Software AMABUS + Multifunctionele handgreep

Vergelijkbare documenten
Software ISOBUS voor

Bedieningshandleiding

az GPS-Switch Bedieningshandleiding Boordcomputer

BE 1000 Brand BEDIENINGS INSTRUCTIE INHOUDSOPGAVE A3

ENA Bijlage. Installatie- en bedieningsinstructies. Flamco

GEBRUIKSAANWIJZING. voor hydraulisch weegsysteem model STH / R320 Pro. met uitleesinstrument R320 V1.60

KOEL-SCHUDINCUBATOR. VOS (zonder koelfunctie) VOS-12061

Aanbouw- en bedieningshandleiding

Aanvulling op strooitabel DS 508 (NL)

Handleiding Alma Rally & Alma Rally Off-road

Honeywell. Gebruiksaanwijzing DFRC. RF Afstandsbediening Sfeerhaard

Bedieningsinstructie

installatiehandleiding Alarmlicht met sirene

Handleiding: Rupsdumper roterende kipbak.

CALIBRATOR. 100% rijsnelheidafhankelijk en nog veel meer.

GPS NAVIGATION SYSTEM QUICK START USER MANUAL

Fleischmann Tachowagen HO

Beknopte gebruiksaanwijzing voor de belangrijkste functies van het Mobile Station

GEBRUIKSAANWIJZING VORKHEFTRUCKWEEGSTEMEN

Snelgids Beschrijving

Vertaling van de originele bedieningshandleiding 1.2. Zorgvuldig doorlezen voor de inbedrijfname! Uitgave: 02/2017, V.1.0. Bestelnr.

LCD scherm va LCD scherm

BEP 600-TLM2 CONTOUR MATRIX TANK MONITOR INSTALLATIE EN GEBRUIKS AANWIJZING

installatiehandleiding Alarmlicht met sirene

Inhoudstafel pagina. Gebruikte symbolen, inbouw batterij / batterij vervangen.. 3

Installation Manual Mobile Dispencer Point ~ PayCon II

Gids bij de installatie (verkort)

installatiehandleiding Alarmlicht

GEBRUIKSAANWIJZING EASYSTART REMOTE

draaimolen programmeren PC

Aanvullende gebruiksaanwijzing. SMS op het vaste net tiptel 340 clip

H A N D L E I D I N G D A Z A T O O L S - O N T V A N G E R

Bedieningen Dutch - 1

Toonaangevend in veiligheid. Detect De juiste mensen op de juiste plek

Boordcomputer. Bedieningshandleiding

GEBRUIKSAANWIJZING EASYSTART TIMER

Parkinson Thuis Probleemoplossing

DT-F1/DT-F1V. NL Revision 1

LCD scherm ve LCD scherm

Inhoudsopgave Uitpakinstructies...1 Voordat u begint...5 Installatie...6 De fles met verzegelingsvloeistof vullen...9

TechGrow HS-1 PORTABLE CO 2 METER HANDLEIDING. software versie: 1.00

Vooraleer het toestel in gebruik te nemen moet men controleren of hij correct functioneert. Het toestel niet gebruiken wanneer het beschadigd is

Bedienerhandleiding. Digital Compressor Controller.

Weegschaaltruck EL20W-1150-TAZPN. Capaciteit: 2t

HANDLEIDING AFDRAAI-UNIT SL/SX

Gebruikershandleiding vochtmeter FMW * * FMW Vochtmeter. Gebruiksaanwijzing Versie 3.13 VOCHTMETERS

Bedieningselement voor de Eeberspächer-standverwarmingen A WORLD OF COMFORT

HANDLEIDING! " # $ %! & ' ' ' % $ %! & ( % ) * +, -. +/ ". +/

Inleiding. Inhoudsopgave: Omschrijving. 1.1 Het toetsenbord De displays Lampjes Vaste programma's Vrije programma's 3.

U sluit de drukregelaar aan op een wegwerpfles met nulgas of kalibratiegas. Deze handleiding is bij Priva verkrijgbaar via artikelnummer

Handleiding R.E.D. Remote Echo Depthsounder:

COCKPIT 2 FC 520/ 530 / 535

SmartHome Huiscentrale

Bediening van de Memory Stick-speler

Mauer GmbH Technologie voor beveiliging. Code Combi B VdS-Cl 2 Artikelnummer standaard

Inleiding. Inhoudsopgave. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe comfort-bedieningselement!

Printed: Doc-Nr: PUB / / 000 / 00

installatiehandleiding Slimme Radiatorknop Geschikt voor de SmartHome Huiscentrale (model GATE-02)

GEBRUIKSAANWIJZING. Afstandsbediening BRC315D7

Uitsluitend aansluiten op de spanning en frequentie zoals aangegeven op het typeplaatje.

TYRECONTROL A-186. Gebruikershandleiding (NL)

1 Veiligheidsinstructies. 2 Bedoeld gebruik. 3 Bediening. Systeem DALI-Power-besturingseenheid inbouwbasiselement

R-99 COMPUTER INSTRUCTIONS

Jaloezie- en rolluikbesturingssysteem Jaloeziebesturingsknop, Jaloeziebesturingsknop met sensordetectie

7 Serie. The Future Starts Now. Digitale thermometers Temp7. Temp7 PT100. Temp7 NTC. Temp7 K/T

INLEIDING VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN SYMBOLEN. De symbolen in deze gebruiksaanwijzing. Symbolen op het apparaat

Bestnr AIPTEK Digitale fotolijst 7 inch

TYRECONTROL «P» A-188

TechGrow HS-1 PORTABLE CO 2 METER HANDLEIDING. software versie: Uitgifte datum:

Gebruikers- en service-instructie

HENKELMAN BV. Adres Veemarktkade 8 / D AE s-hertogenbosch Nederland. Postadres Postbus AE s-hertogenbosch Nederland

Printerinstellingen wijzigen 1

NAVIGATIE. Quick Start Guide X-302MH. Nederlands. Rev 1.0

Gebruikershandleiding SPIRIT Oliebollenmachine

EMS 2.0. ModuLine 1010H (2017/05) NL

HANDLEIDING SHEETPRESS R30

H A N D L E I D I N G E L V 1 5

Leica IP C en IP S - Printer voor histologiecassettes en objectglaasjes

Handleiding transparant waterbad VOS-12034

GEBRUIKSAANWIJZING R320

GEBRUIKSAANWIJZING EASYSTART SELECT

GM-200 HYDROMETER INLEIDING PRODUCTEIGENSCHAPPEN

PowerGrade. Korte gebruiksaanwijzing

Gebruikershandleiding Puch Radius, State of the Art, Boogy BMS


HANDLEIDING SCOREBORDEN OPTIE 7 Versie 2.0 / augustus 2011

Inhoudsopgave. Handleiding: MC v2.0a. Pagina - 1 -

Handleiding ComfortTouch App voor Busch-ComfortTouch. Busch-ComfortTouch / / Busch-ComfortTouch / /12-825

PINEARTS HOLLAND BV

HANDLEIDING PROGRAMMAREGELAAR 40/16 SE

InteGra Gebruikershandleiding 1

Nederlands Français. Handleiding. Mobile Station

HardheidsTester HLJ Art. Nr Gebruiksaanwijzing

ZA-X Perfect ZA Z - A X - Perfect X Perfect

1 Veiligheidsinstructies. 2 Bedoeld gebruik. 3 Producteigenschappen. 4 Bediening met 2-voudig toetselement. Systeem 3000

SGH-A400 WAP browser Handleiding

1 Veiligheidsinstructies

Korte introductie van de Vogue E-bike. 1 Motor 2 Display 3 Accu 4 Controller 5 Pedaal sensor. Aan/uit knop

Beknopte instructies Cafitesse 400

Transcriptie:

Bedieningshandleiding az Software AMABUS + Multifunctionele handgreep ZG-B MG4585 BAG0123.0 12.12 Printed in Germany nl Lees deze bedieningshandleiding voor gebruik door en volg de aanwijzingen zorgvuldig op! Bewaar de bedieningshandleiding voor toekomstig gebruik!

Het mag niet onbelangrijk of overbodig voorkomen, deze gebruiksaanwijzing te lezen en zich aan de aanwijzingen te houden; het volstaat niet van anderen te horen, dat de machine goed is, ze daarom te kopen en te denken dat alles vanzelf gaat. De persoon in kwestie berokkent niet alleen zichzelf schade maar zal ook fouten maken waarbij het mislukken niet aan zichzelf doch aan de machine zal worden toegeschreven. Om zeker te zijn van een goede werking moet men zich bewust zijn van de handelingen en over het doel van de functies van de machine geïnformeerd zijn en er mee leren omgaan. Pas dan zal men over de machine en zichzelf tevreden zijn. Om dit doel te bereiken dient deze bedieningshandleiding. Leipzig-Plagwitz 1872. 2 AMABUS BAG0123.0 12.12

Identificatiegegevens Identificatiegegevens Vul hier de identificatiegegevens van de machine in. U vindt de identificatiegegevens op het typeplaatje. Identificatienummer machine: (tien cijfers) Type: AMABUS Bouwjaar: Basisgewicht kg: Toelaatbaar totaalgewicht kg: Maximale belading kg: Adres fabrikant AMAZONEN-WERKE H. DREYER GmbH & Co. KG Postfach 51 D-49202 Hasbergen Tel.: + 49 (0) 5405 50 1-0 Fax.: + 49 (0) 5405 501-234 E-mail: amazone@amazone.de Bestellen van onderdelen AMAZONEN-WERKE H. DREYER GmbH & Co. KG Postfach 51 D-49202 Hasbergen Tel.: + 49 (0) 5405 501-290 Fax.: + 49 (0) 5405 501-106 E-mail: et@amazone.de Online-onderdelencatalogus: www.amazone.de Vermeld bij uw bestelling van onderdelen s.v.p. altijd het identificatienummer van de machine (tien cijfers). Over deze bedieningshandleiding Documentnummer: MG4585 Productiedatum: 12.12 Copyright AMAZONEN-WERKE H. DREYER GmbH & Co. KG, 2008 Alle rechten voorbehouden. Nadruk, ook gedeeltelijk, uitsluitend toegestaan na toestemming van AMAZONEN-WERKE H. DREYER GmbH & Co. KG. AMABUS BAG0123.0 12.12 3

Voorwoord Voorwoord Geachte klant, U heeft gekozen voor een van onze kwaliteitsproducten uit het uitgebreide programma van AMAZONEN-WERKE, H. DREYER GmbH & Co. KG. Wij bedanken u voor het in ons gestelde vertrouwen. Controleer bij ontvangst van de machine of er sprake is van transportschade en of er onderdelen ontbreken! Controleer aan de hand van het afleveringsbewijs of de machine compleet is geleverd, inclusief de bestelde toebehoren. Alleen bij directe reclamaties heeft u recht op schadevergoeding! Lees deze bedieningshandleiding, en vooral de veiligheidsinstructies, voor het in bedrijf stellen door en volg alle aanwijzingen zorgvuldig op. Door de bedieningshandleiding nauwlettend te lezen, kunt u de voordelen van uw nieuwe machine optimaal benutten. Zorg ervoor dat alle gebruikers van deze machine deze bedieningshandleiding lezen voordat zij met de machine aan het werk gaan. Raadpleeg bij eventuele vragen of problemen s.v.p. deze bedieningshandleiding of bel ons gewoon even. Door onderhoud regelmatig uit te voeren en versleten of beschadigde onderdelen tijdig te vervangen, verhoogt u de levensduur van uw machine. Uw suggesties Geachte lezers, Wij passen onze bedieningshandleidingen regelmatig aan. Uw suggesties helpen ons onze bedieningshandleidingen nog gebruikersvriendelijker te maken. U kunt uw suggesties per fax aan ons doorgeven. AMAZONEN-WERKE H. DREYER GmbH & Co. KG Postfach 51 D-49202 Hasbergen Tel.: + 49 (0) 5405 50 1-0 Fax.: + 49 (0) 5405 501-234 E-mail: amazone@amazone.de 4 AMABUS BAG0123.0 12.12

Inhoud 1 Tips voor de gebruiker...7 1.1 Doel van het document...7 1.2 Plaatsaanduidingen in de bedieningshandleiding...7 1.3 Gebruikte beschrijvingen...7 2 Algemene veiligheidsinstructies...8 2.1 Beschrijving van veiligheidssymbolen...8 3 Beschrijving van het product...9 3.1 Beschrijving van toetsen en functievelden...10 3.2 Invoer in AMATRON 3...11 3.3 Softwareversie...11 3.4 Hiërarchie van de software...12 4 In bedrijf stellen...13 4.1 Hoofdmenu...13 4.2 Machinegegevens invoeren...14 4.2.1 Hoeveelheidsverlaging configureren (machinegegevens )...16 4.2.2 Trajectsensor kalibreren (machinegegevens )...17 4.2.3 Voorgeschreven toerental aftakas invoeren (machinegegevens )...18 4.2.4 Trail-Tron-dissel kalibreren (machinegegevens )...19 4.3 4.3.1 Opdracht aanleggen...20 Externe opdracht...21 4.4 Kunstmest kalibreren...22 4.4.1 Kunstmest-kalibratiefactor bij stilstaand voertuig bepalen voor ZG-B ultra hydro...23 4.4.2 Kunstmest-kalibrierfactor automatisch met weegstrooier bepalen voor ZG-B ultra hydro...25 4.4.3 Kunstmest-kalibratiefactor bij stilstaand voertuig bepalen voor ZG-B drive...27 4.4.4 Kunstmest-kalibratiefactor automatisch met weegstrooier bepalen voor ZG-B drive...29 4.5 4.5.1 Service Setup...31 Weegcel tarreren/kalibreren...34 4.6 Mobiele testbank...35 5 Gebruik op het veld...36 5.1 Het werkmenu...37 5.2 Functies in werkmenu...38 5.2.1 Sluitschuiven...38 5.2.2 ZG-B met Trail-Tron...38 5.2.3 Grensstrooien met limiter...42 5.2.4 Strooihoeveelheid eenzijdig veranderen (alleen ZG-B ultra hydro)...42 5.2.5 Afdekzeil...43 5.2.6 Kunstmest kalibreren...43 5.2.7 Kunstmest bijvullen (alleen ZG-B ultra hydro)...43 5.2.8 Strooischijfaandrijving in- en uitschakelen (alleen ZG-B ultra hydro)...44 5.2.9 Sectiebreedten (alleen ZG-B ultra hydro)...44 5.2.10 Grensstrooien (alleen ZG-B ultra hydro)...45 5.3 ZG-B drive...46 5.3.1 Werkwijze bij het gebruik...46 5.3.2 Toetsdefinitie werkmenu...47 5.4 5.4.1 ZG-B ultra hydro...49 Werkwijze bij het gebruik...49 5.5 Kunstmest bijvullen...52 5.6 Kunstmestbak leegmaken...53 6 Multifunctiehandgreep...55 6.1 Montage...55 AMABUS BAG0123.0 12.12 5

Inhoud 6.2 Werking... 55 6.3 Toetsdefinitie:... 56 7 Onderhoud en reiniging... 57 7.1 Reiniging... 57 7.2 Basisafstelling van de schuiven... 57 8 Storing... 59 8.1 Alarm... 59 8.2 Storing in de trajectsensor (impulsen/100m)... 59 6 AMABUS BAG0123.0 12.12

Tips voor de gebruiker 1 Tips voor de gebruiker Het hoofdstuk Tips voor de gebruiker bevat informatie over het omgaan met de bedieningshandleiding. 1.1 Doel van het document Deze bedieningshandleiding beschrijft de bediening en het onderhoud van de machine. voorziet u van belangrijke informatie om veilig en efficiënt met de machine te werken. hoort bij de machine en dient altijd in de machine of de tractor te liggen. voor toekomstig gebruik bewaren. 1.2 Plaatsaanduidingen in de bedieningshandleiding Alle in deze bedieningshandleiding genoemde richtingen zijn altijd gezien in rijrichting. 1.3 Gebruikte beschrijvingen Bedieningsinstructies en reacties De handelingen die de chauffeur dient uit te voeren, worden altijd genummerd weergegeven. Houd u aan de volgorde van de aangegeven bedieningsinstructies. Een pijl geeft in voorkomende gevallen de reactie op de betreffende bedieningsinstructie aan. Voorbeeld: 1. Bedieningsinstructie 1 Reactie van de machine op bedieningsinstructie 1 2. Bedieningsinstructie 2 Opsommingen Opsommingen zonder dwingende volgorde worden weergegeven met opsommingstekens. Voorbeeld: Punt 1 Punt 2 Positienummers in afbeeldingen Cijfers tussen ronde haakjes verwijzen naar positienummers in afbeeldingen. Het eerste cijfer verwijst naar de afbeelding, het tweede cijfer naar het positienummer in de afbeelding. Voorbeeld (afb. 3/6) Afbeelding 3 Positie 6 AMABUS BAG0123.0 12.12 7

Algemene veiligheidsinstructies 2 Algemene veiligheidsinstructies Kennis van de basisveiligheidsinstructies en veiligheidsvoorschriften is de eerste voorwaarde om veilig en zonder storingen met de machine te kunnen werken. De bedieningshandleiding altijd daar bewaren waar de machine wordt gebruikt! dient te allen tijde voor chauffeurs en onderhoudsmedewerkers beschikbaar te zijn! 2.1 Beschrijving van veiligheidssymbolen Veiligheidsinstructies worden aangegeven met een driehoekig veiligheidssymbool en een signaalwoord. Het signaalwoord (GEVAAR, WAARSCHUWING, VOORZICHTIG) beschrijft de ernst van het dreigende gevaar en heeft de volgende betekenis: GEVAAR verwijst naar een direct gevaar met een hoog risico dat de dood of zwaar lichamelijk letsel (verlies van lichaamsdelen of langdurig letsel) ten gevolge kan hebben als het gevaar niet wordt vermeden. Het negeren van deze instructies kan de dood of zwaar lichamelijk letsel ten gevolge hebben. WAARSCHUWING verwijst naar een mogelijk gevaar met gemiddeld risico dat de dood of (zwaar) lichamelijk letsel ten gevolge kan hebben als het gevaar niet wordt vermeden. Het negeren van deze instructies kan onder omstandigheden de dood of zwaar lichamelijk letsel ten gevolge hebben. VOORZICHTIG verwijst naar een gevaar met gering risico dat licht of gemiddeld lichamelijk letsel of materiële schade ten gevolge kan hebben als het gevaar niet wordt vermeden. BELANGRIJK verwijst naar een verplichting tot een bijzondere handelwijze of activiteit om vakkundig met de machine om te gaan. Het negeren van deze instructies kan storingen in de machine of in de omgeving veroorzaken. TIP verwijst naar praktische tips en bijzonder nuttige informatie. Deze tips helpen u om alle functies van uw machine optimaal te benutten. 8 AMABUS BAG0123.0 12.12

Beschrijving van het product 3 Beschrijving van het product Met de AMABUS-software en de bedieningsterminal AMATRON 3 kunnen AMAZONE-machines comfortabel worden aangestuurd, bediend en bewaakt. De AMABUS-software werkt in combinatie met de volgende AMAZONE-machines: ZG-B drive met elektrohydraulisch geregelde bandbodem; ZG-B ultra hydro met strooiwerk ZA-M-ultra en hydraulische strooischijfaandrijving. De AMABUS-software regelt de strooihoeveelheid afhankelijk van de rijsnelheid. Door een druk op de toets is het volgende mogelijk (afhankelijk van machine en uitrusting): veranderen van strooihoeveelheid in vooraf aangegeven stappen (bv. +/- 10%); mestkalibratie tijdens het rijden (alleen bij weegstrooier); comfortabel grensstrooien; comfortabel gerenstrooien (alleen ZG-B ultra hydro). Hoofdmenu (Afb. 1) Het hoofdmenu bestaat uit meerdere submenu's waarin vóór het werk gegevens moeten worden ingevoerd; instellingen moeten worden nagekeken of ingevoerd. Werkmenu (Afb. 2) Afb. 1 Tijdens het werk worden in het werkmenu alle noodzakelijke strooigegevens weergegeven. Tijdens het werk wordt de machine via het werkmenu bediend. Afb. 2 AMABUS BAG0123.0 12.12 9

Beschrijving van het product 3.1 Beschrijving van toetsen en functievelden De functies die aan de rechter displayrand door een functieveld (vierkant veld of diagonaal gescheiden vierkant veld) worden aangegeven, worden aangestuurd met de toetsenrijen rechts naast het display. Verschijnen op het display alleen maar vierkante velden, dan is alleen de rechter toets (Afb. 3/1) aan het functieveld gekoppeld (Afb. 3/A). Zijn de velden diagonaal gescheiden: ο dan hoort de linker toets (Afb. 3/2) bij het functieveld linksboven (Afb. 3/B); ο dan hoort de rechter toets (Afb. 3/3) bij het functieveld rechtsonder (Afb. 3/C). Afb. 3 Aan/uit (de AMATRON 3 moet bij rijden op de openbare weg altijd zijn uitgeschakeld). Terug naar laatste scherm. Omschakelen werkmenu - hoofdmenu. Invoer afbreken. Naar het werkmenu (toets min. 1 seconde indrukken). Bladeren door menu's; alleen mogelijk als het Bladeren-symbool (Afb. 3/4) op het display verschijnt Cursor bij tekstinvoer naar links Cursor bij tekstinvoer naar rechts Geselecteerde cijfers en letters worden overgenomen. Bevestigen van kritisch alarm. 100%-hoeveelheid in werkmenu. Cursor bij tekstinvoer naar boven Strooihoeveelheid tijdens het werk in stappen vergroten (bv. +10%) (voor instelling stappen zie pagina 14) Cursor bij tekstinvoer naar beneden Strooihoeveelheid tijdens het werk in stappen verlagen (bv. - 10%) (voor instelling stappen zie pagina 14) 10 AMABUS BAG0123.0 12.12

Beschrijving van het product 3.2 Invoer in AMATRON 3 Voorbeeld: Voor de bediening van de AMATRON 3 worden in deze bedieningshandleiding de functievelden weergegeven, om aan te geven welke bijbehorende toets moet worden ingedrukt. Functieveld : Beschrijving in de bedieningshandleiding: Functie A uitvoeren. Actie: De gebruiker drukt op de toets die bij het functieveld hoort (Afb. 4/1), om functie A uit te voeren. Afb. 4 3.3 Softwareversie Deze bedieningshandleiding is geldig vanaf softwareversie: Machine: MHX-versie: 2.29.01 AMABUS BAG0123.0 12.12 11

Beschrijving van het product 3.4 Hiërarchie van de software Werkmenu Hoofdmenu Menu "Opdracht" Namen invoeren Geef de notitie in. Invoer van de strooihoeveelheid Opdracht starten/voortzetten Opdracht wissen Wis de daggegevens Menu "Mestkalibratie" (bij stilstaand voertuig) Werkbreedte invoeren Strooihoeveelheid invoeren Snelheid invoeren Kalibratiefactor invoeren Mestkalibratie uitvoeren. Schuiven openen/sluiten Bandbodem in-/uitschakelen Menu "Machinegegevens" Kunstmestvulniveau Kunstmest bijvullen Kunstmest alarmgrens Bak leegmaken Hoeveelheidsverandering configureren Impulsen per 100 m kalibreren Voorgeschreven toerental aftakas veranderen Trajectsensor wendakker Strooier tarreren Trail-Tron kalibreren Voorgeschreven schijftoerental Schijftoerental - Grensstrooien - Kantstrooien - Slootstrooien Mobiele testbank Menu "Service Setup" (alleen voor servicepersoneel) Diagnose invoer Diagnose uitvoer Gesimuleerde snelheid Basisgegevens keuze - Machinetype - Weegcel - Weegcel kalibreren - Limiter aanwezig - Basisafstelling schuif - Hydraulisch afdekzeil - Sluitschuiven - Regelfactor - RESET - Weergave bandsnelheid - Trail-Tron - Afwijkingsfactor Trail-Tron - Regelfactor Trail-Tron 12 AMABUS BAG0123.0 12.12

In bedrijf stellen 4 In bedrijf stellen 4.1 Hoofdmenu Menu "Opdracht" (zie pagina 20) ο Invoer van gegevens voor nieuwe opdracht. ο Voor begin van het strooien de opdracht starten. ο De berekende gegevens van maximaal 20 uitgevoerde opdrachten worden opgeslagen Menu "Mest kalibreren" (zie pagina 22) Bereken de kalibratiefactor van de uit te strooien mestkorrels voor elk gebruik opnieuw. Bij de ZG-B met weegtechniek kan tijdens een kalibratierit de kalibratiefactor worden bepaald (zie pagina 25). Afb. 5 Menu "Machinegegevens" (zie pagina 14) Invoer van machinespecifieke of individuele gegevens. Menu "Mobiele testbank" (pagina 35) Voor het berekenen van de strooiplaatstand bij de controle van de dwarsverdeling met de mobiele testbank (zie bedieningshandleiding mobiele testbank). Menu "Service Setup" (zie pagina 31) Invoer van basisinstellingen. AMABUS BAG0123.0 12.12 13

In bedrijf stellen 4.2 Machinegegevens invoeren In het hoofdmenu "Machinegegevens" kiezen! Pagina 1 (Afb. 6): Kunstmestvulniveau in kg invoeren. Kunstmest bijvullen (zie pagina 52). Alarmgrens voor resthoeveelheid in kg invoeren. Bak leegmaken, zie pagina 53. ZG-B Drive (Afb. 6): Afb. 6 Bandbodem in-/uitschakelen. ZG-B Ultra Hydro (Afb. 7): Submenu "Bak leegmaken" oproepen. Afb. 7 Pagina twee (Afb. 8) Hoeveelheidsverandering configureren (zie pagina 16). Impulsen per 100 m bepalen (zie pagina 17). Voorgeschreven toerental aftakas invoeren (zie pagina 18). Afb. 8 14 AMABUS BAG0123.0 12.12

In bedrijf stellen Pagina drie (Afb. 9). Trajectsensor aan/uit: Voor het vinden van de rijpaden wordt het afgelegde traject in de wendakker weergegeven. De trajectsensor begint bij het sluiten van de sluitschuiven met de trajectregistratie. Rijst strooien aan/uit. Niet toegestaan voor ZG-B! Afb. 9 Slakkenkorrels strooien aan/uit. Niet toegestaan voor ZG-B! Strooier tarreren. Bv. na het monteren van accessoires (zie pagina 34). ο Maak de strooier helemaal leeg; wacht totdat het symbool uitgaat. ο bevestigen. Pagina vier (Afb. 10). Alleen voor ZG-B ultra hydro: Strooischijftoerentallen uit de strooitabel aflezen. Gewenste strooischijftoerental in omw./min invoeren (standaard 720 1 / min ) Strooischijftoerental in omw./min bij grensstrooien. Afb. 10 Strooischijftoerental in omw./min bij slootstrooien. Strooischijftoerental in omw./min bij kantstrooien. AMABUS BAG0123.0 12.12 15

In bedrijf stellen Pagina vier (Afb. 11) Alleen voor ZG-B drive : Trail-Tron-dissel kalibreren, zie pagina 19. Afb. 11 4.2.1 Hoeveelheidsverlaging configureren (machinegegevens ) Stappen invoeren (waarde voor procentuele hoeveelheidsverandering tijdens het werk). Alleen voor ZG-B ultra hydro: hoeveelheidsverlaging bij het grensstrooien Alleen voor ZG-B ultra hydro: hoeveelheidsverlaging bij het slootstrooien Alleen voor ZG-B ultra hydro: hoeveelheidsverlaging bij het kantstrooien Afb. 12 16 AMABUS BAG0123.0 12.12

In bedrijf stellen 4.2.2 Trajectsensor kalibreren (machinegegevens ) Voor het bepalen van de werkelijke snelheid heeft de AMATRON 3 de kalibratiewaarde impulsen/100m nodig. Bij tractoren met ISO-bus-bekabeling moet de waarde 0 voor de impulsen/100m handmatig worden ingegeven. De kalibratiewaarde impulsen/100m mag niet kleiner zijn dan 250, anders werkt de AMATRON 3 niet zoals voorgeschreven. Voor het invoeren van impulsen/100m zijn er drie mogelijkheden: De waarde is bekend en wordt handmatig in de AMATRON 3 ingevoerd. 0 bij tractoren met ISO-bus-bekabeling. De waarde is niet bekend en wordt door het rijden van het meettraject van 100 m bepaald. 1. Meet op het veld een meettraject van exact 100 m af. Markeer het begin- en eindpunt van het meettraject (Afb. 14). 2. Start de kalibratie. 3. Rij het meettraject van begin- tot eindpunt helemaal (bij het wegrijden springt de teller op 0). Op het display worden steeds de bepaalde impulsen weergegeven. 4. Stop na 100 m. Op het display wordt nu het aantal bepaalde impulsen aangegeven. 5. Neem de waarde impulsen/100m over. De waarde wordt aan de in het geheugen geselecteerde tractor toegekend. Afb. 13 6. Waarde impulsen/100m niet overnemen. Afb. 14 Als op het veld met vierwielaandrijving wordt gereden, moet bij het trajectsensor kalibreren de vierwielaandrijving eveneens zijn ingeschakeld. AMABUS BAG0123.0 12.12 17

In bedrijf stellen De waarde impulsen/100m kan voor 3 tractoren worden opgeslagen: 1., Tractor kiezen 2. Naam invoeren / wijzigen. 3. Impulsen/100m voor geselecteerde tractor invoeren. Wordt hier een opgeslagen tractor geselecteerd, dan wordt de betreffende waarde voor impulsen/100m en voorgeschreven toerental aftakas overgenomen. Afb. 15 4.2.3 Voorgeschreven toerental aftakas invoeren (machinegegevens ) Alleen voor tractoren met toerentalregistratie van de aftakas. Voorgeschreven toerental aftakas invoeren, bv.: 540 1 / min 720 1 / min 0 1 / min ο ο Standaardtoerentallen (zie strooitabel) geen aftakassensor aanwezig aftakascontrole niet gewenst Impulsen per aftakasomwenteling invoeren (aanvraag bij uw dealer). Afb. 16 Opslag voor 3 tractoren met bijbehorend aftakastoerental omw./min. 1., Tractor kiezen. 2. Naam invoeren / wijzigen. 3. Aftakastoerental invoeren. 18 AMABUS BAG0123.0 12.12

In bedrijf stellen Opslag voor 3 tractoren met bijbehorende waarde voor impulsen/omwenteling. 1., Tractor kiezen. 2. Naam invoeren / wijzigen. 3. Impulsen/omwenteling van de aftakas invoeren. 4. Bovenste alarmgrens in % invoeren (standaardwaarde 10%). 5. Onderste alarmgrens in % invoeren (standaardwaarde 10%). 4.2.4 Trail-Tron-dissel kalibreren (machinegegevens ) 1. Rij een kort stuk met de tractor met ZG-B rechtuit en richt deze met,, totdat tractor en ZG-B in hetzelfde spoor staan. 2. Leg de middenstand vast. 3. Draai het stuur van de tractor helemaal Trail-Tron- rechtsom en schuif de cilinder in. Afb. 17 4. Leg de rechter aanslag vast. 5. Draai het stuur van de tractor helemaal Trail-Tron- linksom en schuif de cilinder uit. 6. Leg de linker aanslag vast. AMABUS BAG0123.0 12.12 19

In bedrijf stellen 4.3 Opdracht aanleggen In het hoofdmenu "Opdracht" kiezen! Wanneer het menu "Opdracht" wordt geopend, dan verschijnt de gestarte (laatst bewerkte) opdracht. Er kunnen maximaal 20 opdrachten (opdrachtnr. 1-20) worden opgeslagen. Selecteer voor het instellen van een nieuwe opdracht een opdrachtnummer (Afb. 18/1). Wis de gegevens van de geselecteerde opdracht. Afb. 18 Voer de naam in. Voer de notitie in. Voer de strooihoeveelheid in. Start de opdracht, zodat oplopende gegevens voor deze opdracht worden opgeslagen. Daggegevens wissen ο ο ο Bewerkte oppervlakte (ha/dag) Uitgestrooide hoeveelheid kunstmest (hoeveelheid/dag) Arbeidstijd (uren/dag) Reeds opgeslagen opdrachten kunnen met worden opgeroepen en met weer worden gestart. 20 AMABUS BAG0123.0 12.12

In bedrijf stellen Ingedrukte Shift-toets (Afb. 19): Opdracht vooruitbladeren. Opdracht terugbladeren. Afb. 19 4.3.1 Externe opdracht Via een PDA-computer kan een externe opdracht naar de AMATRON 3 worden overgebracht en gestart. Deze opdracht krijgt altijd nummer 21. De gegevensoverdracht vindt plaats via de seriële poort. Externe opdracht beëindigen. Afb. 20 AMABUS BAG0123.0 12.12 21

In bedrijf stellen 4.4 Kunstmest kalibreren In het hoofdmenu "Kunstmest kalibreren" selecteren! De kalibratiefactor van de mestkorrels bepaalt het regelgedrag van de AMATRON 3 en is afhankelijk van het stromingsgedrag van de uit te strooien mestkorrels; de ingevoerde strooihoeveelheid; de ingevoerde werkbreedte. Het stromingsgedrag van de mestkorrels is weer afhankelijk van de opslagwijze van de mestkorrels, de opslagtijd van de mestkorrels en klimatologische factoren; de werkomstandigheden. De kalibratiewaarde wordt per strooier verschillend bepaald. In de volgende tabel wordt verwezen naar de bladzijden waarop de kalibratie voor de betreffende strooiers wordt beschreven. ZG-B ultra hydro ultra hydro drive drive met weegtechniek met weegtechniek Kalibreren bij stilstaand voertuig Automatisch tijdens een kalibratierit Pagina 23 Pagina 23 Pagina 27 Pagina 27 Pagina 25 Pagina 29 Het stromingsgedrag van de mestkorrels kan al na een korte opslagtijd van de korrels veranderen. Bereken de kalibratiefactor van de uit te strooien mestkorrels daarom altijd opnieuw. Bereken de kalibratiefactor van de mestkorrels altijd opnieuw als er verschillen tussen de theoretische en de werkelijke strooihoeveelheid zijn. ZG-B ultra hydro: De op de AMATRON 3 ingevoerde strooihoeveelheid mag een bepaalde maximale waarde (afhankelijk van werkbreedte, gewenste snelheid en ingevoerde kalibratiefactor) niet overschrijden. De maximale strooihoeveelheid/ha is bereikt als de doseerschuiven volledig geopend zijn. Realistische kalibratiefactoren voor kunstmest (0.7-1.4): ο 0.7 voor ureum ο 1.0 voor kalkamon-salpeter (KAS) ο 1.4 voor fijne, zware PK-mestkorrels 22 AMABUS BAG0123.0 12.12

In bedrijf stellen 4.4.1 Kunstmest-kalibratiefactor bij stilstaand voertuig bepalen voor ZG-B ultra hydro Selecteer het menu "Mest kalibreren": 1. Beveilig de tractor en de machine tegen onbedoeld starten en wegrollen. 2. Vul de bak met een voldoende hoeveelheid kunstmestkorrels. 3. Verwijder de linker strooischijf. 4. Plaats de opvangbak onder de uitstroomopening (raadpleeg de bedieningshandleiding ZG-B!). 5. Controleer de werkbreedte en voer deze in. Afb. 21 6. Controleer de strooihoeveelheid en voer deze in. 7. Controleer de gewenste snelheid en voer deze in. 8. Voer de kalibratiefactor voor het bepalen van de exacte kalibratiefactor in, bv. 1.00. Als kalibratiefactor kan ο ο de kwantiteitsfactor uit de strooitabel worden gebruikt; op ervaringscijfers worden teruggegrepen. 9. Schakel de bandbodem in (verschijnt op het display) en vul hiermee de mestsluis. De bandbodem stopt automatisch als de mestsluis gevuld is. De tractoraftakas mag niet worden ingeschakeld! 10. Open de linker hydraulische schuif. 11. Sluit de hydraulische schuif als de opvangbak vol is. 12. Weeg de opgevangen hoeveelheid kunstmest (houd rekening met het gewicht van de opvangbak). AMABUS BAG0123.0 12.12 23

In bedrijf stellen De gebruikte weegschaal moet nauwkeurig wegen. Onnauwkeurigheden kunnen tot afwijkingen in de daadwerkelijk uitgestrooide hoeveelheid leiden. 13. Voer de waarde voor de gewogen hoeveelheid kunstmest in kg in. De nieuwe kalibratiefactor wordt aangegeven (Afb. 22). 14. Bevestig de kalibratiefactor of neem deze met niet over. Afb. 22 24 AMABUS BAG0123.0 12.12

4.4.2 Kunstmest-kalibrierfactor automatisch met weegstrooier bepalen voor ZG-B ultra hydro In bedrijf stellen De mestkalibratie met behulp van weegtechniek vindt plaats tijdens het strooien, waarbij ten minste 1000 kg kunstmest moet worden verspreid. Na de eerste mestkalibratie moeten nog meer kalibraties met grotere strooihoeveelheden (bv. 2500 kg) worden uitgevoerd, om de kalibratiefactor verder te optimaliseren. Selecteer het menu "Mest kalibreren": 1. Controleer de werkbreedte en voer deze in. 2. Controleer de strooihoeveelheid en voer deze in. 3. Controleer de gewenste snelheid en voer deze in. Afb. 23 4. Voer de kalibratiefactor voor het bepalen van de exacte kalibratiefactor in, bv. 1.00. 5. Vul zo nodig de voorkamer (Afb. 24) met mestkorrels. Het vullen stopt automatisch als de voorkamer vol is. Afb. 24 Om vanaf het begin de gewenste strooihoeveelheid correct te verspreiden, kan vóór het werk ο ο ο de kalibratie bij stilstaand voertuig worden uitgevoerd; de kalibratiefactor (kwantiteitsfactor) uit de strooitabel worden overgenomen; een ervaringswaarde voor de kalibratiefactor worden ingevoerd. Tractor met strooier moet aan het begin en het einde van het kalibreren vlak staan. De bepaling van de kalibratiefactor kan alleen in de ruststand van de weegschaal worden gestart en beëindigd. verschijnt op het display het symbool, dan staat de strooier niet in de ruststand. AMABUS BAG0123.0 12.12 25

In bedrijf stellen Kalibratie starten: 1. Kies het werkmenu. 2. Start de kalibratie. 3. Open de sluitschuiven en begin te rijden. 4. Begin gewoon met strooien en verspreid ten minste 1000 kg kunstmest. In het werkmenu wordt de uitgestrooide hoeveelheid kunstmest weergegeven (Afb. 25/1). 5. Is minimaal 1000 kg kunstmest verspreid, sluit dan de sluitschuiven en stop. Afb. 25 6. Beëindig de kalibratie. De nieuwe kalibratiefactor wordt aangegeven (Afb. 26). 7. Bevestig de kalibratiefactor of neem deze met niet over. Bij het strooien wordt nu met geoptimaliseerde schuifstand gewerkt. Afb. 26 Voor een succesvolle uitvoering van de kalibratie moet een hoeveelheid meststof van ten minste 500 kg worden verspreid. Weergave vanaf 500 kg. Wordt de kalibratie beëindigd voordat er 500 kg meststof is verspreid, dan wordt met de actuele kalibratiefactor verder gewerkt. 26 AMABUS BAG0123.0 12.12

In bedrijf stellen 4.4.3 Kunstmest-kalibratiefactor bij stilstaand voertuig bepalen voor ZG-B drive Selecteer het menu "Mest kalibreren" 1. Beveilig de tractor en de machine tegen onbedoeld starten en wegrollen. 2. Vul de bak met een voldoende hoeveelheid kunstmestkorrels. 3. Verwijder beide strooischijven. 4. Plaats een grote opvangbak onder elke mestgoot raadpleeg de bedieningshandleiding ZG-B!). 5. Controleer de werkbreedte en voer deze in. Afb. 27 6. Controleer de strooihoeveelheid en voer deze in. 7. Controleer de gewenste snelheid en voer deze in. 8. Voer het stortgewicht van de meststof in (zie strooitabel). De instelwaarde voor de nieuwe hoofdschuifstand wordt weergegeven (Afb. 28). 9. Zet de hoofdschuif in de aanbevolen stand (zie bedieningshandleiding ZG-B). Afb. 28 10. Bevestig de nieuwe hoofdschuifstand. 11. Doseer voor totdat de meststof het uiteinde van de bandbodem heeft bereikt. De dubbele schuiven gaan automatisch open. 12. Beëindig het voordoseren. WAARSCHUWING Gevaar voor verwonding door automatisch sluitende dubbele schuiven bij het beëindigen van het voordoseren. AMABUS BAG0123.0 12.12 27

In bedrijf stellen Kalibratie starten: 13. Open de dubbele schuiven. Tijdens de kalibratie wordt op de AMATRON 3 de kalibratietijd in seconden aangegeven. 14. Sluit de dubbele schuiven als de opvangbakken vol zijn. 15. Weeg de opgevangen hoeveelheid kunstmest (houd rekening met het gewicht van de opvangbak). De gebruikte weegschaal moet nauwkeurig wegen. Onnauwkeurigheden kunnen tot afwijkingen in de daadwerkelijk uitgestrooide hoeveelheid leiden. 16. Voer de waarde voor de gewogen hoeveelheid kunstmest in kg in. Kalibratie beëindigd! Bij het strooien wordt nu met geoptimaliseerde bandsnelheid gewerkt. Is de afwijking tussen theoretische en berekende kalibratiefactor te groot, dan wordt een nieuwe hoofdschuifstand aangegeven. Met deze instelling moet de kalibratie worden herhaald. 28 AMABUS BAG0123.0 12.12

4.4.4 Kunstmest-kalibratiefactor automatisch met weegstrooier bepalen voor ZG-B drive In bedrijf stellen De mestkalibratie vindt plaats tijdens het strooien, waarbij ten minste 1000 kg kunstmest moet worden verspreid. Na de eerste mestkalibratie moeten nog meer kalibraties met grotere strooihoeveelheden (bv. 2500 kg) worden uitgevoerd, om de kalibratiefactor verder te optimaliseren. Menu "Mest kalibreren" selecteren: 1. Controleer de werkbreedte en voer deze in. 2. Controleer de strooihoeveelheid en voer deze in. 3. Controleer de gewenste snelheid en voer deze in. Afb. 29 4. Voer het stortgewicht van de meststof in. Lees het stortgewicht uit de strooitabel af. De instelwaarde voor de nieuwe hoofdschuifstand wordt weergegeven (Afb. 29). 5. Zet de hoofdschuif in de aanbevolen stand (zie bedieningshandleiding ZG-B). 6. Bevestig de nieuwe hoofdschuifstand. Afb. 30 7. Doseer voor totdat de meststof het uiteinde van de bandbodem heeft bereikt. De dubbele schuiven gaan automatisch open. VOORZICHTIG Gevaar voor verwonding door automatisch sluitende dubbele schuiven bij het beëindigen van het voordoseren. 8. Beëindig het voordoseren. AMABUS BAG0123.0 12.12 29

In bedrijf stellen Tractor met strooier moet aan het begin en het einde van het kalibreren vlak staan. De bepaling van de kalibratiefactor kan alleen in de ruststand worden gestart en beëindigd. verschijnt op het display het symbool, dan staat de strooier niet in de ruststand. Kalibratie starten: 1. Kies het werkmenu. 2. Start het automatisch kalibreren. 3. Open de sluitschuiven en begin te rijden. 4. Begin gewoon met strooien en verspreid ten minste 1000 kg kunstmest. In het werkmenu wordt de uitgestrooide hoeveelheid kunstmest weergegeven (Afb. 31/1). 5. Verspreid ten minste 1000 kg meststof. Afb. 31 6. Sluit beide dubbele schuiven en stop het voertuig. 7. Stop het automatisch kalibreren. Bij het strooien wordt nu met geoptimaliseerde bandsnelheid (Afb. 31/1) gewerkt. Is de afwijking tussen theoretische en berekende bandsnelheid te groot, dan wordt een nieuwe hoofdschuifstand aangegeven. Met deze instelling moet de kalibratie worden herhaald. Voor een succesvolle uitvoering van de kalibratie moet een hoeveelheid meststof van ten minste 500 kg worden verspreid. Weergave vanaf 500 kg. Wordt de kalibratie beëindigd voordat er 500 kg meststof is verspreid, dan wordt met de actuele kalibratiefactor verder gewerkt. 30 AMABUS BAG0123.0 12.12

In bedrijf stellen 4.5 Service Setup Kies in het hoofdmenu "Setup" en bevestig dit met! Pagina 1 32). van het setup-menu (Afb. Diagnose computer invoer (alleen voor de klantenservice) Diagnose computer uitvoer (alleen voor de klantenservice) Voer de gesimuleerde snelheid in (om verder te kunnen strooien met defecte trajectsensor, zie pagina 59). Afb. 32 Terminal Setup (zie pagina 35). Basisgegevens invoeren (zie pagina 32). Pagina 2 (Afb. 33): van het setup-menu Machinecomputer naar de fabrieksinstelling terugzetten. Alle ingevoerde en verzamelde gegevens (opdrachten, machinegegevens, kalibratiewaarden, Setup-gegevens) gaan verloren. Noteer de volgende gegevens vooraf: parameter 1 en 2 van de weegschaal impulsen basisafstelling van de schuiven links en rechts impulsen per 100 m impulsen per omwenteling aftakas Afb. 33 AMABUS BAG0123.0 12.12 31

In bedrijf stellen 34): Pagina 1 basisgegevens (Afb. Kies het soort machine. Weegcel aanwezig aan/uit. Kalibreer de weegcel (zie pagina 34). Afb. 34 Limiter aanwezig ο links ο rechts ο uit Pagina 2 (Afb. 35): basisgegevens ZG-B ultra hydro: basisafstelling van de linker schuif (pagina 57). ZG-B ultra hydro: basisafstelling van de rechter schuif (pagina 57). Afb. 35 Afdekzeil aanwezig: aan/uit Hydraulische sluitschuiven: ο met veer (dubbelwerkend) ο zonder veer (enkelvoudig werkend) Regelfactor (voor servicedienst) 32 AMABUS BAG0123.0 12.12

In bedrijf stellen Pagina 3 (Afb. 36): basisgegevens Bandsnelheid in werkmenu weergeven aan/uit. Trail-Tron-dissel aanwezig aan/uit. Afwijkingsfactor Trail-Tron invoeren. De afwijkingsfactor geeft de gevoeligheid aan vanaf welke stuurinslag de regeling werkzaam wordt. 0 gevoelig 15 ongevoelig Meest geschikte waarden: 8 tot 10 Afb. 36 Regelfactor Trail-Tron-dissel. Standaardwaarde: 1,25 ο Machine overstuurt (Afb. 37/1): kies een kleinere regelfactor ο Machine onderstuurt (Afb. 37/2: kies een grotere regelfactor Afb. 37 AMABUS BAG0123.0 12.12 33

In bedrijf stellen 4.5.1 Weegcel tarreren/kalibreren De weegcel wordt in de fabriek getarreerd en gekalibreerd. Zijn er echter afwijkingen tussen de werkelijke en de aangegeven strooihoeveelheid, of van de bakinhoud, dan moet de weegcel opnieuw worden gekalibreerd. Zie menu Service Setup pagina één., basisgegevens Na het inbouwen van accessoires moet de weegcel worden getarreerd. Afb. 38 1. Maak de kunstmeststrooier helemaal leeg (zie pagina 53). 2. Zet de tractor met strooier op een vlakke ondergrond en wacht totdat het symbool uitgaat. VOORZICHTIG Verschijnt op het display het symbool niet in de ruststand., dan staat de machine 3. Druk op. De strooier is getarreerd. 4. Vul de bak met een afgewogen hoeveelheid kunstmest van min. 500 kg en wacht totdat het symbool uitgaat. 5. Druk op. 6. Voer de afgewogen hoeveelheid kunstmest in kg op de AMATRON 3 in. De strooier is gekalibreerd. Vergelijk ter controle de weergave in het werkmenu met de bijgevulde hoeveelheid kunstmest. 34 AMABUS BAG0123.0 12.12

In bedrijf stellen 4.6 Mobiele testbank Kies "Mobiele testbank" in het hoofdmenu! Gebruik de mobiele testbank overeenkomstig de bedieningshandleiding van de mobiele testbank en beoordeel de dwarsverdeling. 1. Voer het aantal deelstreepjes voor kunstmestniveau I in. 2. Voer het aantal deelstreepjes voor kunstmestniveau II in. 3. Voer het aantal deelstreepjes voor kunstmestniveau III in. 4. Voer het aantal deelstreepjes voor kunstmestniveau IV in. 5. Corrigeer de geselecteerde strooiplaatstanden met de berekende strooiplaat-verstelstanden. Afb. 39 Wijs de opgevangen hoeveelheden kunstmest uit de mestopvangschalen in de 4 posities (Afb. 40, I, II, III, IV) toe aan de functievelden I t/m IV van de AMATRON 3. Afb. 40 AMABUS BAG0123.0 12.12 35

Gebruik op het veld 5 Gebruik op het veld VOORZICHTIG Tijdens de rit naar het veld en op de openbare weg moet de AMATRON 3 altijd zijn uitgeschakeld! Gevaar voor ongevallen door verkeerde bediening! Strooier met weegtechniek: Voer aan het begin van het strooien de automatische kunstmestkalibratie uit. Vóór het eerste gebruik en na het aanbrengen van accessoires moet de strooier worden getarreerd (zie pagina 34). Vóór het begin van het strooien moeten de volgende handelingen zijn uitgevoerd: Machinegegevens invoeren (zie pagina 14). Opdracht instellen en opdracht starten (zie pagina 20). Kunstmest kalibreren bij stilstaand voertuig of de kalibratiewaarde handmatig invoeren (zie pagina 22). Door een druk op de toets kan de strooihoeveelheid tijdens het strooien naar believen worden veranderd Per druk op de toets wordt de strooihoeveelheid met een stap (zie pagina 14) aan beide zijden verhoogd (bv. +10%). Strooihoeveelheid aan beide zijden terugzetten op 100%. Per druk op de toets wordt de strooihoeveelheid met een stap (zie pagina 16) aan beide zijden verlaagd (bv. -10%). Afb. 41 De gewijzigde strooihoeveelheid wordt in het werkmenu in kg/ha en procent weergegeven (Afb. 41). 36 AMABUS BAG0123.0 12.12

Gebruik op het veld 5.1 Het werkmenu Snelheid Resterende afstand totdat tank leeg is Bestrooid oppervlak (in opdracht) Aftakastoerental Alleen met weegtechniek: weegschaal in ruststand, weegschaal nicht in ruststand Disselstand Richting waarin de Trail- Tron-cilinder heeft voorgestuurd. Trail-Tron in automatische stand Trail-Tron in handmatige stand Strooihoeveelheid links in kg/ha Strooihoeveelheid links in % Strooihoeveelheid rechts in kg/ha Strooihoeveelheid rechts in % Bakinhoud in kg Bandsnelheid Uitgestrooide hoeveelheid tijdens het automatisch kalibreren (weegstrooier) Bandbodem draait Hydraulische schuif geopend Hydraulische schuif gesloten Grensstrooien Alleen ZG-B ultra hydro: Slootstrooien Kantstrooien Een sectiebreedte uitgeschakeld Twee sectiebreedten uitgeschakeld Strooischijftoerental links/rechts Actuele opdracht Voorkeuze grensstrooien Voorkeuze slootstrooien Voorkeuze kantstrooien Voorkeuze een sectiebreedte uitgeschakeld Voorkeuze twee sectiebreedten uitgeschakeld Alleen ZG-B ultra hydro: Opengeslagen bladzijde in het werkmenu AMABUS BAG0123.0 12.12 37

Gebruik op het veld 5.2 Functies in werkmenu 5.2.1 Sluitschuiven Beide sluitschuiven open/dicht., Sluitschuiven links, rechts open/dicht. Open de sluitschuiven vóór het gebruik en rij tegelijkertijd weg, als de strooischijven het juiste toerental hebben bereikt. Afb. 42/ (1) Weergave sluitschuiven links open. (2) Weergave sluitschuiven rechts dicht. Afb. 42 5.2.2 ZG-B met Trail-Tron Voor het gebruik van Trail-Tron is een aftakassensor of een signaalkabel van de tractor vereist! GEVAAR Verboden met ingeschakelde Trail-Tron is: manoeuvreren rijden over de openbare weg Gevaar voor ongevallen door kantelen van de machine! GEVAAR Kantelgevaar voor de machine bij ingeslagen stuurdissel; vooral op sterk oneffen terrein of op hellingen! Bij beladen of gedeeltelijk beladen machine met naloopstuurdissel bestaat er kantelgevaar bij draaimanoeuvres aan de wendakker met hoge rijsnelheid als gevolg van de verplaatsing van het zwaartepunt bij een ingeslagen stuurdissel. Het kantelgevaar is bijzonder groot bij het afrijden van hellingen. Pas uw rijgedrag aan en verlaag de rijsnelheid bij draaimanoeuvres aan de wendakker, zodat u tractor en machine goed onder controle hebt. 38 AMABUS BAG0123.0 12.12

Gebruik op het veld Veiligheidsfuncties ter voorkoming van het omkantelen van de machine bij ingeschakelde Trail-Tron! Veiligheidsfuncties! Wordt de hydraulische schuif bij ingeschakelde tractoraftakas aan beide zijde gesloten: Trail-Tron wordt na 30 seconden op handbediening gezet (als de dissel in de middenstand staat). Wordt de tractoraftakas uitgeschakeld: Trail-Tron wordt uitgeschakeld (zodra de dissel zich in de middenstand bevindt). Omschakelen handbediening automatische bediening Trail-Tron dissel naar links / rechts sturen, Bij ingeschakelde automatische bediening verschijnt het symbool Auto op het display. De machinecomputer volgt exact de naloop volgens het spoor van de machine. Wordt een rijsnelheid hoger dan 20 km/h bereikt (rijden op de openbare weg), dan gaat de Trail-Tron-dissel in de nulstand en blijft deze in de modus "Rijden op de openbare weg". Het symbool "Rijden op de openbare weg" het display. verschijnt op Daalt de rijsnelheid weer tot onder 20 km/h, dan schakelt Trail- Tron weer om naar de eerder gekozen modus. Bij ingeschakelde handbediening verschijnt het symbool. Bedien knop resp., totdat de banden van de machine weer exact in het tractorspoor lopen. De machine wordt opnieuw ten opzichte van de tractor gericht. Op het display wordt de gekozen stuurinslag aangegeven. AMABUS BAG0123.0 12.12 39

Gebruik op het veld Weergaven op de AMATRON 3 Afb. 43:... (1) Trail-Tron met automatische bediening. (2) Trail-Tron met handmatige bediening. (3) Trail-Tron in de openbare-wegstand. (4) Trail-Tron-veiligheidsfunctie actief, Trail- Tron wordt uitgeschakeld! (5) Weergave momentele instelhoek van as/dissel. (6) De dissel wordt naar links tegen de helling gestuurd. (7) De dissel wordt naar rechts tegen de helling gestuurd. (6,7) Branden samen: tot het bereiken van de middenstand van de dissel werkt de Trail-Tron, daarna blijft de dissel in de middenstand! Afb. 43 40 AMABUS BAG0123.0 12.12

Gebruik op het veld Transport GEVAAR Gevaar voor ongevallen door kantelen van de machine! Zet de dissel vóór het transporteren in de transportstand! 1. Dissel in middenstand zetten (dissel (Afb. 44/1) is in lijn met de machine). Doe hiervoor het volgende: 1.1 Zet de Trail-Tron op handmatige bediening. 1.2, Richt de dissel handmatig. De Trail-Tron stopt automatisch als de middenstand is bereikt. 2. Schakel de AMATRON 3 uit. 3. Schakel de tractor-regeleenheid 1 (slangmarkering 1x rood) uit. Schakel de oliecirculatie uit. 4. Borg de dissel door het sluiten van de afsluitkraan (Afb. 44/2) in stand 0. Afb. 44 VOORZICHTIG Het tractorwiel en de hydraulische cilinder van de dissel kunnen elkaar raken. Als de dissel in transportstand staat kan het stuur van de tractor slechts beperkt rechtsom worden gedraaid! AMABUS BAG0123.0 12.12 41

Gebruik op het veld 5.2.3 Grensstrooien met limiter Grensstrooien met limiter aan/uit. 1. Laat vóór het grensstrooien de limiter zakken. 2. Voer het grensstrooien uit. 3. Licht na het grensstrooien de limiter op. Stel de neergelaten limiter vóór het gebruik in volgens de strooitabel en licht deze weer op. Afb. 45/ (1) Weergave limiter neergelaten tijdens het grensstrooien. (2) Weergave limiter geselecteerd bij gesloten schuiven. Voor de weergave moet de sensor limiter zijn gemonteerd. Afb. 45 5.2.4 Strooihoeveelheid eenzijdig veranderen (alleen ZG-B ultra hydro), Strooihoeveelheid links/rechts verhogen., Strooihoeveelheid links/rechts verlagen. De strooihoeveelheid wordt per druk op de toets met de ingevoerde stap (bv. 10%) veranderd. Voer de stap in het menu "Machinegegevens" in. Afb. 46/ (1) Weergave veranderde strooihoeveelheid in kg/ha en procent. Afb. 46 42 AMABUS BAG0123.0 12.12

Gebruik op het veld 5.2.5 Afdekzeil Afdekzeil open, dicht., Toets indrukken totdat het afdekzeil volledig is geopend resp. gesloten. 5.2.6 Kunstmest kalibreren Automatisch kunstmest kalibreren voor weegstrooier, zie pagina 25. Afb. 47/ (1) Weergave kunstmeststrooier tijdens de kalibratierit. Kunstmest kalibreren aan het begin van het strooien. (2) Weergave weegschaal niet in ruststand. (3) Weergave van de uitgestrooide hoeveelheid kunstmest in kg tijdens het kalibreren. Afb. 47 5.2.7 Kunstmest bijvullen (alleen ZG-B ultra hydro) Kunstmest bijvullen, zie pagina 52. AMABUS BAG0123.0 12.12 43

Gebruik op het veld 5.2.8 Strooischijfaandrijving in- en uitschakelen (alleen ZG-B ultra hydro) Strooischijven aan/uit. Voor het inschakelen de toets ten minste drie seconden indrukken, totdat de signaaltoon ophoudt. Voer het strooischijftoerental in het menu "Machinegegevens" in. Afb. 47/ (1) Weergave strooischijftoerental. WAARSCHUWING Gevaar voor verwonding door roterende strooischijven. Stuur iedereen weg uit het gebied rond de strooischijven. Afb. 48 5.2.9 Sectiebreedten (alleen ZG-B ultra hydro), Sectiebreedten links, rechts inschakelen (in 3 stappen)., Sectiebreedten links, rechts uitschakelen (in 3 stappen). Afb. 49/ (1) Weergave twee sectiebreedten rechts uitgeschakeld. Bij gesloten schuiven kan een reducering van de sectiebreedte worden ingesteld. Afb. 49 44 AMABUS BAG0123.0 12.12

Gebruik op het veld 5.2.10 Grensstrooien (alleen ZG-B ultra hydro), Slootstrooien links/rechts inschakelen/uitschakelen., Grensstrooien links/rechts inschakelen/uitschakelen., Kantstrooien links/rechts inschakelen/uitschakelen. Het grensstrooien kan ook aan beide zijden worden uitgevoerd Grensstrooien links en rechts inschakelen., Strooischijftoerental aan grenszijde verlagen/verhogen. Het grensstrooitoerental wordt per druk op de toets met 10 omw./min verhoogd resp. verlaagd. Het veranderde grensstrooitoerental wordt voor andere grensstrooiwerkzaamheden opgeslagen. Bij stilstaande strooischijven kan het grensstrooien worden ingesteld. Bij draaiende strooischijven wordt het strooischijftoerental aan grenszijde tot het grensstrooitoerental verlaagd. Het grensstrooitoerental wordt in het menu "Machinegegevens" voor het betreffende type grensstrooien ingevoerd. Voor het grens- en slootstrooien moet een hoeveelheidsverlaging aan grenszijde in het menu "Machinegegevens" worden ingevoerd. Afb. 49/ (1) Weergave grensstrooien ingeschakeld. (2) Weergave verlaagd strooischijftoerental. Afb. 50 Bij gesloten schuiven kan het grensstrooien worden ingesteld. AMABUS BAG0123.0 12.12 45

Gebruik op het veld 5.3 ZG-B drive 5.3.1 Werkwijze bij het gebruik 1. Bedien tractorregeleenheid 1. Schakel de oliecirculatie in. 2. Schakel de AMATRON 3 in. 3. Kies het werkmenu. 4. Stel het aftakastoerental in (zoals aangegeven in de strooitabel). 5. Ga rijden en open de dubbele schuiven. 6. Bij de weegstrooier kan met een kalibratierit worden begonnen. 7. Wordt met grens-, sloot- of kantstrooien begonnen, schakel dan de limiter in. Tijdens het strooien geeft de AMATRON 3 het werkmenu weer. Hierin kunnen alle instellingen worden uitgevoerd die belangrijk zijn voor het strooien. De bepaalde gegevens worden bij de gestarte opdracht opgeslagen. De minimumwerksnelheid van de ZG-B drive bedraagt 4 km/h om storingvrij met de AMATRON 3 te kunnen werken. Na het gebruik: 1. Sluit de dubbele schuiven. 2. Schakel de aftakas uit. 3. Bedien tractorregeleenheid 1. Schakel de oliecirculatie uit. 4. Schakel de AMATRON 3 uit. 46 AMABUS BAG0123.0 12.12

Gebruik op het veld 5.3.2 Toetsdefinitie werkmenu Pagina 1: Beschrijving van de functievelden: Zie hoofdstuk 5.2.1 5.2.1 5.2.2 5.2.3 5.2.2 WAARSCHUWING Vanaf 20 km/h rijsnelheid wordt Trail-Tron uitgeschakeld en de dissel gaat automatisch in de middenstand. Shift-toets ingedrukt: Beschrijving van de functievelden: Zie hoofdstuk 5.2.5 5.2.6 5.2.7 AMABUS BAG0123.0 12.12 47

Gebruik op het veld Indeling multifunctiehandgreep 48 AMABUS BAG0123.0 12.12

Gebruik op het veld 5.4 ZG-B ultra hydro 5.4.1 Werkwijze bij het gebruik 1. Bedien tractorregeleenheid 1. Schakel de oliecirculatie in. 2. Schakel de AMATRON 3 in. 3. Kies het werkmenu. 4. Schakel de strooischijven in. 5. Begin te rijden en open de hydraulische schuiven. 6. Bij de weegstrooier kan met een kalibratierit worden begonnen. 7. Wordt met grens-, sloot- of kantstrooien begonnen:, kies type grensstrooien en veldrand (links/rechts) en schakel deze in. Tijdens het strooien geeft de AMATRON 3 het werkmenu weer. Hierin kunnen alle instellingen worden uitgevoerd die belangrijk zijn voor het strooien. De bepaalde gegevens worden bij de gestarte opdracht opgeslagen. Na het gebruik: 1. Sluit de sluitschuiven. 2. Schakel de strooischijven uit. 3. Bedien de tractorregeleenheid, waardoor de hydraulischeolievoorziening voor het regelblok wordt onderbroken. 4. Schakel de AMATRON 3 uit. AMABUS BAG0123.0 12.12 49

Gebruik op het veld Pagina 1: Beschrijving van de functievelden: Zie hoofdstuk 5.2.8 5.2.1 5.2.1 5.2.9 5.2.9 Shift-toets ingedrukt: Beschrijving van de functievelden: Zie hoofdstuk 5.2.4 5.2.4 5.2.5 5.2.6 5.2.7 Pagina 2: Beschrijving van de functievelden: Zie hoofdstuk 5.2.10 5.2.10 5.2.10 5.2.10 50 AMABUS BAG0123.0 12.12

Gebruik op het veld Indeling multifunctiehandgreep AMABUS BAG0123.0 12.12 51

Gebruik op het veld 5.5 Kunstmest bijvullen In het werkmenu (Afb. 51). In het menu "Machinegegevens" pagina één (Afb. 52). 1. Open het vulmenu. 2. Vul kunstmest bij. Kunstmeststrooier zonder weegtechniek: Voer de bijgevulde hoeveelheid kunstmest in kg in. Kunstmeststrooier met weegtechniek: De bijgevulde hoeveelheid kunstmest wordt in kg aangegeven. Afb. 51 Bevestig de bijgevulde hoeveelheid kunstmest (Afb. 53). Afb. 52 Afb. 53 52 AMABUS BAG0123.0 12.12

Gebruik op het veld 5.6 Kunstmestbak leegmaken ZG-B drive (Afb. 54) 1. Demonteer de strooischijven (zie bedieningshandleiding machine). 2. Menu "Machinegegevens": Kunstmestresten in de kunstmestbak kunnen worden afgetapt via de trechterpunten bij de ZG-B ultra hydro de bandbodem bij de ZG-B drive Schakel de bandbodem in. De dubbele schuiven gaan automatisch open. De resterende meststof wordt uit de bak verwijderd. 3. Schakel de bandbodem uit. De dubbele schuiven blijven om veiligheidsredenen geopend. Afb. 54 ZG-B ultra hydro (Afb. 55) 1. Demonteer de strooischijven (zie bedieningshandleiding machine). 2. Menu "Machinegegevens": Submenu "Bak leegmaken"afb. 56. Afb. 55 AMABUS BAG0123.0 12.12 53

Gebruik op het veld 3., Open de doseerschuiven links en rechts. 4., Open de hydraulische schuiven links en rechts ( ). 5. Schakel de bandbodem in. De resterende meststof wordt uit de bak verwijderd. Tijdens het leegmaken is het roerwerk ingeschakeld. Afb. 56 6. Schakel de bandbodem uit. Zet de machine met geopende schuiven weg. Sluit de sluitschuiven weer vóór het vullen. WAARSCHUWING Gevaar voor verwonding bij de trechterpunten door het aangedreven roerwerk! Nooit van onderaf een hand of voorwerpen in de schuifopening steken. 54 AMABUS BAG0123.0 12.12

Multifunctiehandgreep 6 Multifunctiehandgreep 6.1 Montage De multifunctiehandgreep (Afb. 57/1) wordt met 4 bouten binnen handbereik in de tractorcabine bevestigd. Sluit de steker van de basisuitrusting op de 9 polige Sub-D-bus van de multifunctiehandgreep (Afb. 57/2) aan. Sluit de steker (Afb. 57/3) van de multifunctiehandgreep aan op de middelste Sub- D-bus van de AMATRON 3. Afb. 57 6.2 Werking De multifunctiehandgreep werkt alleen in het werkmenu van de AMATRON 3. Met deze handgreep kan de AMATRON 3 blind worden bediend bij het werk op het veld. Voor het bedienen van de AMATRON 3 is de multifunctiehandgreep (Afb. 58) voorzien van 8 toetsen (1-8). Verder kunnen met een schakelaar (Afb. 59/2) aan een toets 3 verschillende definities worden toegekend. De schakelaar staat standaard in de middelste stand (Afb. 59/A) en kan omhoog (Afb. 59/B) of omlaag (Afb. 59/C) worden gezet. De stand van de schakelaar wordt aangegeven door een LED (Afb. 59/1). LED-weergave geel LED-weergave rood LED-weergave groen Afb. 58 Afb. 59 AMABUS BAG0123.0 12.12 55

Multifunctiehandgreep 6.3 Toetsdefinitie: Toets ZG-B drive ZG-B ultra hydro 1 Trail-Tron aan/uit Strooischijfaandrijving aan/uit 2 3 y Sectiebreedten links inschakelen 4 Sectiebreedten links uitschakelen 5 Sectiebreedten rechts inschakelen 6 Sectiebreedten rechts uitschakelen 7 Dissel 8 Dissel 1 Beide sluitschuiven open 2 Beide sluitschuiven dicht 3 Linker sluitschuif open 4 Linker sluitschuif dicht 5 Rechter sluitschuif open 6 Rechter sluitschuif dicht 7 - stap [%] 8 + stap [%] 1 Start kalibratie (alleen met weegtechniek). 2 Hoeveelheid 100% 3 Links + stap [%] 4 Links - stap [%] 5 Rechts + stap [%] 6 Rechts - stap [%] 7 Limiter aan/uit Grensstrooien links 8 Grensstrooien rechts 56 AMABUS BAG0123.0 12.12

Onderhoud en reiniging 7 Onderhoud en reiniging WAARSCHUWING Onderhouds- en reinigingswerkzaamheden alleen uitvoeren bij uitgeschakelde strooischijf- en roerwerkaandrijving. 7.1 Reiniging GEVAAR Bij bediening van de schuif niet met de hand in de doorlaatopening komen! Gevaar voor bekneld raken! ZG-B ultra hydro: Voor het reinigen van de kunstmeststrooier moeten de hydraulische schuiven en de elektrisch aangedreven doseerschuiven worden geopend, zodat water en kunstmestresten kunnen weglopen. Doseerschuiven openen/sluiten (zie menu "Machinegegevens" pagina 14). Sluitschuiven openen/sluiten (zie werkmenu). 7.2 Basisafstelling van de schuiven ZG-B ultra hydro: De door de elektrische doseerschuiven vrijgegeven doorsnede van de doorlaatopening g is in de fabriek ingesteld (Afb. 60). Wordt bij dezelfde schuifstand een ongelijkmatige leging van de beide trechterpunten geconstateerd, dan moet de basisafstelling van de schuiven worden gecontroleerd. De basisafstelling van de schuiven voor beide doseerschuiven via het menu "Service Setup" instellen: Afb. 60 1. Druk op. Pagina twee (Afb. 61): 2. Voer de basisafstelling van de schuiven linkerzijde uit. 3. Voer de basisafstelling van de schuiven rechterzijde uit. Afb. 61 AMABUS BAG0123.0 12.12 57

Onderhoud en reiniging 4. Sluit de doorlaatopening volledig (0 impulsen geven). 5. De doorlaatopening tot 1500 impulsen openen. GEVAAR Gevaar voor verwonding bij de doseerschuif bij het indrukken van de toetsen,,,,, omdat de doseerschuiven sluiten voordat de gekozen schuifstand wordt bereikt. Vingers en afstelkaliber niet in de opening laten steken. 6. Het afstelkaliber (Afb. 63/1) (optie, best.-nr.: 915018) moet nu makkelijk door de nu vrijgegeven doorlaatopening kunnen worden geschoven. ο Het afstelkaliber kan niet door de vrijgegeven doorlaatopening worden geschoven: Afb. 62 Afb. 63 Verhoog de actuele offset telkens met 5 impulsen totdat het kaliber exact in de opening past (Afb. 64). ο Het afstelkaliber heeft te veel speling: Verhoog de actuele offset telkens met 5 impulsen totdat het kaliber exact in de opening past (Afb. 64). Afb. 64 7. Bevestig de positie met de invoertoets. De impulsen (Afb. 65/1) van de servomotoren kunnen in het werkmenu worden weergegeven. Afb. 65 58 AMABUS BAG0123.0 12.12

Storing 8 Storing 8.1 Alarm Onkritisch alarm: Er verschijnt een storingsmelding (Afb. 66) onder in het display en er klinkt driemaal een signaaltoon. Verhelp de storing, indien mogelijk. Kritisch alarm: Er verschijnt een alarmmelding (Afb. 67) in het midden van het display en er klinkt een signaaltoon. 1. Lees de alarmmelding op het display. Afb. 66 2. Bevestig de alarmmelding. Afb. 67 8.2 Storing in de trajectsensor (impulsen/100m) Door het invoeren van een gesimuleerde snelheid in het menu "Setup" kan na een storing in de trajectsensor verder worden gestrooid. Doe hiervoor het volgende: 1. Trek de signaalkabel van de basisuitvoering van de tractor los. 2. Voer de gesimuleerde snelheid in. 3. Tijdens het verder strooien moet de ingevoerde gesimuleerde snelheid worden aangehouden. Zodra de trajectsensor impulsen registreert, schakelt de computer om naar de werkelijke snelheid van de trajectsensor. Afb. 68 AMABUS BAG0123.0 12.12 59

H. DREYER GmbH & Co. KG Postfach 51 Tel.: + 49 (0) 5405 501-0 D-49202 Hasbergen-Gaste Telefax: + 49 (0) 5405 501-234 Germany e-mail: amazone@amazone.de http:// www.amazone.de Overige vestigingen: D-27794 Hude D-04249 Leipzig F-57602 Forbach Fabrieksvestigingen in Engeland en Frankrijk Fabrieken voor strooiers van minerale kunstmest, landbouwsproeiers, zaaimachines, grondbewerkingsmachines, universele opslaghallen en tuin- en parkmachines