Ladingboek Binnentankvaart



Vergelijkbare documenten
Informatieblad. Omgang met afval van de lading. Stand: maart 2014

BIJLAGEN SAV HET VERDRAG INZAKE

Wet- en regelgeving. Scheepsafvalstoffenverdrag (SAV) Reglement van Onderzoek Schepen op de Rijn (ROSR)

Aan: Dhr. Teulings (VOTOB) Dhr. Wijbrands (VNPI) Mevr. Zaaier (VOPAK) Dhr. Tijssen (BLN) Dhr. Kasteel (CBRB) Dhr. Mol (Interstream Barging)

Veelgestelde Vragen SAV deel B - Afval van de lading

Informatieblad. Omgang met afval van de lading. Stand: juni 2019

Handreiking Transportmeldingen EVOA

Workshop CDNI Deel B Problematiek losstandaarden en afgifte- /innamevoorschriften waswaters

Handleiding EVOA Transportmeldingen. Verordening (EG) 1013/2006

Formulier voor de overdracht van scheepsafvalstoffen Ship waste transfer form

TRACTATENBLAD VAN HET

AANBEVELINGEN EN INFORMATIE VOOR DE BINNENVAART ALS HULPMIDDEL VOOR EEN CORRECTE TOEPASSING VAN DE VOORSCHRIFTEN OVER DE AFVALVERWIJDERING

Toetsmatrijs. Opgesteld door: CCV. Examenonderdeel Code: n.v.t. Naam: Veiligheidsadviseur Modaliteitspecifiek deel Binnenvaart Toetsvorm: Schriftelijk

PROCEDURE VOOR DE UITGIFTE VAN HET CERTIFICAAT VAN GOEDKEURING

Laad- en lostijden binnenvaart

In deze regeling wordt verstaan onder besluit: Besluit vaartijden en bemanningssterkte binnenvaart.

Taxonomie code: B Schriftelijk. B Schriftelijk. R Schriftelijk. R Schriftelijk. R Schriftelijk

24 mei Evenementenhal Gorinchem. Rollen en verantwoordelijkheden in de transportketen

Arbeidsomstandighedenregeling. Hoofdstuk 4. Veiligheid tankschepen en gevaarlijke stoffen. Paragraaf 4.1 Veiligheid aan op of in tankschepen

Reglement voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Rijn (ADNR)

(Besluit 2015-II-15) Dekblad VII / VIII V 57 / 58. invoegen. verwijderenn

Als eerste kan het aantal groepen worden geselecteerd, doormiddel van de pijlen kunnen tot 4 groepen worden geselecteerd.

ISGINTT. (International Safety Guide for Inland Navigation Tank-barges and Terminals) Ed Wijbrands. (ISGINTT steering committee)

Opgesteld door: CCV. Examenonderdeel: Veiligheid en milieu Code: BVVM Naam: Schipper Toetsvorm: Schriftelijk: meerkeuzevragen.

CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART VERDRAG INZAKE DE VERZAMELING, AFGIFTE EN INNAME VAN AFVAL IN DE RIJN- EN BINNENVAART

In ieder geïsoleerd verdeelsysteem moet een automatische aardfoutcontroleinrichting met een optisch en akoestisch alarm zijn ingebouwd.

HOOFDSTUK 5. Bepalingen over het beheer van specifieke materiaalkringlopen en afvalstoffen

Verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en Binnenvaart (CDNI) Ontstaan, structuur en uitvoering in België

BICS2 instructiekaart

1. RECHTEN EN PLICHTEN VAN DE VERVOERDER

BICS2 instructiekaart

Deel 7 Voorschriften voor het laden, vervoeren, lossen en de behandeling van de lading

AANVRAAGFORMULIER ALGEMEEN. Vul s.v.p. uw scheepsgegevens in op het formulier Overzicht van uw schepen

Wijziging van het Rijnvaartpolitiereglement Ontwerpbepalingen voor schepen die vloeibaar aardgas (LNG) als brandstof gebruiken

Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken

CASUS DEEL 2 Supersauna (20 vragen)

Stand van Zaken GRTS 15 september 2015

Aanvraag ontheffing route gevaarlijke stoffen

BINNENVAART HANDLEIDING

Bundel van de besluiten van de CVP van 12 december 2013

Publicatieblad van de Europese Unie L 77/25

CARGO DATA SYSTEMS BV

Status: Geldende wetgeving. Van toepassing indien niets (anders) is overeengekomen.

BICS Instructiekaart E-MELDPLICHT MET BICS E-MELDPLICHT met BICS Water. Wegen. Werken. Rijkswaterstaat. Instructies Melden met BICS

5. Scheepsafval Scheepsafvalstoffenbesluit (binnenvaart) Scheepsbedrijfsafvalstoffen

HOOFDSTUK 21 AANMAAK VAN EEN RIJBEWIJS

Verkorte Handleiding WasteTool (V3.1)

Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat/RIZA Overzichtsrapportage ladingrestanten binnenvaart

Besluit CDNI 2016-I-6

a) de navolgende, onder punt 3 genoemde vermeldingen worden na hoofdstuk 4 ingevoegd.

CTC ALGEMENE TANKREINIGINGSVOORWAARDEN

CDNI. Analyse en maatregelen. de online-enquête over de uitvoering van deel

1. Bij welk type behoren de afmetingen van 67 meter lang en 8.20 meter breed?

BRUIDSMODE EN MAATWERK

Aanvraag Ruimte voor Tijdelijke Opslag (RTO)

De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

Kerntaak 1: Ontvangt en slaat goederen op

Bij het melden van een klacht kunt u gebruik maken van een klachtenformulier. U kunt het hier downloaden of wij sturen u het op verzoek toe.

Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken

Onderwerp: Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid A. Bonte (GroenLinks) over het ontgassen van schepen.

HOOFDSTUK 8.6 DOCUMENTEN. Bevoegde autoriteit: Ruimte gereserveerd voor het wapen en de naam van de staat

HOOFDSTUK 21 AANMAAK VAN EEN RIJBEWIJS (VOOR DE AANMAAK VAN EEN INTERNATIONAAL RIJBEWIJS, ZIE HOOFDSTUK 23)

MTBE / ETBE Transport over binnenlandse waterwegen

subklassen compatibiliteitsgroepen ADR 2013 Klasse 1

VERDRAG INZAKE DE VERZAMELING, AFGIFTE EN INNAME VAN AFVAL IN DE RIJN EN BINNENVAART

Controleer of het Nederlandse verzamelcentrum een procedure heeft voor de beoordeling van kalveren op genoemde aandoeningen en ook toepast.

OFFERTEFORMULIER Perceel 1

Sanitair afval Olie Huisvuil Chemicaliën AFGIFTE SCHEEPSAFVAL IN. zeehavens Amsterdam. 1 november 2004 start uitvoering Haven Afvalstoffen Plan (HAP)

NMI Mediation Reglement 2008

OUTLOOK ACCOUNTS POSTVAKKEN SORTEERREGELS HANDTEKENINGEN

VvE Management VOOR DE ZAKELIJKE MARKT

voorletters : telefoonnummer overdag : naam : telefoonnummer s avonds :

Aanvraag van een planologisch attest

Transcriptie:

Ladingboek Binnentankvaart Versie: def.17-04--2003 Mailaddress: PO Box 23133 3001 KC Rotterdam The Netherlands Address: Vasteland 12e 3011 BL Rotterdam The Netherlands T +31 (0)10 4116070 F +31 (0)10 4129091 Email: info@ebu-uenf.org Internet: www.ebu-uenf.org

Algemene opmerkingen Dit model ladingboek binnentankvaart is ontwikkeld als vervolg van een voorwaarde uit de zogenaamde zelfverplichtingsverklaring overeengekomen tussen internationale organisaties van het vervoerend- en verladend- binnenvaartbedrijfsleven. Hierin is overeengekomen dat bij de toepassing van de overeenkomst er aan boord een lückenlos ladingboek zal worden gevoerd. Met dit ladingboek neemt de EBU verder ook haar verantwoordelijkheid op het milieugebied en kan dit ladingboek worden gezien als een eerste invulling van het te ontwikkelen ladingboek voor het nog niet van kracht zijnde Scheepsafvalstoffenverdrag. De in 7.2.4.11 van het ADNR (CCR van 1 januari 2003) genoemde regeling inzake het ladingboek in vooralsnog niet wettelijk van kracht. Ook het verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart welke in deel B, hoofdstuk VI artikel 6.03 voorziet in het invullen van een losverklaring is nog niet wettelijk van kracht Met deze EBU richtlijn model ladingboek en de toelichting zal de vrijwillige toepassing van het ladingboek internationaal ordelijk verlopen waardoor een hoge mate van uniformiteit zal worden bereikt. Dit model wordt door de Centrale Commisie voor de Rijnvaart (CCR) ondersteund. Het ladingboek is niet van toepassing op schepen van het type G (gastankers) en schepen in dedicatievaart. Opmerkingen over het ladingboek Zolang de voorschriften van het ladingboek nog niet wettelijk van kracht zijn, bestaan er geen vormvoorschriften voor het ladingboek en de losverklaring Het hier beschreven model ladingboek moet hieraan richting geven. Ook een elektronisch ladingboek of individueel gemaakte kopieën van dit model zijn toegestaan. Voor adressen voor het bestellen van een hard kopie ladingboek kunt U contact opnemen met het secretariaat van de EBU of uw nationale binnenvaartvertegenwoordiging. Het is wenselijk dit model zoveel mogelijk in de praktijk toe te passen en de ervaringen te verzamelen zodat het model ladingboek voor de wettelijke invoering in de reglementen op basis van deze ervaringen aangepast kan worden. Dit ladingboek is aan verschillende nationale organisaties van het verladend bedrijfsleven en aan de EUROPIA, de FETSA en de CEFIC ter kennisneming voorgelegd en internationaal als model door hen geaccepteerd. Het verladend bedrijfsleven zal, ook zonder een wettelijke verplichting, er alles aan zijn gelegen om vroegtijdig ervaringen op te doen met het ladingboek en met de door de zelfverplichting opgelegde ondertekenplicht aan beide zijden (schip en wal). In die gevallen dat het personeel van de overslaglocatie niet bereid is het ladingboek te ondertekenen, is het niet mogelijk de zelfverplichting toe te passen. Brussel / Rotterdam De Europese Binnenvaart Unie, april 2003 1

Tankplan Dit tankplan maakt vast onderdeel uit van het ladingboek. In het onderstaand schema wordt eenmalig de tankindeling en de inhoudsmaat van de ladingen slobtanks aangegeven. De hierin aangegeven nummers worden verder bij het invullen van het ladingboek gebruikt. Het wordt aanbevolen om bij de slobtanks het nummer te combineren met de letter S. Scheepsnaam Officieel scheepsnummer :. :. Tankplan Lading- of Slobtank nummer. Inhoud in m3 100% vol

LADINGBOEK voor tankschip: ambtelijk scheepsnr. Reis: Blz:. Laden: Hoeveel- Laad- Ladingsoort: Handtekening Datum Laadplaats (gemeente) Laadinstallatie (firma) Partij Tanks: heid m 3 code: UN-Nr. ADNR-product naam Klasse Verp. Gr. schipper 1 2 3 Laadcode: 1 = zonder gaspendelen 2 = met gaspendelen 3 = met inertgas Lossen Hoeveel- Los- Rest- Rest- Rest- Steigerverantwoordelijke: Handtekening Datum: Losplaats (gemeente) Losinstallatie (firma) Partij: Tanks: heid m 3 code: code: veelheid m 3 tanks: Naam (Drukletters) Handtekening: schipper 1 2 3 Loscode: 4 = zonder gaspendelen 5 = met gaspendelen 6 = met inertgas Restcode: 7 = met restlading in ladingtank (zonder efficient strippen) 8 = met restlading en efficient stripping direct afgegeven aan de wal 9 = met restlading en efficient stripping aan boord gehouden Reinigen: Hoeveel-Reinigings- Schoonmaker/inzamelaar: Handtekening Datum: Reinigingsplaats (gemeente) Reinigingsinstallatie (firmpartij: Tanks: heid m 3 code: Naam (Drukletters) Handtekening: schipper Reinigingscode: 10 = geventileerd in de buitenlucht 11 = geventileerd naar de wal / installatie 12 = geventileerd via een filtering 13 = koud gewassen 14 = heet gewassen 15 = uitgedampt 16 = waswater aan land afgegeven 17 = ballastwater aan land afgegeven 18 = waswater aan boord gehouden Opmerkingen / bijzonderheden / afgifte van restlading: Handtekening Handtekening Datum: Ontvanger: Schipper

Algemene toelichting voor het gebruik van het ladingboek - Het ladingboek dient per reis ingevuld te worden. (Hiermede wordt aan punt 4 van de zelfverplichtingsverklaring van het vervoerend- en verladend bedrijfsleven tot het voeren van een gesloten ladingboek voldaan) - Een reis vangt aan bij het beladen en is voltooid na lossing maar niet eerder dan na afgifte van de restlading vrijgekomen na efficient stripping en/of na het schoonmaken cq ontgassen van de ladingtanks. - Maak de aantekeningen in het ladingboek zo snel mogelijk na het voltooien van de handeling. - Maak eventuele doorhalingen of correcties zodanig dat de tekst leesbaar blijft en parafeer deze. - Indien er meerdere verschillende partijen in het schip worden geladen, wordt per product één regel gebruikt. - Indien meerdere partijen worden geladen voor verschillende losplaatsen laat dan voldoende regels vrij voor het invullen van lossen en schoonmaken. - Elke bladzijde van het ladingboek wordt gebruikt voor een reis met maximaal drie verschillende partijen. Als er meer dan drie partijen per reis worden geladen kan men deze doornummeren op de volgende bladzijde. - De ondertekening van het steigerpersoneel (bij lossen) en door het personeel van de schoonmaakinstallatie (bij schoonmaken) wordt aanvullend door de schipper bevestigd. - Bijzonderheden betreffende het laden of lossen kunnen afzonderlijk worden vermeld in het vak opmerkingen / bijzonderheden. - Incidentele handelingen ten gevolge van averij of andere bijzondere omstandigheden worden ook weergegeven bij bijzonderheden. - Onder restlading wordt verstaan; vloeibare lading die na het lossen, zonder gebruikmaking van een nalenssysteem in de ladingtank en in het leidingssysteem achterblijft. - Onder ladingrestanten wordt verstaan; vloeibare lading die niet door het nalenssysteem uit de ladingtanken en het leidingsysteem verwijderd kan worden. - Onder een nalenssysteem wordt verstaan: en systeem voor het zo volledig mogelijk legen van de ladingtanks en het leidingsysteem ( zie hiervoor verder de afzonderlijke EBU aanbeveling) 4

Toelichting op de rubrieken van het ladingboek: Hierna wordt er een toelichting gegeven op de afzonderlijke rubrieken laden, lossen, reinigen en opmerkingen / bijzonderheden / afgifte restlading, zoals die in het ladingboekmodel zijn opgenomen. Rubriek LADEN: - DATUM: Vul hier de datum van laden in. Indien er op een dag meer partijen worden geladen geef dan per partij het tijdstip aan. - LAADPLAATS: Vul hier de plaats van vestiging van de laadinstallatie in. - LAADINSTALLATIE: Vul hier de naam van de laadinstallatie in. - PARTIJ: Wanneer er een partij wordt geladen hoeft alleen de eerste regel ingevuld te worden. Indien er meer partijen worden geladen kan hier onderscheid worden aangebracht. Indien er meer dan 3 partijen worden geladen neemt men de volgende bladzijde en nummert men de partijnummers op de tweede bladzijde door met 4, 5 enz. - TANKS: Vul hier in, in welke tanks de partij geladen is. Gebruik consequent de nummers vermeld in het tankplan. Indien meerdere partijen worden geladen voor verschillende losplaatsen laat dan voldoende regels vrij voor het invullen van lossen en reinigen. Bij meer dan drie partijen kunnen deze onder nummer 4, 5 enz. (handmatig veranderen) op de volgende bladzijde geregistreerd worden. - HOEVEELHEID M 3 : Geef hier aan de totaal geladen hoeveelheid in m3. Deze hoeveelheid zal overeenstemmen met de hoeveelheid van het ladingdocument. - LAADCODE: Geef hier aan op welke wijze er is geladen. Gebruik de codes 1, 2 of 3 die onder de rubriek laden zijn aangegeven. Meerdere codes mogen worden gebruikt. - UN NUMMER: Geef het het vier cijferig UN nummer van de ladingsoort aan (zonder de toevoeging UN). - LADINGSOORT: Geef de productnaam aan zoals die op het vervoersdocument vermeld staat. - KLASSE: Vul hier de ADNR-Klasse in. - VERP. GR.: Vul hier de ADNR Verpakkingsgroep in - HANDTEKENING SCHIPPER: Hier ondertekent de schipper direct na het beladen 5

Rubriek LOSSEN: - DATUM: Vul hier de datum van lossen in. - LOSPLAATS: Vul hier de plaats van lossen in. - LOSINSTALLATIE: Vul hier de naam van de losinstallatie in - PARTIJ: Indien er meer partijen zijn geladen, is er onderscheid gemaakt in de rubriek laden. Deze zelfde nummering wordt dan ook bij de rubriek lossen gebruikt. - TANKS: Vul hier in, uit welke tanks de partij gelost is. Gebruik consequent de nummers van het tankplan. - HOEVEELHEID M 3 : Geef hier aan de geloste hoeveelheid in m3. Deze hoeveelheid moet administratief overeenstemmen met de ladingdocumenten - LOSCODE: Geef hier aan op welke wijze er is gelost. Gebruik de codes 4, 5 en 6, die onder de rubriek lossen zijn weergegeven. Meerdere codes mogen worden gebruikt. - RESTCODE: Geef hier aan met de codes 7, 8 en 9 die onder de rubriek lossen zijn weergegeven op welke wijze er na lossing is omgegaan met de restlading. - RESTHOEVEELHEID: Geef hier de (geschatte) hoeveelheid restlading in liters aan welke behoort bij de restcode wanneer deze restlading aan boord (buiten de ladingtank) wordt bewaard en later wordt afgegeven of verwerkt op een ander plaats dan de losplaats. - RESTTANKS: Geef hier alleen bij gebruik van de restcode 9, aan in welke rest- of slobtank de restlading is opgeslagen. Gebruik hiervoor de nummering uit het tankplan. Indien dit een IBC of andere toegelaten verpakking betreft geef dan in deze rubriek aan IBC of V. - STEIGERVERANTW.: Hier dient de steigerverantwoordelijke in blokletters zijn naam te vermelden gevolgd door zijn handtekening. Hiermede bevestigt hij uitsluitend dat het schip op de losplaats heeft gelost en of er door het schip na lossing efficiënt stripping is toegepast en al dan niet restlading aan de wal is afgegeven. Van de steigerverantwoordelijke wordt GEEN (visuele) inspectie of verklaring dat de tanks volledig leeg zijn verwacht. - HANDTEKENING SCHIPPER: Hier ondertekent de schipper na het lossen. 6

(Deze rubriek (Reinigen) heeft geen betrekking op de zelfverplichting en is uitsluitend bedoeld voor diegene die vooruitlopend op de invoering van het SAV al met een ladingboek willen werken) Rubriek REINIGEN: - DATUM: Vul hier de datum van schoonmaken van de ladinganks in. - REINIGINGS PLAATS: Vul hier als er is gereinigd de naam in van de installatie waar dit is gebeurd. Bij handelingen die plaatsvinden tijdens de vaart wordt de naam van het vaarwater (algemeen) ingevuld. - REINIGINGSINSTALLATIE:Vul hier de naam van de installatie in waar is gereinigd. Indien dit een scheepsgebonden proces is benoem dan dat proces in deze rubriek. - PARTIJ: Indien er verschillende ladingpartijen aan boord waren is er onderscheid gemaakt bij de rubriek lossen. Deze zelfde nummering wordt dan ook bij de rubriek Reinigen gebruikt waarbij de partijen met elkaar moeten corresponderen. - TANKS: Bij het reinigen van ladingtanks komen er ladingrestanten (slobs) en/of waswaters (Reinigingsvloeistoffen zoals water verontreinigd met ladingrestanten) vrij. Vul hier in, uit welke tanks het waswater of de slobs afkomstig zijn. Gebruik de nummers van het tankplan. Indien een IBC of een andere toegelaten verpakking is gebruikt vul dan IBC of V in. - HOEVEELHEID M 3 : Geef hier aan de geschatte hoeveelheid waswater of slobs in m3 die bij de reiniging is ontstaan. - REINIGINGSCODE : Geef hier aan op welke wijze er is gereinigd. Gebruik de codes die onder de rubriek laden zijn weergegeven. Meerdere codes mogen worden gebruikt. Indien code 18 is ingevuld moet er hierbij worden aangegeven waar deze aan boord is opgeslagen. (Bij uiteindelijke afgifte ook altijd in de rubriek Opmerkingen /bijzonderheden aangegeven wanneer en bij wie welke hoeveelheid waswater is afgegeven.) - SCHOONMAKER- OF INZAMELAAR - NAAM: Hier vult de verantwoordelijke van de ontvangstinstallatie zijn naam in blokletters in. - HANDTEKENING: Hier tekent de verantwoordelijke ontvanger voor de ontvangst van de aangegeven hoeveelheid en soort. - HANDTEKENING SCHIPPER: Hier ondertekent de schipper na reiniging en/of afgifte.

Rubriek: OPMERKINGEN / BIJZONDERHEDEN /AFGIFTE RESTLADING Deze rubriek wordt gebruikt om incidentele handelingen bij bijzondere omstandigheden of ten gevolge van averij weer te geven. Gedacht kan worden aan het uitvallen van een pomp, het efficient stripping systeem dan wel aan het intern overbrengen van lading in andere ladingtanks. Indien in de rubriek Lossen de restcode 9 of in de rubriek Reinigen de reinigingscode 18 (waswater aan boord gehouden) is ingevuld moet ALTIJD de afgifte hiervan gemeld worden in deze rubriek. De volgende punten moeten worden vermeldt: - de datum van afgifte; - de plaats en firma van afgifte; - de geschatte HOEVEELHEID van de afgifte; - de tanks waaruit is afgegeven. Gebruik hiervoor de nummers van het tankplan, indien uit/met een IBC of toegelaten verpakking wordt afgegeven geef dan aan IBC / V. Indien de restlading (restcode 9) aan boord is verwerkt in een latere reis wordt bij opmerkingen / bijzonderheden / afgifte van restlading vermeld aan boord verwerkt. De schipper tekent in dat geval ook als ontvanger. De afgegeven hoeveelheid moet corresponderen met de hoeveelheid die eerder die reis is opgegeven in de rubriek Reinigen en tevens met de hoeveelheid aangegeven op het inzamelformulieren van de inzamelaar.