Heeft u opmerkingen of suggesties i.v.m. deze brochure? Geef ons gerust een seintje! CT scan van de onderbuik Dienst kwaliteit E-mail: info@jessazh.be Tel: 011 30 90 22 Jessa Ziekenhuis vzw Maatschappelijke zetel: Salvatorstraat 20, 3500 Hasselt www.jessazh.be versie januari 2012 (Object-ID 230141)
Welkom In overleg met uw behandelend arts werd er besloten tot een CT-onderzoek van de onderbuik op de afdeling medische beeldvorming (radiologie) van het Jessa Ziekenhuis. Tijdens het onderzoek worden de organen in uw onderbuik onderzocht met behulp van röntgenstralen en een contraststof. Deze brochure beschrijft de gang van zaken bij het onderzoek. De informatie in deze brochure is van algemene aard. Dat wil zeggen dat het onderzoek is beschreven zoals dit meestal verloopt. Indien u na het lezen ervan nog vragen heeft, kan u hiervoor steeds terecht bij uw behandelende arts of bij de verpleegkundigen. 1
2
Inhoud 1. Wat is een CT-scan? p. 4 2. Voorbereiding p. 5 3. Het onderzoek p. 6 4. De resultaten p. 7 3
1. Wat is een CT-scan? Een computertomograaf is een apparaat waarmee men, millimeter voor millimeter, zeer gedetailleerde foto s kan maken. Hierbij wordt gelijktijdig gebruikgemaakt van röntgenstraling en een computer. Het apparaat heeft een opening waar de patiënt, liggend op een beweegbare tafel, doorheen wordt geschoven. Terwijl de tafel telkens een stukje doorschuift, maakt men een serie foto s. In de meeste gevallen krijgt de patiënt contrastvloeistof toegediend. 4
2. Voorbereiding Bij onderzoeken van de buik is het in verband met de stralenbelasting belangrijk te weten of u in verwachting bent. Neem zo nodig contact op met de behandelend arts. Voor dit onderzoek moet u beperkt nuchter zijn. Voorafgaand aan het onderzoek mag u zes uur niet eten of drinken. Bij een CT-onderzoek mogen, om storende beelden te vermijden, op het betreffende lichaamsdeel geen metalen voorwerpen aanwezig zijn. Het kan dus zijn dat u eventuele sieraden (piercing) moet afdoen, of kledingstukken met metalen onderdelen (ritsen, haakjes, knopen) moet uittrekken. Afhankelijk van de vraag van de verwijzende arts en rekening houdend met uw individuele toestand wordt er al dan niet via een ader, via de mond of via een sonde jodiumhoudende contraststof (*) toegediend. Wanneer u contraststof via de mond moet innemen, moet u er rekening mee houden dat het onderzoek pas na een uur tot anderhalf uur kan doorgaan om de contraststof de kans te geven zich over gans de dunne darm te verspreiden. (*) Bij het inspuiten van de röntgencontrastvloeistof kan u een warmtesensatie door het hele lichaam voelen, een droge mond krijgen en/of het gevoel krijgen te plassen. Dit zijn normale bijverschijnselen waarover u zich niet ongerust hoeft te maken en die zeer snel verdwijnen. Toch is er een klein risico op het optreden van een allergische reactie. Als u weet dat u overgevoelig bent voor jodiumhoudende contrastvloeistof is het belangrijk dit ruim van tevoren aan de arts door te geven, zodat er maatregelen kunnen worden genomen. Op de röntgenafdeling wordt gebruikt gemaakt van nietionische jodiumhoudende röntgencontrastvloeistoffen (kopie bijsluiter te verkrijgen bij de röntgenadministratie) Om de contraststof zo snel mogelijk weer uit het lichaam te verwijderen is het zinvol om veel te drinken na het onderzoek. 5
3. Het onderzoek Bij een CT-onderzoek worden zowel röntgenstralen als een computer gebruikt. Tijdens het maken van de foto s ligt u op een onderzoektafel die in een ring van 70 cm hoog en 40 cm diep wordt geschoven. Gedurende het nemen van de opnamen hoort u het zachte geluid van de röntgenbuis die 360 rond draait. Als het nodig is voor het onderzoek houdt de verpleegkundige contact met u via een microfoon. U kan ook met de verpleegkundige praten indien u dit wenst. Het onderzoek duurt ongeveer 15 minuten. 6
4. De resultaten De radioloog kan meestal niet meteen na het onderzoek de uitslag meedelen. De beelden worden namelijk op een werkstation berekend en geanalyseerd, en met eventuele vorige onderzoeken vergeleken. Hierna maakt de radioloog een verslag voor de behandelende arts. Deze zal met u de uitslag bespreken. Meestal is de uitslag beschikbaar na ongeveer twee weken. 7
Persoonlijke notities 8