Beknopte installatiegids Smart Wireless Smart Wireless THUM -adapter Start Opmerkingen met betrekking tot draadloze apparatuur Werkbankconfiguratie Stap 1: Fysieke installatie Stap 2: Controleer de werking Relevante informatie Productcertificeringen EG-verklaring van overeenstemming Einde
Smart Wireless Beknopte installatiegids 2011 Rosemount, Inc. Alle rechten voorbehouden. Alle merken eigendom van de merkhouder. Emerson Process Management Rosemount Division 8200 Market Boulevard Chanhassen, MN 55317, VS T (VS) (800) 999-9307 T (andere landen) +1 (952) 906-8888 F +1 (952) 949-7001 Rosemount Temperature GmbH Frankenstrasse 21 63791 Karlstein Duitsland T +49 (6188) 992 0 F +49 (6188) 992 112 Emerson Process Management bv Postbus 212 2280 AE Rijswijk Nederland T (31) 70 413 66 66 F (31) 70 390 68 15 E info.nl@emerson.com www.emersonprocess.nl Emerson Process Management Asia Pacific Private Limited 1 Pandan Crescent Singapore 128461 T +65 6777 8211 F +65 6777 0947 / +65 6777 0743 Enquiries@AP.EmersonProcess.com Emerson Process Management nv/sa De Kleetlaan, 4 B-1831 Diegem België T (32) 2 716 7711 F (32) 2 725 83 00 www.emersonprocess.be BELANGRIJKE KENNISGEVING Deze installatiegids bevat elementaire richtlijnen voor de Smart Wireless. Hij bevat geen instructies voor gedetailleerde configuratie, diagnostiek, onderhoud, reparatie, probleemoplossing of installatie. Raadpleeg de handleiding van de (publicatienummer 00809-0100-4075) voor verdere instructies. De handleiding en deze beknopte installatiegids zijn ook in digitale vorm beschikbaar, op www.rosemount.com. WAARSCHUWING Explosies kunnen ernstig of dodelijk letsel veroorzaken: Bij installatie van deze transmitter in een explosiegevaarlijke omgeving moeten de geldende plaatselijke, landelijke en internationale normen, voorschriften en procedures worden gevolgd. Raadpleeg de paragraaf Productcertificeringen voor eventuele beperkingen in verband met veilige installatie. Controleer voordat u een veldcommunicator aansluit in een explosiegevaarlijke atmosfeer of de instrumenten zijn geïnstalleerd volgens methoden voor intrinsiek veilige en niet-vonkende veldbedrading. Elektrische schokken kunnen ernstig of dodelijk letsel veroorzaken: Vermijd aanraken van de draden en aansluitklemmen. De draden kunnen onder hoge spanning staan, die elektrische schokken kan veroorzaken. Dit apparaat voldoet aan deel 15 van de FCC-voorschriften. Gebruik van het apparaat is uitsluitend toegestaan onder de volgende voorwaarden: dit apparaat mag geen schadelijke storing veroorzaken. Dit apparaat dient alle ontvangen storing te accepteren, inclusief storing die mogelijk tot gevolg heeft dat het apparaat op ongewenste wijze werkt. Dit apparaat dient zo te worden geïnstalleerd dat de afstand tussen de antenne en alle personen ten minste 20 cm bedraagt. BELANGRIJKE KENNISGEVING Tijdens normaal bedrijf en tijdens storingen veroorzaakt de een spanningsval van 2,5 V in de aangesloten kring. Het is belangrijk ervoor te zorgen dat de spanningsbron ten minste 2,5 V meer dan de minimale bedrijfsspanning van het niet-draadloze apparaat kan leveren, zodat dit correct werkt wanneer de is geïnstalleerd. Om de minimale bedrijfsspanning voor het niet-draadloze apparaat te bepalen, dient u de bedienings- en installatiehandleiding van het niet-draadloze apparaat te raadplegen. 2
Beknopte installatiegids Smart Wireless OPMERKINGEN MET BETREKKING TOT DRAADLOZE APPARATUUR Inschakelvolgorde Aan geen enkel draadloos apparaat mag stroom worden geleverd voordat de Smart Wireless Gateway ( Gateway ) is geïnstalleerd en goed werkt. Bij het inschakelen van draadloze apparatuur dient een volgorde te worden aangehouden die wordt bepaald door de afstand tot de Gateway, te beginnen met het apparaat dat het dichtst in de buurt staat. Hierdoor zal het opzetten van het netwerk sneller en eenvoudiger verlopen. Schakel Active Advertising (actief adverteren) in op de Gateway zodat nieuwe apparaten sneller verbinding maken met het netwerk. Raadpleeg voor meer informatie de handleiding van de Smart Wireless Gateway (publicatienummer 00809-0200-4420). Positie Voor een goede communicatie met andere apparaten dient de indien mogelijk verticaal rechtop te worden geplaatst, op een afstand van ca. 1 m van grote constructies, gebouwen of geleidende oppervlakken. Bij horizontale montage kan het draadloze communicatiebereik van de kleiner zijn. De mag niet verticaal omlaag worden gemonteerd. Zie de naslaghandleiding van de (00809-0100-4075) voor meer informatie. Afbeelding 1. Positie Kabelbuisopening Gebruik bij het installeren van de in de kabelbuisopening van een niet-draadloos apparaat een goedgekeurd materiaal om de schroefdraad af te dichten. Hiermee wordt een waterdichte afdichting verkregen. De schroefdraadafdichting zorgt ook voor smering, zodat de ook makkelijk weer kan worden verwijderd. M20-kabelbuisadapter Bij gebruik van de M20-kabelbuisadapter op de dient u een goedgekeurd schroefdraadafdichtmiddel te gebruiken en de M20 met een sleutel vast te draaien op de. Bij het installeren van de M20-kabelbuisadapter op een kabelbuis moet deze tot 32,5 Nm worden aangehaald om een waterdichte afdichting te verkrijgen. Verbindingen op de veldcommunicator Om de veldcommunicator te laten communiceren met de moet het niet-draadloze apparaat zijn ingeschakeld. De veldcommunicator moet in de pollingmodus staan en als adres voor de 63 gebruiken. 3
Smart Wireless Beknopte installatiegids Voeding Minimale kringbelasting van 250 ohm. De staat in verbinding met en wordt gevoed vanaf een standaard 4 20 ma/hart -kring. De veroorzaakt een kleine spanningsval in de kring, lineair verlopend van 2,25 V bij 3,5 ma tot 1,2 V bij 25 ma. In geval van storingen bedraagt de maximale spanningsval 2,5 V. De beïnvloedt onder normale omstandigheden of in het geval van een storing niet het 4 20mA-signaal, zolang de kring een marge heeft van ten minste 2,5 V bij de maximale kringstroom (25 ma voor een typisch 4 20mA/HART-apparaat). De elektrische voeding moet worden begrensd op maximaal 0,5 A en de spanning op 55 V gelijkspanning. Kringstroom Spanningsval 3,5 ma 2,25 V 25 ma 1,2 V Belastingsweerstand Voeg indien nodig een belastingsweerstand toe zoals afgebeeld in Afbeelding 8, 12 en 16. De belastingsweerstand moet het juiste nominale vermogen voor de toepassing hebben (ten minste 1 watt) en moet geschikt zijn voor de meegeleverde spliceconnector waarop draden met een koperdoorsnede van 14 tot 22 AWG kunnen worden aangesloten. Kring Voor een goede werking mag de niet worden geïnstalleerd op een HART-kring met andere actieve HART-masters. HART-masters die met tussenpozen actief zijn (bijv. een veldcommunicator) kunnen wel op een kring met een worden gebruikt. 4
Beknopte installatiegids Smart Wireless WERKBANKCONFIGURATIE Wanneer u een configuratie op een werkbank uitvoert, is het aan te raden de aan te sluiten op een niet-draadloos apparaat. Als dit niet mogelijk is, kunnen de volgende bedradingsschema s worden gebruikt. Voor configuratie op een werkbank dient u ervoor te zorgen dat de elektrische voeding is begrensd op maximaal 0,5 A. Afbeelding 2. Alleen, gevoed door een stroombron (zoals een Fluke 744) Weerstand van 250 ohm niet vereist, maar kan worden gebruikt voor controle van de stroom + Stroombron van 20 ma HARTmodem Afbeelding 3. Alleen, gevoed door een spanningsbron van 24 V met een weerstand van 1200 ohm om de stroom op 20 ma te begrenzen Weerstand van 1200 ohm vereist + Stroombron van 20 ma HARTmodem 5
Smart Wireless Beknopte installatiegids STAP 1: FYSIEKE INSTALLATIE De kan worden geïnstalleerd in twee verschillende configuraties: Directe montage: De wordt rechtstreeks op de kabelbuisopening van het niet-draadloze apparaat aangesloten. Afbeelding 4. Directe montage Directe montage 1. Installeer het HART-apparaat volgens standaardmethoden voor installatie en de aanwijzingen van de fabrikant. Gebruik daarbij op alle aansluitingen een goedgekeurde schroefdraadafdichting. 2. Sluit de aan op het niet-draadloze apparaat zoals afgebeeld in Afbeelding 4. 3. Sluit de aan de hand van de onderstaande bedradingsschema s aan op het niet-draadloze HART-apparaat. Zie afbeelding 21, 8, 10 en 12 op de volgende pagina s. 4. Sluit het behuizingsdeksel van het niet-draadloze HART-apparaat, zodat de metalen delen elkaar raken, maar draai deze niet te strak aan, om te voorkomen dat het apparaat beschadigd raakt. NB Met de worden twee spliceconnectors meegeleverd. De eerste is een dubbele spliceconnector. De tweede is een driedubbele spliceconnector voor gebruik met een weerstand, voor het geval er niet genoeg weerstand in de kring is. Beide connectors zijn geschikt voor draden van 14 tot 22 gauge. Zie de naslaghandleiding bij het niet-draadloze apparaat voor informatie over de vereiste kringweerstand. 6
Beknopte installatiegids Smart Wireless Externe montage Externe montage: De wordt afzonderlijk van de behuizing van het niet-draadloze apparaat gemonteerd en vervolgens met behulp van een buis of ander geschikt hulpmiddel op het niet-draadloze apparaat aangesloten. Afbeelding 5. Externe montage 1. Installeer het HART-apparaat volgens standaardmethoden voor installatie en de aanwijzingen van de fabrikant. Gebruik daarbij op alle aansluitingen een goedgekeurde schroefdraadafdichting. 2. De wordt gemonteerd zoals afgebeeld in Afbeelding 5 op pagina 7. 3. Aard de set voor externe montage volgens de plaatselijke praktijk. 4. Sluit de volgens standaardmethoden aan op het niet-draadloze apparaat. Als de kabels van de naar het niet-draadloze apparaat worden geïnstalleerd in een omgeving met veel ruis, dan moeten de kabels worden afgeschermd of door een buis worden geleid. 5. Sluit de aan de hand van de onderstaande bedradingsschema s aan op het niet-draadloze HART-apparaat. Zie Afbeelding 21, 8, 10 en 12 op de volgende pagina s. 6. Sluit het behuizingsdeksel van het niet-draadloze HART-apparaat, zodat de metalen delen elkaar raken, maar draai deze niet te strak aan, om te voorkomen dat het apparaat beschadigd raakt. NB Met de worden twee spliceconnectors meegeleverd. De eerste is een dubbele spliceconnector. De tweede is een driedubbele spliceconnector voor gebruik met een weerstand, voor het geval er niet genoeg weerstand in de kring is. Beide connectors zijn geschikt voor draden van 14 tot 22 gauge. Zie de naslaghandleiding bij het niet-draadloze apparaat voor informatie over de vereiste kringweerstand. 7
Smart Wireless Beknopte installatiegids Bedradingsschema s Hieronder staat een lijst met de titels en paginanummers van de bedradingsschema's voor elke directe montage en externe montage: Afbeelding 6 Bedradingsschema voor directe montage voor apparaat met 2 kabels op pagina 9 Afbeelding 7 Bedradingsschema voor externe montage voor apparaat met 2 kabels op pagina 9 Afbeelding 8 Bedradingsschema voor directe montage voor apparaat met 2 kabels, met weerstand op pagina 10 Afbeelding 9 Bedradingsschema voor externe montage voor apparaat met 2 kabels, met weerstand op pagina 10 Afbeelding 10 Bedradingsschema voor directe montage voor passief apparaat met 4 kabels op pagina 11 Afbeelding 11 Bedradingsschema voor externe montage voor passief apparaat met 4 kabels op pagina 11 Afbeelding 12 Bedradingsschema voor directe montage voor passief apparaat met 4 kabels, met weerstand op pagina 12 Afbeelding 13 Bedradingsschema voor externe montage voor passief apparaat met 4 kabels, met weerstand op pagina 12 Afbeelding 14 Bedradingsschema voor directe montage voor actief apparaat met 4 kabels op pagina 13 Afbeelding 15 Bedradingsschema voor externe montage voor actief apparaat met 4 kabels op pagina 13 Afbeelding 16 Bedradingsschema voor directe montage voor actief apparaat met 4 kabels, met weerstand op pagina 14 Afbeelding 17 Bedradingsschema voor externe montage voor actief apparaat met 4 kabels, met weerstand op pagina 14 Afbeelding 18 Bedradingsschema voor directe montage voor actief apparaat met 4 kabels, zonder 4 20mA-kring op pagina 15 Afbeelding 19 Bedradingsschema voor externe montage voor actief apparaat met 4 kabels, zonder 4 20mA-kring op pagina 15 Afbeelding 20 Alleen, gevoed door een voeding van 24 V met een weerstand van 1200 ohm om de stroom tot 20 ma te begrenzen op pagina 16 Afbeelding 21 Alleen, gevoed door een voeding van 24 V met een weerstand van 1200 ohm om de stroom tot 20 ma te begrenzen op pagina 16 8
Beknopte installatiegids Smart Wireless Afbeelding 6. Bedradingsschema voor directe montage voor apparaat met 2 kabels Niet-draadloos apparaat PWR / COMM + PWR / COMM 4 20mA-kring + 4 20mA-kring Spliceconnector + Voeding Belastingsweerstand 250 Ω NB: Voor een juiste werking van de moet er een weerstand van minimaal 250 ohm in de kring zijn. Als de 4 20mA-kring niet voldoende weerstand heeft, dient u een weerstand in de kring op te nemen, zoals afgebeeld in Afbeelding 8, 12 of 16, naargelang wat van toepassing is. Afbeelding 7. Bedradingsschema voor externe montage voor apparaat met 2 kabels Behuizing externe montage 4 20mA-kring + 4 20mA-kring + Voeding Afgeschermde draad Belastingsweerstand 250 Ω + COMM COMM Naar het niet-draadloze apparaat 9
Smart Wireless Beknopte installatiegids Afbeelding 8. Bedradingsschema voor directe montage voor apparaat met 2 kabels, met weerstand Niet-draadloos apparaat PWR / COMM + PWR / COMM 4 20mA-kring + 4 20mA-kring Spliceconnector + Belastingsweerstand 250 Ω Voeding Afbeelding 9. Bedradingsschema voor externe montage voor apparaat met 2 kabels, met weerstand Behuizing externe montage Belastingsweerstand 250 Ω 4 20mA-kring + 4 20mA-kring + Voeding Afgeschermde draad + COMM COMM Naar het niet-draadloze apparaat 10
Beknopte installatiegids Smart Wireless Afbeelding 10. Bedradingsschema voor directe montage voor passief apparaat met 4 kabels Niet-draadloos apparaat Spliceconnector 4 20mA-kring + 4 20mA-kring + Voeding Belastingsweerstand 250 Ω COMM+ COMM Voeding+ Voeding NB: Er is sprake van een passieve kring als het niet-draadloze apparaat geen vermogen levert aan de 4 20mA-kring. Het is belangrijk dat u controleert of de bedrijfsmodus van het niet-draadloze apparaat actief of passief is. Afbeelding 11. Bedradingsschema voor externe montage voor passief apparaat met 4 kabels Behuizing externe montage 4 20mA-kring + 4 20mA-kring + Voeding Afgeschermde draad Belastingsweerstand 250 Ω + COMM COMM Naar het niet-draadloze apparaat 11
Smart Wireless Beknopte installatiegids Afbeelding 12. Bedradingsschema voor directe montage voor passief apparaat met 4 kabels, met weerstand Niet-draadloos apparaat Spliceconnector 4 20mA-kring + 4 20mA-kring Belastingsweerstand 250 Ω + Voeding COMM+ COMM Voeding+ Voeding Afbeelding 13. Bedradingsschema voor externe montage voor passief apparaat met 4 kabels, met weerstand Behuizing externe montage Belastingsweerstand 250 Ω 4 20mA-kring + 4 20mA-kring + Voeding Afgeschermde draad + COMM COMM Naar het niet-draadloze apparaat 12
Beknopte installatiegids Smart Wireless Afbeelding 14. Bedradingsschema voor directe montage voor actief apparaat met 4 kabels Niet-draadloos apparaat Spliceconnector 4 20mA-kring + 4 20mA-kring Invoerkaart Belastingsweerstand 250 Ω COMM+ COMM Voeding+ Voeding NB: Er is sprake van een actieve kring als het niet-draadloze apparaat vermogen levert aan de 4 20mA-kring. Het is belangrijk dat u controleert of de bedrijfsmodus van het niet-draadloze apparaat actief of passief is. Afbeelding 15. Bedradingsschema voor externe montage voor actief apparaat met 4 kabels Behuizing externe montage + COMM COMM Naar het niet-draadloze apparaat Afgeschermde draad 4 20mA-kring + 4 20mA-kring Invoerkaart Belastingsweerstand 250 Ω 13
Smart Wireless Beknopte installatiegids Afbeelding 16. Bedradingsschema voor directe montage voor actief apparaat met 4 kabels, met weerstand Niet-draadloos apparaat Spliceconnector 4 20mA-kring + 4 20mA-kring Invoerkaart Belastingsweerstand 250 Ω COMM+ COMM Voeding+ Voeding Afbeelding 17. Bedradingsschema voor externe montage voor actief apparaat met 4 kabels, met weerstand Behuizing externe montage Belastingsweerstand 250 Ω + COMM COMM Naar het niet-draadloze apparaat Afgeschermde draad 4 20mA-kring + 4 20mA-kring Invoerkaart Belastingsweerstand 250 Ω 14
Beknopte installatiegids Smart Wireless Afbeelding 18. Bedradingsschema voor directe montage voor actief apparaat met 4 kabels, zonder 4 20mA-kring Niet-draadloos apparaat Spliceconnector Belastingsweerstand 250 Ω COMM+ COMM Voeding+ Voeding Afbeelding 19. Bedradingsschema voor externe montage voor actief apparaat met 4 kabels, zonder 4 20mA-kring Behuizing externe montage Belastingsweerstand 250 Ω + COMM COMM Naar het niet-draadloze apparaat 15
Smart Wireless Beknopte installatiegids Afbeelding 20. Alleen, gevoed door een voeding van 24 V met een weerstand van 1200 ohm om de stroom tot 20 ma te begrenzen Weerstand van 250 ohm Weerstand van 1200 ohm vereist + Elektrische voeding van 24 V Aansluitkast Afbeelding 21. Alleen, gevoed door een voeding van 24 V met een weerstand van 1200 ohm om de stroom tot 20 ma te begrenzen Behuizing externe montage Weerstand van 1200 ohm vereist + Elektrische voeding van 24 V Weerstand van 250 ohm 16
Beknopte installatiegids Smart Wireless Configuratie apparaatnetwerk Om met de Smart Wireless Gateway te kunnen communiceren (en uiteindelijk met het informatiesysteem), moet de transmitter zo worden geconfigureerd dat deze met het draadloze netwerk kan communiceren. Deze stap is het draadloze equivalent van het aansluiten van draden van een transmitter naar het informatiesysteem. Voer via een veldcommunicator of AMS de Network ID (netwerk-id) en Join Key (verbindingscode) in zodat deze overeenkomen met de netwerk-id en de verbindingscode van de gateway en van andere apparaten in het netwerk. Als de netwerk-id en de verbindingscode niet identiek zijn, kan de geen communicatie met het netwerk tot stand brengen. De netwerk-id en verbindingscode kunnen worden opgehaald via de Smart Wireless Gateway op de pagina Setup>Network> Settings (Configuratie>Netwerk>Instellingen) op de webserver, zoals afgebeeld in Afbeelding 22. Afbeelding 22. Netwerkinstellingen gateway AMS Rechtsklik op de en selecteer Configure (configureren). Eenmaal in het menu selecteert u Join Device to Network (koppel apparaat aan netwerk) en volgt u de methode voor het invoeren van de netwerk-id en de verbindingscode. Veldcommunicator De netwerk-id en verbindingscode van het draadloze apparaat kunnen worden gewijzigd via de volgende sneltoetsreeks. Stel zowel de netwerk-id als de verbindingscode in. Functie Sneltoetsreeks Menu-items Wireless Setup (draadloze configuratie) 1,4 Smart Power, Network ID (netwerk-id), Set Join Key (verbindingscode instellen), Radio State (status radio) 17
Smart Wireless Beknopte installatiegids Kringstroomtest Er moet een kringstroomtest worden uitgevoerd om te controleren of de onder alle omstandigheden werkt. In deze test wordt de kring blootgesteld aan omstandigheden met een zo hoog mogelijke spanningsval. 1. Zet de kring in handmatige bediening. 2. Breng de kring op het niveau voor hoog alarm. Zie de gebruiksaanwijzing van het niet-draadloze apparaat voor nadere informatie. Als de is aangesloten op een klep, dan dient dit te worden gedaan bij de stroombron en niet vanaf de klep. Als de is aangesloten op een transmitter, dan moet dit worden gedaan bij de transmitter. 3. Zet de in de modus voor vaste spanningsval. AMS Rechtsklik op de en selecteer Configure (configureren). Als u in het menu bent, selecteert u in het linkervenster Manual Setup (handmatige configuratie) en bovenaan het tabblad Wired Device (niet-draadloos apparaat). Controleer of in het vervolgkeuzemenu Time (tijd) onder aan de pagina Current (huidig) is geselecteerd. Selecteer in het vervolgkeuzemenu Voltage Drop (spanningsval) in het vak Smart Power Options (opties slimme voeding) de optie Fixed Voltage Drop (vaste spanningsval). Druk op de knop Apply (toepassen) om eventuele veranderingen door te voeren. Zie Afbeelding 23 op pagina 19. Veldcommunicator Selecteer als er met de wordt gecommuniceerd: Configure (configureren) Manual Setup (handmatige configuratie) Wired Device (niet-draadloos apparaat) Voltage Drop Mode (modus spanningsval). Kies in de methode Fixed Voltage Drop (vaste spanningsval). 4. Controleer of de stroom in de kring de niveaus voor hoog alarm bereikt. 5. Zet de in de modus voor variabele spanningsval. AMS Rechtsklik op de en selecteer Configure (configureren). Als u in het menu bent, selecteert u in het linkervenster Manual Setup (handmatige configuratie) en bovenaan het tabblad Wired Device (niet-draadloos apparaat). Controleer of in het vervolgkeuzemenu Time (tijd) onder aan de pagina Current (huidig) is geselecteerd. Selecteer in het vervolgkeuzemenu Voltage Drop (spanningsval) in het vak Smart Power Options (opties slimme voeding) de optie Variable Voltage Drop (variabele spanningsval). Druk op de knop Apply (toepassen) om eventuele veranderingen door te voeren. Zie Afbeelding 23. Veldcommunicator Selecteer als er met de wordt gecommuniceerd: Configure (configureren) Manual Setup (handmatige configuratie) Wired Device (niet-draadloos apparaat) Voltage Drop Mode (modus spanningsval). Kies in de methode Variable Voltage Drop (variabele spanningsval). 18 Functie Sneltoetsreeks Menu-items Voltage Drop (spanningsval) 2,2,2,2 Voltage Drop (spanningsval) Functie Sneltoetsreeks Menu-items Voltage Drop (spanningsval) 2,2,2,2 Voltage Drop (spanningsval)
Beknopte installatiegids Smart Wireless 6. Haal de kring uit het niveau voor hoog alarm. Afbeelding 23. Configuratiescherm AMS 19
Smart Wireless Beknopte installatiegids STAP 2: CONTROLEER DE WERKING De werking kan op drie plaatsen gecontroleerd worden: met de veldcommunicator, bij de Gateway via de geïntegreerde webserver van de Smart Wireless Gateway of via de AMS Wireless Configurator. Veldcommunicator Voor HART draadloze communicatie is een DD voor de vereist. De veldcommunicator moet in de pollingmodus staan en als adres voor de 63 gebruiken. Sluit de veldcommunicator met behulp van de documentatie van het niet-draadloze apparaat aan op de. Afbeelding 24. Verbindingen op de veldcommunicator Functie Sneltoetsreeks Menu-items Communications (communicatie) 3, 3 Join Status (status aankoppeling), Wireless Mode (draadloze modus), Join Mode (aankoppelingsmodus), Number of Available Neighbors (aantal beschikbare buren), Number of Advertisements Heard (aantal gehoorde advertenties), Number of Join Attempts (aantal pogingen tot aankoppeling) Smart Wireless Gateway Als de met de netwerk-id en de verbindingscode is geconfigureerd en er voldoende tijd verstreken is om het netwerk te kunnen pollen, wordt de verbinding tussen de transmitter en het netwerk tot stand gebracht. Om de werking van het apparaat en de netwerkverbinding te controleren met de geïntegreerde webserver van de Smart Wireless Gateway, opent u de integrale webinterface van de Smart Wireless Gateway en gaat u naar de pagina Explorer (verkenner). NB: Het kan enkele minuten duren voordat de netwerkverbinding tot stand komt. AMS Wireless Configurator Zodra het apparaat is aangekoppeld op het netwerk, wordt het in de Wireless Configurator weergegeven zoals hieronder afgebeeld. 20
Beknopte installatiegids Smart Wireless Probleemoplossing Raadpleeg de paragraaf Probleemoplossing in de handleiding als het apparaat niet goed werkt. De meest gebruikelijke oorzaken van een slechte werking zijn de netwerk-id en de verbindingscode. De netwerk-id en de verbindingscode in het apparaat moeten identiek zijn aan die van de Smart Wireless Gateway. De netwerk-id en verbindingscode kunnen worden opgehaald via de Smart Wireless Gateway op de pagina Setup>Network>Settings (Setup>Netwerk>Instellingen) op de webserver. De netwerk-id en verbindingscode van het draadloze apparaat kunnen worden gewijzigd via de volgende sneltoetsreeks. Functie Sneltoetsreeks Menu-items Wireless Setup (draadloze configuratie) 1, 4 Smart Power, Network ID (netwerk-id), Set Join Key (verbindingscode instellen), Radio State (status radio) RELEVANTE INFORMATIE NB: Om te kunnen communiceren met een Rosemount veldcommunicator moet het niet-draadloze apparaat ingeschakeld zijn. Tabel 1. Sneltoetsreeks voor Functie Sneltoetsreeks Menu-items Device Info (apparatuurinformatie) Guided Setup (begeleide configuratie) Manual Setup (handmatige configuratie) 2, 2, 4, 3 Manufacturer (fabrikant), Model (model), Final Assembly Number (eindmontagenummer), Universal (universeel), Field Device (veldapparaat), Software, Hardware, Descriptor, Message (bericht), Date (datum), Model Number (modelnummer) I, II, III, SI Unit Restriction (beperking SI-eenheid), Country (land) 2, 1 Configure (configureren), Guided Setup (begeleide configuratie), Join Device to Network (apparaat op netwerk aankoppelen), Configure Update Rate (updatefrequentie configureren), Zero Trim (nulpuntstrim), Configure Device Display (display apparaat configureren), Configure Process Alarms (procesalarmen configureren) 2, 2 Configure (configureren), Manual Setup (handmatige configuratie), Wireless (draadloos), Pressure (druk), Device Temperatures (apparaattemperaturen), Device Information (apparaatgegevens), Display (display), Other (overige) Wireless (draadloos) 2, 2, 1 Network ID (netwerk-id), Join Device to Network (apparaat met netwerk verbinden), Configure Update Rate (updatefrequentie configureren), Configure Broadcast Power Level (zendvermogensniveau configureren), Power Mode (voedingsmodus), Power Source (voedingsbron) 21
Smart Wireless Beknopte installatiegids PRODUCTCERTIFICERINGEN Goedgekeurde productielocaties Rosemount Inc. Chanhassen, Minnesota, VS Emerson Process Management GmbH & Co. Karlstein, Duitsland Emerson Process Management Asia Pacific Private Limited Singapore Informatie over Europese richtlijnen De EU-verklaring van overeenstemming voor alle vigerende Europese richtlijnen voor dit product kunt u vinden op onze website www.rosemount.com. Voor een gedrukt exemplaar kunt u zich wenden tot een medewerker van Emerson Process Management. ATEX-richtlijn (94/9/EG) Emerson Process Management voldoet aan de ATEX-richtlijn. Elektromagnetische compatibiliteit (EMC) (2004/108/EG) Emerson Process Management voldoet aan de EMC-richtlijn. Richtlijn betreffende radioapparatuur en telecommunicatie-eindapparatuur (R&TTE) (1999/5/EG) Emerson Process Management voldoet aan de R&TTE-richtlijn. Naleving van regelgeving voor telecommunicatieapparatuur Alle draadloze apparaten dienen te worden gecertificeerd om te waarborgen dat ze voldoen aan de regelgeving inzake gebruik van het RF-spectrum. Dit type productcertificering is in nagenoeg alle landen vereist. Emerson werkt wereldwijd samen met overheidsinstanties om producten te leveren die volledig in overeenstemming zijn met geldende regelgeving, zodat het risico wordt weggenomen dat met het gebruik van draadloze apparatuur wettelijke richtlijnen en/of wetgeving zouden worden overtreden. FCC en IC Dit apparaat voldoet aan deel 15 van de FCC-voorschriften. Het gebruik is uitsluitend toegestaan onder de volgende voorwaarden: dit apparaat mag geen schadelijke storing veroorzaken. Dit apparaat dient alle ontvangen storing te accepteren, inclusief storing die mogelijk tot gevolg heeft dat het apparaat op ongewenste wijze werkt. Dit apparaat dient zo te worden geïnstalleerd dat de afstand tussen de antenne en alle personen ten minste 20 cm bedraagt. Normale locatiecertificering voor FM De transmitter is volgens de standaardprocedure door FM onderzocht en getest, waarbij is vastgesteld dat het ontwerp voldoet aan de elementaire elektrische, mechanische en brandveiligheidsvereisten. FM is een in de VS nationaal erkend onderzoekslaboratorium (nationally recognized testing laboratory; NRTL) dat is geaccrediteerd door de Amerikaanse Occupational Safety and Health Administration (OSHA). 22
Beknopte installatiegids Smart Wireless Certificaten explosiegevaarlijke plaatsen Certificeringen Noord-Amerika Goedkeuringen Factory Mutual (FM) I5 FM intrinsiek veilig en niet-vonkend Intrinsiek veilig voor klasse I/II/III, divisie 1, groep A, B, C, D, E, F en G. Zonemarkering: klasse I, zone 0, AEx ia IIC Temperatuurcodes T4 ( 50 C T omg 70 C) Niet-vonkend voor klasse I, divisie 2, groep A, B, C en D. Intrinsiek veilig en niet-vonkend indien geïnstalleerd volgens Rosemount-tekening 00775-0010. Behuizingstype 4X/IP66 CSA Canadian Standards Association I6 CSA intrinsiek veilig Intrinsiek veilig voor klasse I, divisie 1, groep A, B, C en D. T3C ( 50 C T omg 70 C) Intrinsiek veilig indien geïnstalleerd volgens Rosemount-tekening 00775-0012. Geschikt voor klasse I, divisie 2, groep A, B, C en D. Behuizingstype 4X/IP66 Europese certificeringen I1 ATEX intrinsieke veiligheid Certificaatnr.: Baseefa09ATEX0125X Ex ia IIC T4 ( 50 C T omg 70 C) IP66 1180 Tabel 2. Ingangsparameters Kringvoeding Ui = 30 V Ii = 200 ma Pi = 1,0 W Ci = 0 Li = 0 II 1G Speciale voorwaarden voor veilig gebruik (X) De oppervlakteweerstand van de antenne bedraagt meer dan één gigaohm. Om elektrostatische lading te voorkomen, mag hij niet worden schoongewreven of gereinigd met oplosmiddelen of een droge doek. De behuizing is vervaardigd van een aluminiumlegering en is afgewerkt met een beschermende polyurethaanverf; in een zone 0 moet echter worden opgelet dat de behuizing niet wordt blootgesteld aan stoten of schuring. N1 ATEX type n Certificaatnr.: Baseefa09ATEX0131 II 3 G Ex na IIC T4 ( 50 C T omg 70 C) Ui = max. 45 V gelijkspanning IP66 1180 23
Smart Wireless Beknopte installatiegids Certificeringen IECEx I7 IECEx intrinsieke veiligheid Certificaatnr.: IECEx BAS 09.0050X Ex ia IIC T4 ( 50 C T omg 70 C) IP66 Tabel 3. Ingangsparameters Kringvoeding Ui = 30 V Ii = 200 ma Pi = 1,0 W Ci = 0 Li = 0 Speciale voorwaarden voor veilig gebruik (X) De oppervlakteweerstand van de antenne bedraagt meer dan één gigaohm. Om elektrostatische lading te voorkomen, mag hij niet worden schoongewreven of gereinigd met oplosmiddelen of een droge doek. De behuizing is vervaardigd van een aluminiumlegering en is afgewerkt met een beschermende polyurethaanverf; in een zone 0 moet echter worden opgelet dat de behuizing niet wordt blootgesteld aan stoten of schuring. N7 IECEx-type n Certificaatnr.: IECEx BAS 09.0058 Ex na IIC T4 ( 50 C T omg 70 C) Ui = max. 45 V gelijkspanning IP66 INMETRO-certificeringen I2 Intrinsieke veiligheid BR-Ex ia IIC T4 ( 50 C T omg 70 C) Ga N2 INMETRO-type n BR-Ex na IIC T4 Gc ( 50 C T omg 70 C) Certificeringen China (NEPSI) I3 Intrinsieke veiligheid China (NEPSI) Ex ia IIC T4 CCoE-certificeringen IW Intrinsieke veiligheid Ex ia IIC T4 KOSHA-certificeringen IP Intrinsieke veiligheid Ex ia IIC T4 GOST-certificeringen IM Intrinsiek veilig Ex ia IIC T4 ( 50 C T omg 70 C) Ex na IIC T4 ( 50 C T omg 70 C) IP66 24
Beknopte installatiegids Smart Wireless EC Declaration of Conformity No: RMD 1077 Rev. B We, Rosemount Inc. 8200 Market Boulevard Chanhassen, MN 55317-6985 USA declare under our sole responsibility that the product, manufactured by, Model 775 Rosemount Inc. 12001 Technology Drive and 8200 Market Boulevard Eden Prairie, MN 55344-3695 Chanhassen, MN 55317-9687 USA USA to which this declaration relates, is in conformity with the provisions of the European Community Directives, including the latest amendments, as shown in the attached schedule. Assumption of conformity is based on the application of the harmonized standards and, when applicable or required, a European Community notified body certification, as shown in the attached schedule. (signature) 02/10/2010 (date of issue) Timothy Layer (name - printed) Vice President Global Quality & Customer Care (function name - printed) 25
Smart Wireless Beknopte installatiegids EMC Directive (2004/108/EC) EC Declaration of Conformity No: RMD 1077 Rev. B EN 61326-1: 2006 R&TTE Directive (1999/5/EC) EN 301 489-17: V1.3.2 (2007-6) EN 61010-1: 2001 (Second Addition) EN 300 328 V 1.7.1 (2006-10) ATEX Directive (94/9/EC) Model 775 Certificate: Baseefa09ATEX0125X Intrinsically Safe - Group II Category 1 G Ex ia IIC T4 (Ta =-50 C to +70 C) Harmonized Standards Used: EN60079-0:2006; EN60079-11:2007 Certificate: Baseefa09ATEX0131 Type n - Group II Category 3 G Ex na IIC T4(Ta =-50 C to +70 C) Harmonized Standards Used: EN60079-0:2006; EN60079-15:2005 File ID: 775 CE Marking Page 2 of 3 K:\prodappr\EUCDOCS\775_RMD1077B.doc 26
Beknopte installatiegids Smart Wireless EC Declaration of Conformity No: RMD 1077 Rev. B ATEX Notified Bodies for EC Type Examination Certificate Baseefa. [Notified Body Number: 1180] Rockhead Business Park Staden Lane Buxton, Derbyshire SK17 9RZ United Kingdom ATEX Notified Body for Quality Assurance Baseefa. [Notified Body Number: 1180] Rockhead Business Park Staden Lane Buxton, Derbyshire SK17 9RZ United Kingdom File ID: 775 CE Marking Page 3 of 3 K:\prodappr\EUCDOCS\775_RMD1077B.doc 27
Smart Wireless Beknopte installatiegids EG-verklaring van overeenstemming Nr.: RMD 1077 v. B Wij, Rosemount Inc. 8200 Market Boulevard Chanhassen, MN 55317-6985 VS verklaren onder onze volledige verantwoordelijkheid dat vervaardigd door Model 775 Rosemount Inc. 12001 Technology Drive en 8200 Market Boulevard Eden Prairie, MN 55344-3695 Chanhassen, MN 55317-9687 VS VS waarop deze verklaring betrekking heeft, in overeenstemming is met de bepalingen in de richtlijnen van de Europese Unie, met inbegrip van de meest recente wijzigingen, welke staan vermeld in bijgevoegd schema. Aanvaarding van de overeenstemming is gebaseerd op de toepassing van geharmoniseerde normen en, waar van toepassing of vereist, certificering door een aangemelde instantie in de Europese Unie, welke vermeld staan in onderstaand schema. 10 februari 2010 (datum van uitgifte) Timothy Layer (naam in blokletters) Vicepresident mondiale kwaliteit en klantenservice (functie in blokletters) 28
Beknopte installatiegids Smart Wireless EMC-richtlijn (2004/108/EG) EG-verklaring van overeenstemming Nr.: RMD 1077 v. B EN 61326-1: 2006 R&TTE-richtlijn (1999/5/EG) EN 301.489-17: V1.3.2 (2007-6) EN 61010-1: 2001 (tweede aanvulling) EN 300 328 V 1.7.1 (2006-10) ATEX-richtlijn (94/9/EG) Model 775 Certificaat: Baseefa09ATEX0125X Intrinsiek veilig Groep II categorie 1 G Ex ia IIC T4 (Ta = 50 C tot +70 C) Toegepaste geharmoniseerde normen: EN 60079-0: 2006; EN 60079-11: 2007 Certificaat: Baseefa09ATEX0131 Type n Groep II categorie 3 G Ex na IIC T4(Ta = 50 C tot +70 C) Toegepaste geharmoniseerde normen: EN 60079-0: 2006; EN60079-15: 2005 Documentnaam: 775 CE Marking Pagina 2 van 3 775_RMD1077B_dut.doc 29
Smart Wireless Beknopte installatiegids EG-verklaring van overeenstemming Nr.: RMD 1077 v. B Aangemelde instanties voor ATEX-onderzoekscertificaat, type EG Baseefa. [nr. aangemelde instantie: 1180] Rockhead Business Park Staden Lane Buxton, Derbyshire SK17 9RZ Verenigd Koninkrijk ATEX aangemelde instantie voor kwaliteitswaarborg Baseefa. [nr. aangemelde instantie: 1180] Rockhead Business Park Staden Lane Buxton, Derbyshire SK17 9RZ Verenigd Koninkrijk Documentnaam: 775 CE Marking Pagina 3 van 3 775_RMD1077B_dut.doc 30