HANDLEIDING ( 20) GIROTEC RDL GIROTEC PL GIROTEC ST GIROTEC WT 3.0
RDL PL/PLB ST/STB WT2 WT3 Hoogte 200mm 220mm 200mm 20mm 20mm Lengte 790mm 780mm 700/860mm 700mm 870mm Breedte 720mm 66mm 300mm 330mm 36mm Machinegewicht 20kg 80/9kg 60/3kg 0kg 70kg Maximaal gewicht van de folierol 3kg 3kg 3kg 3kg 3kg Maximale palletafmetingen RDL 000*200*80mm / max. 000kg PL/PLB 000*200*200mm / max. 000kg ST/STB 000*200*80/200mm WT2 000*200*2000mm WT3 200*200*2000mm RA RDL 20mm PL 20mm ST 20mm WT2 20mm WT3 233mm Voeding TECHNISCHE GEGEVENS ST, WT2 en WT3 220-20v/0Hz RDL, STB,PLB en PL, Voeding 2v, batterijlader 220-20v/0Hz 3.0 RDL PL ST(B) WT
INHOUDSOPGAVE. ONDERDELENLIJST 2. WERKING VAN DE MACHINE 2. Bedieningspaneel 2.2 Voorbereidingen 2.3 Folierol plaatsen 3. Foliespanning afstellen 3. De wikkelparameters aanpassen 3.6 Wikkelen 3. WIKKELMETHODES. Enkelvoudig wikkelen.2 Spatwaterbestendig wikkelen.3 Dubbel wikkelen. KORTE OVERZIHT 6 2. VEILIGHEID 7 2. Algemeen 7 2.2 Veiligheidsvoorzieningen 7 2.3 Veiligheidszone 7 2. Veiligheidsopmerkingen 7 GIROTEC RDL GIROTEC PL GIROTEC ST GIROTEC WT Bij vragen kunt u contact opnemen met de lokale distributeur. Geautoriseerd dealer: ITW Mima Packaging systems Finland Tel:+38 376 Technische ondersteuning www.mimaitw.com 3.0
ONDERDELENLIJST 9 8 7 6 2 3 RDL. Arm 2. Draaiarm 3. Foliedistributeur. Folierol. Batterijkast 6. Aansluiting voor batterijlader 7. Slot voor draaibare arm 8. Bedieningspaneel 9. Mast WT:. Arm 2. Draaiarm 3. Foliedistributeur. Folierol. Bodemframe 6. Alimentatiekabel 7. Bedieningspaneel 8. Mast 9. Muurbeugel 0. Voedingkast. Bodemframe 9 8 7 0 2 3 8 7 2 3 PL:. Arm 2. Draaiarm 3. Foliedistributeur. Folierol. Palletaanslag 6. Alimentatiekabel 7. Bedieningspaneel 8. Mast ST/STB:. Arm 2. Draaiarm 3. Foliedistributeur. Folierol. Bodemframe 6. Alimentatiekabel 7. Bedieningspaneel 8. Mast 9. Aanspanning 0. Batterijkast (STB). Stabilisateur 6 9 8 7 0 2 3
WERKING VAN DE MACHINE 2. Bedieningspaneel. Noodstop 2.2 Voorbereidingen 3 2 2. Plus bovenste wikkel la gen, o verlapinstelling (hoog, medium, laag) en taal keu ze. 3. Plus onderste wikkelingen. Open de veiligheidsklem. (Het klemsysteem kan verschillen per machine). 3. Laadstatus batterij. Display wikkelpartonen PL-locked PL-unlocked 6 7 Info Reset 3 2 6. Schakelaar voor wikkelmethoden: 7. Min onderste wikkelingen. 8. START knop 2. Draai de hoofd schakelaar in de OP stand 8 0 9. Hoofdschakelaar 0. STOP knop. RESET knop 2 On Off 9 2. Info knop (Keuzemenu) 3. Minus bovenste wik kel la gen, o verlapinstelling (veel, ge mid deld, weinig) en taal keu ze.. Display wikkellagen 3. Druk op de reset knop (.) om de machine in de rustpositie te zetten.
WERKING VAN DE MACHINE 2.3 Folierol plaatsen. Plaats de folierol op de laagste stand van de foliedistributeur. 2. Trek een meter folie van de folierol en leid de folie langs de rollen als aangegeven op de tekening. 2. Foliespanning afstellen Gebruik de remhendel om de exacte foliespanning in te stellen. 2. De wikkelinstellingen aanpassen. Selecteer het wikkel patroon U kunt uit drie verschillende partonen kiezen - enkel wikkelen () - Spatwaterbestendige wikkel methode (2) - dubbele wikkelen (3) (Wikkelpartone gegevens, zie pag 8). 2. Verstel de bovenste en onderste wikkeling door op de drukknoppen te drukken ( of ). 3. Pas de mate van overlap aan. Druk op infoknop Verstel mate van overlap door op de drukknoppen te drukken ( of ).. 2. 3. De remrol vrijmaken (til remplaat op) Kies een van de drie opties: - Hoog - Medium - Laag 3
WERKING VAN DE MACHINE 2.6 Wikkelen ST/STB en WT: RDL en PL/PLB:. Schuif de verpakte goederen met een hand palletlift of een vorkheftruck tot de palletaanslag zodat de wikkelarm het pallet tijdens het wikkelproces niet raakt. 2. Trek de folie ver genoeg uit om deze te bevestigen aan de hoek van de pallet. Trek de folie strak om de pallet. 3. Druk op de START knop. Beweeg de klem naar beneden tot horizontale stand. (RDL) 2. Rijd het systeem onder de pallet met verpakte goederen. 3. Trek de folie ver genoeg uit om deze te bevestigen aan de hoek van de pallet. Trek de folie strak om de pallet.. Druk op de START knop
WIKKELPATRONEN 3. Enkelvoudig wikkelen 3.2 Spatwaterbestendig wikkelen 3.3 Dubbel wikkelen Wikkelcyclus: Wikkelcyclus: Wikkelcyclus:. Selecteer het aantal omwentelingen aan de onderzijde. 2. Spiraalvormig wikkelen, met gelijkmatige overlap en het aantal omwentelingen dat aan de bovenzijde wordt toegepast.. Selecteer het aantal omwentelingen aan de onderzijde. 2. Spiraalvormig wikkelen met gelijkmatige overlap van beneden naar boven. 3. De machine stopt. Plaats de topvel boven uw pallet.. Druk op de START knop. Selecteer het aantal wikkellagen aan de bovenzijde van de pallet. 6. Spiraalvormig wikkelen van boven naar beneden.. Selecteer het aantal omwentelingen aan de onderzijde. 2. Spiraalvormig wikkelen, met gelijkmatige overlap van onder naar boven en het vooraf ingestelde aantal om wentelingen dat aan de bovenzijde zal worden toegepast. 3. Spiraalvormig wikkelen met gelijkmatige overlap van boven naar beneden.
KORTE OVERZICHT Enkelvoudig wikkelen Reset Spatwaterbestendig /STOP/ Dubbel wikkelen 6
2. VEILIGHEID 2.. Algemeen 2. Veiligheidsopmerkingen Lees de gebruiksaanwijzing zorgvuldig voordat u de machine in gebruik neemt. De machine bezit automatische functies die de veiligheid van een onervaren gebruiker in gevaar kunnen brengen.. Ga niet in het gebied tussen de mast en de pallet als de machine in werking is. U kunt hierdoor vast raken en dit kan ernstige verwondingen tot veroorzaken. 2.2 Veiligheidsvoorzieningen. De NOODSTOPKNOP stopt de machine in een veilige positie. De eenheid kan niet opnieuw gestart worden voordat de knop wordt uitgetrokken. 2. De draaibare arm is voorzien van kontaktranden zodat de machine bij botsing stopt. (weerstand 00N). 3. Knipperend waarschuwingslicht - Knippert als de machine in werking is. Niet in gevarenzone komen als het licht knippert. 2.3 Gevarenzone Geen personen of voorwerpen anders dan het te verpakken product mogen zich in de gevarenzone bevinden tijdens het in werking zijn van de machine. De gevarenzone wordt hiernaast aangeduid met het licht gekleurde gebied. 2. Ga nooit in de gevarenzone staan nadat u het start wikkelen signaal gehoord heeft. ( *signaal). Een aantal seconden nadat de wikkelcyclus begint. Indien u de RDL en de PL machines verplaatst, dient u te zorgen dat de wikkelarm vast (locked) is. Indien een PL machine aan een ander apparaat gekoppeld wordt, dient u te zorgen dat deze op zijn plaats vast (locked) is. RD machines zijn onstabiel als de worken te hoog zijn. Controleer of de machine stabiel is voordat u met het wikkelen begint. PL-locked PL-unlocked 7
EC VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING Wij verklaren hierbij dat de volgende machines aan de essentiële gezondheid en de veiligheidsvoorschriften van de Machinerierichtlijn 2006/2/EO voldoen. Beschrijving van machines: Halfautomatische wikkelmachine Machine types: Girotec RDL Girotec PL Girotec ST Girotec WT Gemachtigde vertegenwoordiger: ITW MIMA Packaging Systems Ruskontie 6 FIN 220 MASKU Deze machines zijn ontworpen en vervaardigd overeenkomstig met EN -6 Veiligheit van verpakkende machines. Ondertekend: Datum: 0..200 Naam: Alexander Kolev Funktie: Manager Semi-automatic Machines 8