7.11 Bouwcirkelzaagmachines

Vergelijkbare documenten
7.11 Bouwcirkelzaagmachines

Verstekzaagmachine Elu/DeWALT 230 V

4.15 Veiligheidsnetten

Nr 4159 Revisie

7.23 Haakse slijpmachine

Algemene risicoanalyse voor de werkpost : Tafelcirkelzaagmachine Versie 99/1 Blz. 3/5

HOUTCIRKELZAAGMACHINES 1989 Blz. 1

BOUWCIRKELZAAGMACHINES 1975 blz.1 1. INLEIDING

Nr 4116 Revisie

5.15 Consoleconstructie met werkbruggen

4.23 Stalen schroefstempels

VLAKBANKBEVEILIGING MET PARALLELGELEIDING 1972 Blz. 1

Voorzien van instructie gebruik van de machine Verbod sieraden te dragen. Dragen van nauwsluitende werkkledij

Nr 4136 Revisie

Antwoorden B6 deel 3 Hoofdstuk 2: Ronde tafel

Nr 4146 Revisie

Cirkelzaagmachine voor modelbouw

4.18 Eindwandsteigers

Omschrijving Toepassing Verklaring van de tekens

Algemene risicoanalyse voor de werkpost : Werken met een vlakschaafbank Versie 99/1 Blz. 1/5

Nr 4125 Revisie

5.12 Draagbaar klimmaterieel

Algemene risicoanalyse voor de werkpost : Houtfreesmachine Versie 99/1 Blz. 1/9

MEERSPILLIGE BOORMACHINE

Toolbox-Meeting. Haakse Slijpmachine

7.10 Timmerwerkplaats

Omschrijving Toepassing Verklaring van de tekens

Nr 4126 Revisie

Nr 4148 Revisie

GEBRUIKSAANWIJZING SLEUVENZAAGMACHINE MS 125

Algemene risicoanalyse voor de werkpost : Cirkelzaagmachine met radiale arm Versie 99/1 Blz. 1/5

VIERZIJDIGE SCHAAFBANK

CNC-BEWERKINGSCENTRUM

Machines en gereedschappen

7.13 Elektrisch handgereedschap

Veilig werken met apparaten en machines

Hand(beugel)zaag. Bij de handmetaalzaag onderscheiden we de zaagbeugel met handvat en het zaagblad.

Wat is het? Waarmee doe je het? Hoe werk je met een beugelzaag? Hoe werk je met een beugelzaagmachine?... 3

Nr 4154 Revisie

GEBRUIKSAANWIJZING TEGELZAAGMACHINE DYNAMIC 680

4.09 Staalconstructies

Fysieke belasting. Te nemen maatregelen:

INLEIDING VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN SYMBOLEN. De symbolen in deze gebruiksaanwijzing. Symbolen op het apparaat

Combi-Zaagmachine ERIKA 70 Ec

Handleiding. Bij het installeren en / of samenbouwen van de apparatuur moet voor de ingebruikname alle veiligheidscomponenten zijn aangebracht.

BREEDBAND SCHUURMACHINE

5.08 Rolsteigers. Normen en regels

HET MAKEN VAN EEN RAAMWERK MET EEN

3.18 Begeleiden van lasten

2.09 Propaantanks in de bouw

Ongevallen met aftaktussenassen zijn gemakkelijk te voorkomen door de draaiende delen goed af te schermen. Wat is de gewenste situatie?

3.32 Verlichting en belading van aanhangwagens

HET UITRUIMEN VAN KASSEN

MACHINEVEILIGHEID ALGEMEEN

Verwerkingsvoorschriften Okoume:

5.04 Hefsteigers. Normen en regels

De Altendorf WA 6: compact, krachtig, ongeëvenaard.

VEILIG WERKEN MET DE AFKORTZAAG

KOZIJNEN STELLEN. Stelt u de gezondheid. Arbouw voor gezond en veilig werken

5.07 Hoogwerkers. Normen en regels

Handleiding: Afkortzaag t.b.v. hout

60º Links en 60º Rechts in verstek. Handleiding

GEBRUIKSAANWIJZING TEGELZAAGMACHINE TCM180

INHOUDSOPGAVE. Rando Technic Edisonstraat JJ SNEEK TEL: FAX:

GEBRUIKSAANWIJZING FEIN-MACHINE

4.12 Leuningwerk. Normen en regels

Bevestig de kraanhaak van het hefwerktuig in het hijsoog van de klem. Indien de kraanhaak te groot is voor het hijsoog gebruik dan een voorloper.

Bimatic Prima 7.3-r.a. Automatische kantenlijmmachine geschikt voor het aanlijmen van banden fineer, PVC, melamine en massief tot 3 mm dikte

HANDLEIDING 130. Rando Technic Edisonstraat JJ SNEEK Tel: Fax

Technisch Specificatieblad Ferney Group BV

Bijlage Oplossingenkaart onderbladzaag

Veilig werken met machines

F 7 L invincibile. Vlakschaafmachine. Uniek in kwaliteit en service

JALOUZIËN. Bedienings- en montagehandleiding

VOORDAT U DE MACHINE IN GEBRUIK NEEMT: EERST DEZE HANDLEIDING GOED LEZEN EN INSTRUCTIES OPVOLGEN!

Bouwbeschrijving voor een robuuste tafel

M O N T A G E - I N S T R U C T I E S D E U R E N

Montage-instructie. Screens. V599 Ritz V599R Ritz V599 Ritz XL

Handleiding. Bij het installeren en / of samenbouwen van de apparatuur moet voor de ingebruikname alle veiligheidscomponenten zijn aangebracht.

Gebruikershandleiding.

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Mini pneumatische polijstmachine EG1062

Bijlage Oplossingenkaart dubbele pennenbank

AFKORT- EN VERSTEKZAGEN. work. don t play. ZAAGT ALLES.

Gebruikershandleiding Douche/toilet-rolstoel Flexo

MONTAGE HANDLEIDING ROLLUIK

CLASS F520 F410. Vlakschaafmachine. Uniek in kwaliteit en service

Montage-instructie. Rolpoort. RV55 - RV77 - Vision Door

TZB-205/720 CRAFT GEBRUIKSAANWIJZING ELEKTRISCHE CIRKELZAAGTAFEL. Art.Nr /2003

Oplossingenkaart: overige houtbewerkingsmachines

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES EN TECHNISCHE GEGEVENS VOOR HET HOUTONDERWIJS

Calduran. leidingsleuven en zagen in kalkzandsteen

Montagehandleiding Luxalon Plafond Type: 300L

3.17 Werkbak ingericht voor het vervoer van personen

Montage-instructie. Rolluik RV40 - RV41

Transcriptie:

7.11 Bouwcirkelzaagmachines Op de bouwplaats is de bouwcirkelzaagmachine en in de afbouw een tafelzaagmachine een onmisbaar stuk gereedschap. Deze machines zijn geschikt voor het zagen van hout en houtachtige producten en voor sommige plaatmaterialen met een vergelijkbare structuur. De volgende werkzaamheden kunnen er onder andere mee worden verricht: afkorten, schulpen, wiggen en platen zagen. De belangrijkste gevaren zijn: het in aanraking komen met het draaiende zaagblad, terugslag en klemmen van het werkstuk, stukspringen van het draaiende zaagblad, een te hoog geluidsniveau en het vrijkomen van schadelijke stoffen. De risico s van terugslag en klemmen zijn extra groot bij hout, omdat dit geen homogeen product is en ook vochtig kan zijn, waardoor een extra risico van klemmen ontstaat. Normen en regels Warenwetbesluit machines Vanaf 1 januari 1995 moeten nieuw geleverde machines zijn voorzien van een CE-markering en een EG-typeonderzoek hebben doorstaan. Per machine moet een EGverklaring van overeenstemming zijn afgegeven. Op een goed zichtbare plaats moet onuitwisbaar zijn vermeld: - naam fabrikant of leverancier; - serienummer of jaar van fabricage; - benodigde netspanning; - het vermogen; - maximale diameter van het zaagblad; - toerental(len) van zaagas in omwentelingen per minuut. De fabrikant dient ook te zorgen voor een gebruikershandleiding (in de taal van de gebruiker). Praktische invulling Gebruiker - Alleen personen met voldoende vakkennis mogen na een veiligheidsinstructie de machine bedienen. Jeugdigen (beneden de 18 jaar) mogen er slechts aan werken binnen het kader van een wettelijk erkende beroepsopleiding en dan onder doeltreffend vakbekwaam toezicht. Zo nodig is de machine uit te rusten met een afsluitbare werkschakelaar waar alleen het opgeleide personeel een sleutel van heeft. - De gebruiker moet geen ringen of loshangende kleding dragen. Ook het dragen van werkhandschoenen is niet toegestaan. Indien gewenst zijn nauwsluitende handschoenen een optie. Beschermkap - De beschermkap dient het zaagblad boven de tafel zoveel mogelijk te omsluiten. Hij dient bij voorkeur in doorzichtig materiaal te zijn uitgevoerd. Instellen moet zonder gereedschap mogelijk zijn. - Is de kap van staal, dan moeten de zijwanden aan de binnenzijde zijn voorzien van een houten latje of voering. Een ondoorzichtige kap moet aan de voorzijde zijn voorzien van een vizier dat in één vlak ligt met het verticaal opgestelde zaagblad. - De binnenzijde van de kap moet altijd voldoende vrij blijven van het draaiende zaagblad. - De kap moet aan de voorzijde zijn voorzien van een voldoende brede oploopkant (waarmee hij op het werkstuk rust). - De bevestigingsconstructie van de kap aan de tafel moet stabiel zijn uitgevoerd, waarbij de stabiliteit van machine geborgd moet blijven. Het beperkt horizontaal en verticaal een vrije doorgang waarmee rekening moet worden gehouden. - De kap mag niet hoger worden gesteld dan nodig is om het werkstuk door te laten (zowel bij het korten als bij het schulpen en bij plaatmateriaal) mede in verband met de afzuiging. Veel mot komt namelijk aan de achterkant van het zaagblad met de tanden weer omhoog. Blad 1 van 7 Abomafoon 7.11

Zaagblad - Het zaagblad moet bij voorkeur een spaanbegrenzing hebben van minstens 1,1 mm (terugslagarm); de norm hiervoor is NEN-EN 847-1 (zie paragraaf Verwijzing). - Het zaagblad moet bij voorkeur geluidsreducerend zijn. - Het zaagblad moet door middel van klemschijven (diameter afhankelijk van de grootte van het zaagblad) en opsluitmoer op de zaagas worden gemonteerd. Machines geproduceerd na 1 januari 1995 moeten zijn voorzien van een geremde motor. Bij deze machines moet in de opsluitmoer of in klemschijven een borging aanwezig zijn, die het aflopen moet voorkomen tijdens het remmen. - Bij voorkeur geen twee verschillende machines (geremd en ongeremd) op één bouwplaats toepassen. - Het zaagblad moet zijn voorzien van de naam van fabrikant of leverancier en bij zaagbladen met hardmetalen tanden ook van de diameter en het maximum toelaatbare aantal omwentelingen per minuut (dat vanzelfsprekend hoger moet zijn dan het toerental van de zaagmachine). - Het type zaagblad moet zijn afgestemd op de aard van het zaagwerk (soort bewerking en materiaal werkstuk). - Het zaagblad dient op de maximale hoogte te worden afgesteld om het risico van terugslag van het hout te beperken. De zaag duwt het werkstuk dan op het blad in plaats van richting gebruiker. Voor het gebruik derhalve: voor het schulpen zo hoog mogelijk; voor het afkorten zo hoog mogelijk; voor het zagen van plaatmateriaal zo laag mogelijk, om splintervorming zo goed mogelijk te voorkomen. Het risico van terugslag is hierbij aanmerkelijk minder aanwezig. - Hoe scherper het zaagblad hoe veiliger het is het is; het risico van klemmen, terugslag of vastlopen van de zaag is dan minder. Een zaagblad moet ook schoon zijn (ontdaan van restanten van harsen uit het hout en dergelijke). Spouwmes - Het spouwmes dient vooral om vastklemmen van het werkstuk op het zaagblad te voorkomen, met afscherming van het zaagblad(tanden) aan de achterzijde. Het moet zijn vervaardigd van veerkrachtig staal. - Op het spouwmes dient te zijn aangegeven: de naam van fabrikant of leverancier; de dikte; de diameters van erbij passende zaagbladen. - Het spouwmes moet door middel van een support goed instelbaar zijn (zie figuur 2), wat inhoudt: de afstand tussen het spouwmes en de zaagtanden mag maximaal 3 mm aan de bovenzijde tot 8 mm aan de onderzijde bedragen of omgekeerd (NEN-EN 1870-5); minder dan 2 mm afstand tussen de hoogste punten van het spouwmes en de zaagtanden; het spouwmes moet minimaal de dikte van het lijf van het zaagblad hebben en dunner zijn dan de zaagsnede. Figuur 2 Instelling van het spouwmes Geleiders - Er moet zowel een geleider als een hulpgeleider op de zaagmachine zijn aangebracht. De hulpgeleider moet verstelbaar zijn meestal uitgevoerd in hout of een kantel- en in lengte verschuifbare geleider van zacht metaal of kunststof. - Indien het hout tijdens het schulpen uit elkaar wil, moet dit mogelijk zijn door de hulpgeleider of de verstelbare geleider maximaal 20 mm na het doorzagen over de volle hoogte van het hout te laten eindigen. - Instelling bij andere werkzaamheden: bij het afkorten (bij gedraaide zaag in het werkblad) de hulpgeleider circa 8 mm laten eindigen voor(bij) het zaagblad (aangrijpingspunt zaag op werkstuk) en bij de lichtmetalen verstelbare geleider zo kort mogelijk bij het zaagblad (breedte beschermkap is bepalend). Het monteren van een hulpplank is niet toegestaan; bij verstek zagen de vastzetknop van hoofdgeleider losdraaien (afhankelijk van afmeting werkstuk al dan niet met gemonteerde hulpgeleider) en het werkstuk samen met de geleider naar het zaagblad Blad 2 van 7 Abomafoon 7.11

toe bewegen; bij het zagen van doorlopende sponningen: de voorkant van de hulpgeleider 20 tot 30 mm voor het hart van het zaagblad. Elektrische aansluitingen - De machine moet voorzien zijn van een nulspanningsbeveiliging. - De voedingskabel dient voorzien te zijn van een trekontlasting. - Voor de bedieningsschakelaars geldt: moeten duidelijk zijn en binnen handbereik geplaatst, zowel in de stand schulpen als afkorten ; uitschakelen moet voorrang hebben boven inschakelen. Indien dit niet aanwezig is of als zodanig gemonteerd is, kan een noodstop binnen handbereik gemonteerd worden. In andere gevallen hoeft bij deze machines een noodstop niet geïnstalleerd te worden, omdat dit niet risicoverminderend werkt en dit de normale uitschakeltijd niet verkort. - De machine moet voorzien zijn van een werkschakelaar, waarmee de inbedrijfstelling kan worden voorkomen, indien bijvoorbeeld eerst onderhoud of stelwerkzaamheden moeten plaatsvinden. - De machine dient te zijn geaard. Werkblad - Het werkblad dient voorzien te zijn van een zachtmetalen inlegstuk, zodat bij slingeren van het zaagblad geen stukjes metaal vrij kunnen komen. - Aan de invoerzijde is een zijdelings verplaatsbare invoertafel (of rollenbank), minimaal 380 mm breed, met een lengte van minimaal 1200 mm, gemeten vanaf hart snijas. - Aan de uitvoerzijde is een verlenging van het werkblad (of rollenbank), minimaal 400 mm breed, nodig van minimaal 1200 mm, gemeten vanaf hart snijas. Opstelling - Machine opstellen op vlakke, harde en slipvrije ondergrond. - Tafel zonodig verlengen en/of verbreden voor ondersteuning van grote werkstukken. - Voldoende werkruimte rondom de machine. - Voldoende verlichting (750 tot 1000 lux op tafelhoogte). - Ruimte goed schoonhouden. - Machine uitschakelen bij opruimen, verwijderen van houtresten op of in de machine, wisselen van zaagbladen, stel- en onderhoudswerkzaamheden. - Niet werken met loshangende kleding, lang haar niet los laten hangen. - Bij de machine moeten de nodige zaagbladen, spouwmessen en gereedschappen aanwezig zijn. - Bij voorkeur geen wiggen zagen, omdat dit bijzonder risicovol werk is en dan alleen met een speciaal wiggenhout. De wiggen worden bij voorkeur kant en klaar aangeleverd. - Een medewerker achter de cirkelzaagmachine nooit afleiden. Overige aandachtspunten - Bouwcirkelzaagmachines zijn alleen geschikt voor het zagen van hout en houtachtige producten en sommige plaatmaterialen met vergelijkbare structuur. Het zagen van isolatiematerialen (zoals polystyreen), kunststoffen en metalen is niet toegestaan. Raadpleeg hiervoor de gebruikershandleiding van de fabrikant van de machine. Voor het zagen van andere materialen dient daarvoor geschikt gereedschap te worden gebruikt, bijvoorbeeld een aparte zaagmachine met bijpassend zaagblad of een snijapparaat met gloeidraad voor polystyreen. - De spleet in het tafelblad mag niet breder zijn dan de tandbreedte van het zaagblad plus 10 mm; de lengte van de spleet mag niet meer zijn dan nodig is voor het doorlaten van het grootste zaagblad (in de hoogste stand) plus 20 mm. - Het gedeelte van het zaagblad, dat zich onder de tafel bevindt, moet zijn afgeschermd: de afscherming moet zo zijn uitgevoerd dat draaiende en snijdende delen niet geraakt kunnen worden; de mate geslotenheid van de afscherming is ook bepalend voor de werking van de afzuiging. - De zaagmachine moet zijn voorzien van handgrepen en/of hijsogen, op zo n manier dat hij goed met de hand dan wel met de kraan kan worden verplaatst. - Aansluiting op een stofzuiginstallatie moet functionerend zijn. Abomafoon 8.20 gaat hier nader op in. Blad 3 van 7 Abomafoon 7.11

- Afkorten kan op twee manieren (bij gedraaide zaag in het werkblad): door de zaag op maximale hoogte te stellen en het (korte) werkstuk met de hand te klemmen tegen de geleider en met de geleider voorwaarts langs de zaag te bewegen; door de geleider vast te zetten en hier het werkstuk tegen te klemmen en vervolgens met de vrije hand de zaag omhoog te trekken. Aboma geeft aan deze werkwijze altijd de voorkeur, ook bij korte werkstukken. Een kort werkstuk is een werkstuk dat ook na het afkorten op het werkblad kan blijven liggen zonder dat het vastgehouden hoeft te worden. - Waar mogelijk moet een duwhout (minstens 400 mm lang en 80 mm breed met handgreep) of duwstok worden gebruikt, zeker als de hand korter dan 120 mm bij het zaagblad komt en zeker wanneer een werkstuk te smal is om veilig met de hand te worden doorgevoerd. - Zorg dat het werkstuk ontdaan is van spijkers, resten beton en dergelijke. - Bij het zagen een standplaats innemen naast het werkstuk (niet erachter) en met aaneengesloten vingers werken bij de invoer van het werkstuk. - Om veilig gedrag te bevorderen kan worden afgesproken om na het gebruik van de zaagmachine het zaagblad in de tafel te laten zakken, zodat de volgende gebruiker het zaagblad weer opnieuw moet instellen. Deze werkwijze dwingt de gebruiker om vóór het zagen de stand van de zaag specifiek in te stellen op het werkstuk. - Het geluidsniveau moet zo beperkt zijn als mogelijk is (stand van de techniek). Het dragen van gehoorbeschermingsmiddelen is echter verplicht, omdat het niveau van 85 db(a) vrijwel altijd wordt overschreden. - Minstens eenmaal per jaar moet de machine op zijn veilige en goede werking worden geïnspecteerd. Het elektrotechnische gedeelte hiervan dient door een bevoegd persoon te worden uitgevoerd. Deze is aangewezen door de werkgever op grond van NEN 3140. Verwijzing - Warenwetbesluit machines. - Arbobesluit hfdst. 3 en 7. - NEN-EN 847-1 Gereedschap voor houtbewerking - Veiligheidseisen - Deel 1: Freesgereedschap, cirkelzaagbladen. - NEN-EN 1870-5 Veiligheid van houtbewerkingsmachines - Cirkelzagen - Deel 5: Gecombineerde cirkelzaagtafels/van onderen werkende afkortzaag en meerbladscirkelzagen voor langszagen. - NEN 3140 Bedrijfsvoering van elektrische installaties - Aanvullende Nederlandse bepalingen voor laagspanningsinstallaties. - Abomafoons: 1.39 Arbeidsmiddelen/machines. 7.01 Warenwetbesluit machines en CE-markering. 8.20 Houtstof op de bouwplaats. Datum: Maart 2018 Wijzigingen ten opzichte van vorige uitgave - Tekst geactualiseerd. Uitgave: Aboma bv Maxwellstraat 49 a Postbus 141 6710 BC Ede tel. 0318 69 19 20 www.aboma.nl Heeft u naar aanleiding van deze informatie vragen, opmerkingen of verbetersuggesties, geef het aan ons door via Abomafoon@aboma.nl Wij helpen u graag! Blad 4 van 7 Abomafoon 7.11

Controlelijst Bouwcirkelzaagmachines Project / locatie: Ingevuld door: Datum: Aandachtspunten Opmerkingen / maatregelen Actie gereed d.d. v = akkoord; x = tekortkoming; - = niet van toepassing 01 Opstelling vlakke en verharde ondergrond; stofafzuiging functionerend; slangen vormen geen struikelgevaar; zaagmachine stabiel opgesteld; voorzien van invoer- en afvoertafel voor grote werkstukken; zaagplaats opgeruimd; verlichting 750-1000 lux 02 Hulpmiddelen/beveiligingen spouwmes minimaal de dikte van het lijf van het blad en dunner dan de zaagsnede; hoofdgeleider; hulpgeleider; beschermkap bovenzijde; onderzijde zaagblad afgeschermd; duwhout of duwstok 03 Zaagblad spaanbegrensd; zaagblad schoon, scherp en niet beschadigd 04 Spouwmes bovenzijde spouwmes maximaal 2 mm onder bovenzijde zaagblad; spouwmes maximaal 3 mm respectievelijk 8 mm van zaagblad (zie blad 2) 05 Beschermkap bovenzijde beschermkap onbeschadigd en aansluitend op werkstuk; verstelbare hoogte kap; stabiele ophanging 06 (Hulp)geleider geleider en hulpgeleider gemonteerd; geleiders juist ingesteld (zie blad 2), geen hulpplank 07 Elektrische aansluiting nulspanningsbeveiliging; geremde motor; (nood-) stopknop binnen handbereik; bedieningsknoppen duidelijk herkenbaar en binnen handbereik 08 Gebruik alleen geïnstrueerd personeel; werkblad schoon; gebruik gehoorbescherming; duwhout met handgreep voor smalle werkstukken; geleider en hulpgeleider juist ingesteld; beschermkap aangesloten op werkstuk Toelichting / nadere bijzonderheden: Blad 5 van 7 Abomafoon 7.11

Toolbox Bouwcirkelzaagmachines Overige aandachtspunten Alleen gebruik door geïnstrueerd vakkundig personeel. Zaagblad schoon, scherp en niet beschadigd. Slangen vormen geen struikelgevaar. Onderzijde zaagblad afgeschermd. Machine voorzien van invoer- en afvoertafel voor grote werkstukken. Blad 6 van 7 Abomafoon 7.11

Registratieformulier toolbox Project: Gehouden door: Datum: Functie: Onderwerp: Presentielijst Naam Bedrijfsnaam Handtekening Eventuele opmerkingen: Blad 7 van 7 Abomafoon 7.11