Besluit maatschappelijke ondersteuning Zevenaar 2016
|
|
|
- Karel Segers
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Zevenaar. Nr januari 2016 Besluit maatschappelijke ondersteuning Zevenaar 2016 gelet op de artikelen 11, tweede en derde lid, 12 derde en vierde lid, 13 tweede lid, 15 zevende lid, 16, 17 tweede lid en 21 tweede lidvan de Verordening maatschappelijke ondersteuning Zevenaar 2016; Artikel 1. Begripsbepalingen 1. Dit besluit verstaat onder: a. het Besluit: het Besluit maatschappelijke ondersteuning Zevenaar 2016; b. CAK: het Centraal Administratiekantoor dat inkomensonafhankelijke en inkomensafhankelijke eigen bijdragen vast stelt en int; c. Collectieve vraagafhankelijk vervoer (CVV): vraagafhankelijk vervoer van de Stadsregiotaxi Arnhem-Nijmegen (SRAN); d. het College: het College van burgemeester en wethouders; e. bijdrage: een door het CAK vast te stellen en op te leggen bijdrage, die bij de verstrekking van een voorziening in natura of in de vorm van een persoonsgebonden budget voor rekening van de belanghebbende komt en waarop de regels van het (landelijk) Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 en dit Besluit van toepassing zijn; f. kostprijs: de maximale kosten waarover belanghebbende een eigen bijdrage is verschuldigd; g. de Verordening: de Verordening maatschappelijke ondersteuning Zevenaar 2016; h. de wet: de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). 2. Alle begrippen die in dit Besluit worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet, de Verordening en het Uitvoeringsbesluit Wmo Artikel 2. Hoogte persoonsgebonden budget 1. De hoogte van een pgb: a. wordt bepaald aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgb gaat besteden; b. is toereikend om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering, en c. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate voorziening in natura, en d. bedraagt nooit meer dan de werkelijk gemaakte kosten. 2. Tussenpersonen of belangbehartigers mogen niet uit het pgb worden betaald. 3. De hoogte van een pgb voor onderhoud en reparatie bedraagt: a. per jaar voor trapliften 160,69 voor onderhoud en maximaal 600,- voor reparaties. Wanneer reparatie niet in verhouding staat tot de waarde van de traplift zal te allen tijde overleg plaatsvinden door de leverancier met de gemeente en/of een offerte worden opgesteld. Uitvoering van de reparatie/vervanging zal pas plaatsvinden na akkoord op de offerte. b. bij overige woningaanpassingen of woonvoorzieningen 4,4% van het persoonsgebonden budget voor de woningaanpassing, en wordt uitbetaald nadat een factuur of offerte is ingeleverd. c. per jaar 5,6% voor niet-elektrische rolstoelen of vervoersvoorzieningen, 4,4% voor elektrische rolstoelen of elektrische vervoersvoorzieningen voor volwassenen en 7,8% voor elektrische rolstoelen of vervoersvoorzieningen voor kinderen van het persoonsgebonden budget voor de voorziening en wordt uitbetaald nadat een factuur of offerte is ingeleverd. Indien van toepassing wordt dit bedrag verhoogd met 2,2% voor een cascoverzekering en 58,96 per jaar voor WA-verzekering voor elektrische voorzieningen. 1. De hoogte van een pgb voor: a. een maatwerkvoorziening, niet zijnde diensten, wordt bepaald op ten hoogste de kostprijs van de zaak die de aanvrager op dat moment zou hebben ontvangen als de zaak in natura zou zijn verstrekt en voor dezelfde looptijd als gehanteerd voor de zaak natura. Als de naturaverstrekking een tweedehands voorziening betreft, kan de kostprijs daarop worden gebaseerd, met een looptijd gelijk aan de verkorte termijn waarop de zaak technisch is afgeschreven, rekening houdend met onderhoud en verzekering. Als de naturaverstrekking een 1
2 nieuwe voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, rekening houdend met een eventueel door de gemeente te ontvangen korting en rekening houdend met onderhoud en verzekering. b. huishoudelijke hulp bedraagt 15,- per uur c. persoonlijke verzorging bedraagt 27,01 per uur d. individuele begeleiding door een niet daartoe opgeleid persoon die mantelzorger is, of afkomstig is uit het sociale netwerk van de cliënt, bedraagt 20,- per uur e. individuele begeleiding door een daartoe opgeleid persoon en waarvoor bijzondere deskundigheden zijn vereist bedraagt 35,84 per uur f. begeleiding groep of dagbesteding bedraagt 29,-. Voor bestaande cliënten wordt dit tarief gehanteerd met ingang van 1 juli g. vervoer van en naar de dagbesteding wordt bepaald op basis een kilometervergoeding van 0,31 per kilometer die uitgaat van de dichtst bij de woning van de cliënt gelegen geschikte dagbestedingslocatie h. Respijtzorg bedraagt 101,- per etmaal en wordt alleen verstrekt als er sprake is van (dreigende) overbelasting van de mantelzorger met in principe een maximum van 15 etmalen per jaar i. Kortdurend verblijf bedraagt 101,- per etmaal j. taxikosten bedraagt in beginsel 115,57 per kwartaal k. begeleiderskosten bedraagt in beginsel 115,57 per kwartaal op declaratiebasis en is bedoeld voor de noodzakelijke meerkosten van de begeleider als deze alleen heen of terug reist, l. rolstoeltaxikosten bedraagt in beginsel 433,15 per kwartaal op declaratiebasis en kan alleen verstrekt worden als reizen met collectief vervoer niet mogelijk is, m. een autoaanpassing bedraagt maximaal 5.500,- per zeven jaar en wordt alleen verstrekt onder de volgende voorwaarden: 1. de belanghebbende is in het bezit van een eigen auto en is de bestuurder; 2. de belanghebbende is aangewezen op een vervoersvoorziening voor de korte én middellange afstand; 3. er wordt naast de financiële tegemoetkoming voor de autoaanpassing geen andere vervoersvoorzieningen verstrekt voor de korte en middellange afstand; 4. alleen de door het CBR vastgestelde noodzakelijke aanpassingen komen tot genoemd maximum voor vergoeding in aanmerking, met uitzondering van algemeen gebruikelijke aanpassingen zoals b.v. een automaat; 5. kosten voor rijlessen en aanvragen van een nieuw rijbewijs komen eveneens voor vergoeding in aanmerking; 6. uitbetaling vindt plaats binnen twaalf maanden na de verzenddatum van de toekenningsbeschikking, na inlevering van de facturen en een kopie van de noodzakelijke aanpassingen zoals vastgesteld door het CBR en van het nieuwe rijbewijs. n. verhuiskosten bedraagt in beginsel maximaal 3.078,-; o. woningaanpassing in plaats van verhuiskosten bedraagt maximaal 3.078,- In plaats van een pgb voor verhuiskosten zoals genoemd onder k, kan een pgb als tegemoetkoming in de kosten van woningaanpassing worden verstrekt ter hoogte van de verhuiskosten op voorwaarde dat hiermee een adequate aanpassing in de huidige woning wordt gerealiseerd conform een door het College opgesteld programma van eisen. p. woningsanering of vervanging vloerbedekking ivm rolstoelgebruik wordt bepaald aan de hand van de afschrijvingstermijn van de noodzakelijk te vervangen vloerbedekking en gordijnen in woonkamer en slaapkamer en bedraagt het volgende percentage van de kosten: - 100% indien het artikel nieuwer is dan twee jaar; - 75% indien het artikel tussen de twee en vier jaar oud is; - 50% indien het artikel tussen de vier en zes jaar oud is; - 25% indien het artikel tussen de zes en acht jaar oud is. - indien de te vervangen zaken ouder zijn dan 8 jaar wordt er geen tegemoetkoming verstrekt. Voorwaarde bij sanering is dat de diagnose minder dan 1 jaar geleden gesteld is. q. aanschaf en onderhoud van een sportvoorziening bedraagt maximaal 2.844,85 voor een periode van in ieder geval 3 jaar. r. het bezoekbaar maken van een woning bedraagt maximaal 4.104,- en wordt eenmalig verstrekt. Artikel 3. Verantwoording persoonsgebonden budget Degene die een persoonsgebonden budget ontvangt waarop het trekkingsrecht niet van toepassing is, verstrekt op verzoek van het College binnen de in de beschikking vastgestelde termijn: a. een factuur van de aangeschafte voorziening; 2
3 b. voor zover van toepassing het onderhoud/reparatiecontract inclusief betalingsbewijs van de gemaakte kosten; c. gegevens waaruit blijkt aan welke vereisten de aangeschafte voorziening voldoet. Artikel 4. Terugbetalen restwaarde pgb Bij niet-gebruik van een voorziening aangeschaft met een persoonsgebonden budget moet de restwaarde van de voorziening worden terugbetaald conform de afschrijvingstermijn. Indien dit niet mogelijk is, dient men de voorziening in te leveren. Artikel 5. Bijdrage voor maatwerkvoorzieningen of pgb s De bedragen per vier weken, de inkomensbedragen en de percentages die gelden voor de berekening van de bijdrage zijn gelijk aan die genoemd in artikel 3.1, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo Voor minderjarige kinderen wordt een eigen bijdrage opgelegd aan de ouders als een woningaanpassing wordt verstrekt. 1. Het bedrag dat de ongehuwde persoon die de pensioengerechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt dient te betalen, bedraagt 19,00 per vier weken bij een bijdrageplichtig inkomen tot ,-. Indien dat inkomen meer bedraagt, wordt het bedrag van 19,00 verhoogd met 1/13 deel van 15% van het verschil tussen dat inkomen en ,-. 2. Het bedrag dat de ongehuwde persoon die de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt dient te betalen, bedraagt 19,00 per vier weken bij een bijdrageplichtig inkomen tot ,-. Indien dat inkomen meer bedraagt, wordt het bedrag van 19,00 verhoogd met 1/13 deel van 15% van het verschil tussen dat inkomen en ,-. 3. Het bedrag dat gehuwde personen indien een van beiden de pensioengerechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt of beiden die leeftijd nog niet hebben bereikt, dienen te betalen bedraagt 27,20 per vier weken bij een gezamenlijk bijdrageplichtig inkomen van ,-. Indien dat gezamenlijke inkomen meer bedraagt, wordt het bedrag van 27,20 verhoogd met 1/13 deel van 15% van het verschil tussen dat gezamenlijke inkomen en ,-. 4. Het bedrag dat gehuwde personen die beiden de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt dienen te betalen bedraagt 27,20 per vier weken bij een gezamenlijk bijdrageplichtig inkomen van ,-. Indien dat gezamenlijke inkomen meer bedraagt, wordt het bedrag van 27,20 verhoogd met 1/13 deel van 15% van het verschil tussen dat gezamenlijke inkomen en ,-. 5. De hoogte van de bijdrage bedraagt nooit meer dan de kostprijs van de voorziening. 6. De kostprijs van de voorziening is: a. het toegekende en betaalde persoonsgebonden budget, danwel de b. de huurprijs die het College verschuldigd is aan de leverancier, danwel de c. de koopprijs die het College verschuldigd is aan de leverancier en d. de kosten van onderhoud, reparatie en verzekering, tenzij de afschrijftermijn van de voorziening is verstreken Artikel 6. Kwaliteitseisen maatschappelijke ondersteuning Door het voeren van jaarlijkse evaluatiegesprekken met aanbieders wordt toezicht gehouden op het naleven van de kwaliteitseisen zoals vastgelegd in artikel 13 lid 1 van de Verordening. Artikel 7. Meldingsregeling calamiteiten en geweld Calamiteiten en geweldsincidenten dienen binnen vijf werkdagen gemeld te worden bij de teamleider maatschappelijke ondersteuning via de daarvoor beschikbaar gestelde formulieren. Artikel 8. Waardering mantelzorgers In afwachting van vaststelling Vrijwilligers- en mantelzorgbeleid. Artikel 9. Aantal zones Stadsregiotaxi en tariefkorting reisgebied 1. Degene die in aanmerking komt voor collectief vraagafhankelijk vervoer ontvangt voor het gebruik daarvan een kortingspas. 2. De tariefkorting bedraagt (tot 5 reiszones per rit) het verschil tussen het zonetarief van Stadsregio- Taxi en het zonetarief voor regulier openbaar vervoer. 3. Het aantal zones dat met tariefkorting gereisd kan worden bedraagt in beginsel 360 per jaar. 4. Het aantal zones bedraagt in beginsel 180 per jaar voor belanghebbenden die zich in de directe woonomgeving zelfstandig met een vervoermiddel kunnen verplaatsen. Artikel 10. Tarief hulp bij het huishouden in natura Het tarief voor hulp bij het huishouden bedraagt: - voor hulp bij het huishouden 1: per uur. - voor hulp bij het huishouden 2: per uur. 3
4 Artikel 11 Afweging verhuizen of aanpassen woning Het verstrekken van de goedkoopst adequate maatwerkvoorziening zoals bedoeld in artikel 8 lid 5 van de Verordening wordt niet toegepast a. indien de kosten van de noodzakelijke woningaanpassingen minder bedragen dan 4.104,- of b. indien voor het te bereiken resultaat een traplift noodzakelijk is waardoor de kosten boven de grens van 4.104,-uit komen en daarnaast maximaal eventueel een douchezitje en drempelhulpen. Artikel 12. Maatwerkvoorzieningen en afschrijftermijn 1. Indien de belanghebbende (mede) eigenaar is van de woning en de woonvoorziening bestaat uit een bouwkundige of woontechnische ingreep aan die woning dan wordt bij de bepaling van de maatwerkvoorziening rekening gehouden met de afschrijvingstermijn van de te vervangen zaak als deze afschrijvingstermijn voor de helft of meer is verstreken 2. Voor het bepalen van de maatwerkvoorziening bij een bouwkundige of woontechnische ingreep aan de woning worden de volgende afschrijvingstermijnen gehanteerd: a. keuken 15 jaar b. badkamer 30 jaar c. toilet en kranen 15 jaar Artikel 13. Kosten woningaanpassing Het College rekent de volgende uitgaven tot kosten van een woningaanpassing bij woningaanpassingen van meer dan ,-: a. aanneemsom inbegrepen loon- en materiaalkosten voor het realiseren van de woonvoorziening. Indien de voorziening door zelfwerkzaamheid tot stand komt, vervalt de post loonkosten; b. architectenhonorarium tot ten hoogste 10% van de aanneemsom met dien verstande dat dit niet hoger is dan het maximale honorarium als bepaald in DNR2005 van de BNA en ONRI en alleen in die gevallen dat het noodzakelijk is dat een architect de woningaanpassing ontwerpt; c. de kosten voor het toezicht op de uitvoering, indien dit noodzakelijk is en de bouwkosten meer bedragen dan 1.000,- tot een maximum van 2% van de aanneemsom; d. bouwleges voor zover deze betrekking hebben op het realiseren van de woonvoorziening; e. verschuldigde en niet verreken- of terugvorderbare omzetbelasting; f. Renteverlies in verband met het verrichten van noodzakelijke betaling aan derden, voordat de financiële tegemoetkoming is uitbetaald, voor zover deze verband houdt met de bouw dan wel het treffen van voorzieningen; g. kosten in verband met noodzakelijk technisch onderzoek en adviezen met betrekking tot het verrichten van de aanpassing; h. kosten van heraansluiting van openbare nutsvoorzieningen; i. administratiekosten tot ten hoogste 350,- voor de verhuurder die een woningaanpassing realiseert voor een persoon met beperkingen j. door het College (schriftelijk) goedgekeurde kostenverhogingen, die ten tijde van de raming van de kosten redelijkerwijs niet waren te voorzien; Artikel 14. Anti-speculatiebeding 1. De in artikel 15 lid 7 van de Verordening bedoelde termijn gaat in op de datum van de verkoop van de woning. 2. De in artikel 15 lid 7 van de Verordening genoemde terugbetalingsverplichting wordt aan de hand van onderstaand schema berekend: a. bij verkoop in het eerste jaar na gereedmelding 100% van de door de gemeente Zevenaar vergoede b. bij verkoop in het tweede jaar na gereedmelding 80% van door de gemeente Zevenaar vergoede c. bij verkoop in het derde jaar na gereedmelding 60% van de door de gemeente Zevenaar vergoede d. bij verkoop in het vierde jaar na gereedmelding 40% van de door de gemeente Zevenaar vergoede e. bij verkoop in het vijfde t/m tiende jaar na gereedmelding 20% van de door de gemeente Zevenaar vergoede In alle bovenbedoelde gevallen verminderd met de bijdrage die voor rekening van de aanvrager is gebleven. 4
5 Artikel 15. Betrekken van ingezetenen bij het beleid De wijze van medezeggenschap van ingezetenen is geregeld in de Verordening Participatieraad gemeente Zevenaar. Artikel 16. Indexering 1. De bedragen genoemd in dit Besluit worden vanaf 1 januari 2016 jaarlijks geïndexeerd aan de hand van de algemene trendmatige aanpassing gemeente Zevenaar voor zover deze geen betrekking hebben op de bedragen die gelden voor de eigen bijdrage. 2. In afwijking van lid 1 wordt het bedrag genoemd in artikel 2 lid 4b en artikel 10 niet geïndexeerd. Artikel 17. Inwerkingtreding en citeertitel Dit Besluit treedt gelijktijdig in werking met de inwerkintreding van de Verordening Maatschappelijke Ondersteuning gemeente Zevenaar Dit besluit treedt in werking op 1 januari Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit maatschappelijke ondersteuning Zevenaar Aldus besloten door het College van Burgemeester en Wethouders op 3 november de burgemeester, de secretaris, drs. J.A. de Ruiter mw. mr. S.E.G. Wiersma Toelichting Artikelsgewijze toelichting Enkel die bepalingen die nadere toelichting behoeven, worden hieronder behandeld. Artikel 2 Hoogte persoonsgebonden budget. In lid 4 onder b is de hoogte van een pgb voor huishoudelijke hulp vastgelegd. Dit tarief wordt binnen alle gemeenten van de Stadsregio gehanteerd. Het is zowel van toepassing als de hulp wordt verstrekt door een persoon die mantelzorger is of afkomstig is uit het sociale netwerk van de cliënt, als wanneer deze wordt verstrekt door een daartoe opgeleide beroepskracht die via een niet door de gemeente gecontracteerde instelling de hulp levert. Voor dit bedrag is bij een aantal instellingen als particulier hulp bij het huishouden in te kopen. In lid 4 onder d is de hoogte van een pgb voor individuele begeleiding door een persoon die mantelzorger is of afkomstig is uit het sociale netwerk van de cliënt vastgelegd. In 2014 was dat op grond van de AWBZ 20,- per uur en dit tarief wordt in de nieuwe wetgeving in 2015 voor zover nu bekend gehandhaafd. Zorg die ingekocht wordt met een pgb kan geleverd worden door het sociale netwerk, waaronder mantelzorgers, of iemand buiten het sociale netwerk die geen professional is. De beloning van het sociale netwerk wordt beperkt tot die gevallen waarin het de gebruikelijke hulp overstijgt en dit aantoonbaar tot betere en effectievere ondersteuning leidt die aantoonbaar doelmatiger is. Een uitzondering hierop is bijvoorbeeld de specialistische individuele begeleiding en de respijtzorg. Respijtzorg kan niet geleverd worden door de ouders of de mantelzorger, omdat zij juist degenen zijn die respijt nodig hebben. In lid 4 onder d is de hoogte van een pgb voor individuele begeleiding per uur vastgelegd. Deze is bepaald op basis van het laagste tarief per uur door een daartoe opgeleide beroepskracht werkzaam bij een door de gemeente gecontracteerde instelling die zich niet beperkt tot een bepaalde doelgroep., Het beschikken over de benodigde bijzondere deskundigheden kan o.a. blijken uit de gevolgde opleiding, aantoonbare werkervaring of het aangesloten zijn bij de voor deze branche van toepassing zijnde beroepsorganisatie. In lid 4 onder e is de hoogte van een pgb voor individuele begeleiding per dagdeel vastgelegd. Voor de bestaande cliënten geldt dit tarief met ingang van 1 juli 2015 zodat zij in de gelegenheid worden gesteld eventueel een andere zorgaanbieder te zoeken. 5
6 In lid 4 onder j is de hoogte van een pgb voor een auto-aanpassing opgenomen. Daarmee wordt belanghebbenden de mogelijkheid geboden in plaats van een kortingspas voor het collectief vervoer en een vervoersvoorziening voor de directe woonomgeving zoals bijvoorbeeld een scootmobiel te kiezen voor het aanpassen van een eigen auto. Het genoemde bedrag is maximaal; mochten de kosten meer bedragen dan is verstrekken van de hiervoor genoemde combinatie van voorzieningen goedkoopst adequaat. In lid 4 onder k is de hoogte van een pgb voor verhuiskosten opgenomen. Dit is alleen bestemd voor noodzakelijke kosten die direct gerelateerd zijn aan de verhuizing. Dit zijn bijvoorbeeld kosten voor stofferen van de nieuwe woning, eventuele huur van een bus, dubbele huur, meubels alleen als de huidige meubels te groot waren (en dit door de gemeente is vast te stellen) en kasten alleen als er sprake was van inbouwkasten. In lid 4 onder l wordt de mogelijkheid geboden in plaats van een pgb voor verhuiskosten zoals genoemd onder k, een pgb als tegemoetkoming in de kosten van woningaanpassing te verstrekken ter hoogte van de verhuiskosten op voorwaarde dat hiermee een adequate aanpassing in de huidige woning wordt gerealiseerd conform een door het College opgesteld programma van eisen. De goedkoopst adequate voorziening voor de gemeente is het verstrekken van een pgb voor de verhuiskosten. Het biedt echter, net als onder de Wmo 2007 de belanghebbende de mogelijkheid te kiezen voor aanpassen van de woning, waarbij een deel van de kosten voor eigen rekening komt. In lid 4 onder n is een gemaximeerd pgb opgenomen voor de aanschaf van een sportvoorziening. Dit bedrag is gemaximeerd omdat het buitenwettelijk begunstigend beleid is, en een sportvoorziening niet per definitie verstrekt hoeft te worden in het kader van zelfredzaamheid en participatie. Dit doel kan ook op andere wijze worden bereikt. Artikel 8. Waardering mantelzorgers In afwachting van vaststelling Vrijwilligers- en mantelzorgbeleid. Artikel 14. Anti-speculatiebeding In lid 2 is een schema opgenomen over de berekening van de terugbetalingsverplichting. Deze verplichting wordt verminderd met de bijdrage, dan wel het eigen aandeel in de kosten onder de Wmo voor 2015, dat voor rekening van de aanvrager is gebleven. 6
Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Duiven 2012
Onderwerp: Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Duiven 2012 Ons kenmerk: Burgemeester en wethouders van de gemeente Duiven; gelet op de Verordening voorzieningen maatschappelijke
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Lopik 2017
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Lopik. Nr. 187414 29 december 2016 Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Lopik 2017 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lopik,
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Heeze-Leende 2016
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Heeze-Leende 2016 HOOFDSTUK 1 BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN 2 artikel 1.1 Begripsomschrijvingen 2 HOOFDSTUK 2 PROCEDUREREGELS 2 artikel 2.1 Rechten en plichten 2
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Overbetuwe 2010 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Onderwerp: Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Overbetuwe 2010 Ons kenmerk: 09bwb00759 Burgemeester en wethouders van de gemeente Overbetuwe; gelet op het overleg met de Cliëntenraad WMO van
FINANCIEEL BESLUIT MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING Achtkarspelen 2012
FINANCIEEL BESLUIT MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING Achtkarspelen 2012 Hoofdstuk 1. Eigen bijdrage en eigen aandeel in de kosten Artikel 1. Hoogte eigen bijdrage en eigen aandeel Lid 1. Bij het verstrekken
Besluit maatschappelijke ondersteuning Hollands Kroon 2015
Besluit maatschappelijke ondersteuning Hollands Kroon 2015 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hollands kroon; gelet op de artikelen 11, vijfde, zesde en zevende lid, 12, eerste
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Staphorst 2016
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Staphorst 2016 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Staphorst; gelet op: - de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 - de Verordening
Besluit maatschappelijke ondersteuning Hollands Kroon 2015
Besluit maatschappelijke ondersteuning Hollands Kroon 2015 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hollands kroon; gelet op de artikelen 11, vijfde, zesde en zevende lid, 12, eerste
Besluit maatschappelijke ondersteuning citeertitel: Besluit maatschappelijke ondersteuning 2015 Scherpenzeel vastgesteld bij besluit van
Besluit maatschappelijke ondersteuning 2015 citeertitel: Besluit maatschappelijke ondersteuning 2015 Scherpenzeel vastgesteld bij besluit van Besluit maatschappelijke ondersteuning 2015 Onderwerp: besluit
Besluit maatschappelijke ondersteuning
Besluit maatschappelijke ondersteuning Gemeenteblad nr. 10 1 Gemeente Wijk bij Duurstede, versie december 2014 Gemeenteblad nr. 10 2 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wijk bij
Nadere regel Wmo 2015 Gemeente Ede. Inhoud Inhoud 1. Hoofdstuk 1 - Inleiding 2. Hoofdstuk 2 - Persoonsgebonden budget (pgb) 2. Artikel 1.
IS Nadere regel Wmo 2015 Gemeente Ede Inhoud Inhoud 1 Hoofdstuk 1 - Inleiding 2 Hoofdstuk 2 - Persoonsgebonden budget (pgb) 2 Artikel 1. Tarief pgb 2 Artikel 2. Hoogte pgb 2 Hoofdstuk 3 - Eigen bijdrage
Financieel besluit Wmo gemeente Heerde 2016
Financieel besluit Wmo gemeente Heerde 2016 Burgemeester en wethouders van de gemeente Heerde gelet op de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente
BESLUIT MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING GEMEENTE IJSSELSTEIN 2017
BESLUIT MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING GEMEENTE IJSSELSTEIN 2017 Inhoud Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen...3 Artikel 1 Begripsomschrijvingen...3 Hoofdstuk 2 Persoonsgebonden budget...4 Artikel 2.2 Budgetperiode...4
Besluit maatschappelijke ondersteuning
Besluit maatschappelijke ondersteuning Gemeente Wijk bij Duurstede, november 2014 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wijk bij Duurstede; gelet op de artikelen 2 t/m 7 van de Verordening
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Nunspeet 2016
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Nunspeet 2016 Burgemeester en wethouders van de gemeente Nunspeet; gelet op het bepaalde in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, alsmede de Verordening
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Krimpen aan den IJssel 2015
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Krimpen aan den IJssel 2015 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpen aan den IJssel; gelet op het bepaalde in de Verordening maatschappelijke
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Doetinchem 2016
CVDR Officiële uitgave van Doetinchem. Nr. CVDR394384_1 17 oktober 2017 Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Doetinchem 2016 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Doetinchem;
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Oldebroek 2015 Nr. 197229
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Oldebroek 2015 Nr. 197229 Burgemeester en wethouders van de gemeente Oldebroek; gelet op het bepaalde in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, alsmede
Tarieventabel bij Verordening maatschappelijke ondersteuning 2017: bij artikel 11 en 12 over Pgb en Eigen Bijdragen
Tarieventabel bij Verordening maatschappelijke ondersteuning 2017: bij artikel 11 en 12 over Pgb en Eigen Bijdragen Artikel 1. Hoogte PGB 1. De hoogte van een PGB: a. wordt, als het gaat om begeleiding,
vast te stellen de Verordening tot wijziging van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Roosendaal 2015
De raad van de gemeente Roosendaal, gelezen het voorstel van het college van 24 maart 2015, gelet op de artikelen 2.1.3, 2.1.4, eerste, tweede, derde en zevende lid, 2.1.5, eerste lid, 2.1.6, 2.1.7, 2.3.6,
Besluit maatschappelijke ondersteuning 2015
Besluit maatschappelijke ondersteuning 2015 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Reimerswaal; gelet op de artikelen 11, 12, en 21 van de Verordening Wet maatschappelijke ondersteuning
Nadere regel Wmo Gemeente Ede
Nadere regel Wmo Gemeente Ede Inhoud Inhoud 2 Hoofdstuk 1 - Inleiding 3 Hoofdstuk 2 - Persoonsgebonden budget (PGB) 3 Artikel 1. Tarief PGB Artikel 2. Hoogte PGB Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout!
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Wormerland 2015
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Wormerland. Nr. 50136 8 juni 2015 Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Wormerland 2015 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
Besluit: Vast te stellen het navolgende Besluit voorzieningen Wmo gemeente Waterland 2013.
Portefeuillehouder: Onderwerp: B.G. Schalkwijk vaststellen van het Besluit voorzieningen Wmo gemeente Waterland 2013. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waterland, overwegende dat
Gemeente Nijkerk - Regeling maatschappelijke ondersteuning Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nijkerk;
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Nijkerk. Nr. 182568 27 december 2016 Gemeente Nijkerk - Regeling maatschappelijke ondersteuning 2017 Collegebesluit Registratienummer 796733 / 799073 Het college
FINANCIEEL BESLUIT MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING GEMEENTE BERKELLAND 2015
Burgemeester en wethouders van de gemeente Berkelland; Gelet op het bepaalde in het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, artikel 25 van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Berkelland 2015 en
Nadere regels maatschappelijke ondersteuning gemeente Schouwen-Duiveland 2015
Nadere regels maatschappelijke ondersteuning gemeente Schouwen-Duiveland 2015 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Schouwen-Duiveland; gelet op de artikelen 11, 12, 13, 14, 16, 17
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Montferland;
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Montferland. Nr. 59769 3 juli 2015 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Montferland; Overwegende dat: Het wenselijk of voorgeschreven is
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Montfoort Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Montfoort;
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Montfoort. Nr. 113357 27 november 2015 Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Montfoort 2015 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Borger-Odoorn,
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Borger-Odoorn, gelezen het voorstel, nr. 14.29338, van 17 december 2014 gelet op de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente
Nadere regels Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Littenseradiel 2015
GEMEENTEBLAD Nr. 82786 30 december 2014 Officiële uitgave van gemeente Littenseradiel. Nadere regels Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Littenseradiel 2015 Het college van burgemeester en wethouders
Besluit vast te stellen het Besluit maatschappelijke ondersteuning Doetinchem 2015
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Doetinchem 2015 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Doetinchem; gelet op de artikelen 2, 11, derde lid, 12, zesde lid, 13, tweede
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente <NAAM> 2015 concept. Artikel 3.6 Persoonsgebonden budget hulpmiddel en vervoersvoorziening...
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente 2015 concept Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen... 3 Artikel 1 Begripsomschrijvingen... 3 Hoofdstuk 2 Bijzondere bepalingen... 3 Artikel
Voorzieningen. Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)
Voorzieningen Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Gemeente Veendam, 2013 Besluit maatschappelijke ondersteuning... 3 Hoofdstuk 1. Bijzondere regels over het persoonsgebonden budget.... 3 Artikel 1.
Gemeente Utrechtse Heuvelrug. Financieel Besluit. Behorende bij de verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2013
Gemeente Utrechtse Heuvelrug Financieel Besluit Behorende bij de verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2013 1 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Regels rond verstrekking en verantwoording...
Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Beemster 2011
Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Beemster 2011 behorende bij de Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Beemster 2011 Besluit voorzieningen maatschappelijke
B e s l u i t e n: Burgemeester en wethouders van Purmerend, Gelet op Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Purmerend 2011,
Burgemeester en wethouders van Purmerend, Gelet op Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Purmerend 2011, B e s l u i t e n: vast te stellen het Besluit maatschappelijke ondersteuning
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Cranendonck 2016
Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Cranendonck 2016 Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Cranendonck 2016 (versie januari 2016) 1 HOOFDSTUK 1 BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN 3 artikel 1.1
Besluit maatschappelijke ondersteuning Gemeente Achtkarspelen 2015
Besluit maatschappelijke ondersteuning Gemeente Achtkarspelen 2015 HOOFDSTUK 1. BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN 2 artikel 1. Begripsbepalingen 2 HOOFDSTUK 2. VORM MAATWERKVOORZIENING 2 artikel 2. Vorm 2 HOOFDSTUK
