Rekenbeleid Schooljaar 2015/2016 Wat is de rekentoets voor het voortgezet onderwijs? Vanaf het schooljaar 2013-2014 is de rekentoets verplicht in het eindexamenjaar van het voortgezet onderwijs. De rekentoets telt tot en met schooljaar 2014-2015 nog niet mee voor de examenuitslag. Een leerling kan in die jaren dus niet zakken doordat hij de toets niet haalt. Het resultaat van de rekentoets staat wel op de cijferlijst bij het diploma. Vanaf schooljaar 2015-2016 telt de toets mee voor de examenuitslag. Vergroten rekenvaardigheid De rekentoets moet de rekenvaardigheid van leerlingen vergroten. Scholen bereiden de leerlingen voor op de toets. Er zijn richtlijnen om de rekenvaardigheid van leerlingen te bepalen. Dit zijn de zogenaamde referentieniveaus taal en rekenen. Rekentoets is digitaal Scholen nemen de rekentoets digitaal af. Dit bespaart tijd bij het nakijken. Ook is het makkelijker om de toetsen in te roosteren. Om fraude te voorkomen krijgen scholieren verschillende versies van de rekentoets. http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/voortgezet-onderwijs/vraag-en-antwoord/wat-is-de-rekentoets-voor-hetvoortgezet-onderwijs.html Vanuit het ministerie is bovenstaande maatregel ingevoerd. Aanvullend hierop zijn er nog een aantal belangrijke zaken die vermeld moeten worden. - Voor de rekentoets in het vmbo krijgt de leerling vier kansen. De toetsmomenten zijn in januari en mei/juni. Dit geldt voor elke leerling in klas 3 en 4. Een leerling is geslaagd als: o hij voor de rekentoets een 5 of meer heeft behaald en voor Nederlands ten minste o een 6.0 heeft behaald; hij voor Nederlands een 5 of meer heeft behaald en voor de rekentoets ten minste een 6.0 heeft behaald. - Als een leerling in klas 3 de rekentoets heeft behaald, maar geen overgangsrapport heeft, vervalt het resultaat van de rekentoets. - De rekentoets bestaat uit de volgende onderdelen: - getallen - verhoudingen - meten/meetkunde - verbanden
De ambitie/doelstelling van de school is dat ten minste 80% van de leerlingen de rekentoets haalt. De borging van het beleid is in handen van de rekencoördinator en de directie. Zij zien toe op de uitvoering van dit beleid en sturen waar nodig bij. Hierbij is het van belang om in contact te blijven met andere scholen (intervisie binnen en buiten de scholengroep) om te kijken hoe zij hun beleid rondom het rekenen invullen. Het is ook belangrijk om in contact te blijven met het Steunpunt taal & rekenen. Rekenen heeft in school een grotere invloed dan alleen bij het vak wiskunde. Bij onder andere economie en natuurkunde worden ook facetten van rekenen uitgelegd. Docenten met een pabobevoegdheid kunnen ook ingezet worden bij de begeleidingslessen (vanwege hun algemene kennis over rekenonderwijs). Komend schooljaar gaan we structureel aan de slag met het rekenbeleid. Het model van het Steunpunt taal & rekenen wordt hierbij als leidraad gebruikt. Er is een overzicht nodig om te kijken wat wanneer in het jaar aan de orde gaat komen. Om dit inzichtelijk te maken, is dit stappenplan gemaakt. Tevens bevat het een evaluatie van afgelopen schooljaar en een advies met betrekking tot de praktische kanten van de invoering van het rekenbeleid. De voorbereiding op de rekentoets op Calvijn: de leerling leren de kennis/vaardigheden bij het vak wiskunde en er zijn extra begeleidingsgroepen. De uitwerking van dit plan is hieronder beschreven. Stappenplan vmbo/havo/vwo leerjaar 1 en 2 De aandacht voor het rekenen gaat in leerjaar 1 en 2 vooral uit naar de zwakke leerlingen. Voordat de leerling in de brugklas start, wordt er tijdens de eerste weken van het schooljaar tijdens de lessen wiskunde aandacht besteed aan rekenen. De leerling rondt dit af door middel van een repetitie. Daarnaast wordt er gekeken naar de behaalde resultaten van de eindmeting (cito) uit groep 8. Is het cijfer voor de repetitie lager dan een 6.0 of de uitslag van de citoscore rekenen/wiskunde groep 8 minder dan 60%, dan wordt de leerling aangemeld voor de begeleidingsgroep. (Deze norm is een beginpunt. Na een jaar zal geëvalueerd worden of deze norm goed gesteld is.) De ondersteunende lessen worden in blokken gegeven (blok 1: oktober, november, december blok 2: januari, februari, maart blok 3: april, mei, juni). Aan het eind van het eerste en tweede blok en in de toetsweek maken alle leerlingen een toets om te kijken wat hun niveau op dat moment is. De VAS-toets wordt daarnaast als extra hulpmiddel gebruikt. De VAS-toets worden afgenomen in september (toets 0) en de DTT-toets wordt afgenomen in juni. Aan het eind van het eerste leerjaar wordt gekeken naar alle behaalde resultaten en worden leerlingen (als het nodig is) ingedeeld in de begeleidingsgroep van leerjaar 2. Hierbij geldt ook de norm die eerder gesteld is: gemiddeld onder de 6.0 voor de toetsen of minder dan 60% gescoord voor de VAS/DTT-toets. De werkwijze van leerjaar 1 gaat verder in leerjaar 2. In het tweede leerjaar wordt de DTT-toets in juni afgenomen.
vmbo leerjaar 3 In leerjaar 3 gaan we verder met de werkwijze van leerjaar 2. In dit leerjaar wordt de leerling ook beoordeeld op basis van de officiële rekentoets. De afname van de officiële rekentoetsen: tussen 11 januari 2016-20 januari 2016 (1 e afname) en 30 mei 2016-8 juni 2016 (2 e afname). Dit maakt dat de blokken anders zijn ingedeeld, namelijk in twee blokken (blok 1: oktober, november, december, begin januari blok 2: maart, april, mei). Aan de hand van de score hebben de leerlingen de rekentoets behaald of niet. De leerlingen die de rekentoets niet behaald hebben, komen automatisch in de begeleidingsgroep terecht. Het samenstellen van deze groepen verloopt via de rekencoördinator. havo/vwo leerjaar 3 In dit leerjaar is er geen begeleidingsgroep. De leerlingen werken zelfstandig aan het niveau dat zij moeten behalen om de rekentoets in klas 4/5/6 te kunnen behalen. Dit gebeurt na afloop van de keuzebegeleiding in de mentoruren en tijdens de bz-uren. Voor de opdracht krijgen de leerlingen een cijfer. Daarnaast zal er in de toetsweek een afsluitende toets gegeven worden. In dit zelfstandige traject worden alle verschillende onderdelen uit de rekentoets aangeboden. Deze resultaten worden hierna doorgestuurd naar de school waar de leerling het jaar daarna onderwijs volgt. vmbo leerjaar 4 De werkwijze van eind vmbo leerjaar 3 wordt doorgevoerd in leerjaar 4. De toetsen worden hierbij op de volgende momenten afgenomen: 11 januari 2016-20 januari 2016 (3 e afname) en 30 mei 2016-8 juni 2016 (4 e afname). Uitwerking voorbeeldleerling vmbo Klas Moment Activiteiten 1 - eerste weken schooljaar - aandacht aan rekenen tijdens wiskundelessen met een afrondende toets, analyse cito-score groep 8 - VAS-toets 0 (let op: niet elke (let op: elke leerling maakt
2 3 - oktober-januari - januari -mei - mei-juni 4 - oktober-januari - januari -mei - mei-juni (let op: niet elke (let op: elke leerling maakt (let op: niet elke - rekentoets (kans 1) - rekentoets (kans 2) (let op: niet elke - rekentoets (kans 3) - rekentoets (kans 4) Uitwerking voorbeeldleerling havo/vwo Klas Moment Activiteiten 1 - eerste weken schooljaar 2 - aandacht aan rekenen tijdens wiskundelessen met een afrondende toets, analyse cito-score groep 8 - VAS-toets 0 (let op: niet elke (let op: elke leerling maakt (let op: niet elke
3 - februari-juni (let op: elke leerling maakt - elke leerling is zelfstandig bezig met rekenen tijdens de bz-lessen en het mentoruur Evaluatie De evaluatie is gebaseerd op de ervaringen in schooljaar 2014/2015. In de sectie wiskunde is het traject van afgelopen jaar besproken. De belangrijkste aandachtspunten zijn: - afwezigheid van leerlingen tijdens begeleidingslessen - motivatie van leerlingen tijdens begeleidingslessen - resultaten van de rekentoets die is afgenomen in vmbo 3 en 4 - grote verschillen in kennis bij leerlingen in leerjaar 1 en 2 - concreet maken van de benodigde kennis bij de rekentoets (hoe geef je dit vorm in begeleidingsgroepen) - uitval van begeleidingslessen Als sectie vinden wij het al erg fijn dat er aandacht is geweest voor de volgende onderdelen: - beschikbaar stellen van uren om te brainstormen - aandacht binnen het LMT voor het belang van rekenen Advies Om dit plan komend schooljaar goed uit te kunnen voeren, hebben wij een aantal adviezen beschreven. - Per begeleidingsgroep kunnen maximaal vijftien leerlingen worden geplaatst. Dit alles met het doel om de leerlingen individuele aandacht te kunnen geven en de leerlingen binnen een zo n kort mogelijke tijd op niveau te krijgen. - De docenten die de begeleidingslessen gaan geven, hebben scholing nodig om hier nog meer kennis over op te doen en dit over te kunnen dragen aan leerlingen (doelen zijn onder andere: eenduidigheid in didactiek, structuur in de lessen). Dit geldt (gedeeltelijk) ook voor andere collega s op school. - Leerlingen die ongeoorloofd afwezig zijn tijdens de begeleidingslessen vallen onder dezelfde regeling als de leerlingen die tijdens een reguliere les ongeoorloofd afwezig zijn. Hierbij is het
lastige dat wij de leerlingen niet via SOM afwezig kunnen melden. Het is wenselijk als hiervoor een absentiesysteem bedacht wordt. - Voor de begeleidingslessen is het nodig om een uur per leerjaar in het rooster te blokkeren waar alle begeleidingslessen rekenen worden gegeven. Dit kan niet op hetzelfde uur als de uren voor individuele begeleiding (nu dinsdag het achtste). Met voorkeur wordt dit uur aan het begin van de dag geplaatst. - Voor leerlingen met dyscalculie is een intensief begeleidingsprogramma nodig. Dit betekent dat die leerlingen een-op-een begeleiding krijgen. - Het is belangrijk om aandacht te blijven besteden aan het belang van rekenen. Dit kan tijdens overleg met collega s geuit worden, maar ook zeker naar leerlingen en ouders op de daarvoor bestemde contactmomenten. Ook geldt hierbij dat de VAS/DTT-toets een belangrijk meetmoment is voor ons en de leerling. - Bij iedereen op school moet kennis zijn over het beleid rondom de rekentoets. Hierbij moet er dus duidelijk gecommuniceerd worden (met de mentor, ouders en leerlingen). Aan het begin van het schooljaar moet er over het beleid gecommuniceerd zijn. - Het rekenbeleid moet opgenomen worden in de BSC en de perspectievennota. - De scores voor rekenen moeten meegewogen worden in de bevorderingsregeling. - Rekenen moet bij andere vakken ook een belangrijke rol krijgen/houden. Leerlingen moeten bij Nederlands aandacht blijven besteden aan hoofd- en bijzaken. Dit is van groot belang voor de rekentoets. - Mogelijkheid onderzoeken om tijdens sw-uren aandacht te besteden aan rekenen. - Aandacht in aandeel rekenen moet (waar nodig) onderdeel uitmaken van het functioneringsgesprek. - In de loop van het komend schooljaar moet er een leerlijn rekenen opgezet worden. Bronvermelding http://wetten.overheid.nl/bwbr0004593/geldigheidsdatum_28-06-2015#hoofdstukiv http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/voortgezet-onderwijs/vraag-en-antwoord/wat-is-derekentoets-voor-het-voortgezet-onderwijs.html Rekenlessen in de praktijk Steunpunt taal & rekenen