Onteigening in de gemeente Barendrecht

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Onteigening in de gemeente Barendrecht"

Transcriptie

1 VROM Onteigening in de gemeente Barendrecht Besluit van 3 februari 2004, no tot goedkeuring van het besluit van de raad van Barendrecht van 22 september 2003, no. 4.10, tot onteigening als bedoeld in Titel IV van de onteigeningswet Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Op de voordracht van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 15 december 2003, no. MJZ , Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Algemeen Juridische en Bestuurlijke Zaken. Gelezen de brief van burgemeester en wethouders van Barendrecht van 26 september 2003, kenmerk Gelet op Titel IV van de onteigeningswet en Titel 10.2 van de Algemene wet bestuursrecht. De Raad van State gehoord (advies van 15 januari 2004, no. W /V). Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 26 januari 2004, no. MJZ , Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Algemeen Juridische en Bestuurlijke Zaken. Beschikken bij dit besluit over de goedkeuring van het besluit van de raad van Barendrecht van 22 september 2003, no. 4.10, tot onteigening ingevolge artikel 77, eerste lid, aanhef en onder 1, van de onteigeningswet, ten name van die gemeente, van de bij dat besluit aangewezen percelen kadastraal bekend gemeente Barendrecht, sectie D, nos en 5497 (ged.). Overwegingen Ingevolge voornoemd artikel 77 van de onteigeningswet kan, zonder voorafgaande verklaring bij de wet dat het algemeen nut onteigening vordert, onteigening plaatsvinden onder meer ten behoeve van de uitvoering van een bestemmingsplan. Het ter onteigening aangewezen perceel en het ter onteigening aangewezen perceelsgedeelte zijn begrepen in het onherroepelijk goedgekeurde bestemmingsplan Spoorzone van de gemeente Barendrecht. Blijkens het raadsbesluit tot onteigening wenst de gemeente Barendrecht de daarin bedoelde gronden in eigendom te verkrijgen ter uitvoering van evengenoemd bestemmingsplan. De in het onteigeningsplan begrepen gronden zijn in het bestemmingsplan Spoorzone aangewezen voor Bedrijfsdoeleinden (B), Spoorwegdoeleinden (S) en Werkterrein en depot (WD B). Laatstgenoemde bestemming betreft een voorlopige bestemming, met een werkingsduur tot uiterlijk 1 juli 2005, die verband houdt met de aanleg aldaar van spoorwegen met bijkomende werken en die na voltooiing daarvan omgezet zal worden in de definitieve bestemming Bedrijfsdoeleinden (B). In verband hiermede is in het raadsbesluit onder meer bepaald, dat voor het perceel kadastraal bekend gemeente Barendrecht, sectie D, no (ged.) niet tot dagvaarding wordt overgegaan voordat de tijdelijke bestemming Werkterrein en depot (WD B) overeenkomstig het bepaalde in artikel 16 A, derde lid, van de voorschriften van het bestemmingsplan Spoorzone is beëindigd en de definitieve bestemming als bedoeld in artikel 16 B van de voorschriften van het bestemmingsplan Spoorzone werking heeft gekregen. De bestemmingen Bedrijfsdoeleinden (B) en Spoorwegdoeleinden (S) zijn bestemmingen, welke door burgemeester en wethouders van Barendrecht niet nader overeenkomstig artikel 11 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening behoeven te worden uitgewerkt. De door de gemeente Barendrecht ter plaatse voorgestane wijze van planuitvoering, zo heeft het ter zake ingestelde onderzoek uitgewezen, behelst de realisering van een bedrijventerrein, genaamd Barendrecht Noord. Het gebied wordt globaal begrensd door de Rotterdamse Wester Hordijk en Kooiwalweg en in Barendrecht door de 1e Barendrechtseweg, de A-15 en de spoorlijn Rotterdam-Dordrecht. In de wijze van planuitvoering is onder meer inzicht verschaft door middel van overlegging van de bij voornoemd bestemmingsplan behorende kaarten, voorschriften en toelichting met de daarin opgenomen kaarten. Voorts is overgelegd het conceptverkavelingsplan met tekeningnummer A01-01 en gedateerd 13 februari Laatstgenoemd plan heeft met de overige onteigeningsstukken mede ter inzage gelegen bij de tervisielegging, bedoeld in artikel 3:11 van de Algemene wet bestuursrecht in samenhang met artikel 80, tweede lid, van de onteigeningswet. Het raadsbesluit tot onteigening heeft overeenkomstig artikel 84, eerste lid, van de onteigeningswet met ingang van 29 september 2003 gedurende vier weken voor een ieder ter inzage gelegen op de secretarie van de gemeente Barendrecht. Binnen deze termijn zijn tegen het raadsbesluit bij Ons schriftelijk bedenkingen naar voren gebracht door O.F.N. Duiker en A.J. Melkert beiden te Rotterdam namens N.B.M. Brantjes en A.B.J.M. Brantjes-Van Loon beiden te Barendrecht. Aan artikel 86, tweede lid, van de onteigeningswet, inhoudende dat degenen, die tijdig ingevolge het derde lid van artikel 84 van die wet bedenkingen naar voren hebben gebracht, door Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer in de gelegenheid worden gesteld zich te doen horen, is voldaan. Overwegingen ten aanzien van de naar voren gebrachte bedenkingen De reclamanten, rechthebbenden op het mede ter onteigening aangewezen perceel kadastraal bekend gemeente Barendrecht, sectie D, no. 2773, en plaatselijk bekend 1e Barendrechtseweg 37, merken op, dat hun bedenkingen zich met name richten op het feit, dat de gemeente niet de noodzaak en zeker niet de urgentie van de voorgenomen onteigening Uit: Staatscourant 18 februari 2004, nr. 33 / pag. 16 1

2 heeft aangetoond. Bovendien kan volgens de reclamanten ook zonder hun perceel een voldoende groot gedeelte van het door de gemeente beoogde bedrijventerrein gerealiseerd worden. In dit verband merken zij op, dat de bestaande bedrijventerreinen Ziedewij en Vaanpark 1,2, 3 en 4 nog niet geheel bebouwd zijn en dat er nog veel bedrijfsruimte te huur en te koop staat. De markt en plaatselijke ondernemers hebben volgens de reclamanten in het geheel geen behoefte aan nog meer bedrijfsruimte c.q. -terrein. Ook is, zo stellen de reclamanten verder, er in de direct omliggende gemeenten veel uitgeefbaar bedrijventerrein beschikbaar of ruimten te huur en te koop. Er is huns inziens dan ook geen schaarste maar een overschot aan bedrijfsterreinen. De noodzaak tot realisering van het (volledige) bestemmingsplan bestaat volgens hen absoluut niet en dus is onteigening ook niet noodzakelijk. Voor herplaatsing van bestaande bedrijven is al voldoende ruimte elders in de gemeente (of in de regio) aanwezig. De reclamanten merken voorts op, dat, zoals ook uit het conceptverkavelingsplan blijkt, afzonderlijke bedrijfsgedeelten binnen het bestemmingsplan gefaseerd uitgevoerd kunnen worden. Er kan voldoende terrein in ontwikkeling worden genomen om aan de door de gemeente gestelde behoeftes te voldoen, ook zonder hun ter onteigening aangewezen perceel. Mede gelet hierop en op het feit, dat in de directe nabijheid een jeugdsociëteit in gebruik is genomen, kan volgens de reclamanten hun woning ook blijven staan en worden ingepast. De reclamanten merken vervolgens op, dat veel gronden binnen het plangebied eigendom van de Nederlandse Spoorwegen en de gemeente Rotterdam zijn. Indien deze partijen niet wensen mee te werken, kan naar hun oordeel het bestemmingsplan niet (geheel) worden uitgevoerd. Het gebruik van het onderwerpelijke perceel is volgens de reclamanten niet strijdig met het bestemmingsplan en er is geen noodzaak om het plan op korte termijn te verwezenlijken. Bovendien ontbreekt er een nadere uitwerking of een goedgekeurd verkavelingsplan. Daardoor zijn de reclamanten, zo stellen zij, niet in staat het huidige perceel in te passen in de door de gemeente gewenste ontwikkeling. Kennelijk heeft de gemeente helemaal geen haast met de voorgenomen ontwikkeling. De gemeente toont volgens hen concepten van verkaveling die strijdig zijn met elkaar. Ten aanzien van vorenaangehaalde bedenkingen overwegen Wij vooreerst, dat uit de overgelegde stukken en uit het onderzoek is gebleken, dat in Barendrecht Noord diverse grote infrastructurele projecten in ontwikkeling zijn. Naast de uitbreiding van de spoorlijn Rotterdam-Dordrecht met twee sporen voor personenvervoer en de aanleg van het tracé van de Hogesnelheidslijn wordt in dit gebied eveneens de Betuwespoorlijn met plaatselijke aftakkingen gerealiseerd. Met deze projecten moeten spoordijklichamen, viaducten, waterwerken en dienstwegen worden aangelegd. Op grond van een breed onderzoek naar de overblijvende woon- en leefkwaliteit is reeds in het kader van de vaststelling van het tracébesluit Betuweroute besloten tot het opheffen van de woonfunctie in Barendrecht Noord. Het ter uitvoering staande bestemmingsplan Spoorzone biedt het juridisch kader voor de beoogde ingrijpende ontwikkelingen in de komende jaren. In dat bestemmingsplan zijn de woningen langs de 1e Barendrechtseweg, zo ook de woning van de reclamanten, wegbestemd ten behoeve van (met name) de bestemming Bedrijfsdoeleinden (B). Nu het huidige gebruik van het perceel van de reclamanten hiermede niet in overeenstemming is, moet worden geoordeeld, dat de grondslag tot onteigening daarvan met toepassing van artikel 77, eerste lid, aanhef en onder 1, van de onteigeningswet in beginsel aanwezig is, waaraan niet afdoet, dat het huidige gebruik ingevolge het overgangsrecht kan worden voortgezet. Ten aanzien van vorenaangehaalde bedenkingen van de reclamanten inzake het niet voorhanden zijn van een nadere uitwerking of een goedgekeurd verkavelingsplan en dat de grondslag tot onteigening ten behoeve van de uitvoering van een bestemmingsplan dan ook in feite ontbreekt, merken Wij op, dat het voorliggende onteigeningsplan gestoeld is op een globaal bestemmingsplan ten aanzien waarvan in de bij dat plan behorende voorschriften voor de geprojecteerde bestemmingen geen uitwerkingsverplichting als bedoeld in artikel 11 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening is opgenomen. Op basis van een globaal bestemmingsplan, dat niet nader overeenkomstig artikel 11 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening behoeft te worden uitgewerkt, kan naar Ons oordeel in beginsel onteigend worden, mits er voldoende inzicht wordt verschaft in de door de gemeente ter plaatse voorgestane wijze van planuitvoering. Aangezien onteigening een zo zware ingreep is, dat deze een uiterste middel moet blijven, zal een deugdelijke grondslag aanwezig moeten zijn. Deze grondslag is niet aanwezig als het bestemmingsplan met toelichting dermate vaag is dat daaraan niet kan worden ontleend waarop uitvoering van het plan in feite zal neerkomen. In een onteigeningsprocedure moet kunnen worden beoordeeld of de onteigening in haar voorgestelde omvang noodzakelijk is. Om zowel de grondeigenaren als de Kroon een duidelijk beeld te verschaffen in de planuitvoeringsvorm die de gemeenteraad in het publiek belang het meest gewenst acht, moet de gemeentelijke beleidsvisie daarover duidelijk kenbaar zijn gemaakt. Deze beleidsvisie kan worden verwoord in de bij het bestemmingsplan behorende voorschriften met de daarin opgenomen beschrijving in hoofdlijnen, in de bijbehorende plantoelichting of op andere wijze bij afzonderlijk raadsbesluit. In voorkomende gevallen kan tevens worden teruggevallen op een inrichtings-/verkave-lingsplan dan wel bij grotere projecten op een masterplan. Bij een globaal bestemmingsplan, dat wel nader overeenkomstig artikel 11 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening behoeft te worden uitgewerkt, kan de benodigde duidelijkheid overigens worden geboden door middel van een (ontwerp) uitwerkingsplan. Het onderwerpelijke perceel van de reclamanten is, zoals hiervoor is overwogen, ingevolge voornoemd bestemmingsplan aangewezen voor Bedrijfsdoeleinden (B). Deze bestemming behoeft, zoals hiervoor eveneens reeds is overwogen, door burgemeester en wethouders van Barendrecht niet nader overeenkomstig artikel 11 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening te worden uitgewerkt. In de door de gemeente ter plaatse voorgestane wijze van planuitvoering is in eerste instantie (globaal) inzicht verschaft door de bij voornoemde bestemmingsplan behorende kaarten, Uit: Staatscourant 18 februari 2004, nr. 33 / pag. 16 2

3 de toelichting met daarin opgenomen kaarten en de voorschriften en in tweede instantie (nader concreet) inzicht verschaft door overlegging van het hierbovengenoemde conceptverkavelingsplan. Omdat het om een relatief klein gebied gaat, verschaft dit conceptverkavelingsplan naar Ons oordeel voldoende duidelijkheid over de toekomstige inrichting van het voorgestane bedrijfsterrein Barendrecht Noord met een netto uitgeefbare oppervlakte van 5,2 hectare. Wat betreft het gestelde van de reclamanten inzake de met elkaar strijdige conceptverkavelingsplannen heeft het onderzoek uitgewezen, dat het gaat om enkele tekeningen van hetzelfde conceptplan met relatief onbelangrijke wijzigingen (zoals bijvoorbeeld het niet intekenen van een bomenrij, een sloot of een zijweg). De beoogde indeling is, zo is verder gebleken, niettemin gelijk gebleven. Ten aanzien van het gestelde van de reclamanten inzake het onvoldoende aanwezig zijn van de noodzaak en urgentie van de voorgenomen onteigening merken Wij op, dat uit in het kader van het onderzoek overgelegde stukken is gebleken, dat de gemeente Barendrecht nagenoeg geen uit te geven bedrijfsgronden meer in voorraad heeft. De bestaande bedrijventerreinen Vaanpark I, II en III zijn uitgegeven, terwijl van Vaanpark IV (8,6 ha) inmiddels 6,8 ha is verkocht. Ook zijn de gronden in de terreinen Ziedewij, Bijdorp en Kilweg verkocht en wordt een bedrijfspark in Cornelisland particulier ontwikkeld. In het kader van het onderzoek is voorts voldoende aannemelijk gemaakt, dat, zoals ook in de bij het onteigeningsplan behorende zakelijke beschrijving staat aangegeven, door enkele (transport)bedrijven reeds concrete belangstelling is getoond voor het industrieterrein Barendrecht Noord. Het gaat daarbij om ongeveer 1,5 hectare, hetgeen tot gevolg zal hebben, dat van de uit te geven 5,2 hectare na uitgifte nog slechts 3,7 hectare overblijft als voorraad. Die voorraad wordt door de gemeente als wenselijk beschouwd om milieuhinderlijke bedrijven uit het woon- en centrumgebied van Barendrecht te kunnen uitplaatsen alsmede voor de herplaatsing van bedrijven uit de in aanbouw zijnde VINEX-woonlocatie Carnisselande. De gemeente acht die voorraad ook wenselijk voor, zoals zij zelf stelt, schuifruimte voor bedrijven vanwege de herstructurering van bedrijfsgronden in Barendrecht Oost (o.a. in Dierenstein) en tenslotte om nieuwe bedrijven vestigingsmogelijkheden te kunnen aanbieden. Dat er momenteel meer bedrijfsruimten te huur en te koop staan, komt, zoals de gemeente terecht stelt, voornamelijk door de economische teruggang van de afgelopen jaren. Desondanks is het bedrijfsareaal binnen de gemeente de laatste 5 jaar sterk gegroeid. Ook in de bedenkingen van de reclamanten wordt gewag gemaakt van het feit, dat de gemeente de afgelopen jaren zeer veel gronden met de bestemming bedrijventerrein heeft uitgegeven. De gemeente verwacht derhalve dat de vraag van bedrijven naar bedrijfskavels ook in de komende jaren zal blijven bestaan, dit mede op grond van grootschalige woningbouw en herstructureringen binnen de gemeente. In het belang van een goede ruimtelijke ontwikkeling en de werkgelegenheid wenst daarom (ook) de (groei-)gemeente Barendrecht gronden te reserveren voor nieuwe of bestaande bedrijven. Het aanbod van bedrijfsgronden of ruimten elders in de regio doet hieraan weinig af. Deze standpunten van de gemeente kunnen Wij delen. Het onderzoek heeft verder uitgewezen, dat inmiddels alle woningen en overige opstallen langs de 1e Barendrechtseweg zijn afgebroken, met uitzondering van de woning op het te onteigenen perceel en de daaraan grenzende woning. Met de gemeente zijn Wij van oordeel, dat de bestaande woning gelet op de uitgangspunten van de gemeente inzake de ontwikkeling van het nieuwe industrieterrein Barendrecht Noord bezwaarlijk kan worden ingepast. Inpassing van de woning van de reclamanten in het nieuw te ontwikkelen bedrijfsterrein aldaar moet niet alleen strijdig met het bestemmingsplan worden geacht, maar staat ook een goede verkaveling in de weg. Het handhaven en inpassen van één woning binnen een klein gebied bestemd voor bedrijfsdoeleinden en omringd door wegen en spoorlijnen moet als niet reëel worden beschouwd en moet toch ook voor de reclamanten zelf een ongewenste woon- en leefsituatie opleveren, zeker vanaf het moment dat alle spoorlijnen in gebruik genomen worden. Gelet hierop en mede in aanmerking genomen, dat de onteigeningswet belanghebbenden een volledige schadeloosstelling waarborgt, zijn Wij van oordeel dat het belang van een goede ruimtelijke ontwikkeling, dat is gediend met de door de gemeente voorgestane realisering van het bestemmingsplan ter plaatse, dient te prevaleren boven het persoonlijke belang van de reclamanten bij het behoud van de onderwerpelijke grond en dat de onteigening van deze grond derhalve, wat dit aspect betreft gerechtvaardigd is. De noodzaak tot de voorgenomen onteigening is dan ook naar Ons oordeel voldoende aangetoond. Zoals hiervoor overwogen zijn langs de 1e Barendrechtseweg nagenoeg alle woningen reeds geamoveerd. Voorts zijn de nieuwe spoorlijnen zo goed als gereed. Momenteel is een viaduct in aanbouw, die de 1e Barendrechtseweg grotendeels zal vervangen. De gemeente is voornemens binnenkort te beginnen met het bouwrijp maken van het bedrijventerrein, de aanleg van enkele ontsluitingswegen en watergangen, alsook het inplanten van bomenrijen. Om het terrein bouwrijp te kunnen maken voor de uitgifte van kavels aan bedrijven, is het nodig dat ook de resterende twee woningen (1e Barendrechtseweg 37 en 39) op korte termijn afgebroken worden. In het kader van het onderzoek is voorts voldoende aannemelijk gemaakt, dat de gemeente voornemens is het plan te doen realiseren binnen drie tot vijf jaar. Gelet hierop zijn Wij van oordeel, dat, nu met de uitvoering van het werk waarvoor onteigend wordt, een aanvang wordt gemaakt binnen de gemeenlijk op vijf jaren te stellen urgentietermijn, de voorgenomen onteigening, wat dit aspect betreft, eveneens gerechtvaardigd is. Van een gefaseerde uitvoering van het bestemmingsplan, zoals de reclamanten noemen, zal dan ook geen sprake zijn. Gelet op het vorenstaande kunnen de bedenkingen van de reclamanten er niet toe leiden, dat aan het raadsbesluit tot onteigening geheel of gedeeltelijk de goedkeuring wordt onthouden. Overige overwegingen Het moet in het belang van een goede ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente Barendrecht worden geacht, dat zij de eigendom van het onder- Uit: Staatscourant 18 februari 2004, nr. 33 / pag. 16 3

4 werpelijke perceel en het onderwerpelijke perceelsgedeelte verkrijgt. Er bestaan ook overigens geen termen aan genoemd raadsbesluit de goedkeuring te onthouden. Beslissing Wij hebben goedgevonden en verstaan: het besluit van de raad van Barendrecht van 22 september 2003, no. 4.10, goed te keuren. Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer is belast met de uitvoering van dit besluit, dat met het raadsbesluit in de Staatscourant zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State. s-gravenhage, 3 februari Beatrix. De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, S.M. Dekker. Raadsbesluit Onderwerp: Onteigening ten behoeve van de realisering van de bestemmingen Bedrijfsdoeleinden en Spoorwegdoeleinden van het bestemmingsplan Spoorzone Datum vergadering: Agendanummer: 4.10 De raad van de gemeente Barendrecht; Overwegende, dat uw raad bij besluit van 28 september 1998 het bestemmingsplan Spoorzone heeft vastgesteld; dat dit plan is goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Zuid- Holland op 11 mei 1999; dat dit plan vervolgens onherroepelijk is geworden op 26 april 2001, bij besluit van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; dat dit plan onder andere voorziet in de realisering van de bestemmingen Bedrijfsdoeleinden en Spoorwegdoeleinden, in het deelgebied Barendrecht-Noord; dat de bestemming Bedrijfsdoeleinden met betrekking tot een gedeelte van het te onteigenen perceel kadastraal gemeente Barendrecht, sectie D, nr (ged.) nog niet in werking is getreden; dat verdere realisering van de bestemming Bedrijfsdoeleinden essentieel is in verband met: de reguliere vraag naar uit te geven bedrijventerrein, nu overige terreinen nagenoeg zijn uitgegeven; de verwezenlijking van de beleidsdoelstelling ten aanzien van het verminderen c.q. opheffen van de (gemeentelijke) parkeerproblematiek van bedrijfswagens in door op het bedrijventerrein Barendrecht-Noord transportbedrijven te clusteren; de hervestiging van milieuhinderlijke bedrijven uit het centrum- en woongebied in Barendrecht alsmede de VINEX-locatie Carnisselande; het verkrijgen van uitplaatsruimte ten behoeve van de beoogde herstructurering van de bedrijventerreinen in Barendrecht-Oost (o.a. Dierenstein); dat ter realisering van bovengenoemde bestemmingen de eigendom verkregen dient te worden van de percelen grond, kadastraal bekend: gemeente Barendrecht, sectie D, nummer 2773 en nummer 5497 gedeeltelijk; dat de betrokken eigenaren en zakelijk gerechtigden van de bovengenoemde percelen en onze raad een vooraankondiging hebben gehad over het in gang zetten van een onteigeningsprocedure; dat het ontwerp-onteigeningsbesluit samen met het onteigeningsplan conform artikel 80 Ow en artikel 3:11 Awb van 1 mei 2003 tot en met 9 juni gedurende vijf weken ter inzage heeft gelegen; dat van de ter inzage legging op de voorgeschreven wijze kennis is gegeven; dat naar aanleiding van deze ter inzage legging een zienswijze is ontvangen van de heer N.B.M. Brantjes, eigenaar van het perceel aan de 1 e Barendrechtseweg 37, kadastraal bekend als gemeente Barendrecht, sectie D, nr. 2773, grondplannummer 1. dat gezien de argumentatie van burgemeester en wethouders voornoemde reclamant in zijn zienswijze kan worden ontvangen; dat de motivering van burgemeester en wethouders inzake het niet kunnen inwilligen van het in de ingediende zienswijze gedane verzoek wordt overgenomen; dat burgemeester en wethouders geen aanleiding zien om het onteigeningsplan aan te passen; dat met de eigenaren van genoemde percelen onderhandelingen zijn gevoerd en nog worden gevoerd voor minnelijke verwerving, doch dat dit voor het genoemde percelen nog geen resultaat heeft opgeleverd; dat onteigening derhalve noodzakelijk is; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 12 september 2003; gelet op de Onteigeningswet en op het bestemmingsplan Spoorzone ; besluit: met overneming van de in het voorstel van burgemeester en wethouders weergegeven overwegingen, welke worden geacht van dit besluit deel uit te maken: 1. reclamant in zijn zienswijze te ontvangen; 2. de ingebrachte zienswijzen van de heer N.B.M. Brantjes ongegrond te verklaren; 3. ter uitvoering van het bestemmingsplan Spoorzone te onteigenen ten name van de gemeente Barendrecht de percelen kadastraal bekend gemeente Barendrecht, sectie D, nummer 2773 geheel en nummer 5497 gedeeltelijk overeenkomstig de bij dit besluit behorende en als zodanig gewaarmerkte grondtekening en lijsten van te onteigenen rechten; 4. dat voor het perceel kadastrale gemeente Barendrecht, sectie D, nummer 5497 (ged.) niet tot dagvaarding wordt overgegaan voordat de tijdelijke bestemming werkterrein overeenkomstig het bepaalde in artikel 16 A lid 3 van de voorschriften van het bestemmingsplan Spoorzone is beëindigd en de definitieve bestemming als bedoeld in artikel 16 B van de voorschriften van het bestemmingsplan Spoorzone werking heeft verkregen. Aldus besloten in openbare vergadering van de raad van de gemeente Barendrecht van 22 september De griffier. De voorzitter. Uit: Staatscourant 18 februari 2004, nr. 33 / pag. 16 4

5 Lijst van de te onteigenen percelen kadastrale gemeente Barendrecht, sectie D grond- sectie en grootte te onteige. opp plaatselijk omschrijving Eigenaar/zakelijk woonplaats plannr. nummer ha are ca ha are ca bekend gerechtigde e Barend- Pakhuis, huis, 1/1 eig: Brantjes, N.B.M., Barendrecht rechtseweg tuin g.m. van 37 Loon A.B.J.M e Barend- Restant schuur, 1/1 eig (ged.): Leenheer, K., g.m. Maasdam rechtse- erf, tuin Plasier, A.E. weg 65 1/1 eig (ged.): NS Railinfrastrust Utrecht BV (Recht van opstal: NS Rail- Utrecht infratrust BV) (BP: zakelijk gerechtigde als bedoeld in art. 5 lid 3, onderdeel b belemmeringenwet Privaatrecht: NV Nederlandse Gasunie Groningen NV Electriciteitsbedrijf Zuid-Holland Voorburg De Staat (Financiën, domeinen)) Leiden (Opstalrecht Nutsvoorzieningen: NV Electriciteitsbedrijf Zuid-Holland) Voorburg Behoort bij het besluit van de raad van de gemeente Barendrecht d.d. 22 september Uit: Staatscourant 18 februari 2004, nr. 33 / pag. 16 5

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Nr. Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 2245 29 12 12februari 2009 Besluit van 30 januari 2009, no. 09.000181 tot goedkeuring van het besluit van de raad

Nadere informatie

ONTEIGENING TEN BEHOEVE VAN DE ONTWIKKELING VAN HET BEDRIJVENTERREIN BPMAA

ONTEIGENING TEN BEHOEVE VAN DE ONTWIKKELING VAN HET BEDRIJVENTERREIN BPMAA Gemeente Beek IIIIIllll 09vra00139 Volgno. : 6 Afdeling : ROBW Datum : 26 mei 2009 Raadscie : GGZ Corr.no. : 25 juni 2009 Steller : T. Louis ONTEIGENING TEN BEHOEVE VAN DE ONTWIKKELING VAN HET BEDRIJVENTERREIN

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Apeldoorn

Onteigening in de gemeente Apeldoorn VROM Onteigening in de gemeente Apeldoorn Percelen begrepen in het bestemmingsplan Stationsomgeving Noord Besluit van 12 januari 2001 no. 01.000121 tot goedkeuring van het besluit van de raad van Apeldoorn

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Arnhem

Onteigening in de gemeente Arnhem VROM Onteigening in de gemeente Arnhem Percelen begrepen in het bestemmingsplan Arnhem Centraal Besluit van 14 september 2001 no. 01.004347, tot gedeeltelijke goedkeuring van het besluit van de raad van

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Hilversum VROM

Onteigening in de gemeente Hilversum VROM Onteigening in de gemeente VROM «Onteigeningswet» Percelen, begrepen in het bestemmingsplan Oosterstraten- Nieuwstraten Besluit van 24 april 1997 no. 97.002059 tot goedkeuring van het besluit van de raad

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Amsterdam

Onteigening in de gemeente Amsterdam VROM Onteigening in de gemeente Besluit van 16 september 2005 no. 05.003405 tot goedkeuring van het besluit van de stadsdeelraad gemeente van 6 december 2004, no. 2004/15684, tot onteigening als bedoeld

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Doetinchem

Onteigening in de gemeente Doetinchem VROM, BZK Onteigening in de gemeente Percelen begrepen in het bestemmingsplan Bedrijventerrein Wijnbergen 1999 Besluit van 14 augustus 2003 no. 03.003225 tot gedeeltelijke goedkeuring van het besluit van

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Leeuwarden VROM

Onteigening in de gemeente Leeuwarden VROM Onteigening in de gemeente Leeuwarden VROM «Onteigeningswet» Percelen begrepen in het bestemmingsplan Hempens-Teerns Besluit van 1 oktober 1999 no. 99.004467 tot gedeeltelijke goedkeuring van het besluit

Nadere informatie

Heerhugowaard Stad van kansen

Heerhugowaard Stad van kansen Raadsvergadering: 26 feb 2019 Besluit Unaniem Aangenomen Heerhugowaard Stad van kansen Agendanr.: 12 Voorstelnr.: RB2018118 Onderwerp: Verzoekbesluit tot onteigening t.b.v. bestemmingsplan Reconstructie

Nadere informatie

Vestiging voorkeursrecht plangebied "Ten noorden van de Nieuwe Maasdijk" in Heusden

Vestiging voorkeursrecht plangebied Ten noorden van de Nieuwe Maasdijk in Heusden Raad Onderwerp: V200801440 Vestiging voorkeursrecht plangebied "Ten noorden van de Nieuwe Maasdijk" in Heusden Raadsvoorstel Inleiding: Voor het plangebied Ten noorden van de Nieuwe Maasdijk in Heusden

Nadere informatie

Onteigening Lisbloemstraat 9 t/m 19 (Kleiwegkwartier) (nr. 604)

Onteigening Lisbloemstraat 9 t/m 19 (Kleiwegkwartier) (nr. 604) 99SOB04963 Rotterdam, 30 november 1999. Onteigening Lisbloemstraat 9 t/m 19 (Kleiwegkwartier) (nr. 604) Aan de Gemeenteraad. Inleiding Uit een in 1997 door de hoofdafdeling Bouw- en Woningtoezicht van

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Zoetermeer VW

Onteigening in de gemeente Zoetermeer VW Onteigening in de gemeente Zoetermeer VW «Onteigeningswet» Aanleg provinciale weg N469 Besluit 20 augustus 1997, nr. 97.003863 houdende aanwijzing onroerende zaken ter onteigening ten algemenen nutte Wij

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Venlo VROM

Onteigening in de gemeente Venlo VROM Onteigening in de gemeente VROM «Onteigeningswet» Percelen, begrepen in bestemmingsplan Centrum-Zuid Besluit 11 november 1997 no. 97.005430 tot gedeeltelijke goedkeuring besluit de raad 26 maart 1997,

Nadere informatie

Uitspraak 200904084/1/R2 gevonden via '' d eze uitsp raa k il de ze uitsp ra ak Page 1 of 4 Uitspraken ZAAKNUMMER 200904084/1/R2 DATUM VAN UITSPRAAK woensdag 24 maart 2010 TEGEN het college van gedeputeerde

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Utrecht

Onteigening in de gemeente Utrecht VROM, BZK Onteigening in de gemeente Utrecht Percelen begrepen in het bestemmingsplan Kop van Lombok e.o. Besluit van 12 november 2002 no. 02.005193 tot gedeeltelijke goedkeuring van het besluit van de

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2007 2008 31 285 Wijziging van de Wet voorkeursrecht gemeenten (vereenvoudiging bekendmaking en aanbiedingsprocedure) Nr. 2 VOORSTEL VAN WET Wij Beatrix,

Nadere informatie

Gemeente Aalten. Bestemmingsplan. Buitengebied. Groot Deunkweg Aalten 6

Gemeente Aalten. Bestemmingsplan. Buitengebied. Groot Deunkweg Aalten 6 Bestemmingsplan Gemeente Aalten Buitengebied Groenenveld Aalten 2007, in Groot Deunkweg Aalten 6 TOELICHTING 1. Aanleiding Op 16 juni 2010 (nr. 200806665/1/R2) heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van

Nadere informatie

categorie/agendanr. stuknr. B. en W. 2004 RA04.0108 A 11 04/696 Onderwerp: Bezwaarschrift Sluyter Advocaten tegen besluit raad m.b.t.

categorie/agendanr. stuknr. B. en W. 2004 RA04.0108 A 11 04/696 Onderwerp: Bezwaarschrift Sluyter Advocaten tegen besluit raad m.b.t. Raadsvoorstel jaar stuknr. Raad categorie/agendanr. stuknr. B. en W. 2004 RA04.0108 A 11 04/696 Onderwerp: Bezwaarschrift Sluyter Advocaten tegen besluit raad m.b.t. gebied Zijtak Portefeuillehouder: J.

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2008 158 Besluit van 29 april 2008, houdende vaststelling van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 108, eerste lid, van de Wet

Nadere informatie

RAADSVOORSTEL Rv. nr.: B&W-besluit d.d.: B&W-besluit nr.:

RAADSVOORSTEL Rv. nr.: B&W-besluit d.d.: B&W-besluit nr.: RAADSVOORSTEL 09.0066 Rv. nr.: 09.0066 B&W-besluit d.d.: 27-5-2009 B&W-besluit nr.: 09.0444 Naam programma +onderdeel: Stationsgebied. Onderwerp: Onteigening van het perceel Stationsplein gelegen tussen

Nadere informatie

RAADSVOORSTEL Rv. nr.: B&W-besluit d.d.: B&W-besluit nr.:

RAADSVOORSTEL Rv. nr.: B&W-besluit d.d.: B&W-besluit nr.: RAADSVOORSTEL 10.0015 Rv. nr.: 10.0015 B&W-besluit d.d.: 2-2-2010 B&W-besluit nr.: 10.0140 Naam programma +onderdeel: Onderwerp: Aanwijzing percelen Stationsweg 36 tot en met 46 en Stationsplein 24 in

Nadere informatie

Onteigening in de gemeenten Culemborg en Geldermalsen

Onteigening in de gemeenten Culemborg en Geldermalsen VW Onteigening in de gemeenten Culemborg en Geldermalsen Verbreding rijksweg A2 tot 2 x 3 rijstroken, gedeelte van de aansluiting Culemborg en knooppunt Deil, met bijkomende werken Besluit van 19 september

Nadere informatie

Wijziging van de onteigeningswet

Wijziging van de onteigeningswet > Retouradres Postbus 20951 2500 EZ Den Haag De gemeenten De provincies Rijnstraat 8 Postbus 20951 2500 EZ Den Haag Interne postcode 880 www.vrom.nl Wijziging van de onteigeningswet Contactpersoon drs.

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente De Bilt

Onteigening in de gemeente De Bilt VROM Onteigening in de gemeente De Bilt Besluit van 24 december 2007, no. 07.004215 tot goedkeuring van het besluit van de raad van De Bilt van 31 mei 2007, tot onteigening ingevolge Titel IV van de onteigeningswet

Nadere informatie

RAADSVOORSTEL EN ONTWERPBESLUIT

RAADSVOORSTEL EN ONTWERPBESLUIT f @ K M E Ü E 8 i? RAADSVOORSTEL EN ONTWERPBESLUIT Registratienummer: 1170328 Datum: 13 januari 2015 Behandeld door: J. Cohen/R. van Twuijver Afdeling / Team: RO/Projecten Onderwerp: aanwijzing Wet voorkeursrecht

Nadere informatie

Omgevingsvergunning uitgebreide procedure WBD

Omgevingsvergunning uitgebreide procedure WBD Omgevingsvergunning uitgebreide procedure WBD1309454 Burgemeester en wethouders hebben op 16 december 2013 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen voor het project herbouw van de stal. De aanvraag

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Amsterdam

Onteigening in de gemeente Amsterdam VROM, BZK Onteigening in de gemeente Besluit van 18 januari 2008, no. 08.000119 tot gedeeltelijke goedkeuring van het besluit van de stadsdeelraad Bos en Lommer van de gemeente van 18 april 2007, nummer

Nadere informatie

Aanwijzing van gronden ter onteigening in de gemeente Beesel

Aanwijzing van gronden ter onteigening in de gemeente Beesel VROM Aanwijzing van gronden ter onteigening in de gemeente Beesel Percelen begrepen in het bestemmingsplan Rijksweg 73-Zuid, zoals herzien bij het bestemmingsplan Partiële herziening bestemmingsplan Rijksweg

Nadere informatie

het bezwaarschrift van de heer M.H.A. Pörteners, Koningstraat 5, 6129 BD Berg aan de Maas

het bezwaarschrift van de heer M.H.A. Pörteners, Koningstraat 5, 6129 BD Berg aan de Maas Stein Gemeenteblad 2005, no. Agendapunt Bijlagen Afdeling A Concept-raadsvoorstel Aan Betreft De Raad het bezwaarschrift van de heer M.H.A. Pörteners, Koningstraat 5, 6129 BD Berg aan de Maas Inleiding

Nadere informatie

Doelstelling van onderhavig plan is het juridisch-planologisch mogelijk maken van de bouw van maximaal één woning op voornoemde locatie.

Doelstelling van onderhavig plan is het juridisch-planologisch mogelijk maken van de bouw van maximaal één woning op voornoemde locatie. Raadsvoorstel Zaaknummer: 2017-008843 gemeente Onderwerp Ongewijzigd vaststellen bestemmingsplan "Zandeind 29a" (Riel) Datum voorstel Datum raadsvergadering Bijlagen 20-06-2017 30-01-2018 Ter inzage 1.

Nadere informatie

REGULIERE BOUWVERGUNNING EN VRIJSTELLING EX ARTIKEL WRO

REGULIERE BOUWVERGUNNING EN VRIJSTELLING EX ARTIKEL WRO Reg. Nummer: REGULIERE BOUWVERGUNNING EN VRIJSTELLING EX ARTIKEL WRO BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DORDRECHT, Gelezen de op 20 maart 2008 ingekomen aanvraag van B.H.Honcoop, Matensestraat Dodewaard om

Nadere informatie

Voorstel. (2003) nummer 103

Voorstel. (2003) nummer 103 Betreft: nazending agendapunt 10 van de raad van 27 maart 2003 Voorstel (2003) nummer 103 Voorstel tot het vaststellen van het onteigeningsplan Centrum ten behoeve van de realisering van de herontwikkeling

Nadere informatie

OMGEVINGSVERGUNNING (Nummer: W12/003578

OMGEVINGSVERGUNNING (Nummer: W12/003578 OMGEVINGSVERGUNNING (Nummer: W12/003578 Aanvraag Op 30 maart 2012 is een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen voor het oprichten van een woning (vervangende bouw), kadastraal bekend gemeente

Nadere informatie

Vaststelling bestemmingsplan Overteylingen, partiële herziening Campo terrein

Vaststelling bestemmingsplan Overteylingen, partiële herziening Campo terrein RAADSVOORSTEL Doel: besluitvormend v o o r s t e l n u m m e r v e r g a d e r i n g r e g i s t r a t i e n u m m e r 172344 p o r t e f e u i l l e h o u d e r b e h a n d e l e n d a m b t e n a a r

Nadere informatie

Ontwerpbeschikking d.d. 6 september 2012 Omgevingvergunning L

Ontwerpbeschikking d.d. 6 september 2012 Omgevingvergunning L Ontwerpbeschikking d.d. 6 september 2012 Omgevingvergunning L20120260 Grietenij 22 verplaatsen van 24 spaceboxen (tijdelijk) en handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening (tijdelijk) Sjoerd van

Nadere informatie

OMGEVINGSVERGUNNING Datum: 11 november 2014

OMGEVINGSVERGUNNING Datum: 11 november 2014 OMGEVINGSVERGUNNING Datum: 11 november 2014 Burgemeester en wethouders hebben op 14 januari 2013 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen voor het legaliseren van appartementen. De aanvraag

Nadere informatie

Ambtelijke bijstand: Janke Bolt 1

Ambtelijke bijstand: Janke Bolt 1 Raadsvoorstel Onderwerp Ongewijzigd vaststellen bestemmingsplan "Zandeind 29a" (Riel) Datum voorstel Datum raadsvergadering Bijlagen Ter inzage XX-XX-XXXX XX-XX-XXXX 1. Vast te stellen bestemmingsplan

Nadere informatie

ONTWERP BESCHIKKING OMGEVINGS(DEEL-)VERGUNNING

ONTWERP BESCHIKKING OMGEVINGS(DEEL-)VERGUNNING ONTWERP BESCHIKKING OMGEVINGS(DEEL-)VERGUNNING Burgemeester en wethouders van Zoetermeer; gezien de aanvraag ingekomen d.d. : 17 juni 2015; dossiernummer : WB20150279; van : Vastgoedbedrijf Gemeente Zoetermeer,

Nadere informatie

Onteigening in de gemeente Oss

Onteigening in de gemeente Oss VROM Onteigening in de gemeente Oss Percelen begrepen in het bestemmingsplan Besluit van 6 augustus 2002 no. 02.003640 tot gedeeltelijke goedkeuring van het besluit van de raad van Oss van 12 oktober 2001,

Nadere informatie