Oliebranderautomaten

Vergelijkbare documenten
LGA... Gasbranderautomaat. Building Technologies Division

LMO14... LMO24... LMO44... Oliebranderautomaten. Building Technologies Division

ASZ... Potentiometers. Building Technologies Division. ASZxx.3x

Verwarmingselement. Building Technologies Division

Fotoweerstandsopnemer

LFE10. Building Technologies Division

QRC1... Blauwevlamopnemer. Building Technologies

QSZ... Aansteekbrander. Building Technologies Division

Building Technologies Division

Elektrische servomotoren

Assortimentsoverzicht

3 WEG- OMSCHAKELKLEP. Installatie- en gebruikershandleiding. voor warmtapwaterlading. USV 1" bu USV 5/4" bu USV 6/4" bi

Assortimentsoverzicht

Building Technologies Division

QRA2... QRA10... QRA53... QRA55... QRA73... Vlamopnemer. Building Technologies Division

Building Technologies HVAC Products

VIESMANN. Montagehandleiding. Uitbreidingsset mengklep. Veiligheidsvoorschriften. Productbeschrijving. voor de vakman

Inhoud. 1. Veiligheidsinstructies

Documentatie. RM-BV 4 Micro. Filterregeling

Documentatie RM-BV 12. Filterregeling

QXA2000. Condensbeveiliging. Siemens Building Technologies HVAC Products

STORINGSHANDLEIDING GASGESTOOKTE LUCHTVERWARMERS

1. BESCHRIJVING spanningsindicator. voedingsschakelaar. AC uitgangs stopcontact krokodilleklemmen. ventilator 2. VERBINDINGEN

voorschrift Voor de installateur Interface 0-10 V --> ebus AAN DE INSTALLATEUR

Thermische aandrijvingen

Servomotoren voor kleine afsluiters

Kanaalrookdetectoren, SR-K-.. Omschrijving

Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op ter voorkoming van lichamelijk letsel en materiële schade. Lengte van de dompelhuls

URN 1. Gebruiksaanwijzing Stroomomvormer URN 1

MOD-I-XP. Vooraanzicht. Kenmerken. MOD-I-XP_ _NL Technische wijzigingen voorbehouden Pagina 1 van 8. Modem voor externe gegevensoverdracht

Programmeerbare elektronische tijdschakelklok

URN 2. Gebruiksaanwijzing Netvoedingsapparaat URN 2

GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING

Montagevoorschrift. UBA3-module xm10 voor montage in de verwarmingsketel evenals voor wandmontage /2004 NL Voor de vakman

1 Veiligheidsinstructies. 2 Functie. 3 Informatie voor elektromonteurs 3.1 Montage en elektrische aansluiting. Tronic-trafo

BDS-001, besturing voor handbediende schuifdeuren

HANDLEIDING. Scheidingstransformatoren. Scheidingstransformator 7000 W 230V/32A Artikel nummer: ITR

Alarmsirene. Bestnr.: Omwille van het milieu 100% recyclingpapier

Infrarood-vlamopnemer

NRS 2-4. Gebruiksaanwijzing HN-schakelaar NRS 2-4

GASGESTOOKTE LUCHTVERWARMERS

TDS 75. NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer

AX-3010H. Multifunctionele schakelende voeding. Gebruiksaanwijzing

ABB i-bus KNX KNX-voeding met diagnosefunctie, 320 ma/640 ma, DIN-rail SV/S , 2CDG110145R0011, SV/S

VIESMANN. Montagehandleiding VITOTROL 100. voor de vakman. Vitotrol 100 type UTDB-RF

1. Funddamentele veiligheidsinstructies

Bestnr Toerentalregelaar voor ventilator

...een product van BEKA

Systeem 2000 Trappenhuisverlichtingsautomaat, Basiselement impulsgever. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat

Tijdschakelklok. Bestnr.: (groen) (oranje) (transparant) (blauw) Omwille van het milieu 100% recyclingpapier

Beschrijving. De spanningsuitgang is beveiligd tegen kortsluiting en overbelasting. De tweekleurige LED geeft de status van het apparaat weer.

Tuincontactdoos met piket

1. Fundamentele veiligheidsinstructies

VIESMANN. Montagehandleiding. Vitotrol 300. Veiligheidsvoorschriften. Montageplaats. voor de vakman

TDS 20/50/75/120 R. NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer

1 Veiligheidsinstructies. 2 Functie. 3 Informatie voor elektromonteurs 3.1 Montage en elektrische aansluiting. Tronic-trafo

ABB i-bus KNX Universele in/uitgang 12-voudig, inbouw US/U 12.2

Vorstbeveiligingsthermostaat. Vorstbeveiligingsthermostaat met 6 m capillairlengte

Ruimteopnemer. In ventilatie- en luchtbehandelingsinstallaties voor het meten van de relatieve ruimtevochtigheid en de ruimtetemperatuur

Elektromotorische servomotoren voor afsluiters

Heteluchtkanon HP18 / HP 30 / HP 45 RVS BEDRIJFSVOORSCHRIFTEN

Draai de schroeven goed aan zodat u een optimale verbinding bekomt.

ALVORENS DE KOOKPLAAT TE GEBRUIKEN Blz. 19. ADVIEZEN VOOR MILIEUBESCHERMING Blz. 19. WAARSCHUWINGEN EN ALGEMENE WENKEN Blz. 19

CCS COMBO 2 ADAPTER. Handleiding

ilmo 50 WT Ref B

VIESMANN. Montage- en servicehandleiding VITOTROL 200A. voor de vakman. Vitotrol 200A. Afstandsbediening, bestelnr

VIESMANN. Montage- en servicehandleiding VITOTROL 300A. voor de vakman. Vitotrol 300A. Afstandsbediening, bestelnr

Compacte PV-generatorbewaking

1. BESCHRIJVING 2. VERBINDINGEN

Montage- en gebruiksaanwijzing

ABB i-bus KNX Jaloezie-/rolluikactor x-voudig, 230 V AC, DIN-rail JRA/S x , 2CDG1101xxR0011

Elektromotorische servomotoren voor afsluiters

Elektromotorische servomotoren

h Aanwijzing! NL; BENL Bedienings- en installatiehandleiding VRT 50 Kamer(klok)thermostaat Bedieningshandleiding Aanwijzingen bij de documentatie

Installatie- en bedieningsinstructie. Table Stand DS (2018/08) nl

LAADZUIL ELEKTRISCHE MONTAGE EN GEBRUIK Deze handleiding is van toepassing op een DIC laadzuil met plug and play systeem

WHIRLPOOL AKM331. Gebruiksaanwijzing

Halogeen lampenset. Bestnr.: wit chroom titaan. Omwille van het milieu 100% recyclingpapier

Serie 7L - LED-lampen

PRS 9. Gebruiksaanwijzing Programmaschakelaar PRS 9

Bedieningshandleiding. Netgelijkrichter 24 V, 5 A met UPS Oproepsysteem 834

De ET31F (die alleen de vloertemperatuur meet) kan in een andere ruimte geplaatst worden.

Mobrey MCU900-serie 4 20 ma + HART-compatibele controller

Beschrijving: SAM 8.1/2 Tl.Nr.: HOL

GEBRUIKSAANWIJZING REGELEENHEID VOOR ROTERENDE WARMTEWISSELAAR. MicroMax. Art.nr. F IBC control Made in Sweden

MONTAGE & INSTALL ATIE. MultifunctioneleBUVA. Ergo-Motion MFB. besturingsmodule

Bedieningshandleiding. Vloerverwarmingsthermostaat

Gebruiks- en onderhoudsaanwijzing- NL

1 Veiligheidsinstructies. 2 Bedoeld gebruik. 3 Producteigenschappen. 4 Bediening met 2-voudig toetselement. Systeem 3000

Bedieningshandleiding. Analoog uitgang 4-kanaals

QAA910. Siemens Building Technologies HVAC Products. Synco living Ruimtetemperatuuropnemer

Ruimtethermostaat met handschakelaar AAN/UIT Tweepunts regelalgoritme

Kabeltemperatuuropnemer

1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Voedingseenheid. Art.-Nr.: 2005 REG. Art.-Nr.: 2002 REG. Bedieningshandleiding

Transcriptie:

7 8 LOA2... LOA... Oliebranderautomaten LOA2... LOA... Oliebranderautomaat voor de bewaking, inbedrijfstelling en besturing van een- of tweetraps olieventilatorbranders in intermitterend bedrijf. Oliedoorstroomhoeveelheid lager dan 0 kg/h. De LOA2/LOA en dit apparatenblad zijn bestemd voor fabrikanten (OE), die de LOA2/LOA in of aan hun producten inzetten. Toepassing, kenmerken Toepassing De LOA zorgt voor de inbedrijfstelling en de bewaking van een- of tweetraps olieventilatorbranders in intermitterend bedrijf. De vlambewaking gebeurt bij een geelbrandende vlam met fotoweerstandsopnemer QB, bij een blauwbrandende vlam met blauwevlamopnemer QC. Toepassingen conform E 676: Automatische ventilatorbranders voor gasvormige brandstoffen Typegoedgekeurd en toegelaten conform DI E 20:99 Algemene kenmerken Detectie van onderspanning Overbruggingscontact voor olievoorverwarmer (niet bij LOA28.7A27) Bijzondere kenmerken Bijzondere uitvoeringen voor afvalverbrandingsinstallaties en snelstoomopwekkers Kleurige weergave van vlamintensiteit en bedrijf in de uitvoering LOA6 Aanwijzing! iet gebruiken voor nieuwe constructies.

aarschuwingen Het naleven van de volgende waarschuwingen helpt bij het voorkomen van lichamelijk letsel, materiële schade en schade aan het milieu! iet toelaatbaar zijn: het openen of aanpassen van het apparaat, of het aanbrengen van veranderingen. Alle werkzaamheden (montage, installatie, service, enz.) moeten door gekwalificeerd personeel worden uitgevoerd. Alvorens enige wijziging in het aansluitgebied uit te voeren, schakelt u de netvoeding van de installatie volledig uit (onderbreking van alle polen). Beveilig deze tegen onopzettelijk opnieuw inschakelen en controleer of er geen stroom op de installatie staat. Als de installatie niet is uitgeschakeld, bestaat er gevaar op een elektrische schok. Voorkom d.m.v. geschikte maatregelen contact met de elektrische aansluitingen. Het niet naleven hiervan verhoogt het risico op een elektrische schok. Controleer na alle werkzaamheden (montage, installatie, service enz.) of de bedrading zich in de voorgeschreven toestand bevindt en voer de veiligheidscontroles uit zoals beschreven in hoofdstuk Aanwijzingen voor de inbedrijfstelling. Het niet naleven hiervan beïnvloedt de veiligheidsfuncties en verhoogt het risico op een elektrische schok. Bedien de ontgrendelingsknop uitsluitend met de hand (bedieningskracht 0 ), zonder gebruik te maken van werktuigen of scherpe voorwerpen. Het niet naleven hiervan beïnvloedt de veiligheidsfuncties en verhoogt het risico op een elektrische schok. a vallen of stoten mogen deze apparaten niet meer in gebruik worden genomen, aangezien de veiligheidsfuncties, ook zonder uiterlijk zichtbare beschadigingen, beschadigd kunnen zijn. Het niet naleven hiervan beïnvloedt de veiligheidsfuncties en verhoogt het risico op een elektrische schok. Opgelet! De brander moet volgens de relevante voorschriften geaard worden; het aarden van de ketel alleen is niet voldoende! ontage-instructies Houd rekening met de geldende nationale veiligheidsvoorschriften. 2/6

Aanwijzingen voor de installatie Leg de hoogspanning-ontstekingskabel altijd apart van de basisunit en houd een zo groot mogelijke afstand tussen de andere kabels aan. Fasedraden en nuldraden resp. middelleiders mogen bij het aansluiten aan de klemmen en 2 van de automaat niet verwisseld worden. Installeer de schakelaars, zekeringen en aardingen in overeenstemming met de ter plaatse geldende voorschriften. Overschrijd de maximaal toegelaten stroombelasting van de aansluitklemmen niet, zie Technische gegevens. De besturingsuitgangen van de branderautomaat mogen geen (voedings)spanning van buitenaf ontvangen. Bij een functietest van de door de branderautomaat gestuurde apparaten (brandstofventielen, enz.) mag de branderautomaat principieel niet op de aansluitvoet zijn gestoken. Voor het loskoppelen van het net is in elke pool een volledige uitschakeling onder de voorwaarden van de overspanningscategorie III vereist Sluit de verbindingslip van de aardleiding op de aansluitvoet aan. De aansluitvoet is voorzien van metrische schroeven en een borgring. Schakelaars, zekeringen en aardingen moeten in overeenstemming zijn met de geldende plaatselijke voorschriften. Voorzekering maximaal 0 A, flink. Om veiligheidstechnische redenen moet de nulleider op de nulleiderverdeler van de aansluitvoet resp. op klem 2 worden aangesloten. Sluit de onderdelen van de brander (ventilator, ontstekingstransformator en brandstofventielen) aan op de nulleiderverdeler zoals weergegeven in afbeelding 745a4. De verbinding tussen de nulleider en klem 2 heeft een vaste bedrading in de aansluitvoet. Voorbeeld 2 7 4 5 V2 V 745a4/060 Legenda V... Brandstofventiel Ventilatormotor Ontstekingstransformator Juiste bedrading van de nulleider Elektrische aansluiting van de vlamopnemer Het is belangrijk om een zo storingsvrij en verliesvrij mogelijke signaaloverdracht tot stand te brengen: Leg de opnemerleiding niet samen met andere leidingen leidingcapaciteiten verminderen de grootte van het vlamsignaal gebruik een aparte kabel eem de toegelaten lengte van de opnemerleidingen in acht, zie Technische gegevens en apparatenblad / vlamopnemer QB (774) resp. QC (776) /6

Aanwijzingen voor de inbedrijfstelling Voer, bij de inbedrijfstelling van de installatie of bij het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden, de navolgende veiligheidscontroles uit: Uit te voeren veiligheidscontrole Verwachte reactie a) Branderstart met afgeschermde vlamopnemer Storingsuitschakeling aan het einde van de veiligheidstijd b) Branderstart met vreemdbelichte vlamopnemer Storingsuitschakeling na ca. 40 seconden c) Branderbedrijf met simulatie van vlamonderbreking, hiervoor moet de vlamopnemer tijdens bedrijf worden verduisterd en in deze toestand blijven Herhaling gevolgd door storingsuitschakeling aan het einde van de veiligheidstijd ormen en certificaten Toegepaste richtlijnen Laagspanningsrichtlijn 2006/95/EG Elektromagnetische compatibiliteit EC (storingsgevoeligheid) *) 2004/08/EG *) adat de branderautomaat in de installatie werd ingebouwd, dient er een EC-controle plaats te vinden De overeenstemming met de voorschriften van de toegepaste richtlijnen wordt gewaarborgd door de naleving van de volgende normen/voorschriften: Huishoudelijke en soortgelijke elektrische toestellen VDE 0700 Elektrische uitrusting van niet-elektrisch verwarmde warmteapparaten VDE 0722 De geldige uitgave van de normen vindt men telkens op de conformiteitsverklaring! Opmerking over DI E 605-2-02 Huishoudelijke en soortgelijke elektrische toestellen - Veiligheid - deel 2-02: bijzondere eisen voor branders met elektrische connectoren op gas, olie en vaste brandstoffen. De elektrische aansluitingen van de LOA en de AGK voldoen aan de vereisten van E 605-2-02. EAC-conformiteit (Euraziatische conformiteit) ISO 900:2008 ISO 400:2004 SAS 800:2007 China ohs Tabel Gevaarlijke Stoffen: http://www.siemens.com/download?a6v08856 Serviceaanwijzingen De serviceadapters mogen slechts voor korte tijd gebruikt worden. Het gebruik ervan moet gemonitord worden door daarvoor gekwalificeerde deskundigen. 4/6

Levensduur De branderautomaat heeft een ontworpen levensduur* van 250.000 branderstartcycli, wat bij normaal verwarmingsbedrijf een gebruiksduur van ca. 0 jaar inhoudt (vanaf de op het typeplaatje gespecificeerde productiedatum). De basis hiervoor zijn de in de norm E 20 vastgelegde duurzaamheidstests. Het Europese verbond van regelapparatuurfabrikanten (Afecor) heeft een overzicht van de voorwaarden gepubliceerd www.afecor.org). De ontworpen levensduur geldt bij gebruik van de branderautomaat volgens de gegevens in het apparatenblad. Bij overschrijding van de ontworpen levensduur wat betreft het aantal brandercycli of overschrijding van de gebruiksduur moet de automaat door gekwalificeerd personeel worden vervangen. * De ontworpen duur is niet de garantietijd die in de leveringsvoorwaarden beschreven is. Aanwijzingen voor afvoer Het apparaat bevat elektrische en elektronische componenten en mag niet als huishoudelijk afval worden afgevoerd. De plaatselijke en actuele wetgeving moet steeds in acht worden genomen. Uitvoering De oliebranderautomaten zijn steekbaar, geschikt voor montage in willekeurige inbouwstand aan de brander, in een schakelkast of op een schakelpaneel. De behuizing is van slagvaste, warmtebestendige en moeilijk ontvlambare kunststof. Er is een insteekeenheid (9 x 62 x 6 mm, inclusief aansluitvoet) die met een hoorbare klik in de aansluitvoet vergrendelt. De branderautomaat LOA is uitgevoerd in zwarte kunststof. De behuizing omvat - de op een meervoudig omkeerbaar schakelsysteem werkende thermo-elektrische programmabesturing, gecompenseerd volgens de omgevingstemperatuur - de vlamsignaalversterker met het vlamrelais - de ontgrendelingsknop met ingebouwde storingslamp Detectie van onderspanning Een elektronisch schakelcircuit waarborgt dat de oliebranderautomaat bij voedingsspanning onder ca. AC 65 V de branderstart voorkomt of er - zonder brandstofvrijgave - een storingsuitschakeling wordt uitgelokt. 5/6

Typeoverzicht De onderstaande types hebben betrekking op oliebranderautomaten zonder aansluitvoet en toebehoren. Voor bestelinformatie over aansluitvoeten en ander toebehoren, zie Toebehoren. Artikelnr. Type etspanning Detectie van onderspanning Tijden in seconden Vervangtypen ormale uitvoering BP:LOA24.7B27 LOA24.7B27 AC 220 V 0 20 --- 20 LO4.C2 LO24.C2 BP:LOA24.7B7 LOA24.7B7 AC 0 V 0 20 --- 20 LO24.C BP:LOA24.7A27 LOA24.7A27 AC 220 V 0 20 2 20 LO4.C2 et ontgrendeling op afstand BP:LOA26.7B27 LOA26.7B27 AC 220 V 0 20 --- 20 LO4.C2 LO24.C2 BP:LOA6.7A27 LOA6.7A27 AC 220 V 0 20 --- 20 LO4.C2 LO24.C2 Voor afvalverbrandingsinstallaties BP:LOA25.7C27 LOA25.7C27 ¹) AC 220 V 0 --- 2 20 --- BP:LOA28.7A27 LOA28.7A27 ¹) AC 220 V 0 --- 2 20 --- t min. t ca. TSA max. tn ca. tn ca. t4 ca. Legenda ¹) LOA25 en LOA28 zijn bedoeld voor afvalverbrandingsinstallaties, waarbij een storingsuitschakeling door vreemdlicht ongewenst is. Deze oliebranderautomaten vallen niet onder het toepassingsgebied van E 20. t t tn tn t4 TSA Voorspoeltijd Voorontstekingstijd Lange naspoeltijd Korte naspoeltijd Intervaltijd tussen vlamvorming en vrijgave brandstofventiel Aanloop veiligheidstijd 6/6

Serviceadapter (moet afzonderlijk besteld worden) Serviceadapter KF88 Voor functiecontrole van branderautomaat op brander et signaallampen voor programmaweergave et een buspaar voor opnemerstroommeting Serviceadapter KF8840 Voor functiecontrole van branderautomaat op brander et signaallampen voor programmaweergave et aan / uit schakelaar voor simulatie van het vlamsignaal et uitsparingen voor het meten van spanning aan de klemmen van de branderautomaat et een buspaar voor vlamweerstandsmeting Serviceadapter KF8885 Voor functiecontrole van branderautomaat op brander et een schakelaar voor handmatig starten van de brander et een schakelaar voor het simuleren van het vrijgavecontact van de olievoorverwarmer et 2 busparen voor opnemerstroommeting ie montagehandleiding B7986 /6

Toebehoren (moet afzonderlijk besteld worden) Aansluittechniek kleine schakelaars Aansluitvoet AGK Voor de aansluiting van de kleine schakelaars aan de branderinstallatie. ie apparatenblad 720 Kabelhouder AGK66 Voor aansluitvoet AGK ie apparatenblad 720 Kabelhouder AGK65 Voor aansluitvoet AGK ie apparatenblad 720 Vlamopnemer Fotoweerstandsopnemer QB ie apparatenblad 774 Frontbelichting: Blauwevlamopnemer QC ie apparatenblad 776 ijbelichting: 2/6

Toebehoren (moet afzonderlijk besteld worden) Servomotoren Servomotor SQ ie apparatenblad 7808 Servomotor SQ7 ie apparatenblad 7804 Servomotor SQ9 ie apparatenblad 7806 Adapter / vervangtypen Verandering van de bedrading niet vereist Adapter KF889 Ter vervanging van LAB / LAI door LOA Verandering van de bedrading van de aansluitvoet niet vereist Overige Ontgrendelingsmodule op afstand AK2A27 Voor de printplaatuitvoering LOA26 / LOA6 /6

Technische gegevens Algemene apparaatgegevens etspanning AC 220 V 5%...AC 240 V +0% AC 00 V 5%...AC 0 V +0% etwerkfrequentie 50...60 Hz ±6% Voorzekering, extern (Si) ax. 0 A, flink Opgenomen vermogen Ca. VA Toegestane inbouwstand willekeurig Beschermingstype IP40, door inbouw te waarborgen Veiligheidsklasse I (branderautomaat met aansluitvoet) Ingangsstroom aan - klem - klem Toelaatbare leidinglengten - Opnemerkabel afzonderlijk gelegd - Afstandsontgrendeling afzonderlijk gelegd Gewicht ax. 5 A (5 A gedurende max. 0,5 s) ax. 5 A (verminderd met de stroomopname van de brandermotor en olievoorverwarmer) ax. m bij 00 pf/m leidingcapaciteit ax. 20 m ax. 20 m (zie hoofdstuk Vlambewaking) Ca. 80 g Toel. stroombelasting bij cos 0,6 Klem 4 max. Klem 5 max. Klem 6 max. Klem 7 max. Klem 8 max. Klem 0 max. LOA24.7B7 A A 2 A 2 A 5 A A LOA24.7B27 A A 2 A 2 A 5 A A LOA24.7A27 A A 2 A,5 A 5 A A LOA25.7C27 A A 2 A 2 A 5 A A LOA26.7B27 A A 2 A 0, A 5 A A LOA28.7A27 A A 2 A 2 A 5 A A LOA6.7A27 A A --- --- --- --- ilieuvoorwaarden Opslag DI E 6072-- Klimatologische voorwaarden Klasse K echanische voorwaarden Klasse 2 Temperatuurbereik -20...+60 C Vochtigheid <95 % r.v. Transport DI E 6072--2 Klimatologische voorwaarden Klasse 2K2 echanische voorwaarden Klasse 22 Temperatuurbereik -50...+60 C Vochtigheid <95 % r.v. erking DI E 6072-- Klimatologische voorwaarden Klasse K5 echanische voorwaarden Klasse 2 Temperatuurbereik -20...+60 C Vochtigheid <95 % r.v. Opstellingshoogte ax. 2000 m boven normaal nulpunt aarschuwing! Condensatie, ijsvorming en waterinwerking zijn niet toelaatbaar! Het niet naleven hiervan beïnvloedt de veiligheidsfuncties en verhoogt het risico op een elektrische schok. 4/6

Vlambewaking Vlambewaking met QC eetschakeling en lengte van de opnemerleidingen conform apparatenblad 776. QC (typisch) Toelaatbare Type Vereiste opnemerstroom tijdens bedrijf (met vlam) opnemerstroom tijdens de voorspoeltijd (donkerstroom) (zonder vlam) ogelijke opnemerstroom tijdens bedrijf (met vlam) LOA24.7B7 in. 70 µa ax. 5,5 µa ax. 90 µa LOA24.7B27 in. 70 µa ax. 5,5 µa ax. 0 µa LOA24.7A27 in. 45 µa ax. 5,5 µa ax. 45 µa LOA25.7C27 ¹) --- --- --- LOA26.7B27 in. 70 µa ax. 5,5 µa ax. 0 µa LOA28.7A27 ¹) --- --- --- LOA6.7A27 in. 70 µa ax. 5,5 µa ax. 0 µa ¹) Deze LOA mogen niet met de blauwevlamopnemer QC gecombineerd worden. aarden in tabellen gelden alleen bij: - Voedingsspanning naargelang van uitvoering AC 0 V of AC 220...240 V - Omgevingstemperatuur 2 C eetschakeling voor de meting van de opnemerstroom 2 LOA... 78v02/002 bl sw br + µa DC Legenda µa DC DC-icroampèremeter met interne weerstand i = max. 5 k bl blauw sw zwart br bruin QC... De QC is speciaal voor blauw brandende vlammen ontworpen. De lichtinval is frontaal en vanaf de zijkant. Insteekbeveiliging d.m.v. zacht plastic stoppen. Aansluiting -dradig (voorversterker in de opnemerbehuizing geïntegreerd). Voor uitvoeringen, toepassingstechniek en technische gegevens, zie apparatenblad 776. Enkel bij LOA6 Vlamintensiteitsdisplay Opnemerstroom LED AA in. 40 µa ±5% 5/6

Vlambewaking Vlambewaking met QB eetschakeling en lengte van de opnemerleidingen conform apparatenblad 774. Type QB (typisch) Vereiste opnemerstroom tijdens bedrijf (met vlam) Toelaatbare opnemerstroom tijdens de voorspoeltijd (donkerstroom) (zonder vlam) ogelijke opnemerstroom tijdens bedrijf (met vlam) LOA24.7B27 / LOA24.7B7 in. 70 µa ax. 5,5 µa ax. 20 µa LOA25.7C27 LOA26.7B27 LOA28.7A27 LOA24.7A27 in. 45 µa ax. 5,5 µa ax. 45 µa LOA6.7A27 in. 70 µa ax. 5,5 µa ax. 900 µa aarden in tabellen gelden alleen bij: - Voedingsspanning naargelang van uitvoering AC 0 V of AC 220...240 V - Omgevingstemperatuur 2 C eetschakeling voor de meting van de opnemerstroom 2 LOA... 78v0/002 bl sw + µa DC Legenda µa DC DC-icroampèremeter met interne weerstand i = max. 5 k bl blauw sw zwart br bruin QB... Enkel bij LOA6 Vlamintensiteitsdisplay Opnemerstroom LED AA in. 60 µa ±5% 6/6

Functie Voorwaarden voor inbedrijfstelling Detectie van onderspanning Besturingsprogramma bij storingen De benodigde resp. toegestane ingangssignalen naar het besturingsgedeelte en naar het vlambewakingscircuit zijn in het betreffende functiediagram (zie Aansluitschema) door arcering weergegeven. Als deze ingangssignalen ontbreken, dan onderbreekt de automaat het inbedrijfstellingsprogramma en treedt op de plaatsen waar de veiligheidsvoorschriften dit vereisen, storingsuitschakeling in. Automaat is ontgrendeld De contacten van de temperatuur- / drukschakelaar, de temperatuur- / drukregelaars alsook de veiligheidsbegrenzer moeten gesloten zijn, warmtevraag aan klem beschikbaar Geen onderspanning Vlamopnemer verduisterd, en geen vreemd licht Een extra elektronisch schakelcircuit waarborgt dat bij voedingsspanning onder ca. AC 65 V (bij U = AC 220...240 V) de branderstart voorkomen wordt of er - zonder olievrijgave - een storingsuitschakeling uitgelokt wordt. Bij storingsuitschakeling worden in principe de uitgangen voor de brandstofventielen, brandermotor, olievoorverwarmer en de ontstekingsinrichting onmiddellijk (< seconde) uitgeschakeld. De storingssignaallamp licht rood op en klem 0 (alarm) voor de storingssignalering op afstand komt onder spanning te staan. Deze status zal ook bij netspanning interruptie bewaren. Oorzaak a uitval netspanning Vreemd licht bij brander start Geen vlam aan het einde van de veiligheidstijd Bij vlamuitval tijdens bedrijf eactie Herstart Storingsuitschakeling; Bij LOA25/LOA28: Startverhindering Storingsuitschakeling Startherhaling Storingsuitschakeling Ontgrendeling van de automaat a een storingsuitschakeling blijft de LOA vergrendeld (niet veranderbare storingsuitschakeling). Deze status zal ook bij netspanning interruptie bewaren. a een storingsuitschakeling kan de automaat na afloop van 60...90 seconden ontgrendeld worden, zie ook hoofdstuk aarschuwingen. Display Stoorstand Vlamintensiteit De stoorstand wordt weergegeven via de in de ontgrendelingsknop ingebouwde storingssignaallamp. Alleen bij LOA6 Het vlamintensiteitssignaal (groene LED) dient ter controle van het vlamsignaal. Voor een betrouwbaar bedrijf van de brander moet deze LED branden. anneer de groene LED tijdens branderbedrijf flikkert of uitgaat, dan zijn de lichtverhoudingen aan de brander ontoereikend, bv. door vervuiling. Bedrijf Alleen bij LOA6 Bij gesloten temperatuurregelaar brandt de oranje bedrijfssignaallamp en geeft daarmee het begin van de opwarmfase van de olievoorverwarmer aan (indien beschikbaar). 7/6

Aansluitschema inclusief binnenschema Programmaverloop LOA24.7B27 LOA24.7B7 EK L tz2 fr a b T 2 0 8 7 6 4 5 9 2 Si L x AL y z c d tz e f g K BV F V bl QB QC sw 78a06/004 A A B C D BV FS tw t t TSA 78d04/0402 tn t4 8 6 7 4 5 2 br LOA24.7A27 EK L tz2 tz fr x y z a b c d e f g K F V 78a07/004 A A B C D 8 T 2 0 8 7 6 4 5 9 2 Si L AL BV bl QB QC br sw BV FS tw tn t tn t TSA t4 78d0/0402 7 6 4 5 2 LOA25.7C27 LOA28.7A27 EK L tz2 x y z fr** a b c d tz e f g K F V 78a0/004 A A B C D 8 ) 2 0 8 T 6 7 4 5 9 2 2) Si L AL fr** iet bij LOA28.7A27 BV tw BV QB... FS ) LOA25.7C27 2) LOA28.7A27 t tn t TSA 78d02/0402 t4 6 7 4 5 2 8/6

Aansluitschema inclusief binnenschema Programmaverloop LOA26.7B27 et module ontgrendeling op afstand AK2 EK tz2 tz fr L x y z c d e f g a b F K V T 2 0 8 7 6 4 5 9 2 78a08/004 A A B C D tw t tn 8 6 Si L AL SA BV 0 2 0 9 4 AK2A27 EK2 bl QB QC br sw SA BV FS t TSA 78d05/0402 t4 7 4 5 2 LOA6.7A27 et module ontgrendeling op afstand AK2 EK tz2 tz fr L x y z c d e f g LED a b F K V L2 T 2 0 8 7 6 4 5 9 2 78a09/004 A A B C D tw t tn 8 6 Si L AL SA BV 0 2 0 9 4 AK2A27 EK2 bl QB QC br sw SA BV FS t TSA 78d05/0402 t4 7 4 5 2 Legenda AL Alarminrichting Vrijgavecontact van de olievoorverwarmer BV... Brandstofventiel Olievoorverwarmer EK Ontgrendelingsknop QB Fotoweerstandsopnemer EK2 Ontgrendelingstoets op afstand QC Blauwevlamopnemer F Vlamrelais met contacten «fr» bl = blauw, br = bruin, sw = zwart fr Overbruggingscontact voor vrijgavecontact van de Temperatuur- resp. drukregelaar olievoorverwarmer SA Servomotor met automatische herkoppeling FS Vlamsignaal Veiligheidsbegrenzer K Klink van het vlamrelais om het contact (tz) te Si Voorzekering, extern blokkeren bij een voortijdig vlamsignaal of dit T Thermo-elektrische programmabesturing contact te verklinken bij een correct vlamsignaal tz... Contacten van de thermo-elektrische programmabesturing L Storingssignaal, rood Temperatuur- resp. drukbewaker L2 Bedrijfssignaal, oranje V Vlamsignaalversterker LED Vlamintensiteitssignaal, groen Ontstekingstransformator Brandermotor A Begin van de inbedrijfstelling bij branders met TSA Veiligheidstijd begin olievoorverwarmer tw achttijd A Begin van de inbedrijfstelling bij branders zonder t Voorspoeltijd olievoorverwarmer t Voorontstekingstijd B Tijdstip van de vlamvorming tn Lange naspoeltijd C Bedrijfsstand tn Korte naspoeltijd D egeluitschakeling door temperatuur- resp. drukregelaar t4 Intervaltijd tussen vlammelding en vrijgave brandstofventiel Stuursignalen van de LOA Benodigde ingangssignalen Toelaatbare ingangssignalen 9/6

aatschetsen Afmetingen in mm LOA 22 5,5 62,5 88 9 4,5 47 62,5 9 78m06/0205 Aansluitvoet AGK LOA2 LOA Bedrijfssignaal, oranje Vlamintensiteitssignaal, groen >2 >2 >8,5 67,5 50 >66 47 62,5 22 6,5 78m07/004 Ontgrendelingsmodule op afstand AK2A27 Ontgrendelingsmodule op afstand voor LOA26/LOA6. Printplaatuitvoering zonder behuizing. Beschermingsgraad IP00, dus moet zo ingebouwd worden dat het beschermd is tegen aanraken. In het gearceerde deel mogen geen metalen onderdelen aangebracht worden. Bevestiging enkel met afstandshouder uit kunststof. Geen metalen afstandshouders gebruiken. 0/6 206 Siemens AG, Berliner ing 2, D-7647 astatt ijzigingen onder voorbehoud!