Carbonfootprint bloembollen
|
|
|
- Guus Smeets
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Carbonfootprint bloembollen Een rekenmodel Jeroen Wildschut Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit Maart 2009 PPO / PT 13375
2 2009 Wageningen, Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Praktijkonderzoek Plant & Omgeving. Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. is niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen die kunnen ontstaan bij gebruik van gegevens uit deze uitgave. PPO projectnummer: PT projectnummer: Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Bloembollen, Bomen & Fruit Adres : Prof. van Slogterenweg 2, Lisse : Postbus 85, 2160 AB Lisse Tel. : Fax : [email protected] Internet : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 2
3 Inhoudsopgave pagina SAMENVATTING INLEIDING METHODEN RESULTATEN CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN BIJLAGE 1: INVOER- EN RESULTAATPAGINA Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 3
4 Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 4
5 Samenvatting Voor exporteurs en handelaren van leverbare bollen is het in de toekomst mogelijk van belang om aan te kunnen geven wat de carbon footprint (kg CO 2 equivalenten per eenheid) van hun product is. Daarom is een rekenmodel ontwikkeld, waarmee met een minimum aan variabelen op eenvoudige wijze de directe en indirecte CO 2 uitstoot per 1000 stuks van op de plaats van bestemming afgeleverde bloembollen kan worden berekend. Andere hierbij vrijgekomen broeikasgassen zoals N 2 O en CH 4 worden omgerekend in CO 2 -equivalenten. De rekenmethodiek (wat wordt nog wel en wat wordt niet aan productie en transport van leverbare bloembollen toegerekend) en de gebruikte kengetallen voor CO 2 -equivalenten zijn afgestemd met het LEI/Hans Blonk Milieu Advies. Op de invoer- en resultaatpagina van dit model in Excel kunnen de meeste gegevens door het aanklikken van keuzemogelijkheden worden ingevoerd. Onderscheidende factoren in dit model zijn: het gewas (en type bij lelies), het teeltgebied (Nederland of elders), de bewaarduur, de bewaarmethode (gangbaar of State-of-the-Art), de exportbestemming en het wel of niet terughalen van de exportkratten. Verdere differentiëring is in dit model geen optie. Het model laat zien dat bij tulp, hyacint en gladiool het grootste aandeel in de CO 2 -uitstoot wordt geleverd door de verwerking en bewaring van de bollen, gevolgd door de som van de teeltcomponenten. Bij de vier leliesoorten is dit net andersom. In bijzondere gevallen is de CO 2 -uitstoot als gevolg van het transport groter dan de uitstoot door verwerking en bewaring, bv. bij productie in Zuid-Frankrijk, verwerking en export via Nederland naar Japan. De CO 2 -uitstoot door de bewaring kan bij tulp meer dan gehalveerd worden door het toepassen van ethyleengestuurde ventilatie en frequentiegeregelde circulatie. Het rekenmodel is via het internet beschikbaar voor exporteurs en handelaren. Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 5
6 Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 6
7 1 Inleiding In bepaalde exportlanden wordt het vermelden van de Carbon Footprint op producten geleidelijk aan verplicht gesteld. Ook de consument is zich meer en meer bewust van de impact van de uitstoot van het broeikasgas CO 2 op het klimaat en heeft behoefte aan vergelijkingsmogelijkheden. De Carbon Footprint van een product is een getal dat aangeeft hoeveel (k)g CO 2 is vrijgekomen bij de productie en het vervoer van het betreffende product tot het moment van levering aan de eindafnemer. Andere hierbij vrijgekomen broeikasgassen zoals N 2 O en CH 4 worden hierbij omgerekend in CO 2 - equivalenten. De consument wordt hiermee de mogelijkheid geboden producten te kiezen op grond van de bijdrage aan de wereldwijde opwarming door het broeikaseffect. Plantaardige producten die ver weg van de plaats van verkoop worden geteeld zullen een hoger carbon footprintgetal hebben dan producten die dichtbij huis geteeld worden. Ook de verkoop in een ander jaargetijde dan waarin het product van nature groeit, draagt bij aan het verhogen van het carbon footprintgetal. Naar verwachting zullen de komende jaren meer landen het vermelden van de carbon footprint verplicht gaan stellen. Het is voor exporteurs en handelaren daarom van belang nu vast een tool te hebben om de carbon footprint van hun producten/partijen snel en eenvoudig te kunnen bepalen. Doel van dit project is daarom exporteurs en handelaren een rekenmodel ter beschikking te stellen waarmee, na het invullen van enkele variabelen (gewas, teeltgebied, bewaarduur en -methode, type vervoer en afzetgebied) met een druk op de knop het Carbon Footprintgetal (uitgedrukt in kg CO 2 /1000 stuks bollen) berekend kan worden. Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 7
8 Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 8
9 2 Methoden Allereerst zijn productieschakels en energieposten voor de belangrijkste gewassen tulp, hyacint, gladiool en de vier lelietypes geïnventariseerd: teelt (plantgoed, meststoffen, gewasbeschermingsmiddelen, materialen, dieselverbruik van tractoren voor grondbewerking, oogst, etc.) verwerking en bewaring (elektraverbruik voor verwerkingslijnen, gebruik van heftrucks, en voor ventilatie, circulatie en koeling, en gasverbruik voor bewaring) import/export (transport over land of over zee van het productiegebied naar Rotterdam, en van Rotterdam naar het afzetgebied) en het gebruik hierbij van plastic exportkratten. Komen de kratten retour dan wordt uitgegaan van een afschrijving van 10 jaar, komen de kratten niet retour dan wordt de volledige CO2-uitstoot door de productie van de kratten in 1 jaar afgeschreven. De CO 2 -uitstoot bij de teelt van plantgoed is opgeteld bij de CO 2 -uitstoot voor de teelt van leverbaar. Per productieschakel en energiepost zijn de directe- en de indirecte CO 2 -uitstoot berekend. Onder dit laatste wordt verstaan de CO 2 -uitstoot die plaats vindt bij de productie van de gebruikte messtoffen, gewasbeschermingsmiddelen, materialen, etc. De emissie van het broeikasgas N 2 O bij de teelt is omgerekend naar CO 2 -equivalenten (1 kg N 2 O is equivalent aan 298 kg CO 2 ). Posten die minder dan 2% bijdragen zijn weggelaten. Ook de CO 2 -uitstoot die plaatsvindt bij de constructie van bedrijfsgebouwen, machines, e.d. is niet meegerekend. Het toepassen van ethyleengestuurde ventilatie (bij tulp) en van frequentiegeregelde circulatie bij de bewaring (het zg. State-of-the-Art bewaren) reduceert de CO 2 -uitstoot bij de bewaring aanzienlijk. In het rekenmodel is deze optie daarom ook ingevoerd. De rekenmethodiek (wat wordt nog wel en wat wordt niet aan productie en transport van leverbare bloembollen toegerekend) en de kengetallen voor CO 2 -uitstoot zijn afgestemd met het LEI/ Blonk Milieu Advies en ontleend aan het project Ontwikkeling methodologie voor berekening broeikasgaseffecten binnen tuinbouwketens. De gebruikte kengetallen zijn samengevat in tabel 1. De CO 2 -uitstoot voor transport over zee en over land zijn ontleend aan De CO 2 -uitstoot bij transport in Nederland is t.o.v. het transport van en naar het buitenland verwaarloosbaar klein en daarom weggelaten. Er is echter wel een mogelijkheid dit nog apart in het model in te voeren. Tabel 1: kengetallen CO 2 - uitstoot. eenheid kg CO2/eenheid diesel liter 3,600 aardgas m3 1,880 elektra kwh 0,670 N kg act.stof 7,48 P 2 O 5 kg act.stof 1,04 K 2 O kg act.stof 0,58 herbiciden kg act.stof 18,19 fungiciden kg act.stof 11,97 insecticiden kg act.stof 14,76 potgrond m3 51,7 plastic kratten kg 4,09 cellulose kg 0,68 N 2 O kg 298,00 direct N 2 O/kgN 0,010 2,98 indirect N 2 O/kgN 0,0077 2,29 totaal N 2 O/kgN 0,018 5,27 transport over zee ton/km 0,01297 transport over land ton/km 0,073 Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 9
10 De kengetallen voor de teelt (gebruik van productiemiddelen per hectare) zijn ontleend aan Kwantitatieve Informatie Bloembollen en Bolbloemen Dit zijn gemiddelde gebruiksgegevens. De kengetallen voor tractor-taaktijden per teeltmaatregel per hectare zijn berekend met het computerprogramma PUBAS (Programma voor het opstellen van Urenbegroting voor Bedrijven in de Agrarische Sector), en die van het energieverbruik bij de bewerking en bewaring zijn ontleend aan praktijkcijfers uit de jaarlijkse energiemonitoring van bloembollenbedrijven. Het rekenmodel is in Excel zo opgezet dat met een minimum aan in te voeren variabelen een zo goed mogelijke schatting van de totale CO 2 footprint per 1000 stuks bollen wordt gegeven. Daarnaast is de opbouw van de CO 2 -uitstoot per gewas in grafieken weergegeven. Op de invul- en resultaatpagina worden in de groene vakjes de meeste variabelen ingevoerd door op het relevante blauwe vakje te klikken. De overige variabelen dienen te worden ingetypt, zie Bijlage 1. Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 10
11 3 Resultaten Voor de meest gangbare situatie, namelijk productie in Nederland, bewaring zonder ethyleenanalyser noch frequentieregelaar en export naar de Verenigde Staten (New York) in de piekperiode, is de CO 2 -uitstoot voor 1000 leverbare bollen van tulp, hyacint en gladiool weergegeven in figuur CO2 equivalenten/ ex/import materialen Bewaring Tractoren Middelen Meststoffen 10 0 tulp hyacint gladiool Figuur 1: CO 2 - uitstoot voor tulp, hyacint en gladiool, productie in NL, export naar USA. Per gewas is in dit geval het aandeel hierin weergegeven van: Ex-/import (transport van Rotterdam naar de eindbestemming en de indirecte CO 2 uitstoot van de productie van export kratten die leeg retour Nederland gaan) Materialen (cellulose ter afdekking van akkerland) Verwerking en bewaring (gas en elektra) Dieselverbruik van tractoren voor grondbewerking, planten, bespuitingen, bemesting en oogst. De indirecte CO 2 -uitstoot door het gebruik van fungiciden, herbiciden en insecticiden. De indirecte CO 2 -uitstoot door het gebruik van de kunstmeststoffen N, P en K, plus het CO 2 - equivalent van de directe en indirecte uitstoot van N 2 O door het gebruik van N-meststof. In deze situatie is de belangrijkste CO 2 -post voor alle drie gewassen het verwerken en bewaren, gevolgd door de som van de CO 2 -uitstoot bij de teeltcomponenten. Het belangrijkste verschil tussen de gewassen ligt in het aantal leverbare bollen per hectare. In figuur 2 is voor de genoemde meest gangbare situatie de CO 2 -uitstoot weergegeven voor de 4 leliesoorten Oriëntals, Aziaten, Longiflorums en LA s. Hier wordt de meeste CO 2 -uitstoot veroorzaakt door som van de CO 2 uitstoot bij de teeltcomponenten, direct gevolgd door verwerking en bewaren. Het grote verschil tussen Oriëntals en de overige leliesoorten wordt veroorzaakt door het relatief grote aandeel van de productie van plantgoed in de productieketen (van schubbollen naar fijn plantgoed naar grof plantgoed naar leverbaar). Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 11
12 40 CO2 equivalenten/ ex/import materialen Bewaring Tractoren Middelen Meststoffen 10 0 Lelie Orientals Lelie Aziaten Lelie longiflorum Lelie LA Figuur 2: CO 2 - uitstoot voor leliesoorten, productie in NL, export naar USA. In figuur 3 zijn ter illustratie voor tulp 4 verschillende productie/transport-scenario s naast elkaar gezet: productie, gangbare bewaring en aflevering in Nederland (prod NL/Exp NL) productie en gangbare bewaring in Nederland, aflevering in de USA (New York) (prod NL/exp USA) productie in Nieuw-Zeeland, gangbare bewaring, export via Rotterdam naar de USA (prod Nw ZL/exp ESA) productie in Nederland, bewaring met ethyleengestuurde ventilatie en frequentiegeregelde circulatie (State-of-the-Art bewaren) en aflevering in Nederland (prod NL StArt/exp NL) Het grootste verschil tussen deze scenario s loopt op tot ruim 30 kg CO 2 /1000 stuks (ofwel meer dan een verdubbeling van de CO 2 -uitstoot). Het aandeel van transport kan flink oplopen afhankelijk van het productiegebied en de afleverplaats. Het toepassen van ethyleengestuurde ventilatie (lager gasverbruik) en frequentiegeregelde circulatie (lager elektraverbruik) bij de bewaring van de tulpenbollen kan de CO 2 -uitstoot voor deze component tot 50% terugdringen. 60 CO2 equivalenten/ ex/import materialen Bewaring Tractoren Middelen Meststoffen 10 0 prod NL/exp NL prod NL/exp USA prod Nw ZL/exp USA prod NL StArt/exp NL Figuur 3: CO 2 - uitstoot voor tulp bij verschillende scenario's. Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 12
13 4 Conclusies en aanbevelingen Met dit rekenmodel kan op eenvoudige wijze de carbon-footprint van leverbare bollen van elk teeltgebied naar elke bestemming worden berekend. Onderscheidende factoren in dit model zijn: het gewas (en type bij lelies), het teeltgebied (Nederland of elders), de bewaarduur, de bewaarmethode (gangbaar of State-of-the-Art), de exportbestemming en het wel of niet terughalen van de exportkratten. Verdere onderscheiding is in dit model geen optie. Verdere onderscheiding is wel mogelijk op de teeltcomponenten dieselverbruik (van tractoren voor grondbewerking, bemesting en bespuitingen), en de componenten meststoffengebruik en gewasbeschermingsmiddelengebruik. Maar de consequentie hiervan is vooral een veel grotere administratieve last bij het invoeren van de gegevens (per aankooppartij verschillende niveaus van bemesting, grondbewerkingen, etc.), plus dat per exportpartij een gewogen gemiddelde van bij verschillende telers aangekochte partijen berekend moet worden. Bij tulp, hyacint en gladiool wordt in het algemeen het grootste aandeel in de CO 2 -uitstoot geleverd door de verwerking en bewaring van de bollen (post-harvest), gevolgd door de som van de teeltcomponenten. Bij de 4 leliesoorten is dat net andersom. In bijzondere gevallen is de CO 2 -uitstoot als gevolg van het transport groter dan de uitstoot door verwerking en bewaring. De CO 2 -uitstoot door de bewaring van tulp kan meer dan gehalveerd worden door het toepassen van ethyleengestuurde ventilatie en frequentiegeregelde circulatie. Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 13
14 Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 14
15 Bijlage 1: Invoer- en resultaatpagina De meeste (groene) vakjes laten zich eenvoudigweg invullen door op de keuze in het ernaast of erboven gelegen (blauwe) vakje te klikken. De exportdatum moet wel ingetypt worden. Als het productiegebied en/of het exportgebied niet voorkomt in de lijst, kan de afstand tot Rotterdam (in km) en de transportmethode (over zee of over land) in de daarvoor aangegeven vakjes worden ingetypt. Een voorbeeld hiervan staat hieronder aangegeven: Carbon footprint bloembollen - Raadpleeg tabblad Help bij problemen gewas: type: - tulp hyacint gladiool lelie tulp type (lelie) Orientals Ja Aziaten Longiflorum frequentieregelaars: Nee ethyleenanalyser: Nee land (land of zee alleen aangeven bij de berekening per km) Ja LA zee zee- of landtransport productiegebied: Nederland of afstand km land Nederland Nee Nee land Zuid Frankrijk Chili NW Zeeland Australie Brazilie Israel Spanje dag maand jaar exportdatum: zee- of landtransport bestemming: Verenigde Staten of afstand km zee Verenigde Staten kratten retour: Ja Wis alles kg CO 2 /1000 stuks: 36,0 Ja Nee land zee (land of zee alleen aangeven bij de berekening per km) Japan Duitsland Verenigd Koninkrijk Italië Frankrijk Canada Zweden Spanje Taiwan Zwitserland Noorwegen Finland Denemarken Oostenrijk Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. 15
Carbon Footprint bolbloemen
Carbon Footprint bolbloemen Een rekenmodel voor de CO 2 -uitstoot uit de broeierij Kim van der Putten, Jeroen Wildschut Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Business Unit Bloembollen, boomkwekerij & fruit
Energiestroom Lelie. Jeroen Wildschut (PPO Bloembollen) Maurice Kok (DLV Plant)
Energiestroom Lelie Jeroen Wildschut (PPO Bloembollen) Maurice Kok (DLV Plant) Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit PPO nr.32 360 355 07 September 2007 2007 Wageningen,
Statistiek Bloembollen
Statistiek Bloembollen Van Ed Slagboom Afdeling Statistiek Telefoonnummer 079-3470652 Pt-nummer Uw emailadres Zoetermeer d.d. 03 augustus 2009 Hierbij bieden wij u aan de exportstatistiek over de bloembollen
Voortgezet diagnostisch onderzoek Peter Vink
Voortgezet diagnostisch onderzoek naar een betere beheersing van een aantasting door de schimmel Colletotrichum acutatum bij de bollenteelt van tulpen cv. Giuseppe Verdi Voortgezet diagnostisch onderzoek
Precisieplant tulp. Basis voor precisielandbouw. A.H.M.C. Baltissen, H. Gude, A. van der Lans, A. Haaster
Precisieplant tulp Basis voor precisielandbouw A.H.M.C. Baltissen, H. Gude, A. van der Lans, A. Haaster Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen, Boomkwekerij
Vaste planten waardplant voor PlAMV?
Vaste planten waardplant voor PlAMV? Consultancy onderzoek Casper Slootweg, Miriam Lemmers en Maarten de Kock Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen,
De invloed van het gebruik van Asulox tijdens de bollenteelt en het tijdstip van rooien op de beworteling van Muscaribollen in de broeierij
De invloed van het gebruik van Asulox tijdens de bollenteelt en het tijdstip van rooien op de beworteling van Muscaribollen in de broeierij Voortgezet diagnostisch onderzoek 2008 Peter Vink, Paul van Leeuwen
Duurzame energietechniek
Duurzame energietechniek Toegepast in de bloembollensector Bijlage rapport Afstudeerscriptie Werktuigbouwkunde De Haagse Hogeschool afdeling Delft Mitchell van der Meij Praktijkonderzoek Plant & Omgeving,
Warmwaterbehandeling lelie
Warmwaterbehandeling lelie Effect van verlaagde voor- en natemperatuur bij Oriëntals en verhoogde kooktemperatuur bij Longiflorum-, LA- en OT- hybriden Casper Slootweg en Hans van Aanholt Praktijkonderzoek
Energiemonitor van de Nederlandse Bloembollensector Jeroen Wildschut
Energiemonitor van de Nederlandse Bloembollensector 2011 Jeroen Wildschut Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. BU Bloembollen, Bomen & Fruit PPO nr 3236064812 September 2012 2012 Wageningen, Praktijkonderzoek
Hygiëneprotocol Dahlia PSTVd. P.J. van Leeuwen
Hygiëneprotocol Dahlia PSTVd P.J. van Leeuwen Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen, boomkwekerij en fruit PPO nr. 32 361815 00/PT nr. 14760.02 oktober
Vroege bloemverdroging bij narcis cultivar Bridal Crown
Vroege bloemverdroging bij narcis cultivar Bridal Crown Voortgezet diagnostisch onderzoek 2012 Peter Vink, Peter Vreeburg en Paul van Leeuwen Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen
Onderzoek naar de gebruikswaarde van door bollenmijten beschadigde gladiolenknollen in de bloementeelt
Onderzoek naar de gebruikswaarde van door bollenmijten beschadigde gladiolenknollen in de bloementeelt Voortgezet diagnostisch onderzoek in 2006 Peter Vink Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen
Burkholderia in gladiolen
Burkholderia in gladiolen Voortgezet diagnostisch onderzoek 2007 Peter Vink en Trees Hollinger Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen maart 2008 PPO nr. 3234036700-2 2008 Wageningen, Praktijkonderzoek
Kuubskist met golfbodem
Kuubskist met golfbodem Een alternatief uit de praktijk Jeroen Wildschut, Arie van der Lans Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit PPO nr. 32 361 654 13 December 2013
Onderzoek naar de oorzaak van wortelbederf bij de teelt van Zantedeschia op potten
Onderzoek naar de oorzaak van wortelbederf bij de teelt van Zantedeschia op potten Voortgezet diagnostisch onderzoek 2007/2008 Peter Vink, Paul van Leeuwen en John Trompert Praktijkonderzoek Plant & Omgeving
Proefveld tulpenstengelaal (waardplanten) onderzoek. Robert Dees, Joop van Doorn
Proefveld tulpenstengelaal (waardplanten) onderzoek Robert Dees, Joop van Doorn Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Bloembollen, boomkwekerij & Fruit PT nr. 14592, PPO nr. 32
Papierblad in lelie. Naoogst fase. Hans Kok en Hans van Aanholt. Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen juni 2004 PPO nr.
Papierblad in lelie Naoogst fase Hans Kok en Hans van Aanholt Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen juni 2004 PPO nr. 330919 2004 Wageningen, Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Alle
Onderzoek naar de vroege bloemaanleg bij de tulpencultivar Strong Gold
Onderzoek naar de vroege bloemaanleg bij de tulpencultivar Strong Gold In opdracht van V.O.F. Van Kampen, Den Helder. Martin van Dam en Peter Vink Praktijkonderzoek Plant & Omgeving BV Sector Bloembollen
Behoud meerjarig proefveld organische bemesting
Behoud meerjarig proefveld organische bemesting Instandhouding meerjarig proefveld organische bemesting hyacint voor toekomstig onderzoek naar organische bemesting op duinzandgrond Peter Vreeburg Praktijkonderzoek
Teelt van lelies in goten in de grond in Drenthe, 2012
Teelt van lelies in goten in de grond in Drenthe, 2012 Casper Slootweg Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen, Boomkwekerij en Fruit Februari 2013 Programma
Onderzoek naar bruikbare herbiciden in knolbegonia
Onderzoek naar bruikbare herbiciden in knolbegonia Vervolgonderzoek in 2005 P.J. van Leeuwen, A.Th.J. Koster en J.P.T. Trompert Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Bloembollen maart 2006 PPO
FACTSHEET ASPERGES ASPERGES: MEXICO IN OPKOMST
FACTSHEET ASPERGES Fruit & Vegetable Facts; Jan Kees Boon; +31654687684; [email protected] ASPERGES: MEXICO IN OPKOMST Steeds meer maar niet overal De wereldmarkt van asperges groeit nog steeds.
Teelt de grond uit Zomerbloemen
Teelt de grond uit Zomerbloemen Teelt in kisten 2012-2013 Casper Slootweg en Marga Dijkema Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit
Rekenen Groep 7-2e helft schooljaar.
Sweelinck & De Boer B.V., Den Haag 2016 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm
Bemesting van tulp in de broeierij
Bemesting van tulp in de broeierij M.F.N. van Dam, A.J.M. van Haaster, H.P. Pasterkamp, S. Marinova, N.S. van Wees, e.a. Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector bloembollen december 2003 PPO 330
Warmwaterbehandeling van Allium tegen krokusknolaaltje
Warmwaterbehandeling van Allium tegen krokusknolaaltje Onderzoek van 2003 t/m 2006 P.J. van Leeuwen, P. Vink en J.P.T. Trompert Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Bollen november 2006 PPO nr.
Ontwikkelen van een praktische toets op Erwinia bij Dahlia (ploffers)
Ontwikkelen van een praktische toets op Erwinia bij Dahlia (ploffers) P.J. van Leeuwen en J.P.T. Trompert Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit juli 2009 PPO
Onderzoek naar risico van bollenmijt in Zantedeschia
Onderzoek naar risico van bollenmijt in Zantedeschia Welke mijt geeft schade in Zantedeschia P.J. van Leeuwen, C. Conijn, M. Breedeveld, J.P.T. Trompert Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Bloembollen
Voorkomen wateroverlast Teelt de grond uit bloembollen. Casper Slootweg en Henk Gude
Voorkomen wateroverlast Teelt de grond uit bloembollen Casper Slootweg en Henk Gude Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit PPO nr.
Systeeminnovatie Leliebroei
Systeeminnovatie Leliebroei Verbeterde energie-efficiëntie door perspectief op gedeeltelijke Meerlagenteelt met LED s en door groeiduurverkorting. Jeroen Wildschut, Henk Gude en Arie van der Lans Praktijkonderzoek
Penicillium in lelie. Effect van terugdrogen na het spoelen op Penicilliumaantasting tijdens de bewaring van lelie. Hans Kok
Penicillium in lelie Effect van terugdrogen na het spoelen op Penicilliumaantasting tijdens de bewaring van lelie Hans Kok Praktijkonderzoek Plant & Omgeving Bloembollen, Boomkwekerij en Fruit April 2010
Het voorkomen van Pseudo-kurkstip in tulpen
Het voorkomen van Pseudo-kurkstip in tulpen Voortgezet diagnostisch onderzoek 2009/2010 Peter Vink Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen, Boomkwekerij
Compostering reststromen van Vaste Planten- en Zomerbloementelers. Casper Slootweg
Compostering reststromen van Vaste Planten- en Zomerbloementelers Casper Slootweg Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit Oktober
Bruine bladpunten in Longiflorum White Heaven
Bruine bladpunten in Longiflorum White Heaven Inventarisatie bladproblemen in de praktijk Hans Kok Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Bloembollen PPO nr. 32 360 560 00 Maart 2008 2008 Wageningen,
FACTSHEET Nederland Handelsstroom verse groenten en fruit Fruit & Vegetable Facts; Jan Kees Boon; ;
FACTSHEET Nederland Handelsstroom verse groenten en fruit Fruit & Vegetable Facts; Jan Kees Boon; +31654687684; [email protected] 60% HANDELSSTROOM GROENTEN/FRUIT KOMT UIT BUITENLAND Bijna 10% internationaal
Relatie zetmeelgehalte leliebol en takkwaliteit, onderzoek Casper Slootweg en Hans van Aanholt
Relatie zetmeelgehalte leliebol en takkwaliteit, onderzoek 2010 2012 Casper Slootweg en Hans van Aanholt Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit PPO nr.32 361444 00 PT nummer
HANDLEIDING SIM KAART CANADA
HANDLEIDING SIM KAART CANADA Copyright 2018. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige
Knelpuntenrapportage nieuwe teelten
Knelpuntenrapportage nieuwe teelten Rapportage van de Afzet- en Teeltknelpunten bij a) Langwerpige radicchio, b) Grootbladige spinazie, c) Salatrio, d) Wortelpeterselie C. van Wijk PPO-agv, Lelystad Praktijkonderzoek
Aantasting van Alliumbollen door Fusarium
Aantasting van Alliumbollen door Fusarium Voortgezet diagnostisch onderzoek 2006/2007 Peter Vink, Trees Hollinger, Paul van Leeuwen en Khanh Pham Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen Augustus
Klimaatneutrale landbouw? Binnen bereik??
Klimaatneutrale landbouw? Binnen bereik?? Road map Klimaatvriendelijk: carbon footprint Wat is carbon footprint? Wat is klimaatneutraal? Broeikasgassen en akkerbouw Het project boerenklimaat.nl Perspectief
Aanvullende bestrijding van stengelaaltjes door toevoeging van formaline aan het voorweekwater en kookbad
Aanvullende bestrijding van stengelaaltjes door toevoeging van formaline aan het voorweekwater en kookbad Voortgezet diagnostisch onderzoek 2012 Peter Vreeburg, Paul van Leeuwen Praktijkonderzoek Plant
Kan het wortellesieaaltje Pratylenchus penetrans wortels van Zantedeschia aantasten?
Kan het wortellesieaaltje Pratylenchus penetrans wortels van Zantedeschia aantasten? Voortgezet diagnostisch onderzoek 2007 Peter Vink en Paul van Leeuwen Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen
Handelsstromen Rozenstruiken 2009 / 14. Zoetermeer, Maart 2009 Peter van der Salm Productschap Tuinbouw, Afdeling Markt en Innovatie
Handelsstromen Rozenstruiken 2009 / 14 Zoetermeer, Maart 2009 Peter van der Salm Productschap Tuinbouw, Afdeling Markt en Innovatie Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd
Bedrijfseconomische evaluatie van de toepassing van warmwaterbehandeling
Bedrijfseconomische evaluatie van de toepassing van warmwaterbehandeling S.A.M.M. Schreuder M.B.M. Ravesloot Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Fruit januari 2005 Rapportnummer 2005 03 Praktijkonderzoek
Curaçao Carbon Footprint 2015
Willemstad, March 2017 Inhoudsopgave Inleiding 2 Methode 2 Dataverzameling 3 Uitstoot CO2 in 2010 3 Uitstoot CO2 in 2015 4 Vergelijking met andere landen 5 Central Bureau of Statistics Curaçao 1 Inleiding
CO 2 -schadedrempel voor lelieplantgoed
CO 2 -schadedrempel voor lelieplantgoed Ademhaling, warmteproductie en CO 2 -schade Jeroen Wildschut, Casper Slootweg en Marga Dijkema Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Bloembollen, Boomkwekerij
Rekenen Groep 6-1e helft schooljaar.
Sweelinck & De Boer B.V., Den Haag Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of
Effecten van Disappyr op bruinverkleuring en beworteling van stek van sierheesters. M.P.M. Derkx
Effecten van Disappyr op bruinverkleuring en beworteling van stek van sierheesters M.P.M. Derkx Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit PPO 32 361424 00 PT 14216.11 november
Ventilatie, Ademhaling en CO 2 -schadedrempels
Ventilatie, Ademhaling en CO 2 -schadedrempels bij de bewaring van tulp, narcis (tête-à-tête), hyacint, krokus, iris, muscari, allium, scilla, iris reticulata en chionodoxa Jeroen Wildschut, Marga Dijkema,
Asparagus: Acreage and companies in the Netherlands
FACTSHEET ASARAGUS Areaal Nederland groeit niet meer In 2012 is er een einde gekomen aan het gestaag groeien van het areaal asperges in Nederland. Het CBS registreerde vorig jaar een areaal van 2.890 ha.
FACTSHEET AVOCADO. AVOCADO: Wereldhandel groeit spectaculair!
wereldhandel import/export Nederland Factsheet avocado december 2016 FACTSHEET AVOCADO Fruit&VegetableFacts; JanKeesBoon; +31654687684; [email protected] AVOCADO: Wereldhandel groeit spectaculair!
SIM KAART USA (AT&T Netwerk)
SIM KAART USA (AT&T Netwerk) Copyright 2018. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige
Met deze tool is het mogelijk om op perceelsniveau voor een gewasrotatie een overzicht te maken van de OS-balans. Hiervoor is de informatie nodig:
HANDLEIDING OS-tool voor een gewasrotatie Met deze tool is het mogelijk om op perceelsniveau voor een gewasrotatie een overzicht te maken van de OS-balans. Hiervoor is de informatie nodig: De bodemkwaliteit
Afstudeeropdracht Carbon Footprint
2011 Afstudeeropdracht Carbon Footprint Precisielandbouw en andere besparende technieken Mark van Lier Tim van Summeren Van den Borne Aardappelen 7 juli 2011 Afstudeeropdracht Carbon Footprint Precisielandbouw
FACTSHEET AARDBEIEN. Wereldmarkt aardbeien groeit
1000 TON WERELD 1000 TON NEDERLAND / BELGIE Factsheet AARBEIEN juli 2018 FACTSHEET AARDBEIEN Fruit & Vegetable Facts; Jan Kees Boon; +31654687684; [email protected] Wereldmarkt aardbeien groeit China
Milieubarometerrapport 2014
Milieubarometerrapport 2014 VINCI Energies Netherlands BV Milieubarometer - 2014 VINCI Energies Netherlands BV Inhoud De Milieubarometer vertaalt gegevens zoals elektriciteitsverbruik en afvalproductie
Handels- en investeringscijfers Zwitserland-Nederland 1
Handels- en investeringscijfers Zwitserland-Nederland 1 1. Goederenexport van Zwitserland naar andere landen Tabel 1: Voornaamste Zwitserse exportpartners (bedragen x 1.000 euro) IMPORTERENDE LANDEN WAARDE
Handels- en investeringscijfers Ierland-Nederland 1
Handels- en investeringscijfers Ierland-Nederland 1 1. Goederenexport van Ierland naar andere landen Tabel 1: Voornaamste Ierse exportpartners (bedragen x 1.000 euro) IMPORTERENDE LANDEN WAARDE EXPORT
Handels- en investeringscijfers Spanje-Nederland 1
Handels- en investeringscijfers Spanje-Nederland 1 1. Goederenexport van Spanje naar andere landen Tabel 1: Voornaamste Spaanse exportpartners (bedragen x 1.000 euro) IMPORTERENDE LANDEN WAARDE EXPORT
De werking van Contans tegen sclerotievormende schimmels
De werking van Contans tegen sclerotievormende schimmels Voortgezet diagnostisch onderzoek 2008/2009 Peter Vink Praktijkonderzoek Plant & Omgeving onderdeel van Wageningen UR Business Unit Bloembollen,
Is het invriezen van narcissen cv. Tête-à-Tête op potjes tijdens of na de koeling risicovol?
Is het invriezen van narcissen cv. Tête-à-Tête op potjes tijdens of na de koeling risicovol? Voortgezet diagnostisch onderzoek in 2006 Peter Vink en Peter Vreeburg Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V.
Smaakonderzoek komkommer aan Nederlands en Spaans product
Smaakonderzoek komkommer aan Nederlands en Spaans product M. Kersten, L. Voorbij en W. Verkerke Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Glastuinbouw april 2002 PPO nr 420029 2002 Wageningen, Praktijkonderzoek
HANDLEIDING SIM KAART SPANJE
HANDLEIDING SIM KAART SPANJE Copyright 2015. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige
Handels- en investeringscijfers Zuid-Afrika-Nederland mei 2019
Handels- en investeringscijfers Zuid-Afrika-Nederland mei 2019 Dit overzicht is gemaakt in opdracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Dan Pretoria, Zuid -Afrika Wat kunt u verwachten bij deze
Rekenen Groep 6-2e helft schooljaar.
Sweelinck & De Boer B.V. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze,
Bedrijfseconomische analyse biologische cranberry in Nederland
Bedrijfseconomische analyse biologische cranberry in Nederland Onderdeel van project Ketenontwikkeling biologische cranberry s in Nederland Auteurs: N.J. Jukema (PPO) A. Netjes (LEI) Februari 2007 2007
Onderzoek naar bruikbare herbiciden in knolbegonia
Onderzoek naar bruikbare herbiciden in knolbegonia P.J. van Leeuwen, A.Th. J. Koster, J.P.T. Trompert Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Bloembollen januari 2005 PPO nr.330928 2005 Wageningen,
Tabel 1: Waarde van afgegeven vergunningen voor de definitieve uitvoer van militaire goederen in het eerste halfjaar van 2009 per categorie 1
Rapportage wapenexportbeleid 2009 (1 e helft) Tabel 1: Waarde van afgegeven vergunningen voor de definitieve uitvoer van militaire goederen in het eerste halfjaar van 2009 per categorie 1 Hoofdcategorie
Milieubarometerrapport 2013
Milieubarometerrapport Oostenrijk Groep BV Milieubarometer - Oostenrijk Groep BV Inhoud De Milieubarometer vertaalt gegevens zoals elektriciteitsverbruik en afvalproductie naar grafieken en tabellen die
Milieubarometerrapport 2012
Milieubarometerrapport 2012 Gebroeders Van der Plas Milieubarometerrapport - Gebroeders Van der Plas - 2012 Milieubarometer - 2012 Gebroeders Van der Plas Inhoud De Milieubarometer vertaalt gegevens zoals
Bossigheid in Zantedeschia
Bossigheid in Zantedeschia Is vervroegd afsterven van weefselkweekplantjes en het daarna koud bewaren van de knollen een van de oorzaken van bossigheid P.J. van Leeuwen en J.P.T. Trompert Praktijkonderzoek
Houdbaarheid Hydrangea
Houdbaarheid Hydrangea F. van Noort Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Business Unit Glastuinbouw December 2003 PPO 41704641 2003 Wageningen, Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Alle rechten voorbehouden.
