Grontmij Belgroma 1

Vergelijkbare documenten
Ruimtelijk Structuurplan Vilvoorde. Inleiding

inleiding ruimtelijk structuurplan tienen stad TIENEN Juli 2006 Erwin Lammens ruimtelijk planner - planoloog

Gemeentelijk Ruimtelijk UitvoeringsPlan Wijziging BPA Kleine Kromstraat

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN

DOSSIER VOOR DE GEMEENTERAAD

Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Berlare

Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Sint-Martens-Latem

Gecontroleerd overstromingsgebied met gereduceerd getij Bovenzanden

GEMEENTELIJK RUIMTELIJK STRUCTUURPLAN SINT - LAUREINS. ONTWERP GRS Inleidend deel

Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Opwijk, herziening Gemeente Opwijk

Vallei van de Benedenvliet/Grote Struisbeek tussen E19 en A12

RUP Molenstraat PROCESNOTA juni 2019 GEMEENTELIJK RUIMTELIJK UITVOERINGSPLAN. Procesnota RUP Molenstraat WIELSBEKE pagina 1

PROVINCIAAL RUIMTELIJK UITVOERINGSPLAN

Besluit van de Deputatie

Pittem RUP Ruimtelijke kwaliteit centrum pittem

RUP Stedelijk Wonen versterkt woonbeleid Stad Gent

Overzicht gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening - GECORO

De gemeenteraad. Ontwerpbesluit

Gemeente Schilde RUP "De Vogelenzang " Procesnota Juli 2018

UITTREKSEL UIT DE NOTULEN VAN DE GEMEENTERAAD VAN 9180 MOERBEKE.

STAD MENEN RUP HAGEWINDE

Stad Gent werkt aan Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan Stedelijk Wonen

GRS AARTSELAAR: INLEIDING I

Gemeente Bree RUP Het gehucht t Hasselt. Procesnota november 2018

RUP Dennenstraat Gemeente Lanaken. Procesnota Juli 2018

Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Kruishoutem

RUISELEDE RUP ZORGDORP

[ INTEGRAAL DETAILHANDELSPLAN]

Provincieraadsbesluit

Een blik op de ruimtelijke planning in Vlaanderen

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het decreet van 25 januari 2014 betreffende het onroerend erfgoed;

RUP Tabaart Stad Bilzen. Procesnota oktober 2017

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN

GECORO Gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening

Brussel, 9 februari 2005 Advies reparatiedecreet. Advies

RUP SITE ECA LEEGSTRAAT

PITTEM RUP DE POSTERIJ

Jouw stem in het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan

Aanvraag van een planologisch attest

gemeente Zwevegem RUP Omleidingsweg IMOG en Moen-Trekweg december 2017, startnota

Gemeente Bocholt RUP AFSCHAFFING OMLEIDINGSWEG N747 KAULILLE. procesnota november 2018

Ingevolge de wet op de ruimtelijke ordening en stedenbouw dd. 29 maart Nog steeds hét juridisch planninginstrument in Watou

INHOUD. Inhoud 3. Woord vooraf 11

Stad Kortrijk. RUP Campus West

Provincieraadsbesluit

Transcriptie:

Deel I Structuurplanningsproces 1

Inhoudsopgave 1 Inleiding... 3 2 Juridische- en beleidscontext... 4 2.1 Objectief van ruimtelijke structuurplanning... 4 2.2 Samenstelling en juridische draagwijdte... 4 2.3 Procedure... 5 3 Totstandkoming van het ruimtelijk structuurplan van Blankenberge... 6 4 Samenwerkingsverband en inspraakbegeleiding... 7 4.1 Gemeentelijk niveau... 7 4.2 Bovengemeentelijk niveau... 9 4.3 Procedureverloop... 9 Uitgave d.d. Opgesteld door HNS Gecontroleerd door KVA Geautoriseerd door KVA augustus 2005 2

1 Inleiding Onderstaande geeft toelichting bij het structuurplanningsproces dat in Blankenberge gevolgd wordt. Vooreerst worden de judiciële- en beleidsachtergrond van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan en de ministeriële richtlijnen voor het planningsproces voorgesteld. In hoofdstuk 3 wordt het samenwerkingsverband en de inspraakbegeleiding op gemeentelijk en bovengemeentelijk niveau geschetst. Hoofdstuk 4 tenslotte geeft de fasering en het tijdsplan van het structuurplanningsproces weer. Uit het structuurplanningsproces komt naar voor dat de opmaak van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan in Blankenberge kadert binnen een geheel aan gemeentelijke ruimtelijke beleidsinitiatieven. De stad Blankenberge voert een continu en intensief ruimtelijk beleid waarvan het ruimtelijk structuurplan deel uitmaakt. Parallel met de opmaak van het ruimtelijk structuurplan werd gewerkt aan dringende ruimtelijke problematieken door de herziening of opmaak van bijzondere plannen van aanleg. Met de opmaak van het structuurplan werd aangevangen in 1996. Bepaalde aspecten zijn niet steeds geactualiseerd tot 2005. Dit doet evenwel geen afbreuk aan het richtinggevend en bindend gedeelte. Structuurplanningsproces 3

2 Juridische he- en beleidscontext 2.1 Objectief van ruimtelijke structuurplanning Een ruimtelijk structuurplan is een beleidsdocument dat het kader aangeeft voor de gewenste ruimtelijke structuur. In de toekomst zal op elk bestuursniveau (Vlaams Gewest, provincie, gemeente) een ruimtelijk structuurplan opgemaakt worden dat de beleidsvisie inzake ruimtelijke ordening formuleert voor het gewest, de provincie of de gemeente. De ruimtelijke structuurplannen van deze drie bestuursniveaus staan in een hiërarchisch verband tot elkaar, waarbij het principe van subsidiariteit wordt gehandhaafd 1. De opmaak van deze ruimtelijke structuurplannen wordt geregeld door het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening 2. Het ruimtelijk structuurplan geeft het kader aan voor het ruimtelijk beleid en is tevens het instrument om een actief beleid te voeren. Het goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk structuurplan vormt het officieel juridisch kader waarbinnen alle toekomstige ruimtebehoevende activiteiten, uitgaande van zowel individuele beslissingen, stedelijke projecten en projecten van de hogere overheden (veelal als gegeven) zich kunnen positioneren. Aan een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk structuurplan wordt immers een juridische indicatieve waarde toegekend, waarnaar ruimtelijke aanlegplannen, stedelijke taakstellingen m.b.t. de uitvoering van het gemeentelijk structuurplan en gemeentelijke verordeningen zich moeten richten. Ook de andere stedelijke uitvoeringstaken (bijvoorbeeld: (her- )aanleg wegen, dorpsherwaardering, milieu-infrastructuur...) met ruimtelijk - structurele consequenties dienen zich te richten naar het goedgekeurde ruimtelijk structuurplan. 2.2 Samenstelling en juridische draagwijdte Het structuurplan bevat een informatief, richtinggevend en bindend gedeelte. Het informatief gedeelte is bedoeld als informatie- en verantwoordingsbasis van de keuzes gemaakt in het richtinggevend en het bindend gedeelte. Het bevat tenminste: een beschrijving, analyse en evaluatie van de bestaande fysische ruimtelijke toestand; een onderzoek naar de toekomstige ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten; het verband met het hogere ruimtelijk structuurplan of, in voorkomend geval, met de plannen van aanleg; de mogelijke alternatieven om de gewenste ruimtelijke structuur te bereiken. 1 2 Het subsidiariteitsbeginsel houdt in dat elke inzake ruimtelijke ordening bevoegde overheid zich bezighoudt met die materies die geëigend zijn om op het bewuste niveau geregeld te worden. Beslissingen moeten genomen worden op het meest geschikte niveau. Het decreet bevestigt grotendeels de regelgeving uitgebracht in het decreet houdende de ruimtelijke planning van 24 juli 1996. Het decreet werd gewijzigd bij decreten van 28 september 1999, 22 december 1999, 26 april 2000, 6 december 2000, 13 juli 2001, 1 maart 2002 en 8 maart 2002. Het richtinggevend gedeelte van een ruimtelijk structuurplan is het deel waarvan een overheid bij het nemen van beslissingen niet mag afwijken, tenzij omwille van onvoorziene ontwikkelingen van de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijk activiteiten of omwille van dringende sociale, economische of budgettaire redenen. Structuurplanningsproces 4

Het bevat tenminste: de doelstellingen, de prioriteiten inzake ruimtelijke ontwikkeling ; een beschrijving van de gewenste ruimtelijke structuur uitgaande van de bestaande ruimtelijke structuur en van economische, sociale, culturele, agrarische, mobiliteits-, natuur- en milieubehoeften en -gevolgen; de maatregelen, middelen, instrumenten en acties tot uitvoering van het ruimtelijk structuurplan. De bindende bepalingen beschrijven de maatregelen waarmee de gemeente de gewenste ruimtelijke structuur wil realiseren. Deze bepalingen zijn bindend voor de gemeente en de instellingen die eronder ressorteren. Het ruimtelijk structuurplan is geen basis voor het verlenen of weigeren van vergunningen. Het heeft geen verordenende kracht ten aanzien van burgers. Uitvoeringsinstrumenten hebben wel verordenende kracht. 2.3 Procedure Onderstaande is een samenvatting van de belangrijkste procedurele aspecten van de opmaak van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan (GRS). Het college van burgemeester en schepenen onderwerpt het ontwerp van GRS aan een openbaar onderzoek. Het college organiseert minstens één informatie- en inspraakvergadering. Het advies van andere bestuursinstanties wordt ingewonnen. De gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening bundelt en coördineert alle adviezen, bezwaren, opmerkingen en brengt een gemotiveerd advies uit bij de gemeenteraad. De gemeenteraad stelt het GRS definitief vast. Het college van burgemeester en schepenen betekent het definitief vastgestelde GRS aan de bestendige deputatie en aan de Vlaamse regering. De bestendige deputatie / Vlaamse regering keurt het GRS goed. Het goedkeuringsbesluit van de bestendige deputatie of van de Vlaamse regering wordt bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. Het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan treedt in werking 14 dagen na de bekendmaking. Het GRS wordt vastgesteld voor een termijn van vijf jaar. Het blijft van kracht totdat het door een nieuw goedgekeurd GRS is vervangen. Het GRS kan ten allen tijde geheel of gedeeltelijk herzien worden. De gemeenteraad beslist tot de opmaak van een gemeentelijk ruimtelijk structuurplan. Het college van burgemeester en schepenen is belast met het opmaken van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan en neemt de nodige maatregelen tot opmaak. De gemeenteraad stelt, na advies van de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening, het ontwerp van gemeentelijk ruimtelijk structuurplan voorlopig vast. Tevens stuurt hij dit ontwerp van GRS op naar de bestendige deputatie van de betrokken provincie en naar de Vlaamse regering. Structuurplanningsproces 5

3 Totstandkoming van het ruimtelijk structuurplan van Blankenberge De opmaak van een structuurplanningsproces ligt volledig in de lijn van het huidig ruimtelijk beleid van de stad Blankenberge. De stad Blankenberge bezit een vaststaande traditie om continu en reeds een tiental jaren met een ruimtelijk beleid actief bezig te zijn en dit via tal van instrumenten zoals het A.P.A., de B.P.A. s, sectorale planvorming, een gronden- en pandenbeleid en diverse ondersteunende maatregelen (subsidies/taksen). Dit ruimtelijk beleid tekent zich duidelijk af in het stadsbeeld en ligt aan de basis van de algemene beoordeling van Blankenberge als een attractieve woonstad en badplaats. De opmaak van een gemeentelijk ruimtelijk structuurplan kadert in dit ruimtelijk beleid. De stad nam reeds voor het decreet op de ruimtelijke ordening verscheidene initiatieven inzake ruimtelijke ordening, waaronder zeker dienen vermeld te worden: Ontwerp - Algemeen Plan van Aanleg; integrale city marketing en management in Blankenberge; structuurplan voor de jachthaven; haalbaarheidsstudie van het Zeebos; diverse verkeersstudies; initiatieven in het kader van het Kustactieplan; gemeentelijk natuurontwikkelingsplan; SIF-beleids- en actieprogramma; subsidiëringbeleid (diverse premies); opmaak en herziening van B.P.A. s; initiatieven inzake huisvesting in samenwerking met het WIH; uitbouw van de ambachtelijke zone in samenwerking met de WIER. Meer toelichting bij deze studies en initiatieven wordt gegeven onder deel II, Informatief gedeelte, hoofdstuk 4. Het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan werd opgestart teneinde de gewenste ruimtelijke structuur geformuleerd in het ontwerp-apa door diepgaand onderzoek te toetsen, verder aan te vullen en te verfijnen. Daarnaast moet het ruimtelijk structuurplan ook het kader vormen voor een gediversifieerd ruimtelijk beleid dat op meerdere fronten tegelijk werkzaam is. Tegelijk met het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan werden het mobiliteitsplan (Grontmij Belgroma, conform verklaard 13 november 2000), het strategisch-commercieel plan (Grontmij Belgroma, december 1998) 3, en de stedenbouwkundige studies aangaande de problematiek van bouwhoogte en open ruimte in de binnenstad (Grontmij Belgroma, maart 1998) opgemaakt. Het studiewerk en de planuitwerking van deze studies gebeurde gecoördineerd met het structuurplanningsproces. Omwille van de noodzaak tot dringende besluitvorming werden gelijktijdig met het structuurplan, de opmaak of herziening van zeven B.P.A. s opgestart. Toelichting hier rond wordt gegeven in deel II, hoofdstuk 4. De planuitwerking van deze uitvoeringsmaatregelen gebeurde gecoördineerd met het structuurplanningsproces. Tenslotte dient erop gewezen dat er door het stadsbestuur continu wordt gewerkt aan strategische projecten, zoals het Zeebos, en dat er een gronden- en pandenbeleid wordt gevoerd in functie van o.m. wooninbreiding en ontpitting. 3 Het strategisch-commercieel plan werd door het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap goedgekeurd in februari 1998. Het vormde de basis waarop het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap in 1998 een medefinanciering toekende aan de herinrichting van het Casinoplein en de Hoogstraat. Structuurplanningsproces 6

4 Samenwerkingsverband en in- i spraakbegeleiding De stuurgroep vormt naast de werkgroep aldus een tweede toetsingskader. Door deze betrokkenheid van de afvaardiging van de bevolking wordt een groot draagvlak voor het structuurplan tot stand gebracht. De stuurgroep bestaat naast de leden van de werkgroep uit bevoorrechte en representatieve getuigen vanuit de bevolking. 4.1 Gemeentelijk niveau Schema samenwerkingsverband Het samenwerkingsverband, geschetst in onderstaand schema, wordt gehanteerd. De plangroep bestaat uit een vast team van medewerkers van Grontmij Belgroma. Vanwege de gemeente Blankenberge wordt een afvaardiging in de werkgroep voorzien van: burgemeester Monset schepen ruimtelijke ordening en leefmilieu, Schepen Moreau tot 31.12.2000, Schepen Benoot vanaf 01.01.2001 schepen voor openbare werken, Schepen Benoot Stadsarchitect G. Devos De medewerking in deze werkgroep bestaat uit het toeleveren van de basisgegevens en het optreden als bevoorrechte getuigen. De werkgroep zorgt ervoor dat het studiebureau correct en grondig op de hoogte gesteld wordt van knelpunten, behoeften, kansen en potenties. Tevens is deze werkgroep het eerste toetsingskader van de voorstellen geformuleerd door het studiebureau. Derhalve dient zij deskundig de verschillende aspecten van het structuurplan te kunnen beoordelen. De werkgroep zetelt tevens in de grotere stuurgroep. De stuurgroep heeft als taak knelpunten en behoeften aan te brengen, de analyses en voorstellen van de werkgroep te evalueren en opmerkingen en suggesties/voorstellen te formuleren. Op verscheidene tijdstippen in het planningsproces worden vergaderingen met de stuurgroep georganiseerd. Structuurplanningsproces 7

Maken deel uit van de stuurgroep: Stad Blankenberge Landbouwraad vzw Natuurreservaten G.C.A. Milieuraad Culturele raad Middenstandsraad Sportraad Dhr. L. Monset, burgemeester Dhr. Moreau, schepen stedenbouw en R.O. Dhr. G. Devos, stadsarchitect Dhr. C. Franck, politiecommissaris Dhr. D. Fevery Dhr. J. Van Gompel Dhr. P. Norro Dhr. P. Konings Dhr. E. Farina Dhr. R. Tosca Dhr. N. Potier Jeugdraad Mevr. K. Laporte Seniorenraad Dhr. W. Demeyer Horeca Blankenberge Dhr. H. Van De Velde 2 e verblijven Mevr. H. Godderis Provincie West-Vlaanderen Dhr. F. Van de Sande P.P.D. ROHM West-Vlaanderen Dhr. J. Vandaele HAVOKOM Dhr. F. Saey VVV Mevr. C. Verburgh Rijksonderwijs p.a. Dhr. Van Caelenbergh Koninklijk Atheneum Vrij Onderwijs P;a. St.-Pieters St.-Jozef nv Grontmij Belgroma Dhr. B. Boydens Dhr. J. Bosschem Mevr. H. Naesens Aangaande de besluitvorming en inspraak rond de mobiliteitsaspecten van het structuurplan dient gewezen te worden op het besluitvormingsproces van het mobiliteitsplan. Ook hierbij is er ondersteuning en inspraak door een stuurgroep. Aangaande visievorming en initiatieven inzake handel en dienstverlening en de uitbouw van de commerciële centra, vormt het strategisch - commercieel plan een belangrijke basis die in het structuurplan verder uitgewerkt wordt. In het kader van het strategisch - commercieel plan werd de inspraak- en begeleiding eveneens tot stand gebracht via een stuurgroep. Naast participatie via de stuurgroep, werd de bevolking in het structuurplanningsproces betrokken via een informatiecampagne. Beoogd werd om enerzijds een forum aan te bieden voor inspraak en anderzijds om een ruim draagvlak voor het structuurplan te verwerven. Het inspraakmoment werd georganiseerd na fase 2, planvorming. Basis voor het inspraakmoment vormde de rapportage van het informatief gedeelte en richtinggevend gedeelte met een belangrijke aanzet voor uitvoeringsmaatregelen. Het inspraakmoment had niet het karakter van een openbaar onderzoek. Het beoogde een sterkere participatie in het besluitvormingsproces doordat de opmerkingen geformuleerd tijdens dit inspraakmoment flexibeler en effectiever in het structuurplan konden geïncorporeerd worden. Vooreerst werd op 2 september 1999 een toelichtingsvergadering gehouden. De studies, analyseresultaten en planvoorstellen bleven vervolgens gedurende gans de maand september op het stadhuis tentoongesteld. De dienst ruimtelijke ordening was ter beschikking voor de nodige uitleg. Twee opmerkingen werden tijdens dit inspraakmoment geformuleerd en door het college van burgemeester en schepenen behandeld. Ten aanzien van het college van burgemeester en schepenen, de gemeenteraad en de gemeentelijke commissie van advies werden op beslissingsmomenten in het planningsproces, besprekingsvergaderingen georganiseerd. Structuurplanningsproces 8

4.2 Bovengemeentelijk niveau Het overleg met AROHM Brussel, ROHM West-Vlaanderen en de provincie West-Vlaanderen werd georganiseerd op basis van: rapportage van fase 1 en 2: tussentijdse nota s: informatief gedeelte en richtinggevend gedeelte nota voor inspraakmoment rapportage van fase 1-3: vóór het voorlopig vaststellen van het ontwerp ruimtelijk structuurplan. Door de actieve participatie van de Plangroep van het Provinciaal Ruimtelijk Structuurplan West-Vlaanderen in de stuurgroep van het GRS Blankenberge, is er een terugkoppeling provinciaal - gemeentelijk niveau. 4.3 Procedureverloop Plenaire vergadering op 18 maart 2003 Advies van de GECORO met betrekking tot het voorontwerp op 18 december 2003 Voorlopige aanvaarding in de gemeenteraad van 22 juni 2004 Het openbaar onderzoek werd georganiseerd van 2 augustus 2004 tot 3 november 2004. Gedurende het openbaar onderzoek was er een informatievergadering voor de bevolking op 3 september 2004 en werd een toelichting gegeven aan de PROCORO op 7 oktober 2004. Advies van de GECORO met betrekking tot het ontwerp en uitspraak over de ontvangen adviezen en bezwaren op 26 januari 2005. Definitieve aanvaarding in de gemeenteraad van 22 maart 2005 Besluit van de bestendige deputatie van de provincie West-Vlaanderen houdende de goedkeuring van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan Blankenberge op 4 augustus 2005. Structuurplanningsproces 9