De kunst van kunstgras 1
Martijn Wester en Benjamin Turner De kunst van kunstgras Castricum 7 februari 2017 Natuur en techniek, NLT Begeleid door Laurent Sikkens 2
Inhoudsopgave INLEIDING 5 DE GESCHIEDENIS VAN KUNSTGRAS 6 GENERATIES IN KUNSTGRAS 6 DE VERSCHILLENDE ONDERDELEN VAN KUNSTGRAS 7 VERSCHILLENDE SOORTEN VEZELS 8 DE VULLING 9 DE STABILISATIELAAG 9 DE SCHOKLAAG 10 DE SPORTTECHNISCHE LAAG 10 DE SUBLAAG 10 VERSCHILLENDE SOORTEN BOVENLAAG 11 VERSCHILLENDE SOORTEN VAN KUNSTGRASPRODUCTIE 12 TUFTEN 12 WEVEN 13 HYBRIDE KUNSTGRAS 13 VERSCHILLENDE SOORTEN KUNSTGRASVEZELS 14 TUFTED XP 15 TUFTED SLIDE MAX XQ 16 TUFTED EVOLUTION XQ 17 WOVEN MX DS 18 MX TRIMENSION 19 XTRAGRASS 20 WRIJVINGSEXPERIMENT VERSCHILLENDE SOORTEN KUNSTGRAS 21 BENODIGDHEDEN: 21 METHODE 22 TOELICHTING VAN HET EXPERIMENT 22 RESULTATEN 23 CONCLUSIE 25 DISCUSSIE VAN DIT EXPERIMENT 25 OVER ONZE ENQUÊTE 26 BLESSUREGEVOELIGHEID 28 ONDERZOEKEN NAAR BLESSURES OP KUNSTGRAS 29 HET AANTAL BLESSURES 30 DE LOCATIE VAN BLESSURES 31 SPELINVLOED 33 DE ACTUELE ONTWIKKELINGEN 35 3
RUBBERGRANULAAT EXPERIMENT 38 BENODIGDHEDEN: 39 METHODE VAN DE SOXHLET EXTRACTIE: 40 METHODE VAN DE PAPIERCHROMATOGRAFIE: 40 TOELICHTING VAN HET EXPERIMENT 41 RESULTATEN 42 CONCLUSIE 43 DISCUSSIE VAN DIT EXPERIMENT 44 DE TOEKOMST VAN KUNSTGRAS 45 DE TOEKOMST VAN KUNSTGRASVELDEN BIJ AMATEURVERENIGINGEN 46 DE TOEKOMST VAN KUNSTGRASVELDEN BIJ BVO S 47 HET TOEKOMSTIGE IMAGO VAN KUNSTGRAS 47 DE TOEKOMSTIGE ONTWIKKELINGEN VAN KUNSTGRAS 48 CONCLUSIE 49 DISCUSSIE 51 WOORD VAN DANK 52 BRONVERMELDING 53 4
Inleiding Competitievervalsing, kankerverwekkend. Dit zijn slechts een tweetal voorbeelden van hoe kunstgrasvelden in de voetballerij in het nieuws gebracht worden. Wij zagen hierin een uitdaging en hebben besloten om de kunstgrasvelden te onderzoeken. Wij hebben ons bezig gehouden met een groot aantal aspecten van het kunstgras om een zo goed mogelijk antwoord te kunnen geven op onze hoofdvraag: Wat is de invloed van kunstgras op het spel en op de fysieke gesteldheid van de spelers? In ons hele onderzoek hebben wij ons alleen gefocust op voetbalkunstgras. Als u het woord kunstgras leest hebben wij het dus over voetbalkunstgras en als wij de spelers hebben geschreven bedoelen wij de voetballers. Om onze hoofdvraag te beantwoorden hebben wij de volgende deelvragen opgesteld: - Hoe ziet de geschiedenis van kunstgras eruit? - Wat zijn de verschillende onderdelen van een kunstgrasveld? - Welke verschillende soorten kunstgras kunnen wij onderscheiden en wat zijn de verschillen tussen deze soorten? - Wat is de invloed van kunstgras op blessures? - Wat is de invloed van kunstgras op het spel - Hoe heeft de actuele situatie van kunstgras zich ontwikkeld? - Hoe kunnen wij aantonen dat er stoffen uit rubbergranulaat vrijkomen? - Hoe ziet de toekomst van kunstgras eruit? Al deze deelvragen hebben wij in dit verslag beantwoord. Figuur 1: Een kunstgrasveld 5
De geschiedenis van kunstgras Kunstgras werd uitgevonden in de Verenigde Staten in begin jaren 60. Een aantal onderzoekers van de universiteit van North Carolina die gespecialiseerd waren in textiel waren de uitvinders. Het eerste kunstgrasveld werd aangelegd op de Moses Brown school in 1965. Dit synthetische gras werd Chemgrass genoemd en had geen materiaal tussen de kunstgrasvezels. Dit Chemgrass kreeg een jaar later een andere naam, namelijk AstroTurf. AstroTurf was niet alleen populair in de Verenigde Staten maar ook in Engeland. In Engeland werd de eerste AstroTurf mat in 1981 aangelegd in Queens Park Rangers in London. Een aantal andere clubs volgden. In Engeland waren de reacties van de voetballers die op dit AstroTurf moesten spelen niet positief. Er werden klachten ingediend over flinke schaafwonden na een glijpartij en over gewrichtspijnen. Hierdoor werd in 1988 kunstgras door de Engelse voetbalbond verboden. Ook in Amerika werden er klachten gedaan naar het schurende en niet dempende AstroTurf. Dit zorgde voor een grote vraag naar een beter ontwikkeld soort kunstgras. Deze generatie kunstgras werd FieldTurf genoemd en bestond uit geweven kunststof sprietjes met daarin rubber bolletjes. Eerst werd er verteld dat deze rubber bolletjes kwamen van oude Nike sportschoenen. Dit bleek echter niet waar te zijn. De bolletjes werden gemaakt van oude autobanden. Waarom oude autobanden? In de Verenigde Staten waren oude autobanden in overvloed. Door de toxische stoffen in deze autobanden waren ze er lastig van af te komen want je kon ze niet zomaar verbranden. Het vermalen van deze autobanden tot vulling leek dus een handige oplossing. Omdat de rubber bolletjes zorgden voor betere demping en minder schaafwonden werd FieldTurf populairder. In de Verenigde Staten liggen er inmiddels al meer dan 11000 kunstgrasvelden en ook in Europa liggen er veel. 1 Generaties in kunstgras Kunstgras kan je tot nu toe indelen in drie generaties. De eerste generatie werd geïntroduceerd in de jaren 70. Deze vezels werden gemaakt van polypropyleen. De tweede generatie kunstgras werd geïntroduceerd in eind jaren 70. Dit kunstgras werd gevuld met zand. Dit was mogelijk doordat de vezels verder uit elkaar werden getuft in vergelijking tot de eerste generatie. De derde generatie kunstgras is het kunstgras dat wij nu kennen. Het is voornamelijk gemaakt van polyethyleen wat zachter is voor de huid waardoor slidings niet meer hele erge schaafwonden opleveren. Ook de rubberen vulling is een kenmerk van deze derde generatie. Deze vulling zorgt voor demping en een correcte balsnelheid. 2 1 Jurgen van Teeffelen. (2016). Rubberkorrels op kunstgras: geen discussie in Amerika? Geraadpleegd op 2 december 2016, Https://www.scientias.nl/rubberkorrels-op-kunstgras-geen-discussie-amerika/ 2 Van Dijk, R. en De Groot, T. (2014). Green Grass. Johan Cruyff Institute for Sport Studies 6
De verschillende onderdelen van kunstgras Als een voetbalorganisatie een kunstgrasveld wil laten aanleggen kan het ervoor kiezen om dit bij een producent te doen die gekeurd is door de FIFA, de Wereldvoetbalbond. Alle typen velden die goedgekeurd zijn door de FIFA behoren tot het FIFA Quality Programme for Football Turf. Er bestaan ontzettend veel verschillenden soorten kunstgrasvelden. Er zijn in totaal 2276 velden die voldoen aan het FIFA Quality Programme for Football Turf. Al deze verschillende soorten bestaan uit dezelfde basis opbouw. Deze basis opbouw zullen wij in dit hoofdstuk uiteenzetten. 3 4 Figuur 2: Grafische weergave van een kunstgrasveld 3 Quality assurance. (z.d.). Geraadpleegd op 20 december 2016, http://quality.fifa.com/en/football-turf/about-football-turf/quality-assurance/ 4 FIFA-tested football turf products. (z.d.). Geraadpleegd op 20 december 2016, http://quality.fifa.com/en/football-turf/turf-products/#/index 7
Verschillende soorten vezels De vezels van het kunstgras zijn de synthetische grassprieten. De dikte van de kunstgrasvezels bepaalt de flexibiliteit van het kunstgras en varieert van 90 tot 200 μm (0,200 mm). 5 Er zijn twee hoofdtypen vezels te onderscheiden: de gefibrilleerde vezels en de monofilament vezels. Gefibrilleerde vezels Deze vezels zijn voor het snijden 10 à 12 millimeter breed. Vervolgens wordt de vezel over een rol met mesjes geleid. Hierdoor ontstaan er sneetjes, op circa 1 à 2 millimeter afstand, in de vezel en ontstaat er een honingraatstructuur. Vervolgens wordt de vezel gedraaid en kan deze eenvoudig getuft worden in de backing van de grondlaag om daarna afgesneden te worden op de gewenste lengte. Voordelen van gefibrilleerde vezels: Door de honingraatstructuur wordt het invulmateriaal beter ingekapseld en blijft de structuur steviger Door deze stevige structuur zijn de gefibrilleerde vezels en dus de gehele mat stabieler En door de stevige structuur komt er ook minder invulmateriaal los Nadelen van gefibrilleerde vezels: Als de vezel niet meer verder kan fibrilleren ontstaan er dunne vezels, dit kan verhoogde slijtage geven De dunne vezels hebben minder krachten gaan eerder liggen dan de dikke vezels Monofilament vezels Monofilament vezels worden in een beweging geproduceerd door een extruder, een 3d printer voor plastic. De vezels zijn 1 tot 2 millimeter breed. Deze vezels worden niet verder bewerkt en hebben dus direct hun uiteindelijke vorm. Bij het tuften in de backing van de grondlaag worden de vezels eerst gebundeld, vervolgens getuft en daarna afgesneden op de gewenste lengte. Bij de meeste producties worden ongeveer 5 vezels in 1 tuft verwerkt. Het tuften van monofilament vezels is niet eenvoudig en kan hierdoor tot kwaliteitsverschillen leiden. Voordelen van monofilament vezels: De vezel wordt ontworpen op de computer en kan dus rond aan de randen geproduceerd worden De grasspriet wordt niet smaller omdat hij zijn formaat behoudt en is dus duurzamer Nadelen van monofilament vezels: Er is een slechtere insluiting van het invulmateriaal dan bij gefibrilleerde vezels De vezels met een slechte kwaliteit breken snel 6 5 Bekaert, M. en Seeuws, Y. Analyse van de biomechanische interactie tussen verschillende types voetbalschoenen en kunstgras bij de voetbalspecifieke 135 draaibeweging. 2009-2010. Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen Opleiding Lichamelijke Opvoeding en Bewegingswetenschappen Universiteit Gent. 6 Van der Wiele, S. en De Mol, R. Kunstgraskijkdag Gemeente Castricum / FC Castricum. 18 januari 2008. Adviesburo De Meent b.v. 8
De vulling Tussen de vezels bevindt zich de vulling. Er zijn vier typen vulling die het meeste voorkomen: kurk, EPDM rubber, TPE en normaal rubber, ook wel bekend als SBR. De vulling heeft verschillende functies. Het moet de balsnelheid bevorderen, als schoklaag fungeren, slidings maken mogelijk maken en voor meer stevigheid tussen de vezels zorgen. De kurk vulling wordt simpelweg gemaakt van kurk. Deze manier van het vullen van het kunstgrasveld is vrij nieuw en er wordt in minder dan 100 FIFA-tested football turf products kurk in de vulling verwerkt. 7 Waarom zou je toch voor kurk kiezen? Kurk heeft een zeer grote weerstand en zal niet snel kapot gaan. Daarnaast heeft kurk een verkoelende werking op het kunstgrasveld en is de schokabsorberende functie van kurk groter dan die van rubber. Als laatste is kurk ook beter voor het milieu dan rubber omdat het volledig recyclebaar is. Daarentegen heeft kurk ook een aantal nadelen, de prijs is namelijk erg hoog en de kwaliteit van kurk verschilt nogal. De vulling moet ook vaak bijgevuld worden en verpulverd snel als het niet besproeid wordt. EPDM is ethyleen-propyleen-dieen-monomeer. Het is een synthetische rubber. De voordelen van EPDM zijn dat het niet stinkt wanneer het warm wordt, het niet geproduceerd wordt met zware metalen en dat het goede speelcondities levert. De nadelen ervan zijn de hoge prijs, het feit dat het materiaal niet recyclebaar is en dat EPDM harder wordt naarmate de gebruikstijd vordert. TPE zijn thermoplastische elastomeren. Het zorgt voor net zo goede speelcondities als SBR en gebruikt evenals kurk geen zware metalen bij de productie. Het gaat niet stinken bij verhitting en heeft een verkoelende werking op het kunstgrasveld. Boven dit alles kan TPE ook nog gerecycled worden. Het enige nadeel is de hoge prijs die TPE met zich meedraagt. De meest voorkomende soort van vulling is SBR. Het zorgt voor extreem goede speel condities en heeft een langdurige levensloop. Het is daarnaast zeer goedkoop en wordt daarom erg veel gebruikt. De nadelen van SBR zijn veelvuldig. Het gaat stinken bij hoge temperaturen, kan niet gerecycled worden en verhoogt de temperatuur van het veld. Daarnaast heeft SBR wellicht nog een negatieve bijwerking die wij in ons hoofdstuk actualiteit uiteen zullen zetten. 8 De stabilisatielaag De stabilisatielaag bevindt zich op het gronddoek en zorgt voor de stabiliteit van het kunstgras. Dit gronddoek is een ondersteunende backing waarin de grasvezels geweven zijn. De backing bestaat uit twee sublagen, waarbij de eerste sublaag samengesteld is uit polyester of polypropyleen en als functie heeft om de vervorming ten gevolge van warmtestraling of belasting door gebruik tegen te gaan. De tweede sublaag is geproduceerd uit latex of polyurethaan en houdt de grasvezels op hun plaats. Elke backing wordt daarnaast nog voorzien van holtes met een diameter van 4 mm die de nodige waterdoorlaatbaarheid leveren. 9 7 FIFA-tested football turf products. (z.d.). Geraadpleegd op 20 december 2016, http://quality.fifa.com/en/football-turf/turf-products/#/index 8 McKenzie, J. (28 mei 2015). SBR Rubber It s a question of safety. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://tigerturf.com/nz/sbr-rubber-its-a-question-of-safety 9 Bekaert, M. en Seeuws, Y. Analyse van de biomechanische interactie tussen verschillende types voetbalschoenen en kunstgras bij de voetbalspecifieke 135 draaibeweging. 2009-2010. Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen Opleiding Lichamelijke Opvoeding en Bewegingswetenschappen Universiteit Gent. 9
De schoklaag De schoklaag wordt aan de onderkant van deze backing vastgelijmd en zorgt voor extra demping van het kunstgras. Deze demping is cruciaal om blessures te voorkomen en om de bal op een natuurlijke wijze te laten stuiteren. Schoklagen worden gemaakt van een foamstructuur. De nieuwst soort schoklaag van Ten Cate bestaat uit tientallen foamringen per vierkante meter. Omdat de functie van een schoklaag het absorberen en zorgen voor demping is is het logisch dat er als materiaal voor foam wordt gekozen. De sporttechnische laag De sporttechnische laag wordt aangelegd onder het gronddoek en de schoklaag. De functie van deze laag is het verhogen van het speelcomfort. In het begin hadden kunstgrasvelden een dynamische fundering, bestaande uit een mengsel van bijvoorbeeld lava en rubber. Later zijn alternatieven ontwikkeld, waaronder ketelzand/ rubber-, steagran/rubber-, zand/rubber-mengsels, asfalt en elayer. Door het rubber in de sporttechnische laag werd het veld zachter, wat door de spelers als prettig is ervaren. Door strengere eisen van zowel de KNVB, de spelers en de bedrijven is de samenstelling van de sporttechnische lagen veranderd. Doordat er in de bovenste laag van het kunstgras steeds meer rubber en andere vulling werd gestrooid werd het minder noodzakelijk om in de sporttechnische laag ook rubber op te nemen. Vanwege milieueisen is rubber in de sporttechnische laag vaak ook niet meer toegestaan. De harde, sporttechnische lagen zijn de standaard geworden en bestaan uit lava, zand/lava-mengsel, beton, asfalt, ketelzand, steenslag en veel andere soorten materiaal. Niet op elke soort sporttechnische laag is het noodzakelijk om een shock pad te installeren. 10 De sublaag Onder de sporttechnische laag bevindt zich de sublaag. Dit is een laag van aarde/zand In de sublaag bevindt zich ook de drainage. Bij het produceren van het gronddoek waar de vezels in getuft of geweven worden wordt als laatste stap het doek door een hete, ronddraaiende en van nagels voorziene rol gedraaid. Hierdoor ontstaan kleine gaten in het gronddoek. Als er neerslag op het kunstgrasveld valt zal het water door deze kleine gaten wegvloeien. Hierna komen zij terecht in achtereenvolgens de schoklaag, het geotextiel en de sporttechnische laag. Al deze lagen hebben drainage- en irrigatie functionaliteit. Het water wordt vervolgens opgevangen door het drainagesysteem en afgevoerd. 10 KNVB. (z.d.). Onderhoud kunstgrasvelden. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.knvb.nl/downloads/bestand/1413/kunstgras-onderhoudsbrochure 10
Verschillende soorten bovenlaag In dit deel van ons werkstuk zullen wij kijken naar de verschillende soorten bovenlagen van kunstgras. Wij zullen het dus hebben over het type vezel, de manier waarop de vezels in het gronddoek zijn gebonden en de voor- en nadelen van deze soorten. In totaal zijn er ontzettend veel verschillende soorten bovenlagen kunstgras. Er zijn echter een drietal hoofdgroepen te onderscheiden: Geweven kunstgras Getuft kunstgras Hybride kunstgras Hybride kunstgras is een combinatie van kunst- en natuurgras. Deze kunstgras soort wordt nader beschreven in ons onderdeel over Xtragrass. Geweven en getuft kunstgras bestaan beiden volledig uit kunstgrasvezels met vulling. Het verschil tussen deze twee soorten is groot in zowel de productie als de eigenschappen van het gras. Eerst zullen wij deze verschillende manieren van produceren uiteenzetten. 11
Verschillende soorten van kunstgrasproductie Tuften Het tuften van kunstgras is de traditionele manier van produceren. Deze techniek is ontstaan in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Het tuften wordt gedaan door een machine wiens werking vergeleken kan worden met die van een naaimachine. De machine is circa vijf meter breed en over de gehele breedte zitten honderden naalden opgesteld. Elke naald gaat door het doek en bij het terugkeren van de naald vormt het een lus. Aan het eind van het proces wordt een latex laag aangebracht zodat de draden blijven zitten. Het ontwerp van het doek wordt geprogrammeerd in een ontwerpprogramma. Voorbeelden hiervan zijn Booria Carpet Designer Robotuft Edition en Hitex Tuft Crad. Beschrijving van het proces van een tuft machine De klossen en de garens worden op de rekken geplaatst De garens worden door buisjes naar de naalden in de tuf machine geleid met behulp van een veranderende luchtdruk Een naald brengt het garen door het gronddoek Een haak pakt de draad op waardoor een lus ontstaat. Dit heet de lussenpool Een mes snijdt de lussen door, er ontstaat een gesneden pool Om de draden vast te laten zitten wordt er een latex laag aangebracht Vervolgens wordt er een tweede latex laag aangebracht Tuft geweer Een tuft geweer wordt gebruikt om kleine fouten in het gronddoek die bij het tuften gebeurd zijn te herstellen. Ook kan het gebruikt worden om bij het tuften van tapijten ingewikkelde patronen te tuften. 11 Figuur 3: Een tuftmachine 11 De Ruijter, L. en Schreurs, M. (2010). Tuften. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://technotheek.utwente.nl/wiki/tuften 12
Weven Greenfields is de enige kunstgrasproducent die hun kunstgrasvelden ook weeft in plaats van tuft. Deze techniek is door Greenfields gepatenteerd en heet de driedubbele W-weaving techniek. Door het patenteren van deze techniek heeft Greenfields ervoor gekozen om de manier waarop het gras geweven wordt niet openbaar te maken. Wij kunnen de precieze techniek helaas dus niet beschrijven. Figuur 4: Geweven kunstgras Het voornaamste voordeel van het weven van kunstgras is dat de bundels van vezels niet los te maken zijn van de onderlaag. Hierdoor bestaat de bovenlaag niet uit rijen van getufte vezels maar uit kunstgraspollen, zoals dit ook op een natuurveld is. Op deze manier staan de kunstgrasvezels permanent rechtop, hierdoor rolt de bal natuurlijker en kunnen de voetballers makkelijker hun noppen tussen de vezels plaatsen. Hierdoor is de bewegingsvrijheid van de spelers toegenomen. Het tweede voordeel van deze techniek is dat de vulling tussen de vezels vrij kan bewegen, hierdoor behoudt het veld ook na intensief gebruik een soepele beleving 12 Hybride kunstgras Hybride kunstgras is zoals de naam verraadt een combinatie van natuur- en kunstgras. Het principe van deze soort kunstgras is dat de kunstgrasvezels steun bieden aan het natuurgras waardoor deze steviger in het veld staan. De kunstgrasvezels worden in een gronddoek getuft. Dit gronddoek wordt aangelegd op de aarde en daar worden de graszaden tussen gestrooid. Het gras groeit tussen de vezels en kan gewoonweg gemaaid worden. 12 (z.d.) Geweven kunstgras. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.tencate.com/nl/emea/voetbal/kunstgras-producten/geweven-kunstgras/default.aspx 13
Verschillende soorten kunstgrasvezels Binnen deze drie hoofdsoorten zijn er ontzettend veel subsoorten. Wij hebben besloten om de 6 meest verkochte soorten van de grootste FIFA Preferred Producer ter wereld te analyseren. Deze soorten heten: Tufted XP Tufted Slide Max XQ Tufted Evolution XQ Woven MX DS Woven MX Trimension Xtragrass 14
Tufted XP De XP vezels zijn de meest duurzame getufte vezels die er zijn. Het zijn gefibrilleerde vezels die een natuurlijk uiterlijk hebben en zorgen voor een zachte ondergrond. De vezels zijn parallel gefibrilleerd. Omdat de XP vezels zo duurzaam zijn zijn zij zeer geschikt voor velden die voor meerdere doeleinden gebruikt worden. De XP velden moeten vooral gezien worden 13 14 als multi-inzetbare velden en niet als voetbalvelden van de hoogste kwaliteit. Figuur 5: Weergave van de duurbaarheid van vershillende typen vezels Figuur 6: Weergave van duurzaamheid van verschillende soorten vezels Figuur 7: Weergave van een Tufted XP vezel 13 Greenfields. (z.d.). Tufted products. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.greenfieldsusa.com/tufted-products/ 14 Ten Cate Grass. (z.d.). Tapeslide XP: stays around when other turfs split. 15
Tufted Slide Max XQ Ook deze vezels hebben een erg lange levensduur. Een veld met Slide Max XQ vezels kan 12 jaar meegaan. De polymeer gebruikt in de Slide Max XQ vezels is gebaseerd op Ten Cate XQ technologie. Deze technologie verwijderd de zwakke punten uit de vezels waardoor zijn minder snel splijten dan andere typen vezels. Omdat de vezels dus niet snel splijten blijven zij lang rechtop staan. Hierdoor is het niet nodig om dikkere vezels te gebruiken en kan er een uiterlijk van het gras zo dicht mogelijk bij natuurgras zitten. 15 De vezels van dit type kunstgrasveld hebben een diamantvorm en een geribbelde buitenkant, dit alles draagt bij aan de grote levensduur van de vezels. 16 Figuur 8: Weergave van een Slide Max XQ vezel 15 Ten Cate Grass. (z.d.). Evolution with XQ technology: the way it stands up makes it stand out.. 16 Ten Cate Grass. (z.d.). Greenfields Corporate Presentation. 16
Tufted Evolution XQ De slogan van Ten Cate voor dit product is The way it stands up makes it stand out. Dit geeft ook weer aan dat de focus bij het produceren van deze vezel erg lag op de lange levensduur. De vezels zijn, zoals in de afbeelding hieronder te zien is, boogvormig met een soort ruggengraat in het midden. Dit zorgt voor een ongekende stevigheid van de vezels waardoor zij niet alleen niet splijten, wegens de XQ technology, maar zij ook nog na langdurig gebruik rechtop blijven staan. Door de vorm van de vezels lijkt het speelveld zowel in fysieke als esthetische eigenschappen erg op normaal natuurgras. 17 Figuur 9: Weergave van een Tufted Evolution XQ vezel 17 Greenfields. (z.d.). Tufted products. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.greenfieldsusa.com/tufted-products/ 17
Woven MX DS MX staat voor de gepatenteerde weeftechniek van Greenfields Ten Cate. DS staat voor Diamond-Shaped Yarn. De naam geeft een erg goede samenvatting van dit type vezel. De vezels worden namelijk in bundels in het gronddoek geweven en de vezels hebben, evenals de Tufted Max XQ, een diamanten vorm. De buitenzijden van de vezels zijn allemaal geribbeld, maar zij verschillen onderling wel in grote, namelijk klein, gemiddeld en groot. MX DS is de nieuwste type vezel van Greenfields en heeft van alle vezels de langste levensduur. 18 De slijtvastheid van kunstgras geldt als een belangrijke maatstaf voor de aanschaf en bespeelbaarheid van een kunstgrasveld. De waarde wordt gemeten met zogeheten Lisporttestapparatuur, een ronddraaiende noppenrol die de bespeling met sportschoenen simuleert. Kunstgraskwaliteiten die 30.000 of 40.000 cycli doorstaan zijn wereldwijd al vrij uitzonderlijk maar het innovatieve GreenFields MX DS doorstond maar liefst 100.000 (!) cycli. Daarmee biedt GreenFields het meest duurzame en slijtvaste kunstgras in haar soort. 19 Figuur 10: Weergave van een Woven MX DS vezel 18 Greenfields. (z.d.). MX DS the most durable turf ever. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.greenfields.eu/sports-news/mx-ds-durable-turf/ 19 sportzaken.pro. (9 januari 2014). GreenFields MX DS duurzaamste kunstgras ter wereld. Geraadpleegd op 20 december 2016, https://sportzaken.pro/kunstgrasveldproductie/greenfields-mx-ds/ 18
MX Trimension Bij deze vezel wordt wederom gebruik gemaakt van de MX weef techniek. Het verschil met MX DS is dat in dit type vezel er drie verschillende types zitten. Namelijk de diamant vezels, de gebogen vezels en de trilobal vezels. De trilobal vezels komen meer voor in andere soorten kunstgras van greenfields die wij niet in dit verslag uiteen hebben gezet. De trilobal vezels hebben de vorm van een ouderwetse katapult met drie uitstekende vlakken vanaf een centraal punt. De vezels dragen de bal en laten, net als bij natuurgras, ruimte over tussen de bal en de ondergrond. Hierdoor kunnen de spelers de bal op een natuurlijke manier raken waardoor het de natuurlijke speelwijze benadert. 20 Figuur 11: Weergave van een MX Trimension vezel 20 Greenfields. (z.d.) MX Trimension: product sheet. 19
Xtragrass Het grote voordeel van kunstgras is de stabiliteit die het de spelers biedt. Het grote voordeel van natuurgras is dat de bal op een natuurlijke manier beweegt waar alle spelers gewend aan zijn. Met Xtragrass, een hybride veld, worden deze twee eigenschappen gecombineerd. Het kunstgras wordt aangebracht op de aarde op een biologisch afbreekbaar gronddoek. Hiertussen wordt gras gezaaid. Het gras groeit tussen de kunstgrasvezels. Deze vezels bieden steun aan het natuurgras waardoor het niet omvalt en het steviger blijft staan. 21 Figuur 12: Weergave van een veld met Xtragrass vezels 21 Xtragrass: the best of both worlds. Geraadpleegd op 20 december 2016, xtragrass-hybrid-turf.com 20
Wrijvingsexperiment verschillende soorten kunstgras Wij wilden zelf ondervinden of er een significant verschil is tussen de wrijvingskracht van verschillende soorten kunstgrasvelden. Om dit te onderzoeken hebben wij samen met onze docent natuurkunde een proef opgesteld. Deze proef hebben wij in het volgende onderdeel beschreven. Benodigdheden: Verschillende soorten kunstgrasvelden Mechanisme met constante afschiet kracht Vlak blok hout Meetlint Figuur 13: Weergave van ons afschietmechanisme-ontwerp We hebben ons afschietmechanisme eerst ontworpen met de computer en dit ontwerp is hierboven weergegeven. De vierhoek is het blok hout. De horizontale lijn is een elastiek. Dit ontwerp hebben wij met huis-tuin en keukenspullen verwezenlijkt. Voordat wij de proef hebben uitgevoerd hebben wij bij onze natuurkunde docent gecontroleerd of hij onze verwezenlijking van het ontwerp goedkeurde en dit was het geval. In de afbeelding op de volgende pagina is ons mechanisme inclusief blok hout te zien. Onze proef hebben wij uitgevoerd bij SV Koedijk. Wij hebben voor deze vereniging gekozen omdat zij 3 kunstgrasvelden met grote verschillen hebben. Zij hebben een nieuw kurk-veld, een nieuw rubber-veld en een oud rubber-veld. Voordat wij onze proef daadwerkelijk uitgevoerd hebben bij de club hebben wij toestemming gevraagd bij de secretaris waarna hij ons zeer vriendelijk uitnodigde. 21
Methode 1. Installeer het afschietmechanisme tegen de achterlijn van het veld 2. Leg het meetlint in parallel aan de zijlijn langs het afschietmechanisme 3. Schiet het blok hout in een rechte lijn af met het mechanisme 4. Meet de afgelegde afstand van het blok hout langs het meetlint 5. Noteer de afgelegde afstand 6. Herhaal stappen 1 tot en met 5 20 keer 7. Herhaal stappen 1 tot en met 6 op alle kunstgrasvelden van de vereniging Ter verduidelijking van de stappen 1 en 2 hebben wij hieronder een foto gemaakt tijdens de uitvoering van onze proef geplaatst. Figuur 14: Foto van onze proefopstelling Toelichting van het experiment Op het eerste gezicht denkt u wellicht dat wij helemaal niks kunnen bewijzen met dit experiment. Echter zijn er een aantal cruciale factoren in de uitvoering van ons experiment waardoor wij alsnog een uitspraak kunnen doen over onze verzamelde resultaten. Doordat het afschietmechanisme een constante afschiet kracht leverde werd het blok hout steeds met dezelfde kracht afgeschoten. Doordat het blok hout vlak was en telkens op dezelfde manier werd afgeschoten was ook deze factor constant. De enige factor die dus veranderde was de ondergrond. Op basis van de gemiddelde afstand dat ons blok hout af heeft gelegd kunnen wij dus zeggen welk veld de grootste wrijvingsweerstand heeft geleverd. Een grotere wrijvingsweerstand zou leiden tot een kleinere gemiddeld afgelegde afstand. 22
Resultaten De resultaten van ons experiment hebben wij weergegeven in de onderstaande tabel. De afgelegde afstanden zijn vermeld in centimeters. Veld F veld C veld B veld A veld Meting 1 80 100 100 62 Meting 2 78 110 109 71 Meting 3 60 86 92 65 Meting 4 79 92 88 66 Meting 5 84 97 98 65 Meting 6 67 93 86 69 Meting 7 90 83 97 66 Meting 8 91 91 112 67 Meting 9 86 104 100 61 Meting 10 67 89 86 71 Meting 11 84 86 113 79 Meting 12 90 98 88 72 Meting 13 86 95 96 67 Meting 14 81 84 80 73 Meting 15 84 94 90 86 Meting 16 87 91 104 74 Meting 17 85 88 74 88 Meting 18 79 85 88 78 Meting 19 70 76 102 72 Meting 20 65 93 105 62 Gemiddelde 79.65 91.75 95.4 70.7 Tabel 1: Onze meetresultaten van ons wrijvingsexperiment A veld: 5 jaar oud, rubber B veld: 1 jaar oud, kurk, kunstgras uit de beste categorie C soort: 3 jaar oud, rubber F veld: 3 jaar oud, kurk 23
Naast het verschil in type vulling was er ook een duidelijk verschil in de dichtheid van de vezels. Veld A is na 5 jaar intensief gebruik erg versleten, te zien in de linker afbeelding hieronder. Veld B daarentegen was nog in excellente staat. Alle vezels stonden nog rechtop. Er is een lage vezel dichtheid op dit veld. Veld C was ook nog in zeer goede staat. Op de plek waar wij onze metingen hebben verricht stonden alle vezels nog rechtop. De dichtheid van de vezels was groter dan die op het B- veld. Dit is duidelijk te zien in de foto hieronder. Figuur 15: Linksboven: Veld B, Rechtsboven: Veld A, Linksonder: Veld C 24
Conclusie Uit onze resultaten blijkt geen correlerend verschil tussen de wrijvingsweerstand van velden met verschillende soorten vulling. Echter is er wel een correlatie tussen de wrijvingsweerstand en de dichtheid van de vezels. Hoe meer vezels per vierkante meter hoe minder ver wij ons blok hout af konden schieten en dus hoe groter de wrijvingsweerstand. Ook heeft de versletenheid van het veld invloed op de wrijvingsweerstand. Een meer versleten veld leidt namelijk tot vezels die liggen en dit zorgt voor meer weerstand. Discussie van dit experiment De afschietkracht van ons mechanisme had constanter kunnen zijn. Hierdoor zouden onze resultaten nog betrouwbaarder zijn. Ook zou een vervolgonderzoek de metingen moeten doen in verschillende richtingen, onder verschillende weertypen op verschillende plekken op het veld. Er zou ook een vervolgonderzoek gedaan moeten worden naar de invloed van de versletenheid van het veld. Het gewicht van het blokje hout was dan wel constant maar misschien van een iets te kleine massa waardoor het blokje over de vezels heeft kunnen vliegen/drijven. Dit kan in een vervolgexperiment beter door een houtje met meer gewicht te gebruiken. Hierdoor zal de vulling meer werking hebben op het blokje hout. 25
Over onze enquête Om ons onderzoek nog een extra laag te geven hebben wij besloten om onze eigen enquête te versturen. Wij hebben de enquête verstuurd naar alle jeugdcoördinatoren van zes amateurverenigingen in onze regio. In de mail hebben wij aan hen gevraagd om de enquête door te sturen naar de spelers van hun team. Helaas waren velen van hen niet bereid om dit te doen. Gelukkig werden wij gered door de jeugdcoördinator van FC Uitgeest. Deze meneer heeft onze enquête doorgestuurd naar alle leden ingeschreven bij zijn vereniging boven de 11 jaar. Hierdoor stroomden de reacties snel binnen. Uiteindelijk hebben wij 101 reacties ontvangen. De vragen die onze enquête bevatte vindt u in de bijlage. De resultaten van onze enquête kwamen overeen met de resultaten van veel literatuur die wij bestudeerd hebben voor ons onderzoek. In de onderstaande grafiek is te zien dat in onze resultaten de reacties van voetballers van alle leeftijden zijn verwerkt, met als grootste groep de voetballers met de leeftijden 11 tot 19. 12 9 6 3 0 11 13 15 17 19 21 23 25 27 29 31 33 35 37 39 41 43 45 47 49 51 Figuur 15: Weergave van de verschillende leeftijden van de respondenten van onze enquête 26
Aan onze enquête hebben ook voetballers van allerlei verschillende ervaringsniveaus meegedaan, in de onderstaande grafiek is te zien hoeveel personen per hoeveel jaren speelervaring de enquête in hebben gevuld. 14 13 12 11 10 Aantal personen 9 8 7 6 5 4 3 2 1 0 1 3 5 7 9 11 13 15 17 19 21 23 25 27 29 31 33 35 37 39 41 43 45 47 Aantal jaar Figuur 16: Weergave van de verschillende jaren speelervaring van de respondenten van onze enquête En in de onderstaande cirkeldiagram is weergegeven hoeveel ervaring de respondenten met kunstgras hadden. Ik heb geen ervaring met kunstgras Ik train soms op kunstgras en ik speel er soms wedstrijden op Ik train altijd op kunstgras en ik speel soms wedstrijden er op Ik train en speel mijn wedstrijden altijd op kunstgras Anders 13% 18% 35% 35% Figuur 17: Weergave van de hoeveelheid speelervaring op kunstgras van de respondenten van onze enquête Zoals te zien zijn de resultaten van onze enquête dus voortgekomen uit een grote, diverse groep respondenten. De resultaten van onze enquête zullen wij verwerken in ons verdere werkstuk. 27
Blessuregevoeligheid Veel mensen leggen een connectie tussen hun blessures en het spelen op kunstgras. Deze mensen geven kunstgras de schuld van hun blessures en zeggen dat deze blessure er niet zou zijn geweest wanneer ze op natuurgras zouden spelen. Kunstgrasproducenten zeggen daarentegen dat er geen verband is tussen deze blessures en het spelen op kunstgras, je loopt sneller een schaafwond op maar langdurige blessures zijn niet het gevolg van kunstgras. In dit onderdeel van ons werkstuk zullen wij verschillende onderzoeken bekijken om vast te kunnen stellen of kunstgras invloed heeft op de blessures van de voetballers. Figuur 18: Een voetballer rennend over kunstgras 28
Onderzoeken naar blessures op kunstgras Een van de grootste onderzoeken naar de verschillen tussen het aantal blessures opgelopen op kunst en natuurgras is de studie van de heren Ekstrand, Timpa en Hagglund getiteld: Risk of injury in elite football played on artificial turf versus natural grass: a prospective two-cohort study. Dit onderzoek werd gedaan bij 290 spelers van 10 elite Europese clubs die derde generatie kunstgras geïnstalleerd hadden in het seizoen 2003-2004 en 202 spelers uit de Zweedse competitie als controlegroep. De resultaten van het onderzoek waren vrij duidelijk, er was niet een zichtbaar verschil tussen het aantal blessures opgelopen op een kunstgrasveld en het aantal opgelopen blessures op een natuurgrasveld. De resultaten van het onderzoek hebben wij weergegeven in de onderstaande tabel. Kunstgras Natuurgras Aantal blessures per 1000 trainingsuren 2.42 2.94 Aantal blessures per 1000 wedstrijduren 19.60 21.48 Aantal enkelverstuikingen per 1000 wedstrijduren 4.83 2.66 Tabel 2: Weergave van de hoeveelheid blessures Wat opvalt is dat het aantal enkelverstuikingen van kunstgras wel zichtbaar groter is dan het aantal op natuurgras. In de conclusie van het onderzoek wordt aan deze gevolgtrekking toegevoegd dat deze cijfers niet geheel valide zouden kunnen zijn omdat het aantal enkelverstuikingen erg laag was. Dit onderzoek sloot een verschil tussen het aantal opgelopen blessures op kunst- en natuurgras niet geheel uit. Daarom werd er in 2008 door C.C.M. Vorstenbosch, J.B. Staal, L. Kolenburg en K. Meijer een vervolgonderzoek gedaan. Dit onderzoek had als populatie voetballers van vijf clubs uit de eredivisie en drie clubs uit de Jupiler League. Drie van de clubs speelden en trainden afwisselend op kunst- en natuurgras, vier clubs speelden hun thuiswedstrijden op natuurgras en een club speelde zijn thuiswedstrijden op kunstgras. Onder normale toestanden trainen de clubs op dezelfde ondergrond als waarop zij hun thuiswedstrijden spelen. Van vier van de clubs is zowel de A, B en C jeugd geïncludeerd en van de rest van de clubs alleen de eerste elftallen. De resultaten zijn verzameld door middel van uitgebreide formulieren. De onderzoekers hebben besloten om het aantal blessures opgelopen op trainingen te laten vervallen, mede omdat de duur van de trainingen altijd verschilden en de ondergrond vaak ook. 22 22 Ekstrand, J., Timpka, T. en Hägglund, M. (december 2006). Risk of injury in elite football played on artificial turf versus natural grass: a prospective two-cohort study. 29
Het aantal blessures Bij de eerste elftallen was de uiteindelijke conclusie dat er op kunstgras iets meer blessures voorkomen dan op natuurgras, maar dit was niet een significante hoeveelheid, namelijk p=0,16. Bij de jeugdteams was er geen verschil tussen het aantal blessures opgelopen op kunst- dan wel natuurgras. Het geheel aantal blessures van de sporters wordt weergegeven in de volgende tabel: Speelweekend Blessures op kunstgras Aantal spelers op kunstgras Blessures op natuurgras Aantal spelers op natuurgras 1 0 11 0 0 2 3 55 0 66 3 0 55 2 121 4 2 66 3 88 5 0 44 8 143 6 3 66 6 143 7 1 33 7 99 8 0 11 3 154 9 0 44 5 88 10 1 22 10 165 11 5 55 4 154 12 3 22 7 110 13 1 44 8 121 14 1 22 8 99 15 1 33 3 143 16 0 44 10 143 17 1 44 4 165 Totaal 22 671 88 2002 Tabel 3: Weergave van het aantal blessures totaal Het totale verschil aan blessures op kunstgras en natuurgras is niet significant. 30
De locatie van blessures De anatomische plaats van de blessures levert daarentegen wel een interessant verschil op. De locaties van de blessures worden weergegeven in de volgende grafieken: Figuur 19: Weergave van de blessurelocaties op natuurgras Figuur 20: Weergave van de blessurelocaties op kunstgras 1 = Bekken/heup/lies/billen/externe genitaliën, 2 = Bovenbeen, 3 = Knie, 4 = Knieschijf, 5 = Enkel, 6 = Onderbeen, 7 = Teen/hiel/achillespees/voet Wat in de grafieken af te lezen is is dat er vooral een groot verschil is in het aantal blessures op de locaties onderbeen en teen/hiel/achillespees/voet. Er zijn veel meer onderbeenblessures op kunstgras en veel meer teen-/hiel-/achillespees-/voetblessures op natuurgras. De meest voorkomende blessures op kunstgras waren de blessures aan de knie en op natuurgras waren dit de bovenbeenblessures. Naar de reden voor dit verschil is nog geen onderzoek gedaan. 31
De belangrijkste uitkomst van het onderzoek luidt echter: De resultaten geven aan dat er bij de 1ste elftallen minder blessures optreden op kunstgras hoewel dit verschil niet significant is. Er is geen verschil in blessurerisico tussen kunstgras en natuurgras bij jeugdspelers. In totaal is er een trend dat het aantal blessures op natuurgras hoger is vergeleken met kunstgras in deze periode. De verschillen zijn echter klein en niet statistisch significant waardoor hier vooralsnog geen conclusies aan kunnen worden verbonden. 23 De uitkomst van dit goed onderbouwde onderzoek worden in de media vaak tegengesproken, waaronder in deze artikelen van respectievelijk het AD en voetbalblog VoetbalPrimeur. Het artikel van het AD is getiteld Veel meer kans op blessures bij kunstgrasveld, en VoetbalPrimeur schreef Weer ophef over kunstgras: véél grotere kans op blessures dan op gras. Deze artikelen verwijzen beiden naar het onderzoek van Radar, verschenen op 19 september 2016. Het gehele onderzoek is met een enquête afgenomen zonder enig praktijkonderzoek. Uit dit onderzoek is gebleken dat 69% van de voetballers de voorkeur geeft aan het spelen op natuurgras. Over de blessures is als resultaat vermeld dat 40% van de mensen die de enquête hebben ingevuld weleens een schaafwond heeft opgelopen op kunstgras. Vervolgens wordt vermeld dat 35% van de mensen weleens een spierblessure op kunstgras hebben opgelopen, waarvan ook nog in 59% van de gevallen de tegenspeler de oorzaak was. Een derde van de respondenten zegt dat hij of zij vaker blessures oploopt op kunstgras dan op natuurgras. 24 Uit dit onderzoek valt dus wel degelijk de conclusie te trekken dat voetballers over het algemeen liever op natuurgras spelen dan op kunstgras. Echter is het naar onze mening niet een valide genoeg onderzoek om de conclusie eraan te verbinden dat er meer blessures voorkomen op kunstgras dan op natuurgras. De vraag Loopt u vaker blessures op op kunstgras dan op natuurgras? vinden wij ook een suggestieve vraag die een positief antwoord van de respondent uitlokt. Het aantal schaafwonden dat wordt opgelopen op kunstgras als ondergrond is wel hoger dan het aantal opgelopen op natuurgras. Dit is echter niks nieuws, aangezien dit ook al aangetoond werd in het onderzoek van Jan Ekstrand en Benno M. Nigg in 1989. Om te voorkomen dat er veel schaafwonden opgelopen worden wordt er ook vulling in het kunstgrasveld gestopt, hierover verder in ons werkstuk meer. Er is dus een vergroot risico op schaafwonden wanneer er gevoetbald wordt op kunstgras. De titels van de hierboven vernoemden artikels zijn erg misleidend en lijken te concluderen dat er een vergroot risico is op spierblessures. Dit is niet het geval. 23 C.C.M. Vorstenbosch, J.B. Staal, L. Kolenburg en K. Meijer. (2008). Voetbalblessures tijdens wedstrijden op kunstgras versus natuurgras. 24 Radar testpanel. (19-09-2016). Stugge slidings en schaafwonden door kunstgras. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://radar.avrotros.nl/testpanel/uitslagen/detail/stugge-slides-en-de-schaafwonden-door-kunstgras/ 32
Spelinvloed Tegenwoordig wordt er veel kritiek op de invloed van kunstgras op het voetbal geleverd. Nederlands elftal keeper Jasper Cillessen liet in 2015 weten dat hij het verlies van zijn toenmalige club Ajax bij Molde FK niet verrassend vond, omdat: Zij thuis spelen op kunstgras. Dat vind ik competitievervalsing, daar ben ik heel eerlijk in. 25 Volgens Tijs Tummers, lid van de internationale spelersvakbond FIFPro, is er zelfs geen enkele topspeler in de wereld die de voorkeur geeft aan kunstgras. Maar waarom is dit het geval? Wat is de invloed van kunstgras op het spel? In dit deelonderwerp zullen wij deze vragen beantwoorden. Dit zullen wij doen op basis van onderzoeken over dit onderwerp die wij bestudeerd hebben en op basis van de uitkomsten van onze eigen enquête die wij afgenomen hebben bij meer dan honderd amateurvoetballers uit onze regio. In het onderzoek, Elite football on artificial turf versus natural grass: Movement patterns, technical standards, and player impressions, is onderzocht wat het verschil is in looppatronen, technische vaardigheden en de keuze van spelers tussen kunst- en natuurgras. Deze metingen zijn gedaan op 36 wedstrijden van het hoogste niveau van het Zweedse voetbal. In deze 36 wedstrijden speelden 16 teams, de teams bevatten 72 mannelijke en 21 vrouwelijke spelers. In dit onderzoek is er geen verschil gemeten in de afstand die spelers gemiddeld per wedstrijd afleggen, geen verschil in het gemiddelde aantal staande tackles en ook geen verschil in het gemiddelde aantal kopballen. Deze metingen zijn niet heel verrassend. Wel verrassend is dat er gemiddeld meer korte passes worden gegeven en dat het middenveld veel meer onderling passt op kunstgras dan op natuurgras. Slidings worden alleen een stuk minder gemaakt op kunstgras dan op natuurgras. Bij de metingen van dit onderzoek zijn er gemiddeld de helft van het aantal slidings gemaakt op kunstgras. Op natuurgras was het gemiddelde 4.3 terwijl dit op kunstgras een gemiddelde van maar 2.1 was. In de enquête die de onderzoekers hebben afgenomen van de 16 teams werd gevraagd naar hoe zij de invloed van kunstgras ondervonden tijdens hun spel. De mannen hebben een vooral negatieve mening over het kunstgras omdat ze naar hun mening minder balcontrole hadden en meer fysieke arbeid moeten leveren dan op natuurgras. 26 In het onderzoek van de KNVB Zo groen als kunstgras is in de periode 2001 tot 2007 met behulp van vele enquêtes onderzoek gedaan naar de ervaringen van spelers, gemeenten en verenigingen met kunstgras. 83% van de respondenten liet weten dat er volgens hen een significant verschil is tussen het spelen op kunstgras en natuurgras. Over de stroefheid en grip op kunstgras in vergelijking met natuurgras waren de meningen van de respondenten verdeeld. Op elk onderdeel behalve het nemen van een sliding had kunstgras licht de voorkeur boven natuurgras. Het nemen van een sliding had op natuurgras met 80% ruim de voorkeur boven het nemen van een sliding op kunstgras. Dit had vanzelfsprekend te maken met het risico op schaafwonden op kunstgras, dat wij in ons deel over blessures op kunstgras behandeld hebben. 25 voetbalzone. (22 november 2015). Cillessen: Zij spelen op kunstgras, dat vind ik competitievervalsing. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.voetbalzone.nl/doc.asp?uid=262326 26 Andersson, H., Eklom, B. en Krustrup, P. (januari 2008). Elite football on artificial turf versus natural grass: movement patterns, technical standards and player impressions. 33
In het onderdeel 3.6 balgedrag en kunstgras is een weergave gegeven van de uitkomsten van de meningen van de respondenten over het balgedrag op kunstgras. Hier is te zien dat in 2007 72% van de respondenten de snelheid van de bal op kunstgras als prettiger ervaarden. 68% vond de balrol op kunstgras beter, 54% de bal reactie, 50% het verticaal opstuiten van de bal en 43% het onder een hoek opstuiten van de bal. Interessant aan deze resultaten is dat op vrijwel alle onderdelen van balgedrag kunstgras van de respondenten de voorkeur kreeg boven natuurgras. Het onderdeel kunstgras en balcontact laat zien waar de grootste verbeterpunten voor het kunstgras liggen. Het stoppen en aannemen van de bal is even verdeeld evenals het stuiten van de bal en het trappen van een lage bal, maar kunstgras scoort op alle onderdelen waar een hoge bal moet worden getrapt zeer laag. Dit komt doordat kunstgras in de tijd dat de enquête afgenomen is nog vlakker was dan het kunstgras van hoog niveau dat vandaag de dag geproduceerd wordt. Op dit aspect is door kunstgrasproducent Greenfields ook de nadruk gelegd met hun recent gelanceerde MX Trimension. Het trappen van een hoge bal op kunstgras zal in de toekomst dus alleen maar makkelijker worden. 27 De uitkomsten van onze eigen enquête op het gebied van spel invloed kwamen overeen met de uitkomsten van de hierboven genoemde onderzoeken. 28,7% van onze respondenten liet weten dat de bal op een andere manier rolt op kunstgras dan op natuurgras. 36,7% vond dat de speelsnelheid omhoog gaat bij het spelen op kunstgras en maar liefst 41,6% zet minder snel een sliding in op kunstgras dan op natuurgras. Een hogere speelsnelheid leidt tot meer passen op het middenveld, wat ook een van de resultaten is van het onderzoek van Andersson H et al. Het minder snel inzetten van een sliding is iets dat uit alle onderzoeken gekomen is. Uit onze enquête kwam niet nog een ander veel voorkomend verschil tussen kunst en natuurgras. De conclusie die wij kunnen trekken uit de vergelijking van deze onderzoeken is dat kunstgras niet veel invloed heeft op het spel. Er worden alleen minder slidings gemaakt en het baltempo zal omhooggaan. 27 KNVB. (2007). Zo groen als kunstgras. 34
De actuele ontwikkelingen Is kunstgras kankerverwekkend? Dit was de vraag bij veel mensen nadat Zembla op 5 oktober deze kwestie in hun aflevering behandelde. In deze aflevering van Zembla wordt gezegd dat er nooit genoeg onderzoek is gedaan naar de effecten op de gezondheid van de rubberkorrels in kunstgras. Volgens het RIVM is er uit onderzoek gebleken dat sporten op een met rubber ingestrooid kunstgrasveld geen risico vormt voor de gezondheid. De KNVB vertrouwd het RIVM volledig maar veel mensen hebben nu hun twijfels over dit type kunstgras. In dit hoofdstuk zullen wij uiteenzetten hoe het imago van kunstgras en het nieuws over de kankerverwekkende factor van het rubbergranulaat over de loop van tijd sinds de aflevering van Zembla is veranderd. 7 oktober: De twijfels opgeroepen door Zembla zijn terecht want in de onderzoeken die er zijn gedaan is er vooral op PAK s gelet. PAK s zijn polycyclische aromatische koolwaterstoffen, dit zijn schadelijke stoffen die kankerverwekkend zijn. Uit eerder onderzoek is gebleken dat de PAK s in de rubberkorrels geen effect hebben op de gezondheid. Maar naast PAK s zitten er ook andere stoffen in deze rubberkorrels. Deze stoffen komen voor in lage concentraties maar het is niet goed bekend wat dit mengsel van stoffen voor effect heeft op de gezondheid. Er is ook bezwaar op hoe dit onderzoek is uitgevoerd. Volgens deze mensen waren er niet genoeg proefpersonen genomen, is er niet gemeten op lang termijn en is er fraude gepleegd. Het onderzoek telde 7 proefpersonen. Er zijn 138 monsters van urine gemaakt na een 2,5 uur lange sessie op kunstgras waarvan er om een onbekende reden 25 weg zijn gelaten uit dit onderzoek. Ook waren deze 7 proefpersonen allemaal volwassen mannen, er is dus niet rekening gehouden met vrouwen en kinderen in dit onderzoek. Frans Jongeneelen, toxicoloog en leider van dit onderzoek naar rubberkorrels, beweert dat er al bureaustudies van andere partijen zijn geweest waarin het gezondheidsrisico van pak s is beoordeeld. Hiermee wil hij zeggen dat zijn onderzoek meer gezien moet worden als een aanvulling. Deze speculaties zijn in korte tijd veel in het nieuws geweest omdat dit nieuws betrekking heeft op meer dan de helft van de Nederlandse bevolking. Extreme krantenkoppen zoals Je zult maar kunstgras hebben en Kunstgras met rubber korrels levensgevaarlijk door aanwezigheid kankerverwekkende stof zijn er verschenen. De rubberkorrels worden soms zelfs gifkorrels genoemd. Dit zorgt ervoor dat de situatie is geëscaleerd. Sommige wedstrijden worden zelfs afgelast omdat een team weigert om op kunstgras te spelen. Op dit moment hebben al tientallen gemeenten, stichtingen en voetbalclubs zich ingeschreven voor nader onderzoek naar hun kunstgrasvelden. Dit onderzoek wordt geleid door Vereniging Band en Milieu en VACO. De eerste velden zijn al bemonsterd. Bij Ajax worden de 28 29 rubberkorrels vervangen door een alternatief, kurkkorrels. 28 NOS. (5 oktober 2016). Niet kankerverwekkend was conclusive na wat rollen en slidings maken. 29 Bos, K. (6 oktober 2016). Risico s van voetballen op kunstgras nog onbekend. NRC Handelsblad. 35
20 november: Scientias heeft een artikel gepubliceerd over de rubberkorrels op kunstgrasvelden. Hierin werd vermeld dat op 8 oktober 2014 er al een uitzending op NBC News Investigations was waarin Amy Griffin, voetbalcoach, vermoedt dat de rubberkorrels iets te maken hebben met het vaker voorkomen van kanker. Zij dacht dit omdat twee van haar oud-keepers toen nonhodgkinlymfoom hadden. Twee jaar later na deze uitzending is het lijstje van Griffin sterk gegroeid. Inmiddels zijn dit al 230 sporters. Hiervan zijn 183 voetballers, waarvan 114 keepers. 30 21 november: Kurkkorrels zijn volgens gemeenteraadslid Jan Evers (Groenlinks) een goede vervanger. Hij zegt dat er jaarlijks 500 kilo rubberkorrels worden bijgestrooid op een kunstgrasveld. Nederland heeft ongeveer 2000 kunstgrasvelden. Dus dat betekent dat er jaarlijks een miljoen kilo rubber in het milieu verdwijnt. Jan Evers heeft dus milieu als voornaamste reden en de gezondheid is dus een bijzaak. 31 27 november: 58 van 60 onderzochte kunstgrasvelden met rubbergranulaat bevatten kankerverwekkende stoffen. Dit is gemeten door de VACO. Gemiddeld overschrijden deze stoffen de normen voor consumentenproducten tussen de 1,5 en 3,7 keer. Op de meest vervuilde velden zijn concentraties gevonden van stoffen die zelfs zes keer deze norm overschrijden. Dit is te zien op de afbeelding hieronder. 30 Jurgen van Teeffelen. (20 november 2016). Rubberkorrels op kunstgras: geen discussie in Amerika? Geraadpleegd op 22 november 2016, https://www.scientias.nl/rubberkorrels-op-kunstgras-geen-discussie-amerika/ 32 Tubantia. ( 21 november 2016). Groenlinks Hengelo: kurk in plaats van rubber op kunstgras. 31 Tubantia. ( 21 november 2016). Groenlinks Hengelo: kurk in plaats van rubber op kunstgras. Geraadpleegd op 22 november 2016, http://www.tubantia.nl/regio/hengelo-en-omgeving/hengelo/groenlinks-hengelo-kurk-in-plaats-vanrubber-op-kunstgras-1.6665963 36
Op dit moment behoort kunstgras tot de Europese norm maar niet tot de consumenten norm. Dit moet veranderd worden volgens veel mensen omdat de sporters huidcontact maken met de korrels en kinderen de korrels soms in hun mond krijgen. 32 19 december: De NOS laat in een artikel weten dat er in de toekomst hoogstwaarschijnlijk geen kunstgrasvelden met rubbergranulaat als vulling aangelegd zullen worden. De schrijver van het artikel verwacht dat dit type veld volledig zal verdwijnen. Er zijn drie mogelijkheden die genoemd worden: 1. Meteen stoppen met sporten op rubbergranulaat velden en alle velden vervangen 2. De korrels uit de bovenlaag verwijderen en vervangen door andere vulling 3. De velden vervangen aan het einde van hun levensduur 20 december: Het rubbergranulaat is veilig verklaard. Volgens het RIVM is het sporten op kunstgras met rubber infill veilig. Uit het onderzoek van het RIVM, waar minister Schippers naar gevraagd had, werd de conclusie getrokken dat tijdens het spelen er maar een hele kleine hoeveelheid stoffen vrijkomt, maar het risico daarvan is praktisch verwaarloosbaar zegt Els van Schie, directeur van het centrum Milieu en Veiligheid van het RIVM. De schadelijke stoffen zitten opgesloten in het rubbergranulaat. Hierdoor komen de stoffen maar in hele kleine hoeveelheid vrij. Deze hoeveelheid zit nog wel boven de consumentennorm maar ver onder de norm van de wetgever, die 100 tot 1000 keer zo minder streng is. Het RIVM heeft geadviseerd om de norm voor rubber infill bij te stellen zo dicht mogelijk bij de consumentennorm. Toch blijft er een onenigheid tussen de mening van verschillende wetenschappers of rubber infill nou echt zo veilig is. Deze discussie ontstaat volgens Van Schie door de gebruikte methodiek van het onderzoek. Zij verdedigt het onderzoek door te zeggen dat het RIVM in een korte tijd een behoorlijk uitgebreid onderzoek heeft kunnen doen waar zij duidelijk advies over durven te geven. 33 32 NOS. (27 november 2016). Eerste kunstgrasonderzoeken relatief veel kankerverwekkende stoffen. Geraadpleegd op 28 november 2016, http://nos.nl/artikel/2145325-eerste-kunstgrasonderzoeken-relatief-veel-kankerverwekkendestoffen.html 33 NOS. ( 20 december 2016). RIVM: kunstgras is veilig, normen moeten wel bijgesteld. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://nos.nl/artikel/2149281-rivm-kunstgras-is-veilig-normen-moeten-wel-bijgesteld.html 37
Rubbergranulaat experiment In dit experiment willen wij onderzoeken of er stoffen te extraheren zijn uit rubbergranulaat. Vervolgens willen wij onderzoeken of er een verschil is tussen de hoeveelheid stof die er te extraheren is uit gloednieuw rubbergranulaat in vergelijking tot rubbergranulaat van een kunstgrasveld dat al 8 jaar in gebruik is. Dit gaan wij onderzoeken met een soxhlet opstelling, met als detectiemethode papierchromatografie. Als er een groot verschil zou zijn tussen de hoeveelheid stof die wij zullen verkrijgen via de extractie van de verschillende rubberkorrels zal dit aantonen dat er stoffen in de loop der tijd uit het rubbergranulaat van het veld zijn vrij gekomen. Figuur 21: Links: Het rubbergranulaat uit de fabriek Rechts: Het rubbergranulaat van een kunstgrasveld dat al 8 jaar in gebruik is 38
Benodigdheden: o o o o o o o o o o o o o o o Koeler met twee buizen Soxhlet opzet Rubbergranulaat uit de fabriek Rubbergranulaat uit een gebruikt kunstgrasveld Rondvormige maatkolf Petroleumether Verwarmingsmantel Extractiebeker Kraan Twee chromatografie plaatjes Loopvloeistof Twee erlenmeyers van 100 ml Capillair Potlood Liniaal In de afbeelding onderaan deze pagina is de opzet van onze soxhlet opstelling te zien. Ons experiment bestond uit twee delen. Het eerste deel was de soxhlet extractie en het tweede deel was de papierchromatografie. Figuur 22: Weergave van onze soxhletopstelling 39
Methode van de soxhlet extractie: 1. Zet de rondvormige maatkolf in de verwarmingsmantel 2. Vul de rondvormige maatkolf met petroleumether 3. Zet de soxhlet opzet op de maatkolf en sluit deze aan 4. Vul de extractiebeker met rubbergranulaat uit de fabriek 5. Plaats de extractiebeker in de soxhlet opzet 6. Plaats de koeler op de soxhlet opzet 7. Sluit de bovenste buis van de koeler aan op de gootsteen 8. Sluit de onderste buis van de koeler aan op de kraan 9. Zet de verwarmingsmantel aan op zo n stand waardoor de petroleumether rustig kookt 10. Laat de opstelling circa 3 uur en een kwartier staan. De extractie is afgelopen wanneer de vloeistof die langs de extractiebeker loopt volledig kleurloos is. 11. Verwijder de rondvormige maatkolf inclusief opgeloste stoffen uit de opstelling en bewaar de maatkolf op een veilige plek 12. Herhaal de stappen 1 tot en met 11 en vervang bij stap 4 het rubbergranulaat uit de fabriek met een schone extractiebeker inclusief rubbergranulaat uit een gebruikt kunstgrasveld. 13. Laat de vloeistoffen in beiden erlenmeyers indampen Methode van de papierchromatografie: 1. Zet met het potlood en liniaal op circa 2 cm van de onderkant van de beiden chromatografie plaatjes een horizontale streep 2. Breng met het capillair een druppel uit beiden erlenmeyers aan op de horizontale streep van beiden plaatjes 3. Vul beiden erlenmeyers met loopvloeistof, de loopvloeistof mag niet boven de potloodstreep uitkomen van het plaatje 4. Plaats in beiden erlenmeyers een chromatografie plaatje met de onderkant naar beneden 5. Laat de loopvloeistof lopen tot het circa 1 cm van de bovenkant van het plaatje zit 6. Haal de plaatjes uit de erlenmeyers 7. Vergelijk het verloop van de verschillende indampingen van het rubbergranulaat op de plaatjes 40
Toelichting van het experiment De reden voor onze keuze van petroleumether als oplosmiddel is dat de stoffen die volgens Zembla in het rubbergranulaat zitten nitrosaminen, PAK s en weekmakers zijn. Al deze stoffen zijn zo goed als apolair. In eerste instantie wilden wij om deze reden wasbenzine gebruiken. Echter is onze keuze na deze overweging op petroleumether gevallen omdat dit praktisch gezien een zuiverdere vorm van wasbenzine is en er dus nog een effectievere oplossing ontstaat. Wij hebben ervoor gekozen om het experiment in duplo uit te voeren om zo de betrouwbaarheid van onze resultaten te bevorderen. Toen wij zagen dat tussen onze korrels die wij van het voetbalveld verzameld hadden een aantal grasvezels zaten hebben wij die grotendeels eruit gefilterd. Echter bleven er wel een aantal vezels over tussen de korrels. Om deze reden hebben wij een extra controleproef gedaan met de vezels. Wij hebben ze in een reageerbuis met petroleumether gestopt en gekeken naar de reactie. Omdat er niks reageerde hebben wij de conclusie getrokken dat de vezels geen invloed hebben gehad op de uitkomst van de soxhlet extractie van de gebruikte korrels. In de afbeelding hieronder is de uitkomst van dit experiment afgebeeld. Figuur 23: Weergave van onze controleproef met kunstgrasvezels 41
Resultaten Bij de soxhlet extracties was er een duidelijk verschil te zien tussen de vloeistof in de kolf bij de korrels uit de fabriek en de vloeistof in de kolf bij de korrels van het gebruikte kunstgrasveld. De schone korrels leverden een donkerdere vloeistof af. Dit verschil is te zien in de afbeeldingen hieronder. Links de opstelling met schone korrels en rechts de opstelling met gebruikte korrels. Figuur 24: Links: De opstelling met korrels uit de fabriek Rechts: De opstelling met gebruikte korrels Na de indamping van beiden stoffen had de inhoud van de maatkolf met gebruikte korrels nog altijd een lichtere kleur. Bij de soxhlet extracties was er een duidelijk verschil te zien tussen de vloeistof in de kolf bij de korrels uit de fabriek en de vloeistof in de kolf bij de korrels van het gebruikte kunstgrasveld. De extractievloeistof die zich verzamelde in de extractiebeker van gebruikte korrels werd al veel sneller kleurloos dan de extractievloeistof van nieuwe korrels. Dit resulteerde erin dat de schone korrels een donkerdere oplossing hadden aan het einde van de proef. 42
Dit verschil is te zien in de afbeeldingen hieronder. Links de opstelling met schone korrels en rechts de opstelling met gebruikte korrels. Na het uitvoeren van de papierchromatografie hebben wij deze patronen gekregen: Figuur 25: Ons chromatografiepapier na het experiment Het linker patroon is van het gloednieuwe rubbergranulaat en de rechter is van het gebruikte rubbergranulaat. Je kunt zien dat het patroon van het nieuwe rubbergranulaat donkerder is dan het gebruikte rubbergranulaat. Het patroon van het gebruikte rubbergranulaat heeft een geelachtige kleur. Conclusie Uit het verschil van de resultaten uit de extractie van de verschillende soorten rubbergranulaat, kunnen wij de volgende conclusie trekken: Er zit een verschil in de samenstelling van stoffen in gloednieuw rubbergranulaat en gebruikt rubbergranulaat, de stoffen die ontbreken komen wellicht vrij in de natuur. Deze conclusie kunnen wij trekken door het duidelijke verschil in de snelheid dat de extractievloeistof in de extractiebeker kleurloos werd en het duidelijke verschil in kleur van de geresulteerde oplossing. Deze conclusie wordt ook onderbouwd door de uitgevoerde papierchromatografie. Aan het duidelijke verschil in kleur van het patroon is te zien dat er in de gebruikte korrels stoffen ontbreken die wel in de nieuwe korrels zitten maar er zitten ook stoffen in die niet in de nieuwe korrels zitten. De stoffen die ontbreken in de gebruikte korrels zouden wellicht kankerverwekkende stoffen kunnen zijn. Welke stoffen dit precies zijn kan worden onderzocht in een vervolgonderzoek. 43
Discussie van dit experiment Wij hebben niet precies kunnen meten hoeveel korrels wij in beide extractiebekers hebben gedaan. Wij hebben de bekers gevuld tot aan 3,1 cm van de rand. De volgende keer zouden wij de kunstgraskorrels op de milligram nauwkeurig kunnen afmeten. Tussen de gebruikte korrels zaten kleine kunstgrasvezels vermengd. Wij hebben deze vezels voor het grootste deel kunnen filteren maar er bleven alsnog een hele kleine hoeveelheid tussen zitten. De volgende keer zouden we deze korrels nog beter kunnen filteren. Wij hebben niet de volle 3 uur en een kwartier bij elke extractie kunnen staan. Hierdoor kunnen wij afwijkingen hebben gemist. De volgende keer zouden we de extracties kunnen filmen om later te controleren op afwijkingen. De hoeveelheid petroleumether die wij bij beide reacties hebben gebruikt was niet exact gelijk. Er kan een verschil inzitten van rond de 5 ml. De volgende keer kunnen wij dit beter doen door de exact de hoeveelheid petroleumether te gebruiken. De stippen op het chromatografiepapier hadden beter kunnen worden neergezet. De stip van het rechter patroon van de gloednieuwe korrels is niet perfect op 2 cm. Bij dit onderzoek was het niet heel relevant maar bij een andere uitkomst zou het wellicht significant kunnen zijn. 44
De toekomst van kunstgras Volgens onze bevindingen is de invloed op het spel van modern kunstgras niet negatief. Kunstgras heeft voor velden die veel bespeeld worden een aantal positieve punten: Het weer heeft weinig invloed op de kwaliteit van het veld Het veld is egaal Het veld behoudt zeer lang een hoge kwaliteit Er kan meer op het veld gespeeld en getraind worden Vooral door het eerste en het laatste punt is het voor amateurverenigingen slim om een kunstgrasveld aan te schaffen, want meer bespeelbaarheid leidt tot meer verhuurmogelijkheden wat leidt tot extra inkomsten. In 2010 bestond 19% van alle velden van Nederlandse amateurverenigingen uit kunstgrasvelden. Volgens het business report van Ralph van Dijk en Tjitze de Groot namens het Johan Cruyff Institute for Sport Studies, gepubliceerd in 2014, zal de markt voor kunstgrasvelden de komende jaren enorm toenemen. In de onderstaande figuur is deze toename te zien. Volgens de voorspelling van dit rapport is de markt voor kunstgrasvelden in 2024 bijna verdubbeld en zal 37% van alle velden een kunstgrasveld zijn. Figuur 26: Weergave van de voorspelde marktontwikkeling van kunstgras Dit rapport was echter gepubliceerd voordat het nieuws van de mogelijk kankerverwekkende werking van het rubbergranulaat in het kunstgras. Dit nieuws, waar of niet, heeft een negatieve lading aan het imago van kunstgras gegeven. Hierdoor zal de markt voor kunstgrasvelden waarschijnlijk minder snel toenemen dan voorspeld door Van Dijk en De Groot. 34 34 Van Dijk, R. en De Groot, T. (2014). Green Grass. Johan Cruyff Institute for Sport Studies 45
Sommigen suggereren nu dat alle kunstgrasvelden kankerverwekkend zijn. Dit is een veelvoorkomende misvatting omdat deze mensen zich niet realiseren dat er ook andere opties van vulling zijn, zoals eerder beschreven in ons hoofdstuk over verschillende soorten kunstgras, bijvoorbeeld kunstrubber en kurk. Wij verwachten dat deze misvatting redelijk snel zal verdwijnen en dat de markt voor kunstgrasvelden weer zal vergroten. Zoals beschreven in onze eerdere hoofdstukken is er ontzettend veel innovatie binnen de kunstgras-sector en zullen de velden steeds beter spelen en zal dit leiden tot steeds betere recensies. De toekomst van kunstgrasvelden bij amateurverenigingen Amateurverenigingen zullen volgens ons steeds meer kunstgrasvelden aanleggen omdat deze verenigingen veel baat hebben bij een veld dat zeer vaak en intensief gebruikt kan worden. Hetzelfde geldt voor trainingscomplexen van betaald voetbalorganisaties. Het overgrote deel van de respondenten van onze enquête was het met deze voorspelling eens, zoals weergegeven in het cirkeldiagram hieronder. Figuur 27: Weergave van de reacties op onze enquêtevraag 46
De toekomst van kunstgrasvelden bij bvo s Voor de velden in de stadions van bvo s (Betaald Voetbal Organisaties) geldt deze factor minder. Dit veld wordt circa eenmaal per anderhalve week bespeeld en wordt ook intensief onderhouden door de grasmeesters van de organisatie. Hierdoor zal er minder snel een kunstgrasveld aangelegd worden om de reden dat het veld vaker bespeeld kan worden. Een reden voor bvo s om wel een kunstgrasveld aan te leggen is dat het een goede investering kan zijn omdat er bespaard kan worden op veel van de onderhoudskosten van een natuurgrasveld. Er is namelijk geen lichtinstallatie en uitgebreide veldverzorging nodig. Het ultieme podium van professioneel voetbal is het WK en wij waren benieuwd wat de amateurvoetballers bij ons in de buurt verwachtten van de rol van kunstgras in dit toernooi over 10 jaar. De reacties op deze vraag waren erg duidelijk. Wel 83% van de respondenten verwacht dat het WK over 10 jaar niet op kunstgras gespeeld kan worden, te zien in de cirkeldiagram hieronder. Figuur 28: Weergave van de reacties op onze enquêtevraag Het toekomstige imago van kunstgras Dit zegt veel over het huidige imago van het kunstgras. Ondanks de hoge kwaliteit van de velden vinden veel voetballers dat voetbal op natuurgras gespeeld moet worden. Een veelgehoorde reden hiervoor is dat dit is hoe het hoort. Van de 64 mensen die in onze enquête ingevuld hebben dat zij liever wedstrijden op natuurgras spelen geeft meer dan 20% als voornaamste reden dat natuurgras gewoon bij voetbal hoort. Niet alleen amateurvoetballers hebben deze manier van denken. Martin van Geel, technisch directeur van Feyenoord, liet in een interview met voetbal international weten dat: Zolang ik bij Feyenoorddirecteur ben, zal de club in De Kuip nooit op kunstgras gaan spelen. Feyenoord speelt op echt gras. Voetbal speel je op gras.. Het allergrootste obstakel voor kunstgras om te overkomen is de romantiek die hoort bij het voetballen op natuurgras. 47
De toekomstige ontwikkelingen van kunstgras Kunstgrasproducenten streven naar een vierde en vijfde generatie kunstgras. Dit zijn vervolg generaties op de generaties die wij hebben genoemd in De geschiedenis van kunstgras. De vierde generatie willen de producenten vooral ontwikkelen voor voetbal. In deze generatie willen de producenten velden maken zonder rubber infill. De functie van deze rubber infill moet worden gecomprimeerd met verbeteringen in de vezels en schoklaag. Kunstgrasproducenten die al zulke soort velden hebben ontwikkeld zijn onder andere Greenfields en Domo. De verkoop van deze velden ligt alleen laag omdat deze velden duurder zijn dan velden van de vorige generatie en omdat ze nog niet aan de international Football voorwaarden voldoen. Het doel voor de vijfde generatie is dat de hele kunstgrasmat in één keer kan worden neergelegd. De schoklaag en vezel laag zou één geheel moeten zijn. De producenten willen een geheel recyclebare kunstgrasmat maken. Deze ontwikkelingen zijn moeilijk maar een andere oplossing voor de rubber infill is al goed op weg, water. Het water moet dan aan de sprieten blijven zitten waardoor slidings maken geen schaafwonden meer op zullen leveren. Dit concept is ideaal voor in Nederland maar is nog niet goedgekeurd door de FIFA. In Nederland is er water in overvloed maar dat is niet overal in de wereld het geval. 35 35 Van Dijk, R. en De Groot, T. (2014). Green Grass. Johan Cruyff Institute for Sport Studies 48
Conclusie Na ons onderzoek hebben wij een aantal conclusies over kunstgras kunnen trekken. Hierdoor kunnen wij onze deelvragen en uiteindelijk onze hoofdvraag beantwoorden. Hoe ziet de geschiedenis van kunstgras eruit? Deze deelvraag is beantwoord in ons onderdeel De geschiedenis van kunstgras. Wat zijn de verschillende onderdelen van een kunstgrasveld? Een kunstgrasveld bestaat uit vezels, vulling, een stabiliserende laag, een backing, een schoklaag, geotextiel, een sporttechnische laag, een sublaag en drainage. Welke verschillende soorten kunstgras kunnen wij onderscheiden en wat zijn de verschillen tussen deze soorten? Er zijn ontzettend veel verschillende soorten kunstgras, de FIFA alleen al heeft 2276 goedgekeurde typen bovenlagen. Het voornaamste verschil tussen kunstgrasvelden zit in de vorm van de vezels, of de vezels getuft of geweven zijn en de vulling die zich tussen de vezels bevindt. De vezels kunnen bijvoorbeeld diamantvormig of rondvormig zijn. Elke soort kunstgras heeft zijn eigen voordelen. Wat is de invloed van kunstgras op blessures? Op kunstgras voetballen resulteert niet in een hoger aantal spierblessures. Wel lopen voetballers meer schaafwonden op op kunstgras. Er is echter een opvallend verschil tussen de plaatsen waar voetballers geblesseerd raken op kunstgras in vergelijking met op natuurgras. Er zijn veel meer onderbeenblessures op kunstgras en veel meer teen-/hiel- /achillespees-/voetblessures op natuurgras. Een significant verschil in ernstige blessures is totaal niet aanwezig. Wat is de invloed van kunstgras op het spel? Door een verhoogd risico op schaafwonden bij het spelen op kunstgras zijn veel voetballers geneigd om minder snel een sliding in te zetten. Doordat de bal sneller en beter rolt op een kunstgrasveld is er sprake van een hoger balcirculatie tempo, dit resulteert op meer onderlinge passes op het middenveld. Een ander effect van kunstgras op het spel is dat hoge passes lastiger te geven zijn, echter is dit bij de nieuwste kunstgrasvelden niet langer een probleem. Hoe heeft de actuele situatie van kunstgras zich ontwikkeld? Nadat Zembla op 5 oktober op televisie het onderzoek van de RIVM naar de kankerverwekkende factor van rubbergranulaat had bekritiseerd is het snel gegaan. Veel mensen en voetbalverenigingen trokken voorbarige conclusies en wilden kunstgrasvelden volledig gaan mijden of hun veld vervangen. Uit het laatste onderzoek van de RIVM blijkt echter dat het spelen op kunstgrasvelden met rubbergranulaat als vulling veilig is. Hoe kunnen wij aantonen dat er stoffen uit rubbergranulaat vrijkomen? Wij hebben dit gedaan door middel van een soxhlet extractie en papierchromatografie. Er was een duidelijk verschil tussen de korrels vers uit de fabriek en de korrels die op een gebruikt veld hebben gelegen. Hieruit concluderen wij dat er dus al stoffen vrij zijn gekomen bij het gebruikte rubbergranulaat. 49
Hoe ziet de toekomst van kunstgras eruit? De bespeelbaarheid van de kunstgrasmatten zal steeds verbeterd worden. Hoogstwaarschijnlijk worden de velden in de toekomst volledig recyclebaar en makkelijker aan te leggen. Wij verwachten dat in plaats van rubbergranulaat er andere soorten vullingen gebruikt zullen worden. Dit zal vooral komen door de suggesties dat rubbergranulaat kankerverwekkend is. Het antwoord op onze hoofdvraag Wat is de invloed van kunstgras op het spel en op de fysieke gesteldheid van de spelers? : Voetballen op kunstgras zorgt voor een hoger baltempo en minder slidings. Spelers lopen sneller schaafwonden op maar zullen niet meer en zwaardere spierblessures oplopen op kunstgras. Naar de kankerverwekkende eigenschappen van het rubbergranulaat in kunstgrasvelden moet nog meer onderzoek gedaan worden maar volgens een recent onderzoek van de RIVM is het sporten op kunstgrasvelden waarschijnlijk helemaal veilig. Wat is onze mening over het spelen op kunstgrasvelden met rubbergranulaat? De conclusie van ons rubbergranulaatexperiment is dat er stoffen vrijgekomen zijn uit het gebruikte rubbergranulaat. Dit kan schadelijke gevolgen hebben voor de bespelers van velden ingezaaid met dit rubbergranulaat, maar dit is niet zeker. Omdat wij van mening zijn dat de schade die deze sporters mogelijk oplopen beter voorkomen dan genezen kan worden zijn wij tegen het bespelen van de kunstgrasvelden met rubbergranulaat. De vulling van deze velden moet vervangen worden en als dat te duur is voor de vereniging in kwestie moeten zij, naar onze mening, het kunstgrasveld sluiten. 50
Discussie In een vervolgonderzoek over kunstgras zijn er een aantal punten die beter gedaan kunnen worden dan dat wij hebben gedaan. Ons wrijvingsexperiment heeft meerdere verbeterpunten, zoals al besproken is in ons onderdeel discussie van het wrijvingsexperiment. Het rubbergranulaatexperiment met behulp van de soxhlet extractie kan in een vervolgonderzoek ook verbeterd worden. De metingen moeten dan secuurder verricht worden en het zetten van de stippen op het chromatografiepapier ook. De overige verbeterpunten die wij voor dit experiment aanraden vindt u in onze aparte discussie van het rubbergranulaatexperiment. Een vervolg onderzoek naar aanleiding van ons rubbergranulaatexperiment zou gedaan kunnen worden om te onderzoeken welke stoffen er precies vrij zijn gekomen bij de korrels afkomstig van het gebruikte veld. Dit kan gedaan worden door middel van gaschromatografie of een ander type onderzoek waarmee de aanwezigheid van bepaalde stoffen aangetoond kan worden. 51
Woord van dank Als afsluiting willen wij graag onze dank uitspreken voor iedereen die ons geholpen heeft met ons profielwerkstuk. In het bijzonder: Gerrit van Weeghel en alle medewerkers van Greenfields. Wij zijn ontzettend gastvrij door hen ontvangen en zij hebben ons enorm geholpen met het vergaren van informatie over kunstgras. Zonder ons bezoek aan het Greenfields kantoor en hun fabriek was ons werkstuk zeker van mindere kwaliteit geweest. Gerard Travnicek, penningmeester van FC Castricum. Hartelijk dank voor de informatieve documenten en informatie over het kunstgrasveld van de voetbalvereniging. Roel van Halst, secretaris van s.v. Koedijk, voor de uitnodiging om ons wrijvingsexperiment uit te voeren op de velden van zijn vereniging. Ben Vredenburg, ledenadministrator van FC Uitgeest. Voor het doorsturen van onze enquête naar alle leden van FC Uitgeest boven de 11 jaar. Door deze actie hebben wij bijna honderd extra reacties op onze enquête verzameld. Peter Uylings, docent natuurkunde op onze school. Dankzij u hebben wij onze opzet voor het wrijvingsexperiment kunnen maken. Guido Schenk, docent scheikunde op onze school. Door uw hulp is ons rubbergranulaatexperiment geslaagd. Laurent Sikkens, onze profielwerkstukbegeleider, hartelijk dank voor uw hulp met de opzet van ons werkstuk en voor het advies dat u ons heeft gegeven. 52
Bronvermelding Andersson, H., Eklom, B. en Krustrup, P. (januari 2008). Elite football on artificial turf versus natural grass: movement patterns, technical standards and player impressions. Bekaert, M. en Seeuws, Y. Analyse van de biomechanische interactie tussen verschillende types voetbalschoenen en kunstgras bij de voetbalspecifieke 135 draaibeweging. 2009-2010. Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen Opleiding Lichamelijke Opvoeding en Bewegingswetenschappen Universiteit Gent. Bos, K. (6 oktober 2016). Risico s van voetballen op kunstgras nog onbekend. NRC Handelsblad. C.C.M. Vorstenbosch, J.B. Staal, L. Kolenburg en K. Meijer. (2008). Voetbalblessures tijdens wedstrijden op kunstgras versus natuurgras. De Ruijter, L. en Schreurs, M. (2010). Tuften. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://technotheek.utwente.nl/wiki/tuften Ekstrand, J., Timpka, T. en Hägglund, M. (december 2006). Risk of injury in elite football played on artificial turf versus natural grass: a prospective two-cohort study. FIFA-tested football turf products. (z.d.). Geraadpleegd op 20 december 2016, http://quality.fifa.com/en/football-turf/turf-products/#/index Greenfields. (z.d.). Kunstgras historie. Geraadpleegd op 3 december 2016, http://www.greenfieldskunstgras.nl/kunstgras/kunstgras-historie/ Greenfields. (z.d.). Tufted products. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.greenfieldsusa.com/tufted-products/ Greenfields. (z.d.) MX Trimension: product sheet. Greenfields. (z.d.). MX DS the most durable turf ever. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.greenfields.eu/sports-news/mx-ds-durable-turf/ Jurgen van Teeffelen. (20 november 2016). Rubberkorrels op kunstgras: geen discussie in Amerika? Geraadpleegd op 2 december 2016,, https://www.scientias.nl/rubberkorrels-op-kunstgras-geendiscussie-amerika/ KNVB. (z.d.). Onderhoud kunstgrasvelden. Geraadpleegd op 20 december 2016 http://www.knvb.nl/downloads/bestand/1413/kunstgras-onderhoudsbrochure KNVB. (2007). Zo groen als kunstgras. McKenzie, J. (28 mei 2015). SBR Rubber It s a question of safety. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://tigerturf.com/nz/sbr-rubber-its-a-question-of-safety NOS. (5 oktober 2016). Niet kankerverwekkend was conclusive na wat rollen en slidings maken. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://nos.nl/artikel/2136069-niet-kankerverwekkendwas-conclusie-na-wat-rollen-en-slidings-maken.html NOS. (27 november 2016). Eerste kunstgrasonderzoeken relatief veel kankerverwekkende stoffen. Geraadpleegd op 28 november 2016, http://nos.nl/artikel/2145325-eerste-kunstgrasonderzoekenrelatief-veel-kankerverwekkende-stoffen.html NOS. ( 20 december 2016). RIVM: kunstgras is veilig, normen moeten wel bijgesteld. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://nos.nl/artikel/2149281-rivm-kunstgras-is-veilig-normen-moeten-welbijgesteld.html 53
Quality assurance. (z.d.). Geraadpleegd op 20 december 2016, http://quality.fifa.com/en/football- Turf/About-Football-Turf/Quality-Assurance/ Radar testpanel. (19 september 2016). Stugge slidings en schaafwonden door kunstgras. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://radar.avrotros.nl/testpanel/uitslagen/detail/stugge-slides-en-de-schaafwonden-door-kunstgras/ Sportzaken.pro. (9 januari 2014). GreenFields MX DS duurzaamste kunstgras ter wereld. Geraadpleegd op 20 december 2016, https://sportzaken.pro/kunstgrasveldproductie/greenfields-mx-ds/ Ten Cate (z.d.) Geweven kunstgras. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.tencate.com/nl/emea/voetbal/kunstgras-producten/geweven-kunstgras/default.aspx Ten Cate Grass. (z.d.). Evolution with XQ technology: the way it stands up makes it stand out.. Ten Cate Grass. (z.d.). Greenfields Corporate Presentation. Ten Cate Grass. (z.d.). Tapeslide XP: stays around when other turfs split. Tubantia. ( 21 november 2016). Groenlinks Hengelo: kurk in plaats van rubber op kunstgras. Geraadpleegd op 22 november 2016, http://www.tubantia.nl/regio/hengelo-enomgeving/hengelo/groenlinks-hengelo-kurk-in-plaats-van-rubber-op-kunstgras-1.6665963 Van der Wiele, S. en De Mol, R. Kunstgraskijkdag Gemeente Castricum / FC Castricum. 18 januari 2008. Adviesburo De Meent b.v. Van Dijk, R. en De Groot, T. (2014). Green Grass. Johan Cruyff Institute for Sport Studies Voetbalzone. (22 november 2015). Cillessen: Zij spelen op kunstgras, dat vind ik competitievervalsing. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.voetbalzone.nl/doc.asp?uid=262326 Xtragrass: the best of both worlds. Geraadpleegd op 20 december 2016, http://www.xtragrass-hybrid-turf.com 54