Kwalificatie en Crebo: MK-EIT / TSI 10237 / 10238 Deelkwalificatie en Crebo: 4007 50984 Servicedocument: 6191 / 6192 / 6209 Titel van het examen: Practicum ontwerpen 3 Relevante eindtermen. DK 4007 Ontwerpen, begroten en opleveren elektrische industriële installaties De volgende eindtermen zijn bedoeld in relatie tot het ontwerpen, begroten en opleveren van industriële elektrische installaties. Na het behalen van deze deelkwalificatie dient de leerling onderstaande vaardigheden, vanuit een juiste beroepshouding, inclusief de bijbehorende administratie, op basis van de gebruikelijke tekeningen, werkinstructies en procedures volgens de geldende kwaliteitseisen, veiligheids-, milieu- en Arbo-voorschriften en bepalingen te beheersen: 1 de leerling kan elektrische industriële installaties ontwerpen en tekenen met behulp van een geautomatiseerd tekensysteem. 2 de leerling kan ontwerptechnische berekeningen uitvoeren. 3 de leerling kan elektrische installaties voor speciale ruimten (zoals vochtige, stoffige en explosie gevaarlijke ruimten) toegepast binnen de industrie ontwerpen en tekenen met behulp van een geautomatiseerd tekensysteem. 6 de leerling kan de situatie op de bouwplaats of een bestaande situatie beoordelen met betrekking tot de realiseerbaarheid van het elektrotechnisch ontwerp. 7 de leerling kan gedurende de uitvoering van de installatiewerkzaamheden ontwerptechnische aanpassingen realiseren omwille van de praktische uitvoerbaarheid. 8 de leerling kan de genoemde elektrische installaties controleren en in bedrijf stellen. 9 de leerling kan de genoemde installaties opleveren. 10 de leerling kan de genoemde elektrische installaties periodiek inspecteren en een inspectierapport opstellen. 11 de leerling kan adviseren ten aanzien van het onderhouden van de genoemde elektrische installaties. Taco. Pc,pm,i Rc,pm,i Rc,i Rc,i Geldig vanaf 01-09-05 8064P0010_BTM.doc Pagina 1 van 7
Relevante toetstermen. 6191 Practicum inleiding CAD 01. CAD inleidend 01.01 De leerling kan de algemene kenmerken en toepassingen van het CAD-systeem omschrijven. 01.02 De leerling kan de voor- en nadelen van handmatig en geautomatiseerd tekenen omschrijven. 02.01 De leerling kan met betrekking tot een CAD-programma de belangrijkste commando's uitvoeren, zoals het maken of aangeven van: elementen teksten maten. 02.02 De leerling kan functie en de opzet van de symbolenbibliotheek omschrijven. 02.03 De leerling kan elektrotechnische symbolen volgens de norm aanmaken en opslaan in de bibliotheek. 02.04 De leerling kan een gegeven (schetsmatig opgezet) schema (eenvoudige stroomkringschema of installatieschema) omzetten in een CAD-tekening met behulp van in de bibliotheek aanwezige symbolen. 6192 Practicum CAD elektrotechniek 01. CAD-functies 01.01 De leerling kan met betrekking tot een CAD-programma de belangrijkste manipulatiefuncties uitvoeren, zoals: transleren roteren kopiëren spiegelen wissen verschalen uitrekken. 01.02 De leerling kan met betrekking tot CAD-programma grafische functies uitvoeren, zoals: pan zoom zichtbaar en onzichtbaar maken. Geldig vanaf 01-09-05 8064P0010_BTM.doc Pagina 2 van 7
01.03 De leerling kan met betrekking tot een CAD-programma hulpfuncties uitvoeren, zoals: snip grid trim break werken in lagen instellen van systeemvariabelen. 01.04 De leerling kan met betrekking tot een CAD-programma omgaan met invoer-, uitvoer en beheersfuncties, zoals: inlezen opslaan plotten printen. 02. CAD toepassen 01.01 De leerling kan een gegeven bouwkundige plattegrond van een woonhuis in een CAD-programma opnieuw maken. 01.02 De leerling kan een elektrotechnische installatietekening voor een woonhuis in een CAD-programma maken (op basis van een gegeven ontwerp). 01.03 De leerling kan een groepenoverzicht met behulp van een CAD-programma genereren. 01.04 De leerling kan diverse lijsten, zoals materiaallijsten, met behulp van het CADprogramma genereren. 01.05 De leerling kan op basis van gegeven schetsmatig opgezette schema's in een CADprogramma de volgende schema's en tekeningen maken: stroomkringschema's hoofdstroomschema's aanzichttekeningen. 01.06 De leerling kan de software van tekeningen, schema's en lijsten op een systematische wijze beheren. Geldig vanaf 01-09-05 8064P0010_BTM.doc Pagina 3 van 7
6209 Practicum ontwerpen 3 01. Voorschriften 01.01 De leerling kan de voorschriften uit de NEN 1010, Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties, in relatie tot de vaardigheden genoemd in deze onderwijseenheid, hanteren en toepassen. 02.01 De leerling kan de netcode van de netbeheerder, in relatie tot de vaardigheden genoemd in deze onderwijseenheid, hanteren en toepassen. 02. Ontwerp industriële elektrische installatie of delen daarvan 01.00 Ontwerp 01.01 De leerling kan de gegevens uit een bestek met betrekking tot de elektrische industriële installatie interpreteren. 02.01 De leerling kan de elektrische installatie ontwerpen en het ontwerp met behulp van een geautomatiseerd tekensysteem in de volgende tekeningen weergeven: installatietekening installatieschema ontwerptekening schakel- en verdeelinrichtingen. 02.00 Aanvullingen met betrekking tot de rubriek 01.00 02.01 De leerling kan het schijnbaarvermogen van de installatie berekenen. 02.02 De leerling kan het gelijktijdig vermogen berekenen. 02.03 De leerling kan de vermogensverdeling over de fasen bepalen. 02.04 De leerling kan spanningsverliezen, stromen en vermogensverliezen berekenen in elektrische netten in de volgende situaties: voeding vanuit één punt en - één belasting - een aftaksysteem met gelijke doorsneden - een aftaksysteem met ongelijke doorsneden ringleidingsysteem en - een aftaksysteem met gelijke doorsneden - een aftaksysteem met ongelijke doorsneden uitgaande van gelijkstroom, éénfase en/of driefasennetten. Geldig vanaf 01-09-05 8064P0010_BTM.doc Pagina 4 van 7
02.05 De leerling kan de voedingskabels in éénfase en driefasenstroomketens berekenen, waartoe wordt gerekend: bepaling van de toelaatbare stroom I z bepaling van het type leiding bepaling van de aderdoorsnede bepalen van de maximale lengte uitgaande van: enkele leidingen leiding met aftakkingen parallelle leidingen ringleidingen (open ringleidingsysteem). 02.06 De leerling kan rekening houden met de thermische beïnvloeding van de kabels onderling. 02.07 De leerling kan beveiligingen tegen kortsluiting en overbelasting bepalen en toepassen rekening houdend met: inschakelstromen de aanzetstroom bij motoren, machines en toestellen de gelijktijdigheid de selectiviteit. 02.08 De leerling kan beoordelen op welke punten de kortsluitstroom berekend moet worden. 02.09 De leerling kan kortsluitberekeningen maken uitgaande van: gegevens van het energiebedrijf vanaf de transformator. 02.10 De leerling kan op basis van de kortsluitberekeningen materiaal kiezen of beoordelen. 02.11 De leerling kan een condensatorbatterij(en) berekenen uitgaande van de gegevens van de belasting(en) en de gewenste cos ϕ met betrekking tot inductief belaste éénfase- en driefasenschakelingen. 02.12 De leerling kan de volgende grootheden/factoren in relatie tot 02.11 voor en na cos ϕ - compensatie berekenen: stromen vermogens cos ϕ. Geldig vanaf 01-09-05 8064P0010_BTM.doc Pagina 5 van 7
02.13 De leerling kan de vereffeningsleidingen bepalen en toepassen. 02.14 De leerling kan de aardingsvoorzieningen bepalen en toepassen. 02.15 De leerling kan de inrichting schakelkasten en verdeelinrichting(en) bepalen, waartoe wordt gerekend: schets van de elektrotechnische indeling uitgewerkte aanzichttekening uitgewerkte doorsnede tekening. Geldig vanaf 01-09-05 8064P0010_BTM.doc Pagina 6 van 7
Examentijd. 4 uur Standaard voor het bepalen van het cijfer en de norm van het examen. Aantal goede antwoorden Cijfer 0-14 1 15-24 2 25-34 3 35-44 4 45-54 5 55-64 6 65-74 7 75-84 8 85-94 9 95-100 10 Het examenresultaat is voldoende als minimaal 55% van de opgaven juist is beantwoord. Aantal en soort opgaven. 2 berekeningsvraagstukken en een installatieontwerp Toegestane hulpmiddelen. NEN 1010 Geldig vanaf 01-09-05 8064P0010_BTM.doc Pagina 7 van 7