De mossen van Schiermonnikoog
|
|
|
- Benjamin ten Hart
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Buxbaumiella 48 (1999) 7 De mossen van Schiermonnikoog Bart van Tooren The autumn meeting of 1996 was held on the Dutch island of Schiermonnikoog. During the weekend, in combination with some records from the period , 128 species of bryophytes have been found, including rare species like Haplomitrium hookeri, Lophozia incisa and Fossombronia fimbriata. The records were compared with older data. It is concluded that, although several Red List species were not found recently, the bryophyte flora is probably not much impoverished during the last decennia. Al sinds 1962 was de werkgroep niet meer op Schiermonnikoog geweest. We kunnen onmogelijk verwachten dat de werkgroep tijdens de weekenden alle bijzondere locaties in Nederland regelmatig zal bezoeken, toch mag voor Schiermonnikoog wel een uitzondering gemaakt worden! Daarom werd in 1996 van 20 tot 22 september het najaarsweekend op Schiermonnikoog gehouden. Helaas is een weekend kort en de afstand naar Schiermonnikoog voor velen groot, wat verklaarde dat er al met al inclusief de lichenologen nog geen 30 deelnemers zich verzamelden, wat overigens toch meer is dan tijdens de meeste recente najaarsweekenden! Bijzonder aan het weekend was ook dat de deelnemers niet kampeerden maar onderdak vonden in het Biologisch Station "De Herdershut" van de Rijksuniversiteit Groningen. Uiteraard kwam dit gezamenlijk onderkomen de sfeer van het weekend zeer ten goede! Dank aan de Universiteit! Ook dankzij het goede weer werd het een zeer geanimeerd weekend. Het aantal gevonden soorten tijdens het weekend viel iets tegen, maar anderzijds kunnen we niet elk weekend een nieuwe soort voor Nederland noteren! Zowel de zaterdag als de zondag waren er twee bryologische excursies. Op zaterdag was er een loopexcursie vanuit de Herdershut. Deze ging via het Grieënglop naar de Reddingsweg, vanouds een locatie met veel Nanocyperion-soorten. Vervolgens ging deze excursie via de Prins Bernhardweg en Vredenhof weer geleidelijk huiswaarts. De andere excursie koos onder leiding van Dick Kerkhof en Henk Siebel voor de fiets om zo snel een groot aantal valleien aan de westkant van het eiland te bezoeken. Belangrijkste valleien hierbij waren de Hertenbosvallei en het Kapenglop. De tweede dag bezocht een fietsexcursie een aantal overgebleven belangrijke locaties aan de westkant van het eiland, o.a. de stuifkuilen ten noorden van het Kapenglop en het bos, om via de valleien aan het einde
2 8 Buxbaumiella 48 (1999) van de Reddingsweg en de Strandvlakte weer huiswaarts te keren. Een loopexcursie ging vanuit de Herdershut richting Kobbeduinen en kwelder. Het belangrijkste doel was hierbij het vlierstruweel in de Kobbeduinen. Het onvermijdelijke gebeurde natuurlijk: de beide excursies troffen elkaar op de Strandvlakte. Op verzoek van de beheerder, Natuurmonumenten, is in een aantal valleien niet alleen de aanwezigheid van soorten genoteerd maar ook de mate van voorkomen. De verkregen gegevens zijn integraal in dit verslag opgenomen. Wellicht komen zij volgende generaties bryologen en ecologen nog eens van pas! In plaats van een verslag van de afzonderlijke excursies is in het onderstaande gekozen voor de bespreking van een aantal van de bezochte locaties. Daarbij is ook gebruik gemaakt van enkele gegevens die in de periode door enkele bryologen zijn verzameld. Grieënglop en omgeving Het aan de rand van de polder gelegen Grieënglop behoort tot de zuurste gedeelten van het duingebied. Het grotendeels lage en vochtige Groenglop (=Grieënglop) is vooral met grassen, Zwarte zegge en Zandzegge begroeid. Aan de westkant is enig berkenbroek aanwezig terwijl in de laagten tussen de Zwarte zegge ook Veenpluis voorkomt. Vooral op de ooit geplagde gedeelten komt veel Dopheide voor. Hier begon de zaterdagwandeling. Er werden diverse veenmossen aangetroffen zoals Sphagnum palustre en S. subnitens maar ook aardige soorten als Sphagnum molle en S. compactum. Verder werden alleen algemene, in dit zure milieu te verwachten soorten aangetroffen. Aardiger was het net ten noorden van de eerste duinenrij gelegen kleine valleitje met veel Ronde zonnedauw. Het betreft hier een zeer klein valleitje dat al sinds enkele decennia regelmatig zeer kleinschalig geplagd wordt. Behalve veel Ronde zonnedauw en Dwergvlas werden hier ook diverse levermossen in soms grote aantallen aangetroffen: Scapania irrigua, Aneura pinguis, Fossombronia incurva, Cephaloziella hampeana en Riccardia incurvata. Voor de volledigheid wordt hier vermeld dat dit valleitje niet verward mag worden met de langs de Reddingsweg gelegen zgn. Droseravallei, een vallei waar vroeger eveneens Ronde zonnedauw stond. Reddingsweg Langs het begin van de Reddingsweg is de Arnicavallei gelegen, een zeer gradiëntrijk hooilandje, met o.a. Spaanse ruiter en Vlozegge. In deze vallei werden behalve een aantal veenmossoorten o.a. Bryum pseudotriquetrum en Calliergon giganteum aangetroffen, hetgeen goed het gradiëntrijke karakter van dit hooiland illustreert.
3 Buxbaumiella 48 (1999) 9 Voor het bezoek aan de Reddingsweg waren de verwachtingen hoog gespannen. Was immers de Reddingsweg niet bekend als een uitstekende locatie voor Nanocyperion. Ideaal was dat sommige deelnemers het ook lunchtijd vonden. Zo kon onder het toeziend oog van de ene helft van de excursie de andere helft fanatiek over de grond kruipen. Het doel was duidelijk: Haplomitrium hookeri (Mijtermos) vinden, het minuscule levermosje dat in Nederland alleen van Schiermonnikoog en Terschelling bekend is. Helaas leek de natte en verdichte zandbodem van de Reddingsweg behalve Fossombronia incurva en Riccardia incurvata niets bijzonders op te leveren. Tot Jurgen Nieuwkoop thuis nog maar eens goed ging kijken naar de meegebrachte plakkaatjes mos. Dat leverde toch nog de gewenste Haplomitrium op! Mijtermos staat er dus nog wel degelijk, maar je moet er goed voor zoeken. Sinds 1972 was de soort niet meer gevonden op Schiermonnikoog. Daar bleef het echter niet bij. Enkele planten van Fossombronia waren duidelijk geen F. incurva. In een kort artikel in dit nummer van Buxbaumiella vertelt Jurgen over de spectaculaire vondst van een nieuw levermos voor Nederland: Fossombronia fimbriata. Hij bleek slechts enkele plantjes verzameld te hebben. Wie gaat eens kijken hoe veel de soort er voor komt? Strandvlakte en omgeving Ten noorden van de Reddingsweg bevinden zich een aantal duinvalleien van verschillende ouderdom. Ze zijn alle gekenmerkt door veel bijzondere soorten hogere planten. Het best ontwikkeld is echter de westpunt van de Strandvlakte. Hier kwam tot voor enkele jaren een uitgestrekt en zeer goed ontwikkeld Schoenetum voor. Inmiddels is het terrein echter zodanig dichtgegroeid dat voor veel kleinere soorten, waaronder mossen, de bestaansmogelijkheden sterk zijn afgenomen. Gelukkig is er in 1997 begonnen met het deels maaien van deze Strandvlakte, hetgeen mogelijk tot herstel zal leiden. In 1996 werden er helaas al geen kenmerkende levermossen meer gevonden. Slechts langs de paden waren soorten als Campylium polygamum en C. stellatum iets talrijker aanwezig. Helaas was het bezoek aan de Strandvlakte slechts kort en dat geldt ook voor de andere valleien in dit deel van het eiland. Opmerkelijk was wel het relatief veelvuldige voorkomen van Bryum marratii in dit deel van het eiland. Kapenglop en omgeving Het ten noorden van de Badweg gelegen Kapenglop is vanouds een zeer rijke locatie voor zowel hogere planten als mossen. Helaas is er een sterke achteruitgang van hogere planten van kalkrijke duinvalleien, als gevolg van veranderingen in waterhuishouding (Grootjans et al., 1995). Ook mossen van kalkrijke milieus zijn er afgenomen. Zo was Preissia quadrata hier vroeger algemeen, maar is nu vermoedelijk verdwenen. Dat
4 10 Buxbaumiella 48 (1999) neemt niet weg dat het Kapenglop en omgeving nog steeds zeer waardevol zijn voor mossen. Tijdens het weekend werd hier o.a. Scorpidium lycopodioides aangetroffen! Een jaar eerder was in het Mossenglop, een dicht bij het Kapenglop gelegen vallei, ook Scorpidium scorpioides gevonden. Opmerkelijk is dat zowel tijdens het weekend als ook tijdens latere zoekacties ik deze laatste soort niet weer kon vinden. De twee onafhankelijke opgaven van 1995 zijn van Jörg Petersen (ik heb materiaal gezien) en van Klaas van der Veen. Wel is hier tijdens het wekend Drepanocladus sendtneri gevonden. Ten noorden van het Kapenglop bevindt zich een stuifkuilencomplex. De stuifkuilen zelf herbergen in de jonge stadia aardige mosvegetaties met o.a. Aneura pinguis, Pellia endiviifolia etc. Bijzonder waardevol voor mossen zijn echter de stuivende hellingen. Hier kunnen o.a. Rhynchostegium megapolitanum en Tortella flavovirens gevonden worden. Laatstgenoemde soort is bijv. van Ameland in het geheel niet bekend. De soort groeit hier in de sterk stuivende delen en vormt dan mooie en soms zelfs deels overstoven polletjes. Onafhankelijk van elkaar vonden Jurgen Nieuwkoop en Klaas van der Veen hier ook Campylopus fragilis. Rudi Zielman vond C. fragilis ook op een noordhelling in de omgeving van de Prins Bernhardweg. Valleien in het westen Een bekende en relatief zure vallei is de in het westen van het eiland gelegen Hertenbosvallei. In deze vallei komen spaarzaam nog soorten voor van kalkrijke duinvalleien, maar de vallei wordt toch vooral gekenmerkt door soorten van zuurdere milieus als Dopheide en Ronde zonnedauw. Tijdens het weekend werden er twee soorten veenmos genoteerd (Sphagnum compactum en S. denticulatum). Verder lijkt de vallei voor mossen niet van grote betekenis. Een nog steeds zeer kalkrijke vallei is de vaak met de naam "Bergwegvallei" of "Vuurtorenvallei" betitelde vallei, bij velen ook bekend als de vallei met de muggenorchis. In deze vallei werden o.a. Preissia quadrata en Campylium stellatum aangetroffen. Hopelijk hebben de deelnemers aan deze excursie ook de Bonte paardenstaart kunnen bewonderen. Tegen de zeereep aan ligt ten zuiden van de badweg een recent door Rijkswaterstaat gemaakte vallei. Van deze vallei bestaat een onbevestigde waarneming van Moerckia hibernica uit Helaas kon ik de soort zelf bij twee korte bezoeken in 1998 niet vinden. Wel stond er massaal Preissia quadrata. De waarneming is overigens goed mogelijk in deze vallei.
5 Buxbaumiella 48 (1999) 11 Bos In de dennenbossen valt voor mossen niet veel te beleven, maar des te aardiger zijn een aantal lage en natte, vooral met berken en wilgen begroeide delen in het noordelijke dennenbos. Aan de rand van het berken-wilgen broek is o.a. een mooie groeiplaats van Rhytidiadelphus loreus. De vindplaats lijkt erg op die van deze soort in het Berkenbos aan het begin van de Bospaat op Terschelling! Al zeker 20 jaar komt op een steil stuk langs het fietspad door dit stukje loofbos ook Fissidens taxifolius voor, voor zover bekend de enige locatie op het eiland. De meest bijzondere vondst in het bos werd echter in 1998 gedaan, toen Peter-Jan Keizer en ik langs een pad tussen dit natte deel en het droge dennenbos een mooie groeiplaats van Lophozia incisa vonden. Deze soort was al sinds 1967 niet meer in Nederland gevonden! De laatste vondst is ook van Schiermonnikoog afkomstig, maar dan uit een duinvallei. Lophozia incisa is eenvoudig herkenbaar aan het vlezige en kroezige karakter van de gehele plant. Elders op het eiland is ook hier en daar enig spontaan loofbos bekeken, o.a. rond de Arnicavallei langs de Reddingsweg. In bryologisch opzicht zijn deze bossen echter (nog) niet van grote waarde. Aardig is wel dat in het bos langs de Arnicavallei grote plekken veenmos zijn, o.a. bestaande uit Sphagnum palustre. Overige locaties Bijzonder was de vondst in 1998 van Ctenidium molluscum door Bas van Gennip (opgave Klaas van Dort) op een noordhelling vlak bij het Strandhotel ten noorden van de Badweg. Ctenidium is in het noorden van het land zeer zeldzaam, slechts bekend van Texel, de Eemshaven en sinds het najaarsweekend van 1998 ook van de Lauwersmeer. In die gevallen ging het echter steeds om vochtig grasland, terwijl het in dit geval om een noordhelling gaat. Epifyten zijn vooral gezocht in het vlierstruweel in de Kobbeduinen en op vlieren rond de Westerplas. De belangrijkste gevonden soorten zijn o.a. Zygodon conoideus en langs de Westerplas Orthotrichum stramineum. Opvallend was vooral dat een aantal soorten niet gevonden zijn, zoals Cryphaea heteromalla en Orthotrichum lyellii. Conclusies Gaat het goed met de mossen van Schiermonnikoog? Als er een soort als Haplomitrum gevonden wordt en, naar later blijkt, zelfs een nieuwe soort voor Nederland te noteren valt (Fossombronia fimbriata), is er reden tot optimisme. Zeker als aan de lijst ook nog een in Nederland uitgestorven gewaande soort (Lophozia incisa) toegevoegd kan worden, alsmede een bijzondere soort als Ctenidium molluscum.
6 12 Buxbaumiella 48 (1999) Deze feiten zijn natuurlijk onvoldoende voor een conclusie omtrent voorof achteruitgang van de mosflora. Getracht is op basis van de opgaven van het voorkomen van Rode-Lijst-soorten vroeger en nu toch enige indruk te krijgen van eventuele veranderingen in de mosflora. Daartoe zijn de in dit verslag genoemde Rode-Lijst-soorten vergeleken met historische gegevens (Touw & Rubers 1989 en Gradstein & van Melick 1996). De recent niet aangetroffen Rode-Lijst-soorten zijn in te delen in twee groepen: Epifyten: Antitrichia curtipendula, Cryphaea heteromalla, Orthotrichum lyellii, Tortula papillosa, Ulota crispa en Porella platyphylla. Soorten van valleien: Bryum amblyodon, B. calophyllum, B. warneum, Drepanocladus exannulatus, Plagiomnium elatum, Scorpidium revolvens en Moerckia hibernica. De enige niet in deze twee groepen thuis horende verdwenen soort is Rhodobryum roseum. Rhodobryum heb ik zelf eind zeventiger jaren nog gevonden op een noordhelling ten noorden van het Bospad tussen het noordelijke dennenbos en de Prins Bernhardweg. Zeker 15 jaar heb ik hier niet meer gezocht. Gezien de veel dichter geworden begroeiing in dit deel van het duingebied zal de soort hier wel verdwenen zijn. Tijdens het weekend is relatief weinig naar epifyten is gekeken. Ook de iepen in het dorp zijn nauwelijks bekeken. Het aantal oude iepen in het dorp is overigens door iepziekte sterk verminderd. Er is geen aanleiding om te veronderstellen dat de epifyten de laatste 20 jaar zijn achteruitgegaan. Dat zou ook verbazend zijn, daar er bijv. op Ameland sprake lijkt te zijn van vooruitgang (Van Tooren & Weeda, 1996) Voor de soorten van valleien ligt het complexer. De recent niet meer gevonden Bryums zijn kenmerkend voor jonge valleien, soms nog iets brak. Dit milieu is nog steeds aanwezig. Bryum marratii bleek in de valleien ten noorden van de Reddingsweg nog steeds regelmatig voor te komen en misschien kunnen ook de andere soorten daar nog wel gevonden worden. Ook de andere bovengenoemde soorten zouden nog wel aanwezig kunnen zijn in de valleien, waarbij ten aanzien van Scorpidium revolvens nog de meeste twijfels gelden. Al met al is er geen aanleiding om te veronderstellen dat de mosflora van Schiermonnikoog de laatste tijd veel van haar bijzondere soorten verloren heeft. In totaal zijn thans van Schiermonnikoog 176 mossoorten bekend, waarvan 42 soorten te vinden zijn op de Rode Lijst (Siebel et al., 1992). De totaallijst telt 10 soorten meer dan die van het grotere en toch iets gevarieerdere Ameland (eigen gegevens), terwijl er ook 9 Rode-Lijstsoorten meer bekend zijn van Schiermonnikoog dan van Ameland. Dat zegt wel iets over de rijkdom van Schiermonnikoog voor mossen, zeker daar de inventarisatie-activiteiten op beide eilanden elkaar niet veel zullen ontlopen.
7 Buxbaumiella 48 (1999) 13 Literatuur Gradstein, S.R. & H.M.H. van Melick, De Nederlandse levermossen en hauwmossen. Natuurhistorische Bibliotheek nr. 64. St. Uitgeverij KNNV. Grootjans, A.P., E.J. Lammmerts & F. van Beusekom, Kalkrijke duinvalleien op de waddeneilanden. Natuurhistorische Bibliotheek nr. 62. St. Uitgeverij KNNV. Siebel, H.N., A. Aptroot, G.M. Dirkse, H.F. van Dobben, H.M.H. van Melick & A. Touw, Rode Lijst van in Nederland verdwenen en bedreigde mossen en korstmossen. Gorteria 18: Tooren, B.F. van & E.J. Weeda, De mossen van Ameland. Buxbaumiella 41: Touw, A. & W.V. Rubers, De Nederlandse Bladmossen. Natuurhistorische Bibliotheek nr. 50. St. Uitgeverij KNNV. Deelnemers: A. Aptroot, M. Bakker, S. Bakker, P. van den Boom, F. Bos, E. Brouwer, H. van Dobben, K. van Dort, F. van Gelder, A. en J. Gutter, G. Harmsen, H. Hopman, M. Hosper, M. Horsthuis, T. Kerkenbosch, D. Kerkhof, R. Ketner, N. Klazenga, S. van Leeuwen, T. de Mey, J. Nieuwkoop, E. Prins, M. Roepers, H. Siebel, L. Sparrius, B. van Tooren, K. van der Veen en R. Zielman. Determinaties: Microscopisch gecontroleerde determinaties (onderstreept in de lijst) zijn ontvangen van D. Kerkhof, J. Nieuwkoop, H. Siebel, B. van Tooren, K. van der Veen en R. Zielman. Bij de soortenlijst Met een cijfercodering voor de locaties zijn de tijdens het weekend verzamelde gegevens opgenomen. Verder zijn nog diverse andere opgaven van 1995, 1996 en 1998 toegevoegd van K. van der Veen en B. van Tooren. Op de Rode Lijst aanwezige soorten (Siebel et al., 1992) zijn vetgedrukt.!: met kapsels. Van een aantal valleien is behalve het voorkomen ook de abundantie volgens de Tansley-schaal vermeld met de volgende lettercodering: r = rare, o = occasional, f = frequent, a = abundant, d = dominant, l = locally. kilometerhok locatieaanduiding Vuurtorenvallei en omgeving Strandhotel aan einde Badweg Hertenbosvallei bos Kapenglop 5. idem Mossenglop 6. idem stuifkuilencomplex tnv Kapenglop zandafgraving twv Prins Bernhardweg plus omgeving, incl. bunker aan oostzijde van deze weg (Wasser man) 8. idem bos tov Arnicavallei 9. idem Arnicavallei geplagde vallei tnv bospad tov bos valleien tnv Reddingsweg en omgeving de Grilk 12. idem westpunt Strandvlakte (en directe omgeving) 13. idem duinen twv Reddingsweg
8 14 Buxbaumiella 48 (1999) 14. idem duinvalleien tov Reddingsweg en Reddingsweg zelf duinvalleien tov Reddingsweg 16. idem Reddingsweg zelf en directe omgeving 17. idem begraafplaats Vredenhof en omgeving 18. idem valleitje direct tnv Grieënglop, met veel Ronde zonnedauw 19. idem Grieënglop (noordelijke rand) Grieënglop (zuidelijke rand), Banckspolder en Herdersdam Oosterkwelder 22. idem Kobbeduinen, vlierstruweel Westerplas, incl. omringend vlierstruweel (aangenomen is dat alle opgaven uit afkomstig zijn) aanlegsteiger Veerboot iepen in dorp zuidkant Strandvlakte Strandvlakte en omgeving pad naar Willemsduin Willemsduin Bladmossen Amblystegium riparium 5, 8, 10, 20 Amblystegium serpens 3, 7, 8, 21!, Amblystegium varium 4o, 20 Atrichum undulatum 6, 7 Aulacomnium androgynum 19 Aulacomnium palustre 2o, 9, 18, 19, 20 Barbula convoluta 3, 6 Barbula unguiculata 24 Brachythecium albicans 1, 7, 20, 21, 28, 29 Brachythecium rutabulum 7!, 8, 11, 20, 21!, 23, 28! Brachythecium salebrosum 3, 7, 8 Bryoerythrophyllum recurvirostre 6 Bryum algovicum 6!, 7, 14, 16, 24 Bryum argenteum 2f, 4, 14!, 16, 20 Bryum barnesii 2f, 4, 14, 16 Bryum bicolor 2f, 20, 21, 24 Bryum capillare 6, 7, 13, 22! Bryum gemmiferum 2f Bryum marratii 4, 7, 11 Bryum pseudotriquetrum 6, 9, 11, 15, 18 Bryum rubens 2o, 4o, 6, 18, 19, 20 Calliergon cordifolium 5, 8 Calliergon giganteum 5, 9 Calliergonella cuspidata 1ld, 2d, 4a, 5, 8, 9, 10, 12, 18, 19, 20 23,27 Campylium elodes 26 Campylium polygamum 1d, 2r, 4lf, 5, 11, 12, 14, 15, 16, 23, 27 Campylium stellatum 1r, 12, 16 Campylopus fragilis 7, 13 Campylopus introflexus 1, 3, 4, 6, 7, 18, 19, 20 Campylopus pyriformis 19!, 20 Ceratodon purpureus 1, 4, 6!, 7, 14, 16, 19, 20, 21, 22, 28!
9 Buxbaumiella 48 (1999) 15 Climacium dendroides 2o Cratoneuron filicinum 14 Ctenidium molluscum 1 Dicranella cerviculata 19!, 20 Dicranella heteromalla 3, 20 Dicranoweissia cirrata 3 Dicranum bonjeanii 9 Dicranum scoparium 1, 3, 4, 6, 7!, 11, 13, 19!, 20, 21, 22 Didymodon rigidulus 17 Didymodon tophaceus 24 Didymodon trifarius 24 Didymodon vinealis 11 Drepanocladus aduncus 1o, 2r, 4a, 5, 6,7,9,10,11,12,14,16,19,20,27 Drepanocladus fluitans 19! Drepanocladus sendtneri 5 Drepanocladus uncinatus 3! Eurhynchium praelongum 3, 8, 20, 21, 23, 26 Eurhynchium striatum 3, 6 Fissidens adianthoides 6, 16 Fissidens taxifolius 3 Fontinalis antipyretica 5 Funaria hygrometrica 4! Grimmia pulvinata 7 Homalothecium lutescens 6, 11, 22 Hylocomium splendens 3, 7 Hypnum cupressiforme 1, 3!, 4, 6, 7, 8, 9, 11, 16, 13, 20, 22!, 23 Hypnum jutlandicum 3, 7, 20 Leptobryum pyriforme 2r, 4r, 16, 19, 20, 21 Mnium hornum 3, 8, 9, 16 Orthodontium lineare 3 Orthotrichum affine 3, 7!, 8, 11, 22!, 23!, 26! Orthotrichum diaphanum 3, 7!, 8, 21, 22!, 23! Orthotrichum pulchellum 11, 22!, 23! Orthotrichum stramineum 23 Orthotrichum tenellum 23! Plagiomnium ellipticum 8 Plagiomnium undulatum 3 Plagiothecium denticulatum var. denticulatum 7 Plagiothecium undulatum 3 Pleurozium schreberi 3, 4, 7, 9, 20 Pohlia nutans 3, 20 Polytrichum commune 9, 19 20, 23 Polytrichum formosum 2o, 3, 6 Polytrichum juniperinum 7, 4, 19, 20 Polytrichum piliferum 7 Pottia heimii 21! Pseudoscleropodium purum 3, 4, 6, 9, 14!, 16, 18, 19, 20, 28! Rhizomnium punctatum 3 Rhynchostegium confertum 22!, 23, 26
10 16 Buxbaumiella 48 (1999) Rhynchostegium megapolitanum 6 Rhytidiadelphus loreus 3 Rhytidiadelphus squarrosus 1, 2lf, 3, 4, 7, 9, 19, 20, 21, 23 Rhytidiadelpus triquetrus 2lf, 3, 6, 7, 28 Scorpidium lycopodioides 4o Scorpidium scorpioides 4 Sphagnum compactum 20 Sphagnum denticulatum 2r, 9 Sphagnum fimbriatum 9, 16 Sphagnum molle 19! Sphagnum palustre 9, 16, 19, 20 Sphagnum recurvum 9 Sphagnum squarrosum 9 Sphagnum subnitens 9, 20 Sphagnum teres 17 Thuidium tamariscinum 3 Tortella flavovirens 6, 21 Tortula calcicolens 6 Tortula laevipila 25 Tortula muralis 7, 20 Tortula ruralis var. ruraliformis 1, 6, 7, 12, 14, 20, 21, 22, 27, 28 Tortula subulata 6!, 7, 13, 14! Ulota bruchii 3, 22 Ulota phyllantha 22 Zygodon conoideus 22 Levermossen Aneura pinguis 1r, 11, 18 Calypogeia fissa 9 Calypogeia muelleriana 16 Cephalozia bicuspidata 3 Cephaloziella divaricata 1, 6, 14, 19 Cephaloziella hampeana 7, 13, 14!, 16, 18 Fossombronia fimbriata 16 Fossombronia incurva 16, 18 Frullania dilatata 22 Gymnocolea inflata 19 Haplomitrium hookeri 16 Lophocolea bidentata 3, 6, 7, 16, 19 Lophocoela heterophylla 3, 7, 8, 9, 16, 21 Lophozia excisa 3, 6, 7, 13, 14, 18 Lophozia incisa 3 Metzgeria furcata 22, 26 Pellia endiviifolia 1r, 7, 11, 12, 14, 15, 27 Preissia quadrata 1o Radula complanata 3, 22 Riccardia chamedryfolia 7, 14, 16, 17 Riccardia incurvata 7, 16, 18 Riccia cavernosa 10 Scapania irrigua 3, 14, 18
De mossen van Vlieland
2 Buxbaumiella 67 (2004) De mossen van Vlieland B.F. (Bart) van Tooren 1, M. (Marleen) Smulders 2 & R.J. (Rienk-Jan) Bijlsma 3 1 Venuslaan 2, 3721 VG Bilthoven ([email protected]); 2 Looierstraat 40,
De Eendagsexcursie naar de duinen bij de. Wassenaarse Slag (Ganzenhoek. Joop Kortselius. Inleiding
37 De Eendagsexcursie naar de duinen bij de Wassenaarse Slag (Ganzenhoek en Lange Pan) Joop Kortselius A report is presented on the Bryophytes observed during a one day visit to the dune area near Wassenaar.
Mossig Nieuws no februari 2019
Mossig Nieuws no. 14 7 februari 2019 Nieuwsbrief van de Mossenwerkgroep van de KNNV Alkmaar - Den Helder Mossen zoeken in de sneeuw Het was koud en af en toe viel er nog wat sneeuw op de laatste dag van
Eendagsexcursie Boswachterij Dorst
Buxbaumiella 29 (1992' 37 Eendagsexcursie Boswachterij Dorst op 28 september 1991 Huub van Melick & Arno van der Pluijm De boswachterij Dorst ligt ten zuidoosten van Oosterhout en beslaat een oppervlakte
Mossig Nieuws no februari 2018
Mossig Nieuws no. 6 18 februari 2018 Nieuwsbrief van de Mossenwerkgroep van de KNNV Alkmaar - Den Helder Zanddepot de Weelen Op 4 februari bracht de Mossenwerkgroep een bezoek aan het voormalige zanddepot
Mossig Nieuws no april 2019
Mossig Nieuws no. 16 4 april 2019 Nieuwsbrief van de Mossenwerkgroep van de KNNV Alkmaar - Den Helder Determinatieavonden De wekelijkse mossendeterminatieavonden zijn weer gestopt. In de herfst starten
Mossig Nieuws no oktober 2018
Mossig Nieuws no. 10 10 oktober 2018 Nieuwsbrief van de Mossenwerkgroep van de KNNV Alkmaar - Den Helder Mossen langs de Uilenvangersweg De eerste excursie van dit seizoen startte, onder een lekker zonnetje,
Indeling in ecologische groepen
de de Indeling in ecologische groepen van Nederlandse blad en levermossen G.M. Dirkse (DLO Instituut voor Bos en Natuuronderzoek, Postbus 23, 6700 AA Wageningen) B.W.J.M. Kruijsen (Ecologisch Adviesbureau
De mossen van de Groninger waddeneilanden.
Buxbaumiella 5 (000) 7 De mossen van de Groninger waddeneilanden. Hans Kruijer, Kees Koops, Marcel Edelenbos, Richard Ubels, Date Lutterop, Giny Kasemir & Bert Corté Nationaal Herbarium Nederland, Postbus
De mossen van het Weerterbos
De mossen van het Weerterbos 2009 Marleen Smulders Inventarisatieproject mossenwerkgroep KNNV Eindhoven tijdens de periode Januari 2008 mei 2009 Met medewerking van Margriet Bekking Hans Choinowski Dick
De mossen van het kasteeldomein Cantecroy (Mortsel, provincie Antwerpen)
De mossen van het kasteeldomein Cantecroy (Mortsel, provincie Antwerpen) Juul Slembrouck en Dirk De Beer Wel wat van op afstand - maar toch heeft één onzer (JS) Cantecroy altijd als een stukje van zijn
Buxbaumiella 67 augustus 2004
Buxbaumiella 67 augustus 2004 Uitgegeven door de Bryologische en Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging ISSN 0166 5405 Oplage 375 exemplaren 2 Buxbaumiella
Mossig Nieuws no januari 2018
Mossig Nieuws no. 5 24 januari 2018 Nieuwsbrief van de Mossenwerkgroep van de KNNV Alkmaar - Den Helder Inventarisatie Hortus Alkmaar levert drie nieuwe mossoorten op voor Alkmaar Een verrassende excursie
De bryoflora van het Zalkerbos (Ov.)
28 Buxbaumiella 60 (2002) De bryoflora van het Zalkerbos (Ov.) J. (Jacob) Koopman 1 & H. (Harry) Waltje 2 1 Hoofdstraat-West 27, 8471 HP Wolvega (e-mail [email protected]), 2 Reidpôle 79, 9207 EE
Inleiding. Het Najaarsweekend 1990 op de Noord-Veluwe. was het september. Vertrekpunt NBAS-Bondshuis, de jeugdherberg te
4 Buxbaumiella 27 (1992) (1992! Het Najaarsweekend 1990 op de Noord-Veluwe Joop Kortselius The Autumn Meeting 1990 was held on September 8 and 9 on the Northern Veluwe, Province Gelderland. The monitoring
Buxbaumiella KNNV. Nummer 28. van. Juni Werkgroep. Lichenologische. Bryologische
Buxbaumiella KNNV de van Nummer 28 Juni 1992 Werkgroep Lichenologische en Bryologische Buxbaumiella 28 juni 1992 Uitgegeven door de Bryologische en Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke Nederlandse
Voorkomen van mossen op enkele kerkterreinen van de Stichting Oude Groninger Kerken
Voorkomen van mossen op enkele kerkterreinen van de Stichting Oude Groninger Kerken Albert-Erik de Winter 2013 Dankwoord Mijn dank gaat uit naar de heer Ben van Zanten voor beschikbaar stellen van zijn
De teloorgang van een rijke bryoflora op forten bij Utrecht
De teloorgang van een rijke bryoflora op forten bij Utrecht Henk Greven Inleiding Tot de Stelling van Utrecht behoren 15 forten die in twee ringen rondom de stad liggen. Zij vormen een onderdeel van de
Buxbaumiella 72 november 2005
Buxbaumiella 72 november 2005 Uitgegeven door de Bryologische en Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging ISSN 0166 5405 Oplage 400 exemplaren 2 Buxbaumiella
DE MOSFLORA VAN DE ALPHENSCHE BERGEN
DE MOSFLORA VAN DE ALPHENSCHE BERGEN VERSLAG VAN HET INVENTARISATIEONDERZOEK 2007-2008 Uitgevoerd door de mossenwerkgroep KNNV Afd. Breda Samenstelling: in samenwerking met: Met een bijdrage van: Chr.
Opmerkelijke vondsten van Groot gaffeltandmos, Dicranum majus, op Texel en Ameland
12 Buxbaumiella 51 (2000) Opmerkelijke vondsten van Groot gaffeltandmos, Dicranum majus, op Texel en Ameland Kees Bruin & Bart van Tooren C.J.W. Bruin & B.F. van Tooren. Remarkable findings of Dicranum
De mossen van Hortus De Wolf, Haren (Groningen)
De mossen van Hortus De Wolf, Haren (Groningen) Ben van Zanten & Hans Kruijer De aanleg van Hortus De Wolf en wat er aan vooraf ging De oorspronkelijke Hortus, gelegen in de stad Groningen aan de Grote
DE MOSSEN VAN DE REGTE HEIDE EN HET RIELS LAAG
DE MOSSEN VAN DE REGTE HEIDE EN HET RIELS LAAG Mossenwerkgroep KNNV- afd. Tilburg De inventarisatie heeft plaats gevonden tussen november 2014 en juli 2016. Aan de inventarisatie hebben meegewerkt Henk
Buxbaumiella 51. april Uitgegeven door de. Bryologische en Lichenologische Werkgroep
Buxbaumiella 51 april 2000 Uitgegeven door de Bryologische en Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging ISSN 0166 4505 Oplage 425 exemplaren 2 Buxbaumiella 51
Sedum-daken in Hengelo met bijzondere mossen voor Twente
Sedum-daken in Hengelo met bijzondere mossen voor Twente Jan Zwienenberg In 2009 besloot ik atlasblok 28-57, waarin ik woon, te gaan inventariseren. Op de terugweg van een van mijn bezoeken kwam ik eind
Veranderingen in de mosflora van de Bennekomse Meent en de Bennekomse Hooilanden na maatregelen tot herstel van blauwgrasland
Veranderingen in de mosflora van de Bennekomse Meent en de Bennekomse Hooilanden na maatregelen tot herstel van blauwgrasland Klaas van Dort, Gerrit Bax & Michel Zwarts Inleiding De Gelderse vallei tussen
Mossen op bomen. Geïllustreerde tabel voor het op naam brengen van mossen op bomen. Jan Kersten Riek van den Bosch
Mossen op bomen Geïllustreerde tabel voor het op naam brengen van mossen op bomen. Jan Kersten Riek van den Bosch Samenstelling november 2013 Gewijzigd maart 2014 Jan Kersten en Riek van den Bosch Mossen
Buxbaumiella HRI19 WERKGROEP UCUEHOLQOISCUE. BRYOLOaiSCUE. k n n v
Buxbaumiella BRYOLOaiSCUE UCUEHOLQOISCUE WERKGROEP k n n v HRI19 Lichenologische - 2 BUXBAUMIELLA nr. 19 December 1986 Uitgegeven door de Bryologische Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke Nederlandse
De mossen van de Reuselse Moeren
De mossen van de Reuselse Moeren Inventarisatieproject mossenwerkgroep van de KNNV afdeling Eindhoven oktober 2012 juni Tekst en samenstelling : Marleen Smulders Met dank aan Margriet Bekking voor het
Buxbaumiella HCL18 VE&KQ&OEP. BRyOlDöISCUE UCUEHOLQQISCUE. K M ri V
Buxbaumiella BRyOlDöISCUE UCUEHOLQQISCUE VE&KQ&OEP K M ri V HCL18 25, 2 BUXBAUMIELLA NR. 18 mei 198ó Uitgegeven - door de Bryologische Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische
De bryoflora van vier terreinen in Zuidwest-Gelderland opnieuw onderzocht
De bryoflora van vier terreinen in Zuidwest-Gelderland opnieuw onderzocht Dick Kerkhof Begin mei 1975 organiseerde de Bryologische Werkgroep een driedaags voorjaarsweekend naar de West-Betuwe, zoals het
DE MOSSEN VAN VENRODE EN OMGEVING
DE MOSSEN VAN VENRODE EN OMGEVING Inventarisatieproject Mossenwerkgroep van de KNNV afdeling Eindhoven. Onderzocht zijn de landgoederen Venrode, Zegenwerp, Zegenrode, Wilhelminapark, HalseBarrier, Eikenhorst
Mossen in de tuin. Geïllustreerde tabel voor het op naam brengen van veel voorkomende mossen in de tuin. Jan Kersten Riek van den Bosch
. Mossen in de tuin Geïllustreerde tabel voor het op naam brengen van veel voorkomende mossen in de tuin. Jan Kersten Riek van den Bosch Mossen in de tuin, inleiding 1 Mossen kunnen we verdelen in 3 groepen,
Mossen langs de Zandwetering in Baarlerhoek in de gemeente Deventer.
Mossen langs de Zandwetering in Baarlerhoek in de gemeente Deventer. Verslag van een mosseninventarisatie van kilometerhok 212-476 Mossenwerkgroep KNNV-IVN afdeling Deventer. oktober 2015- juni 2016 Tekst
SLOBKOUSNIEUWS 50 jrg8
SLOBKOUSNIEUWS 50 jrg8 De redactie heeft deze keer weer de fakkel van de verslaggeving moeten doorgeven. Dit was niet zonder resultaat. Naast een mooi verslag en de waarnemingslijsten van Guido waren er
Op zoek naar Vloedschedemos (Timmia megapolitana) in de Otter- en Sterlinggriend in de Sliedrechtse Biesbosch
Op zoek naar Vloedschedemos (Timmia megapolitana) in de Otter- en Sterlinggriend in de Sliedrechtse Biesbosch Arno van der Pluijm Inleiding Om de Biesbosch te bezoeken, heb je een boot nodig. Dit kan een
Buxbaumiella HRI13 WERKSEOEP. BRYOÜOöISCUE UCUEHOLQGISCUE K M H V
Buxbaumiella BRYOÜOöISCUE UCUEHOLQGISCUE WERKSEOEP HRI13 K M H V leden 2 BUXBAUMIELLA NR. 13 Januari 1983 Uitgegeven door de Bryologische en Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische
Uitgegeven door de Bryologische. Werkgroep van de Koninklijke. Vereniging. penningmeester: Koos Schröder, Brantu/ijk 12, 1181 KT
Buxbaumiella nr 8 BUXBAUPIIELLA nr. 8, Kaart 1979 Uitgegeven door de Bryologische en Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging secretariaat: Huub van Melick,
De mossen van de Meinweg
De mossen van de Meinweg Inventarisatieproject mossenwerkgroep van de KNNV afdeling Eindhoven december 2011 mei 2012 De mossen van de Meinweg Inventarisatieproject mossenwerkgroep Eindhoven Tekst en samenstelling
Monitoring van epifytische mossen en korstmossen in 2000 in het Noord-Hollands Duinreservaat
Monitoring van epifytische mossen en korstmossen in 000 in het Noord-Hollands Duinreservaat L.B. Sparrius & A. Aptroot, Adviesbureau voor Bryologie en Lichenologie Analyses, tabellen en figuren: H.A. Kivit.,
Buxbaumiella KNNV. Nummer 41. van. December 1996. Werkgroep. Lichenologische. Bryologische
Buxbaumiella KNNV de van Nummer 41 December 1996 Werkgroep Lichenologische en Bryologische Buxbaumiella 41 december 1996 Uitgegeven door de Bryologische en Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke
Buxbaumiella IIRIIS WERKGROEP BRY0ÜDQ1SCUE. UCUEnOLOÖISQIË K M M V
Buxbaumiella BRY0ÜDQ1SCUE UCUEnOLOÖISQIË WERKGROEP IIRIIS K M M V 2 BUXBAUMIKLLA nr. 15 APHIL 1^04 Uitgegeven door de Bryologische Lichenologische van Werkgroep de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische
SLOBKOUSNIEUWS 9 jrg9
SLOBKOUSNIEUWS 9 jrg9 Het was een vermoeiende tocht! Niet minder dan 840m afgelegd! Eens te meer mag de lijst van waarnemingen gezien worden. Intussen draaien onze fotografen overuren zodat het zo goed
Mossen en vaatplanten op dood beukenhout in bosreservaat Kersselaerspleyn (Zoniënwoud, Vlaanderen)
Mossen en vaatplanten op dood beukenhout in bosreservaat Kersselaerspleyn (Zoniënwoud, Vlaanderen) Mossen en vaatplanten op dood beukenhout in bosreservaat Kersselaerspleyn (Zoniënwoud, Vlaanderen) K.
Een gecentraliseerde databank voor de bryologie in Vlaanderen: na 30 jaar eindelijk uit de startblokken? Wouter Van Landuyt 1.
4 Muscillanea 30 (2011) Een gecentraliseerde databank voor de bryologie in Vlaanderen: na 30 jaar eindelijk uit de startblokken? Wouter Van Landuyt 1 Inleiding Al jaren werden af en toe proefballonnetjes
Buxbaumiella. Inhoud Buxbaumiella 86, mei 2010. mossen en korstmossen. tijdschrift van de bryologische en lichenologische werkgroep
Inhoud Buxbaumiella 86, mei 2010 Op zoek naar Vloedschedemos (Timmia megapolitana) in de Otter- en Sterlinggriend in de Sliedrechtse Biesbosch A. van der Pluijm 1 Welke steensoorten zijn van belang om
Bryologisch verslag van het voorjaarsweekend
was - 4 Buxbaumiella 36 (1995) Bryologisch verslag van het voorjaarsweekend 1992 in Luxemburg A. van der Pluijm & H. van Melick About 30 members and several guests attended the spring field meeting 1992
De mossen van de Maashorst. Inventarisatieproject van de mossenwerkgroep KNNV, afdeling Eindhoven
De mossen van de Maashorst Inventarisatieproject van de mossenwerkgroep KNNV, afdeling Eindhoven Januari 2011 januari 2012 Mossen van Natuurgebied De Maashorst Inventarisatieproject van de mossenwerkgroep
BUXBAUMIELLA. Nummer 37. Augustus 1995
BUXBAUMIELLA Nummer 37 Augustus 1995 Bryologische en Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging SuxbaumieHa 37 (1995) 3 Voorzitter Huub van Melick, Merellaan
Blad- en levermossen van Meinerswijk Klaas van Dort & Michel Zwarts
Blad- en levermossen van Meinerswijk Klaas van Dort & Michel Zwarts Inleiding Meinerswijk is de grootste van de reeks uiterwaarden die als een brede groene zone langs de Rijn dwars door Arnhem loopt. Meinerswijk
Buxbaumiella KNNV. Nummer 26. van. Juli 1991. Werkgroep. enologische. yologische
Buxbaumiella KNNV de van Nummer 26 Juli 1991 Werkgroep enologische en yologische Buxbaumiella 26 juli 1991 Uitgegeven door de Bryologische en Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische
naar aanleiding van het directie van Gemeentewaterleidingen de vorm van fietsvergunningen bovendien had Wim Margadant rond 1935
De bryologische Najaarsexcursie 6 7 september 197 daar de Amsterdamse waterleidingduinen door L. Freese-Woudenberg en S. Groenhuijzen Aanleiding De keuze voor dit terrein els onderwerp voor de najaarsexcursie
Mossen zoeken in Rotterdam: Mag ik ook vragen wat u aan het doen bent?
32 Buxbaumiella 67 (2004) Mossen zoeken in Rotterdam: Mag ik ook vragen wat u aan het doen bent? J. (Hans) de Bruijn Nieuwe Binnenweg 123 e, 3014 GJ Rotterdam Abstract: Mussels? Here? Looking for bryophytes
SLOBKOUSNIEUWS 03 jrg7
SLOBKOUSNIEUWS 03 jrg7 Jan, Isabelle, Guido, Ine, Luc, Paul, Zee en Dirk gingen vorige week op wandel in de omgeving van de grafheuvels van het Molhem. Ondanks de vrieskoude temperaturen konden we toch
Buxbaumiella. Inhoud Buxbaumiella 100 juni mossen en korstmossen. tijdschrift van de bryologische en lichenologische werkgroep
Inhoud Buxbaumiella 100 juni 2014 Bij het honderdste nummer van Buxbaumiella Th.B.M. Kerkhof 1 Lichenologische excursies op herhaling: een vergelijking van de situatie op de Noord-Veluwe, 1960-2014 L.B.
Een 19 de -eeuws mossenherbarium in het Regionaal Archief Zutphen
Een 19 de -eeuws mossenherbarium in het Regionaal Archief Zutphen Rienk-Jan Bijlsma & Kasper Reinink Van januari tot juni 2015 was in het Regionaal Archief Zutphen een tentoonstelling te zien onder de
Blad-, lever- en korstmossen op dood hout in het Speulderbos
Buxbaumiella 74 (2006) 45 Blad-, lever- en korstmossen op dood hout in het Speulderbos K.W. (Klaas) van Dort 1 & L. (Leo) Spier 2 1 Leeuweriksweide186, 6708 LN Wageningen ([email protected]); 2 Koning
Veranderingen in de korstmossen en mossen in Schepping, een particulier natuurontwikkelingsterrein bij Beilen
Veranderingen in de korstmossen en mossen in Schepping, een particulier natuurontwikkelingsterrein bij Beilen André Aptroot & Eef Arnolds Inleiding De tweede auteur is de gelukkige bezitter van een 5,7
Buxbaumiella KNNV. Nummer 29. van. December 1992. Werkgroep. Lichenologische. Bryologische
Buxbaumiella KNNV de van Nummer 29 December 1992 Werkgroep Lichenologische en Bryologische Buxbaumiella 29 december 1992 Uitgegeven door de Bryologische en Lichenologische Werkgroep van de Koninklijke
De mossen van het Wijboschbroek
De mossen van het Wijboschbroek 2008 Marleen Smulders Inventarisatieproject mossenwerkgroep KNNV afdeling Eindhoven tijdens de periode november 2006 januari 2008. Met medewerking van Margriet Bekking Dick
