BEHANDELING VAN SPATADEREN 25731
Inleiding Deze folder geeft u een globaal overzicht van de klachten en oorzaak van spataderen (varices) en de meest gebruikelijke behandelmogelijkheden. Het is goed u te realiseren dat bij het vaststellen van een aandoening de situatie voor iedereen verschilt. Wat zijn spataderen en hoe ontstaan ze? Slagaders zijn bloedvaten, waarin het transport plaatsvindt van bloed naar alle delen van het lichaam. Aders zijn bloedvaten, waarin het transport plaatsvindt van bloed weer terug naar het hart. Spataderproblemen doen zich voornamelijk aan de benen voor. Hier moet het bloed van de tenen in de aderen helemaal terugstromen naar het hart. Om te voorkomen dat het bloed weer naar beneden zakt, hebben deze aderen kleppen (zie figuur 1). In de lies, bovenin het been, en in de knieholte zitten de belangrijkste kleppen. Op die plaatsen komen een oppervlakkige en een diepliggende ader samen. In de oppervlakkige ader, die vrij dicht onder de huid loopt, doen zich de meeste spataderproblemen voor. Door verschillende oorzaken kunnen de kleppen in deze ader gaan lekken: insufficiënt worden. Bijvoorbeeld omdat er te veel druk op de kleppen komt te staan en deze bezwijken (zie figuur 2 en 3) Of omdat het bloedvat wijder wordt en de kleppen niet langer goed sluiten. Of omdat de kleppen zelf zwak zijn aangelegd. Wanneer de kleppen lekken, wordt de druk onder die kleppen in de ader groter. Hoe groter de druk, des te wijder het bloedvat, waardoor er meer kleppen bezwijken. Na verloop van tijd worden de gevolgen zichtbaar als spataderen: uitgezette, onder de huid gelegen, kronkelend verlopende aderen.
Wie krijgen spataderen? Iedereen kan spataderen krijgen, maar er zijn mensen, of groepen mensen, die vatbaarder voor spataderen zijn: mensen bij wie het in de familie voorkomt; zwangere vrouwen; mensen, die veel en lang moeten (stil)staan tijdens hun werk of bezigheden; Mensen die in het verleden trombose in een been hebben gehad. Door de trombose kunnen de kleppen beschadigd zijn, waardoor ze kunnen gaan lekken. Welke klachten geven spataderen? Vaak bestaat slechts een cosmetisch bezwaar: men vindt een zichtbaar bloedvat op het onderbeen een lelijk gezicht. Sommige mensen met spataderen hebben echter jeuk, pijn, of een onrustig gevoel in het onderbeen, soms met krampen. Soms heeft een patiënt huiduitslag, een verkleuring (bruine vlekken) of doet zich een aderontsteking of een spataderbloeding voor. In het ergste geval ontstaat een open been : een huidwond die niet geneest.
Is nader onderzoek nodig? Afhankelijk van de bevindingen van de specialist kan nader onderzoek gewenst zijn. Doorgaans zal dat bestaan uit een Duplex onderzoek. Dat is een onderzoek met ultrageluidsgolven, waarbij een indruk kan worden verkregen over de doorgankelijkheid van de bloedvaten, de stroomrichting van het bloed en de functie van de kleppen. Het onderzoek is volstrekt pijnloos, onschadelijk (geen stralen) en wordt poliklinisch uitgevoerd. Wat zijn de behandelingsmogelijkheden? Afhankelijk van de uitgebreidheid van de aandoening en de eventuele bevindingen bij Duplexonderzoek, zijn er verschillende mogelijkheden van behandeling. De spataderen worden daarbij operatief weggehaald, weggespoten of dichtgedrukt. U kunt ze gerust missen, omdat het bloed langs een andere weg kan stromen en de spatader niet meer goed als ader functioneerde. Gecombineerde behandeling Wanneer alleen de klep in de lies en/of knieholte lek is, dan wordt, met een kleine snede op de juiste plek, de verbinding van de oppervlakkige stamader met de grote beenader opgeheven. Ook andere zijverbindingen met de oppervlakkige stamader worden opgeheven. Deze ingreep kan soms onder plaatselijke verdoving worden uitgevoerd. Aansluitend of later poliklinisch worden de spataderen op het been weggespoten. Hierover leest u meer verderop in deze folder. Volledig chirurgische behandeling Als er meerdere lekke kleppen zijn in de oppervlakkige stamader, dan wordt deze stamader meestal weggehaald. In de lies en/of knie wordt dezelfde procedure uitgevoerd, zoals hierboven beschreven. Daarna wordt via een kleine snede onder de knie of bij de enkel met een speciaal instrument (de stripper) de ader uit het been verwijderd. In het gebied waar de ader heeft gezeten ontstaat vaak een bloeduitstorting, die in de loop van een aantal weken vanzelf wegtrekt. Bij uitgebreide spatadervorming kunnen tijdens dezelfde ingreep de overige uitgezette zijaderen via kleine sneetjes onderhuids verwijderd
worden. Eventuele restanten kunnen later zo nodig weggespoten worden. Bij open benen kan het voorkomen dat een operatie gewenst is. Dan worden plaatselijke verbindingen opgeheven tussen het oppervlakkige en diepe adersysteem in de omgeving van het open been. Dit gebeurt door middel van een kijkoperatie. Afhankelijk van de uitgebreidheid van de operatieve behandeling van spataders wordt de operatie in een kortdurende opname of in dagbehandeling uitgevoerd. De operatie wordt verricht onder algehele narcose, met een ruggenprik of onder plaatselijke verdoving. Het wegspuiten van spataderen (sclerotherapie) Door het inspuiten van een bepaalde vloeistof in de spatader, die vervolgens wordt afgedrukt, wordt een reactie in de ader teweeggebracht. Deze reactie moet ervoor zorgen dat de ader dichtplakt. Na verloop van tijd is de spatader veranderd in een litteken en nauwelijks meer te zien. Het lijkt dus of hij is weggespoten. Het inspuiten van de vloeistof gebeurt met een heel dun naaldje. Vaak zijn er meerdere prikjes nodig. Steunkousen Wanneer het diepe adersysteem niet goed meer functioneert, bijvoorbeeld als gevolg van trombose, is men soms terughoudend met het weghalen van spataderen. In dat geval worden elastische steunkousen als behandeling geadviseerd. Ook wanneer er medische bezwaren zijn tegen een operatie, kunnen elastische steunkousen uitkomst bieden als behandeling. Mogelijke complicaties Operatieve behandeling Geen enkele ingreep is vrij van de kans op complicaties. Zo zijn er de normale risico s op complicaties van een operatie, zoals trombose, nabloeding en wondinfectie. Het optreden van een bloeduitstorting komt vaak voor. Dit is hinderlijk, maar is meestal niet ernstig en trekt doorgaans in de loop van enkele weken vanzelf weg. Echte nabloedingen komen weinig voor. Ook het risico op infectie is niet groot. Wanneer de stamader moet worden weggehaald, kan dat een enkele keer gepaard
gaan met letsel van een begeleidende zenuw, die pal naast het bloedvat loopt. Dat kan dan nabij de voet een verdoofd gevoel geven: meestal tijdelijk, soms blijvend. Sclerotherapie De ingespoten vloeistof geeft ter plaatse in de ader een ontstekingsreactie, maar heeft verder weinig bijwerkingen voor de rest van uw lichaam. Een hoogst enkele keer komt een overgevoeligheidsreactie voor. Deze trekt niet altijd weg. Heel soms komt de injectievloeistof naast het bloedvat terecht. Het is dan mogelijk dat de huid ter plaatse stuk gaat. Nabehandeling Na een operatieve behandeling en na het weg spuiten van spataderen wordt aansluitend een elastische kous om het been aangelegd. Dit moet ervoor zorgen, dat de vorming van bloeduitstorting beperkt blijft en dat de spataderen worden dichtgedrukt. Er wordt geadviseerd de kous die u na de operatie aan heeft gekregen één week dag en nacht te dragen. Daarna wordt de vooraf aangemeten steunkous gedurende één week alleen overdag gedragen. Geadviseerd wordt om de kous voor het naar bed gaan weer uit te doen. Veel lopen is goed en dat mag zo snel als mogelijk is na de behandeling. Lang staan moet vermeden worden en wanneer u zit, is het verstandig de benen hoog te houden. Ook is het beter enkele weken niet te sporten. De hechtingen kunnen na ongeveer tien tot veertien dagen worden verwijderd, afhankelijk van de plaats waar de hechtingen zitten. Vragen Als u na het lezen van de folder nog vragen heeft, dan kunt u tijdens kantooruren contact opnemen met de polikliniek Chirurgie, via telefoonnummer 010-461 6163. Buiten kantoortijden kunt u contact opnemen met de Spoedeisende Hulp, via telefoonnummer 010 461 6720. Mei 2016