder en zijn vrouw, een stuk land genaamd het Veen, ongeveer ¾ morgen groot, waarvan de respectieve koperen de wederhelft bezitten [ORA Wijhe 7, fol.669] : Hendrik Frerix en Alfert Aalbers, de rato caverende voor hun huisvrouwen, verklaren door Balthasar Derx en Engbert Derx voldaan te zijn van een kapitaal en de interest. Het gaat om een lening van door Frerijck Lamberts (Horsselenberg) Bruggeman te Olst en diens huisvrouw Hermentjen aan Hendrick Derx en Aeltjen Wijchers, ehelieden [ORA Wijhe invnr.6 fol.440] : Balster Derks en zijn vrouw Aaltien Willems, en Engbert Wijnvorden, verkopen aan Jan Harmsen de Caterstede de Croese te Duir [ORA Olst nr.4, fol.165] : Hendrik Rietbergh en Esseltjen Hendriks bekennen 500 gulden schuldig te zijn aan Hermen Berents en Egbert Dercks, onder verband van de helft van het land dat zij gezamenlijk bezitten met Balthasar Dercks, genaamd de Ossencampen. Op verklaart Marrigjen Berents als erfgenaam van haar broer Harmen Berents dat Engbert Dercks van Wijnvorden als koper van de halve Ossenkamp (behoord hebbend aan Hendrick Rietberg op den Es) het halve bedrag met de rente heeft afgelost [ORA Wijhe 9, p.1; Nederlandsche Leeuw 2002, k.127] : In plaats van de overleden momber van de onmondige kinderen van wijlen Rutger Jansen Dijstelhof en Grietjen Arents zijn wederom aangesteld tot mombers Balthasar Derks en Jan Hendriks op den Groten Deuselaar [ORA Wijhe 9, fol. 220] : De onderschout van Wijhe krijgt van Balster Wienvoorden opdracht om arrest te doen op de erfenis waarop Egbert Rietberg te Hasselt recht had uit de nalatenschap van Jan Erenst Voeggedis of de lijftocht die deze van zijn eerste vrouw had wegens een schuld van 100 carolusgulden [ORA Wijhe inv.nr. 63]. De eerste vrouw van deze Jan Erenst, geheten Oude Woertman, was Marichien Tonis, de zus van Jennechien Tonis, die getrouwd was met Jan van Besten op Ammerveld (de ouders van Egbert Rietberg). Egbert Rietberg had een schuld bij de weeskinderen van Rutger Jans Dijstelhof [Nederlandsche Leeuw 2003, kol.259]. 1716: Baltser Derks is voor ¼ eigenaar van den Meijbergh te Weghterholt (verponding 12-12, contributie 28-16) Meijbergh is voor ¾ eigenaar. Baltser Derks is ook eigenaar van 1 1/8 morgen in het 8 morgen grote Wijttemerslagh (verp ). Andere eigenaars zijn Jan Gerris, Wolthaar, en Herman Durme [Verponding Salland, Wijhe, Weghterholt] : Executie van het huis van Balthasar Wijnvoort. [ORA Wijhe, 1726 p ] : De weduwe van Balthasar Wijnvorden heeft een stoel in de kerk van Wijhe onder letter D [IJsselacademie 1979]. 1737: Aaltjen Meijberg wed. van Balthasar Wijnvoorden is lidmaat te Wijhe [Lidmatenboek Wijhe] : Aeltjen Willems Meijberg, weduwe van Balthasar Derks Wijnvorden, sluit een hypothecaire lening af bij Lubbert op den Sluirik voor 250 gulden. Goederen onder hypothecair verband zijn 5/4 morgen hooiland, genaamd Het Hammerland, in Herxen gelegen. Momber is Teunis Teunissen Wijermars. [ORA Wijhe, inv.nr. 12, p ] Hendrik Cornelissen Cronemans, zn. van Cornelis Gerritsz Cronemans, geboren rond 1668, landbouwer op de Grote Krone in Wechterholt, overleden voor 23 oktober 1743, trouwt te Windesheim op 25 oktober 1705 met 955. Willemken Cornelissen, belijdenis te Windesheim op 7 april : Henrick Cornelissen Kroneman, ende Willemken Cornelissen, toe maals woonagtigh tot Winsheim [Trouwboek Windesheim] : Gosen van der Souw, brouwer te Deventer, als gevolmachtigde van de HoogWelGeb. Hr. Otto Ernst van Hovel toe het Wesevelt en diens eheliefste Vrouw Hendrieta Aleida Doijs (volgens procuratie te Deventer), transporteert aan Hendrik Cornelissen en Willemken Kornelissen, ehelieden, het goed van de comparanten, genaamd de Krone, gelegen in Wegterholt naast het erve den Dijsselhof. Richter is Johan Hermen van Hemert, keurnoten zijn Derk op den Sluirik en Balthasar Derks. [ORA Wijhe, inv.nr. 10, fol.173] : Hendrik Cornelis op de Krone en zijn huisvrouw Willemtje Cornelissen bekennen aan Gosen van der Souwe, brouwer tot Deventer, schuldig te zijn een som van 3000 carolus guldens tegen 4% interest. Onderpand is erve en goed de Crone. [ORA Wijhe, inv.nr. 10, fol.175] De schuld is op 87
88 geroyeerd : Hendrik op de Grote Krone en zijn vrouw Willemtjen Cornelis dragen over aan Hendrik Alberts Davenschot de helft van 2 morgen hooiland, uit Camphuis. Dit is de middelste kamp, gelegen in de buurtschap Herxen onder Wijhe, zoals aangekocht van de Heer Bentink toe Bevervoorde [ORA Wijhe, inv.nr.11, fol. 85] : Willemtjen Cornelissen, vrouw Cronemans, heeft een stoel in de kerk van Wijhe onder letter B [IJsselacademie 1979]. 1737: Henrik Knellis op de Krone en Willemtjen Knelisse zijn lidmaten te Wijhe [Lidmatenboek Wijhe] : Hendrik Croneman en Willemtjen Cornelissen schenken bij hun overlijden aan hun kleinkinderen Hendrik en Willemtjen Wijnvoorden, kinderen van Hendrik Wijnvoorden en hun dochter Wobbigjen Croenemans samen 200 gulden. [ORA Wijhe 12, fol ] : Hendrik Croneman, voogd, is overleden. [ORA Wijhe 1743, ] Claes Lammertink Aelbert ten Winckel (Winckelman), zn. van Wessel Alberts int Winckel en Geertien Albers, gedoopt te Rijssen op 17 maart 1678, overleden na 1748, trouwt met 959. Janna Grooten, dr. van Egbert Jansen Grooten en Barbara Peters op 't Veer, gedoopt te Rijssen op 24 maart : Albert int Winckel met d. vr. Johanna, te Rijssen, worden vermeld op een lijst met lidmaten [Lidmaten NG Rijssen 1718] Lambert Jans Kruijsdijk, trouwt met 989. Eva Stoffers : Lammert Jansen en Jan Lubberts Grolleman worden aangesteld als voogden over de kinderen van Agnis Stoffers en wijlen Lammert Jansen [ORA Olst, fol.226]. 1748: Lambert Jans en vrouw woont in Olst met 1 kind boven de 10 jaar en 2 arme kinderen in de kost. Stoffer Lambers en zijn vrouw wonen met 2 kinderen onder de 10 jaar 'in t' selve huijs' [Volkstelling Olst 1748]. 1750: Lambert Kruijsdijk wordt ingedeeld in de 11e klasse (onder de 200 gld.) en betaalt 1 gld [Personele quotatie Olst 1750] Berend Hendriks, wonend te Ankum, trouwt (1) met Egbertien Berents, ondertrouwt (2) te Wierden op 5 april 1689, trouwt te Dalfsen op 7 april 1689 met Geesje Asjes, j.d. van Wierden (op Niessink). 1725: Berent Hendk: op 't Albert Egb:, te Ancum. Ord verpond f , contrib f 2-5. Zelf eigenaar [HCO; Verponding Dalfsen 1725; Statenarchief inv.nr.2499, Salland 4, fol.66] : Berent Henricks wedr van S. Engbertjen Berents in de Rosengaren tot Dalfsen en Geesken Eskes j.d. van Nijsinck van Wijrden. dimiss cum attest. [Trouwboek Wierden] Coert Geertsen Heerinck, zn. van Geert Heerinck, geboren te Wierden, trouwt (2) te Hellendoorn op 15 december 1678 met Jennigje Jansen Middendorp, trouwt (3) te Hellendoorn op 24 april 1681 met Aaltje Alberts, trouwt (1) te Hellendoorn op 3 september 1665 met Geertje Dercks, dr. van Derrick Geerts, geboren te Marle, overleden voor 15 december : Court Geersen s. van Geert Heerinck te Wierden & Geertjen Derricksen d. van Derrick Geersen opt Scheppinck te Marle [Trouwboek Hellendoorn]. 88
89 Generatie XI Jan Toenijsz op Quinckelenberg, zn. van Toenis Hermens op Quinckelenberg en Neese Rijecken, gedoopt te Zalk op 7 april 1616, keurnoot te Zalk tussen 1656 en 1669, overleden te Zalk op 22 april 1679, trouwt te Zalk in mei 1639 met Willemtje Herms, dr. van Hermen Thijsz en Grietje Everts, gedoopt te Zalk op 2 september : Jan Tonijsen en Willemtien Herms eheluiden, Thijs Herms en Evert Herms hebben bekend voldaan te zijn door hun vader Hermen Tijsen voor hun moederlijke goed [ORA Zalk & Veecaten nr.37] :Thonis Helmigs als erfgenamen van zijn schoonvader Hendrick Spijrinck spreekt aan Berent Hendricks Quinckelenb als borg voor zijn schoonzoon Jan Tonis om betaling te hebben van Car. gld. wegens geleverd holt, bij sententie uit het protocol van het landgericht van Campen. Berent Hendricks zegt Thonis Helmigs niets schuldig te zijn [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Jan Willems Dijck en Jan Willem Scharfdenberg verklaren dat zij op verzoek van Jan Tonijsz aan diens stiefvader Berent Hendricks gevraagd hebben om het accoord dat gemaakt is over Jans moederlijk erfdeel te voldoen. Berent Hendricks stemde hiermee in, behoudens een som van 300 Car. Gulden [ORA Zalk 37] : 'Ao 1658 op Mattijns dach den 24 feb was alhier tot Zallick een soo hoogh boven waters als bij menschen leven niet en is geweest, alsoo dat den IJsseldijck van Quinckelenbergh af tot bij kans over Steven Herms huijs toe, dichte bij 't huijs Buckhorst, den dijck een knie hooghte met mes gehooget is, soude anders het water daer soo hooge overgeloopen hebben; & hebben een eijnde dijcks bij 't veer 11 dagen & elf nachten met groten arbeijt door veel palen, tonnen, [ ] en wercken doen beholden, voor het doorloopen, tot behoudenisse van het geheele Carspel, daer voor Godt de heere eeuwigh moet gelovet & gedanckt sijn; & is den 7 meert met dit hooge water aengedreven, omtrent tegen den Quinckelenbergh, een doot man, aen hebbende een stael grauwe rock, gevoert met terneijte baij, maer meest verrot sijnde, witte gebreijde kouss & dichte schoenen, die een eecken kiste bestelt is & daer mede op den selfden dijto savons alhier tot Zallick op den kerckhof aen 't noort eijnde begraven' [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Jan Thonijsz en Willemtie Herms hebben al hun goederen tot onderpand gesteld vanwege achterstallige pacht aan hun zuster en landvrouw Claesien Berends, wed. van Gerrit te Bosch [ORA Zalk 37] : Jan Thonijsz wordt veroordeeld om 60 gulden en 60 mud haver te betalen, omdat hij tegen het verbod over het Buckhorster stuk naar de molen is gereden en de scheper en schapen met geweld van het land heeft gedreven [ORA Zalk 37] : Het gerecht heeft Rijck Jansen, broer, en Geurt Thijs aangesteld als voogden over Berent en Harmen, nagelaten kinderen van Jan Toenissen [ORA Zalk 37] Wigbelt Everts Rot, zn. van Evert Mertens, overleden te Veecaten op 18 januari 1675, trouwt (1) te Zalk in 1637 met Grietje Arents, trouwt (2) te Zalk op 18 februari 1638 met Anna Hermens, overleden voor 17 januari 1653, trouwt (3) met Willempje Jans, trouwt (4) te Zwolle (met attestatie van Dalfsen en Zalk) op 13 juni 1667 met Jannegien Gerrits, overleden in 1715, trouwt (2) te Zalk op 25 april 1675 met Hans Fox, j.m. van Holstein, ruiter onder ritmeester Mark, overleden voor 21 oktober 1677, trouwt (3) met Gerrit Jans, trouwt (4) te Zalk op 25 februari 1697 met Teunis Jansen, j.m. van Heino : Wigbelt Everts heeft over zijn twee onmondige kinderen Grietien en Fennegien Wigbelts, in echte geprocreëerd bij zijn zalige huisvrouw Annegien Herms, tot mombers gesteld Arent Hermssen als oom en Jacop Hendricks als neve van de kinderen, en Hendrick Dercks als overmomber. Hij geeft de kinderen voor hun moederlijke goed een kapitaal van 150 gld en alles wat tot hun moeders lijf gehoord heeft [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : In aanwezigheid van Peter Reijnders en Roeloff Hendricks, burgemeesteren der Stadt 89
90 Wilsum en Gerhardt Noortbergh schultis van Zalk en Veecaten, is Wigbelt Everts in accoord getreden met zijn twee onmondige kinderen Grietien en Fennegien, met momber Arent Herms, wegens het aanpart zo hun van hun bestemoeder Webbegien Jans zal competeren, nl. een som van 100 car.gld. Wigbelt Everts tekent met een merk [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Roeloff van 't Veen heeft beslag laten doen aan Wigbelt Everts op de penningen zo Gerrijt de Weert van Wigbelt competeren [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : De heer van Buckhorst doet arrest op alle liggende en roerende goederen zo Wigbelt Rot toebehoren [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Lubbert Peters, omtrent 40 jaar, verklaart ter instantie van Lambert Bernhardt van Oer thoe Buckhorst dat hij vorig jaar omtrent Michielsmarkt ten huize van Frans Jans heeft zitten drinken met Wigbelt Everts en Claes Belh[ ], schilder uit Kampen, en dat Wigbelt Everts, nadat zij naar huis waren gegaan omtrent 11 uur de schilder met een 'bollen peter wel dapper heeft afgerost' [ORA Zalk 37] : De heer van Buckhorst citeert Wigbelt Everts om betaling te eisen van 100 mud haver en 100 g gld wegens breuke. Wigbelt Everts belooft de 100 gld te betalen in 3 termijnen [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Berent Jans en Jacob Jans worden aangesteld als mombers van de twee onmondige kinderen van Wolbert Everts. Zij hebben o.a. te goed een half vierendeel morgen land, waarop Wigbelt Everts woont, welk land hij huurt voor 2 goltgld het jaar [ORA Zalk & Veecaten nr.37]. 1666: Op 5 november 1666 wordt de huisvrouw van Wichbelt Rott begraven, op 21 november zijn dochter, op 27 november zijn zoon en op 28 november zijn andere dochter, allen overleden aan de pest [Begraafboek Zalk] : Wigbelt Everts heeft met zijn zal. huisvrouws vrinden geaccordeerd dat hij zijn onmondige kind Evert Wigbelts, in echte geprocreëerd bij zijn huisvrouw Willemtien Jans, zal geven voor zijn moederlijke goed de som van 60 Car. gld, een jong beest, waarvoor hij als onderpand stelt een halve morgen in het gerecht van IJsselmuiden. Tot mombers worden gesteld Bruijn Arents en Jasper Herms [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Wijgbert Everts tot Vekaten en Janneken Gerrits sijn alhijr met attestatie van Dalffsen en Sallick getrout de 13 Junii 1667 [Trouwboek Zwolle] : Wigbelt Everts wordt veroordeeld om 50 gulden en 50 mud haver boete te betalen vanwege het slaan van de onderschout bij het Zalkerveer en omdat hij tegen het verbod een ruiter heeft geherbergd [ORA Zalk 37] : Wigbelt Evers en Jannegien Gerrits testeren [ORA Zalk 13, fol.240] : Jannichien Gerrits heeft over haar onmondige zoon Engbert Wigbels, in echte geprocureerd bij haar zal. man Wigbelt Everts, tot mombers gesteld Evert Geerts en Henrick Roelofs. Zij bewijst haar zoon voor zijn vaderlijke goed 50 car. gld en belooft hem te onderhouden tot hij 16 jaar is. Moeder en voogden tekenen met een handmerk [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Jannighien Gerridts, weduwe van Hans Fox, stelt tot mombers over haar onmondige kinderen Hans en Gerridt Hansen Fox, Gerridt Henrix en Lubbert Werners. Zij geeft haar kinderen elk 6 gld voor hun vaderlijke goed [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Testament van Jannegien Gerrits, geassisteerd met haar momber Willem Assies, 'sijnde bedde legerig, dog van volkomen verstande'. Zij geeft aan de kerk van Zalk en de armen van Veecaten elk 5 Car. guldens. Erfgenamen zijn: Theunis Janssen, haar tegenwoordige eheman, de drie kinderen van Engbert Wigbelts (zoon geweest van wijlen haar eerste eheman Wigbelt Everts), Hans Hansen (zoon van wijlen haar tweede eheman Han Fox), en Garrigien Gerrits (dochter van haar derde eheman Gerrit Jansen), elk voor een vierde part [ORA Zalk en Veecaten nr.15, 45-48] : Teunis Jansen sluit een accoord met de erfgenamen van wijlen zijn vrouw Jannegien Gerrits, te weten de kinderen van Engbert Wigbelts (Willempien, gehuwd met Jan Gerrits, en de minderjarige Pauwel en Janke), zoon Hans Hansen en de jongste dochter Gerrigien Gerrits, getrouwd met Gerrit Bastiaen. De kinderen krijgen de kledij van de moeder, 225 Carolus guldens en drie halve ducatons [ORA Zalk 15, fol.53] : Gerrit Hendricks en Lubbert Willems zijn benoemd tot voogd over Hans en Gerridt, kinderen van wijlen Hans Fox bij Jannegien Gerrits. De moeder bewijst de kinderen elk 6 Car. gulden [ORA Zalk 15, fol.416; Gens Nostra 2000, p. 391]. 90
91 1094. Christiaen Gerritsen, geboren te Nunspeet, trouwt met Rijkje Jans, overleden voor 29 september Willem Lubbertsen, trouwt met Cornelisien Jans Cornelis Wijchmans, zn. van Wijchman Cornelisz en N.N, wonend in 't Westerend te Oldebroek, gildemeester van het Lieve Vrouwe gilde in 1641, overleden in 1655, trouwt te Oldebroek op 24 januari 1630 met Hille Jans, overleden voor 19 februari : Borgemeester Hegeman, eygener, en Cornelis Wichmans, pachter van huys, hoff, boomgaert van ½ molder, 8½ mudde roggelandts, tientbaer aen Haersolte, en omtrent 11 mergen leechlandt en plaggevelt, het leechlandt en plaggevelt met huys en hoff voor 27 gulden 10 stuivers vrijgelt van tins sijnde 9 gulden ende 1 vetten haemel. Ende het roggelandt voor de 3 gerve , schattinge nae meyers recht. Weinich holtgewasch van wat heggen. Idem Cornelis Wichmans cum suis, eygeners, en Cornelis voorseid, gebruicker van 5 mergen haeverlandts voor 2 mergen geefft hij 6 gulden Idem Cornelis Wichmans, eygener en gebruicker van 3 schepel roggelandts vanden 3 gerve tientbaer aen Haersolte [Kohier van verponding in het ambt Oldebroek; Transcriptie P. Zunderman] Roelof Alberts, zn. van Albert Hermsen en Huyge Everts, belijdenis te Oldebroek op 9 juni 1660, overleden in 1688, trouwt (1) te Oldebroek op 21 september 1644 met Gerrichien Aerts, trouwt (2) te Oldebroek op 8 augustus 1652 met Lysbet Henricks, belijdenis te Oldebroek op 9 juni 1660, overleden voor 21 september : Aeltjen Hermsz, geassisteerd met Jochem Reijersz, haar gekozen momber, heeft verkocht 'de rechte suevende gedeelten van volgende parcelen, als daer sijn een acker van vierdehalf schepel saeylandts naest het Kerckenerve, vierdehalf schepel naest de weduwe van burgmeester Aeltsz cum suis, drie schepel in de Spronck naest Asse Gerrits, vier mergen haeverlandt over den Broeckdijck bij het dorp twe mergen aen Roelof Albertsz ende Lijsbetgen Hendricks echteluyden tsampt haeren erfgenamen het rechte dardendeel in drie schepel landts in den richterampte Oldebroeck in den Sproncker Enck gelegen' [Protocollen van vrijwillige rechtspraak, Richterambt Oldebroek, prot.14] : Cornelis Aeltsz ende Grietien Everts, echteluyden, Hendrick Evertsz ende Geertien Jans, echteluyden, en Drees Evertsz, doen doen kond verkocht en overgedragen te hebben aan hun oom Roelof Albertsz ende onse moeije Lijessebetien Hendricks, sijn huisvrouwe 'seeckere drie spint landts in den richterampte Oldebroeck, in den Spronker Enck gelegen, waervan die andere delen, sijnde in het geheel een camp van drie schepel landts, coperen ende Aert Beertsz toebehoiren' [Protocollen van vrijwillige rechtspraak, Richterambt Oldebroek, prot.47] : Willem Jansz Schae ende Heiltien Pelen, eheluiden, Wijne Gerritsz ende Geisjen Pelen, eheluiden, hebben verkocht aan Roelof Albertsz ende Lijsbet Henricksz, eheluiden, 'seecker half mudde roggelants, gelegen in een acker van drie schepel waer van coper te voren het een schepel toebehoorden in desen richterampte vant Oldebroeck genaemt de Spronck' [Protocollen van vrijwillige rechtspraak, Richterambt Oldebroek, prot.54]. 1682: Roelof Albertsen, 3 hoornbeesten, 3 personen boven de 5 jaar; 4-9, 1-5 [Kohier van verponding en bezit van rundvee en het aantal personen van 5 jaar en ouder in het ambt Oldebroek, inv.nr.55; Transcriptie P. Zunderman] Jan Willems (vulgo Fox), keurnoot te Zalk tussen 1665 en 1668, overleden voor 1674, trouwt met Teunisjen Fox, belijdenis te Zalk in 1674, trouwt (2) te Zalk in 1677 met Egbert Peters. 91
92 : Toenisien Fox, weduwe van wijlen Jan Willems, geassisteerd met haar broeder Berent Fox, heeft over haar vijf onmondige kinderen, met namen Jan, Anne, Willemtjen, Geertjen en Grietjen Jans, bij voorn Jan Willems in echte verwekt, tot mombers gesteld Harman Henrix en Gerrit Jans de Hase. De moeder bewijst aan haar zoon Gerrit Jansen en de voorn vijf kinderen elk een zilveren ducaton, samen 18 gld 18 st en zal de kinderen tot 15 jaar onderhouden [ORA Zalk & Veecaten nr.37] Jacob Gerberts, zn. van Gerbert Gerrits en Ursel Jans, gedoopt te Zalk op 29 maart 1619, landbouwer op de Meente, belijdenis te Zalk in 1644, keurnoot te Zalk tussen 1664 en 1665, overleden te Zalk in april 1681, ondertrouwt (2) te Zalk op 4 juli 1675, trouwt te Zwolle op 11 juli 1675 met Henrickien Berents, overleden voor 2 januari 1694, ondertrouwt (1) te Zwolle op 16 januari 1642, trouwt te Zalk op 13 februari 1642 met Berentjen Gerrits Bijvanck, dr. van Gerrit Hendricks, geboren te Westenholte, belijdenis te Zalk in 1644, overleden voor 2 april (op Michiel): Jacob Gerberts op de Meente en Berentien Gerrits sijn huijsvrouw doen belijdenis. Zij staan ook op de lidmatenlijst van Jacob Gerberts op de Meente staat ook op de lijst van (obiit 1681) [Lidmatenregister Zalk] : De erfgenamen van Jan Lubberts verkopen aan Jacob Gerbertss en Gerrijt Gerbertss de Lubberenkamp te Zalk [ORA Zalk nr.13, p.5] : Gerrijt Gerberts, in presentie van zijn twee mombers Albert Hendricks en Gerbert Berents, verhuurt aan zijn broeder Jacop Grberts het halve huis en hof en zijn aanpart van land zo hem komt van 4 morgen gelegen in 8 morgen, alsmede zijn helft van de 6 morgen zo hij van zijn zalige olders heeft aangeërfd, en dat voor een jaar voor 80 golt gld [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : De heer toe Buckhorst heeft verschillende personen doen panden voor pastorie land, waaronder Jacob Gerberts Heijleuver [ORA Zalk & Veecaten nr.37]. Is hij dezelfde? : Jacob Gerberts heeft geciteerd Hendrick Arents omdat die hem voor een 'plancken dief ofte schalen dief' heeft uitgescholden. Hendrick Arents bekent dat Jonge Jan Willems en een man in de Voskuijl tot Jacob Gerberts een schale ge[.]gt hadden en dat Jacob Gerberts verzaakt had enige schalen te hebben. Vervolgens bekent Willem Hendricks dat hij met Jacob Gerberts knecht enige schalen gevist (?) had en die voor Jacob Gerberts schuur gelegd had en Daarop bekent Hendrick Arents dat hem het leed doet dat hij injuriose woorden tegen Jacob Gerberts heeft uitgesproken [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Jacob Gerberts en Berentien Gerrijts Bijvanck verkopen een rente van 60 car.gld. jaarlijks aan Lambert Jans, uit 6 morgen land genaamd Lubberenkamp, gelegen te Zalk. Op wordt de capitale som met 500 gld. vermeerderd [ORA Zalk nr.13, fol.57] : Derck Lamberts verzoekt te panden aan Jcob Gerberts om te hebben betaling van een zekere obligatie [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Jacob Gerberts op de Meente en Berentien Gerrijts Bijvanck hebben verkocht aan Sophia Gerrits van Winterswijk, weduwe van Joan Noortbergh, een rente van 50 car. gl, op 6 morgen land in Zalk en op 2/3 portie in 4 morgen land waarvan Jan Wijgers Backer het andere part toebehoort, gelegen in 't Zalkerbroek. De hoofdsom is 1000 car. gld. Op dezelfde datum verkopen zij ook aan Joannis Episcopius, predikant tot Zalk, en Geertruijda van Steenbergh, een rente van 50 car.gld, met het zelfde onderpand. De renten zijn afgelost op [ORA Zalk en Veecaten 13, fol.90-92] : Jacob Gerberts op de Meente en Berentien Gerrijts Bijvanck hebben aan Joannes Episcopius en zijn vrouw een rente van 75 Car. gld. jaarlijks verkocht, uit de 6 morgen in de Lubberkamp en 2/3 part in 4 morgen land. De hoofdsom is 1500 gld. Op wordt de schuld geroyeerd [ORA Zalk en Veecaten nr.13, fol.111] : Jacob Gerberts op de Meente en Berentien Gerrijts Bijvanck hebben aan Jan Dercksen, onmondige zoon van zal. mr. Derck Timmerman een rente van 20 gld. verkocht, uit de Lubberenkamp en 2/3 part uit 4 morgen land. In mei 1666 wordt de schuld geroyeerd [ORA Zalk en Veecaten nr.13, fol.131] : Jacob Gerberts en Berentien Gerrijts Bijvanck hebben verkocht aan haar broeders Hend. Gerrijts en Claas Gerrijts Bijvanck en hun huisvrouwen, een derde part van een huis en hof, staande 92
93 en gelegen in Zalk aan de Brinck, tegenwoordig door Cornelis Thonis bewoond en gebruikt, met uitgaande renten [ORA Zalk en Veecaten nr.13, fol.151] : Jacob Gerberts en Berentien Gerrijts hebben verkocht aan Frerik Hendricks en Bele Class een derde part van een kamp land gelegen bij Huickenhorst in Veecaten [ORA Zalk en Veecaten nr.13, fol.174] : Jacob Gerberts op de Meente verkoopt aan Juffr. van Ketwijk e.a. zijn katerstede, groot 6 morgen, genaamd Lubberenkamp, met het huis en gepoot [ORA Zalk en Veecaten nr.13, fol.231] : Jacob Gerbers, weduwnaar van Berentien Gerrits heeft over zijn vier kinderen, met namen Truije, Stijne, Gerrichien en Henrickien Jacobs, tot mombers gesteld Henrick Gerrits als bloedoom en Gerrit Jansen. De vader geeft zijn kinderen voor hun moederlijke goed elk 50 car. gld, een bed met toebehoren en een koe [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Jacob Gerberts en Henrickien Berents hebben verkocht aan Claes Gerrits, weduwnaar van Stijne Jans, een morgen land in een kamp van twee morgen, waarvan de erfgenamen van Jacob Toenis de andere morgen toebehoort, genaamd de Villebrinck [ORA Zalk en Veecaten nr.13, fol.265] : Jacob Gerberts en Henrickien Berents hebben getransporteerd aan Claes Gerrits, weduwnaar van Stijne Jans, een morgen land gemeen in een kamp land van twee morgen, waarvan de erfgenamen van Jacob Toenis de andere morgen toebehoort, genaamd de Villebrinck [ORA Zalk & Veecaten 13, fol.265] : Jacob Gerberts en Henrickien Berents, eheluiden, hebben getransporteerd aan de eerbare Sophia Gerridts van Winterswijk, weduwe van wijlen Jan Noortbergh, 2/3 part van vier morgen land genaamd 'de acht mergen', waarvan Lodewijck Gansenep gnt. Tengnagel toe Marxvelt het andere derde part toebehoort [ORA Zalk & Veecaten 13, fol ] : Henrickien Berentssen, vrouw van Jacob Gerbertssen, met haar zoon Berent Janssen als haar voogd, vestigt ten behoeve van Caspar Borcherssen Smit een jaarlijkse rente van 50 gulden, te lossen met 1000 gulden op ''de helffte van den Leegencamp, tegenover den Kettelcolck, tusschen Franckhuis ende 't Hillige Cruysse, in de vryheyt van Zwolle, buyrschap Assendarp gelegen'. Op wordt Berent Janssen, bierdrager, na de dood van zijn moeder Henrickien Berentsen, met dit land beleend [Repertorium op de leen-, tins- enhofhorige goederen van het Stift Essen] : Jacob Henrix las volmr van de vrouwe van Zalk doet panden het gerede van Jacob Gerberts op de Meente ter betaling van landpacht van het erve de Meente [ORA Zalk & Veecaten nr.37] Lambert Bergland, landbouwer op Bergland in Noordmeer, trouwt met Maria Gerrits Bergland, dr. van Gerrit Lamberts en Aaltje Jansen Bergland. 1675: Lambert Bergland, in Meer, betaalt voor 2 personen hoofdgeld. 1683/1684: Lambert Bergland wordt getaxeerd op 500 gulden [1000e penning] : Proces Lambert Bergland contra Westermarsberg. Engbert Albers, 34 à 35 jaar, verklaart dat Lambert Bergland niet bij leven was om de belasting op de hoornbeesten en (..) af te geven, doch bij de ijmer in 't Mastebroek was [ORA Ommen en Den Ham] Hendrik Arents, trouwt met Willempje Egberts, dr. van Egbert op Geerligs, overleden voor 30 mei Egbert Lenderinck. 1682: Egbert Lenderinck, te Wesepe, in eigendom van de stad van Deventer, verponding, contributie [Verponding Olst 1682] Jan Driessen, zn. van Andries Gerrits en Hille Everts, wonend te Wapenveld, diaken, belijdenis te Heerde in december 1658, overleden voor 21 januari 1691, trouwt met Hillechien Egberts, dr. van Egbert Everts, belijdenis te Heerde in mei : Jan Dries oo Hilletgen Egberts, oprukking na transport door zijn broers en zuster, Gerrit, 93
94 Derck, Lubbert en Gerritjen Dries, geh. met Lubbert Egberts; dd Egbert Daendels, scholtis van Heerde, consent om de zaalweer, komende uit de desolate boedel van Jan Dries, publiekelijk te mogen verkopen, ten behoeve van de crediteuren [Herengoederen op de Veluwe 3, goed nr.482]. 1658: Hillechien Egberts, wonend in Wapenveld, doet met St. Michiel belijdenis in Heerde. Met Kerstmis in hetzelfde jaar doet ook Jan Driessen, wonend in Hoorn, belijdenis Lambert Peters, trouwt voor 1660 met Jantien Stevens Hermen Alberts, huisman, trouwt met Hilligien Jans Herman Stoffers, overleden voor 2 juli 1701, trouwt (2) met Geesjen Herms, overleden voor 7 april 1674, trouwt (1) met Lubbechien Peters, dr. van Peter Jansen en Tryne Arentsen, overleden voor 12 december : Coenraet Egbertssen in Mastebroeck, wordt na opdracht beleend met 'de helffte van sestehalve mergen landes gelegen in Mastebroeck in Dyeserslach [ ] genaemt Bossenplaetse' door Arent Peters, mede ten behoeve van Jacob Stoffer, diens vrouw Tryne Arentssen, alsmede van Jan en Derck Peterssen, en van Herman Stoffers, man van Lubbegien Peterssen, tezamen de erfgenamen van wijlen Peter Janssen [HCO; Leenrepertorium Stift Essen; Schoutambt Zwolle Mastenbroek Pinksteren 1] : In het Gericht is verschenen Herman Stoffers, woonachtig aan de Zeedijk in Mastebroek. Hij heeft tot mombers over zijn 5 onmondige kinderen, Tomas, Roelof, Anna, Trijne en Nese Herms, bij zijn overleden huisvrouw Lubbechijn Peters in echte geprocreerd, verzocht Arent Peters, woonachtig in het Gericht van Genemuiden, oom van de moeders zijde, en Derk Jansen op de Olde Weteringe. Dewelke daarop verhoord zijnde, die momberschap hebben aangenomen en beloofd deze na behoren waar te nemen. Waarna hij comparant aan zijn voornoemde vijf kinderen ten overstaan van hun mombers erfuiting heeft gedaan en aan dezen bewezen ieder een somma van 100 Caroli gulden, en bovendien aan iedere zoon "een kalfde veerse" of 30 gulden aan geld, en aan iedere dochter een bed met zijn toebehoren of ook 30 gulden aan geld, tot keuze van hem comparant te ontrichten aan een ieder van hun als zij 18 jaren oud geworden zullen zijn. Verder belooft hij aan zijn beide zoons ieder nog een halve zilveren ducaton. [ORA Zwollerkerspel, fol.207; Transcriptie op Forum HCO] : Hermen Stoffers, woonachtig aan de Zedijck, heeft tot mombers over zijn dochter Lubbichjen Herms, bij zijn zaliger huisvrouw Geesjen Herms geprocreerd verzocht en gesteld Peter Herms, oom over de kinderen van de vaderszijde, en Jacob Derx, momber van moederszijde. Hermen Stoffers bewijst zijn dochter voor het moeders goed 100 Caroli gulden, en een bed met zijn toebehoren. Op bedankt Lubbechien Herms, dochter van zaliger Harmen Stoffers en Geesjen Herms aan de Zeedijck, met Peter Egbers als haar momber, haar momber Peter Herms aan de Zeedijck [ORA Zwolle & Zwollerkerspel; inv.nr.610, fol.42; inv.nr.615, fol.123]. 1675: Herman Stoffers, 2 personen in het eigen huisgezin, 1 dienstbode, f 500 (vijfhonderdste penning) [Hoofdgeld Zwollerkerspel 1675] Heijmerigh Francken, zn. van Franco Roelofs en Willemtje Jacobsen, gedoopt te Zalk op 18 mei 1646, trouwt met Aeltien Gerrits : Heijmerik Franken en Evert Twent worden aangesteld als mombers over Jan Willemsen, kind van Willem Jansen bij wijlen Swaentien Franken [ORA Kampen nr.132, fol.17v] : Helena Eekhout, weduwe van Quirijn Sterck, namens haar onmondige zoon Christoffer Sterck als koopster na opdracht door Jacob Franken, door de voogden van het kind van Reint Timans 94
95 en Bychjen Franken, door de voogden van de kinderen van Jan Franken, door de voogden van de kinderen van Jan Franken en Jannnetje Jansen, benevens door Heimerik Franken en Aart Wolters als erfgenamen van Willemtje Roelofs, weduwe van Franke Roelofs, worden beleend met dat halve goet ten Westenrade te Zalk. Hulder is Bernard Ekkelboom [Repertorium op de Overstichtse en Overijsselse leenprotocollen] Albert Dutman, overleden voor 3 juli 1723, trouwt met Maria Gerrits, ondertrouwt (2) te Hattem op 3 juli 1723, trouwt te Hattem op 21 juli 1723 met Willem Meijer : Willem Meijer aen den IJsseldijk jongman, met Marritje Gerritsch weduwe van Albert Duitman ook aen den IJsseldijk. Copulati den 21 Julij [Trouwboek Hattem] Jan Herms in 't Clooster, zn. van Hermen Janssen in 't Clooster en Geertjen Dercksen, gedoopt te Windesheim op 18 mei 1661, trouwt te Windesheim op 24 mei 1686 met Diewertien Peters, dr. van Peter Janssen op Millingen en Marrigjen Wolters, overleden voor 26 augustus 1719, ondertrouwt (1) te Zwolle op 15 september 1683, trouwt te Mastenbroek met Gerrit Snel, ondertrouwt (3) te Zwolle op 9 februari 1695 met Ghysbert Henricksen, keurnoot te Zwollerkerspel in : Gerijt Hend: Snel Inde Riese Bus en Duevertin Peters van Millegen. Den 13en October Attestatie versoght om te trouwen in Mastenbroeck. En heefft Erffuijtinge gedaen [Trouwboek Zwolle] : Dito op attestatie van Zwolle nae drie houlixproclamatien alhier Jan Hermansen, van 't Klooster en Diewertie Peters, wed. van de Rysbos [NG Trouwboek Windesheim], : Dievertien Peters wordt onder hulderschap van haar man Ghysbert Henricksen, na de dood van haar vader Peter Janssen op Millingen, beleend met 'de gerechte helffte van de Millinger Koye in Mastebroeck in 't Hoogebruggherslag'. Op wordt Diewertien Peters beleend met de ledige hand onder hulderschap van haar zoon Jan Hermsen, wonende aan de Rysebosch. Op wordt Jan Hermsen, na de dood van zijn moeder, hiermee beleend [Repertorium op de leen-, tinsenhofhorige goederen van het Stift Essen] Lucas Harms, belijdenis te Zwolle op 1 oktober 1684 wonende op Kamferbeek, trouwt te Zwolle op 7 maart 1686 met Willempje Hendrix : Lucas Herms, j.m. en Willemtjen Hendriks, j.d. beijde op Kampherbeek. Sijn getrout den 7 Maert 1686 [Trouwboek Zwolle] Jan Gerrits (?), geboren te Heerde, trouwt te Zalk op 6 maart 1653 met Elsje Willemsen (?), geboren te Veecaten : Berent Jansen tot Veecaten en Gosen Hendricks op het Veer hebben beloofd borg te zijn voor Jan Gerrijts tot Veecaten; dat die zelve voor de heer van Zalk zal compareren wanneer zijn hoog edele hem zal komen aan te eisen [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : De inmaenders van de redemptie van Veecaten over 1678 hebben arrest laten doen door de onderscholtis Jan Jansen op het zaad op het land van Harman Posien, Swart Jans Else, en Lubbert Jochims, zodat zij geen zaad van het land zullen halen vooraleer zij de inmaenders van Veecaten van haar gezaai hebben voldaan [ORA Zalk & Veecaten nr.37] Peter Reinders Leeuw, zn. van Reinder Dubbelsz de Leeuw en N.N. Peters, burgemeester te Wilsum tussen 1655 en 1684, schepen te Wilsum in 1669, overleden voor 21 oktober 1704, trouwt met 95
96 1673. Aaltje Willems, dr. van Willem Berents van Marle en N.N : Anna Willems, 'cranck ande peste doch haer verstant volcomen machtich', geassisteerd met haar man Willem Hendrix, heeft haar testament gemaakt. Zij geeft aan de armen van Wilsum 5 mud rogge. Zij legateert, in het geval haar kinderen in echte verwekt bij Gerrit Egberts haar gewezen eheman en bij haar tegenwoordige eheman Willem Hendrix komen te overlijden, aan de kinderen van Peter Reijnerse Burgmr, geprocreëerd bij wijlen Aeltjen Willems, uit haar goederen de som van 1000 Car gld en aan haar nicht Aeltjen Hendrix dochter van wijlen Hendrick Willems 200 Car gld en haar zijden rok [ORA IJsselmuiden inv.nr.24 fol.11] De executeurs van de boedel van wijlen ritmr. Rouse hebben getransporteerd aan Peter Reijnders borgemr. tot Wilsem de gerechtigheid van een holthagen tot Veecaten gelegen, genaamd Zweerkens hagen [ORA Zalk nr.13, p.240]. 1682: Peter Reijners, nr.13, 2 vuursteden; in 1752 in bezit van E. van Muijden [Vuurstedenregister Wilsum 1682/1752; Transcriptie Jan van Arkel]. 1684: Peter Reijnders claimt zijn aandeel van de erfgenamen van Reijnder Dubbeltsen en Nijse Aerts. De andere erfgenamen zijn kinderen uit het eerste huwelijk van Niese [Gegevens afkomstig van Albert de Leeuw] Wijcher Gerrits, keurnoot te Zalk in 1688, overleden voor 27 mei 1699, trouwt met Diewertjen Herms (?), dr. van Hermen Beniers en Anneken Albers : Wycher Gerritssen wordt na de dood van Herman Beniers beleend met 'Twelff morghen landes geleghen in Mastebroeck in der Aschet'. Op wordt Benier Wychersen, na de dood van zijn vader Wycher Gerrytsen, beleend met de helft van dit goed. Op wordt Albert Janssen Kuyck, gasthuismeester te Hasselt, mede voor zijn vrouw Anna Wychers (dochter van Wycher Gerrytsen) met een vierde part beleend. Het laatste kwart van dit goed komt op Albert Lubbertsen, en op op diens zoon Hendrik Alberts [Repertorium op de leen-, tinsenhofhorige goederen van het Stift Essen] : Jochum Jans en Wijcher Gerrits worden aangesteld als mombers over Gerrit, Willemtien en Hermen Beniers, kinderen van Cornelisien Gerrits en zal. Benier Herms. De nalatenschap omvat landerijen die ongedeeld zijn met Wijcher Gerrits [ORA IJsselmuiden inv.nr.23 fol.19] : Peter Gerrits en Wijcher Gerrits worden aangesteld als mombers over Mette, Stijne, Anne, Gerintjen, Peter, Lijsbeth en Jantien Wolters, kinderen van Jantjen Vos en zal. Wolter Peters [ORA IJsselmuiden inv.nr.23 fol.31v] : Banier Jansz en Geertjen Lubbers verkopen aan Wijcher Gerrits en Dewertjen Herms 1/8 deel van 27 morgen land in het Middenblok te Mastenbroek, gelegen aan de Bisschopswetering, gemeen met de koper en met Albert Lubbers. Ook verkopen zij hun een halve morgen in het Middenblok, gelegen aan de Bisschopswetering, gemeen met de koper en de erfgenamen van Hermen Jochems, en ¼ deel van een schaarweide in het kerspel Wilsum [ORA IJsselmuiden inv.nr.12 fol.27]. 1666: Banier Jans en Geertien Lubbers e.l. dragen over aan Wijcher Gerrits en Dewertjen Herms e.l. 1/8 part in 27 morgen land in 't Middelblok in Mastenbroek met andere landerijen [HCO; Stadsbestuur Hasselt; nr , charter 1671] : Wycher Gerrytssen treedt op als hulder van Jacopien Gerrytssen, bij haar belening met 'de gerechte helffte van sess margen landes, gelegen in Mastebroeck by de kercke op de Olde Weteringe', na de dood van haar man Louw Henrix, kerkmeester in Mastebroeck [Repertorium op de leen-, tinsenhofhorige goederen van het Stift Essen]. 1675: Wijger Gerritsen, aan de Bisschopswetering, 3 personen [Hoofdgeld IJsselmuiden 1675]. 1675: Wijcher Gerrits, 2 vuursteden [Vuurstedengeld IJssemuiden 1675]. 1682: Wijcher en Derk Gerrits zijn eigenaar van een erf aan de Oude Wetering te Mastenbroek, 1 vuurstede, bewoond door Wolter Willems [Vuurstedengeld Zwollerkerspel 1682] = 882 Roelof Berends (?), trouwt met = 883 Klaasje Peters (?). 96
97 1726. Henrik Jansen, wonend op 't Ruitenveen, belijdenis te Nieuwleusen in 1704, trouwt te Nieuwleusen op 21 april 1700 met Fennechien Cornelissen, lidmaat te Nieuwleusen in 1704, trouwt (2) te Nieuwleusen op 28 maart 1712 met Hermen Jacobs : Fennechien Cornelis, weduwe van Henrick Jansen, met doctor Otto Meuwsen als momber, heeft over haar vier onmondige kinderen, met namen Janna, Jannechien, Cornelis en Berent Henricks, kinderen van Henrick Jansen, als mombers verzocht Derck Jansen, oom van vaders zijde, en Henrick Claessen, naberman. Voor hun vaderlijke goed geeft zij aan elk kind 95 gulden en daarenboven aan de zoons hun vaders klederen en aan de dochters ieder een bed met toebehoren, en aan ieder kind ook een kiste [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.616, fol.161] Evert Claes, geboren te Rouveen, diaken van 1663 tot 1664, ouderling van 1667 tot 1670, trouwt (2) te Nieuwleusen op 16 april 1671 met Hillichjen Claes, geboren te Rouveen, trouwt (1) met Jantien Herms, geboren te Rouveen, overleden tussen 1663 en : Evert Claes en Jenneken Herms zijn huisvrouw staan op de lidmatenlijst van Nieuwleusen (aan het Westerende, nr.26). Everts tweede vrouw, Hillichien Claes, staat ook vermeld. Daarnaast staan Claes Everts en zijn vrouw Annichjen Engberts (vertrokken naar Hasselt) en Jan Everts en zijn vrouw Aaltien Thijs op dit adres [Lidmatenregister Nieuwleusen]. 1675: Evert Claesen heeft een vuurstede en een bakoven. Eigenaresse is de vrouw tot Gerner [Vuurstedengeld Dalfsen 1675]. 1675: Evert Claes, weduwnaar, woont met zijn zoons Claes en Jan op perceel 25a, in eigendom van van Ittersum. In de jaren daarna moet de boerderij in de as zijn gelegd, want in 1682 meldt het vuurstedenregister 'Jan Evershuis woest' [Visscher (2005), Heeren van de Ligtmis, p.207] Tijs Jans, zn. van Jan Jansen, geboren te Rouveen, meier op het Tijssenerf, overleden voor 1675, trouwt te Zwolle op 16 april 1648 met Stientje Alberts, dr. van Albert Willems, geboren te de Ruite : Thijs Jansen Jan Jansen N.S. tot Roveen, Stijntijn Alberts Alt: Willems N.D. in de Ruijte [Trouwboek]. 1663: Tijs Jans is meier op perceel nr.21, het Tijssenerf, in Nieuwleusen, in eigendom van de familie van Rechteren. Voor 1675 wordt hij opgevolgd door zijn zoon Albert Thijs [Visscher (2005), Heeren van de Ligtmis, p.203]. 1663: Tijs Janss en Stijntien Albertss zijn huisvrouw staan op de lidmatenlijst van Nieuwleusen (aan het Westerende, nr.22). Hun namen staan doorgestreept (gestorven). Op hetzelfde adres staan Albert Tijssen en Berentien Jans zijn huisvrouw vermeld [Lidmatenregister Nieuwleusen] Berend Roelofs, j.m. van Nieuwleusen, meier op de boerderij bij Havezathe Oosterveen, trouwt te Nieuwleusen op 13 maart 1670 met Claassien Claes, dr. van Claes Jans en Aeltien Claassen, j.d. van Nieuwleusen. 1682: Berent Roelefs wordt aangeslagen voor 1 vuurstede. Eigenaar is de Drostinne [Vuurstedengeld Nieuwleusen 1682] Peter Klaaszen Kragt, zn. van Claes Egberts Kragt en Hillichien Peters, meier op de Rechterenshoeve, trouwt (2) voor 1684 met Jennegien Luigiens, trouwt (1) met Geertien Henricks, dr. van Hendrick Egberts en Trijntien Claes, overleden tussen 1663 en
98 1675: Peter Klazes Kragt is meier op de Rechterenshoeve, perceel 22, in het bezit van ritmeester Cornelis van Dongen [W.Visscher (2005), De Heeren van de Ligtmis, p.204] : Peter Klazes Kragt leent 400 caroli gulden van Hendrik Muller. Onderpand zijn zijn hooilanden in de Westerhooislagen [ORA Dalfsen] Coop Beulen, zn. van Boele Coops en Femmichjen Claes, meier op de Beule, diaken van 1698 tot 1700, ouderling van 1701 tot 1703, trouwt voor 1686 met Geesien Thijszen, dr. van Tijs Jans en Stientje Alberts. 1711: Coop Beulen en Egbert Claasen Kragt kopen 4 morgen land, genaamd de Dootcamp [Visscher (2005), Heeren van de Ligtmis, p.169] Albert Engberts, geboren te Wilsum, overleden voor 18 februari 1690, trouwt (2) met Berentien Herms, trouwt (1) te Kampen op 16 april 1666 met Hendrikje Simons Hartsuicker, dr. van Simon Egberts Hartsuicker en Nijse Aerts Post, overleden voor 29 april : Albert Engbertsen en Jan Lubbertsen treden op als voogden van de kinderen van Claes Egberts en wijlen Stientjen Engberts [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.97 fol.51; transcriptie A. Alink] : Jacob Franken en Albert Engbertsen treden op als voogden over kinderen van Trijne Francken en wijlen Thimen Herms [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.97 fol.346; transcriptie A. Alink] : Jan Simonsen en Theunis Jacobsen worden aangesteld als voogden over de zoon van Albert Engberts en Hendrickien Simons sal, in plaats van Jacob van de Weert en Reijnder Dubbelts sal. [ORA Kampen nr.132, fol.19] : Berentien Herms, weduwe van Albert Engberts, met voogden Jan Jacobsen, Dirck Jacobsen en Samuel Faes, verklaart voor haar minderjarige kinderen Henrikien, Engbert, Matte en Hermen Alberts als vaders erfdeel te hebben gereserveerd een bedrag van honderd daalders, de zoons ieder een paard en de dochters een bed met toebehoren, of ƒ50 c.g, uit te keren op hun 18e jaar en belooft hen lezen, schrijven en naaien te laten leren en te doen wat een goede moeder betaamt, waarmee de voogden tevreden zijn [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.98 fol.43; transcriptie A. Alink] Cornelis Coops, zn. van Coop Wolters en Gijsbertien Reijnts, geboren te Oosterveen, belijdenis te Nieuwleusen in 1674, kerkmeester in 1698, trouwt te Nieuwleusen op 1 april 1666 met Jacopien Peters, dr. van Peter Hendriks, geboren te Rouveen, belijdenis te Nieuwleusen in Hans Jurrien Peineman, trouwt voor 1681 met Hendrikje Derks. 1682: Hans Jurriaen Peijneman, 1 vuurstede [zelf eigenaar], 'pretendant paupertatem' [Vuurstedengeld Nieuwleusen] Willem Alberts, begraven te Nieuwleusen (op het kerkhof) op 3 november 1703, trouwt voor 1659 met Jantien Jans, dr. van Jan Egberts en Aeltien Jans. 1675: Willem Albers heeft 1 vuurstede. Eigenaren zijn de droste: zall: erffg: offte Pallant [Vuurstedengeld Dalfsen 1675]. 1679: Willem Alberts woonende in een kleijne schuijre op Egbert Jans plaets en wordt door de ingesetenen van Nieuleusen onderholden ende sijn vroue zeer swaer ande vallende sieckte sijnde 98
99 daerom bij ons niet angetrocken [Vuurstedengeld over 1677 en 1678; Aanhangsel Vuurstedengeld Dalfsen 1675] Hendrik Berents Looij (alias Ploer), zn. van Berent Looij en Hendricken Alberts, landbouwer, overleden voor 23 maart Jan Goossen Jan Berents Looij (alias Ploer), zn. van Berent Looij en Hendricken Alberts, geboren te Egede, schipper, ondertrouwt te Hellendoorn op 8 maart 1668, trouwt te Den Ham met Elsken Egberts Reijmink, dr. van Egbert Reijmink, geboren te Meer : Jan Berentsen n.s. van Berent Loij te Egden, en Elsken Egberts n.d. van Egbert Reiminck te Meer onder den Ham. Bevestight te Ham [Trouwboek Hellendoorn] Leefert van het Peters Jan Jansz Kleijn Roossink (alias Hommelten) (?), landbouwer op Klein Roossink, belijdenis te Hellendoorn in 1689, gezworene van de marke Hellendoorn in 1699, overleden voor 3 november 1709, trouwt (1) met Engele Derricks, trouwt (2) te Hellendoorn op 13 maart 1670 met Jenneken Claas (?), dr. van Claes ten Have, belijdenis te Hellendoorn in : Jan Jansen wed. van Engelle Derricks int Kerckdorp en Janneken Claesen n.d. van Claes ten Have woonachtigh tegenwoordigh te Elen copulatie alhier [Trouwboek Hellendoorn]. NB ook ingeschreven op (te mid-winter): Jan Jansen op Klein Roossink, in 't kerkdorp [Lidmatenregister Hellendoorn] (ontrent Paaschen): Jenneken Claas vr op 't Klein Roossink, in 't kerkdorp [Lidmatenregister Hellendoorn] Hans Jurrien Brock, burger te Hattem in 1655, trouwt voor 1654 met N.N : Hans Jorrijen wordt burger van Hattem [Oud Archief Hattem nr. 64] : Jutte Hemss wede Broecks verburget het erffhuijs van Arien Peterss door Albert Jansz Nijhoff [ ORA Hattem, inv.nr.135, fol.181v] Albert Sanders, wonend in de Voskuil Otto Horstinck, landbouwer op Horstinck, overleden voor 13 februari : Horstinck, te Koevick, Frans ter Stege eigenaar. Huis en hof 2½ spint. Boulant 12 mlr tientvrij op de swaere gerve, , , 4-10; 5 koeweydens, goltpacht 25 dlr onvrijgelt een vercken oft 3 dlr. opgaende boomen in de wallen [Verpondingskohier Hengelo; Afschrift Kreijnck] Hendrick Meijerinck (?), trouwt met Aeltien (?) Dries Jacobs Vorstelman, zn. van Jacob Jansen Vorstelman en Elisabeth Lamberts Broenissen, gedoopt te Epe op 18 februari 1658, trouwt met Ese Evers van Ems, dr. van Evert Gerrits van Ems en Bette Gerrits, geboren te Zuuk (op den Wellen), gedoopt te Epe op 9 mei
100 : Aelbert Aerts, zoon van zaliger Aert Jansen Grave, verkoopt aan Drees Jacops Vorstelman en Ese Evers het Heerde weidje, over de Grift [Protocollen van Bezwaar Epe, inv.nr.910, fol. 7v] : Erfdeling tussen Ambrosius Abrahams Broeckhuijsen, weduwnaar van Gerritie Gerrits van Ems en boedelhouder van zijn kinderen ten eenre, en Dries Jacobs Vorsselman en Eesien Evers van Empts ehel ter anderen zijn. Broeckhuijsen krijgt landerijen op de Empserenk, te weten 1/8 part aan 2 ackers in den hoeck met andere erfgenamen van Jacob Vorstelman gemeen, item 1 acker groot ½ mlr, 1 acker met Herm: Willems erfgen. gemeen; item 1 acker op Westerlo groot 1/7 mlr; item 1 acker tot Schafferen en lest een ackertien gen. Arien Mars ackertien omtrent Schaveren; waartegen Dries Jacobs dit alles vermogens d'originele vertoonde acte der erfbuijrschap door de partijen benevens de getuigen Gert Lubbers en Corn. Van Ems bezegeld [Protocollen van Bezwaar Epe, inv.nr. 910, fol.37v; ingeschreven ] Jan Decemers, overleden voor 1709, trouwt te Epe in april 1669 met Henrickjen Henricks : Jan Disemers j.m. en Henrickjen Henricks j.d. te Dijckhuisen [Trouwboek Epe] Frerick Wigbolts, zn. van Wigbolt Berents, burger te Hattem in 1646, trouwt (1) met Geertien Jaspers, overleden voor 21 juni 1657, trouwt (2) met Anna Karnebeeck, dr. van Antonis Karnebeeck. 1646: Frerick Wibbels wordt burger van Hattem [Oud Archief Hattem inv. nr. 64]. 1648: Frerick Wibbets is eigenaar van een hof groot ½ spint, verpacht aan Hermen Peters voor Verponding: Hij is ook eigenaar en gebruiker van een tweetal hoven van ½ spint, getaxeert op 1 goltgulden, 2-2 pachtwaarde, met 0-7 verponding, waarvan één bezwaard met 15 stuivers thins. Verder zijn er 3 ½ morgen, waarvan rentmeester Opgelder cum suis eigenaars en gebruikers zijn, gebouwd wordend door Frederick Wibbelts voor de helft, tiendbaar aan de rekenkamer pachtwaarde. Verponding: [Verpondingscohier Schependom Hattem 1648]. 1648: Frederick Wibbelts is eigenaar van een huis met 3½ schaar in de Ridderstraat in Hattem, dat door Derk Dries gepacht wordt voor 38 carolus guldens (voor 19-5 gulden belast). Zelf pacht Frerick Wibbelts een achterhuis met 4 scharen in de Kerkstraat van resident Schrassert voor 45 carolus guldens [Verpondingscohier Hattem 1648] : Herman Janss heeft doen daegen Frerick Wibbeltss voorgevende dat de selve komt te weijgeren met hem te treden tot deijlonge vant halve huijs, den hoff en het landt op de Kreijenbergh om hem daer van sijn quota te laeten toekomen aengesien het selve door affsterven van Geertien Jaspers des selffs twe kinderen sijnen halve broeders is aengestorven en aengeerft. Gelijck de selve mede verweijgert sijn aenpart vant wintersaet als anders op het landt staende niet tegenstaende het selve vant gemeene saet gesaeijt met gemeene peerden gebout, en oock de gunst gemeen sij. Derhalven versoeckende dat bij t Gerichte moghe erkent worden hij Aenlgg. tot sodaene Eijsch en begeerte gefundeert en gerechtiget sij en daer tegens bij d'gedaeg. Een quaet tegenveer sall gedaen worden waer toe gecontendeert wordt una cum expensis. Frerick Wibbelts geeft daarop een uitgebreid antwoord, waarin hij o.a. meldt dat Geertien Jaspers, 'stieftmoeder van den aenlegger ende tweede beddegenoot van desselfs vaeder, daerbij in ehestaet heeft verweckt twee soonen des aenleggers halve broeders'. Haar tweede zoon was Albert Janssen. Bij diens dood erfde diens stiefvader van hem, behalve de goederen die hij van zijn oudere broeder aangeerfd waren. Tussen zal. Geertjen Jaspers en Frederick Wigbolts zijn geen huwelijkse voorwaarden opgericht en de aanlegger bestrijdt dat Frerick Wigbolts getuchtigd is door Geertien Jaspers [ORA Hattem; Civiele processen 65-3] : Frerick Wigbolts, mede namens zijn vrouw, verkoopt aan Jacob Herms en Marrigien Egberts een half bosjen eijcken holt [ORA Scholtambt Hattem, inv.nr.6, fol. 114] : Erschenen Frerick Wighbolts in qualiteijt als burghe voor Gerrit Willems en Gerrit Stremler, belovende bij verwonnen panden tegen aenkomstighe St. Michaelis ofte te langhst. St. Marten te betaelen aen Rentemr. Evert Wilbrenninck sodaene penn: als d'selve allnoch aen hem ter 100
101 goede reclame verplightet sijn: des hebben die voorn. burgh onder gelijcke verbandt op gemtt. tijt belooft haere principael in alles t'indemniseren, kost en schaedeloos te houden [ORA Hattem, inv.nr.135, fol.47v] : Stadsroedendrager Jan Hendricksz, ziek, en zijn vrouw Willemtien Wigbolts maken een testament op de langstlevende. Zij legateren aan de armen elk 50 gld en aan het ziekenhuis 12½ gld. De testateur legateert aan zijn broeder Jan Hendricksen een deel van zijn kleren, aan Gerrit Hendricksz, zoon van zijn broeder Hendrick, 400 gld, aan zijn zwagers zoon Jan Frerix 50 gld en aan zijn dienstmaagd Gretien 10 gld. De rest van zijn kleren legateert hij aan zijn broers en zusters en hun kinderen, die hij ook tot erfgenaam benoemt. De testatrice legateert aan haar broeders zoon Jan Frerix een gouden ring en 50 gld en aan haar broeders dochter Janna Frerix een kerkboek en enige kleren. Tot haar erfgenamen benoemt zij haar broeders en zuster of hun kinderen, te weten haar broeders zoon Arent Berentsen, haar broeders kinderen Wigbolt Frerix, Janna Frerix, Berent Frerix, Theunis Frerix, haar zuster Stine Wigbolts voor haar eigen deel, en haar zusters kinderen Wigbolt Jans en Willem Jansz in hun ouders plaats, en dan nog haar zuster Aeltien Wigbolts, in haar eigen plaats. Tot executeurs benoemen zij Jan van Tongeren, tollenaar, en Gerrit Jansen Hofstede. Op maakt Willemtien Wigbolts, weduwe van Jan Hendriksen, een nieuw testament, op opnieuw. Op laat zij een aanvulling opstellen (door haar hoge ouderdom kan ze niet meer schrijven), waarin o.a. aan de drie zonen van haar broeder Frerick Wighbolts, boven wat hun al was toegewezen, als prelegaat 100 gulden zullen hebben en zijn dochter Janna als prelegaat 300 gld. [ORA Kampen inv.nr. 141 fol.374; inv.nr. 142 fol.141v; inv.nr. 143 fol.129v; inv.nr.144 fol.131; Bewerking Kees Schilder] : Joachim Greve, als volmr. van Caspar Bogaert als momber van de nagelatene kinderen van Jan van Rhenen, verklaart verkocht te hebben aan Frerick Wighbolts en Anna Karnebeecks zijn huisvrouw, 'seecker huijs en wheere, met sijn recht en gerechtigheijt gnt. den Engelenbergh, staende in Allershoeck' [Dit imposante huis in de tegenwoordige Adelaarshoek was een overblijfsel van een Middeleeuws klooster. De nakomelingen van Frerick Wigbolts noemden zich naar dit huis: van den (Engelen)bergh. Later was het huis in bezit van Teunis Frericks en in 1786 van H.W. Daendels] [Heemkunde Hattem (1993), p.112, met een afbeelding uit 1730; Transportregisters Hattem, inv.nr.122, fol.116] Berent Harms Wildeman, overleden voor 1 februari 1675, trouwt voor 1663 met Bettien Willems, overleden na : Berendt Hermens (doorgestreept: Heymanss) in de Wildeman, quondam Claes Berentsz weleijr Jan Jacobss eertijts Jacob Forstelman en oock Anna Bossen t bevoerens Andries Bossen 1 hoffstadt, ii st. i oirt [Gelders Archief, Archief Rekenkamer inv.nr. 1331; Tijnsboek Hattem, fol.19v]. NB Volgens een overzicht in Heemkunde Hattem betreft dit Kerkstraat nr.45. In 1658 woont Berent Herms Wildeman hier, in 1694 zijn weduwe : Jan Hendricks Schoenmaecker gecoft Jan Andriessen bij coop, aen sich verworven Wijcher Henricx quondam Johan Hermans cum uxore eertijtz Thoenis Derckx toe bevoerens joffer Jans erffgenamen van Volberscamp ii groot manet 1 st x placken. In de marge: hr hier van Jan van Besten 1/3 Seger van Geel 1/3 Berent Heijmans Wildeman 1/3. 1 st v 1/2 doet [Gelders Archief, Archief Rekenkamer inv.nr. 1331; Tijnsboek Hattem, fol.33v] : Berent Hermens Wildeman van sijn bestevader en vader geerf Berent Heijmans Wildeman (ingevoegd: Jonge) quondam Jenneken op Gelder van die voorss somme van Joffer van Galen van Volbers camp een derdendeel 1 st 10 placken, 1 st v 1/2 doet [Gelders Archief, Archief Rekenkamer inv.nr. 1331; Tijnsboek Hattem, fol.33v; zie ook inv.nr. 1342, fol.54]. 1648: Berent Wildeman is eigenaar van een huis met 5 scharen in de Kerkstraat, dat gepacht wordt door Hermen Alberts voor 32 goltgulden [Verpondingskohier Hattem 1648]. 1648: Bernt Wildeman is eigenaar van 1 ½ schepel gesaeijs, gebouwd door Egbert Jans op de 3e gerff tiendbaar. Pachtwaarde 3-0. Verponding: [Verpondingscohier Schependom Hattem 1648] : Berent Manricus belooft in 14e daghen bij verwonnen panden sonder Cosse te betalen aen Berent Wildeman sodanighe penn. waer voor des selfs goet allereets verwonnen en uijgepandet is [ORA Hattem, inv.nr.135, fol.39]. 101
102 : Jan Dercks, mede namens zijn vrouw, verkoopt aan Berent Herms Wildeman en Betjen Willems seeckere mergen hoij ofte weijlandt, liggende tegens over den Dieffsdijck. Ook genoemd worden Thijs Gerberts en Luijlof Herms [ORA Scholtambt Hattem, inv.nr.6, fol. 121] : Jan Herms Tromp, mede namens zijn vrouw, verkoopt aan Anna Warners, weduwe van Johannes Gerrits, seeckere mergen landts gent. den Stompencamp, liggende aen den Oosterendijck, in een camp van vier mergen gemeen met Berent Wildeman en Derck Lubberts [ORA Scholtambt Hattem, inv.nr.6, fol. 139] : Relateerde Gerit Krijdt dat hij uijt naeme van wede. van w. Berent Wildeman opgeseijt heeft Jacob Arentss Muller een Capitael van 200 gl. om het selve mette achterstedighe interesse toe her[ ] tegene e. verschijnedagh in d'acte vermelt [ORA Hattem, inv.nr.135, fol.118] : Heeft Johannes Urbanus ge[ ] dat hij ter instantie van Arent Berents als volmr. van Willemtien Wighbolts tot Campen, gedenuntieert en opgeseijt heeft die Burgemr. Bredenbroeck en de Wede. Wildemans een Capitael van 700 gl. om tegen de verschijndagh te restitueren en op te brenghen [ORA Hattem, inv.nr.135, fol.201] : Henrick Stevens Brouwer, mede namens zijn vrouw, verkoopt aan Bettien Willems, weduwe van Berent Herms Wildeman, een seecker ackertien landts groot een schepel gesaeijs liggende in den enck bij het kerckenpadt [ORA Scholtambt Hattem, inv.nr.6, fol. 168v] : Heeft Johannes Urbanus gegichtet dat hij uijt naeme van wede. Wildemans gedenuncieert en opgeseijt heeft Cornelis Luijlofs een Capitael van een hondert dartigh guld. 10 str. om d'selve tegen de verschijnedagh wesende de 20e Aprill, mette achterstedige renthe van dien op te brengen en te voldoen [ ORA Hattem, inv.nr.135, fol.228] Berent Berents, waard in de Moriaen, keurnoot te Olst in 1663, trouwt met Barta Luilofs Boemer, dr. van Luilof Hendricksen Boemer en Neeltje van Werven, waardin in de Moriaen te Welsum, trouwt (2) met Gerrit Henrix, overleden voor 1 februari 1684, trouwt (3) met Berent Hendriks, zn. van Henrick Berents : Gerrit Hendriks en Bertijn Beumers, waard en waardin in de Moriaen, zijn een bedrag schuldig aan Wilhelm Luessink, die de vordering overneemt van wijlen Luilof Hendrix Beumer en wijlen zijn echtgenote Neeltje van Werven. Als onderpand stellen zij het stuk land de Weggenbrugge en twee percelen land te Welsum. De schuld is voldaan op [ORA Olst nr.3, fol.131] : Bartien Luijloffs in de Moriaen, weduwe van Gerrit Henricks, geassisteerd door Jacob Tichler, verkoopt aan de erfgenamen van Erents Vos het huis, hof en landerijen genaamd de Moriaen; tevens de katerstede [ORA Olst nr.3, fol.231] : Willem Luilofs Boemer en Leentje Gerrits, Bartha Boemers, weduwe van Gerrit Hendriks, Heijltje Boemer,s vrouw van Willem Verheij, Derk Verheij en zijn vrouw Geertje Boemers, en Willem Boemer als voogd van de minderjarige zoon van Jacob Boemer, verkopen aan Driesje Lamberts, weduwe van Zwier Jansen, de helft van een stuk land, de Lubbersmate genaamd [ORA Olst nr.3, fol.80] : Barta Luilofs Beumer, weduwe van Gerrit Henrix en nu weduwe van Berent Berents, heeft ten overstaan van de voogden Lambert Henrix en Willem Luilofs Beumer over de kinderen Mechtelt, Grietje en Hendrikje Berents, tevens Neeltje Gerrits, een inventarisatie gemaakt: Het huis en hof de Moriaen, met een stukje land; de Nanninckshofstede, nu gepacht door Tonis Geurs; een stukje land in Oene, 't Wilde Kampje. Er zijn schulden uitstaande bij Steven op 't Erck, Daniel in de Engel, Tonis Geurs, Erenst Vos, Wanner Hendrix, Hendrikje Bolmans, Albert Dercx, Willem Roetsvelt, v. overl. Engbert Engberts, Gerrit Jacobs, Tonis Tonissen Timmerman, de erfgenamen Aaltje Luilofs, Driesje Lamberts Arent [ORA Olst nr.3, fol.421] : Tonis Geers en Hendrina Hendrickx verkopen aan Berent Henrickx en Bartha Luilofs Boemer al hun gerede en ongerede goederen, waaronder een praam met zeil en touw [ORA Olst nr.3, fol.250] : Berent Henrickx, gehuwd met Bartha Luilofs Boemer, wonend in de Moriaen; tevens Willem Luilofs Boemer en Lambert Hendrickx als voogden over Neeltien Gerrits en Henrick Berents; Berent Henricks als gevolmachtigde van zijn schoonzoon Jan Gerritsen van Brevoort, getrouwd met Machtelt Berents; tevens Grietien Berents, verkopen aan Bernhard te Have en Gerard Jacobs te 102
103 Deventer, als voogd van de kinderen van kapitein Engelbert van Emmerick, het huis de Moriaen, de hof en landerijen, de Weggebrugge, de Beemster Hofstee en Nannincks Hofstee, gelegen in Welsum [ORA Olst nr.3, fol.375] Jan Theunisz Eijkelboom, landbouwer op de Eikelboom te Veessen, trouwt (2) met N.N., trouwt (1) te Heerde op 27 februari 1681 met Berentje Jans Gelderman, dr. van Jan Gelderman en Janneken Jans, gedoopt te Veessen op 6 november 1650, overleden voor 2 maart : Jan Teunissen, j.m. en Berentje Jansz Gelderman, j.d. won. Alhier [Trouwboek Heerde] : Het 'erff ende goet, de Eijkelboom genaemt, soo als het selve, te weten de landerijen door Burgemeester Raesvelt stuckenwijse daier bij 't voorsz. erff sijn aengecoft, op verscheiden tijden ald die van olts daer bij gehoort hebben: [ ] mede een camp door wijlen de heer Krijth aengekoft, toebehorende de heer Gerhardt Krijdth tot Vosbergen ende heer Arnoldt Krijdth en sijn huijsfrou ende mevrou Arnolda Krijdth douagrijra van wijlen de de heer Henrick van Wijnbergen: sijnde 't selve erff groot 40 mergen landts met al 't getimmer daer op staende [ ] beswaert met een somme van vijer duijsent segge 4000 gl. ad ses persent, ten behoeve van Berent Adrijaen ter Borcht, scholtis tot Bueren ende Corelia van Zuchtelen E.L [Transcriptie op website B. Eikelboom] : 'Het erve en goet van Eijkelboom genaamd, soo als 'tselve in den ampte van Heerde, kerspels Veesen en Oene met sijn recht en geregtigheit is gelegen, bestaende in huijs, hoff, boogardts, schuere en barg, staende nae het huijs aen met saeij-, hooij-, den weijlanden in een camp, het Deventer dampjen, alsmede een camp de Koeweijde, gelegen aen de Woltse Wteringe met de vijf vierdedeel mergen daar aen schietende, voorts een camp de weijde camp, alsmede een camp een Blanckencamp en dan nog eene camp den Saeris genaemt, uitgesondert het 8e part soo de dogter van Dijckhuisen is toecomende, en dan nog een streepje weijlant aen de dijck mede in Oene gelegen, soo en in dier voegen als de gem. percelen bij Jan Teunissen meijerswijse gebruikt worden, toecomende de welgeb. vrouwe Gerda Arnolda Krijt douairiere Wijnbergen tot Vosbergen. beneffens de Hr. Robbert van Keppel en deselfs Eheliefste Vrouwe Judith Crijt, voorst de Heer Just Gijsb: en Anna Sophia Krijt. Anno 1714 den 27 Sept. gecredeert en getransporteert aen ende ten behove van tijn duisent vijfhondert gl. alles brederen inholt der originele opdragt bij transportanten beneffens geerfdens' [Transcriptie op website B. Eikelboom] : Jan Toenis van den Eijckelboom en Willem Berents Klomp hebben verborgd de momberschap van de twee onmondige kinderen van wijlen Herman Toenis en Derikien Jans, met namen Toenis Hermans en Fennigien Hermans; Jan Toenis met de persoon van Jannes Hengevelt en Willem Berents Klomp met de persoon van Derrick Bos, beiden geërfden op de Veluwe [ORA Veluwe en Veluwezoom; Inventarissen tot dienste der onmundigen van Veluwe en Veluwezoom, ingeleverd bij den landschrijver, inv.nr.492 fol.224] : Jan Toenissen Ejckelboem maakt een nieuw testament. Aan zijn zoon Gerrit Jans Eckelboom, bij wijlen zijn eerste huisvrouw Bertjen Geldermans verwekt, een som van 150 gulden in geld, 150 gld met een interest tegens vier van 't honderd die van nu af zal beginnen te lopen. Voorts legateert hij uit zijn na te laten goederen aan het onmondige kind van wijlen zijn zoon Baerent Jans Eckelboem en Bigien Henderikx Schoenhoven, met name Gerrit Barens Eckelboom, een som van 150 gulden, 'waar bij gemelde Gerrit Berthsoon nae doede van den coemparant geproffitert en genoeten te woorden en sullx het voorschreven kindt is voorschreven 150 gulden [ ] is onderhoelden, sullen de dese 150 gulden nae doode van den coemparant uyt de naegelaeten gerede en ongerede goederen van de coemparante aen des selfs soon Gerrit Jans, woende tot Welssum is gestelt en voeldaen woorden en de penningen te inploieren ten einde als vooren, edoch met dese bedinge nochtaens dat bij aldien het voorschreven onmundige kindt Gerritjen Baerens voornoemd is, voorschreven 150 gulden niet mogte kunnen opgebraght woorden, dat dan de voordere broeders en susters van gemelte Gerrit Jans van Welsen het voorschreven kind mede sullen helpen onderhoelden en soe het gemelde kind moegte koemen t 'overlieden eerdat de voorschreven 150 gulden heb moegte vertert hebben de overigen penningen daervan gemelde Gerrit Jansen van Welssum en sijn susters en broeders oock sullen genietten oock legaeten en geeft hij coemparant an de onm[un]gighe dochter van gemelte Berent Jans en Bygien Henderikx Gertjen Berens Eckelboem gemelde thien ducatoens warmede ider haer nae doode 103
104 van den comparant uyt sijne naegelaeten gerede en ongerede goederen geproffitert en genoeten te worden'. Betekend en bezegeld [ORA Veluwe, Scholtambt Heerde, protocolnr 896; verkregen van Dick Eikelboom] Jacob Alberts van Linden, zn. van Albert Dercx van Linden en Driesien Lamberts, overleden voor 11 december 1726, ondertrouwt (2) te Veessen op 22 maart 1702, trouwt te Veessen op 2 april 1702 met Jenneken Hengevelt, gedoopt te Veessen op 3 september 1676, trouwt (1) met Aeltien Jansen, overleden voor 8 maart : Egbert Derckx van Linden, brouwer in de Bastiaen, en Anna Dijck maken een testament op de langstlevende. De testateur vermaakt alles aan zijn broers en zusters of hun erfgenamen, met name Anna Dercx, dochter van wijlen Derck Dercksen van Linden, Gerrit en Jan Dercksen van Linden, de kinderen van wijlen Herman Derckx van Linden, met name Maria, Jan en Derckje van Linden, de kinderen van Albert Derx van Linden, met name Jacob, Alphard en Derck Alberts van Linden, en de kinderen van Zwaantje Dercksen van Linden, met name Gerrit, Jenneke, Klaas, Grietje, Derkje Hendrix, Hendrick Gerrits, verwekt door Hendrik Tonissen en Gerrit Lamberts resp. Hij geeft 25 gulden aan de armen van Olst. Zij vermaakt alles aan haar kinderen Marie, Jan en Aaltje Gerritsen Dijck en aan de armen 25 gulden [ORA Olst nr.3, fol.28] : Tot mombers over Maria Jacobs, onmondige dochter van Jacob Alberts tot Welsum, bij wijlen Aeltien Jansen ehelijk geprocreëerd, worden aangesteld Henric Jansen Schockencamp en Alfert Alberts op Groot Duir. Op bewijst Jacob Alberts tot Welsum zijn dochter Marretien Jacobs voor zijn moederlijke goed: een stuk land zijnde een derde part in de Geere, in Welsum buitendijks gelegen; een zesde part in het bogaertien in de zelfde Geere gelegen; en zesde part in een rekening van verkochte goederen, bedragende voor een zesde part ; garste, rogge en boekweit door de comparant verkocht, 17-12; een zilveren bekertje, een gouden ring, [ ] een ring van haar moeder zal.; een zilveren bekertien, haeck en naalde; een zilveren spel, 2 tinnen schotels; een tinnen bekertje; 17 beddelakens, 7 tafellakens, een paar kussentogen, 10 stuk kort linnen, 2 hemden, 2 stukken doeks, een goed bedde met toebehoren, uit te keren als het kind 18 jaren zal zijn. Daarenboven belooft Jacob Alberts uit zijn eigen goed 100 Car. gld. Verder is overeengekomen dat de vader het land van zijn dochter op de halfscheid zal bouwen, waarvan de halfscheid voor de vader en de andere helft voor de dochter zal zijn [ORA Olst 19] : Jannes Dijkhuisen en Geurtien Henrix verkopen aan Tijs Jansen in den Engel en Jantien Berents hun aandeel in het stuk land de Geere, 1/3 deel, waarvan haar wijlen zuster Heiltien en Jacob Alberts ieder mede 1/3 hebben [ORA Olst nr.4, fol.360] : Jacob Alberts, te Welsum, eigenaar 't Stift ter Hunnepe (verponding 26-8, contributie 33-15). Daarbij behorend het Kerkenlant (verp. 0-18) en de Hellendoornsstede (verp. 1-10). Jacob Alberts en Berent Schultink zijn samen eigenaar van een ander perceel te Welsum (verp , contr ). Jacob en Alfert Alberts zijn met Berent Schultink ook eigenaar van een perceel te Welsum (verp ). Met Gerrit Jacobs is Jacob Alberts eigenaar van Herman Jansen van Lulofs lant, alias 't Grapendaler (verp ) [Verponding Salland; Olst, boerschap Welsum] : Tijs Jansen, wonende in den Engel tot Welsum, voor zichzelf en als boedelhouder van zijn vrouws nalatenschap, verkoopt aan Liefert Gerrits en Barthjen Gosens zijn aanpart in een stuk land, de Geere genaamd, zijnde 1/3 part, waarvan de erfgenamen van Heiltien Dijkhuisen en Jacob Alberts mede ieder omtrent 1/3 part hebben [ORA Olst nr.5, fol.85] Aert Janssen Driessen (?), schepen te Oldebroek, gildemeester, diaken, overleden voor 15 februari 1734, trouwt met Geertje Dircks (?) Jan Gerrits, trouwt met Jannigjen Lamberts. 104
105 : [ ] panden id parate executie tot securiteijt quaram van Jan Gerritss op s'heren Enck, als burge voor de pacht van Keijsersweert aen Heeren van Reeckenn: verplightet verbonden alle sijne gerede goederen om dier op in cae van misbetalinge voor alle andere creditoren alle hinder en schaede te moghen verhaelen [ORA Hattem, inv.nr.135, fol.289v] : Jan Gerritsen op 's Heeren Enck, waarmede Gerrit Brants en Gerrit Janssen als gezworenen van de Enck zich voegende, impt ter eenre, op en tegen de magistraat van de stad Hattum, gedaagden. Het hof condemneert deselve ten principale om de proceduren voor het stadsgericht van Hattum over het punt van inappellabiliteit geventileerd met de sententie van 22 september laatstleden over het punt van desertie daarop gevolgd op te heven en het exces en beswaer daardoor gecommitteerd kost en schadeloos te repareren. De gedaagden en defaillanten sampt en elk in het bijzonder worden in de proceskosten gecondemneerd [Hof van Gelre en Zutphen; Civiel sententieboek,nr.4898] Johann Conrad Mörser, zn. van Hans Jürgen Mörser en N.N, goudsmid, brouwer, burger te Detmold op 13 oktober 1671, begraven te Detmold op 15 april 1693, trouwt te Detmold op 24 februari 1670 met Catharina Agneta Groppen, geboren te Detmold. Detmold: Johan Conrad Möser (Mörser, Mäusser, Meuser). Vermutlich Sohn des Hans Jürgen (so Nr.2). Heiratet am Catharina Agneta Groppen. Wird am Bürger, hat das Brauer- und Goldschmiedamt, besitzt Wohnhaus unter der Wehme, auch einen Garten. [Kinder: ] Begraben am Seine Witwe "exerciert das Goldschmiedhandwerk nicht mehr" ( ) [W. Schleffer (1973) Goldschmiede Rheinland-Westfalens, p.113] Hendrick Lubbertsen van der Vaerst, zn. van Lubbert Jans op de Vaerst en Aeltjen Gijsberts, geboren te Barneveld, overleden voor 1700, trouwt te Elspeet op 7 november 1675 met Jannetien Gangolfs, dr. van Gangolff Willems en Mechteltgen Jans, geboren te Elspeet, belijdenis te Elspeet in : Proces Jan Helmerden tegen Jannetie Gangolfs weduwe van Henrick Lubbertsen. De aanlegger doet aanleggen dat hij de kamer aan haar huis 8 jaren in pacht gebruikt heeft en pacht betaald had, en dat hij de kamer 'aenstonts soude verlaten en inruijmen, 't welck oock door haere gedurige vexatien heeft moeten opvolgen. En dar daeren boven haer verstout heeft des a[anleggers] messing, die voor dat jaer gemaeckt ende van haer grond geleit hadde wegh en in haer v[erweerders] hoven en landt te voeren en te brengen'. Hij eist een schadevergoeding van 50 gulden. De verweerder zegt zij de aanlegger de huur heeft opgezegd, wat zij mag doen, en dat de aanlegger 14 dagen of 3 weken voor St Peter is gaan wonen in het huis dat hij zelf getimmerd had. Hij heeft dus geen schade geleden. Verder ontkent zij dat zij de mest van de aanlegger bij haar huis gehad heeft; de aanlegger heeft geen paarden, beesten of schapen gehad die enige mest konden maken. Er lag slechts een ashoop die als vuiligheid van de vloer geveegd is. Vervolgens eist Jannetie Gangolfs van Jan Helmerden 12 gulden pacht van de kamer, met nog twee dagen arbeiden ad 10 stuivers [ORA Veluwe en Veluwezoom; Signaturen van de gerechtszittingen van Veluwe, nr.209 fol.67; idem fol.83 (Barneveld)]. NB Het gericht oordeelt dat Jannetie Gangolfs de huur terecht heeft opgezegd en terecht aanspraak maakt op 12 gulden [ORA Veluwe en Veluwezoom; Sententiën, nr.203 fol.106] : Aertje Hendrix, impte, contra Jannetje Gangolfs, weduwe van Hendrick Lubberts. Het hof geresumeerd de pleidooien op [ ] [Hof van Gelre en Zutphen; Civiel sententieboek,nr.4899] Derck Geerlichs, zn. van Geerlich Engberts en Aeltien Wijchers, trouwt met Jannetien Everts, overleden voor 25 februari : Dirck Geerlichs verzoekt tot momberen aan te stellen over zijn onmondige kinderen, met namen Balthasar, Hendrik, Geerlig en Engbert Dirx, bij zaliger Jannetien Evertse geproceerd, Arent Hendrix en Jan Jansen Grooten, die de momberschap hebben aangenomen [ORA Wijhe 6, fol.179]. 105
106 : Derck Geerlichs als volmacht van zijn moeder Aeltien Wycherssen, weduwe van Geerlich Engbertssen, na de dood van haar broer Philip Wycherssen, gelijk het eertijds aan de Van Echtens toebehoorde, wordt beleend met 'de tynden uyt ende aver het goet Frylinck, voormaels Beucker offte Beuckersgoet genaemt, ende gesproten uyt het erve Rollet toe Anckum in den carspele Dalffsen gelegen, alsmede vier mudden landes aen den Groenenwech, een stuckien landes by 't huis, omtrent twee mudden geseys, ende een stuckien daerby, omtrent een schepel lants' [A.J. Mensema, Repertorium op de leen-, tins- enhofhorige goederen van het Stift Essen] Cornelis Gerritsz Cronemans, meijer op de Grote Krone in Wechterholt, collecteur van de redemptiemiddelen en het schoorsteengeld te Wechterholt in : Gerhard Menninck doet een poging bij het Gericht van Wijhe om erve De Croone (geheel) in zijn bezit te krijgen. Hij vraagt dat omdat de rentegelden op een verstrekte lening van 8 augustus 1660 verscheidene jaren niet betaald zijn door de weduwe Monnickhuijsen, de eigenaar van het erf. In die jaren is Cornelis op de Kroone de meijer van het erf. Op doet Joan Menninck o.a. zijn aandeel in de Croone over aan zijn schoonzuster Sibilla ten Nuijl, weduwe van wijlen Gerhard Menninck. Daarna onderneemt ook Sibilla pogingen om de Croone in haar bezit te krijgen [website Krooneman]. 1682: Groote Kroone, in Wechterholte, 1 vuurstede [Vuurstedengeld Wijhe 1682] Wessel Alberts int Winckel, zn. van Albert Adams int Winckel en Geseken Harmsen Tijhuis, wonend in de Grimberg, trouwt met Geertien Albers Egbert Jansen Grooten, zn. van Joan Grooten en Geesken Teunis, trouwt (2) te Hellendoorn op 4 oktober 1691 met Geertien Swiers Steenbecke, ondertrouwt (1) te Rijssen op 20 september 1668, trouwt te Rijssen op 29 november 1668 met Barbara Peters op 't Veer, dr. van Peter Harmsen op 't Veer, overleden voor 4 oktober : Ondertrouw Egbert Jansen, in Rijssen, en Barbartien Petersen op het Veer, te Rijssen. Cop. den 29 Nov [Trouwboek Rijssen] : Egbert Grooten en Hermen Bruijns zijn belenders van een gekocht huis in de Elssenerstraet [Stadsgericht Rijssen; Vrijwillige gerichtshandelingen nr.1 p.73] Geert Heerinck Derrick Geerts, landbouwer op 't Scheppinck in Marle, overleden voor 24 juli Generatie XII Toenis Hermens op Quinckelenberg, geboren te Raalte, keurnoot te Zalk in 1615, begraven te Zalk op 17 oktober 1617, trouwt te Zalk op 25 maart 1611 met Neese Rijecken, geboren te Vollenhove, trouwt (2) te Zalk op 30 maart 1618 met Henrick Geerts, geboren te Vollenhove, trouwt (3) op 11 oktober 1618 met Berent Hendricks Quinckelenberg : Toenijs Janss, ongeveer 40 jaar, verklaart onder ede dat Toenijs Herms gezegd of geroepen heeft int afwesent van producent Berent Lubbers, dat Berent Lubbers een dieff was. Hermen Drees, ongeveer 24 jaar, verklaart dat Toenijs Herms gezegd heeft dat producent Hermen Lambers 'het holet gestoelen hefft, ende heefft daer sijn eijck mede gemaeckt en dat bij nacht off bij avende'. Anderen bevestigen dat hij hem voor dief en tovenaar heeft uitgemaakt [ORA Zalk 36] : Toenijs Harmans stelt als onderpand in zijn zaak tegen Berent Lubbers zijn land genaamd de Quinckelenbergh. Gerbert Geerss en Jan Henrickx kerckmeister stellen zich borg voor Berent 106
107 Lubbers [ORA Zalk 36] Hermen Thijsz, geboren rond 1586, wonend op den Oort, keurnoot te Zalk tussen 1657 en 1669, trouwt (2) te Zalk op 3 december 1627 met Beelien Arents, trouwt (3) te Zalk op 15 februari 1629 met Sophia Willems op Scharfdenberg, dr. van Willem Wolfs en Merien Heijmericks, belijdenis te Zalk in december 1628, begraven te Zalk op 2 mei 1666 (overleden aan de pest), trouwt (1) te Zalk op 25 oktober 1618 met Grietje Everts, begraven te Zalk op 10 februari : De heer toe Buckhorst heeft verschillende personen doen panden voor tienden, waaronder Hermen Tijsen [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Herman Tijsen en Sophia Willems, in presentie van hun gezamenlijke kinderen, nl. Jan Tonissen met zijn huisvrouw Willemtien Herms, Thijs Herms met zijn huisvrouw Geerthien Geurts, Evert Herms en Berent Geurts, zijn met de bovengenoemde kinderen overeen gekomen dat de vier nakinderen tussen hun beiden geprocreëerd, nl. Herman, Geurt, Arent en Hendrick Herms, wanneer zij komen te trouwen voor hun uitzet zullen genieten 250 Car gld, gelijk Herman genoten heeft [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Herman Tijsen en Sophie Willems verkopen aan hun kinderen Thijs Herms en Geerthen Geurts de helft van hun huis staande op den Oort, met bergen, schuren, gepoot, wagens, ploegen en huisraad voor 700 Car. gld [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Herman Thijs, omtrent 70 jaren, legt een verklaring af [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Herman Thijs en Sophia Willems testeren [ORA Zalk 13, p.127; B. van Dooren (2000), Bastiaan, Gens Nostra, p.391] : De erfgenamen van Hermen Thijssen en Sophia Willems verkopen 6 morgen weiland in het Zalkerbroek. Op verkopen zij opnieuw land [ORA Zalk 13, p.328, 359] Evert Mertens, begraven te Zalk op 15 maart Wijchman Cornelisz, zn. van Jenneke Cornelis, schepen te Oldebroek tussen 1617 en 1654, sluismeester te Oldebroek van 1618 tot 1619, stadholder te Oldebroek, kerkmeester, belijdenis te Oldebroek op 19 augustus 1621, overleden tussen 26 januari 1654 en 26 mei 1655, trouwt (2) te Oldebroek op 12 juni 1641 met Wychmoet Jansen, trouwt (1) met N.N : Wichman Cornelis, eygener en gebruicker van 5 mergen haeverlandts op 't Eeckt, ad 2 daelers de mergen, Noch 2½ mergen veenlandts, ten deele uutgegraeven, voor desen verpacht geweest voor 7 daelers, Noch sijn kinderen eygeners van 2 mergen veenlandts mede uutgegraeven, verpacht aen Peter Euchers weduwe voor 7 gulden, 7-0-0, belast met 4 stuivers thins beyde veentjens voorseid. Noch Wichman Cornelissen en Henrick Gerrits, pachter van een hoffsteetgen en huys van ½ schepel voor 14 gulden, , huys en hoff, ½ schepel voor 18 gulden, Wichman Cornelis van Jan de Baeck ½ molder geseeys, nieuw aengemaeckt landt voor de 4 gerve tientbaer aen Haersolt, [Kohier van verponding in het ambt Oldebroek; Transcriptie P. Zunderman] Albert Hermsen (?), overleden voor 2 februari 1638, trouwt met Huyge (of Lutte) Everts (?), overleden na oktober Gerbert Gerrits, wonend op Ferholt, keurnoot te Zalk tussen 1614 en 1617, belijdenis te Zalk in 1623, overleden voor 15 november 1653, trouwt te Zalk op 26 mei 1611 met Ursel Jans, belijdenis te Zalk in : Gerbrandt Gersen heeft panding en beslag gedaan aan Hendrick Claessens nalatenschap [ORA Zalk 36]. 107
108 : Cornelis Gerrits heeft opboding laten doen aan de penningen van de nije meijer Gerbert Gerrijsen en Berent Lubbert en aenechiningen goederen [ORA Zalk 36]. Kerstdag 1623: Belijdenis Gerbert tot Verholt en Ursel sijn huijsvrouw [Lidmatenregister Zalk] : Tot mombers over de onmondige zoon van Gerbert Gerrits, namenlijk Gerrijt Gerberts, worden aangesteld Albert Hendricks en Claes Gerrijts. Tot overmombers worden aangesteld Jacop Tonijsen en Gerbert Berents [ORA Zalk & Veecaten nr.37] Gerrit Hendricks Gerrit Lamberts, trouwt met Aaltje Jansen Bergland Egbert op Geerligs Andries Gerrits, overleden voor 19 november 1655, trouwt met Hille Everts, overleden voor 19 november : Andries Gerrits oo Hille Everts, oprukking na transport door Jannitgen van Wilsen, geh. met Johan Henrics, als erfgenaem van haer ouders; Andries Gerrits oo Hille Everts, oprukking , , , alleen: N.B. ingelost (1619) 4 akkers op de Mehen van Laurens Willems en (1637) enige akkers in Wapenvelder Enk van de wed. Henrick Derricks ; hij verklaert dan samen met zijn zoon geen andere uitsplitsingen meer te kennen Gerrit Driess en zijn broers en zuster, investiture en oprukking als erfgenamen van hun ouders Andries Gerrits oo Hille Everts. Dit betreft Olden Bernt Brouwershoffstede, die saalweer groot een 1/2 mld. gesaijs waer op een huijs staet mit een quaat berchsken ende anders bloot sonder dat den eijgenaer daer van meer is hebbende, waer toe noch gehoren naevolgende perceelen van landen die daer uijt versplit sijn, erstelick een 1/2 sch. gesaijs opten Hullen dat Hermen van Vaessen gebruyckt wordt. Noch oestwaerts anden Cruijsacker 1 sch. gesaijs die bij Stijne Frerics gebruickt wordt, mit noch een acker opten Hullen gr. 1/2 mld. gesaijs. Noch indie Tween kempgens in die Mehen liggende int eijne 3 ackergens ende in het ander een ackergen, gr. ongeveerlick 3 sch. gesaijs gebruickt bij Laurens Willems. Noch 2 ackeren gelegen indie Steenacker gr. ongeveerlick 1/2 mrg. Noch 1 acker naest Jan Krucken hoff in heere Peeters kampgen gr. ½ spint gesaijs, die nu gebruickt worden bij den vornoemde heere Peeters erfgenaemen, Noch gehoort totten voorss. goede eenen acker liggende in Wapenvelder Enck, schietende opt Heetvely aen die struycken groot ongeveerlick 1/2 sch. gesaijs [Herengoederen op de Veluwe 3, goed nr.482] Egbert Everts, wonend te Wapenveld, ouderling van 1673 tot Peter Jansen, overleden voor 29 mei 1647, trouwt met Tryne Arentsen : Peter Janssen wordt na opdracht door Jan Sybrants, als voogd en hulder en krachtens de verkoop eertijds door wijlen Claes Sybrants, beleend met 'de helffte van sestehalve mergen landes gelegen in Mastebroeck in Dyeserslach [ ] genaemt Bossenplaetse'. Op wordt Arent Peterssen beleend, mede voor zijn moeder Tryne Arentssen en zijn broers en zusters, allen erfgenamen van hun man en vader wijlen Peter Janssen [HCO; Leenrepertorium Stift Essen; Schoutambt Zwolle Mastenbroek Pinksteren 1] Franco Roelofs, zn. van Roelof Heijmericks en Jenneken Thonis, gedoopt te Zalk op 5 juli 1607, keurnoot te Zalk in 1654, begraven te Zalk op 29 november 1661, trouwt te Oldebroek op 5 januari 1640 (ook ingeschreven te Zalk) met Willemtje Jacobsen, dr. van Jacob Jansen, geboren te Oldebroek rond 1612, overleden voor 9 april
109 : Jan Willems Schorenbergh en Francke Roeloffs worden aangesteld als mombers over Jannegien Cruijners, onmondige dochter van Andries Roelofss Cruijner [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Hendrik op den Oort en Gosen Henricks attestieren en verklaren dat Francke Roeloffs also hij onwillig was, van zijn vader Roeloff Heijmerickx gerechtelijk geciteerd is om overdracht te doen over de Ossenkamp, zo Steven Herms van hem gekocht had [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Franco Roeloffs Heymerinck wordt na de dood van zijn vader Roeloff Heymerinck beleend met helft van het goed ten Westenrade te Zalk [Repertorium op de Overstichtse en Overijsselse leenprotocollen] : Willemtie Jacobs, 44 of 45 jaar, huisvrouw van Francke Roeloffs, wordt verhoord ter instantie van Evert Rotgers en de mombers van zijn onmondige kinderen, erfgenamen van Swaentien Jans, gewezen huisvrouw van D: Otto Gijsius, prediant tot Camperveen. Zij verklaart dat zij omtrent Pasen 1655 ten huize van de predikant Otto Gisius geweest was en dat Swaentien Jans 'doodelick kranck' en 'buijten verstant' was, etc. Jan Isebrants was gekomen en had gezegd niets van een testament te weten [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Jan Gerrijts Westenrade contra France Roelofs. De verweerder Francke Roelofs zou twee jongens hebben gelast omtrent 14 dagen na Pasen aanleggers enter paard lange tijd na te lopen, te stoten, de een de ander toegejaagd, en na lang jagen over en weer over 'sijne eene ooge uijt te slaen'. Vanwege de moedwillige schade wordt geëist dat de verweerder het enter paard met zich neemt en betaalt, het estimerende het op 60 daalder. Hierop verscheen Willemtien Jacobs, huisvrouw van Francke Roelofs, die 3 weken uitstel vraagt. Op 1 juli heeft Jan Gerrijts door Gosen Hendricks het paard bij Francke Roelofs thuis laten brengen, die het paard dadelijk heeft teruggezonden [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Egbertien Jansen, weduwe van Jan Jans Pannenhuijs, omtrent 53 of 54 jaar, legt een verklaring af ter instantie van Jan Gerrijts Westenrade. Willemtjen Jacobs, huisvrouw van Francke Roelofs, was afgelopen zomer bij haar thuis gekomen en had haar zoon Berent Jans gevraagd of haar zoon Jacob Francke het paard van Jan Gerrijts uit het land had gejaagd. Die bevestigde dat en ook dat hij het het paard met een strik gesmeten had, waarop Willemtje Jacobs hem gevraagd had erover te zwijgen indien er woorden van vielen. Zij getuigt ook dat daar zoon haar had verteld dat Francke's zoon het paard een oog uit had geslagen [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Gosen Hendricks gerichtsdienaar is geweest ten huize van Francke Roeloffs en heeft hem uit naam van Herman Willems gerechtelijk aangezegd dat hij moet betalen enige reparatie aan zijn huis te doen als daar aan nodig is, waarop hij geantwoord heeft dat hij hem naar zijn de huurcedule wilde regulieren [ORA Zalk & Veecaten nr.37] :Jacob Hendricks als volm van de heer van Zalk spreekt aan Francke Roelofs wegens dat die in de hoge watersnood in februari geen 'vlekens' naar de IJsseldijk bij het Zalkerveer heeft gezonden, en dat hij niet present is geweest 'oft jemant van sijn volck geschikt'. Daarop verschijnt Willemien Jacobs, huisvrouw van Francke Roelofs, die bekent wel geen vlekens gezonden te hebben, maar dat zij haar zoon verscheidene maal gezonden heeft, maar dat hij weer teruggezonden werd. Zij zegt ook dat zij zelf met haar dijk in grote nood geweest is [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Willemtien Jacobs, weduwe van Francke Roelofs, heeft door Heijmen Jacob en Jan Willem Scharffdenbergh doen bezenden haar aenbuijrsche Armgaert Corneliss huisvrouw van Foppe Egberts om haar af te vragen of zij de scheldwoorden staande wilde houden waar zij haar voor uitgescholden haar, nl voor een 'tovenaresse en villersche'. Deze antwoordt dat zij het woord tovenaersche niet gezegd had, maar Willemtien alleen uitgescholden had voor een 'kattenvillersche', waarop de mannen Armgaert gevraagd hebben of zij de weduwe kon bewijzen een villerse te zijn, wat zij zei niet te weten. Op wordt vermeld dat Armgaert Cornelis door de 'sieckte de pestelientie' bezocht was en dat zij haar nabuur Willemtien Jacobs verzocht had haar woorden te vergeven [ORA Zalk & Veecaten nr.37] : Jacob Francquen Heijmerinck wordt na de dood van zijn vader Francq Roeloffs Heijmerinck beleend met de gerechte helft van het halve goet ten Westenrade te Zalk [Repertorium op de Overstichtse en Overijsselse leenprotocollen] : Willemtien Jacobs, weduwe van Francke Roloeffs, geassisteerd met dom. Johannes van 109
110 Duiren als momber, 'sieck te bedde liggende; edoch sijnde bij goede verstande en uijtspraecke', testeert. Zij geeft de kerk van Zalk 4 ducatons en de armen ook 4 ducatons. Zij maakt tot haar erfgenamen haar kinderen Jan, Jacob, Swane, Heimerick, Trijne en Marrichien Francken, en Marrichien Reijns, dochter van Reyn Tymens en wijlen Bye Francken, voor gelijke portiën. Als Marrichien Reyns zonder kinderen zal sterven komt haar deel op haar naaste bloedverwanten; de goederen van dit kind zullen niet door de vader, maar door haar oudste zonen Jan en Jacob Francken geadministreerd worden [ORA Zalk en Veecaten nr.13, fol.239] : De weduwe van Francke Roelofs heeft laten opzeggen aan Jan Maes en Jantien Jacobs zodanig kapitaal en renten als zij aan de weduwe ten achteren zijn, en zulks tegen de naaste verschijnsdag [ORA Zalk nr.37] : Willemtjen Jacobs, weduwe van Francke Roeloffs, geassisteerd met dom. Petrus Roldanus als haar momber, testeert [ORA Zalk en Veecaten nr.13, fol.322] Hermen Janssen in 't Clooster, trouwt (2) te Windesheim op 13 november 1670 met Armgardt Reiners, dr. van Reiner Janssen, geboren te Harculo, trouwt (1) met Geertjen Dercksen, dr. van Derck Janssen op den Oort en Aeltjen Wichmans, overleden voor 13 november : Herman in het Klooster, te Windesheim, 4 personen, geen dienstboden [Hoofdgeld Zwollerkerspel 1675]. 1682: Herman in 't Klooster, Juffr de Pottre eigenaresse, 1 vuurstede, 1 oven [Vuurstedengeld Zwollerkerspel 1682] Peter Janssen op Millingen, zn. van Jan Tonissen en Dieuwertien Lambertsen, overleden voor 25 maart 1699, trouwt (2) met Aechte Herms, trouwt (1) met Marrigjen Wolters, overleden voor 5 juli 1679, trouwt (1) met Dirck Luijter : Pieter Jansen, mede voor zijn vrouw Marrigien Wolters, wordt beleend met "twee ende drie achtendeel margen landts, gehorende onder 20 margen, gelegen in Mastebroeck in 't Hasselerslach". Op dezelfde datum draagt hij zijn aandeel over aan Andries Hendricksen, mede voor zijn vrouw Tryntien Gerryts [HCO; Leenrepertorium Stift Essen; Schoutambt IJsselmuiden, Mastenbroek] : Peter van Millingen, zoon van Joan van Millingen [Generale Index Zwolle; Overige bronnen]. 1675: Peter Jansen, aan de Oude Wetering, 2 personen [Hoofdgeld Zwollerkerspel 1675] : Hillichjen Alberts, weduwe van Arent Claesen, stelt tot mombers over haar twee onmondige kinderen Aeltje en Peter Arents, Peter Jans van Milligen en Albert Evertsen [ORA IJsselmuiden inv.nr.24 fol.35] : Peter Jansen van Milligen heeft tot momberen over zijn onmondige dochter bij Marrichjen Wolters, met namen Dewetjen Peters, verzocht Jan Woltersen en Egbert Henricksen, die het momberschap hebben aangenomen. Hij geeft zijn dochter voor haar moederlijke goed 1000 caroli gulden en bij haar trouwen een bed met toebehoren. Hij belooft haar te onderhouden en te leren lezen en schrijven [ORA IJsselmuiden inv.nr.24 fol.40v]. 1682: Peter Janssen, aan de Oude Wetering, zelf eigenaar, 1 vuurstede [Vuurstedengeld Zwollerkerspel 1682] : Thijmen Cnoop en Aechjen Luyter, Andries Dircksen Luyter, mede voor zijn minderjarige dochter bij Jannichjen Rutgers, Jan Dircksen Luyter en Lummichjen Jacobs, Wijcher Jansen, stadsroedendrager te Deventer, en Marta Dircks Luijter, en Geerlich Jansen Backer en Trijntjen Dircks Luiter, kinderen en erfgenamen van hun moeder Marrichjen Wolters, verkopen aan hun stiefvader Peter Jansen van Millingen en zijn vrouw Aechjen [ORA IJsselmuiden inv.nr.12 fol.222] : Peter Jansen van Millingen en Aaghte Herms zijn huisvrouw, Jan Derxen en Lubbigje Jacobs, P[ ] Jacobs Penne en Peternelle de Haen ehel, Willem Stevens en de E Bernard Bruynestein tot Gelemuiden als volmachtiger van Diewertgen Lambers, bij procuratie voor de magistraat van 110
111 Gelemuiden op , voorts Cornelis Teunissen voor hem zelf en nog Peter van Millingen en Gerryt Jansen als mombers over de onmondige kinderen van Teunis Jansen, tesamen voor hun erfgenamen, ter zake van verstrekte penningen, zijn schuldig aan Philips de Haen de som van 440 gulden. Tot onderpand stellen zij vier/vijfde part in het erve Millingen groot 2½ morgen met het huis en halve warf, in Mastenbroek. Op is de schuld voldaan [ORA Zwolle & Zwollerkerspel] : Peter Janssen van Millingen, mede voor zijn vrouw Achien Harmsen, wordt na opdracht door Marcelis Vermeer en Guilielmus Wyer, mede voor hun overige broers en zusters, beleend met 'de gerechte helffte van de Millinger Koye in Mastebroeck in 't Hoogebruggherslag'. Op wordt Dievertien Peters, na de dood van haar vader Peter Janssen op Millingen, hiermee beleend [Repertorium op de leen-, tins- enhofhorige goederen van het Stift Essen] : Peter Jansen op Millingen wordt beleend met 'de helfte van 12½ mergen landes in Mastebroeck op de Rycxstege gelegen, waervan Jochem Evertsen, woonende op de Bisschopsweteringe, de wederhelfte toebehoort'. Op worden Hermen Lubberts in Mastebroeck op de Olde Weteringe, mede voor zijn zuster Grietjen Lubberts, vrouw van Geerlig Derks, en voor zijn broer Jan Peters, na de dood van hun moeder Aegtjen Herms, weduwe van Peter Jansen op Millingen, hiermee beleend [Repertorium op de leen-, tins- enhofhorige goederen van het Stift Essen] : Aachte Herms, wed van Peter Jan van Milligen, maakt een testament. Dit wordt teniet gedaan op [ORA IJsselmuiden inv.nr.25] Reinder Dubbelsz de Leeuw, zn. van Dubbelt Geertsen, begraven te Kampen (Buitenkerk) op 1 maart 1682, trouwt (2) te Kampen op 31 maart 1658 met Nijse Aerts Post, dr. van Aert Rutgers Post en Geertje Stevens, overleden op 10 september 1682, trouwt (1) met N.N. Peters, overleden voor 31 maart : Reinder Dubbelts de Leeuw, afkomstig uit Wilsum, getrouwd met Niesje Aarts Post, weduwe van Egbert Lubberts, pacht het erf Seveningen op Kampereiland [J. Grooten, Pachters van de stadserven op het Kampereiland ] : Claes Stercken en Reinder Dubbeltsen treden op als voogden van Simon, zoon van wijlen Evert Everts en Geertruit Sijmonts [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.95 fol.109v; transcriptie A. Alink] : Peter Rutgersen Pos verklaart van zijn voogden Reinder Dubbeltsen en Steven Pos de ouderlijke goederen te hebben ontvangen en bedankt hen voor het goede beheer ervan [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.96 fol.257v; transcriptie A. Alink] : Reinier Dubbeltsen en Roeloff Willemsen treden op als voogd van Annegien en Nijssien Egberts, kinderen van Egbert Simonsen en wijlen Annegien Willems. Op (?) bedankt Annechjen Egberts haar voogden, Jan Simonsen Hartsuijcker en Jan Arentsen van Munnert [Recognitiën Kampen nr.97 fol.82v]. 1682: Reijner Dubbels, nr.10, 1 vuurstede; in 1752 in bezit van de erfgenamen van de diaconie van Wilsum [Vuurstedenregister Wilsum 1682/1752; Transcriptie Jan van Arkel] Willem Berents van Marle, overleden tussen 20 februari 1651 en 15 mei 1654, trouwt (2) met Truichien Herms Rietberg, trouwt (1) met N.N.. Willem Berendsz is wellicht een zoon van Berend Egbertsz 'den Olden', pachter van het erf Nieuwenhuis te Marle in 1600 [Nederlands Patriciaat jrg.66, p.214]. 1618: Willem Berendsz wordt vermeld als pachter van domeingoederen onder Marle, kerspel Wijhe [Nederlands Patriciaat jrg.66, p.215] Hermen Beniers, overleden voor 2 februari 1654, trouwt met Anneken Albers. 1640: Akte van overdracht van dit halve erve door Gerrit, Hermen en Thimen Sloet aan Hermen 111
112 Benier en Anneken Alberts e.l. [Stadsbestuur Hasselt inv.nr.2, nr.1669]. 1642: Akte van belening met 12 morgen land in Asschet in Mastenbroek voor Herman Beniers [Stadsbestuur Hasselt inv.nr.2, nr.1670] : Benier Hermsz en Jan Stoffers als resp erfgenamen van Hermen Beniers, gewezen momber, en ook als mombers over de nagelaten kinderen van Peter Petersen en Mette Jacobs, etc [ORA IJsselmuiden nr.8, fol.81v.] Jan Jansen, overleden voor 16 april Albert Willems, overleden voor 16 april Claes Jans, meier op de boerderij bij Havezathe Oosterveen, trouwt met Aeltien Claassen. 1640: Claes Jansen is pachter van perceel 5, de boerderij bij de (latere) Havezathe Oosterveen, vanaf 1639 in bezit van Rutger van Haersholte van Haerst en vanaf 1663 van diens neef Elbert Antony van Pallandt [Visscher (2005), Heeren van de Ligtmis, p.154]. 1645: Uitgaven voor turf: Claes Jansen 2 rijge 2½ roeden, [Arch. Batinge inv.nr. 320; W. Visscher (2005), Heeren van de Ligtmis, p.321]. 1663: Claes Jans en Aeltien zijn huisvrouw staan op de lidmatenlijst van Nieuwleusen (Oosterveen, nr.5). Beiden zijn gestorven. Op hetzelfde adres staan Berent Roelofs en zijn huisvrouw Claessien Claes [Lidmatenregister Nieuwleusen] Claes Egberts Kragt, meier op Wolfskeel, diaken vanaf 1663, overleden voor 1675, trouwt met Hillichien Peters, trouwt (2) met Sijmen Jansen. 1663: Claes Egberts en Hilletien Peters zijn huisvrouw staan op de lidmatenlijst van Nieuwleusen (aan het Westerende, nr.24). De naam van Claes staat doorgestreept (is gestorven) en Sijmen Jansen is toegevoegd. Op hetzelfde adres staan Claes Geerts en Aeltien Clasen zijn huisvrouw vermeld [Lidmatenregister Nieuwleusen]. 1675: Claas Egberts Kragt is meier op Wolfskeel, perceel nr.23 in Nieuwleusen, in eigendom van ritmeester Cornelis van Dongen, heer van Oldengaerde. In 1675 wordt hij opgevolgd als meier door Simon Jans, getrouwd met zijn weduwe. In 1691 verkrijgt Egbert Klaas Kragt huis, schuur, berg, schot, etc. Blijkbaar is de opstal dan in eigendom [Visscher (2005), Heeren van de Ligtmis, p.206] Hendrick Egberts, meier op de Rechterenshoeve, trouwt met Trijntien Claes. 1663: Hendrick Egberts en Trijntien Claes zijn huisvrouw staan op de lidmatenlijst van Nieuwleusen (Aan het Westerende, nr.23). Hun namen staan doorgestreept. Op hetzelfde adres staan Peter Claes en Geertien Hendricks zijn huisvrouw (is gestorven) [Lidmatenregister Nieuwleusen] Boele Coops, landbouwer op de Beule, overleden voor 1675, trouwt met Femmichjen Claes. 1663: Boele Coops en Femmichjen Claes zijn huisvrouw staan op de lidmatenlijst van Nieuwleusen (Oosterveen, nr.8). Bij Boele Coops staat 'is gestorven'. Op hetzelfde adres staan Claes Berents en zijn huisvrouw Geertien Boelens (de laatste is gestorven) [Lidmatenregister Nieuwleusen] : Beule Coops, woonachtig op Nieuw Leussen en Arent Goossens woonachtig op Rooveen, voor hen zelf en hun huisvrouwen Femme Claessen en Aeltien Egbers, samen erfgenamen van Claes Jacobs en Kunne zijn huisvrouw, bekennen verkocht te hebben aan Henrick Aernts en Emetien Alberts eheluiden, het derdedeel van een vierdedeel land in de Route in de carspel van Zwolle in 112
113 Brandenberghs botterberch, zoals het op door wijlen Claes Jacobs van de E. Antoni Coninck aangekocht was [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.609]. 1675: Die wed. van Boele Coeps betaalt voor 4 hoofden [Hoofdgeld Nieuwleusen 1675]. 1675: Die wed. van Boele Coeps heeft 1 vuurstede en 1 bakoven. Eigenaren zijn de erfgenamen Haersholten [Vuurstedengeld Dalfsen 1675]. 1682: Beulcoobs wed betaalt vuurstedengeld voor 1 vuurstede (zij is waarschijnlijk zelf eigenaresse) [Vuurstedengeld Nieuwleusen 1682] = 1762 Tijs Jans, trouwt met = 1763 Stientje Alberts Simon Egberts Hartsuicker, pachter van de Kleine Modderkuil op Kampereiland, overleden voor 8 maart 1650, trouwt met Nijse Aerts Post, trouwt (2) met Egbert Lubberts, pachter van de Kleine Modderkuil, overleden voor 5 maart 1658, trouwt (3) met Reinder Dubbelsz de Leeuw : Nijse Post, weduwe van Egbert Lubberts, met voogden Dirck Sweertsen, Henrick Lubberts en Henrick Janssen, verklaart voor haar minderjarige kinderen Trude, Sijmon en Egbert Egberts als vaders erfdeel te hebben gereserveerd samen ƒ500 c.g, te versterven van het ene kind op het andere, de jongens een veulen als zij 15 jaar zijn en de dochter een bed met toebehoren als zij gaat trouwen en de opbrengst van vaders kleren; zij belooft hen lezen, schrijven en een handwerk te laten leren en te doen wat een goede moeder betaamt, waarmee de voogden tevreden zijn [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.93 fol.298v; transcriptie A. Alink]. 16??: De erfgenamen van zal. Nijse Aertsen Post, te weten Geertruit Sijmons voor haar zelf, Egbert Sijmons cavierende mede voor zijn huisvrouw, Jan Sijmonsen ook mede voor zijn huisvrouw, Dierick Anthonij en Truijde Egberts zijn huisvrouw, Sijmon Egberts en zijn huisvrouw Henrickien Willems, Jan Sijmonsen en Thoenis Jacobsen als mombers over Sijmon Albertsen, onmondige zoon van Albert Engbertsen, hebben verkocht aan Egbert Jansen Backer 'seecker huis en landt liggende binnen Wilsem, alwaer Menso Vredericks ten noorden en de erffgen van de Stercken ten zuijden gelandet liggen' [Stadtboek Wilsum; Stadsgericht Wilsum,inv.nr.1, fol. 548] Coop Wolters, vervener, schapenhouder, belijdenis te Nieuwleusen in 1663, overleden te Nieuwleusen op 12 januari 1665, trouwt met Gijsbertien Reijnts, overleden na : In de rekening van glazenmaker Stinstra aan drost Rutger van Haersolte staat 'voor de heer Drost gemackt op het Oosterveen daer Coop Wolters woont twee neije glasen het stuck van 5 voet, de voet tot 5 st, st 76, 4-0-0'. Op 'noch daer Coop Wolters woont woont twee neije glasen van 8 voet'[arch. Batinge inv.nr. 654; W. Visscher (2005), Heeren van de Ligtmis, p.312]. 1645: Uitgaven voor turf: Coop Wolters 6 rijge ad 15 gl 5 st, [Arch. Batinge inv.nr. 320; W. Visscher (2005), Heeren van de Ligtmis, p.321]. 1649: Cop Wolters is schuldich vor ein morgen heulandt in houne [Arch. Batinge inv.nr. 320; W. Visscher (2005), Heeren van de Ligtmis, p.323]. 1663: Coop Wolters en Gijsbertien Reijnts zijn huisvrouw staan op de lidmatenlijst van Nieuwleusen (Oosterveen, nr.11). Bij beiden staat 'is gestorven'. Op hetzelfde adres staan Sijmen Geerts en zijn huisvrouw Beerte Coops (vertrokken en wonend in Den Hulst) en Cornelis Coops en zijn huisvrouw Jacopien Peters [Lidmatenregister Nieuwleusen] Peter Hendriks Jan Egberts, trouwt met Aeltien Jans. 113
114 1663: Jan Egberts en Aeltien Jans zijn huisvrouw staan op de lidmatenlijst van Nieuwleusen (Oosterveen, nr.9). Bij beiden staat 'is gestorven'. Op hetzelfde adres staan Willem Alberts en zijn huisvrouw Jantien Jans, en Egbert Jans en zijn huisvrouw Claessien Bartels (gestorven) [Lidmatenregister Nieuwleusen] Berent Looij, overleden voor 8 maart 1668, trouwt met Hendricken Alberts = 3664 Berent Looij, trouwt met = 3665 Hendricken Alberts Egbert Reijmink Claes ten Have, overleden voor 25 augustus Jacob Jansen Vorstelman, zn. van Jan Gerrits Vorstelman en Egbertgen Lubberts, geboren te Westendorp rond 1615, overleden na 1688, trouwt voor 1639 met Elisabeth Lamberts Broenissen, dr. van Lambert Jans Broenissen en Giele Reijners, gedoopt te Epe op 13 juli 1617, trouwt (1) met Jan Jacobs Bosch : Elisabeth Lamberts krijgt approbatie van een lijftuchting ten behoeve van haar (eerste) man Jan Jacobs in het halve herengoed aan de Emsterenk, buurtschap Hege, onder momberschap van haar oom Hendrick Jansen Broenis. Op krijgt Jacob Jansen n.u. Elisabeth Lamberts Broenissen investiture en oprukking als erfgename van haar vader Lambert Jansen Broenissen. Op wordt het herengoed wordt gevrijd en tot een tijnsgoed gemaakt : Jacob Jans krijgt approbatie voor een tuchtiging van zijn vrouw Elisabeth Lamberts in zijn gedeelte van een herengoed in Schaverden. Op krijgen Jacob Jans en zijn nicht Jenneken Gerrits oprukking (idem 1655). Op krijgt Jacob Janss approbatie van een tuchtiging en dispositie ten profijte van zijn huisvrouw en zijn kinderen Op krijgen Jacob en zijn zoon Lambert Jacobs Vorstelman toestemming om bomen te houwen [Herengoederen Veluwe]. 1674: Gerrit Henricksse Ramaeker als volmr van Herman Willems buirrichter van Ems en Westendorp sampt sijne gesworene en gecommitteerde geërfden, contra Jacob Jansse Vorstelman. Om van hem te hebben betaling van 1 gl 12 strs ter zake van breuk waarin de gedaagde bij buirrecht gecondemneerd is omdat hij in 1673 tegen olde gewoonte zijn schapen geweid had op het land in den hoeck op den Emster Enck. De verweerder zegt dat hij wordt aangesproken over het weiden van schapen op een zeker stuk land in de hoek hem verweerder toebehorend [ORA Veluwe en Veluwezoom; Signaturen van de gerechtszittingen van Veluwe, nr.183 fol.2 (Epe)] Evert Gerrits van Ems, zn. van Gerrit Hendricksz van Ems en Jacobchen Hendricks, j.m. van Epe, wonend op den Wellen, ondertrouwt te Epe op 3 mei 1657 met Bette Gerrits, j.d. van Heerde : Evert Gerrits van Ems j.m. van Epe; Bettjen Gerrits j.d. van Heerde. Op attestatie van Heerde [Trouwboek Epe] Wigbolt Berents, overleden voor : Die weduwe Wibbelt Berents is eijgenaersche ende gebruijckersche van een huijs ende hoff groot 1 1/2 spint getaxeert op [Verponding Schependom Hattem 1648] Antonis Karnebeeck (?), burger te Hattem in : Thonis Carnebeeck pacht een 'huijs met dardehalff schaer' van de erfgenamen van wijlen jr 114
115 Jacob van Lennep. Doet te pacht 20 carolus gulden; 1-4-, , , [Verponding Stad Hattem, fol.2v]. 1648: Thonis Carnebeeck pacht een hoff, groot 1spint gesaeijs, waarvan Bette Francken eigenares is. Geeft te pacht 3 goltgulden, 4-4-, [Verponding Schependom Hattem, fol.59] Luilof Hendricksen Boemer, zn. van Hendrick Luiloffs en Bertien Jacobs, overleden voor 1675, trouwt met Neeltje van Werven, dr. van Berent van Werven : Aalbert Jacobs, Lulof Henriks Bomer, Hendrik Eskens en Megtelt Bomer, Wilm Henriks Bomer, alle drie ook optredend voor hun kinderen; verder Albert Jacobs en Gerrit Herms van Zallick en Lulof Herms en Stuirman Hermsen, allen kinderen van Herman Bogers en wijlen Aaltje Jacobs; Arent Hendriks als assistent van zijn vrouw Anna Wijers; verder Gosen Hendriks voor zich en als man van Gerritje Gerrits, Arent Gerrits, Gerritje Rutenbarch, weduwe van Ulrichs, Hendrik Rutenbarch, Klaas Alberts en Albert Claassen, voor zich en voor zijn broer en zuster Hendrik Arents en Borchard Gerrits, voogden over Teunisje Rutenbarch, allen kinderen van Hendrik Wilms, verkopen van Johan Harberink te Kampen, een hofstede in 't Grapendal te Welsum, zuidwaarts aan de oude IJssel, westwaarts aan Henrik van Wervens land, oostwaarts aan de Grapendaalse straat en noordwaarts aan de gemene straat, met alle landerijen en toebehoren [ORA Olst nr.2, fol.162] : Lulof Hendriks Boemer, zoon van Hendrik Lulofs Boemer en Bettien Jacobs, wordt beleend met 'een seste deel van een thynde uit Oostendarpsgoedt. Item nogh een schare in de Lege Randerweerden met zijn gerechtigheijd in de buirschap Welsum in den Grapendal gelegen'. Dit is een afsplitsing van 'de helfte van vier margen lants, zijnde 't aghtste deel van den Hogen Randeweert onder de buirschap Welsum in den Grapendael buittendycks, de helfte van vijf margen, Laersweyde genaamt, liggende als boven, de helfte van twee margen in den Grapendal binnendycks gelegen, item een schare in de Lage Randeweert, het seste diel uit de thynde uit Oostendorpsgoedt met zijn toebehoren'. Ook andere kinderen van Henrick Lulofs genaamd Boemer worden met afsplitsingen van dit leen beleend, op Mechtelt Henriks, onder hulderschap van Jan Bartholomeus van Egmont, met toestemming van haar man Henrik Eskens, op dezelfde datum Albert Henriks, en Willem Hendriks; op Jacob Hendriks Beumer, onder hulderschap van zijn broer Willem Hendriks, en op Hendrik Boemer, minderjarig, onder hulderschap van zijn broer Luloff Boemer [HCO; Leenrepertorium Huis Almelo] : Lulof Hendriks en Jan Berents treden op als voogden van Derk Gerrits, nagelaten kind van Willemken Berents en wijlen Gerrit Jansen [ORA Olst nr.2, fol.255] : Otto Helmichs en Luloff Bomer treden op als voogden van Roeloff Herms, het onmondige kind van Petertien Roleffs en Herman Helmichs [ORA Olst nr.2, fol.273] : Lambert Luberts en Luiloff Hendriksen Bomer treden op als voogden over de drie kinderen van wijlen Egbert Jansen en Ida Jacobs, nu vrouw van Ghijsbert Stevens [ORA Olst nr.2, fol.294]. 1650: Henrick van Werven en Luloff Boemers 6 mergen weijlandts onverdeijlt zijn voor desen verpacht geweest aen Jan van Werven voor 5½ dlr de mergen 6 gl thins tot last der pachters [Verponding Nijbroek 1650] : In zake van liquidatie hangende voor den hove tussen Henrick en Johan van Werven, sampt Ludolph Beumer, requiranten, en Essele Gerritsen van der Hardt, gedaagde. De requiranten zullen 'hebben te edeeren pertinente inventarissen van de goederen gereet ende ongereet, in ende uijtschulden die welcke inde sterffhuijsen eerst van vader ende daer nae vande moeder levendich ende doot geweest' mitsgaders de magescheiden. Aangaande de 200 guldens die Derck Willemsen vermogens zijn attestatie zou competeren, erkent het hof dat de requiranten gehouden zijn daarvan te vertonen de originele obligatie of een copie authenticq, en mede te bewijzen dat die 200 gulden ten profijte van Jan Horstinck van Werven aangewend ook nog onbetaald zijn. De post van 70 daler die Jan Horstinck van Werven aan Wilbrenninck van gepachte tiende schuldig zou zijn, de requiranten bij gebrek van pertinent bewijs ontzeggende en Ludolph Beumer [ ]. Op zijn in de raad verschenen Henrick en Jan van Werven sampt Ludolph Beumer en hebben na 'praeavisatie des meijneets' in presentie van dr. Honingh, advocaat van de wederpartij, onder ede verklaard niet anders 115
116 te hebben dan de cedule die hun onder letter B overlegd is, en geen andere magescheid van hun vaders en moeders versterf. Daarenboven heeft Ludolph Beumer verklaard van hetgene bij de bovenstaande sententie in het bijzonder opgelegd is, niet te weten, maar dat zijn huisvrouw daarvan kennis had. Daarna is zijn huisvrouw Neeltien van Werven binnengekomen en heeft verklaard geen andere mobiele goederen, die Jan Horstinck van Werven aankomen, onder haar te hebben als die zij in de inventaris die zij had overgegeven gespecificeerd heeft, daarop zij voor het gerecht van Nijbroek op aanhouden van Essele Gerrits van der Hart alreeds een eed gedaan had [Hof van Gelre en Zutphen; Civiel sententieboek,nr.4891]. NB Op eist Essele Gerrits van der Hart, geassisteerd met haar vader Gerrit Hermansen van der Hart, schepen int Nijenbroek, van Johan Horstinck van Werven, dat de gedaagde zal worden gecondemneerd in de kosten van 't eerste default, en dat er tussen de impetrante en gedaagde echtschap is en de gedaagde 'sijne trouwebeloften mett d'impte in facie ecclesiae' moet laten voltrekken, of anders met 1000 daalders te repareren en het kind tot zijn mondige jaren met 100 gulden jaarlijks te onderhouden en de kosten van de kraam van 80 gulden te refunderen. De gedaagde concludeert dat er genoegzame redenen zijn tot purge van het eerste desault. Het hof verklaart na alles geëxamineerd te hebben dat er echtschap is en dat de gedaagde zijn trouwbeloften moet nakomen [Hof van Gelre en Zutphen; Civiel sententieboek,nr.4890] (6)3: Geertgen Cluppel, weduwe van Gerhard Arents, verklaart dat Jacob Luloffs, stadsroedendrager, de weduwe en erfgenamen van Jan Luloffs, alsmede Luloff Luloffs [sic!] Beumer tot Welsum, Willem Luloffs Beumer tot Twello, Jacob Luloffs Beumer, bakker tot Deventer, Derick Eskens gehuwd met Megteld Lulofs Beumer te Olst, Albert Luloffs Beumer, Hendrick Luloffs Beumer, en Jan Jans Lubberts en Berent Gerrits tot Welsum, tesamen kleinkinderen van wijlen Luloff Stevens tot Welsum, een kapitaal uit het erf Grapendale tot Welsum hebben afgelost [ORA Deventer; Het Beumerboek p.19]. 1674: Luloff Kempen contra Luloff Beumer, malckanderen verwondet. Dat Luloff Beumer is overleden, derhalve de Heer intervenierende voor de overledene; dat Luloff Kempe is aenlr vant geveght en den anderen beclaechde deerlick lot getracteerd tot verclaringe van den scholtus. Ieder sijn boete [ORA Veluwe en Veluwezoom; Signaturen van de gerechtszittingen van Veluwe, nr.183 fol.42 (Epe)]. 1675: De erfenis van Luijlof Beumer wordt geschat op 5000 gld [Hoofdgeld Olst; Het Beumerboek p.19] Jan Gelderman, kerkmeester te Veessen in 1676, trouwt met Janneken Jans. 1646: Jan Gelderman, als man en voogd van Jenneke Jans, tegen Johanna Witte, weduwe van Wolter van Echten tot Relaer, wegens een vordering in geld [Stadsbestuur Zwolle, inv.nr.700; Stukken, die gediend hebben in twistgedingen voor verschillende rechtbanken, waarin dr. Georg van Ittersum als advocaat heeft gefungeerd, schoutengericht Raalte, nr.3992]. 1676: Arnt Gerrits contra Jan Gelderman, voor 800 gld cum interesse door Arnt Gerritss en Gerrit Jans als mombaren van de onmondige kinderen van Jan Gelderman, in ehestant verwekt bij Janneken Jans, vermogens obligatie van [ORA Veluwe en Veluwezoom; Signaturen van de gerechtszittingen van Veluwe, nr.185 fol.366 (Heerde)] Albert Dercx van Linden, zn. van Derck Dercks van Linden en Merretien Gerrits, overleden voor 15 januari 1683, trouwt met Driesien Lamberts, trouwt (1) met N.N., trouwt (3) met Swier Jans, overleden voor 15 januari : Driesien Lamberts, te Welsum, 1 vuurstede [Vuurstedengeld Olst 1682] : Driesien Lamberts, laatst weduwe van Swier Jans, geassisteerd met Jacob van Rossum als momber, testeert. Zij benoemt tot haar universele erfgenamen haar drie zoons bij haar zall. tweede man Albert Dercx van Linden, met namen Jacob, Alphard en Derck. Zij prelegateert aan haar jongste zonen Alphard en Derck elk 200 Car. gld. [ORA Olst nr.3, fol.7] : Gerrit Derks op de Hulst en Marretien Gerrits verkopen aan Jacob, Alphard en Derk 116
117 Alberts, kinderen van wijlen Albert Derks; en Peter Bolmans en Anna Derks, een losrente op een stuk land, de lage Sonder genaamd. De schuld is op voldaan [ORA Olst nr.3, fol.191] : Gerrit Hendriks en zijn vrouw Klaasje Hendriks, Gerrit Derks en Marietje Gerrits, Cornelis Willems en Derkje Derckx, Harmen Derckx en Derkje Jansen, Egbert Derckx en Anna Dicks, en Driesje Lamberts weduwe van Swier Jansen, geassisteerd door Jonker Stuerman, verkopen aan Jan Derckx van der Linden de hofstede de Lindensplaatse, met huis, hof en landerijen [ORA Olst nr.3, fol.681] : Driesje Lamberts, weduwe van Swier Jansen, geassisteerd door Henrik van Keppel tot de Dingshoff, verkoopt aan Geertje Derckx een halve akker in de santuiren, waarvan de andere helft aan de erfgenamen van Jan Derckx Voorthecke toebehoort [ORA Olst nr.3, fol.88] : Derkje Derksen van der Linden, geassisteerd door haar zoon Jan Tonissen Smit; Derkje Jansen geassisteerd door Jan Arents Muller; Rutger Jansen als voogd over de kinderen van wijlen Herman Derksen van der Linden; Anna Dijcks geassisteerd door haar zoon Jan Dijck; Jan Derks van der Linden voorzichzelf; Peter Bollemans voor zichzelf en als voogd van de kinderen van wijlen Tonis op de Colk; Alphart Alberts voor zichzelf en voor zijn moeder Driesje Lamberts, allen erfgenamen van de overleden Derk van der Linde; verder Evert Rutgers Brouwer uit Raalte, verkopen aan Jan Jansen Schepop en Jenneke Willems ht huis, hof en grond naast de Rijsweert, de Lindenhulst genaamd [ORA Olst nr.4, fol.39] Hans Jürgen Mörser (?), geboren rond 1612, goudsmid, muntmeester van het kopergeld van 1661 tot 1669, hofgoudsmid van de graaf van Lippe in 1669, begraven te Detmold op 19 juli 1676, trouwt met N.N. (?), geboren rond 1611, begraven te Detmold op 4 oktober Hans Jürgen Mörser. Geboren ca Am wird seine 21 jährige [ca geborene] Tochter Margarete begraben; er: Hofgoldschmied. Begraben (Hans Georg Mörser, Goldschmied unter der Wehme) am , 64 J. alt. Die alte Mäuser, offerbar seine Witwe, wird am jährig begraben [Schleffer (1973) Goldschmiede Rheinland-Westfalens, p.112]. 1661: Goldschmied Georg Mörser und sein Gehülfe Otto Blanke, als Münzmeister für Kupfergeld und zum Ubstempeln der VI-pfenningstüde 1671 und 1685 [sic!] angestellt [H. Grote, Münzstudien, p.379] Lubbert Jans op de Vaerst, zn. van Jan Heimens en Lysbeth Eversen, landbouwer op de Becke, later op de Vaerst, overleden voor 24 juli 1661, trouwt voor 23 augustus 1636 met Aeltjen Gijsberts, dr. van Gijsbert Aelten, overleden voor 24 juli Lubbert Jansen, wonend op de 'Nije beke to Hell, colonus modo op die Vaerst achter Barnevelt' [Website Genealogisch onderzoek naar horigen en vrijen in en rond Putten op de Veluwe] : Solvit Lubbert Jansen op de Becke cum frater suo Heimen Jansen pro cormeda sororis suam, quae Amsforti obierat omnes proles zaliger Jan Heiman tot Vorthusen. Notandum supradicti soror adhuc in vivus habet maritum rotificem in Vorthusen wonende bij de windmollen nomine.n.n. Item adhuc sororem innuptam in Amsfort et fratrem tot Vorthuisen modo est nupta et habet maritum Willm Jansen Kroeff fabrum lignarum op de Krummestraett dicitur Neel Jansen. 1620: Item obierat nullo ita pridem Hardervici een schoemakers geselle nomine Heimen Jansen, frater Lubbert Jansen to Helle op de Becke wonende pro recognitione huius cormedam dedit frater suus Lubbert 4½ gld. qua tenuioris fortunam p. sunt plures fratres [De cormedis receptis; STAMA 434 fol. 157a, 157b; Paul op den Brouw, Website Genealogisch onderzoek naar horigen en vrijen in en rond Putten op de Veluwe] : Lubbert Jans n.u. Aeltgen Gijsberts krijgt investiture en oprukking voor het herengoed de Vaerst bij Barneveld, als erfgename van haar broer Aelt Gijsbertsen (idem oprukking in 1642, 1649, 1655). Op krijgt Jan Lubberts investiture en oprukking, als erfgenaam van zijn moeder Aeltgen Gijsberts, weduwe van Lubbert Jans. [Herengoederen Veluwe] : Heefft Lubbert Jansen die broer van Elbert Jansen ende die Erffgenaemen Jan Jacobsen 117
118 Wacker en Jan Wilmsen Krueff tot Amesfort hebben die koer van Elbert Jansen voor 43 Kar. gld. veraccordeert ende betaelt. pro culina 1 thaler. [STAMA 441; Accepta Cormedis a tempore Rev. Dom. Gabeli Schefenni, abbatis 1655; Website Genealogisch onderzoek naar horigen en vrijen in en rond Putten op de Veluwe] Gangolff Willems, overleden voor 23 maart 1677, trouwt met Mechteltgen Jans, dr. van Jan Jacobsen Claerbeeck : Mechteltgen en Lubbertgen Jans krijgen investiture en oprukking als erfgenamen van Evert Jacobsen Claerbeeck voor het halve 'Vossengoet' in Elspeet. Gerrit Jansen Mouw krijgt investiture en oprukking als erfgenaam van de dochter van de voornoemde Claerbeeck voor de andere helft. Op krijgt Gangolff Willems n.u. Mechteltgen Jans investiture en oprukking. Daarbij wordt vermeld dat het goed oorspronkelijk toebehoorde aan de gebroeders Willem en Evert Botter, die het op verkochten aan Evert Jacobss Claerbeeck. Deze overleed zonder lijfserven, waardoor het verviel aan zijn nichten (oomzeggers) Mechteltgen en Lubbertgen Jans voor de ene helft, en op Gerrit Jans Mouw, als erfgenaam van de vrouw van Evert Jacobs Claerbeeck [Henrickgen Gerrits Mouw], voor de andere helft. Gangolff bestrijdt dit laatste, omdat de huisvrouw van Claerbeeck nooit genoemd is in de oprukkingsakten. Dit vindt blijkbaar geen gehoor, maar in 1647 en 1656 verwerven Gangolf Willems en zijn vrouw door koop nog wel 3/8 overige delen van het goed. Op krijgt Hendrick Gangolffs investiture en oprukking, als erfgenaam van zijn vader [Herengoederen Veluwe, p.201, 213, 214] : Gangolf Willems en Mechtelt Jansz tuchtigen elkander aan al hunne gereede en ongereede goederen [GA, Charterverzameling 0243; Gelderse Rekenkamer, inv.nr.1554; charter nr.2099] : De Harderwijker imkers beweren kostenloos bijenkorven te mogen plaatsen in de heiden te Ermelo, Nunspeet en Elspeet. De eigenaars van de 7 oude hoeven, Jan Lubberts en Gangolf Willems c.s. te Elspeet ontkennen dit, vorderen van elken korf 1 blank en nemen de door de Harderwijkers in hun veld geplaatste immen in beslag. Hierover ontstaat een proces dat wordt gevoerd voor het schoutengericht van Harderwijk, doch hangende deze procedure citeren de Elspeters de imkers voor het Hof, waartegen Schepenen en Raad van Harderwijk protesteren. Zij beweren dat deze citatie in strijd is met hun privilegie de non evocando [Kronieken Barneveld ; Berends, Het Oud- Archief van Harderwijk, deel I, blz ; Register Archief Hof van Gelderland, door Nijhoff, blz.132] : In de zaak hangende voor het hof van Gelre en Zutphen tussen Gerrit Jansen van Elspeet nu desselfs erfgenamen imp.ten ter eenre, en Evert Jacopsen Clarenbeeck althans Gangolff Willemsen ged. ter andere zijden. Aanlegger concludeert dat de gedaagde zal worden gecondemneerd het gedeelde herengoed bij hem bezeten tegen ontvangst van kooppenningen betaald tot profijt van de impt te verlaten. De gedaagde antwoordt dat het geen separate herengoederen waren. Documenten waren ingediend op , mitsgaders tripliek en quadrupliek. Het hof verklaart dat de impetranten in de gedane eis en conclusie bij gebrek van bewijs niet te zijn ontvangen. Des gedaagdes conclusie bij edoublement genoemen als niet genoechsaem mede beweesen voorbijgaende [Hof van Gelre en Zutphen; Civiel sententieboek,nr.4890; zie ook Codex Gelro Zutphanicus p.234] : Gangolff Willemsen, impetrant en geexcipieerde ter eenre, contra Lubbert Jansen als wedeman en boedelholder van zal. Gerrit Jansen dochter, en Driesgen Reijntiens, weduwe van zal. Jan Gerritsen zoon van Gerrit Jansen, gedaagden. De impetrant en excipient bij zijn memorie of inventaris concludeert tot rejectie van de geproponieerde exceptie, etc. [Hof van Gelre en Zutphen; Civiel sententieboek,nr.4891] : Gangolff Willemsen impetrant, contra Lubbert Jansen, als weduwnaar en boedelhouder van zijn onmondige kind verwekt bij Henricken Gerrits, en Grietken Reijers weduwe van Jan Gerritssen, mede-erfgenamen van Gerrit Jansen, gedaagden. De impetrant eist dat 'de vier de halve stuijver heeren geld uijtt Splinters hoffsteede met haeren toebehoor in des Imp.ts heerengoet Albert Vossen offte Claerbeecken goett genoemt' alsnog betaald wordt, en dat hij uit de gezamenlijke goederen door Gerrit Jansen bezeten, 'soo veel solde worden geadiudicieert te toegeleijt als nae proportie vant' heeren goett te contribueren stonde, om die vierde halve stuijver heeren gelt, mett den achterstant daaruijtt te worden betaelt, ende vorder mett des Imp.ts heerengoet tott sijnen Raade te moegen 118
119 worden geconsolideert'. De gedaagden verweren zich, maar het Hof wijst de impetrant zijn eis toe en veroordeelt de gedaagden in de proceskosten [Hof van Gelre en Zutphen; Civiel sententieboek,nr.4892] : Gangolff Willemsen, aan de ene, en Gerrit Henricks en Toenis Gerrits voor haar zelf en voor de andere erfgenamen van Gerrit Janssen zal. aan de andere zijde, overleveren een akkoord, 'alsoo lange jaeren herwaerts veele misverstanden verresen ende bij processen voor den hove van Gelderl[an]t vervolgt waren' over de consolidatie van verscheidene percelen herengoed, zo in landerijen als holtgewasch, welke gesustineerd werden bij Gangolff Willemss onder zijn herengoed Clarenbeeck te gehoren. Door bemiddeling van de heren commissarissen Joost Vijgh en Melchior ten Hove, zijn zij overeen gekomen dat Gangolff Willemsen voor 1500 zal hebben het hoffstedeken Splinters hoffstede met het land daarachter en een vierde deel holt tot 150 bomen in het Elspeter bosch [Hof van Gelre en Zutphen; Civiel sententieboek,nr.4892] Geerlich Engberts, overleden voor 24 december 1662, trouwt met Aeltien Wijchers, dr. van Wijcher Henricksen en Fennigje Philips, begraven te Vorchten op 18 oktober : Aeltijn Jans zalr Albert Wychers huisvrouw, sluit een akkoord met Hendrick Wychers, Philips Wychers, Geerlich Engbers, Rylof Tonnis als man en momber van Fye Wychers en Roelof Derricksen als man en momber van Derckijn Wychers, als erfgenamen van zalr Albert Wychers, aangaande de achtergelaten goederen. De weduwe Aeltgen Jans zal de erfgenamen van haar man de som van 1000 car gulden betalen [ORA Wijhe inv.nr.1]. 1634: Te Vorchten: Geerlich Engbert, 4-2 gulden. Te Veesen: Jan Aelberts mit syn kinderen hiervan Roeloff de snyder 1 o, Geerlich Engberts 1/2 o; Jan Bernts nu Geerlich Engberts hier van d'meyer 1 o; Jan Rutgers ende Gerrit Dercx vant landt van Otto van Essens erfge. Gecoft hiervan Geerlich Engberts l½ o, Joncker Pelgrum 3½ o, 2-2 gulden; T' Convent vander Hunnep pachter Geerlich Engberts 9-3 gulden [Schiltschattingscohier Ampt Heerde] Albert Adams int Winckel, zn. van Adam in 't Lochter, geboren te Notter, wonend in de Grimberg, trouwt te Rijssen in februari 1641 met Geseken Harmsen Tijhuis, geboren te Rectum Joan Grooten (?), trouwt met Geesken Teunis (?) : Arent Gerritsz, woonachtig tot Campen, zoon van zall Gerrit van Munster, rato caverend voor Aeltien Schutte zijn huisvrouw, bekent verkocht te hebben aan Joan Grooten, borger deser steede, Geesken Teunis eheluiden, zijn stuckien weijde slagh [Stadsgericht Rijssen; Vrijwillige gerichtshandelingen nr.1 p.48] Peter Harmsen op 't Veer Jenneke Cornelis, overleden rond Generatie XIII Roelof Heijmericks (?), zn. van Heijmerick Jacobs en Truijde, wonend te Ittersum, keurnoot te Zalk in 1616, overleden voor , trouwt (2) te Zwolle op 25 november 1610 met Heyle Jans, dr. van Jan Thonisz op de Duijt, trouwt(3) met Henrickien Gijsberts, trouwt(1) met Jenneken Thonis (?), dr. van Thonis Cruener. 119
120 : Roelof Heymericks betaalt schatting in Apeldoorn (1592) en in Wolthuis ( ) [Veluwse Geslachten 1990 p.297] : Roelef Hemmericks van Apeltoren wonen met de Scholtes tot Sallick, en Heyle Jans sa. Willem Dijcks n.weduwe tot Ittersum [Trouwboek Zwolle] : Jan Dyck te Windesheim tegen Roelof Heimerinck te Ittersum, als man van Heiltje Jans, eerder weduwe van Willem Dyck, over een vordering in geld wegens de contributie [Stadsbestuur Zwolle, toegang nr. 700; Stukken die gediend hebben in twistgedingen in civiele zaken, waarbij partijen in appèl zijn gegaan van het schoutengericht van Zwolle bij schepenen en raden van de stad Zwolle, nr.3587] : Roeloff Heimericksen wordt, zoals Philibert de Wolffs daarmee als laatste was beleend, beleend met helft van het goed ten Westenrade te Zalk [Repertorium op de Overstichtse en Overijsselse leenprotocollen] : Philibert Ulger tot Nijensteen tegen Roelof Heimerinck, als borg voor Gijsbert Roelofs, over de eigendom van een erve en goed in de buurschap Ittersum [Stadsbestuur Zwolle, toegang nr. 700; Stukken die gediend hebben in twistgedingen in civiele zaken, waarbij partijen in appèl zijn gegaan van het schoutengericht van Zwolle bij schepenen en raden van de stad Zwolle, nr.3620] : Roleff Heimericks was getrouwd met Jannegien, dochter van Thonis Kruner. Hun zoon Dries is getrouwd met Elsken Rewers [ORA Zwolle inv.nr p.261; zie ook: B. van Dooren (2014) Waar was Willem Dijck gebleven?, De Nederlandsche Leeuw 131(2) p.76-85] : Willem Willems Dijck testeert, ziek liggend aan de pest ten huize van Roeloff Heijmericks te Ittersum [ORA Wijhe inv.nr.2 fol.183] : Goert Willems Greven tegen Roelof Heimerinck over de eigendom van het erve en goed de Lege Sickel in de buurschap Zuthem [Stadsbestuur Zwolle, toegang nr. 700; Stukken die gediend hebben in twistgedingen in civiele zaken, waarbij partijen in appèl zijn gegaan van het schoutengericht van Zwolle bij schepenen en raden van de stad Zwolle, nr.3657] : Goert Willems Greven tegen Roelof Heymerinck wegens het ongeoorloofd aangraven van enig land in de buurschap Zuthem [Stadsbestuur Zwolle, toegang nr. 700; Stukken die gediend hebben in twistgedingen in civiele zaken, waarbij partijen in appèl zijn gegaan van het schoutengericht van Zwolle bij schepenen en raden van de stad Zwolle, nr.4011] : Willem Seijne te Ittersum en Hessel Jansen op den Kolck te Zuthem worden aangesteld als voogden over de twee onmondige kinderen van zal. Roelof Heijmericks, met name Heijltjen en Jennegien Roelofs, bij zal. Henrickien Gijsberts, zijn laatste huisvrouw. Engbert Willems krijgt authorisatie de boedel zo profijtelijk mogelijk te verkopen [ORA Zwolle, inv.nr fol.374] : Gerrit Gerritsz verklaart van de voogden van zijn overleden dochter de erfenis en goederen van haar grootvader Roloff Heijmericks te hebben ontvangen, waarvoor hij hen bedankt met belofte van vrijwaring [Recognitiën Kampen 93, fol.136v; transcriptie Annick Alink] Jacob Jansen, overleden voor Derck Janssen op den Oort, meijer op den Oort, overleden voor 26 juli 1643, trouwt met Aeltjen Wichmans, trouwt (2) met Hessel Jansen : Lubbe Willems, weduwe van Jan Dijck, mede als moeder van haar kinderen, verkoopt aan Derck Gerritsen, Jan Egberts, Hendrick van Werven en Thijs Jansen de helft van 10 goudgulden jaarlijkse rente uit een erf te Windesheim, toebehorend aan het klooster te Windesheim, dat Derck op ten Oort als meijer in pacht heeft, waarvan de kopers de andere helft toekomt [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr.4026 fol.48; in B. van Dooren (2014) Waar was Willem Dijck gebleven?, Nederlandsche Leeuw, 76-85] : Aaltien Wijchmans, weduwe van Derck Jansen opten Oort tot Winsem, geassisteerd met Jacob van Muijden als haar momber, heeft tot mombers verzocht over haar acht onmondige kinderen met namen Jan, Willem, Geertien, Wijchman, Hendrick, Gerrit, Derck en Jennegien Dercksen, bij Derck Jansen opten Oort geprocreëerd, [Jan?] Dercksen tot Harckeloe en Roeloff Jacobsen tot Harckelo, resp broeder en neve van de kinderen. De weduwe doet erfuiting en geeft de kinderen voor hun vaders goed samen de som van 2300 car. gulden. De twee oudsten zullen hun som aanstaande 120
121 Pasen ontvangen, de anderen als ze zestien jaren zijn geworden. Zij belooft de kinderen te onderhouden en ter school te laten gaan. Iedere zoon krijgt bovendien 20 daalder en beide dochters, als zij komen te trouwen, een bed met toebehoren [ORA Zwolle & Zwollerkerspel nr. 606] Jan Tonissen, overleden voor 31 januari 1638, trouwt met Dieuwertien Lambertsen, trouwt (2) met Cornelis Claessen, overleden voor 3 april : Benedictus Hermssen, mede voor en ten behoeve van de gezamenlijke erfgenamen van wijlen Cornelis Claessen op Millingen en diens vrouw Dievertien Lambertssen, wordt beleend met 2¼ morgen land in Mastenbroek (in het schoutambt Zwolle), genaamd het Popeloenenlant [HCO; Leenregisters Stift Essen] Dubbelt Geertsen (?), j.m. van Wilsum, schepen te Wilsum tussen 1623 en 1629, burgemeester te Wilsum tussen 1637 en 1651, trouwt in 1608 met Henricken Jans, j.d. van Kampereiland, overleden voor 7 januari : Karst Arentsen en Albert Jansen borger binnen Kampen, als mombers over de onmondige dochter van Dubbelt Geerts te Wilsum, Mette Dubbelts, sluiten een verdrag met de vader. Die zal zijn dochter 35 goltgulden uitkeren voor haar moederlijke goed en haar onderhouden tot haar mondige jaren [Stadtboek Wilsum; Stadsgericht Wilsum,inv.nr.1 p.17] : Burgemeister Dubbelt Geersen heeft met voorbedachten rade aan zijn zoon Geert Dubbels gegeven uit het gemene goed een paard met een koe [Stadtboek Wilsum; Stadsgericht Wilsum,inv.nr.1 p.302] Aert Rutgers Post, zn. van Rutger Claesz en Nyse Aerts Post, landbouwer op Ketelersbrugge, ondertrouwt te Kampen op 3 oktober 1617 met Geertje Stevens : Geert Stevens, Willem Stevens, Trijne Stevens met Henrick van Hoochstraten, Greetgen Stevens met Aert Rutgers, verklaren van hun moeder en hun gewezen voogden de goederen en erfenis van hun vader ontvangen te hebben, waarvoor zij hen bedanken [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.88 fol.79] : Aert Rutgersz Pos en Louwe Petersz treden op als voogden bij een verklaring van Steine Jacobs, weduwe van Peter C. Velthuijs, erfgename van haar zoon Claes Peters [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.93 fol.350; transcriptie A. Alink] : Philips Crijnen en Jannigien Henrix verstrekken een volmacht aan Johan Steenberg om zijn zaken waar te nemen, in het bijzonder de kwestie van het testament van Willem Stevents Bosman tegen Aert Rutgersz Post, namens de erven van overledene en de uitspraak aan te horen en verder al het noodzakelijke te doen, met macht van substitutie [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.94 fol.314v; transcriptie A. Alink] Jan Gerrits Vorstelman (?), zn. van Gerrit Jans Forstelman en N.N, overleden voor 2 juni 1638, trouwt met Egbertgen Lubberts (?), dr. van Lubbert Andriessen, overleden voor 1 september : Jan Gerrits Vorstelman wordt beleend met een herengoed in Schaverden [Herengoederen Veluwe] Lambert Jans Broenissen, zn. van Jan Bruynissen, geboren rond 1588, overleden voor november 1637, trouwt te Epe op 8 september 1616 met Giele Reijners, dr. van Reijner Andreesen : Lambert Janssen Broenissen verkrijgt na overdracht door de erfgenamen van Philips 121
122 Henricx een herengoed aan de Emsterenk in de buurtschap Hege. De zaalweer is een halve morgen groot, waarop een huis staat van vier gebondt, sonder ennich opgaende eijckenholt. Daartoe behoren twee akkers, de ene een halve mud gesaijs en de ander een schepel gesaijs, dicht bij het huis ende in het Gagelvelt of Boschgat gelegen, achter de hof voor de voordeur van 't huis. Daarnaast behoren tot het goed verschillende percelen op de Emsterenk, die welcke verspleten sijn, o.a. aan den olden Jan Bruenis een akker op de Empster Enck op Westerlo groot ½ mld. gesaijs en drie akkers, elk van 1 schepel gesaijs, omtrent 't huijs tegens de achterdeure gelegen, aan de jonge Jan Bruenis drie akkers, mede op Westerlo gelegen, tesamen groot 4½ schepel gesaijs en een morgen sijnde huijs ende hoff daerop de voors. Jan Bruenissen woont, aan Wichman Dor 1½ morgen weiland in Empserencker Veen 't welck van olts altijt ende bij menschen gedencken streckt bij dit goet gebruijckt geweest ende secht men t' selve te geven thins. Het goed is belast door de Schutterij van Sint Marten te Epe met 28 Goltguldens hoofdsom, doende jearlicx tho rent twe der selve Goltgulden tot 28 Stv. 't stuck en door de Sint Anthonis armen te Epe voor twee daalder jaarlijks uit over een hoofdsom van 30 daalder, en door de erfgenamen van Willem Franckesen ter Elborch voor 300 Keijsers guldens doende jaerlicx tho rent achthien der selve guldens. Op krijgt Lambert Jansz Bronisz oprukking (idem 1625, 1631). Op krijgt Lambert Jansen Broenissen consent voor de tuchtiging van zijn huisvrouw Giele Reijners (NB Het goed was voor zijn trouwen met Giele Reijners aangekocht, ten dele met haar middelen) [Herengoederen Veluwe pag. 554] Gerrit Hendricksz van Ems, ondertrouwt te Epe op 8 april 1621, trouwt te Epe op 17 juni 1621 met Jacobchen Hendricks : Gerrit van Eems en Griete Jansz, zijn huisvrouws broeders weduwe, beide wonende te Epe. De predikant van Oen moet hen vermanen ervan af te zien, doch het kan hen niet verboden worden [Huwelijksdispensaties Gelderland]. 1660: D'wederhelfte van de voorss. [kooren] muele toebehoorende Helmich van Tweenhuijsen, in het Suijker gilde, Gerrit Henrix van Ems cum suis eijgeners en Jan van Vaesen pachter; Evert van Ems dit betaald. Gerrit Henrix van Ems tochtenaer en gebruicker van huijs en hoff etc. in het Emster gilde ; Aert Henricx bet. [Maandcedule verponding; Transcriptie op website Ampt Epe] Hendrick Luiloffs (genaamd Boemer), zn. van Luloff Stevens, oordeelwijzer in 1593, keurnoot te Olst tussen 1594 en 1601, overleden voor 5 juni 1621, trouwt met Bertien Jacobs, trouwt (2) met Gerrit Stevens : Johan van Apeldorne Secretaris en Tonnijss Pompe maner des H.G, verklaren met Provisor Ewolt Buser tusschen Michaëlis en Martini in regten geweest te zijn te Welsem aan Hendrijck Bommers huis, ter zake van eenige tienden van Henrick van Keppel en Gerrijt van Laer en die van Clarenwater, en dat daarna door Buser met Bommer gesproken is over zekere tienden, het Heilige Geest of Groote Gasthuis competerende uit 3 akkers land bij Bommers huis gelegen, welke deze beweerde, dat tiendvrij waren blijkens brieven, welke hij daarvan te Deventer toonen zoude, na ze van zijn zwager Maes Hendrijcksoen gehaald te hebben [Archief Groote- en Voorstergasthuis te Deventer, nr.1292]. 1601: Henrick Lulofs Boemer en zijn vrouw verkopen aan hun zoon Willem een hofstede te Welsum, Grapendal, die zij van Jenneken Lulofs gekocht hebben [ORA Olst nr.1; Het Beumerboek, p.18]. 1602: Hendrick Luiloffs, te Welsum, bezit 4 paarden, 4 schapen, 4 varkens en 2 'hinen' [Paardengeld Olst 1602]. NB Hendrick Boimer te Welsum bezit 8 paarden, 157 schapen, 15 varkens en 3 'hinen' : Henrick Lulofs genaamd Boemer wordt beleend het erve en goedt Oostendorp tot Welsum in 't gerighte van Olst gelegen, met den thynden groff en smal. Uitgezonderd worden de tienden over Keppels Ruiterstedeken en het vijfde deel van de Grapendaler respectievelijk weyde ende holtweerde. Op wordt Gerrit Stevens beleend, als voogd van zijn vrouw Bertien Jacobs, weduwe van Henrick Lulofs genaamd Boemer [Leenrepertorium Huis Almelo]. 122
123 : Aaltjen Luilofs, weduwe van Weijer Berents, geassisteerd door Willem Daems, maakt een testament: 1/8 aan de 2 kinderen van wijlen Luilof Luiloffs, 1/8 aan de 5 kinderen van Hendrik Luilofs, 1/8 aan haar neef Luilof Meertens Timmerman te Zutphen of diens kinderen, 1/8 aan Willem Gijsberts of diens kinderen, 1/8 aan Luilof Gijsberts of zijn kinderen, 1/8 aan haar nicht Arentijn Gijsberts of haar eventuele kinderen, 1/8 aan de 2 kinderen van wijlen haar neef Luilof Hendriks mits zij weer 500 gulden in zullen brengen in het sterfhuis. Zij legateert aan haar dienstmeid Luite Hendriks 200 gulden [ORA Olst nr.2, fol.102] Berent van Werven (?), overleden voor 15 oktober : Lulof Boemer betaalt in naam van zijn schoonmoeder, de weduwe van Berent van Werven, 100 goudgulden aan het Voorstergasthuis te Deventer. Op bekennen de provisoren van het St. Elisabethsgasthuis te Deventer 400 gulden te hebben ontvangen van o.a. Lulof Boemer wegens een schuld van zijn overleden schoonvader [J. Beumer e.a. (1992) Het Beumerboek, p.19] Derck Dercks van Linden, zn. van Derick van Linden, trouwt met Merretien Gerrits : Hendrik Janssen en Evertje Janssen geassisteerd door Jan Gerrits, samen ook voor hun broer Gerrit Jansen, verkopen aan Derk van Lijnden en Marritjen Gerrits, en Tonnis Gerrits, drie morgen land dat grenst aan het land van Johannes Bartholomeus van Egmond [ORA Olst nr.2, fol.173] : Hendrik en Evert Janssen, voor hunzelf en voor de erfgenamen van hun overleden broer Gerrit Janssen; verder Herma[n] en Derrik Jansen geassisteerd door Jan Hoegebeeken, tesamen kinderen van Jan Gerrits op Wengerwolde, verkopen aan Derrik Derrixs van Linden en Merritien Gerrits stukken land, genaamd die Nieuwe Kampe, te Duir gelegen [ORA Olst nr.2, fol.231] : Johan Beveren van Twickelo draagt het goed De Hulst, in Olst, op ten behoeve van Derck ter Linden [Overijsselse leenprotocollen] : Hendrik Clasen en zijn schoonzoon Derk Derks ter Linden treden op als getuigen van Tonis Gerrits op de Hulst. Tonis Gerrits echtgenote krijgt 200 gulden. Cornelis Gerrits en Frerik Lamberts krijgen ook wat [ORA Olst nr.2, fol.101] Jan Heimens, overleden voor 13 augustus 1619, trouwt met Lysbeth Eversen, dr. van Evert Elbers en Cornelia Heimens, overleden te Voorthuizen in : Anno 1605 obijt in Vorthusen uxor Jan Heinemans, filia Evert Elbers, Cormedalis Abbatis nostri cuius cormedam emit vicinus illius.n. pro 20 kar. gld. et familiam 2 kar. gld. reliquerunt parentes qui mortiu sunt ambo 7 proles Lubbert Jansen, Reintgen Jansen to Amsfort is een Neijersche wohnt ant Vischmarckt, item alia soror Elizabeth habens sororem vir Jacob Rademaecker to Vorthusen, habuit adhuc fratrem sutorem to Hard[erwijck] qui obijt ante annos, item fratrem Everhardum sutorem to Amsterdam. Elbert Eversen Alheit soror supradicta uxor Jan Heimes [STAMA 434, De cormedis receptis (1406) , fol. 140a; Paul op den Brouw, Website Genealogisch onderzoek naar horigen en vrijen in en rond Putten op de Veluwe] Gijsbert Aelten, overleden voor 27 augustus : Gijsbert Aelten en Jacob Hartgers krijgen oprukking voor het goed de Vaerst bij Barneveld. Gijsberts zoon Aelt Gijsberts krijgt als erfgenaam van zijn vader investiture en oprukking op (De voorgaande vermelding over dit goed is van : Henrick en Arnt van Voirst, approbatie van een akkoord, waarin is bepaald dat Henrick en zijn vrouw Steven het herengoed zullen behouden, mits zij aan Arnt en zijn vrouw Weim 200 Joachim daalders betalen) [Herengoederen Veluwe]. 123
124 7614. Jan Jacobsen Claerbeeck (alias Bus Jacobs) (?), zn. van Jacob Jacobsen Vorstelman en Mechteltgen Bosch, trouwt te Epe op 29 juli 1605 met Nise Werners Wijcher Henricksen, smid, overleden voor 21 juli 1616, trouwt met Fennigje Philips. 1586: Wycher Hendriks Smit en zijn vrouw Fennigje Philips transporteren aan Bitter van der Marssche en zijn vrouw Josina van Soudenbalch een halve morgen land bij die Bijle in Wijhe [HCO; Huis Oldhagensdorp te Vollehove, charter, nr.916] Adam in 't Lochter Heijmerick Jacobs, trouwt met Truijde, overleden rond Generatie XIV 1522: Jan Willem Wychers en Hille dragen over aan Heimerick Jacobs en Truide een half deel holts. Dit deel geeft elk jaar in Engel van Zourens erf twee olde groot [Archief Hoog-Soerderheegde, inv.nr.1 (buurboek); Veluwse Geslachten: Namen in Apeldoornse markearchieven]. 1526: Heijmerick Jacobs wordt vermeld in een veetellingslijst, wonend op de Beemte [Veluwse Geslachten 1990 p.295]. ca. 1530: Heijmerick Jacobs wordt vermeld als dienstman en zijn vrouw als dienstwijf; hij bezit dan een tynsgoed (aangekocht van Johan Willems, een zoon van zijn tante) en een vrijgoed (dat ook deels van zijn broer is) [Veluwse Geslachten 1990 p.295] Thonis Cruener, schout te Zalk in 1591, overleden voor 10 november : Hermen Henricksz te Wilsum laat arrest en aanpanding doen aan rogge, toebehorend aan Anthonijs Cruiener, schout van Zalk. Op doet hij een tweede arrest aan de rogge van Toenys Croener [Archief van het schoutambt IJsselmuiden inv.nrs. 2 en 3; bewerkt door Kees Schilder] : Mr. Gerrijt Jacops, uit naam van Otto Sticker te Kampen, doet arrest en aanpanding op de nagelaten goederen van zal. Toenijes Croener, schults toe Sallick. Op leveren de erfgenamen van Tonnis Kroener een antwoord door mr. Marten Steenkerck [ORA Zalk 36] : Tonnijs Hermsen heeft bekend schuldig te wezen aan de erffg van sal. Tonniss Kroeier, een som van 100 dal [ORA Zalk 36] : Als erfgenamen van salige Toenis Crouer compareren Roeloff Heymerichs tho Ittersum en Thijdeman Everts, caverende voor Zeijger Toinis Creuer [ ] Backer tho Campen. Rekening van de reliqua van de goederen van Gerrit Cornelissen, bevattend het Koijman goet, voor 553 goltgld, en verkochte percelen, voor 157 dal, zodat de somma 1009 goltgld 14 st bedraagt. [ORA Zalk 36]. 1614: Stukken betreffende het appèl van Otto Sticker namens zijn vrouw Aleid van Neerden op het vonnis van het adellijk schoutengericht van Zalk in het door hem gevoerde proces in 1614 tegen de erfgenamen van wijlen de schout Tonnis Croener van Zalk over een stuk land, de Langenkamp, schoutambt Zalk [HCO, Hoge Bank van Klaring van Overijssel, toegang 29, nr.686] : Dr. Petrus Vette als volmachtiger van Johan van Rutenberch en zijn vrouw Aleijt van Eck, verzoekt inleiding van 4 morgen land, de Langen camp, gebruikt bij Seijger Toenijs, voormaals toebehorend aan Sijmon van Cleve, richter in 't Oldebroeck, en gekomen van za schults tot Sallick Toenijs Croener bij koop van de erfgenamen van Cleve [ORA Zalk 36] 1618: Stukken betreffende het appèl van de erfgenamen van Johan Sloet, drost van Vollenhove, en zijn vrouw Florentina van Buckhorst, heer en vrouwe van Zalk, op het vonnis van 24 december 1618 van het schoutengericht van Zalk in het door hen gevoerde proces tegen de erfgenamen van de overleden 124
125 schout van Zalk, Tonnis Croener, over het gebruik van de Rietweerd te Zalk, [HCO, Hoge Bank van Klaring van Overijssel, toegang 29, nr.687] Rutger Claesz, zn. van Claes Petersz Velthuijs, landbouwer, overleden rond 1603, trouwt met Nyse Aerts Post, dr. van Arent Post Gerrit Jans Forstelman, zn. van Jan Gerrits Forstelman, wonend te Broekland, trouwt met N.N., overleden rond Lubbert Andriessen, zn. van Drees Lubbertsen. 1566: Lubbert Andriessen, te Westendorp, 2 mld rogge, 1mld boekweit [Graantelling 1566; Veluwse Geslachten 38, p.40.] Jan Bruynissen, zn. van Breunis Gerrits, wonend an den Embster Enk Reijner Andreesen, wonend an den Lobrinck Luloff Stevens, zn. van Steven Luyloffs, herbergier, landbouwer, overleden voor 24 februari ??: Tiendrol van de tienden onder Olst, toebehoord hebbende aan Hille van Empe, en nu in pandschap bezeten door Luloff Stevensz, Afschrift op perkament 1 charter [Gelders Archief; Familie Van Heeckeren van Waliën, inv.nr 0532, nrs.180]. 1564: Luloff Stephensz pacht de Egmaet of anders genaamd de kamp bij de Groenen wegh, 2 1/2 mrg, 10 car. gld, 1 oort en 3 kapoenen. Idem in 1576 [Verpachtingen Kapittel St Marie te Oene; Transcriptie Evert de Jonge] : Luiloff Stevens krijgt inleiding in zekere goederen te Welsum, inzake de erfenis van Reyner Jorriaens, mede voor o.a. Jacob Luloffs en Gerrit Stevens [J. Beumer e.a. (1992) Het Beumerboek, p.16] : Luilof Stevens bekent een schuld van 1000 gulden op zijn leengoederen te hebben gelegd, teneinde zijn kinderen hun moeders erfdeel te betalen. In het bijzonder krijgt zijn dochter Aleid f 100 [zie ook een akte te Deventer ] [J. Beumer e.a. (1992) Het Beumerboek]. 1592: Luloff Stevens, te Oene, wordt aangeslagen voor 1 gld. Luloff Stevens erven, te Welsum worden voor 0-2 gld aangeslagen [Schattingsregister Epe 1592 ; transcriptie Evert de Jonge] : Ruiters hebben vertering gebruikt, die volgens de erfgenamen van Luilof Stevens niet betaald zouden zijn [J. Beumer e.a. (1992) Het Beumerboek] Derick van Linden. 1602: Derick van Linden, te Duir, bezit 5 paarden, 2 varkens en 3 'hinen' [Paardengeld Olst 1602] Evert Elbers, trouwt met Cornelia Heimens, dr. van Heimen Elbertsen en Evertgen Reinersen, overleden te Voorthuizen in : Evert Elberts I mud roggen, XVI vijm roggen elcx I½ scepel, een mud boickweits, XX vijm boickweitz elcx I½ scepell [Graantelling Barneveld 1566]. 1582: Obijt in Vorthusen anno praesenti Cornelia uxor Evert Elbers, soror Geertgen, Hein Elbers huisvrow, soror Maes Heinesen, matre Evertgen, haec Cornelia reliquit duas filias, Lijsgen et Aeltgen obijt, et Lijsgen [uxor] Jan Heijmen duos filios. [De cormedis receptis; STAMA 434 fol. 112b; Website Genealogisch onderzoek naar horigen en vrijen in en rond Putten op de Veluwe]. 125
126 Jacob Jacobsen Vorstelman, landbouwer, trouwt met Mechteltgen Bosch. Generatie XV Claes Petersz Velthuijs (alias Roothair), zn. van Peter Claes Velthuijs en Anna Luyter, landbouwer, overleden voor 10 oktober 1604, trouwt (1) met Gese, trouwt (2) met Anna Rotgers : Claes Peters Velthuis is in 1565/1574 pachter op het 3e slag van Nieuwland, op het 4e slag met de helft van het 6e slag van Heultjes, op het 5e slag met de helft van het 6e slag in 1575/1594, en op het 3e erf 1595/1603 [Erven Kampereiland] : Gese, echtgenote van Claes Velthuys, verklaart schuldig te zijn aan Geertgen Bloeme ƒ 24 g.g. wegens gehaalde waren. Verder bekent zij nog schuldig te zijn aan Geertgen 6 schepel gerst en een half mud bonen [Rechterlijk Archief Kampen, Recognitiën nr.81 fol.64] : Claes Peters Roothair en Anna Rotgers kopen 4 1/2 morgen in het Zwijnsleger in Mastenbroek. In 1617 verkopen Peter Claesz. Velthuijs en Steyne Jacobs, echtelieden, 12 1/2 goudgulden jaarlijkse rente uit de helft van 4 1/2 morgen te Oosterholt, genaamd de Meermate, gelegen naast de Kamperwetering, zuid belend Rutger Claesz. kinderen, te lossen met 200 goudgulden. De kinderen van Rutger Claesz. verkopen hun helft in : Anna Rutgers, wed. Claes Velthuijs, testeert en noemt als erfgenamen haar zoon Peter en de kinderen van haar overleden zoon Rutger, met name Anna, Wendele, Herman, Aertken, Peter en Geertken. Een maand later toont zij dit testament aan het gerecht van IJsselmuiden ter goedkeuring. 1612: De weduwe Claes Velthuis betaalde nog in 1612 sw pacht over het 3e deel van het hooiland de Crauewenslag Arent Post, landbouwer Jan Gerrits Forstelman, zn. van Gerrit Forstelman. 1526: Johan Gerritss Vorstelman, wonend te Wenummerbroek (Apeldoorn),bezit 9 paarden, 1ent, 11 koeien, 2 schapen, 5 varkens, 6 pi[ ]; samen met kinderen 100 schapen, 3 varkens [Veetelling; Veluwse Geslachten 38, p.40.] Drees Lubbertsen. 1526: Drees Lubbertsen, te Westendorp (Epe), 5 paarden, 5 koeien, 3 varkens, 4 pi[ ], 5 schapen, 1 varken [Veetelling; Veluwse Geslachten 38, p.40.] Breunis Gerrits. 1566: Bruijnis Gerritsen, te Westendorp, 2 mld rogge, 2 mld haver, 1 mld boekweit [Graantelling 1566; Veluwse Geslachten 38, p.40.] Steven Luyloffs. ca. 1530: Steven Luijlofs is gegoed te Welsum [Schattingslijst Salland; Beumerboek p.16] Heimen Elbertsen, overleden te Voorthuizen in 1567 (aan de pest), trouwt met Evertgen Reinersen, dr. van Reiner Henricxen en Goele Henricxen, overleden te Voorthuizen in 1567 (aan de pest). 126
127 1566: Heijm Elberts IIII mud roggen, ½ molder boickweits al cleijn maet, vijff vijm roggen elcx ½ scepel, XXV vijm boickweits elcx I½ scepel, VIII vijm Haveren elx ½ mud [Graantelling Barneveld 1566]. 1567: Anno praedicto obiere in Vorthusen peste Heimen Elbersen cum uxore sua Evertgen et filio Derick emeruntque cormedas eorum filius eos Maes, et Rijcket Besselsen consanguineus 18 fl. phil. quemlibet 35 stb. aestimando praeterea unum ad symbolum atque familiam dimidium, reliquerunt duos filios scil[icet]: praedictum Maes seniorem et alium nomine Elbert iuniorem, actum praesente Domine pastore in Vorthusen anno praescripto die 4 post domincam 3 dominici adventus, dederunt familiam dimidium Phil. et mihi 13 Phil, reliquos 5 dabunt ante festum Penthecostes, Solvit filius totum. [De cormedis receptis; STAMA 434 fol. 85b; Website Genealogisch onderzoek naar horigen en vrijen in en rond Putten op de Veluwe]. Generatie XVI Peter Claes Velthuijs, zn. van Claes Velthuijs, landbouwer op Kampereiland, overleden rond 1542, trouwt met Anna Luyter, trouwt (2) met Steven Jans Gerrit Forstelman, landbouwer in het Wenummerbroek, overleden voor Reiner Henricxen, zn. van Henrick Reijnersen, wonend op Grevengoed te Slichtenhorst, trouwt met Goele Henricxen. Generatie XVII Claes Velthuijs, landbouwer op de Es, overleden rond : Claes Velthuijs betaalt pacht voor de Es bij Zeveningen [Erven Kampereiland] Henrick Reijnersen, wonend op Grevengoed te Slichtenhorst. 127
128 Index Index - Aeltien, 99 Gese, 126 Jannetjen, 70 Johanna, 44 N.N., 2, 10, 25, 48, 53, 59, 72, 82, 99, 103, 107, 111, 116, 117, 125 Teune Dirks, 48 Trijntje Elsje, 45 A Aarts Grietjen, 48 Achter de Hagen Herman, 7 Aelten Gijsbert, 123 Aerts Andries, 85 Gerrichien, 91 Janna, 25 Albers Anneken, 111 Geertien, 106 Simon, 80 Alberts Aaltje, 88 Beerntje, 82 Geertje, 78 Geertjen, 18 Hendricken, 114 Hermen, 94 Hermpje, 33, 52 Jan..., 74 Jantje, 8 Margien, 73 Roelof, 91 Stientje, 97, 113 Willem, 98 Willempje, 57 Albertsboer Fenneken, 10 Jan..., 19 Andreesen Reijner, 125 Andriessen Lubbert, 125 Anthonis Albert, 57 Arends Albert, 14 Maria, 44 Arents Albert, 75 Beelien, 107 Eva..., 29 Geesje, 36 Grietje, 89 Hendrik, 93 Willem, 51 Arentsen Tryne, 108 Asjes Geesje, 88 Hendrikje, 45 Marta, 32 Askamp Berend, 15, 29 Hermannus, 51 Jennigje, 8 Assies Janna, 36 B Baas Roelofje, 3 Bastiaan Anna, 23 Gerrit, 45 Hermpje, 22 Jan..., 45, 69 Bastiaen Gerrit, 68 Beekman Hermannus, 11 Beniers Hermen, 111 Berends Albertien, 49 Asje, 68 Grietje, 25 Jan..., 36 Lammichje, 14 Lubbigje, 17 Roelof, 80, 96 Berents Berent, 102 Egbertien, 88 Henrickien, 92 Janna, 29 Jennigje, 52 Wigbolt, 114 Willemtjen, 72 Berg, van den Gerrit, 39 Willemina, 19 Bergh, van den Maria, 63 Wigbold, 83 Bergkamp Geertruid, 17 Hendrik, 34 Bergland Aaltje, 108 Derk, 72 Lambert, 93 Maria, 93 Berkum, van Fennigje, 9 Gerrit, 17 Hendrik, 34 Beulen Coop, 98 Bijster, in den Gosen, 73 Bijvanck Berentjen, 92 Blaauw Aaltje, 45 Blankhart Albert, 55 Boemer Barta, 102 Luilof, 115 Boer Albert, 38 Jan..., 61 Boerdam Christina, 21 Derk, 44 Jan..., 67 Boeve Jannetje, 25 Bosch Jan..., 114 Mechteltgen, 126 Boxem Gerrit, 8 Lambertje, 4 Brinkman Jan..., 52 Janna, 15 Jannes, 29 Brock Hans Jurrien, 99 Brocks Louijse, 81 Broekhuys Lambert, 65 Maria Hendrika, 41 Broenissen Elisabeth, 114 Lambert, 121 Bruynissen Jan..., 125 C Christiaens Henrickjen, 69 Claas Claasje, 36, 37 Geziena, 37 Jenneken, 99 Thijs, 37 Claassen Aeltien, 112 Gerrit, 56 Claerbeeck Jan..., 124 Claes Claassien, 97 Evert, 97 Femmichjen, 112 Hillichjen, 97 Machteld, 13 Trijntien, 112 Claessen Claes, 60 Cornelis, 121 Janna, 76 Claesz Rutger, 125 Clooster, in 't Hermen, 110 Jan..., 95 Coobsen Fenna, 60 Coops Boele, 112 Cornelis, 98 Stijntjen, 80 Willem, 37 Cornelis Jenneke, 119 Cornelissen Fennechien, 97 Willemken, 87 Cornelisz 128
129 Index Aart, 70 Peter, 80 Wijchman, 107 Corterik Gerrit, 52 Cronemans Cornelis, 106 Hendrik, 87 Wobbigjen, 66 D Decemers Jan..., 100 Dercks Geertje, 88 Dercksen Geertjen, 110 Derks Aaltje, 36 Geertjen, 60 Grietjen, 46 Hendrikje, 98 Jacob, 79 Jannegien, 73 Merghjen, 71 Derksen Fenne, 39 Jannes, 52 Willemken, 82 Derricks Engele, 99 Dieren, van Gerrit, 26 Janna, 13 Dircks Geertje, 104 Dirks Geertje, 74 Jannetje, 25 Doorneweerd Dirkje, 3 Gerrit, 7 Harmen, 12 Draaijer Teune, 4 Dries Jan..., 18 Driessen Aert, 104 Jan..., 93 Dutman Albert, 95 Maria, 76 E Egberts Hendrick, 112 Hillechien, 93 Jan..., 113 Lutgertje, 53 Willempje, 93 Eijkelboom Jan..., 103 Eikelboom Aaltje, 64 Gerrit, 84 Ems, van Ese..., 99 Evert, 114 Gerrit, 122 Engberts Albert, 98 Geerlich, 119 Niesje, 56 Willempjen, 45, 69 Evenboer Arend, 18 Everts Berta, 52 Egbert, 108 Geertjen, 69 Gerrigjen, 74 Grietje, 107 Hille, 108 Huyge, 107 Jan..., 80 Janna, 37 Jannetien, 105 Evertsen Geesje, 2 Gerrit Jan, 10 Hendrik, 3 Mannes, 5 F Fidder Neeltje, 48 Flierjans Jan..., 2, 8 Maria, 1 Marten, 4 Forstelman Gerrit, 125, 127 Jan..., 126 Fortuijn Jannegje, 16 Fox Garrit, 71 Hans, 89 Jan..., 25, 48, 71 Teunisjen, 91 Francken Heijmerigh, 94 Freriks Steventien, 62 Frijlink Femmigje, 9 G Gangolfs Jannetien, 105 Ganzeboer Arend, 18 Hendrikje, 5 Klaas, 9 Geerlichs Derck, 105 Geerlig, op den Arent, 72 Geerligs Jennigje, 61 Geerligs, op Egbert, 108 Geerts Derrick, 106 Henrick, 106 Geertsen Dubbelt, 121 Geertsz Geese, 81 Gelderman Berentje, 103 Jan..., 116 Gerberts Jacob, 92 Gerbrichs Gerrigje, 47 Gerrits Aeltien, 58, 69, 94 Andries, 108 Annigjen, 74 Bette, 114 Breunis, 126 Claes, 74 Evert, 19 Geertje, 19 Gerbert, 107 Gerrigje, 68 Gerrit, 37 Gesina, 80 Grietje, 58 Harmine, 61 Hendrik, 54, 75 Hendrikje, 16 Jan..., 59, 95, 104 Jannegien, 68, 89 Jennegien, 59 Lamberta, 77 Lubbert, 26 Lubbigje, 32 Maria, 95 Merretien, 123 Sophia, 54 Swaantje, 67 Wijcher, 96 Willemtien, 79 Willemtje, 79 Gerritsen Christiaen, 91 Gesink Henrickijen, 84 Goossen Grietje, 81 Jan..., 99 Goossens Anna Maria, 51 Gosens Arend, 46 Graaff, de Gerritdina, 29 Grooten Egbert, 106 Janna, 88 Joan, 119 Groppen Catharina Agneta, 105 Grotenhuis Aaltje, 8 Arend, 16 Goldina, 53 Jannes, 30 H Hageman Hendrikus, 6 Harink Jan..., 68 Harms Anna Margrieta, 83 Arent, 27 Evert, 26 Jennigje, 61 Lucas, 95 Peter, 54 Roelof, 73 Willem, 49 Hartsuicker Hendrikje, 98 Have, ten Claes, 114 Heemstede Jenne, 43 Heerinck Coert, 88 Geert, 106 Heijincks Hermannus, 46 Heijmens Rijckjen, 46 Heimerigs Klaasje,
130 Index Hendricks Fijgjen, 26 Geesien, 27 Gerrit, 108 Jacobchen, 122 Hendriks Aaltje, 57 Berend, 88 Berent, 102 Derk, 82 Fennigjen, 60 Gerrit, 32, 77 Ida..., 37 Jan..., 57, 74, 79 Janna, 58 Jannes, 58 Joanna, 79 Lutgertje, 16 Marrigje, 18 Peter, 113 Teunis, 16 Willem, 81 Hendrix Willempje, 95 Hengevelt Jenneken, 104 Henricks Geertien, 97 Henrickjen, 100 Lysbet, 91 Henricksen Ghysbert, 95 Wijcher, 124 Henrics Swaantien, 61 Henriks Berent, 73 Henrix Gerrit, 102 Hermens Anna, 89 Herms Aechte, 110 Berentien, 98 Diewertjen, 96 Geesjen, 94 Janna, 25 Jantien, 97 Lubbegien, 73 Roelof, 74 Willemtje, 89 Hermsen Albert, 107 Derk, 79 Hoek, in den Hendrik, 61 Hollander Marrigje, 16 Hollemans Anna Christina, 15 Everhardus Gerhardus, 29 Horstinck Elisabeth, 82 Otto, 99 Huisjes Aaltje, 28 Derk, 51 Maria, 15 Willem, 28 Hulmans Isabella, 21 I int Winckel Albert, 119 Wessel, 106 J Jacobs Bertien, 122 Hendrikje, 71 Hermen, 97 Jantjen, 27 Lubbegien, 59 Jacobsen Willemtje, 108 Jakobs Marrigje, 26 Jans Aaltje, 37, 63 Aartje, 70 Aeltien, 113 Aeltje, 54, 75 Antonij, 76 Arend, 36 Berent, 71 Claes, 25, 112 Cornelisien, 91 Derk, 59 Dievertje, 57 Evert, 34 Fenne, 36 Geertje, 23 Geertruid, 58 Geese, 81 Gerbrech, 70 Gerrit, 89 Grietje, 25 Grietjen, 51 Harmpje, 10 Henderickjen, 83 Hendrick, 49, 52 Hendrik, 36 Hendrikje, 78 Henricken, 121 Henrickien, 85 Henrikjen, 75 Hermina, 22 Hermpje, 68 Hille, 91 Hilligien, 94 Jan..., 36 Janna, 68 Janneken, 116 Jantien, 98 Margien, 71 Margjen, 76 Maria, 31 Marrichje, 73 Mechteltgen, 118 Rijkje, 91 Steven, 127 Swier, 116 Tijs, 97, 113 Ursel, 107 Willempje, 89 Jansen Aeltien, 104 Berendje, 72 Berent, 59 Berentien, 73 Dirkje, 36 Fennegien, 77 Geerlig, 81 Gerrit, 37 Heijmen, 69 Henrik, 97 Hermannus, 45 Hessel, 120 Jacob, 120 Jan..., 112 Lambert, 37 Maria, 19 Marije, 68 Mientje, 38 Peter, 108 Sijmen, 112 Teunis, 89 Truij, 48 Wychmoet, 107 Janssen Annigje, 29 Berendina, 52 Fennegien, 51, 61 Fennigjen, 77 Hendrina, 29 Janna, 44 Jannichje, 68 Klaas, 60 Maria, 58, 67 Jansz Dries, 73 Teunis, 52 Janszen Willem, 80 Jaspers Geertien, 100 Gerrit, 80 Joghems Aaltjen, 27 K Kalf Marrigje, 18 Karnebeeck Anna, 100 Antonis, 114 Keijman Arent Otto, 62 Hendrika, 39 Klaassen Johanna, 42 Kleijn Roossink Gerrit Wolter, 62 Hendrik, 81 Jan..., 99 Klein Hendrik, 31 Kleunen, van Maria Pieternella, 1 Knoop Anna Margretha, 25 Engbert, 48 Roelof, 71 Kolvoort Wicher, 67 Kooijman Marrigje, 7 Marten, 13 Korterik Tonis, 73 Kragt Claes, 112 Peter, 97 Kroemers, van 't Gerrit, 44 Kruijsdijk Christoffer, 67 Eva..., 44 Lambert, 88 Krukke, op den Hendrikje, 44 Krukkert Gerritdina, 21 L Lamberts Aaltje, 73 Driesien,
131 Index Gerrit, 108 Jan..., 73, 84 Jannigjen, 51, 104 Lambertsen Dieuwertien, 121 Lammertink Claes, 88 Jan..., 66 Land, van 't Gerrit, 21 Leeuw Aaltje, 34 Jan..., 58 Peter, 95 Reinder, 78 Leeuw, de Reinder, 111, 113 Lenderinck Egbert, 93 Geesje, 52 Jan..., 73 Lindeboom Aaltje, 31 Berent, 54 Linden, van Albert, 116 Derck, 123 Derick, 125 Jacob, 104 Maria, 85 Linthorst Asje, 24 Johanna, 11 Lochter, in 't Adam, 124 Loo, van 't Jan..., 49 Looij Berent, 114 Hendrik, 99 Jan..., 99 Lubberts Bartha, 85 Egbert, 113 Egbertgen, 121 Elisabeth, 14 Lubbertsen Drees, 126 Willem, 91 Lucas Grietje, 77 Jan..., 77 Luigiens Jennegien, 97 Luijter Dirck, 110 Luiloffs Hendrick, 122 Luyloffs Steven, 126 Luyter Anna, 127 M Mandemakers Anna, 67 Marle, van Willem, 111 Meekeren, van Geesje, 5 Gerrit Jan, 10 Hendrick, 81 Hermannus, 39 Jurriaen, 62 Jurrien, 19 Meijberg Aeltje, 86 Meijer Willem, 95 Meijerinck Hendrick, 99 Stijntien, 62 Waender, 82 Mensen Aaltje, 45 Mertens Evert, 107 Meuleman Gosen, 23 Marrigje, 6 Steven, 11 Meulenbelt Gerrigje, 4 Middendorp Jennigje, 88 Millingen, op Peter, 110 Mörser Agnes Johanna, 65 Anthon Frederick, 86 Hans Jürgen, 117 Johann Conrad, 105 N Nagel Aaltje, 6 Arent, 44 Hermannus, 10, 21 Nagelhout Aartje, 25 Harmen, 46 Hendrik, 69 Nevesel Hendrik, 50 Jan..., 72 Willempje, 50 Niemeyer Gerrit, 70 Nienes Hendrik, 43 Nyemeyer Dirk, 48 O Oort, op den Derck, 120 Oosten Tomas, 33 Otten Dries, 25 Marchje, 12 Ottink Anna Aleida, 20 Overmars Jannegje, 21 P Peineman Hans Jurrien, 98 Hendrikje, 80 Peters Coob, 61 Diewertien, 95 Egbert, 91 Evert, 32 Grietjen, 79 Hillichien, 112 Jacopien, 98 Klaasje, 80, 96 Lambert, 94 Lubbechien, 94 Metjen, 70 N.N., 111 Peters, van het Leefert, 99 Liesebeth, 81 Philips Fennigje, 124 Ploer Hendrik, 61, 81 Plougman Gerrechje, 58 Podderks Derkjen, 28 Poot Harmen, 50 Posien Jan..., 78 Post Aert, 121 Arent, 126 Nijse, 111, 113 Nyse, 125 Q Quinckelenberg Berent, 107 Quinckelenberg, op Jan..., 89 Toenis, 106 R Reijers Beert, 70 Reijmink Egbert, 114 Elsken, 99 Reijners Giele, 121 Reijnts Gijsbertien, 113 Reimink Hendrikje, 38 Reiners Armgardt, 110 Remmelts Evert, 61 Riesebos Jan..., 76 Rietberg Truichien, 111 Rijecken Neese, 106 Roeberts Aaltien, 80 Roelofs Aaltje, 56 Arent, 74 Berend, 97 Berent, 14 Franco, 108 Hendrikje, 60 Hendrikjen, 70 Henrik, 79 Herman, 49 Hillechien, 54 Willem, 77 Roeteman Berent, 27 Rot Wigbelt, 89 Rotgers Anna, 126 Lijsabeth, 49 Rouwendaal Jan..., 53 Rouwendal Janna, 30 Rutgers 131
132 Index Anna, 46 Hendrik, 27 Remmelt, 80 S Sanders Albert, 99 Schaapman Lubbert, 9 Roelof, 16 Willempje, 4 Schaasbergen Teunis, 16 Schaatsberg Fennegien, 2 Hendrik, 4, 8 Scharfdenberg, op Sophia, 107 Schutte Fennegien, 34 Gerrit, 58 Jan..., 46 Schutten Janna, 24 Seine Jennegjen, 79 Seinen Derk, 18 Gerrit, 79 Jan..., 59 Klaasje, 9 Simmers Hendrikje, 10 Simons Henrikje, 60 Smit Albert, 21 Maria, 5 Snel Gerrit, 95 Snijder Hendrik, 25 Jan..., 46 Soet Hannes, 25 Hendrik, 48 Jacob, 70 Steege, van der Hendrik, 33 Jan..., 57 Willempje, 17 Steen, van den Geerlig, 58 Steenbecke Geertien, 106 Steenbergen, van Christoffer, 13 Stegeman Evert, 29 Hermannus, 15 Maria, 4 Seine, 8 Stevens Geertje, 121 Gerrit, 122 Jantien, 94 Luloff, 125 Maria, 54 Stoel Egbert, 34 Hendrik, 78 Jan..., 2, 5, 9, 17, 58 Klaasje, 1, 2 Stoffers Derkjen, 48 Eva..., 88 Gerrit, 3, 25 Herman, 94 Klaas, 7 Margje, 2 Stolte Jansje, 4 Straten, van Aaltje, 19 Jan..., 41, 63 Suttem, van Hendrick Jan, 68 Swart Berent, 73 Thijs, 53 T Telvoren Gerrit, 62 Tempelman Hendrik Willem, 5 Hendrikje, 3, 10 Lucas, 67 Willem, 21 Tempels Hendrikje, 43 Teunis Geesken, 119 Hendrik, 31 Teunissen Derk, 73 Theunisz Hermen, 80 Thijs Aeltien, 80 Thijssen Dirkje, 23 Thijsz Hermen, 107 Thijszen Geesien, 98 Tiggelaar Aleida, 65 Tijhuis Geseken, 119 Timmerman Hendrik, 31 Marrigje, 8 Steven, 16 Tonissen Jan..., 121 Janna, 73 V Vaerst, van der Geertruij, 65 Hendrick, 105 Maria, 86 Veer, op 't Barbara, 106 Peter, 119 Velthuijs Claes, 126, 127 Peter, 127 Velthuis Gerrit, 44 Hendrikje, 10 Jan..., 21 Veltkamp Geertje, 34 Hendrick, 58 Verwei Swaantje, 11 Vijge Maria, 31 Steven, 53 Visscher Gerrit, 6 Harm, 10 Jan..., 3, 22 Marten, 1, 2 Vlesse Evert, 12, 25 Grietje, 7 Vliermaat Jan..., 28 Vlierman Willem, 15 Vonder Gesina, 9 Jan..., 18 Klaas, 2 Voorhorst Berend, 64 Lambert, 41 Lambertus, 20 Maria Hendrika, 10 Vorstelman Bartha, 41 Dries, 99 Jacob, 82, 114, 126 Jan..., 63, 121 W Warmerink Jan..., 36 Warners Maria, 57 Teunisje, 41 Wemekamp Hendrikus, 10 Werners Nise, 124 Werven, van Berent, 123 Neeltje, 115 Westerhof Hendrik Jan, 10 Westermars Lambert, 50 Wichers Aeltje, 30 Wicherts Willemtjen, 78 Wichmans Aeltjen, 120 Wigbelt Engbert, 69 Wigbolts Frerick, 100 Wijchers Aeltien, 119 Wijchmans Cornelis, 91 Wijnkoop Arend, 8 Wijnolts Grietjen, 61 Wijnvoorden Cornelis, 42 Geesje, 20 Wijnvorden Balthasar, 86 Hendrik, 66 Wildeman Berent, 101 Willemina, 83 Willems Aaltje, 96 Albert, 112 Anna Catharina, 50 Arent, 32 Bettien, 101 Eijbertjen, 70 Evert, 73 Gangolff, 118 Geertjen,
133 Index Hendrikje, 18 Ida..., 80 Jan..., 91 Jannes, 37 Klaas, 60 Lucas, 57 Marrigje, 27 Roelof, 58 Willemsen Elsje, 95 Wilmsen Jenneken, 62 Winckel, ten Aelbert, 88 Geeske, 66 Winters Geertje, 62 Hendrik, 82 Wolde, van der Grietje, 9 Wolters Aaltje, 11 Coop, 113 Jan Matthijs, 23 Marrigjen, 110 Matthijs, 45 Zoet Z Dirkje, 12 Zuithem, van Aaltje, 21 Zuthem, van Jan Henrick, 44 Zwanepol Bartje, 19 Zwarts Antonia, 16 Jan...,
Kwartierstaat Visscher Stoel
Kwartierstaat Visscher Stoel door Klaasjan Visscher 1 Versie 12 augustus 2017 Generatie I 1. [Probant] Generatie II 2. Marten Visscher, zn. van Marten Visscher en Maria Flierjans, geboren te Spoolde op
De nakomelingen van Jan Hendriks Wolfs
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Jan Hendriks Wolfs door 1 mei 2016 De nakomelingen van Jan Hendriks Wolfs Generatie 1 1. Jan Hendriks Wolfs, is geboren in 1590 te Heerde. Hij was molenaar
Dalfsen, transcriptie civ. (onder-)trouwen
Dalfsen, transcriptie civ. (onder-)trouwen 1809-1811 - gemaakt door Jan Hekhuis - Oorspronkelijke bron Archiefinstelling: Historisch Centrum Overijssel, Zwolle Archief: DTB Overijssel (Dalfsen) Inventarisnummer
9 d[it]o [maart 1760] is gedoopt Kornelis zoon van burgem[eester] Hendrik Appelo en Caatjen Baltus getuige Aaltjen Appeloo.
Inges[chreven] den 14 november [1744] Hendrik Derks Apperloo J[onge]M[an] met Catrina Daniels J[onge] D[ochter] beijde alhier en getr[ouwd] den 6 december alhier. 9 d[it]o [maart 1760] is gedoopt Kornelis
Datum Naam kind z/d Voornaam vader Achternaam vader Beroep vader Naam Moeder Straat, wijk gakte-
Bron Burgerlijke stand - Huwelijk Archieflocatie Historisch Centrum Overijssel Algemeen Toegangnr: 123 Inventarisnr: 14247 Gemeente: Zwartsluis Aktenummer: 7 Datum: 30-04-1813 Bruidegom Cornelis Appelo
Notariële Akten na Overlijden Klaas Breedijk (172 )
Notariële Akten na Overlijden Klaas Breedijk (172 ) (Tussen haakjes de RIN nummers in de stamboom www.breedijk.net. ) Klaas Breedijk: ik heb opgezocht wat ik op internet allemaal gevonden heb over zijn
Het erve Meenderink gelegen aan Zonneweg 1 gelegen aan de rand van het dorp wordt voor het eerst vermeld in 1385.
MEENDERINK Het erve Meenderink gelegen aan Zonneweg 1 gelegen aan de rand van het dorp wordt voor het eerst vermeld in 1385. Thans is het een groot paarden- en ruitersportcentrum. Er zijn heden nauwelijks
den 18de [oktober 1795] is geboren en den 25 gedoopt Hendrik zoon van Daniel Appelo en Nelligje van Raalte getuige Hilligje Appelo.
Den 10 juli [1789] zijn ingeschreven getrouwt den 2 aug[ustus] alhier Daniel Appelo J[onge] M[an] en Nellegje van Raalte J[onge] D[ochter] beide alhier. den 18de [oktober 1795] is geboren en den 25 gedoopt
De Uffelter familie Odie
De Uffelter familie Odie In Dwingeloo had je meerdere Mulders die geen familie van elkaar waren, maar afstamden van molenaars van omliggende dorpen. Om die Mulders uit elkaar te houden, hadden ze bijnamen.
Het geboorteboek van de schout van het eiland Schokland,
Het geboorteboek van de schout van het eiland Schokland, 1811 Het origineel is aanwezig in het gemeente-archief te Kampen (DTB 416) transcriptie: Bruno Klappe, Eindhoven versie: mei 2012 Email: [email protected]
Nijeveen, chronologische index civ. overlijden
Nijeveen, chronologische index civ. overlijden 1806-1811 - gemaakt door Huib Gaal - Oorspronkelijke bron Archiefinstelling: Drents Archief, Assen Archief: DTOB Overijssel [Schaduwarchief DTOB (Nijeveen)]
Voorouders te Water. Klaasjan Visscher 12 november 2012
Voorouders te Water Klaasjan Visscher 12 november 2012 Agenda Vissers Beurtschippers, Veerlieden en Trekschuiten Grote vaart en Oorlogsvloot VOC Riviervissers Vissers Arm Gevaarlijk leven (verdrinking)
akte nr. 4048: eerder weduwenaar van Gerritje Opmerkingen Bloos Rotterdam 1849 e028 Index trouwendistrict XIII.
Aarlanderveen Doopboek p.36 dd. 08-01-1769: dito [Den 8 Jan] 't kind Jacob, Vader Abraham Roest, Moeder Pietje van der Boon, Getuijge Margje Jongeneut [de vrouw van Jacobs oom Jacob]. Overledene Jacob
Familie Olgers HET GESLACHT OLGERS IN EN RONDOM. Het Oldambt GESCHREVEN DOOR. Albert Olgers en Jochum Roosma. Kerk te Midwolda
HET GESLACHT OLGERS IN EN RONDOM Het Oldambt GESCHREVEN DOOR Albert Olgers en Jochum Roosma Kerk te Midwolda Gegevens van nog levende personen in dit overzicht mogen niet zonder toestemming van de betreffende
Kwartierstaat van Henderkien Stadman
Kwartierstaat van Henderkien Stadman Ten geleide Een kwartierstaat geeft een helder overzicht van de directe voorouders in manlijke en vrouwlijke lijn. Uitgaande van de kwartierdrager, hier dus Henderkien
De nakomelingen van Willem Jans Vosseberg
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Willem Jans Vosseberg door 8 maart 2017 De nakomelingen van Willem Jans Vosseberg Generatie 1 1. Willem Jans Vosseberg, zoon van Jan Derks Vosseberg
1768 Op 12 december 1768 wordt, in Wilp, Hermanna (Everts) Albers geboren, dochter van Evert Albers en Geertje Harms en op gedoopt.
Door: Jan Jansen, maart 2014 De bijzondere geschiedenis van Harmanna (Everts) Albers Harmanna (Hermanna) is, indirect via haar zoon Hermanus de naamgever van een aantal dragers van de naam Hermanus /
NEUTENBERG-NOTTEBERG. Generatie I. Generatie II
NEUTENBERG-NOTTEBERG Het oorspronkelijke erve Notteberg, waar onderstaande personen naar zijn genoemd, was gelegen in Kerspel Goor nabij huis Heeckeren, waartoe het ook behoorde. Rond 1683 echter verhuizen
bron Burgerlijke stand - overlijden Koudekerk aan den Rijn toegangsnummer inventarisnummer 60 aktenummer 24 naam
Hazerswoude Doopboek Gereformeerd p.25 dd.14-10-64: den 14.Octob[er] (kind) Gerrit (ouders) Klaas Roest en Aaltje Jansz Verganst (getuige) Neeltje Weselenburg. (Aantekening bij de datum:) te Boskoop gedoopt.
Rustende schutterij Smilde 1859
Rustende schutterij Smilde 1859 Bron Gemeentearchief Midden-Drenthe, toegang 1.865, inv. nr. 3930 https://drentsarchiefnet.nl/archives/file/6a28cf3aee4b3561bd4e1d445c8cabda Bewerking Jan Pol, Hoogeveen
2 d[it]o [ ] is gedoopt Nelligjen dogter van Hermen van Raalte en Hadewigh Frens va Beugelen getuige Aeltien Vrents van Beugelen.
Inges[chreven] den 14 november [1744] Hendrik Derks Apperloo J[onge]M[an] met Catrina Daniels J[onge] D[ochter] beijde alhier en getr[ouwd] den 6 december alhier. 16 d[it]o [november 1755] is gedoopt Daniel
Relevant is ook dat Govert Janse van Andel en Johanna van Besoijen hun eerste dochter Handersken noemen(1746).
Govert Janse van Andel zeer waarschijnlijk zoon van Jan Govertse van Andel. Diens vrouw heet in 1694 Hendrickse in het lidmatenregister, en Handersken in 1703. Op de site van het Streekarchief Langstraat,
Onderstaande personen zijn vernoemd naar het nog bestaande erve Bussink aan de Dijkerhoekweg; het werd voor het eerst genoemd in 1645.
BUSSINK Onderstaande personen zijn vernoemd naar het nog bestaande erve Bussink aan de Dijkerhoekweg; het werd voor het eerst genoemd in 1645. De naam Bussink komt overigens veel voor in het Oosten van
Doopboek Veenendaal (zowel Stichts als Gelders!) den 13 september Gijsbert [zoon van] Jacob van Barneveld en Elbertje Veenbrink
Doopboek Veenendaal 13-09-1789 (zowel Stichts als Gelders!) den 13 september Gijsbert [zoon van] Jacob van Barneveld en Elbertje Veenbrink Stigt Trouwboek Stichts Veenendaal 05-07-1789 dito Jacob van Barnevelt
Giethoorn (Noordzijde), index doopsgez. geboorten
Giethoorn (Noordzijde), index doopsgez. geboorten 1755-1811 - gemaakt door Herman de Bruin (nadien controle en aanvullingen door Egbert Lantinga) - Oorspronkelijke bron Archiefinstelling: Historisch Centrum
3 maart [1789] de eerzame b[urgemeeste]r Hendrik Appelo. o[ude] K[erk] no 88 doorgeluidt.
Den 8 october inges[chreven] getrout den 29 october alhier Dirk Henricks van Borne wed[uwnaa]r aan de Swartsluis, met Henrikjen Jans J[onge] D[ogter] wonende tot Zwolle. Den 23 januarij [1718] is gedoopt
Zalk-Veecaten, index geref. dopen 1732-1812
-Veecaten, index geref. dopen 1732-1812 - gemaakt door Cor van Eunen - Oorspronkelijke bron Archiefinstelling: Historisch Centrum Overijssel, Zwolle Archief: DTB Overijssel Inventarisnummer: 573 en 574
Index trouwen district XIII.
Doopboek Zwammerdam p.85 dd. 11-09-1763: Septemb[er] 11 (kind) Gerrit. Abraham Roest Pietertje van der Boon Getuijge Marijtje Roest. (in de marge:) onder Aarlanderveen. Gerrit is dus geboren te Aarlanderveen
DEZE INFORMATIE IS INDERTIJD DOOR VRIJWILLIGERS SAMENGESTELD EN STOND VOORHEEN OP DE WEBSITE VAN DE GEMEENTE RHEDEN.
Registers van naamsaanneming in de gemeente Velp, 1813 Gelders Archief: toegangsnummer: 2501 inv.nrs 186, 187 DEZE INFORMATIE IS INDERTIJD DOOR VRIJWILLIGERS SAMENGESTELD EN STOND VOORHEEN OP DE WEBSITE
Inventaris van het archief van. familie De Vor te Vianen,
T00443 Inventaris van het archief van familie De Vor te Vianen, 1785-1914 D. Ruiter Oktober 2013 Inleiding De in deze inventaris genoemde leden van de familie De Vor waren grondeigenaren en landbouwers.
Nog twee families van den Noort
Nog twee families van den Noort A. In de omgeving van Oosterwolde Opvallend is echter dat de familienaam van den Noort ook in Oosterwolde ontstaat. Deze familie van den Noort is echter, tot op dit moment,
De nakomelingen van Harmen Kucken
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Harmen Kucken door 3 maart 2017 De nakomelingen van Harmen Kucken Generatie 1 1. Harmen Kucken, is geboren in 1620. Hij is getrouwd in 1645 met Reijntjen
Die Nachkommen von Jacob Jansen Bongers
eine genealogieonline Publikation Die Nachkommen von Jacob Jansen Bongers von 10 November 2016 Die Nachkommen von Jacob Jansen Bongers Generation 1 1. Jacob Jansen Bongers, Sohn von Jan Bongers. Er ist
Huwelijksbijlage 1 (geboorte-extract van Hindrik Wolters)
Op heden den vierden juni achttienhonderd twee en negentig zijn voor mij ambtenaar van den Burgerlijke stand der Gemeente Gieten Provincie Drenthe,ten Gemeentehuis aldaar verschenen : Hindrik Wolters Jongman
Huwelijk Hendrik Appelo Hendrikje Slager Derk Appelo Jantje Egberts Bos Kornelis Appelo Geertje Steenbergen Kornelis Appelo
Inventarisnr: 14247 Aktenummer: 15 Datum: 05-05-1820 Bruidegom Hendrik Appelo Leeftijd: 35 Bruid Hendrikje Slager Leeftijd: 20 Geboorteplaats: Vollenhove Vader bruidegom Derk Appelo Moeder bruidegom Jantje
De nakomelingen van Jan Wesseldijk
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Jan Wesseldijk door 13 mei 2016 De nakomelingen van Jan Wesseldijk Generatie 1 1. Jan Wesseldijk, is geboren rond 1650. Hij is getrouwd met Marie. Zij
OUDE WOONPLEKKEN IN VORSTENBOSCH RIETDIJK 19 Arie van den Bogaart een landbouwer uit Schijndel is in 1832 de eigenaar van dit huis (sectie: E130). Hij bezit ook het huis er naast Rietdijk D (verdwenen
Doopboek Dordrecht [ouders:] Willem Jansz en Cornelia van Coeverden [kind:] Willem. Begraafboek Dordrecht
Doopboek Dordrecht 26-01-1707 [ouders:] Willem Jansz en Cornelia van Coeverden [kind:] Willem Begraafboek Dordrecht 06-04-1763 Trouwboek Dordrecht 27-04-1731 Willem van der Stoel Jongman van Dordregt,
Alphen overlijdensregister: Jakob Roest (vervoerd naar Z[wammer]dam)
Zwammerdam Doopregister dd.06-11-1729: den 6 November gedoopt Jakob, waervan Vader is Gerrit Roest, Moeder Neeltje Weselenburg getuijge Hilletje Wezelenburg. Alphen overlijdensregister: 16-01-1805 Jakob
STAMBOOM FAMILIE HARTMAN
STAMBOOM FAMILIE HARTMAN Gegevens zijn ontleend aan: Parenteel van Lamberts CHRISTOFFELS Bestand: C:\PRO-GEN\NL\DATA\FAM-TOT Datum : dinsdag 8 juli 2003 Selectie : 'Personen in parenteel van Lamberts CHRISTOFFELS
Stadsarchief Rotterdam, Digitale Stamboom http://www.stadsarchief.rotterdam.nl/
Stadsarchief Rotterdam, Digitale Stamboom http://www.stadsarchief.rotterdam.nl/ Dopeling Gerrit Vader Jan Ariense Moeder Maritie Gerrits Getuige Annetie Gerrits Plaats Rotterdam Datum doop 12-06-1697 Wonende
Nakomelingen van: Pagina 1 van 9 Symon Jansz. Brouwer alias Vlaming Groen
Nakomelingen van: Pagina 1 van 9 1ste Generaties 1. 1 is geboren in 1560 in Vlaardingen en overleden op een onbekende datum. Hij huwde Christina Bouwensd.. Kinderen van en Christina Bouwensd. i. 2. Cornelis
Stamboom van Freerk Wilken Jonkman Pagina 1
Stamboom van Freerk Wilken Jonkman Pagina 1 I a - II a - Freerk Wilken Jonkman *..-..-1799 Wedde ~ 12-05-1799 Wedde 15-09-1832 Groningen Groningen Gruttersknecht, arbeider, zolderknecht Zoon van: Freerk
Gerechtsbestuur Schalkwijk, 1685-1810 (105)
NT00105_16 Nadere Toegang op inv. nr 16 uit het archief van het Gerechtsbestuur Schalkwijk, 1685-1810 (105) H.J. Postema November 2014 Inleiding Dit document bevat regesten van de processen die voor het
ZANDVLIET (onder Schijndel)
ZANDVLIET (onder Schijndel) Gegevens per perceel Laatste verandering: 18-11-2012 Rekonstruktie van Veghel Martien van Asseldonk Perceel nr. 1 Beschrijving: Een kleyn huijsken met den hoff ende aangelag,
Nakomelingen van: Pagina 1 van 9 Johannes Elwerinck
Nakomelingen van: Pagina 1 van 9 1ste G eneraties 1. 1 is geboren Omstreeks 1465 in Jipsinghuizen (Vlagtwedde) en overleden op een onbekende Hij huwde (Onbekend). Kinderen van i. 2. Ede Johans Elwerinck
Voorburg index dopen: gedoopt Johannes zoon van Gerrit Jansze Roest en Grietje Simonse Oudendijk.
Voorburg index dopen: 24-03-1726 gedoopt Johannes zoon van Gerrit Jansze Roest en Grietje Simonse Oudendijk. Voorburg Doopboek p.106v dd. 24-03-1726: d[en] 24 dito (kind) Johannes (vader) Gerrit Janse
Kwartierstaat Jonkhout
1 Talina Jonkhout, (1) J 1. Geboren in Zwolle op 9-2-1985. Beroep: wijkverzorgende. Opleiding: verzorgende IG/kraam. Zij huwde (op de leeftijd van 21 jaar) in Hattem op 24-11-2006 met Johannes Ludovicus
HUNGERINK. Generatie I
HUNGERINK Het erve Hungerink (in de volksmond ook wel de Hunger geheten) is een zeer oude boerderij gelegen in buurtschap Stokkum. Het wordt voor het eerst genoemd in 1412 maar zal veel ouder zijn. Het
Nummer Toegang: 857 Plaatsingslijst van stukken afkomstig van de eigenaren van de Hofwoning te 't Woudt,
Nummer Toegang: 857 Plaatsingslijst van stukken afkomstig van de eigenaren van de Hofwoning te 't Woudt, 1672-1977 Archief Delft 857 Hofwoning te 't Woudt 3 I N H O U D S O P G A V E Inhoudsopgave BESCHRIJVING
Juridische begrippen in begrijpelijke taal
Juridische begrippen in begrijpelijke taal Aanverwanten De (groot)ouders, ooms, tantes, broers en zussen van uw partner zijn uw aanverwanten, ofwel de aangetrouwden, ook wel de koude kant. Akte Een akte
Zwammerdam Doopregister dd : 21 december gedoopt Claes, waervan Vader is Gerrit Roest, moeder Neeltje Weezelenburg.
Zwammerdam Doopregister dd.21-12-1732: 21 december gedoopt Claes, waervan Vader is Gerrit Roest, moeder Neeltje Weezelenburg. Leimuiden gequalificeerde aangegeven lijken 1806-1811 dd.12-09-1807. (aangegeven)
De nakomelingen van Rik Jans Pannekoek
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Rik Jans Pannekoek door 14 november 2016 De nakomelingen van Rik Jans Pannekoek Generatie 1 1. Rik Jans Pannekoek, is geboren rond 1710. Hij is getrouwd
Den Twaalfden Augustus Achttienhonderd vijftien zijn voor ons President officier van den Burgerlijken Stant der Gemeente van Hendrik Ido Ambacht
Den Twaalfden Augustus Achttienhonderd vijftien zijn voor ons President officier van den Burgerlijken Stant der Gemeente van Hendrik Ido Ambacht gecompareerde Lam, bertus van Loon, molenaarsknecht, oud
Bewoners van de Kapraol.
Bewoners van de Kapraol. Op dit moment, december 2006, wordt de Kapraol bewoond door Stef Rohof en Monique Slagman. In 200X zijn zij in het bezit gekomen van het woonhuis en na enige verbouwingen zijn
Ouders van Aaltje Post
Ouders van Aaltje Post Jacob Post, van beroep schipper werd geboren op 24-09-1857 in Ruinen en is overleden op 21-12-1932 in Hoogeveen. Hij trouwde op 24-02-1883 in Hoogeveen met Aaltje Post, geboren op
Stamvader familie Joosten
een genealogieonline publicatie Stamvader familie Joosten door 13 november 2016 Stamvader familie Joosten Generatie 1 1. Joost Jansen. Hij is getrouwd op 28 maart 1766 te Beekbergen, Gelderland, Nederland
Voorouders Rapport. Eerste generatie
Eerste generatie 1. Johanna Maria (Nicolaas) Cornelisse 24 dec 1908, Uitgeest, Nh Overlijden: 21 jun 1993, Castricum, Nh Begraven: jun 1993, Castricum, Nh Memo: Onderlangs Nicolaas (Teunis) Cornelisse
Voor meer informatie van de boerderij Hoestink zie op onze website onder historisch overzicht per pand: Stokkum boerderijnr. 2.2.
HOESTINK Onderstaande personen zijn genoemd naar het erve Hoestink gelegen aan de Stationsweg te Stokkum nabij Markelo. De boerderij, die vroeger ook wel Huysstede werd genoemd, wordt voor het eerst vermeld
De nakomelingen van Derk Kerkdijk
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Derk Kerkdijk door 11 november 2016 De nakomelingen van Derk Kerkdijk Generatie 1 1. Derk Kerkdijk, is geboren in 1785 te Vriezenveen. Hij/Zij is getrouwd
De kwartierstaat van Johanna Gerritdina Kollenveld
een genealogieonline publicatie De kwartierstaat van Johanna Gerritdina Kollenveld door 31 mei 2010 De kwartierstaat van Johanna Gerritdina Kollenveld Generatie 1 1. Johanna Gerritdina Kollenveld, dochter
Gaarder Geervliet 6-9-1743: dito hebben Maartje Spruijt en Johannes van Aalst haar aangegeven om te trouwen Pro Deo.
Index trouwen district II (Geervliet) Trouwboek Geervliet 6-9-1743: den 6 september sijn in ondertrouw opgenomen Hannis van Aalst J.M. Met Maartje Spruijt J.D. welke personen hier getrouwd zijn den 6 october
Ommen, transcriptie civ. overlijden 1806-1811
Ommen, transcriptie civ. overlijden 1806-1811 - gemaakt door Jan Hekhuis - Oorspronkelijke bron Archiefinstelling: Historisch Centrum Overijssel, Zwolle Archief: DTB Ommen Inventarisnummer 332 (origineel
Kind Cornelis van der Stoel Vader onbekend Moeder Jannetje van der Stoel Plaats Katendrecht Geboortedatum Bron Katendrecht
Doopboek Charlois 24-11-1799 24 [november gedoopt] Jannigtie een Dogter V[ader] Cornelis van der Stoel 1 [Meij geboren] M[oeder] Annigtie Verschoor G[etuigen] de Ouders Dopeling Jannigtie van der Stoel
Parenteel van Hendrik Jans Dijkman
Parenteel van Hendrik Jans Dijkman Een parenteel is een overzicht van (alle) nakomelingen van de stamvader in dit geval Hendrik Jans Dijkman. Bij de doop van zijn zoon Fredrik (13-03-1796) voert hij de
Cornelis van Huijk(Huik) ( )
1 Cornelis van Huik (1853-1894) Cornelis van Huijk(Huik) (1853-1894) Geboren op 22 maart 1853 in Hoogland, zoon van Joannes (Jan) van Huijk en Heiltje van Hamersveld. Cornelis trouwde, 23 jaar oud, op
Warder in Gevelstenen. De oude huizen van Warder met hun gevelstenen
Warder in Gevelstenen De oude huizen van Warder met hun gevelstenen Warder in Gevelstenen Een aantal oude huizen en boerderijen van Warder zijn voorzien van een gevelsteen. Hierop staat aangegeven wanneer
De oudste generaties Stoel in Dordrecht
De oudste generaties Stoel in Dordrecht In het Regionaal Archief Dordrecht bevindt zich onder Toegang 116 (Collectie van familiepapieren en genealogische aantekeningen), Inventarisnummer 763 een dossier
Het Nederduits-Gereformeerde trouwboek van Ens op het eiland Schokland,
Het Nederduits-Gereformeerde trouwboek van Ens op het eiland Schokland, 1810-1835 Het origineel is aanwezig in het gemete-archief te Kamp (Archief van de NH gemete op Schokland, nr. 4) transcriptie: Bruno
Familie De Vor, te Vianen (2008) D. Ruiter Oktober 2013; November 2015
443 Familie De Vor, te Vianen 1785-1966 (2008) D. Ruiter Oktober 2013; November 2015 Inhoudsopgave Inleiding... 3 1. Aanwijzingen voor de gebruiker...3 Inventaris...4 1. Dirk de Vor (1740-1802)... 4 2.
De kwartierstaat van Hendrikus Lambertus Blom
een genealogieonline publicatie De kwartierstaat van Hendrikus Lambertus Blom door 14 september 2017 De kwartierstaat van Hendrikus Lambertus Blom Generatie 1 1. Hendrikus Lambertus Blom, zoon van Albertus
[1] Jacobus de Bruijn
[1] Jacobus de Bruijn Heden den Negenden Mei achttien honderd negen en veertig verschenen voor mij Jan Smits van der Goes Notaris residerende te Bergambacht, in het arrondisſement Rotterdam, Provincie
Stamboom van Louwe Jannes Koopman Pagina 1
Stamboom van Louwe Jannes Koopman Pagina 1 I a - II a - Louwe Jannes Koopman * plm. 1796 Roden Zoon van: Jannes Jans Koopmans en van: Yke Hindriks Cazemier ZIE: Burgerlijke stand - gemeente: Leek - huwelijksakte
(Onder)trouwboek Nijbroek 1695-1812 Nederduitsch-gereformeerde gemeente. Transcriptie: Jan Groenenberg 2009
(Onder)trouwboek Nijbroek 1695-1812 Nederduitsch-gereformeerde gemeente Transcriptie: Jan Groenenberg 2009 Inleiding: De tekst in voor een belangrijk deel letterlijk overgenomen. Voor de duidelijkheid
Odoorn. De soldaten/mariniers
Odoorn Van zes mannen uit de voormalige gemeente Odoorn is bekend, dat zij als soldaat of marinier in het Franse leger in de jaren 1811-1813 hebben gediend. Van hen zijn drie mannen teruggekeerd: Jacob
De nakomelingen van Jacob de Graaf (Ponael)
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Jacob de Graaf (Ponael) door 12 november 2016 De nakomelingen van Jacob de Graaf (Ponael) Generatie 1 1. Jacob de Graaf (Ponael). Hij is getrouwd op
De nakomelingen van Coert Alberts
een genealogieonline publicatie De nakomelingen van Coert Alberts door 11 november 2016 De nakomelingen van Coert Alberts Generatie 1 1. Coert Alberts, is geboren in 1660. Hij is getrouwd met Marrichje
AANTEKENING VAN HUWELIJKSZAAKEN IN DEN AMBTE NIJBROEK 1796 1811. Transcriptie: Jan Groenenberg 2009
AANTEKENING VAN HUWELIJKSZAAKEN IN DEN AMBTE NIJBROEK 1796 1811 Transcriptie: Jan Groenenberg 2009 Toelichting: In de Franse tijd van 1795 tot 1813 ten tijde van de Baraafse Republiek (1795-1806) en het
Index begraven Oldebroek (1943) op de B. van de Streek, 2003
Index begraven Oldebroek 1849-1916 (1943) op de B. van de Streek, 2003 INLEIDING Deze uitgave is de negen en dertigste in de serie nadere toegangen van het streekarchivariaat in Oldebroek. De uitgave is
Gerechtsbestuur Cothen M.A. van der Eerden-Vonk; met wijzigingen door A.A.B. van Bemmel Versie 2013
26 Gerechtsbestuur Cothen 1789-1811 M.A. van der Eerden-Vonk; met wijzigingen door A.A.B. van Bemmel 1991. Versie 2013 Inhoudsopgave Inleiding... 3 1. Aanwijzingen voor de gebruiker...3 2. Nadere toegang...3
Inventaris van het archief van de
T00443 Inventaris van het archief van de familie De Vor te Vianen, 1785-1966 (2008) D. Ruiter Oktober 2013; November 2015 Inleiding De in deze inventaris genoemde leden van de familie De Vor waren grondeigenaren
LIJST VAN DE TE ONTEIGENEN ONROERENDE ZAKEN ONTEIGENINGSPLAN: N303 Rondweg Voorthuizen VERZOEKENDE INSTANTIE: PROVINCIE GELDERLAND
LIJST VAN DE TE ONTEIGENEN ONROERENDE ZAKEN ONTEIGENINGSPLAN: N303 Rondweg Voorthuizen VERZOEKENDE INSTANTIE: PROVINCIE GELDERLAND Grondplan nr. Te onteigenen grootte Van de onroerende zaak, kadastraal
Stamboom van Jacob Derks Hoogstra Pagina 1
Stamboom van Jacob Derks Hoogstra Pagina 1 I a - II a - Jacob Derks Hoogstra *..-..-1807 Grootegast Boerenknecht te Tolbert (Leek) Groningen (1835). Zoon van: Derk Jacobs Hoogstra en van: Martje Jannes
geboren in Enkhuizen Boudewijn Laset 23 jaar 38 jaar geboren in Zwolle Pieter 59 jaar geboren in Hoorn Bierenbroodspot Achterom in Hoorn.
D e op 11 mei 1811 in Monnickendam Katholiek gedoopte Jan Voortman, trad reeds op achttienjarige leeftijd in het huwelijk met de zes jaar oudere Trijntje Bakker. Op deze leeftijd werkte hij als scheepstimmermans-knecht
Nachkommenliste Hendrik WEVER (1780-), Gasselte NL [371]
Hendrik WEVER, Gasselte, geb. 1780 1: Harmtje GEERTS (1786-05.04.1843), Gasselte 1: Harm Stoffers WEVER (13.01.1821-vor 1903), Smilde, Emmen 2: Harmanis WEVER (26.06.1828-05.07.1828), Gasselte Harm Stoffers
G E M E E N T E A R C H I E F S C H I E D A M
G E M E E N T E A R C H I E F S C H I E D A M TOEGANGSNUMMER 462 INVENTARIS VAN DE COLLECTIE VERHOEF 1811-1897 DOOR C. JEURGENS SCHIEDAM 1996 1 INHOUDSOPGAVE Wijze van citeren... 2 INVENTARIS... 3 1. Henricus
Parenteel van Sybrand Hessels
Parenteel van Sybrand Hessels Een parenteel is een overzicht van (alle) nakomelingen van de stamvader in dit geval Sybrand Hessels. Uit de huwelijksakte (d.d. 07-05-1826) van zijn zoon Hessel Sybrands
Olst, transcriptie overlijden-begraafboek geref
Olst, transcriptie overlijden-begraafboek geref. 1802-1806 - gemaakt door Jan Hekhuis - Oorspronkelijke bron Archiefinstelling: Historisch Centrum Overijssel, Zwolle Archief: DTB Overijssel (Olst) Inventarisnummer
Geboorten Staphorst 1811-1912
Geboorten 1811-1912 deel 2 : 1864-1912 Bronnen The Church of Jesus Christ of Latter-day Saints (LDS) - via de NL inventarisatie van Jacques op genver.nl Enkele ontbrekende pagina's werden op eerste verzoek
Generatie 1 Willem () van Denderen, is geboren rond 1650 te Neerloon, Noord-Brabant,dagloner van beroep, trouwde met Wilhelmina (de Kleijn?
Generatie 1 Willem () van Denderen, is geboren rond 1650 te Neerloon, Noord-Brabant,dagloner van beroep, trouwde met Wilhelmina (de Kleijn?) Generatie 2 Johannes Willemsz van Denderen, zoon van Willem
Gerardus BESSELING Anna, Mactiae CRAMER (KRAEMETS) Joannis CRAMER (CREMER) Mariae HOEVEN Hendrick BESSELING Annitje BESSELING
III.9 Gerardus (Gerrit) Hendriksz BESSELING (BISSELINGH), smid in Edam, Amsterdam en baassmit te Wognum, geboren op 04-09-1694 te Emmerik, gedoopt (rk) op 04-09-1694 te Emmerik (getuige(n): nv), overleden
Parenteel van Petrus (Peter) Eijsermans
pagina 1 van 7 Parenteel van Petrus (Peter) Eijsermans 1 Petrus (Peter) Eijsermans, zoon van Joannes Baptista Eijsermans en Jacoba Spapens. Hij is gedoopt op dinsdag 20 november 1792 in Goirle. Notitie
Theodorus Hoefs ( )
Theodorus Hoefs (1855- eigen code : ouders : Hubertus Hoefs (1808-1878) Theodora Rutten (1811-1873) Theodorus Hoefs is geboren op 6 mei 1855 te Uden BSG Uden 1855-66 : In het jaar eenduizend acht honderd
Genealogie van Eeuwit? Buijtenhek
Genealogie van Eeuwit? Buijtenhek I Eeuwit? Buijtenhek. Kinderen van Eeuwit uit onbekende relatie: 1 Cornelis Eeuwits Buijtenhek [DEK_57]. Volgt II-a. 2 Dirk Eeuwits (Evertsz) Buijtenhek [DEK_86]. Volgt
Trouwen Dalfsen CIV niet alle gegevens kunnen getoond worden.
74 26 1796-10-28 1796-11-20 Arent Noortman wedn. vbartha Jansen j.d. 74 19 1796-03-22 1796-04-28 RK Johannes Franciscus Laarman wedn. vantonia Jansen wed. van wijlen Hendrik Wildeboer 74 116 1806-09-29
Voorouders Rapport. Eerste generatie
Eerste generatie 1. Hendrikus Jacobus (Johannes) Kloes 30 sep 1912, Heemskerk, Nh Overlijden: 20 nov 1985, Castricum, Nh Memo: Onderlangs Johannes (Jacob) Kloes (22 apr 1875-25 jul 1961) Jacoba (Hendrikus)
In 1858 veilen de erfgenamen van Reijer Kuijpers: 1. een stuk bouwland, genaamd het Hooge Land langs de laan van Beekvliet te Woudenberg, sectie C
Kuijpers I Evert Gerritsen Kuijpers, geb. (Garderen?) 1726, klompenmaker, ov. Scherpenzeel 17-10- 1814, zn. van Garret Kuijpers en Ortje NN, tr. (1) Geurtje Jans, tr. (2) Nijkerk 25-11-1779 Aaltje Reijers
Jan Hendrick Vos (1656-ca1696)
Jan Hendrick Vos (1656-ca1696) Jan Hendrick is geboren op 20 juli 1656 in Lengerich(Dld). Hij wordt gedoopt als Johan Heinrich, bij zijn huwelijk ondertekent hij zelf met Jan Hendrick. Hij heeft nog vier
3. Aart Hendriksen van Maarn, ged. Doorn , tr. Doorn Maria/Marrigje Claassen van Maarn Negen kinderen gedoopt te Doorn.
Maarn, van I Hendrik Peters, ov. voor 1747, otr. Doorn 26-09-1705 Cuijntje Hendriks, van Maarn, ov. Woudenberg 09-09-1760 Lidm. Woudenberg: Cuijntie Hendrikze, wed. Hendrik Peterze, met attestatie van
Blad 2a. Kwartierstaat van Antoon van den Berg ( ) oudouders/oudgrootouders
Blad 2a Kwartierstaat van Antoon van den Berg (1877-1961) oudouders/oudgrootouders Website: Stamboom familie Van den Berg > Kwartierstaat van 01. Antoon van den Berg (1877-1961) Blad 2a Generatie VI De
