(Archieven F.O.I.) NEDERLANDS
NOMENCLATUUR KLASSIEK BRUIN TOPAAS PHÁEO CRÈME- INO GRIJS (ONYX) NIEUWE MUTATIES IN STUDIE Deze beschrijft men, man en pop klassiek, zowel als geelsnavel als roodsnavel (ondersoort Hecki) Deze beschrijft men, man en pop mutatie bruin, zowel als geelsnavel als roodsnavel (ondersoort Hecki) Deze beschrijft men, man en pop mutatie topaas, zowel als geelsnavel als roodsnavel (ondersoort Hecki) Deze beschrijft men, man en pop mutatie phaeo, zowel als geelsnavel en als roodsnavel (ondersoort Hecki) Deze beschrijft men, man en pop mutatie créme ino, zowel als geelsnavel en als roodsnavel (ondersoort Hecki) Deze beschrijft men, man en pop mutatie grijs, zowel als geelsnavel en als roodsnavel (ondersoort Hecki) Men beschrijft alle andere mutaties, zowel als geelsnavel en als roodsnavel (ondersoort Hecki), nog niet erkend. Noot : Alle benamingen dienen te worden voorafgegaan door «Spitsstaart amandine» De combinaties van mutaties zullen benoemd worden door een opsomming van de verschillende factoren zoals voorbeeld hierna weergegeven : Spitsstaart amandine bruin créme ino Spitsstaart amandine créme ino grijs
BEVEDERING EN ALGEMENE CONDITIE BEVEDERING : Zachte en glanzende bevedering, volledig en goed gesloten op het lichaam. Een goede dichtheid is vereist vooral bij de bevedering rond de snavel, de keel en rond de ogen. Op de borst en op de rug moet de bevedering goed gesloten en van de juiste lengte zijn om een gladde indruk te geven. In de flanken en de onderstaart moet de bevedering goed gesloten zijn, dienen lange wollige pluimen te worden vermeden. Zeer belangrijk is dat beide middenste verlengde staartpennen van dezelfde lengte en van een goede kwaliteit zijn over hun ganse lengte. Sporen van het jeugdkleed of van rui dienen te worden bestraft. Keurtechnische opmerkingen Staart Ontbrekende of onvolgroeide staartpennen. Ontbrekende, ongelijke of beschadigde verlengde staartpennen. Teugels Schrale bevedering Flanken Matte bevedering, warrig met krulveren Bef Ontbrekende bevedering of gekruld. ALGEMENE CONDITIE ; De vogel dient te verkeren in een perfecte gezondheid en properheid. De poten en de nagels mogen geen vervormingen of gebreken vertonen. Indien er zones zijn die sporen van geheelde wonden of gezwollen letsels vertonen worden deze beschouwd als een fout. De snavel dient zonder schubben, niet beschadigd of gekarteld te zijn. De boven- en ondersnavel dienen perfect op mekaar aan te sluiten en van dezelfde lengte te zijn. De ogen dienen rond, levendig, glanzend en goed geopend te zijn. Wazige of slaperige ogen zijn meestal een teken van een minder goede conditie.de oogranden dienen regelmatig te zijn met een goed aansluitende bevedering. De bevedering dient proper te zijn zonder afgebroken of beschadigde veren en pennen. Keurtechnische opmerkingen Staart Vleugels Poten Snavel Nagels Conditie De verlengde staartveren beschadigd, afgebroken, ongelijk, ontbrekend, gekruist, niet conform gekruld zoals voorzien door de standaard. Gebroken of beschadigde slagpennen Geschubd of gezwollen Geschubd, beschadigd, te zware of te lange snavel Te lange, ontbrekende of gekrulde nagels Vuile vogel N.B. De fouten zijn in dalende orde van belangrijkheid STANDAARDEISEN - TEKENING De spitsstaart amandine heeft een sobere tekening : bef, broek en oogstrepen zijn
netjes afgelijnde en contrasterende zones. Deze tekeningen dienen min of meer aanwezig te zijn al naargelang de kleurslag. Een positieve evaluatie zal worden gegeven indien tijdens de keuring, en dit geldt bij alle variëteiten die beschreven zijn in deze standaard, mooi afgelijnde zones worden opgemerkt. Vlekkerige tekening moet als zware fout worden gezien. De nette nekafscheiding tussen de nekkleur en de rugkleur dient te worden gezien als een kwaliteit in de rubriek tekening. 1) De bef, trapeziumvormig, netjes afgelijnd. 2) De nekafscheiding dient contrastrijk te zijn nekkleur tegenover de rugkleur.
3) Op de stuit bevinden zich witte veren 4) De twee buitenste staartpennen hebben onderaan een witte punt wat moet gezien worden als een kwaliteit. 5) De broektekening moet netjes afgelijnd en zo breed mogelijk zijn. 6) De teugels zijn goed en net getekend 7) De bef is peervormig en netjes afgelijnd Keurtechnische opmerkingen. Bef Niet netjes afgelijnd. Uitgerokken vorm, te smalle of te kleine bef. Teugels Onderbroken, te smal, asymmetrisch of te licht. Broek Onregelmatige vorm, te smal, niet proper afgelijnd, asymmetrisch N.B. De fouten zijn in dalende orde van belangrijkheid. VORM GROOTTE EN HOUDING De spitsstaart amandine dient een harmonieuse slanke vorm te hebben waarbij de bovendelen, een robuuste nek en brede borst vertonen en een dun uitlopende buikstreek.
De kop, trapeziumvormig, zeer breed aan de nekbasis is goed geplaatst op de vooruitstekende borst ten opzichte van de buik. De rug vormt één lijn met de staart waarbij de verlengde staartveren naar boven krullen. De beide middenste verlengde staartveren van gelijke lengte dienen een lichte harmonieuse kromming te hebben. Een lichte buiging ter hoogte van de nek en de stuit is toegelaten. De vogel moet een volle vorm tonen met een ronde volle borst. (1) Kop pyramidevormig met een brede basis ten overstaan van de kruin. Keurtechnische opmerkingen Nek Kop Te lang en genepen Plat, smal, genepen
Borst Slechte vorm : te zware borst, te smalle borst ; assymetrische vorm Grootte Te klein Buik Te zwaar, te vet Staart Te lang in verhouding tot het lichaam, ongelijke verlengde staartveren Snavel Te lang of te fijn Vleugels Te lange vleugels ; gekruiste vleugels ; hangende vleugels NB : De fouten zijn in dalende orde van belangrijkheid. HOUDING De Spitsstaart amandine heeft een variabele houding; hij wisselt de houding in rust af (45 ten opzichte van de horizontale lijn) met een voorovergebogen positie bij onrustig gedrag, waarbij in geen geval de buikbevedering de stok mag raken. De goed gesloten vleugels dienen bij het lichaam worden gedragen en op de stuit samenkomen. Evenwijdige poten. Levendige verschijning die bij de keuring heen en weer springt op beide zitstokken zonder angst te vertonen. Buik Borst Poten Houding N.B. Keurtechnische opmerkingen Rust op de zitstok Te fel vooruitkomende borst Open ; te gespreid Vogel zit op de kooibodem; vogel te angstig; vogel te zenuwachtig; De fouten zijn in dalende orde van belangrijkheid. KLEURSTANDAARD De chromatische structuur die de kleur van de spitsstaartamandine bepaalt is samengesteld uit pigmenten met melanines (eumelanine en phaeomelanine) naast de lipochromen die kleur geven aan de geelsnavel en aan de roodsnavel bij de ondersoort
Hecki. De algemene kleur varieert van violet op de borst en de buik tot grijs-azuurkleurig (blauwachtig) van de kop, die netjes gescheiden is van het roestbruine van de rug. Het fenotype werd vervolledigd met de zwarte kleur voor de bef, de broektekening, de teugels en de staart. De stuit vertoont een schitterende witte kleur in alle mutaties. Voor alle variëteiten dient voor de chromatische structuur een zo groot mogelijke aanwezigheid van de pigmenten te worden nagestreefd. De nominaatsvorm, de geelsnavel, heeft eerder roze pootjes en een lichtere, koudere kleur vooral aan de onderzijde van de vogel. LEESSLEUTEL VOOR HET SCHEMA Tijdens het ontwikkelen van de kleurstandaard werd een zo homogeen mogelijke benaming nagestreefd, zodat dit een gelijkvormige en samenhangende lezing toelaat. - definitie kleurschakering : LICHT - DONKER - definitie densiteit : EENKLEURIG - KLEURSCHAKERING - definitie gradatie : GLANZEND - MAT KLEURTERMINOLOGIE ZWARTREEKS BLAUWREEKS BRUINREEKS ZWART AZUURKLEURIG KASTANJEKLEURIG (BLAUWACHTIG) GRIJS GRIJSACHTIG BLAUWACHTIG ROESTKLEUR WIT WITACHTIG VIOLET BEIGE KEURTECHNISCHE OPMERKINGEN 1 Te bleke kopkleur, vlekkerig. Te bleek gekleurde vleugels, vlekkerig. 2 Vlekkerige kleur van de bef. 3 Te lichte teugels 4 Tweekleurige snavel of oranje snavel. 5 Kleur van de poten komt niet overeen met de eisen van de variëteit. 6 Doffe kleur, mist helderheid. N.B. De fouten zijn in dalende orde van belangrijkheid VERGELIJKENDE TABEL VAN DE MUTATIES KLASSIEK BRUIN TOPAAS PHAEO INO GRIJS BEF ZWART DONKERBRUIN KASTANJEBRUIN ROESTBRUIN LICHTBRUIN ZWART BROEK ZWART DONKERBRUIN KASTANJEBRUIN ROESTBRUIN LICHTBRUIN ZWART TEUGELS ZWART DONKERBRUIN KASTANJEBRUIN ROESTBRUIN LICHTBRUIN ZWART
STAART ZWART DONKERBRUIN KASTANJEBRUIN ROESTBRUIN LICHTBRUIN ZWART KOP ZILVERGRIJS ZACHTGRIJS ZACHTBRUIN MET ZILVEREN WAAS CREME MET ZILVEREN WAAS WIT MET CREME WAAS GRIJS AZUURKLEURIG OGEN ZWART ZWART KASTANJEBRUIN DONKERBRUIN ROOD ZWART RUG BRUIN BRUIN LICHTBRUIN WARMCREME WIT MET CREME WAAS GRIJS VLEUGELS BRUIN GRIJSACHTIG BEWAASD BRUIN LICHTBRUIN WARMCREME WIT MET CREME WAAS DONKERGRIJS BORST EN BUIK AARSSTREEK EN ONDERSTAART LICHTBRUIN MET ROZE WAAS LICHTBRUIN MET ROZE WAAS LICHTBRUIN WARMCREME WIT MET LICHTCREME WAAS CREMEKLEURIG CREMEKLEURIG CREMEKLEURIG CREMEKLEURIG WIT WIT GRIJSACHTIG EENKLEURIG TERUGKERENDE FOUTEN Te bleke snavel Te bleke of niet éénkleurige borst Niet doorgekleurde vleugels Te bleke teugels Te bleke poten Te bleke snavel Te bleke tekening grondkleur te fel opgebleekt Te bleke snavel Te bleke of niet éénkleurige borst Bef en broek te bleek Niet doorgekleurde vleugels Te bleke teugels Te bleke poten Te bleke snavel Te bleke bef of niet éénkleurig Te bleke teugels Totaalkleur te bleek Te bleke poten Te bleke snavel Bef te bleek of niet éénkleurig Tekening mist contrast Te bleke poten Te bleke snavel Te bleke of niet éénkleurige borst Niet doorgekleurde vleugels Te bleke teugels Sporen van Phaeomelanine op de buik Bleke poten Note : Poten, nagels en stuit blijven onveranderd onder elke mutatie.. De rode snavelkleur bij de ondersoort Hecki en de gele snavelkleur bij de nominaatvorm blijven onveranderd bij elke mutatie. De poppen hebben over t algemeen minder schitterende kleuren. In de wangen en op de kruin heeft de kleurtoon niet de klassieke paarlemoeren schijn. SPITSSTAART AMANDINE KLASSIEK De spitsstaart amandine heeft een chromatische structuur die voor 100 % intact is met volgende pigmenten : (EU) Eumelanine (PH) Phaeomelanine en (LIP) Lipochroom. De aanwezigheid van de bruine eumelanine (ongeveer 4 % - ten hoogste 8 %) kan worden verwaarloosd, daar deze zich niet manifesteert maar overlapt wordt door de EU en de PH. In elk geval is de aanwezigheid van de bruine eumelanine verschillend in verschillende kleurvelden.
De ondersoort Hecki is dominant over de nominaatsvorm. SPITSSTAART AMANDINE BRUIN Geslachtsgebonden recessieve mutatie, die de werking van de eumelaninen verhindert waardoor deze niet de zwarte kleur bekomen maar in hun maximale chromatische vorm als bruin voorkomen. Oxydatie gebeurt zoals bij de klassieke vorm, EU 100 % (het gaat hier om de bruine eumelanine) ; PH 100 % ; LIP 100 %. SPITSSTAART AMANDINE TOPAAS Autosomaal recessieve vererving ( allele phaeomelanine) waardoor de werking van de phaeomelanine op bijna volle sterkte en de verminderde aanwezigheid van de eumelanine (ongeveer 50 %). Wijziging van de EU tusssen 50 en 70% ; PH 100% ; LIP 100%. SPITSSTAART AMANDINE PHAEO Mutatie recessief autosomaal die als eigenschap heeft de eumelanine te belemmeren en gelijktijdig de werking toestaan van de phaeomelanine. Dit uit zich door de phaeomelanine binnen een bruine kleurtonaliteit met een duidelijk contrast. EU volledige belemmering ; PH 100% ; LIP 100%.
SPITSSTAART AMANDINE INO (Crème-ino) Recessief geslachtsgebonden vererving. De zwarte eumelanine en de phaeomelanine verdwijnen volledig, met een gedeeltelijke aanwezigheid van de bruine eumelanine. EU : niet aanwezig; EU bruin gedeeltelijk aanwezig;ph niet aanwezig; LIP 100%. SPITSSTAART AMANDINE GRIJS Recessief autosomale vererving. De mutatie heeft als kenmerk de afwezigheid van de phaeomelanine en de maximale aanwezigheid van de zwarte eumelanine. EU 100%. ; PH getransformeerd naar EU zwart 100% ; LIP 100%.
Réunion des experts EXPERTS C.O.M. / O.M.J. - Allemands, Belges, Espagnols, Français, Italiens, Néerlandais, Suisses et Portugais (auditeurs libres), - tenu à Massy Palaiseau (France) le 30/31 Mars et 1er Avril 2007. Le standard a été réalisée pour avoir une référence unique et importante pour tous les juges O.M.J. et pour tous les éleveurs. La mise à jour de ces standards sera effectuée régulièrement. President O.M.J Responsable sections F Pierre Groux Alessandro Paparella Propriété de la C.O.M. / O.M.J. Reproduction en tout ou en partie strictement interdite Bibliographie : C.T.N./I.E.I. de la FOI - Italie Photos archives et elaboration / adaptation mr. A. Paparella