Rij-instructeur worden. Verkeer en Waterstaat * M «ti m
Rij-instructew worden en blijven Inhoud Inleiding De interesse Algemeen Instructiebevoegdheid Arbeidsmarktperspectieven Vooropleidingseisen Categorieën rij-instructeurs De opleiding Algemeen Inhoud van de opleiding Duur van de opleiding Kosten van de opleiding Bezit EHBO-certificaat Anti-slipcursus Leerboeken Het examen Algemeen Examenstof en -eisen Herexamen Examenreglement Rij-instructiecertificaat Kosten van het examen Klachten De praktijk 10 Algemeen De rijschoolhouder De rij-instructeur in loondienst De rij-instructeur als franchise-nemer De applicatietoets Inhoud van de applicatietoets Verlies instructiebevoegdheid Vakbladen Alle kosten voor opleiding en examen op een rij 14 Deze brochure is vervaardigd in opdracht van het ministerie van Verkeer en Waterstaat en is bestemd voor iedereen die geïnteresseerd is in het beroep van rij-instructeur. Waar in deze brochure 'rij-instructeur' of 'hij' staat, kan het zowel een vrouw als een man betreffen.
Rij-instructeur worden en blijven 3 Inleiding 'Rij-instructeur: een beroep met veel vrijheid, altijd met mensen omgaan, veelzijdigheid.' De advertenties van de opleidingen tot rij-instructeur spreken veel mensen aan. Elk jaar kiezen velen ervoor om rij-instructeur te worden en vervolgens een rijschool te starten. Maar uit het jaarverslag van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) uit 1993 blijkt dat het aantal 'starters' en 'stoppers' groot is: binnen vijf jaar houdt veertig procent van de bedrijven in de rijschoolbranche er mee op. Er zijn allerlei redenen te noemen waarom veel rijscholen er zo snel mee ophouden. Eén van de belangrijkste redenen is misschien wel een gebrek aan informatie over het beroep 'rij-instructeur' en het beginnen van een rijschool. Vandaar deze brochure. Hierin is alle relevante informatie op een rij gezet. Ook geven diverse organisaties uit de rijschool- branche 1 hun visie op de ontwikkelingen waar rij-instructeurs mee te maken hebben en krijgen. Zo kan iemand die erover denkt om rij-instructeur te worden een bewuste keuze maken. 'Op dit moment is de markt voor rijscholen overvol. Er is een scherpe prijsconcurrentie en de werkdruk van rijinstructeurs is hoog. Toch hopen we dat mensen die de kwaliteiten bezitten om een goede rij-instructeur te worden, zich niet laten weerhouden om aan een opleiding voor rij-instructeur te beginnen. Een goede instructeur is iemand die niet alleen de vereiste kennis bezit, maar vooral ook de vaardigheden heeft om deze over te brengen op anderen. Voor rij-instructeurs die echt goed les kunnen geven zijn er in de toekomst wel degelijk kansen', zo luidt de mening van Gerard van Het beleid van het ministerie van Verkeer en Waterstaat is er op gericht de verkeersveiligheid te vergroten. Het ministerie gaat er van uit dat de kwaliteit van de rij-instructie een bijdrage levert aan de uiteindelijke rijvaardigheid van de rijbewijsbezitter. Hoe beter iemand leert rijden, hoe groter de kans op verantwoord en veilig rijgedrag. Daarom geldt sinds l januari 1995 de Wet Rij-onderricht Motorrijtuigen 1993 (WRM 1993). Deze wet stelt strenge eisen aan examinering en bijscholing van rij-instructeurs. Op die manier denkt het ministerie de kwaliteit van de rij-instructie te verbeteren en daarmee het aantal verkeersongelukken te verlagen. De informatie in deze brochure is gebaseerd op die nieuwe wetgeving. Egmond, procesmanager bij de hoofdafdeling Verkeersveiligheid van het ministerie van Verkeer en Waterstaat. 'De Wet Rij-onderricht Motorrijtuigen 1993 is erop gericht de kwaliteit van de rij-instructie te verhogen. Maar ook de rijschoolbranche zélf roept om kwalitatief betere rij-instructeurs. Zo ontwikkelen de gezamenlijke branche- en verkeersorganisaties bijvoorbeeld een vrijwillige erkenningsregeling. Alleen goede rij-instructeurs zullen nog aan de kwaliteitseisen van de overheid, de branche en de consument kunnen voldoen. Over een aantal jaren hebben deze goede rij-instructeurs zichzelf waarschijnlijk geselecteerd. De markt is dan minder vol en nieuwe rij-instructeurs die aan de kwaliteitseisen voldoen, hebben weer prima kansen.' ' Achterin de brochure is een overzicht opgenomen met namen en adressen van de organisaties die in deze brochure worden genoemd.
Rij-instructeur worden en blijven De interesse 'Wij willen mensen die rijles nemen assertiever maken. Algemeen Arbeidsmarktperspectieven Ze moeten weten wat ze van hun rij-opleiding en hun rij-instructeur mogen verwachten. De kwaliteit die ze kunnen eisen moet duidelijk zijn, zodai ze daar rekening mee kunnen houden bij het kiezen van een rijschool', aldus Chris Jonker, projectleider rijopleidingen bij Veilig Verkeer Nederland. Tot voor kort kon iedereen die dat wilde rijinstructeur worden. Er werden geen vooropleidingseisen en weinig eisen aan de vakbekwaamheid van rij-instructeurs gesteld. Mede hierdoor kon het niveau van het rij-onderwijs sterk verschillen per rijschool. De WRM 1993, die per 1 januari 1995 is ingegaan, stelt strengere eisen aan de vooropleiding van rij-instructeurs en hun vakbekwaamheid. Instructiebevoegdheid Sinds 1 januari 1995 krijgt iemand die slaagt voor het examen van rij-instructeur niet meer een instructeursbewijs voor het leven, maar een rij-instructiecertificaat dat vijfjaar geldig blijft. Elke rij-instructeur moet dit certificaat bij zich hebben tijdens het geven van rijles. Op het certificaat staat aangegeven voor welke categorieën motorvoertuigen hij bevoegd is om les te geven. Om het certificaat te verlengen, moet de instructeur elke vijfjaar een applicatietoets afleggen. Deze toets is bedoeld om ervoor te zorgen dat hij zijn vakbekwaamheid op peil houdt. Iedere instructeur moet de applicatietoets met goed gevolg afleggen om rijles te mogen blijven geven. Wie rij-instructeur wil worden, moet zich goed realiseren in welke markt- en werkomstandigheden hij terecht komt. De meeste volwassenen bezitten tegenwoordig al een rijbewijs. Een rijinstructeur zal zijn klanten dan ook voornamelijk vinden onder de 18- tot 25- jarigen. Het is juist deze groep die in aantal afneemt de komende jaren. In de toekomst zal het aantal leerlingen dus dalen terwijl het aantal rijscholen alleen maar blijft stijgen. De markt voor rijscholen raakt hierdoor overvol. Momenteel zijn er te veel rijscholen actief. Om te kunnen concurreren met andere rijscholen, biedt een groot aantal rijscholen lessen aan tegen een te lage prijs. Hierdoor moet de instructeur veel uren maken om tot een redelijk inkomen te komen. Werkweken van vijftig tot zestig uur of langer zijn geen uitzondering. Vooral de rijschoolhouder die meerdere mensen in dienst heeft, maar zelf ook les geeft, blijkt onder hoge druk te staan. Rij-instructeurs in loondienst hebben minder last van de (te) hoge werkdruk. Gemiddeld werken rij-instructeurs in loondienst 49 uur, tegen 63 uur door de rijschoolhouder met personeel en 54 uur door de zelfstandige rij-instructeur 2. 2 Bron: becijferd beleid, oktober 1993.
Rij-instructeur worden en blijven Tegelijkertijd zijn er ontwikkelingen in de rijschoolbranche gaande die voor goede rijinstructeurs nieuwe kansen bieden. Een vrijwillige erkenningsregeling voor rijscholen kan bijvoorbeeld over een aantal jaren de markt voor goede rij-instructeurs verruimen. Zij beschikken niet alleen over inhoudelijke kennis, maar ook over goede onderwijskundige kennis en vaardigheden. De verzwaarde vakbekwaamheidseisen voor rij-instructeurs in de WRM 1993 sluiten aan op deze ontwikkelingen. Vooropleidingseisen Wie rij-instructeur wil worden, moet aan bepaalde vooropleidingseisen voldoen. Bij het aanvragen van het examen voor rij-instructeur moet een diploma aan het exameninstituut INNOVAM worden getoond, waaruit blijkt dat een vooropleiding is voltooid op het niveau van tenminste: MAVO (Middelbaar Algemeen Vormend Onderwijs) VBO (Voorbereidend Beroeps Onderwijs), voorheen LBO (Lager Beroeps Onderwijs) IVBO (Individueel Voorbereidend Beroeps Onderwijs), voorheen 1BO (Individueel Beroeps Onderwijs) Wie geen van deze diploma's heeft, maar wel kan aantonen dat hij een opleiding van gelijkwaardig niveau heeft afgerond, kan ook rij-instructeur worden. Gelijkwaardige opleidingen zijn bijvoorbeeld ULO, MULO en de afgeronde eerste drie klassen van HAVO en VWO. In geval van twijfel kunnen diploma's worden voorgelegd aan de Informatie Beheer Groep. Toekomstige rij-instructeurs met een buitenlandse vooropleiding kunnen hun diploma's voorleggen aan één van de 28 Adviesbureaus voor Opleiding en Beroep (AOB) in Nederland. Een AOB bepaalt vervolgens 'de waarde' van het diploma. De Informatie Beheer Groep kan vertellen waar de AOB's gevestigd zijn. Categorieën rij-instructeurs Rij-instructeurs moeten voor elke motorvoertuigcategorie waarin zij rijles willen geven, een apart examen doen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende categorieën: A Motorfiets B Auto C Vrachtwagen I) Bus E Aanhangwagen (bij B of bij C/D) BRF Bromfiets Wie dat wil, kan direct met de rij-instructeursopleiding voor de categorieën A, B en BRF starten. Voor de categorieën C, D en E geldt dat iemand eerst in het bezit moet zijn van het certificaat voor de categorie B, voordat hij examen mag doen.
6 Rij-instructeur worden en blijven De opleiding 'Vroeger leerde een rij-instructeur z'n leerlingen vaak Algemeen Inhoud van de opleiding trucjes, nu wordt hem steeds om uitleg gevraagd. Dat stelt heel andere eisen aan zo'n man of vrouw. De opleiding van een rij-instructeur bepaalt mede of iemand daarop kan inspelen. De betere opleidingsinstituten geven daarom veel aandacht aan onderwijskundige vaardigheden in hun lesprogramma', aldus Rob Kant, voorzitter van de afdeling Verkeersopleidingen van de BOVAG, een branche-organisatie voor rijschoolhouders in Nederland. Nederland telt ongeveer 35 instituten waar een opleiding voor de verschillende categorieën rijinstructeurs gevolgd kan worden. Niet alle in stituten zijn even groot en even actief. Ook bestaan er onderling grote verschillen ten aanzien van de inhoud, de duur en de kosten van de opleidingen. Het exameninstituut INNOVAM beschikt over een lijst met namen en adressen van opleidingsinstituten. De LBVI is de Landelijke Belangenvereniging voor Verkeersopleidingsinstituten, waarbij ongeveer eenderde van de instituten is aangesloten. De vereniging kan over deze opleidingsinstituten informatie geven. De toekomstige rij-instructeur moet zelfde kwaliteits- en prijsverschillen tussen de opleidingsinstituten tegen elkaar afwegen. Het volgen van een opleiding tot rij-instructeur bij een opleidingsinstituut is niet verplicht, maar wel sterk aan te raden. Het examen is voor elke toekomstige rij-instructeur wel verplicht. De examens worden afgenomen door INNOVAM. Hoewel de inhoud verschilt per opleidingsinstituut, bestaat de opleiding tot rij-instructeur in de meeste gevallen uit een theoretisch en een praktisch gedeelte. Voor de categorieën A, B, C, D en BRF komen over het algemeen de volgende onderdelen aan bod: Wet- en regelkennis, waaronder het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990) Theorie van de verkeerstaak, waaronder anticipatie en evaluatie Verkeersveiligheid Relatie met andere verkeersdeelnemers Mobiliteit en doorstroming Milieu Voertuigkennis en preventief onderhoud Voertuig- en verkeersbeheersing Onderwijskunde: - Instructie en begeleiding van leerlingen - Leerlingverschillen - Beoordeling van leerresultaten - Didactische hulpmiddelen - Theorie-onderricht - Praktijkonderricht De opleiding tot rij-instructeur voor de categorie E is wat beknopter, omdat deze een aanvulling vormt op andere motorvoertuigcategorieën. De opleiding bestaat vaak alleen uit de onderdelen voertuig- en verkeersbeheersing en een proefles praktijkonderricht.
Rij-instructeur worden en blijven 7 Duur van de opleiding Bezit EHBO-certifïcaat Anti-slipcursus De duur van de opleiding voor rij-instructeur verschilt per opleidingsinstituut en varieert tussen de veertig en vijfenzeventig dagen. De opleidingsinstituten bieden de opleiding vaak zowel fulltime als part-time aan. Meer informatie hierover is verkrijgbaar bij de instituten zelf. Kosten van de opleiding Ook de kosten van de opleiding tot rij-instructeur kunnen sterk uiteenlopen. Vaak moet de cursist apart betalen voor het theoretische en het praktische gedeelte van de opleiding. Ter indicatie liggen de prijzen van de opleiding voor categorie B tussen de fl. 4.500,00 en fl. 7.500,00. Bij het aanvragen van een examen moet de kandidaat-rij-instructeur een EHBO-certificaat aan INNOVAM overleggen, dat niet ouder is dan één jaar. Dit geldt niet voor iemand die al in het bezit is van een rij-instructiecertificaat voor een andere categorie motorvoertuig. Het Oranje Kruis heeft speciaal voor rij-instructeurs een verkorte cursus samengesteld voor het Basiscertificaat Eerste Hulp. Deze cursus duurt ongeveer twaalf lesuren en wordt gegeven door EHBO-instructeurs. Naast het Basiscertificaat geeft het Oranje Kruis ook het Eenheidsdiploma EHBO af. De leerstof voor het Eenheidsdiploma is uitgebreider dan die voor het Basiscertificaat. Een opleidingsinstituut of het Oranje Kruis kunnen meer informatie geven over de EHBOopleiding. De kandidaat-rij-instructeur moet bij de aanvraag van het examen voor de categorieën A, B, C en D, een certificaat voor de beheersing van noodmanoeuvres (anti-slipcertificaat) aan INNOVAM kunnen tonen. Dit certificaat mag niet ouder zijn dan één jaar. Een anti-slipcursus kan gevolgd worden bij een anti-slipschool. De kosten bedragen ongeveer fl. 300,00 (wijzigingen voorbehouden). De KNAC, ANWB en BOVAG kunnen meer informatie over anti-slipscholen geven. Leerboeken Opleidingsinstituten voor rij-instructeurs stellen zelf het lesmateriaal samen. Dit bestaat ondermeer uit verschillende leer- en wetboeken. De kosten van deze boeken zijn meestal bij de prijs van de opleiding inbegrepen.
Ril-instructeur worden en blijven Het examen 'Tijdens het examen wordt getoetst ot een kandidaat- Algemeen Examenstof en -eisen rij-instructeur aan de eisen voldoet. Door de exameneisen voor instructeurs aan te scherpen, hopen we dat de kwaliteit van de rij-instructie verbetert. Maar uiteindelijk gaat het er om dat de instructeur zijn verworven kennis ook in de praktijk gebruikt', zo stelt Jan Noodelijk, stafmedewerker bij INNOVAM, het instituut dat als enige in Nederland de examens voor rij-instructeurs mag afnemen. Alle examens voor rij-instructeurs worden afgenomen door het exameninstituut INNOVAM. Kandidaten kunnen het examen afleggen op één van de vestigingsplaatsen: Best, Nieuwegein, Voorschoten, Zwolle en Heerlen. Een examen bestaat uit twee gedeelten. In deel I komen verschillende theoretische examenonderdelen en de rijproef aan bod. Tijdens de rijproef wordt de voertuigbeheersing geëxamineerd en in deel II het lesgeven. Dit houdt in dat de kandidaat zowel een theorieles als een praktijkles moet geven. Wie examen doet voor de categorie Bromfiets, hoeft bij deel I geen rijproef te doen en bij deel II alleen een theorieles te geven. Wie is geslaagd voor examendeel I, moet zich binnen een jaar bij INNOVAM aanmelden voor examendeel II. Het is vrijwel uitgesloten om zonder oefening in het 'lesgeven' te slagen voor dit examen. Om de benodigde praktijkervaring op te doen, kan iemand die geslaagd is voor deel I een zogenaamde 'ontheffing' krijgen van maximaal een halfjaar. Met deze ontheffing mag hij bij een rijschool, onder leiding van een ervaren instructeur, oefenen in het lesgeven. Zo kan hij voldoende ervaring opdoen om voor examendeel II te slagen. Veiligheid, milieu en mobiliteit krijgen in de examenstof veel aandacht. Een rij-instructeur moet bijvoorbeeld zijn leerlingen kunnen leren wat sociaal verkeersgedrag is, hoe ze verkeersinzicht krijgen en wat de risico's in het verkeer zijn. Maar hij moet zijn leerlingen ook goed onderwijs kunnen geven door om te gaan met de zwakke en sterke punten van elke individuele leerling. Daarom worden de volgende vakbekwaamheidseisen in alle examens getoetst: Deel I: Algemene kennis van wetten en regels Kennis van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RW 1990) Verkeerstheorie Veiligheid Relatie tot ander verkeer Mobiliteit en doorstroming Milieu-aspecten Techniek en onderhoud van motorvoertuigen Praktijk in voertuigbeheersing en gedrag in het verkeer (rijproef) Theorie bij het geven van instructie en het begeleiden van leerlingen Verschillen tussen leerlingen Beoordeling van leerlingen Hulpmiddelen Is iemand al rij-instructeur en wil hij examen doen in een aanvullende categorie, dan hoeft hij voor deel II alleen een praktijkles te geven. De theorieles vervalt dan, omdat daarvoor in het verleden al examen is gedaan.
Rij-instructeur worden en blijven Deel II: Het geven van een theorieles in groepsverband Het geven van een praktijkles in een lesauto Bij de aanvraag van examendeel I dient de toekomstige rij-instructeur in het bezit te zijn van een EHBO-certificaat en een certificaat be heersing noodmanoeuvres voor de betrokken categorie (A, B, C of D). Herexamen Wanneer een (toekomstige) rij-instructeur niet in één keer slaagt, kan hij een herexamen afleggen in de niet behaalde vakken. Heeft de kandidaat deze vakken na zes maanden nog niet gehaald, dan vervalt de geldigheid van de vakken die wel behaald zijn en moet hij helemaal opnieuw examen doen. Examenreglement In overleg met het ministerie van Verkeer en Waterstaat heeft INNOVAM voor alle motorvoertuigcategorieën een examenreglement opgesteld. Hierin staan de inhoud en de inschrijvingsvoorwaarden van het examen, en de wijze van examineren. Rij-instructiecertificaat Klachten Wie het examen voor rij-instructeur met goed Wie klachten heeft over een examen dat bij INgevolg aflegt, krijgt een rij-instructiecertificaat NOVAM is afgelegd, kan in beroep gaan bij de met een geldigheidsduur van vijfjaar. De kosten Klachtencommissie van INNOVAM. Wie vervolgens niet tevreden is over de behandeling van van het certificaat bedragen in 1995 circa fl. 30,00. de klacht, kan zich wenden tot de onafhankelijke Kosten van het examen In overleg met het INNOVAM heeft het ministerie van Verkeer en Waterstaat de tarieven voor de instructeursexamens bepaald. De (afgeronde) prijzen voor 1995 zijn in onderstaand schema opgenomen (wijzigingen voorbehouden). Tarievenoverzicht instructeursexamens 1995 Categorie A of B, deel I (alle vakken) Categorie A, deel II (theorie- en praktijkles geven) Categorie B, deel II (theorie- en praktijkles geven) Categorie C of D, deel I (alle vakken) Commissie van Beroep. Deze bestaat uit drie leden, benoemd door de minister van Verkeer en Waterstaat, en behandelt eventuele klachten over: Beslissingen over de toelating tot het examen Beslissingen over de uitslag van het examen of de applicatietoets Behandeling tijdens het examen of de applicatietoets 910,00 910,00 750,00 610,00 Categorie C of D, deel II (praktijkles in een lesauto van de betrokken categorie geven) 495,00 Categorieën E bij B, E bij C en E bij D, deel I (praktijk in voertuigbeheersing en gedrag in het verkeer met een voertuig van de betrokken categorie) f 410,00 Categorieën E bij B. E bij C en E bij D, deel II (praktijkles in een lesauto van de betrokken categorie geven) f 495,00 Bromfietsinstructeur, deel I (alle vakken) fl 500,00 Bromfietsinstructeur, deel II (theorieles geven) f 420,00
10 Rij-instructeur worden en blijven De praktijk 'De rijschoolbranche is economisch doodziek', zo Algemeen De rijschoolhouder luidden de krantenkoppen in februari 1995. De ABAN (Algemene Bond Auto- en motorrijschoolondernemers Nederland) liet een rapport opstellen over de economische vooruitzichten van deze branche. Volgens het rapport zullen duizenden rijscholen failliet gaan, ondermeer door de felle concurrentie van instructeurs die het vak als bijverdienste uitoefenen (part-timers). Tegen 'dumpprijzen' worden tegenwoordig rijlessen aangeboden op de inkrimpende markt van achttienjarigen. De markt voor rijscholen is verzadigd, temeer omdat er steeds minder achttienjarigen komen. Mede door de felle concurrentie ligt de prijs voor rijlessen, met name in de Randstad, laag. Dit betekent dat rij-instructeurs veel uren moeten maken om toch een redelijk maandinkomen te krijgen. Daardoor is de werkdruk voor rij-instructeurs vaak hoog. Bij vermindering van het aantal rijscholen, zou de concurrentie tussen de rijscholen kunnen afnemen. Tabel l tot en met 4 geven een indicatie van de werkdruk, de marktverhoudingen en de ontwikkelingen in de rijschoolbranche. Wie in het bezit is van een geldig rij-instructiecertificaat kan bij een rijschool gaan werken of zelf een rijschool beginnen. Voor het opzetten van een rijschool zijn geen andere papieren nodig. Wel moet de rijschool worden ingeschreven bij de de Kamer van Koophandel (KvK). De KvK geeft gratis advies bij het opstellen van een ondernemingsplan en verzorgt ook opstartcursussen voor de startende ondernemer. Om rij-examens te kunnen aanvragen voor leerlingen, is aanmelding en registratie bij het CBR verplicht. De eenmalige registratiekosten bedragen fl. 1.000,00. Daarnaast betaalt een rijschoolhouder jaarlijks een vaste bijdrage van fl. 50,00. Deze bedragen kunnen in de loop van tijd veranderen. Voor beroepsmatig werkende rijscholen wordt het steeds moeilijker om het hoofd boven water te houden. Tabel 1: Mening over de werkdruk in procenten (bron: Rapport VKPG, 1993) Daarom, zouden de lestarieven volgens de ABAN Rijschoolhouder die Zelfstandigen Loondienst omhoog moeten tot gemiddeld fl. 75,00 per vol uur in zelf ook les geeft plaats van de huidige fl. 48,00 of minder. Veel te hoog 21,2 16,7 5,0 Te hoog 52,7 51,5 42,1 In Nederland is volgens de bond slechts ruimte voor vijftienhonderd beroepsmatige rijscholen. Precies goed Te laag Veel te laag Geen antwoord 23,0 1,8 0,4 0,9 28,2 l,5 0,6 1,5 48,7 1,7 0,0 2,5 Momenteel zijn er zesduizend rijscholen actief.,,,... i-<«^n, ', *7~"'~,.^i
Rij-instructeur worden en blijven 11 De voornaamste eisen die het CBR stelt aan deze registratie zijn: De rijschoolhouder moet een recent en origineel uittreksel van inschrijving bij de Kamer van Koophandel verstrekken. De rijschoolhouder moet de nummers van de rij-instructiecertificaten van de in dienst zijnde instructeurs doorgeven. De kentekens van de lesvoertuigen moeten worden opgegeven. Op een opgegeven adres mag slechts één rijschool staan ingeschreven. De naam van de rijschool op een examenvoertuig moet dezelfde zijn als de naam waaronder het bedrijf staat ingeschreven. Een rijschoolhouder kan instructeurs in loondienst aannemen of op basis van franchise (contractbasis). Rij-instructcurs in loondienst geven rijles in een auto van de rijschoolhouder en worden ook door hem verzekerd. Franchisenemers werken onder de naam van de rijschool, maar zijn zelfstandige ondernemers. Bij twee procent van het totale aantal rijscholen werkt ruim dertien procent van alle in de rijschoolbranche werkzame personen. Deze grote rijscholen realiseren een vijfde deel van de totale omzet in de branche. De rij-instructeur in loondienst Uit tabel l blijkt dat rij-instructeurs in loondienst minder last van de werkdruk ervaren dan hun collega's die zelf een rijschool bezitten. Daarbij speelt mee dat zij hun ervaringen met collega's kunnen delen en zeker zijn van werk. De rijschoolhouder moet zorgen dat zijn instructeurs werk hebben en bij ziekte moet hij gewoon salaris uitbetalen. Het risico ligt bij de rijschoolhouder. Bij franchise-nemers ligt dat anders. De rij-instructeur als franchise-nemer Rij-instructeurs die franchise-nemer zijn, werken op contractbasis. Ze hebben alle lasten en lusten van een zelfstandige ondernemer. Ze dragen het risico voor hun eigen onderneming. Een gedeelte van de administratie en het aanvragen van de examens gebeurt centraal bij een rijschool. De 'bekende naam' van die rijschool vergroot de kans op werk voor de franchise-nemer. Een bepaald percentage van de inkomsten moet dan ook aan de rijschoolhouder worden afgedragen. De franchise-nemer is echter niet altijd verzekerd van werk. Als het slecht gaat met de rijschool, gaat het slecht met de franchise-nemer en is hij niet verzekerd van inkomsten. Ook als hij ziek is, krijgt hij niet betaald. Er zijn verschillende vormen van het werken op basis van franchise. Meestal moet de instructeur zelf een lesvoertuig aanschaffen en zelf voor zijn verzekeringen zorgen, maar het komt ook voor dat de instructeur met een lesvoertuig van de rijschool rijdt. Tabel 2: Aantal afgenomen examens, inclusief herexamens (bron: CBR, Jaarverslag 1993) Aantal afgenomen examens door het CBR in 1993, per motorvoertuigcategorie. Totaal afgenomen examens 973.577 Waarvan theorie-examens 390.469 praktijkexamens 583.108 Totaal aantal eerste examens 294.580 -voormannen 177.046 - voor vrouwen 117.534 Afgenomen praktijkexamens Waarvan categorie A 115.475 Afgegeven rijvaardigheidsbewijzen 252.453 Waarvan t.b.v. categorie B 165.663 categorie B 436.402 categorie C, D, E 31.231
12 Rij-instructeur worden en blijven De praktijk vervolg De applicatietoets Inhoud van de applicatietoets Verlies instructiebevoegdheid De WRM 1993 stelt verplicht dat vanaf 1 januari 1997 alle rij-instructeurs om de vijf jaar een applicatietoets afleggen bij INNOVAM. De toets is voor alle categorieën rij-instructeurs gelijk. Het doel van de toets is het op peil houden van het kennisniveau van rij-instructeurs. De nadruk ligt hierbij op het opdoen van 'nieuwe' kennis, inzichten en vaardigheden. Daarnaast komen onderwerpen aan bod die in de loop der tijd gemakkelijk verouderen of verwateren. Het ministerie van Verkeer en Waterstaat stelt -in samenwerking met INNOVAM- de opzet, inhoud, wijze van afname en kosten van de applicatietoets vast. De toets zal, onder voorbehoud, ongeveer fl. 150,00 gaan kosten. Bijscholen voor een applicatietoets kan bij één van de opleidingsinstituten voor rij-instructeurs. Ook andere organisaties in de rijschoolbranche mogen cursussen aanbieden. Daarnaast kan een rijschool (eventueel in samenwerking met andere) beslissen om zelf een applicatiecursus op te zetten. Het volgen van een bijscholingscursus is niet verplicht, maar gezien de aard van de leerstof wel aan te raden. Wie niet meteen slaagt voor de applicatietoets krijgt een halfjaar de tijd om de toets alsnog te halen. Wie de toets binnen deze periode niet haalt, verliest zijn instructiebevoegdheid. Rij-instructeurs kunnen hun bevoegdheid terugkrijgen door nogmaals een applicatietoets af te leggen en hiervoor te slagen. Het aantal pogingen om de toets alsnog te halen, is onbeperkt. Rij-instructeurs die vanaf 1 januari 1995 een rijinstructeursexamen bij INNOVAM hebben afgelegd, worden om de vijfjaar opgeroepen om de applicatietoets te doen. De verantwoordelijkheid om de toets af te leggen, ligt bij de instructeur zelf. Wie om één of andere reden geen oproep heeft ontvangen, moet zelf contact opnemen met INNOVAM om zich op te geven. De applicatietoets is een schriftelijke toets met meerkeuzevragen en duurt circa anderhalfuur. Door het behalen van de toets, bewijzen rijinstructeurs dat zij aan de volgende eisen voldoen: Inhoudsdeskundigheid: Kennis van de veranderingen in wet- en regelgeving, in het bijzonder van de Wegenverkeerswet (WWV), het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV), het Reglement Rijbewijzen, het Kentekenreglement en het Voertuigreglement. Inzicht in de praktische oplossing van moeilijke situaties op de weg, met name in relatie tot veranderingen op het gebied van wet- en regelgeving. Kennis van en inzicht in ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit en doorstroming. Kennis van en inzicht in ontwikkelingen met betrekking tot de invloed van gemotoriseerd verkeer op het milieu. Onderwijsdeskundigheid: Kennis van en inzicht in algemene instructieen begeleidingsprincipes. Kennis van en inzicht in, voor de rij-opleiding relevante, verschillen tussen leerlingen en hoe de rij-opleiding daaraan moet worden aangepast. Kennis van en inzicht in het beoordelen van de rijvaardigheid van leerlingen. Kennis van didactische werkvormen en onderwijsleermiddelen en inzicht in de juiste toepassing ervan. Het is belangrijk dat een instructeur goed lesgeeft. Het kan echter gebeuren dat de vakbekwaamheid van een instructeur ernstig in twijfel moet worden getrokken. In zo'n geval kan de instructeur verplicht worden het instructeursexamen geheel of gedeeltelijk opnieuw af te leggen. Blijkt dan dat de instructeur niet voldoet aan de vakbekwaamheidseisen, dan kan zijn certificaat ongeldig worden verklaard voor één of meerdere categorieën motorvoertuigen en mag hij geen les meer geven in die categorieën. Vakbladen Er bestaan op dit moment twee vakbladen voor de rijschoolbranche, Reflector en Rij-instructie. Wie ingeschreven staat bij het CBR krijgt Reflector gratis thuisgestuurd. 'Rij-instructie' is onafhankelijk en tegen betaling verkrijgbaar. Beide tijdschriften komen één keer per maand uil. Tabel 3: Prognoses aantal B-examens (bron: CBR, Jaarverslag 1993) Aantal examenkandidaten dat het CBR de komende jaren verwacht voor motorvoertuigcategorie B (personenauto). in 1996 185.000 in 1998 189.000 in 2000 189 000 in 2002 186 000 in 1997 188.000 in 1999 190.000 in 2001 187.000
Rij-instructeur worden en blijven 13 Tabel 4: Voorbeeldberekening lestarief voor B-rijbewijs (bron: BOVAG, 1995) Met het volgende schema kunnen rij-instructeurs berekenen wat hun lesprijs moet zijn, om alle kosten te kunnen betalen en een normaal salaris over te houden Gemiddelde loonkosten (per werknemer per jaar, inclusief stijging door dekking WAO-gat en ziektekosten) fl. 55.000,00 Kosten Personenauto Vaste kosten: - Afschrijving (= aanschafwaarde - restwaarde) / gebruiksduur - Verzekering all risk - Motorrijtuigenbelasting - Calculatorische rente (= gemiddelde waarde auto X rentepercentage) fl, 10.010,00 fl. 1.650,00 fl. 1.500,00 fl. 1.832,40 Variabele kosten: - Reparatie en onderhoud (= kosten per kilometer x jaar kilometrage) fl. 4.800,00 - Brandstof (= jaar kilometrage / verbruik X prijs brandstof) fl. 5.600,00 Totale kosten personenauto fl. 25.392,40 Huisvesting Benodigde ruimte per werknemer (= aantal m2 X kosten per m 2 ) fl. 3.960,00 Inventaris en lesmateriaal fl. 1.500,00 Gebruikte cijfers: Aanschafwaarde lesauto (excl. BTW) f Restwaarde auto na twee jaar (excl BTW) f Algemene kosten Prijs diesel (excl. BTW) per liter f (onder andere: administratie, telefoon, kantoorartikelen, Verzekering lesauto f postzegels, reclame en onvoorziene uitgaven) fl. 18.500,00 Motorrijtuigenbelasting lesauto f Inventariskosten i Onderhoudskosten auto per kilometer f Totale kosten rijschool fl.104.352,40 Totaal algemene kosten 30.370,00 10 350,00 1,12 1.650,00 1.500,00 1 500,00 0,08 18 500,00 Kosten ruimte per m 2 t 132,00 Totaal aantal lessen per jaar 2.000 Jaar kilometrage lesauto Gebruiksduur lesauto in jaren Verbruik lesauto (kilometer per liter) Kosten per lesuur (kosten rijschool / aantal lessen per jaar, exclusief winstopslag en BTW) fl. 52,18 Rentepercentage Winstopslag fl. 2,61 Benodigde m2 per werknemer BTW (17,5%) fl. 9,59 Totaal aantal lessen per jaar Lesprijs fl. 64,38 Percentage winstopslag 60.000 2 2 9 S0 2.000 5
14 Rij-instructeur worden en blijven Alle kosten voor opleiding en examen op een rij Hoeveel geld kost het nu om rij-instructeur te worden? Hierbij een indicatie van de opleidings- en examenkosten (wijzigingen voorbehouden). EHBO-certificaat fl. 350,00 Anti-slip-certificaat fl. 300,00 Rij-instructeursopleiding voor categorie B tussen fl. 4.500,00 en fl 7.500,00 Examens Categorie A of B, deel I (alle vakken) Categorie A, deel II (het geven van een theorie- en een praktijkles) Categorie B, deel II (het geven van een theorie- en een praktijkles) fl 910,00 fl 910,00 fl. 750,00 Categorie C of D, deel I (alle vakken) Categorie C of D, deel II (het geven van een praktijkles in een lesauto van de betrokken categorie) fl. 610,00 fl. 495,00 Categorieën E bij B, E bij C en E bij D, deel I (praktijk in voertuigbeheersing en gedrag in het verkeer met een voertuig van de betrokken categorie) fl. 410,00 Categorieën E bij B, E bij C en E bij D, deel II (het geven van een praktijkles in een lesauto van de betrokken categorie) fl. 495,00 Bromfietsinstructeur, deel I (alle vakken) fl, 500,00 Bromfietsinstructeur, deel II (het geven van een theorieles) fl. 420,00 Aanschaf rij-instructiecertificaat fl. 30,00 ledere vijfjaar: Opleiding applicatietoets (variërend, afhankelijk van opleidingsinstituut) tussen fl. 300,00 en fl. 1.200,00 Applicatietoets fl. 150,00 Nieuw rij-instructiecertificaat fl 30,00
Rij-instructeur worden en blijven 15 Namen en adressen ABAN (Algemene Bond Auto- en motorrijschoolondernemers Nederland) Hoogstraat 116 C 5615 PT EINDHOVEN 040-46 64 87 en vanaf 10 oktober 1995: 040-246 64 87 ANWB Postbus 93200 2509 BA DEN HAAG 070-314 71 47 INNOVAM (Innovatie- en Onderwijscentrum Auto- en Tweewielerbranche) Postbus 2360 3430 DV NIEUWEGEIN 03402-8 77 77 en vanaf 10 oktober 1995: 030-608 77 77 KNAC (Koninklijke Nederlandse Automobiel Club) Postbus 446 2260 AK LEIDSCHENDAM 070-383 16 12 Oranje Kruis (voor EHBO-certificaat) Kanaalweg 3 2584 CC DEN HAAG 070-354 91 11 VVN (Veilig Verkeer Nederland) Postbus 287 1200 AG HILVERSUM 035-21 14 41 en vanaf 10 oktober 1995: 035-621 14 41 BOVAG Postbus 1100 3980 DC BUNNIK 03405-9 52 11 en vanaf 10 oktober 1995: 030-659 52 11 CBR (Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen) Postbus 5301 2280 HH RIJSWIJK 070-398 13 00 FAM (Federatie Autorijschool Management) Sluisweg 17 A 5145 PE WAALWIJK 04160-5 06 61 en vanaf 10 oktober 1995: 0416-65 06 61 Informatie Beheer Groep Afdeling diplomawaardering Postbus 30157 9700 LJ GRONINGEN 050-99 80 36 en vanaf 10 oktober 1995: 050-599 80 36 KNMV (Koninklijke Nederlandse Motorrijders Vereniging) Postbus 650 6800 AR ARNHEM 085-45 20 25 en vanaf 10 oktober 1995: 026-445 20 25 LBVI (Landelijke Belangenvereniging voor Verkeersopleidingsinstituten) Koningsweg 30 3762 EC SOEST 02155-1 93 16 en vanaf 10 oktober 1995: 035-601 93 16 Ministerie van Verkeer en Waterstaat Directie Voorlichting Postbus 20901 2500 EX DEN HAAG 070-351 77 10 Vakbladen: Reflector Postbus 4 7000 BA DOETINCHEM 08340-4 99 11 en vanaf 10 oktober 1995: 0314-34 99 11 Rij-instructie Postbus 122 2740 AC WADDINXVEEN 01828-1 49 95 en vanaf 10 oktober 1995: 0182-61 49 95 Aan de inhoud van deze brochure kunnen geen rechten worden ontleend. Alle genoemde bedragen zijn exclusief BTW. Bedragen en adressen in de brochure kunnen aan verandering onderhevig zijn.
Colofon Deze brochure is een uitgave van het ministerie van Verkeer en Waterstaat in samenwerking met ABAN, ANWB, BOVAG, CBR, FAM, INNOVAM, LBVI en VVN. U kunt deze brochure tot vijf exemplaren aanvragen bij: Ministerie van Verkeer en Waterstaat Directie Voorlichting Plesmanweg 1-6 Postbus 20901 2500 EX DEN HAAG 070-351 70 86 of 070-351 70 49 Wilt u vijf of meer exemplaren dan kunt u deze telefonisch of schriftelijk bestellen bij: Hageman Verpakkers BV Postbus 281 2700 AG ZOETERMEER 079-61 11 88 Produktie en redactie: BIKKER Communicatie, Rotterdam Vormgeving: BIKKER Creatie & Vormgeving bno, Rotterdam Fotografie: Huib Rutten augustus 1995