Australische prachtvinken
|
|
|
- Christel Wouters
- 7 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Standaard: Australische prachtvinken Uitgave december 2010 Australische prachtvinken Pagina 1 van 14
2 Index Voorwoord..2 Spitsstaartamadine DE INDEX WORDT ALS LAASTE VOOR HET DEFINITIEF MAKEN INGEVULD Australische prachtvinken Pagina 2 van 14
3 VOORWOORD In 1984 schreef de toenmalige Technische Commissie Tropische vogels: "Gezien de algehele ontwikkeling van de kweek met de Australische prachtvinken, die vooral de laatste jaren, mede door het uitvoerverbod van deze vogels uit Australië sinds 1960, meer en meer onderhevig zijn geworden aan het domesticatieproces, achtte de T.C. van de Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers het thans wenselijk voor deze groep van vogels een standaard samen te stellen." Welke vlucht dit domesticatie proces zou nemen, kon deze T.C. in 1984 onmogelijk overzien. De veelheid aan mutaties, welke zijn ontstaan, maken het in 1998, amper 14 jaar later, noodzakelijk deze standaard volledig te herzien. De laatste twee jaar is in ruime mate onderzoek gedaan naar de achtergrond van deze ontwikkelingen. Tevens is getracht, gezien het feit dat deze nieuwe standaard voor het komende decennium de leidraad voor keurmeester en kweker zal zijn, reeds nu in te spelen op ontwikkelingen in het meest prille stadium. Zo zijn reeds diverse kleurslagen beschreven, welke nog slechts in een zeer experimenteel stadium verkeren. Voor deze kleurslagen zijn de omschrijvingen dan ook meer een theoretische voorstelling, welke zeker nog zal evalueren. Het betreft hier ondermeer de pastel diamantvink, Emblema guttata en de pastel bruine binsenastrilde, Neochmia r. ruficauda. Maar ook wordt reeds aandacht besteed aan een donkerbuik spitsstaartamadine, Poephila a. hecki, waarvan op dit moment wordt onderzocht of deze spontaan opgetreden afwijking een mutatie, dan wel een modificatie betreft. In de standaard van 1984 waren ook nog de rietvinken van het genus Lonchura opgenomen. Om versnippering van dit genus te voorkomen, zijn de rietvinken in 1995 opgenomen in de standaard Lonchura's. Voor het genus Erythrura, de papegaai-amadines zal binnen afzienbare tijd een zelfstandige standaard verschijnen. Gezien de omvang van, zowel de standaard Australische prachtvinken, als de nieuwe standaard Erythrura, is dit verantwoord en blijft in beide gevallen de standaard overzichtelijk en hanteerbaar. De medewerking aan deze standaard, van kwekers en kenners van de Australische prachtvinken, is als boeiend en leerzaam ervaren. Indien de werkgroep, uit naam van het bestuur van de Keurmeestervereniging Tropische vogels en Parkieten, informatie of medewerking verzocht aan collega hobbyisten, was dit nimmer vergeefs. Het is dan ook goed een ieder voor de bijdrage aan deze standaard te bedanken. In het bijzonder dient echter de werkgroep Australische prachtvinken, bestaande uit de heren B. Bosch, P. van den Hooven en H. van de Weerdhof te worden bedankt. Deze standaard is grotendeels door hun inbreng en inzet tot stand gekomen. Zoals elke standaard, zal ook deze standaard periodiek herzien, bijgewerkt en/of uitgebreid moeten worden. Dit mag geen bezwaar zijn, daar de uitgave geschiedt in een losbladig systeem. Deze nieuwe standaard vervangt de in 1984 uitgegeven standaard Australische prachtvinken. Tenslotte spreekt het bestuur van de KMV-TP de hoop uit, dat deze geheel herziene standaard stimulerend mag werken op de ontwikkelingen bij de kweek en de keuring van de Australische prachtvinken. Bergen op Zoom, oktober De KMV. Tropische vogels en Parkieten. VOORWOORD BLA bla bla bla bla December De Keurmeester Vereniging Tropische vogels en Parkieten. Australische prachtvinken Pagina 3 van 14
4 BIJ HET HOOFDSTUK POEPHILA. Keurmeestervereniging T&P. Het genus Poephila (grasvinken) bestaat uit 4 soorten, met ieder één ondersoort. De spitsstaartamadine, Poephila acuticauda en de gordelgrasvink, Poephila hecki, zijn twee zeer nauw verwante soorten binnen dit genus. Ook de zebravink, Poephila guttata wordt in dit genus ondergebracht. Door de zeer ver gevorderde domesticatie is voor de zebravink, al enige decennia geleden, een eigen standaard door de N.B.v.V. opgesteld en onderhouden. De zebravink is dan ook in deze standaard niet opgenomen. Door enige ornithologen wordt de bichenowastrilde, Stizoptera bichenovii, ook tot de grasvinken gerekend. Wij verkiezen er nu nog voor de bichenowastrilde als eigen soort te beschrijven. 1. spitsstaartamadine, Poephila a. acuticauda. 2. spitsstaartamadine, Poephila a. hecki. De geelsnavel spitsstaartamadine, welke de nominaatvorm is, komt in Nederland in mindere mate voor dan de roodsnavel spitsstaartamadine. Nadat na 1960 de uitvoer uit Australië is stopgezet, is in de Nederlandse kweekkooien de nominaatvorm met de roodsnavel spitsstaartamadine vermengd geraakt. Door de inzet van enkele kwekers is, door middel van zeer streng selecteren, een aantal kenmerkende aspecten van de nominaatvorm weer vastgelegd. De spitsstaartamadines hebben, al dan niet gewild, door veelvuldige kweek, zowel een negatieve als positieve kweekselectie ondergaan. Het gevolg is afwijkingen in formaat, model, kleur en tekening. Alleen al door deze feiten kan gesteld worden, dat binnen het keursysteem, de spitsstaartamadine een vogel is, welke in deze standaard "Australische prachtvinken" met recht als cultuurvogel mag worden aangemerkt. Naast de variatiebreedte binnen de soort is, als gevolg van de domesticatie, ook een aantal kleurmutaties ontstaan. De beschreven standaard van de spitsstaartamadine zal dan ook uiteen vallen in diverse paragrafen te weten: 1. Algemeen. 2. Erfelijkheid en veerstructuur. 3. Fysieke standaard. 4. Beschrijving van de tekeningonderdelen. 5. Beschrijving van de kleurslagen. 3. Gordelgrasvink, Poephila c. cincta. 4. Zwartstuit gordelgrasvink, Poephila c. atropygialis. De gordelgrasvink heeft de laatste decennia hetzelfde domesticatieproces doorgemaakt als de spitsstaartamadine. De beschreven standaard van de gordelgrasvink zal dan ook plaatsvinden door middel van dezelfde paragrafen als bij de spitsstaartamadine. De zwartstuit gordelgrasvink komt in Nederland nauwelijks voor. Er is dan ook voor gekozen om alleen van de wildkleur een beschrijving in de standaard op te nemen. In Nederland wordt de zwartstuit gordelgrasvink ook wel Diggles grasvink genoemd. In de standaard kiezen wij echter voor de naam zwartstuit gordelgrasvink. Soms treft men (voornamelijk in Duitse) literatuur een andere ondersoort aan, de Poephila. c. nigrotecta. Deze ondersoort leeft samen met de Poephila. c. atropygialis op het York-schiereiland. Duidelijke verschillen tussen deze twee ondersoorten worden echter nergens aangegeven. In deze standaard gaan wij, wat deze ondersoorten betreft, uit van een variatiebreedte en beperken ons tot de Poephila. c. atropygialis. 5. Maskeramadine, Poephila p. personata. 6. Witoor maskeramadine, Poephila p. leucotis. Als soort is de maskeramadine minder nauw verwant dan de spitsstaartamadine en de gordelgrasvink onderling. De kweek van de maskeramadine is wat minder veelvuldig als bij deze soorten. De witoor maskeramadine wordt in Nederland op zeer bescheiden schaal pas sinds 1994 gekweekt. Het was de heer Keijzer uit Utrecht, die deze ondersoort voor het eerst tijdens "Vogel 95" showde. Zowel van de nominaatvorm als de ondersoort zal alleen een wildkleur omschrijving worden opgenomen in de standaard. Australische prachtvinken Pagina 4 van 14
5 GEELSNAVEL SPITSSTAARTAMADINE, Poephila a, acuticauda ROODSNAVEL SPITSSTAARTAMADINE, Poephila a, hecki Keurmeestervereniging T&P. ALGEMEEN: Nederland s: Duits: Engels: Frans: Nederlands : Duits: Engels: Frans: spitsstaartamadine. Gelbschnabelige Spitzschwanzamadine. Yellow-billed Long-tailed Finch / Hecks grassfinch. Diamant a longue queue. spitsstaartamadine. Rotschnabelige Spitzschwanzamadine. Red-billed Long-tailed Finch / Hecks grassfinch. Diamant a longue queue. Het verspreidingsgebied van de roodsnavel spitsstaartamadine is geheel Noordwest Australië, de geelsnavel spitsstaartamadine komt voor in Noord-Australië. De spitsstaartamadines leven vooral in de droge steppen en eucalyptussavannen. De spitsstaartamadines leven het gehele jaar sociaal in zwermen. Het voedsel bestaat uit half rijpe en rijpe graszaden. Het eten gebeurt bijna volledig vanaf de grond. De broedperiode is tijdens de regentijd, het voedsel bestaat dan veelal uit termieten. Het nest wordt gemaakt in takken van hoge bomen. Het nestmateriaal bestaat uit grashalmen, plantenwol en witte veren. Het aantal eieren bedraagt 5 tot 6 en de ouders voeren de jongen bijna uitsluitend termieten. ERFELIJKHEID EN VEERSTRUCTUUR: De veerstructuur van de spitsstaartamadine is te verdelen in een vijftal veergroepen. In deze veergroepen is het pigment bezit als volgt vastgelegd. Kop: De bevedering van de kop bevat eumelanine en mogelijk een zeer beperkte hoeveelheid phaeomelanine. Teugel, keel, broektekening en staartpennen: De bevedering bevat veel zwart eumelanine, een beperkte hoeveelheid bruin eumelanine, evenals roodbruin phaeomelanine. Borst, buik en flanken: De bevedering bevat phaeomelanine en een beperkte hoeveelheid eumelanine. Rug- en vleugeldek: De bevedering bevat phaeomelanine en een beperkte hoeveelheid eumelanine, welke in de vleugelpennen wat groter is en toeneemt in de grote vleugel Stuit, onder- en bovenstaartdekveren: De bevedering van het bovenstaartdek is wit, alleen de onderstaartdekveren bevatten een beperkte hoeveelheid phaeomelanine Naast het bezit van pigment in de bevedering, bezit de spitsstaartamadine carotenoïde in de hoorndelen Bij de spitsstaartamadine kent men de volgende mutaties: Bruinmutatie: De oorsprong van de bruinmutatie bij de spitsstaartamadine is door ons niet achterhaald, maar zal gevonden worden midden jaren zeventig, van de vorige eeuw. Grijsmutatie: In 1993 is in midden Italië een aantal spitsstaartamadines aangetroffen (zowel in de wildkleur als in combinatie met de spitsstaartamadine roodbruin), waarbij alle phaeomelanine uit de bevedering verdwenen is. Het eumelanine bezit blijft onaangetast. Het gevolg van deze mutatie is een spitsstaartamadine met zwarte tekening, een zeer licht grijs rugdek en een nagenoeg witte buik. Roodbruinmutatie: De roodbruinmutatie werd tot op heden ten onrechte isabel genoemd. De oorsprong van de roodbruinmutatie bij de spitsstaartamadine is door ons niet achterhaald, maar zal gevonden worden begin jaren zeventig, van de vorige eeuw. De naamgeving isabel is gebaseerd op het zichtbare gevolg van de mutatie. Een gereduceerd kleurbeeld, voorzien van zachte bruintinten. Wanneer naar de gevolgen van de isabelmutatie op het pigment bezit wordt gekeken, is duidelijk, dat het hier in theorie een roodbruinmutatie betreft. Middels de kweek van hybriden met de roodbruine Japanse meeuw is dit bewezen. Pastelmutatie: Begin jaren negentig van de vorige eeuw werd door de heren Panjer uit Veghel en van den Hooven uit Zwolle geëxperimenteerd met lichte spitsstaartamadines die werden geboren uit een stam roodbruine vogels. Er werd uitgesloten dat het hier een pastelmutatie betrof. De kweekervaring heeft echter geleerd dat het een combinatie van bruin en roodbruin was. Inomutatie: De oorsprong van de inomutatie bij de spitsstaartamadine voert ons terug naar eind jaren zeventig, van de vorige eeuw. Door liefhebbers werd middels hybridekweek met de gordelgrasvink de inomutatie toegevoegd aan het genen bestand van de spitsstaartamadine. Door het bezit aan bruin eumelanine ontstaat een ino-crème kleurvogel met pruimrode ogen. Albinomutatie: De albinomutatie komt op dit moment in Nederland niet voor. Voorkomende vogels blijken steeds weer roodbruine-ino s te zijn die op het bezit van zo min mogelijk pigment zijn geselecteerd. Bleeksnavelmutatie: De bleeksnavelmutatie onttrekt zich momenteel in Nederland aan het experimentele stadium. Deze, soms minder soms sterk tot de verbeelding sprekende mutatie, heeft een zeer sterke reductie van het carotenoïde bezit in de snavel tot gevolg. Australische prachtvinken Pagina 5 van 14
6 Wit, met zwarte tekening. In Australië komt sinds eind jaren tachtig, van de vorige eeuw een mutatie voor, welke het pigment, op de tekeningveervelden na, volledig reduceert. Het gevolg is een witte spitsstaartamadine, met zwarte tekening. Dit is een zeer contrasterende kleurslag, welke echter nog niet in Europa aanwezig is. Donkerbuikmutatie. In 1997 is in midden Nederland een aantal spitsstaartamadines aangetroffen met een buikkleur, welke overeenkomt met de rugdekkleur. Uit de kweekpraktijk is gebleken dat het een mutatie betrof die voeding afhankelijk getoond werd. Nog ziet men zo nu en dan van deze exemplaren. In deze standaard is de donkerbuik echter niet opgenomen als gevraagde kleurslag. Topaasmutatie: In Italië is al een tiental jaren sprake van een topaasmutatie. Tot op dit moment is het bestaan er van echter onduidelijk. Momenteel wordt door Mark Camps uit Deurne kweektechnisch het bestaan van deze mutatie onderzocht, aan de hand van een aantal ingevoerde exemplaren. Vooralsnog is deze mogelijke mutatie niet als kleurslag in de standaard uitgewerkt. Voor de vererving en het gevolg van de afzonderlijke mutaties op de veerstructuur wordt verwezen naar de standaard; mutatiestandaard Australische prachtvinken. FYSIEKE STANDAARD VAN DE SPITSSTAARTAMADINE. Formaat: Een spitsstaartamadine moet een forse indruk geven en minimaal 17 cm lang zijn, inclusief de verlengde staart Het formaat moet zijn aangepast aan het model van de vogel. Model: Een spitsstaartamadine moet een robuuste gestalte bezitten. De onderlinge lichaamsverhoudingen mogen niet storend op elkaar inwerken. Van opzij gezien moet de borstlijn, vanaf de hals tot aan de inzet van de poten, regelmatig gebogen zijn. De rug moet, vanaf de nek tot aan de punt van de staart, een bijna rechte lijn vormen. De twee middelste staartpennen mogen iets gekromd zijn. De borst is tamelijk zwaar en van voren goed rond. Het achterlijf mag niet de indruk wekken zwaar, of uitgezakt te zijn. De kop moet een ronde, gebogen lijn vormen, zonder afplattingen. Van voren gezien moet de kop een goede breedte bezitten. De kop - neklijn is een iets gebogen lijn. Houding: Een spitsstaartamadine moet rustig op stok zitten, onder een hoek van ongeveer 30 met het horizontaal. Het doorzakken van de poten is fout. De vleugels moeten strak langs het lichaam worden gedragen. De vleugelpunten moeten sluiten op de stuit. Conditie: Een goede lichamelijke conditie is een eerste vereiste. Poten: De poten moeten recht en stevig zijn, zonder verruwingen of vergroeiingen. De tenen klemmen stevig om de stok. Aan elke poot bevinden zich vier tenen, waarvan 3 naar voren en 1 naar achteren zijn gericht. Aan elke teen bevindt zich een iets natuurlijk gekromde nagel. Ringmaat: 2,7 mm.. Snavel: De snavel van een spitsstaartamadine moet kegelvormig zijn?????, zonder beschadigingen. De onder- en bovensnavel moeten goed op elkaar sluiten. De lijn snavel - schedel moet vloeiend verlopen. Bevedering: De bevedering van een spitsstaartamadine dient kompleet te zijn en wordt gaaf en aaneengesloten gedragen. Een spitsstaartamadine met slijtage aan de veren of vuile bevedering komt niet in aanmerking voor een hoge puntenwaardering. Staart: De staart is lancetvormig. De beide middelste staartpennen zijn minimaal 3 cm verlengd en hebben naalddunne uiteinden. TEKENINGPATROON: Teugel: De oogteugel loopt van de zijkant van de snavel tot aan het oog en heeft de breedte van het oog. Bef: De bef is peervormig, begint aan de basis van de ondersnavel en heeft hier ook de breedte van de ondersnavel. De peervorm is het smalst aan de snavelbasis. De afscheiding van de bef wordt gevormd door een scherpe en regelmatig gebogen lijn, welke loopt van snavelbasis tot snavelbasis. De peervorm is bij de man duidelijk breder dan bij de pop. Broektekening: De scherp afgetekende broektekening loopt door over de rug, als een band tussen de rug en de witte stuit. De broektekening loopt van pootinplant tot pootinplant. De broektekening loopt bij de pootinplant uit in een punt. De broektekening wordt waargenomen als een driehoek, welke zichtbaar is vanaf de vleugelrand tot aan de pootinplant. Staarttekening: De buitenste staartpennen vertonen aan de onderzijde witte punten. Australische prachtvinken Pagina 6 van 14
7 KLEURSTANDAARD Keurmeestervereniging T&P. Spitsstaartamadine: Man en Pop: Kleurslag: Voorhoofd, kruin en wangstreek: wildkleur: wildkleur: bruin: bruin: grijs: Zilvergrijs. Koud zilvergrijs. Lichtbruin, met zilverachtige gloed. Koud lichtbruin, met zilverachtige gloed. Zuiver zilvergrijs. Achterkop en nek: Blauwachtig grijs. Koud blauwachtig grijs. Lichtbruin. Koud lichtbruin. Helder blauwachtig grijs. Borst, buik en flanken: Lichtbruin, met een Lichtbruin, met een Lichtbruin. Lichtbruin. Wit, met op de borst wijnrode gloed. lichte wijnrode gloed. een lichte zilvergrijze grijs: Koud zilvergrijs. Koud blauwachtig grijs. Wit, met op de borst een lichte zilvergrijze waas. waas. Koudbruin. Lichtbruin. Koud lichtbruin. Zeer licht zilvergrijs. Zeer licht zilvergrijs. Mantel: Bruin, met een wijnrode gloed. Rug- en vleugeldek: Bruingrijs, met een Koud bruingrijs. Lichtbruin. Koud lichtbruin. Licht zilvergrijs. Licht zilvergrijs. wijnrode gloed. Vleugelpennen: Bruin, met een lichtere Koudbruin, met een Bruin, met een lichtere Koud bruin, met een Licht zilvergrijs, met buitenvlag. lichtere buitenvlag. buitenvlag. lichtere buitenvlag. een lichtere buitenvlag. Stuit: Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Staart: Zwart. Zwart. Donkerbruin. Donkerbruin. Zwart. Zwart. Licht zilvergrijs, met een lichtere buitenvlag. Bovenstaartdekveren: Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Onderstaartdekveren: Crèmekleurig. Crèmekleurig. Crèmekleurig. Crèmekleurig. Wit. Wit. Poten: Rood. Lichtrood. Rood. Lichtrood. Rood. Lichtrood. Nagels: Roodachtig Lichtrood Roodachtig Lichtrood Roodachtig Lichtrood Snavel: Koraalrood. Okergeel. Koraalrood. Okergeel. Koraalrood. Okergeel. Ogen / Pupil: Donkerbruin / zwart. Donkerbruin / zwart. Donkerbruin / zwart. Donkerbruin / zwart. Donkerbruin / zwart. Donkerbruin /zwart. Teugel: Intens zwart. Intens zwart. Donkerbruin. Donkerbruin. Intens zwart. Intens zwart. Bef: Intens zwart. Intens zwart. Donkerbruin. Donkerbruin. Intens zwart. Intens zwart. Broek: Zwart. Zwart. Donkerbruin. Donkerbruin. Zwart. Zwart. Staart: Australische prachtvinken Pagina 7 van 14
8 Spitsstaartamadine: Man en Pop: Kleurslag: Voorhoofd, kruin en wangstreek: Achterkop en nek: roodbruin: roodbruin: ino-crème: Zacht roomkleurig, met een zilveren waas. Roomkleurig, met een zilveren waas. Zacht roomkleurig, met Roomkleurig, met een een zilveren waas. zilveren waas. Borst, buik en flanken: Beigebruin. Koud beigebruin. Warm roomkleurig, buik wit. ino-crème: albino: Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Roomkleurig, buik wit. Wit. Wit. albino: Mantel: Beigebruin. Koud beigebruin. Warm roomkleurig. Roomkleurig. Wit. Wit. Rug- en vleugeldek: Licht beigebruin. Licht koud beigebruin. Warm roomkleurig. Roomkleurig. Wit. Wit. Vleugelpennen: Crème, met iets Crème, met iets Roomkleurig, met een Roomkleurig, met een Wit. Wit. lichtere buitenvlag. lichtere buitenvlag. nauwelijks lichtere buitenvlag. nauwelijks lichtere buitenvlag. Stuit: Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Staart: Donkergrijs. Donkergrijs. Roomkleurig. Roomkleurig. Wit. Wit. Bovenstaartdekveren: Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Onderstaartdekveren: Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Poten: Rood. Lichtrood. Rood. Lichtrood. Rood. Lichtrood. Nagels: Roodachtig Lichtrood Roodachtig Lichtrood Roodachtig Lichtrood Snavel: Koraalrood. Okergeel. Koraalrood. Okergeel. Koraalrood. Okergeel. Ogen / Pupil: Donkerbruin / zwart. Donkerbruin / zwart. Rood. Rood. Rood. Rood. Tekening Teugel: Zwartbruin. Zwartbruin. Bruin. Bruin. Vuil wit. Vuil wit. Bef: Zwartbruin. Zwartbruin. Bruin. Bruin. Vuil wit. Vuil wit. Broek: Donkergrijs. Donkergrijs. Lichtbruin. Lichtbruin. Vuil wit. Vuil wit. Staart: N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. Australische prachtvinken Pagina 8 van 14
9 Spitsstaartamadine: Man en Pop Keurmeestervereniging T&P. Kleurslag: Voorhoofd, kruin en wangstreek: Bleeksnavel wildkleur: Bleeksnavel bruin: Bleeksnavel grijs: Zilvergrijs. Lichtbruin, met een zilverachtige gloed. Zuiver zilvergrijs. Achterkop en nek: Blauwachtig grijs. Lichtbruin. Helder blauwachtig grijs. Borst, buik en flanken: Lichtbruin, met een Lichtbruin. Wit, met op de borst lichte wijnrode gloed. een lichte zilvergrijze Mantel: Rug- en vleugeldek: Vleugelpennen: Bruin, met een lichte wijnrode gloed. Bruingrijs, met een lichte wijnrode gloed. Bruin, met een lichtere buitenvlag. Bleeksnavel roodbruin: Zacht roomkleurig, met een zilveren waas. Zacht roomkleurig met een zilveren waas. Beigebruin. Wit. Wit. Bleeksnavel ino-crème: waas. Lichtbruin. Zeer licht zilvergrijs. Beigebruin. Roomkleurig. Wit. Wit. Wit. Roomkleurig, buik wit. Wit. Lichtbruin. Licht zilvergrijs. Licht beigebruin. Roomkleurig. Wit. Bruin, met een lichtere buitenvlag. Licht zilvergrijs, met een lichtere buitenvlag. Crème, met iets lichtere buitenvlag. Roomkleurig, met een nauwelijks lichtere buitenvlag. Stuit: Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Staart; Zwart. Donkerbruin. Zwart. Donkergrijs. Roomkleurig. Wit. Wit. Bleeksnavel albino: Bovenstaartdekveren: Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Wit. Onderstaartdekveren: Crèmekleurig. Crèmekleurig. Wit. Wit. Wit. Wit. Poten: Rood, iets lichter dan de wildkleur. Rood, iets lichter dan de wildkleur. Rood, iets lichter dan de wildkleur. Rood, iets lichter dan de wildkleur. Rood, iets lichter dan de wildkleur. Rood, iets lichter dan de wildkleur. Nagels: Roodachtig Roodachtig Roodachtig Roodachtig Roodachtig Roodachtig Snavel: Hoornkleurig. Hoornkleurig. Hoornkleurig. Hoornkleurig. Hoornkleurig. Hoornkleurig. Ogen / Pupi:l Donkerbruin / zwart. Donkerbruin / zwart. Donkerbruin / zwart. Donkerbruin / zwart. Rood. Rood. Tekening Teugel: Intens zwart. Donkerbruin. Intens zwart. Zwartbruin. Bruin. Vuil wit. Bef: Intens zwart. Donkerbruin. Intens zwart. Zwartbruin. Bruin. Vuil wit. Broek: Zwart. Donkerbruin. Zwart. Donkergrijs. Lichtbruin. Vuil wit. Staart: N.v.t. N.v.t. Australische prachtvinken Pagina 9 van 14
10 KEURTECHNISCHE AANWIJZINGEN: Spitsstaartamadine: Man en Pop wildkleur: De spitsstaartamadine moet een forse indruk geven en minimaal 17 cm lang zijn, inclusief de minimaal 3 cm verlengde staartpennen, welke niet te lang kunnen zijn. Deze pennen dienen echter gelijk van lengte te zijn. Wel dient de lengte van de verlengde staartpennen, aangepast te zijn aan het model van de vogel. Het model dient robuust te zijn. De spitsstaartamadine mag door extra lange verlengde staartpennen niet iel gaan lijken. De verlengde staartpennen mogen iets gekromd zijn, wanneer deze gaan krullen dient dit bestraft te worden. De borst is tamelijk zwaar van model en van voren goed rond. Indien de borst echter gaat uitzakken is dit een verstoring van het model. De kop- / neklijn is een iets gebogen lijn. In de nek mag echter geen knik waarneembaar zijn. Het missen van één verlengde staartpen wordt bestraft met 1 punt bij bevedering, het missen van twee verlengde staartpennen wordt bestraft met 2 punten bij bevedering. In de rubriek formaat en model wordt deze fout verder niet bestraft. wildkleur: Hoewel een koraalrode snavelkleur gewenst is, is enige clementie bij het keuren aan te bevelen. Vaak is een lichtere rand voor de broektekening zichtbaar, dit is fout. Direct voor de broektekening dient de buikkleur aan te sluiten. Het kleurbeeld van de wildkleur dient vol en intens te zijn van een perfecte kleuregaliteit. Een bleke en vlekkerige kleur van borst, buik, mantel of rug- en vleugeldek, dient streng bestraft te worden. Jonge, nog niet volledig uitgekleurde vogels, herkent men aan een zwarte kleur van de poten en de snavel. De oogteugel loopt van de zijkant van de snavel tot aan het oog en heeft de breedte van het oog. Soms ziet men spitsstaartamadines, waarbij de teugel erg breed wordt en als het ware om het oog naar achter toe doorloopt. Dit is fout en dient bij tekening bestraft te worden. De bef is peervormig, de afscheiding van de bef wordt gevormd door een scherpe en regelmatig gebogen lijn, welke loopt van snavelbasis tot snavelbasis. Een rafelige of gespleten bef is fout en dient bestraft te worden. Soms echter zal blijken dat bij het bewegen van de kop, de bef de gewenste vorm aanneemt. Het beoordelen verlangt dan ook de nodige soepelheid. De broektekening wordt waargenomen als een driehoek, welke zichtbaar is vanaf de vleugelrand tot aan de pootinplant. Deze driehoek dient scherp van aftekening te zijn. Gezien de beperkte foutbronnen, welke de tekening van de spitsstaartamadine heeft, dient hier streng op gelet te worden. Het geslachtsverschil bij de wildkleur spitsstaartamadine is meestal te zien aan de iets kleinere peervormige bef, de iets donkerder zilvergrijze kop en wat koudere nekkleur van de pop. Over het algemeen is de pop iets kleiner dan de man. Fysiek dient de geelsnavel spitsstaartamadine volledig overeen te komen met de roodsnavel spitsstaartamadine, daarom wordt voor die keurtechnische aanwijzingen dan ook hier naar verwezen. Het betreft hier de nominaatvorm van de spitsstaartamadine. Door een beperkte reductie van het aantal melaninekorrels is de complete lichaamskleur een nuance kouder, dan bij de roodsnavel spitsstaartamadine. Bij de geelsnavel spitsstaartamadine dient de snavelkleur okergeel te zijn. De paring van een roodsnavel spitsstaartamadine aan een geelsnavel spitsstaartamadine dient te worden ontraden, daar dit in de nakweek alleen oranjekleurige snavels geeft, die conform de afspraken, bestraft dienen te worden. Alle tussenkleuren van licht- tot donker oranje zijn fout. De spitsstaartamadine met een oranje snavelkleur wordt gestraft met maximaal 3 punten in de rubriek kleur. Het kleurbeeld van de geelsnavel wildkleur dient vol en intens te zijn, van een perfecte kleuregaliteit. Een bleke en vlekkerige kleur van borst, buik, mantel of rug- en vleugeldek, dient streng bestraft te worden. Jonge, nog niet volledig uitgekleurde vogels, herkent men aan een zwarte kleur van de poten en de snavel. Wat tekening betreft dient de geelsnavel spitsstaartamadine volledig overeen te komen met de roodsnavel spitsstaartamadine, daarom wordt voor die keurtechnische aanwijzingen dan ook hier naar verwezen. Australische prachtvinken Pagina 10 van 14
11 bruin: bruin: grijs: De fysieke eisen, welke aan de roodsnavel bruine kleurslag gesteld worden, zijn in overeenstemming met de roodsnavel wildkleur. Voor de keurtechnische eisen wordt dan ook naar de roodsnavel wildkleur verwezen. Daarnaast dient bij de bruinmutatie vooral aandacht te worden besteed aan het model. Door hybridekweek in het verleden met de gordelgrasvink, zijn soms afwijkingen in het model waarneembaar. Vooral de staartvorm geeft vaak een indicatie of men met een raszuivere vogel, dan wel met een hybride vorm te maken heeft. De lancetvormige staart en de duidelijk priemvormig verlengde staartpennen dienen bij de bruine kleurslag, gelijk aan de wildvorm, duidelijk aanwezig te zijn. Bij de bruinmutatie valt steeds weer op, dat de verlengde middelste staartpennen slechts zelden voldoende van lengte zijn. Dit dient relatief soepel beoordeeld te worden. Het verdient aanbeveling, om bij ernstige twijfel, een zuivere wildkleur naast de mutant op de keurtafel te plaatsen. Hoewel een koraalrode snavelkleur gewenst is, is enige clementie bij het keuren aan te bevelen. De bruine kleur is van een pop minimaal warmer dan de bruine kleur van de man. Het kleurbeeld van de bruine kleurslag dient, meer nog dan bij de wildkleur, vol en intens te zijn van een perfecte kleuregaliteit. Een bleke en vlekkerige kleur van borst, buik, mantel of rug- en vleugeldek dient streng bestraft te worden. Jonge, nog niet volledig gekleurde vogels, herkent men aan een zwarte kleur van de poten en de snavel. Voor de keurtechnische aanwijzing betreffende de tekening, wordt verwezen naar de roodsnavel wildkleur. De kleur van de tekening dient zo donker mogelijk bruin te zijn. Hoewel de tekening van de pop iets lichter van kleur kan zijn, dient ook hier de voorkeur naar de diepst gekleurde exemplaren uit te gaan. De fysieke eisen, welke aan de geelsnavel bruine kleurslag gesteld worden, zijn in overeenstemming met de roodsnavel wildkleur. Voor de keurtechnische eisen wordt dan ook naar de roodsnavel wildkleur en -bruine verwezen. Voor de keurtechnische aanwijzingen wordt verwezen naar de roodsnavel bruin. Tevens geldt dat bij de mutaties in de geelsnavel variëteit de snavelkleur iets helderder geel zal zijn. Minimale kleurverschillen dienen daarom wel te worden aangemerkt, maar niet als fout te worden bestraft. Daarnaast zullen de mutanten, door de beperkte reductie van het aantal melaninekorrels, qua complete lichaamskleur een nuance lichter zijn, dan de mutaties bij de roodsnavel spitsstaartamadine. Jonge, nog niet volledig uitgekleurde vogels, herkent men aan een zwarte kleur van de poten en de snavel. Voor de keurtechnische aanwijzing betreffende de tekening, wordt verwezen naar de roodsnavel wildkleur. De kleur van de tekening dient zo donker mogelijk bruin te zijn. Hoewel de tekening van de pop iets lichter van kleur mag zijn, dient ook hier de voorkeur naar de diepst gekleurde exemplaren uit te gaan. De fysieke eisen, welke aan de roodsnavel grijze kleurslag gesteld worden, zijn in overeenstemming met de roodsnavel wildkleur. Voor deze keurtechnische eisen wordt dan ook naar de roodsnavel wildkleur verwezen. De kweek van de grijze kleurslag, onttrekt zich momenteel aan het experimentele stadium. Indien deze kleurslag ter keuring wordt voorgedragen, dient aandacht besteed te worden aan het zuiver grijs zijn van de diverse veervelden, ook is de kleuregaliteit van belang. Toch dient de grijze kleurslag voorlopig met de nodige clementie beoordeeld te worden. De vogel met de lichtste borst-, flank-, en buikkleur heeft de voorkeur. In de praktijk blijkt een kleine hoeveelheid zwart eumelanine in dit veerveld aanwezig te zijn, wat wordt waargenomen als een lichte zilvergrijze waas, vooral in het borstgedeelte. De aarsstreek is zuiver wit. Jonge, nog niet volledig uitgekleurde vogels, herkent men aan een zwarte kleur van de poten en de snavel. Voor de keurtechnische aanwijzing betreffende de tekening, wordt verwezen naar de roodsnavel wildkleur. Australische prachtvinken Pagina 11 van 14
12 grijs: roodbruin: roodbruin: De fysieke eisen, welke aan de geelsnavel grijze kleurslag gesteld worden, zijn in overeenstemming met de roodsnavel wildkleur. Voor de keurtechnische eisen wordt dan ook naar de roodsnavel wildkleur verwezen. De kweek van de grijze kleurslag onttrekt zich momenteel aan het experimentele stadium. Indien deze kleurslag ter keuring wordt voorgedragen, dient aandacht besteed te worden aan het zuiver grijs zijn van de diverse veervelden, ook is de kleuregaliteit van belang. Toch dient de grijze kleurslag voorlopig met de nodige clementie beoordeeld te worden. De vogel met de lichtste borst-, flank-, en buikkleur heeft de voorkeur. In de praktijk blijkt een kleine hoeveelheid zwart eumelanine in dit veerveld aanwezig te zijn, wat wordt waargenomen als een lichte zilvergrijze waas, vooral in het borstgedeelte. De aarsstreek is zuiver wit. Tevens geldt dat bij de mutaties in de geelsnavel variëteit de snavelkleur iets helderder geel zal zijn. Minimale kleurverschillen dienen daarom wel te worden aangemerkt, maar niet als fout te worden bestraft. Daarnaast zullen de geelsnavel mutanten, door de beperkte reductie van het aantal melanine korrels, qua complete lichaamskleur een nuance lichter zijn dan de mutaties bij de roodsnavel spitsstaartamadine. Voor de keurtechnische aanwijzing betreffende de tekening, wordt verwezen naar de roodsnavel wildkleur De fysieke eisen, welke aan de roodbruine kleurslag gesteld worden, zijn in overeenstemming met de roodsnavel wildkleur. Voor de keurtechnische eisen wordt dan ook naar de roodsnavel wildkleur verwezen. Bij de roodbruin mutatie dient vooral aandacht te worden besteed aan het model. Door hybride kweek in het verleden met de gordelgrasvink, zijn soms afwijkingen in het model waarneembaar. Vooral de staartvorm geeft vaak een indicatie of men met een raszuivere vogel, dan wel met een hybridevorm te maken heeft. De lancetvormige staart en de duidelijk priemvormig verlengde staartpennen dienen bij de roodbruine kleurslag, gelijk aan de wildvorm, duidelijk aanwezig te zijn. Het verdient aanbeveling om, bij ernstige twijfel, een zuivere wildkleur naast de mutant op de keurtafel te plaatsen. Het kleurbeeld van de roodbruine kleurslag dient, meer nog dan bij de wildkleur, vol en intens te zijn en van een perfecte kleuregaliteit. Een bleke- en/of vlekkerige kleur van borst, buik, mantel of rug- en vleugeldek dient streng bestraft te worden. Jonge, nog niet volledig uitgekleurde vogels, herkent men aan een zwarte kleur van de poten en de snavel. Voor de keurtechnische aanwijzing, betreffende de tekening, wordt verwezen naar de roodsnavel wildkleur. De kleur van de tekening dient zo donker mogelijk zwartbruin te zijn. Hoewel de tekening van de pop aanmerkelijk lichter van kleur kan zijn, dient ook hier de voorkeur naar de diepst gekleurde exemplaren uit te gaan. De fysieke eisen, welke aan de geelsnavel roodbruin kleurslag gesteld worden, zijn in overeenstemming met de roodsnavel wildkleur. Voor de keurtechnische eisen wordt dan ook naar de roodsnavel wildkleur verwezen. Voor de keurtechnische aanwijzingen van de kleur wordt verwezen naar de roodsnavel roodbruin. Daarnaast zullen de geelsnavel mutanten, door de beperkte reductie van het aantal melanine korrels, qua complete lichaamskleur een nuance lichter zijn dan de mutaties bij de roodsnavel spitsstaartamadine. Voor de keurtechnische aanwijzing betreffende de tekening, wordt verwezen naar de roodsnavel wildkleur Australische prachtvinken Pagina 12 van 14
13 ino-crème: ino-crème: Rood- en geelsnavel albino: Bleeksnavel kleurslagen: De fysieke eisen, welke aan de roodsnavel ino-crème kleurslag gesteld worden, zijn in overeenstemming met de roodsnavel wildkleur. Voor de keurtechnische eisen wordt dan ook naar de roodsnavel wildkleur verwezen. Het kleurbeeld van de ino-crème kleurslag dient, meer nog dan bij de wildkleur, vol en intens te zijn van een perfecte kleuregaliteit. Een bleke- en/of vlekkerige kleur van borst, buik, mantel of rug- en vleugeldek dient streng bestraft te worden Voor de keurtechnische aanwijzing, betreffende de tekening, wordt verwezen naar de roodsnavel wildkleur. De kleur van de tekening dient zo donker mogelijk zwartbruin te zijn. Hoewel de tekening van de pop aanmerkelijk lichter van kleur kan zijn, dient ook hier de voorkeur naar de diepst gekleurde exemplaren uit te gaan. De fysieke eisen, welke aan de geelsnavel ino-crème kleurslag gesteld worden, zijn in overeenstemming met de roodsnavel wildkleur. Voor de keurtechnische eisen wordt dan ook naar de roodsnavel wildkleur verwezen. Het kleurbeeld van de ino-crème kleurslag dient, meer nog dan bij de wildkleur, vol en intens te zijn van een perfecte kleuregaliteit. Een bleke- en/of vlekkerige kleur van borst, buik, mantel of rug- en vleugeldek dient streng bestraft te worden. Daarnaast zullen de geelsnavel mutanten, door de beperkte reductie van het aantal melanine korrels, qua complete lichaamskleur een nuance lichter zijn dan de mutaties bij de roodsnavel spitsstaartamadine. Voor de keurtechnische aanwijzing, betreffende de tekening, wordt verwezen naar de roodsnavel wildkleur. De kleur van de tekening dient zo donker mogelijk zwartbruin te zijn. Hoewel de tekening van de pop aanmerkelijk lichter van kleur kan zijn, dient ook hier de voorkeur naar de diepst gekleurde exemplaren uit te gaan Algemeen: In deze standaard wordt aangenomen, dat de albino kleurslag is verkregen door kweekselectie. Door steeds de lichtst gekleurde crème-ino spitsstaartamadines aan elkaar te paren, is een albino uiterlijk ontstaan. De rood- en geelsnavel albino worden in schaal 2 gekeurd op het gele keurbriefje. De fysieke eisen, welke aan de rood- en geelnavel albino gesteld worden, zijn in overeenstemming met de roodsnavel wildkleur. Voor de keurtechnische eisen wordt dan ook naar de roodsnavel wildkleur verwezen. Bij het keuren dient streng gelet te worden op restanten pigmentbezit, dit dient streng bestraft te worden. De rood- en geelsnavel albino dient een zuiver witte bevedering te tonen. Door de iets afwijkende veerstructuur van, vooral de bef en teugel, zijn de contouren van deze tekening wel waar te nemen. Dit mag niet als fout worden aangemerkt. De kleur van deze onderdelen dient echter volkomen wit te zijn. Algemeen: De kweek van de bleeksnavel mutatie bevindt zich in een zeer experimenteel stadium. Wat betreft keurtechnische aanwijzingen wordt verwezen naar de overeenkomstige roodsnavel kleurslagen, waarbij moet worden uitgegaan van een zuiver hoornkleurige snavelkleur en een pootkleur, die fractioneel lichter is dan bij de wildkleur. Australische prachtvinken Pagina 13 van 14
14 Herkenningsbeschrijving nieuwe te vormen kleurslagen. Nu dat de grijsmutatie bij de spitsstaartamadine langzaam maar zeker enige vaste grond onder voeten krijgt, worden ook de eerste pogingen gedaan om de grijsmutatie te combineren met andere mutaties. In dit verband wordt voor enkele van deze combinaties een herkenningsbeschrijving gegeven. Rood- en geelsnavel bruin-grijs: Rood- en geelsnavel roodbruin-grijs: Rood- en geelsnavel ino-grijs: De combinatie van bruin en grijs behoort zeker tot de mogelijkheden. De grijsmutatie voorkomt het opnemen van het roodbruin phaeomelanine in de bevedering van de spitsstaartamadine. Het gevolg is dat de spitsstaartamadine enkel nog gekleurd wordt door zwart- en bruin eumelanine. Wanneer dit gecombineerd wordt met de bruinmutatie zal het zwarte eumelanine niet langer meer uitkleuren tot zwart maar blijven steken in een bruine kleur. De tekening van de bruin-grijze spitsstaartamadine zal in kleur overeenkomen met de tekening van een bruine spitsstaartamadine en daarmee donkerbruin zijn. De mantelkleur zal gevormd worden door de beperkte hoeveelheid eumelanine, die door de bruinmutatie ook niet langer zilvergrijs oogt. maar koud bleek beigebruin. De buikkleur zal door dezelfde reden wit zijn, met een beige waas. De combinatie van roodbruin en grijs is al geshowd. De roodbruine kleurslag bij de spitsstaartamadine bevat enkel nog roodbruin phaeomelanine en bruin eumelanine in de bevedering. Wanneer de grijs- en roodbruinmutatie gecombineerd worden, ontstaat dezelfde kleurslag als bij de roodgrijze Japanse meeuw. De spitsstaartamadine heeft in de tekening een aanmerkelijke hoeveelheid bruin eumelanine, waardoor een beigebruine tekeningkleur zal ontstaan. De mantel zal een koud en licht gekleurd beige tonen, de buik zal nagenoeg wit zijn. Ook de combinatie van ino en grijs behoort tot de mogelijkheden. Door selectief gebruik van goed diepgekleurde ino-crème spitsstaartamadines zal in de combinatie een kleurbeeld ontstaan, wat we kennen van de ino-grijze combinatie bij de Japanse meeuw. De lichaamskleur is crèmewit, met een zeer lichte zilvergrijze waas en de tekening is fractioneel donkerder, maar zeker herkenbaar door de andere veerstructuur van de bef en teugel. Australische prachtvinken Pagina 14 van 14
GORDELGRASVINK, Phoephila c. cinta. ZWARTSTUIT GORDELGRASVINK, Phoephila c. atropygialis.
GORDELGRASVINK, Phoephila c. cinta. ZWARTSTUIT GORDELGRASVINK, Phoephila c. atropygialis. Algemeen: Nederlands: Duits: Engels: Frans: Nederlands: Duits: Engels: Frans: Gordelgrsvink. Gürtelamadine. Black-throated
Standaard: Australische prachtvinken. Uitgave Revisie zomer 2018
Standaard: Australische prachtvinken Uitgave 2012-2018 Revisie zomer 2018 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 VOORWOORD 1998.... 3 VOORWOORD 2012.... 3 VOORWOORD 2018... 3 SPITSSTAARTAMADINE Man en Pop:...
Standaard: Australische prachtvinken
Standaard: Australische prachtvinken Uitgave 2012. Inhoudsopgave KMV tropische vogels en parkieten Inhoud 2 Voorwoord 3 Bij het hoofdstuk Phoephila 4 De Spitsstaartamadine 5 De Gordelgrasvink 15 De Maskeramadine
BIJ HET HOOFDSTUK STIZOPTERA.
BIJ HET HOOFDSTUK STIZOPTERA. Het genus Stizoptera beslaat één soort, met een ondersoort, welke hun thuis hebben in Noord- en Oost Australië. Bichenowastrilde, Stizoptera b. bichenovii. Zwartstuit bichenowastrilde,
GESCHILDERDE ASTRILDE, Emblema, picta
GESCHILDERDE ASTRILDE, Emblema, picta Keurmeestervereniging T&P. ALGEMEEN: Nederlands: Duits: Engels: Frans: Geschilderde astrilde. Gemalter astrild. Painted Firetail. Embleme peint. De Geschilderde astrilde
BIJ HET HOOFDSTUK NEOCHMIA.
BIJ HET HOOFDSTUK NEOCHMIA. Het genus Neochmia bestaat uit twee soorten, met respectievelijk één en drie ondersoorten. De Binsenastrilde werd in het verleden gezien als de enige vertegenwoordiger van het
Bij het hoofdstuk Emblema.
Bij het hoofdstuk Emblema. Keurmeestervereniging T&P. Het genus Emblema bestaat uit een viertal soorten. De diamantvink, Emblema guttata, is in gevangenschap in Europa de meest voorkomende vertegenwoordiger
KEURTECHNISCHE AFSPRAKEN STAMMEN / STELLEN - EN ENKELINGEN 3 OVERZICHT STANDAARDKLEUREN SPITSSTAARTAMADINE 6
INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE 1 VOORWOORD 2 KEURTECHNISCHE AFSPRAKEN STAMMEN / STELLEN - EN ENKELINGEN 3 KEURBRIEFJE 3 VOORRANGREGELS 3-4 SPITSSTAARTAMADINE 4 OMSCHRIJVING RUBRIEKEN 5 OVERZICHT STANDAARDKLEUREN
Gedomesticeerde Afrikaanse- en Aziatische prachtvinken
Standaard Gedomesticeerde Afrikaanse- en Aziatische prachtvinken Zilverbek. Loodbek. Parelhalsamadine. Rijstvogel. Timor rijstvogel. Bandvink. Ekstertjes. Uitgave 2012 KMV T&P. Pagina 1 van 62 Inhoudsopgave:
standaardeisen DIAMANTDUIVEN
standaardeisen DIAMANTDUIVEN Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers uitgave voorjaar 990 INHOUDSOPGAVE: Voorwoord... 2 Standaard... 3 Keurtechnische aanwijzingen... 4 Kleurstandaard Bruin... 5 Bruinpastel...
ZILVERBEKJES RIJSTVOGELS 2001 VOORWOORD.
ZILVERBEKJES RIJSTVOGELS 2001 VOORWOORD. In 1974 werd een zeer beknopte standaard zilver- en loodbekjes uitgegeven, in 1982 gevolgd door de standaard rijstvogels. Begin negentiger jaren ontstaat de behoefte
Voorzitter van de Keurmeestersvereniging,
VOORWOORD KEURMEESTERSVERENIGING A.N.B.v.V. Het is voor mij als voorzitter van de keurmeesters vereniging een grote eer deze STANDAARDEISEN RIJSTVOGELS bij u te introduceren. Om bij te blijven is het noodzakelijk
STANDAARDEISEN RIJSTVOGELS K.B.O.F. K.B.O.F.
STANDAARDEISEN RIJSTVOGELS UITGAVE 2012 Voorwoord. Gezien de ontwikkeling die de kweek van rijstvogels de laatste jaren heeft ondergaan is door de Technische Commissie Exoten KBOF beslist de bestaande
Standaard: Mutaties Australische prachtvinken.
Standaard: Mutaties Australische prachtvinken. Uitgave 2012 INHOUDSOPGAVE Voorwoord 2 Een overzicht van met zekerheid voorkomende mutaties 3 Bruin. 5 Agaat. 6 Geslachtsgebonden ino... 7 Isabel. 8 Opaal.
Standaard: Mutaties Australische prachtvinken. Uitgave
Standaard: Mutaties Australische prachtvinken. Uitgave 2012-2018 Inhoudsopgave Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE... 2 VOORWOORD.... 2 VOORWOORD 2018... 2 GESLACHTSGEBONDEN EN RECESSIEVE VERERVING:... 3 AUTOSOMALE
INDEX. Standaardeisen Gouldamadines 1997 A.N.B.v.V. 1
INDEX Omschrijving Pagina INDEX...1 VOORWOORD...2 KEURTECHNISCHE AFSPRAKEN / KEURBRIEFJE...3 ALGEMENE GEGEVENS...4 OMSCHRIJVING RUBRIEKEN...4 ALGEMENE KEURTECHNISCHE AANWIJZINGEN RUBRIEKEN...4 OVERZICHT
TECHNISCHE COMMISSIE TROPISCHE VOGELS EN PARKIETEN, TECHNISCH BULLETIN 2015.
TECHNISCHE COMMISSIE TROPISCHE VOGELS EN PARKIETEN, TECHNISCH BULLETIN 2015. Versie, d.d. 1-08-2015. TB 2015 Pagina 1 van 19 TECHNISCHE COMMISSIE TROPISCHE VOGELS EN PARKIETEN, TECHNISCH BULLETIN 2015.
Gezamenlijke standaardeisen Forpussen. Opgesteld door de technische commissies van ANBvV, KBOF, NBvV en NFC.
De vorm van de vogels. FYSIEKE KENMERKEN DWERGPAPEGAAIEN. (geslacht Forpus) 01. Het voorhoofd, vanaf de snavel licht gewelfd naar achter toe. 02. Bovenkop (kruin), licht gewelfd. 03. De omgebogen snavel
WERKDOCUMENT KLEINE GRASPARKIET
WERKDOCUMENT KLEINE GRASPARKIET Bedenker van dit document: Filip RESO voorzitter technische commissie Parkieten Opsteller van dit document: Frans COPPIETERS lid technische commissie Parkieten Werkdocument
Psilopsiagon & overige Bolborhynchus
Standaard: Psilopsiagon & overige Bolborhynchus Uitgave zomer 2014 Standaard Psilopsiagon en overige Bolborhynchus soorten Pagina 1 van 18 Inhoud: 2 Voorwoord: 3 Bij het genus Psilopsigon: 4 Citroenparkiet,
Standaardeisen van Agapornis canus V 3.1
Standaardeisen van Agapornis canus V 3.1 opgesteld op initiatief van Ornitho-Genetics vzw in samenwerking met MUTAVI en de technische comités van: AOB, BVA International en KBOF 2015 heden: Ornitho-Genetics
Standaardeis Catharina parkiet
Pagina 1 Inhoudsopgave : pagina Inhoudsopgave 2 Toelichting keurbrief 3 en 4 Keurbrief 4 Algemene standaardeis Catharina parkiet 5 en 6 Mutatie beschrijving Groen 7 D. groen 8 D.D. groen 9 Turquoise 10
Japanse Kwartels (Coturnix c. Japonica)
Standaard Japanse Kwartels (Coturnix c. Japonica) Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Copyright by NBvV. Alle rechten voorbehouden Uitgave: zomer 1993 OPMERKING VOORAF: Om het document
Gedomesticeerde Afrikaanse & Aziatische prachtvinken
Standaard Gedomesticeerde Afrikaanse & Aziatische prachtvinken Zilverbek. Loodbek. Parelhalsamadine. Rijstvogel. Timor rijstvogel. Herziene uitgave 2019 Pagina 1 van 62 INDEX INHOUD INDEX... 2 VOORWOORD
Europese Cultuurvogels
Standaard: Europese Cultuurvogels Deel 2, Zaadeters. Europese cultuurvogels 2006 (2) Pagina 1 van 45 INDEX Voorwoord.. 3 Sijs.5 Fysieke standaard... 5 Kleurstandaard... 7 Keurtechnische aanwijzingen...
Europese Cultuurvogels
Standaard: Europese Cultuurvogels Deel 2, zaadeters, vervolg: Europese cultuurvogels 2012 (Deel 2) Pagina 1 van 47 INDEX Voorwoord.. 3 Sijs.5 Fysieke standaard... 5 Kleurstandaard... 7 Keurtechnische aanwijzingen...
STANDAARDEISEN K.B.O.F. JAPANSE MEEUWEN K.B.O.F.
STANDAARDEISEN JAPANSE MEEUWEN UITGAVE 2015 0 INHOUD 2. Inhoud 3. Zwartbruin 4. Donkerbruin 5. Mokkabruin 6. Roodbruin 7. Zwartgrijs 8. Donkergrijs 9. Mokkagrijs 10. Donker roodgrijs 11. Roodgrijs 12.
Standaardeis van Agapornis taranta
Standaardeis van Agapornis taranta Editie 2015 opgesteld op initiatief van Ornitho-Genetics VZW i.s.m. met MUTAVI en de technische comités van: ANBvV, AOB, BVA en KBOF 2015 Inhoud: Standaardeis van Agapornis
Standaardeisen van Agapornis taranta
Standaardeisen van Agapornis taranta Editie 2017 opgesteld op initiatief van Ornitho-Genetics VZW in samenwerking met MUTAVI en de technische comités van: AOB, BVA en KBOF 2017 - heden Inhoud: Standaardeisen
Standaard. Brotogeris
Standaard Brotogeris Uitgave 2012 INHOUDSOPGAVE: Inhoud 2 Voorwoord: 3 Bij het genus Brotogeris: 4 Soortbeschrijving: 5 Brotogeris tirica - Tiricaparkiet: 5 Brotogeris versicolorus Witvleugelparkiet: 7
Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Copyright by NBvV, Alle rechten voorbehouden Uitgave:
Japanse kwartels Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Copyright by NBvV, Alle rechten voorbehouden Uitgave: 1993-2018 Pagina 1 van 45 Index Inhoud Index... 2 JAPANSE KWARTELS 1993...
Standaard: Mutaties Gedomesticeerde Afrikaanse- en Aziatische prachtvinken 2007.
Standaard: Mutaties Gedomesticeerde Afrikaanse- en Aziatische prachtvinken 2007. Uitgave 2007 standaard mut ged afr azi pv.doc Pagina 1 van 22 INDEX Voorwoord 3 Een overzicht van met zekerheid voorkomende
Gedomesticeerde Afrikaanse- en Aziatische prachtvinken
Standaard Gedomesticeerde Afrikaanse- en Aziatische prachtvinken Zilverbek. Loodbek. Parelhalsamadine. Rijstvogel. Timor rijstvogel. Bandvink. Roodkopamadine. Ekstertjes. Uitgave 2016 KMV T&P. Pagina 1
Gemeenschappelijke standaardeis van de Agapornis lilianae
1 Gemeenschappelijke standaardeis van de Agapornis lilianae Opgesteld door de technische comités van: ANBvV, AOB, BVA, KBOF, ONZE PARKIETEN, Parkietenspeciaalclub ANBvV, PSC, Psittacula Holland, NBvV,
Gedomesticeerde Afrikaanse- en Aziatische prachtvinken
Standaard Gedomesticeerde Afrikaanse- en Aziatische prachtvinken Zilverbek. Loodbek. Parelhalsamadine. Rijstvogel. Timor rijstvogel. Bandvink. Roodkopamadine. Ekstertjes Uitgave 2017-2018 Pagina 1 van
Psilopsiagon. & overige Bolborhynchus
Standaard: Psilopsiagon & overige Bolborhynchus Uitgave zomer 2014-2018 Pagina 1 van 24 INDEX: Inhoud INDEX:... 2 Voorwoord 2014.... 3 Voorwoord 2017-2018... 3 HOOFDSTUK PSILOPSIAGON... 3 ALGEMEEN:...
Standaard MEXICAANSE ROODMUS
Standaard MEXICAANSE ROODMUS 2016-2018 Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers. Copyright by NBvV, AOB en KBOF Alle rechten voorbehouden Pagina 1 van 13 INDEX INDEX... 2 VOORWOORD... 3 MEXICAANSE
Standaard: Diamantduiven
Standaard: Diamantduiven Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Uitgave: Zomer 2017 Standaard diamantduiven Pagina 1 van 25 Inhoud: Voorwoord... 3 Algemene informatie... 4 Kleurslagen van
Lombok papegaai-amadine:... 11 5. Kleur- en tekeningstandaard... 11 wildkleur... 11
STANDAARDEISEN PAPEGAAI-AMADINES (ERYTHRURA) Ten behoeve van de downloadsnelheid zijn blancoruimten weggelaten, hierdoor klopt de bladzijdennummering niet meer) Index: Index... 1 Voorwoord... 3 Papegaai-amadines
Psilopsiagon. & overige Bolborhynchus
Standaard: Psilopsiagon & overige Bolborhynchus Uitgave zomer 2014 Update zomer 2017 Pagina 1 van 24 Inhoud: `...2 Voorwoord: 2014...3 Bij het genus Psilopsigon:...3 Citroenparkiet, Psilopsiagon aurifrons
Standaard: Diamantduiven
Standaard: Diamantduiven Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Uitgave: 2017-2018 Standaard diamantduiven Pagina 1 van 27 INHOUD: INHOUD INHOUD... 2 VOORWOORD... 3 VOORWOORD 2017-2018...
Europese Cultuurvogels
Standaard: Europese Cultuurvogels Deel 3: Zaadeters en VI-vogels 1 INDEX Voorwoord...4 Merel. 6 Fysieke standaard 6 Kleurstandaard. 7 Keurtechnische aanwijzingen.. 10 Zanglijster.... 11 Fysieke standaard.11
Voorwoord:...1. Het genus Brotogeris:...2
INDEX: blz Voorwoord:...1 Het genus Brotogeris:...2 Soortbeschrijving: B. tirica, Tirica parkiet...3 B. versicolorus, Witvleugelparkiet...4 B. versicolorus chiriri, Kanarievleugelparkiet....5 B. versicolorus
STANDAARDEISEN MEXICAANSE ROODMUS 2016
STANDAARDEISEN MEXICAANSE ROODMUS 2016 Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers. Copyright by NBvV, AOB, KBOF en ANBvV Alle rechten voorbehouden Uitgave: April 2017 Revisie 1c Pagina 1 van
Gemeenschappelijke standaardeis van de Agapornis taranta
1 Gemeenschappelijke standaardeis van de Agapornis taranta Opgesteld door de technische comités van: ANBvV, AOB, BVA, KBOF, ONZE PARKIETEN, Parkietenspeciaalclub ANBvV, PSC, Psittacula Holland, NBvV, ism
STANDAARDEISEN ZEBRAVINKEN
STANDAARDEISEN ZEBRAVINKEN Uitgave 2015 De traanstreep: De traanstreep loopt vanaf de onderkant van het oog, langs de wangvlek tot aan de onderkant van deze Onder het oog 1,5 mm breed, spits uitlopend
Standaard: Diamantduiven
Standaard: Diamantduiven Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Uitgave: 2007 Standaard diamantduiven Pagina 1 van 15 Inhoud: Inhoud 2 Voorwoord 3 Algemene informatie 4 Kleurbenamingen
Standaard. Zebravinken. (Phoephila guttata)
Standaard Zebravinken (Phoephila guttata) Uitgave 2014 INHOUD STANDAARD ZEBRAVINKEN Inhoud 2 agaat bruin 61 Voorwoord 4 agaat bleekrug grijs 61 Vederstructuur en kleurvorming 5 witborst grijs 63 Mutaties
Standaard Zebravinken: Deze aanvulling is verwerkt in de nieuwe standaard Zebravinken 2012.
Aanvulling 2012 In januari 2012 is een volledig herziene uitgave Richtlijnen voor keuren uitgegeven. Deze uitgave is heeft echter ook invloed op de standaardeisen voor de standaard vogels. In dit document
(Archieven F.O.I.) NEDERLANDS
(Archieven F.O.I.) NEDERLANDS NOMENCLATUUR KLASSIEK BRUIN TOPAAS PHÁEO CRÈME- INO GRIJS (ONYX) NIEUWE MUTATIES IN STUDIE Deze beschrijft men, man en pop klassiek, zowel als geelsnavel als roodsnavel (ondersoort
Supplement STANDAARDEISEN KLEURKANARIES
Supplement STANDAARDEISEN KLEURKANARIES 2009 A.N.B.v.V, K.B.O.F. en N.B.v.V. Maart 2009 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1-1 Voorwoord... 1-2 1 DE LIPOCHROOMKLEUREN MET WITTE PENNEN... 1-3 1.1 ALGEMENE EISEN
BONDSVRAAGPROGRAMMA A.N.B.v.V. GELDIG VANAF HET TENTOONSTELLINGSSEIZOEN 2015 T/M 2017
BONDSVRAAGPROGRAMMA A.N.B.v.V. GELDIG VANAF HET TENTOONSTELLINGSSEIZOEN 2015 T/M 2017 Totaal 18 hoofdgroepen. Hoofdgroep A (*) Hoofdgroep B (*) Hoofdgroep C (*) Hoofdgroep D (*) Hoofdgroep E (*) Harzers
Standaard. Kleurgrasparkiet deel 1.
Standaard Kleurgrasparkiet deel 1. Uitgave zomer 2017 Versie 28-08-2017 Pagina 1 van 100 Index... 2-3 Voorwoord... 4 Fysieke standaard... 5-6 Normaal serie Groen, serie,... 7 Aqua serie... 9 Turquoise
STANDAARDEISEN LACHDUIVEN A.N.B.v.V. 1998 1
INDEX Pagina Index 1 Voorwoord 2 Algemene beschrijving 3 Kleurbeschrijving 4 Kleurentabel 5 Wildkleur 6 Isabel 7 Phaeo 8 Roodbruin 9 Pastel Wildkleur 10 Pastel Isabel 11 Pastel Phaeo 12 Pastel Roodbruin
Voorwoord 2. Algemene inleiding 3. Fysieke standaard 4. Keurtechnische opmerkingen 16
ROSELLA. INDEX Voorwoord 2 Algemene inleiding 3 Fysieke standaard 4 Keurtechnische opmerkingen 16 Adelaide rosella 5 Blauwwang bleekkop rosella 13 Bleekkop rosella 13 Brown's rosella 17 Geelbuik rosella
Gemeenschappelijke standaardeis van de Agapornis nigrigenis
1 Gemeenschappelijke standaardeis van de Agapornis nigrigenis Opgesteld door de technische comités van: ANBvV, AOB, BVA, KBOF, ONZE PARKIETEN, Parkietenspeciaalclub ANBvV, PSC, Psittacula Holland, NBvV,
STANDAARDEISEN MEXICAANSE ROODMUS 2016
STANDAARDEISEN MEXICAANSE ROODMUS 2016 Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Uitgave: Augustus 2016 Copyright by NBvV, Alle rechten voorbehouden Pagina 1 van 12 INDEX. Index 2 Voorwoord
Standaard. Uitheemse sijssoorten. Uitgave voorjaar 2008. Standaard uitheemse sijssoorten - 1 -
Standaard Uitheemse sijssoorten. Uitgave voorjaar 2008. Standaard uitheemse sijssoorten - 1 - Inhoud: Pagina Voorwoord 2 Inhoud 3 Algemeen 4 Kapoetsensijs 5 Magellaansijs 9 Baardsijs 12 Dennensijs 14 Zwarte
Standaard. Kleurgrasparkiet
Standaard Kleurgrasparkiet Uitgave zomer 2017 Revisie Voorjaar 2018 Pagina 1 van 179 Index Index... 2 Voorwoord 2017... 4 Fysieke Standaard Kleurgrasparkiet... 5 Omschrijving Groenserie:... 7 Omschrijving
CATHARINAPARKIET STANDAARDEISEN 2015
CATHARINAPARKIET STANDAARDEISEN 2015 Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Uitgave: september 2015, Copyright by NBvV, Alle rechten voorbehouden 1 Index. Index... 2 Voorwoord... 3 Bij
Gezamenlijke standaardeisen Forpussen. Opgesteld door de technische commissies van ANBvV, KBOF, NBvV en NFC
De vorm van de vogels. FYSIEKE KENMERKEN DWERGPAPEGAAIEN. (geslacht Forpus) 01. Het voorhoofd, vanaf de snavel licht gewelfd naar achter toe. 02. Bovenkop (kruin), licht gewelfd. 03. De omgebogen snavel
RICHTLIJNEN BIJ HET KEUREN VAN
RICHTLIJNEN BIJ HET KEUREN VAN HYBRIDEN UITGAVE 2013 VOORWOORD Met de uitgave van deze eerste reeks keurrichtlijnen voor hybriden, als aanvulling op het lesboek, hoopt de T.C. hybriden een bijdrage te
Standaard. Catharinaparkieten. Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers. Copyrigt by NBvV, Alle rechten voorbehouden. Uitgave: januari 2011.
Standaard Catharinaparkieten Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Uitgave: januari 2011. Copyrigt by NBvV, Alle rechten voorbehouden 1 Index. Index... 2 Voorwoord... 3 Bij het hoofdstuk
Japanse Meeuwen (Lonchura striata domestica)
Standaard Japanse Meeuwen (Lonchura striata domestica) Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Copyright by NBvV. Alle rechten voorbehouden Uitgave: november 1993 OPMERKING VOORAF: Om het
Europese Cultuurvogels
Standaard: Europese Cultuurvogels Deel 3: Zaadeters en VI-vogels Update zomer 2017 Pagina 1 van 105 INDEX Voorwoord...4 Merel. 7 Fysieke standaard 7-8 Kleurstandaard Man Wildkleur Bruin,Agaat, Pastel....
GROENLING BRUIN (MAN).
GROENLING BRUIN (MAN). Kop en masker: Gehele schedel, zijden van de kop en wangen bruin. De keelstreek een nuance lichter bruin en meer geelgroen doorschijnend. Wenkbrauwstreep geelgroen, met een ietwat
Standaard en herkenning omschrijvingen. Afrikaanse soorten.
Standaard en herkenning omschrijvingen Afrikaanse soorten. Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Copyright by NBvV, Alle rechten voorbehouden Uitgave 2019 Pagina 1 van 48 Inhoud opgave.
Standaard. Forpus, dwergpapegaaien. Uitgave voorjaar 2008. Standaard Forpus - 1 -
Standaard Forpus, dwergpapegaaien. Uitgave voorjaar 2008. Standaard Forpus - 1 - Inhoud: Pagina Inhoud 2 Voorwoord 3 Algemeen 4 Forpus conspicillatus, oogring dwergpapegaai. 5 Forpus cyanopygius, Mexicaanse
TECHNISCHE COMMISSIE TROPISCHE VOGELS EN PARKIETEN, TECHNISCH BULLETIN 2017.
TECHNISCHE COMMISSIE TROPISCHE VOGELS EN PARKIETEN, TECHNISCH BULLETIN 2017. Versie, d.d. 04-07-2017. TECHNISCHE COMMISSIE TROPISCHE VOGELS EN PARKIETEN, TECHNISCH BULLETIN 2017. Het Technisch Bulletin
Europese Cultuurvogels
Standaard: Europese Cultuurvogels Deel 3: Zaadeters en VI-vogels Update voorjaar 2018 Pagina 1 van 106 INDEX Inhoud INDEX... 2 Voorwoord... 5 Voorwoord 2018... 7 Merel (Turdus merula)... 8 Kleurstandaard:
Europese Cultuurvogels
Europese Cultuurvogels Deel 2, zaadeters, vervolg: Uitgifte 2012-2018 Pagina 1 van 90 Index Voorwoord:... 4 Voorwoord 2018... 6 Sijs, (Carduelis spinus spinus)... 7 Algemene Informatie... 7 Fysieke standaard...
Standaard. Kleurgrasparkiet deel 2
Standaard Kleurgrasparkiet deel 2 ( Opaline en Bont serie) Uitgave zomer 2017 Versie 28-08-2017 Pagina 1 van 90 Index... 2 Voorwoord... 3 Fysieke standaard... 4-5 Opaline serie Opaline groen serie... 6
Standaard. Uitheemse sijssoorten
Standaard Uitheemse sijssoorten Uitgave zomer 2008-2017. Pagina 1 van 38 Inhoud Kapoetsensijs ( Carduelis cucullata )... 6 Algemeen... 6 Ondersoorten... 6 Kapoetsensijs wildkleur man... 7 Kapoetsensijs
Europese Cultuurvogels
Europese Cultuurvogels Deel 2, zaadeters, vervolg: Update zomer 2017 Pagina 1 van 90 Index....2-3 Voorwoord... 4-6 Sijs... 7 Algemene informatie... 7 Fysieke standaard... 7 Tekening patroon Man en Pop...
Uitgave voorjaar
Standaard: Erythrura soorten Uitgave voorjaar 2017-2018 Pagina 1 van 50 INDEX Inhoudsopgave Index... 2 Voorwoord 1998.... 4 Voorwoord 2014.... 4 Aanvulling 2017-2018... 4 BIJ DE STANDAARD ERYTHRURA...
Standaard: Erythrura. Uitgave voorjaar Pagina 1 van 49
Standaard: Erythrura Uitgave voorjaar 2017 Pagina 1 van 49 Inhoud...2 Voorwoord...3 Bij de standaard papegaaiamadines... 4-5 Veerstructuur en mutaties:...6 Vererving... 7-8 Driekleurpapegaaiamadine: Algemeen,
Vergadering Experten OMJ sectie D kleurkanaries in Palaiseau 20/21/22 mei
Vergadering Experten OMJ sectie D kleurkanaries in Palaiseau 20/21/22 mei 2011 Aanwezig: Italië, Frankrijk, Duitsland,Nederland, Zwitserland, Spanje,Portugal, België.Oostenrijk was afwezig.allen A-landen
Zebravinken (Phoephila guttata)
Standaard Zebravinken (Phoephila guttata) Uitgave 2014-2018 Revisie voorjaar 2018 Inhoud Inhoudsopgave Inhoud... 2 VOORWOORD... 6 VOORWOORD 2018... 6... 6 VEDERSTRUCTUUR EN KLEURVORMING BIJ ZEBRAVINKEN...
Standaard. Platycercus, Rosella s. Uitgave voorjaar Standaard Rosella - 1 -
Standaard Platycercus, Rosella s. Uitgave voorjaar 2008. Standaard Rosella - 1 - Inhoud 2 Voorwoord 3 Algemeen 4 Geelbuik Rosella 6 Strogele Rosella 9 Adelaide Rosella 12 Pennant Rosella 15 Pracht Rosella
TECHNISCHE COMMISSIE TROPISCHE VOGELS EN PARKIETEN, TECHNISCH BULLETIN 2016.
TECHNISCHE COMMISSIE TROPISCHE VOGELS EN PARKIETEN, TECHNISCH BULLETIN 2016. Versie, d.d. 1-08-2016. Pagina 1 van 44 TECHNISCHE COMMISSIE TROPISCHE VOGELS EN PARKIETEN, TECHNISCH BULLETIN 2016. Het Technisch
Overige Australische parkieten
Standaard Overige Australische parkieten Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Copyrigt by NBvV Alle rechten voorbehouden Uitgave: voorjaar 2010 1 INHOUDSOPGAVE: Inhoud... 2 Voorwoord...
Standaardeis van Agapornis lilianae
Standaardeis van Agapornis lilianae Editie 2015 opgesteld op initiatief van Ornitho-Genetics VZW i.s.m. met MUTAVI en de technische comités van: ANBvV, AOB, BVA en KBOF 2015 Inhoudstabel: Standaardeis
Standaardeis van Agapornis roseicollis
Standaardeis van Agapornis roseicollis Deel I Editie 2015 opgesteld op initiatief van Ornitho-Genetics VZW i.s.m. met MUTAVI en de technische comités van: ANBvV, AOB, BVA en KBOF 2015 Inhoudstabel Deel
Standaard: Mutaties Europese Cultuurvogels
Standaard: Mutaties Europese Cultuurvogels Deel 1, Zaadeters. ECstandaard mutatiedeel 2012 Pagina 1 van 29 INDEX Voorwoord 3 Een overzicht van met zekerheid voorkomende mutaties 4 Bruin. 6 Agaat. 7 Aminet..
Standaardeis van Agapornis fischeri
Standaardeis van Agapornis fischeri Inhoudstabel: Editie 2015 opgesteld op initiatief van Ornitho-Genetics VZW i.s.m. met MUTAVI en de technische comités van: ANBvV, AOB, BVA en KBOF 2015 Inhoudstabel:...
Gemeenschappelijke standaardeis van de Agapornis personatus
1 Gemeenschappelijke standaardeis van de Agapornis personatus Opgesteld door de technische comités van: ANBvV, AOB, BVA, KBOF, ONZE PARKIETEN, Parkietenspeciaalclub ANBvV, PSC, Psittacula Holland, NBvV,
Standaard. Japanse meeuwen. (Lonchura striata domestica)
Standaard Japanse meeuwen (Lonchura striata domestica) Uitgave 2007 INHOUDSOPGAVE: KMV tropische vogels en parkieten VOORWOORD....3 VOORWOORD 2001:...3 VOORWOORD 2007...3 AFSTAMMING EN DOMESTICATIEPROCES
Standaardeis van Agapornis fischeri
Standaardeis van Agapornis fischeri Editie 2017 opgesteld op initiatief van Ornitho-Genetics VZW i.s.m. met MUTAVI en de technische comités van: AOB, BVA en KBOF 2015 heden Ornitho-Genetics VZW Achtergronden
Standaardeisen A.N.B.v.V Grasparkieten
Pagina 1 Algemene standaardeisen voor de grasparkieten Conditie Conditie geldt als de belangrijkste voorwaarde. De vogel moet een gezonde indruk wekken. Lichamelijke gebreken en tekortkomingen in de bevedering
Standaard: Europese Cultuurvogels
Standaard: Europese Cultuurvogels Mutaties. ECstandaard mutaties.doc Pagina 1 van 29 Inhoud: Inhoud 2 Voorwoord 3 Een overzicht van met zekerheid voorkomende mutaties 4 Bruin 6 Agaat Aganet 7 8 Satinet
Keuringsresultaten. Lipochroom rood intensief, schimmel en mozaïek. Melanine zwart klassiek intensief, schimmel en mozaïek
06 Lipochroom wit 03.001 Lipochroom Wit 03.001.002 Wit 1 A 07 Lipochroom geel intensief, schimmel en mozaïek 03.003 Lipochroom Geel intensief 03.003.001 Geel intensief 2 A 3 A Dijkstra A. 4 A Dijkstra
Standaard K.B.O.F. KLEURGRASPARKIETEN K.B.O.F.
Standaard KLEURGRASPARKIETEN UITGAVE 2015 De kleine grasparkiet wordt gekeurd als KLEURGRASPARKIET met de vermelding van de kleurslag. BESCHRIJVING VAN DE KLEURGRASPARKIET FORMAAT De kleurgrasparkiet heeft
Standaardeis en beschrijving Kakariki soorten A.N.B.v.V versie 2012-1.01
1 Inhoudsopgave : pagina Inhoudsopgave 2 Toelichting keurbrief 3 en 4 Keurbrief 4 Soorten Cyanoramphus 5 Algemene standaardeis Kakariki 5 en 6 Vererving 6 Groen 7 Mutatie beschrijving D. groen 7 en8 DD.
Standaard: Lachduiven
Standaard: Lachduiven Uitgegeven door: Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers Revisie voorjaar 2019 Pagina 1 van 22 DEXIoudsopgave Inhoudsopgave VOORWOORD 2018-2019... 3 DE TAMME LACHDUIF, ( STREPTOPELIA
Standaard. Agapornis Fischeri.
Standaard Agapornis Fischeri. Uitgave 2019 Versie 29 maart 2019 Pagina 1 van 85 INHOUD VOORWOORD... 3 VOORWOORD 2019... 3 ERFELIJKHEID EN MUTATIEWERKING BIJ DE AGAPORNIS FISCHERI... 4 AUTOSOMAAL EN (ONVOLLEDIG)
KMV tropische vogels en parkieten. Standaard. Gouldamadine. Uitgave 2006. Pagina 1 van 71
Standaard Gouldamadine Uitgave 2006 Pagina 1 van 71 Inhoud Inhoud... 02 Index kleurstandaard... 03 Voorwoord... 04 Algemene gegevens... 06 Erfelijke factoren en hun werking in de gouldamadine... 11 Mogelijke
Standaardeis van Agapornis nigrigenis
Standaardeis van Agapornis nigrigenis Editie 2015 opgesteld op initiatief van Ornitho-Genetics VZW i.s.m. met MUTAVI en de technische comités van: ANBvV, AOB, BVA en KBOF 2015 Inhoud: Standaardeis van
