Kwalificatiedossier. Autospuiter

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Kwalificatiedossier. Autospuiter"

Transcriptie

1 Kwalificatiedossier Autospuiter Status: Dit kwalificatiedossier is opgesteld op basis van de formats en handleidingen, zoals deze bekend waren op 1 juni Dit kwalificatiedossier is ontwikkeld onder de verantwoordelijkheid van de paritaire commissie beroepsonderwijs bedrijfsleven van het kenniscentrum Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC). Het bestuur van het kenniscentrum Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC) heeft op (datum invullen) de goedkeuring van het ministerie van OCW ontvangen. De delen 1 en 2 (blz. 2 tot en met 24)geven de kern en de nadere uitwerking van het kwalificatieprofiel weer evenals het bijbehorende verantwoordingsdocument (blz. 25 tot en met 37), waarin de keuzes van de paritaire commissie beroepsonderwijs en bedrijfsleven zijn toegelicht en verantwoord. In deel 3 (blz. 38) zijn de onderliggende brondocumenten opgenomen. Kwalificatiedossier Autospuiter 1

2 Inhoudsopgave DEEL 1 DE DOOR HET MINISTERIE VAN OCW VAST TE STELLEN KERN VAN HET KWALIFICATIEPROFIEL ALGEMENE INFORMATIE SPECIFIEKE INFORMATIE KERNTAKEN KERNOPGAVEN COMPETENTIEMATRIX... 8 DEEL 2 DE DOOR HET BESTUUR VAN HET KENNISCENTRUM OP ADVIES VAN DE PARITAIRE COMMISSIE BEROEPSONDERWIJS BEDRIJFSLEVEN VAST TE STELLEN NADERE UITWERKING VERRIJKTE KERNTAKEN VAN HET TOTALE KWALIFICATIEPROFIEL KERNOPGAVEN BEHOREND BIJ DE UITSTROOMDIFFERENTIATIE BEROEPSCOMPETENTIES MET BEHEERSINGSCRITERIA OPBOUW KWALIFICATIEPROFIEL Kern Uitstroomdifferentiatie CERTIFICEERBARE EENHEDEN COMPETENTIEMATRIX VERANTWOORDINGSDOCUMENT De onderliggende beroepscompetentieprofielen Naam en structuur van het kwalificatieprofiel De kern van het kwalificatieprofiel De beschrijving van de uitstroomdifferentiatie De aanwijzing van eventuele certificeerbare eenheden Van beroepscompetentieprofiel(en) naar kwalificatieprofiel Leer- en burgerschapscompetenties Naar een set van geïntegreerde beroepscompetenties Talen Borging van de kwaliteit van examinering Doorstroomrechten Het proces van totstandkoming van het kwalificatiedossier...35 DEEL 3: BRONDOCUMENTEN Er bestaat in het Nederlands een dilemma als het gaat over het gebruik van woorden die als mannelijk en vrouwelijk geïnterpreteerd kunnen worden. We zouden consequent kunnen werken met 'hij/zij' en 'zijn/haar', maar dat geeft een gedwongenheid die wij stilistisch niet verantwoord vinden. De personen die in dit stuk de handelingen verrichten of beschreven worden, kunnen in onze optiek net zo goed mannen zijn als vrouwen. Kwalificatiedossier Autospuiter 2

3 DEEL 1 DE DOOR HET MINISTERIE VAN OCW VAST TE STELLEN KERN VAN HET KWALIFICATIEPROFIEL. Kwalificatieprofiel Autospuiter 1 ALGEMENE INFORMATIE datum: juni 2005 versie: 12 Onder regie van kenniscentrum Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC) Ontwikkeld door Afdeling kwalificatiestructuur, in samenwerking met vertegenwoordigers uit de carrosseriebranche en het middelbaar beroepsonderwijs. Bron- en referentiedocumenten Onderliggende beroepscompetentieprofielen: - Autospuiter (28 januari 2004) - Eerste autospuiter (28 januari 2004) Verantwoording door/op Bestuur VOC: juni 2005 Het door de Stuurgroep kwalificatiestructuur vastgestelde brondocument leren en burgerschap (mei 2004). Het referentiedocument: Talen in de kwalificatieprofielen. Kwalificatiedossier Autospuiter 3

4 2 SPECIFIEKE INFORMATIE Korte typering van het kwalificatieprofiel De volgende korte typering geldt zowel voor de autospuiter op niveau 2 als op niveau 3 (eerste autospuiter). Daar waar sprake is van differentiatie tussen deze twee niveaus, wordt dit expliciet aangegeven. De autospuiter is gekwalificeerd om individueel of in teamverband werkzaamheden te verrichten op de spuitafdeling van een bedrijf (of afdeling van een bedrijf) in de carrosseriebranche. Afhankelijk van de bedrijfsomvang en de organisatie van de werkzaamheden, wordt de autospuiter eveneens ingezet in het voorbewerkingstraject. De werkzaamheden van de autospuiter bestaan uit het voorbewerken van carrosserieonderdelen en het aanbrengen van lak(reparatie)systemen. Daarbij stelt de autospuiter zelf de werkmethode vast of wordt deze hem aangereikt in de vorm van een werkinstructie of werkopdracht. Daar waar het de eerste autospuiter betreft, stelt hij de diagnose (of wordt daarbij betrokken) met betrekking tot de opdracht en de uit te voeren werkzaamheden. Daarbij houdt de eerste autospuiter rekening met en zicht op de daarmee samenhangende (financiële) consequenties. Daarnaast mengt de eerste autospuiter voor het aflakken van de ondergrond de kleuren en stelt (tint) hij deze zonodig bij. De werkzaamheden worden verricht in goed geoutilleerde werkplaatsen waar in sommige gevallen ook de klant/opdrachtgever toegang toe heeft. Tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden speelt communicatie en samenwerking een grote rol. Daar waar de autospuiter op niveau 2 zijn werkzaamheden uitvoert met behulp van de nodige ondersteuning van leidinggevende en/of begeleider, dit kan eventueel de eerste autospuiter zijn, is de eerste autospuiter (niveau 3) in staat om de werkzaamheden volledig zelfstandig uit te voeren. Na het aanbrengen van het lak(reparatie)systeem, maakt de autospuiter het object klaar voor aflevering aan de klant/opdrachtgever of voor de volgende schakel in het bedrijfsproces. De autospuiter maakt in verband met de blootstelling aan bepaalde stoffen en het gebruik van bepaalde gereedschappen (arbeidsmiddelen), tijdens de uitvoering van zijn werkzaamheden bij een groot deel van de werkzaamheden gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. De autospuiter heeft mogelijkheden om door te groeien naar de functie eerste autospuiter en vervolgens naar leidinggevende c.q. managementfuncties in de autoschadebranche. Dit betreft bijvoorbeeld functies als chef spuiterij, chef werkplaats, schademanager, bedrijfsleider etc. Kwalificatiestructuur Het betreft een kwalificatieprofiel in de carrosseriebranche. Voor een schematisch overzicht van de kwalificatiestructuur binnen de carrosseriebranche en de positie van dit kwalificatieprofiel daarbinnen, zie pagina 34 van het verantwoordingsdocument. Typering en niveau van de kwalificatie Vakman niveau 2 en 3 Kwalificatiedossier Autospuiter 4

5 Uitstroomdifferentiatie De uitstroomdifferentiatie en bijbehorende competentiematrix dient te worden vastgesteld door het bestuur van kenniscentrum Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC) op advies van de paritaire commissie beroepsonderwijs bedrijfsleven behorend bij kenniscentrum Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC) op basis van het mandaat van het ministerie van OCW. De uitstroomdifferentiatie is daarmee integraal onderdeel van het door het ministerie van OCW vastgestelde kwalificatieprofiel. Vrije ruimte De inhoud van de vrije ruimte wordt vastgesteld en onderhouden door het bevoegde gezag van de onderwijsinstelling. Examinering De onderwijsinstellingen bieden via de bedrijfstakgroepen (BTG's) van de Bve Raad de paritaire commissie inzicht in de wijze waarop de examinering van dit kwalificatieprofiel wordt vormgegeven. De paritaire commissie kan hierover haar mening geven, maar heeft geen bevoegdheden inzake examinering. Diploma Ten bewijze dat is voldaan aan de eisen van de kern van dit kwalificatieprofiel wordt het diploma Autospuiter op niveau 2 toegekend, indien de examinering met een voldoende resultaat is afgerond. Mits voldaan is aan de daarvoor vastgestelde voorwaarden wordt op het diploma Autospuiter de volgende uitstroomdifferentiatie vermeld: - Eerste autospuiter op niveau 3 Certificeerbare eenheden Het kwalificatieprofiel Autospuiter kent een certificeerbare eenheid op niveau 2 voor de kerntaak: Bewerkt ondergronden voor. Wettelijke beroepsvereisten Niet van toepassing. Kwalificatiedossier Autospuiter 5

6 3 KERNTAKEN De volgende kerntaken maken deel uit van de kern van het kwalificatieprofiel 1. Bewerkt ondergronden voor. 2. Lakt carrosserieën af en herstelt kleine lakschades. Kwalificatiedossier Autospuiter 6

7 4 KERNOPGAVEN De volgende kernopgaven maken deel uit van de kern van het kwalificatieprofiel Kernopgave 1: Beschikbare tijd en kosten versus kwaliteit. Dilemma: De autospuiter staat voor de opgave om de juiste bewerkingsmethode voor een opdracht toe te passen om zo de door de klant/opdrachtgever gewenste kwaliteit te waarborgen. Afbreukrisico: Het kiezen van een bewerkingsmethode, niet in overeenstemming met het gewenste kwaliteitsniveau van de opdracht, kan gevolgen hebben voor de klanttevredenheid, het bedrijfsimago en voortgang van de werkprocessen binnen het bedrijf of de afdeling. Keuzes/oplossingen: De autospuiter moet een afweging maken met betrekking tot de beschikbare tijd die voor de opdracht en de bewerkingsmethode staat, de kosten die met de bewerkingsmethode verband houden en het voor het bedrijf uiteindelijk te behalen positieve (financiële) resultaat. De autospuiter kan bij het maken van deze afwegingen eventueel de hulp inschakelen van zijn leidinggevende. Kwalificatiedossier Autospuiter 7

8 5 COMPETENTIEMATRIX In de competentiematrix zijn ten behoeve van de overzichtelijkheid de competenties opgenomen die bij de kern van dit kwalificatieprofiel een rol spelen. De matrix is een hulpmiddel en brengt in beeld welke competenties nodig zijn bij welke kerntaken en kernopgaven. Voor de nadere detaillering wordt geadviseerd het betreffende onderdeel in deel 2 van het kwalificatieprofiel te bekijken. Competenties Kerntaak Kernopgave De autospuiter is in staat op adequate wijze Bewerkt ondergronden voor Lakt carrosserieën af en herstelt kleine lakschades Kerntaak werkzaamheden voor te bereiden. X X X 3 voor te bewerken. X X 4 plamuren en grondmaterialen aan te maken, aan te brengen en te schuren. 5 aflaksystemen aan te maken en aan te brengen. X X 6 kitten en beschermingmaterialen aan te maken en aan te brengen. 7 het object afleveringsklaar te maken. X X 8 veilig en milieubewust te werken. X X 9 kwaliteitsbewust en klantgericht te handelen. X X X 10 samen te werken. X X 11 te communiceren. X X 12 beroepscompetenties te ontwikkelen. X X 13 onderhoudswerkzaamheden uit te voeren. X X X X X Beschikbare tijd en kosten versus kwaliteit X X Noot: niet alle beroepscompetenties uit deel 2 behoren tot het kerndeel van dit kwalificatieprofiel. Omdat er bij de formulering van de beroepscompetenties voor is gekozen om deze in een logische werkvolgorde te plaatsen, heeft dit tot consequentie dat de nummering van de beroepscompetenties in bovenstaande matrix begint met nummer 2. Beroepscompetentie nummer 1 behoort in dit geval tot de uitstroomdifferentiatie van dit kwalificatieprofiel. Een volledig overzicht vindt u terug in de competentiematrix in hoofdstuk 11 op blz. 24. Hierin zijn naast de beroepscompetenties van het kerndeel tevens de beroepscompetenties van de uitstroomdifferentiatie opgenomen. Kwalificatiedossier Autospuiter 8

9 DEEL 2 DE DOOR HET BESTUUR VAN HET KENNISCENTRUM OP ADVIES VAN DE PARITAIRE COMMISSIE BEROEPSONDERWIJS BEDRIJFSLEVEN VAST TE STELLEN NADERE UITWERKING. 6 VERRIJKTE KERNTAKEN VAN HET TOTALE KWALIFICATIEPROFIEL Leeswijzer voor de verrijkte kerntaken: Doordat er een grote overlap is in een aantal kerntaken voor de autospuiter op niveau 2 en de eerste autospuiter op niveau 3, zijn die passages die het verschil tussen de autospuiter en de eerste autospuiter maken, cursief gedrukt. Kerntaak 1: Bewerkt ondergronden voor. Autospuiter (niveau 2) Eerste autospuiter (niveau 3) Proces De autospuiter bewerkt (onderdelen van) het te spuiten object zodanig voor dat deze schoon en vetvrij worden en gereed zijn voor verdere bewerking. Hierbij schuurt/matteert de autospuiter (nat of droog, met de hand of machinaal) verschillende soorten ondergronden, plamuurt de ondergronden en plakt de niet te spuiten delen af. De autospuiter maakt grondmaterialen aan volgens gebruiksinformatie en brengt deze grondmaterialen op het object aan met behulp van applicatiegereedschap. De autospuiter neemt, zonodig, eenvoudige (dé)montagewerkzaamheden voor zijn rekening. Voorts brengt de autospuiter kitten en beschermingsmaterialen aan, nadat hij de daartoe benodigde materialen verwerkingsklaar heeft gemaakt. De autospuiter reinigt en onderhoudt de bij bovengenoemde werkzaamheden toegepaste arbeidsmiddelen. De autospuiter is bekend met de tijdens de uit te voeren werkzaamheden relevante arbo- en milieuvoorschriften, zoals onder andere het veilig gebruik van arbeidsmiddelen, het toepassen van de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen en het op veilige en milieuverantwoorde wijze omgaan met grond- en afvalstoffen, en neemt deze in acht. Proces De eerste autospuiter stelt een diagnose met betrekking tot de te bewerken ondergronden en bepaalt op basis van die diagnose de vereiste reparatie- of werkmethode. De eerste autospuiter bewerkt (onderdelen van) het te spuiten object zodanig voor dat deze schoon en vetvrij worden en gereed zijn voor verdere bewerking. Hierbij schuurt/matteert de eerste autospuiter (nat of droog, met de hand of machinaal) verschillende soorten ondergronden, plamuurt de ondergronden en plakt de niet te spuiten delen af. Daarbij brengt de eerste autospuiter eventueel vlakverdelingen aan. De eerste autospuiter maakt grondmaterialen aan volgens gebruiksinformatie en brengt deze grondmaterialen op het object aan met behulp van applicatiegereedschap. De eerste autospuiter neemt, zonodig, eenvoudige (dé)montagewerkzaamheden voor zijn rekening. Voorts brengt de eerste autospuiter kitten en beschermingsmaterialen aan, nadat hij de daartoe benodigde materialen verwerkingsklaar heeft gemaakt. De eerste autospuiter reinigt, controleert en onderhoudt de bij bovengenoemde werkzaamheden toegepaste arbeidsmiddelen. De eerste autospuiter is bekend met de tijdens de uit te voeren werkzaamheden relevante arbo- en milieuvoorschriften, zoals onder andere het veilig gebruik van arbeidsmiddelen, het toepassen van de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen en het op veilige en milieuverantwoorde wijze omgaan met grond- en afvalstoffen, en neemt deze in acht. Rol/verantwoordelijkheden De autospuiter werkt op aanwijzing van de direct leidinggevende en is daarbij verantwoordelijk voor het correct uitvoeren van de werkzaamheden volgens deze aanwijzingen. Gedurende de uitvoering van de beschreven werkzaamheden, is de autospuiter verantwoordelijk voor het bijhouden/registreren van de gewerkte uren. Rol/verantwoordelijkheden De eerste autospuiter wordt wanneer daar behoefte aan is betrokken bij het vaststellen van een juiste diagnose en werkmethodiek met betrekking tot het voorbewerken van ondergronden en kan hiervoor de verantwoordelijkheid dragen. De eerste autospuiter is verantwoordelijk voor een deskundige en correcte uitvoering van de aan hem opgedragen voorbewerkingstaken. Gedurende de uitvoering van de beschreven werkzaamheden, is de eerste autospuiter verantwoordelijk voor het bijhouden/registreren van de gewerkte uren. De eerste autospuiter werkt op aanwijzing van de direct leidinggevende en coördineert de werkzaamheden van Kwalificatiedossier Autospuiter 9

10 Complexiteit Afwisselend past de autospuiter in het voorbewerkingstraject, met behulp van diverse arbeidsmiddelen, verschillende technieken toe, die op zich routinematig van aard zijn. Als bepaalde werkzaamheden niet nauwkeurig en/of met voldoende concentratie worden uitgevoerd, is de kans op fouten tijdens de uitvoering en/of in het vervolgtraject reëel. Betrokkenen Leiding van de werkplaats, voorbewerkers, collegaautospuiters, carrosserietechnici, autoschadeherstellers, klanten/opdrachtgevers. Hulpmiddelen Ontvettings- en reinigingsmaterialen, schuurmaterialen en -apparatuur, plamuurmaterialen en -gereedschappen, geforceerd droogapparatuur, kitten, afplak- en afdekmaterialen, beschermingsmaterialen, grondmaterialen en applicatieapparatuur, technische productinformatie, productveiligheidsinformatie, persoonlijke beschermingsmaterialen. Kwaliteit van proces en resultaat Het werk wordt adequaat, efficiënt en kostenbewust uitgevoerd conform de gestelde eisen, met inachtneming van de arbo- en milieuvoorschriften. De autospuiter beoordeelt de kwaliteit van het eigen werk. Het resultaat van de werkzaamheden in het voorbewerkingstraject is mede bepalend voor de kwaliteit van het eindresultaat. Als in het voorbewerkingstraject fouten worden gemaakt heeft dit gevolgen voor het eindresultaat. Keuzes en dilemma s De autospuiter kiest de juiste materialen en werkmethode. In geval van problemen weegt de autospuiter af in hoeverre hij problemen zelf oplost dan wel de eerste autospuiter en/of de bedrijfsleiding inschakelt. de aan hem toegevoegde collega s en is in staat over de voortgang van deze werkzaamheden rekenschap af te leggen. Complexiteit Afwisselend past de eerste autospuiter in het voorbewerkingstraject, met behulp van diverse arbeidsmiddelen, verschillende technieken toe, die op zich routinematig van aard zijn. Als bepaalde werkzaamheden niet nauwkeurig en/of met voldoende concentratie worden uitgevoerd, is de kans op fouten tijdens de uitvoering en/of in het vervolgtraject reëel. De taak bevat daarnaast enige coördinerende aspecten. Betrokkenen Leiding van de werkplaats, voorbewerkers, collegaautospuiters, carrosserietechnici, autoschadeherstellers, klanten/opdrachtgevers, leveranciers, vertegenwoordigers. Hulpmiddelen Ontvettings- en reinigingsmaterialen, schuurmaterialen en -apparatuur, plamuurmaterialen en -gereedschappen, geforceerd droogapparatuur, kitten, afplak- en afdekmaterialen, beschermingsmaterialen, grondmaterialen en applicatieapparatuur, technische productinformatie, productveiligheidsinformatie, persoonlijke beschermingsmaterialen. Kwaliteit van proces en resultaat Het werk wordt adequaat, efficiënt en kostenbewust uitgevoerd conform de gestelde eisen, met inachtneming van de arbo- en milieuvoorschriften. De eerste autospuiter beoordeelt de kwaliteit van het eigen werk en dat van de toegevoegde medewerkers en heeft daarbij inzicht in de kosten van de toegepaste materialen en onderdelen voor de objecten waaraan wordt gewerkt. Het resultaat van de werkzaamheden in het voorbewerkingstraject is mede bepalend voor de kwaliteit van het eindresultaat. Als in het voorbewerkingstraject fouten worden gemaakt heeft dit gevolgen voor het eindresultaat. Keuzes en dilemma s De eerste autospuiter kiest de juiste materialen en werkmethode. Daarbij maakt de eerste autospuiter keuzes met betrekking tot de zelf uit te voeren werkzaamheden en de aan specialisten uit te besteden taken. In geval van problemen weegt de eerste autospuiter af in hoeverre hij deze problemen zelf oplost dan wel de bedrijfsleiding inschakelt. Kwalificatiedossier Autospuiter 10

11 Kerntaak 2: Lakt carrosserieën af en herstelt kleine lakschades. Autospuiter (niveau 2) Eerste autospuiter (niveau 3) Proces De autospuiter mengt de juiste materialen voor de verschillende soorten laksystemen (één- of meerlaags) volgens aanwijzingen en aan de hand van receptuur en kleurstalen die zijn gericht op de aan te brengen laksystemen. Hij maakt deze materialen in de juiste hoeveelheden aan en controleert hiervan de kleur. Vervolgens brengt de autospuiter de lak op het object aan (in meerdere lagen) m.b.v. diverse applicatietechnieken. Daarbij onderhoudt en reinigt de autospuiter de spuitapparatuur en de werkplek (verfmengruimte en spuitcabine). De autospuiter werkt kleine lakbeschadigingen bij en herstelt kleine lakfouten doormiddel van poetsen. De autospuiter maakt het bewerkte voertuig afleveringsklaar; hij voert daarbij eventueel een controle uit aan de hand van een checklist en de werkorder. De autospuiter reinigt en onderhoudt de bij bovengenoemde werkzaamheden toegepaste arbeidsmiddelen. De autospuiter is bekend met de tijdens de uit te voeren werkzaamheden relevante arbo- en milieuvoorschriften, zoals onder andere het veilig gebruik van arbeidsmiddelen, het toepassen van de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen en het op veilige en milieuverantwoorde wijze omgaan met grond- en afvalstoffen, en neemt deze in acht. Proces De eerste autospuiter stelt een diagnose met betrekking tot de te bewerken ondergronden en van de oorzaken van eventuele lakfouten en bepaalt op basis van die diagnose de vereiste reparatie- of werkmethode. Hierbij maakt hij tevens een inschatting van de aan de reparatie te besteden tijd en materialen. De eerste autospuiter mengt de juiste materialen voor de verschillende soorten laksystemen (één- of meerlaags) volgens aanwijzingen en aan de hand van receptuur en kleurstalen die zijn gericht op de aan te brengen laksystemen. Hij maakt deze materialen in de juiste hoeveelheden aan en controleert hiervan de kleur. Vervolgens brengt de eerste autospuiter de lak op het object aan (in meerdere lagen) m.b.v. diverse applicatietechnieken. Daarbij onderhoudt en reinigt de eerste autospuiter de spuitapparatuur en de werkplek (verfmengruimte en spuitcabine) De eerste autospuiter werkt kleine lakbeschadigingen bij en herstelt lakfouten doormiddel van poetsen en/of specifieke applicatiemethoden. De eerste autospuiter maakt het bewerkte voertuig afleveringsklaar; hij voert daarbij eventueel een controle uit aan de hand van een checklist en de werkorder. De eerste autospuiter reinigt, controleert en onderhoudt de bij bovengenoemde werkzaamheden toegepaste arbeidsmiddelen. De eerste autospuiter is bekend met de tijdens de uit te voeren werkzaamheden relevante arbo- en milieuvoorschriften, zoals onder andere het veilig gebruik van arbeidsmiddelen, het toepassen van de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen en het op veilige en milieuverantwoorde wijze omgaan met grond- en afvalstoffen, en neemt deze in acht. Rol/verantwoordelijkheden De autospuiter werkt op aanwijzing van de direct leidinggevende en is daarbij verantwoordelijk voor het correct uitvoeren van de werkzaamheden volgens deze aanwijzingen. Gedurende de uitvoering van de beschreven werkzaamheden, is de autospuiter verantwoordelijk voor het bijhouden/registreren van de gewerkte uren. Rol/verantwoordelijkheden De eerste autospuiter wordt wanneer daar behoefte aan is betrokken bij het vaststellen van een juiste diagnose en werkmethodiek met betrekking tot het aflakken en het herstellen van kleine lakschades en kan hiervoor de verantwoordelijkheid dragen. De eerste autospuiter is verantwoordelijk voor een deskundige en correcte uitvoering van de aan hem opgedragen taken op het gebied van het aflakken en het herstellen van kleine lakschades. Gedurende de uitvoering van de beschreven werkzaamheden, is de eerste autospuiter verantwoordelijk voor het bijhouden/registreren van de gewerkte uren. De eerste autospuiter werkt op aanwijzing van de direct leidinggevende en coördineert de werkzaamheden van de aan hem toegevoegde collega s en is in staat over de voortgang van deze werkzaamheden rekenschap af te leggen. Kwalificatiedossier Autospuiter 11

12 Complexiteit De autospuiter past diverse applicatietechnieken toe. Routine speelt hierbij een grote rol, maar bepaalde werkzaamheden (aanmaken van de lak, spuiten) vereisen extra concentratie en accuratesse. Dit ter voorkoming van spuit- en applicatiefouten). Ook het controleren van het eindresultaat vergt extra aandacht en accuratesse. Betrokkenen Leiding van de werkplaats, voorbewerkers, collegaautospuiters, carrosserietechnici, autoschadeherstellers, klanten/opdrachtgevers. Hulpmiddelen Lakmaterialen en applicatieapparatuur, geforceerd droogapparatuur, technische productinformatie, productveiligheidsinformatie, lakmeng- en reinigingsapparatuur, applicatieruimte, persoonlijke beschermingsmaterialen. Kwaliteit van proces en resultaat Het werk wordt adequaat, efficiënt en kostenbewust uitgevoerd conform de gestelde eisen, met inachtneming van de arbo- en milieuvoorschriften. De autospuiter beoordeelt de kwaliteit van het eigen werk. Het eindresultaat moet overeenkomen met hetgeen door de klant/opdrachtgever wordt verlangd. Keuzes en dilemma s De autospuiter kiest het goede laksysteem en de juiste materialen en applicatietechniek. Ingeval van voorkomende problemen weegt de autospuiter af in hoeverre hij deze problemen zelf oplost dan wel de eerste autospuiter en/of de bedrijfsleiding inschakelt. Complexiteit De eerste autospuiter past diverse applicatietechnieken toe. Routine speelt hierbij een grote rol, maar bepaalde werkzaamheden (aanmaken van de lak, controleren en bijstellen van de kleur, spuiten) vereisen extra concentratie en accuratesse. Dit ter voorkoming van lak- en applicatiefouten). Ook het controleren van het eindresultaat vergt extra aandacht en accuratesse. De taak bevat daarnaast enige coördinerende aspecten. Betrokkenen Leiding van de werkplaats, voorbewerkers, collegaautospuiters, carrosserietechnici, autoschadeherstellers, klanten/opdrachtgevers, leveranciers, vertegenwoordigers. Hulpmiddelen Lakmaterialen en applicatieapparatuur, geforceerd droogapparatuur, technische productinformatie, productveiligheidsinformatie, lakmeng- en reinigingsapparatuur, applicatieruimte, persoonlijke beschermingsmaterialen. Kwaliteit van proces en resultaat Het werk wordt adequaat, efficiënt en kostenbewust uitgevoerd conform de gestelde eisen, met inachtneming van de arbo- en milieuvoorschriften. Daarbij heeft de eerste autospuiter inzicht in de kosten van de toegepaste materialen en onderdelen voor de objecten waaraan wordt gewerkt. De eerste autospuiter beoordeelt de kwaliteit van het eigen werk. Het eindresultaat moet overeenkomen met hetgeen door de klant/opdrachtgever wordt verlangd. Keuzes en dilemma s De eerste autospuiter kiest het goede laksysteem en de juiste materialen en applicatietechniek. Daarbij maakt de eerste autospuiter keuzes met betrekking tot de zelf uit te voeren werkzaamheden en de aan specialisten uit te besteden taken. In geval van voorkomende problemen weegt de eerste autospuiter af in hoeverre hij deze problemen zelf oplost dan wel de bedrijfsleiding inschakelt. Kwalificatiedossier Autospuiter 12

13 Kerntaak 3: Kleuren maken en bijtinten. Autospuiter (niveau 2) Eerste autospuiter (niveau 3) Proces Proces De eerste autospuiter stelt met behulp van verschillende Niet van toepassing op niveau 2. methoden vast met welk laksysteem men te maken heeft en welke verdere bewerkingen nodig zijn in het verdere werktraject. De eerste autospuiter mengt de juiste materialen voor de verschillende soorten laksystemen (één- of meerlaags), volgens aanwijzingen en aan de hand van receptuur en kleurstalen die zijn gericht op de aan te brengen laksystemen. Hij maakt deze materialen in de juiste hoeveelheden aan en controleert hiervan de kleur. Wanneer nodig stelt (tint) de eerste autospuiter de gemaakte kleur bij naar de kleur van het te spuiten object. De eerste autospuiter reinigt, controleert en onderhoudt de bij bovengenoemde werkzaamheden toegepaste arbeidsmiddelen. Rol/verantwoordelijkheden Niet van toepassing op niveau 2. Complexiteit Niet van toepassing op niveau 2. Betrokkenen Niet van toepassing op niveau 2. Hulpmiddelen Niet van toepassing op niveau 2. Rol/verantwoordelijkheden De eerste autospuiter wordt eventueel betrokken bij het vaststellen van een juiste diagnose en werkmethodiek met betrekking tot het aflakken en het herstellen van kleine lakschades en kan hiervoor de verantwoordelijkheid dragen. De eerste autospuiter is verantwoordelijk voor een deskundige en correcte uitvoering van de aan hem opgedragen taken op het gebied van het aanmaken en mengen van lakken. De eerste autospuiter werkt op aanwijzing van de direct leidinggevende en coördineert de werkzaamheden van de aan hem toegevoegde collega s. Gedurende de uitvoering van de beschreven werkzaamheden, is de eerste autospuiter verantwoordelijk voor het bijhouden/registreren van de gewerkte uren. Complexiteit Het op basis van een lakrecept aanmaken en mengen van meerdere soorten laksystemen, onder toepassing van de juiste werkmethoden en technieken en het zonodig op juiste wijze bijstellen van lakken vereist, extra concentratie en accuratesse. Dit ter voorkoming van fouten. De taak bevat daarnaast enige coördinerende elementen. Betrokkenen Leiding van de werkplaats, voorbewerkers, collegaautospuiters, carrosserietechnici, autoschadeherstellers, klanten/opdrachtgevers, leveranciers, vertegenwoordigers. Hulpmiddelen lakmaterialen en applicatieapparatuur, technische productinformatie, productveiligheidsinformatie, lakmeng- en reinigingsapparatuur, applicatieruimte, persoonlijke beschermingsmaterialen. Kwalificatiedossier Autospuiter 13

14 Kwaliteit van proces en resultaat Niet van toepassing op niveau 2. Keuzes en dilemma s Niet van toepassing op niveau 2. Kwaliteit van proces en resultaat Het werk wordt adequaat, efficiënt en kostenbewust uitgevoerd conform de gestelde eisen, met inachtneming van arbo- en milieuvoorschriften. De eerste autospuiter beoordeelt de kwaliteit van het eigen werk en heeft daarbij inzicht in de kosten van de materialen voor de objecten waaraan wordt gewerkt. Het eindresultaat moet overeenkomen met hetgeen door de klant/opdrachtgever wordt verlangd. Keuzes en dilemma s De eerste autospuiter kiest de juiste materialen en werkwijze. Voorts maakt de eerste autospuiter keuzes met betrekking tot de zelf uit te voeren werkzaamheden en de aan specialisten uit te besteden taken. In geval van voorkomende problemen weegt de eerste autospuiter af in hoeverre hij deze problemen zelf oplost dan wel de bedrijfsleiding inschakelt. Kwalificatiedossier Autospuiter 14

15 7 KERNOPGAVEN BEHOREND BIJ DE UITSTROOMDIFFERENTIATIE De volgende kernopgaven maken deel uit van de uitstroomdifferentiatie Eerste autospuiter (niveau 3) van het kwalificatieprofiel. Kernopgave 2: Taak A versus taak B. Dilemma: De eerste autospuiter staat voor de opgave prioriteiten te signaleren en deze met de bedrijfsleiding te bespreken indien zich gelijktijdig meerdere werkzaamheden aandienen. Dit niet zelden onder tijdsdruk. Afbreukrisico: Het niet tijdig signaleren van prioriteiten en het hierop ondernemen van actie, kan gevolgen hebben voor de voortgang van de werkprocessen binnen het bedrijf of de afdeling. Keuzes/oplossingen: De eerste autospuiter moet een afweging maken aan welke opdrachten hij prioriteit geeft. Deze afweging maakt hij met inachtneming van de met de klant/opdrachtgever gemaakte afspraken, de beschikbare capaciteit (in mensen en arbeidsmiddelen), de aanwezigheid van materialen etc. Kernopgave 3: Onderhouden versus vervangen van arbeidsmiddelen. Dilemma: De eerste autospuiter staat voor de opgave te bepalen of gereedschappen en apparatuur (arbeidsmiddelen) volgens een periodiek controle- en onderhoudsschema dienen te worden onderhouden of dat deze arbeidsmiddelen dienen te worden afgevoerd en/of vervangen. Afbreukrisico: Minder goed functionerende arbeidsmiddelen kunnen de voortgang van de werkprocessen binnen het bedrijf of de afdeling, en de kwaliteit van het eindproduct aantasten. Bovendien kunnen er door onjuiste beslissingen omtrent het onderhoud en het gebruik van arbeidsmiddelen risicovolle situaties ontstaan, waarbij het bedrijf aansprakelijk en verantwoordelijk is voor eventuele gevolgen. Keuzes/oplossingen: De eerste autospuiter zal hierbij moeten afwegen of hij de onderhouds - en/of eventuele reparatiewerkzaamheden zelf uitvoert of uitbesteedt aan derden. Of dat bepaalde arbeidsmiddelen moeten worden afgevoerd danwel moeten worden vervangen. De eerste autospuiter dient bij deze afwegingen uit te gaan van de daarbij van toepassing zijnde arbo- en milieuwetgeving. Kwalificatiedossier Autospuiter 15

16 8 BEROEPSCOMPETENTIES MET BEHEERSINGSCRITERIA In de beroepscompetenties worden de volgende dimensies onderscheiden: - De vakmatig-methodische dimensie (VM) verwijst naar beroepscompetenties om m.b.v. technieken en hulpmiddelen kerntaken en kernopgaven op adequate wijze uit te voeren. - De bestuurlijk-organisatorische en strategische dimensie (BOS) verwijst naar beroepscompetenties die zijn gericht op het beroepsmatig functioneren in de context van arbeidsorganisaties. - De sociaal-communicatieve dimensie (SC) verwijst naar de beroepscompetenties gericht op het leggen en onderhouden van contacten, samenwerken, functioneren in een team, etc. - De ontwikkelingsdimensie (ON) verwijst naar beroepscompetenties die bijdragen aan de ontwikkeling van een individu, team, beroep, organisatie of bedrijf. Beroepscompetentie 1. VM / SC Beheersingscriteria gericht op het proces Beroepscompetentie 2. VM / SC / BOS Herkennen en beoordelen ondergronden en laklagen De autospuiter is in staat om op adequate wijze ondergronden en laklagen te herkennen en te beoordelen en op grond daarvan conclusies te trekken met betrekking tot de uit te voeren bewerkingen. Stelt de soort van de te bewerken ondergrond vast. Bepaalt de werkvolgorde en stelt hierbij prioriteiten. Bepaalt welke informatie wel en niet van belang is om vast te leggen. Geeft duidelijke en complete informatie. Beoordeelt de conditie van de ondergrond. Beoordeelt de kwaliteit van de te bewerken ondergrond (materiaal en eventueel aanwezige primer en -laksystemen). Stelt vast welke bewerkingen moeten worden uitgevoerd. Overlegt indien nodig, met collega's en/of leidinggevende. Stelt vast welke laksystemen moeten worden aangebracht. Een correcte beoordeling van de conditie van de te bewerken ondergronden en laklagen en een juiste conclusie met betrekking tot de uit te voeren werkzaamheden. Voorbereiden werkzaamheden De autospuiter is in staat om de werkzaamheden op adequate wijze voor te bereiden. Beheersingscriteria gericht op het proces Ontvangt de werkopdracht. Verzamelt alle relevante informatie. Interpreteert relevante informatie. Beoordeelt de werksituatie. Bepaalt de optimale volgorde voor de uitvoering van de werkzaamheden. Neemt voor aanvang van zijn werkzaamheden kennis van de vastgestelde planning. Stelt vast welke werkzaamheden moeten worden uitgevoerd. Verdeelt in overleg zijn werkzaamheden in stappen. Schat in hoelang de werkzaamheden gaan duren. Houdt rekening met mogelijke knelpunten. Stemt de aanpak van werken zonodig af met de leidinggevende en/of andere betrokkenen. Verzamelt de juiste materialen, arbeidsmiddelen en materieel. Maakt materialen, arbeidsmiddelen en materieel klaar voor gebruik. Communiceert op heldere wijze naar alle betrokkenen. Vult alle vereiste formulieren, werkbonnen en checklists volledig en duidelijk in. Een werkplan dat een efficiënte voortgang van de werkzaamheden waarborgt. Kwalificatiedossier Autospuiter 16

17 Beroepscompetentie 3. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Beroepscompetentie 4. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Beroepscompetentie 5. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Beroepscompetentie 6. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Voorbewerken De autospuiter is in staat om ondergronden op adequate wijze te reinigen, te bewerken en te behandelen met behulp van verschillende technieken. Kiest de te gebruiken materialen en arbeidsmiddelen. Reinigt de verschillende soorten ondergronden. Ontvet de verschillende soorten ondergronden. Bewerkt verschillende ondergronden voor m.b.v. diverse technieken. (Dé)monteert op eenvoudige wijze te verwijderen en aan te brengen onderdelen. Schuurt ondergronden. Een volgens de aanwijzingen voorbewerkt object. Plamuren en grondmaterialen aanmaken, aanbrengen en schuren De autospuiter is in staat om op adequate wijze plamuren en grondmaterialen aan te maken en aan te brengen. Plakt de niet te behandelen delen van het object af. Verwijdert stof door middel van afblazen en afkleven. Maakt de juiste hoeveelheid plamuur aan en brengt deze aan op het object. Schuurt de plamuurlagen en omliggende omgeving. Kiest het juiste grondmateriaal, maakt dit aan in de juiste hoeveelheid en brengt dit aan op het object. Ondergronden die gereed zijn voor verdere behandeling. Aflaksystemen aanmaken en aanbrengen De autospuiter is in staat om op adequate wijze aflakken aan te maken en deze conform de gegeven aanwijzingen aan te brengen op het object. Plakt de niet te spuiten delen af. Brengt vlakverdelingen aan. Kiest het juiste laksysteem. Maakt de lak aan volgens de receptuur, in de gewenste kleur en in de juiste hoeveelheden. Controleert de kleur van de lak en stelt (tint) deze zonodig bij. Brengt de lak, in meerdere lagen, aan op het object. Een volgens de aanwijzingen gespoten object. Kitten en beschermingmaterialen aanbrengen De autospuiter is in staat om op adequate wijze kitten en beschermingsmaterialen aan te brengen ter bescherming van carrosseriedelen. Selecteert de juiste materialen en arbeidsmiddelen. Maakt kitten en beschermingsmaterialen aan in de gewenste hoeveelheden. Brengt kitten en beschermingsmaterialen aan op carrosseriedelen. Correct aangebrachte kitten en beschermingsmaterialen. Kwalificatiedossier Autospuiter 17

18 Beroepscompetentie 7. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Beroepscompetentie 8. VM / CS / BOS Afleveringsklaar maken De autospuiter is in staat om objecten op adequate wijze afleveringsklaar te maken, opdat deze conform de gemaakte afspraken kunnen worden afgeleverd aan de klant/opdrachtgever. Maakt een herstelde auto klaar voor aflevering d.m.v. wassen, poetsen, stofzuigen etc. Herstelt kleine lakbeschadigingen door bijtippen of poetsen. Brengt plakbiezen en stickers aan. Controleert het object voor aflevering aan de hand van een checklist. Een object dat klaar is om te worden afgeleverd aan de klant/opdrachtgever. Veilig en milieubewust werken De autospuiter is in staat om op adequate wijze veilig en milieubewust te werken. Beheersingscriteria gericht op het proces Handelt conform de richtlijnen/relevante voorschriften op het gebied van veiligheid, milieu en arbeidsomstandigheden. (Her)kent de gebruikte aanduidingen van gevaarlijke stoffen. Werkt volgens bedrijfsvoorschriften. Gebruikt materialen, arbeidsmiddelen, materieel en persoonlijke beschermingsmiddelen op de juiste wijze. Gaat efficiënt om met het materiaal. Ziet er op toe dat materialen, arbeidsmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen op de juiste wijze worden gebruikt. Reageert alert en actief op (het ontstaan van) onveilige situaties. Wijst collega s op (het ontstaan van) onveilige situaties. Neemt preventieve maatregelen om onveilige situaties en/of milieuproblemen te voorkomen. Doet suggesties bij niet milieubewust handelen. Meldt onveilige situaties aan bij de verantwoordelijke persoon. Houdt de eigen werkplek schoon en op orde. Verzamelt afval en restmateriaal, sorteert dit en voert het conform de voorschriften af. Zo gezond en veilig mogelijke arbeidsomstandigheden en een minimaal milieubelastend proces ter voorkoming van schade aan de eigen gezondheid en aan de omgeving. Kwalificatiedossier Autospuiter 18

19 Beroepscompetentie 9. SC / BOS Beheersingscriteria gericht op het proces Kwaliteitsbewust en klantgericht handelen De autospuiter is in staat om op adequate wijze kwaliteitsbewust en klantgericht te handelen. Werkt volgens het kwaliteitssysteem van de werkgever. Werkt volgens de kwaliteitsvoorschriften van de werkgever/fabrikant/leverancier. Werkt (gedurende een lange periode) nauwkeurig, geconcentreerd en met oog voor detail. Werkt volgens bedrijfsvoorschriften. Registreert werkzaamheden. Signaleert fouten, verstoringen en afwijkingen in het eigen werk- of productieproces en dat van anderen. Onderneemt actie binnen het eigen werk- of productieproces en dat van anderen. Anticipeert op mogelijke verstoringen van de voortgang van het werk door tijdig in te grijpen of voorzorgsmaatregelen te treffen. Controleert tijdens de uitvoer van het werk of productieproces de juistheid van de door hem en anderen gehanteerde werkwijze. Werkt volgens vastgestelde procedures in checklists, werkorders en bedrijfsregels. Vraagt naar de wensen en de behoeften van de klant/opdrachtgever. Voert de werkzaamheden uit die met de klant/opdrachtgever zijn afgesproken. Overlegt met de leidinggevende als de wensen van de klant/opdrachtgever niet mogelijk zijn. Reageert snel op vragen van collega s. Speelt in op de veranderende situaties en past de werkwijze hierop aan. Denkt mee, geeft ook ongevraagd advies. Voorkomt aanleidingen voor klachten zoveel mogelijk. Neemt elke klacht serieus en zorgt dat de klacht wordt afgehandeld. Vraagt door als het probleem of de klacht bij de klant/opdrachtgever niet duidelijk is. Verwijst zonodig door naar een gespecialiseerde collega. Zorgt na afloop van de werkzaamheden voor een opgeruimde werkplek. Komt afspraken na. De klant/opdrachtgever is tevreden over de wijze waarop hij is behandeld en over de manier waarop de werkzaamheden zijn uitgevoerd. Kwalificatiedossier Autospuiter 19

20 Beroepscompetentie 10. BOS / SC Beheersingscriteria gericht op het proces Beroepscompetentie 11. SC Beheersingscriteria gericht op het proces Samenwerken De autospuiter is in staat om op adequate wijze samen te werken met anderen in het bedrijf. Neemt actief deel aan het werkoverleg. Maakt werkafspraken met collega s en komt deze na. Houdt rekening met verschillen tussen mensen en hun manier van werken. Vraagt collega s om hulp en helpt collega s als de situatie daarom vraagt. Aarzelt niet om zich in geval van twijfel tot de leiding te wenden. Geeft aan wanneer de werkdruk te hoog is. Beheerst de Nederlandse taal voldoende om veilig te kunnen werken en samen te werken. Gaat in goede harmonie om met collega en leidinggevende. Bekijkt eigen handelen kritisch. Stelt het gemeenschappelijk resultaat centraal. Een goede en prettige samenwerking tussen collega's, een efficiënt verloop van de werkzaamheden en een goede sfeer in het bedrijf. Communiceren De autospuiter is in staat om op adequate wijze met alle betrokkenen in het werkproces te communiceren. Hanteert correcte omgangsvormen. Stemt de communicatie af op de ander en op de situatie. Luistert aandachtig, toont geduld en laat de gesprekspartner uitspreken. Houdt rekening met wat door anderen gezegd wordt. Stelt gerichte vragen om relevante informatie te achterhalen. Vraagt zonodig door om de noodzakelijke informatie helder te krijgen. Brengt een boodschap kort en duidelijk over. Geeft na een ontvangen opdracht aan wat hij gaat doen. Legt een probleem op duidelijke wijze voor aan de leidinggevende Raadpleegt uiteenlopende bronnen. Legt contacten en mobiliseert hulp. Verwoordt eigen standpunten en behartigt eigen belangen. Een vlot lopend werkproces met adequaat geïnformeerde betrokkenen. Kwalificatiedossier Autospuiter 20

21 Beroepscompetentie 12. ON Beheersingscriteria gericht op het proces Beroepscompetentie 13. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Beroepscompetentie 14. BOS / SC Beheersingscriteria gericht op het proces Beroepscompetenties ontwikkelen De autospuiter is in staat om op adequate wijze zijn beroepscompetenties gedurende zijn loopbaan te ontwikkelen. Neemt kennis van en staat open voor nieuwe werkmethoden en technieken. Test en beoordeelt nieuwe technieken, arbeidsmiddelen en materialen. Leest vakliteratuur. Brengt met de leidinggevende in kaart wat goed en niet goed gaat. Bepaalt met de leidinggevende welke beroepscompetenties hij verder moet ontwikkelen. Bepaalt met de leidinggevende welke activiteiten hij daartoe moet ondernemen. Onderneemt de afgesproken activiteiten. Doet verbetervoorstellen en/of voorstellen tot efficiëntere werkprocessen. Sluit en beëindigt het arbeidscontract. Onderneemt passende activiteiten om een arbeidsplaats te behouden en/of te vinden. Constante ontwikkeling en toepassing van de eigen beroepscompetenties waardoor de autospuiter beter in staat is om goed te blijven functioneren in zijn beroep. Uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden De autospuiter is in staat om op adequate wijze de arbeidsmiddelen waarmee gewerkt wordt te onderhouden. Onderhoudt de toegepaste arbeidsmiddelen. Vraagt bij storing advies aan de leidinggevende of de leverancier. Onderhoudt (of organiseert het onderhoud van) arbeidsmiddelen volgens de onderhoudsinstructies. Geeft aan wanneer arbeidsmiddelen mogelijk aan vervanging toe zijn. De arbeidsmiddelen werken optimaal. Begeleiden, aansturen en instrueren van collega's De autospuiter is in staat om op adequate wijze collega's te begeleiden, aan te sturen en te instrueren. Bepaalt welke werkzaamheden gedelegeerd kunnen worden. Stuurt medewerkers indien nodig bij. Houdt bij de omgang rekening met verschillen tussen mensen. Geeft feedback aan en vraagt om feedback van collega s en wijzigt zonodig de werkwijze. Verstrekt relevante informatie aan alle belanghebbenden. Legt op een duidelijke en begrijpelijke manier een complex onderwerp uit. Zorgt voor een duidelijke werkoverdracht naar collega s. Vat samen wat anderen zeggen en wat hij zelf heeft willen overbrengen en vraagt of dat klopt. Verdeelt zonodig de werkzaamheden. Een goed begeleide en geïnstrueerde medewerker. Kwalificatiedossier Autospuiter 21

22 9 OPBOUW KWALIFICATIEPROFIEL 9.1 KERN Voor het kwalificatieprofiel Autospuiter is de volgende inhoud van de kern vastgesteld. Kern Autospuiter (niveau 2) De volgende kerntaken, kernopgaven en competenties maken deel uit van de kern. Kerntaken 1 : Bewerkt ondergronden voor. 2 : Lakt carrosserieën af en herstelt kleine lakschades. Kernopgaven 1 : Beschikbare tijd en kosten versus kwaliteit. Competenties 2 : Voorbereiden werkzaamheden. 3 : Voorbewerken. 4 : Plamuren en grondmaterialen aanmaken, aanbrengen en schuren. 5 : Aflakystemen aanmaken en aanbrengen. 6 : Kitten en beschermingmaterialen. 7 : Afleveringsklaar maken. 8 : Veilig en milieubewust werken. 9 : Kwaliteitsbewust en klantgericht handelen. 10 : Samenwerken. 11 : Communiceren. 12 : Beroepscompetenties ontwikkelen. 13 : Uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden. Kwalificatiedossier Autospuiter 22

23 9.2 UITSTROOMDIFFERENTIATIE Voor het kwalificatieprofiel Autospuiter is de volgende uitstroomdifferentiatie vastgesteld. Uitstroomdifferentiatie Eerste autospuiter (niveau 3) Korte typering: De eerste autospuiter stelt de diagnose met betrekking tot de opdracht en de uit te voeren werkzaamheden, bewerkt ondergronden voor, mengt kleuren en stelt (tint) deze zonodig bij. Lakt ondergronden af. Begeleidt de aan hem toegewezen collega's en stuurt deze aan. Zorgt voor een juiste aflevering van de opdracht in overeenstemming met de wensen van de klant/opdrachtgever. De volgende kerntaken, kernopgaven en competenties maken deel uit van deze uitstroomdifferentiatie. Kerntaken 1 : Bewerkt ondergronden voor. 2 : Lakt carrosserieën af en herstelt kleine lakschades. 3 : Maakt kleuren en tint deze bij. Kernopgaven 1 : Beschikbare tijd en kosten versus kwaliteit. 2 : Taak A versus taak B. 3 : Onderhouden versus vervangen van arbeidsmiddelen. Competenties 1 : Herkennen en beoordelen ondergronden en laklagen. 2 : Voorbereiden werkzaamheden. 3 : Voorbewerken. 4 : Plamuren en grondmaterialen aanmaken, aanbrengen en schuren. 5 : Aflakystemen aanmaken en aanbrengen. 6 : Kitten en beschermingmaterialen. 7 : Afleveringsklaar maken. 8 : Veilig en milieubewust werken. 9 : Kwaliteitsbewust en klantgericht handelen. 10 : Samenwerken. 11 : Communiceren. 12 : Beroepscompetenties ontwikkelen. 13 : Uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden. 14 : Begeleiden, aansturen en instrueren van collega's. 10 CERTIFICEERBARE EENHEDEN Het kwalificatieprofiel Autospuiter kent een certificeerbare eenheid op niveau 2 voor de kerntaak: Bewerkt ondergronden voor. Kwalificatiedossier Autospuiter 23

24 11 COMPETENTIEMATRIX In de competentiematrix zijn ten behoeve van de overzichtelijkheid de competenties opgenomen die bij de kern en de uitstroomdifferentiatie van dit kwalificatieprofiel een rol spelen. De matrix is een hulpmiddel en brengt in beeld welke competenties nodig zijn bij welke kerntaken en kernopgaven en waar deze elementen terugkomen in de uitstroomdifferentiatie. Voor de nadere detaillering wordt geadviseerd het betreffende onderdeel in deel 2 van het kwalificatieprofiel te bekijken. Competenties Kerntaak Kernopgave De autospuiter is in staat op adequate wijze Bewerkt ondergronden voor Lakt carrosserieën af en herstelt kleine lakschades Maakt kleuren en tint deze bij Beschikbare tijd en kosten versus kwaliteit Kerntaak Niveau (2 = Autospuiter, 3 = Eerste autospuiter) / ondergronden en laklagen te herkennen en te beoordelen. Taak A versus taak B X X X X X 2 werkzaamheden voor te bereiden. X X X X X X X X 3 voor te bewerken. X X X X X 4 plamuren en grondmaterialen aan te maken, aan te brengen en te schuren. Onderhouden versus vervangen van arbeidsmiddelen X X X X X 5 aflaksystemen aan te maken en aan te brengen. X X X X X X 6 kitten en beschermingmaterialen aan te maken en aan te brengen. X X X X X 7 het object afleveringsklaar te maken. X X X X X 8 veilig en milieubewust te werken. X X X X X X X 9 kwaliteitsbewust en klantgericht te handelen. X X X X X X X 10 samen te werken. X X X X X X 11 te communiceren. X X X X X X 12 beroepscompetenties te ontwikkelen. X X X X X 13 onderhoudswerkzaamheden uit te voeren. X X X X X X X X 14 collega's te begeleiden, aan te sturen en te instrueren. X X X X X Kwalificatiedossier Autospuiter 24

25 12 VERANTWOORDINGSDOCUMENT De verantwoording bij het kwalificatieprofiel heeft tot doel de opbouw van het kwalificatieprofiel en de wijze van totstandkoming toe te lichten en te verantwoorden. Het Verantwoordingsdocument heeft twee functies: het is een verantwoording van de stappen die zijn gezet bij het opstellen van het kwalificatieprofiel zodanig dat een toetsing door derden mogelijk is; het is een toelichting op de keuzes die zijn gemaakt bij het opstellen van het kwalificatieprofiel zodanig dat voor gebruikers inzichtelijk wordt wat er wel en niet in het kwalificatieprofiel is opgenomen en waarom die keuzes zijn gemaakt. In de verantwoording worden zeven onderdelen behandeld: 12.1 De onderliggende beroepscompetentieprofielen Naam en structuur van het kwalificatieprofiel Van beroepscompetentieprofielen naar kwalificatieprofiel Leer- en burgerschapscompetenties Borging van de kwaliteit van examinering Doorstroomrechten Het proces van totstandkoming van het Verantwoordingsdocument. De zeven onderdelen worden in de navolgende paragrafen verder uitgewerkt DE ONDERLIGGENDE BEROEPSCOMPETENTIEPROFIELEN Bij het opstellen van het kwalificatieprofiel Autospuiter is gebruik gemaakt van de beroepscompetentieprofielen Autospuiter (kwalificatieniveau 2) en Eerste autospuiter (kwalificatieniveau 3). Deze profielen zijn nauw aan elkaar verwant; de beroepsbeoefenaren zijn werkzaam in dezelfde sector (schadeherstel of carrosserienieuwbouw) en zowel in de kerntaken als in de kernopgaven en de beroepscompetenties is er sprake van een aanzienlijke overlap. Dat neemt niet weg dat er ook verschillen zijn. Zo heeft de Eerste autospuiter een kerntaak extra, kan hij meer complexe taken aan en heeft hij eventueel een sturende en instruerende taak naar collega s. De autospuiter is verwant aan andere beroepen in de carrosseriebranche zoals de autoschadehersteller en de assistent, maar deze verwantschap is onvoldoende om een samenvoeging in één kwalificatieprofiel te rechtvaardigen. De beroepspraktijkvorming (BPV) zal in competentiegericht onderwijs nog prominenter worden. Voor de beschikbaarheid van BPV-plaatsen wordt verwezen naar het arbeidsmarktadvies dat VOC jaarlijks opstelt, te bestellen via en naar het register van erkende leerbedrijven dat terug is te vinden op de website van VOC, Momenteel is het arbeidsmarktperspectief voor alle beroepen in de carrosseriebranche neutraal, dat wil zeggen dat vraag en aanbod op korte- en middellange termijn in evenwicht zijn. Daar waar onvoldoende BPV-plaatsen beschikbaar zijn, is een extra-inzet van VOC en de onderwijsinstellingen vereist NAAM EN STRUCTUUR VAN HET KWALIFICATIEPROFIEL Het kwalificatieprofiel Autospuiter bestaat uit een kerndeel op niveau 2 en een uitstroomdifferentiatie op niveau 3. Verder kent het kwalificatieprofiel Autospuiter een certificeerbare eenheid op niveau 2 voor de kerntaak: Bewerkt ondergronden voor. Kwalificatiedossier Autospuiter Conceptversie 25

26 De kern van het kwalificatieprofiel Korte typering van het kwalificatieprofiel: De autospuiter is gekwalificeerd om individueel of in teamverband werkzaamheden te verrichten op de spuitafdeling van een bedrijf (of afdeling van een bedrijf) in de carrosseriebranche. Afhankelijk van de bedrijfsomvang en de organisatie van de werkzaamheden, wordt de autospuiter eveneens ingezet in het voorbewerkingstraject. De werkzaamheden worden verricht in goed geoutilleerde werkplaatsen waar in sommige gevallen ook de klant/opdrachtgever toegang toe heeft. De werkzaamheden van de autospuiter bestaan uit het voorbewerken van carrosserieonderdelen en het aanbrengen van lak(reparatie)systemen. Daarbij stelt de autospuiter zelf de werkmethode vast of wordt deze hem aangereikt in de vorm van een werkinstructie of werkopdracht. Tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden houdt de autospuiter een urenverantwoording bij. Bij het vaststellen van de werkmethode kan communicatie tussen de autospuiter en de klant/opdrachtgever een rol spelen. Na het aanbrengen van het lak(reparatie)systeem, maakt de autospuiter het object klaar voor aflevering aan de klant/opdrachtgever of voor de volgende schakel in het bedrijfsproces. De autospuiter maakt in verband met de blootstelling aan bepaalde stoffen en het gebruik van bepaalde arbeidsmiddelen, tijdens de uitvoering van zijn werkzaamheden bij een groot deel van de werkzaamheden gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. Het kwalificatieprofiel Autospuiter is een profiel van het type vakman, waarbij de kern van het profiel (autospuiter) is gesitueerd op niveau 2. Het niveau is bepaald aan de hand van de complexiteit van het beroep autospuiter en de rol en de verantwoordelijkheden van de autospuiter. Het vakmanniveau wordt getypeerd door de verantwoordelijkheid voor het eigen takenpakket en een collectieve verantwoordelijkheid waarbij samenwerking met collega s voorkomt. Het takenpakket bestaat uit het toepassen van standaardprocedures. De uitvoering van het takenpakket vraagt beroepsgebonden kennis en vaardigheden. De verwachting is dat onderwijsinstellingen in samenspraak met bedrijfsleven en eventueel het kenniscentrum, op basis van dit kwalificatieprofiel een competentiegericht leertraject en een competentiegerichte toetsing kunnen organiseren. Daarnaast geldt hier tevens de verwachting, dat onderwijsinstellingen op basis van dit kwalificatieprofiel het diplomaniveau in het onderwijsprogramma kunnen behalen, met een studieduur van ca. 2 jaar. Deze verwachtingen zijn grotendeels nog gebaseerd op de bestaande kwalificatiestructuur, maar de ervaringen die worden opgedaan in de experimenten zullen ongetwijfeld meer inzicht geven in de uitvoerbaarheid en de duur van een competentiegericht leertraject. De beschrijving van de relatie tussen (beroeps-)competenties, kerntaken, kernopgaven en beroepscontext: De relatie tussen de beroepscompetentieprofielen bcp's 'Autospuiter' en 'Eerste autospuiter' kenmerkt zich door een grote overlap in kerntaken, kernopgaven en beroepscompetenties. Het onderscheid tussen genoemde bcp's komt tot uitdrukking in de beroepscontext. Hierbij heeft de eerste autospuiter naast een uitvoerende rol, tevens een diagnosticerende functie met betrekking tot het vaststellen van de werkmethode en de daarmee samenhangende (financiële) consequenties. Verder onderscheidt de Eerste autospuiter zich ten aanzien van de overlappende kerntaken, kernopgaven en beroepscompetenties van de Autospuiter doordat deze zelfstandiger kan werken, complexere werkzaamheden aankan en mogelijk collega's als de Autospuiter aanstuurt. Daar waar de Autospuiter zijn werkzaamheden uitvoert met behulp van de nodige ondersteuning van leidinggevende en/of begeleider, is de Eerste autospuiter in staat om de werkzaamheden volledig zelfstandig uit te voeren. Kwalificatiedossier Autospuiter 26

27 De beschrijving van de uitstroomdifferentiatie De kerntaken en kernopgaven met bijbehorende beroepscompetenties voor de Autospuiter (kwalificatieniveau 2) vormen de kern van dit kwalificatieprofiel. Dit kwalificatieprofiel kent één uitstroomdifferentiatie, de Eerste autospuiter (kwalificatieniveau 3). Hiermee komt tevens tot uitdrukking dat er sprake is van een doorgroei in competenties, van niveau 2 naar niveau 3, in de overlappende kerntaken, kernopgaven en beroepscompetenties. De Eerste autospuiter stelt de diagnose met betrekking tot de opdracht en de uit te voeren werkzaamheden, bewerkt ondergronden voor, mengt kleuren en stelt (tint) deze zonodig bij. Lakt ondergronden af. Begeleidt de aan hem toegewezen collega's en stuurt deze aan. Zorgt voor een juiste aflevering van de opdracht in overeenstemming met de wensen van de klant/opdrachtgever. De complexiteit van het beroep en de bijbehorende rol en verantwoordelijkheden maken het beroep eerste autospuiter tot een vakman op niveau 3. Dit sluit aan op de behoefte vanuit de arbeidsmarkt. Naast de vakman op niveau 2, vraagt de arbeidsmarkt om een eerste autospuiter die een niveau hoger is gesitueerd. De verwachting is dat onderwijsinstellingen op basis van dit kwalificatieprofiel een competentiegericht leertraject kunnen organiseren en het diplomaniveau in het onderwijsprogramma kunnen behalen, met een studieduur van 3 tot 4 jaar (inclusief de opleiding op niveau 2). Deze verwachting is grotendeels nog gebaseerd op de bestaande kwalificatiestructuur, maar de ervaringen die worden opgedaan in de experimenten zullen ongetwijfeld meer inzicht geven in de uitvoerbaarheid en de duur van een competentiegericht leertraject De aanwijzing van eventuele certificeerbare eenheden Het kwalificatieprofiel Autospuiter kent een certificeerbare eenheid op niveau 2 voor de kerntaak: Bewerkt ondergronden voor. Dit deel van het kwalificatieprofiel is een wezenlijk te onderscheiden onderdeel van het beroep autospuiter en wordt door het bedrijfsleven ook als zodanig (h)erkend. Het bezit van een certificaat voorbewerken biedt derhalve voldoende kansen op de arbeidsmarkt. Bovendien kan een deelnemer bij voortijdige uitval niettemin een bewijsstuk in handen krijgen waaruit blijkt dat hij in ieder geval voor een deel de competenties heeft verworden die in het kwalificatieprofiel worden gevraagd, te weten de competenties die behoren bij de kerntaak voorbewerken. Voor de paritaire commissie waren deze overwegingen aanleiding om een certificeerbare eenheid voorbewerken aan te wijzen. Kwalificatiedossier Autospuiter 27

28 12.3 VAN BEROEPSCOMPETENTIEPROFIEL(EN) NAAR KWALIFICATIEPROFIEL In het kwalificatieprofiel is de vertaalslag gemaakt van de vakvolwassen beroepsbeoefenaar zoals deze beschreven is in het beroepscompetentieprofiel naar de beginnend beroepsbeoefenaar. Het onderscheid tussen deze gradaties, komt het meest tot uiting in de beroepscompetenties. In de procesbeschrijving van de beroepscompetenties in het beroepscompetentieprofiel spreekt men van succescriteria die de output van handelen beschrijven op het niveau van de vakvolwassen beroepsbeoefenaar. Kortweg gezegd datgene dat men van een functionaris met een aantal jaren werkervaring op dat niveau mag verwachten. In het kwalificatieprofiel wordt in de procesbeschrijving van de beroepscompetenties gesproken over beheersingscriteria. Datgene dat men van een beroepsbeoefenaar mag verwachten wanneer deze begint als functionaris op dat bepaalde niveau. Hij heeft zich daarvoor immers gekwalificeerd. In een aantal gevallen zal de procesbeschrijving en de rol en verantwoordelijkheid in het kwalificatieprofiel ten opzichte van het beroepscompetentieprofiel, zijn aangepast aan het uitstroomniveau van de functionaris. Dit geldt ook voor de, aan de kerntaken en kernopgaven gekoppelde, beroepscompetenties in beide documenten. Deze zijn, daar waar nodig, aangepast en/of aangevuld omdat de beheersingscriteria van de beroepscompetenties uit het beroepscompetentieprofiel niet gelden voor een beginnend beroepsbeoefenaar. Ook is het mogelijk dat er beroepscompetenties aan het kwalificatieprofiel zijn toegevoegd. Het betreft hier voornamelijk competentiecriteria die door werkervaring worden verkregen. Bijvoorbeeld: - de snelheid van werken: een vakvolwassen beroepsbeoefenaar heeft meer snelheid opgebouwd dan een beginnend beroepsbeoefenaar, die nog niet over veel routine beschikt. - de verantwoordelijkheid: beide beroepsbeoefenaren werken zelfstandig aan hun taken. Een beginnend beroepsbeoefenaar kan echter in geval van twijfel terugvallen op een vakvolwassen collega of de leidinggevende. - bijzondere omstandigheden: een vakvolwassen beroepsbeoefenaar heeft door ervaring leren omgaan met bijzondere omstandigheden die zich tijdens het werk kunnen voordoen. Een beginnend beroepsbeoefenaar kan bij bijzondere omstandigheden terugvallen op een vakvolwassen collega of de leidinggevende. De kerntaken, kernopgaven en beroepscompetenties in dit kwalificatieprofiel zijn zodanig algemeen en robuust geformuleerd dat deze kerntaken, kernopgaven en beroepscompetenties met betrekking tot relatief beperkte technische innovaties en ontwikkelingen niet of nauwelijks aan essentiële veranderingen onderhevig zijn en door de paritaire commissie onderwijs/bedrijfsleven als geldig voor langere termijn beschouwd worden. Kwalificatiedossier Autospuiter 28

29 12.4 LEER- EN BURGERSCHAPSCOMPETENTIES Naar een set van geïntegreerde beroepscompetenties De leer- en burgerschapscompetenties zijn vastgesteld en gelegitimeerd in andere procedures dan de beroepscompetentieprofielen en zijn opgenomen in het brondocument leren en burgerschap dat door de Stuurgroep is vastgesteld (mei 2004). Voor de leer- en burgerschapscompetenties geldt dat deze onlosmakelijk verbonden zijn met het proces van verwerving van beroepscompetenties. De integratie van de leer- en burgerschapscompetenties in de beroepscompetenties van dit kwalificatieprofiel heeft plaatsgevonden met behulp van de methodiek Schering en Inslag. Het resultaat van deze integratie is opgenomen in bijlage II Talen Nederlands In het referentiedocument Talen in de kwalificatieprofielen wordt gesteld (blz. 20) dat communicatie in het Nederlands een belangrijke vaardigheid is voor de werknemer op mbo-niveau. Dat geldt voor alle werknemers in alle sectoren. Van hen wordt verwacht dat zij met collega s en leidinggevenden het dagelijkse werk bespreken en conflicten oplossen, deelnemen aan werkoverleg, met klanten en leveranciers communiceren, werkrapporten schrijven en bijblijven op het vakgebied door tijdschriften en websites te raadplegen. Met Nederlands wordt bedoeld de moedertaal, voor leerlingen die van huis uit Nederlands spreken, of de omgevingstaal de taal van school en werk en van de openbare ruimtevoor leerlingen die een andere moedertaal hebben en thuis en in de familie- en vriendenkring geheel of gedeeltelijk een andere taal spreken. Er is geen scherpe scheiding tussen het Nederlands als eerste of moedertaal (NT1) en het Nederlands als tweede taal (NT2); er is eerder sprake van een glijdende schaal. Aan de ene kant van die schaal staan leerlingen met Nederlands als moedertaal, aan de andere kant leerlingen die op latere leeftijd naar Nederland zijn gekomen en het Nederlands als een nieuwe taal hebben moeten leren. Daartussen bevindt zich de grote groep van leerlingen die in twee of meer talen leven. Deze leerlingen zullen over het algemeen veel extra inspanning moeten leveren om de voor het beroep benodigde taalvaardigheid te verwerven. In de onderliggende beroepscompetentieprofielen bij dit kwalificatieprofiel zijn weinig aanwijzingen gevonden voor het toepassen van Nederlands. In het brondocument leren en burgerschap wordt Nederlands als hulpmiddel in verschillende domeinen genoemd. Het gaat dan bijv. over zaken als samenwerken, informatie verwerven en verwerken, gebruik maken van media en hulpbronnen, deelnemen aan bijeenkomsten en besprekingen, reflecteren, doelen stellen, in de maatschappij functioneren als kritisch consument, werknemer, kiezer. Het gaat ook om leren, op hogere niveaus in het mbo, om levenslang leren in arbeid en maatschappij. Om dit alles te kunnen uitvoeren is taalvaardigheid nodig. Het brondocument leren en burgerschap expliciteert de benodigde taalvaardigheid echter niet en geeft evenmin informatie over het niveau van taalvaardigheid Nederlands dat moet worden nagestreefd voor de verschillende opleidingsniveaus in het mbo. Kwalificatiedossier Autospuiter 29

30 In vrijwel alle geformuleerde beroepscompetenties in het kwalificatieprofiel komen taaluitingen aan de orde. Onderstaand schema geeft het streefniveau weer van de Nederlands talenkennis zoals geadviseerd door de paritaire commissie onderwijs/bedrijfsleven carrosseriebranche. Het schema is gebaseerd op het Self-assessment grid (in all languages) opgesteld in opdracht van de Council of Europe. De omschrijvingen van het in de schema's beschreven talenkennisniveau, is zonder wijzigingen overgenomen uit genoemd talengrid en dient te worden geïnterpreteerd vanuit de beroepscontext. Niveau 2 B1 A2 Luisteren Lezen Spreken Gesprekken voeren Schrijven Ik kan de hoofdpunten begrijpen wanneer in duidelijk uitgesproken standaarddialect wordt gesproken over vertrouwde zaken die ik regelmatig tegenkom op mijn werk, school, vrije tijd enz. Ik kan de hoofdpunten van veel radio- of tv-programma s over actuele zaken of over onderwerpen van persoonlijk of beroepsmatig belang begrijpen, wanneer er betrekkelijk langzaam en duidelijk gesproken wordt. Ik kan teksten begrijpen die hoofdzakelijk bestaan uit hoogfrequente, alledaagse of aan mijn werk gerelateerde taal. Ik kan de beschrijving van gebeurtenissen, gevoelens en wensen in persoonlijke brieven begrijpen. Ik kan een reeks uitdrukkingen en zinnen gebruiken om in eenvoudige bewoordingen mijn familie en andere mensen, leefomstandigheden, mijn opleiding en mijn huidige of meest recente baan te beschrijven. Ik kan communiceren over eenvoudige en alledaagse taken die een eenvoudige en directe uitwisseling van informatie over vertrouwde onderwerpen en activiteiten betreffen. Ik kan zeer korte sociale gesprekken aan, alhoewel ik gewoonlijk niet voldoende begrijp om het gesprek zelfstandig gaande te houden. Ik kan korte, eenvoudige notities en boodschappen opschrijven. Ik kan een zeer eenvoudige persoonlijke brief schrijven, bijvoorbeeld om iemand voor iets te bedanken. Kwalificatiedossier Autospuiter 30

31 Niveau 3 B2 B1 Luisteren Lezen Spreken Gesprekken voeren Schrijven Ik kan een langer betoog en lezingen begrijpen en zelfs complexe redeneringen volgen, wanneer het onderwerp redelijk vertrouwd is. Ik kan de meeste nieuwsen actualiteitenprogramma s op de tv begrijpen. Ik kan het grootste deel van films in standaarddialect begrijpen. Ik kan artikelen en verslagen lezen die betrekking hebben op eigentijdse problemen, waarbij de schrijvers een bepaalde houding of standpunt innemen. Ik kan eigentijds literair proza begrijpen. Ik kan uitingen op een simpele manier aan elkaar verbinden, zodat ik ervaringen en gebeurtenissen, mijn dromen, verwachtingen en ambities kan beschrijven. Ik kan in het kort redenen en verklaringen geven voor mijn meningen en plannen. Ik kan een verhaal vertellen, of de plot van een boek of film weergeven en mijn reacties beschrijven. Ik kan de meeste situaties aan die zich kunnen voordoen tijdens een reis in een gebied waar de betreffende taal wordt gesproken. Ik kan onvoorbereid deelnemen aan een gesprek over onderwerpen die vertrouwd zijn, of mijn persoonlijke belangstelling hebben of die betrekking hebben op het dagelijks leven (bijvoorbeeld familie, hobby's, werk, reizen en actuele gebeurtenissen). Ik kan eenvoudige samenhangende tekst schrijven over onderwerpen die vertrouwd of van persoonlijk belang zijn. Ik kan persoonlijke brieven schrijven waarin ik mijn ervaringen en indrukken beschrijf Moderne vreemde taal In de beroepscompetentieprofielen zijn geen aanwijzingen gevonden voor het toepassen van moderne vreemde talen. In het brondocument leren en burgerschap wordt gesproken over het toepassen van twee moderne vreemde talen adequaat voor de betreffende situatie. In het referentiedocument Talen in de kwalificatieprofielen is een advies gegeven (blz. 15/16). Dit advies houdt in om in te zetten op één moderne vreemde taal, bij voorkeur Engels, omdat dit een verplichte vreemde taal was in hun vooropleiding en zij daar als Europese burger het meeste profijt van zullen hebben. Ook ten aanzien van de eerste autospuiter is het naar het oordeel van de paritaire commissie niet noodzakelijk dat deze beroepsbeoefenaar twee vreemde talen beheerst; derhalve kan worden volstaan met het verplicht stellen van één moderne vreemde taal Onderstaand schema geeft het streefniveau weer van tenminste één moderne vreemde taal zoals geadviseerd door de paritaire commissie onderwijs/bedrijfsleven carrosseriebranche. De paritaire commissie onderwijs/bedrijfsleven carrosseriebranche adviseert het Engels als moderne vreemde taal. De schema's zijn gebaseerd op het Self-assessment grid (in all languages) opgesteld in opdracht van de Council of Europe. De omschrijvingen van het in de schema's beschreven talenkennisniveau, is zonder wijzigingen overgenomen uit genoemd talengrid en dient te worden geïnterpreteerd vanuit de beroepscontext. Kwalificatiedossier Autospuiter 31

32 Niveau 2 Luisteren Lezen Spreken Gesprekken voeren Schrijven A2 A1 Ik kan zinnen en de meest frequente woorden begrijpen die betrekking hebben op gebieden die van direct persoonlijk belang zijn (bijvoorbeeld basisinformatie over mezelf en mijn familie, winkelen, plaatselijke omgeving, werk). Ik kan de belangrijkste punten in korte, duidelijke eenvoudige boodschappen en aankondigingen volgen. Ik kan zeer korte eenvoudige teksten lezen. Ik kan specifieke voorspelbare informatie vinden in eenvoudige, alledaagse teksten zoals advertenties, folders, menu's en dienstregelingen en ik kan korte, eenvoudige, persoonlijke brieven begrijpen. Ik kan eenvoudige uitdrukkingen en zinnen gebruiken om mijn woonomgeving en de mensen die ik ken, te beschrijven. Ik kan deelnemen aan een eenvoudig gesprek, wanneer de gesprekspartner bereid is om zaken in een langzamer spreektempo te herhalen of opnieuw te formuleren en mij helpt bij het formuleren van wat ik probeer te zeggen. Ik kan eenvoudige vragen stellen en beantwoorden die een directe behoefte of zeer vertrouwde onderwerpen betreffen. Ik kan een korte, eenvoudige ansichtkaart schrijven, bijvoorbeeld voor het zenden van vakantiegroeten. Ik kan op formulieren persoonlijke details invullen, bijvoorbeeld mijn naam, nationaliteit en adres noteren op een hotelinschrijvingsformulier. Niveau 3 Luisteren Lezen Spreken Gesprekken voeren Schrijven A2 Ik kan zinnen en de meest frequente woorden begrijpen die betrekking hebben op gebieden die van direct persoonlijk belang zijn (bijvoorbeeld basisinformatie over mezelf en mijn familie, winkelen, plaatselijke omgeving, werk). Ik kan de belangrijkste punten in korte, duidelijke eenvoudige boodschappen en aankondigingen volgen. Ik kan zeer korte eenvoudige teksten lezen. Ik kan specifieke voorspelbare informatie vinden in eenvoudige, alledaagse teksten zoals advertenties, folders, menu's en dienstregelingen en ik kan korte, eenvoudige, persoonlijke brieven begrijpen. Ik kan een reeks uitdrukkingen en zinnen gebruiken om in eenvoudige bewoordingen mijn familie en andere mensen, leefomstandigheden, mijn opleiding en mijn huidige of meest recente baan te beschrijven. Ik kan communiceren over eenvoudige en alledaagse taken die een eenvoudige en directe uitwisseling van informatie over vertrouwde onderwerpen en activiteiten betreffen. Ik kan zeer korte sociale gesprekken aan, alhoewel ik gewoonlijk niet voldoende begrijp om het gesprek zelfstandig gaande te houden. Ik kan korte, eenvoudige notities en boodschappen opschrijven. Ik kan een zeer eenvoudige persoonlijke brief schrijven, bijvoorbeeld om iemand voor iets te bedanken. Kwalificatiedossier Autospuiter 32

33 12.5 BORGING VAN DE KWALITEIT VAN EXAMINERING De organisatie en uitvoering van toetsing en vaststelling van competenties behoort tot de verantwoordelijkheid van de opleiders (BVE-instellingen). Competentiegericht beroepsonderwijs vraagt om een nieuwe aanpak van toetsing. De vorm van toetsing moet voldoen aan de geïntegreerde inzet van beroepsgerichte competenties, die in een herkenbare, levensechte situatie aantoonbaar wordt. Het is daarbij van belang dat de beginnend beroepsbeoefenaar in de gelegenheid wordt gesteld, of sterker nog: wordt uitgedaagd, te demonstreren dat hij de gevraagde competenties beheerst. Voor het meten/toetsen van competenties zijn verschillende instrumenten mogelijk. Geadviseerd wordt de toetsing van competenties in te richten op het niveau van één of meerdere kerntaken. Een eerste meting zal plaats moeten vinden op de competenties die een deelnemer bij aanvang van een leertraject reeds bezit (EVC). Aan de hand van deze eerste meting kan een individueel leertraject worden bepaald. Bij meting van competenties, eventueel (gedeeltelijk) kwalificerend, dient als uitgangspunt de beroepspraktijk, aangezien de beginnend beroepsbeoefenaar moet kunnen aantonen dat hij/zij de werkzaamheden daadwerkelijk kan uitvoeren in relatie tot zijn beroepsuitoefening. Bij meting van competenties in de beroepspraktijk dient zowel de omgeving waarin dit gebeurt als de beoordelaar van competenties aan specifieke voorwaarden te voldoen. De beginnend beroepsbeoefenaar zal in de beroepspraktijk, door middel van aan deze praktijk ontleende opdrachten, moeten aantonen dat hij/zij de juiste houding, vaardigheden, kennis en inzichten heeft met betrekking tot de te verrichten werkzaamheden. De groei in en het bewijs van competenties kan bijvoorbeeld worden aangetoond door het aanleggen van een portfolio. Het vergaren van competenties is leerweg- en plaatsonafhankelijk. Over het meten van competenties, eventueel in de vorm van een proeve van bekwaamheid, vindt nadere besluitvorming plaats. Dit mede op basis van voorstellen die worden aangereikt door de Bedrijfstakgroep MCT (onderstructuur Carrosserie) en afhankelijk van de ervaringen die worden opgedaan in de proeftuinen. Kwalificatiedossier Autospuiter 33

34 12.6 DOORSTROOMRECHTEN De competentiegerichte kwalificatiestructuur biedt de volgende doorstroommogelijkheden: doorstromen naar een volgend (hoger) niveau of naar een kwalificatieprofiel op een gelijk opleidingsniveau. Op basis van de volledig verworven competenties is vanuit de kern van dit kwalificatieprofiel Autospuiter (niveau 2) de meest voor de hand liggende doorstroommogelijkheid die naar de uitstroomdifferentiatie Eerste autospuiter (niveau 3). Doorstroommogelijkheden vanuit de uitstroomdifferentiatie Eerste autospuiter (niveau 3) zouden logischerwijs gevonden kunnen worden in de uitstroomdifferentiaties op een gelijk niveau van de kwalificatieprofielen die gelden voor de carrosseriebranche. Namelijk die van autoschadehersteller, carrosserietechnicus, carrosseriebouwer, caravanhersteller. Of, in de kwalificatieprofielen op niveau 4, de zogenaamde (midden)kaderfuncties. Doorstroommogelijkheden worden geboden op basis van de volledig verworven competenties van een kwalificatieprofiel of op basis van op andere wijze verworven aanvullende erkende competenties (EVC). Of op basis van een combinatie van beide mogelijkheden. De instroomeisen voor dit kwalificatieprofiel kunnen worden gevonden in zowel de onderliggende kwalificatieprofielen op niveau 1, bijvoorbeeld het kwalificatieprofiel Assistent carrosseriebranche, maar ook in leertrajecten als het speciaal praktijkgericht onderwijs, VMBO of overig voortgezet onderwijs. Ook hierbij kan EVC eventueel een rol spelen in het vertrekpunt van het individuele leertraject van de student. Kwalificatiedossier Autospuiter 34

35 12.7 HET PROCES VAN TOTSTANDKOMING VAN HET KWALIFICATIEDOSSIER Voor het ontwikkelen van het kwalificatieprofiel Autospuiter is een werkgroep samengesteld met daarin deskundigen uit het beroepen- en onderwijsveld die als klankbordgroep voornamelijk een adviserende en controlerende taak vervulden bij de ontwikkeling van dit kwalificatieprofiel en medewerkers van Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC) en FOCWA die de uitvoering van het ontwikkeltraject op zich hebben genomen. Deskundigen uit beroepenveld: Frans van der Weijden : Ondernemer Autoschade Van der Weijden te Nieuwkoop. Tevens bestuurslid VOC. Harry Emous : Care-schadeservice. Verantwoordelijk voor opleidingsplannen binnen Care-schadeservice. Tevens KAM-coördinator Deskundigen uit scholenveld: Bert Kollenhof : Docent ROC Aventus sector Mobiel Apeldoorn. Toon Dekkers : ROC Baronie College Breda. Docent. Ontwikkelaars kwalificatieprofielen: Jan Meinsma : FOCWA/VOC. Eindverantwoordelijke voor de werkzaamheden binnen Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC) met betrekking tot de competentiegerichte kwalificatiestructuur. Erik Vergeer : VOC. Medewerker examens en kwalificatiestructuur. Willy Sprockel : FOCWA. Technisch specialist en adviseur binnen de afdeling techniek sectie schadeherstel. Als brondocumenten voor het kwalificatieprofiel Autospuiter dienen de beroepscompetentieprofielen Autospuiter en Eerste Autospuiter. Deze beroepscompetentieprofielen zijn ontwikkeld door kenniscentrum Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC) en beoordeeld door deskundigen uit het bedrijfsleven en sociale partners Deskundigen bedrijfsleven: Anne Vincent Bade : Hoofd P&O Care-schadeservice Frans van der Weijden : Ondernemer Autoschade Van der Weijden te Nieuwkoop. Tevens bestuurslid VOC. Bert Beerthuizen : Ondernemer te Dieren Tineke Moleman : Bestuurder FNV Bondgenoten Ontwikkelaars beroepscompetentieprofielen: Jan Meinsma : FOCWA/VOC. Eindverantwoordelijke voor de werkzaamheden binnen Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC) met betrekking tot de competentiegerichte kwalificatiestructuur. Erik Vergeer : VOC. Medewerker examens en kwalificatiestructuur. Willy Sprockel : FOCWA. Technisch specialist en adviseur binnen de afdeling techniek sectie schadeherstel. Kwalificatiedossier Autospuiter 35

36 Ter bevordering van de deskundigheid met betrekking tot de ontwikkeling van kwalificatieprofielen en de kwalificatiedossiers, hebben de ontwikkelaars Meinsma en Vergeer deelgenomen aan de volgende, door COLO en CINOP verzorgde, workshops; 'Leergang kwalificatieprofiel' en 'Leergang kwalificatiedossiers'. Tijdens het ontwikkelproces zijn de ontwikkelaars in 4 bijeenkomsten geadviseerd door Max Mulders van MCM-advies, gevestigd in De Meern, tevens projectleider COLO inzake de kwalificatiestructuur. Proces van ontwikkeling tot besluitvorming: Datum December 2000 Beslispunten en besluiten Oplevering van opleidingscompetentieprofielen Autospuiter en Eerste Autospuiter die in opdracht van VOC zijn vervaardigd door Arbeid Opleidingen Consult Peters & Partners. 28 januari 2004 Vaststelling beroepscompetentieprofielen Autospuiter en Eerste Autospuiter door sociale partners. Deze profielen zijn in opdracht van sociale partners ontwikkeld door VOC in samenwerking met het bedrijfsleven. Mei t/m november 2004 Ontwikkeling kwalificatiedossier autospuiter door VOC in samenwerking met de werkgroep Ontwikkeling kwalificatieprofielen (samengesteld uit vertegenwoordigers afkomstig uit onderwijs en bedrijfsleven). In november wordt ook het commentaar van de preview in de werkgroep besproken en verwerkt. Gaandeweg het ontwikkeltraject van dit kwalificatieprofiel zijn binnen de werkgroep diverse discussies gevoerd, beslissingen genomen en uitgangspunten bepaald. De belangrijkste punten uit dit ontwikkeltraject worden hierna weergegeven: Hoewel men in eerste instantie bij de ontwikkeling van de kwalificatieprofielen is uitgegaan van een horizontale clustering, is vanwege de geringe overlap in - en verwantschap tussen - kerntaken bij horizontale clustering, gekozen voor een verticale clustering. De werkgroep was van mening dat door een verticale clustering de overlap in kerntaken en de verwantschap tussen de beroepsbeoefenaars op verschillend niveau in dit kwalificatieprofiel beter tot zijn recht komt. Deze conclusie/beslissing is in het stadium van de besluitvorming omtrent dit profiel, voorgelegd aan de Paritaire commissie. Een van de discussiepunten betrof de naamgeving van de beroepsbeoefenaar in dit kwalificatieprofiel. De werkgroep formuleerde als advies naar de Paritaire commissie voor de kern als naamgeving: 'Autospuiter' en voor de uitstroomdifferentiatie: 'Allround autospuiter', omdat deze naamgeving met betrekking tot het verschil in niveau van de beroepsbeoefenaars voldoende onderscheidend is. Met betrekking tot de formulering van de kerntaken, kernopgaven en beroepscompetenties heeft de werkgroep het uitgangspunt gehanteerd dat deze zodanig moeten worden geformuleerd dat innovatieve ontwikkelingen niet direct een onmiddellijke 'veroudering' van de kerntaken, kernopgaven en beroepscompetenties tot gevolg heeft. Voor het integreren van de leer- en burgerschapscompetenties in dit kwalificatieprofiel, heeft de werkgroep gebruik gemaakt van de methode 'Schering en inslag'. De werkgroep was van mening dat omtrent de borging van de kwaliteit van examinering (12.5) van dit kwalificatieprofiel op grond van de op dat moment onvoldoende duidelijkheid over dit onderwerp, geen uitspraak kon worden gedaan. Kwalificatiedossier Autospuiter 36

37 3 december 2004 Eerste bespreking kwalificatiedossier in Paritaire commissie. Besluit tot verticale clustering. De Paritaire commissie heeft veel profijt gehad van het voorwerk welke door de werkgroep is verricht. Toch zijn een aantal overwegingen van de werkgroep opnieuw bediscussieerd en zijn eventuele beslissingen daaromtrent herzien. Daarnaast zijn ook binnen de Paritaire commissie in de periode van 3 december t/m 27 januari, diverse discussies gevoerd, beslissingen genomen en uitgangspunten bepaald. Een van de herziende beslissingen betrof de naamgeving van de beroepsbeoefenaar in dit kwalificatieprofiel. In de huidige vorm is gekozen als naamgeving voor de kern: 'Autospuiter' en voor de uitstroomdifferentiatie: 'Eerste autospuiter', omdat deze herkenbaar zijn voor de branche en omdat de naamgeving met betrekking tot het verschil in niveau van de beroepsbeoefenaars beter onderscheidend is. 17 december 2004 Tweede bespreking kwalificatiedossier in Paritaire commissie. Bespreking bijstellingen en besluit tot het opnemen van de certificeerbare eenheid Voorbewerken. Paritaire commissie stemt in met de methodiek Schering en Inslag', zoals deze door de werkgroep is uitgevoerd. 12 januari 2005 Afrondende bespreking over de inhoud van het kwalificatieprofiel Autospuiten door paritaire commissie. 27 januari 2005 Overeenstemming in paritaire commissie over niveaubepaling (vreemde) talen en over de borging en de kwaliteit van de examinering. Omtrent de borging van de kwaliteit van examinering (12.5) heeft de Paritaire commissie besloten een tekst op te nemen die weliswaar de uitgangspunten van de competentiegerichte kwalificatiestructuur onderschrijft, maar geen verdere mededelingen doet over de plaats van examinering dan dat deze integraal vormgegeven moet zijn en binnen de beroepscontext moet passen. Verder geeft deze tekst aan dat verdergaande uitspraken met betrekking tot dit onderwerp pas kunnen worden gedaan na een periode van experimenten. De besluitvorming rond de (vreemde) talen is tot stand gekomen met behulp van het Referentiedocument Talen in de Kwalificatieprofielen. Dit kwalificatieprofiel is eigendom van VOC en wordt als zodanig door VOC beheerd. Kwalificatiedossier Autospuiter 37

38 DEEL 3: BRONDOCUMENTEN Bijlage I: Leer- en burgerschapscompetenties Kwalificatiedossier Autospuiter 38

39 Bijlage I Beroepscompetenties Autospuiter waarnaar verwezen wordt: 1 Herkennen en beoordelen ondergronden en laklagen 2 Voorbereiden werkzaamheden 3 Voorbewerken 4 Plamuren en grondmaterialen aanmaken, aanbrengen en schuren 5 Aflakystemen aanmaken en aanbrengen 6 Kitten en beschermingmaterialen 7 Afleveringsklaar maken 8 Veilig en milieubewust werken 9 Kwaliteitsbewust en klantgericht handelen 10 Samenwerken 11 Communiceren 12 Beroepscompetenties ontwikkelen 13 Uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden 14 Begeleiden, aansturen en instrueren van collega's Leren Competentie De leerling is in staat om op adequate wijze leeractiviteiten uit te voeren. Verwerkt in BC Succescriteria Proces L1 is gemotiveerd. 12 L2 heeft vertrouwen in eigen kunnen. 12 L3 Creëert mogelijkheden tot leren 12 L4 kiest leeractiviteiten. 12 L5 weet wanneer externe sturing / zelfsturing noodzakelijk/mogelijk zijn. 12 L6 hanteert cognitieve leeractiviteiten. 12 L7 hanteert affectieve leeractiviteiten. 12 L8 hanteert regulatieve leeractiviteiten. 12 L9 combineert cognitieve leeractiviteiten met affectieve en regulatieve leeractiviteiten 12 L10 doorloopt de volledige leercyclus. 12 L11 stuurt in toenemende mate het leerproces zelf. 12 Kwalificatiedossier Autospuiter 39

40 Economische burgerschapscompetentie Verwerkt in BC Competentie De burger is in staat om op adequate wijze: zijn/haar employability te ontwikkelen; als burger te participeren in beroeps- en bedrijfscontexten; te handelen als kritisch consument. Succescriteria Proces Employability: E1 zelfreflectie (beschouwing van capaciteiten en motivaties die van 10, 12 belang zijn voor de loopbaan) E2 werkexploratie (onderzoek van werk en mobiliteit in de loopbaan, 10, 12 inschatting eigen mogelijkheden in relatie tot eisen en mogelijkheden van bepaald werk), raadpleegt bronnen en gebruikt hulpmiddelen om zelfinzicht te vergroten E3 loopbaansturing: loopbaangerichte planning en beïnvloeding van 12 leer- en werkproces. Gebruikt zoekstrategieën om werk te vinden. Zoekt ondersteuning indien nodig E4 zelfprofilering (presentatie op de interne en externe arbeidsmarkt 12 gericht op loopbaanontwikkeling). E5 solliciteren 12 E6 netwerken en mobiliseren hulp 11 Werknemersrechten: E7 Arbeidscontract afsluiten en beëindigen, 12 E8 verwoordt de eigen situatie,kent rechten en plichten 10, 11 E9 respecteert regels en uitvoerders 9, 10 E10 behartigt eigen belangen 11 E11 zoekt ondersteuning indien nodig 10, 11 Participatie: E12 respecteert meningen van anderen 11 E13 handelt integer 9, 10 Beroepsethische keuzen: E14 reflecteert op ethische aspecten eigen (beroeps)handelen; 10 E15 respecteert meningen van anderen 10, 11 Kritisch consument: E16 formuleert en beargumenteert overwegingen en criteria 10, 11 E17 raadpleegt bronnen 10, 11 E18 zoekt ondersteuning indien nodig 9, 10, 11 Kwalificatiedossier Autospuiter 40

41 Sociale burgerschapscompetentie Competentie De burger is in staat om op adequate wijze te functioneren op het publiek/private raakvlak: in de eigen woon- en leefomgeving om te gaan (samen te leven) met anderen (in buurt, verkeer, uitgaansleven, op school, werk), bij de organisatie van zorg (publiek-private arrangementen, instellingen), Verwerkt in BC Succescriteria Proces Centraal staat het vermogen bij te dragen aan een gewenste ontwikkeling vanuit het perspectief van kwaliteit, persoonlijke ontwikkelingsmogelijkheden, en maatschappelijke waarden, normen en verantwoordelijkheden. Samenleven/omgaan: S1 neemt eigen verantwoordelijkheid 8 S2 respecteert anderen 10, 11, 14 S3 houdt zich aan regels 8, 9, 10 Gebruik maken van voorzieningen en activiteiten: S4 houdt zich aan regels van voorzieningen en activiteiten 8 S5 plant en regelt zelf activiteiten m.b.t. gebruik van de zorginstelling 10 of schakelt hulp in om deze activiteiten te regelen (informatie inwinnen, afspraken maken, deskundige raadplegen e.d.) S6 neemt initiatieven om vereiste procedures te doorlopen, houdt 9 eventuele termijnen in acht S7 coördineren, organiseren, overtuigen, besluiten, belangen afwegen, 1, 10, 14 respectvol kritiek geven en ontvangen, plannen. Levensterreinen afstemmen: S8 onderzoekt alternatieven 12 S9 is in staat ethische vragen en dilemma s te herkennen die zich 10 kunnen voordoen bij de afstemming Culturele burgerschapscompetentie Verwerkt in BC Competentie De burger is in staat om op adequate wijze te participeren in de pluriforme en multiculturele samenleving op nationaal en Europees niveau. Succescriteria Proces C1 reflecteert op eigen maatschappelijk-culturele identiteit 9, 10, 11, 14 (belangrijke kenmerken,overwegingen, normen, waarden) C2 toont respect voor andere gewoonten 9, 10, 11, 14 C3 reflecteert op interactieprocessen 9, 10, 11 C4 receptief (lezen en luisteren) en productief (spreken en schrijven) gebruik van Nederlands op adequaat niveau voor de eigen situatie 2, 10, 11, 14 C5 gebruikt twee vreemde talen in voorkomende situaties op adequate wijze 11 Kwalificatiedossier Autospuiter 41

42 Politieke burgerschapscompetentie Verwerkt in BC Competentie De burger is in staat om op adequate wijze effectief om te gaan met de opgaven van het politieke domein: zich een mening vormen over politiek relevante issues en daarmee actief of passief deel te nemen aan verkiezingen te participeren op formele en informele wijze in politieke besluitvorming en beleidsbeïnvloeding om te gaan met instanties en regelingen en deze te benutten Succescriteria Proces Deelnemen aan verkiezingen: P1 raadpleegt uiteenlopende bronnen 11 P2 verwoordt eigen standpunt 11 Participeren in besluitvorming en beleidsbeïnvloeding: P3 inventariseert en respecteert meningen 10, 11 P4 verwoordt eigen standpunt 9, 11, 14 Omgaan met instanties en regelingen: P5 verwoordt de eigen situatie/vraag/behoefte 10, 11 P6 respecteert anderen 10 P7 schakelt indien nodig derden in 10, 11 Normatieve burgerschapscompetentie Verwerkt in BC Competentie De burger is in staat om op adequate wijze zelfstandig, sociaal betrokken en verantwoordelijk te handelen op basis van maatschappelijk geaccepteerde basiswaarden. Succescriteria Proces N1 stemt eigen handelen af op handelen van anderen 9 N2 respecteert andere meningen (binnen basis normen en waarden) 9, 10, 11, 14 N3 accepteert andere gedrag (binnen basisnormen en waarden) 10, 14 N4 hanteert breed geaccepteerde sociale omgangsvormen 10, 11 N5 hanteert milieunormen 8 N6 gaat kritisch om met eigen normen (cultuur, subgroep) 10 N7 oriënteert zich op verschillende opvattingen en vormt zich daarover een mening 11, 14 Organisatorische burgerschapscompetentie Verwerkt in BC Competentie De burger is in staat om op adequate wijze om te gaan met publieke organisatorische context(en) en daarbij behorende problemen binnen de relevante maatschappelijke domeinen en situaties. Succescriteria Proces O1 plant en regelt de eigen activiteiten in de context van een 9, 14 maatschappelijk verband. Kan het eigen handelen situeren in het grotere geheel. O2 kan samenwerken, coördineren en organiseren 1, 9, 10, 14 O3 toont overtuigingskracht, besluitvaardigheid, 8, 9, 10, 14 verantwoordelijkheidsgevoel, leidinggevend vermogen O4 hanteert eigen gevoelens 9, 10, 11, 14 O5 respecteert eigen grenzen en grenzen van anderen 9, 10, 11, 14 O6 doorloopt keuzeprocessen 1, 2, 3, 4, 6 O7 brengt eigen inzichten overtuigend in 9, 11 O8 komt afspraken na 8, 9, 10 O9 deelt kennis en ervaring 8, 14 Kwalificatiedossier Autospuiter 42

43 Beroepscompetenties met leer- en burgerschapscompetenties Beroepscompetentie 1. VM / SC Herkennen en beoordelen ondergronden en laklagen De autospuiter is in staat om op adequate wijze ondergronden en laklagen te herkennen en te beoordelen en op grond daarvan conclusies te trekken met betrekking tot de uit te voeren bewerkingen. L en B Beheersingscriteria gericht op Stelt de soort van de te bewerken ondergrond vast. O6 het proces Bepaalt de werkvolgorde en stelt hierbij prioriteiten. O6 Bepaalt welke informatie wel en niet van belang is om vast te leggen. Geeft duidelijke en complete informatie. Beoordeelt de conditie van de ondergrond. Beoordeelt de kwaliteit van de te bewerken ondergrond (materiaal en eventueel aanwezige primer en -laksystemen). Stelt vast welke bewerkingen moeten worden uitgevoerd. Overlegt indien nodig, met collega's en/of leidinggevende. S7, O2 Stelt vast welke laksystemen moeten worden aangebracht. O6 Een correcte beoordeling van de conditie van de te bewerken ondergronden en laklagen en een juiste conclusie met betrekking tot de uit te voeren werkzaamheden. Kwalificatiedossier Autospuiter 43

44 Beroepscompetentie 2. VM / SC / BOS Beheersingscriteria gericht op het proces Voorbereiden werkzaamheden De autospuiter is in staat om de werkzaamheden op adequate wijze voor te bereiden. L en B Ontvangt de werkopdracht. Verzamelt alle relevante informatie. Interpreteert relevante informatie. Beoordeelt de werksituatie. Bepaalt de optimale volgorde voor de uitvoering van de O6 werkzaamheden. Neemt voor aanvang van zijn werkzaamheden kennis van de vastgestelde planning. Verdeelt in overleg zijn werkzaamheden in stappen. Stelt vast welke werkzaamheden moeten worden uitgevoerd. O1/6 Schat in hoelang de werkzaamheden gaan duren. Houdt rekening met mogelijke knelpunten. Stemt de aanpak van werken zonodig af met de leidinggevende en/of andere betrokkenen. Verzamelt de juiste materialen, arbeidsmiddelen en materieel. Maakt materialen, arbeidsmiddelen en materieel klaar voor gebruik. Communiceert op heldere wijze naar alle betrokkenen. C4 Vult alle vereiste formulieren, werkbonnen en checklists volledig en duidelijk in. Een werkplan dat een efficiënte voortgang van de werkzaamheden waarborgt. Beroepscompetentie 3. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Voorbewerken De autospuiter is in staat om ondergronden op adequate wijze te reinigen, te bewerken en te behandelen met behulp van verschillende technieken. Kiest de te gebruiken materialen en arbeidsmiddelen. Reinigt de verschillende soorten ondergronden. Ontvet de verschillende soorten ondergronden. Bewerkt verschillende ondergronden voor m.b.v. diverse technieken. (Dé)monteert op eenvoudige wijze te verwijderen en aan te brengen onderdelen. Schuurt ondergronden. Een volgens de aanwijzingen voorbewerkt object. L en B O6 Kwalificatiedossier Autospuiter 44

45 Beroepscompetentie 4. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Plamuren en grondmaterialen aanmaken, aanbrengen en schuren De autospuiter is in staat om op adequate wijze plamuren en grondmaterialen aan te maken en aan te brengen. Plakt de niet te behandelen delen van het object af. Verwijdert stof door middel van afblazen en afkleven. Maakt de juiste hoeveelheid plamuur aan en brengt deze aan op het object. Schuurt de plamuurlagen en omliggende omgeving. Kiest het juiste grondmateriaal, maakt dit aan in de juiste hoeveelheid en brengt dit aan op het object. Ondergronden die gereed zijn voor verdere behandeling. L en B O6 Beroepscompetentie 5. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Aflakystemen aanmaken en aanbrengen De autospuiter is in staat om op adequate wijze aflakken aan te maken en deze conform de gegeven aanwijzingen aan te brengen op het object. Plakt de niet te spuiten delen af. Brengt vlakverdelingen aan. Kiest het juiste laksysteem. Maakt de lak aan volgens de receptuur, in de gewenste kleur en in de juiste hoeveelheden. Controleert de kleur van de lak en stelt (tint) deze zonodig bij. Brengt de lak, in meerdere lagen, aan op het object. Een volgens de aanwijzingen gespoten object. L en B Beroepscompetentie 6. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Kitten en beschermingmaterialen aanbrengen De autospuiter is in staat om op adequate wijze kitten en beschermingsmaterialen aan te brengen ter bescherming van carrosseriedelen. Selecteert de juiste materialen en arbeidsmiddelen. Maakt kitten en beschermingsmaterialen aan in de gewenste hoeveelheden. Brengt kitten en beschermingsmaterialen aan op carrosseriedelen. Correct aangebrachte kitten en beschermingsmaterialen. L en B O6 Kwalificatiedossier Autospuiter 45

46 Beroepscompetentie 7. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Afleveringsklaar maken De autospuiter is in staat om objecten op adequate wijze afleveringsklaar te maken, opdat deze conform de gemaakte afspraken kunnen worden afgeleverd aan de klant/opdrachtgever L en B Maakt een herstelde auto klaar voor aflevering d.m.v. wassen, poetsen, stofzuigen etc. Herstelt kleine lakbeschadigingen door bijtippen of poetsen. Brengt plakbiezen en stickers aan. Controleert het object voor aflevering aan de hand van een checklist. Een object dat klaar is om te worden afgeleverd aan de klant/opdrachtgever. Beroepscompetentie 8. VM / CS / BOS Beheersingscriteria gericht op het proces Veilig en milieubewust werken De autospuiter is in staat om op adequate wijze veilig en milieubewust te werken. Handelt conform de richtlijnen/relevante voorschriften op het gebied van veiligheid, milieu en arbeidsomstandigheden. (Her)kent de gebruikte aanduidingen van gevaarlijke stoffen. Werkt volgens bedrijfsvoorschriften. Gebruikt materialen, arbeidsmiddelen, materieel en persoonlijke beschermingsmiddelen op de juiste wijze. Gaat efficiënt om met het materiaal. Ziet er op toe dat materialen, arbeidsmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen op de juiste wijze worden gebruikt. Reageert alert en actief op (het ontstaan van) onveilige situaties. L en B S1/4/8, N5, E9 O8 N5, S4 S1/3/4 S1/3, O3 Wijst collega s op (het ontstaan van) onveilige situaties. O3/9 Neemt preventieve maatregelen om onveilige situaties en/of milieuproblemen te voorkomen. Doet suggesties bij niet milieubewust handelen. O3/9, N5 Meldt onveilige situaties aan bij de verantwoordelijke persoon. S1/3 Houdt de eigen werkplek schoon en op orde. Verzamelt afval en restmateriaal, sorteert dit en voert het conform de voorschriften af. Zo gezond en veilig mogelijke arbeidsomstandigheden en een minimaal milieubelastend proces ter voorkoming van schade aan de eigen gezondheid en aan de omgeving. O1 N5 Kwalificatiedossier Autospuiter 46

47 Beroepscompetentie 9. SC / BOS Beheersingscriteria gericht op het proces Kwaliteitsbewust en klantgericht handelen. De autospuiter is in staat om op adequate wijze kwaliteitsbewust en klantgericht te handelen. L en B Werkt volgens het kwaliteitssysteem van de werkgever. S3 Werkt volgens de kwaliteitsvoorschriften van de werkgever/fabrikant/leverancier. Werkt (gedurende een lange periode) nauwkeurig, geconcentreerd en met oog voor detail. Werkt volgens bedrijfsvoorschriften. E9 Registreert werkzaamheden. Signaleert fouten, verstoringen en afwijkingen in het eigen werk- O3, S6 of productieproces en dat van anderen. Onderneemt actie binnen het eigen werk- of productieproces en dat van anderen. Anticipeert op mogelijke verstoringen van de voortgang van het O1/2 werk door tijdig in te grijpen of voorzorgsmaatregelen te treffen. Controleert tijdens de uitvoer van het werk of productieproces de O2 juistheid van de door hem en anderen gehanteerde werkwijze. Werkt volgens vastgestelde procedures in checklists, werkorders S6 en bedrijfsregels. Vraagt naar de wensen en de behoeften van de C1/2/3 klant/opdrachtgever. Voert de werkzaamheden uit die met de klant/opdrachtgever zijn O8 afgesproken. Overlegt met de leidinggevende als de wensen van de klant/opdrachtgever niet mogelijk zijn. Reageert snel op vragen van collega s. Speelt in op de veranderende situaties en past de werkwijze N1, O1 hierop aan. Denkt mee, geeft ook ongevraagd advies. O7, P4 Voorkomt aanleidingen voor klachten zoveel mogelijk. O3 Neemt elke klacht serieus en zorgt dat de klacht wordt N2, afgehandeld. O4/5 Vraagt door als het probleem of de klacht niet duidelijk is. O5 Verwijst zonodig door naar een gespecialiseerde collega. E18, O5 Zorgt na afloop van de werkzaamheden voor een opgeruimde werkplek. Komt afspraken na. O8, E13 De klant/opdrachtgever is tevreden over de wijze waarop hij is behandeld en over de manier waarop de werkzaamheden zijn uitgevoerd. Kwalificatiedossier Autospuiter 47

48 Beroepscompetentie 10. BOS / SC Beheersingscriteria gericht op het proces Samenwerken De autospuiter is in staat om op adequate wijze samen te werken met anderen in het bedrijf. L en B Neemt actief deel aan het werkoverleg. C4, S7, E16, O2 Maakt werkafspraken met collega s en komt deze na. O8, S3, E9/13 Houdt rekening met verschillen tussen mensen en hun manier van werken. C1/2, N2/3, O4/5, S2, P3/6, E13/15 Vraagt collega s om hulp en helpt collega s als de situatie C3, P7, daarom vraagt. E17/18 S5 Aarzelt niet om zich in geval van twijfel tot de leiding te wenden. P7, O3, Geeft aan wanneer de werkdruk te hoog is. Beheerst de Nederlandse taal voldoende om veilig te kunnen werken en samen te werken. Gaat in goede harmonie om met collega's en leidinggevende. Bekijkt eigen handelen kritisch. E11 P5, E8 C4 C1/2, N4, P6, S2 E1/2/ 14, N6 Stelt het gemeenschappelijke resultaat centraal. S9, N6 Een goede en prettige samenwerking tussen collega's, een efficiënt verloop van de werkzaamheden en een goede sfeer in het bedrijf. Kwalificatiedossier Autospuiter 48

49 Beroepscompetentie 11. SC Beheersingscriteria gericht op het proces Communiceren De autospuiter is in staat om op adequate wijze met alle betrokkenen in het werkproces te communiceren. L en b Hanteert correcte omgangsvormen. C1/2, N4, S2 Stemt de communicatie af op de ander en op de situatie. C1/2/3/ 5, N7 Luistert aandachtig, toont geduld en laat de gesprekspartner C3/4, uitspreken. S2 Houdt rekening met wat door anderen gezegd wordt. C1/2, S2, N2, O4/5, E12/15 Stelt gerichte vragen om relevante informatie te achterhalen. E17/18 P3 Vraagt zonodig door om de noodzakelijke informatie helder te P3, krijgen. E8/16 Brengt een boodschap kort en duidelijk over. C4, O7 Geeft na een ontvangen opdracht aan wat hij gaat doen. P4 Legt een probleem op duidelijke wijze voor aan de C4, P5, leidinggevende E11 Raadpleegt uiteenlopende bronnen. P1, E17 Legt contacten en mobiliseert hulp. P7, E6/11/ 17/18 Verwoordt eigen standpunten en behartigt eigen belangen. P2/4, O4, E8/10 Een vlot lopend werk werkproces met adequaat geïnformeerde betrokkenen. Kwalificatiedossier Autospuiter 49

50 Beroepscompetentie 12. ON Beheersingscriteria gericht op het proces Beroepscompetenties ontwikkelen De autospuiter is in staat om op adequate wijze zijn beroepscompetenties gedurende zijn loopbaan te ontwikkelen. Neemt kennis van en staat open voor nieuwe werkmethoden en technieken. Test en beoordeelt nieuwe technieken, arbeidsmiddelen en materialen. Leest vakliteratuur. Brengt met de leidinggevende in kaart wat goed en niet goed gaat. Bepaalt met de leidinggevende welke beroepscompetenties hij verder moet ontwikkelen. Bepaalt met de leidinggevende welke activiteiten hij daartoe moet ondernemen. Onderneemt de afgesproken activiteiten. L en B L1/2, E2 L7/9/ 11 L1/3/4, E2 L1/2/5/ 10/11, E1/2/3 L5/6/7/ 8/9/10/ 11, E1/2/3 L3/4/5/ 6/7/8/9/ 10/11, E1/2/3 S8 L1/2/4/ 6/7/8/9/ 11, E4 L1/2/3/ 4/5/11 E7 E2/4/5 Doet verbetervoorstellen en/of voorstellen tot efficiëntere werkprocessen. Sluit en beëindigt het arbeidscontract. Onderneemt passende activiteiten om een arbeidsplaats te behouden en/of te vinden. Constante ontwikkeling en toepassing van de eigen beroepscompetenties waardoor de autospuiter beter in staat is om goed te blijven functioneren in zijn beroep. Beroepscompetentie 13. VM Beheersingscriteria gericht op het proces Uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden De autospuiter is in staat om op adequate wijze de arbeidsmiddelen waarmee gewerkt wordt te onderhouden Onderhoudt de toegepaste arbeidsmiddelen Vraagt bij storing advies aan de leidinggevende of de leverancier. Onderhoudt (of organiseert het onderhoud van) arbeidsmiddelen volgens de onderhoudsinstructies. Geeft aan wanneer arbeidsmiddelen mogelijk aan vervanging toe zijn. De arbeidsmiddelen werken optimaal. L en B Kwalificatiedossier Autospuiter 50

51 Beroepscompetentie 14. BOS / SC Begeleiden, aansturen en instrueren van collega's. De autospuiter is in staat om op adequate wijze collega's te begeleiden, aan te sturen en te instrueren. L en B Beheersingscriteria gericht op Bepaalt welke werkzaamheden gedelegeerd kunnen worden. S7 het proces Verdeelt zonodig de werkzaamheden. O2 Stuurt medewerkers indien nodig bij. S7, O3 Houdt bij de omgang rekening met verschillen tussen mensen. C1/2, N2/3/7, O4/5, S2 Geeft feedback aan en vraagt om feedback van collega s en S7 wijzigt zonodig de werkwijze. Verstrekt relevante informatie aan alle belanghebbenden. O9, S7 Legt op een duidelijke en begrijpelijke manier een complex onderwerp uit. C4, O9, S7 Zorgt voor een duidelijke werkoverdracht naar collega s. O1/2 Vat samen wat anderen zeggen en wat hij zelf heeft willen overbrengen en vraagt of dat klopt. C4, P4, S7 Verdeelt zonodig de werkzaamheden. Een goed begeleide en geïnstrueerde medewerker. Kwalificatiedossier Autospuiter 51

Beroepscompetentieprofiel Assistent carrosseriebranche (versie juni 2004)

Beroepscompetentieprofiel Assistent carrosseriebranche (versie juni 2004) profiel Assistent carrosseriebranche (versie juni 2004) Algemene informatie Onder regie van kenniscentrum VOC beroepsonderwijs bedrijfsleven Ontwikkeld door VOC Brondocumenten Sleutelkwalificaties in de

Nadere informatie

VOC. Brondocumenten Sleutelkwalificaties in de carrosseriebranche (1998).

VOC. Brondocumenten Sleutelkwalificaties in de carrosseriebranche (1998). profiel Aankomend voorbewerker Algemene informatie Onder regie van kenniscentrum VOC beroepsonderwijs bedrijfsleven Ontwikkeld door VOC Brondocumenten Sleutelkwalificaties in de carrosseriebranche (1998).

Nadere informatie

Kwalificatiedossier. Carrosserietechnicus

Kwalificatiedossier. Carrosserietechnicus Kwalificatiedossier Carrosserietechnicus Status: Dit kwalificatiedossier is opgesteld op basis van de formats en handleidingen, zoals deze bekend waren op 1 juni 2004. Dit kwalificatiedossier is ontwikkeld

Nadere informatie

Carrosserieschade herstellen met behulp van scheidende en verbindende technieken

Carrosserieschade herstellen met behulp van scheidende en verbindende technieken Keuzedeel mbo Carrosserieschade herstellen met behulp van scheidende en verbindende technieken gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo Code K0015 Penvoerder: Sectorkamer mobiliteit, transport,

Nadere informatie

Beroepscompetentieprofiel Carrosseriebouwer (versie juni 2004)

Beroepscompetentieprofiel Carrosseriebouwer (versie juni 2004) profiel Carrosseriebouwer (versie juni 2004) Algemene informatie Onder regie van kenniscentrum VOC beroepsonderwijs bedrijfsleven Ontwikkeld door VOC Brondocumenten Sleutelkwalificaties in de carrosseriebranche

Nadere informatie

Kerntaak 1: Voert schilderwerk uit

Kerntaak 1: Voert schilderwerk uit Kerntaak 1: Voert schilderwerk uit Werkproces 1.1: Schilderwerk voorbereiden De ontvangt de opdracht van zijn leidinggevende tot het uitvoeren van schilderwerk. Hij vertaalt de opdracht, waaronder het

Nadere informatie

NEDERLANDSE KANO BOND Aangesloten bij: NOC*NSF / European Canoe Association / International Canoë Fédération Commissie Opleidingen

NEDERLANDSE KANO BOND Aangesloten bij: NOC*NSF / European Canoe Association / International Canoë Fédération Commissie Opleidingen Profiel Trajectbegeleider / Leercoach Kwalificatieprofiel trajectbegeleider Algemene informatie Onder regie van datum: december 2005 versie: 3 NOC*NSF Ontwikkeld door KNVB, KNZB, KNGU en NeVoBo in samenwerking

Nadere informatie

datum: december 2005 versie: 3 KNVB, KNZB, KNGU en NeVoBo in samenwerking met CINOP 0 vakman/vakvrouw niveau 4

datum: december 2005 versie: 3 KNVB, KNZB, KNGU en NeVoBo in samenwerking met CINOP 0 vakman/vakvrouw niveau 4 Profiel trajectbegeleider Kwalificatieprofiel trajectbegeleider Algemene informatie Onder regie van datum: december 2005 versie: 3 NOC*NSF Ontwikkeld door KNVB, KNZB, KNGU en NeVoBo in samenwerking met

Nadere informatie

Kwalificatiedossier (10-5-2005)

Kwalificatiedossier (10-5-2005) Status: Dit kwalificatiedossier is opgesteld op basis van de formats en handleidingen, zoals deze bekend waren op 1 juni 2004. Dit kwalificatiedossier is ontwikkeld onder de verantwoordelijkheid van de

Nadere informatie

Kerntaak 1: Voert onderhoud uit aan motorfietsen

Kerntaak 1: Voert onderhoud uit aan motorfietsen Kerntaak 1: Voert onderhoud uit aan motorfietsen Werkproces 1.1: Bereidt onderhoudsopdracht aan motorfiets voor De ontvangt een opdracht met het uit te voeren onderhoud aan een motorfiets, met daarbij

Nadere informatie

Competenties. Overzicht

Competenties. Overzicht Competenties Competenties voor het vmbo zijn nog niet ontwikkeld. Deze hieronder genoemde competenties zijn samen met docenten en bedrijfsleven afgeleid van de competenties die zijn opgesteld voor het

Nadere informatie

Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier Vrede en veiligheid ECABO

Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier Vrede en veiligheid ECABO Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier Vrede en veiligheid ECABO 2007-2008 Vertaaldocument VV, juni 2007 Pagina 1 van 12 Vertaaldocument VV, juni 2007 Pagina 2 van 12 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Profiel Praktijkbegeleider. Kwalificatieprofiel Praktijkbegeleider Algemene informatie. Specifieke informatie. datum: december 2005 versie: 4

Profiel Praktijkbegeleider. Kwalificatieprofiel Praktijkbegeleider Algemene informatie. Specifieke informatie. datum: december 2005 versie: 4 Profiel Praktijkbegeleider Kwalificatieprofiel Praktijkbegeleider Algemene informatie datum: december 2005 versie: 4 Onder regie van NOC*NSF Ontwikkeld door KNVB, KNZB, KNGU en NeVoBo in samenwerking met

Nadere informatie

Kerntaak 1: Vervaardigt onderdelen voor vliegtuigen en verricht reparaties en modificaties.

Kerntaak 1: Vervaardigt onderdelen voor vliegtuigen en verricht reparaties en modificaties. Kerntaak 1: Vervaardigt onderdelen voor vliegtuigen en verricht reparaties en modificaties. Werkproces 1.1: Voorbereiden eigen werkzaamheden. De samenbouwer leest na de ontvangen een werkopdracht van zijn

Nadere informatie

Kerntaak 1: Voert schilderwerk uit

Kerntaak 1: Voert schilderwerk uit Kerntaak 1: Voert schilderwerk uit Werkproces 1.1: Schilderwerk voorbereiden De ontvangt de opdracht van zijn leidinggevende tot het uitvoeren van schilderwerk. Hij vertaalt de opdracht, waaronder het

Nadere informatie

Kerntaak 1: Voert stukadoorswerk uit

Kerntaak 1: Voert stukadoorswerk uit Kerntaak 1: Voert stukadoorswerk uit Werkproces 1.1: Stukadoorswerk voorbereiden De gezel stukadoor decoratie ontvangt de opdracht van zijn leidinggevende tot het aanbrengen van stukadoorswerk. Hij vertaalt

Nadere informatie

Onderhoud kleine verbrandingsmotoren (buitenboordmotoren, tuin- en parkmachines)

Onderhoud kleine verbrandingsmotoren (buitenboordmotoren, tuin- en parkmachines) Keuzedeel mbo Onderhoud kleine verbrandingsmotoren (buitenboordmotoren, tuin- en parkmachines) gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo Code K0398 Penvoerder: Sectorkamer mobiliteit, transport,

Nadere informatie

Kerntaak 1: Repareert, onderhoudt en maakt standaard revalidatiehulpmiddelen afleveringsklaar

Kerntaak 1: Repareert, onderhoudt en maakt standaard revalidatiehulpmiddelen afleveringsklaar Kerntaak 1: Repareert, onderhoudt en maakt standaard revalidatiehulpmiddelen afleveringsklaar Werkproces 1.1: Doornemen van werkorderkaart bij standaard werkzaamheden De medewerker adaptatietechniek ontvangt

Nadere informatie

Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier Toezicht en veiligheid ECABO

Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier Toezicht en veiligheid ECABO Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier Toezicht en veiligheid ECABO 2007-2008 Vertaaldocument TV, juni 2007 Pagina 1 van 11 Vertaaldocument TV, juni 2007 Pagina 2 van 11

Nadere informatie

Werkgroep beroepscompetentieprofielen KNWU Onderliggend

Werkgroep beroepscompetentieprofielen KNWU Onderliggend Kwalificatieprofiel wielertrainer 2 Algemene informatie datum: 7 januari 2008 versie: 3 Regie NOC*NSF Ontwikkeling Werkgroep beroepscompetentieprofielen KNWU Onderliggend Beroepscompetentieprofiel wielertrainer

Nadere informatie

Landelijke Kwalificaties MBO. Autospuiter

Landelijke Kwalificaties MBO. Autospuiter Landelijke Kwalificaties MBO Autospuiter Dossierstatus: Ontwikkeling Crebonummer: 91770, 91780 Sector: Techniek Branche: Carrosseriebranche Cohort: Cohort 2011-2012 Colo 2002-2011. Gebruik van gegevens

Nadere informatie

Opdrachtenset BeroepsPraktijkVorming (BPV) Autospuiter niveau 3 (AS3) Inhoud Inleiding... 2

Opdrachtenset BeroepsPraktijkVorming (BPV) Autospuiter niveau 3 (AS3) Inhoud Inleiding... 2 Opdrachtenset BeroepsPraktijkVorming (BPV) Autospuiter niveau 3 (AS3) Document: 91780 BPV AS3 v201409 2Opdrachtenset met bijlagen Kwalificatiedossier: Autospuiter crebo 91770/91780 Uitstroom: Autospuiter

Nadere informatie

Kenteq, kenniscentrum voor technisch vakmanschap. 1. Beroepsprofiel Monteur Lichte Staalbouw Buitendienst

Kenteq, kenniscentrum voor technisch vakmanschap. 1. Beroepsprofiel Monteur Lichte Staalbouw Buitendienst Beroepstypering Monteur lichte staalbouw buitendienst Algemene informatie datum: 4 december 2003 versie: 2 Onder regie van kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven Ontwikkeld door: Kenteq, kenniscentrum

Nadere informatie

Werken aan de lijn Kerntaken Kernopgaven... Bedienen en bewaken apparatuur Controleren kwaliteit Verrichten onderhoud Ontvangst, opslag en transport Produceren / verpakken van voedingsmiddelen Reiniging

Nadere informatie

Kerntaak 1: Installeert technische installaties

Kerntaak 1: Installeert technische installaties Kerntaak 1: Installeert technische installaties Werkproces 1.1: Voorbereiden isolatie-/installatiewerkzaamheden De eerste monteur elektrotechnische installaties ontvangt de werkopdracht van de leidinggevende.

Nadere informatie

Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling

Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling ---- 2 0 1 2-2 0 1 3 ---- Masterplan Eerste Monteur Werktuigkundige Installaties niveau 3, crebo 94282 Naam student: Bedrijf: : nummer: Praktijkbegeleider: -begeleider:

Nadere informatie

Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier ICT-beheer ECABO 2007-2008

Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier ICT-beheer ECABO 2007-2008 Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier ICT-beheer ECABO 2007-2008 Vertaaldocument IB, juni 2007 Pagina 1 van 12 Vertaaldocument IB, juni 2007 Pagina 2 van 12 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Beoordelingsformulier Certificaat B Duurzaamheid Kerntaak 1

Beoordelingsformulier Certificaat B Duurzaamheid Kerntaak 1 Beoordelingsformulier Certificaat B Duurzaamheid Kerntaak 1 Naam deelnemer: Inschrijfnummer: Contactpersoon ROC: BPV-bedrijf en contactpersoon: Kwalificatieprofiel Uitstroomdifferentiatie Crebonummer Niveau

Nadere informatie

Autoschadehersteller. Crebonummer 91750 / 95030. PvB 01. Voertuig afleveringsklaarmaken na reparatie. Handleiding Proeve van Bekwaamheid

Autoschadehersteller. Crebonummer 91750 / 95030. PvB 01. Voertuig afleveringsklaarmaken na reparatie. Handleiding Proeve van Bekwaamheid Autoschadehersteller Crebonummer 91750 / 95030 PvB 01 Voertuig afleveringsklaarmaken na reparatie Handleiding Proeve van Bekwaamheid Voor de beoordelaar Handleiding PvB Carrosserietechniek voor de beoordelaar.

Nadere informatie

Vragen over de competentiegerichte kwalificatiestructuur

Vragen over de competentiegerichte kwalificatiestructuur Vragen over de competentiegerichte kwalificatiestructuur Inleiding De competentiegerichte kwalificatiestructuur brengt nieuwe begrippen, nieuwe inzichten, nieuwe mogelijkheden en nieuwe uitdagingen met

Nadere informatie

Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling

Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling ---- 2 0 1 2-2 0 1 3 ---- Masterplan Onderhoudsmonteur Installatietechniek niveau 2, crebo 95472 Naam student: Bedrijf: : nummer: Praktijkbegeleider: -begeleider:

Nadere informatie

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Technicus elektrotechnische installaties woning en utiliteit, Niveau 4, crebo 25263

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Technicus elektrotechnische installaties woning en utiliteit, Niveau 4, crebo 25263 Naam student: Bedrijf: : ennummer: Begeleider van het bedrijf: Begeleider van de school: Noteer A, B, C deze score geldt voor het niveau van de beginnend beroepsbeoefenaar. Toelichting : A B C De student

Nadere informatie

Kerntaak 1: Slopen van (delen van) gebouwen en objecten

Kerntaak 1: Slopen van (delen van) gebouwen en objecten Kerntaak 1: Slopen van (delen van) gebouwen en objecten Werkproces 1.1: Werkzaamheden voorbereiden De allround sloper krijgt tijdens de startbijeenkomst (ook wel startwerkoverleg of kickoff) van zijn leidinggevende

Nadere informatie

BPV B1 K1 Bewerkt ondergronden voor

BPV B1 K1 Bewerkt ondergronden voor BPV B1 K1 Bewerkt ondergronden voor Voor deelnemer Kwalificatie Autospuiter (AS) Cohort 2015-2016 HKS Printdatum 12-02-2016 1 / 6 2 / 6 Opdracht voor de deelnemer Periode en tijdsduur In overleg met jou

Nadere informatie

Inhoudsopgave DEEL 1 VAST TE STELLEN KERN VAN HET KWALIFICATIEPROFIEL... 3 DEEL 1 VAST TE STELLEN KERN VAN HET KWALIFICATIEPROFIEL...

Inhoudsopgave DEEL 1 VAST TE STELLEN KERN VAN HET KWALIFICATIEPROFIEL... 3 DEEL 1 VAST TE STELLEN KERN VAN HET KWALIFICATIEPROFIEL... Status: Dit kwalificatiedossier is opgesteld op basis van de formats en handleidingen, zoals deze bekend waren op 1 juli 2005. Dit kwalificatiedossier is ontwikkeld onder de verantwoordelijkheid van de

Nadere informatie

Kerntaak 1: Voert onderhoud uit aan personenauto's

Kerntaak 1: Voert onderhoud uit aan personenauto's Kerntaak 1: Voert onderhoud uit aan personenauto's Werkproces 1.1: Bereidt onderhoudsopdracht aan personenauto voor De ontvangt een opdracht met het uit te voeren onderhoud (onder onderhoud worden overigens

Nadere informatie

LEERDOELEN ALLROUND SIGNMAKER 3

LEERDOELEN ALLROUND SIGNMAKER 3 LEERDOELEN ALLROUND SIGNMAKER 3 Tijdens elke BPV periode werk je aan 5 leerdoelen. 3 leerdoelen kies je uit een lijst met bestaande doelen die in het onderstaande kwalificatiedossier van Allround Signmaker

Nadere informatie

Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier Medewerker Beheer ICT ECABO 2007-2008

Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier Medewerker Beheer ICT ECABO 2007-2008 Vertaaldocument huidig format naar verbeterd format kwalificatiedossier Medewerker Beheer ICT ECABO 2007-2008 Vertaaldocument MBI, juni 2007 Pagina 1 van 8 Vertaaldocument MBI, juni 2007 Pagina 2 van 8

Nadere informatie

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Technicus elektrotechnische systemen, crebo

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Technicus elektrotechnische systemen, crebo Naam student: Bedrijf: : ennummer: Begeleider van het bedrijf: Begeleider van de school: Noteer deze score geldt voor het niveau van de beginnend beroepsbeoefenaar. Toelichting : A B C De student is in

Nadere informatie

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Technicus elektrotechnische industriële installaties en systemen, niveau 4, crebo 25262

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Technicus elektrotechnische industriële installaties en systemen, niveau 4, crebo 25262 Naam student: Bedrijf: : ennummer: Begeleider van het bedrijf: Begeleider van de school: Noteer A, B, C deze score geldt voor het niveau van de beginnend beroepsbeoefenaar. Toelichting : A B C De student

Nadere informatie

Stichting Hout & Meubel. Stichting Hout & Meubel, afdeling Ontwikkelcentrum. Beroepsprofielen in de Timmerindustrie (Dijk 12 Beleidsonderzoek, 2001)

Stichting Hout & Meubel. Stichting Hout & Meubel, afdeling Ontwikkelcentrum. Beroepsprofielen in de Timmerindustrie (Dijk 12 Beleidsonderzoek, 2001) profiel: Opsluiter Algemene informatie: datum: 2 februari 2005 versie: 1 Onder regie van kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven: Stichting Hout & Meubel Ontwikkeld door: Stichting Hout & Meubel,

Nadere informatie

Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling

Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling ---- 2 0 1 2-2 0 1 3 ---- Masterplan Servicetechnicus Elektrotechniek niveau 4, crebo 94331 Naam student: Bedrijf: : nummer: Praktijkbegeleider: -begeleider:

Nadere informatie

Autospuiter. Crebonummer PvB 08. Applicatiefouten herstellen. Handleiding Proeve van Bekwaamheid. Voor de beoordelaar

Autospuiter. Crebonummer PvB 08. Applicatiefouten herstellen. Handleiding Proeve van Bekwaamheid. Voor de beoordelaar Autospuiter Crebonummer 91770 PvB 08 Applicatiefouten herstellen. Handleiding Proeve van Bekwaamheid Voor de beoordelaar Handleiding PvB Carrosserietechniek voor de beoordelaar. 1 Wat is een Proeve van

Nadere informatie

Kerntaak 1: Verricht voorbereidende werkzaamheden voor de realisatie van een media-uiting

Kerntaak 1: Verricht voorbereidende werkzaamheden voor de realisatie van een media-uiting Kerntaak 1: Verricht voorbereidende werkzaamheden voor de realisatie van een media-uiting Werkproces 1.1: Organiseert (eigen) werkzaamheden en werkplek De maakt een planning of volgt de planning die voor

Nadere informatie

Instructie Praktijkopleider of BPV Beoordelaar

Instructie Praktijkopleider of BPV Beoordelaar Instructie Praktijkopleider of BPV Beoordelaar Ontwikkelingsgericht Praktijkbeoordelen.nl DOSSIER : Alle DOSSIERCREBO : Alle KWALIFICATIE : Alle KWALIFICATIECREBO : Alle NIVEAU : Alle COHORT : Vanaf 2015

Nadere informatie

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Technicus elektrotechnische installaties woning en utiliteit, crebo 25263

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Technicus elektrotechnische installaties woning en utiliteit, crebo 25263 Naam student: Bedrijf: : ennummer: Begeleider van het bedrijf: Begeleider van de school: Noteer deze score geldt voor het niveau van de beginnend beroepsbeoefenaar. Toelichting : A B C De student is in

Nadere informatie

Kerntaak 2: Voert reparaties uit aan personenauto's

Kerntaak 2: Voert reparaties uit aan personenauto's Kerntaak 2: Voert reparaties uit aan personenauto's Werkproces 2.1: Bereidt reparatieopdracht aan personenauto voor De noodzaak tot een reparatie kan bij een inspectiebeurt aan het licht komen of bij spontaan

Nadere informatie

Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC) Brondocument(en) Sleutelkwalificaties in de carrosseriebranche (1998).

Vakopleiding Carrosseriebedrijf (VOC) Brondocument(en) Sleutelkwalificaties in de carrosseriebranche (1998). Beroepscompetentieprofiel werkplaatsmanager carrosseriebouw Algemene informatie datum: mei 2005 versie: 2 Onder regie van kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven Ontwikkeld door: Vakopleiding Carrosseriebedrijf

Nadere informatie

Kerntaak 1: Vervaardigt elektrotechnische (deel-)producten

Kerntaak 1: Vervaardigt elektrotechnische (deel-)producten Kerntaak 1: Vervaardigt elektrotechnische (deel-)producten Werkproces 1.1: Voorbereiden werkzaamheden De monteur verzamelt en leest relevante informatie (werkinstructies, tekeningen, schetsen, installatie-,

Nadere informatie

BPV B1 K2 Spuit aflakmaterialen

BPV B1 K2 Spuit aflakmaterialen BPV B1 K2 Spuit aflakmaterialen Voor deelnemer Kwalificatie Autospuiter (AS) Cohort 2015-2016 HKS Printdatum 12-02-2016 1 / 5 2 / 5 Opdracht voor de deelnemer Periode en tijdsduur In overleg met jou en

Nadere informatie

Renovatiewerkzaamheden voor de Schilder

Renovatiewerkzaamheden voor de Schilder Keuzedeel mbo Renovatiewerkzaamheden voor de Schilder gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo Code K0090 Penvoerder: Sectorkamer techniek en gebouwde omgeving Gevalideerd door: De paritaire commissie

Nadere informatie

Beoordelingsformulieren BPV

Beoordelingsformulieren BPV Beoordelingsformulieren BPV ROC Mondriaan School voor Economie Financiële en Secretariële opleidingen Locatie Brasserskade (Delft) Beoordelingsformulieren Basisjaar van de 3 jarige opleiding BBL DSMA Cohort

Nadere informatie

Kerntaak 1: Brengt lak-, verf-, en coatingsystemen aan

Kerntaak 1: Brengt lak-, verf-, en coatingsystemen aan Kerntaak 1: Brengt lak-, verf-, en coatingsystemen aan Werkproces 1.1: Technisch werkplan maken De vakkracht lakspuiter ontvangt de opdracht van zijn leidinggevende tot het maken van een technisch werkplan.

Nadere informatie

Status: VAPRO VAPRO (datum invullen)

Status: VAPRO VAPRO (datum invullen) Status: Dit kwalificatiedossier is opgesteld op basis van de formats en handleidingen, zoals deze bekend waren op 1 juni 2004. Dit kwalificatiedossier is ontwikkeld onder de verantwoordelijkheid van de

Nadere informatie

Landelijke Kwalificaties MBO

Landelijke Kwalificaties MBO Bijlage 1 Format kwalificaties MBO (Behoort bij Beleidsregels voor de totstandkoming en toetsing van kwalificatiedossiers in het beroepsonderwijs, van 16 december 2008, kenmerk BVE-2008/80904)

Nadere informatie

Basisvaardigheden metaalbewerken

Basisvaardigheden metaalbewerken Keuzedeel mbo Basisvaardigheden metaalbewerken gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo Code K0368 Penvoerder: Sectorkamer mobiliteit, transport, logistiek en maritiem Gevalideerd door: Paritaire

Nadere informatie

Kerntaak 1: Voert onderhoud uit

Kerntaak 1: Voert onderhoud uit Kerntaak 1: Voert onderhoud uit Werkproces 1.1: Bereidt onderhoudsopdracht voor De ontvangt de opdracht om onderhoud uit te voeren aan een fiets. Deze ontvangt hij vaak direct van de klant, zonder tussenkomst

Nadere informatie

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Eerste monteur elektronische installaties woning en utiliteit, crebo Basisdeel

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Eerste monteur elektronische installaties woning en utiliteit, crebo Basisdeel erste monteur elektronische installaties woning en utiliteit, crebo 25332- Basisdeel Versie 1 2016 Masterplan MI uid-holland Naam student: Bedrijf: : ennummer: Begeleider van het bedrijf: Begeleider van

Nadere informatie

Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling

Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling ---- 2 0 1 2-2 0 1 3 ---- Leidinggevend Monteur Elektrotechnische Installaties niveau 4, crebo 94291 Naam student: Bedrijf: : nummer: Praktijkbegeleider: -begeleider:

Nadere informatie

Kerntaak 1: Voert interieur-, vloeren- en sanitaironderhoud uit

Kerntaak 1: Voert interieur-, vloeren- en sanitaironderhoud uit Kerntaak 1: Voert interieur-, vloeren- en sanitaironderhoud uit Werkproces 1.1: Werkzaamheden voorbereiden De reiniger in de voedselverwerkende industrie ontvangt de opdracht van zijn (operationeel) leidinggevende

Nadere informatie

Kerntaak 1: Laadt, lost en transporteert goederen t.b.v. de haven

Kerntaak 1: Laadt, lost en transporteert goederen t.b.v. de haven Kerntaak 1: Laadt, lost en transporteert goederen t.b.v. de haven Werkproces 1.1: Bereidt het laden, lossen en transporteren van goederen voor De medewerker havenoperaties neemt voor aanvang van zijn werkzaamheden

Nadere informatie

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Eerste monteur elektrotechnische industriële installaties, crebo Basisdeel

Formulier ontwikkelingsgericht beoordelen en begeleiden Eerste monteur elektrotechnische industriële installaties, crebo Basisdeel erste monteur elektrotechnische industriële installaties, crebo 25331- Basisdeel Versie 1 2016 Masterplan MI uid-holland Naam student: Bedrijf: : ennummer: Begeleider van het bedrijf: Begeleider van de

Nadere informatie

Profiel van kwalificatiedossier: Schilderen

Profiel van kwalificatiedossier: Schilderen Profiel van kwalificatiedossier:» Schilder Schilderen Geldig vanaf 1 augustus 2015 Opleidingsdomein Afbouw, hout en onderhoud Crebonr. 79010 Op dit moment is een wijziging van de WEB in voorbereiding waarmee

Nadere informatie

1e Autospuiter. Crebonummer PvB 01 8SPU-D01SO. Voorbewerken en spuiten van ondergronden. Handleiding Proeve van Bekwaamheid

1e Autospuiter. Crebonummer PvB 01 8SPU-D01SO. Voorbewerken en spuiten van ondergronden. Handleiding Proeve van Bekwaamheid 1e Autospuiter Crebonummer 91780 PvB 01 8SPU-D01SO Voorbewerken en spuiten van ondergronden Handleiding Proeve van Bekwaamheid Voor de beoordelaar Handleiding PvB Carrosserietechniek voor de beoordelaar.

Nadere informatie

Certificeerbare eenheid 2 en 3

Certificeerbare eenheid 2 en 3 Certificeerbare eenheid 2 en 3 Certificeerbare eenheid 2 is de Begeleider recreatieve zwemactiviteiten (Activity & leisure host) en certificeerbare eenheid 3 is de Lesgever Zwem-ABC (Water safety instructor).

Nadere informatie

Kerntaak 1: Repareert beton

Kerntaak 1: Repareert beton Kerntaak 1: Repareert beton Werkproces 1.1: Controleert materialen en middelen. De betonreparateur kiest en verzamelt het benodigde gereedschap en materieel en controleert of deze voldoen aan de veiligheidsvoorschriften.

Nadere informatie

Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling

Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling Formulier Ontwikkelingsgerichte beoordeling ---- 2 0 1 2-2 0 1 3 ---- Leidinggevend Monteur Werktuigkundige Installaties niveau 4, crebo 94292 Naam student: Bedrijf: : nummer: Praktijkbegeleider: -begeleider:

Nadere informatie

Kerntaak 1: Bedienen en bewaken van installaties

Kerntaak 1: Bedienen en bewaken van installaties Kerntaak 1: Bedienen en bewaken van installaties Werkproces 1.1: Voorbereiden eigen werkzaamheden Bij aanvang van zijn dienst neemt de de werkzaamheden door die zijn uitgevoerd door collega s van de vorige

Nadere informatie

Voorbewerken en spuiten van carrosseriedeel

Voorbewerken en spuiten van carrosseriedeel Afdeling Uitstroom Specialisatie Opdracht Mobiliteit Carrosserie Schadeherstel vmbo vs01 Voorbewerken en spuiten van carrosseriedeel 1. Stel je eens voor Marieke komt uit school zet de fiets naast de auto

Nadere informatie

De planning is realistisch, efficiënt en afdoende afgestemd met de betrokkenen.

De planning is realistisch, efficiënt en afdoende afgestemd met de betrokkenen. Kerntaak 1 Stuurt werkplaats aan 1.1 werkproces: Plant en verdeelt werkzaamheden De deelnemer heeft bij het plannen van de werkorders voldoende rekening gehouden met wat de werkplaats aankan (afgestemd

Nadere informatie

Kerntaak 1: Ontwerpt producten of systemen

Kerntaak 1: Ontwerpt producten of systemen Kerntaak 1: Ontwerpt producten of systemen Werkproces 1.1: Verzamelen en verwerken van ontwerpgegevens De technicus onderzoekt de behoeften van de doelgroep zelf of schakelt deskundigen in. Hij verzamelt

Nadere informatie

Beroepsprofiel Vakman gww

Beroepsprofiel Vakman gww Beroepsprofiel Vakman gww In verband met de leesbaarheid wordt in deze rapportage hij gebruikt waar hij/zij bedoeld wordt. 1 Inhoudsopgave 1.0 Beroepsbeschrijving pagina 1.1 Sector en bedrijf 3 1.2 Werkomgeving

Nadere informatie

Keuzedeel mbo. Casco Lijmwerk. gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo. Code K0671

Keuzedeel mbo. Casco Lijmwerk. gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo. Code K0671 Keuzedeel mbo Casco Lijmwerk gekoppeld aan één of meerdere kwalificaties mbo Code K0671 Penvoerder: Sectorkamer techniek en gebouwde omgeving Gevalideerd door: Sectorkamer Techniek en gebouwde omgeving

Nadere informatie

Kerntaak 1: Beheersen productieproces

Kerntaak 1: Beheersen productieproces Kerntaak 1: Beheersen productieproces Werkproces 1.1: Voorbereiden productieproces De operator C neemt de werkzaamheden over van de vorige ploeg. Hij raadpleegt de productiegegevens (incl. planning), neemt

Nadere informatie

Addendum OER. Podiumtechnicus Toneel. Niveau 4

Addendum OER. Podiumtechnicus Toneel. Niveau 4 Addendum OER Podiumtechnicus Toneel Cohort 2005-2006 / 2006-2007 Niveau 4 Inhoudsopgave: Hoofdstuk 1 Inleiding 3 Hoofdstuk 2 Kerntaken / Beroepscompetenties 4 Hoofdstuk 3 Beroepscompetenties / Beheersingscriteria

Nadere informatie

Kwalificatiedossier. Senior Medewerker Informatiedienstverlening. Opgesteld door SOD-Opleidingen Woerden, april 2008. Status: Versie 1.

Kwalificatiedossier. Senior Medewerker Informatiedienstverlening. Opgesteld door SOD-Opleidingen Woerden, april 2008. Status: Versie 1. Kwalificatiedossier Senior Medewerker Informatiedienstverlening Opgesteld door SOD-Opleidingen Woerden, april 2008 Status: Versie 1.0 Inhoudsopgave 1 KWALIFICATIEPROFIEL SENIOR MEDEWERKER DIV... 3 2 ALGEMENE

Nadere informatie

2005-2006 Status: Goedgekeurd

2005-2006 Status: Goedgekeurd 2005-2006 Status: Goedgekeurd Dit kwalificatiedossier is opgesteld op basis van de formats en handleidingen, zoals deze bekend waren op 1 juni 2004. Dit kwalificatiedossier is ontwikkeld onder de verantwoordelijkheid

Nadere informatie

Beroepscompetentieprofiel assistent machinaal houtbewerker meubelbedrijf. Stichting Hout & Meubel, afdeling Ontwikkelcentrum

Beroepscompetentieprofiel assistent machinaal houtbewerker meubelbedrijf. Stichting Hout & Meubel, afdeling Ontwikkelcentrum profiel assistent machinaal houtbewerker meubelbedrijf Algemene informatie datum: 27 januari 2005 versie: 01 Onder regie van kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven Stichting Hout & Meubel Ontwikkeld

Nadere informatie

Toetstermen Autospuiten niveau 2 Praktijk (CREBO-nummer 50809) (Versie 03, augustus 2003)

Toetstermen Autospuiten niveau 2 Praktijk (CREBO-nummer 50809) (Versie 03, augustus 2003) Toetstermen Autospuiten niveau 2 Praktijk (CREBO-nummer 50809) (Versie 03, augustus 2003) Bij het uitoefenen van alle hieronder vermelde vaardigheden dienen de daarbij noodzakelijke technieken en gereedschappen

Nadere informatie

Kerntaak 1: Installeert technische installaties

Kerntaak 1: Installeert technische installaties Kerntaak 1: Installeert technische installaties Werkproces 1.1: Voorbereiden isolatie-/installatiewerkzaamheden De eerste monteur werktuigkundige installaties ontvangt de werkopdracht van de leidinggevende.

Nadere informatie

Verantwoording vertaling kwalificatiedossier naar beoordelingscriteria

Verantwoording vertaling kwalificatiedossier naar beoordelingscriteria Inhoud Verantwoording vertaling kwalificatiedossier naar beoordelingscriteria Kwalificatiedossier Assistent Mobiliteitsbranche crebo 93740/93742 Uitstroom Assistent Mobiliteitsbranche crebo 93742 Toetsvorm

Nadere informatie

Kerntaak 2: Bereidt de realisatie voor

Kerntaak 2: Bereidt de realisatie voor Kerntaak 2: Bereidt de realisatie voor Werkproces 2.1: Werkzaamheden voorbereiden De medewerker productpresentatie krijgt de opdracht van zijn leidinggevende om op basis van een door de vormgever productpresentatie

Nadere informatie