INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 230 CONTROLEDOCUMENTATIE INHOUDSOPGAVE Paragrafen Inleiding...1-5 Definities... 6 Aard van de controledocumentatie...7-8 Vorm, inhoud en omvang van de controledocumentatie...9-24 Documentatie van de onderscheidende kenmerken van specifieke onderwerpen of aangelegenheden die worden getoetst...12-13 Significante aangelegenheden...14-19 Documentatie van het afwijken van grondbeginselen of van essentiële werkzaamheden...20-22 Identificatie van de opsteller en de beoordelaar van de documentatie...23-24 Samenstelling van het afgeronde controledossier...25-30 Wijzigingen na de datum van de controleverklaring in de controledocumentatie in uitzonderlijke omstandigheden...31-32 Ingangsdatum... 33 Bijlage: Specifieke vereiste werkzaamheden en aanwijzingen voor controledocumentatie in andere ISA s Internationale Controlestandaard (International Standaard on Auditing, ISA) 230 Controledocumentatie dient te worden gelezen in de context van het Voorwoord tot de internationale standaarden voor kwaliteitsbeheersing, controle-, assurance-opdrachten en verwante diensten waarin het toepassen en de autoriteit van de ISA s worden bepaald. NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 1/14
Inleiding 1. Deze Internationale Controlestandaard (International Standard on Auditing, ISA) heeft ten doel essentiële werkzaamheden en grondbeginselen vast te stellen en aanwijzingen te geven met betrekking tot controledocumentatie. De Bijlage geeft een opsomming van andere ISA s die vereisten en aanwijzingen bevatten inzake documentatie met betrekking tot specifieke onderwerpen. Wetten of regelgeving kunnen aanvullende eisen stellen inzake documentatie. 2. De auditor dient tijdig controledocumentatie op te stellen die voorziet in: (a) een voldoende en geschikte vastlegging van de onderbouwing van de controleverklaring; en (b) informatie die aantoont dat de controle is uitgevoerd volgens de ISA s en in overeenstemming met de op grond van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving gestelde eisen. 3. Het tijdig opstellen van voldoende en geschikte controledocumentatie draagt bij aan het versterken van de kwaliteit van de controle en aan de effectieve beoordeling en evaluatie van de verkregen controle-informatie en de conclusies die zijn getrokken voordat de controleverklaring gereed is om te worden verstrekt. Documentatie die tijdens de uitvoering van de werkzaamheden wordt opgesteld is naar verwachting nauwkeuriger dan achteraf opgestelde documentatie. 4. Het voldoen aan de vereisten van deze ISA alsmede aan de specifieke documentatievereisten van andere relevante ISA s is over het algemeen voldoende om de in paragraaf 2 genoemde doelen te bereiken. 5. In aanvulling op deze doelen is controledocumentatie gericht op verschillende doelen, waaronder: (a) het ondersteunen van het controleteam bij het plannen en uitvoeren van de controle; (b) het ondersteunen van de personen die binnen het controleteam voor het toezicht verantwoordelijk zijn, bij het aansturen van en het toezicht houden op de controlewerkzaamheden en het vervullen van hun verantwoordelijkheden voor de NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 2/14
beoordeling in overeenstemming met ISA 220 (herzien), Kwaliteitsbeheersing voor controles van historische financiële informatie ; (c) het in staat stellen van het controleteam verantwoordelijkheid te dragen voor zijn werkzaamheden; (d) het bijhouden van een vastlegging van aangelegenheden die voor toekomstige controles van blijvende betekenis zijn; (e) het scheppen van de mogelijkheid dat een ervaren auditor kwaliteitsbeheersingsonderzoek en inspecties (1) uitvoert in overeenstemming met ISQC 1, Kwaliteitsbeheersing voor kantoren die controle- en review-opdrachten betreffende historische financiële informatie of andere assurance- en daaraan verwante opdrachten uitvoeren ; en (f) het scheppen van de mogelijkheid dat een ervaren auditor externe inspecties uitvoert in overeenstemming met van toepassing zijnde vereisten op grond van wet- en regelgeving en overige vereisten. Definities 6. In deze ISA betekent: (a) Controledocumentatie de vastlegging van uitgevoerde controlewerkzaamheden, de verkregen relevante controle-informatie en de conclusies die de auditor heeft getrokken (soms worden ook termen als werkdocumenten gebruikt); en (b) Ervaren auditor een persoon (binnen of buiten het kantoor) die voldoende kennis heeft van (i) controleprocessen, (ii) ISA s en van toepassing zijnde door wet- en regelgeving gestelde eisen, (iii) de omgeving waarbinnen de entiteit opereert, en (iv) aangelegenheden inzake controle en financiële verslaggeving die relevant zijn voor de sector waarin de entiteit actief is. Aard van de controledocumentatie 7. Controledocumentatie kan zijn vastgelegd op papier, elektronisch of op andere gegevensdragers. Zij omvat bijvoorbeeld controleprogramma s, analyses, memoranda inzake aangelegenheden, samenvattingen inzake significante aangelegenheden, brieven inzake (1) Zoals gedefinieerd in ISA 220 (herzien). NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 3/14
externe bevestigingen en bevestigingsbrieven, checklists en correspondentie (waaronder e-mail) inzake significante aangelegenheden. Uittreksels of kopieën van vastleggingen van de entiteit, bijvoorbeeld belangrijke en specifieke contracten en overeenkomsten, kunnen wanneer dat geschikt wordt geacht deel uitmaken van de controledocumentatie. Controledocumentatie is echter geen middel ter vervanging van de vastleggingen van de entiteit. De controledocumentatie met betrekking tot een bepaalde controleopdracht wordt samengevoegd in een controledossier. 8. De auditor neemt gewoonlijk in de controledocumentatie niet op: achterhaalde ontwerpen van werkdocumenten en financiële overzichten, aantekeningen die een weergave zijn van een onvolledige of voorlopige gedachtegang, vorige afschriften van documenten die zijn verbeterd op grond van typefouten of andere fouten, en duplicaten van documenten. Vorm, inhoud en omvang van de controledocumentatie 9. De auditor dient de controledocumentatie zodanig op te stellen dat het een ervaren auditor die voorheen niet betrokken was bij de controle in staat stelt om inzicht te verkrijgen in: (a) de aard, tijdsfasering en omvang van de controlewerkzaamheden die zijn uitgevoerd om te voldoen aan de ISA s en de door de van toepassing zijnde wet- en regelgeving gestelde eisen; (b) de uitkomsten van de controlewerkzaamheden en de verkregen controleinformatie; en (c) significante aangelegenheden die tijdens de controle aan het licht zijn gekomen en de daaruit getrokken conclusies. 10. De vorm, inhoud en omvang van controledocumentatie hangt af van factoren als: - de aard van de uit te voeren controlewerkzaamheden; - de onderkende risico s van een afwijking van materieel belang; - de omvang van oordeelsvorming die is vereist voor de uitvoering van de werkzaamheden en het evalueren van de uitkomsten; - de significantie van de verkregen controle-informatie; - de aard en omvang van de onderkende uitzonderingen; NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 4/14
- de noodzaak tot het documenteren van een conclusie of de basis van een conclusie wanneer deze niet rechtstreeks is af te leiden uit de documentatie van de uitgevoerde werkzaamheden of uit de verkregen controle-informatie; en - de gehanteerde controlemethodologie en hulpmiddelen. Het is echter niet noodzakelijk en evenmin vanuit praktisch oogpunt haalbaar om al datgene te documenteren dat de auditor gedurende de controle overweegt. 11. Mondelinge toelichtingen door de auditor vormen op zichzelf geen adequate onderbouwing voor de werkzaamheden die hij heeft verricht of voor de conclusies die hij heeft getrokken, maar kunnen worden gebruikt om informatie die is opgenomen in de controledocumentatie uit te leggen of te verduidelijken. Documentatie van de onderscheidende kenmerken van specifieke onderwerpen of aangelegenheden die worden getoetst 12. Bij het documenteren van de aard, tijdsfasering en omvang van de uitgevoerde controlewerkzaamheden dient de auditor de onderscheidende kenmerken vast te leggen van specifieke onderwerpen of aangelegenheden die worden getoetst. 13. Het vastleggen van onderscheidende kenmerken dient een aantal doelen. Het stelt bijvoorbeeld het controleteam in staat verantwoordelijkheid te dragen voor de uitgevoerde werkzaamheden en maakt het onderzoek naar uitzonderingen en inconsistenties eenvoudiger. Onderscheidende kenmerken zullen variëren afhankelijk van de aard van de controlewerkzaamheden en het onderwerp dat, of de aangelegenheid die, wordt getoetst. Als voorbeeld zijn te noemen: - voor een detailcontrole op door de entiteit aangemaakte inkoopopdrachten kan de auditor de documenten die voor de toetsing worden geselecteerd identificeren aan de hand van de datum en het unieke inkoopordernummer; - voor werkzaamheden waarbij het selecteren of beoordelen is vereist van alle elementen in een gegeven populatie boven een bepaald bedrag, kan de auditor de reikwijdte van de procedure vastleggen en de populatie identificeren (bijvoorbeeld alle journaalposten boven een bepaald bedrag geselecteerd vanuit de dagboeken); NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 5/14
- voor werkzaamheden waarbij volgens een bepaalde systematiek een steekproef moet worden getrokken uit een verzameling documenten kan de auditor de geselecteerde documenten onderkennen aan de hand van het vastleggen van de bron daarvan, het startpunt en het steekproefinterval (bijvoorbeeld een systematisch opgebouwde steekproef van verzendingsdocumenten getrokken uit het verzendregister voor de periode van 1 april tot en met 30 september, te beginnen met documentnummer 12345 en vervolgens elk 125-ste document); - voor werkzaamheden waarbij inlichtingen van specifieke personeelsleden van de entiteit moeten worden ingewonnen kan de auditor de datum van het verkrijgen van de inlichtingen en de naam en functiebeschrijving van deze personeelsleden vastleggen; - voor het uitvoeren van een waarneming ter plaatse kan de auditor een vastlegging maken van het proces of van het object waarop de waarneming betrekking heeft, van de betrokken personen, van hun respectieve verantwoordelijkheden alsmede van de plaats en het tijdstip waarop de waarneming werd uitgevoerd. Significante aangelegenheden 14. Het beoordelen van de significantie van een aangelegenheid vereist een objectieve analyse van de feiten en omstandigheden. Significante aangelegenheden omvatten onder meer: - aangelegenheden die aanleiding geven tot significante risico s (zoals gedefinieerd in ISA 315, Kennis van de entiteit en haar omgeving en het inschatten van het risico van een afwijking van materieel belang ); - uitkomsten van controlewerkzaamheden die er op zouden kunnen wijzen (a) dat de financiële informatie een afwijking van materieel belang zou kunnen bevatten of (b) dat het nodig is de eerdere inschattingen door de auditor van het risico van een afwijking van materieel belang en de wijze waarop hij op dat risico inspeelt te herzien; - omstandigheden die voor de auditor grote moeilijkheden veroorzaken voor het uitvoeren van noodzakelijke controlewerkzaamheden; - bevindingen die zouden kunnen leiden tot het aanbrengen van een aanpassing aan de inhoud van de controleverklaring. NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 6/14
15. De auditor kan het nuttig achten als onderdeel van de controledocumentatie een samenvatting op te stellen en te bewaren (soms bekend als een afrondingsmemorandum) waarin een beschrijving is opgenomen van de significante aangelegenheden die tijdens de controle zijn onderkend en van de wijze waarop zij zijn afgehandeld, of dat verwijzingen naar andere relevante onderbouwende elementen opgenomen in de controledocumentatie bevat die in deze informatie voorziet. Een dergelijke samenvatting kan doeltreffende en doelmatige beoordelingen en inspecties van de controledocumentatie eenvoudiger maken, in het bijzonder voor omvangrijke en complexe controles. Verder kan het opstellen van een dergelijke samenvatting een bijdrage leveren aan het door de auditor in overweging nemen van significante aangelegenheden. 16. De auditor dient besprekingen inzake significante aangelegenheden met de leiding van de entiteit en met anderen tijdig te documenteren. 17. De controledocumentatie bevat vastleggingen van de besproken significante aangelegenheden en van het tijdstip waarop en de personen met wie de besprekingen hebben plaatsgevonden. Zij is niet beperkt tot documenten die door de auditor zelf zijn opgesteld maar kan ook andere geschikte vastleggingen bevatten zoals vastgestelde notulen van vergaderingen die zijn opgesteld door het personeel van de entiteit. Tot de anderen met wie de auditor significante aangelegenheden kan bespreken behoren het toezichthoudend orgaan, andere personeelsleden binnen de entiteit en externe partijen zoals personen die de entiteit van beroepsmatig advies voorzien. 18. Indien de auditor informatie heeft onderkend die strijdig of inconsistent is met zijn eindconclusie met betrekking tot een significante aangelegenheid dient hij te documenteren hoe hij deze strijdigheid of inconsistentie bij de totstandkoming van de eindconclusie heeft behandeld. 19. De documentatie van de wijze waarop de auditor is omgegaan met de strijdigheid of inconsistentie houdt echter niet in dat hij documentatie moet bewaren die foutief of achterhaald is. NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 7/14
Documentatie van het afwijken van grondbeginselen of van essentiële werkzaamheden 20. De grondbeginselen en essentiële werkzaamheden in de ISA s zijn ontworpen om de auditor te ondersteunen in het voldoen aan de algehele doelstelling van de controle. Daarom voldoet de auditor, uitzonderlijke omstandigheden daargelaten, aan elk van de grondbeginselen en essentiële werkzaamheden die relevant zijn onder de omstandigheden van de controle. 21. Waar de auditor, in uitzonderlijke omstandigheden, het noodzakelijk acht om af te wijken van één van de grondbeginselen of essentiële werkzaamheden die in de gegeven omstandigheden relevant is dient hij te documenteren op welke wijze de alternatieve controlewerkzaamheden werden uitgevoerd gericht op het bereiken van het doel van de controle en, tenzij dit op een andere wijze duidelijk is, wat de redenen zijn voor het afwijken daarvan. Dit houdt in dat de auditor documenteert op welke wijze de uitgevoerde alternatieve controlewerkzaamheden voldoende en geschikt zijn om één van deze grondbeginselen of essentiële werkzaamheden te vervangen. 22. De documentatievereiste heeft geen betrekking op grondbeginselen en essentiële werkzaamheden die onder de omstandigheden niet relevant zijn, dat wil zeggen wanneer de omstandigheden waarop de aangegeven grondbeginselen en essentiële werkzaamheden betrekking hebben niet van toepassing zijn. Bij een doorlopende opdracht is bijvoorbeeld niets van ISA 510, Eerste uitvoering van controle-opdrachten Openingssaldi van toepassing. Zo zijn eveneens, indien een ISA voorwaardelijke vereisten bevat, deze niet relevant wanneer de genoemde voorwaarden zich niet voordoen (bijvoorbeeld de vereiste inzake het aanpassen van de inhoud van de controleverklaring in geval van een beperking in de uitvoering van de opdracht). Identificatie van opsteller en beoordelaar 23. Bij het documenteren van de aard, tijdsfasering en omvang van de uitgevoerde controlewerkzaamheden dient de auditor vast te leggen: (a) wie de controlewerkzaamheden heeft uitgevoerd alsmede de datum waarop deze werkzaamheden waren afgerond; en NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 8/14
(b) wie de uitgevoerde controlewerkzaamheden heeft beoordeeld alsmede de datum en de diepgang van deze beoordeling (2). 24. De vereiste inzake het documenteren wie de uitgevoerde controlewerkzaamheden heeft beoordeeld betekent niet dat op elk specifiek werkdocument een spoor van deze beoordeling moet worden aangegeven. Uit de controledocumentatie blijkt echter wèl wie bepaalde onderdelen van de uitgevoerde controlewerkzaamheden heeft beoordeeld alsmede wanneer dit is tot stand gekomen. Samenstelling van het afgeronde controledossier 25. De auditor dient de samenstelling van het afgeronde controledossier tijdig na de datum van de controleverklaring definitief te maken. 26. ISQC 1 vereist van de kantoren dat zij beleidslijnen en -procedures vaststellen voor de tijdige afronding van de samenstelling van controledossiers. Zoals ISQC 1 aangeeft is 60 dagen na de datum van de controleverklaring gewoonlijk een geschikt tijdsbestek om de samenstelling van het afgeronde controledossier af te ronden. 27. Het definitief maken van de samenstelling van het afgeronde controledossier na de datum van de controleverklaring is een administratief proces dat geen betrekking heeft op de uitvoering van nieuwe controlewerkzaamheden of op het trekken van nieuwe conclusies. Er mogen echter tijdens de fase van het definitief maken van de samenstelling wijzigingen worden aangebracht in de controledocumentatie mits zij van administratieve aard zijn. Tot de voorbeelden van dergelijke wijzigingen behoren: - het vernietigen of verwijderen van achterhaalde documentatie; - het sorteren, collationeren en opnemen van verwijzingen in werkdocumenten; - het aftekenen van checklists die worden gehanteerd bij het proces van samenstelling van het dossier; (2) Paragraaf 26 van ISA 220 (herzien) vereist dat de auditor de controlewerkzaamheden beoordeelt door middel van een beoordeling van de controledocumentatie, waardoor hij de aard en tijdsfasering van de beoordelingen documenteert. Paragraaf 25 van ISA 220 (herzien) geeft een beschrijving van de aard van een beoordeling van uitgevoerde werkzaamheden. NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 9/14
- het documenteren van controle-informatie die de auditor heeft verkregen, besproken en voorafgaand aan de datum van de controleverklaring heeft aanvaard in samenspraak met de relevante leden van het controleteam. 28. Nadat de samenstelling van het afgeronde controledossier definitief is gemaakt mag de auditor vóór het einde van de bewaartermijn geen controledocumentatie vernietigen of verwijderen. 29. ISQC 1 vereist van de kantoren dat zij beleidslijnen en -procedures vaststellen voor het bewaren van opdrachtdocumentatie. Zoals ISQC 1 aangeeft is de bewaartermijn voor controleopdrachten gewoonlijk niet korter dan vijf jaar vanaf de datum van de controleverklaring of de datum van de controleverklaring over de geconsolideerde financiële overzichten wanneer deze later is. 30. Wanneer de auditor het noodzakelijk acht veranderingen aan te brengen in bestaande controledocumentatie dan wel nieuwe controledocumentatie toe te voegen nadat de samenstelling van het afgeronde controledossier definitief is gemaakt, dient hij, ongeacht de aard van de veranderingen of toevoegingen, te documenteren: (a) wanneer en door wie zij werden aangebracht, en (indien van toepassing) beoordeeld; (b) de specifieke redenen voor het aanbrengen daarvan; en (c) de mogelijke invloed daarvan op de conclusies van de auditor. In de controledocumentatie in uitzonderlijke omstandigheden aangebrachte wijzigingen na de datum van de controleverklaring 31. Wanneer zich na de datum van de controleverklaring uitzonderlijke omstandigheden voordoen die vereisen dat de auditor nieuwe of aanvullende controlewerkzaamheden uitvoert of die ertoe leiden dat hij nieuwe conclusies trekt, dient hij te documenteren: (a) de omstandigheden die zich hebben voorgedaan; (b) de nieuwe of aanvullende controlewerkzaamheden die zijn uitgevoerd, de verkregen controle-informatie, en de getrokken conclusies; en NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 10/14
(c) wanneer en door wie de daaruit voortvloeiende wijzigingen in de controledocumentatie zijn aangebracht, en (indien van toepassing) zijn beoordeeld. 32. Tot dergelijke uitzonderlijke omstandigheden behoort het ontdekken van feiten met betrekking tot de gecontroleerde financiële informatie die bestonden op de datum van de controleverklaring die de controleverklaring zouden hebben beïnvloed indien de auditor toen daarvan op de hoogte zou zijn geweest. Ingangsdatum 33. Deze ISA is van toepassing op controles van financiële informatie over periodes beginnend op of na 15 juni 2006. NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 11/14
Bijlage Specifieke vereiste werkzaamheden en aanwijzingen voor controledocumentatie in andere ISA s Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste paragrafen in andere ISA s waarin specifieke vereiste werkzaamheden en aanwijzingen voor controledocumentatie zijn opgenomen: - ISA 210, Opdrachtvoorwaarden voor controles -paragraaf 5; - ISA 220 (Herzien), Kwaliteitsbeheersing van controles van historische financiële informatie -paragrafen 11-14, 16, 25, 27, 30, 31 en 33; - ISA 240, De verantwoordelijkheid van de auditor om rekening te houden met fraude in het kader van een controle van financiële overzichten -paragrafen 60 en 107-111; - ISA 250, Het in aanmerking nemen van wet- en regelgeving bij een controle van financiële overzichten -paragraaf 28; - ISA 260, Communicatie over controle-aangelegenheden met het toezichthoudend orgaan -paragraaf 16; - ISA 300, De planning van een controle van financiële overzichten -paragrafen 22-26; - ISA 315, Kennis van de entiteit en haar omgeving en het inschatten van het risico van een afwijking van materieel belang -paragrafen 122 en 123; - ISA 330, De werkzaamheden van de auditor in functie van zijn gemaakte risicoinschatting -paragrafen 73 en 74 - ISA 505, Externe bevestigingen -paragraaf 33; - ISA 580, Bevestigingen van de leiding van de entiteit -paragraaf 10; en - ISA 600, Gebruikmaken van de werkzaamheden van een andere auditor - paragraaf 14. NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 12/14
Overeenstemmende aanpassingen in ISA 200 en ISA 330 als gevolg van ISA 230 (NIEUW) ISA 200, Doelstelling en algemene uitgangspunten van een controle van financiële overzichten De volgende zinnen zijn toegevoegd aan het einde van paragraaf 14: De auditor kan het, in uitzonderlijke omstandigheden, noodzakelijk achten om af te wijken van één van de grondbeginselen of essentiële werkzaamheden die in de gegeven omstandigheden relevant zijn teneinde aan de doelstelling van de controle te voldoen. In een dergelijk geval is hij niet verhinderd te verklaren dat hij voldoet aan de ISA s, mits het afwijken daarvan op adequate wijze is gedocumenteerd zoals is vereist door ISA 230, Controledocumentatie. Deze aanpassing is van toepassing op controles van financiële informatie over periodes beginnend op of na 15 juni 2006. ISA 330, De werkzaamheden van de auditor in functie van zijn gemaakte risicoinschatting De volgende paragrafen in ISA 330 zijn aangepast zoals aangegeven: 50. De gegevensgerichte controles die de auditor uitvoert dienen de volgende controlewerkzaamheden bij de afronding van de financiële overzichten te omvatten: - het aansluiten of afstemmen van de financiële overzichten op de onderliggende administratie; en - het beoordelen van significante journaalposten en andere aanpassingen die tijdens het opstellen van de financiële overzichten zijn gemaakt. De aard en omvang van de beoordeling door de auditor van de journaalposten en van de andere aanpassingen zijn afhankelijk van de aard en complexiteit van het financiële verslaggevingsproces van de entiteit alsmede van de daarmee samenhangende risico s van een afwijking van materieel belang. NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 13/14
73. De auditor dient de algemene aanpak met betrekking tot de ingeschatte risico s van een afwijking van materieel belang op het niveau van de financiële overzichten, de aard, tijdsfasering en omvang van de verdere controlewerkzaamheden, het verband van dergelijke werkzaamheden met het ingeschatte risico op beweringniveau en de uitkomsten van de controlewerkzaamheden te documenteren, met inbegrip van de getrokken conclusies voorzover deze niet op een andere wijze duidelijk zijn. Indien de auditor voornemens is de in vorige controles verkregen controle-informatie over de effectieve werking van interne beheersingsmaatregelen te gebruiken, dient hij tevens de conclusies ten aanzien van het steunen op die maatregelen welke in een vorige periode zijn gecontroleerd te documenteren. De volgende paragrafen zijn toegevoegd aan ISA 330: 73a. Uit de documentatie van de auditor dient duidelijk te blijken dat de financiële overzichten in overeenstemming zijn met of aansluiten op de onderliggende administratieve documenten. 73b. De wijze waarop de aangelegenheden genoemd in de paragrafen 73 en 73a worden gedocumenteerd is gebaseerd op de vakkundige oordeelsvorming van de auditor. ISA 230, Controledocumentatie stelt essentiële werkzaamheden en grondbeginselen vast en geeft aanwijzingen met betrekking tot documentatie binnen de context van de controle van financiële overzichten. Deze aanpassingen aangebracht in ISA 330 zijn van toepassing op controles van financiële informatie over periodes beginnend op of na 15 juni 2006. NIVRA-IBR/HV-DSCH-RK/acs-fb/versie 8 mei 2008 14/14