Tandwielen. Katrollen



Vergelijkbare documenten
Energie : elektriciteit : stroomkringen

Lees eerst bij Uitleg leerlingen, proef 1 alles over de onderdelen van de elektrische kringloop. stroomkring 1 stroomkring 2

Werkstuk elektriciteit Mees Kleefmann Groep 7a Oktober Elektriciteit

Een tandje bijsteken

NASK1 SAMENVATTING ELEKTRICITEIT. Wanneer loopt er stroom? Schakelingen

Vrij Technisch Instituut Grote Hulststraat Tielt tel fax

E n e r g i e e x p e r i m e n t e n Science

krukas of as) waar de kracht de machine ingaat.

Alternatieve energiebronnen

Thema 4 Techniek om je heen

Toets Wetenschap en Techniek groep 8 SAM

warmte en licht energie omzetting elektriciteit In een lamp wordt energie omgezet

5,6. Samenvatting door R woorden 24 januari keer beoordeeld. 1 Een stoomkring maken.

weet dat een zonnepaneel net als een batterij energie levert weet waar een auto aan moet voldoen om op zonnepanelen een auto die op zonneenergie

TOELATINGSEXAMEN NATIN 2009

Voorbeeldtoets Natuurkunde voor groep 8. Deze toets bestaat uit 15 opgaven

Alles om je heen is opgebouwd uit atomen. En elk atoom is weer bestaat uit protonen, elektronen en neutronen.

OVERBRENGINGEN II Hoofdstuk 4.5 t/m 4.10

ENERGIE BESPAREN. Je kunt de koffer natuurlijk nog aanvullen met andere interessante materialen of foto's.

Repetitie magnetisme voor 3HAVO (opgavenblad met waar/niet waar vragen)

5 Elektriciteit. 5.1 Elektriciteit om je heen

aanvullende gebruikers handleiding AQUA Plus Versie

inhoud blz. 1. Wielen 2. Draaien maar! 3. De boomstam 4. Rollen maar! 5. Van rollen naar rijden 6. Lichter, beter, sterker 7.

Samenvatting Techniek Techniek H4 Overbrengingen Par. 1,2,3,4,5,7

Energie. Jouw werkbladen. In de klas. Ontdek zélf hoe de wereld werkt! Naam: Klas: Energie Onderbouw havo/vwo Leerlingen In de klas versie

POWER LINE. Lesmateriaal plus proeven over elektriciteit. Een lespakket van Zoleerjemeer

Eindexamen natuurkunde 1 havo 2007-II

Elektriciteit. Inlage

3 Slim met stroom. Inleiding

Elektriciteit, wat is dat eigenlijk?

Groep 7 - Les 1 Stroom in huis

2 Elektriciteit Elektriciteit. 1 A De aal heeft ca 4000 elektrische cellen van 0,15 volt, die in serie geschakeld zijn.

Opgave 5 Een verwarmingselement heeft een weerstand van 14,0 Ω en is opgenomen in de schakeling van figuur 3.

Samenvatting Natuurkunde Hoofdstuk 4

TWEEDE RONDE NATUURKUNDE OLYMPIADE 2014 TOETS APRIL uur

Energiebespaar Tips!

Zwaartekracht. Dat komt door de zwaartekracht. De aarde trekt alles naar beneden.

Dennis wil de lantaarn ophangen aan een haak. Daarvoor bevestigt hij bovenin de lantaarn een draad. Wat voor soort draad kan hij het beste nemen?

Schakel de cv-pomp uit. Trek de stekker uit de wandcontactdoos.

1 Stuiteren (2) Welke tennisbal stuitert het best? A bal 1 B bal 2 C bal 3 D alle ballen even goed. 2 Brandend lampje

5,4. Spreekbeurt door een scholier 1606 woorden 21 mei keer beoordeeld. Nederlands. A. Er zijn verschillende soorten en vormen van energie.

Om een lampje te laten branden moet je er een elektrische stroom door laten lopen. Dat lukt alleen, als je een gesloten stroomkring maakt.

MECHANICA. Laboratorium. 31t/m. Constructies. VERSNELLINGSB et 2 snelhe. S met tandheugel STUUR V32775

Energiebespaar Tips!

BOUW VOORSCHRIFT MODEL ZONNEBOOT. De flexibele zonnecel zet zonlicht om in elektrische stroom,

De condensator en energie

Werkbladen In de klas. Energie. Naam. onderbouw havo/vwo School. Klas

Wisselspanningen. Maximale en effectieve waarde. We gaan de wisselspanning aansluiten op een weerstand. U R. In deze situatie geldt de wet van Ohm:

Testen en metingen op windenergie.

Blad 1. Voor het simulatiespel: 100 gele kaartjes (de energiepunten) 2 A6 met lampsymbool 1 A6 met batterijsymbool. Tijd Totaal 60 minuten.

Opgave 3 Staafmagneten, hoefijzermagneten, naaldmagneten en schijfmagneten.

We gaan een auto bouwen waar ook wedstrijden mee gehouden worden! Wil jij weten hoe? Kijk maar snel!

Windturbine. Bouwplan

4 keer beoordeeld 4 maart Natuurkunde H6 Samenvatting

Examen HAVO. natuurkunde 1. tijdvak 2 woensdag 20 juni uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Opgave 5 V (geschreven als hoofdletter) Volt (voluit geschreven) hoeft niet met een hoofdletter te beginnen (volt is dus goed).

een eigen lamp op veel manieren*

Samenvatting NaSk Hoofdstuk 4

Elektriciteit en stroom, wat is het? Proefjes met stroom en electriciteit

Windmolenpark Houten. Project nask & techniek Leerjaar 2 havo/atheneum College de Heemlanden, Houten. Namen: Klas:

Natuur- en scheikunde 1, elektriciteit, uitwerkingen. Spanning, stroomsterkte, weerstand, vermogen, energie

Hoofdstuk 9 Onderhoud en opslag

6 Elektriciteit. Pulsar 1-2 vwo/havo uitwerkingen 2012 Noordhoff Uitgevers Elektriciteit om je heen. 1 Het juiste antwoord is D: 5000 V.

Opgave 3 Staafmagneten, hoefijzermagneten, naaldmagneten en schijfmagneten.

Beste student, Met vriendelijke groet, Afdeling Studentenhuisvesting WonenBreburg

sensor handboek vmbo-kgt deel 1b

De voordelen en het gebruik van een modulerende kamerthermostaat

Voorbeeldtoets Techniek voor groep 8. Deze toets bestaat uit 15 opgaven

vaardigheden [ TO ] gereedschappen oefeningen klas 1 graa 3 werkstukken

Schooljaar: OVERBRENGINGEN. Hoofdstuk 4.1 t/m 4.3. KLAS 1A 1B 1E 1F. Algemene Techniek H.H. Baromeo

Stroomkring XL handleiding voor leerkrachten

Blad 1. Het simulatiespel Bijlage - Simulatiespel 100 gele kaartjes = energiepunten. Digibord Afbeelding van technische tekening


1 Hydraulische systemen Hydraulische overbrengingen Kracht, snelheid en vermogen Afsluiting 18

Hoofdstuk 4: Arbeid en energie

Glas en barnsteen hebben een tegengestelde lading als ze opgewreven zijn, de lading van gewreven glas noem je positief.

- toelichting op het programma - Zet de radio eens aan. Wil je koffie? Hé, hoe kan dat nou, de computer doet het niet, o ja de stekker zit niet in

Examenopgaven VMBO-BB 2004

2 ELEKTRISCHE STROOMKRING

Uitwerkingen van 3 klas NOVA natuurkunde hoofdstuk 6 arbeid en zo

Zuinig wonen. 10. Doe de VREG-test! Bekijk zeker de website:

Eindexamen vmbo gl/tl nask1 compex I

De startmotor. Student booklet

Spijkermotor. Dit moet hem worden:

Geleider: (metaal) hierin kunnen elektronen bewegen, omdat de buitenste elektronen maar zwak aangetrokken worden tot de kern (vrije elektronen)

Grondbeginselen elektrotechniek

You, Me, Electricity

Newton - HAVO. Elektromagnetisme. Samenvatting

Theorie: Energieomzettingen (Herhaling klas 2)

Van A naar B. Hoe je een auto maakt met DC-motoren en je het kunt programmeren door. de tijd, snelheid en afstand te meten! Naam. Je leert...

6.0 Elektriciteit 1

Eindexamen natuurkunde 1-2 vwo 2004-II

VJTO 2013 ANTWOORDEN VOORRONDE

ENERGIE H5 par. 1 en 2 Diagnostische Toets natuurkunde uitwerkingen

De snelheid van het geluid

1 Elektriciteit Oriëntatie 1.1 Elektrische begrippen Elektrische stroomkring

1 Warmteleer. 3 Om m kg water T 0 C op te warmen heb je m T 4180 J nodig Het symbool staat voor verandering.

Transcriptie:

Met tandwielen kun je beweging van het ene apparaat overbrengen op een ander. Er zijn veel verschillende soorten tandwielen en de meeste apparaten maken er gebruik van. Met het aantal tandwielen kun je de draairichting bepalen: als je aan je eerste tandwiel een tweede zet draait dat in de andere richting. Met de grootte van de tandwielen bepaal je draaisnelheid en kracht. ls je een tandwiel met twee keer zoveel tanden aan je eerste zet draait dat op halve snelheid. Je moet dan twee keer zoveel draaien, maar hoeft maar de helft aan kracht te gebruiken. Je fietsversnellingen werken zo. ½ Tandwielen 2 4 80 kg 40 kg Een katrol maakt het lichter om zware gewichten op te tillen met een touw. Op zeilschepen gebruikt men katrollen om de zeilen mee te heisen. Je ziet ook wel eens dat ze bij een verhuizing aan de voorkant van het huis met behulp van katrollen de grote, zware meubels (bijvoorbeeld een piano) tillen. Een katrol bestaat uit een aantal wielen. Hoe meer wielen, hoe lichter het wordt om te tillen. Katrollen Een lier wordt gebruikt om een touw, ketting of kabel op te rollen en zo iets op te tillen of te trekken. Het molentje op je hengel is een lier. Ze worden ook gebruikt in hijskranen. De lier heeft een beveiliging waardoor hij niet meer kan afrollen. Zo voorkom je dat het opgetakelde gewicht weer naar beneden valt als je de lier loslaat. pal Lier

Lift platform gaat omhoog Een lift gebruik je om iets omhoog of naar beneden te verplaatsen. Deze lift gebruikt een schroef. Door de schroef de ene kant op te draaien gaat de lift omhoog. draai je de andere kant op dan gaat hij naar beneden. Om de schroef te laten draaien moet de lift worden aangesloten op iets dat draait. Sommige kurkentrekker werken ook met zo n schroefmechanisme door de schroef eerst in de kurk te draaien en dan weer omhoog, gaat de kurk mee omhoog. middenas draait rond Lopende band tweede wiel draait mee band Lopende banden worden gebruikt om grote hoeveelheden voorwerpen te verplaatsen. Op een vliegveld kun je op een lopende band staan, en bij aankomst liggen je koffers op een lopende band. De roltrap is ook een lopende band en de stoeltjeslift op de skibaan werkt op dezelfde manier. De lopende band bestaat uit twee wieltjes waartussen een rubberen band is gespannen. Door een van de wieltjes aan te sluiten op iets dat draait (bijvoorbeeld een tandwiel) gaat de band draaien. aangedreven wiel draait Timer timer 0 stroom Met een timer kan je een elektrisch apparaat met een vertraging aanzetten. Veel mensen zetten een timer op een lamp in huis als ze op vakantie gaan, zodat de lamp op een bepaald tijdstip gaat branden. Een zelfontspanner op een camera en een tijdbom werken met een timer. De timer is een soort schakelaar. lleen werkt een schakelaar meteen, terwijl je bij de timer kan instellen na hoeveel tijd een apparaat gaat werken. De timer moet via elektrische draden aangesloten zijn op het apparaat en op iets dat elektriciteit levert (bijvoorbeeld een batterij).

Batterij In een batterij zit elektriciteit opgeslagen. Een elektrisch apparaat gaat werken als je er een batterij op aansluit. Er zijn twee soorten batterijen: oplaadbare en niet oplaadbare. De eerste kun je steeds opnieuw met elektriciteit opladen. Ze zitten bijvoorbeeld in je mobieltje en in de auto. Een auto-accu wordt opgeladen als de auto rijdt. Niet oplaadbare batterijen zitten bijvoorbeeld in een afstandsbediening. Ze zijn slecht voor het milieu, want je moet ze weggooien als ze leeg zijn. Je kunt beter oplaadbare batterijen gebruiken. Dynamo magneet spoel Een dynamo zet beweging (ronddraaien) om in elektriciteit. Hij wordt gebruikt in bijvoorbeeld een moderne windmolen, maar ook op je fiets. Op je fiets wordt het draaien van je wielen omgezet in elektriciteit en dat wordt meteen weer omgezet in licht, om je lamp te laten branden. ls je de dynamo met stroomdraden aansluit op een elektrisch apparaat kun je dat dus laten werken. Je kunt hem ook aansluiten op een oplaadbare batterij en zo de elektriciteit opslaan. Elektromagneet N Elektromagneten worden gebruikt om ijzeren voorwerpen op te tillen. Je vindt ze bijvoorbeeld op een sloperij, om autowrakken op te tillen. Een elektromagneet bestaat uit een stuk ijzer (zoals een spijker) en een spoel, dat is een metalen draad die er omheen is gewikkeld. ls er stroom door de spoel loopt wordt de spijker magnetisch. De ene kant van de magneet stoot af en de andere kant trekt aan. Z

as magneet Met een elektromotor kun je iets in beweging zetten. Hij heeft elektriciteit nodig om te draaien. Door er bijvoorbeeld een tandwiel op aan te sluiten kun je een ander apparaat ook laten draaien. Veel apparaten hebben een elektromotor. In een stofzuiger, bijvoorbeeld, gaat een ventilator draaien waardoor het stof wordt opgezogen. Ook een elektrische tandenborstel en de trilfunctie van je mobieltje werken door een elektromotor. Je hebt ook hele grote elektromotoren, bijvoorbeeld om de trein te laten rijden. rotor Elektromotor batterij gloeilamp Een zaklamp zet elektriciteit om in licht. Meestal werkt hij op batterijen, maar je hebt ook zaklampen waarin je hard moet knijpen of die je moet opdraaien. Tegenwoordig worden vaak led-lampjes in de zaklamp gebruikt in plaats van de ouderwetse gloeilamp. Led-lampjes zijn veel energiezuiniger zodat de batterij veel langer meegaat (of je minder vaak hoeft te knijpen). Zaklamp gloeidraadje zon Een zonnecel zet licht om in elektriciteit. Er moet wel voldoende licht op schijnen. Een zonnecel sluit je aan op een elektrisch apparaat om het van elektriciteit te voorzien. Of je kunt de elektriciteit opslaan in een batterij. Zonnecellen worden gebruikt op huizen en bij satellieten, en ook vaak bij rekenmachines. Er zijn zelfs al experimentele auto s die op zonnecellen werken. Het voordeel van zonlicht is dat het er altijd is en niet op kan raken. Zonnecel

Schakelaar Een schakelaar gebruik je om een elektrisch apparaat aan te zetten. Bijna elk apparaat heeft er een. Elektriciteit moet altijd in een kring lopen: van de pluspool van een batterij door het elektrisch apparaat naar de minpool van de batterij. Met een schakelaar kun je de kring onderbreken, waardoor het apparaat geen elektriciteit krijgt. ls je met de schakelaar de twee stukken van de onderbroken kring weer verbindt, gaat de elektriciteit lopen en kan het apparaat werken. De schakelaar in het voorbeeld heeft meerdere standen, waarmee je steeds andere apparaten aan kunt zetten. Waterklep Een waterklep is een soort deur voor water. Hij is aangesloten op buizen waar water doorheen gaat. Met de hendel aan de buitenkant kun je de klep in verschillende standen zetten. ls je de ene buis open zet, zet je automatisch de andere buis dicht. Daarmee bepaal je welke kant het water opgaat. Let wel: het water gaat niet uit zichzelf stromen als je de waterklep opent. Daarvoor is een waterpomp nodig. Waterpomp Schroef Een waterpomp wordt gebruikt om water te verplaatsen. De propellor in de waterpomp draait rond waardoor het water gaat stromen. Er zit bijvoorbeeld een pomp in de cv-installatie die het water rondpompt van de cv-ketel naar de radiatoren. Waterpompen worden ook gebruikt in een gemaal om de polders droog te houden, of in een brandweerwagen om water uit de brandslang te kunnen spuiten. De pomp moet aangesloten zijn op waterleidingen en er moet water in de leidingen staan. ls er achter de pomp een kraan zit die dicht is zal de pomp het niet doen.

CV-installatie cv-ketel radiator thermo t a a st pomp De cv-installatie wordt gebruikt om het huis te verwarmen. Je stelt eerst met de thermostaat in hoe warm je het wilt hebben. De thermostaat zet dan de cv-installatie aan als het te koud wordt en weer uit als het te warm wordt. In de cv-ketel wordt water verwarmd. Daarna stroomt het door leidingen naar een radiator. De radiator verwarmt de kamer waarin hij hangt. Het afgekoelde water stroomt terug naar de cv-ketel waar het weer verwarmd wordt. Je hebt een waterpomp nodig om het water te laten stromen. Radiator hete lucht stijgt op water groot oppervlak Een radiator is onderdeel van de cv-installatie en wordt gebruikt om een kamer te verwarmen. Bijna elk klaslokaal heeft wel één of meerdere radiatoren. Een radiator wordt warm doordat er warm water doorheen stroomt. Hij verwarmt dan de lucht om hem heen. De warme lucht stijgt op. an de onderkant van de radiator komt er koude lucht bij. Zo wordt uiteindelijk alle lucht in een kamer verwarmd.