Handleiding notariële bachelorscriptie 2016-2017 1. Algemene Handleiding bachelorscriptie; contactinformatie Deze Handleiding bevat informatie over het schrijven van een bachelorscriptie Notarieel recht. Daarnaast dient u kennis te nemen van de (algemene) Handleiding studenten bachelorscriptie juridische opleidingen 2016-2017, te downloaden via Blackboard-omgeving Bachelorscriptie: Notarieel recht [1617]. In laatstgenoemde Handleiding vindt u onmisbare informatie over onder andere het opzetten van uw onderzoek en het doen van literatuuronderzoek. NB in aanvulling op /afwijking van de Handleiding studenten bachelorscriptie juridische opleidingen geldt dat u in uw voetnoten dient te verwijzen volgens de in de Leidraad voor juridische auteurs (Kluwer, 2016) aangegeven methode van verkort verwijzen ; zie hiervoor o.a. paragraaf 1.21. van dit rode boekje. Waar de Handleiding studenten bachelorscriptie juridische opleidingen en deze Handleiding voor de notariële bachelorscriptie elkaar tegenspreken, gaat de Handleiding notariële bachelorscriptie ( als lex specialis) voor. Voor algemene informatie met betrekking tot de bachelorscriptie kunt u contact opnemen met het secretariaat Notarieel recht (071 527 7880) of met de coördinator van de bachelorscripties, mevrouw mr. dr. J.A.J. Peter, via j.a.j.peter@law.leidenuniv.nl. 2. Vereisten schrijven bachelorscriptie, scriptie bij meerdere opleidingen, uitsluitend 2 e semester Studenten dienen te voldoen aan de volgende toelatingseisen: - tenminste 120 ECTS aan vakken van het bachelor curriculum Notarieel recht hebben behaald (inclusief het propedeusediploma); - bij specifieke scriptieonderwerpen kan een bepaald vak als bijzondere ingangseis gelden. Zie daarvoor het in de week van maandag 23 januari 2017 op Blackboard geplaatste overzicht met onderwerpen; - het schrijven van een bachelorscriptie bij Notarieel recht is uitsluitend toegestaan voor studenten die hun bachelor Notarieel recht zijn begonnen in het studiejaar 2013/2014 of nadien. Indien u tevens de opleiding Fiscaal recht of Rechtsgeleerdheid volgt, behoeft u slechts één bachelorscriptie te schrijven bij de opleiding van uw keuze (derhalve bij Fiscaal recht, Rechtsgeleerdheid of Notarieel recht). Er wordt met nadruk op gewezen dat het schrijven van een bachelorscriptie uitsluitend mogelijk is in het tweede semester van ieder studiejaar. In geval van het niet deelnemen aan dit vak of het uiteindelijk niet behalen van een voldoende voor de scriptie zal derhalve tot het tweede semester van het volgend studiejaar moeten worden gewacht voordat (wederom) een bachelorscriptie geschreven kan worden. 3. Eindtermen Studenten schrijven individueel een scriptie van ca. 4.500 5.000 woorden (exclusief inhoudsopgave en literatuurlijst, maar inclusief notenapparaat). Uitsluitend in bijzondere gevallen (complex of om-
vangrijk onderwerp) en ná voorafgaande toestemming van de scriptiebegeleider mag het maximale aantal woorden 5.500 bedragen. De scriptie dient van voldoende niveau te zijn, te toetsen aan de criteria: - kwaliteit van de vraagstelling respectievelijk onderzoeksvraag; - structuur/opbouw van de scriptie: wordt de onderzoeksvraag in de scriptie op zinvolle en samenhangende wijze uitgewerkt; - kwaliteit van de argumentatie; - gebruik van relevante literatuur en jurisprudentie; - vormgeving en presentatie: is er onder andere een duidelijke hoofdstuk- en paragraafindeling, is de stijl leesbaar, is zonder taalfouten geschreven; en - mate van zelfstandigheid waarmee de scriptie is geschreven. Ook de participatie bij de twee werkgroepen dient van voldoende niveau te zijn. Absentie tijdens werkgroepen komt in mindering op het eindcijfer. 4. Inschrijfprocedure, inschrijvingstermijn, aangeven voorkeur scriptieonderwerp Inschrijving voor deelname aan de bachelorscriptie en het aangeven van uw (eventuele) voorkeur voor bepaalde scriptieonderwerpen vindt plaats in de volgende twee stappen: I. De algemene inschrijving (niet op scriptieonderwerp) De algemene inschrijving vindt plaats via usis in de periode tussen donderdag 15 december 2016 en woensdag 18 januari 2017. Ingeval van het niet tijdig inschrijven wordt u slechts in bijzondere omstandigheden alsnog toegelaten. Het niet tijdig inschrijven zal er derhalve meestal toe leiden dat u de bachelorscriptie pas een jaar later kunt schrijven! II. Het aangeven van uw voorkeur voor bepaalde scriptieonderwerpen U gaat uw scriptie schrijven binnen een van de voorgeschreven scriptieonderwerpen. In dat verband kunt u - uitsluitend indien u zich (tijdig) door middel van de algemene inschrijving heeft ingeschreven - een eerste en tweede voorkeur aangeven binnen welke van deze scriptieonderwerpen u de scriptie wilt schrijven. In de week van maandag 23 januari 2017 wordt een overzicht van deze voorgeschreven scriptieonderwerpen op Blackboard geplaatst. Het aangeven van uw (eventuele) voorkeur binnen deze onderwerpen vindt plaats door het invullen van een digitaal formulier (Jotform) welke in de Blackboardomgeving (Bachelorscriptie: Notarieel recht [1617]) te vinden zal zijn. Dit formulier zal na invulling (automatisch) worden doorgezonden aan het secretariaat Notarieel recht (notarieelrecht@law.leidenuniv.nl). Op deze manier kunt u dus een eerste en tweede voorkeur aangeven binnen de voorgeschreven scriptieonderwerpen. Deze opgave respectievelijk het invullen van dit Jotform-formulier kan uitsluitend plaatsvinden van maandag 6 februari tot en met vrijdag 10 februari 2017. Als u geen voorkeur opgeeft, wordt u ingedeeld bij een willekeurig scriptieonderwerp, mits u zich wél tijdig door middel van de algemene inschrijving heeft ingeschreven.
In verband met het beperkte aantal plaatsen per scriptieonderwerp betreft uw opgave inderdaad uitdrukkelijk slechts een voorkeur. Plaatsing bij het onderwerp van uw eerste of tweede keuze is derhalve niet zeker. 5. Bevestiging van indeling scriptieonderwerp/groep Tussen maandag 13 en woensdag 15 februari 2017 ontvangt u per email bericht bij welk scriptieonderwerp/in welke groep u bent ingedeeld. Indien u op woensdag 15 februari 18.00 uur géén bericht hebt ontvangen, neem dan direct de volgende dag contact op met het secretariaat van Notarieel recht. De eerste werkgroep waar u door uw begeleider wordt verwacht en waar u verplicht aanwezig dient te zijn, vindt reeds in de volgende week plaats! 6. Het scriptietraject a. Inleidend hoorcollege Op dinsdag 28 februari 2017 vindt een hoorcollege Methodologie onderzoeksopdracht en algemene instructie schrijven bachelorscriptie plaats. Houdt u de Blackboard-omgeving in de gaten voor nadere data en tijdstippen van deze inleidende hoorcolleges. Aanwezigheid bij één van beide hoorcolleges is essentieel voor een goede inhoudelijke start van de scriptie en is dan ook verplicht. De beide hoorcolleges hebben dezelfde inhoud, zodat u de keuze heeft bij welke van beide u aanwezig wilt zijn. Deze inleidende hoorcolleges van 28 februari 2017 zullen niet zichtbaar zijn in de roosters! Er wordt op gewezen dat in dit inleidende hoorcollege ook het scriptietraject van Rechtsgeleerdheid (kort) wordt doorgenomen. Het scriptietraject voor Notarieel recht wijkt daar echter op een aantal onderdelen vanaf. Voor u geldt derhalve deels in afwijking van hetgeen in het inleidende college wordt besproken het scriptietraject zoals in deze handleiding is opgenomen. b. Begeleiding door scriptiebegeleider Bij het schrijven van de scriptie wordt u begeleid door een scriptiebegeleider. Deze begeleiding bestaat uit vier contactmomenten met uw begeleider: - tweemaal door middel van een werkgroep met in totaal 7 studenten met hetzelfde scriptieonderwerp, bestaande uit: a. een 1 e werkgroep waarbij het intakegesprek wordt gehouden; en b. een 2 e werkgroep waarbij het eerste ingeleverde concept-hoofdstuk van ieder van de studenten in uw groep wordt besproken, met name voor wat betreft het schrijven van juridische teksten als zodanig. - tweemaal door middel van een individueel gesprek met uw scriptiebegeleider, bestaande uit: a. een bespreking van de conceptversie van uw gehele scriptie; en b. het afsluitende scriptiegesprek ná de beoordeling en het toekennen van een eindcijfer voor de ingeleverde definitieve scriptie. Indien de (ná de eerste werkgroep) door u op te stellen onderzoeksvraag en/of voorlopige inhoudsopgave van uw scriptie nog niet voldoen, zult u na deze eerste werkgroep door uw begeleider nog-
maals (individueel) uitgenodigd worden voor een korte aanvullende bespreking van uw onderzoeksvraag. Aanwezigheid bij zowel de beide werkgroepen als de individuele besprekingen is verplicht. Uw begeleider kan overigens in overleg met u afwijken van de onderstaand vermelde inlever- en bespreekmomenten, maar niet met betrekking tot het uiterste inlevermoment van de definitieve scriptie of de (eventuele) herkansing van de scriptie. c. Informatie over het doen van juridisch onderzoek Onmisbare informatie over het doen van juridisch onderzoek vindt u in de in paragraaf 1 al genoemde (algemene) Handleiding studenten bachelorscriptie juridische opleidingen 2016-2017, te downloaden via Blackboard-omgeving Bachelorscriptie: Notarieel recht [1617]. d. Overzicht in te leveren werk, te vermelden gegevens, opmaak In de loop van scriptietraject dient u een aantal schriftelijke stukken in te leveren (uiteraard in het Nederlands geschreven). Dat zijn: 1. een eigen/individuele onderzoeksvraag met een voorlopige inhoudsopgave (hoofdstuk- en paragraafindeling) van uw scriptie; 2. een concept van een eerste hoofdstuk van uw scriptie; 3. een concept van uw gehele scriptie; en 4. uw definitieve scriptie. Boven de sub 1 en 2 bedoelde stukken (onderzoeksvraag respectievelijk concept eerste hoofdstuk) dient u te vermelden: uw naam, studentnummer en de naam van uw begeleider. De sub 3 en 4 bedoelde stukken (concept gehele scriptie respectievelijk definitieve scriptie) dienen te zijn voorzien van een voorblad waarop zijn vermeld: - de titel van uw scriptie; - uw naam en studentnummer; - het totaal aantal woorden (exclusief inhoudsopgave en literatuurlijst, maar inclusief notenapparaat); en - de naam van uw begeleider. Alle door u in te leveren stukken dienen aan de volgende opmaakvereisten te voldoen: - uitsluitend op A4-formaat; - lettertype Times New Roman; - uitsluitend lettergrootte 12; en - uitsluitend op regelafstand 1,5. - in aanvulling op /afwijking van de Handleiding studenten bachelorscriptie juridische opleidingen geldt dat u in uw voetnoten dient te verwijzen volgens de in de Leidraad voor juridische
auteurs (Kluwer, 2016) aangegeven methode van verkort verwijzen ; zie hiervoor o.a. paragraaf 1.21. van dit rode boekje. e. Eerste werkgroep ( intakegesprek ) De datum en tijd waarop de eerste werkgroep van uw scriptieonderwerp wordt gehouden (in de periode tussen donderdag 16 en dinsdag 21 februari 2017) is vermeld op het overzicht van de verschillende scriptieonderwerpen (zoals dat in de week van 23 januari 2017 op Blackboard is geplaatst). Op Blackboard zal nog vermeld worden in welke zaal deze werkgroep zal plaatsvinden. Bij deze eerste werkgroep wordt: a. het verloop van het scriptietraject besproken; b. een toelichting gegeven bij het scriptieonderwerp/thema; en c. een algemene toelichting gegeven bij het formuleren/opstellen van een onderzoeksvraag (waar ook bij het inleidende hoorcollege van begin maart 2017 (zie sub 6.a) aandacht aan wordt besteed). f. Opstellen en inleveren van (concept-)onderzoeksvraag en voorlopige inhoudsopgave Na de eerste werkgroep gaat u - vanzelfsprekend binnen het scriptieonderwerp waar u de scriptie schrijft - een eigen onderzoeksvraag formuleren die u later in het scriptietraject gaat onderzoeken en in uw scriptie gaat uitwerken en beantwoorden. Het scriptieonderwerp is ruim genoeg voor vele, onderling uiteenlopende onderzoeksvragen. Ondanks dat sprake is van één scriptieonderwerp kunnen derhalve door de studenten binnen uw groep inhoudelijk zeer verschillende scripties geschreven worden. Het is dan ook niet de bedoeling dat u ook al is bij uw groep sprake van hetzelfde scriptieonderwerp - samen met andere studenten van uw groep een zelfde onderzoeksvraag formuleert. Denkt u vooral niet te makkelijk over het formuleren van een goede onderzoeksvraag: het opstellen daarvan is moeilijk en vereist de nodige tijd en inspanning. Tegelijkertijd met het formuleren van uw onderzoeksvraag stelt u een (voorlopige) opbouw van de uiteindelijke scriptie vast door middel van het opstellen van een voorlopige inhoudsopgave van uw scriptie. In deze voorlopige inhoudsopgave zijn de titels van de verschillende hoofdstukken en paragrafen in de beoogde volgorde opgenomen. Deze voorlopige inhoudsopgave dient als houvast voor de structuur van uw scriptie en de opbouw van uw betoog respectievelijk de wijze waarop u tot beantwoording van de onderzoeksvraag wilt komen. Als uw onderzoek en de scriptie vorderen, past u deze voorlopige opbouw/inhoudsopgave steeds aan indien dat nodig is. De door u geformuleerde concept-onderzoeksvraag én voorlopige inhoudsopgave stuurt u uiterlijk woensdag 1 maart 2017, 12.00 uur per email naar uw begeleider. Indien de onderzoeksvraag en voorlopige inhoudsopgave door uw begeleider worden goedgekeurd, krijgt u daarvan in de week van 6 tot 10 maart 2017 een bevestiging van uw begeleider. Indien deze niet voldoen aan de daaraan te stellen eisen, wordt u door uw begeleider uitgenodigd voor een (additionele) individuele bespreking. Nadat de onderzoeksvraag en voorlopige inhoudsopgave zijn goedgekeurd, start u met uw nadere onderzoek om tot beantwoording van deze onderzoeksvraag te komen.
g. Inleveren van concept van een eerste hoofdstuk en bronnenlijst Uiterlijk op maandag 3 april 2017, 12.00 uur levert u bij uw begeleider in: - een concept van een inhoudelijk hoofdstuk van uw keuze (dus niet een uitsluitend inleidend hoofdstuk). Dit eerste hoofdstuk zal uit ongeveer 4-7 pagina s dienen te bestaan; en - het concept van de bronnenlijst van uw gehele scriptie zoals deze bronnenlijst door u is opgesteld per het moment waarop u uw eerste hoofdstuk inlevert (de bronnenlijst behoeft derhalve nog niet compleet te zijn). De bronnenlijst stelt u op met inachtneming van de Leidraad voor juridische auteurs. Deze is ook digitaal beschikbaar. Zie daarvoor de Vakbeschrijving van de Bachelorscriptie Notarieel recht (bij Literatuur ). Het concept van dit hoofdstuk met bronnenlijst dient zowel als papieren versie (één exemplaar) in het postvak van uw begeleider (bij het secretariaat Notarieel recht) als per email bij uw begeleider te worden ingeleverd. Uw begeleider zal dit concept nakijken en met name beoordelen op taalgebruik, opbouw, interpunctie en juiste weergave van bronnen. De juridische inhoud is in deze fase derhalve van secundair belang. Punten van verbetering die uw begeleider met betrekking tot dit eerste hoofdstuk heeft geconstateerd, past u uiteraard ook toe op de rest van de scriptie. Houd u in gedachten dat reeds op maandag 24 april de gehele scriptie in concept moet worden ingeleverd (zie hierna). Het is derhalve van belang dat u ook met de scriptie als geheel voortgang boekt, zowel voorafgaand aan het inleveren van dit eerste hoofdstuk als daarna. h. Tweede werkgroep (bespreken eerste concept-hoofdstuk) De datum en tijd waarop de tweede werkgroep (in de periode van 5 12 april 2017) wordt gehouden is vermeld op het overzicht van de verschillende scriptieonderwerpen, zoals dat op 23 januari 2017 op Blackboard is geplaatst. Op Blackboard zal nog vermeld worden in welke zaal deze werkgroep zal plaatsvinden. Bij de tweede werkgroep worden het ingeleverde concept-hoofdstuk en de bronnenlijst in groepsverband besproken. De nadruk van deze werkgroep ligt derhalve op het eigenlijke schrijven van een (juridische) tekst en niet zozeer op de juridische inhoud daarvan. i. Inleveren van concept gehele scriptie In de periode tot (uiterlijk) maandag 24 april 2017, 12.00 uur schrijft u de gehele scriptie en bronnenlijst in concept. Dit concept dient ook al is het slechts een concept reeds naar beste kunnen te zijn geschreven. Dat betekent onder meer dat u zich maximaal heeft ingespannen voor de juridische kwaliteit van uw concept, er - uiteraard - geen taalfouten in het concept staan en alle onderdelen van de scriptie (dus ook: voorblad, inhoudsopgave, bronnenlijst) aanwezig zijn. Het concept van de gehele scriptie (inclusief de voormelde onderdelen van voorblad, et cetera) dient op maandag 24 april 2017 zowel als papieren versie (één exemplaar) in het postvak van uw begeleider (bij het secretariaat Notarieel recht) als per email bij uw begeleider te worden ingeleverd. j. Individuele bespreking van concept van gehele scriptie Van maandag 1 mei tot en met donderdag 4 mei 2017 vindt een (individuele) bespreking plaats van het door u ingeleverde concept van de (gehele) scriptie. Uw begeleider heeft zich over alle van belang zijnde aspecten van de scriptie een oordeel gevormd en zal deze met u doornemen. De onderdelen van de concept-scriptie die voor verbetering vatbaar zijn, kunt u vervolgens in de periode tot
vrijdag 19 mei 2017 verbeteren en/of aanvullen (uiteraard met inachtneming van het toegestane maximale aantal woorden). Indien het ingeleverde concept van de scriptie zeer onder de maat is, kunt u van uw begeleider het advies krijgen om met de scriptie te stoppen. Als u stopt zult een jaar moeten wachten voordat u opnieuw een bachelorscriptie kunt schrijven. k. Inleveren van definitieve scriptie en afsluitend scriptiegesprek Uiterlijk op vrijdag 19 mei 2017 vóór 12.00 uur levert u uw definitieve scriptie via Blackboard in. Tevens levert u twee exemplaren van uw definitieve scriptie in, door deze te deponeren in het postvak van de begeleider. Uitsluitend tijdig ingeleverde scripties worden beoordeeld. Alleen de examencommissie kan in verband met bijzondere omstandigheden besluiten om te laat ingeleverde scripties alsnog te laten beoordelen. Als u geen definitieve scriptie inlevert, kunt u ook geen gebruik maken van de mogelijkheid van herkansing. Bij het inleveren vindt ook steeds controle op plagiaat door middel van Turnitin plaats. Uw definitieve scriptie wordt beoordeeld door uw begeleider en een tweede beoordelaar. De cijfers worden in de week van 5 9 juni 2017 via usis bekend gemaakt. In de week van 12 16 juni 2017 vindt het afsluitende scriptiegesprek plaats, waarvoor u door uw begeleider (via mail of op andere wijze) wordt uitgenodigd. 7. Herkansing Indien de scriptie met een onvoldoende wordt becijferd, komt u in aanmerking voor een herkansing indien uw eindcijfer tenminste een 4 of 5 bedraagt. Bij een 4 wordt het overigens afgeraden om te herkansen. Indien u niet of niet tijdig (zonder dat de examencommissie uitstel heeft verleend) een definitieve scriptie hebt ingeleverd, kunt u niet herkansen. Indien u herkanst levert u uw (aangepaste) scriptie uiterlijk op vrijdag 30 juni 2017 12.00 uur via Blackboard in, en deponeert u voor genoemd tijdstip twee exemplaren van uw aangepaste scriptie in het postvak van uw begeleider.