(Voor de EER relevante tekst)
|
|
|
- Fanny Verbeek
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 NL L 13/167 UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2017/59 VAN DE COMMISSIE van 14 december 2016 betreffende vergunningen voor 1,1-dimethoxy-2-fenylethaan, fenethylformiaat, fenethyloctanoaat, fenethylisobutyraat, fenethyl 2-methyl-butyraat en fenethylbenzoaat als toevoegingsmiddelen voor diervoeding voor alle diersoorten (Voor de EER relevante tekst) DE EUROPESE COMMISSIE, Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, Gezien Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding ( 1 ), en met name artikel 9, lid 2, Overwegende hetgeen volgt: (1) Verordening (EG) nr. 1831/2003 voorziet in vergunningen voor toevoegingsmiddelen voor diervoeding en in de redenen en procedures voor het verlenen van dergelijke vergunningen. Artikel 10 van die verordening voorziet in de herbeoordeling van toevoegingsmiddelen waarvoor een vergunning is verleend overeenkomstig Richtlijn 70/524/EEG van de Raad ( 2 ). (2) Voor 1,1-dimethoxy-2-fenylethaan, fenethylformiaat, fenethyloctanoaat, fenethylisobutyraat, fenethyl 2-methylbutyraat en fenethylbenzoaat ( de betrokken stoffen ) is overeenkomstig Richtlijn 70/524/EEG een vergunning zonder tijdsbeperking verleend voor gebruik als toevoegingsmiddelen voor diervoeding voor alle diersoorten. Overeenkomstig artikel 10, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1831/2003 zijn die producten vervolgens in het repertorium van toevoegingsmiddelen voor diervoeding opgenomen als bestaande producten. (3) Overeenkomstig artikel 10, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1831/2003 in samenhang met artikel 7 van die verordening is een aanvraag ingediend voor de herbeoordeling van de betrokken stoffen als toevoegingsmiddelen voor diervoeding voor alle diersoorten. De aanvrager heeft gevraagd die toevoegingsmiddelen in de categorie sensoriële toevoegingsmiddelen in te delen. Bij die aanvraag waren de krachtens artikel 7, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1831/2003 vereiste nadere gegevens en documenten gevoegd. (4) De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft in haar advies van 7 maart 2012 ( 3 ) geconcludeerd dat de betrokken stoffen onder de voorgestelde voorwaarden voor gebruik in diervoeding geen ongunstige gevolgen voor de diergezondheid, de menselijke gezondheid en het milieu hebben. De EFSA heeft ook geconcludeerd dat de functie van de betrokken stoffen in diervoeding vergelijkbaar is met de functie ervan in levensmiddelen. De EFSA heeft al geconcludeerd dat die stoffen voor levensmiddelen werkzaam zijn omdat ze levensmiddelen geuriger of smakelijker maken. Daarom kan ervan worden uitgegaan dat die conclusie ook voor diervoeder geldt. Omdat het gebruik van de betrokken stoffen in drinkwater moeilijk te controleren is wanneer ze tegelijkertijd met diervoeder worden gebruikt, moet dat gebruik worden uitgesloten. Die stoffen kunnen echter wel worden gebruikt in mengvoeders die vervolgens via water worden toegediend. (5) Er moeten beperkingen en voorwaarden worden vastgesteld om een betere controle mogelijk te maken. Aangezien er geen veiligheidsredenen zijn die de vaststelling van een maximumgehalte vereisen en rekening houdend met de herbeoordeling door de EFSA, moeten de aanbevolen gehalten worden vermeld op het etiket van het toevoegingsmiddel. Indien deze gehalten worden overschreden, moet bepaalde informatie worden vermeld op het etiket van voormengsels, mengvoeders en voedermiddelen. (6) De EFSA heeft geconcludeerd dat de betrokken stoffen als irriterende stoffen voor de ogen en de ademhalingswegen en als sensibiliserende stoffen voor de huid worden beschouwd en schadelijk zijn wanneer ze worden ingeslikt. Daarom moeten passende beschermende maatregelen worden genomen. De EFSA vindt niet dat er behoefte is aan specifieke eisen voor monitoring na het in de handel brengen. De EFSA heeft ook het verslag over de analysemethode voor de toevoegingsmiddelen in diervoeding geverifieerd, dat door het bij Verordening (EG) nr. 1831/2003 opgerichte referentielaboratorium is ingediend. (7) Uit de beoordeling van de betrokken stoffen blijkt dat is voldaan aan de voorwaarden van artikel 5 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 voor het verlenen van een vergunning. Het in de bijlage bij deze verordening gespecificeerde gebruik van die stoffen moet daarom worden toegestaan. ( 1 ) PB L 268 van , blz. 29. ( 2 ) Richtlijn 70/524/EEG van de Raad van 23 november 1970 betreffende toevoegingsmiddelen in de veevoeding (PB L 270 van , blz. 1). ( 3 ) EFSA Journal 2012;10(3):2625.
2 L 13/168 NL (8) Aangezien er geen veiligheidsredenen zijn die de onmiddellijke toepassing van de wijzigingen van de vergunningsvoorwaarden voor de betrokken stoffen vereisen, moet in een overgangsperiode worden voorzien waarin de belanghebbende partijen zich kunnen voorbereiden om aan de nieuwe eisen van de vergunning te voldoen. (9) De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 Vergunning Voor de in de bijlage gespecificeerde stoffen, die behoren tot de categorie sensoriële toevoegingsmiddelen en de functionele groep aromatische stoffen, wordt een vergunning voor gebruik als toevoegingsmiddelen voor diervoeding verleend onder de in die bijlage vastgestelde voorwaarden. Artikel 2 Overgangsmaatregelen 1. De in de bijlage gespecificeerde stoffen en voormengsels met die stoffen die vóór 6 augustus 2017 zijn geproduceerd en geëtiketteerd overeenkomstig de voorschriften die vóór 2017 van toepassing waren, mogen verder in de handel worden gebracht en gebruikt tot de bestaande voorraden zijn uitgeput. 2. Mengvoeders en voedermiddelen die de in de bijlage gespecificeerde stoffen bevatten en die vóór 2018 zijn geproduceerd en geëtiketteerd overeenkomstig de voorschriften die vóór 2017 van toepassing waren, mogen verder in de handel worden gebracht en gebruikt tot de bestaande voorraden zijn uitgeput, als ze bestemd zijn voor voedselproducerende dieren. 3. Mengvoeders en voedermiddelen die de in de bijlage gespecificeerde stoffen bevatten en die vóór 2019 zijn geproduceerd en geëtiketteerd overeenkomstig de voorschriften die vóór 2017 van toepassing waren, mogen verder in de handel worden gebracht en gebruikt tot de bestaande voorraden zijn uitgeput, als ze bestemd zijn voor niet-voedselproducerende dieren. Artikel 3 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, 14 december Voor de Commissie De voorzitter Jean-Claude JUNCKER
3 Identificatienummer van het toevoegingsmiddel Samenstelling, chemische formule, beschrijving, analysemethode Diersoort of -categorie BIJLAGE Naam van de vergunninghouder Toevoegingsmiddel Maximumleeftijd Minimumgehalte Maximumgehalte mg werkzame stof/kg volledig diervoeder met een Andere bepalingen (1) (2) (3) (4) (5) (6) (7) (8) (9) Categorie: sensoriële toevoegingsmiddelen. Functionele groep: aromatische stoffen. 2b ,1-dimethoxy-2-fenylethaan 1,1-dimethoxy-2-fenylethaan 1,1-dimethoxy-2-fenylethaan Zuiverheid: minimaal 95 % Chemische formule: C 10 H 14 CAS-nr.: Flavis-nr.: Voor het identificeren van 1,1-dimethoxy-2-fenylethaan in het toevoegingsmiddel voor diervoeding en in aromatische voormengsels: een : Einde van de vergunningsperiode NL L 13/169
4 2b09083 Fenethylformiaat Fenethylformiaat Fenethylformiaat Zuiverheid: minimaal 96 % Chemische formule: C 9 H 10 CAS-nr.: Flavis-nr.: van de werkzame stof moeten op het etiket van voormengsels, voedermiddelen en mengvoeders worden vermeld, als de volgende gehalten van de werkzame stof in van 12 % worden overschreden: voorkomen. Indien de risico's met behulp van dergelijke procedures en maatregelen niet kunnen worden vermeden of tot een minimum beperkt, moeten persoonlijke beschermingsmiddelen bij het gebruik van worden gebruikt, zoals ademhalingsbescherming, een veiligheidsbril en -handschoenen. L 13/170 NL
5 2b09262 fenethyloctanoaat Voor het identificeren van fenethylformiaat in het toevoegingsmiddel voor diervoeding en in aromatische voormengsels: fenethyloctanoaat fenethyloctanoaat een : van de werkzame stof moeten op het etiket van voormengsels, voedermiddelen en mengvoeders worden vermeld, als de volgende gehalten van de werkzame stof in van 12 % worden overschreden: voorkomen. Indien de risico's met behulp van dergelijke procedures en maatregelen niet kunnen worden vermeden of tot een minimum beperkt, moeten persoonlijke beschermingsmiddelen bij het gebruik van worden gebruikt, zoals ademhalingsbescherming, een veiligheidsbril en -handschoenen NL L 13/171
6 Zuiverheid: minimaal 98 % Chemische formule: C 16 H 24 CAS-nr.: Flavis-nr.: Voor het identificeren van fenethyloctanoaat in het toevoegingsmiddel voor diervoeding en in aromatische voormengsels: een : van de werkzame stof moeten op het etiket van voormengsels, voedermiddelen en mengvoeders worden vermeld, als de volgende gehalten van de werkzame stof in van 12 % worden overschreden: voorkomen. Indien de risico's met behulp van dergelijke procedures en maatregelen niet kunnen worden vermeden of tot een minimum beperkt, moeten persoonlijke beschermingsmiddelen bij het gebruik van worden gebruikt, zoals ademhalingsbescherming, een veiligheidsbril en -handschoenen. L 13/172 NL
7 2b09427 Fenethylisobutyraat Fenethylisobutyraat Fenethylisobutyraat Zuiverheid: minimaal 98 % Chemische formule: C 12 H 16 CAS-nr.: Flavis-nr.: Voor het identificeren van fenethylisobutyraat in het toevoegingsmiddel voor diervoeding en in aromatische voormengsels: een : van de werkzame stof moeten op het etiket van voormengsels, voedermiddelen en mengvoeders worden vermeld, als de volgende gehalten van de werkzame stof in van 12 % worden overschreden: NL L 13/173
8 2b09538 Fenethyl 2- methylbutyraat Fenethyl 2-methylbutyraat Fenethyl 2-methylbutyraat Zuiverheid: minimaal 95 % Chemische formule: C 13 H 18 CAS-nr.: Flavis-nr.: Voor het identificeren van fenethyl 2-methylbutyraat in het toevoegingsmiddel voor diervoeding en in aromatische voormengsels: voorkomen. Indien de risico's met deze procedures en maatregelen niet kunnen worden uitgebannen of tot een minimum kunnen worden teruggebracht, worden bij de toepassing van het toevoegingsmiddel en de voormengsels persoonlijke beschermingsmiddelen gebruikt, waaronder ademhalingsbescherming, veiligheidsbril en -handschoenen. een : L 13/174 NL
9 2b09774 Fenethylbenzoaat Fenethylbenzoaat Fenethylbenzoaat Zuiverheid: minimaal 98 % Chemische formule: C 15 H 14 CAS-nr.: Flavis-nr.: van de werkzame stof moeten op het etiket van voormengsels, voedermiddelen en mengvoeders worden vermeld, als de volgende gehalten van de werkzame stof in van 12 % worden overschreden: voorkomen. Indien de risico's met deze procedures en maatregelen niet kunnen worden uitgebannen of tot een minimum kunnen worden teruggebracht, worden bij de toepassing van het toevoegingsmiddel en de voormengsels persoonlijke beschermingsmiddelen gebruikt, waaronder ademhalingsbescherming, veiligheidsbril en -handschoenen NL L 13/175
10 Voor het identificeren van fenethylbenzoaat in het toevoegingsmiddel voor diervoeding en in aromatische voormengsels: een : van de werkzame stof moeten worden vermeld op het etiket van de voormengsels, voedermiddelen en mengvoeders indien het volgende gehalte van de werkzame stof in van 12 % wordt overschreden: voorkomen. Indien de risico's met behulp van dergelijke procedures en maatregelen niet kunnen worden vermeden of tot een minimum beperkt, moeten persoonlijke beschermingsmiddelen bij het gebruik van worden gebruikt, zoals ademhalingsbescherming, een veiligheidsbril en -handschoenen. L 13/176 NL ( 1 ) Nadere bijzonderheden over de analysemethoden zijn te vinden op de website van het referentielaboratorium:
(Niet-wetgevingshandelingen) VERORDENINGEN
18.10.2017 NL L 267/1 II (Niet-wetgevingshandelingen) VERORDENINGEN UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2017/1896 VAN DE COMMISSIE van 17 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van endo-1,3(4)-bèta-glucanase
(Voor de EER relevante tekst)
6.5.2015 NL L 115/25 UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2015/724 VAN DE COMMISSIE van 5 mei 2015 tot verlening van een vergunning voor retinylacetaat, retinylpalmitaat en retinylpropionaat als en voor diervoeding
Publicatieblad van de Europese Unie L 289/33
NL 31.10.2013 Publicatieblad de Europese Unie L 289/33 UITVOERINGSVERORDENING (EU) Nr. 1060/2013 VAN DE COMMISSIE 29 oktober 2013 tot verlening een vergunning voor bentoniet als toevoegingsmiddel voor
Publicatieblad van de Europese Unie
7.7.2016 NL L 182/7 UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/1095 VAN DE COMMISSIE 6 juli 2016 tot verlening een vergunning voor zinkacetaat-dihydraat, watervrij zinkchloride, zinkoxide, zinksulfaat-heptahydraat,
(Voor de EER relevante tekst)
8.6.2017 L 145/13 UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2017/962 VAN DE COMMISSIE van 7 juni 2017 tot intrekking van de vergunning voor ethoxyquine als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten en
VERORDENINGEN. (Voor de EER relevante tekst)
L 125/10 VERORDENINGEN VERORDENING (EU) 2015/786 VAN DE COMMISSIE van 19 mei 2015 tot vaststelling van criteria voor de aanvaardbaarheid van zuiveringsprocedés die worden toegepast op producten die bedoeld
L 73/12 Publicatieblad van de Europese Unie 19.3.2009
L 73/12 Publicatieblad de Europese Unie 19.3.2009 VERORDENING (EG) Nr. 214/2009 VAN DE COMMISSIE 18 maart 2009 tot wijziging Verordening (EG) nr. 1800/2004 wat betreft de voorwaarden voor de verlening
(Voor de EER relevante tekst)
14.10.2014 NL L 296/19 UITVOERINGSVERORDENING (EU) Nr. 1076/2014 VAN DE COMMISSIE van 13 oktober 2014 tot verlening van een vergunning voor een preparaat met het rookaroma-extract 2b0001 als toevoegingsmidl
L 243/10 Publicatieblad van de Europese Unie 15.7.2004
L 243/10 Publicatieblad van de Europese Unie 15.7.2004 VERORDENING (EG) Nr. 1288/2004 VAN DE COMMISSIE van 14 juli 2004 tot verlening van een permanente vergunning voor bepaalde toevoegingsmiddelen en
(Voor de EER relevante tekst)
L 132/40 UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2018/785 VAN DE COMMISSIE van 29 mei 2018 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 wat betreft de voorwaarden voor de goedkeuring van de werkzame
(Voor de EER relevante tekst)
L 171/100 26.6.2019 UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2019/1084 VAN DE COMMISSIE van 25 juni 2019 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 142/2011 wat betreft de harmonisatie van de lijst van erkende of geregistreerde
Nr. 2018/775 (PB L 131 van , blz. 8)
VERORDENING (EU) VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 28 mei 2018 tot vaststelling van voorschriften voor de toepassing van artikel 26, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1169/2011 van het Europees Parlement
UITVOERINGSVERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE. van
EUROPESE COMMISSIE Brussel, 28.3.2019 C(2019) 2266 final UITVOERINGSVERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE van 28.3.2019 inzake een in 2020, 2021 en 2022 uit te voeren gecoördineerd meerjarig controleprogramma
Publicatieblad van de Europese Unie L 2/3
NL 7.1.2014 Publicatieblad van de Europese Unie L 2/3 VERORDENING (EU) Nr. 5/2014 VAN DE COMMISSIE van 6 januari 2014 tot wijziging van Richtlijn 2008/38/EG van de Commissie tot vaststelling van de lijst
Raad van de Europese Unie Brussel, 24 juli 2017 (OR. en)
Raad van de Europese Unie Brussel, 24 juli 2017 (OR. en) 11470/17 AGRILEG 145 BEGELEIDENDE NOTA van: ingekomen: 20 juli 2017 aan: Nr. Comdoc.: D048947/06 Betreft: de Europese Commissie het secretariaat-generaal
Publicatieblad van de Europese Unie. (Niet-wetgevingshandelingen) VERORDENINGEN
13.1.2016 L 8/1 II (Niet-wetgevingshandelingen) VERORDENINGEN UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/24 VAN DE COMMISSIE van 8 januari 2016 tot vaststelling van bijzondere voorwaarden voor de invoer van grondnoten
RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 29 maart 2011 (30.03) (OR. en) 8352/11 AGRILEG 41 ENV 250
RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 29 maart 2011 (30.03) (OR. en) 8352/11 AGRILEG 41 ENV 250 INGEKOMEN DOCUMENT van: de Europese Commissie ingekomen: 11 maart 2011 aan: het secretariaat-generaal van de
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie van (datum), nr., Directie Wetgeving en Juridische Zaken;
WIJ BEATRIX, BIJ DE GRATIE GODS, KONINGIN DER NEDERLANDEN, PRINSES VAN ORANJE- NASSAU, ENZ. ENZ. ENZ. Besluit van... houdende regels inzake diervoeders (Besluit diervoeders 2012) Besluit van Op de voordracht
VERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE. van
EUROPESE COMMISSIE Brussel, 6.2.2019 C(2019) 595 final VERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE van 6.2.2019 tot wijziging van bijlage IX bij Verordening (EG) nr. 999/2001 van het Europees Parlement en de
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/9 VAN DE COMMISSIE
L 3/41 UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/9 VAN DE COMMISSIE van 5 januari 2016 betreffende het gezamenlijk indienen en het uitwisselen van gegevens overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het
(Voor de EER relevante tekst)
L 299/10 NL UITVOERINGSVERORDENING (EU) Nr. 1090/2014 VAN DE COMMISSIE van 16 oktober 2014 tot van permethrine als bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden voor de productsoorten 8 en 18 (Voor
