Protocol Wiegendoodpreventie en maatregelen Helaas komt het in Nederland af en toe voor dat een baby tijdens kinderopvang overlijdt onder het beeld van wiegendood. Aandacht voor preventie en voorzorgsmaatregelen kunnen het risico dat in het bijzonder voor jonge baby s tussen de 3 en 9 maanden relatief hoger blijkt uit te vallen dan in thuissituaties tot het uiterste beperken. Stichting Kinderopvang Oud Gastel Kinderopvang Dikkertje Dap Kinderopvang De Kajuit
1. Wat is wiegendood? Wiegendood is het onverwacht tijdens de slaap overlijden van een kindje van nul tot twee jaar. Voordat het kind overleed waren er vooraf geen duidelijke ziekteverschijnselen. Onderzoek naar de mogelijke oorzaken van het overlijden levert vaak geen duidelijk antwoord op. Tegenwoordig neemt men algemeen aan dat wiegendood in de regel meerder oorzaken tegelijkertijd heeft. Die worden onderscheiden in uitwendige en inwendige factoren. Bekende uitwendige en doorgaans vermijdbare - factoren zijn: Slapen in buikligging/zijligging Zware luchtweginfectie Passief roken Warmtestuwing Rebreathing * Uitwendige adembelemmering Vermoeienis Sederende medicatie** * In deze houding ligt het kind met zijn gezicht op het matras. Baby's hebben nog te weinig reflex om hun hoofd op te tillen of te draaien, om vlot te kunnen ademen. Zo krijgt het kind te weinig zuurstof (verstikking) of zal het de uitgeademde CO2-lucht terug inademen (rebreathing). ** Kalmerend medicijn. De meest bekende inwendige factoren zijn: een licht geboortegewicht Helaas komt het in Nederland af en toe voor dat een baby tijdens kinderopvang overlijdt onder het beeld van wiegendood. Aandacht voor preventie en voorzorgsmaatregelen kunnen het risico dat in het bijzonder voor jonge baby s tussen de 3 en 9 maanden relatief hoger blijkt uit te vallen dan in thuissituaties tot het uiterste beperken. Ouders van baby s ontvangen adviezen over veilig slapen in de regel van consultatiebureau, verloskundigen of kraamzorg. Pedagogisch medewerkers wordt geadviseerd adviezen uit de folder veilig slapen op te volgen. 1
2. Wat kan de pedagogisch medewerker doen om de veiligheid te bevorderen? 1. Leg een baby nooit op zijn buik of zijligging te slapen. Baker baby s niet in. Of ouders moeten hier specifiek om vragen. Er zijn bepaalde, maar niet vaak voorkomende (aangeboren) afwijkingen waarbij buikligging ( tijdelijk) wel wenselijk kan zijn. Vraag ouders in zo n geval om een schriftelijke verklaring te ondertekenen, waarin staat dat de ouders verantwoordelijk zijn/blijven op het moment dat er iets fout mocht gaan. Om aan te kunnen tonen dat Stichting Kinderopvang Oud Gastel zorgvuldig te werk is gegaan. In geval van aansprakelijkheidsstelling is dat van belang. Naast juridische is er de morele aansprakelijkheid. In dat kader is het van belang dat Stichting Kinderopvang Oud Gastel zichzelf geen verwijten hoeft te maken over zaken die hadden kunnen worden voorkomen. ( Formulier zie bijlage) Als ouders verzoeken hun baby in te bakeren, wordt aangegeven dat Stichting Kinderopvang Oud Gastel werkt volgens de richtlijnen van de GGD en het Consultatiebureau. Hierin staat vermeld dat de pedagogisch medewerkers baby s niet mogen inbakeren voor het slapen. Wanneer ouders vragen om hun kind in te bakeren, zijn zij zelf verantwoordelijk en behoren ouders een schriftelijke verklaring te ondertekenen, waarin staat dat de ouders verantwoordelijk zijn/blijven op het moment dat er iets fout mocht gaan. (Formulier zie bijlage) Het inbakeren zelf is géén factor bij wiegendood. Het enige dat uit onderzoek is gebleken is dat een baby ingebakerd op zijn buik een grotere kans heeft om te overlijden dan een baby die niet ingebakerd op zijn buik ligt. 2. Voorkom dat de baby te warm ligt. De factor warmtestuwing speelt een waarneembare rol onder de baby s die onder het beeld van wiegendood overlijden. Door koude overlijdt zelden een baby. Zo lang de voetjes (iets meer betrouwbaar dan het nekje) van een baby in bed prettig aanvoelen, heeft die het niet te koud. Een baby die zweet heeft het al gevaarlijk warm! Wij voelen regelmatig of de baby het niet te warm heeft. Wij zorgen dat het niet te warm is of wordt in de slaapvertrekken. De verwarming hoeft er niet vaak aan. De aanbevolen slaapkamertemperatuur is 15 tot 18 graden. Er hangen thermometers in de slaapkamers om dit te controleren. Wij leggen een baby te slapen in een slaapzak. Wij gebruiken geen dekbed. Wij laten een baby ook nooit met bedekt hoofd slapen! 3. Zorg voor veiligheid in bed. Te zachte matrassen zijn, blijkens vele onderzoeken, een duidelijk verhoogd risico. De Stichting gebruikt in de bedjes goedgekeurde matrassen. Wij gebruiken nooit een kussen. Voor een fopspeen mag niet 2
meer dan 10 centimeter koord worden gebruik. Wij ventileren slaapkamers regelmatig. De ventilatieroosters blijven altijd open. Het beddengoed wordt regelmatig gewassen of gelucht. 4. Voorkom gezondheidsschade door (mee)roken. In al de gebouwen van Stichting Kinderopvang Oud Gastel mag niet worden gerookt. 5. Houdt voldoende toezicht. Houdt nieuwkomers/jonge baby s zoveel mogelijk extra in het oog. Er zijn sterke aanwijzingen dat veranderingen in omstandigheden en routine bij (jonge) baby s stress veroorzaken. Het is daarom verstandig om hetzelfde ritme aan te houden als dat van de ouders. Stichting Kinderopvang Oud Gastel is verantwoordelijk voor het toepassen van de regels omtrent veilig slapen. Van pedagogisch medewerkers wordt geacht eventuele problemen in de praktijk te signaleren. Van belangrijke gebeurtenissen ( ongelukken of bijnaongelukken) dienen zij de leidinggevende op de hoogte te stellen. Als er ondanks alle voorzorgen toch een baby in ogenschijnlijk slechte conditie wordt aangetroffen, prikkel het kind dan door aan te tikken, de voetzolen te kietelen en het op te pakken en zie of het herstelt. Zo niet, sla dan terstond alarm (112 bellen) en begin met reanimatie. Roep indien mogelijk hulp in van anderen, maar laat de kinderen nooit zonder toezicht. Het is van belang om van begin af aan feiten te noteren zoals tijdstip, de omstandigheden en betrokkenen. Zoek contact met de leidinggevenden/directeur, zij nemen contact op met de ouders. Stichting Kinderopvang Oud Gastel handelt volgens protocol van Stichting Onderzoek en Preventie Zuigelingensterfte, bij afkorting Stichting Wiegendood. Betrouwbare voorlichting is belangrijk. Het is helaas onmogelijk om volledige veiligheid te garanderen, maar niemand hoeft onder angst voor wiegendood gebukt te gaan. Wie de preventieadviezen volgt, vermindert de kans dat er iets met de baby gebeurt tot het uiterste. Heel veel kan voorkomen worden door bepaalde dingen niet en andere juist wel te doen. 3. Samenvatting preventie maatregelen Wees goed geïnformeerd over veilig slapen. Houdt jonge baby s tijdens het slapen extra goed in de gaten. Leg een baby nooit op de buik te slapen, tenzij de ouders een schriftelijke formulier van De Stichting hebben getekend. Controleer steeds alle kinderen als je een kind naar bed brengt en minimaal eens per 3 kwartier. Zet de babyfoon aan, wanneer de slaapruimte door omstandigheden niet aaneengesloten is met de speelruimte. Baby s horen in een aaneengesloten ruimte te slapen. 3
Ventileer de slaapkamer/ruimte regelmatig en zorg dat het er niet te warm is. Laat het ventilatierooster open staan. Maak het bedje laag op en gebruik geen dekbed. Rook nooit in het dagverblijf. 4. Handelen in geval van calamiteiten. Blijf kalm. Prikkel de baby ( zonder krachtig te schudden) Roep de hulp in van andere aanwezigen. Pas bij niet reageren op prikkelen reanimatie en mond-op-mondbeademing toe. Bel direct 112. Het volgende moet doorgegeven worden: - Naam - Plaats waarheen hulp moet komen - Beschrijf het ongeval; wat is er gebeurd - Meld dat het om een kind gaat, vermeld leeftijd erbij - Beschrijf de toestand van het kind. Meld wanneer het kind beademd of gereanimeerd wordt Waarschuw leidinggevenden/directeur en ouders. Maak notities. De Stichting beseft dat in geval van overlijden nazorg voor de ouders en de betrokken pedagogisch medewerkers belangrijk is. Goede communicatie tussen alle betrokkenen staat daarbij voorop. In eerste plaats hebben de ouders recht op volledige informatie. Nazorg is van groot belang. Niet alleen voor ouders, maar ook voor de mensen in de kinderopvang. Aandacht voor alle betrokkenen en openheid over de gang van zaken voorkomen dat het rouwproces extra wordt belast. Stichting Onderzoek en Preventie Zuigelingensterfte kan adviseren en behulpzaam zijn bij nazorg. Zie voor meer informatie: www.wiegendood.nl Bijlage: 4
Registratie voor buikligging/zijligging Stichting Kinderopvang Oud Gastel werkt volgens de richtlijnen van de GGD. Hierin staat vermeld dat pedagogisch medewerkers baby s niet op de buik of zij mogen leggen om te slapen. Maar in sommige gevallen moet er een uitzondering gemaakt worden. Wanneer ouders vragen om hun kind(eren) op de buik of zij te leggen, zijn zij zelf verantwoordelijk. Vandaar dit formulier. Ouders geven pedagogisch medewerkers toestemming om hun kind(eren) op de buik of zij te leggen. Naam ouder(s)/verzorger(s): Van (naam kind): Vragen aan (naam pedagogisch medewerker):. Op (datum): Om. op de buik te laten slapen. Handtekening ouder(s)/verzorger(s): Handtekening en naam alle pedagogisch medewerkers groep: 5
Registratie inbakeren Stichting Kinderopvang Oud Gastel werkt volgens de richtlijnen van de GGD en het Consultatiebureau. Hierin staat vermeld dat de pedagogisch medewerkers baby s niet mogen inbakeren voor het slapen. Wanneer ouders vragen om hun kind in te bakeren, zijn zij zelf verantwoordelijk, vandaar dit formulier. Ouders geven de pedagogisch medewerkers toestemming om hun kind in te bakeren voor het slapen. Naam ouder(s) / verzorger(s): van ( naam kind ):. vragen aan ( naam pedagogisch medewerker): op (datum):.. om ( naam kind):.in te bakeren voor het slapen. Handtekening ouder(s)/verzorger(s): Handtekening en naam van alle pedagogisch medewerkers groep: 6
Stappenplan constatering wiegendood Fase 1: Het kind ligt roerloos. Ziet blauw. Roep de naam van het kind. Spreek het slachtoffer aan Fase 2: Met beide handen schouders vastpakken en even rustig schudden. Schud het slachtoffer zacht bij de schouder Fase 3: Luister bij de mond naar ademhaling. Voel of er een hartslag is. Slachtoffer reageert niet Geen teken van circulatie Fase 4: Roep om hulp en noem de persoon bij naam. Vraag 112 te bellen en terug te komen als het gedaan is. Roep om hulp Laat 112 bellen Maak knellende kleding/dingen los Maak de ademweg vrij Beadem 5x Nog geen reactie? 15x borstcompressies 2x beademen Ga door tot het reanimatie team komt 7
8