www.variotherm.at LAGE OPBOUW VLOERVERWARMING (DROOGBOUW) Variokomp Installatie Installatie-instructies e80411
Pagina 2 Inhoud 1. Veiligheidsaanwijzingen Pag. 3-4 1.1 Voorschriften Pag. 3 1.2 Garantievoorwaarden Pag. 3 1.3 Kompakt-plaat Pag. 3 1.4 Speling Pag. 4 1.5 Variomodule-buis 11.6x1.5/Alu 0.20 Pag. 4 2. Eigenschappen van de ondergrond Pag. 5-6 Pag. 6-7 2. 1 Droogheid van de ondergrond Pag. 5 2.2 Gelijkmatigheid van de ondergrond Pag. 5 2.3 Dragend vermogen van de ondergrond Pag. 5 2.4 Voorbeelden van vloerstructuren Pag. 6 3. Installatie Pag. 7-15 8-16 3. 1 Randstrookisolatie Pag. 7 3. 2 Dilatatievoegen Pag. 7 3. 3 Kompakt-platen Pag. 8 3.4 Variomodule-buis 11.6x1.5/Alu 0.20 Pag. 10 3.5 Het aansluiten van de Variotherm-buizen (persaansluiting) Pag. 13 3. 6 Kompakt-vulmassa Pag. 15 4. Vloerdeklaag Pag. 16-20 4.1 Tegels Pag. 17 4.2 Houtafdekking, parket en laminaat Pag. 18 4.3 Linoleum of tapijt Pag. 19 5. Dichtheidsproef & ingebruikneming Pag. 21
Veiligheidsaanwijzingen Pagina 3 1.Veiligheidsaanwijzingen 1.1 Voorschriften Neem de plaatselijk geldende voorschriften en normen voor elektrische installaties, verwarming sinstallaties, vloerbedekkingwerkzaamheden en droge vloerconstructies in acht. 1.2 Garantievoorwaarden Indien een verwarmingsysteem onjuist is geïnstalleerd of onjuist in gebruik is genomen, vervalt de aansprakelijkheid van de fabrikant en heeft u niet langer recht op garantie. 1.3 Kompakt-plaat De Kompakt-plaat is een 18 mm FERMACELL gipsvezelplaat die op pallets wordt geleverd. Let u dus op het dragend vermogen van de plek waar ze worden neergezet. Een afzonderlijke plaat weegt 10.8 kg (50 stuks/pallet). De Kompakt-platen moeten altijd plat op een egaal oppervlak worden verlegd. Ze moeten tegen vuil en vooral regen worden beschermd. Platen die tijdelijk vocht hebben opgenomen, mogen alleen worden gebruikt nadat ze volledig gedroogd zijn. Sla de Kompakt-platen altijd met de noppenzijde naar boven op. Zo tilt, draagt en legt u de afzonderlijke Kompakt-platen foutloos: Belangrijk: Draag afzonderlijke platen in uw eentje, anders kunnen ze in het midden breken. Het optillen, dragen en neerleggen van meerdere platen: Het vervoeren van vijf of meer platen tegelijkertijd moet door twee mensen worden gedaan. U legt de Kompakt-platen eerst op één kant op de grond. Vervolgens laat u de tweede kant zakken. Verticale opslag leidt tot vervorming van de platen en schade aan de randen. Het is mogelijk om de platen binnen het gebouw horizontaal met een vorkheftruck of ander plaattransportvoertuig te vervoeren.
Pagina 4 Veiligheidsaanwijzingen 1.4 Speling Vulmassa Vloerafdekking Kompakt-plaat Bouwfolie Ondergrond 1.5 Variomodule-buis 11.6x1.5/Alu 0.20 De Variomodule-buis is een 5-laagse buis met aluminiumlagen (100% diffuusdicht). Deze is leverbaar in rollen van 250 meter, in karton verpakt. Om te voorkomen dat de Variomodule-buis tijdens de bouwactiviteiten als gevolg van boren of beitelen wordt beschadigd, moeten er op geschikte plaatsen duidelijk zichtbaar waarschuwingstekens worden aangebracht (zie ook pagina 5). De Variomodule-buis is in beperkte mate weerbestendig en moet tegen direct zonlicht worden beschermd. De Variomodule-buis mag niet buiten worden opgeslagen. Normale tussentijdse opslag op de bouwplaats voor enkele dagen is toegestaan. Tijdens opslag, transport, ontladen, afrollen en verleggen moet schade worden voorkomen; dit type beschadiging heeft een nadelig effect op de diffuusdichtheid van de buis. De verpakking moet met de hand worden geopend en niet met scherp gereedschap. Reeds geopende rollen dienen met tape bij elkaar te worden gebonden.
Eigenschappen van de ondergrond Pagina 5 2. Eigenschappen van de ondergrond De Kompakt-plaat is uitsluitend geschikt als buisdrager en warmtegeleidingselement. De eventuele constructieondersteuning, hitte- en contactgeluidisolatie en bescherming tegen vocht (dampdichte PE-folie) moeten reeds onder de Kompakt-plaat in de constructie voorzien zijn. De kamers moeten vet- en stofvrij, opgeruimd en droog zijn. Gipsresten en metselspecie moeten verwijderd worden. Om schade te voorkomen moeten alle vakmensen die werkzaamheden uitvoeren, van de installatie van een vloerverwarming op de hoogte gesteld worden. U kunt hiertoe informatiebordjes op de bouwplaats ophangen. Deze bordjes worden beschikbaar gesteld door Variotherm en zijn te downloaden via www.variotherm.at (Service/Infocenter). 2.1 Droogheid van de ondergrond De ondergrond moet droog, stof- en vetvrij zijn. Het restvocht mag niet meer zijn dan maximaal 1.0% CM. 2.2 Gelijkmatigheid van de ondergrond De vereiste gelijkmatigheid is als volgt (E-NORM DIN 18202): Meetafstand tussen twee punten Meetpersoneel hoogte Meetafstand tussen twee punten 0,1 Hoogte maximaal m 1 mm 1 m 4 m 10 m 3 mm 9 mm 12 mm 2.3 Dragend vermogen van de ondergrond Het draagvermogen in onderstaande tabel is vereist. Indien er meerdere puntlasten zijn, moeten deze minstens 500 mm uit elkaar staan. Let op: de som van de puntlasten mag niet boven het maximaal toegestane draagvermogen van de vloer komen! Vooral zware voorwerpen, zoals een aquarium of een badkuip, verdienen extra aandacht. 100 x 100 mm (10.000 mm 2 ) > 250 mm Maximale vervorming Vm met 100 kg op 100 x 100 mm. g Ruimtegebruik volgens DIN 1055-3 Kamers en overlopen in woningen, ziekenhuiskamers, hotelkamers waaronder bijbehorende keukens en badkamers Categorie A2/A3 Overlopen in kantoorgebouwen, kantoorruimtes, medische ruimtes, stationruimtes, wachtruimtes inclusief overlopen Categorie B1 Overlopen in ziekenhuizen, hotels, ouderenwoningen, internaten etc., keukens en behandelingsruimtes waaronder toneeloefenruimtes zonder zware machines Categorie B2 Ruimtes met reeds aanwezige zittingen; bv. kerken, theaters of bioscopen, hallen voor lezingen, vergaderruimtes, wachtruimtes Categorie C2 Max. puntlast [kn] Max. nuttige belasting [kn/m] Max. vervorming V [mm] 1,0 1,5 1,5 2,0 2,0 1,0 3,0 3,0 1,0 4,0 4,0 - (vloerstructuren op verzoek)
Pagina 6 Eigenschappen van de ondergrond 2.4 Voorbeelden van vloerstructuren Variokomp-vloerverwarming op een bestaande ondergrond Randstrook isolatie met overlappingfolie ** Vloerdeklaag (tegels, parket, etc.) Vu lm as s a Variokomp Bouwfolie Afgewerkte betonvloer Warmte-isolatie / contactgeluidisolatie Ruimtegebruik A2/A3 + B1/B2 + C2 ** volgens paragrafen 2.1/2.2/2.3 Variokomp-vloerverwarming rechtstreeks op drukvaste isolatie Randstrook isolatie met overlappingfolie ** Randstrook isolatie met overlapping folie ** Vloerafdekking (tegels, parket etc.) Vu lm as sa Variokomp Bouwfolie Isolatie maximaal 20 mm, drukweerstand 20t/m² bij een verdichting van 10% Afgewerkte betonvloer Warmte-isolatie / contactgeluidisolatie isolatie ** volgens paragrafen 2.1/2.2/2.3 Vloerdekking (tegels, parket, etc.) Vu lm as sa Variokomp Bouwfolie Isolatie max. 30 mm, drukweerstand 30 t/m 2 bij 10% verdichting Afgewerkte betonvloer Warmte-isolatie / contactgeluidisolatie ** volgens paragrafen 2.1/2.2/2.3 Ruimtegebruik A2/A3 * Isolatie max. 20 mm, drukweerstand 20 t/m 2 bij 10% druk: bv. Styrodur 2800C, Austrotherm universele plaat, Kingspan Styrozone, Austrotherm Uni-plaat, Jackon Jackodur CFR 300, DOW Floormate 200-A, Wedi constructieplaat, Jackon Jackoboard, PCI Pecidur, Steico Universal, Steico Underfloor, Pavatex Isolair L22, Ceresit/Cimsec CL58 Mutilegplaat PCI Polysilent, Ardex DS 40 Ruimtegebruik A2/A3 + B1/B2 * Isolatie max. 30 mm drukweerstand 30 t/m 2 bij 10% druk: bv. Styrodur 3035CS, Austrotherm XPS Top 30GK, Kingspan Styrozone H350, DOW Floormate 500-A, Jackon Jackodur CFR 300, PCI Pecidur, Jackon Jackoboard, Wedi constructieplaat, PCI Polysilent, Ceresit/Cimsec CL58 Multi-aanlegplaat Opmerking: Zwart = XPS-plaat, Blauw = XPS-plaat met gepleisterd vlechtwerk aan beide kanten, Rood = houten vezelplaat, Groen = contactgeluidisolatieplaat Variokomp-vloerverwarming op een lastverdelingslaag Een lastverdelingslaag is noodzakelijk voor de isolatiedikte: > 30 mm wanneer u warmte-isolatie met een drukwaarde v. 20 t/m 2 bij 10% verdichting gebruikt. Randstrook isolatie met overlappingfolie ** Deklaag vloer (tegels, parket etc.) Kompakt-vulmassa Variokomp Bouwfolie (niet vereist indien u Fermacell droge estrich gebruikt) Bv 19 mm spaanplaat (V100) of 18 mm OSB (spaanplaat), messing en groefverbinding of Fermacell estrich Warmte/contactgeluidisolatie ** volgens paragrafen 2.1/2.2/2.3 Kamergebruik A2/A3 + B1/B2
Pagina 7 Installatie 3. Installatie 3.1 Randstrookisolatie Voordat de vloerverwarming wordt gelegd, wordt de randstrookisolatie langs de buitenmuren aangebracht alsmede rond objecten als zuilen, trappen, deurkozijnen, posten en schachten. Randstrookisolatie die is gemaakt van dun geprofileerd hout/karton is ongeschikt. Volgens E-NORM EN 1264-4 moet de randstrookisolatie minstens 5 mm kunnen uitzetten. De randstrookisolatie moet beginnen bij de dragende ondergrond (of de onderste rand van de topisolatie) en eindigen bij de bovenste rand van de deklaag. Indien dit vanwege de constructie niet Randisolatiestrip Zelfklevende overlappingfolie Bijvoorbeeld Fermacell estrich vloerplaat Warmte- of contactgeluidisolatie mogelijk is, moet de randstrookisolatie ten minste beginnen bij de onderste rand van de Kompakt-plaat en eindigen bij de bovenrand van de deklaag. De folie van de randstrookisolatie zit met een plakstrook aan de constructiefolie vastgeplakt. Nadat de bovenste deklaag is afgewerkt, wordt de uitstekende rest van de randstrookisolatie verwijderd (door deze naar beneden te vouwen). 3.2 Dilatatievoegen Om wijzigingen in lengte spanningloos op te vangen is het nodig om uitzetvoegen (bijvoorbeeld met de randstrookisolatie) in de vloerconstructie in te bouwen. Dit dienen architect of planner te bepalen. 8 m 8 m
Pagina 8 Installatie Randverhouding maximaal 1:2 Maximale grootte met een opp. 40 m 2, maximale randlengte van 8 meter Houdt u het nummer van de buisdoorvoeren door de uitzetvoegen zo klein mogelijk. Het is niet nodig om de buisdoorvoer te bemantelen. Vooral bij keramische deklagen zijn dilatatievoegen belangrijk. Het is cruciaal dat de dilatatievoegen in alle lagen harmonisch lopen (Variokomp-vloerverwarming en vloerdeklagen). Elastische voegmassa 6-10 mm Bv. randstrookisolatie Elastische voegmassa Bv. randstrookisolatie Toekomstige BREUK Buisdoorvoer door de uitzetvoeg (geen mantel vereist) Vlakbij de deur wordt de dilatatievoeg tussen het kozijn geplaatst en de leiding wordt er eenmalig doorgevoerd. Randstrookisolatie Deurkozijn Muur Uitzetvoeg 3.3 Kompakt-platen Wanneer de Kompakt-platen worden gelegd, mag de gemiddelde dagelijkse relatieve vochtigheid niet boven de 70% komen. De vloer moet vet- en stofvrij, schoon en droog zijn. Het oppervlak moet volledig toegankelijk, droog, stof- en vetvrij zijn. De onderstructuur moet voldoende draagvermogen hebben, zie deel 2. In onverwarmde gebieden worden blanke platen in plaats van Kompakt-platen toegepast, bijvoorbeeld onder keukens.
Pagina 9 Installatie Mogelijke legpatronen van de Kompakt-platen: De Kompakt-platen zijn in de lengte, kruiselings, van rand tot rand ingericht, 200 mm verspringend. In lengterichting ingericht ) Vermijd kruisvoegen 200 mm overlap Het gebied voor het verdeelstation moet vanwege de toevoerbuizen vrijgelaten worden (de buizen liggen dicht bij elkaar). Spreid een 0.1 mm dikke bouwfolie uit en leg het met een overlap van 200 mm onder de aangrenzende Kompakt-plaat. De Variorail 11.6/77 kan worden bevestigd om de toevoerbuizen op de plaats te houden. Variorail 11.6/77 T o e v o e r b u i s : Variomodule-buis 11,6x1,5/Alu 0.20 0,1 mm bouwfolie Nadat de buizen gelegd zijn, wordt het gebied om de toevoerbuizen volledig met vulmassa opgevuld (zie 3.6). Circuit 4 Verdeelstation Circuit 1 Circuit 5 Circuit 3 Kompakt-vulmassa Vul het gebied aan de voorkant van het verdeelstation met vulmassa op Circuit 2
Pagina 10 Installatie 3.4 Variomodule-buis 11.6x1.5/Alu 0.20 BELANGRIJK:. Maximale buislengte per verwarmingcircuit inclusief toevoerbuizen: 80m (let op het pompontwerp) Vereisten voor een onderlinge buisafstand van 100 mm: 10 m/m 2. Als leidraad zitten er markeringen na elke meter op de Variomodule-buis (0 tot 250 m). Let erop dat de groef schoon is! Het leggen van de Variomodule-buis: De Variomodule-buis 11.6x1.5/Alu 0.20 loopt zonder bochten van de verdelerbuis voor de warmteverdeling naar de betreffende kamer. Let u erop dat u ook de buislengtes van de vloer naar het aansluitpunt voor het verdeelstuk voor de verdeling telt. De Variomodule-buis wordt tussen de noppen van de Kompakt-platen met een onderlinge afstand van 100 mm of 200 mm geplaatst. Een onderlinge afstand van 200 mm is niet geschikt voor woonkamers of ruimtes voor blote voeten. Let op: buig de buis niet! Bij kamertemperaturen boven +5 C is handmatig buigen zonder te verwarmen mogelijk. Bij lagere temperaturen moet de Variomodule-buis voorverwarmd worden. U kunt de Variomodule-buis makkelijk leggen terwijl u loopt: duw de buis met een vlakke schoenzool tussen de noppen. Voeg de meerdere bochten handmatig na elkaar erin. Nadat het warmtecircuit gereed is gekomen, gaat de Variomodule-buis naar het verdeelstation voor de warmteverdeling terug, wordt op de juiste plaats afgeknipt en ingesteld. Distributie en regeling Details met betrekking tot tot het systeem, de warmtecircuitbuizen en de regeling voor de kamertemperatuur staan in de planner "Distributie en regeling" en de installatiehandleiding.
Installatie Pagina 11 Peripheral zone Bifilair systeem Onderlinge afstand buizen: 100 mm Verdeelstation Retour 302040 C1050 60 doorstro ming Verloop vanaf het verdelerstuk Toevoerbuis: 302040 C1050 60 Variomodule-buis 11.6x1.5/Alu 0.20 Meander systeem Voorbeeldindeling Bifilair systeem: Een gelijkmatige verdeling van de oppervlaktetemperatuur omdat de doorstroming naast de retour is geplaatst. Meander systeem: Minder gelijkmatige verdeling van de oppervlaktetemperatuur voor kleine - en bijkamers en onbelangrijke ruimtes.
Het controleren van de buisinstallatie: Fout: De Variomodulebuizen steken uit het niveau van de Kompaktplaat. Bv. waterpas/meetlat Goed: Alle Variomodulebuizen liggen op het niveau van de Kompaktplaat.
Installatie Pagina 13 3.5 Het aansluiten van de Variotherm-buizen (persaansluiting) Als de platen en de verwarm/koel-verdeelstations eenmaal geïnstalleerd zijn, worden de platen op de gewenste circuits aangesloten. De voorgeïsoleerde Variomodule-buis 16x2/Alu 0.25 wordt als aanvoerbuis gebruikt. Opmerking Indien alleen originele Variotherm-systeemcomponenten worden gebruikt, is een permanente, stevige verbinding gegarandeerd: Variomodule-buis 11,6x1,5/Alu 0.20 Kalibreer- en afkantgereedschap van Variotherm Perskoppelingen en bijbehorend persgereedschap van Variotherm Onderhoud De persbekken en het persgereedschap moeten minstens eenmaal per jaar door REMS of bevoegde servicemedewerkers van REMS op een correcte werking worden gecontroleerd. Voorbereiding Knip de buis tot de juiste hoeken met de as van de buis Gebruik kalibreer- en afkantgereedschap om de buis op maat te maken Schuif deze op de persgebonden koppeling 11,6x1,5/ Alu 0.20 1 2 3 Tot de aanslag (visuele controle door het gat) Persprocedure voor de AkkuPress 4a Druk de persgebonden bekken hier (open) REMS AkkuPress REMS R C o n t r o l e e r o f d e p e r s g e b o n d e n b e k k e n v o l l e d i g g e s l o t e n z i j n! 0 G S M 5 6 Knijp de persbekken (Z) met de hand samen (persbekken open), ver genoeg zodat de persbekken over de perskoppeling 5 kan worden geschoven. Plaats de perstang met de persbekken op de juiste hoeken tot de as van de buis op de perskoppeling komt. Maak de persbekken los zodat ze nauw om de perskoppeling 5 passen. Houd de perstang bij de behuizinggreep (G) en bij de motorgreep (M) vast. Wanneer u een REMS AkkuPress gebruikt, houdt u de schakelaar (S) dan ingedrukt totdat de persgebonden bekken helemaal dicht zijn. Dit wordt d.m.v. een hoorbare klik duidelijk gemaakt 6. Druk op de instelhandel (R) totdat de drukrollers (P) volledig zijn ingetrokken. Knijp de persbekken (Z) met de hand samen zodat de bekken van de perskoppeling kunnen worden verwijderd (zie ook de bedieningshandleiding van de REMS AkkuPress).
Installatie Pagina 14 De volgende situaties moeten worden voorkomen (gevaar voor het stuk gaan van de perstang) Drukprocedure voor de handperstang 4b B e l a n g r i j k : Kijk goed dat de persgebonden bekken volledig gesloten zijn! 0 4b A B C 5 6 De handellengte van het drukgereedschap kan worden ingesteld om zich zo aan de drukkracht en de beschikbare ruimte op de plaats aan te passen. Gebruikt u ingerichte buisarmen met moffen voor verlengen. Draai de buisarmen altijd stevig vast voordat u ze gebruikt (pas op voor ongelukken!). Beveilig de gekozen persbekken met inplug borgbouten. Trek de buisarmen ver genoeg uit elkaar (de persbekken open) zodat de persbekken over de perskoppeling 5 kunnen worden geschoven. Let erop dat de persbekken op de juiste hoeken tot de buisas worden gehouden wanneer deze over de perskoppeling worden geschoven. Druk de buisarmen samen totdat ze de aanslagpositie (C) bereiken (u hoort een klikgeluid wanneer dit is gebeurd). Alleen wanneer de persbekken bij (A) en (B) volledig gesloten zijn, is er een correcte drukverbinding gerealiseerd (visuele controle 6). Maak de buisarmen weer open zodat de bekken van de perskoppeling kunnen worden verwijderd. Indien er pasklare verbindingen zijn, maak dan een inkeping in de Kompakt-plaat met een houtbeitel. De pasklare verbinding moet volledig op het niveau van de Kompakt-plaat liggen. 1. Maak een inkeping voor de perskoppeling 2. Leg de perskoppeling erin 3. Vul met vulmassa (zie 3.6)
Pagina 15 Installatie 3.6 Kompakt-vulmassa Voordat u de vulmassa toevoegt, moet een drukproef op alle relevante warmtecircuits worden uitgevoerd. We adviseren om de Variomodule-buizen onder waterdruk te houden wanneer u de vulmassa toevoegt. De werktemperatuur moet minstens +5 C zijn. Droog, stofvrij, vetvrij Minst. +5 C 2 25 kg Kompaktvulmassa (= één zak) Deklaag: 6 kg/m 2 3 1 8-9 liter koud water (max. 15 C) Max. 600 rpm 4 5 Het aanbrengen van de zelfspreidende Kompakt-vulmassa (niet zelfegaliserend) Houdbaarheid emmer 20 minuten Gebruik de verdeelspaan om de vulmassa te verspreiden over de vloer Verdeelspaan 6 Houdbaarheid emmer 20 minuten Kan overheen worden gelopen na ongeveer 2 uur (20 C) / 4 uur (10 C)
Vloerdeklaag Pagina 16 Vloerdeklaag De vloerdeklaag die wordt toegepast, moet geschikt zijn voor vloer verwarmingsystemen (let op de instructies van de fabrikant). Het oppervlak van de Variokomp voldoet aan DIN 18202, grenzen voor afwijkingen aan gelijkmatigheid onder hoge eisen, tabel 3, rij 4. Meetlat Onderlinge afstand meetpunten 0,1 m 1 m 4 m 10 m Hoogte max. 1 mm 3 mm 9 mm 12 mm Voordat u de vloerdeklaag legt, moet de Variokomp-vloerverwarming volgens onderstaande tabel worden gedroogd: Vloerdeklaag (let op de instructies van de fabrikant!) Stenen en keramische deklagen (dunne laag, zoals tapijt of Droogtijd zonder verwarmen bij t i = 20 C Droogtijd met verwarmen bij t f = 40 C, t i = 20 C Tijd CM-waarde Tijd CMwaarde 144 uur 1,3 % 24 uur 1,3 % linoleum) Houten deklaag, parket 192 uur 0,3 % 36 uur 0,3 % CM-vochtmeter *Nadat u de vulmassa heeft aangebracht, moet u bij 20 C minstens drie uur wachten voordat u met het verwarmproces begint. Toepassing in natte ruimtes: Groep gebruiksvoor- Welke ruimte? Lijmmortel Afdichtsysteem Primer schriften (EN B 2207) met tegeldeklagen W1 Verblijfssector: toiletten, overlopen, trappen Flexibele anhydride lijmmortel Flexibele cement lijmmortel Niet vereist Niet vereist Niet vereist Vereist W2 W3 W4 Verblijfsgedeelte: keuken Commercieel gedeelte: toiletsystemen Verblijfssector: sproeiwatergebieden in doucheruimtes en badkamers Commercieel gedeelte: keukens, douchesystemen Alleen flexibele Aanvullend aan het afdichtsysteem, indien cement Aanbevolen dit door de fabrikant lijmmortel wordt aanbevolen Alleen Aanvullend aan het afdichtsysteem, indien flexibele cement Aanbevolen dit door de fabrikant lijmmortel wordt aanbevolen Geen Variokomp-vloerverwarming mogelijk Kijkt u voor productvoorbeelden van primer of afdichtsysteem op onze website www.technea.nl.
Muur van de badconstructie Pagina 17 Deklaag vloer De grenzen tussen Kompakt-platen en blanke platen: Bedek de grenzen met een glasvezeldoek (4 x 4 mm) met een overlapping van 200 mm (verbinding met tegellijm). Glasvezeldoek 4x4 mm Blanke platen 200 mm 4 mm Afgewerkte laag en ingelegde Variokomp-vloerverwarming 4.1 Tegels Zie ook de toegepaste normen voor het leggen van tegels, platen en mozaïeken. Punten waarop u dient te letten: Het oppervlak moet vrij van stof zijn. Er moeten afdichtsystemen worden toegepast aan oppervlakken die bestand zijn tegen vochtinvloeden. Grenslijnen van muren moeten met geschikte afdichttape worden afgedicht. Waterdichte afdichttape Naaddichting silicoon Tegels op een flexibele lijm en mogelijk met glasvezeldoek Schuimvullend materiaal Afdichting Bouwfolie Voorbeeld: Betegelde vloer die aan de effecten van vocht onderhevig is (W2/W3) Randstrook isolatie met opgelaste folie Variokomp-vloerverwarming Er wordt een flexibele lijm gebruikt om de tegels te zetten. Er moet een primer worden aangebracht indien dit door de lijmfabrikant wordt vereist. Dit is vooral bij flexibele cementlijmen het geval. Voor het injecteren moet flexibele injectiemortel worden gebruikt. Nadat de tegels gelegd zijn, moeten de muurgrenzen nog eens extra met siliconen worden afgedicht. Bij moeilijke vloerstructuren adviseren we om een 4 x 4 mm glasvezeldoek in de flexibele lijmlaag te leggen.
muur muur Pagina 18 Vloerbedekking 4.2 Houten afdekking, parket en laminaat Leg alleen vloerbedekkingen die door de fabrikant zijn goedgekeurd voor het gebruik met vloerverwarmingsystemen. Let op de leginstructies van de fabrikant. Zwevende toepassing: De laminaat/parketdeklaag is op een zwevende onderlaag voor de Vloerplint Bv. laminaat/parket Randvoegen minstens 10 mm Variokompvloerverwarming vloerverwarming gelegd (maximaal 2 mm). Let erop dat u in de muur en tussen alle andere bevestigde onderdelen ruime Onderlaag randvoegen laat. De randvoegen moeten minstens 10 mm zijn. Randstrook isolatiestrip met opgelaste folie ** ** Vloerstructuur volgens de paragrafen 2.1/2.2/2.3 Het parket kan onder de volgende voorwaarden op de Variokomp- Opgelijmd parket: vloerverwarming worden gelijmd: Hechtlaag Randstrook isolatiestrip met opgelaste folie Vloerplint Randvoegen minstens 10 mm Bv. 3-laags parket Variokompvloerverwarming ** Maximale doorstromingtemperatuur van 40 C (maximum temperatuurbegrenzer vereist!) Verbinding met bv. Mapei Ultrabond P990 1K (zonder primer) of soortgelijke lijm ( p r i m e r v o l g e n s s p e c i f i c a t i e s v a n d e l i j m f a b r i k a n t ) 2 of 3-laags parket, goedgekeurd voor gebruik met vloerverwarmingsystemen (ook vastgeplakt parket) zonder verbinding in de messing en groef, dikte parket: 9 tot maximaal 15 mm. **Vloerstructuur volgens de paragrafen 2.1/2.2/2.3 Het parket is rechtstreeks op het Variokomp-systeem gelijmd. We adviseren om geen extra ontkoppelingsmateriaal te gebruiken.
Pagina 19 Vloerdeklaag 4.3 Linoleum of tapijt Bij zachte vloerdeklagen wordt een vloeregalisatiemassa op anhydride-basis van minstens 4 mm dik over de afgewerkte Variokomp gelegd.
muur Pagina 20 Vloerdeklaag Neem voor de vereiste primer of dichtingproduct van het Variokomp-oppervlak en van de geplande vloeregalisatiemassa de relevante instructies van de fabrikant in acht. Vloerplint Randstrookisolatie strip met opgelaste folie Linoleum of vloerbedekking Anhydride vloer egalisatiemassa, min. 4 mm Zachte onderlaag Primer Vulmassa Vloerdeklaag Var ioko mp - vlo erv erw arm ing ** Vloerstructuur volgens de paragrafen 2. 1/2. 2/2.3 Linoleum Neemt u voor productvoorbeelden voor grondverflaag en anhydride vloeregalisatiemassa contact op met Technea of uw leverancier. Vloeregalisatiemassa Afgewerkt Variokompoppervlak, met primer
Dichtheidsproef & ingebruikneming Pagina 21 Dichtheidsproef en eerste ingebruikneming Bouwproject: Opdrachtgever/huurder: Aanbesteder: Verwarmingsinstallateur: Architect: Overige: Dichtheidsproef Nadat de Variotherm Variokomp-vloerverwarming systeemcircuits zijn geïnstalleerd, worden die met behulp van een waterdrukproef op dichtheid getest. De waterdruk moet twee keer de werkdruk zijn (min. 6 bar). Indien er een risico voor bevriezen bestaat, dienen er passende maatregelen te worden getroffen. U kunt dan bijvoorbeeld denken aan het gebruik van antivries en temperatuurcontrole van het gebouw. > Voltooiing installatie van de Kompakt-platen inclusief aansluitingen en verbinden van buizen op: > Start van de druktest op: > Einde van de druktest op: > Kompakt-vulmassa toegevoegd Start op: Met proefdruk: Met proefdruk: Voltooid op: bar bar >Het systeemwater was voorbereid volgens E-NORM H5195-1) Ja Nee >Er werd antivries aan het systeemwater toegevoegd Ja Nee >De Variokomp-vloerverwarming werd volgens deel 4 opgewarmd Ja Nee >Vloerdeklaag: tegels parket tapijt, linoleum Andere: > Vloerlegging beëindigd op op: > Start opwarmen (max. doorstromingtemperatuur van de Variokomp-vloerverwarming t v = 50 C) op: Bevestiging Opdrachtgever / huurder / aanbesteder Bouwcoördinator / architect Verwarmingsinstallateur Ingebruikneming Let erop dat de doorstromingtemperatuur (verwarmingswater) van de Variokomp-vloerverwarming niet boven de t v = 50 C komt. De hoofdafsluitkleppen bij het verdeelstation, de verwarming en de afsluiters van het verwarmingcircuit moeten geopend zijn. Het hele systeem moet grondig ontlucht worden. De circulatiepomp kan na de ontluchting worden geopend. Na de ingebruikneming kan het Variokomp-verwarmingsysteem, mits volgens de voorschriften geïnstalleerd, als onderhoudsvrij worden beschouwd. Technische wijzigingen kunnen zonder verdere berichtgeving worden doorgevoerd.
Sinds 1979 ontwikke lt, maa kt en v erkoo pt V arioth erm innova tieve, ecolo gi sche en economische v er warm - en koelo p per vl ak ken. Uw Variotherm-partner: Technea Duurzaam Pallasweg 13 8938 AS Leeuwarden Telefoon: 058 288 4739 Fax: 058 288 9298 E-mail: info@ technea.nl Website: www.technea.nl Alle rechte n vo orbe ho ude n m.b.t. gedee lte lijke of volledige ve rspre iding e n vertaling, waaro nde r film, radio, televisie, video-opname, internet, fotokopie en druk.