Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 1 augustus 2011

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 1 augustus 2011"

Transcriptie

1 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B BRUSSEL tel.: fax: web: Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt van 1 augustus 2011 De concrete toepassing door de VREG van een aantal recente decreetswijzigingen met betrekking tot de toekenning van groenestroomcertificaten, op het vlak van de minimumsteun en de bijstook van biomassa in kolencentrales MEDE

2 INHOUD INLEIDING MINIMUMSTEUN VOOR GROENESTROOMCERTIFICATEN TOEPASSELIJKE WETSBEPALINGEN BEDRAG MINIMUMSTEUN GROENESTROOMINSTALLATIES LOOPTIJD MINIMUMSTEUN EN BEGRIP DATUM VAN INWERKINGSTELLING VAN EEN NIEUWE PRODUCTIE- INSTALLATIE Datum van inwerkingstelling Wat is een nieuwe productie-installatie? MINIMUMSTEUN BIJ AGRARISCHE VERGISTERS EN GFT-VERGISTING MET COMPOSTERING Biogas uit 1) vergisting van hoofdzakelijk mest- en/of land- en tuinbouwgerelateerde stromen of uit 2) gft-vergisting met compostering Ecologiepremie BEVRIEZING VAN DE MINIMUMSTEUN VOOR VERGUNNINGSPLICHTIGE PROJECTEN AANSLUITING OP HET DISTRIBUTIENET VAN PRODUCTIE-INSTALLATIES BEGUNSTIGDE VAN DE MINIMUMSTEUN CONTROLES DOOR DE VREG EN DE DISTRIBUTIENETBEHEERDERS Toepasselijke wetgeving Toepassing door de VREG Verplichtingen voor de certificaatgerechtigde TOEKENNING VAN GROENESTROOMCERTIFICATEN AAN BIJSTOOK VAN HERNIEUWBARE ENERGIEBRONNEN IN EEN KOLENCENTRALE TOEPASSELIJKE WETGEVING TOEPASSING DOOR DE VREG Op welke elektriciteitscentrales is deze bepaling van toepassing? Bepaling van het percentage bijstook van hernieuwbare energiebronnen Procedure voor de maandelijkse toekenning van groenestroomcertificaten Uitzonderingsbepaling voor kolencentrales waar niet langer vaste fossiele brandstoffen worden aangewend op en na 1/1/

3 Inleiding In deze mededeling wordt ingegaan op de concrete invulling en toepassing door de VREG van Titel VII van het Energiedecreet van 8 mei 2009, specifiek voor wat betreft de toekenning van groenestroomcertificaten voor productie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen en de daaraan verbonden minimumsteun en de bijstook van biomassa in kolencentrales. Met een decreet van 6 mei 2011 bracht het Vlaams Parlement immers een aantal wijzigingen aan in het Energiedecreet van 8 mei Zo wordt o.a. de aanvaardbaarheid van groenestroomcertificaten voor uitbreiding van PV-installaties beperkt, alsook voor de bijstook tot 60% van biomassa in een kolencentrale. Ook wordt de toekenning van aanvaardbare groenestroomcertificaten aan PV-installaties beperkt in de tijd, en worden de tarieven voor minimumsteun voor elektriciteitsproductie uit hernieuwbare energiebronnen en warmtekrachtkoppeling gewijzigd. Verder wordt het WKK-quotum vastgelegd voor de certificatenverplichting. Ten slotte wordt het bedrag van de quotumboetes aangepast. Dit decreet werd op 10 juni 2011 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en trad onmiddellijk in werking. Hieronder wordt ingegaan op de concrete invulling en toepassing door de VREG van een aantal van deze wijzigingen. De hierboven vermelde wetgevende teksten brachten ook wijzigingen aan m.b.t. de toekenning van groenestroomcertificaten voor zonnepanelen. Voor meer informatie hierover wordt verwezen naar de specifieke mededeling van de VREG daaromtrent: MEDE van 28 juni 2011 De concrete toepassing door de VREG van de regelgeving met betrekking tot de toekenning van groenestroomcertificaten voor elektriciteit opgewekt uit zonnepanelen 1. Deze mededeling vervangt Mededeling van de VREG van 29 december Zie 2 MEDE De concrete toepassing door de VREG van een aantal recente decreets- en besluitswijzigingen met betrekking tot de toekenning van groenestroomcertificaten, op het vlak van de minimumsteun, de datum van eerste toekenning van groenestroomcertificaten en bijstook van biomassa in kolencentrales, 3

4 1. Minimumsteun voor groenestroomcertificaten 1.1. Toepasselijke wetsbepalingen Artikel Energiedecreet 1. De netbeheerders kennen een minimumsteun toe voor de productie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen die is opgewekt in installaties die aangesloten zijn op hun net, en op gesloten distributienetten, gekoppeld aan hun net, voor zover de producent zelf daarom verzoekt. Als bewijs van zijn productie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen draagt de producent het overeenstemmende aantal groenestroomcertificaten over aan de betrokken netbeheerder. Een groenestroomcertificaat kan maar eenmaal aan een netbeheerder worden overgedragen. Er kan geen steun worden verleend voor elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen die langer dan 48 maanden voor de overdracht van de overeenstemmende groenestroomcertificaten is geproduceerd of waarvoor het betreffende groenestroomcertificaat niet kan worden aanvaard in het kader van artikel De minimumsteun wordt vastgelegd afhankelijk van de gebruikte hernieuwbare energiebron en de gebruikte productietechnologie. Voor installaties in gebruik genomen vóór 1 januari 2010 bedraagt de minimumsteun: 1 voor zonne-energie: 450 euro per overgedragen certificaat; 2 voor waterkracht, getijden- en golfslagenergie en aardwarmte: 95 euro per overgedragen certificaat; 3 voor windenergie op land en voor organisch-biologische stoffen waarbij al dan niet co-verbranding wordt toegepast, voor de vergisting van organisch-biologische stoffen in stortplaatsen, en voor het organisch-biologisch deel van restafval: 80 euro per overgedragen certificaat. Voor biogas uit vergisting van hoofdzakelijk mest- en/of land- en tuinbouwgerelateerde stromen, en biogas uit gftvergisting met compostering: 100 euro per overgedragen certificaat. Voor installaties in gebruik genomen vanaf 1 januari 2010 bedraagt de minimumsteun: 1 voor waterkracht, voor getijden- en golfslagenergie, voor aardwarmte, voor windenergie op land, voor vaste of vloeibare biomassa, biomassa-afval en biogas, voor zover deze niet vermeld worden onder 2 : 90 euro per overgedragen certificaat; 2 voor stortgas, voor biogas uit vergisting van afvalwater(zuiveringsslib) of rioolwaterzuivering(sslib) en voor verbranding van restafval: 60 euro per overgedragen certificaat; 3 voor andere technieken: 60 euro per overgedragen certificaat; 4 voor biogasinstallaties die niet vermeld zijn in het vijfde lid, 2 : 90 euro per overgedragen certificaat. Voor biogas uit vergisting van hoofdzakelijk mest- en/of land- en tuinbouwgerelateerde stromen, en biogas uit gft-vergisting met compostering: a) wanneer deze installaties in dienst zijn genomen voor 1 januari 2012: 100 euro per overgedragen certificaat; b) wanneer deze installaties in dienst zijn genomen na 1 januari 2012 en een ecologiepremie kregen toegekend: 100 euro per overgedragen certificaat; c) wanneer deze installaties in dienst zijn genomen na 1 januari 2012 en geen ecologiepremie kregen toegekend: 110 euro per overgedragen certificaat; [ ]. De verplichting, vermeld in het eerste lid, begint bij de inwerkingstelling van een nieuwe productieinstallatie en loopt over een periode van tien jaar. Voor nieuwe en bestaande installaties voor gftvergisting met nacompostering loopt deze verplichting over een periode van twintig jaar vanaf de inwerkingstelling. [ ] 4

5 In afwijking van voorgaand lid, kunnen nieuwe productie-installaties die over een stedenbouwkundige vergunning en een milieuvergunning dienen te beschikken, genieten van de minimumsteun die geldt op het moment dat de laatste van deze vergunningen werd bekomen en mits binnen de drie jaar volgende op het verlenen van deze vergunning de installatie in gebruik werd genomen. 1.2.Bedrag minimumsteun groenestroominstallaties De netbeheerders hebben de verplichting opgelegd gekregen om alle groenestroomcertificaten aan te kopen die hun worden aangeboden en die toegekend werden voor de productie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen in installaties aangesloten op hun net. De netbeheerders dienen deze certificaten aan te kopen tegen een bepaalde prijs, de zogenaamde minimumsteun (aangezien deze prijs bijgevolg de minimumwaarde is van een groenestroomcertificaat toegekend voor de productie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen). Er gelden een aantal voorwaarden om van deze minimumsteun te kunnen genieten: - De productie-installatie moet aangesloten zijn op het net van de betrokken netbeheerder (zie verderop); - Een certificaat kan maar eenmaal aan de netbeheerder worden verkocht aan minimumsteun; - Het certificaat moet aanvaardbaar zijn voor de quotumverplichting, opgenomen in artikel van het Energiedecreet; - Het certificaat mag niet zijn toegekend voor elektriciteit die langer dan 48 maanden voor de overdracht van de overeenstemmende groenestroomcertificaten aan de netbeheerder is geproduceerd. - Enkel de certificaatgerechtigde zelf mag een groenestroomcertificaat aan minimumsteun aan de netbeheerder verkopen. De recente decreetswijziging heeft veranderingen aangebracht aan het bedrag van deze minimumsteun voor wat de installaties betreft die in dienst worden genomen na 1 januari 2012, alsook voor bestaande agrarische vergisters of GFT-vergisters met compostering. Hierbij is de datum van inwerkingstelling van de productie-installatie, zoals verderop toegelicht wordt, bepalend voor de hoogte van het bedrag: Technologie Inwerkingstell ing voor 01/01/2010 Inwerkingstell ing vanaf 01/01/2010 Inwerkingstell ing vanaf 01/01/2012 Periode minimum -steun Windenergie op land, biomassa en biogas (uit overige biomassa) Restafval, stortgas en biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsslib Biogas uit agrarische stromen (installaties met ecologiepremie) Biogas uit agrarische stromen (installaties zonder ecologiepremie) Biogas uit gft met compostering (installaties met ecologiepremie) jaar jaar jaar jaar jaar 5

6 Technologie Inwerkingstell ing voor 01/01/2010 Inwerkingstell ing vanaf 01/01/2010 Inwerkingstell ing vanaf 01/01/2012 Periode minimum -steun Biogas uit gft met compostering (installaties zonder ecologiepremie) Waterkracht, getijden- en golfslagenergie, aardwarmte jaar jaar Andere technieken jaar 1.3. Looptijd minimumsteun en begrip datum van inwerkingstelling van een nieuwe productie-installatie Datum van inwerkingstelling De verplichting van de distributienetbeheerders loopt gedurende tien jaar vanaf de inwerkingstelling van een nieuwe productie-installatie. Biogas-installaties voor vergisting van gft met compostering hebben gedurende twintig jaar recht op deze minimumsteun. Hieronder wordt toegelicht welke datum in dit kader wordt beschouwd als datum van inwerkingstelling. De eigenaar van een productie-installatie moet voortaan bij zijn aanvraag tot toekenning van groenestroomcertificaten de datum van de inwerkingstelling van de installatie invullen, alsook de datum van de AREI-keuring van de volledige installatie. Deze twee data kunnen eventueel gelijk zijn, maar de inwerkingstelling kan niet vóór de AREI-keuring vallen. De datum van inwerkingstelling, zoals opgegeven door de aanvrager, wordt vervolgens opgenomen in de certificatendatabank van de VREG. Er dient bij de aanvraag van groenestroomcertificaten dan ook een (kopie van het) AREIkeuringsverslag te worden overgemaakt aan de VREG. Om bepalend te zijn voor de datum van inwerkingstelling moet het AREI-keuringsverslag volledig zijn en dus ook attesteren dat de volledige installatie geplaatst werd en in overeenstemming is met het AREI, zonder enig voorbehoud. Voordat de installatie op het openbare elektriciteitsnet mag worden aangesloten, moet de eigenaar van een productie-installatie een aansluiting aanvragen 3 bij zijn netbeheerder. Hierbij moet het AREIkeuringsverslag overgemaakt worden aan de netbeheerder, evenals een eendraadschema van de installatie en eventueel andere documenten. U kunt dit best navragen bij de netbeheerder of nakijken op de website van uw netbeheerder. De netbeheerder heeft teneinde de minimumsteun te kunnen uitbetalen toegang tot de certificatendatabank van de VREG voor wat betreft de gegevens van die productie-installaties die zijn aangesloten op zijn net. De netbeheerder kan in de certificatendatabank controleren of de datum van de inwerkingstelling die in de certificatendatabank wordt weergegeven, zoals opgegeven door de aanvrager bij zijn aanvraag tot toekenning van groenestroomcertificaten, ten vroegste gelijk is aan de datum van de AREI-keuring die hij ontving. 3 Voor een productie-installatie van minder dan of gelijk aan 10 kva volstaat vaak een aanmelding. De precieze aansluitvoorwaarden kunnen verschillend zijn naargelang de netbeheerder. 6

7 Het is dus belangrijk dat men bij het in dienst nemen van een productie-installatie zo snel mogelijk zowel de aansluiting 4 op het elektriciteitsdistributienet bij de netbeheerder (waarvoor men onder andere een AREI-keuring moet bezorgen) in orde brengt, als een volledige en duidelijke aanvraag van groenestroomcertificaten bij de VREG indient. 5 Pas na de controle van de datum van inwerkingstelling door de netbeheerder, kunnen de toegekende groenestroomcertificaten aan de netbeheerder verkocht worden tegen minimumsteun Wat is een nieuwe productie-installatie? Elektriciteitsproductie uit hernieuwbare energiebronnen geeft recht op de betaling van minimumsteun gedurende tien jaar na de eerste inwerkingstelling van de productie-installatie. Deze periode vangt aan bij de inwerkingstelling van een nieuwe productie-installatie. Een uitzondering op deze regeling zijn nieuwe én bestaande installaties voor gft-vergisting met nacompostering die recht hebben op minimumsteun gedurende twintig jaar vanaf de inwerkingstelling. Een nieuwe productie-installatie is een productie-installatie die volledig zelfstandig elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen kan opwekken en die daarnaast niet samengesteld is uit tweedehandsonderdelen. Om dit vast te stellen, kan de VREG alle aankoopfacturen opvragen van de installatie. Hieronder worden de onderdelen opgesomd die zeker tot de productie-installatie behoren, deze lijst is niet exhaustief: - wind: windturbine inclusief turbinetransformator en fundering en sturing en (indien aanwezig) parktransformator; - water: kunstwerk, waterrad/turbine en generatorsturing; - biomassa: voorbehandelingsinstallatie op de site zelf, verbrandingsinstallatie, boiler/ketel, stoomturbine/stoommachine, generator en sturing; - biogas: vergistingsinstallatie/afvalwaterzuiveringsinstallatie, gasmotor/turbine, generator en sturing; Bij vervanging van een verouderde/afgeschreven/ productie-installatie volstaat het niet dat bijvoorbeeld alleen de motor vervangen wordt om een nieuwe minimumsteun-periode van tien/twintig jaar te doen starten. De volledige productie-installatie dient in dit geval vervangen te worden. Ook voor uitbreidingen van productie-installaties geldt dat slechts een volledig nieuwe, zelfstandig functionerende productie-installatie naast de bestaande die nog steeds op regelmatige basis op haar volledig mechanisch vermogen (in de toepasselijke normcondities) in bedrijf zal zijn in aanmerking komt voor een nieuwe periode van minimumsteun. In geval van een gedeeltelijke vervanging van een productie-installatie loopt de termijn van 10 jaar waarbinnen de minimumsteun voor certificaten te verkrijgen is door, de datum van inwerkingstelling blijft dus gelijk aan deze van de oorspronkelijke productie-installatie. 4 Ingeval de productie-installatie niet wordt aangesloten op het openbare elektriciteitsnet en dus in eilandbedrijf werkt, is het uiteraard niet nodig een aansluiting aan te vragen bij de netbeheerder. Men heeft in dat geval echter ook geen recht op de minimumsteun, die door netbeheerders enkel wordt uitbetaald aan installaties die zijn aangesloten op hun net. 5 Vroegtijdig ingediende dossiers blijken vaak onvolledig en lopen zo vertraging op bij het opvragen van bijkomende inlichtingen. De tijd die nog nodig is om uw dossier te vervolledigen wint u snel terug in de behandeling ervan. 7

8 1.4. Minimumsteun bij agrarische vergisters en gft-vergisting met compostering Biogas uit 1) vergisting van hoofdzakelijk mest- en/of land- en tuinbouwgerelateerde stromen of uit 2) gft-vergisting met compostering Voor biogas uit vergisting van hoofdzakelijk mest- en/of land- en tuinbouwgerelateerde stromen of uit gft-vergisting met compostering wordt voortaan een hogere minimumsteun toegekend dan voor biogas uit vergisting van overige biomassa. Groenestroomproducenten die aanspraak wensen te maken op deze regeling, dienen volgende aspecten in acht te nemen: a) in aanmerking komende inputstromen 1) Voor biogas uit vergisting van hoofdzakelijk mest- en/of land- en tuinbouwgerelateerde stromen komen onderstaande stromen in aanmerking: 1. dierlijke mest; 2. land- en tuinbouwproducten van plantaardige oorsprong: gewassen of delen van gewassen geteeld op een land- en tuinbouwbedrijf, die niet als afval beschouwd worden; 3. land- en tuinbouwafval van plantaardige oorsprong direct afkomstig van een land- en tuinbouwbedrijf. Dit betekent dat dit land- en tuinbouwafval: aan de vergistingsinstallatie geleverd wordt door het land- en tuinbouwbedrijf waarop het afval ontstaan is én geen bijkomende bewerkingen ondergaat dan de voor de vergisting strikt noodzakelijke. Op massabasis moet de som van deze stromen elke maand als minimumpercentage meer dan 50% van de inputstromen van de installatie uitmaken; het relatieve aandeel van elke stroom is onbelangrijk. Voor de aanvullende inputstromen geldt er geen bijzondere beperking. 2) Voor biogas uit gft-vergisting met compostering komen enkel inrichtingen in aanmerking die vergund zijn voor de compostering en vergisting van groente-, fruit- en tuinafval, d.w.z.. het gescheiden ingezamelde organisch deel van het huishoudelijk afval. Het omvat in feite het plantaardig keukenafval en het gedeelte van het tuinafval dat bestaat uit niet houtig, fijn materiaal. Op massabasis moet deze stroom elke maand als minimumpercentage ten minste 75% van de inputstromen van de installatie uitmaken. Voor de aanvullende inputstromen geldt er geen bijzondere beperking. b) maandelijkse controle Aan de hand van de rapporteringen aan de VREG van de maandelijkse aanvoer van biomassa zal de samenstelling van de inputstromen gecontroleerd worden. Als blijkt dat in de betreffende maand de in aanmerking komende inputstromen het minimumpercentage niet halen, wordt het in die maand geproduceerde biogas niet beschouwd als voortkomend uit de vergisting van hoofdzakelijk mest- en/of land- en tuinbouwgerelateerde stromen of uit gft-vergisting met compostering en wordt ook (slechts) de overeenkomstige minimumsteun (vb. deze voor biogas uit overige biomassa) toegekend, onafhankelijk van het al of niet toegekend zijn van een ecologiepremie aan de betreffende installatie (zie verder, onder ). c) bijzonderheden bij de aanvraag De aanvrager van de groenestroomcertificaten verklaart dat de inputstromen conform punt a) in aanmerking komen voor de hogere minimumsteun. In bijlage worden ter controle volgende zaken toegevoegd: 1. Een kopie van de milieuvergunning; 8

9 2. Een verhalende beschrijving van de inputstromen, zowel voor wat betreft de verschillende types als de verschillende (groep/sector) leveranciers; 3. Een overzichtstabel van alle inputstromen, opgesplitst zowel per type als per leverancier. Het sjabloon daarvoor bevindt zich op dezelfde plaats als het afvalstoffenformulier: Deze overzichtstabel wordt ook als excel-bestand verstuurd naar met als onderwerp uw dossierkenmerk of de naam van uw installatie met de vermelding Inputstromen, bv. BGS-XXXX: Inputstromen of naam installatie: Inputstromen. 4. Een afvalstoffenformulier voor elk type inputstroom, ook voor niet-afvalstoffen. c Bij elke aanvraag zal de VREG de OVAM om advies vragen over de aard van de gemelde inputstromen. Op basis van dit advies zal de VREG oordelen of een bepaalde stroom in aanmerking komt. Elke wijziging van de inputstromen van een installatie moet onmiddellijk aan de VREG worden gemeld in overeenstemming met artikel van het Energiebesluit. d) tweejaarlijkse controle Bij de tweejaarlijkse groenestroomkeuring van de productie-installatie worden de overzichtstabel van de inputstromen, het register van de toegevoerde biomassa evenals de levering- of weegbonnen van de aan de productie-installatie geleverde biomassa tijdens de 2 jaar voorafgaand aan de groenestroomkeuring voorgelegd. Deze levering- of weegbonnen worden bijgehouden gedurende een periode van minstens 5 jaar. De VREG of een door haar aangewezen keuringsinstantie kan op ieder moment deze levering- of weegbonnen opvragen ter controle van de maandelijkse rapporteringen. e) bestaande installaties Bestaande agrarische vergisters en installaties voor gft-vergisting met nacompostering die aanspraak willen maken op deze regeling melden dit aan de VREG via het aanvraagformulier ( waarbij zij aangeven dat daarvoor de beslissing moet worden gewijzigd. De verhoogde minimumsteun wordt alleen toegekend voor groene stroom die geproduceerd werd vanaf de datum van inwerkingtreding van het decreet van 6 mei 2011 tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, namelijk vanaf 10 juni 2011 (BS 10/06/11) Ecologiepremie Voor biogas uit vergisting van hoofdzakelijk mest- en/of land- en tuinbouwgerelateerde stromen en voor biogas uit gft-vergisting met compostering wordt een minimumsteun toegekend van 110 per overgedragen groenestroomcertificaat, als de verwerkende installatie in dienst werd genomen na 1 januari 2012 en geen ecologiepremie kreeg toegekend. Producenten die aanspraak wensen te maken op deze regeling, dienen volgende aspecten in acht te nemen: a) óf ecologiepremie, óf verhoogde minimumsteun Eenzelfde installatie kan niet genieten van zowel een ecologiepremie als de verhoogde minimumsteun van 110 per groenestroomcertificaat. De exploitant moet zelf beslissen welk steunmechanisme hij verkiest. Als de ecologiepremie niet werd aangevraagd, krijgt de aanvrager de minimumsteun van 110, voor zover natuurlijk de relevante voorwaarden vervuld zijn. (zie hoger). Werd de ecologiepremie wel aangevraagd, dan krijgt de aanvrager enkel de minimumsteun van 110 als de ecologiepremie geweigerd wordt. b) ecologiepremie voor de naverwerking van het digestaat 9

10 Voor wat de verhoogde minimumsteun aangaat, maakt de naverwerking integraal deel uit van de productie-installatie. Of een ecologiepremie werd aangevraagd voor de hele installatie of enkel voor de naverwerking van het digestaat is onbelangrijk: als de ecologiepremie wordt toegekend, sluit dit de hele installatie uit van de verhoogde minimumsteun. c) verklaring van aanvraag van ecologiepremie De aanvrager van de groenestroomcertificaten verklaart dat de ecologiepremie al dan niet werd aangevraagd. d) controle van de verklaring De VREG controleert voor elke installatie die op basis van de aanvraag in aanmerking lijkt te komen voor de minimumsteun van 110 of een ecologiepremie werd aangevraagd en toegekend Bevriezing van de minimumsteun voor vergunningsplichtige projecten Artikel 7.1.6, 1, laatste alinea van het Energiedecreet stelt dat nieuwe productie-installaties die over een stedenbouwkundige vergunning en een milieuvergunning dienen te beschikken, kunnen genieten van de minimumsteun die geldt op het moment dat de laatste van deze vergunningen werd bekomen en mits binnen de drie jaar volgend op het verlenen van deze vergunning de installatie in gebruik werd genomen. Deze bepaling geldt enkel voor installaties in dienst genomen na 1 januari Dit houdt in dat indien een productie-installatie zowel een stedenbouwkundige als een milieuvergunning vereist, de producent ervoor kan opteren dat de minimumprijs wordt vastgeklikt op het moment dat de laatste van deze vergunningen werd bekomen en op voorwaarde dat de datum van inwerkingstelling valt binnen de drie jaar volgend op het verlenen van deze laatste vergunning. Deze regeling geldt dus niet voor installaties waarvoor enkel een stedenbouwkundige of een milieuvergunning vereist is. Een aanvrager die aan bovenstaande voorwaarden voldoet heeft de keuze tussen enerzijds de minimumprijs die van kracht was op het moment dat de laatste van zijn twee vergunningen werd bekomen, en anderzijds de minimumprijs die van kracht is op het moment dat zijn installatie in gebruik wordt genomen. De toepassing van deze regeling moet niet op voorhand worden aangevraagd bij of gemeld aan de VREG. Indien de aanvrager gebruik wenst te maken van deze regeling, voegt hij bij zijn aanvraag tot toekenning van groenestroomcertificaten een kopie van de laatst verkregen stedenbouwkundige én milieuvergunning voor de betrokken installatie. Let op! Uit beide vergunningen moet duidelijk blijken dat zij betrekking hebben op de productieinstallatie. Een melding klasse 3 wordt als milieuvergunning beschouwd Aansluiting op het distributienet van productie-installaties Overeenkomstig artikel 7.1.6, 1, eerste lid van het Energiedecreet kennen de netbeheerders een minimumsteun toe voor de productie van elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen die is opgewekt in installaties die aangesloten zijn op hun net, en op gesloten distributienetten, gekoppeld aan hun net, voor zover de producent zelf daarom verzoekt. Voor WKK geldt dezelfde aansluitingsvoorwaarde overeenkomstig artikel 7.1.7, 1, eerste lid van het Energiedecreet. 10

11 Dit geldt nu ook voor installaties aangesloten op een gesloten distributienet gekoppeld aan een distributienet of plaatselijk vervoersnet. 6 Deze paragraaf beschrijft hoe de VREG het criterium aangesloten op het net toepast. Hierbij zijn de volgende definities van belang. - Artikel 1.1.3, 32 van het Energiedecreet: elektriciteitsdistributienet: geheel van onderling verbonden elektrische leidingen met een nominale spanning die gelijk aan of minder dan 70 kilovolt is en de bijbehorende installaties, die noodzakelijk zijn voor de distributie van elektriciteit aan afnemers binnen een geografisch afgebakend gebied in het Vlaamse Gewest; - Artikel 1.1.3, 33 van het Energiedecreet: elektriciteitsdistributienetbeheerder: beheerder van een elektriciteitsdistributienet, aangewezen overeenkomstig artikel 4.1.1; - Artikel 1.1.3, 90 van het Energiedecreet: netbeheerder: een elektriciteitsdistributienetbeheerder, een aardgasdistributienetbeheerder of de beheerder van het plaatselijk vervoernet van elektriciteit; - Artikel 1.1.3, 100 van het Energiedecreet: plaatselijk vervoernet van elektriciteit: het geheel van elektrische leidingen met een nominale spanning tot en met 70 kilovolt en de bijbehorende installaties, die gelegen zijn in het Vlaamse Gewest, dat voornamelijk gebruikt wordt om het vervoer van elektriciteit naar distributienetten mogelijk te maken en dat wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 4.1.2; Om in aanmerking te komen voor de verkoop van groenestroom- of warmtekrachtcertificaten (hierna certificaten ) aan de decretaal vastgelegde minimumwaarde, dient de groenestroomproductieinstallatie of warmtekrachtinstallatie (hierna installatie ) in kwestie rechtstreeks aangesloten te zijn op een elektriciteitsnet beheerd door een elektriciteitsdistributienetbeheerder aangewezen overeenkomstig artikel van het Energiedecreet, of op een plaatselijk vervoernet van elektriciteit beheerd door een beheerder aangewezen overeenkomstig artikel van het Energiedecreet, of op een gesloten distributienet dat op één van deze netten is gekoppeld.. Het recht op minimumsteun ontstaat voor de certificaten toegekend voor de elektriciteit geproduceerd vanaf het moment dat de productie-installatie daadwerkelijk aangesloten is op het net in kwestie. Per definitie hebben deze elektriciteitsnetten een maximale nominale spanning van 70 kv. Om te bepalen of een installatie rechtstreeks aangesloten is op een elektriciteitsnet hanteert de VREG de volgende criteria. - Een installatie is aangesloten op een elektriciteitsnet wanneer een permanente fysieke verbinding wordt aangetoond tussen de klemmen van de generator en dit net, door middel van elektrische geleiders en/of transformatoren en schakelaars, die enkel in noodgevallen wordt verbroken. Een installatie waarbij de generator niet verbonden is met het distributienet, maar het verbruik van de hulpdiensten wel van het distributienet wordt afgenomen, wordt voor toepassing van artikel dan wel van het Energiedecreet niet als aangesloten op het distributienet beschouwd. - De permanente injectie van de geproduceerde elektriciteit in het elektriciteitsnet is geen noodzakelijke, maar wel een voldoende voorwaarde voor de installatie om als aangesloten op dat net beschouwd te worden. 6 Ingevoegd bij artikel 38 en 39 van het decreet van 7 juli 2011 houdende de wijziging van de wet van 10 maart 1925 op de elektriciteitsvoorziening en het Energiedecreet van 8 mei 2009, wat betreft de omzetting van de richtlijn 2009/72/EG en de richtlijn 2009/73/EG, aangenomen door het Vlaams Parlement op 29 juni 201 (nog niet gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op datum van deze mededeling) 11

12 - Bij installaties aangesloten op een elektriciteitsnet van de netbeheerder Elia bepaalt het aansluitingscontract of de installatie al dan niet op het distributienet is aangesloten. Een installatie die contractueel bij Elia TNB is aangesloten, wordt als aangesloten op het transmissienet beschouwd, onafhankelijk van het werkelijke spanningsniveau van het net. Wanneer een installatie op basis van de vorige criteria als permanent aangesloten op meerdere elektriciteitsnetten kan beschouwd worden, wordt door de VREG in overleg met de betrokken netbeheerders beslist welke aansluiting het meeste doorweegt. Hierbij wordt onder andere rekening gehouden met het onderschreven vermogen. Deze aansluiting zal bepalend zijn voor de toepassing van artikelen en van het Energiedecreet. Indien er enkel een noodvoeding op het distributienet is, volstaat dit niet om aangesloten te zijn op het distributienet. Deze regeling geldt zowel voor groenestroomproductie-installaties als warmtekrachtinstallaties Begunstigde van de minimumsteun Overeenkomstig artikel 7.1.6, 1 en artikel 7.1.7, 1 kent de distributienetbeheerder de minimumsteun toe voor de elektriciteitsopwekking uit HEB of WKK voor zover de producent zelf daarom verzoekt. Groenestroom- en warmtekrachtcertificaten kunnen echter toegekend worden aan de eigenaar van de productie-installatie of, op diens uitdrukkelijke verzoek, aan een derde natuurlijke of rechtspersoon (artikel en 7.1.2, 1). Bij het indienen van de certificatenaanvraag wordt voortaan uitdrukkelijk de verklaring bijgevoegd dat de eigenaar van de productie-installatie door het aanwijzen van een derde als certificaatgerechtigde deze derde tegelijk uitdrukkelijk machtigt om (in voorkomend geval) in zijn naam en voor zijn rekening de minimumsteun te innen. Het staat vast dat enkel de certificaatgerechtigde begunstigde van de minimumsteun kan zijn Controles door de VREG en de distributienetbeheerders Toepasselijke wetgeving Artikel van het Energiebesluit 1 [ ] De VREG kan op elk moment controleren of de vaststellingen, die opgenomen zijn in een keuringsverslag, overeenkomen met de werkelijkheid. 2. De VREG kan een productie-installatie die elektriciteit opwekt uit een hernieuwbare energiebron, op elk moment controleren om na te gaan of de elektriciteit wel opgewekt wordt uit een hernieuwbare energiebron en of de meting van de geproduceerde elektriciteit en andere metingen die noodzakelijk zijn om de productie uit hernieuwbare energiebronnen te bepalen, overeenstemmen met de werkelijkheid. Artikel van het Energiebesluit [ ] De VREG kan een kwalitatieve warmtekrachtinstallatie op ieder moment controleren om na te gaan of de meting van het energieverbruik en van de geproduceerde elektriciteit, warmte en mechanische energie en andere metingen die noodzakelijk zijn om het aantal toe te kennen warmtekrachtcertificaten en de productie van elektriciteit uit kwalitatieve warmtekrachtkoppeling te bepalen, overeenstemmen met de werkelijkheid. 12

13 Artikel van het Energiebesluit Met behoud van de toepassing van artikel 6.1.4, 2, wordt de netbeheerder gemachtigd om op verzoek van de VREG via een controle ter plaatse van de productie-installatie en de meterstanden na te gaan of aan de voorwaarden tot toekenning van groenestroomcertificaten, vermeld in artikel tot en met 6.1.5, is voldaan. Als de netbeheerder de toegang tot de installatie wordt geweigerd of indien de netbeheerder vaststelt dat niet aan de voorwaarden is voldaan, meldt deze dit onmiddellijk aan de VREG. De netbeheerder schorst vervolgens de uitbetaling van de minimumsteun voor de groenestroomcertificaten uitgegeven voor elektriciteit opgewekt in de betrokken installatie totdat de VREG deze vrijgeeft. Indien niet voldaan is aan de voorwaarden, vermeld in artikel tot en met 6.1.5, trekt de VREG de nog niet verhandelde en de in het kader van de certificatenverplichting of minimumsteun nog niet gebruikte groenestroomcertificaten in kwestie in. Indien de VREG vaststelt dat een aantal van de onterecht toegekende groenestroomcertificaten toch reeds werden verhandeld of werden gebruikt voor de minimumsteun of voor de certificatenverplichting, dan compenseert de VREG voor de betrokken productie-installatie evenredig het aantal groenestroomcertificaten die nog zullen worden toegekend conform artikel 6.1.3, met het aantal gebruikte groenestroomcertificaten dat niet voldoet aan de voorwaarde, vermeld in artikel tot Toepassing door de VREG De VREG voert controles uit bij de aanvraag tot toekenning van groenestroom- en warmtekrachtcertificaten, de toekenning en de verkoop van groenestroom- en warmtekrachtcertificaten aan de netbeheerders tegen minimumsteun. Deze controlebevoegdheid kan gedelegeerd worden aan de netbeheerders. Indien de netbeheerder de toegang tot de installatie wordt geweigerd, of indien de netbeheerder vaststelt dat niet aan de voorwaarden voor de toekenning van groenestroom- en/of warmtekrachtcertificaten is voldaan, meldt deze dit onmiddellijk aan de VREG. De netbeheerder schorst vervolgens de uitbetaling van de minimumsteun voor alle groenestroom- en/of warmtekrachtcertificaten uitgegeven voor elektriciteit opgewekt in de betrokken installatie, totdat de VREG deze vrijgeeft. Wanneer fraude wordt vastgesteld trekt de VREG alle nog niet verhandelde en in het kader van de certificatenverplichting of minimumsteun nog niet gebruikte certificaten die aan de betrokken installatie werden toegekend, in. Indien de VREG vaststelt dat een aantal van de onterecht toegekende certificaten toch al werden verhandeld of werden gebruikt voor de minimumsteun of voor de certificatenverplichting, dan vermindert de VREG voor de betrokken productie-installatie evenredig het aantal certificaten die nog zullen worden toegekend, met het aantal onterecht gebruikte certificaten. De VREG zal tevens niet aarzelen om bij een vermoeden van fraude de bevoegde politiediensten of het parket in te lichten, waarna een strafsanctie opgelegd kan worden door de bevoegde strafrechtbank op grond van een overtreding van artikel van het Energiedecreet of andere, gemeenrechtelijke strafbepalingen. Ook kan de VREG zelf overgaan tot het opleggen van een administratieve boete op grond van artikel e.v. van het Energiedecreet. 13

14 Verplichtingen voor de certificaatgerechtigde Voor de volledigheid kan nog herhaald worden dat de certificaatgerechtigde alle wijzigingen aan een installatie die een invloed hebben op het aantal toe te kennen groenestroomcertificaten, alsook alle wijzigingen met betrekking tot de certificaatgerechtigde, onverwijld aan de VREG moet melden, bij voorkeur nog voordat ze worden doorgevoerd. Hieronder vallen onder andere: - wijzigingen aan de installatie, in het meetschema of vervanging van de meter(s). Bij de vervanging van een meter moeten foto s van de oude meter (nog geïnstalleerd en na wegname) en de nieuwe meter (nog niet geïnstalleerd en na plaatsing) waarop de meterstanden duidelijk zichtbaar zijn aan de VREG bezorgd worden alsook een verklaring dat geen andere aspecten van de productie-installatie gewijzigd werden. Groenestroomproductieinstallaties die per jaar meer dan kwh opwekken en warmtekrachtinstallaties met een elektrisch of mechanisch nominaal vermogen van meer dan 1MW dienen bij deze wijziging eveneens een nieuw keuringsverslag voor te leggen; - wijzigingen van de energiebron of de herkomst van de energiebron (indien dit impact heeft op de bepaling van de voorbehandelings- en transportenergie 7 ); - wijzigingen met betrekking tot de hoedanigheid van certificaatgerechtigde. Na deze melding kan de VREG haar beslissing tot goedkeuring van de aanvraag tot toekenning van groenestroomcertificaten wijzigen. Groenestroomproductie-installaties die jaarlijks meer dan kwh elektriciteit opwekken uit een hernieuwbare energiebron en warmtekrachtinstallaties met een elektrisch of mechanisch nominaal vermogen van meer dan 1MW, kunnen enkel certificaten blijven krijgen na voorlegging van een nieuw keuringsverslag om de twee jaar. De VREG bereidt hierover een afzonderlijke mededeling voor. Voor een productie-installatie op biomassa moet de producent de bewijsstukken (leverings- en weegbonnen e.d.) die de hoeveelheid aan de productie-installatie toegevoerde biomassastromen staven gedurende vijf jaar bewaren. 7 zie MEDE : Mededeling van de VREG met betrekking tot het in mindering te brengen energieverbruik van de hulpdiensten, de voorbehandeling en het transport in de berekening van het aantal toe te kennen groenestroomcertificaten voor elektriciteitsproductie uit hernieuwbare energiebronnen. 14

15 2. Toekenning van groenestroomcertificaten aan bijstook van hernieuwbare energiebronnen in een kolencentrale 2.1. Toepasselijke wetgeving Artikel 1.1.3, punt 75 /1van het Energiedecreet 75 /1 kolencentrale: elektriciteitsproductie-eenheid waar producten met de GN-codes 2701, 2702, 2703 of 2704, zoals bedoeld in de EG-verordening nr. 2031/2001 van de Europese Commissie van 6 augustus 2001 tot wijziging van bijlage I van EEG-verordening nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijke douanetarief, als brandstof worden of werden gebruikt Artikel 7.1.5, 4 van het Energiedecreet ( ) Voor de bijstook tot 60 % van hernieuwbare energiebronnen in een kolencentrale met een nominaal elektrisch vermogen van meer dan 50 MW, wordt het aantal voor de certificatenverplichting aanvaardbare groenestroomcertificaten verminderd met 50 %. Voor een kolencentrale met een nominaal elektrisch vermogen van meer dan 50 MW waar enkel hernieuwbare energiebronnen worden verbruikt wordt voor de eerste 60 % groenestroomproductie het aantal voor de certificatenverplichting aanvaardbare groenestroomcertificaten verminderd met 50 %. In afwijking van het vierde lid, wordt voor het gebruik van hernieuwbare energiebronnen in kolencentrales met een nominaal elektrisch vermogen van meer dan 50 MW die actief zijn op 1 januari 2011 en waar op en na deze datum niet langer producten worden verbruikt met de GN-codes 2701, 2702, 2703 of 2704, zoals bedoeld in de EG-verordening nr. 2031/2001 van de Europese Commissie van 6 augustus 2001 tot wijziging van bijlage I van EEG-Verordening nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijke douanetarief, het aantal voor de certificatenverplichting aanvaardbare groenestroomcertificaten verminderd met 11 %. Dit percentage kan niet verhoogd worden tot en met 30 april Indien het percentage alsnog zou verhoogd worden, vergoedt de Vlaamse overheid de eigenaars van de desbetreffende installaties voor de geleden schade. De VREG bepaalt de berekening van het aandeel hernieuwbare energiebronnen in de stroomproductie. Artikel , 1, laatste lid van het Energiebesluit Voor de bijstook tot 60% van biomassa in een kolencentrale met een nominaal elektrisch vermogen van meer dan 50 MW, is slechts één op de twee groenestroomcertificaten die uitgereikt zijn voor de productie vanaf 1 januari 2010, aanvaardbaar voor de certificatenverplichting. Het respectieve percentage wordt berekend op de afzonderlijke elektriciteitsproductie-eenheden waar producten met de GN-codes 2701, 2702, 2703 of 2704, zoals bedoeld in de EG-verordening nr. 2031/2001 van de Europese commissie van 6 augustus 2001 tot wijziging van bijlage I van EEG-verordening nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, als brandstof worden en werden gebruikt. De VREG bepaalt de berekening van het percentage bijstook, rekening houdend met het feit dat de hoeveelheid van de bijstook van biomassa voor een bedrijfseenheid om bedrijfstechnische redenen kan schommelen. 15

16 2.2. Toepassing door de VREG Op welke elektriciteitscentrales is deze bepaling van toepassing? Het begrip kolencentrale wordt gedefinieerd als een elektriciteitsproductie-eenheid waar producten met de GN-codes 2701, 2702, 2703 of 2704, zoals bedoeld in de EG-verordening nr. 2031/2001 van de Europese commissie van 6 augustus 2001 tot wijziging van bijlage I van EEG-verordening nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, als brandstof worden of werden gebruikt. Deze GN-codes verwijzen naar: - GN-code 2701 = Steenkool; briketten, eierkolen en dergelijke van steenkool vervaardigde vaste brandstoffen - GN-code 2702 = Bruinkool, ook indien geperst, andere dan git - GN-code 2703 = Turf, turfstrooisel daaronder begrepen, ook indien geperst - GN-code 2704 = Cokes en halfcokes, van steenkool, van bruinkool of van turf, ook indien geperst; retortenkool Het is duidelijk dat een kolencentrale waar in het verleden wel producten met de bovengenoemde GN-codes werden verbruikt, maar waar dit op heden niet langer het geval is, ook onder de definitie van kolencentrale valt. Het is meestal zo dat een elektriciteitscentrale bestaat uit verschillende productie-eenheden; ook wel groepen genoemd. Iedere productie-eenheid wordt gekenmerkt door de mogelijkheid om elektriciteit te produceren onafhankelijk van andere productie-eenheden gelegen op diezelfde site en dit niettegenstaande alle productie-eenheden van de site gedekt (kunnen) zijn door een gemeenschappelijke milieuvergunning. Om te beslissen of de elektriciteitscentrale gezien moet worden als een kolencentrale met een nominaal elektrisch vermogen van meer dan 50 MW, wordt enkel het nominaal elektrisch vermogen in rekening gebracht van de desbetreffende productie-eenheid; ook wel groep genoemd. Het betreft hier het totale vermogen uit zowel hernieuwbare als niet-hernieuwbare bronnen Bepaling van het percentage bijstook van hernieuwbare energiebronnen De VREG berekent het percentage bijstook van hernieuwbare energiebronnen voor de productieeenheden waar producten met de GN-codes 2701, 2702, 2703 of 2704 worden en werden gebruikt. Dit percentage wordt maandelijks bepaald als de verhouding van de energie-inhoud afkomstig uit hernieuwbare energiebronnen 8 ten opzichte van de totale energie-inhoud van het geheel van alle toegevoerde energiebronnen. Deze energie-inhoud wordt bepaald op basis van de onderste verbrandingswaarde nat Procedure voor de maandelijkse toekenning van groenestroomcertificaten Aangezien het percentage bijstook van hernieuwbare energiebronnen geen vaststaand gegeven is, maar van maand tot maand varieert, zal er op maandbasis bepaald worden met welk van de twee onderstaande berekeningswijzen het aantal groenestroomcertificaten bepaald zal worden. De aanvullende bepaling in artikel 7.1.5, 4 van het Energiedecreet kan in geen geval tot gevolg hebben dat voor energiebronnen die geen aanleiding geven tot de toekenning van aanvaardbare groenestroomcertificaten, conform de opsomming in artikel van het Energiebesluit, toch 8 zoals bedoeld in artikel 1.1.3, 65 van het Energiedecreet 16

17 aanvaardbare groenestroomcertificaten uitgereikt zouden worden. In de onderstaande verduidelijking wordt er dan ook steeds vanuit gegaan dat er enkel hernieuwbare energiebronnen verbruikt worden die aanleiding geven tot de toekenning van aanvaardbare groenestroomcertificaten. Hieronder wordt het begrip certificatenverplichting beschouwd als de verplichting opgelegd aan de leveranciers van elektriciteit overeenkomstig artikel van het Energiedecreet. Vooreerst dient het percentage bijstook van hernieuwbare energiebronnen bepaald te worden zoals hierboven beschreven. Er zijn dan twee mogelijke scenario s: 1) percentage bijstook van hernieuwbare energiebronnen < 60% Slechts de helft van de uitgereikte groenestroomcertificaten (groenestroomcertificaten) zal aanvaardbaar zijn voor de certificatenverplichting. vb. In een bepaalde productie-eenheid van een elektriciteitscentrale werd in een bepaalde maand netto MWh aan elektriciteit geproduceerd. Het percentage bijstook van biomassa tijdens die maand werd bepaald op 50%. Dan zal de VREG groenestroompcertificaten uitreiken die aanvaardbaar zijn voor de certificatenverplichting en groenestroompcertificaten die niet aanvaardbaar zijn (deze groenestroomcertificaten zijn enkel bruikbaar als garantie van oorsprong en hebben dus maar beperkte waarde). 2) percentage bijstook van hernieuwbare energiebronnen 60% en <100% Voor de bijstook van hernieuwbare energiebronnen tot 60% wordt het aantal voor de certificatenverplichting aanvaardbare groenestroomcertificaten verminderd met 50 %, terwijl de aanvaardbare groenestroomcertificaten voor de bijstook vanaf 60% en hoger aanvaardbaar blijven. vb. In een bepaalde productie-eenheid van een elektriciteitscentrale werd in een bepaalde maand netto MWh aan elektriciteit geproduceerd. Het percentage bijstook werd bepaald op 85%. Veronderstel dat er in totaal aanvaardbare groenestroomcertificaten zouden worden uitgereikt. Slechts een deel hiervan zal aanvaardbaar blijven voor de certificatenverplichting. Voor de bijstook tot 60% wordt het aantal aanvaardbare groenestroomcertificaten verminderd tot /2 = zodat er nog groenestroompcertificaten worden uitgereikt die niet aanvaardbaar zijn. Voor de bijstook vanaf 60% en hoger blijven de aanvaardbare groenestroompcertificaten aanvaardbaar, in dit geval Uitzonderingsbepaling voor kolencentrales waar niet langer vaste fossiele brandstoffen worden aangewend op en na 1/1/2011 Voor het gebruik van hernieuwbare energiebronnen in kolencentrales met een nominaal elektrisch vermogen van meer dan 50 MW die actief zijn op 1 januari 2011 en waar op en na deze datum niet langer producten worden verbruikt met de GN-codes 2701, 2702, 2703 of 2704, zoals bedoeld in de EG-verordening nr. 2031/2001 van de Europese Commissie van 6 augustus 2001 tot wijziging van bijlage I van EEG-Verordening nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijke douanetarief, wordt het aantal voor de certificatenverplichting aanvaardbare groenestroomcertificaten verminderd met 11 %. 17

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 27 januari 2009

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 27 januari 2009 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B - 1000 BRUSSEL e-mail : info@vreg.be tel. : +32 2 553 13 53 fax : +32 2 553 13

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 15 april 2008

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 15 april 2008 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B - 1000 BRUSSEL e-mail : info@vreg.be tel. : +32 2 553 13 53 fax : +32 2 553 13

Nadere informatie

van 23 februari 2010

van 23 februari 2010 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B - 1000 BRUSSEL e-mail : info@vreg.be tel. : +32 2 553 13 53 fax : +32 2 553 13

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 8 juli gewijzigd op 16 september 2009

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 8 juli gewijzigd op 16 september 2009 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B - 1000 BRUSSEL e-mail : info@vreg.be tel. : +32 2 553 13 53 fax : +32 2 553 13

Nadere informatie

van 11 december 2007

van 11 december 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B - 1000 BRUSSEL e-mail : info@vreg.be tel. : +32 2 553 13 53 fax : +32 2 553 13

Nadere informatie

van 23 februari 2010

van 23 februari 2010 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B - 1000 BRUSSEL e-mail : info@vreg.be tel. : +32 2 553 13 53 fax : +32 2 553 13

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 8 april gewijzigd op 23 februari 2010.

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 8 april gewijzigd op 23 februari 2010. Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B - 1000 BRUSSEL e-mail : info@vreg.be tel. : +32 2 553 13 53 fax : +32 2 553 13

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 31 mei 2005

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 31 mei 2005 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt North Plaza B Koning Albert II-laan 7 B-1210 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be Beslissing

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 20 juli 2004. gewijzigd op 24 januari 2007

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 20 juli 2004. gewijzigd op 24 januari 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de lektriciteits- en Gasmarkt North Plaza B Koning Albert II- laan 7 B - 1210 BRUSSL e-mail : info@vreg.be tel. : +32 2 553 13 53 fax : +32 2 553 13 50 web : www.vreg.be

Nadere informatie

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 28 juni gewijzigd op 2 augustus 2012 en 24 oktober 2012

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 28 juni gewijzigd op 2 augustus 2012 en 24 oktober 2012 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 29 mei 2007

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 29 mei 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

houdende diverse bepalingen inzake energie

houdende diverse bepalingen inzake energie stuk ingediend op 2031 (2012-2013) Nr. 4 19 juni 2013 (2012-2013) Ontwerp van decreet houdende diverse bepalingen inzake energie Tekst aangenomen door de plenaire vergadering Stukken in het dossier: 2031

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 30 maart 2005

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 30 maart 2005 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt North Plaza B Koning Albert II-laan 7 B-1210 Brussel Tel. +32 2 553 13 79 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be Beslissing

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 17 juli 2007

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 17 juli 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 30 januari 2007

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 30 januari 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B - 1000 BRUSSEL e-mail : info@vreg.be tel. : +32 2 553 13 53 fax : +32 2 553 13

Nadere informatie

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 28 juni 2011

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 28 juni 2011 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 28 mei 2013

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 28 mei 2013 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 14/04/2015 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten

Nadere informatie

van 13 augustus 2009

van 13 augustus 2009 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web:

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 24 april 2007 1

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 24 april 2007 1 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 03/06/2015 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 05/02/2014 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 04/05/2015 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 02/09/2015 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 08/12/2015 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 01/02/2016 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 13/06/2016 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 05/09/2016 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 04/11/2016 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten en garanties van oorsprong Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten

Nadere informatie

Rapport van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 22 juni 2004

Rapport van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 22 juni 2004 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt North Plaza B Koning Albert II-laan 7 B-1210 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be Rapport

Nadere informatie

TER CONSULTATIE. Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van xxx

TER CONSULTATIE. Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van xxx Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon 1700 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

Mededeling van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 22 juli 2008

Mededeling van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 22 juli 2008 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 79 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web:

Nadere informatie

http://www.emis.vito.be Belgisch Staatsblad dd 03-06-2014

http://www.emis.vito.be Belgisch Staatsblad dd 03-06-2014 VLAAMSE OVERHEID [C 2014/35570] 9 MEI 2014. Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Energiebesluit van 19 november 2010, wat betreft de instanties bevoegd voor de behandeling van de dossiers

Nadere informatie

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 28 mei 2013

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 28 mei 2013 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten Statistieken Laatste aanpassing 01/04/2012 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten voor elektriciteit uit hernieuwbare

Nadere informatie

Ontwerp van. Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 14 maart 2013

Ontwerp van. Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 14 maart 2013 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten

Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten Statistieken Laatste aanpassing 03/12/2012 Aantal uitgereikte groenestroomcertificaten Dit document bevat de gegevens betreffende het aantal toegekende groenestroomcertificaten voor elektriciteit uit hernieuwbare

Nadere informatie

28 SEPTEMBER 2001. Besluit van de Vlaamse regering inzake de bevordering van elektriciteitsopwekking uit hernieuwbare energiebronnen De Vlaamse

28 SEPTEMBER 2001. Besluit van de Vlaamse regering inzake de bevordering van elektriciteitsopwekking uit hernieuwbare energiebronnen De Vlaamse N. 2001 2938 [C 2001/36198] 28 SEPTEMBER 2001. Besluit van de Vlaamse regering inzake de bevordering van elektriciteitsopwekking uit hernieuwbare energiebronnen De Vlaamse regering, Gelet op de bijzondere

Nadere informatie

houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2016

houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2016 ingediend op 544 (2015-2016) Nr. 23 15 december 2015 (2015-2016) Amendement voorgesteld na indiening van het verslag op het ontwerp van decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2016

Nadere informatie

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 3 oktober 2013

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 3 oktober 2013 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

21 39.882 11 314.402. Biomassa omvat naast vaste biomassa ook vloeibare en gasvormig gemaakte biomassa, exclusief biogas afkomstig uit vergisting.

21 39.882 11 314.402. Biomassa omvat naast vaste biomassa ook vloeibare en gasvormig gemaakte biomassa, exclusief biogas afkomstig uit vergisting. 1/1/212 Productie-installaties in Vlaanderen waarvoor groenestroomcertificaten worden toegekend Dit document bevat gegevens betreffende de productie-installaties waarvan de aanvraag tot toekenning van

Nadere informatie

In het Belgisch Staatsblad van 31 december 2012 werd op bladzijde 88607 e.v. bovengenoemd besluit gepubliceerd.

In het Belgisch Staatsblad van 31 december 2012 werd op bladzijde 88607 e.v. bovengenoemd besluit gepubliceerd. VLAAMSE OVERHEID [C 2013/35060] 21 DECEMBER 2012. Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Energiebesluit van 19 november 2010, wat betreft de groenestroomcertificaten, de warmtekrachtcertificaten

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 26 juni 2007

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 26 juni 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

Biomassa omvat naast vaste biomassa ook vloeibare en gasvormig gemaakte biomassa, exclusief biogas afkomstig uit vergisting.

Biomassa omvat naast vaste biomassa ook vloeibare en gasvormig gemaakte biomassa, exclusief biogas afkomstig uit vergisting. 7/1/213 Productie-installaties in Vlaanderen waarvoor groenestroomcertificaten worden toegekend Dit document bevat gegevens betreffende de productie-installaties waarvan de aanvraag tot toekenning van

Nadere informatie

Productie-installaties in Vlaanderen waarvoor groenestroomcertificaten en/of garanties van oorsprong worden toegekend

Productie-installaties in Vlaanderen waarvoor groenestroomcertificaten en/of garanties van oorsprong worden toegekend Productie-installaties in Vlaanderen waarvoor groenestroomcertificaten en/of garanties van oorsprong worden toegekend Dit document bevat gegevens betreffende de productie-installaties waarvan de aanvraag

Nadere informatie

Voorstel van decreet. houdende wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, wat betreft de milieuvriendelijke energieproductie

Voorstel van decreet. houdende wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, wat betreft de milieuvriendelijke energieproductie stuk ingediend op 1639 (2011-2012) Nr. 10 6 juli 2012 (2011-2012) Voorstel van decreet van de heren Bart Martens en Robrecht Bothuyne, de dames Liesbeth Homans, Michèle Hostekint en Sonja Claes en de heren

Nadere informatie

van 17 februari 2009

van 17 februari 2009 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

Aantal groenestroomcertificaten verkocht aan minimumsteun

Aantal groenestroomcertificaten verkocht aan minimumsteun Statistieken Laatste aanpassing Aantal groenestroomcertificaten verkocht aan minimumsteun Dit document bevat gegevens betreffende de groenestroomcertificaten die werden verkocht aan de wettelijk vastgelegde

Nadere informatie

Geïnstalleerd vermogen en aantal groenestroominstallaties per provincie

Geïnstalleerd vermogen en aantal groenestroominstallaties per provincie Geïnstalleerd vermogen en aantal groenestroominstallaties per provincie Dit document bevat gegevens betreffende de productie-installaties die in dienst werden genomen t.e.m. 31/12/2013 waarvan de aanvraag

Nadere informatie

2. Welke sancties zijn mogelijk bij deze verschillende vormen van energiefraude?

2. Welke sancties zijn mogelijk bij deze verschillende vormen van energiefraude? SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 403 van TINNE ROMBOUTS datum: 16 september 2015 aan ANNEMIE TURTELBOOM VICEMINISTER-PRESIDENT VAN DE VLAAMSE REGERING, VLAAMS MINISTER VAN BEGROTING, FINANCIËN EN ENERGIE Elektriciteitsproductie

Nadere informatie

van 18 september 2012

van 18 september 2012 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 30 april 2014

Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 30 april 2014 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon 1700 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

EINDBESLISSING (B) CDC-1272

EINDBESLISSING (B) CDC-1272 Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS EINDBESLISSING

Nadere informatie

Wetgevende aspecten: ondersteuningsmaatregelen en emissienormen

Wetgevende aspecten: ondersteuningsmaatregelen en emissienormen Wetgevende aspecten: ondersteuningsmaatregelen en emissienormen Overzicht 1. Algemeen 2. Investeringssteun 3. Certificaten 4. Emmisienormen Algemeen Bio-WKK Biomassa als duurzame brandstof groene stroom

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 31 juli 2007

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 31 juli 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

EINDBESLISSING (B) CDC-1251

EINDBESLISSING (B) CDC-1251 Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS EINDBESLISSING

Nadere informatie

Ontwerp van. Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 26 juni 2013

Ontwerp van. Mededeling van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 26 juni 2013 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

Handel in garanties van oorsprong betreffende elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen

Handel in garanties van oorsprong betreffende elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen Statistieken Laatste aanpassing Handel in garanties van oorsprong betreffende elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen Dit document bevat informatie over de handel in garanties van oorsprong uitgereikt

Nadere informatie

EINDBESLISSING (B) CDC-1273

EINDBESLISSING (B) CDC-1273 Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS EINDBESLISSING

Nadere informatie

van 20 november 2007

van 20 november 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 03/03/2014 Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Deze statistiek geeft een overzicht van het aantal warmtekrachtcertificaten aanvaardbaar

Nadere informatie

Rapport van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 8 augustus 2006

Rapport van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 8 augustus 2006 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt North Plaza B Koning Albert II-laan 7 B-1210 Brussel Tel. +32 2 553 13 79 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be Rapport

Nadere informatie

Aanvraag van groenestroomcertificaten voor elektriciteit uit offshore windenergie

Aanvraag van groenestroomcertificaten voor elektriciteit uit offshore windenergie Aanvraag van groenestroomcertificaten voor elektriciteit uit offshore windenergie Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Cfr. Koninklijk besluit d.d. 16 juli 2002 betreffende de instelling

Nadere informatie

EINDBESLISSING (B)130228-CDC-1231

EINDBESLISSING (B)130228-CDC-1231 Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS EINDBESLISSING

Nadere informatie

Geïnstalleerd vermogen en aantal groenestroominstallaties per provincie

Geïnstalleerd vermogen en aantal groenestroominstallaties per provincie Geïnstalleerd vermogen en aantal groenestroominstallaties per provincie Dit document bevat gegevens betreffende de productie-installaties die in dienst werden genomen t.e.m. 31/12/2014 waarvan de aanvraag

Nadere informatie

Aantal groenestroomcertificaten verkocht aan minimumsteun

Aantal groenestroomcertificaten verkocht aan minimumsteun Statistieken Laatste aanpassing Aantal groenestroomcertificaten verkocht aan minimumsteun Dit document bevat gegevens betreffende de groenestroomcertificaten die werden verkocht aan de wettelijk vastgelegde

Nadere informatie

Advies van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 7 oktober 2003

Advies van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 7 oktober 2003 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt North Plaza B Koning Albert II-laan 7 B-1210 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be Advies

Nadere informatie

Advies van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt

Advies van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

Workshop Disclosure. 26 februari 2015

Workshop Disclosure. 26 februari 2015 Workshop Disclosure 26 februari 2015 BESTAAND KADER DISCLOSURE WETGEVING VREG VLAAMSE REGULATOR VAN DE ELEKTRICITEITS- EN GASMARKT P 2 Informatieverlening over de oorsprong en milieugevolgen van de geleverde

Nadere informatie

van 14 augustus 2007

van 14 augustus 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 79 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web:

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies 2009/14 - Boekhoudkundige verwerking van groenestroom- en warmtekrachtcertificaten

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies 2009/14 - Boekhoudkundige verwerking van groenestroom- en warmtekrachtcertificaten COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN Inleiding CBN-advies 2009/14 - Boekhoudkundige verwerking van groenestroom- en warmtekrachtcertificaten Advies van 16 december 2009 Aan de Commissie werd om advies

Nadere informatie

Advies van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 19 januari 2015

Advies van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 19 januari 2015 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 621 Regels met betrekking tot de productie, het transport en de levering van elektriciteit (Elektriciteitswet...) Nr. 8 NOTA VAN WIJZIGING Ontvangen

Nadere informatie

VR MED.0490/2

VR MED.0490/2 VR 2016 0912 MED.0490/2 Ministerieel besluit houdende actualisatie van de huidige bandingfactoren en vastlegging van de bandingfactoren van groenestroomcertificaten en warmte-krachtcertificaten voor projecten

Nadere informatie

Staatssteun nr. N 14/2002 - België Belgische federale steunregeling ten behoeve van hernieuwbare energiebronnen

Staatssteun nr. N 14/2002 - België Belgische federale steunregeling ten behoeve van hernieuwbare energiebronnen EUROPESE COMMISSIE Brussel, 02.08.2002 C(2002)2904 fin. Betreft: Staatssteun nr. N 14/2002 - België Belgische federale steunregeling ten behoeve van hernieuwbare energiebronnen Excellentie, Bij schrijven

Nadere informatie

Geïnstalleerd vermogen en aantal groenestroominstallaties per provincie

Geïnstalleerd vermogen en aantal groenestroominstallaties per provincie Geïnstalleerd vermogen en aantal groenestroominstallaties per provincie Dit document bevat gegevens betreffende de productie-installaties die in dienst werden genomen t.e.m. 31/12/2006 waarvan de aanvraag

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 3 juli 2012

Beslissing van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 3 juli 2012 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

EINDBESLISSING (B) CDC-1478

EINDBESLISSING (B) CDC-1478 Niet-vertrouwelijk Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 24 januari 2006

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 24 januari 2006 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt North Plaza B Koning Albert II-laan 7 B-1210 Brussel Tel. +32 2 553 13 79 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be Beslissing

Nadere informatie

Biomassa omvat naast vaste biomassa ook vloeibare en gasvormig gemaakte biomassa, exclusief biogas afkomstig uit vergisting.

Biomassa omvat naast vaste biomassa ook vloeibare en gasvormig gemaakte biomassa, exclusief biogas afkomstig uit vergisting. Productie-installaties in Vlaanderen waarvoor groenestroomcertificaten worden toegekend Dit document bevat gegevens betreffende de productie-installaties waarvan de aanvraag tot toekenning van groenestroomcertificaten

Nadere informatie

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 12/01/2016 Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Deze statistiek geeft een overzicht van het aantal warmtekrachtcertificaten aanvaardbaar

Nadere informatie

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 06/05/2016 Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Deze statistiek geeft een overzicht van het aantal warmtekrachtcertificaten aanvaardbaar

Nadere informatie

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 12/08/2016 Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Deze statistiek geeft een overzicht van het aantal warmtekrachtcertificaten aanvaardbaar

Nadere informatie

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 05/09/2016 Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Deze statistiek geeft een overzicht van het aantal warmtekrachtcertificaten aanvaardbaar

Nadere informatie

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong

Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Statistieken Laatste aanpassing 04/11/2016 Aantal uitgereikte warmtekrachtcertificaten en garanties van oorsprong Deze statistiek geeft een overzicht van het aantal warmtekrachtcertificaten aanvaardbaar

Nadere informatie

Definitielijst HG- Certificatensysteem

Definitielijst HG- Certificatensysteem Definitielijst HG- Certificatensysteem versie 2.0 december 2009 1 In de in de Overeenkomst HG-Certificatensysteem hebben de met een hoofdletter aangeduide begrippen de betekenis als hieronder beschreven:

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 30 april 2014

Beslissing van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 30 april 2014 Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Gratis telefoon

Nadere informatie

Ontwerp van decreet. tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009. Amendementen. 948 (2010-2011) Nr. 4 6 april 2011 (2010-2011)

Ontwerp van decreet. tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009. Amendementen. 948 (2010-2011) Nr. 4 6 april 2011 (2010-2011) stuk ingediend op 948 (2010-2011) Nr. 4 6 april 2011 (2010-2011) Ontwerp van decreet tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009 Amendementen Stukken in het dossier: 948 (2010-2011) Nr. 1: Ontwerp

Nadere informatie

Advies van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt

Advies van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 79 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

VLAANDEREN PARTICULIERE KLANTEN

VLAANDEREN PARTICULIERE KLANTEN Tariefkaart Geldig voor de contracten gesloten in OKTOBER 2015 in VLAANDEREN PARTICULIERE KLANTEN Pagina 1 : Aanbod Poweo Fix Elektriciteit Pagina 5 : Aanbod Poweo Fix Gas Pagina 8 : Kortingen Uitgebracht

Nadere informatie

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 19 juni 2007

Beslissing van de Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt. van 19 juni 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 1000 Brussel Tel. 32 2 553 13 53 Fax 32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

van 21 februari 2008

van 21 februari 2008 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 B-1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 79 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web:

Nadere informatie

Brussel, 11 januari 2006. 011103_advies_besluit_WKK. Advies. Besluit warmtekrachtkoppeling

Brussel, 11 januari 2006. 011103_advies_besluit_WKK. Advies. Besluit warmtekrachtkoppeling Brussel, 11 januari 2006 011103_advies_besluit_WKK Advies Besluit warmtekrachtkoppeling Inhoud 1. Krachtlijnen van het advies... 3 2. Situering van de adviesvraag... 4 3. Codificatie in één WKK-besluit

Nadere informatie

van 22 december 2009 gewijzigd op (23 maart 2010)

van 22 december 2009 gewijzigd op (23 maart 2010) Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 30 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

DE BEREKENING VAN DE GROENESTROOMCERTIFICATEN

DE BEREKENING VAN DE GROENESTROOMCERTIFICATEN 1. CONTEXT Infofiche Energie DE BEREKENING VAN DE GROENESTROOMCERTIFICATEN In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt de productie van groene stroom afkomstig van hernieuwbare energiebronnen of warmtekrachtkoppeling

Nadere informatie

van 14 augustus 2007

van 14 augustus 2007 Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 19 1000 Brussel Tel. +32 2 553 13 53 Fax +32 2 553 13 50 Email: info@vreg.be Web: www.vreg.be

Nadere informatie

VOORSTEL (C)090319-CDC-853

VOORSTEL (C)090319-CDC-853 Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS VOORSTEL

Nadere informatie

Bijlage 6 behorende bij artikel 7e, eerste lid van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie.

Bijlage 6 behorende bij artikel 7e, eerste lid van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie. Verzoek tot vaststelling van de geschiktheid van een productieinstallatie voor de opwekking van hernieuwbare warmte en mededeling van meetgegevens van hernieuwbare warmte Bijlage 5 behorende bij artikel

Nadere informatie

HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN

HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN Opschrift Decreet houdende de organisatie van de elektriciteitsmarkt Datum 17.07.2000 HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN ART. 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid. ART. 2. In dit decreet wordt verstaan

Nadere informatie

624 (2009-2010) Nr. 1 7 juli 2010 (2009-2010) stuk ingediend op. Voorstel van decreet

624 (2009-2010) Nr. 1 7 juli 2010 (2009-2010) stuk ingediend op. Voorstel van decreet stuk ingediend op 624 (2009-2010) Nr. 1 7 juli 2010 (2009-2010) Voorstel van decreet van de heren Bart Martens en Carl Decaluwe, de dames Liesbeth Homans, Michèle Hostekint en Tinne Rombouts en de heren

Nadere informatie