Galblaasoperatie (Cholecystectomie) In overleg met uw arts heeft u besloten uw galblaas te laten verwijderen. In deze folder treft u informatie over de behandeling en adviezen voor de periode na de operatie. Neem altijd uw verzekeringsgegevens en identiteitsbewijs mee!
De galblaas De galblaas is een klein peervormig orgaan dat aan de onderkant van de lever ligt, rechts boven in de buik. De galblaas is door een zijgangetje verbonden met de grote galgang die galvloeistof afvoert van de lever naar de twaalfvingerige darm. De galblaas zelf heeft een functie als reservoir van gal. De lever vormt gal (een vloeistof die zeer belangrijk is voor de vertering van vetten) en voert de gal af naar de galblaas waar het wordt ingedikt en opgeslagen. Zodra er voedsel in de darm komt, in het bijzonder vet voedsel, perst de galblaas de gal via de afvoergang naar de dunne darm. Wanneer de galblaas is verwijderd wordt deze functie overgenomen door de lever en de galgangen. De meest voorkomende aandoening van de galblaas is de vorming van galstenen. Galstenen geven niet altijd aanleiding tot klachten. Alleen bij klachten is een verwijdering van de galblaas nodig. Ook kan een operatie nodig zijn wanneer de galblaas ontstoken raakt. Behandelmogelijkheden Om galblaasklachten die veroorzaakt worden door stenen in de galblaas of galwegen te genezen, is veelal een chirurgische verwijdering van de galblaas nodig. Er zijn twee methoden om de galblaas te verwijderen. Dit zijn de zogenaamde laparoscopische cholecystectomie en de conventionele cholecystectomie. Uw chirurg bespreekt met u wat in uw geval het beste is. 2 Galblaasoperatie (Cholecystectomie)
Wanneer er naast stenen in de galblaas, ook sprake is van stenen in de grote galgangen, is het vaak zo dat u reeds onderzocht bent door de internist. De internist kan bij u een zogenaamde ERCP hebben gedaan, waarbij de stenen in de grote galgang van binnenuit verwijderd worden via een scoop in de twaalfvingerige darm. Laparoscopische cholecystectomie Onder narcose wordt een neus/maagsonde ingebracht en soms ook een catheter in de urineblaas. Het kan zijn dat u na de operatie merkt dat het plassen een beetje een branderige pijn geeft, dit is dan veroorzaakt door de catheter en het verdwijnt vanzelf. Tijdens de operatie gebruikt de chirurg een videocamera en speciale instrumenten om de galblaas te verwijderen zonder een grote snee te maken. In plaats daarvan maakt hij enkele kleine sneetjes. Een van deze sneetjes wordt bij de navel gemaakt zodat de chirurg een speciaal instrument (de laparoscoop) in de buikholte kan brengen. De laparoscoop is een lange rechte starre pijp waarop een kleine videocamera is gemonteerd en een lichtbron. Voordat de laparoscoop in de buikholte wordt gebracht wordt de buikholte opgevuld met kooldioxyde. Dit is nodig om een goed overzicht te verkrijgen. Dit gas kan het middenrif enigszins prikkelen. Via een zenuwbaan die in de richting van de schouder loopt, kan dit ertoe leiden dat u na de operatie enkele dagen een gevoelige schouder heeft. Dit gaat vanzelf weer over. Met behulp van de laparoscoop kijkt de chirurg in de buik via een videomonitor. Vervolgens worden de andere sneden in de buik gemaakt. Ieder van deze sneden wordt gebruikt om een speciaal instrument in de buikholte te brengen, om de galblaas te pakken, te kunnen bewegen en te kunnen verwijderen. 3
Soms stuit de chirurg op een probleem dat hij niet laparoscopisch kan oplossen. Dan is het nodig om op de conventionele (gewone) manier de galblaas te verwijderen. Houdt u er daarom rekening mee dat er een conventionele cholecystectomie kan worden uitgevoerd, terwijl er een laparoscopische operatie was voorgesteld. De conventionele cholecystectomie Bij deze operatie maakt de chirurg een snede die tien tot vijftien centimeter lang is. Deze snede verloopt of in de lengte van boven naar beneden in de bovenbuik of schuin aan de rechterkant onder de ribbenboog. De chirurg verwijdert nu de galblaas tot aan de inmonding in de grote galgang. Soms blijkt dat er ook nog galstenen in de grote galweg zitten. Om deze stenen te verwijderen wordt de galgang geopend. De galweg wordt daarna weer gesloten met achterlaten van een draintje (dun slangetje), dat via een aparte steekopening door de buikwand naar buiten wordt geleid. Hierdoor kan de gal naar buiten lopen. Het afvloeien van de gal voorkomt dat er in het begin een te hoge druk in de galwegen ontstaat. Behalve dit draintje wordt er vaak ook een wonddrain in de buik achtergelaten die eveneens via een aparte opening in de buikwand naar buiten wordt geleid. Na de operatie Na de operatie is de wond nog gevoelig. Alle bewegingen zijn pijnlijk, evenals diep ademhalen en hoesten. U kunt de verpleegkundige om een pijnstiller vragen. Direct na de operatie kunt u wat misselijk en dorstig zijn. Tegen de misselijkheid kunt u medicijnen krijgen. Drinken mag vlak na de operatie nog niet. De lippen nat maken en de mond spoelen mag wel. 4 Galblaasoperatie (Cholecystectomie)
Om er voor te zorgen dat u voldoende vocht krijgt, heeft u een infuus in de arm. Zodra u weer zelf voldoende kan drinken wordt het infuus verwijderd. Voor de operatie is er een slangetje via uw neus in de maag gebracht. Dit zorgt er voor dat uw maag kort na de operatie leeg blijft. Het voorkomt dat u moet braken. Meestal is deze sonde al verwijderd als u uit de narcose bijkomt. Soms wordt een slang in het wondgebied achtergelaten. Deze is nodig om het bloed en vocht af te voeren. Als de galwegen tijdens de operatie geopend zijn geweest, is er nog een tweede slangetje dat gal afvoert. Een week na de operatie worden er enkele röntgenfoto s gemaakt, waarbij via dat slangetje contrast in de galwegen wordt gespoten. Op de foto s is te zien of de gal goed naar de darm stroomt en of er geen stenen in de galwegen zijn achtergebleven. Wanneer er toch stenen zijn achtergebleven, kunnen deze via een Endoscopische Retrograde Cholangeo Pancreaticografie (ERCP) verwijderd worden. Dit is een onderzoek van de galwegen (cholangieën) en de afvoergang van de alvleesklier (pancreas). Als alles in orde is kan het draintje worden verwijderd. 5
Naar huis Na een laparoscopische cholecystectomie kunt u over het algemeen binnen een tot twee dagen weer naar huis. Bij een conventionele cholecystectomie kan de opnameduur wat langer zijn. Van belang daarbij is of u koortsvrij bent, of de ontlasting weer normaal verloopt, de wond rustig is en of u weer goed kunt lopen. Bij ontslag krijgt u een afspraak mee voor een poliklinische controle. Mogelijke complicaties Geen enkele ingreep is vrij van de kans op complicaties. Zo zijn er ook bij deze operatie de normale risico s op complicaties van een operatie, zoals trombose, longontsteking, nabloeding, wondinfectie. Een ernstige complicatie bij deze operatie is een beschadiging van de galwegen. Dit gebeurt slechts zeer zelden. De gevolgen daarvan zijn afhankelijk van de aard van het letsel en het tijdstip dat het wordt vastgesteld. Een hersteloperatie kan tot de mogelijkheden behoren. Instructies Bij een conventionele galblaasoperatie heeft u een wond van tien tot vijftien centimeter. Bij een laparoscopische galblaasoperatie heeft u drie wondjes van een centimeter. De wondjes / wond hebben geen speciale verzorging nodig. U kunt zich 48 uur na de operatie gewoon wassen of douchen. De hechtingen lossen vanzelf op en hoeven niet verwijderd te worden. Wij adviseren u om met alle bewegingen die pijnlijk zijn de eerste tijd na de operatie voorzichtig aan te doen. Wanneer de wond genezen is, mag u alle 6 Galblaasoperatie (Cholecystectomie)
normale activiteiten weer hervatten. Meestal kunt u na een aantal weken weer werken. Zwaar lichamelijk werk kan echter pas na zes weken worden hervat. U hoeft geen vetarm dieet te volgen. Wij raden u aan om geen grote hoeveelheden vet tegelijkertijd te gebruiken. Probeer steeds meer uit wat u kunt verdragen. Heeft u klachten na gebruik van bepaalde voedingsmiddelen, laat deze dan weg en probeer het later nog eens. Vragen Wanneer u na het lezen van deze informatie nog vragen heeft, zal uw arts deze graag beantwoorden. U kunt hiervoor op werkdagen bellen met de polikliniek. Telefoonnummers Rijnstate Arnhem Polikliniek Chirurgie: 088-005 7737 Buiten kantooruren kunt u voor spoedgevallen contact opnemen met de Spoedeisende hulp, via 088-005 6680. 7
Colofon Bij het samenstellen van deze folder is dankbaar gebruik gemaakt van de gegevens van de Commissie Voorlichting van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde, die u kunt vinden op Internet. Bij Rijnstate kunt u telefonisch en voor de meeste specialismen via www.rijnstate.nl uw afspraak maken. Rijnstate, uw ziekenhuis in de regio Arnhem, Rheden en De Liemers. @rijnstate facebook.com/rijnstate Rijnstate Postbus 9555 6800 TA Arnhem T 088-005 8888 E info@rijnstate.nl www.rijnstate.nl 006243/2016-05 Uitgave: Afdeling Marketing & Communicatie Rijnstate, 2016