HANDLEIDING IN-HET-OOR (IHO) MODELLEN CIC (Completely-in-the-canal) CIC en MIHO met externe microfoon Minikanaal MIHO (Mini-in-het-oor)
Typeaanduidingen voor hoortoestellen voor modellen in deze gebruikershandleiding zijn: FCC ID: X26BO312 en BO13, FCC ID: X26BO13. Zie pagina 10 voor een lijst met modellen die verwijzen naar beide types. Verklaring: Dit hoortoestel voldoet aan deel 15 van de FCC-regels. Toepassing is uitsluitend toegestaan als aan de volgende twee voorwaarden wordt voldaan: (1) Dit hoortoestel mag geen storende interferentie veroorzaken. (2) Elke vorm van interferentie moet worden geaccepteerd, inclusief interferentie die leidt tot ongewenste werking. Opmerking: Dit hoortoestel is getest en voldoet aan de eisen die aan een Klasse B digitaal apparaat worden gesteld, overeenkomstig met deel 15 van de FCC-regels. Deze regels zijn opgesteld om een redelijke bescherming te bieden tegen storende interferentie wanneer het toestel functioneert in een woonomgeving. Dit toestel genereert en werkt met radiofrequentieenergie en kan dit ook uitstralen. Als de installatie en het gebruik van het toestel niet volgens de instucties worden uitgevoerd, kan dat leiden tot storende interferentie op radiocommunicatie. Er is echter geen garantie dat er geen interferentie zal optreden bij een bepaalde installatie. Als dit toestel storende interferentie veroorzaakt, bijvoorbeeld bij radio- of televisieontvangst, wat te bepalen is door het toestel aan en uit te zetten, wordt de gebruiker aangeraden om de interferentie te corrigeren met een van de volgende maatregelen: De ontvangstantenne opnieuw richten of verplaatsen. De afstand tussen de ontvanger en het apparaat vergroten. Dit apparaat op een ander voedingscircuit aansluiten dan de ontvanger. De verkoper of een ervaren radio/televisiemonteur raadplegen. Veranderingen of modificaties kunnen het recht tot gebruik van dit toestel ongeldig maken. 2 3
Gebruikersbestemming Hoortoestellen zijn bestemd voor slechthorenden om hun gehoor te verbeteren. De essentiële taak van hoortoestellen is om geluid te ontvangen, te versterken en door te geven aan het trommelvlies van een slechthorende. Lijst van landen: Producten zonder draadloze functionaliteit zijn bestemd voor wereldwijde verkoop. Producten met draadloze functionaliteit zijn bestemd voor verkoop in de landen van de E.E.G. en Zwitserland. Deze producten zijn in overeenstemming met de volgende standaard reglementen: In de EU: Het toestel voldoet aan de essentiële vereisten volgens Annex I van de Richtlijn 93/42/EEC voor medische apparaten (MDD) en Essentiële vereisten en andere relevante voorzieningen van Richtlijn 1999/5/EC (R&TTE). De conformiteitsverklaring kunt u vinden op www.resound.com. In de VS: FCC CFR 47 deel 15, subonderdeel C, sectie 15.249 In landen buiten de EU en de VS gelden andere internationale reglementaire vereisten. Zie voor desbetreffende landen de nationaal geldende vereisten. De producten zijn gecategoriseerd als Receiver Klasse 2 volgens EN 300 440 Specificatie van restricties: Gebruik van het hoortoestel binnen 20 km van het centrum van Ny Ålesund, Noorwegen, is niet toegestaan. 4 5
Introductie Gefeliciteerd met de aankoop van uw nieuwe hoortoestel van ReSound. ReSound s innovatieve technologie en design en persoonlijke instelling, geselecteerd door uw audicien, zorgen voor een uitstekende geluidskwaliteit in uw gezinsleven, uw sociale leven en op uw werk. Met hoortoestellen kunt u geluiden horen die u al jaren niet meer gehoord hebt door uw gehoorverlies. Ervaring en motivatie spelen een belangrijke rol bij het leren omgaan met hoortoestellen. Uw ReSound hoortoestel is aangepast aan uw persoonlijk gehoorverlies en op uw individule wensen. Sommige mensen wennen snel aan hun toestellen en de nieuwe geluidservaring, andere hebben meer tijd nodig. Het doel van deze handleiding is om zo snel mogelijk vertrouwd te raken met alle functies van uw hoortoestel. Lees de informatie zorgvuldig door, zodat u door correct gebruik van uw hooroplossing alle voordelen van het toestel optimaal kunt benutten. Raadpleeg uw audicien bij overige vragen. ReSound is een handelsmerk van ReSound A/S Model hoortoestel: Batterij type: Serienummer links: Serienummer rechts: 6 7
Inhoud Verklaring......................... 2 Gebruikersbestemming............... 4 Lijst met landen..................... 4 Introductie......................... 6 Beschrijving van het hoortoestel....... 10 Van start met uw hoortoestel.......... 16 Aan/uit functie..................... 16 SmartStart....................... 17 Vervangen van de batterij............ 18 Waarschuwing lage batterijspanning.... 19 Plaatsen en verwijderen van het toestel.. 20 Bediening van het hoortoestel......... 25 Volumeregelaar (optioneel)............ 25 Programmaknopje (optioneel)......... 27 Vliegtuigmodus.................... 29 Telefoongebruik.................... 30 Luisterspoel (optioneel).............. 31 Luisteren naar radio of tv............. 31 Mobiele telefoons.................. 32 PhoneNow....................... 32 Luisterspoel (optioneel).............. 35 Onderhoud....................... 36 Dagelijks onderhoud................ 37 Vervangen van het cerumenfilter....... 38 Algemene voorzorgsmaatregelen....... 40 Algemene waarschuwingen........... 41 Waarschuwing bij gebruik van batterijen.. 43 Oplossen van problemen............ 44 Technische gegevens............... 52 Garantie en reparaties............... 55 Temperatuurtest, transport en opslaginformatie................... 56 8 9
Op maat gemaakte hoortoestellen met externe microfoon met batterijtype 10A zijn beschikbaar in de volgende varianten: AL 910-MP, AL 910-M, AL 710-MP, AL 710-M, AL 510-MP, AL 510-M Op maat gemaakte hoortoestellen met externe microfoon met batterijtype 312 (type BO312) zijn beschikbaar in de volgende varianten: AL 930-MUW, AL 930-MPW, AL 930-MW, AL 930-MU, AL 930-MP, AL 930-M AL 730-MUW, AL 730-MPW, AL 730-MW, AL 730-MU, AL 730-MP, AL 730-M AL 530-MUW, AL 530-MPW, AL 530-MW, AL 530-MU, AL 530-MP, AL 530-M 10 11
1. Programmaknopje (optioneel) 2. Batterijlade en aan/uit-schakelaar 3. Trekkoord (optioneel) 4. Geluidsuitgang 5. Cerumenfilter 6. Venting kanaal 7. Microfooningang 8. Microfoonslangetje (ext.mic.modellen) 9. Volumeregelaar (optioneel) 10. Model 11. Fabrikant 12. Serienummer 4 1 2 6 4 5 2 6 7 8 3 GN ReSound ReSound Alera XXXXXXX 12 10 11 2 3 4 9 1 12 13
Beschrijving van de hoortoestellen: Completely-in-the-Canal (CIC), MiniKanaal en Mini-In-Het-Oor (MIHO) AL510 - AL510-P - AL520 - AL520-P AL530 - AL530-P - AL530-D - AL530-DP AL710 - AL710-P - AL720 - AL720-P AL730 - AL730-P - AL730-D - AL730-DP AL910 - AL910-P - AL920 - AL920-P AL930 - AL930-P - AL930-D - AL930-DP 1. Programmaknopje (optioneel) 2. Batterijlade en aan/uit-schakelaar 3. Trekkoordje (optioneel) 4. Geluidsuitgang 5. Cerumenfilter 6. Venting kanaal 7. Microfooningang 8. Volumeregelaar (optioneel) 9. Model 10. Fabrikant 11. Serienummer 2 14 8 6 15 7 1 2 4 4 5 7 7 6 9 11 1 2 10 3 GN ReSound ReSound Alera XXXXXXX 6 GN ReSound ReSound Alera XXXXXXX 11 7 9 10 4 8 1 3
Van start met uw hoortoestel Aan/uit-functie 1. Wanneer de batterijlade geheel gesloten wordt, staat het toestel aan en wordt programma 1 geactiveerd. 2. U kunt het hoortoestel uitschakelen door met uw vingertop de batterijlade iets open te zetten. Aan Uit SmartStart Uw toestel hoeft pas aan te staan als u het in het oor hebt geplaatst. Als u het lastig vindt dat het al aan staat tijdens het plaatsen kan uw audicien de SmartStart functie inschakelen. Dit voorkomt het ongewenst fluiten tijdens het plaatsen. SmartStart vertraagt het inschakelen van het toestel, het toestel gaat dan pas 10 seconden na het sluiten van de batterijlade echt aan. In de tussentijd hoort u iedere seconde een toontje. Tip: Schakel het hoortoestel uit indien u het niet draagt, zo beperkt u het batterijverbruik. 16 17
Vervangen batterij 1. Open de batterijlade helemaal met uw vingernagel. Verwijder de oude batterij. Gebruik een magneet om de batterij makkelijk uit de lade te krijgen. Plaats de nieuwe batterij met de positieve kant in de juiste richting. De batterij heeft een + indicator om de juiste plaatsing te bepalen. 2. Gebruik altijd een nieuwe zink-lucht batterij. 3. Sluit de batterijlade voorzichtig. Druk niet te hard omdat dit uw hoortoestel kan beschadigen. Tip: Verwijder de batterij indien u het hoortoestel langere tijd niet draagt om schade door corroderende batterijen te voorkomen. Zo beperkt u ook het batterijverbruik. Waarschuwing lage batterijspanning Uw audicien kan de functie waarschuwing lage batterijspanning activeren. Wanneer de batterijspanning daalt tot een bepaald niveau, hoort u een zacht piepsignaal. Dit signaal herhaalt zich elke 5-10 minuten, totdat de batterij volledig leeg is. De waarschuwing lage batterijspanning kan enigszins afwijken, afhankelijk van het soort batterij dat gebruikt wordt. Het is verstandig altijd reservebatterijen bij de hand te hebben. Let op: als de batterijspanning laag is, neemt de werking van het hoortoestel af. Waarschuwing lage batterijspanning (toestellen alleen gekoppeld aan accessoires) Tijdens het gebruik van de ReSound Unite accessoires (Afstandbediening, Telefoonclip, Mini- Microfoon en Unite TV) zal het toestel meer stroom verbruiken dan wanneer de accessoires niet gebruikt worden. Dit betekent dat de levensduur van de batterij erg afhankelijk is van het gebruik van draadloze accessoires. Wanneer de batterijspanning tot een bepaald niveau daalt, waardoor de ReSound Unite TV, MiniMicrofoon en de Telefoonclip niet meer gebruikt kunnen 18 19
worden, zal het hoortoestel tweemaal een aflopend melodietje laten horen. Hierna blijven uw hoortoestel en de ReSound Unite afstandbediening gewoon werken, maar u kunt de andere accessoires niet gebruiken. Op een bepaald moment zal de batterijspanning ook te laag zijn om de afstandbediening te gebruiken, dan zult u weer het korte melodietje horen. Het hoortoestel kunt u nog steeds gewoon gebruiken. Indien u een nieuwe batterij plaatst kunt u weer van alle accessoires gebruik maken. 3. Plaats het hoortoestel met een licht draaiende beweging in uw gehoorgang. Het openen en sluiten van de mond kan het plaatsen vergemakkelijken. 4. Plaats de microfoon en het slangetje in uw oorschelp. Duw de microfoon zachtjes achter het gedeelte van het oor dat zich boven de gehoorgang bevindt. Plaatsen en verwijderen van het toestel Plaatsing (externe microfoon) 1. Neem het hoortoestel tussen duim en wijsinger, naar keuze aan de boven- of onderzijde of aan de zijkanten. Plaatsen en verwijderen van het toestel (CIC, minikanaal, MIHO) 1. Neem het hoortoestel tussen duim en wijsvinger, naar keuze aan bovenen onderzijde of aan de zijkanten met het programmaknopje naar boven. 2. Plaats het gedeelte met de geluidsuitgang in uw gehoorgang. Indien u uw oorschelp voorzichtig naar achteren trekt, kan dit het plaatsen vergemakkelijken. 2. Plaats de geluidsgang in de gehoorgang. Indien u uw oorschelp voorzichtig naar achteren trekt, kan dit het plaatsen vergemakkelijken. 3. Plaats het hoortoestel met een licht draaiende beweging. Het openen en sluiten van de mond kan het plaatsen vergemakkelijken. 20 21
Door oefening zult u een manier ontdekken die u het meest gemakkelijk vindt. Wanneer het hoortoestel juist geplaatst is, zal het stevig maar comfortabel in uw oor zitten. Neem direct contact op met uw audicien wanneer het hoortoestel irritaties veroorzaakt of wanneer andere oorzaken u beletten het hoortoestel te dragen. Uw audicien kan de pasvorm dan voor u aanpassen. Probeer nooit zelf de vorm van het toestel te wijzigen. Tip: Het kan ook handig zijn tijdens plaatsing met uw andere hand uw oor naar boven en naar buiten te trekken. Verwijderen van het toestel (CIC, externe microfoon en minikanaal) 1. Pak het trekkoordje tussen duim en wijsvinger om het toestel iets naar buiten te trekken. 2. Plaats uw duim tegen de onderkant en de wijsvinger op de bovenkant van het hoortoestel en neem het hoortoestel met een licht draaiende beweging uit de gehoorgang. 3. Indien een externe microfoon toestel geen trekkoordje heeft trekt u hem voorzichtig uit het oor aan het microfoonslangetje. 22 23
Verwijderen van het toestel (MIHO) 1. Paats uw duim tegen de onderkant en uw wijsvinger op de bovenkant van het hoortoestel 2. Neem het hoortoestel met een licht draaiende beweging uit de gehoorgang. Opmerking: Vraag uw audicien om extra informatie wanneer het verwijderen van het hoortoestel moeilijk gaat. Bediening van het hoortoestel Volumeregeling (optioneel) Uw hoortoestel kan voorzien zijn van een volumeregelaar. Hiermee kunt u het geluidsniveau harder en zachter zetten. 1. U zet het toestel harder door de volumeregelaar naar voren te draaien. 2. U zet het toestel zachter door de volumeregelaar naar achteren te draaien. 24 25
Voor elk niveau harder of zachter hoort u een pieptoon. Als u het maximum of minimum heeft bereikt hoort u een lagere toon. Bij sommige modellen kan uw audicien een functie geactiveerd hebben waarmee de toestellen leren hoe u de volumeregelaar bedient in bepaalde omstandigheden. Op deze wijze leert het toestel na enige tijd uw voorkeuren en wordt het volume voortaan automatisch aangepast. Uw audicien kan deze instellingen eventueel weer wijzigen. Let op: de geluidssterkte van uw hoortoestel wordt door de audicien ingesteld op het voor u optimale niveau. Hierdoor is het mogelijk dat u het niveau naar boven minder kunt aanpassen dan naar beneden of andersom. Programmaknopje (optioneel) Uw audicien heeft wellicht meerdere programma s in uw hoortoestel geprogrammeerd. 1. Selecteer een volgend programma door de programmaknop 1x in te drukken. 2. Het aantal tonen dat u hoort geeft aan welk programma u heeft geselecteerd (één toon = programma 1, 2 tonen = programma 2, etc.). Na het laatste programma schakelt het toestel weer door naar programma 1. 3. U kunt ook altijd terugkeren naar programma 1 door uw hoortoestel uit of stand-by te zetten en vervolgens weer in te schakelen. 26 27
Programma 1 2 3 4 Wanneer te gebruiken Vliegtuigmodus* Wanneer u in een vliegtuig stapt moet alle draadloze functionaliteit worden uitgeschakeld, omdat het verboden is radiosignalen uit te zenden tijdens de vlucht. Toestel met programmaknop: U kunt de draadloze modus uitschakelen door de batterijlade van het hoortoestel te openen en te sluiten terwijl u tegelijkertijd op het knopje drukt. Wanneer u de draadloze modus weer wilt activeren, hoeft u alleen maar de batterijlade van het hoortoestel te openen en te sluiten, zonder het drukknopje in te drukken. Toestel zonder programmaknop: U kunt de draadloze modus uitschakelen door de batterijlade tweemaal binnen tien seconden te openen en te sluiten. Herhaal deze procedure om de draadloze functionaliteit weer in te schakelen. * Alleen voor toestellen die gekoppeld zijn aan Unite accessoires 28 29
Telefoongebruik Telefoneren terwijl u uw hoortoestel draagt vergt vaak enige oefening. De volgende adviezen kunnen helpen bij het voeren van een telefoongesprek. Houd de telefoon vast zoals u dat gewend bent. Indien er sprake is van fluiten, kan het een aantal seconden duren voordat het hoortoestel zich automatisch aanpast. Als u een fluittoon hoort, houdt u uw telefoon dan in dezelfde positie om feedback te elimineren. De fluittoon kan ook verminderd worden door de telefoon iets verder van het oor af te houden. Afhankelijk van uw persoonlijke wensen kan uw audicien een programma inschakelen dat specifiek voor telefoongebruik bedoeld is. Luisterspoel (optioneel op een aantal MIHO en externe microfoon modellen). Uw hoortoestel kan voorzien zijn van een inductie- ofwel luisterspoel die magnetische golven van een voor hoortoestellen geschikte telefoon opvangt. Uw audicien kan de luisterspoel programmeren. Door het luisterspoelprogramma te selecteren, zal het hoortoestel alleen de geluiden opvangen die afkomstig zijn van de telefoon. Bij gebruik van een luisterspoelprogramma dient u de hoorn van de telefoon wellicht iets te draaien om de beste ontvangst te krijgen. Luisteren naar radio of tv Begin als u naar de radio of televisie luistert eerst met het luisteren naar een nieuwsuitzending, aangezien nieuwslezers over het algemeen duidelijk spreken. Daarna kunt u andere programma s proberen. Indien u moeite hebt met het verstaan van de radio of TV, kan uw audicien u advies geven over eventuele accessoires om dat te verbeteren. 30 31
Mobiele telefoons Uw hoortoestel voldoet aan alle eisen met betrekking tot de Internationale Standaard voor Elektromagnetische Compatibiliteit. Echter, niet alle mobiele telefoons zijn compatibel met hoortoestellen. De mate van storing op uw hoortoestel kan aan uw mobiele telefoon of aan de provider liggen. Indien het gebruik van uw mobiele telefoon in combinatie met uw hoortoestel niet tot de gewenste resultaten leidt, kan uw audicien u advies geven over eventuele accessoires om de mogelijkheden te vergroten. PhoneNow Met de PhoneNow functie, beschikbaar op diverse modellen met externe micofoon, zal uw hoortoestel automatisch naar uw telefoonprogramma schakelen als de telefoon bij het oor gehouden wordt. Als u de telefoon weer van het oor weghaalt, schakelt het hoortoestel weer naar het laatst gebruikte luisterprogramma. Plaatsing van de PhoneNow-magneten Om de PhoneNow-magneten correct te plaatsen, dient u: 1. De telefoonhoorn grondig te reinigen. 2. De telefoon verticaal te houden, net als tijdens het bellen. 3. De magneet net onder het speakertje te plakken. Indien dit lastig is in het gebruik kunt u ook proberen of hij op een andere positie goed functioneert. 4. Gebruik alleen aanbevolen reinigingsmiddel om de telefoon te reinigen voor het plaatsen van de magneet. 32 33
Gebruik van PhoneNow Telefoons kunnen op een normale manier gebruikt worden. Een kort melodietje geeft aan dat de functie PhoneNow uw hoortoestel automatisch naar het telefoonprogramma heeft geschakeld. In het begin moet u wellicht even uitvinden hoe u de telefoon moet houden om PhoneNow goed te laten functioneren én om goed te verstaan. PhoneNow waarschuwingen 1. Houd magneten uit de buurt van huisdieren, kinderen en mensen met een verstandelijke beperking. Neem contact op met de huisarts als een magneet is ingeslikt. 2. De magneet die gebruikt wordt om het magnetisch veld van de telefoon te versterken kan invloed hebben op medische apparatuur of elektronische systemen. Houd de magneet of een telefoon daarom altijd minimaal 30cm van pacemakers, creditcards en andere voor magneetveld gevoelige zaken. 3. Grote vervorming tijdens het draaien van een nummer of tijdens het bellen kan betekenen dat de telefoon teveel beïnvloed wordt door de magneet. Om schade te voorkomen moet u de magneet in een andere positie plaatsen. 4. Gebruik alleen de magneten die geleverd worden door GN ReSound. Ringleidingssystemen Veel openbare gelegenheden, zoals scholen, theaters en kerken, zijn uitgerust met ringleidingsystemen. Selecteer het luisterspoelprogramma om gebruik te maken van een ringleidingsysteem. Hierbij wordt het geluid direct opgevangen, wat het spraakverstaan kan verbeteren. Als er bij een ringleiding geen geluid is als u het luisterspoelprogramma geactiveerd hebt, kan de ringleiding uitgeschakeld zijn of niet correct werken. Als er ergens geen ringleiding aanwezig is, probeer dan zoveel mogelijk vooraan te zitten en maak gebruik van de microfoonprogramma s. 34 35
Onderhoud Behandel uw toestel met zorg De dekplaat van uw hoortoestel is beschermd door een nanocoating, een uiterst dun laagje van beschermend waterafstotend materiaal. Volg echter onderstaande instructies om nog langer plezier te hebben van uw hoortoestellen. 1. Dompel het toestel nooit onder in water of andere vloeistoffen, dit kan blijvende schade aan het hoortoestel veroorzaken. 2. Behandel uw hoortoestel met zorg en laat het niet op harde oppervlakken of vloeren vallen. 3. Laat hoortoestellen niet in de nabijheid van warmtebronnen of in direct zonlicht liggen. Overmatige warmte kan het toestel beschadigen of de behuizing vervormen. 4. Draag uw toestellen niet tijdens het aanbrengen van cosmetica zoals parfum of aftershave, haarlak of zonnebrandmiddel. Als dit in de toestellen terecht komt kan het beschadigd raken. Dagelijks onderhoud Houd uw hoortoestel schoon en droog. Reinig de hoortoestellen dagelijks met een zachte doek of tissue. Verwijder oorsmeer of vuil van de hoortoestellen met een borstel en/of slangetje. Plaats het hoortoestel met een droogmiddel een nacht in een houder indien het hoortoestel is blootgesteld aan hoge vochtigheid of transpiratie. Informeer bij uw audicien welk droogmiddel u het beste kunt gebruiken. 36 37
Vervangen cerumenfilter Op maat gemaakte hoortoestellen kunnen beschikken over cerumenfilter die de toestellen beschermen tegen oorsmeer en vocht. Het is aan te raden deze te vervangen indien nodig. Voer voor het vervangen van de filters de volgende stappen uit: 1. Ga met het borsteltje over de geluidsslang, waarbij de opening naar beneden wijst. 2. Stop het blauwe staafje met de schroefdraad in het gebruikte cerumenfilter, en draai voorzichtig met de klok mee. 3. Trek het cerumenfilter voorzichtig los. 4. Berg het gebruikte filter op, door in de opening, in het midden van de HF3 kit te stoppen en het naar het uiteinde te verplaatsen. 5. Dan kunt u het staafje lostrekken van het gebruikte filter. Draai de HF3 filter tool, zoek een nieuw filter in de draaischijf, en druk het uiteinde van het staafje (andere kant dan het schroefdraad) in het cerumenfilter. 6. Verwijder het nieuwe cerumenfilter voorzichtig uit de draaischijf. 7. Plaats het nieuwe filter in de geluidsuitgang. 8. Druk het nieuwe filter in de opening en trek en wiebel tegelijkertijd op en neer totdat het nieuwe filter op zijn plek zit. Tip: Door even met de vlakke zijde van de draaischijf op het nieuwe filter te drukken bent u er extra zeker van dat het filter goed geplaatst is. Opmerking: Indien er een ander soort cerumenfiltersysteem wordt gebruikt voor uw hoortoestellen, of indien er helemaal geen cerumenfilter wordt gebruikt, raadpleeg dan uw audicien voor de juiste instructies. 38 39
Algemene voorzorgsmaatregelen 1. Laat uw hoortoestel niet liggen in de zon, bij open vuur of in een hete, geparkeerde auto. 2. Draag uw hoortoestel niet tijdens het douchen, zwemmen, bij zware regen of in een erg vochtige omgeving, zoals stoombad of sauna. 3. Als uw hoortoestel vochtig is geworden plaatst u het in een droogdoosje met een droogmiddel. U kunt hiervoor terecht bij uw audicien. Uw audicien kan u verschillende droogsystemen adviseren. 4. Draag uw toestellen niet tijdens het aanbrengen van cosmetica, zoals parfum, aftershave, haarlak of zonnebrandmiddel. Als dit in de toestellen terecht komt kunnen deze beschadigd raken. 5. Indien de draadloze functionaliteit geactiveerd is kan er met digitaal gecodeerde transmissie met andere draadloze apparatuur gecommuniceerd worden. Hoewel onwaarschijnlijk, kan het gebeuren dat er storing optreedt bij andere elektronische apparatuur. Mocht dit gebeuren, zorg dan dat er meer afstand is tussen het hoortoestel en desbetreffende apparatuur. 6. Als u gebruikt maakt van de draadloze functionaliteit en de apparaten ontvangen elektromagnetische ruis, ga dan verder weg staan van de storingsbron. Algemene waarschuwingen 1. Raadpleeg uw audicien als u een vreemd voorwerp in uw gehoorgang aantreft, als u huidirritatie ondervindt of als u last heeft van overmatig oorsmeer bij het dragen van uw hoortoestel. 2. Verschillende soorten straling, bijvoorbeeld van NMR-, MRI- of CT-scanners kunnen uw hoortoestellen beschadigen. Draag uw hoortoestel daarom niet tijdens deze of soortgelijke scanprocedures. Andere soorten scanners (inbraakalarm, bewegingsmelders, radioapparatuur, mobiele telefoons, etc.) bevatten minder straling en beschadigen uw hoortoestel niet. Ze kunnen echter wel tijdelijk de geluidskwaliteit van hoortoestellen beïnvloeden of vreemde geluiden veroorzaken. 3. Draag uw hoortoestel niet in mijnen, olievelden of andere explosieve ruimten, tenzij deze ruimten zijn vrijgegeven voor het gebruik van hoortoestellen. 4. Laat uw toestel niet dragen door anderen. Dit kan de hoortoestellen of het gehoor van de andere persoon beschadigen. 40 41
5. Omdat het een elektrisch instrument betreft moet bij kinderen of mensen met een verstandelijke beperking altijd onder supervisie gebeuren. 6. Hoortoestellen mogen alleen gebruikt worden zoals ingesteld door uw audicien. Gebruik met sterk afwijkende instellingen kan mogelijk tot extra gehoorverlies leiden. 7. Waarschuwing voor audiciens: Bij hoortoestellen waarvan het maximum geluidsniveau 132dB SPL overschrijdt (gemeten met een oorsimulator volgens IEC 60711:1981), dient extra zorgvuldigheid in acht te worden genomen bij het aanpassen. Het risico bestaat dat het gehoor anders nog verder beschadigd raakt. 8. Indien u gaat vliegen, vergeet dan niet de draadloze modus uit te schakelen. 9. Houd magneten uit de buurt van huisdieren, kinderen en mensen met een verstandelijke beperking. Neem contact op met de huisarts als een magneet is ingeslikt. 10. Schakel de draadloze functionaliteit in door de vliegtuigmodus te gebruiken in ruimten waar het uitstralen van radiofrequentie verboden is. zijn voor gebruik met ReSound hoortoestellen. 12. Gebruik voor de draadloze functionaliteit alleen de ReSound Unite-accessoires. Zie voor meer informatie de gebruikershandleiding van het relevante ReSound Unite-accessoire. 13. Waarschuwing: Gebruik het toestel NIET als het gebroken is. Waarschuwing bij gebruik van batterijen Batterijen, hoe klein ze ook zijn, bevatten gevaarlijke stoffen, en dienen te worden ingeleverd als klein chemisch afval. Dit is voor uw veiligheid en ter bescherming van het milieu. Let op: 1. Probeer standaard zink-lucht batterijen niet opnieuw op te laden. Ze kunnen gaan lekken of ontploffen. 2. Verbrand geen batterijen. 3. Stop batterijen NIET in uw mond. Ga direct naar een arts als een batterij is ingeslikt. Ze kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid. 11. Koppel alleen ReSoud hoortoestellen aan op ReSound accessoires die bedoeld en gekwalificeerd 4. Houd batterijen buiten bereik van huisdieren, kinderen en mensen met een verstandelijke beperking. 42 43
Oplossen van problemen SYMPTOOM Geen geluid OORZAAK Toestel is uitgeschakeld Lege batterij Batterijlade sluit niet Verstopt cerumenfilter MOGELIJKE OPLOSSING Schakel het toestel in door de batterijlade te sluiten Batterij vervangen Batterij op de juiste wijze plaatsen Vervang het cerumenfilter of raadpleeg uw audicien 44 45
Oplossen van problemen SYMPTOOM Niet hard genoeg OORZAAK Hoortoestel onjuist geplaatst Verstopte geluidsuitgang Verandering in gehoor Overmatig oorsmeer Volume te laag ingesteld MOGELIJKE OPLOSSING Opnieuw plaatsen Vervang het cerumenfilter of raadpleeg uw audicien Raadpleeg uw audicien Raadpleeg uw arts Volume verhogen of raadpleeg uw audicien 46 47
Oplossen van problemen SYMPTOOM OORZAAK MOGELIJKE OPLOSSING Overmatig Fluittonen Hoortoestel onjuist geplaatst Overmatig oorsmeer DFS kalibratie niet goed Hoortoestel niet optimaal ingesteld Opnieuw plaatsen Raadpleeg uw audicien Raadpleeg uw audicien Raadpleeg uw audicien 48 49
Oplossen van problemen SYMPTOOM Onduidelijk / vervorming Draadloos werkt niet OORZAAK Lege batterij Onjuiste pasvorm Hoortoestel beschadigd Hoortoestel niet optimaal ingesteld Mogelijke oorzaak - Toestel staat in vliegtuigmodus MOGELIJKE OPLOSSING Batterij vervangen Raadpleeg uw audicien Raadpleeg uw audicien Raadpleeg uw audicien Toestel met programmaknop: open en sluit de batterijlade Toestel zonder programmaknop: open en sluit de batterijlade tweemaal binnen tien seconden (indien toestel in vliegtuigmodus staat) 50 Raadpleeg uw audicien bij andere problemen. 51
Technische gegevens (Externe microfoon) Hoortoestel Model AL910-M, AL710-M, AL510-M AL910-MP, AL710-MP, AL510-MP AL930-M, AL730-M, AL530-M, AL930-MW, AL730-MW, AL530-MW AL930-MP, AL730-MP, AL530-MP, AL930-MPW, AL730-MPW, AL530-MPW AL930-MU, AL730-MU, AL530-MU, AL930-MUW, AL730-MUW, AL530-MUW Maximale output (2cc Coupler / IEC 60118-7) 112 db SPL (typical) 117 db SPL (typical) 112 db SPL (typical) 117 db SPL (typical) 128 db SPL (typical) Technische gegevens (CIC, MiniKanaal, MIHO) Hoortoestel Model AL910, AL710, AL510 AL910-P, AL710-P, AL510-P AL920, AL720, AL520 AL920-P, AL720-P, AL520-P AL930, AL730, AL530, AL930-D, AL730-D, AL530-D AL930-P, AL730-P, AL530-P, AL930-DP, AL730-DP, AL530- DP Maximale output (2cc Coupler / IEC 60118-7) 112dB SPL (typical) 116dB SPL (typical) 112dB SPL (typical) 116dB SPL (typical) 114dB SPL (typical) 117dB SPL (typical) 52 53
Garantie en reparaties ReSound verleent op alle digitale hoortoestellen een garantie in het geval van fouten in vakmanschap of materialen, zoals beschreven in de betreffende garantiebepalingen. In haar servicebeleid belooft ReSound een functionaliteit te garanderen die op zijn minst equivalent is aan die van het orginele hoortoestel. Als mede-ondertekenaar van het United Nations Global Compact-initiatief heeft ReSound zich eraan gecommiteerd om dit uit te voeren volgens de gangbare milieuvriendelijke normen. Hoortoestellen kunnen daarom, naar inzicht van ReSound, vervangen worden door nieuwe producten of door producten gefabriceerd uit nieuwe of te repareren gebruikte onderdelen, of gerepareerd met nieuwe of in nieuwstaat teruggebrachte componenten. De garantieperiode van uw hoortoestel wordt aangegeven in uw garantiebepalingen, die u audicien uw verschaft heeft. 54 55
Als er onderhoud verricht moet worden aan uw ReSound hoortoestel, neemt u dan contact op met uw audicien. Opmerkingen ReSound hoortoestellen met een defect dienen gerepareerd te worden door een gecertificeerd servicemonteur. Probeer nooit zelf de kast van het hoortoestel te openen, anders vervalt het recht op garantie. Temperatuurtest, transport en opslaginformatie ReSound hoortoestellen zijn onderworpen aan diverse tempratuur- en vochttesten tijdens verwarmingscycli tussen -25 en 70 graden celsius volgens interne en industiestandaards. Tijdens transport of opslag moet de tempratuur niet buiten -20ºC en 60ºC komen en de relatieve vochtigheid niet boven 90% RH zonder condensatie (gedurende beperkte tijd). De luchtdruk mag liggen tussen 500 en 1100 hpa. 56 57
Let op de informatie die gemarkeerd wordt door een waarschuwingssymbool WAARSCHUWING wijst op een situatie die kan leiden tot ernstige verwondingen. VOORZORGSMAATREGEL wijst op een situatie die kan leiden tot kleine verwondingen. Advies en tips over beter gebruik van uw hoortoestel Apparatuur bevat RF-verzender. Dit product valt onder Type B contactonderdelen Gooi uw oude hoortoestel niet zomaar weg. Raadpleeg hiervoor uw audicien. Faceplate/Electronics by: ReSound A/S Vragen met betrekking tot de EU medische richtlijn 93/42/EEC of de richtlijn 1999/5/EEC voor Radio-apparatuur en Telecommunicatie-apparatuur dienen te worden gericht aan ReSound A/S. 58 59
Internationaal hoofdkantoor ReSound A/S Lautrupbjerg 7 DK-2750 Ballerup Tel.: +45 45 75 11 11 Fax: +45 45 75 11 19 www.resound.com GN Hearing Benelux B.V. ReSound Postbus 85 6930 AB Westervoort Nederland Tel.: +31 (0)26 319 5000 Fax: +31 (0)26 319 5001 info@gnresound.nl www.resound.nl Contactgegevens België Tel: 02 513 55 91 Fax: 02 502 04 09 info@gnresound.be 17483402-NL-11.05 Rev. B