De classificatie van armaturen



Vergelijkbare documenten
DEKRA Certification, Arnhem

Fiche 10 (Analyse): Belangrijkste punten uit het AREI

TECHNISCH BUREAU VERBRUGGHEN VADEMECUM ELEKTRICITEIT MATERIEEL ELEKTRISCH

BADKAMERS OF STORTBADRUIMTEN

TAD: Technologische AdviesDienst

ALGEMENE AANWIJZINGEN VOOR VERLICHTINGSARMATUREN

TECHNISCH BUREAU VERBRUGGHEN VADEMECUM ELEKTRICITEIT RUIMTEN VAN ELEKTRISCHE INSTALLATIES Artikel A.R.E.I

INSTALLATIES 12 ONAFHANKELIJKHEID VAN EEN ELEKTRISCHE INSTALLATIE TEN OVERSTAAN VAN ANDERE INSTALLATIES

HD ZLVS - Zeer Lage Veiligheids-Spanning ZLBS - Zeer Lage Beschermings-Spanning

Zo kiest u de juiste badkamerverlichting

Maatregelen ter bescherming van personen en goederen moeten genomen worden op de volgende gebieden:

Inhoud van de presentatie

laatste wijziging: Rims melding RIMS Zie 4.5 Datum laatste uitgave 29 oktober 13

Meensesteenweg 338, 8800 Roeselare TEL: 051/ FAX: 051/ / Ondernemingsnummer: BE

Elektriciteit ELEKTRICITEIT

Hoe keuringsverslagen elektrische installaties interpreteren meest voorkomende inbreuken

BETONSTAAL MECHANISCHE VERBINDINGEN VAN BETONSTAAL

Meensesteenweg 338, 8800 Roeselare TEL: 051/ FAX: 051/ / Ondernemingsnummer: BE

LES3. Schakelingen met signalisatie Impulsschakeling Fluorescentielamp Halogeenverlichting Het AREI

EXPLOSIEVEILIGHEIDSDOCUMENT Beoordeling van explosiegevaren door stof van installaties en arbeidsplaatsen

PRAKTISCHE FICHE / DE VOORBEREIDING Beschikbaar op

Richtlijn voor de uitvoering van bouwkasten. Het gehele Cogas elektriciteitsgebied.

DIGITALE STROOMTANG - KEW SNAP MODEL 2017/2027RMS voor het meten van wisselstroom. Klauwen. Klauwopener. Bereikkeuzeschakelaar. Veiligheidsarmband

SPECIFIEKE TECHNISCHE VOORSCHRIFTEN VOOR HET AANSLUITEN VAN VASTE PROFESSIONELE INSTALLATIES ZONDER METER

ACA vzw Erkend controle organisme Huishoudelijke installaties

Meensesteenweg 338, 8800 Roeselare TEL: 051/ FAX: 051/ / Ondernemingsnummer: BE

BIJLAGE 5/1: REACTIE BIJ BRAND

VOORSPANSTAAL - STRENGEN

FVV 4.9.: Datum : VOORZORGEN TEGEN ELEKTROKUTIE- EN Revisie : 4 VERBRANDINGSGEVAAR DOOR ELEKTRICITEIT. Blz. : 1 van 7

Wettelijke minimale voorschriften inzake veiligheid van oude elektrische installaties op arbeidsplaatsen (K.B. 2/6/2008)

Basiscursus NEN Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties NEN 1010:2015

INTELLIGENTE CONSTRUCTIE VOOR DE HOOGSTE BESCHERMINGSKLASSE

ALVORENS DE KOOKPLAAT TE GEBRUIKEN Blz. 19. ADVIEZEN VOOR MILIEUBESCHERMING Blz. 19. WAARSCHUWINGEN EN ALGEMENE WENKEN Blz. 19

Fiche 23 (Expertise): Artikels van het AREI aangaande het explosie gevaar

Deel0. Relatie met internationale normen. IEC (International Electrotechnical Commission) Mondiaal,wereldwijd

GEBRUIKSAANWIJZING EIGENSCHAPPEN VOOR HET GEBRUIK

Een elektrische installatie moet altijd door een erkend organisme worden gekeurd bij :

BIJLAGE 5: REACTIE BIJ BRAND : Gedrag bij een brand vanaf de buitenzijde

DOSSIER: IBC s voor het vervoer van gevaarlijke stoffen

Thermische isolatie van bestaande platte daken

Elektriciteit. Wat is elektriciteit

Gebruiks- en onderhoudsaanwijzing- NL

ACA vzw Erkend controle organisme Huishoudelijke installaties

PROCES-VERBAAL VAN GELIJKVORMIGHEIDSONDERZOEK EN/OF CONTROLEBEZOEK VAN EEN ELEKTRISCHE LAAGSPANNINGSINSTALLATIE

VOORSPANSTAAL STRENGEN

ALGEMEEN REGLEMENT OP DE ELEKTRISCHE INSTALLATIES.

Aan welke eisen moeten bouwkasten voldoen?

FVV 4.9.: Datum : VOORZORGEN TEGEN ELEKTROKUTIEGEVAAR EN TEGEN Revisie : 3 VERBRANDINGSGEVAAR DOOR ELEKTRICITEIT. Blz.

Aan welke eisen moeten bouwkasten voldoen?

Technisch Reglement van het merk S3

Electrische convectors en Infrarood verwarming. Electrische Convectoren

ACA vzw Erkend controle organisme Huishoudelijke installaties

TECHNISCH BUREAU VERBRUGGHEN VADEMECUM ELEKTRICITEIT SCHAKELAARS. Artikel. A.R.E.I Algemeen

Digitale spanningsen doorgangstester

ORYX Collar FX 330 Versie 1.1, (Dutch) ORYX, passie voor passieve brandbescherming

Transformatoren. Wisselspanning (50Hz) (V) zeer lage spanning (ZLS) U < 50 U < 75 U < e categorie 50 < U < < U < < U < 750

Inhoud. 1. Veiligheidsinstructies

Openbaar. 3 TERMEN EN DEFINITIES Bouwkast Kast ontworpen en bedoeld om er een tijdelijke elektriciteitsaansluiting in aan te brengen.

Meensesteenweg 338, 8800 Roeselare TEL: 051/ FAX: 051/ / Ondernemingsnummer: BE

ACA vzw Erkend controle organisme Huishoudelijke installaties

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Bekendmaking normen elektrotechnische producten

INFORMATIEBLADEN Projectgroep Instrumentenbeoordeling

Inleiding. Inleiding. Werken in: Explosiegevaarlijke omgevingen Besloten ruimten. Uitdagingen: Veiligheid Regelgevingen in de prak9jk

GEWAPEND BETONSTAAL GERIBDE KOUDVERVORMDE DRAAD

aan welke eisen moeten bouwkasten voldoen? Voorwaarden voor het veilig plaatsen en functioneren van bouwkasten in het voorzieningsgebied van Liander

Merk op: de ppt die voorzien is voor veiligheid is voorzien van notities die men in powerpoint kan bekijken in de editor.

EXPLOSIEVEILIGHEIDSDOCUMENT Beoordeling van explosiegevaren door gas en damp van binnen arbeidsplaatsen

DE INSTALLATIE IS NIET CONFORM

ELEKTRICITEITSKEURING

NATIONALE MAATSCHAPPIJ DER BELGISCHE SPOORWEGEN TECHNISCHE BEPALING

Nieuwsbericht. Uniforme eisen voor tijdelijke elektra-aansluitingen maken de bouw veiliger

Telecominstallatie binnenin een woning

MODEL INSPECTIERAPPORT NR. :.. ELEKTRISCHE INSTALLATIE INSPECTIEDATUM

Idee, ontwerp en realisatie : Marc Van den Schoor. PICAXE-18M2+Rotor speed controller V1 Manual.docx pagina 1 van 7

Baby 7.5kW. Algemeen. Afmetingen. Brandstof Pelletcontainer capaciteit Diameter pellets 6

STAP 1. Legschema STAP 2

DE INSTALLATIE IS NIET CONFORM

Tuincontactdoos met piket

GEBRUIKSAANWIJZING EIGENSCHAPPEN VOOR HET GEBRUIK JB SYSTEMS 1/6 LED 1CH DIM WALL

Arbeidsplaatsen Elektrische installaties Minimale voorschriften voor de oude installaties. Infodocument

2. Beveiliging tegen onrechtstreekse aanraking

Installatie-, onderhouds- en bedrijfsvoorschriften voor elektromotoren.

Installatie van Elektrische apparatuur in ATEX zones. IECEx 05 Ex

Achtergrondinformatie de Gouden Acht veiligheidsprocedure om werken uit te voeren aan een installatie buiten spanning

2. Welke leidingen en accessoires moet je thermisch isoleren?

ELEKTRISCHE TESTER APPA A7. Controleer bij levering of de verpakking volledig is, t.t.z.

Terminologie aangepast op basis van Technisch Reglement Distributie

VEILIGHEIDSREGLEMENT BRUSSELS EXPO ELEKTRICITEIT VOORSCHRIFTEN INZAKE DE VEILIGHEID VAN DE ELEKTRISCHE INSTALLATIE VAN STANDS OP BEURZEN

Highlights uit nieuwe HS norm:

Brandreactie en Brandweerstand HVAC brandwerende isolatie Bijlage 7 KB 12 juni mei 2018, Pascal van den Heuvel

MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN

TOEPASSING VAN HET BENOR-MERK IN DE SECTOR VAN DE STAALPRODUCTEN VOOR BETON. Controlemodaliteiten toepasselijk op de Producenten van Voorspanstaal

L1 L2 L3 N L1 L2 L3 N PE PE. aarde L1 L2 L3 PEN. Figuur 3.6: Verdeelnetten

Pascal van den Heuvel. wetgevend kader voor brandbare afdichtingen bijlage 7 type-oplossingen

Transcriptie:

TC hygrothermie De bescherming van armaturen is een delicate problematiek aangezien men, vóór het voorschrijven of uitvoeren van de installatie, eerst nauwkeurig moet bepalen waarop de beschouwde beschermingsindex precies betrekking heeft : op of op de gebruiker.? P. D Herdt, ir., projectleider, afdeling Klimaat, Installaties en Energieprestatie, WTCB A. Deneyer, ir., hoofd van het laboratorium Licht en Gebouw, WTCB Met de publicatie van de zevende uitgave van de norm IEC 60598-1 Verlichtingsarmaturen. Deel 1 : algemene eisen en beproevingen is het ogenblik aangebroken om de classificatiesystemen voor armaturen op een rijtje te zetten. Voornoemde norm onderscheidt verschillende classificaties voor armaturen. Deze laatste kunnen namelijk onderverdeeld worden volgens : hun bescherming tegen elektrische schokken hun bescherming tegen de indringing van vaste voorwerpen en vloeistoffen het materiaaltype van de ondergrond waarvoor ontworpen werd. 1 Bescherming tegen elektrische schokken De bescherming tegen elektrische schokken heeft niet alleen als oogmerk om de veiligheid van de gebruiker ten aanzien van het risico op elektrocutie te waarborgen, maar ook om de armatuur zelf te beschermen. Men kan vier beschermingsklassen tegen elektrische schokken onderscheiden: klasse 0 : armatuur waarvan de bescherming tegen elektrische schokken enkel berust op de hoofdisolatie. Concreet betekent dit dat er geen enkel contact bestaat tussen de toegankelijke geleidende delen en de beschermingsgeleider van de vaste bedrading van de installatie (geen aarding). Indien er geen isolatie aanwezig is, zal de bescherming van een persoon die de installatie aanraakt, afhankelijk zijn van de omgeving (bv. isolerende vloer). Net zoals in de meeste andere Europese landen, zijn armaturen van klasse 0 in België verboden klasse I : armatuur waarbij een bijkomende veiligheidsmaatregel ingebouwd werd door de verbinding van de toegankelijke geleidende delen met de beschermingsgeleider van de vaste bedrading van de installatie (aarding). De geleidende delen van een armatuur van klasse I kunnen bijgevolg nooit actief worden na het falen van de hoofdisolatie klasse II : armatuur die voorzien is van een dubbele of versterkte isolatie en waarbij de bescherming van de toegankelijke metalen delen noch berust op een aarding, noch op de kenmerken van de installatie (bv. omhulsel uit een isolerend, duurzaam en zo goed als ononderbroken materiaal). Dit type armatuur werd specifiek ontworpen om het gebruik van de aarding achterwege te kunnen laten klasse III : armatuur waarbij de bescherming tegen elektrische schokken berust op zijn voeding op zeer lage veiligheidsspanning (ZLVS) en waarbij nooit spanningen opgewekt worden die hoger zijn dan deze ZLVS. 2 indringing van vaste voorwerpen en vloeistoffen (IP-index) De bescherming tegen de indringing van vaste voorwerpen wordt volgens de norm NBN EN C 20-529 (1992) en haar addendum uit De classificatie van armaturen Klasse Symbool Beschrijving Klasse 0 Functionele isolatie zonder aansluiting op de aarding Klasse I Functionele isolatie met aansluiting op de aarding Klasse II Klasse III Dubbele of versterkte isolatie Armaturen die werken op zeer lage veiligheidsspanning Tabel 1 Beschermingsklassen tegen elektrische schokken. 2000 uitgedrukt door middel van de IP-index. Beide documenten verwijzen naar de norm IEC 60529 die opgesteld werd door de International Electrotechnical Commission (IEC) en die deze indexen vastlegt. Het eerste kenmerkende cijfer van de IP-index geeft meer informatie over : de bescherming van het omhulsel tegen de onderdelen. Het betreft hier de bescherming van de bescherming van het materieel binnen het amatuuromhulsel tegen de indringing van vaste vreemde voorwerpen. Het betreft met andere woorden de bescherming van de armatuur tegen externe voorwerpen. Het tweede kenmerkende cijfer van de IPindex geeft meer informatie over de graad van bescherming die door het omhulsel aan het materieel geboden wordt ten aanzien van de schadelijke gevolgen van een binnendringing i Een beetje terminologie LS (laagspanning) Het gaat hier om wisselspanningen tot 1000 V of om gelijkspanningen zonder rimpel tot 1500 V tussen twee geleiders of tussen een geleider en de aarde. De LS kan verder opgedeeld worden in twee categorieën, LSA en LSB. De eerste categorie heeft betrekking op wisselspanningen van minder dan 500 V en gelijkspanningen van minder dan 750 V, terwijl de tweede categorie voorbehouden is voor wisselspanningen van meer dan 500 V en gelijkspanningen van meer dan 750 V. ZLS (zeer lage spanning) Het gaat hier om wisselspanningen tot 50 V, om gelijkspanningen zonder rimpel tot 120 V tussen twee geleiders of om gelijkspanningen met rimpel tot 75 V tussen twee geleiders of tussen een geleider en de aarde. ZLVS (zeer lage veiligheidsspanning) ZLVS wordt gedefinieerd als een spanning die geen reëel gevaar voor de mens betekent. Net zoals de ZLS is deze beperkt tot 50 V wisselspanning of 75 V gelijkspanning. Bovendien wordt ze begrensd tot 12 V wisselspanning in de directe nabijheid van een badkuip. WTCB-Dossiers Nr. 2/2009 Katern nr. 9 pagina 1

TC Hygrothermie Index Beschermingstype Beschrijving van de bescherming Definitie van de bescherming 0 1 2 3 4 5 6 Geen bescherming Geen bescherming onderdelen met de rug van de hand met een diameter groter dan of gelijk aan 50 mm onderdelen met de vingers met een diameter groter dan of gelijk aan 12,5 mm onderdelen met een gereedschap met een diameter groter dan of gelijk aan 2,5 mm met een diameter groter dan of gelijk aan 1,0 mm Bescherming tegen stof Stofdicht De toegangssonde (bol met een diameter van 50 mm) moet op een voldoende afstand blijven van de gevaarlijke onderdelen De objectsonde (bol met een diameter van 50 mm) mag niet volledig kunnen binnendringen De 80 mm lange gelede testvinger met een diameter van 12 mm moet op een voldoende afstand blijven van de gevaarlijke onderdelen De objectsonde (bol met een diameter van 12,5 mm) mag niet volledig kunnen binnendringen 2,5 mm mag niet kunnen binnendringen De objectsonde met een diameter van 2,5 mm mag helemaal niet kunnen binnendringen 1,0 mm mag niet kunnen binnendringen De objectsonde met een diameter van 1,0 mm mag helemaal niet kunnen binnendringen 1,0 mm mag niet kunnen binnendringen De binnendringing van stof wordt niet volledig uitgesloten, maar moet wel dusdanig beperkt worden dat de goede werking en de veiligheid van het materiaal niet in het gedrang komen 1,0 mm mag niet kunnen binnendringen Geen binnendringing van stof Tabel 2 Beschermingsgraden tegen de onderdelen en tegen het binnendringen van vaste vreemde voorwerpen (uitgedrukt door het eerste kenmerkende cijfer). Index Beschrijving van de bescherming Definitie van de bescherming 0 Geen bescherming 1 2 het omhulsel tegen verticaal vallende waterdruppels het omhulsel (met een maximale hoek van 15 ten opzichte van de verticale) tegen verticaal vallende waterdruppels 3 het omhulsel tegen regen 4 5 6 7 8 het omhulsel tegen waterprojecties het omhulsel tegen waterstralen het omhulsel tegen krachtige waterstralen het omhulsel tegen de gevolgen van een tijdelijke onderdompeling in water het omhulsel tegen de gevolgen van een langdurige onderdompeling in water De verticaal op het omhulsel vallende druppels mogen geen nadelige gevolgen hebben De verticaal vallende druppels mogen geen nadelige gevolgen hebben op het omhulsel (met een maximale hoek van 15 ten opzichte van de verticale) De fijne regen die op het omhulsel terechtkomt met een maximale hoek van 60 ten opzichte van de verticale, mag geen nadelige gevolgen hebben Het water dat vanuit willekeurige richting op het omhulsel geprojecteerd wordt, mag geen nadelige gevolgen hebben De waterstralen die vanuit willekeurige richting op het omhulsel terechtkomen, mogen geen nadelige gevolgen hebben De krachtige waterstralen die vanuit willekeurige richting op het omhulsel terechtkomen, mogen geen nadelige gevolgen hebben Indien het omhulsel tijdelijk in water ondergedompeld wordt, mogen er geen schadelijke waterhoeveelheden kunnen binnendringen bij een genormaliseerde druk en tijdsduur Indien het omhulsel langdurig in water ondergedompeld wordt, mogen er geen schadelijke waterhoeveelheden kunnen binnendringen bij de voorwaarden die afgesproken werden tussen de fabrikant en de gebruiker. Deze voorwaarden dienen uiteraard strenger te zijn dan deze die gelden voor index 7 Tabel 3 Beschermingsgraden tegen de binnendringing van water (uitgedrukt door het tweede kenmerkende cijfer). WTCB-Dossiers Nr. 2/2009 Katern nr. 9 pagina 2

TC hygrothermie Index A B C D Beschrijving van de bescherming onderdelen met de rug van de hand onderdelen met de vingers onderdelen met een gereedschap van water. Het betreft hier enkel de bescherming van zelf. De tabellen 2, 3 en 4 geven voor deze indexen het overeenkomstige beschermingstype weer. Naarmate de IP-index hoger is, zal ook de beschermingsgraad beter zijn. Zo is een armatuur met als index IP54 beschermd tegen vaste voorwerpen groter dan 1 m, tegen stof en tegen waterprojecties vanuit willekeurige richtingen. Aan deze twee cijfers kan bovendien nog extra informatie toegevoegd worden met betrekking tot de bescherming van tegen de onderdelen. Deze informatie wordt weergegeven onder de vorm van een bijkomende letter na het tweede cijfer (zie tabel 4) en wordt enkel gebruikt indien : de reële bescherming tegen de toegang tot gevaarlijke onderdelen beter is dan deze die uitgedrukt wordt door het eerste kenmerkende cijfer enkel de bescherming tegen de toegang tot gevaarlijke onderdelen aangegeven moet worden. In voorkomend geval wordt het eerste kenmerkende cijfer vervangen door een X. Definitie van de bescherming De toegangssonde (bol met een diameter van 50 mm) moet op een voldoende afstand blijven van de gevaarlijke onderdelen De 80 mm lange gelede testvinger met een diameter van 12 mm moet op een voldoende afstand blijven van de gevaarlijke onderdelen De 100 mm lange toegangssonde met een diameter van 2,5 mm moet op een voldoende afstand blijven van de gevaarlijke onderdelen De 100 mm lange toegangssonde met een diameter van 1,0 mm moet op een voldoende afstand blijven van de gevaarlijke onderdelen Tabel 4 Beschermingsgraden tegen de onderdelen (uitgedrukt door de bijkomende letter). Index H M S W Hoogspanningsapparaat Beschrijving van de bescherming Proef om de bescherming van een apparaat na te gaan tegen de schadelijke gevolgen van een waterinfiltratie terwijl de mobiele onderdelen ervan (bv. de rotor van een draaiende machine) in beweging zijn Proef om de bescherming van een apparaat na te gaan tegen de schadelijke gevolgen van een waterinfiltratie terwijl de mobiele onderdelen ervan (bv. de rotor van een draaiende machine) in rust zijn Apparaat dat ontworpen is voor gebruik onder specifieke weersvoorwaarden en waarvoor bijkomende veiligheidsmaatregelen of -procedures getroffen werden Tabel 5 Informatie over de aanvullende letters. Uitzonderlijk kan er ook bijkomende informatie opgegeven worden over de bescherming van het materieel. Dit gebeurt door de toevoeging van een letter na het tweede kenmerkende cijfer of na de bijkomende letter. De betekenis van deze indexen is opgenomen in tabel 5. In het geval van een IP-index met slechts twee cijfers (bv IP54), zal men uit deze notatie de volgende informatie kunnen afleiden : IP : letters die de index voorstellen 5 : het eerste kenmerkende cijfer 4 : het tweede kenmerkende cijfer. Het eerste kenmerkende cijfer (5) betekent dat : beschermd zijn tegen de toegang tot de gevaarlijke onderdelen indien ze een draad met een minimale diameter van 1 mm in de hand houden het materieel binnen het omhulsel beschermd is tegen de indringing van vaste vreemde voorwerpen met een diameter groter dan of gelijk aan 1 mm. Het tweede kenmerkende cijfer (4) geeft op zijn beurt weer dat het materieel binnen het omhulsel beschermd is tegen de schadelijke gevolgen van een waterprojectie op het omhulsel vanuit willekeurige richting. In het geval van een IP-index met twee cijfers en twee letters (bv. IP23CS), kan men uit deze notatie de volgende informatie afleiden : IP : letters die de index voorstellen 2 : het eerste kenmerkende cijfer 3 : het tweede kenmerkende cijfer C : de bijkomende letter S : de aanvullende letter. Het eerste kenmerkende cijfer (2) betekent dat : gebruikers beschermd zijn tegen de toegang tot de gevaarlijke onderdelen met hun vingers het materieel binnen het omhulsel beschermd is tegen de indringing van vaste vreemde voorwerpen met een diameter groter dan of gelijk aan 12,5 mm. Het tweede kenmerkende cijfer (3) geeft op zijn beurt weer dat het materieel binnen het omhulsel beschermd is tegen de schadelijke gevolgen van regen die op het omhulsel valt. De eerste letter (C), ook de bijkomende letter genoemd, duidt aan dat beschermd zijn tegen de onderdelen indien deze gereedschap hanteren met een diameter groter dan of gelijk aan 2,5 mm en een lengte kleiner dan of gelijk aan 100 mm (het gereedschap kan over zijn gehele lengte binnendringen in het omhulsel). De tweede letter (S), ook aanvullende letter genoemd, geeft tenslotte aan dat een proef ondergaan heeft om zijn bescherming tegen de schadelijke gevolgen van een waterinfiltratie na te gaan op een moment dat al zijn onderdelen in rust zijn. 3 Markering in functie van de ontvlambaarheid en de bekledingsmogelijkheden De norm IEC 60598-1 stelt daarnaast nog een andere classificatie voor armaturen voorop, al naargelang deze ontworpen werden voor een rechtstreekse installatie op een normaal ont- i Ee n b e e t j e t e r m i n o l o g ie De index IP20 De index IP20 is de laagst mogelijke index die gespecificeerd kan worden. Aangezien deze als normaal beschouwd wordt, dient hij niet aangebracht te worden op gewone armaturen. Gewone armatuur Armatuur die bescherming biedt tegen een toevallig contact met de actieve onderdelen, maar geen bescherming biedt tegen stof, vaste voorwerpen of vloeistoffen. WTCB-Dossiers Nr. 2/2009 Katern nr. 9 pagina 3

TC Hygrothermie Eigenschap van Armaturen die ontworpen werden voor een installatie op een normaal ontvlambaar oppervlak Symbool Geen i Een beetje t e r m i n o l o g ie Armaturen die niet ontworpen werden voor een installatie op een normaal ontvlambaar oppervlak (enkel ontworpen voor niet-ontvlambare oppervlakken) Inbouwarmaturen die ontworpen werden voor een installatie in/op een normaal ontvlambaar oppervlak wanneer bedekt kan worden met een thermisch isolatiemateriaal Inbouwarmaturen die niet ontworpen werden voor een installatie in/op een normaal ontvlambaar oppervlak wanneer de armatuur bedekt kan worden met een thermisch isolatiemateriaal Inbouwarmaturen die niet ontworpen werden voor een installatie in/op een normaal ontvlambaar oppervlak, maar die wel gebruikt mogen worden in de andere gevallen Tabel 6 Gids voor het aanbrengen van symbolen volgens de norm IEC 60598-1. Geen Normaal ontvlambaar materiaal Materiaal met een ontvlamtemperatuur van minstens 200 C dat noch vervormt, noch verzwakt bij deze temperatuur (bv. hout en producten op basis van hout met een dikte van meer dan 2 mm) Licht ontvlambaar materiaal Materiaal dat noch geklasseerd kan worden als normaal ontvlambaar, noch als niet-brandbaar (bv. houtvezels en producten op basis van hout met een dikte van minder dan 2 mm) Niet-brandbaar materiaal Materiaal dat geen verbranding in stand kan houden. In de norm IEC 60598-1 worden stoffen zoals metaal, gips en beton als niet-brandbaar beschouwd. vlambaar oppervlak of enkel voor een installatie op niet-brandbare oppervlakken. Bij deze classificatie maakt men een onderscheid tussen : armaturen die ontworpen werden voor een rechtstreekse installatie op een normaal ontvlambaar oppervlak. Voor deze klasse is geen enkel symbool vereist armaturen die niet ontworpen werden voor een rechtstreekse installatie op een normaal ontvlambaar oppervlak. Op dergelijke armaturen moet steeds één van de symbolen uit tabel 6 aangebracht worden. Men hanteert een gelijkaardige aanpak voor armaturen die niet bekleed mogen worden met een thermisch isolatiemateriaal. De benadering die gebruikt wordt voor deze markering vertoont een aantal verschillen ten opzichte van de vroegere. Zo volgt de nieuwe benadering de IEC-filosofie die ervan uitgaat dat alle producten moeten beantwoorden aan de strengste eisen en waarbij de bijkomende informatie en markeringen enkel opgegeven worden voor de eisen waaraan het product niet voldoet. Concreet betekent dit dat een product enkel een negatieve markering kan krijgen, die de gebruiker informeert over een eventuele gebruiksbeperking. Hoewel de oude markering met het F-symbool in een omgekeerde driehoek in de praktijk nog steeds gehanteerd wordt, wordt deze in de nieuwe versie van de norm niet langer beschouwd. Daarnaast bestaan er nog een aantal andere classificaties voor armaturen die verschillende eigenschappen hanteren. Deze zijn niet opgenomen in de norm IEC 60598-1, maar komen hierna kort aan bod. 4 Bescherming tegen mechanische schokken (IK-index) De beschermingsgraad van omhulsels van elektrisch materieel tegen uitwendige mechanische schokken wordt uitgedrukt met de IK-index, die vastgelegd wordt in de norm NBN EN 50102 (1995) en haar addendum uit 1999. De twee kenmerkende cijfers van de IK-index geven informatie over de schokenergie waaraan kan weerstaan. Indien deze index aangebracht wordt op een armatuur, geeft deze aan dat zonder verlies van zijn basisfuncties weerstand kan bieden aan een mechanische schok met de vermelde energie. Concreet betekent dit dat : de lichtbron intact moet blijven de IP-index niet mag wijzigen de elektrische veiligheid van permanent gewaarborgd moet blijven. De IK-aanduiding omvat 11 indexen, gaande van 00 tot 10. Tabel 7 geeft een overzicht van de verschillende beschermingsklassen tegen mechanische schokken en de schokenergie die ermee overeenstemt. In de aanduiding IK05 staat IK voor de letters van de index en 05 voor de groep kenmerkende cijfers. Deze code geeft aan dat de beschouw zonder verslies van zijn basisfuncties (lichtbron, IP-index en elektrische veiligheid) weerstand kan bieden aan een schok met een energie van 0,7 joule. 5 Ontvlambaarheid De ontvlambaarheid van een armatuur wordt gekenmerkt door de gloeidraadtest. Deze proef, die beschreven wordt in de norm IEC 60695-2-11 (2001), laat toe de weerstand van een materieel tegen ontbranding te achterhalen door het in contact te brengen met een gloeidraad die een bepaalde temperatuur vertoont. Dankzij deze proef kan men, met name voor armaturen die elementen uit kunststof bevatten, voorspellen of en/of zijn omhulsel zodanig kunnen ontvlammen dat de interne onderdelen loskomen. De informatieve bijlage bij de norm IEC 60695-2-11 bevat referentiewaarden voor de tijdens de gloeidraadtest te hanteren temperaturen, naargelang van de toepassing van het beschouwde materieel. IK-index Schokenergie [J] 00 (*) 01 0.14 02 0.2 03 0.35 04 0.5 05 0.7 06 1 07 2 08 5 09 10 10 20 (*) Geen bescherming volgens de norm NBN EN 50102. Tabel 7 Beschermingsgraad tegen uitwendige mechanische schokken (IK-index). WTCB-Dossiers Nr. 2/2009 Katern nr. 9 pagina 4

TC hygrothermie Materieeltype Onderdelen uit isolatiemateriaal Elementen die in contact staan met de geleidende delen of die deze delen op hun plaats houden Omhulsels en deksels die geen geleidende delen op hun plaats houden Materieel voor gebruik onder toezicht 650 C 650 C Materieel voor gebruik zonder toezicht, maar onder minder strenge voorwaarden 750 C 750 C Materieel voor gebruik onder toezicht, maar onder strengere voorwaarden 750 C 750 C Materieel voor continu gebruik zonder toezicht 850 C 850 C Materieel voor continu gebruik zonder toezicht, maar onder strengere voorwaarden 960 C 960 C Vaste toestellen voor elektrische installaties 750 C 650 C Materieel dat ontworpen werd voor gebruik nabij het hoofdverdeelbord van een gebouw Om een minimaal ontvlambaarheidsniveau te waarborgen van de onderdelen die kunnen bijdragen tot het brandrisico of tot de verspreiding van het vuur door hun toedoen. Deze onderdelen worden op geen enkele andere wijze beproefd (om zeer licht ontvlambare materialen uit te sluiten) 960 C 750 C 550 C 550 C Tabel 8 Richtlijnen voor de gloeidraadtest. De norm IEC 60598-1 stelt dat bepaalde onderdelen van de armaturen moeten voldoen aan een gloeidraadtest bij 650 C. Deze eisen betreffen meer bepaald de onderdelen uit isolatiemateriaal die geen actieve elementen op hun plaats houden, maar wel de bescherming tegen elektrische schokken verzekeren en de onderdelen uit isolatiemateriaal die elementen op ZLVS op hun plaats houden. Elke eventuele ontvlamming of gloeiing van het proefstuk moet binnen de 30 seconden nadat de gloeidraad van het proefstuk verwijderd werd gedoofd zijn en geen enkele vuur- of smeltdruppel mag de laag zijdepapier die onder het proefstuk uitgespreid werd, doen ontvlammen. Deze eisen zijn niet van toepassing indien de armatuur uitgerust is met een efficiënte bescherming tegen het vallen van vuurdruppels, of indien het isolatiemateriaal uit keramiek bestaat. Lampenbollen, lampenkappen en gelijkaardige elementen die geen isolatiefunctie hebben en die niet voldoen aan de gloeidraadtest bij 650 C, moeten zich op een voldoende afstand van de warme onderdelen van bevinden om te vermijden dat deze de voornoemde elementen zouden verhitten tot op hun ontvlamtemperatuur. Om deze afstand (minstens 30 mm) te bewaren, dienen deze elementen uit ontvlambaar materiaal voorzien te zijn van aangepaste bevestigingen of aansluitingen. 6 Voorschriften Het Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties (AREI) inzake huishoudelijke elektrische installaties legt eisen op in verband 2,25 m (A < 0,15 m) 2,25 m (A > 0,15 m) A Volume 1 Volume 0 Volume 2 Volume 3 Vol. 1 2,25 m (A < 0,15 m) 2,25 m (A > 0,15 m) A Vol. 0 Vol. 2 Vol. 3 Afb. 1 Voorstelling van de vier volumetypes in een vochtige ruimte (bv. badkamer). WTCB-Dossiers Nr. 2/2009 Katern nr. 9 pagina 5

TC Hygrothermie met de bescherming tegen elektrische schokken. Zo verbiedt dit reglement armaturen van klasse 0 en verplicht het armaturen van klasse 2 voor badkamers. Naast deze eisen in verband met elektrische schokken, legt het AREI ook verplichtingen op inzake de IP-index van armaturen in badkamers. Deze verplichtingen hangen af van de positie van in de ruimte en zijn zeer streng, gelet op het feit dat het menselijke lichaam een zeer zwakke weerstand vertoont indien het vochtig of ondergedompeld is en er bijgevolg een hoog risico op elektrocutie ontstaat. Tabel 9 geeft een overzicht van de verplichtingen voor de vier volumes die in het AREI onderscheiden worden (zie afbeelding 1). Voor niet-huishoudelijke toepassingen variëren de eisen voor de bescherming van armaturen gevoelig volgens de behoeften. In dit dossier gaan we hier niet verder op in, maar geven we ter informatie wel enkele eisen weer die vaak gehanteerd worden voor kantoorgebouwen : klasse I IP-beschermingsindex IP20 IK-beschermingsindex IK04 inbouwarmaturen die ontworpen werden voor een installatie in/op een normaal ontvlambaar oppervlak en waarbij bedekt mag worden met een thermisch isolatiemateriaal. n Volume Volume 0 Volume 1 Volume 2 Volume 3 Voeding ZLVS 12 V AC Minimale IPklasse IPX7 ZLVS 6 V AC IPXX Beschrijving het materieel tegen de gevolgen van een tijdelijke onderdompeling in water ZLVS 12 V AC IPX4 het materieel tegen waterprojecties ZLVS 6 V AC IPXX Armatuur (hoogte minstens 1,6 m) LS IPX4 IPX1 ZLVS 12 V AC IPXX het materieel tegen waterprojecties het materieel tegen verticaal vallende waterdruppels Tabel 9 Verplichtingen voor de vier volumes die in het AREI onderscheiden worden voor een vochtige ruimte. t Literatuurlijst 1. AIB Vinçotte Huishoudelijke elektrische installaties. Vilvoorde, Vinçotte Academy, 2005. 2. Bureau voor normalisatie NBN C 20-529 Beschermingsgraden gegeven door de omhulsels (IP-code). Brussel, NBN, 1992. 3. Bureau voor normalisatie NBN C 20-529/A1 Beschermingsgraden gegeven door de omhulsels (IP-code). Brussel, NBN, 2000. 4. Bureau voor normalisatie NBN EN 50102 Beschermingsgraden van omhulsels van elektrisch materieel tegen uitwendige mechanische stoten (IK-codering). Brussel, NBN, 1995. 5. Bureau voor normalisatie NBN EN 50102/A1 Beschermingsgraden van omhulsels van elektrisch materieel tegen uitwendige mechanische stoten (IK-codering). Brussel, NBN, 1999. 6. Bureau voor normalisatie NBN EN 60598-1 Verlichtingsarmaturen. Deel 1 : algemene eisen en beproevingen. Brussel, NBN, 2005. 7. Bureau voor normalisatie NBN EN 60598-1/A1 Verlichtingsarmaturen. Deel 1 : algemene eisen en beproevingen. Brussel, NBN, 2007. 8. International Electrotechnical Commission IEC 60529 Degrees of protection provided by enclosures (IP Code). Genève, IEC, 2001. 9. International Electrotechnical Commission IEC 60598-1 Luminaires. Part 1 : general requirements and tests. Genève, IEC, 2008. 10. International Electrotechnical Commission IEC 60695-2-11 Fire hazard testing. Part 2-11 : glowing/hot-wire based test methods. Glow-wire flammability test method for end-products. Genève, IEC, 2000. WTCB-Dossiers Nr. 2/2009 Katern nr. 9 pagina 6