Dinamo modelbaan besturing IPM. Handleiding
|
|
|
- Dina van der Ven
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Dinamo modelbaan besturing IPM Handleiding Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 1.1 Datum: 28 januari 2007
2 Release beheer Deze handleiding is van toepassing op de kit bestaande uit: Print o IPM Rev00 Mei 2003 o IPM Rev01 Mei Dit document, dan wel enige informatie hieruit, mag niet worden gekopieerd en/of verspreid, geheel of gedeeltelijk, in welke vorm dan ook zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de oorspronkelijke auteur. Het maken van kopieën en afdrukken door gebruikers van Dinamo en de IPM module uitsluitend ten behoeve van eigen gebruik is toegestaan Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 2 van 20
3 Inhoud 1 Inleiding Veiligheid Dimensioneren Trafo Afvlak-elco Eindtransistoren Condensator C Zekering Z Bouw Benodigdheden De print Vermogenstransistoren Aansluiten Stap 1 Koppelen van externe componenten Stap 2: Testen en afregelen Stap 3: Aansluiten Dinamo modules RM51/TM-H en TM51/TM-H CD PM OM16/OM32 (parallel) OM32 Serial Extra accesoires Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 3 van 20
4 1 Inleiding De IPM is bedoeld om je DINAMO bestuurde modelspoorbaan van de juiste voedingsspanningen te voorzien. Deze zijn: +5V voor de elektronica (RM51/H, TM51/H en evt OM16) +12V voor de TM51/H controller(s) Wissel Stuurspanning V / 3A (instelbaar, stroombegrensd), eventueel ook extern te gebruiken voor ontkoppelrails Rijspanning V / 5..15A (instelbaar, NIET begrensd) De IPM betrekt al deze spanningen uit één enkele (ringkern)trafo van 18V. De 5V wordt hieruit opgewekt door een schakelende converter. Deze is energiezuinig en dissipeert daardoor weinig warmte. De overige spanningen worden op traditionele wijze verkregen. Enkele componenten voor de totale voeding zitten niet op de print, vanwege de simpele reden dat deze niet geschikt zijn om op een print te monteren. Het betreft: Ringkerntrafo 18V/ VA Bruggelijkrichter 25A Afvlakcondensator (beker-elko) mF mF /35V De eindtransistoren voor de rijspanning + koellichaam Primaire zekering Secundaire zekering Netschakelaar Voor de exacte waarden van deze componenten moet je paragraaf 3 lezen. In de stukslijst vind je 6 kolommen die aangeven welke componenten je nodig hebt. Bij sommige staat de opmerking zie handleiding : zie hiervoor paragraaf 3. Normaliter zul je de IPM bouwen voor alle voedingsspanningen, maar heb je bv al een aparte 5/12V voeding voor de elektronica, dan zou je ook alleen het WSS en RS gedeelte kunnen gebruiken. Wellicht heb je heel veel 5V vermogen nodig (zie paragraaf aansluiten stap 3 ), dan zou je een extra IPM kunnen nemen waarvan je alleen de 5V gebruikt, of misschien wil je een extra instelbare, gestabiliseerde voedingspanning tussen 11 en 23V voor een specifieke toepassing of extra ontkoppelrails. Spanningen buiten dit bereik zijn overigens ook te realiseren, maar dan moet je enkele componenten iets aanpassen. De 4 deelvoedingen zijn feitelijk apart op te bouwen en in de stukslijst vind je welke onderdelen je voor elke functie nodig hebt. Per print heb je nooit meer nodig dan het aantal genoemd in de kolom Max. Als je een tweede IPM toepast hoef je uiteraard niet ook meteen een extra trafo te gebruiken. Je kunt gerust meerde IPM modules op dezelfde ruwe voedingsspanning aansluiten, mits de trafo maar voldoende capaciteit biedt voor het totaal benodigde vermogen. Bouw je een gedistribueerd Dinamo systeem (vanaf versie 3 wordt dit ook echt goed ondersteund door de communicatiemogelijkheden) dan is het wellicht raadzaam ook meerdere IPM s toe te passen. Je zou bijvoorbeeld meerdere concentratiepunten van apparatuur kunnen plannen die je elk voorziet van een eigen IPM. De ruwe voeding haal je desgewenst uit 1 transformator. Pas in dat laatste geval wel op dat je de ruwe voeding afzekert met een smeltzekering! Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 4 van 20
5 2 Veiligheid De voeding werkt (uiteraard) op het lichtnet en het werken met dit soort spanningen en vermogens is levensgevaarlijk als je niet goed nadenkt bij wat je doet. Mits goed gebouwd is de voeding m.i. absoluut veilig voor de toepassing waarvoor je hem gaat gebruiken: de modelspoorbaan, maar als zelfbouwhobbyist ben je zelf ook volledig verantwoordelijk voor het eindproduct en daarmee voor de veiligheid van jezelf en iedereen die met je modelspoorbaan in aanraking komt. Letterlijk gezien voldoet deze voeding niet aan alle eisen die gesteld worden aan elektrisch speelgoed. Eerlijk gezegd vind ik persoonlijk een modelspoorbaan ook geen speelgoed. Het belangrijkste punt is dat transformatoren voor speelgoed de wikkelingen voor primaire (lichtnet) en secundaire (laagspanning) zijde op aparte benen moeten hebben om ook bij volledig uitbranden van de transformator te voorkomen dat de netspanning op aanraakbare delen kan komen. Een ringkerntrafo voldoet niet aan deze eis. Aan de andere kant zitten er juist flink wat voorzieningen in de voeding om te voorkomen dat zo n situatie ooit optreedt. Er is dus op dit punt eigenlijk weinig aan de hand. Houd voor je eigen veiligheid de volgende richtlijnen aan: Haal de stekker uit het stopcontact als je werkt aan de voeding. Controleer dat draden goed vastzitten (solderen, schroeven of krimpen) en niet kunnen losschieten. Gebruik als je een soldeerpunt in een draad wilt isoleren bij voorkeur krimpkous en geen isolatietape. Dat laatste laat op de duur los. Laat geen onderdelen hangen aan draden. Werk niet aan de voeding na gebruik van alcohol, drugs of medicijnen die een nadelige invloed kunnen hebben op je beoordelingsvermogen. Zorg voor voldoende licht en zicht bij de werkzaamheden. Houd draden van primaire (lichtnet) en secundaire (laagspanning) zijde gescheiden, laat ze nier door elkaar lopen. Zorg dat (na de bouw) alle stroomvoerende delen aan primaire (lichtnet) zijde van de transformator op geen enkele manier kunnen worden aangeraakt, ook niet door prutsende vingertjes van kinderen die je zelf niet hebt: er zal er maar een keer een op bezoek komen en dan wil die vast de trein zien. Sluit de voeding bij voorkeur aan op een geaarde wandcontactdoos en zorg bij voorkeur dat je huisinstallatie voorzien is van een 30mA aardlekschakelaar. Schenk met name aandacht aan die punten in deze handleiding waar een teken staat Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 5 van 20
6 3 Dimensioneren Voordat je begint en de onderdelen aanschaft moet je nadenken over het vermogen dat je voeding moet kunnen leveren. Vermogen wordt uitgedrukt in Watt of VA (VoltAmpere). Beide grootheden zijn niet exact, maar wel bijna hetzelfde en voor onze berekeningen in die zin uitwisselbaar. 3.1 Trafo We gaan eerst uitrekenen welke trafo je ongeveer nodig hebt. Je hebt ca 40VA nodig voor de elektronica en wisselaandrijving + 1,25 x het totale vermogen dat al je treinen samen maximaal tegelijkertijd kunnen gebruiken. Een indicatieve formule is P=40+25*I*N). N is het maximaal aantal treinen dat tegelijkertijd op je baan kan rijden. I is de stroom die een gemiddelde rijdende trein gebruikt, bij H0 meestal ergens tussen 0,5A en 1A, afhankelijk van schaal, merk en type lok, rijtuigverlichting, etc. P geeft het vermogen van je trafo in VA. Bij een gemiddeld stroomverbruik van 750mA en maximaal 10 treinen heb je dus een trafo nodig van 40+25*0,75*10 = 225VA. Een trafo van 120VA is ongeveer het minimum dat zinvol is. Kleiner kun je ze wel kopen, maar dan worden ze nauwelijks goedkoper. Je kunt een trafo nemen van 18V of een van 9V (2 wikkelingen) waarbij je in het laatste geval de 2 wikkelingen in serie zet en in het eerste geval de 2 wikkelingen parallel. 3.2 Afvlak-elco Voor de afvlak-elko (elektrolytische condensator) kun je het best een zogenaamde bekerelko gebruiken. Probeer er een te vinden met een bevestigingsschroef, zodat je hem kunt vastzetten. Als dat niet lukt moet je een beugel gebruiken of tie-wraps. De spanning die de elko aan kan moet tenminste 35Volt zijn. Liefst ook niet veel meer, want hoe hoger de spanning hoe groter en duurder ze worden. Tot een vermogen van 250VA heb je voldoende aan een elko van ca Bij grotere vermogens kun je beter iets van mF gebruiken. 3.3 Eindtransistoren De rijspanning voor de treinen wordt gestabiliseerd door 1, 2 of 3 vermogenstransistoren. Bij dit proces gaat energie verloren die wordt afgevoerd in de vorm van warmte. Hoeveel transistoren je nodig hebt hangt af van de hoeveelheid warmte die je moet afvoeren. Dit hangt weer af van hoeveel treinen er hoe lang tegelijkertijd op jouw baan rijden, hoeveel stroom deze gebruiken, of je met verlichte rijtuigen rijdt, of je veel hellingen hebt, etc. De warmte die verstookt wordt is ruwweg (Ruwe_Spanning-Rijspanning)*I*N. I is weer de gemiddelde stroom die een trein gebruikt. N is het aantal treinen dat gemiddeld gelijktijdig rijdt. De ruwe spanning is ca 23V. Bij een Rijspanning van bv 15V, een gemiddeld verbruik per trein van 750mA en 7 gelijktijdig rijdende treinen is het verstookte vermogen dus (23-15)*0,75*7 = 42Watt. Ga er (met enige vereenvoudiging en veilige marge) van uit dat één transistor maximaal 50 Watt kan verstoken. De behuizing van de transistor mag daarbij zo n 90ºC worden. Afhankelijk van het vermogen dat je moet verstoken moet je dus 1, 2 of 3 transistoren toepassen. Afhankelijk van het aantal transistoren moet je de weerstanden R15, R16 en R17 plaatsen. Evenveel weerstanden als transistoren plaatsen. Om te voorkomen dat de eindtransistoren te heet worden moet je ze op een koellichaam zetten. Dat is een stuk geanodiseerd aluminium met koelribben erop. Een koellichaam heeft Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 6 van 20
7 een thermische weerstand, uitgedrukt in K/W (Kelvin per Watt). Dat getal geeft de temperatuurstijging aan in Kelvin (of Celsius) per gedissipeerd Watt vermogen. De maximale temperatuur van de behuizing van de transistoren bedraagt in ons geval 90ºC. Uitgaande van een omgevingstemperatuur van 30ºC is de maximale temperatuurstijging dus 60ºC of 60K. In ons bovengenoemd voorbeeld dient de thermische weerstand van het koellichaam dus kleiner te zijn dan 60/42 = 1,5K/W. Hoe kleiner de thermische weerstand, hoe groter het koellichaam wordt. Op de Dinamo Users Group staan enkele voorbeelden van koellichamen en bijbehorende karakteristieken. Je kunt de thermische weerstand verder verkleinen door geforceerd te koelen met een ventilator. Bij grotere vermogens kun je op die manier het koellichaam beperkt houden, mits je er een beetje geluid voor in de plaats voor lief neemt. Het is ook een beetje een kwestie van uitproberen. Neem het koellichaam niet al te groot. Het aantal treinen dat echt continue tegelijkertijd rijdt is toch meestal niet zo groot als je denkt. Als de boel dan echt te heet wordt kun je er altijd nog een ventilatortje op zetten, eventueel geschakeld door een thermostaat die je op het koellichaam zet, zodat de ventilator alleen in extreme omstandigheden bijschakelt. Verder is het aantal transistoren en de grootte van het koellichaam in zekere zin uitwisselbaar Als je bv in totaal 60 Watt wilt kunnen dissiperen en je gebruikt hiervoor 2 transistoren, dan verstoken deze 30 Watt elk. De temperatuur van de behuizing van de transistor mag dan tot ruim 120ºC stijgen. Als koellichaam heb je dan voldoende aan 90K/60W = 1,5K/W. Dit soort berekeningen komt toch een beetje in de buurt van hogeschool-achtige thermische berekeningen. Als je hier mee aan de slag wilt staat op de Dinamo Users Group een datasheet van de 2N3055 transistor waar dit soort karakteristieken en getallen in staan. In de meeste gevallen kom je met bovenstaande simpelere richtlijnen een heel eind. Uiteindelijk komt het niet zo heel precies. 3.4 Condensator C11 Als vuistregel kun je aanhouden dat je C11 alleen plaatst als je meer dan 4 TM51/H controllers in je systeem hebt zitten. 3.5 Zekering Z2 Z2 moet zo groot zijn als de maximale stroom die je trafo kan leveren NA de condensator (dus waar de spanning ca 23V is). Voor een 225VA trafo is dat dus 225VA/23V = 10A Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 7 van 20
8 4 Bouw Neem voordat je met de bouw en ingebruikname van de IPM begint deze handleiding in elk geval een keer helemaal door. Bij de bouw wordt er van uitgegaan dat je beschikt over enige basis-elektronica kennis en over enige handigheid met soldeerwerk. 4.1 Benodigdheden Naast het bouwpakket, bestaande uit bovengenoemde PCB (Printed Circuit Board en deze handleiding heb je nodig: Een soldeerbout voor elektronicawerk. Liefst een iets zwaarder exemplaar dan voor de bouw van de overige DINAMO modules. Een 25Watt exemplaar voldoet prima. Een temperatuurgecontroleerde is beter, maar niet noodzakelijk. Tinzuiger (voor noodgevallen). Electronica soldeer (tin of tin-zilver) met harskern, 0,8 mm of (liefst) dunner. Het gebruik van tin-lood is per juli 2006 verboden voor industriële productie en slecht voor het milieu. Gebruik hiervan zou daarom ook door de hobbyist zoveel mogelijk moeten worden vermeden. Een kleine zijkniptang voor electronica of modelbouwtoepassingen. Kleine buigtang Kleine maat schroevendraaier Een universeelmeter De onderdelen van de stukslijst (zie ook de paragraaf Dimensionering ) Een aluminium hoekprofiel 40 x 20 x 20 x 2 x 100mm Bij voorkeur: een M3 draadtap setje (dus niet noodzakelijk) Een handvol M3 boutjes (6 en 16 mm), moertjes, veerringen en plaatjes Warmtegeleidingspasta 4.2 De print Als je alle onderdelen en voldoende vrije tijd hebt kun je beginnen. Je hoeft onderstaande volgorde niet aan te houden, maar dit maakt e.e.a wel gemakkelijker! Deze print is niet doorgemetalliseerd en om te zorgen dat de soldeerpunten zo sterk mogelijk zijn, zijn de gaatjes zo klein mogelijk gehouden. In principe passen alle onderdelen er echter normaal in. Mocht dat toch niet het geval zijn, dan kun je bij deze print (en alleen bij deze print) een gaatje eventueel iets groter boren. Als je de verderop geadviseerde montagemethode gaat gebruiken kun je het best nu eerst de voorbereidingen hiervoor treffen door de 2 montagegaten op het aluminium profiel af te tekenen. Neem een aluminium hoekprofiel van 20x40x2 mm en zaag hier een stuk af van 100mm. Bramen verwijderen. Leg nu de print met de zijde waarop T1, IC1, IC2, etc gaan komen in de hoek van dit profiel met de kant van 20mm onder de print en de 40mm zijde recht omhoog stekend. Teken de 2 montagegaten af op het profiel: Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 8 van 20
9 aftekenen aftekenen 40mm zijde rechtop 20mm zijde onder de print Figuur 1: Aftekenen montagegaten in het alu-profiel Leg het profiel even terzijde. Hier gaan we later mee verder. De print is enkelzijdig. Dit betekent dat je enkele draadbruggen moet aanbrengen. Doe dit bij voorkeur het eerst, dan kun je er nog goed bij en is de kans dat je er een vergeet klein. Trek de draadbruggen strak over de print met blanke (ongeïsoleerde, niet-gevlochten) draad van ca 0,5 mm diameter.. Het zijn er in totaal 8. Eén daarvan, die langs D4, moet je iets dikker uitvoeren (ca 0,8 mm diameter) Monteer de ¼ Watt weerstanden (de kleintjes) en de condensatoren C4 en C5. Bij C4 en C5 heb je de keuze uit 2 gaatjes, afhankelijk van de fysieke maat van de condensator. Monteer D2, D3 en D4. Let op de polariteit zoals aangegeven op de print. Monteer C1, C2, C3, C6, C7, C8, C9 en, bij Rev01, C12. Let op de polariteit. Deze staat op de print en op de condensator. Het kortste pootje van de condensator is normaliter de pool. Monteer de instelpotmeters R6 en R9. Monteer D5 (let op de polariteit). Monteer R12, R13, R14, R17 en eventueel R16 en R15. Houdt deze weerstanden iets vrij van de print; ze worden warm. Monteer de schroefterminals K1 t/m K6. Zorg dat deze goed zitten vastgesoldeerd, want bij het schroeven komt er soms enige kracht op. Je bent nu toegekomen aan het moeilijkere gedeelte, het monteren van T1, IC1, IC2, IC3, D1 en IC4. Deze zitten aan de rand van de print en hebben steeds de metalen zijde aan de buitenkant van de print. Deze onderdelen worden warm en hebben koeling nodig. Daarom moeten ze op een koelplaat of koelstrip. Heel groot hoeft deze niet te zijn. Als je de voeding monteert op een (niet al te dunne) metalen bodemplaat kun je deze bodemplaat mede gebruiken als koelmedium. In dat geval adviseer ik de volgende opstelling: Fig 2: Opstelling voor gebruik van bodemplaat als koelmedium Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 9 van 20
10 Als je deze opstelling wilt gebruiken moet je zorgen dat de te koelen halfgeleiders met de metalen plaat gelijk komen met de zijkant van de print: Hiertoe moet je de pootjes een klein beetje verbuigen. Doe dat met een puntig tangetje, zodat de boel niet afbreekt. Bij de normale TO220 behuizingen gaat dat gemakkelijk. Bij de L4960 moet je van de poten die naar voren steken eerst even de punt recht maken, dan de achterste poten in de gewenste vorm buigen en tot slot de voorpoten op de juiste plek krombuigen, zodat de hele handel netjes in de print past. Soldeer de onderdelen vast, liefst met de bovenkanten van de behuizingen op gelijke hoogte. buigen buigen Fig 3: Uitlijnen van de componenten op de zijkant van de print Neem nu het aluminium hoekprofiel waarop je eerder de 2 montagegaten hebt afgetekend. Boor deze afgetekende gaten op 3mm. Boor vervolgens nog 2 gaten van 2,5mm in dit profiel op (ongeveer) de volgende plek: boren 3mm boren 3mm 40mm zijde rechtop 20mm zijde boren 2,5mm boren 2,5mm Fig 4: Boren van de montagegaten in het aluminium hoekprofiel Verwijder de bramen van de boorgaten. Als je een draadtap hebt, tap dan M3 draad in de gaten van 2,5mm. Als je geen tap hebt, zo laten. Steek nu (vanaf componentzijde) in de beide montagegaten van de print een M3 boutje (16mm lang), metalen plaatje eronder, een veerringetje en zet dit stevig vast met een M3 moertje. Zet er vervolgens nog een moertje bovenop (voor voldoende afstand), steek het alu profiel erop en zet dat vast met nog een moertje. Je hebt dan ongeveer de situatie hiernaast aftekenen print veerring boutje M3 alu-profiel plaatje moertje M3 (2x) moertje M3 Fig 5: Bevestiging van het aluminium profiel op de print Teken nu de 6 montagegaten af van de betreffende halfgeleiders op het alu-profiel. Verwijder het alu-profiel door de 2 moertjes er af te draaien en boor de afgetekende gaten op 2,5mm. Tap hier vervolgens M3 draad in. Als je geen draadtap hebt moet je deze gaten op 3mm boren. De randjes afbramen zodat voor en achterzijde weer mooi vlak zijn Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 10 van 20
11 Bedenk nu eerst waar je de print straks wilt monteren en teken, nu je het profiel nog los hebt, de 4 montagegaten (fig. 4) in het alu-hoekprofiel ook af op de bodemplaat. Boor in de bodemplaat op deze plek gaten van 3mm. De metalen behuizing van T1, IC1, IC2 en D1 is stroomvoerend. Dit is niet het geval bij IC3 en IC4. T1, IC1, IC2 en D1 moet je daarom elektrisch isoleren van de koelplaat, anders krijg je straks kortsluiting. Dat isoleren gaat met een TO-220 isolatiesetje. Een setje bestaat uit een mica of siliconen plaatje en een isolatiebusje Die plaatjes hebben als eigenschap dat ze warmte wel goed geleiden, maar stroom niet. Monteer nu het alu-profiel weer op de print. Schroef IC3 en IC4 vast op het profiel met M3 boutjes (6 mm lang). Als je geen draad getapt hebt in de gaten moet je er een M3 moertje achter leggen. Doe hetzelfde met T1, IC1, IC2 en D1, maar leg nu eerst het isolatieplaatje tussen de behuizing van het component en de koelstrip. Bij gebruik van mica kun je voor een betere warmtegeleiding aan beide zijden van het mica plaatje een kleine hoeveelheid warmtegeleidingspasta aanbrengen (zuinig, want anders wordt het een smeerboel). Voordat je het M3 schroefje erin zet moet je eerst het isolatiebusje aanbrengen. Als het goed is heb je nu de hiernaast getekende situatie: ** isolatieplaatje (mica of siliconen) ** isolatiebusje ** = samen isolatiesetje voor TO220 M3 boutje M3 tappen of moertje erachter Fig 6: Montage componenten met isolatiesetje Controleer met een Ohmmeter of de behuizingen van T1, IC1, IC2 en D1 inderdaad geïsoleerd zijn van de koelstrip. Je zult wel een weerstand meten, maar die moet aanzienlijk meer zijn dan 10 Ohm. Monteer nu de resterende componenten L1, C10 en eventueel C11. De module is nu klaar. Draai de 2 M3 moertjes waarmee de alu-koelstrip op de print vastzit er even af en steek de 2 boutjes door de bevestigingsgaten van de bodemplaat. Teken nu ook even de andere 2 bevestigingsgaten van de print af op de bodemplaat. Verwijder de module en boor de 2 gaten in de bodemplaat (3mm). Steek 2 boutjes (M3 x 16mm) door de 2 overgebleven gaten van de print. Plaatje, veerringetje en moertje erop en vastdraaien. Zaak is dat met name deze 2 punten elektrisch goed contact maken. Draai er nog een tweede moertje op voor de juiste afstand, maar draai deze niet helemaal tot aan het eerste moertje, dit om de dikte van de alu-koelstrip aan de andere kant te compenseren. Steek de 4 boutjes nu door de montagegaten in de bodemplaat en zet er aan de onderkant een veering en moertje op. Je hebt nu nog 2 montagegaten over. Deze zijn bedoeld om het koelprofiel goed vlak op de onderplaat te krijgen zodat de zaak thermisch goed contact maakt. Draai hier van de onderkant M3 boutjes van 6 mm in. Als je geen draad getapt hebt in de gaten moet je gebruik maken van zelftappende parkers. Let in dit geval op dat ze zo kort zijn dat ze geen sluiting maken met de print. Je eindigt nu met de volgende situatie: Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 11 van 20
12 M3 boutje plaatje M3 moertje M3 moertje veerringetje M3 moertje veerringetje bodemplaat draad tappen extra M3 boutje 4.3 Vermogenstransistoren Fig 7: De gemonteerde Power Module Je hebt nu (o.a.) nog 1 tot 3 2N3055 transistoren die niet op de print zitten. Deze moeten op het koellichaam komen. Een transistor heeft 3 aansluitingen: C, B en E. De 2N3055 heeft maar 2 pinnen (B en E), de derde pin (C) is de behuizing zelf. Het huis voert dus spanning en zal weer geïsoleerd moeten worden. Om echter de maximale koeling te krijgen kun je beter de transistoren rechtstreeks op het koellichaam schroeven, liefst met een beetje warmtegeleidende pasta. De collectoren van de transistoren komen daarmee elektrisch aan elkaar te zitten en dat is ook precies de bedoeling, alleen zal ook het koellichaam hiermee stroomvoerend worden, zodat je het gehele koellichaam elektrisch geisoleerd zult moeten vastzetten. Doe dat op een plek waar voldoende luchtstroming mogelijk is en met de koelribben in verticale stand voor een optimale koeling. De pinnen B en E zitten iets excentrisch op de transistor. Welke de B en E is kun je zien op onderstaande tekening: Fig 8: De 2N3055 transistor PAS OP: Op het koellichaam staat straks (weliswaar via een zekering) de volle (secundaire) voedingsspanning uit de trafo. Gevaarlijk bij aanraking is dat niet, maar zorg dat er nooit een ongeisoleerde draad o.i.d. tegen dit koellichaam komt. Door de zekering zal dit geen brandgevaar opleveren, maar wel trek je letterlijk een paar flinke vonken en loop je grote kans delen van je besturingssysteem te vernielen Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 12 van 20
13 5 Aansluiten Het aansluiten van de IPM bestaat uit 3 stappen: 1 Het aansluiten van de extra onderdelen op de IPM 2 Controleren van de juiste werking 3 Het aansluiten van je besturingseenheid en modelbaan 5.1 Stap 1 Koppelen van externe componenten Onderstaand vind je het schema hoe je de extra componenten moet aansluiten op de IPM. Hieronder ook nog een extra toelichting: C Koellichaam B 2N3055 T2 2N3055 T3 2N3055 T4 Z1 T-4A E1 E2 E3 Z2 T-10A 220V~ 220V 18V + ~ Brugcel 25A ~ 22000mF 40V _ GND Fig 9: Aansluiten van de IPM op de voeding Voordat je verder gaat: Je gehele besturingssysteem moet een punt hebben dat het referentiepunt is voor alle spanningen. We noemen dit de 0V of GND. Het is dus niet per definitie de echte aarde, maar we noemen het voor het gemak zo. Wel is het verstandig deze GND ook daadwerkelijk met aarde te verbinden. Daar komen we later op. Het best kun je je gehele systeem samenbouwen op een aluminium grondplaat, liefst niet al te dun, 2 mm of zo. Als je dat doet dan wordt deze grondplaat de GND van je systeem. Als je niet werkt met een grondplaat dan moet je een sterpunt kiezen waar alle verbindingen die GND worden genoemd samenkomen. Het best koop je hiervoor een koperstrip waar een aantal schroeven in zitten waar je vervolgens alle draden die aan GND moeten kunt vastschroeven. Zorg dat deze verbindingen stevig zijn en dik genoeg (2,5 mm 2 ). Een tijdens bedrijf losrakende GND draad kan flinke schade veroorzaken aan je systeem. Zoek een goede plaats voor de trafo. Een ringkerntrafo wordt met een montageplaat en één lange bout vastgezet. Aan weerszijden van de trafo zelf komt een rubber mat om te voorkomen dat de spoelen van de trafo beschadigen. Als het goed is worden deze bevestigingsmaterialen meegeleverd met je trafo, zo niet: vraag erom bij je leverancier. Uit de trafo komen 6 draden. 4 dikke en 2 dunnere. Die 2 dunnere sluit je aan op de netschakelaar (gebruik altijd een dubbelpolige schakelaar). Op de andere contacten van de Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 13 van 20
14 netschakelaar sluit je de bruine en blauwe draad van het 3-aderig netsnoer aan, de bruine draad via een zekering (Z1). Zorg dat deze draden goed geisoleerd zijn, niet kunnen losraken en dat deze punten na de bouw niet kunnen worden aangeraakt. Zorg dat je netsnoer is voorzien van een trekontlasting of gebruik een stekkerverbinding (bv een Eurostekker, zoals aan een computersnoer zit). Er staat netspanning op! De zekering Z1 is niet geschikt om een overbelasting van de voeding tegen te gaan. De zekering moet namelijk zwaar genoeg zijn om inschakelverschijnselen te overleven. Met een waarde van 4A-Traag lukt dat meestal aardig Je kunt eventueel een iets lichter exemplaar proberen. Z1 is voornamelijk bedoeld ter beveiliging tegen brand in het geval van kortsluiting in de transformator, de brugcel of de afvlak-elco aan secundaire zijde. De 4 dikke draden uit je trafo zijn van de secundaire zijde. Ze vormen 2 aparte wikkelingen, 2 uiteinden per wikkeling. Op de trafo staat normaliter aangegeven welke kleur draad bij welke wikkeling hoort. Als je een 18V trafo hebt kun je (alleen bij een ringkerntrafo) beide wikkelingen parallel schakelen om het volle vermogen eruit te halen. Let op dat ze parallel staan en niet antiparallel. Je kunt dit controleren door 2 uiteinden van verschillende wikkelingen aan elkaar te verbinden en met een spanningsmeter (wisselspanning!) de spanning over de losse uiteinden te meten als je de trafo aanzet. Meet je 0V dan is het goed en kun je ook die overgebleven uiteinden aan elkaar maken, meet je ca 36V dan staan ze precies verkeerd om en moet je 1 van de wikkelingen omdraaien. Als je een 9V trafo hebt kun je beide wikkelingen in serie zetten om uiteindelijke precies hetzelfde resultaat te krijgen. Knoop 2 uiteinden van verschillende wikkelingen aan elkaar en meet de spanning over de 2 overige uiteinden. Je moet nu ca 18V meten. Meet je 0V dan moet je een van de wikkelingen omdraaien. Isoleer het knooppunt van de 2 wikkelingen. Neem nu de brugcel en de beker-elko en monteer deze in de buurt van de trafo. Sluit de 2 secundaire draden van de trafo aan op de met ~ gemarkeerde polen van de brugcel. Je kunt dit solderen of (bij de meeste brugcellen) doen met krimpverbindingen en stekkers. Zorg dat deze goed vastzitten en contact maken. De stekkertjes eventueel iets dichtknijpen voor beter contact. De aansluiting van de brugcel gaat naar GND. Sluit de pool van de elko ook aan op GND en verbind de + pool van de brugcel met de + pool van de elko Gebruik voor deze verbindingen draad van tenminste 2,5 mm 2. Ik raad je sterk aan om de GND van je besturingssysteem te aarden door het te verbinden met de aarddraad van je (3-aderig) netsnoer (geel/groene draad). Ten eerste voorkom je hiermee vreemde spanningen t.g.v. capacitieve koppelingen. Op zich zijn deze niet gevaarlijk voor jezelf, maar kunnen wel schade veroorzaken aan componenten. Ten tweede zorgt dit ervoor dat in het extreme geval dat er ooit sluiting ontstaat tussen het primaire en secundaire deel van je voeding de aardlekschakelaar van je huisinstallatie de hele zaak meteen stroomloos maakt. Uiteraard werkt dit alleen als je het netsnoer ook in een geaarde wandcontactdoos steekt. Sluit zekering Z2 met een zijde aan op de + pool van de elko. De andere zijde levert de ruwe voedingsspanning. PAS OP: Als je de nu gebouwde voeding aan zet wordt de condensator opgeladen. Als er geen belasting is zal de condensator deze lading lang vasthouden. Dit kan echt uren duren nadat je de voeding hebt uitgezet en gedurende deze tijd zal het kortsluiten van de voedingsdraad met bv GND leiden tot een flinke steekvlam en het overlijden van Z2. Als Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 14 van 20
15 straks je voeding klaar is heb je hier geen last meer van, want die zorgt binnen enkele minuten (onbelast) of seconden (belast) voor het ontladen van de elko. Monteer het koellichaam met de 2N3055 transistor(en), zodat dit geen elektrisch contact kan maken met andere stroomvoerende delen of GND. Als je de IPM module monteert op een metalen bodemplaat, zorg dan dat de montage-ogen gemarkeerd met GND goed elektrisch contact hiermee maken. Dit is de pool van je voeding. Als je geen bodemplaat gebruikt verbind tenminste 2 van de ogen dan aan GND met een draad van tenminste 2,5 mm 2. De ruwe voedingsspanning (Z2) sluit je aan op de behuizing van één van de 2N3055 transistoren. De andere transistoren zijn hiermee nu automatisch verbonden. Vanaf dit punt leid je een draad (ca 0,75 mm 2 ) naar de POWER aansluiting van de IPM print. Je mag als alternatief vanaf de zekering Z2 ook een sterverbinding maken naar zowel de print als de vermogenstransistoren, maar ga niet van de zekering, via de print naar de transistoren. Identificeer de bases en emittoren van de 2N3055 transistoren aan de hand van figuur 8. De bases van de vermogenstransistoren komen gewoon aan elkaar en gaan naar de B- terminal op de IPM print, mag een vrij dunne draad zijn. De emittoren van de transistoren gaan elk met een aparte draad (ca 0,75 mm 2 ) naar de terminals E1 t/m E3 op de IPM print (elke transistor dus een eigen E-terminal). Gebruik bij het aansluiten die E-terminals waar je ook een weerstand (R15-R17) voor hebt geplaatst. E1 correspondeert met R17, E2 met R16, E3 met R Stap 2: Testen en afregelen Dit is het spannendste moment: de eerste keer dat je voeding zal gaan werken. Controleer voor de zekerheid nog één keer je aansluitingen, of er geen losse draden hangen en nergens ongewenst contact is tussen onderdelen. Als je dat gedaan hebt: oordopjes in en de spanning erop! Als je alles goed gedaan hebt gebeurt er ogenschijnlijk niets. Meet nu of de spanningen van de logica-voeding kloppen: meet met een spanningsmeter de spanning tussen L-GND (op de print) en 5V. Van beide heb je 2 aansluitpunten. Welke je pakt maakt niet uit. Deze spanning moet (vanzelfsprekend) 5V zijn. Meet vervolgens de spanning tussen L-GND en 12V, deze moet uiteraard (ongeveer) 12V zijn (alles tussen 11V en 13V is goed). Meet vervolgens de 2 overige spanningen: Tussen WSS (WisselStuurStroom) en GND (bodemplaat) staat de spanning die je straks gaat gebruiken voor de aansturing van je wissels. Deze moet iets tussen 11V en 23V zijn en kun je tussen deze uitersten regelen met R9. Tussen de RS (RijStroom) aansluitingen en GND (bodemplaat) staat de spanning die je straks gaat gebruiken voor de voeding van je treinen. Deze moet iets tussen 11V en 23V zijn en kun je tussen deze uitersten regelen met R6. Als dit klopt moet je nog controleren of de RS voeding ook echt vermogen kan leveren. Draai met R6 de spanning even terug tot 12 à 13V en laat je spanningsmeter hierop aangesloten. Neem een lamp, bv een reserve-peertje van het knipperlicht van een auto (12V/21W) en sluit deze aan tussen RS en GND. Pas op: deze stroom is NIET BEGRENSD, dus maak geen kortsluiting. Controleer dat de lamp licht geeft en of de spanning daarbij ongeveer gelijk blijft (er mag enkele tienden Volts variatie in zitten). Klopt het? Gefeliciteerd! Je voeding is klaar Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 15 van 20
16 5.3 Stap 3: Aansluiten Dinamo modules Je kunt nu de DINAMO modules aansluiten op de IPM RM51/TM-H en TM51/TM-H De details voor het aansluiten van de RM51/H en TM51/H vind je in de betreffende handleidingen van deze modules. Het enige dat ik hier aan toevoeg is dat de GND aansluiting van K1 moet komen op de L-GND (Logic-GND) van de IPM. De GND aansluiting van de montage-ogen komt op de GND van je systeem. Pin 1 van K1 van de RM51/H komt aan WSS De pinnen 1 van K1 van de TM51/H modules komt aan RS De 5V voeding kan 2,5A leveren. Een TM51/H gebruikt een kleine 150mA en de RM51/H tussen 100mA en 500mA, afhankelijk van eventueel parallel aangesloten OM16/OM32 modules. De voeding kan dus als het goed is een vol systeem van een RM51/H + 8 * TM51/H aan. Op de TM51/H zit een condensator van 100mF (vlak naast de power connector). Deze condensatoren moeten bij het aanzetten van het systeem worden opgeladen. In sommige gevallen heeft de IPM hier wat moeite mee. Als je meer dan 4 TM51/H units in je systeem hebt (en alleen dan) is het daarom verstandig deze condensatoren te vervangen door exemplaren van 47mF CD16 De CD16 heeft een aansluiting nodig naar de rijspanning RS en GND. De belasting hiervan is klein, dus deze draden mogen relatief dun zijn (bv 0,2 mm 2 ). De GND van de CD16 sluit je aan op de GND van je systeem en de +20V van de CD16 op RS. PAS OP!: Als je de CD16 buiten je besturingssysteem plaatst moet je deze voedingsdraad vanaf de RS aansluiting op de IPM print voorzien van een extra zekering van bv 1A PM32 De details voor het aansluiten van de PM32 vind je in de betreffende handleiding van deze modules. Evenals bij de RM51/H dient de GND aansluiting van K1 te moet komen op de L- GND (Logic-GND) van de IPM. De GND aansluiting van de montage-ogen komt op de GND van je systeem OM16/OM32 (parallel) Volg de aanwijzingen in de handleiding van de OM16/OM32. Als je de OM16/OM32 gebruikt om 5V aan te sturen (en dus voorziet van een eigen 5V aansluiting) kun je deze betrekken van de 5V van de IPM. Pas wel op de totale belasting van de 5V. Als je extreem veel OM16/OM32 modules hebt met een fors gebruik van 5V kun je hiervoor beter een aparte, gestabiliseerde voeding nemen. Heb je erg veel 5V vermogen nodig voor OM16/OM32 uitgangen en heb je tegelijkertijd veel TM51/H modules, dan zou je een extra IPM kunnen nemen, waarvan je alleen het 5V gedeelte opbouwt. De kosten hiervan zijn beperkt en deze extra IPM kun je aansluiten op dezelfde ruwe voedingsspanning (Z2). In dat geval kun je het best alle TM51/H controllers op de ene IPM aansluiten en de RM51/H en alle OM16/OM32 modules op de andere IPM OM32 Serial Volg de aanwijzingen in de handleiding van de OM32 SDIM. Als je de OM32 serial centraal bij de rest van de apparatuur plaatst kun je de 5V rechtstreeks betrekken uit de IPM. Stel je Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 16 van 20
17 de OM32 serial gedistribueerd op dan zul je oko de 5V op de OM32 serial moeten stabiliseren Extra accesoires Lampjes van seinen, huisjes, lantaarns, etc kun je (beter) niet voeden uit de IPM. Beter gebruik je hiervoor een aparte voeding. Gewone lampjes voor verlichting kun je voeden met wisselspanning, zolang je ze gewoon met de hand schakelt. Lampjes die je schakelt via de OM16 moet je voeden met een gelijkspanning. Deze hoeft verder niet gestabiliseerd te zijn. Gewoon een trafo met gelijkrichter erachter voldoet. Ontkoppelrails kun je voeden ofwel met een aparte voeding of met de WSS aansluiting van de IPM. WSS kan 3A leveren. Aannemend dat je wissels max 1,5A gebruiken, blijft er nog 1,5A over voor de ontkoppelrails. Dit is voldoende als je er slechts 1 tegelijkertijd gebruikt. De WSS aansluiting is stroombegrensd en mag je dus zonder extra zekering elders op je baan gebruiken Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 17 van 20
18 Deze pagina is opzettelijk leeg Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 18 van 20
19 Deze pagina is opzettelijk leeg Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 19 van 20
20 Fig 10: IPM layout Leon van Perlo versie januari 2007 Pag 20 van 20
IPM. Dinamo modelbaan besturing. Handleiding. Integrated Power Module DINAMO Modelbaan Besturing
Dinamo modelbaan besturing IPM Handleiding Fig 10: IPM layout Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 1.1 Datum: 28 januari 2007 Pag 20 van 20 versie 1.1 28 januari 2007 2000-2007 Leon van Perlo Release beheer
SWDEC. Dinamo modelbaan besturing. Handleiding. Handleiding SWDEC DINAMO Modelbaan Besturing
Handleiding DINAMO Modelbaan Besturing Deze pagina is opzettelijk leeg Dinamo modelbaan besturing Handleiding Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie:.0 Datum: 5 augustus 2008 Pag 2 van 2 versie.0 5 augustus
Dinamo modelbaan besturing SWDEC. Handleiding
Dinamo modelbaan besturing Handleiding Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie:.0 Datum: 5 augustus 2008 Release beheer Deze handleiding is van toepassing op de kit bestaande uit: Print o Rev00 Nov 2006 2008
OC32 Event Input Upgrade
Dinamo modelbaan besturing OC32 Event Input Upgrade Handleiding Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 1.0 Datum: 18 juni 2011 Release beheer Deze handleiding is van toepassing op de kit bestaande uit: Print
SP04(R) Besturing van de Miniatuurwereld. Handleiding. 4 Tot slot. Handleiding SP04(R) VPEB Besturing Miniatuurwereld
4 Tot slot Ondersteunende informatie, software en updates kun je vinden op de Dinamo website: http://dinamo.vanperlo.net en in de Dinamo Gebruikersgroep: http://www.dinamousers.net Heb je vragen ten aanzien
Dinamo modelbaan besturing. OC32 DCC upgrade. Handleiding
Dinamo modelbaan besturing OC32 DCC upgrade Handleiding Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 1.0 Datum: 26 oktober 2010 OC32Modelbaan Besturing DINAMO DCC Upgrade Release beheer Deze handleiding is van
Besturing van de Miniatuurwereld SP04(R) Handleiding
Besturing van de Miniatuurwereld SP04(R) Handleiding Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 1.0 Datum: 18 juni 2012 Release beheer Deze handleiding is van toepassing op Print o SP04 Rev00 2010-2012 Dit document,
Breadboard voeding 5V / 3,3V
www.budgetronics.eu - www.budgetronics.nl - www.budgetronics.com - www.budgetronics.tel Breadboard voeding 5V / 3,3V Een handige breadboard voeding die je project van de juiste spanning voorziet. Het gewenste
NCV 2.1 Nixie Klok. extra montage aanwijzingen
NCV 2.1 Nixie Klok extra montage aanwijzingen 1 NCV 2.1 Nixie Klok (IN-14 type cijferbuisjes) Volg de Engelse handleiding, dit zijn extra aanwijzingen voor de montage: Gebruik een puntige soldeerbout met
Zelfbouw & veiligheid
Zelfbouw & veiligheid (bron: NEN3544 Elektronische en aanverwante toestellen met netvoeding voor huishoudelijk en soortgelijk algemeen gebruik - veiligheidseisen.) De eisen ten aanzien van de veiligheid
LED decay
www.budgetronics.eu www.budgetronics.com www.budgetronics.nl www.budgetronics.tel LED decay Deze kleine schakeling laat een grote 10 mm LED continue branden totdat er op de schakelaar wordt gedrukt. De
Dinamo modelbaan besturing. DS32 (Rev01) Handleiding
Dinamo modelbaan besturing DS32 (Rev01) Handleiding Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 1.01 Datum: 24 juli 2010 Handleiding DS32 (Rev01) DINAMO Modelbaan Besturing Release beheer Versie 1.01: Fouten in
Bouwbeschrijving. Servo Decoders
Bouwbeschrijving Servo Decoders vanaf maart 2010 Bouwbeschrijving Servo Decoders MatPwrDigiX Nieuwe versie vanaf Maart 2010 Voor S8DCC/MOT 8-voudige servo-decoder (alle 8 servo s) Voor S8-4DCC/MOT 4-voudige
Bouwbeschrijving. Servo Decoders
Bouwbeschrijving Servo Decoders Bouwbeschrijving Servo Decoders MatPwrDigiX Voor S8DCC/MOT 8-voudige servo-decoder (alle 8 servo s) Voor S8-4DCC/MOT 4-voudige servo-decoder (alleen servo 1-4) Voor W4DCC
Bouwbeschrijving. Servo Decoders
Bouwbeschrijving Servo Decoders vanaf maart 2010 Bouwbeschrijving Servo Decoders MatPwrDigiX Nieuwe versie vanaf Maart 2010 Voor S8DCC/MOT 8-voudige servo-decoder (alle 8 servo s) Voor S8-4DCC/MOT 4-voudige
Montage handleiding voor DCC/Power shield. Schema:
Montage handleiding voor DCC/Power shield Schema: Het DCC-circuit bestaat uit de volgende onderdelen: Code R1 Functie weerstand 1k5 ohm, kleurcode bruin-groen-zwart-bruin-bruin R2/R3 weerstand 10k ohm,
OC-27143.1 Het onderhouden van mechanische onderdelen 2012
Krachtstroom antwoorden Doel Je kunt een stekker of een contrastekker aan een krachtstroomsnoer monteren. Oriëntatie Bij het werken met elektriciteit speelt de veiligheid een zeer grote rol. Een onveilige
Restauratie Commodore 64-wigvoeding
Restauratie Commodore 64-wigvoeding Het probleem Veel Commodore 64's werden geleverd met een wigvormige voeding. Deze voeding heeft de eigenschap de Commodore 64 op te blazen als hij defect gaat. De componenten
LED POWER FLASHER
www.budgetronics.eu www.budgetronics.com www.budgetronics.nl www.budgetronics.tel LED POWER FLASHER Een geweldig leuke schakeling voor flitsende lichteffecten waarbij de knipperfrequentie kan worden aangepast
Gebruik in geen geval soldeervet!!!! Dit zal uw print en de componenten beschadigen.
Bouwbeschrijving: MatPwrDigiX Voor S8DCC/MOT 8-voudige servo-decoder (alle 8 servo s) Voor S8-4DCC/MOT 4-voudige servo-decoder (alleen servo 1-4) Voor W4DCC 4-fach 4 weg servo-decoder (Servo 1, 3, 5 en
BI COLOUR FLASHER
www.budgetronics.eu www.budgetronics.com www.budgetronics.nl www.budgetronics.tel BI COLOUR FLASHER De bi-colour flasher laat dezelfde LED afwisselend rood en groen oplichten. Prima te gebruiken als waarschuwingssignaal
100 jaar LED flasher
www.budgetronics.eu www.budgetronics.com www.budgetronics.nl www.budgetronics.tel 100 jaar LED flasher Met deze eenvoudige schakeling laat je een rode LED minstens 100 jaar lang knipperen op slechts één
43 Keerlusprint. 43.1 Werking. informatieblad 43 keerlusprint KLS versie 2.0
43 Keerlusprint Beperking aansprakelijkheid De aansprakelijkheid van het bestuur van de HCCM is beperkt als omschreven in informatieblad 1 Bij treingestuurde (digitale) systemen wordt de hele baan door
LED FADER
www.budgetronics.eu www.budgetronics.com www.budgetronics.nl www.budgetronics.tel LED FADER De LED fader laat twee grote witte 10mm LEDS langzaam oplichten tot volle lichtsterkte om daarna automatisch
8-VOUDIGE BEZETMELDER
Handleiding 8-VOUDIGE BEZETMELDER Werkt met de volgende systemen: alle systemen, analoog én digitaal, gelijkspanning en wisselspanning. Werkt niet met de volgende systemen: - Werkt met de volgende protocollen:
Gestabiliseerde netvoeding
Gestabiliseerde netvoeding Een gestabiliseerde voeding zet de netspanning van 23 volt wisselspanning om in een stabiele gelijkspanning. Dit gebeurt door middel van een handvol relatief eenvoudige elementen
Besturing van de Miniatuurwereld RM-U. Gebruik van de Bootloader
Besturing van de Miniatuurwereld RM-U Gebruik van de Bootloader Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 1.0 Datum: 24 december 2012 Release beheer Deze handleiding is van toepassing op Print o RM-U Rev 00
Handleiding. DBMK101 LED dobbelsteen. Versie 2.0 (augustus 2013) Digibytez Website:
Handleiding DBMK0 LED dobbelsteen Versie 2.0 (augustus 203) Website: http://www.digibytez.nl E-mail: [email protected] Handleiding: DBMK0 - LED dobbelsteen, Versie 2.0 Inleiding Geachte klant, Hartelijk
MDDEC. Dinamo modelbaan besturing. Handleiding. Handleiding MDDEC DINAMO Modelbaan Besturing
Handleiding DINAMO Modelbaan Besturing Dinamo modelbaan besturing Handleiding Fig 5: Assemblagetekening Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 1.1 Datum: 21 januari 27 Pag 12 van 12 versie 1.1 21 januari
Handleiding. DBMK100 Mini LED dobbelsteen. Versie 1.0 (februari 2012) Digibytez Website:
Handleiding DBMK100 Mini LED dobbelsteen Versie 1.0 (februari 2012) Website: http://www.digibytez.nl E-mail: [email protected] Inleiding Geachte klant, Hartelijk dank voor het kopen van dit product. Wij
Gebruik van een 13.8V 27MC Voeding
Gebruik van een 13.8V 27MC Voeding Hallo Slotracers, Veelal wordt er gebruik gemaakt van redelijk dure regelbare gestabiliseerde voedingen. Nu is het zo dat dit veel goedkoper opgelost kan worden dan dat
Dinamo modelbaan besturing MDDEC. Handleiding
Dinamo modelbaan besturing Handleiding Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 1.1 Datum: 21 januari 2007 Modelbaan Besturing DINAMO Handleiding Release beheer Deze handleiding is van toepassing op de kit
Hoe een LED mooi inbouwen Auteur: Geert Juchtmans (Reddevil) [0909-001]
Handige knutsel tips door Reddevil In dit nieuw onderdeel van het magazine geeft Reddevil een aantal handige knutseltips die handig van pas komen bij het bouwen van behuizingen etc. In de eerste editie
LED STROBOSCOOP
www.budgetronics.eu www.budgetronics.com www.budgetronics.nl www.budgetronics.tel LED STROBOSCOOP De LED stroboscoop laat twee grote en zeer felle witte 10mm LEDS flitsen met een instelbare flits frequentie.
1 Elektriciteit Oriëntatie 1.1 Elektrische begrippen Elektrische stroomkring
1 Elektriciteit Oriëntatie Om met je auto of een tractor te kunnen rijden heb je elektriciteit nodig. Ook voor verlichting en je computer is veel elektriciteit nodig. Ook als je de mobiele telefoon aan
Twinkle star
www.budgetronics.eu www.budgetronics.com www.budgetronics.nl www.budgetronics.tel Twinkle star De Twinkle star is een bouwkit die borg staat voor een bijna oneindige hoeveelheid lichteffecten uitgestraald
BEVEILIGING VAN HET STUURSTROOMCIRCUIT
BEVEILIGING VAN HET STUURSTROOMCIRCUIT Beveiliging van de stuurstroomtransformator: EN60204-1 stelt: Transformatoren moeten beveiligd zijn tegen overbelasting in overeenstemming met de het datasheet van
Bouwbeschrijving. Functiebouwsteen FB-SW (vanaf maart 2010)
Bouwbeschrijving Functiebouwsteen FB-SW (vanaf maart 2010) Deze bouwsteen bezit alle functies welke tot nu toe beschikbaar waren in functiebouwstenen. Van harte gefeliciteerd met de aanschaf van dit bouwpakket.
Handleiding. DBMK103 Simon Says. Versie 1.0 (Augustus 2014) Digibytez Website:
Handleiding DBMK103 Simon Says Versie 1.0 (Augustus 2014) Website: http://www.digibytez.nl E-mail: [email protected] Inleiding Geachte klant, Hartelijk dank voor het kopen van dit product. Wij raden u
Dinamo modelbaan besturing CD16. Handleiding
Dinamo modelbaan besturing CD6 Handleiding Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie:.2 Datum: 22 januari 2007 Release beheer Deze handleiding is van toepassing op de kit bestaande uit: Print o CD6 Rev00 o CD6
MRDIRECT BOOSTER. Handleiding. Werkt met de volgende systemen: Werkt niet met de volgende systemen: Werkt met de volgende protocollen:
Handleiding MRDIRECT BOOSTER Werkt met de volgende systemen: Het computerprogramma MRdirect Werkt niet met de volgende systemen: Alle systemen die MRdirect niet ondersteunt Werkt met de volgende protocollen:
MONTAGEHANDLEIDING WINDBEVEILIGING EOLIS 2
MONTAGEHANDLEIDING WINDBEVEILIGING EOLIS 2 Windbeveiliging Eolis 2 VOEDING 230 V - 50 Hz Pulsschakelaar Centralis IB INLEIDING Deze montagehandleiding bevat instructies voor de montage van de windbeveiliging
Licht en donker. We willen onze verlichting langzaam laten aan en uit gaan. Daartoe hebben we een langzaam aan / langzaam uit - dimmer nodig.
Licht en donker Lichtjes op onze modelbaan maken onze modelwereld vaak nog fascinerender. Straatverlichting, interieurverlichting in huizen en treinen, ze komen pas tot hun recht als het donker is. We
Digibytez Website: E mail: Handleiding LED dobbelsteen
Handleiding LED dobbelsteen Website: http://www.digibytez.nl E mail: [email protected] Inleiding Geachte klant, Hartelijk dank voor het kopen van dit product. Wij raden u aan deze handleiding goed door
Dit effect is wel bedoeld voor een gevorderde bouwer, bij het afstellen van trimpots (bias) is eigenlijk een multimeter een onmisbaar hulpmiddel.
The Flipster Bass Overdrive 1 Inleiding The Flipster is een bas-effectpedaal waarbij geprobeerd is om het geluid van een Ampeg SB12 Portaflex buizen basversterker in een pedaal te realiseren. Hierbij zijn
Samenvatting Natuurkunde Hoofdstuk 4
Samenvatting Natuurkunde Hoofdstuk 4 Samenvatting door Roy 1370 woorden 5 maart 2017 6,8 14 keer beoordeeld Vak Methode Natuurkunde Nova Samenvatting h4 NaSk1 4.1 Elke keer dat je een apparaat aanzet,
Om een lampje te laten branden moet je er een elektrische stroom door laten lopen. Dat lukt alleen, als je een gesloten stroomkring maakt.
Samenvatting door een scholier 983 woorden 8 april 2011 6,8 988 keer beoordeeld Vak Methode NaSk Nova Natuurkunde H5 par 1 t/m 5 samenvatting Par. 1 Een stroomkring maken Om een lampje te laten branden
Alarm- en knipperlichtrelais MGA
Alarm- en knipperlichtrelais MGA Een van de voorgaande verbeteringen was om de ernstige gevolgen van een brand na een ongeval te beperken maar nog beter is het om een ongeval daar waar mogelijk te voorkomen.
Manual voor het de-/monteren van dashboard en tellerplaatunit (Mazda 323F BA)
Manual voor het de-/monteren van dashboard en tellerplaatunit (Mazda 323F BA) Benodigdheden: - Indiglo plasma tellerplaten - 2 kruiskopschroevendraaiers (groot en klein) - platbek schroevendraaier - zaklamp
BOUWBESCHRIJVING MICRO-LF-SPOETNIK
De Micro-LF-Spoetnik is bedoeld om een signaal op te wekken wat op enkele meters afstand te detecteren is met de Signaalzoeker. De Micro-LF-Spoetnik versterkt het signaal dat op zijn ingang staat (bijv.
Shield V 1.0. Montage handleiding (voor dummies)
Shield V 1.0 Montage handleiding (voor dummies) De opzetprint is specifiek gemaakt voor gebruikers van het hobbyproject Nodo, een domotica-oplossing op basis van een Arduino. Voor verdere informatie over
Elektriciteit thuis. Extra informatie Elektriciteit, Elektriciteit thuis, www.roelhendriks.eu
Elektriciteit thuis Nuldraad, fasedraad In de elektriciteitskabel die je huis binnenkomt, bevinden zich twee draden: de fasedraad en de nuldraad. Zie de onderstaande figuur. De spanning tussen deze draden
H2 les par2+4+3.notebook November 11, 2015. Elektriciteit in huis. Na de verbruiksmeter zit er een hoofdschakelaar en daarna
Hoofdstuk 2 Elektriciteit in Huis Elektriciteit in huis Na de verbruiksmeter zit er een hoofdschakelaar en daarna wordt de huisinstallatie verdeeld in groepen met zekeringen. voor de extra veiligheid zijn
LED VU METER
www.budgetronics.eu www.budgetronics.com www.budgetronics.nl www.budgetronics.tel LED VU METER Met de LED vu meter laat je laat je 10 LEDS op de maat van muziek of geluid oplichten. Hoe harder het geluid
Bouwbeschrijving. DC-Car Booster
Bouwbeschrijving DC-Car Booster Bouwbeschrijving DC-Car Booster Van harte gefeliciteerd met de aanschaf van dit bouwpakket. Wat doet de DC-Car Booster. Een aantal DC-Car gebruikers heeft aangegeven dat
Montagehandleiding Screens screenstotaalshop.nl 1. Instructie plaatsen screen. 1.1 Aftekenen montage gaten
Montagehandleiding Screens screenstotaalshop.nl 1. Instructie plaatsen screen Neem het screen uit de verpakking. Om beschadiging van het screen te voorkomen raden wij u aan hierbij geen mes te gebruiken.
INTRODUCTIE WEARABLES
Inhoudsopgave 2 3 4 5 6 7 8 Over deze serie Configuratie Een circuit maken Een switch maken Onderdelen naaien Een wearable circuit compleet maken Meer LEDs toevoegen Afneembare onderdelen maken..2.3.4.5.6.7.8
stap 1 Pak de Lunchbox uit En controleer of je alle componenten hebt~ Als je vragen hebt, neem dan contakt op met: info@unitunlikely.
stap 1 Pak de Lunchbox uit En controleer of je alle componenten hebt~ Als je vragen hebt, neem dan contakt op met: [email protected] Dit onderdeel wordt de PCB (printed circuit board) genoemd. Alle
Mini Handleiding over Elektronica-onderdelen
Mini Handleiding over Elektronica-onderdelen Deze handleiding is speciaal geschreven voor kinderen vanaf 10 jaar. Op een eenvoudige manier en in begrijpelijke tekst leer je stapsgewijs wat elk elektronica-onderdeel
Reparatie Neutraallampje BMW K1100 LT Probleem:
Reparatie Neutraallampje BMW K1100 LT 1993 Probleem: Neutraalindicatie werkt normaal, schakelstanden worden gewoon weergegeven op display maar neutraallampje wil niet werken. Lampje is ok. Worden de schakelstanden
Montage-instructie. Rolluik RV40 - RV41
Montage-instructie Rolluik RV40 - RV41 Inhoud verpakking 1 1. pantser in kast 2. bediening a. handbediening: koord- of bandopwinder b. elektrisch: schakelaar + stekker c. afstandbediend: afstandbediening
LED-leeslamp metaal
111.264 LED-leeslamp metaal Benodigd gereedschap: Metaalboor ø2,/3/4/6 mm Draadsnijder M3mm 90 -verzinkboor IJzerzaag Werkplaatsvijl + sleutelvijl Bankschroef met beschermbekken Potlood Liniaal Soldeerbout,
R Verklaar alle antwoorden zo goed mogelijk
PROEFWERK TECHNOLOGIE VWO MODULE 6 ELECTRICITEIT VRIJDAG 19 maart 2010 R Verklaar alle antwoorden zo goed mogelijk 2P 2P 2P Opgave 1 Tup en Joep willen allebei in bed lezen. Ze hebben allebei een fietslampje.
MONTAGE HANDLEIDING ROLLUIK
MONTAGE HANDLEIDING ROLLUIK Montage-instructies voor cassetteschermen ALVORENS U VAN UW ROLLUIK KUNT GAAN GENIETEN DIENT U EERST HET ROLLUIK TE MONTEREN INHOUD VERPAKKING VERPAKKING 1 1. PANTSER IN KAST
Bouw je eigen BEAM Photovore
www.budgetronics.eu www.budgetronics.eu www.budgetronics.com www.budgetronics.nl www.budgetronics.tel Bouw je eigen BEAM Photovore Een milieuvriendelijke robot die leeft van de zon. Een Photovore is een
Bouwbeschrijving kristalradio
Van harte gefeliciteerd met dit bouwpakket. Je kunt hiermee zelf een radio bouwen die geen batterij nodig heeft. Op de foto hiernaast zie je hoe jouw radio eruit gaat zien. In deze bouwbeschrijving staat
113.185 B l i k s e m b o l Let op!. Benodigd gereedschap: Stuklijst Aantal Afm. (mm) Omschrijving Nr.
is uniek 113.185 Bliksembol Let op!. Opitec bouwpakketten zijn na afbouw geen speelgoed, maar leermiddelen als ondersteuning in het pedagogisch vakgebied.dit bouwpakket mag door kinderen en jongeren alleen
B3C 70cm converter besturing. v1.0 2010 PE5PVB www.het bar.net pe5pvb@het bar.net
B3C 70cm converter besturing v1.0 2010 PE5PVB www.het bar.net pe5pvb@het bar.net Deze schakeling en de bijbehorende software mag niet worden gedupliceerd voor commerciële verkoop zonder uitdrukkelijke
Bouwbeschrijving. Functiebouwsteen FB-SW
Bouwbeschrijving Functiebouwsteen FB-SW Deze bouwsteen bezit alle functies welke tot nu toe beschikbaar waren in functiebouwstenen. Van harte gefeliciteerd met de aanschaf van dit bouwpakket. Lees eerst
Aan de slag met Anna.
Aan de slag met Anna. In combinatie met de Smile T. versie PW 2.0 In het pakket van Anna. Anna Smile T Adapter Bevestigingsplaatje Adapterkabel Optioneel: 2x Extra installatiekabel voor de cv-ketel Optioneel:
Bouwbeschrijving Actieve schuifradio
Bouwbeschrijving Actieve schuifradio LET OP! De zwarte ferrietstaaf in dit pakket is breekbaar. Voorzichtig uitpakken! Gefeliciteerd met dit bouwpakket. Je kunt hiermee een middengolfradio bouwen. In deze
Universele DC voeding
Een inregelbare DC voeding die voor het met gelijkstroom voeden van de gloeidraden van buizen kan worden gebruikt maar ook als superieure vervanger van de standaard bijgeleverde stekkervoedingen bij DAC
www.budgetronics.eu - www.budgetronics.nl - www.budgetronics.com - www.budgetronics.tel Mini Amp Een Budgetronics bouwkit om zelf een kleine mono mini versterker, gebaseerd op de LM 386, in elkaar te solderen.
Montage. handleiding. Maak de verpakking(en) per meubel open en sorteer de onderdelen. In de verpakking vindt u:
Montage handleiding Verpakking Naast de referentie van het meubel staat soms nog een getal op het verpakkingslabel. Dit betekent dat het gaat om één meubel wat is verpakt in meerdere pakketten, tezamen
NASK1 SAMENVATTING ELEKTRICITEIT. Wanneer loopt er stroom? Schakelingen
NASK1 SAMENVATTING ELEKTRICITEIT Wanneer loopt er stroom? Elektrische apparaten werken alleen als er een stroom door loopt. Om de stroom te laten lopen is er altijd een spanningsbron nodig. Dat kan een
"THEREMIN" De elektronische muziek-ufo
is uniek 0.0 "THEREMIN" De elektronische muziek-ufo Benodigd gereedschap Figuurzaag Heteluchtpistool Soldeerbout Schroevendraaier Draadsnijder M Let op! Opitec bouwpakketten zijn na afbouw geen speelgo-
Bouwbeschrijving van de algemene voeding voor buizenversterkers
Bouwbeschrijving van de algemene voeding voor buizenversterkers Mateo Mayer Elektronicaspullen Enzo B.V. November 2013 1/7 1. Inleiding Gefeliciteerd met de aanschaf van deze algemene voeding voor buizenversters!
Een 13,8 volt - 30 ampere voeding
Een 13,8 volt - 30 ampere voeding We gaan de opbouw van dit schema van links naar rechts beschrijven zodat een ieder het kan volgen. Als eerste de transformator, neem hiervoor een type dat secundair minstens
Ik weet niet of dit al een keer eerder is vermeld, maar ik kon het niet vinden en dus lijkt het me handig een keer te vermelden.
Hallo Slotracers, Ik weet niet of dit al een keer eerder is vermeld, maar ik kon het niet vinden en dus lijkt het me handig een keer te vermelden. Ik heb zojuist een Parma regelaar omgebouwd zodat nu ook
b. Bereken de vervangingsweerstand RV. c. Bereken de stroomsterkte door de apparaten.
Oefenopgaven vervangingsweerstand en transformator 1 Twee lampjes L1 en L2 staan in serie: R1 = 5,0 Ω en R2 = 9,0 Ω Bereken de vervangingsweerstand van de twee lampjes. gegeven: R1 = 5,0 Ω, R2 = 9,0 Ω
Besturing van de Miniatuurwereld OC32. Apparaatdefinities (AVT)
Besturing van de Miniatuurwereld OC32 Apparaatdefinities (AVT) Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 2016/10/05 Datum: 10 oktober 2016 Release beheer Deze handleiding is van toepassing op Software o OC32Config
Bouw zelf een windmolen
Bouw zelf een windmolen Met dit bouwplan is een windmolen maken niet moeilijk! Bouw thuis of op school een echte windmolen die een klein lampje (LED) laat branden. Aan het einde van de beschrijving vind
De ET31F (die alleen de vloertemperatuur meet) kan in een andere ruimte geplaatst worden.
De EasyTemp thermostaat ET31A/AF/F Deze handleiding geldt voor de onderstaande types: Op de doos Model ET31A, ET31AF en ET31F Model ET31A. Thermostaat regelt de ruimte temperatuur. (Niet geschikt voor
Bouwbeschrijving Servo Decoders. S4DCC/MOT S4DCC/MOT-Car S4DCC/MOT-Herz
Bouwbeschrijving Servo Decoders S4DCC/MOT S4DCC/MOT-Car S4DCC/MOT-Herz Bouwbeschrijving Servo Decoders Voor S4DCC/MOT Voor S4DCC/MOT-Car Voor S4DCC/MOT-Herz 4-voudige servo-decoder (geen relais) 4-voudige
Parallelle poort interface.
Parallelle poort interface. Bouwbeschrijving van de print interface met transistoren en MR16 spots. Naam : Klas: 2008 EduTechSoft Pagina 2 van 10 Inleiding. Deze bouwbeschrijving hoort bij het project
Claxon Inhoud: Gereedschap:
Claxon Naam: Groep/ klas: Inhoud: Gereedschap: 1 Condensator C...0,1 µf, Nr. 104 Potlood, passer, liniaal 1 Weerstand R1...1K Ohm, bruin-zwart-rood-goud Hamer 1 Weerstand R2...150 K Ohm, bruin-groen-geel-goud
Basisregels voor de stroomverzorging in miniaturen!!!!!!!!!!!
Basisregels voor de stroomverzorging in miniaturen!!!!!!!!!!! Bij vele gesprekken met modelbouwvrienden heb ik vastgesteld dat er weinig bekend is over de grondregels van de elektrotechniek. Daarom wil
Montage-instructie. Screens. V599 Ritz V599R Ritz V599 Ritz XL
Montage-instructie Screens V599 Ritz V599R Ritz V599 Ritz XL Inhoud 1. screenkap met doek en motor 2. zijgeleiders a. achterprofiel b. inlager voorzien van neopreen (of ritslager) c. voorprofiel 3. montageset
DDDAC1794 NOS Mainboard
DDDAC1794 NOS Mainboard De montage van het mainboard wordt in deze handleiding stap voor stap uitgevoerd en is niet al te complex. Het mainboard is de basis van de DA Converter. Versie 1.0 1 Handig om
NEWTONE. The Electric Brownie Overdrive. 1 Inleiding
WWW.-ONLINE.NL The Electric Brownie Overdrive 1 Inleiding De Electric Brownie een overdrive gebaseerd op de Devi Ever Electric Brown. Devi Ever uit Portland Oregon maakte boutique gitaar effecten tussen
16SD. Avontuur in miniatuur
16SD Bezetmelder met 16 contacten op basis van stroomdetectie. Voor terugmelding met behulp van LEDs of als aanvulling op een terugmelddecoder zonder stroomdetectie. Geschikt voor digitale 2-rail modelbanen.
NUMITRON DICE
www.budgetronics.eu www.budgetronics.nl www.budgetronics.com www.budgetronics.tel NUMITRON DICE Een unieke dobbelsteen met een Numitron display en prachtig kleurenspel. Bouwbeschrijving om zelf dit bouwpakket
Natuur- en scheikunde 1, elektriciteit, uitwerkingen. Spanning, stroomsterkte, weerstand, vermogen, energie
4M versie 1 Natuur- en scheikunde 1, elektriciteit, uitwerkingen Werk netjes en nauwkeurig Geef altijd een duidelijke berekening of een verklaring Veel succes, Zan Spanning, stroomsterkte, weerstand, vermogen,
Besturing van de Miniatuurwereld PM32. Gebruik van de Bootloader
Besturing van de Miniatuurwereld PM32 Gebruik van de Bootloader Auteur: Leon J.A. van Perlo Versie: 1.0 Datum: 18 december 2016 Release beheer Deze handleiding is van toepassing op Print o PM32 Rev 00
Montage-instructie. Screens. V599R Ritz V599 Ritz XL
Screens V599 Ritz V599R Ritz V599 Ritz XL V540 Ritz Inhoud 1. screenkap met doek en motor 2. zijgeleiders a. achterprofiel b. inlage voorzien van neopreen (ofwel ritsgeleider) c. voorprofiel 3. montageset
Aan de slag met Anna. versie PW 1.5
Aan de slag met Anna. versie PW 1.5 In het pakket van Anna. Anna Smile Adapter Bevestigingsplaatje 2x Extra installatiekabel voor de cv-ketel Adapterkabel Draadstripper Schroevendraaier Installeer Anna
Het huis van de 1000 technische mogelijkheden
et huis van de 1000 technische mogelijkheden 1 2 Één bouwpakket met 2 uitvoeringen. Werkblad ijpassende werkbladen kunt u gratis downloaden www.aduis.com Denk goed na over het hoe en waar je in jullie
AC-TRSP-2.7/3.5 SPLIT AIRCONDITIONER INSTALLATIEHANDLEIDING
AC-TRSP-2.7/3.5 SPLIT AIRCONDITIONER INSTALLATIEHANDLEIDING Installatiehandleiding Tronix Split Airconditioner Gefeliciteerd met uw aankoop van deze Tronix airconditioner. U beschikt hiermee over een airconditioner
