WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE"

Transcriptie

1 EUROPESE COMMISSIE Brussel, SWD(2013) 67 final WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING VAN DE BEPALINGEN INZAKE DIERPROEVEN IN VERORDENING (EG) NR. 1223/2009 BETREFFENDE COSMETISCHE PRODUCTEN Begeleidend document bij de Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad betreffende het verbod op dierproeven en het verbod op het in de handel brengen en betreffende de stand van zaken met betrekking tot alternatieve methoden op het gebied van cosmetische producten {COM(2013) 135 final} {SWD(2013) 66 final} NL NL

2 WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING VAN DE BEPALINGEN INZAKE DIERPROEVEN IN VERORDENING (EG) NR. 1223/2009 BETREFFENDE COSMETISCHE PRODUCTEN Begeleidend document bij de Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad betreffende het verbod op dierproeven en het verbod op het in de handel brengen en betreffende de stand van zaken met betrekking tot alternatieve methoden op het gebied van cosmetische producten INLEIDING De cosmeticarichtlijn 1 voorziet in een geleidelijke afschaffing van dierproeven voor het testen van cosmetische producten. Om te voldoen aan de voorschriften van de richtlijn geldt sinds september 2004 een verbod op dierproeven met cosmetische eindproducten en sinds maart 2009 een verbod op het testen van ingrediënten of combinaties daarvan op dieren. Met ingang van maart 2009 is het daartoe in de EU eveneens verboden om cosmetische producten en ingrediënten van cosmetische producten die op dieren zijn getest in de handel te brengen, ongeacht de herkomst van die producten of ingrediënten. De enige dierproeven die niet onder dit verbod op het in de handel brengen vallen, zijn dierproeven voor onderzoek naar zeer complexe effecten op de gezondheid van de mens waarmee de veiligheid van cosmetische producten moet worden aangetoond (toxiciteit bij herhaalde toediening, waaronder huidsensibilisatie en carcinogeniteit, toxiciteit met betrekking tot de voortplanting en toxicokinetiek), waarvoor de wetgever de termijn heeft verlengd tot maart De beoordeling of het ter zake dienend is het verbod op het in de handel brengen op de geplande datum in 2013 van kracht te laten worden, wordt in de cosmeticarichtlijn zelf geregeld. Op grond van artikel 4 bis, lid 2.3, van de cosmeticarichtlijn moet de Commissie de voortgang en de naleving van de uitvoeringstermijnen in verband met dierproeven bestuderen en het Europees Parlement en de Raad een verslag voorleggen. In het bijzonder wordt in de richtlijn bepaald dat als er vóór het verstrijken van de uitvoeringstermijn in 2013 geen alternatieven zijn ontwikkeld en gevalideerd voor dierproeven met betrekking tot de eindpunten waarvoor vanaf 2013 het verbod op het in de handel brengen geldt, de Commissie het Europees Parlement en de Raad hiervan op de hoogte stelt en een wetgevingsvoorstel indient. Deze bepalingen zijn door de herschikking van de cosmeticarichtlijn bij Verordening (EG) nr. 1223/ niet gewijzigd. Aangezien de cosmeticarichtlijn met ingang van 11 juli 2013 door de cosmeticaverordening wordt ingetrokken, zou elk wijzigingsvoorstel enkel betrekking hebben op de cosmeticaverordening. 1 2 Richtlijn 76/768/EEG van de Raad van 27 juli 1976 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake cosmetische producten, PB L 262 van , blz Verordening (EG) nr. 1223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 betreffende cosmetische producten, PB L 342 van , blz. 59. NL 2 NL

3 De Commissie heeft de voortgang bij de ontwikkeling van alternatieve methoden ter vervanging van dierproeven van jaar tot jaar gevolgd en op 13 september 2011 haar eindverslag aan het Europees Parlement en de Raad 3 voorgelegd. In het verslag wordt geconcludeerd dat er in 2013 nog geen alternatieven voor dierproeven voor de betrokken eindpunten zullen zijn. Tegen deze achtergrond worden de potentiële gevolgen van de mogelijke beleidsopties met betrekking tot de voor 2013 vastgestelde termijn beoordeeld. 1. OMSCHRIJVING VAN HET PROBLEEM Er worden reeds lange tijd pogingen gedaan om proefdiergebruik voor het testen van cosmetische producten volledig een halt toe te roepen. In 1993 zijn in de cosmeticarichtlijn de eerste bepalingen opgenomen met betrekking tot het verbod op het in de handel brengen van cosmetische ingrediënten of combinaties daarvan die met het oog op de naleving van de voorschriften van de richtlijn op dieren zijn getest; de omzetting van deze bepalingen, die uiterlijk voor 1998 was gepland, is vervolgens drie keer uitgesteld omdat er nog geen alternatieve methoden beschikbaar waren. De huidige bepalingen zijn in 2003 ingevoerd. Vrijwel elke Europese burger gebruikt dagelijks een groot aantal cosmetische producten, variërend van zeep, shampoo, conditioner, deodorant, tandpasta, scheercrème, aftershave, huidreiniger, parfum en make-up tot een hele reeks andere producten. De cosmeticawetgeving beoogt enerzijds ervoor te zorgen dat de consument met het gebruik van cosmetische producten zijn gezondheid niet op het spel zet en anderzijds te waarborgen dat deze producten vrij kunnen circuleren binnen de EU. Daartoe moet de verantwoordelijke persoon een veiligheidsbeoordeling uitvoeren, waaronder een studie van de intrinsieke eigenschappen van alle ingrediënten die in het product worden verwerkt. In die beoordeling moet worden ingegaan op een aantal essentiële eindpunten betreffende de menselijke gezondheid, zoals de vraag of het ingrediënt bij herhaald gebruik allergieën kan veroorzaken of schadelijk is voor de gezondheid. Een aantal vragen die in de veiligheidsbeoordeling aan de orde moeten worden gesteld, kunnen momenteel alleen worden beantwoord op basis van toxicologische gegevens die uit dierproeven blijken. Volgens de conclusies van de Commissie zullen er in 2013 nog geen alternatieve methoden ter vervanging van dierproeven zijn. Het probleem is derhalve, kort samengevat, dat het verbod op het in de handel brengen zou gelden vanaf 11 maart 2013, terwijl volwaardig alternatieve methoden ontbreken. Op grond van de cosmeticawetgeving mogen alleen cosmetische producten die veilig zijn voor gebuik door de mens in de handel worden gebracht. Dit betekent dat ingrediënten waarvoor onvoldoende gegevens beschikbaar zijn en waarvan niet is aangetoond dat zij veilig zijn, niet in de handel mogen worden gebracht, waardoor de toegang tot nieuwe ingrediënten en uiteindelijk tot innovatieve producten wordt beperkt Subsidiariteit De uitoefening van de bevoegdheden van de Unie wordt beheerst door de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid (artikel 5 VEU). De huidige EU-cosmeticawetgeving is gebaseerd op artikel 114 VWEU (oud artikel 95 VEG) en heeft tot doel een hoog niveau van bescherming van de menselijke gezondheid en de goede werking van de interne markt te waarborgen. In de cosmeticarichtlijn/-verordening worden de regels inzake de veiligheid voor 3 Verslag over de ontwikkeling, validering en wettelijke erkenning van alternatieve methoden voor dierproeven op het gebied van cosmetische producten (2009) van , COM(2011) 558 definitief. NL 3 NL

4 consumenten van binnen de EU in de handel gebrachte cosmetische producten grondig geharmoniseerd. Bijgevolg kan dit wetgevingskader alleen via maatregelen van de Unie worden gewijzigd. Het verbod op het in de handel brengen raakt rechtstreeks het vrije verkeer van cosmetische producten binnen de Unie. Dit vrije verkeer valt reeds onder geharmoniseerde wettelijke bepalingen en kan niet op lidstaatniveau worden geregeld. Het kan derhalve alleen op EU-niveau worden verwezenlijkt. 2. DOELSTELLINGEN De algemene doelstelling is een goede werking van de interne markt te waarborgen en een hoog niveau van bescherming van de menselijke gezondheid te handhaven, waarbij tegelijkertijd ten volle rekening wordt gehouden met hetgeen vereist is voor het welzijn van dieren. De nagestreefde specifieke doelstellingen houden derhalve enerzijds verband met de werking van de interne markt (specifieke doelstellingen 1 en 2, artikel 114 VWEU) en anderzijds met het dierenwelzijn (specifieke doelstellingen 3 en 4, artikel 13 VWEU): waarborgen van de veiligheid en de keuzevrijheid van de consumenten (specifieke doelstelling 1 Veiligheid en keuzevrijheid van consumenten); in stand houden van de innovatie en het concurrentievermogen van de Europese cosmetica-industrie (specifieke doelstelling 2 Innovatie- en concurrentievermogen); waarborgen van een hoog niveau van dierenbescherming en dierenwelzijn (specifieke doelstelling 3 Dierenwelzijn); blijven stimuleren van onderzoek naar alternatieve methoden ter vervanging van dierproeven (specifieke doelstelling 4 Onderzoek naar alternatieven). 3. BELEIDSOPTIES Bij de beoordeling zijn de volgende beleidsopties besproken: Optie 1: Basisscenario/Geen maatregelen Bij optie 1 zou de Commissie geen voorstel indienen en zou het verbod op het in de handel brengen op 11 maart 2013 van kracht worden. Als reden hiervoor wordt aangevoerd dat dit de meest doeltreffende manier is voor het verwezenlijken van de overkoepelende politieke doelstelling die ten grondslag ligt aan de huidige bepalingen, namelijk om een halt toe te roepen aan dierproeven voor het testen van cosmetische producten. Optie 2: Verlenging van de voor 2013 vastgestelde termijn Bij optie 2 zou de termijn worden verlengd. Drie subopties worden overwogen: verlenging met vaste uiterste datum, verlenging uitsluitend voor bepaalde eindpunten of verlenging zonder vaste uiterste datum. De grondgedachte achter alle subopties is dat de algemene doelstelling om een einde te maken aan het gebruik van proefdieren voor het testen van cosmetische producten moet worden gehandhaafd. Bij die subopties wordt er rekening mee NL 4 NL

5 gehouden dat er nog geen alternatieven voorhanden zijn en wordt de verwezenlijking van de doelstelling dus op een of andere manier afhankelijk gesteld van de beschikbaarheid van alternatieve methoden. Bij optie 2 a) zou de toepassing van het verbod op het in de handel brengen met zeven jaar worden uitgesteld; tegen die tijd zullen, althans wat de sensibilisatie van de huid betreft, naar verwachting alternatieven beschikbaar zijn. Optie 2 b) zou eveneens een verlenging van de termijn inhouden, maar alleen voor de eindpunten die het meest nodig om de veiligheid van cosmetische producten aan te tonen, d.w.z. sensibilisatie van de huid en herhaalde toediening. Optie 2 c) zou een verlenging zonder vaste uiterste datum inhouden. Het verbod zou gelden zodra alternatieven daadwerkelijk beschikbaar zijn. Als reden voor deze optie wordt aangevoerd dat zij rekening houdt met de stand van wetenschap en een soortgelijke logica als op andere regelgevingsgebieden volgt. Optie 3: Handhaving van de termijn en invoering van een aanvullende uitzonderingsregeling Bij optie 3 zou het voor fabrikanten van cosmetische producten en ingrediënten van cosmetische producten mogelijk zijn om onder welbepaalde omstandigheden te verzoeken om toepassing van een uitzondering op het verbod op het in de handel brengen van ingrediënten of combinaties van ingrediënten. Een uitzondering zou worden toegekend wanneer het ingrediënt innovatief is en significante voordelen oplevert voor de gezondheid en het welzijn van consumenten en/of voor het milieu. Elk geval zou onder de loep worden genomen door de Commissie, die de voordelen van elk nieuw ingrediënt zou moeten afwegen tegen de expliciete doelstelling om een einde te maken aan het testen van cosmetische producten op dieren. Aangezien het een uitzonderingsregeling zou betreffen, zou toepassing daarvan de uitzondering en niet de regel moeten zijn. De fabrikanten zouden ook moeten aantonen dat de toxicologische gegevens die nodig zijn voor de beoordeling van de veiligheid niet beschikbaar zijn en niet kunnen worden verkregen met behulp van alternatieve methoden ter vervanging van dierproeven. Zij zouden voorts bijzonderheden moeten verstrekken over de voor het testen voorgestelde locatie, het gevolgde protocol, het aantal proefdieren en de toegepaste dierenwelzijnsnormen. De fabrikanten zouden hun toezeggingen in verband met investeringen in onderzoek ten behoeve van alternatieve methoden moeten staven en zich ertoe moeten verplichten doublures van dierproeven te voorkomen. Procedureel gezien zou een uitzondering worden toegekend in de vorm van een besluit van de Commissie, na raadpleging van bevoegde deskundigen. 4. VERGELIJKING VAN DE BELEIDSOPTIES EN BEOORDELING VAN DE EFFECTEN ERVAN Optie 1 zou de meest doeltreffende optie zijn voor de verwezenlijking van de doelstellingen in verband met dierenwelzijn. Met deze optie zou uiterlijk maart 2013 een einde komen aan het gebruik van proefdieren voor het testen van cosmetische producten in de EU. Dit zou betekenen dat een deel van de tot dieren die naar schatting per jaar buiten de EU worden gebruikt voor het testen van voor de EU bestemde cosmetische producten zou worden gespaard. Bij optie 1 zal waarschijnlijk het huidige onderzoek naar alternatieve methoden blijven bestaan of zelfs worden opgevoerd, simpelweg omdat het in de meeste gevallen alleen mogelijk zal zijn om nieuwe cosmetische ingrediënten in de handel te brengen wanneer er alternatieven beschikbaar zijn. Die optie zou dus gevolgen hebben die verder reiken dan de cosmeticawetgeving en ook buiten de EU merkbaar zijn, aangezien zij er op beslissende wijze voor kan zorgen dat de ontwikkeling van nieuwe concepten voor de NL 5 NL

6 beoordeling van de risico's voor de mens in een stroomversnelling terechtkomt. Er worden van optie 1 geen specifieke gevolgen voor de veiligheid van consumenten verwacht. Producten die ingrediënten bevatten waarvoor onvoldoende gegevens beschikbaar zijn, mogen niet in de handel worden gebracht. Optie 1 zou echter bepaalde negatieve economische en sociale gevolgen kunnen meebrengen. Zij zou kunnen leiden tot een beperktere toegang tot cosmetische ingrediënten, aangezien ingrediënten waarvoor onvoldoende gegevens beschikbaar zijn niet in de handel mogen worden gebracht of voor het gebruik daarvan mogelijk geen argumenten kunnen worden aangevoerd. Doordat aldus over minder ingrediënten kan worden beschikt en er minder productinnovatie plaatsvindt, zou de cosmetica-industrie in zekere zin aan concurrentievermogen kunnen inboeten. Volgens schattingen van belanghebbenden uit de bedrijfstak zullen grote ondernemingen in het algemeen een aanzienlijk lagere omzet en winstgevendheid optekenen, met verliezen die op korte termijn ( ) variëren van 3 tot 20 %, op middellange termijn ( ) van 7 tot 20 % en op lange termijn (2018 en daarna) van 1 tot 25 %. Een geringer concurrentievermogen zou ook gevolgen voor de werkgelegenheid kunnen hebben. Belanghebbenden uit de bedrijfstak verwachten dat het personeelsbestand voor onderzoek en ontwikkeling met enkele duizenden werknemers zal inkrimpen, tot wel maximaal in het slechtste geval, en dat ook ander personeel zal moeten vertrekken. Er moet evenwel op worden gewezen dat het bij deze cijfers gaat om schattingen van belanghebbenden uit de bedrijfstak. Fabrikanten van cosmetische producten die onder het keurmerk "Leaping Bunny" werken, dat wil zeggen die nu reeds geen gebruik meer maken van gegevens die zijn verkregen uit dierproeven die na een specifieke datum zijn uitgevoerd, zijn van mening dat de economische gevolgen positief zouden kunnen zijn. De cosmeticaindustrie zou deze effecten bovendien kunnen neutraliseren door andere benaderingen van innovatie. Optie 2 zou de minst doeltreffende optie zijn voor de verwezenlijking van de doelstellingen in verband met dierenwelzijn, aangezien zij ertoe zou leiden dat het gebruik van dierproeven voor het testen van cosmetische producten zou worden voortgezet. De algemene doelstelling zou weliswaar nog steeds zijn om een einde aan dierproeven te maken, maar pas na Toegepast op optie 2 a) zou dit betekenen dat de komende zeven jaar nog steeds proeven op tussen de en dieren zouden worden uitgevoerd. Bij optie 2 b) zouden minder dieren worden gebruikt, aangezien de termijnverlenging niet voor bepaalde proeven zou gelden; vermoedelijk zouden ongeveer 12 % minder dieren worden gebruikt. Bij optie 2 c) zou er geen vaste datum zijn waarop een einde moet worden gemaakt aan het jaarlijkse gebruik van tussen de en dieren, maar zou dit aantal in de toekomst kleiner worden zodra alternatieven beschikbaar zijn. Optie 2 zou echter geen of slechts zeer beperkte negatieve economische en sociale gevolgen hebben. In het kader van deze optie blijft de huidige situatie, waardoor de Europese cosmetica-industrie in staat was sommige van de meest geavanceerde en luxueuze cosmeticamerken voort te brengen en grotendeels het hoofd te bieden aan de economische crisis, in wezen bestaan. Bij optie 3 zou dierenwelzijn beter tot zijn recht komen dan bij optie 2, zonder dat de situatie evenwel optimaal zou zijn. Deze optie zou het mogelijk maken om om toepassing van een uitzonderingsregeling te verzoeken, zodat in een aantal gevallen ook na 2013 buiten de EU dierproeven zouden kunnen worden uitgevoerd ten behoeve van voor de EU bestemde NL 6 NL

7 cosmetische producten. Het aantal betrokken dieren zou afhangen van de frequentie waarmee een dergelijke uitzonderingsregeling zou worden toegestaan. Per uitzonderingsregeling zouden ten minste zo'n 100 dieren worden gebruikt. Uitgaande van 10 tot 15 uitzonderingsregelingen per jaar, zou dit betekenen dat op tussen de en dieren proeven zouden worden uitgevoerd. Wat de economische en sociale gevolgen betreft, zou optie 3 weliswaar tot een soortgelijke situatie als optie 1 leiden, maar de mogelijke gevolgen kunnen afzwakken doordat wordt toegestaan de meest waardevolle ingrediënten en productinnovaties die in het bijzonder aan consumenten ten goede komen in te voeren. De concrete toepassing van optie 3 zou echter problematisch zijn, aangezien de Commissie voor elke afzonderlijke uitzonderingsregeling een moeilijke en omstreden inschatting zou moeten maken, in het bijzonder ten aanzien van de kwestie of de potentiële voordelen die het cosmetisch product biedt aanzienlijk zijn en derhalve dierproeven rechtvaardigen. Al met al zijn er aan de kwantitatieve beoordeling van de verschillende opties grenzen gesteld waar het de doelstelling inzake dierenwelzijn betreft, omdat het totale aantal betrokken dieren betrekkelijk gering is in vergelijking met andere sectoren en omdat, afgezien van algemene schattingen, moeilijk exact in cijfers kan worden aangegeven hoeveel proefdieren bij welke optie worden gebruikt. Met betrekking tot de internemarktdoelstellingen zal er weliswaar sprake zijn van een beperkte toegang tot bestaande en nieuwe ingrediënten en zullen hieruit waarschijnlijk economische en sociale gevolgen voortvloeien, maar zal het nog steeds uiterst moeilijk zijn die te kwantificeren. Alle betrokken belanghebbenden onderschrijven de algemene doelstelling om een halt toe te roepen aan het gebruik van dierproeven voor cosmetische producten. Het enige belang dat zij bij dierproeven als zodanig hebben is het gebruik daarvan als instrument om de consumentenveiligheid te waarborgen en aan te tonen. Alternatieve methoden kunnen inderdaad nuttig blijken voor de industrie. De belanghebbenden hebben tijdens het raadplegingsproces echter uiteenlopende standpunten geventileerd over de maatregelen die moeten worden genomen wanneer geen alternatieven voorhanden zijn. De dierenbescherming heeft zich duidelijk uitgesproken tegen elk voorstel met betrekking tot de voor 2013 vastgestelde termijn, of het nu de verlenging daarvan of de invoering van een uitzonderingsregeling betreft. Dit standpunt is gebaseerd op ethische beginselen. Belanghebbenden uit de bedrijfstak hebben erop gewezen dat zij verwachten dat de voor 2013 vastgestelde termijn significante negatieve effecten voor de beschikbaarheid van ingrediënten, de productinnovatie en hun concurrentievermogen zal meebrengen en hebben daarom in het algemeen gepleit voor een verlenging daarvan. Zij hebben niettemin erkend dat een uitzonderingsregeling een uitwijkmogelijkheid voor het geval dat de Commissie geen verlenging voorstelt ten minste toegang tot de meest innovatieve ingrediënten en de ingrediënten met de meeste voordelen mogelijk maakt. De opties 1 en 2 brengen voor de bedrijfstak, de lidstaten en de Commissie geen specifieke extra administratieve kosten mee. Optie 3 gaat voor de bedrijfstak en de Commissie wel met administratieve kosten gepaard. Aan de kant van de bedrijfstak zouden deze kosten ontstaan voor de voorbereiding en follow-up van een verzoek om een uitzonderingsregeling en ongeveer EUR per dossier bedragen. Bovendien zou de onderneming voor elk verzoek moeten aantonen dat zij NL 7 NL

8 financiële toezeggingen heeft gedaan ten behoeve van het onderzoek naar alternatieve methoden. Ook voor de Commissie ontstaan kosten, aangezien extra middelen zouden moeten worden vrijgemaakt voor de beoordeling van de verzoeken om een uitzonderingsregeling. Ervan uitgaande dat ongeveer 10 tot 15 dergelijke verzoeken per jaar worden behandeld, zouden naar schatting 2 voltijdse werknemers nodig zijn. 5. CONCLUSIES, MONITORING EN EVALUATIE In dit verslag worden geen aanbevelingen voor een voorkeursoptie gedaan. Het betreft hier een politieke keuze. Met het oog op monitoring voorziet de cosmeticarichtlijn/-verordening in een mechanisme voor regelmatige verslaglegging aan het Europees Parlement en de Raad. Daarnaast zullen uitvoerings- en handhavingskwesties in de verschillende reeds bestaande fora worden behandeld, zoals het comité voor cosmetische producten, de werkgroep cosmetische producten en het platform van Europese instanties voor markttoezicht op het gebied van cosmetische producten (Pemsac). NL 8 NL

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 februari 2002 (28.02) (OR. fr) 6693/02 Interinstitutioneel dossier: 2000/0077 (COD) ECO 62 CODEC 257 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Sylvain BISARRE, directeur bij

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 12 juni 2008 (13.06) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2008/0110 (COD) 10637/08 ADD 2 AGRILEG 104 CODEC 769 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU,

Nadere informatie

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING. bij

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING. bij EUROPESE COMMISSIE Brussel, 10.9.2014 SWD(2014) 274 final WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING bij het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement

Nadere informatie

(Voor de EER relevante tekst)

(Voor de EER relevante tekst) L 144/27 VERORDENING (EU) 2016/863 VAN DE COMMISSIE van 31 mei 2016 tot wijziging van de bijlagen VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad inzake de registratie

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 24.11.2009 COM(2009)641 definitief Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij de Portugese Republiek wordt gemachtigd een maatregel toe

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD. van [...]

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD. van [...] EUROPESE COMMISSIE Brussel, 15.6.2010 COM(2010)280 definitief 2010/0168 (E) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD van [...] betreffende de verplichte toepassing van Reglement nr. 100 van de Economische

Nadere informatie

Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I

Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I P7_TA(200)0052 Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 0 maart 200 over het voorstel voor een richtlijn van het

Nadere informatie

{COM(2006) 684 definitief} {SEC(2006) 1449}

{COM(2006) 684 definitief} {SEC(2006) 1449} COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 20.11.2006 SEC(2006) 1448 WERKDOCUMENT VAN DE COMMISSIE Begeleidend document bij het Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD. inzake de eventuele verhuizing van het ICCO-hoofdkwartier van Londen naar Abidjan

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD. inzake de eventuele verhuizing van het ICCO-hoofdkwartier van Londen naar Abidjan EUROPESE COMMISSIE Brussel, 28.8.2015 COM(2015) 410 final 2015/0183 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD inzake de eventuele verhuizing van het ICCO-hoofdkwartier van Londen naar Abidjan NL NL TOELICHTING

Nadere informatie

GEDELEGEERDE RICHTLIJN../ /EU VAN DE COMMISSIE. van 30.1.2015

GEDELEGEERDE RICHTLIJN../ /EU VAN DE COMMISSIE. van 30.1.2015 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 30.1.2015 C(2015) 383 final GEDELEGEERDE RICHTLIJN../ /EU VAN DE COMMISSIE van 30.1.2015 tot wijziging, met het oog op aanpassing aan de technische vooruitgang, van bijlage

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 21.8.2013

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 21.8.2013 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 21.8.2013 C(2013) 5405 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE van 21.8.2013 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1169/2011 van het Europees Parlement

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 17.7.2014

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 17.7.2014 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 17.7.2014 C(2014) 4580 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE van 17.7.2014 betreffende de voorwaarden voor de indeling in klassen zonder tests van bepaalde

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 29.11.2007 COM(2007) 761 definitief 2007/0266 (ACC) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD over het standpunt van de Gemeenschap in het Gemengd Comité EG-Faeröer

Nadere informatie

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 26.3.2012 COM(2012) 136 final 2012/0066 (COD)C7-0133/12 Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van [...] tot wijziging van Richtlijn 2006/66/EG inzake

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 10.5.2012 COM(2012) 211 final 2012/0106 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD tot vaststelling van het in de commissie inzake voedselhulp namens de Europese Unie in te

Nadere informatie

Vlugschrift. Geen dierproeven voor cosmetica. Animal Rights International

Vlugschrift. Geen dierproeven voor cosmetica. Animal Rights International Vlugschrift Nederland koploper in lang proces naar proefdiervrije producten Geen dierproeven voor cosmetica d In ons land geldt sinds 1997 een verbod op het gebruik van proefdieren bij het testen van (ingrediënten

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 29.4.2003 COM(2003) 219 definitief 2003/0084 (COD) Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Richtlijn 2002/96/EG

Nadere informatie

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Publicatieblad Nr. L 225 van 12/08/1998 blz. 0016-0021 DE RAAD VAN

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 2167.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 2167. RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 8 juli 2008 (09.07) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2008/0141 (COD) 11555/08 ADD 2 SOC 413 CODEC 936 I GEKOME DOCUME T van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur,

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 19.9.2014

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 19.9.2014 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 19.9.2014 C(2014) 6515 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE van 19.9.2014 tot aanvulling van Richtlijn 2014/17/EU van het Europees Parlement en de Raad

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 18 september 2008 (18.09) (OR. en) 13187/08 FSTR 20 FC 5 REGIO 25 SOC 516 VOORSTEL van: de Commissie d.d.: 16 september 2008 Betreft: Voorstel voor een Verordening (EG)

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 14 april 2015 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 14 april 2015 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 14 april 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2015/0074 (NLE) 7910/15 FISC 32 VOORSTEL van: ingekomen: 13 april 2015 aan: Nr. Comdoc.: Betreft: de heer Jordi AYET

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 14.3.2003 COM(2003) 114 definitief 2003/0050 (CNS) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de statistische gegevens die moeten worden gebruikt

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 12 maart 2015 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 12 maart 2015 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 12 maart 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2013/0371 (COD) 7105/15 BEGELEIDENDE NOTA van: ingekomen: 10 maart 2015 aan: Nr. Comdoc.: Betreft: ENV 162 MI 162

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 4.5.2015 COM(2015) 186 final 2015/0097 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende het namens de Europese Unie in te nemen standpunt in het Gemengd Comité van de

Nadere informatie

2. In het arrest van 20 september 2001 heeft het Hof uitspraak gedaan over twee prejudiciële vragen die respectievelijk betrekking hadden op:

2. In het arrest van 20 september 2001 heeft het Hof uitspraak gedaan over twee prejudiciële vragen die respectievelijk betrekking hadden op: Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 juni 2002 (26.06) (OR. fr) PUBLIC 9893/02 Interinstitutioneel dossier: 2001/0111 (COD) LIMITE 211 MI 108 JAI 133 SOC 309 CODEC 752 BIJDRAGE VAN DE IDISCHE

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 20 mei 2014 (OR. en) 10071/14 Interinstitutioneel dossier: 2014/0134 (NLE) AVIATION 120 COEST 175 NIS 27 RELEX 437

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 20 mei 2014 (OR. en) 10071/14 Interinstitutioneel dossier: 2014/0134 (NLE) AVIATION 120 COEST 175 NIS 27 RELEX 437 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 20 mei 2014 (OR. en) 10071/14 Interinstitutioneel dossier: 2014/0134 (NLE) AVIATION 120 COEST 175 NIS 27 RELEX 437 BEGELEIDENDE NOTA van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU,

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE. Begeleidend Document. bij het Voorstel voor een

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE. Begeleidend Document. bij het Voorstel voor een COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 17.10.2008 SEC(2008) 2616 WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE Begeleidend Document bij het Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument D023041/03.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument D023041/03. RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 11 december 2012 (12.12) (OR. en) 17597/12 COMPET 769 E V 936 CHIMIE 98 MI 822 E T 312 I GEKOME DOCUME T : de Europese Commissie ingekomen: 3 december 2012 aan: de heer

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 16 november 2007 (16.11) (OR. en) 15314/07 Interinstitutioneel dossier: 2007/0244 (CNS) LIMITE AGRILEG 171

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 16 november 2007 (16.11) (OR. en) 15314/07 Interinstitutioneel dossier: 2007/0244 (CNS) LIMITE AGRILEG 171 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 16 november 2007 (16.11) (OR. en) PUBLIC 15314/07 Interinstitutioneel dossier: 2007/0244 (CNS) LIMITE AGRILEG 171 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 23 september 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 23 september 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 23 september 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0021 (E) 12052/14 JUSTCIV 206 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESLUIT VAN DE RAAD betreffende

Nadere informatie

EUROPESE COMMISSIE DIRECTORAAT-GENERAAL LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING. INTERPRETATIENOTA Nr. 2015-01

EUROPESE COMMISSIE DIRECTORAAT-GENERAAL LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING. INTERPRETATIENOTA Nr. 2015-01 EUROPESE COMMISSIE DIRECTORAAT-GENERAAL LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING Directoraat I. Landbouwwetgeving en procedures I.1. Landbouwwetgeving; vereenvoudiging Datum van verspreiding 8.7.2015 INTERPRETATIENOTA

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT C6-0114/2007. Gemeenschappelijk standpunt. Zittingsdocument 2006/0018(COD) 24/04/2007

EUROPEES PARLEMENT C6-0114/2007. Gemeenschappelijk standpunt. Zittingsdocument 2006/0018(COD) 24/04/2007 EUROPEES PARLEMENT 2004 ««««««««««««Zittingsdocument 2009 C6-0114/2007 2006/0018(COD) 24/04/2007 Gemeenschappelijk standpunt Gemeenschappelijk standpunt door de Raad vastgesteld op 19 april 2007 met het

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESCHIKKING VAN DE

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 4.3.2013 COM(2013) 109 final 2013/0065 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de ondertekening, namens de Europese Unie, van het Verdrag van de WIPO inzake

Nadere informatie

***II ONTWERPAANBEVELING VOOR DE TWEEDE LEZING

***II ONTWERPAANBEVELING VOOR DE TWEEDE LEZING EUROPEES PARLEMENT 2014-2019 Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid 12.3.2015 2013/0371(COD) ***II ONTWERPAANBEVELING VOOR DE TWEEDE LEZING betreffende het standpunt van de Raad in

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 13.5.2014

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 13.5.2014 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 13.5.2014 C(2014) 3006 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE van 13.5.2014 tot wijziging van de bijlagen VIII en VIII quater bij Verordening (EG) nr.

Nadere informatie

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE. Samenvatting van de effectbeoordeling. bij

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE. Samenvatting van de effectbeoordeling. bij EUROPESE COMMISSIE Brussel, 5.2.2013 SWD(2013) 20 final WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE Samenvatting van de effectbeoordeling bij VOORSTEL VOOR EEN RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2007) 810.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2007) 810. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 12 juni 2007 (18.06) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2007/0108 (CNS) 10706/07 ADD 2 SIRIS 109 COMIX 558 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur,

Nadere informatie

RICHTLIJN 2013/56/EU VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

RICHTLIJN 2013/56/EU VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD 10.12.2013 Publicatieblad van de Europese Unie L 329/5 RICHTLIJN 2013/56/EU VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 20 november 2013 tot wijziging van Richtlijn 2006/66/EG van het Europees Parlement

Nadere informatie

6074/15 pro/adw/mt 1 DG B 3A

6074/15 pro/adw/mt 1 DG B 3A Raad van de Europese Unie Brussel, 16 februari 2015 (OR. en) 6074/15 Interinstitutioneel dossier: 2014/0258 (NLE) SOC 55 EMPL 21 MIGR 5 JAI 78 NOTA van: het secretariaat-generaal van de Raad aan: het Comité

Nadere informatie

Geconsolideerde TEKST

Geconsolideerde TEKST NL Geconsolideerde TEKST samengesteld door het CONSLEG-systeem van het Bureau voor officiële publicaties der Europese Gemeenschappen CONSLEG: 2002D0994 03/02/2003 Aantal bladzijden: 5 < Bureau voor officiële

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 14.12.2006 COM(2006) 802 definitief Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij Estland, Slovenië, Zweden en het Verenigd Koninkrijk worden gemachtigd

Nadere informatie

Voor de delegaties gaan in bijlage dezes de ontwerp-conclusies van de Raad, waarover een akkoord is bereikt in de Groep sociale vraagstukken.

Voor de delegaties gaan in bijlage dezes de ontwerp-conclusies van de Raad, waarover een akkoord is bereikt in de Groep sociale vraagstukken. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 februari 2011 (16.02) (OR. en) 6196/1/11 REV 1 SOC 99 COMPET 34 VERSLAG van: de Groep sociale vraagstukken aan: het Comité van permanente vertegenwoordigers (1e deel)

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 2 december 2014 (OR. en) BEGELEIDENDE NOTA de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal

Raad van de Europese Unie Brussel, 2 december 2014 (OR. en) BEGELEIDENDE NOTA de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal Raad van de Europese Unie Brussel, 2 december 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0340 (NLE) 16240/14 CORDROGUE 94 BEGELEIDENDE NOTA van: aan: Nr. Comdoc.: Betreft: de heer Jordi AYET PUIGARNAU,

Nadere informatie

REACH Een introductie in de nieuwe EU-wetgeving voor chemische stoffen voor leveranciers van Akzo Nobel

REACH Een introductie in de nieuwe EU-wetgeving voor chemische stoffen voor leveranciers van Akzo Nobel REACH Een introductie in de nieuwe EU-wetgeving voor chemische stoffen voor leveranciers van Akzo Nobel REACH staat voor Registratie, Evaluatie, Autorisatie en beperking van Chemische stoffen Wat is REACH?

Nadere informatie

EUROPESE UNIE HET EUROPEES PARLEMENT. Brussel, 7 juni 2010 (OR. en) 2009/0138 (COD) PE-CONS 23/10 AGRI 209 POSEICAN 7 POSEIDOM 7 POSEIMA 7 CODEC 506

EUROPESE UNIE HET EUROPEES PARLEMENT. Brussel, 7 juni 2010 (OR. en) 2009/0138 (COD) PE-CONS 23/10 AGRI 209 POSEICAN 7 POSEIDOM 7 POSEIMA 7 CODEC 506 EUROPESE UNIE HET EUROPEES PARLEMENT DE RAAD Brussel, 7 juni 2010 (OR. en) 2009/0138 (COD) PE-CONS 23/10 AGRI 209 POSEICAN 7 POSEIDOM 7 POSEIMA 7 CODEC 506 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft:

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 juni 2002 (02.07) (OR. en) 9841/02 Interinstitutioneel dossier: 2002/0040 (COD) CODEC 741 ENT 101 ENV 368

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 27 juni 2002 (02.07) (OR. en) 9841/02 Interinstitutioneel dossier: 2002/0040 (COD) CODEC 741 ENT 101 ENV 368 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 juni 2002 (02.07) (OR. en) 9841/02 Interinstitutioneel dossier: 2002/0040 (COD) CODEC 741 ENT 101 ENV 368 INFORMATIEVE NOTA Betreft: Voorstel voor een richtlijn van

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 31 juli 2012 (OR. en) 13023/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0295 (COD) EF 187 ECOFI 734 DROIPE 114 CODEC 1999

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 31 juli 2012 (OR. en) 13023/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0295 (COD) EF 187 ECOFI 734 DROIPE 114 CODEC 1999 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 31 juli 2012 (OR. en) 13023/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0295 (COD) EF 187 ECOFI 734 DROIPE 114 CODEC 1999 GEWIJZIGD VOORSTEL van: de Europese Commissie d.d.:

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194 VERSLAG van: het Comité van permanente vertegenwoordigers (1e deel) aan: de Raad EPSCO Nr. vorig doc.: 9081/08

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 2863

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 2863 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 19 november 2008 (20.11) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2008/0222 (COD) 15906/08 ADD 2 E ER 390 E V 847 CO SOM 188 CODEC 1585 I GEKOME DOCUME T van: de heer Jordi

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 23.5.2008 COM(2008) 314 definitief 2008/0097 (CNS) Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 834/2007 inzake de

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 9 juli 2004 (14.07) (OR. en) 11091/04 Interinstitutioneel dossier: 2004/001 (COD) LIMITE

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 9 juli 2004 (14.07) (OR. en) 11091/04 Interinstitutioneel dossier: 2004/001 (COD) LIMITE Conseil UE RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 9 juli 2004 (4.07) (OR. en) PUBLIC 09/04 Interinstitutioneel dossier: 2004/00 (COD) LIMITE JUSTCIV 99 COMPET 3 SOC 337 CODEC 874 OTA van: het voorzitterschap

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 februari 2008 (07.02) (OR. en) 5952/08 JUR 25 COUR 1

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 februari 2008 (07.02) (OR. en) 5952/08 JUR 25 COUR 1 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 5 februari 2008 (07.02) (OR. en) 5952/08 JUR 25 COUR 1 BEGELEIDENDE NOTA van: de heer V. SKOURIS, Voorzitter van het Hof van Justitie d.d.: 4 februari 2008 aan: de heer

Nadere informatie

Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit de Inspectie voor de Gezondheidszorg

Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit de Inspectie voor de Gezondheidszorg Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit de Inspectie voor de Gezondheidszorg Afspraken tussen de Staatssecretaris van Economische Zaken en de Minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport over de wijze

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE. van 10.6.2015

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE. van 10.6.2015 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 10.6.2015 C(2015) 3759 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE van 10.6.2015 tot vaststelling, ingevolge Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement

Nadere informatie

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT. overeenkomstig artikel 294, lid 6, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT. overeenkomstig artikel 294, lid 6, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie EUROPESE COMMISSIE Brussel, 5.4.2016 COM(2016) 184 final 2013/0081 (COD) MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT overeenkomstig artikel 294, lid 6, van het Verdrag betreffende de werking

Nadere informatie

EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T

EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T DE RAAD Brussel, 13 december 2011 (OR. en) 2011/0209 (COD) PE-CO S 70/11 CODEC 2165 AGRI 804 AGRISTR 74 WETGEVI GSBESLUITE E A DERE I STRUME TE Betreft: VERORDENING

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1994 1995 22 112 Ontwerp-Richtlijnen Europese Commissie Nr. 48 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 maart 2003 (OR. en) 7276/03 LIMITE AGRILEG 49 ENV 150

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 maart 2003 (OR. en) 7276/03 LIMITE AGRILEG 49 ENV 150 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 maart 2003 (OR. en) PUBLIC 7276/03 LIMITE AGRILEG 49 ENV 150 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Beschikking van de Raad betreffende de

Nadere informatie

de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese Commissie

de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese Commissie Raad van de Europese Unie Brussel, 4 november 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2015/0254 (NLE) 13681/15 FISC 144 BEGELEIDENDE NOTA van: ingekomen: 30 oktober 2015 aan: Nr. Comdoc.: Betreft: de

Nadere informatie

Titel voorstel: Voorstel voor een verordening van de Raad inzake de vertaalregelingen voor het EU-octrooi

Titel voorstel: Voorstel voor een verordening van de Raad inzake de vertaalregelingen voor het EU-octrooi Fiche 9: Verordening EU octrooi vertaalregelingen 1. Algemene gegevens Titel voorstel: Voorstel voor een verordening van de Raad inzake de vertaalregelingen voor het EU-octrooi Datum Commissiedocument:

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 9 februari 2010 (10.02) (OR. fr) 6290/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0011 (NLE) HR 8 CORDROGUE 25

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 9 februari 2010 (10.02) (OR. fr) 6290/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0011 (NLE) HR 8 CORDROGUE 25 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 9 februari 2010 (10.02) (OR. fr) 6290/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0011 (NLE) HR 8 CORDROGUE 25 VOORSTEL van: de Commissie d.d.: 3 februari 2010 Betreft: Voorstel

Nadere informatie

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 4.11.2013 COM(2013) 761 final 2013/0371 (COD) Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Richtlijn 94/62/EG betreffende verpakking en

Nadere informatie

VERORDENINGEN. (Voor de EER relevante tekst)

VERORDENINGEN. (Voor de EER relevante tekst) L 125/10 VERORDENINGEN VERORDENING (EU) 2015/786 VAN DE COMMISSIE van 19 mei 2015 tot vaststelling van criteria voor de aanvaardbaarheid van zuiveringsprocedés die worden toegepast op producten die bedoeld

Nadere informatie

EUROPESE UNIE HET EUROPEES PARLEMENT

EUROPESE UNIE HET EUROPEES PARLEMENT EUROPESE UNIE HET EUROPEES PARLEMENT DE RAAD Straatsburg, 19 mei 2010 (OR. en) 2009/0026 (COD) LEX 1120 PE-CONS 11/10 ASILE 33 CADREFIN 29 CODEC 303 BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD TOT WIJZIGING

Nadere informatie

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE NL NL NL EUROPESE COMMISSIE Brussel, 24.3.2010 COM(2010) 100 definitief MEDEDELING VAN DE COMMISSIE betreffende de toepassing van artikel 101, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese

Nadere informatie

Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen

Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen Richtlijn 98/49/EG van de Raad van 29 juni 1998 betreffende de bescherming van de rechten op aanvullend pensioen van werknemers en zelfstandigen

Nadere informatie

10765/11 ADD 1 oms/rts/dp 1 DG C I

10765/11 ADD 1 oms/rts/dp 1 DG C I RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 29 augustus 2011 (02.09) (OR.en) Interinstitutioneel dossier: 2009/0035 (COD) 10765/11 ADD 1 DRS 87 COMPET 217 ECOFI 294 CODEC 917 O TWERP-MOTIVERI G VA DE RAAD Betreft:

Nadere informatie

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 9.8.2012 COM(2012) 449 final 2012/0217 (COD)C7-0215/12 Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende de toekenning van tariefcontingenten voor

Nadere informatie

Europees Economisch en Sociaal Comité ADVIES

Europees Economisch en Sociaal Comité ADVIES Europees Economisch en Sociaal Comité ECO/360 Belastingheffing - Richtlijn moedermaatschappij / dochteronderneming Brussel, 25 maart 2014 ADVIES van het Europees Economisch en Sociaal Comité over het "Voorstel

Nadere informatie

betreffende met GGO's geproduceerde levensmiddelen

betreffende met GGO's geproduceerde levensmiddelen L 268/24 VERORDENING (EG) Nr. 1830/2003 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 22 september 2003 betreffende de traceerbaarheid en etikettering van genetisch gemodificeerde organismen en de traceerbaarheid

Nadere informatie

Conclusies van de Raad betreffende de bestrijding van het tabaksgebruik

Conclusies van de Raad betreffende de bestrijding van het tabaksgebruik RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 17 november 1999 (OR. en) 12545/1/99 REV 1 LIMITE SAN 171 Betreft : Conclusies van de Raad betreffende de bestrijding van het tabaksgebruik DG I CONCLUSIES VAN DE RAAD

Nadere informatie

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 2.5.2013 COM(2013) 250 final 2013/0133 (COD) Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 302/2009 van de

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 16.5.2001 COM(2001) 261 definitief Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij Denemarken wordt gemachtigd om overeenkomstig de procedure van artikel

Nadere informatie

HET SUBSIDIARITEITSBEGINSEL

HET SUBSIDIARITEITSBEGINSEL HET SUBSIDIARITEITSBEGINSEL In het kader van de gedeelde bevoegdheden van de Unie en de lidstaten wordt met het in het Verdrag betreffende de Europese Unie vastgelegde subsidiariteitsbeginsel bepaald onder

Nadere informatie

1. Inleiding. 1 Verordening (EG) nr. 1383/2003 van de Raad van 22 juli 2003 inzake het optreden van

1. Inleiding. 1 Verordening (EG) nr. 1383/2003 van de Raad van 22 juli 2003 inzake het optreden van 01-02-2012 Richtlijnen van de Europese Commissie betreffende de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten (IER) door de douaneautoriteiten van de EU met betrekking tot goederen, met name geneesmiddelen,

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 14.4.2008 COM(2008) 49 definitief/2 2008/0035 (COD) Corrigendum : annule et remplace le COM(2008)49 final. Il convient de lire la référence interinstitutionnelle

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD >r >r COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 30.1.2004 COM(2004) 53 definitief Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij Italië wordt gemachtigd een maatregel toe te passen die afwijkt

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 17.10.2014

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 17.10.2014 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 17.10.2014 C(2014) 7484 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE van 17.10.2014 tot correctie van gedelegeerde Verordening (EU) nr. 918/2012 ten aanzien

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2009) 207.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2009) 207. RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 5 maart 2009 (06.03) (OR. en) 7229/09 ADD 2 DRS 18 COMPET 125 ECOFI 176 CODEC 298 I GEKOME DOCUME T van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal

Nadere informatie

EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T

EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T EUROPESE U IE HET EUROPEES PARLEME T DE RAAD Brussel, 18 juni 2009 (OR. en) 2008/0084 (COD) LEX 1035 PE-CO S 3748/2/08 REV 2 DRS 84 COMPET 600 CODEC 1918 RICHTLIJ VA HET EUROPEES PARLEME T E DE RAAD TOT

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 7.3.2014

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 7.3.2014 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 7.3.2014 C(2014) 1392 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE van 7.3.2014 houdende aanvulling van Richtlijn 2003/71/EG van het Europees Parlement en de

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 10 februari 2006 (OR. fr) 5828/06 AGRIORG 17 OC 100

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 10 februari 2006 (OR. fr) 5828/06 AGRIORG 17 OC 100 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 10 februari 2006 (OR. fr) 5828/06 AGRIORG 17 OC 100 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESCHIKKING VAN DE RAAD tot verlenging van de geldigheidsduur

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 05/08/2014

Datum van inontvangstneming : 05/08/2014 Datum van inontvangstneming : 05/08/2014 Vertaling C-321/14-1 Zaak C-321/14 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 4 juli 2014 Verwijzende rechter: Landgericht Krefeld (Duitsland)

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 11 maart 2010 (17.03) (OR. en) 6792/10. Interinstitutioneel dossier: 2009/0157 (COD) LIMITE

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 11 maart 2010 (17.03) (OR. en) 6792/10. Interinstitutioneel dossier: 2009/0157 (COD) LIMITE Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 maart 2010 (17.03) (OR. en) PUBLIC Interinstitutioneel dossier: 2009/0157 (COD) 6792/10 LIMITE JUSTCIV 34 CODEC 142 NOTA van: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 26 mei 2015 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 26 mei 2015 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 26 mei 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2015/0088 (E) 8253/15 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: EEE 12 ESPACE 8 ENV 242 COMPET 162 BESLUIT

Nadere informatie

P5_TA(2002)0269. Toekomstige ontwikkeling van Europol

P5_TA(2002)0269. Toekomstige ontwikkeling van Europol P5_TA(2002)0269 Toekomstige ontwikkeling van Europol Aanbeveling van het Europees Parlement aan de Raad over de toekomstige ontwikkeling van Europol en zijn volledige opneming in het institutioneel bestel

Nadere informatie

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING. bij. Aanbeveling van de Commissie

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING. bij. Aanbeveling van de Commissie EUROPESE COMMISSIE Brussel, 14.7.2014 SWD(2014) 233 final WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING bij Aanbeveling van de Commissie betreffende beginselen ter

Nadere informatie

Brussel, 1 augustus 2012 (OR. en) RAAD VA DE EUROPESE U IE. 13037/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0297 (COD)

Brussel, 1 augustus 2012 (OR. en) RAAD VA DE EUROPESE U IE. 13037/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0297 (COD) RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 1 augustus 2012 (OR. en) 13037/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0297 (COD) DROIPE 115 EF 188 ECOFI 736 CODEC 2004 VOORSTEL van: de Commissie d.d.: 27 juli 2012 Nr.

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie interne markt en consumentenbescherming. Commissie interne markt en consumentenbescherming

EUROPEES PARLEMENT. Commissie interne markt en consumentenbescherming. Commissie interne markt en consumentenbescherming EUROPEES PARLEMENT 2004 2009 Commissie interne markt en consumentenbescherming 9.11.2007 WERKDOCUMENT over het voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: VERORDENING VAN DE

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie cultuur en onderwijs. 20.6.2005 PE 360.043v01-00

EUROPEES PARLEMENT. Commissie cultuur en onderwijs. 20.6.2005 PE 360.043v01-00 EUROPEES PARLEMENT 2004 ««««««««««««Commissie cultuur en onderwijs 2009 20.6.2005 PE 360.043v01-00 AMENDEMENTEN 1-23 Ontwerpverslag Doris Pack Nieuwe uitdagingen voor het circus als onderdeel van de Europese

Nadere informatie

10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD)

10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 8 juli 2003 (14.07) (OR. en) 10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD) CODEC 891 JUR 273 ENV 362 MI 157 IND 96 ENER 204 NOTA van: aan: Betreft: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 27 oktober 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 27 oktober 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 27 oktober 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0214 (E) 14260/14 STAT 23 FIN 739 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: VERORDENING VAN DE RAAD

Nadere informatie

Goedgekeurd op 11 februari 2011

Goedgekeurd op 11 februari 2011 GROEP GEGEVENSBESCHERMING ARTIKEL 29 00327/11/NL WP 180 Advies 9/2011 betreffende het herziene voorstel van de industrie voor een effectbeoordelingskader wat betreft de bescherming van de persoonlijke

Nadere informatie

23.3.2011 Publicatieblad van de Europese Unie L 77/25

23.3.2011 Publicatieblad van de Europese Unie L 77/25 23.3.2011 Publicatieblad van de Europese Unie L 77/25 VERORDENING (EU) Nr. 284/2011 VAN DE COMMISSIE van 22 maart 2011 tot vaststelling van specifieke voorwaarden en gedetailleerde procedures voor de invoer

Nadere informatie

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van XXX. betreffende toegang tot een elementaire betaalrekening. (Voor de EER relevante tekst)

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van XXX. betreffende toegang tot een elementaire betaalrekening. (Voor de EER relevante tekst) EUROPESE COMMISSIE Brussel, XXX C(2011) 4977 AANBEVELING VAN DE COMMISSIE van XXX betreffende toegang tot een elementaire betaalrekening (Voor de EER relevante tekst) {SEC(2011) 906} {SEC(2011) 907} NL

Nadere informatie

AMENDEMENTEN 1-16. NL In verscheidenheid verenigd NL 2012/2044(INI) 2.5.2012. Ontwerpadvies Evelyn Regner (PE486.197v01-00)

AMENDEMENTEN 1-16. NL In verscheidenheid verenigd NL 2012/2044(INI) 2.5.2012. Ontwerpadvies Evelyn Regner (PE486.197v01-00) EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie juridische zaken 2012/2044(INI) 2.5.2012 AMENDEMENTEN 1-16 Evelyn Regner (PE486.197v01-00) De 20 belangrijkste bekommernissen van EU-burgers en ondernemingen inzake

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 18 juli 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 18 juli 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 18 juli 2014 (OR. en) 12039/14 ENV 682 CLIMA 76 ENT 165 BEGELEIDENDE NOTA van: ingekomen: 16 juli 2014 aan: Nr. Comdoc.: D034584/01 Betreft: de Europese Commissie het

Nadere informatie