RAPPORT SOCIALE KERNCIJFERS

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "RAPPORT SOCIALE KERNCIJFERS"

Transcriptie

1 RAPPORT SOCIALE KERNCIJFERS (laatste actualisatie op 24 april 2013)

2 Demografie Bevolking en loop van de bevolking Totale bevolking Private huishoudens Familiekernen Bevolkingsdichtheid Geboorten per inwoners Sterfte per inwoners Inwijkingen per inwoners Uitwijkingen per inwoners Nationaliteit en herkomst Niet-Belgen Inwoners van niet-belgische herkomst Inwoners met Nederlandse nationaliteit Buitenlandse inwijkingen per inwoners Buitenlandse inwijkingen, afkomstig van Nederland Leeftijdsopbouw Minderjarigen (0-17) Jongeren (0-19) Jongeren (0-24) Bevolking op actieve leeftijd (20-59) Ouderen (60-...) Hoogbejaarden (80-...) Demografische coëfficiënten Prognose Vervangingscijfer Dependentiecoëfficiënt Verouderingscoëfficiënt Grijze druk Groene druk Mantelzorgratio Familiale zorgindex Interne vergrijzing Totale bevolking Minderjarigen (0-17) Jongeren (0-19) Jongeren (0-24) Bevolking op actieve leeftijd (20-59) Ouderen (60-...) Hoogbejaarden (80-...) Sociaaleconomische context De socio-economische positie Loontrekkenden Zelfstandigen (Brug)gepensioneerden Rechtgevende kinderen voor kinderbijslag Personen zonder socio-economisch statuut De arbeidsmarkt Werkloosheidsgraad Werkloosheidsgraad mannen Werkloosheidsgraad vrouwen Jeugdwerkloosheidsgraad Werkzaamheidsgraad Werkzaamheidsgraad mannen Werkzaamheidsgraad vrouwen Jobratio 2

3 Het inkomensniveau Gemiddeld netto belastbaar inkomen per inwoner Mediaaninkomen van alle inkomensaangiften Lage inkomens Recht op werk Werkzoekenden Laaggeschoolde werkzoekenden Langdurig werkzoekenden Oudere werkzoekenden (50-...) Laaggeschoolde langdurig werkzoekenden Werkzoekenden met een origine van EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden Werkzoekenden met een arbeidshandicap Jonge (18-24) langdurig werkzoekenden Jonge (18-24) laaggeschoolde werkzoekenden Recht op wonen Recht op betaalbaar wonen Sociale huurwoningen Sociale huurappartementen Sociale huisvesting Jonge huurders (18-24) van sociale woningen Oudere huurders (55-...) van sociale woningen Huurders van sociale woningen in een eenoudergezin Recht op betaalbaar wonen in gevaar Kandidaat-huurders van sociale woningen Jonge kandidaat-huurders (18-24) van sociale woningen Oudere kandidaat-huurders (55-...) van sociale woningen Recht op onderwijs Risicoschoolloopbanen Risicoschoolloopbanen in kleuteronderwijs Risicoschoolloopbanen in lager onderwijs Risicoschoolloopbanen in secundair onderwijs Spreiding over de onderwijsvormen Leerlingen B-stroom 1ste graad gewoon secundair onderwijs ASO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs TSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs KSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs BSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs Participatie aan het hoger onderwijs Doorstromers naar het hoger onderwijs Doorstromers naar het hoger onderwijs: masteropleiding t.o.v. bacheloropleiding Studenten hoger onderwijs die een diploma behaalden: diplomakans Recht op inkomen Lage-inkomensgroepen Lage inkomens Leefloners Ouderen met een IGO of een GIB Mensen die hun recht op voorkeurtarief in de ziekteverzekering opnemen Kwetsbare groepen Geboorten in kansarme gezinnen Langdurig werkzoekenden Werkloze gezinshoofden Dossiers collectieve schuldenregeling Klanten voor elektriciteit met budgetmeter 3

4 Recht op gezin Enkele gezinstypes in kaart Gezinnen met minderjarige kinderen Huishoudens met meer dan 5 personen Het recht op een gezin in gevaar Geboorten in kansarme gezinnen Jongeren in de bijzondere jeugdbijstand Kinderen (0-17) met een alleenstaande ouder Alleenwonenden Personen met een handicap Naar leeftijd Jongeren (2-18) in het buitengewoon onderwijs Personen (21-59) met een integratietegemoetkoming Ouderen (65- ) met een integratietegemoetkoming Ouderen (65-...) met tegemoetkoming hulp aan bejaarden Leefomstandigheden Personen (21-...) met een integratietegemoetkoming Personen (21-...) met een inkomensvervangende tegemoetkoming Personen (21-...) met integratie- én inkomensvervangende tegemoetkoming Thuiswonen met een handicap Personen (21-...) met integratietegemoetkoming, niet in een instelling verblijvend Ouderen Naar leeftijd Hoogbejaarden (80-...) Interne vergrijzing Allochtone ouderen Ouderen (60- ) met een origine van EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden Ouderen met een handicap Ouderen (65- ) met een integratietegemoetkoming Ouderen (65- ) met een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden Ouderen en thuiszorg Tenlastenemingen zorgverzekering (65-...) in de thuiszorg Tenlastenemingen zorgverzekering (65-...) in de residentiële zorg Mantelzorgratio Familiale zorgindex Financiële kwetsbaarheid Ouderen (75- ) die hun recht op voorkeurtarief in de ziekteverzekering opnemen Minderheden Niet-Belgen naar nationaliteit Niet-Belgen Niet-Belgen Niet-Belgen Niet-Belgen Niet-Belgen van van van van Maghreblanden en Turkije Oost-Europa EU-ex-migratielanden lage-inkomenslanden Inwoners naar herkomst Inwoners Inwoners Inwoners Inwoners Inwoners van niet-belgische herkomst met herkomst uit Maghreblanden en Turkije met herkomst uit Oost-Europa met herkomst uit EU-ex-migratielanden met herkomst uit lage-inkomenslanden Buitenlandse inwijkingen Buitenlandse inwijkingen per inwoners Buitenlandse inwijkingen, afkomstig van Nederland Buitenlandse inwijkingen, afkomstig van EU-ex-migratielanden en lage-inkomenslanden Asielzoekers en erkende vluchtelingen Asielzoekers 4

5 Werkzoekenden van diverse herkomst Werkzoekenden met een origine van EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden Jongeren Het recht op gezin in gevaar Geboorten in kansarme gezinnen Jongeren in de bijzondere jeugdbijstand Risicoschoolloopbanen bij kinderen en jongeren Risicoschoolloopbanen in kleuteronderwijs Risicoschoolloopbanen in lager onderwijs Risicoschoolloopbanen in secundair onderwijs Het recht op werk bedreigd Jongeren (18-24), werkzoekend en laaggeschoold Jongeren (18-24), langdurig werkzoekend Bestaansonzekere jongeren Jongeren (18-24) met een leefloon 5

6 Demografie Bevolking en loop van de bevolking Totale bevolking Totaal [aantal] Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Totaal [aantal]

7 Private huishoudens Private huishoudens [aantal] Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Private huishoudens [aantal]

8 Familiekernen Familiekernen [aantal] Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Familiekernen [aantal]

9 Bevolkingsdichtheid Bevolkingsdichtheid [inwoners/km²] Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Bevolkingsdichtheid [inwoners/km²] Bevolkingsdichtheid [inwoners/km²] Vergelijking met en Vlaams Gewest 9

10 Geboorten per inwoners Maasmechel Geboorten [aantal] en Geboorten [per inwoners] ,71 10,94 11,41 10,39 11,23 10,42 12,03 11,79 11,15 11,86 Geboorten [aantal] Geboorten [per inwoners] 9,77 9,52 9,90 9,96 10,16 10,37 10,80 10,63 10,67 10,59 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Geboorten [aantal] Geboorten [per inwoners] Vergelijking met en Vlaams Gewest 10

11 Sterfte per inwoners Maasmechel Sterfte [aantal] en Sterfte [per inwoners] ,05 8,52 7,66 6,99 8,14 7,52 7,72 7,33 7,80 6,35 Sterfte [aantal] Sterfte [per inwoners] 7,96 8,29 7,69 7,85 7,67 7,66 7,98 8,01 8,04 8,10 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Sterfte [aantal] Sterfte [per inwoners] Vergelijking met en Vlaams Gewest 11

12 Inwijkingen per inwoners Maasmechel Inwijkingen [aantal] en Inwijkingen [per inwoners] 34,82 32,35 32,58 34,72 35,64 38,16 40,94 40,03 39, Inwijkingen [per inwoners] 39,09 39,16 39,63 42,22 42,47 45,15 47,35 46,11 46,99 45,77 Inwijkingen [aantal] ,29 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Inwijkingen [aantal] Inwijkingen [per inwoners] Vergelijking met en Vlaams Gewest 1 Met inwijkingen bedoelen we het totaal aantal personen dat de gemeente in de loop van een jaar 'binnenkomt'. Het zijn de interne inwijkingen (tussen gemeenten), de externe inwijkingen, de veranderingen register en de heringeschrevenen na schrappingen. 12

13 Uitwijkingen per inwoners 2 Maasmechel Uitwijkingen [aantal] en Uitwijkingen [per inwoners] Uitwijkingen [aantal] Uitwijkingen inwoners] [per ,87 32,04 32,36 36,19 33,32 35,74 41,19 41,26 36,82 36, ,07 36,45 36,80 38,73 38,26 40,38 42,46 42,52 42,59 42,60 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Uitwijkingen [aantal] Uitwijkingen [per inwoners] Vergelijking met en Vlaams Gewest 2 Met uitwijkingen bedoelen we het totaal aantal personen dat de gemeente in de loop van een jaar 'buitengaat'. Het zijn de interne uitwijkingen (tussen gemeenten), de externe uitwijkingen en de ambtshalve geschrapten. 13

14 Nationaliteit en herkomst Niet-Belgen Maasmechele Niet-Belgen [aantal] n Niet-Belgen [%] ,8 18,5 18,3 18,4 18,4 18,7 18,9 19,0 19,0 19, Niet-Belgen [aantal] Niet-Belgen [%] 7,9 8,0 8,1 8,2 8,4 8,7 8,9 9,1 9,3 9,4 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Niet-Belgen [aantal] Niet-Belgen [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 3 Aantal personen op 1 januari met een andere dan de Belgische nationaliteit. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal inwoners. 14

15 Inwoners van niet-belgische herkomst 4 Niet-Belgische herkomst [aantal] Niet-Belgische herkomst [%] Niet-Belgische herkomst [aantal] Niet-Belgische herkomst [%] ,0 48,9 49,6 50,2 50,8 51, ,7 21,3 21,9 22,5 23,0 23,5 Bron: Rijksregister Niet-Belgische herkomst [aantal] Niet-Belgische herkomst [%] Vergelijking met 4 Aantal personen op 1 januari met een andere dan de Belgische nationaliteit bij geboorte. Personen die als Belg geboren zijn, maar waarvan minstens één van de ouders bij hun geboorte niet de Belgische nationaliteit had, beschouwen we ook als personen van vreemde herkomst. Dit is alleen te bepalen voor de kinderen die tussen en 2012 op een gegeven moment inwoonden bij de ouders. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal inwoners. 15

16 Inwoners met Nederlandse nationaliteit Maasmechele Nederland [aantal] n Nederland [%] ,0 29,7 31,4 33,8 36,2 37,5 38,7 39,3 39,9 40, Nederland [aantal] Nederland [%] 48,2 50,5 52,2 53,6 55,0 55,4 Bron: Rijksregister Nederland [aantal] Nederland [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 5 Aantal personen op 1 januari met de huidige Nederlandse nationaliteit. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal niet-belgen ,9 55,8 55,2 54,6

17 Buitenlandse inwijkingen per inwoners Immigraties - niet-belgen 50,12 [per inwoners] 55,13 60,74 54,43 48,67 70,70 65,36 80,11 79,78 64,15 Immigraties [aantal] niet-belgen Immigraties - niet-belgen 74,26 [per inwoners] 91,71 96,85 91,54 89,83 96,46 95,48 103,71 106,82 89,27 Maasmechele Immigraties n [aantal] niet-belgen Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Immigraties - niet-belgen [aantal] Immigraties - niet-belgen [per inwoners] Vergelijking met en Vlaams Gewest 6 Alle personen die zich in de loop van een jaar vanuit het buitenland in de gemeente vestigen. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal inwoners. 17

18 Buitenlandse inwijkingen, afkomstig van Nederland Nederland [%] 51,6 48,0 45,7 48,6 47,2 45,6 57,6 57,2 54,3 Nederland [aantal] Nederland [%] 49,5 54,7 55,9 53,9 54,1 54,6 53,8 54,8 48,4 Nederland [aantal] 7 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Nederland [aantal] Nederland [%] Vergelijking met 7 Alle personen met de Nederlandse nationaliteit, die zich in de loop van een jaar vanuit het buitenland in de gemeente vestigen. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal buitenlandse inwijkingen. 18

19 Leeftijdsopbouw Minderjarigen (0-17) Maasmec 0-17 jaar [aantal] helen 0-17 jaar [%] 0-17 jaar [aantal] 0-17 jaar [%] ,1 20,9 20,8 20,5 20,2 20,1 20,1 19,8 19,6 19, ,3 20,1 19,9 19,8 19,6 19,4 19,3 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie 0-17 jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 19 19,1 18,9 18,8

20 Jongeren (0-19) Maasmec 0-19 jaar [aantal] helen 0-19 jaar [%] 0-19 jaar [aantal] 0-19 jaar [%] ,9 23,5 23,2 23,0 22,8 22,7 22,5 22,4 22,3 22, ,8 22,5 22,3 22,1 22,0 21,8 21,7 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie 0-19 jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 20 21,6 21,4 21,2

21 Jongeren (0-24) Maasmec 0-24 jaar [aantal] helen 0-24 jaar [%] ,1 30,7 30,3 29,8 29,3 29,1 28,9 28,8 28,6 28, jaar [aantal] 0-24 jaar [%] 29,6 29,2 28,8 28,5 28,1 27,9 27,7 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie 0-24 jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 21 27,5 27,4 27,3

22 Bevolking op actieve leeftijd (20-59) Maasmec jaar [aantal] helen jaar [%] ,6 57,8 57,7 57,6 57,4 57,2 57,1 56,7 56,4 56, jaar [aantal] jaar [%] 57,3 57,3 57,2 57,1 56,8 56,5 56,2 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 22 55,9 55,6 55,3

23 Ouderen (60-...) Maasmec jaar [aantal] helen jaar [%] jaar [aantal] jaar [%] ,5 18,7 19,0 19,4 19,7 20,0 20,4 20,8 21,4 21, ,9 20,2 20,5 20,8 21,2 21,6 22,1 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 23 22,5 23,0 23,4

24 Hoogbejaarden (80-...) Maasmechele jaar [aantal] n jaar [%] jaar [aantal] jaar [%] ,3 2,4 2,5 2,6 2,9 3,0 3,2 3,4 3,6 3, ,8 2,9 3,1 3,3 3,4 3,6 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 24 3,8 4,0 4,2 4,4

25 Demografische coëfficiënten Vervangingscijfer 8 Vervangingscijfer [index] ,6 98,6 95,9 92,6 90,3 89,2 88,8 87,8 86,0 85,8 97,5 94,0 90,5 87,9 86,0 84,6 83,9 83,1 82,6 82,5 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Vervangingscijfer [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest 8 Het vervangingscijfer (bevolking jaar t.o.v. bevolking jaar) geeft een antwoord op de vraag of er binnen de bevolking op actieve leeftijd voldoende jonge actieven zijn om de (uitstroom van) oudere actieven te vervangen op de arbeidsmarkt. 25

26 Dependentiecoëfficiënt 9 Dependentiecoëficiët [index] ,6 73,1 73,2 73,6 74,1 74,7 75,2 76,3 77,4 77,9 74,4 74,5 74,7 75,2 75,9 76,8 77,9 78,9 79,7 80,7 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Dependentiecoëfficiënt [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest 9 De dependentiecoëfficiënt (bevolking 0-19 jaar plus vanaf 60 jaar t.o.v. bevolking jaar) meet de afhankelijkheid van de niet-actieven (jongeren en ouderen) t.o.v. de actieve bevolking. 26

27 Verouderingscoëfficiënt 10 Verouderingscoëficiët [index] ,7 79,7 81,7 84,2 86,3 88,1 90,4 92,9 96,1 99,1 87,1 89,5 91,7 93,9 96,5 99,0 101,5 104,3 107,2 110,3 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Verouderingscoëfficiënt [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest 10 De verouderingscoëfficiënt (bevolking vanaf 60 jaar t.o.v. bevolking 0-19 jaar) geeft een aanduiding van de mate waarin de oudere bevolking weegt op de jongeren. 27

28 Grijze druk 11 Grijze druk [index] ,2 32,4 32,9 33,6 34,3 35,0 35,7 36,8 37,9 38,8 34,7 35,2 35,7 36,4 37,3 38,2 39,2 40,3 41,3 42,3 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Grijze druk [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest 11 De grijze druk (bevolking vanaf 60 jaar t.o.v. bevolking jaar) geeft weer in hoeverre de oudere bevolking weegt op de bevolking op actieve leeftijd. 28

29 Groene druk 12 Groene druk [index] ,4 40,7 40,3 40,0 39,8 39,7 39,5 39,5 39,5 39,1 39,8 39,3 39,0 38,8 38,7 38,6 38,6 38,6 38,5 38,4 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Groene druk [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest 12 De groene druk (bevolking 0-19 jaar t.o.v. bevolking jaar) geeft weer in welke mate de jongeren wegen op de bevolking op actieve leeftijd. 29

30 Mantelzorgratio 13 Mantelzorgratio [index] ,9 19,1 18,4 17,6 16,2 15,5 14,7 14,0 13,4 12,9 16,7 16,1 15,4 14,7 14,1 13,5 12,9 12,4 11,7 11,2 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Mantelzorgratio [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest 13 De mantelzorgratio - een formule die gebruikt wordt voor zorgstrategische doeleinden - geeft het potentieel aan mantelzorgers (uit de leeftijdsgroep jarigen) per 80-plusser weer. 30

31 Familiale zorgindex 14 Familiale zorgindex [index] ,0 18,7 19,0 19,5 21,1 21,7 22,4 23,2 24,2 24,6 21,5 22,1 22,8 23,6 24,5 25,4 26,3 27,1 28,2 29,2 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Familiale zorgindex [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest 14 De familiale zorgindex (bevolking vanaf 80 jaar t.o.v. bevolking jaar) geeft een idee van de mate waarin de oudste actieven kunnen instaan voor de zorg voor hun hoogbejaarde ouders. 31

32 Interne vergrijzing 15 Interne vergrijzing [index] ,2 12,7 13,2 13,6 14,7 15,2 15,9 16,3 16,8 17,1 13,9 14,4 15,1 15,7 16,2 16,7 17,2 17,6 18,3 18,8 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Interne vergrijzing [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest 15 De interne vergrijzing (bevolking vanaf 80 jaar t.o.v. de 60-plussers) geeft een aanduiding van hoeveel hoogbejaarden er zijn in de groep van ouderen. 32

33 Prognose 16 Totale bevolking Totaal [aantal] Bron: Studiedienst van de Vlaamse Regering - Bevolkingsprojecties Totaal [aantal] De Studiedienst van de Vlaamse Regering maakt vijfjaarlijks projecties van de bevolking en de huishoudens voor Vlaamse steden en gemeenten. De meest recente projecties voor de periode van tot 2030 zijn een update van de vorige oefening van. 33

34 Minderjarigen (0-17) Maasmec 0-17 jaar [aantal] helen 0-17 jaar [%] 0-17 jaar [aantal] 0-17 jaar [%] Maasmec 0-17 jaar [aantal] helen 0-17 jaar [%] 0-17 jaar [aantal] 0-17 jaar [%] ,6 19,4 19,5 19,4 19,4 19,4 19,5 19,5 19,5 19, ,9 18,8 18,8 18,8 18,8 18,8 18,8 18,8 18,8 18, ,5 19,4 19,3 19,3 19,2 19,1 18,9 18,8 18,7 18, ,7 18,7 18,7 18,6 Bron: Studiedienst van de Vlaamse Regering - Bevolkingsprojecties 0-17 jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 34 18,5 18,4 18,3 18,2 18,0 17,9

35 Jongeren (0-19) Maasmec 0-19 jaar [aantal] helen 0-19 jaar [%] 0-19 jaar [aantal] 0-19 jaar [%] Maasmec 0-19 jaar [aantal] helen 0-19 jaar [%] 0-19 jaar [aantal] 0-19 jaar [%] ,3 22,0 21,8 21,7 21,8 21,7 21,7 21,7 21,7 21, ,4 21,2 21,1 21,0 21,0 21,0 20,9 20,9 20,9 20, ,7 21,6 21,6 21,5 21,4 21,3 21,2 21,1 20,9 20, ,8 20,8 20,7 20,7 Bron: Studiedienst van de Vlaamse Regering - Bevolkingsprojecties 0-19 jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 35 20,6 20,5 20,4 20,3 20,2 20,1

36 Jongeren (0-24) Maasmec 0-24 jaar [aantal] helen 0-24 jaar [%] ,5 28,4 28,3 28,1 28,0 27,9 27,7 27,5 27,4 27, jaar [aantal] 0-24 jaar [%] 27,4 27,3 27,1 27,0 26,9 26,8 26,6 26,5 26,4 26, Maasmec 0-24 jaar [aantal] helen 0-24 jaar [%] ,2 27,2 27,1 27,0 26,9 26,8 26,7 26,6 26,5 26, jaar [aantal] 0-24 jaar [%] 26,2 26,1 26,0 25,9 Bron: Studiedienst van de Vlaamse Regering - Bevolkingsprojecties 0-24 jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 36 25,9 25,8 25,7 25,6 25,5 25,4

37 Bevolking op actieve leeftijd (20-59) Maasmec jaar [aantal] helen jaar [%] ,6 56,5 56,2 56,0 55,4 55,1 54,7 54,2 53,7 53, jaar [aantal] jaar [%] 55,7 55,4 55,1 54,8 54,3 53,9 53,5 53,1 52,6 52, Maasmec jaar [aantal] helen jaar [%] ,7 52,3 51,9 51,5 51,2 50,8 50,5 50,3 50,1 49, jaar [aantal] jaar [%] 51,7 51,2 50,8 50,4 Bron: Studiedienst van de Vlaamse Regering - Bevolkingsprojecties jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 37 50,0 49,6 49,3 49,1 48,9 48,7

38 Ouderen (60-...) Maasmec jaar [aantal] helen jaar [%] jaar [aantal] jaar [%] Maasmec jaar [aantal] helen jaar [%] jaar [aantal] jaar [%] ,2 21,5 21,9 22,2 22,8 23,2 23,6 24,1 24,6 25, ,9 23,4 23,8 24,2 24,7 25,1 25,6 26,0 26,5 27, ,6 26,1 26,5 27,0 27,4 27,9 28,3 28,7 29,0 29, ,5 28,0 28,5 29,0 Bron: Studiedienst van de Vlaamse Regering - Bevolkingsprojecties jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 38 29,5 29,9 30,3 30,6 30,9 31,3

39 Hoogbejaarden (80-...) Maasmec jaar [aantal] helen jaar [%] ,6 3,7 3,9 4,0 4,1 4,3 4,3 4,5 4,6 4, ,2 4,4 4,6 4,8 4,9 5,0 5,2 5,3 5,4 5, Maasmec jaar [aantal] helen jaar [%] ,8 4,8 4,8 4,9 5,0 5,1 5,3 5,5 5,6 5, ,7 5,7 5,7 5,8 5,9 6,1 6,2 6,4 6,6 6, jaar [aantal] jaar [%] jaar [aantal] jaar [%] Bron: Studiedienst van de Vlaamse Regering - Bevolkingsprojecties jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 39

40 Sociaaleconomische context De socio-economische positie 17 Loontrekkenden Loontrekkend [aantal] Loontrekkend [%] Loontrekkend [aantal] Loontrekkend [%] ,5 29,6 28,5 29, ,5 34,4 34,0 34,2 Bron: Datawarehouse arbeidsmarkt en sociale bescherming - webtoepassing Loontrekkend [aantal] - Loontrekkend [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 17 Informatie over de sociaaleconomische positie komt van de website van de Kruispuntbank Sociale Zekerheid: 40

41 Zelfstandigen Zelfstandige [aantal] Zelfstandige [%] Zelfstandige [aantal] Zelfstandige [%] Bron: Datawarehouse arbeidsmarkt en sociale bescherming - webtoepassing Zelfstandige [aantal] - Zelfstandige [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest ,2 5,2 5,3 5, ,7 6,8 6,8 6,9

42 (Brug)gepensioneerden (Brug-)gepensioneerd [aantal] (Brug-)gepensioneerd [%] 16,0 16,2 16,2 16, ,8 17,0 17,1 17,3 (Brug-)gepensioneerd [aantal] (Brug-)gepensioneerd [%] Bron: Datawarehouse arbeidsmarkt en sociale bescherming - webtoepassing (Brug-)gepensioneerd [aantal] - (Brug-)gepensioneerd [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 42

43 Rechtgevende kinderen voor kinderbijslag kinderbijslag Rechtgevende kinderen voor kinderbijslag [%] 21,8 21,7 21,5 21, ,7 21,6 21,7 21,9 Rechtgevende [aantal] Rechtgevende [aantal] kinderen kinderen voor voor kinderbijslag Rechtgevende kinderen voor kinderbijslag [%] Bron: Datawarehouse arbeidsmarkt en sociale bescherming - webtoepassing Rechtgevende kinderen voor kinderbijslag [aantal] - Rechtgevende kinderen voor kinderbijslag [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 43

44 Personen zonder socio-economisch statuut 18 Andere [aantal] Andere [%] 21,8 22,2 22,0 21, ,5 16,5 16,4 15,9 Andere [aantal] Andere [%] Bron: Datawarehouse arbeidsmarkt en sociale bescherming - webtoepassing Andere [aantal] - Andere [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 18 De categorie andere van de variabele socio-economisch statuut is de restcategorie. Ze bevat de groep van personen voor wie geen socio-economisch statuut kan worden bepaald op basis van de gegevens van de openbare instellingen opgenomen in het datawarehouse arbeidsmarkt en sociale bescherming. 44

45 De arbeidsmarkt Werkloosheidsgraad 19 Niet-werkend [aantal] werkzoekend Werkloosheidsgraad totaal [%] Niet-werkend [aantal] ,0 15,8 15,4 13,7 10,8 9,9 13,6 13, ,9 10,2 9,0 7,2 6,3 7,8 7,8 werkzoekend Werkloosheidsgraad totaal [%] 8,9 Bron: Steunpunt WSE (Vlaamse Arbeidsrekening) Niet-werkend werkzoekend [aantal] Werkloosheidsgraad totaal [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 19 De werkloosheidsgraad geeft het aandeel niet-werkende werkzoekenden in de beroepsbevolking weer. 45

46 Werkloosheidsgraad mannen 2003 Mannen niet-werkend werkzoekend [aantal] Werkloosheidsgraad [%] 12,3 13,6 12,9 10,9 8,6 8,2 13,2 12, ,7 7,8 6,8 5,4 5,0 7,1 7,0 mannen Mannen niet-werkend werkzoekend [aantal] Werkloosheidsgraad [%] mannen 6,8 Bron: Steunpunt WSE (Vlaamse Arbeidsrekening) Mannen niet-werkend werkzoekend [aantal] Werkloosheidsgraad mannen [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 46

47 Werkloosheidsgraad vrouwen 2003 Vrouwen niet-werkend werkzoekend [aantal] Werkloosheidsgraad [%] 18,4 18,7 18,7 17,2 13,7 12,1 14,1 14, ,8 13,2 11,8 9,4 8,0 8,6 8,7 vrouwen Vrouwen niet-werkend werkzoekend [aantal] Werkloosheidsgraad [%] vrouwen 11,7 Bron: Steunpunt WSE (Vlaamse Arbeidsrekening) Vrouwen niet-werkend werkzoekend [aantal] Werkloosheidsgraad vrouwen [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 47

48 Jeugdwerkloosheidsgraad Niet-werkend jaar [aantal] Jeugdwerkloosheidsgraad [%] 33,9 31,0 34,2 28,7 23,6 25,6 34,7 31,6 Niet-werkend jaar [aantal] Jeugdwerkloosheidsgraad [%] 23,6 25,0 26,1 23,3 19,3 18,8 28,0 27,5 Bron: Steunpunt WSE (Vlaamse Arbeidsrekening) Niet-werkend jaar [aantal] Jeugdwerkloosheidsgraad [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 20 De jeugdwerkloosheidsgraad geeft het aantal niet-werkende werkzoekende jongeren (15-24 jaar) weer ten opzichte van de beroepsbevolking (15-24 jaar). 48

49 Werkzaamheidsgraad 21 Werkend [aantal] Werkzaamheidsgraad totaal [%] Werkend [aantal] Werkzaamheidsgraad totaal [%] ,0 53,8 54,4 55,0 56,3 57,4 55,5 56, ,8 61,5 61,7 62,1 63,0 64,0 63,4 63,8 Bron: Steunpunt WSE (Vlaamse Arbeidsrekening) Werkend [aantal] Werkzaamheidsgraad totaal [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 21 De werkzaamheidsgraad leert ons in welke mate de bevolking op beroepsactieve leeftijd (de bevolking van 15 tot en met 64 jaar) effectief werkzaam is. 49

50 Werkzaamheidsgraad mannen 2003 Werkend mannen [aantal] Werkzaamheidsgraad [%] 62,5 61,4 62,4 63,2 64,7 65,2 61,6 62,3 mannen Werkend mannen [aantal] Werkzaamheidsgraad [%] mannen ,4 69,5 Bron: Steunpunt WSE (Vlaamse Arbeidsrekening) Werkend mannen [aantal] Werkzaamheidsgraad mannen [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 50 69,4 69,5 70,3 70,7 69,1 69,2

51 Werkzaamheidsgraad vrouwen 2003 Werkend vrouwen [aantal] Werkzaamheidsgraad [%] 45,3 46,0 46,2 46,6 47,7 49,5 49,2 49,9 vrouwen Werkend vrouwen [aantal] Werkzaamheidsgraad [%] vrouwen ,0 53,2 Bron: Steunpunt WSE (Vlaamse Arbeidsrekening) Werkend vrouwen [aantal] Werkzaamheidsgraad vrouwen [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 51 53,6 54,4 55,4 57,1 57,5 58,2

52 Jobratio 22 Jobs [aantal] Jobratio totaal [%] Jobs [aantal] Jobratio totaal [%] ,5 45,1 43,5 44, ,2 61,0 60,6 61,2 Bron: Steunpunt WSE (Vlaamse Arbeidsrekening) Jobs [aantal] - Jobratio totaal [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 22 De jobratio (voorheen werkgelegenheidsgraad genoemd) geeft aan in welke mate er op het grondgebied van de gemeente werkgelegenheid is voor de bevolking op beroepsactieve leeftijd (15-64-jarigen). 52

53 Het inkomensniveau Gemiddeld netto belastbaar inkomen per inwoner Gemiddeld inkomen per inwoner [euro] Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Fiscale inkomens Gemiddeld inkomen per inwoner [euro] - 53

54 Mediaaninkomen van alle inkomensaangiften Doorsnee inkomen [euro] Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Fiscale inkomens Doorsnee inkomen [euro] - 54

55 Lage inkomens < EUR [aantal] < EUR [%] < EUR [aantal] < EUR [%] ,0 57,4 55,2 52,0 50,9 51, ,7 51,2 49,5 46,9 45,1 44,8 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Fiscale inkomens < EUR [aantal] - < EUR [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 55

56 Recht op werk Werkzoekenden 23 Maasmechele Niet-werkende n werkzoekenden [aantal] (NWWZ) Niet-werkende werkzoekenden [%] (NWWZ) Niet-werkende werkzoekenden [aantal] (NWWZ) Niet-werkende werkzoekenden [%] (NWWZ) ,3 10,0 10,8 10,1 8,1 6,9 7,5 10,2 8,1 7, ,0 6,6 7,5 7,2 5,8 4,7 4,9 6,2 5,3 5,1 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat Niet-werkende werkzoekenden (NWWZ) [aantal] Aantal niet-werkende werkzoekenden (NWWZ) op 31 december. Niet-werkende werkzoekenden (NWWZ) zijn werkzoekenden met de hoogste graad van beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt. De NWWZ bestaan uit 4 categoriën: werkzoekenden met werkloosheidsuitkeringsaanvraag (WZUA), schoolverlaters, vrij ingeschrevenen en een restgroep (andere). Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal inwoners op actieve leeftijd (18-64 jaar). 56

57 Niet-werkende werkzoekenden (NWWZ) [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 57

58 Laaggeschoolde werkzoekenden Maasmechele NWWZ n [aantal] laaggeschoold ,1 61,2 61,0 61,2 61,2 59,6 55,1 58,1 55,2 NWWZ - laaggeschoold [%] NWWZ [aantal] - 63,6 laaggeschoold NWWZ - laaggeschoold [%] 53,8 52,0 53,6 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat NWWZ - laaggeschoold [aantal] NWWZ - laaggeschoold [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 58 52,6 53,5 53,6 53,2 51,0 50,7 49,8

59 Langdurig werkzoekenden Maasmechele >2 jaar werkloos [aantal] n NWWZ >2 jaar werkloos [%] ,4 26,8 28,4 30,0 32,9 28,8 22,0 17,3 24,5 25,6 >2 jaar werkloos [aantal] NWWZ >2 jaar werkloos [%] 18,9 20,9 23,2 31,7 25,4 21,3 25,9 27, ,6 34,4 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat >2 jaar werkloos [aantal] NWWZ >2 jaar werkloos [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 24 Aantal niet-werkende werkzoekenden (NWWZ) die 2 jaar of langer werkloos zijn op 31 december. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal niet-werkende werkzoekenden. 59

60 Oudere werkzoekenden (50-...) 25 Maasmechele NWWZ 50+ jaar [aantal] n NWWZ 50+ jaar [%] NWWZ 50+ jaar [aantal] NWWZ 50+ jaar [%] ,6 5,5 10,4 14,1 21,4 23,3 22,0 18,5 23,6 23, ,6 6,7 12,4 16,2 23,3 26,4 25,2 22,2 25,9 26,8 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat NWWZ 50+ jaar [aantal] NWWZ 50+ jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 25 Aantal niet-werkende werkzoekenden (NWWZ) van 50 jaar of ouder op 31 december. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal niet-werkende werkzoekenden. 60

61 Laaggeschoolde langdurig werkzoekenden Maasmechele NWWZ laaggeschoold, >2 n jaar werkloos [aantal] NWWZ laaggeschoold, >2 jaar werkloos [%] 29,6 31,4 33,2 35,6 38,4 33,1 25,8 22,1 30,5 32,2 NWWZ laaggeschoold, > jaar werkloos [aantal] NWWZ laaggeschoold, >2 jaar werkloos [%] 26,8 28,5 33,3 43,0 39,3 31,6 27,4 32,9 33,8 24,4 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat NWWZ laaggeschoold, >2 jaar werkloos [aantal] NWWZ laaggeschoold, >2 jaar werkloos [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 26 Aantal laaggegeschoolde, langdurig werkloze niet-werkende werkzoekenden (NWWZ) op 31 december. Laaggeschoolde niet-werkende werkzoekenden (NWWZ) zijn werkzoekenden met een diploma of getuigschrift van de eerste graad secundair onderwijs, een middenstandsopleiding, deeltijds beroepssecundair onderwijs of tweede graad secundair onderwijs. Langdurige NWWZ zijn 2 jaar of langer werkloos. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het aantal laaggeschoolde niet-werkende werkzoekenden. 61

62 Werkzoekenden met een origine van EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden 27 NWWZ uit EU-ex-migratielanden of lageinkomenslanden [aantal] NWWZ uit EU-ex-migratie- of inkomenslanden tov NWWZ [%] lage- 49,5 53,0 53,3 50,1 52,9 NWWZ uit EU-ex-migratielanden of lageinkomenslanden [aantal] NWWZ uit EU-ex-migratie- of inkomenslanden tov NWWZ [%] 24,8 26,7 29,0 27,9 28,6 lage- Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat NWWZ uit EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden [aantal] - NWWZ uit EU-ex-migratie- of lage-inkomenslanden tov NWWZ [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest Werkzoekenden met een arbeidshandicap 27 Aantal niet-werkende werkzoekenden met als huidige of vorige nationaliteit een nationaliteit uit een EU-exmigratieland of een laaginkomensland. De EU-ex-migratielanden zijn Italië, Spanje, Griekenland en Portugal. Lage-inkomenslanden zijn alle landen die de Wereldbank niet classificeert als 'high income countries'. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal niet-werkende werkzoekenden. 62

63 Maasmechele NWWZ met arbeidshandicap n [aantal] NWWZ met arbeidshandicap [%] 10,1 10,3 11,2 12,2 14,7 17,5 16,0 14,0 16,1 14,1 NWWZ met arbeidshandicap [aantal] NWWZ met arbeidshandicap [%] 12,3 13,7 14,7 17,7 20,2 19,8 16,3 18,0 16,9 11,9 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat NWWZ met arbeidshandicap [aantal] NWWZ met arbeidshandicap [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 63

64 Jonge (18-24) langdurig werkzoekenden Maasmechele Jongeren (18-24 jaar), n langer dan één jaar werkzoekend [aantal] Jongeren (18-24 langer dan één werkzoekend [%] jaar), jaar ,0 5,8 5,4 4,7 2,3 1,9 2,2 5,2 4,1 3, ,2 3,4 3,0 2,0 1,3 1,3 2,7 2,3 1,9 Jongeren (18-24 jaar), langer dan één jaar werkzoekend [aantal] Jongeren (18-24 langer dan één werkzoekend [%] jaar), jaar 28 2,0 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat Jongeren (18-24 jaar), langer dan één jaar werkzoekend [aantal] Aantal niet-werkende werkzoekende jongeren (18-24 jaar) die 2 jaar of langer werkloos zijn op 31 december. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal jonge (18-24) niet-werkende werkzoekenden. 64

65 Jongeren (18-24 jaar), langer dan één jaar werkzoekend [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 65

66 Jonge (18-24) laaggeschoolde werkzoekenden Maasmechele Jongeren (18-24 jaar), n werkzoekend en zonder diploma HSO [aantal] Jongeren (18-24 werkzoekend laaggeschoold [%] jaar), en ,3 8,3 8,1 7,3 4,3 5,2 5,6 8,3 6,3 5, ,9 4,9 4,8 3,2 2,8 3,5 4,9 3,8 3,6 Jongeren (18-24 jaar), werkzoekend en zonder diploma HSO [aantal] Jongeren (18-24 werkzoekend laaggeschoold [%] jaar), en 29 4,6 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat Jongeren (18-24 jaar), werkzoekend en zonder diploma HSO [aantal] Aantal niet-werkende werkzoekende jongeren (18-24 jaar) zonder diploma hoger secundair onderwijs ten opzichte van alle jongeren (18-24 jaar). Het gaat om jonge werkzoekenden die geen onderwijs gevolgd hebben, niet meer dan de 2de graad secundair of de 3de graad beroepsonderwijs gevolgd hebben, op leercontract hebben gezeten of (buitenlandse) studies gevolgd hebben die niet erkend zijn. 66

67 Jongeren (18-24 jaar), werkzoekend en laaggeschoold [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 67

68 Recht op wonen Recht op betaalbaar wonen Sociale huurwoningen Soc. huurwoningen [aantal] Soc. huurwoningen [%] Soc. huurwoningen [aantal] Soc. huurwoningen [%] ,5 6,2 6,0 5,9 5,7 5,6 6,0 5,8 5, ,6 3,5 Bron: Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen Sociale huurwoningen [aantal] Sociale huurwoningen [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 68 3,4 3,4 3,4 3,3 3,4 3,3 3,2

69 Sociale huurappartementen Soc. [aantal] huurappartementen Soc. huurappartementen [%] Soc. [aantal] huurappartementen Soc. huurappartementen [%] ,9 4,8 4,8 4,7 4,7 4,6 4,3 4,2 4, ,0 2,0 2,0 2,1 2,1 2,2 2,2 2,2 2,2 Bron: Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen Sociale huurappartementen [aantal] Sociale huurappartementen [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 69

70 Sociale huisvesting Soc. huisvesting [aantal] Soc. huisvesting [%] Soc. huisvesting [aantal] Soc. huisvesting [%] ,4 11,0 10,8 10,6 10,4 10,3 10,2 10,0 9, ,5 5,4 Bron: Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen Sociale huisvesting [aantal] Sociale huisvesting [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 70 5,4 5,4 5,5 5,5 5,6 5,5 5,5

71 Recht op betaalbaar wonen in gevaar Kandidaat-huurders van sociale woningen 2003 Kandidaat-huurders [aantal] Kandidaat-huurders [%] 5,9 6,4 5,8 6, ,5 3,7 3,4 3,6 Kandidaat-huurders [aantal] Kandidaat-huurders [%] Bron: Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen Kandidaat-huurders [aantal] 2003,,, Kandidaat-huurders [%] 2003,,, Vergelijking met 71

72 Jonge kandidaat-huurders (18-24) van sociale woningen 2003 Jonge kandidaat-huurders (18-24) [aantal] Jonge kandidaat-huurders (18-24) [%] 4,7 4,2 3,4 3, ,9 2,1 1,7 1,7 Jonge kandidaat-huurders (18-24) [aantal] Jonge kandidaat-huurders (18-24) [%] Bron: Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen Jonge kandidaat-huurders (18-24) [aantal] 2003,,, Jonge kandidaat-huurders (18-24) [%] 2003,,, Vergelijking met 72

73 Oudere kandidaat-huurders (55-...) van sociale woningen 2003 Oudere kandidaat-huurders (55-...) [aantal] Oudere kandidaat-huurders (55-...) [%] 1,6 1,7 1,5 1, ,0 1,2 1,1 1,3 Oudere kandidaat-huurders (55-...) [aantal] Oudere kandidaat-huurders (55-...) [%] Bron: Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen Oudere kandidaat-huurders (55-...) [aantal] 2003,,, Oudere kandidaat-huurders (55-...) [%] 2003,,, Vergelijking met 73

74 Recht op onderwijs Risicoschoolloopbanen Risicoschoolloopbanen in kleuteronderwijs Risicoschoolloopbanen kleuteronderwijs [aantal] in % risicoschoolloopbanen kleuteronderwijs [%] Risicoschoolloopbanen kleuteronderwijs [aantal] % risicoschoolloopbanen kleuteronderwijs [%] in in in 30 het het 1,6 1,7 1,2 1,7 2,1 1,3 het het 1,6 1,6 1,7 1,7 1,7 1,6 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Risicoschoolloopbanen in het kleuteronderwijs [aantal] - Percentage risicoschoolloopbanen in het kleuteronderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 30 Risicoschoolloopbanen in het kleuteronderwijs op 1 februari. Dit is de optelsom van kleuters met schoolse vertraging in het gewoon kleuteronderwijs en leerlingen buitengewoon kleuteronderwijs. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen kleuteronderwijs, wonend in de gemeente. 74

75 75

76 Risicoschoolloopbanen in lager onderwijs 31 Risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [aantal] % risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [%] 26,8 27,1 27,5 26,6 28,1 27,8 Risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [aantal] % risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [%] 19,7 19,8 19,8 19,8 20,3 20,7 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [aantal] - Percentage risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 31 Risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs op 1 februari. Dit is de optelsom van leerlingen met schoolse vertraging in het gewoon lager onderwijs en leerlingen buitengewoon lager onderwijs. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen lager onderwijs, wonend in de gemeente. 76

77 Risicoschoolloopbanen in secundair onderwijs Risicoschoolloopbanen in secundair onderwijs [aantal] % risicoschoolloopbanen secundair onderwijs [%] in Risicoschoolloopbanen in secundair onderwijs [aantal] % risicoschoolloopbanen secundair onderwijs [%] in 32 het het 27,2 27,9 28,4 28,5 28,4 27,7 het het 20,6 20,6 20,5 20,8 21,0 21,5 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Risicoschoolloopbanen in het secundair onderwijs [aantal] - Percentage risicoschoolloopbanen in het secundair onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 32 Risicoschoolloopbanen in het secundair onderwijs op 1 februari. Dit is de optelsom van leerlingen met minstens één jaar schoolse vertraging in B-stroom/BSO van het gewoon secundair onderwijs, leerlingen met minstens twee jaar schoolse vertraging in A-stroom/ASO-TSO-KSO van het gewoon secundair onderwijs, leerlingen buitengewoon secundair onderwijs en leerlingen deeltijds beroepssecundair onderwijs. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen secundair onderwijs, wonend in de gemeente. 77

78 78

79 Spreiding over de onderwijsvormen Leerlingen B-stroom 1ste graad gewoon secundair onderwijs 33 Leerlingen B-stroom 1ste graad gewoon secundair onderwijs [aantal] % leerlingen B-stroom 1ste graad gewoon secundair onderwijs [%] 22,9 22,6 26,6 24,9 25,1 26,7 Leerlingen B-stroom 1ste graad gewoon secundair onderwijs [aantal] % leerlingen B-stroom 1ste graad gewoon secundair onderwijs [%] 16,0 16,2 16,3 16,3 16,8 16,8 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Leerlingen B-stroom 1ste graad gewoon secundair onderwijs [aantal] - Percentage leerlingen B-stroom 1ste graad gewoon secundair onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 33 Leerlingen B-stroom eerste graad gewoon secundair onderwijs op 1 februari. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen in de eerste graad van het gewoon secundair onderwijs, wonend in de gemeente. 79

80 ASO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs 34 ASO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] % ASO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] 23,8 25,8 29,4 30,3 29,8 26,8 ASO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] % ASO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] 35,3 35,9 37,2 37,6 37,6 36,7 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming ASO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] - Percentage ASO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 34 Leerlingen ASO tweede en derde graad gewoon secundair onderwijs op 1 februari. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen in de tweede en derde graad van het gewoon secundair onderwijs, wonend in de gemeente. 80

81 TSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs 35 TSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] % TSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] 36,6 36,2 37,5 36,1 37,3 37,1 TSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] % TSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] 33,7 33,3 33,0 32,7 32,8 32,5 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming TSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] - Percentage TSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 35 Leerlingen TSO tweede en derde graad gewoon secundair onderwijs op 1 februari. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen in de tweede en derde graad van het gewoon secundair onderwijs, wonend in de gemeente. 81

82 KSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs 36 KSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] % KSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] 1,5 1,4 1,7 1,7 2,1 2,1 KSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] % KSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] 1,9 2,0 2,1 2,2 2,4 2,4 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming KSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] - Percentage KSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 36 Leerlingen KSO tweede en derde graad gewoon secundair onderwijs op 1 februari. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen in de tweede en derde graad van het gewoon secundair onderwijs, wonend in de gemeente. 82

83 BSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs 37 BSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] % BSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] 38,1 36,6 31,5 31,9 30,8 34,0 BSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] % BSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] 29,1 28,8 27,7 27,5 27,2 28,4 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming BSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [aantal] - Percentage BSO-leerlingen 2de-3de graad gewoon secundair onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 37 Leerlingen BSO tweede en derde graad gewoon secundair onderwijs op 1 februari. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen in de tweede en derde graad van het gewoon secundair onderwijs, wonend in de gemeente. 83

84 Participatie aan het hoger onderwijs Doorstromers naar het hoger onderwijs Doorstromers naar onderwijs [aantal] % doorstromers onderwijs [%] naar Doorstromers naar onderwijs [aantal] % doorstromers onderwijs [%] naar 38 het het het het hoger hoger 35,3 42,7 40,6 44,2 45,7 44,1 hoger hoger 51,5 53,5 53,9 54,4 54,8 52,5 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Doorstromers naar het hoger onderwijs [aantal] - Percentage doorstromers naar het hoger onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 38 Studenten voor het eerst ingeschreven in het hoger onderwijs tijdens het lopende academiejaar. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal 18-jarigen, wonend in de gemeente. 84

85 Doorstromers naar het hoger onderwijs: masteropleiding t.o.v. bacheloropleiding 39 Doorstromers naar het hoger onderwijs: academische bachelor [aantal] Index doorstromers naar het hoger onderwijs: academische bachelor versus professionele bachelor [%] 51,9 43,8 48,4 51,4 52,6 57,6 Doorstromers naar het hoger onderwijs: academische bachelor [aantal] Index doorstromers naar het hoger onderwijs: academische bachelor versus professionele bachelor [%] 64,8 62,3 67,4 66,7 72,6 76,3 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Doorstromers naar het hoger onderwijs: academische bachelor [aantal] - Index doorstromers naar het hoger onderwijs: academische bachelor versus professionele bachelor [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 39 Studenten voor het eerst ingeschreven in het hoger onderwijs tijdens het lopende academiejaar, met berekening van de verhouding tussen studenten ingeschreven voor een academische bacheloropleiding (master) en studenten ingeschreven voor een professionele bacheloropleiding (bachelor). Cijfers hebben betrekking op studenten, wonend in de gemeente. 85

86 86

87 Studenten hoger onderwijs die een diploma behaalden: diplomakans Studenten hoger onderwijs diploma behalen [aantal] Diplomakanspercentage onderwijs [%] Studenten hoger onderwijs diploma behalen [aantal] Diplomakanspercentage onderwijs [%] 40 die hoger 29,4 24,9 25,2 31,6 22,5 25,4 die hoger 38,8 37,2 38,3 41,0 39,9 42,2 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Studenten hoger onderwijs die diploma behalen [aantal] - Diplomakanspercentage hoger onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 40 Studenten hoger onderwijs die een diploma behaalden tijdens een academiejaar, gedeeld door het aantal 2125-jarigen (als theoretische afstudeerleeftijdsjaren), vermenigvuldigd met vijf en uitgedrukt als percentage: dit geeft de theoretische diplomakans voor wie hogere studies aanvat. De cijfers hebben betrekking op studenten en jongeren, wonend in de gemeente. 87

88 Recht op inkomen Lage-inkomensgroepen Lage inkomens 41 < EUR [aantal] < EUR [%] < EUR [aantal] < EUR [%] ,0 57,4 55,2 52,0 50,9 51, ,7 51,2 49,5 46,9 45,1 44,8 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Fiscale inkomens < EUR [aantal] - < EUR [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 41 Aantal inkomensaangiften met een totale waarde kleiner dan euro. Het vermelde jaartal is het inkomstenjaar. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal inkomensaangiften. 88

89 Leefloners Maasmechele Totaal leefloners (RMI) en n equivalente leefloners (RMH) [aantal] Totaal leefloners (RMI) en equivalente leefloners (RMH) [%] 0,89 0,74 0,82 0,74 0,61 0,63 0,68 0,70 0,77 0,76 Totaal leefloners (RMI) en equivalente leefloners (RMH) [aantal] Totaal leefloners (RMI) en equivalente leefloners (RMH) [%] 0,76 0,68 0,64 0,56 0,49 0,48 0,55 0,54 0,51 0,82 Bron: POD Maatschappelijke integratie, Armoedebestrijding, Sociale Economie en Grootstedenbeleid Totaal leefloners (RMI) en equivalente leefloners (RMH) [aantal] Aantal begunstigden van het leefloon (RMI) of het equivalent leefloon (RMH) tijdens januari van het vermelde jaar. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het aantal inwoners op actieve leeftijd (18-64 jaar). 89

90 Totaal leefloners (RMI) en equivalente leefloners (RMH) [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 90

91 Ouderen met een IGO of een GIB 43 Ouderen met een inkomensgarantie [aantal] Ouderen met inkomensgarantie [%] een Ouderen met een inkomensgarantie [aantal] Ouderen met inkomensgarantie [%] een ,6 4,6 4,3 4,0 3,8 3,9 3,9 3,7 3, ,3 5,1 4,7 4,3 4,0 3,9 4,2 4,2 4,1 Bron: FOD Sociale Zekerheid - Rijksdienst Voor Pensioenen Ouderen met een inkomensgarantie [aantal] Ouderen met een inkomensgarantie [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 43 Aantal ouderen van 65 jaar of ouder met een inkomensgarantie voor ouderen (IGO) of een gewaarborgd inkomen voor bejaarden (GIB) op 1 januari. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het aantal inwoners van 65 jaar of ouder. 91

92 Mensen die hun recht op voorkeurstarief in de ziekteverzekering opnemen Individuen die recht op voorkeurtarief in de ziekteverzekering opnemen [aantal] Individuen die recht op voorkeurtarief in de ziekteverzekering opnemen [%] 15,0 14,3 14,8 16,1 17,1 Individuen die recht op voorkeurtarief in de ziekteverzekering opnemen [aantal] Individuen die recht op voorkeurtarief in de ziekteverzekering opnemen [%] 13,3 12,6 12,7 13,3 13,9 Bron: Studiedienst Vlaamse Regering op lokalestatistieken.vlaanderen.be Individuen die recht op voorkeurtarief in de ziekteverzekering opnemen [aantal] Aantal personen dat omwille van een relatief laag inkomen geniet van een voorkeursregeling in de ziekteverzekering op 1 januari. Titularissen én personen ten laste van de verhoogde tegemoetkoming én OMNIO (geen onderscheid tussen titularissen en personen ten laste) worden samengeteld. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal inwoners. 92

93 Individuen die recht op voorkeurtarief in de ziekteverzekering opnemen [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 93

94 Kwetsbare groepen Langdurig werkzoekenden Maasmechele >2 jaar werkloos [aantal] n NWWZ >2 jaar werkloos [%] ,4 26,8 28,4 30,0 32,9 28,8 22,0 17,3 24,5 25,6 >2 jaar werkloos [aantal] NWWZ >2 jaar werkloos [%] 18,9 20,9 23,2 31,7 25,4 21,3 25,9 27, ,6 34,4 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat >2 jaar werkloos [aantal] NWWZ >2 jaar werkloos [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 45 Aantal niet-werkende werkzoekenden (NWWZ) dat 2 jaar of langer werkloos is op 31 december. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal niet-werkende werkzoekenden. 94

95 Werkloze gezinshoofden 46 Werkloze gezinshoofden [aantal] Werkloze gezinshoofden [%] 1,5 1,4 1,3 1, ,8 0,8 0,7 0,7 Werkloze gezinshoofden [aantal] Werkloze gezinshoofden [%] Bron: Rijksdienst voor arbeidsvoorziening Werkloze gezinshoofden [aantal] - Werkloze gezinshoofden [%] - Vergelijking met 46 Aantal gezinshoofden zonder werk. Het gaat om dossiers die in december werden ingediend. Worden beschouwd als gezinshoofd: gehuwde werklozen die samenwonen met hun echtgeno(o)t(e) ten laste; werklozen die samenwonen met hun partner ten laste; de werkloze zonder echtgeno(o)t(e) of partner die uitsluitend samenwoont met kinderen en kinderbijslag ontvangt voor minstens één kind (het eventuele inkomen van de andere kinderen is dan van geen belang); de werkloze zonder echtgeno(o)t(e) of partner die samenwoont met één of meerdere kinderen en geen kinderbijslag ontvangt de kinderen hebben geen inkomen hoger dan 329,88 euro. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het aantal inwoners op actieve leeftijd (18-64). 95

96 Dossiers collectieve schuldenregeling 47 Dossiers collectieve schuldenregeling [aantal] Dossiers collectieve schuldenregeling (ratio) [index] 7,2 7,4 8,6 9, ,2 5,6 6,3 7,3 Dossiers collectieve schuldenregeling [aantal] Dossiers collectieve schuldenregeling (ratio) [index] Bron: Nationale Bank van België - Kredietcentrale Dossiers collectieve schuldenregeling [aantal] - Dossiers collectieve schuldenregeling (ratio) [index] - Vergelijking met 47 Aantal dossiers dat valt onder de collectieve schuldenregeling, in juni. De collectieve schuldenregeling wordt enkel gehanteerd als kan bewezen worden dat de schuldenlast zo groot is in verhouding tot het inkomen dat de schuld zeer moeilijk of nooit zal kunnen afbetaald worden. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het aantal inwoners. 96

97 Klanten voor elektriciteit met budgetmeter Klanten elektriciteit met budgetmeter [aantal] Klanten elektriciteit met budgetmeter [%] 2,4 2,5 2,6 2, ,4 1,5 1,6 1,6 Klanten elektriciteit met budgetmeter [aantal] Klanten elektriciteit met budgetmeter [%] Bron: Infrax Klanten elektriciteit met budgetmeter [aantal] Klanten elektriciteit met budgetmeter [%] Vergelijking met 48 Aantal klanten voor elektriciteit met een budgetmeter. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal aansluitingen voor elektriciteit. 97

98 Recht op gezin Enkele gezinstypes in kaart Gezinnen met minderjarige kinderen Eénoudergezinnen met minderjarige kinderen [aantal] Eénoudergezinnen met minderjarige kinderen [%] 17,4 17,4 18,5 19,6 20,8 22,7 23,8 25,1 26,4 Eénoudergezinnen met minderjarige kinderen [aantal] Eénoudergezinnen met minderjarige kinderen [%] 16,4 16,4 17,7 19,2 20,9 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Eénoudergezinnen met minderjarige kinderen [aantal] Eénoudergezinnen met minderjarige kinderen [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 98 22,5 24,7 25,6 27,0

99 Huishoudens met meer dan 5 personen Maasmechele 6 personen en meer [aantal] n 6 personen en meer [%] ,8 3,7 3,7 3,6 3,5 3,3 3,1 3,0 2,9 2, ,4 2,4 2,3 2,2 2,2 2,2 2,1 2,1 2,1 6 personen en meer [aantal] personen en meer [%] 2,5 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie 6 personen en meer [aantal] personen en meer [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 99

100 Het recht op een gezin in gevaar Jongeren in de bijzondere jeugdbijstand 49 Jongeren onder maatregel jeugdbijstand [aantal] bijzondere Jongeren onder jeugdbijstand [%] maatregel bijzondere 3,0 2,9 4,0 4,3 Jongeren onder maatregel jeugdbijstand [aantal] bijzondere Jongeren onder jeugdbijstand [%] bijzondere 2,9 2,8 3,3 3,5 maatregel Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Beleidsdomein WVG - Agenschap Jongerenwelzijn Jongeren onder maatregel bijzondere jeugdbijstand [aantal] - 49 Aantal maatregelen voor jongeren in de bijzondere jeugdbijstand. Dit geeft een beeld van de omvang van de groep minderjarigen die opgroeit in een problematische opvoedingssituatie en/of een als misdrijf omschreven feit heeft gepleegd en om die reden begeleiding krijgt in de bijzondere jeugdbijstand. Een jongere kan in de loop van een jaar meerdere maatregelen doorlopen. Dit cijfer is dus slechts een benadering van het aantal jongeren in de bijzondere jeugdbijstand. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal minderjarigen (0-17 jaar). 100

101 Jongeren onder maatregel bijzondere jeugdbijstand [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 101

102 Kinderen (0-17) met een alleenstaande ouder Kind bij een alleenstaande ouder (017) [aantal] Kind bij een alleenstaande ouder (017) [%] 13,1 13,3 12,9 13,3 13,7 13,4 Kind bij een alleenstaande ouder (017) [aantal] Kind bij een alleenstaande ouder (017) [%] 12,1 12,0 12,0 12,2 12,3 12,2 Bron: Rijksregister Kind bij een alleenstaande ouder (0-17) [aantal] Kind bij een alleenstaande ouder (0-17) [%] Vergelijking met 50 Aantal minderjarige kinderen (0-17 jaar) die opgroeien in een gezin met een alleenstaande ouder. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal minderjarigen (0-17 jaar). 102

103 Alleenwonenden Maasmechele Alleenwonende n [aantal] totaal ,3 22,7 22,9 23,3 23,4 23,8 24,1 24,7 25,4 Alleenwonende totaal [%] Alleenwonende [aantal] 22,3 totaal Alleenwonende totaal [%] 22,0 22,4 22,9 23,3 23,6 24,2 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Alleenwonende totaal [aantal] Alleenwonende totaal [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest ,3 24,6 25,0 25,5

104 Personen met een handicap Naar leeftijd Jongeren (2-18) in het buitengewoon onderwijs Jongeren (2-18) onderwijs [aantal] in het buitengewoon Jongeren (2-18) onderwijs [%] in het buitengewoon 3,8 3,9 4,0 3,9 Jongeren (2-18) onderwijs [aantal] in het buitengewoon Jongeren (2-18) onderwijs [%] in het buitengewoon 3,4 3,5 3,6 3,6 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Jongeren (2-18) in het buitengewoon onderwijs [aantal] - Jongeren (2-18) in het buitengewoon onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 104

105 Personen (21-59) met een integratietegemoetkoming IT jaar [aantal] IT jaar [%] 1,8 1,9 2, ,4 1,5 1,6 IT jaar [aantal] IT jaar [%] Bron: FOD Sociale Zekerheid - DG Personen met een handicap IT jaar [aantal] IT jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 51 De integratietegemoetkoming (IT) wordt toegekend aan de persoon met een handicap bij wie een gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid is vastgesteld. Het bedrag van de integratietegemoetkoming verhoogt naargelang de categorie van verminderde zelfredzaamheid. De integratietegemoetkoming gaat in de meeste gevallen samen met een inkomensvervangende tegemoetkoming. 105

106 Ouderen (65-...) met een integratietegemoetkoming IT jaar [aantal] IT jaar [%] 2,8 2,8 2, ,5 2,4 2,2 IT jaar [aantal] IT jaar [%] Bron: FOD Sociale Zekerheid - DG Personen met een handicap IT jaar [aantal] IT jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 52 De integratietegemoetkoming (IT) wordt toegekend aan de persoon met een handicap bij wie een gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid is vastgesteld. Het bedrag van de integratietegemoetkoming verhoogt naargelang de categorie van verminderde zelfredzaamheid. De integratietegemoetkoming gaat in de meeste gevallen samen met een inkomensvervangende tegemoetkoming. 106

107 Ouderen (65-...) met tegemoetkoming hulp aan bejaarden Ouderen met THAB [aantal] Ouderen (65-...) met een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden [%] 13,6 13,9 13, ,8 12,1 12,0 Ouderen met THAB [aantal] Ouderen (65-...) met een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden [%] Bron: FOD Sociale Zekerheid - DG Personen met een handicap Ouderen met THAB [aantal] Ouderen (65-...) met een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 53 De tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden (THAB) wordt toegekend aan de persoon van 65 jaar of ouder, bij wie een gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid is vastgesteld. Het bedrag van de tegemoetkoming verhoogt naargelang de categorie van verminderde zelfredzaamheid. 107

108 Leefomstandigheden Personen (21-...) met een integratietegemoetkoming Pmh met IT [aantal] Pmh met IT [%] 1,9 1,9 1, ,5 1,6 1,6 Pmh met IT [aantal] Pmh met IT [%] Bron: FOD Sociale Zekerheid - DG Personen met een handicap Pmh met IT [aantal] Pmh met IT [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 54 De integratietegemoetkoming (IT) wordt toegekend aan de persoon met een handicap bij wie een gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid is vastgesteld. Het bedrag van de integratietegemoetkoming verhoogt naargelang de categorie van verminderde zelfredzaamheid. De integratietegemoetkoming gaat in de meeste gevallen samen met een inkomensvervangende tegemoetkoming. 108

109 Personen (21-...) met een inkomensvervangende tegemoetkoming Pmh met IVT [aantal] Pmh met IVT [%] 1,2 1,2 1, ,9 1,0 1,0 Pmh met IVT [aantal] Pmh met IVT [%] Bron: FOD Sociale Zekerheid - DG Personen met een handicap Pmh met IVT [aantal] Pmh met IVT [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 55 De inkomensvervangende tegemoetkoming (IVT) wordt toegekend aan de persoon met een handicap van wie is vastgesteld dat zijn/haar lichamelijke of psychische toestand het verdienvermogen heeft verminderd tot een derde of minder van een gezonde persoon. De inkomensvervangende tegemoetkoming compenseert dit inkomstenverlies. Naast de inkomensvervangende tegemoetkoming kan de persoon eventueel ook aanspraak maken op een integratietegemoetkoming. 109

110 Personen (21-...) met integratie- en inkomensvervangende tegemoetkoming Pmh met IVT en IT [aantal] Pmh met IVT en IT [%] 1,1 1,1 1, ,8 0,8 0,8 Pmh met IVT en IT [aantal] Pmh met IVT en IT [%] Bron: FOD Sociale Zekerheid - DG Personen met een handicap Pmh met IVT en IT [aantal] De integratietegemoetkoming (IT, vermindering van zelfredzaamheid) en de inkomensvervangende tegemoetkoming (IVT, verminderd verdienvermogen) kunnen beiden aan eenzelfde persoon toegekend worden. 110

111 Thuiswonen met een handicap Personen (21-...) met integratietegemoetkoming, niet in een instelling verblijvend Pmh met IT niet in een instelling [aantal] Pmh met IT niet in een instelling [%] 1,7 1,7 1, ,3 1,3 1,3 Pmh met IT niet in een instelling [aantal] Pmh met IT niet in een instelling [%] Bron: FOD Sociale Zekerheid - DG Personen met een handicap Pmh met IT niet in een instelling [aantal] De gerechtigden op een integratietegemoetkoming (persoon met een handicap met een gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid) die opgenomen zijn in een instelling ontvangen een integratietegemoetkoming die met een derde verminderd is. 111

112 Ouderen Naar leeftijd Hoogbejaarden (80-...) Maasmechele jaar [aantal] n jaar [%] jaar [aantal] jaar [%] ,3 2,4 2,5 2,6 2,9 3,0 3,2 3,4 3,6 3, ,8 2,9 3,1 3,3 3,4 3,6 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie jaar [aantal] jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 112 3,8 4,0 4,2 4,4

113 Interne vergrijzing Maasmechele jaar [aantal] n jaar [%] jaar [aantal] jaar [%] ,3 2,4 2,5 2,6 2,9 3,0 3,2 3,4 3,6 3, ,8 2,9 3,1 3,3 3,4 3,6 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie jaar [aantal] Interne vergrijzing [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest 113 3,8 4,0 4,2 4,4

114 Allochtone ouderen Ouderen (60-...) met een origine van EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden Ouderen met een origine van EU-ex-migratielanden of lageinkomenslanden [aantal] Ouderen met een origine van EU-ex-migratielanden of lageinkomenslanden [%] 20,7 21,0 20,9 20,8 21,0 21,4 Ouderen met een origine van EU-ex-migratielanden of lageinkomenslanden [aantal] Ouderen met een origine van EU-ex-migratielanden of lageinkomenslanden [%] 4,8 4,9 5,0 5,1 5,3 5,4 Bron: Rijksregister Ouderen met een origine van EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden [aantal] Aantal personen ouder dan 60 jaar met als nationaliteit bij geboorte een nationaliteit van een EU-exmigratieland of een laaginkomensland. De EU-ex-migratielanden zijn Italië, Spanje, Griekenland en Portugal. Lage-inkomenslanden zijn alle landen die de Wereldbank niet classificeert als high income countries. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal inwoners ouder dan 60 jaar. 114

115 Ouderen met een origine van EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden [%] 2012 Vergelijking met 115

116 Ouderen met een handicap Ouderen (65-...) met een integratietegemoetkoming IT jaar [aantal] IT jaar [%] 2,8 2,8 2, ,5 2,4 2,2 IT jaar [aantal] IT jaar [%] Bron: FOD Sociale Zekerheid - DG Personen met een handicap IT jaar [aantal] IT jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 59 De integratietegemoetkoming (IT) wordt toegekend aan de persoon met een handicap bij wie een gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid is vastgesteld. Het bedrag van de integratietegemoetkoming verhoogt naargelang de categorie van verminderde zelfredzaamheid. De integratietegemoetkoming gaat in de meeste gevallen samen met een inkomensvervangende tegemoetkoming. 116

117 60 Ouderen (65-...) met een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden 2012 Ouderen met THAB [aantal] Ouderen (65-...) met een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden [%] 13,6 13,9 13, ,8 12,1 12,0 Ouderen met THAB [aantal] Ouderen (65-...) met een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden [%] Bron: FOD Sociale Zekerheid - DG Personen met een handicap Ouderen met THAB [aantal] Ouderen (65-...) met een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 60 De tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden (THAB) wordt toegekend aan de persoon van 65 jaar of ouder, bij wie een gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid is vastgesteld. Het bedrag van de tegemoetkoming verhoogt naargelang de categorie van verminderde zelfredzaamheid. 117

118 Ouderen en thuiszorg Tenlastenemingen zorgverzekering (65-...) in de thuiszorg 61 Mantel- en thuiszorg jaar [aantal] Mantel- en thuiszorg jaar [%] 12,3 12,9 13,9 14,1 15, ,3 13,1 13,7 14,5 15,3 Mantel- en thuiszorg jaar [aantal] Mantel- en thuiszorg jaar [%] Bron: Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid Mantel- en thuiszorg jaar [aantal] - Mantel- en thuiszorg jaar [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 61 De Vlaamse zorgverzekering biedt een tegemoetkoming in de kosten voor niet-medische zorgen. Zwaar zorgbehoevenden in de thuissituatie (langdurig en ernstig verminderd zelfzorgvermogen) met een indicatiestelling en alle bewoners van een woonzorgcentrum, een rust- en verzorgingstehuis of een psychiatrisch verzorgingstehuis komen in aanmerking. 118

119 Tenlastenemingen zorgverzekering (65-...) in de residentiële zorg 62 Residentiële zorg jaar [aantal] Residentiële zorg jaar [%] 3,6 3,7 3,7 3,1 2, ,4 4,4 4,5 4,5 4,5 Residentiële zorg jaar [aantal] Residentiële zorg jaar [%] Bron: Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid Residentiële zorg jaar [aantal] - Residentiële zorg jaar [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 62 De Vlaamse zorgverzekering biedt een tegemoetkoming in de kosten voor niet-medische zorgen. Zwaar zorgbehoevenden in de thuissituatie (langdurig en ernstig verminderd zelfzorgvermogen) met een indicatiestelling en alle bewoners van een woonzorgcentrum, een rust- en verzorgingstehuis of een psychiatrisch verzorgingstehuis komen in aanmerking. 119

120 Mantelzorgratio Maasmechele jaar [aantal] n Mantelzorgratio [index] jaar [aantal] Mantelzorgratio [index] 19,9 16,7 19,1 18,4 16,1 15,4 17,6 14,7 16,2 14,1 15,5 13,5 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie jaar [aantal] Mantelzorgratio [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest ,7 12,9 14,0 12,4 13,4 11,7 12,9 11,2

121 Familiale zorgindex Maasmechele jaar [aantal] n jaar [%] jaar [aantal] jaar [%] ,3 2,4 2,5 2,6 2,9 3,0 3,2 3,4 3,6 3, ,8 2,9 3,1 3,3 3,4 3,6 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie jaar [aantal] Familiale zorgindex [index] Vergelijking met en Vlaams Gewest 121 3,8 4,0 4,2 4,4

122 Financiële kwetsbaarheid Ouderen (75-...) die hun recht op voorkeurtarief in de ziekteverzekering opnemen met voorkeurtarief [aantal] met voorkeurtarief [%] 55,2 52,1 51,1 52,5 52, ,3 51,1 49,7 49,2 48,7 75+ met voorkeurtarief [aantal] 75+ met voorkeurtarief [%] Bron: Studiedienst Vlaamse Regering op lokalestatistieken.vlaanderen.be 75+ met voorkeurtarief [aantal] met voorkeurtarief [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 122

123 Minderheden Niet-Belgen naar nationaliteit Niet-Belgen Maasmechele Niet-Belgen [aantal] n Niet-Belgen [%] ,8 18,5 18,3 18,4 18,4 18,7 18,9 19,0 19,0 19, Niet-Belgen [aantal] Niet-Belgen [%] 7,9 8,0 8,1 8,2 8,4 8,7 Bron: Rijksregister Niet-Belgen [aantal] Niet-Belgen [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 63 Aantal personen op 1 januari met een andere dan de Belgische nationaliteit. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal inwoners ,9 9,1 9,3 9,4

124 Niet-Belgen van Maghreblanden en Turkije Maasmechele Maghreblanden en Turkije n [aantal] ,1 14,1 13,3 12,4 11,8 11,4 11,0 11,0 11,0 10,9 Maghreblanden en Turkije [aantal] Maghreblanden en Turkije [%] 12,8 11,8 10,7 10,1 9,7 9,2 9,0 8,9 8,6 Maghreblanden en Turkije [%] 14,1 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Maghreblanden en Turkije [aantal] Maghreblanden en Turkije [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 64 Aantal personen op 1 januari met de huidige Turkse nationaliteit of de nationaliteit van een Maghrebland. De Maghreblanden zijn Marokko, Algerije en Tunesië. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal niet-belgen. 124

125 Niet-Belgen van Oost-Europa 65 Maasmechele Ex-Oostbloklanden [aantal] n Ex-Oostbloklanden [%] Ex-Oostbloklanden [aantal] Ex-Oostbloklanden [%] ,9 1,7 2,0 2,2 2,1 2,9 3,5 4,0 4,5 5, ,7 2,9 3,1 3,7 4,1 5,0 5,7 6,5 7,6 8,8 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Ex-Oostbloklanden [aantal] Ex-Oostbloklanden [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 65 Aantal personen op 1 januari met als huidige nationaliteit een nationaliteit van een ex-oostblokland (Bulgarije, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Polen, Roemenië, Slovenië, Slowaakse Republiek, Tsjechische Republiek, Albanië, Bosnië en Herzegovina, Kosovo, Kroatië, Macedonië, Moldavië, Montenegro, Oekraïne, Rusland / Russische Federatie, Servië en Wit-Rusland). Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal niet-belgen. 125

126 Niet-Belgen van EU-ex-migratielanden Maasmechele EU-ex-migratielanden n [aantal] EU-ex-migratielanden [%] EU-ex-migratielanden [aantal] EU-ex-migratielanden [%] ,2 50,5 49,4 47,6 45,8 43,6 42,3 41,0 39,2 37, ,4 25,1 23,9 22,7 21,4 20,0 19,0 18,2 17,2 16,3 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie EU-ex-migratielanden [aantal] EU-ex-migratielanden [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 66 Aantal personen op 1 januari met als huidige nationaliteit een nationaliteit van een EU-ex-migratieland (Italië, Spanje, Griekenland en Portugal). Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal niet-belgen. 126

127 Niet-Belgen van lage-inkomenslanden Maasmechele Lage-inkomenslanden n [aantal] Lage-inkomenslanden [%] Lage-inkomenslanden [aantal] Lage-inkomenslanden [%] ,5 15,6 14,9 14,3 13,9 14,2 14,3 15,0 16,1 17, ,4 17,6 17,1 17,0 16,9 17,6 17,8 18,6 19,9 21,0 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Lage-inkomenslanden [aantal] Lage-inkomenslanden [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 67 Aantal personen op 1 januari met als huidige nationaliteit een nationaliteit van een laaginkomensland. Lageinkomenslanden zijn alle landen die de Wereldbank niet classificeert als high income countries. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal niet-belgen. 127

128 Inwoners naar herkomst 68 Inwoners van niet-belgische herkomst ,0 48,9 49,6 50,2 50,8 51, ,7 21,3 21,9 22,5 23,0 23,5 Niet-Belgische herkomst [aantal] Niet-Belgische herkomst [%] Niet-Belgische herkomst [aantal] Niet-Belgische herkomst [%] Bron: Rijksregister Niet-Belgische herkomst [aantal] Niet-Belgische herkomst [%] Vergelijking met 68 Aantal personen op 1 januari met een andere dan de Belgische nationaliteit bij geboorte. Personen die als Belg geboren zijn, maar waarvan minstens één van de ouders bij hun geboorte niet de Belgische nationaliteit had, beschouwen we ook als personen van vreemde herkomst. Dit is alleen te bepalen voor de kinderen die tussen en 2012 op een gegeven moment inwoonden bij de ouders. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal inwoners. 128

129 Inwoners met herkomst uit Maghreblanden en Turkije Maghreblanden en Turkije [aantal] Maghreblanden en Turkije [%] 30,5 30,8 30,9 31,4 31,6 31, ,6 28,5 28,5 28,4 28,4 28,4 Maghreblanden en Turkije [aantal] Maghreblanden en Turkije [%] Bron: Rijksregister Maghreblanden en Turkije [aantal] Maghreblanden en Turkije [%] Vergelijking met 69 Aantal personen op 1 januari van Turkse herkomst of herkomst van een Maghrebland. De Maghreblanden zijn Marokko, Algerije en Tunesië. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal personen van niet-belgische herkomst. 129

130 Inwoners met herkomst uit Oost-Europa 70 Ex-Oostbloklanden [aantal] Ex-Oostbloklanden [%] Ex-Oostbloklanden [aantal] Ex-Oostbloklanden [%] ,7 8,0 8,1 8,1 8,2 8, ,8 7,3 7,7 8,1 8,7 9,2 Bron: Rijksregister Ex-Oostbloklanden [aantal] Ex-Oostbloklanden [%] Vergelijking met 70 Aantal personen op 1 januari met als herkomst een land van een ex-oostblokland (Bulgarije, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Polen, Roemenië, Slovenië, Slowaakse Republiek, Tsjechische Republiek, Albanië, Bosnië en Herzegovina, Kosovo, Kroatië, Macedonië, Moldavië, Montenegro, Oekraïne, Rusland / Russische Federatie, Servië en Wit-Rusland). Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal personen van niet-belgische herkomst. 130

131 Inwoners met herkomst uit EU-ex-migratielanden EU-ex-migratielanden [aantal] EU-ex-migratielanden [%] 37,6 36,7 36,0 35,5 34,9 34, ,5 21,8 21,2 20,8 20,3 20,0 EU-ex-migratielanden [aantal] EU-ex-migratielanden [%] Bron: Rijksregister EU-ex-migratielanden [aantal] EU-ex-migratielanden [%] Vergelijking met 71 Aantal personen op 1 januari met als herkomst een EU-ex-migratieland (Italië, Spanje, Griekenland en Portugal). Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal personen van niet-belgische herkomst. 131

132 Inwoners met herkomst uit lage-inkomenslanden Lage-inkomenslanden [aantal] Lage-inkomenslanden [%] 35,0 35,6 36,1 36,8 37,5 38, ,3 38,0 38,5 39,2 40,1 40,7 Lage-inkomenslanden [aantal] Lage-inkomenslanden [%] Bron: Rijksregister Lage-inkomenslanden [aantal] Lage-inkomenslanden [%] Vergelijking met 72 Aantal personen op 1 januari met als herkomst een laaginkomensland. Lage-inkomenslanden zijn alle landen die de Wereldbank niet classificeert als high income countries. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal personen van niet-belgische herkomst. 132

133 Buitenlandse inwijkingen 73 Buitenlandse inwijkingen per inwoners Immigraties - niet-belgen 50,12 [per inwoners] 55,13 60,74 54,43 48,67 70,70 65,36 80,11 79,78 64,15 Immigraties [aantal] niet-belgen Immigraties - niet-belgen 74,26 [per inwoners] 91,71 96,85 91,54 89,83 96,46 95,48 103,71 106,82 89,27 Maasmechele Immigraties n [aantal] - - niet-belgen Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Immigraties - niet-belgen [aantal] Immigraties - niet-belgen [per inwoners] Vergelijking met en Vlaams Gewest 73 Alle personen die zich in de loop van een jaar vanuit het buitenland in de gemeente vestigen. 133

134 Buitenlandse inwijkingen, afkomstig van Nederland Nederland [%] 51,6 48,0 45,7 48,6 47,2 45,6 57,6 57,2 54,3 Nederland [aantal] Nederland [%] 49,5 54,7 55,9 53,9 54,1 54,6 53,8 54,8 48,4 Nederland [aantal] 74 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie Nederland [aantal] Nederland [%] Vergelijking met 74 Alle personen met de Nederlandse nationaliteit, die zich in de loop van een jaar vanuit het buitenland in de gemeente vestigen. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal buitenlandse inwijkingen. 134

135 Buitenlandse inwijkingen, afkomstig van EU-ex-migratielanden en lage-inkomenslanden EU-ex-migratielanden en lageinkomenslanden [aantal] EU-ex-migratielanden en lageinkomenslanden [%] 37,2 38,9 38,1 32,2 36,7 35,6 27,7 31,6 26,6 EU-ex-migratielanden en lageinkomenslanden [aantal] EU-ex-migratielanden en lageinkomenslanden [%] 25,8 23,8 22,8 25,9 25,9 25,3 25,0 24,6 26,5 Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie - Dienst Demografie EU-ex-migratielanden en lage-inkomenslanden [aantal] EU-ex-migratielanden en lage-inkomenslanden [%] Vergelijking met 75 Alle personen met een nationaliteit van een EU-ex-migratieland (Italië, Spanje, Griekenland en Portugal) en een laaginkomensland (elk land dat de Weredlbank niet classificeert als een 'high income country'), die zich in de loop van een jaar vanuit het buitenland in de gemeente vestigen. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal buitenlandse inwijkingen. 135

136 Asielzoekers en erkende vluchtelingen 76 Asielzoekers 2012 Personen op wachtregister [aantal] Personen op wachtregister [per inwoners] 2,94 2,05 1,68 1,27 1,18 1,28 Personen op wachtregister [aantal] Personen op wachtregister [per inwoners] 3,74 3,33 2,91 2,72 2,60 3,04 Bron: Rijksregister Personen op wachtregister [aantal] Personen op wachtregister [per inwoners] Vergelijking met 76 Aantal personen op 1 januari ingeschreven op het wachtregister van de gemeente. Het wachtregister bevat de vreemdelingen die zich vluchteling verklaren of die vragen om als vluchteling te worden erkend. 136

137 Werkzoekenden van diverse herkomst 77 Werkzoekenden met een origine van EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden NWWZ uit EU-ex-migratielanden of lageinkomenslanden [aantal] NWWZ uit EU-ex-migratie- of inkomenslanden tov NWWZ [%] lage- 49,5 53,0 53,3 50,1 52,9 NWWZ uit EU-ex-migratielanden of lageinkomenslanden [aantal] NWWZ uit EU-ex-migratie- of inkomenslanden tov NWWZ [%] 24,8 26,7 29,0 27,9 28,6 lage- Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat NWWZ uit EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden [aantal] - 77 Aantal niet-werkende werkzoekenden met als huidige of vorige nationaliteit een nationaliteit uit een EU-exmigratieland of een laaginkomensland. De EU-ex-migratielanden zijn Italië, Spanje, Griekenland en Portugal. Lage-inkomenslanden zijn alle landen die de Wereldbank niet classificeert als high income countries. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal inwoners op beroepsactieve leeftijd met als nationaliteit bij geboorte een nationaliteit van een EU-ex-migratieland of een laaginkomensland. 137

138 NWWZ uit EU-ex-migratielanden of lage-inkomenslanden [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 138

139 Jongeren Het recht op gezin in gevaar Jongeren in de bijzondere jeugdbijstand 78 Jongeren onder maatregel jeugdbijstand [aantal] bijzondere Jongeren onder jeugdbijstand [%] maatregel bijzondere 3,0 2,9 4,0 4,3 Jongeren onder maatregel jeugdbijstand [aantal] bijzondere Jongeren onder jeugdbijstand [%] bijzondere 2,9 2,8 3,3 3,5 maatregel Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Beleidsdomein WVG - Agenschap Jongerenwelzijn Jongeren onder maatregel bijzondere jeugdbijstand [aantal] - 78 Aantal maatregelen voor jongeren in de bijzondere jeugdbijstand. Dit geeft een beeld van de omvang van de groep minderjarigen die opgroeit in een problematische opvoedingssituatie en/of een als misdrijf omschreven feit heeft gepleegd en om die reden begeleiding krijgt in de bijzondere jeugdbijstand. Een jongere kan in de loop van een jaar meerdere maatregelen doorlopen. Dit cijfer is dus slechts een benadering van het aantal jongeren in de bijzondere jeugdbijstand. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal minderjarigen (0-17 jaar). 139

140 Jongeren onder maatregel bijzondere jeugdbijstand [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 140

141 Risicoschoolloopbanen bij kinderen en jongeren Risicoschoolloopbanen in kleuteronderwijs Risicoschoolloopbanen kleuteronderwijs [aantal] in % risicoschoolloopbanen kleuteronderwijs [%] Risicoschoolloopbanen kleuteronderwijs [aantal] % risicoschoolloopbanen kleuteronderwijs [%] in in in 79 het het 1,6 1,7 1,2 1,7 2,1 1,3 het het 1,6 1,6 1,7 1,7 1,7 1,6 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Risicoschoolloopbanen in het kleuteronderwijs [aantal] - Percentage risicoschoolloopbanen in het kleuteronderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 79 Risicoschoolloopbanen in het kleuteronderwijs op 1 februari. Dit is de optelsom van kleuters met schoolse vertraging in het gewoon kleuteronderwijs en leerlingen buitengewoon kleuteronderwijs. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen kleuteronderwijs, wonend in de gemeente. 141

142 142

143 Risicoschoolloopbanen in lager onderwijs 80 Risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [aantal] % risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [%] 26,8 27,1 27,5 26,6 28,1 27,8 Risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [aantal] % risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [%] 19,7 19,8 19,8 19,8 20,3 20,7 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [aantal] - Percentage risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 80 Risicoschoolloopbanen in het lager onderwijs op 1 februari. Dit is de optelsom van leerlingen met schoolse vertraging in het gewoon lager onderwijs en leerlingen buitengewoon lager onderwijs. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen lager onderwijs, wonend in de gemeente. 143

144 Risicoschoolloopbanen in secundair onderwijs Risicoschoolloopbanen in secundair onderwijs [aantal] % risicoschoolloopbanen secundair onderwijs [%] in Risicoschoolloopbanen in secundair onderwijs [aantal] % risicoschoolloopbanen secundair onderwijs [%] in 81 het het 27,2 27,9 28,4 28,5 28,4 27,7 het het 20,6 20,6 20,5 20,8 21,0 21,5 Bron: Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap - Stafdiensten Onderwijs en Vorming Risicoschoolloopbanen in het secundair onderwijs [aantal] - Percentage risicoschoolloopbanen in het secundair onderwijs [%] - Vergelijking met en Vlaams Gewest 81 Risicoschoolloopbanen in het secundair onderwijs op 1 februari. Dit is de optelsom van leerlingen met minstens één jaar schoolse vertraging in B-stroom/BSO van het gewoon secundair onderwijs, leerlingen met minstens twee jaar schoolse vertraging in A-stroom/ASO-TSO-KSO van het gewoon secundair onderwijs, leerlingen buitengewoon secundair onderwijs en leerlingen deeltijds beroepssecundair onderwijs. Dit aantal wordt bekeken ten opzichte van het totaal aantal leerlingen secundair onderwijs, wonend in de gemeente. 144

145 145

146 Het recht op werk bedreigd Jongeren (18-24), werkzoekend en laaggeschoold Maasmechele Jongeren (18-24 jaar), n werkzoekend en zonder diploma HSO [aantal] Jongeren (18-24 werkzoekend laaggeschoold [%] jaar), en ,3 8,3 8,1 7,3 4,3 5,2 5,6 8,3 6,3 5, ,9 4,9 4,8 3,2 2,8 3,5 4,9 3,8 3,6 Jongeren (18-24 jaar), werkzoekend en zonder diploma HSO [aantal] Jongeren (18-24 werkzoekend laaggeschoold [%] jaar), en 82 4,6 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat Jongeren (18-24 jaar), werkzoekend en zonder diploma HSO [aantal] Aantal niet-werkende werkzoekende jongeren (18-24 jaar) zonder diploma hoger secundair onderwijs ten opzichte van alle jongeren (18-24 jaar). Het gaat om jonge werkzoekenden die geen onderwijs gevolgd hebben, niet meer dan de tweede graad secundair onderwijs of de derde graad beroepsonderwijs, die op leercontract hebben gezeten of (buitenlandse) studies gevolgd hebben die niet erkend zijn. 146

147 Jongeren (18-24 jaar), werkzoekend en laaggeschoold [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 147

148 Jongeren (18-24), langdurig werkzoekend Maasmechele Jongeren (18-24 jaar), n langer dan één jaar werkzoekend [aantal] Jongeren (18-24 langer dan één werkzoekend [%] jaar), jaar ,0 5,8 5,4 4,7 2,3 1,9 2,2 5,2 4,1 3, ,2 3,4 3,0 2,0 1,3 1,3 2,7 2,3 1,9 Jongeren (18-24 jaar), langer dan één jaar werkzoekend [aantal] Jongeren (18-24 langer dan één werkzoekend [%] jaar), jaar 2,0 Bron: VDAB Studiedienst - Arvastat Jongeren (18-24 jaar), langer dan één jaar werkzoekend [aantal] Jongeren (18-24 jaar), langer dan één jaar werkzoekend [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 148

149 Bestaansonzekere jongeren Jongeren (18-24) met een leefloon Leefloners en equivalente leefloners jaar [%] 0,73 0,57 0,82 0,92 0,63 0,87 1,05 0,82 1,31 1,10 Leefloners leefloners [aantal] en equivalente jaar Leefloners en equivalente leefloners jaar [%] 1,01 0,95 0,87 0,93 0,92 0,86 0,88 1,02 1,03 0,96 Maasmechele Leefloners n leefloners [aantal] en equivalente jaar Bron: POD Maatschappelijke integratie, Armoedebestrijding, Sociale Economie en Grootstedenbeleid Leefloners en equivalente leefloners jaar [aantal] Leefloners en equivalente leefloners jaar [%] Vergelijking met en Vlaams Gewest 149

ARMOEDE IN BEELD LEOPOLDSBURG

ARMOEDE IN BEELD LEOPOLDSBURG ARMOEDE IN BEELD LEOPOLDSBURG (Laatste aanpassing van het rapport op 29 januari 2015) (Als je het rapport opent, worden automatisch de meest recente gegevens uit de databank gehaald) Inleiding Het rapport

Nadere informatie

STEEKKAART Toelichting Indicator Datum Bron Toelichting

STEEKKAART Toelichting Indicator Datum Bron Toelichting STEEKKAART 2013 - Toelichting Indicator Datum Bron Toelichting DEMOGRAFIE Totale bevolking 1/1/2012 ADSEI Evolutie bevolking 2001-2011 1/1/2002-1/1/2012 ADSEI Aandeel niet-belgen in totale bevolking 1/1/2012

Nadere informatie

Databank Noord-Limburg in cijfers. 22 november 2012 Stefan Jacques - provincie Limburg directie mens steunpunt sociale planning

Databank Noord-Limburg in cijfers. 22 november 2012 Stefan Jacques - provincie Limburg directie mens steunpunt sociale planning Databank Noord-Limburg in cijfers 22 november 2012 Stefan Jacques - provincie Limburg directie mens steunpunt sociale planning Wat heeft het Steunpunt Sociale Planning lokale besturen te bieden? Steunpunt

Nadere informatie

Omgevingsanalyse en participatief proces

Omgevingsanalyse en participatief proces Subsidieaanvraag lokale kinderarmoedebestrijding 2014-2019 LANAKEN Omgevingsanalyse en participatief proces Kinderen in armoede zijn steeds kinderen van ouders in armoede. 1 Armoede wordt enerzijds uitgedrukt

Nadere informatie

G E M E E N T E L I J K E F I C H E S M I N D E R H E D E N editie 2009

G E M E E N T E L I J K E F I C H E S M I N D E R H E D E N editie 2009 Gemeente Voeren Welkom op de startpagina van de lijke fiches minderheden! De lijke fiches minderheden bevatten een basisdatafiche, een fiche, enkele detailfiches en een fiche met demografische gegevens

Nadere informatie

G E M E E N T E L I J K E F I C H E S D E M O G R A F I E Editie 2011

G E M E E N T E L I J K E F I C H E S D E M O G R A F I E Editie 2011 Gemeente Maasmechelen Welkom op de startpagina van de gemeentelijke fiches demografie! De gemeentelijke fiches demografie bevatten een basisdatafiche, een fiche en een fiche met demografische gegevens

Nadere informatie

RAPPORT KANSARMOEDE-INDICATOREN IN ERPE-MERE

RAPPORT KANSARMOEDE-INDICATOREN IN ERPE-MERE RAPPORT KANSARMOEDE-INDICATOREN IN ERPE-MERE Bij het openen van het rapport worden de meest recente gegevens uit de databank gehaald. Inleiding In dit document worden de kansarmoede-indicatoren weergegeven

Nadere informatie

Limburg Sociaal Enkele cijfers. 17 juni 2014 Steunpunt Sociale Planning

Limburg Sociaal Enkele cijfers. 17 juni 2014 Steunpunt Sociale Planning Limburg Sociaal Enkele cijfers 17 juni 2014 Steunpunt Sociale Planning Inhoud Inleiding Bestaansonzekerheid in Limburg Inkomen ter hoogte van wettelijke armoedegrens Recht op voorkeurtarief in de ziekteverzekering

Nadere informatie

Omgevingsanalyse Harelbeke December 2014

Omgevingsanalyse Harelbeke December 2014 Omgevingsanalyse Harelbeke December 2014 Inhoudsopgave Inleiding... 3 1. Demografie... 5 1.1 Kenmerken bevolking (bron: Rijksregister, 01.01.2014)... 5 Bevolkingsdichtheid... 5 Leeftijdsverdeling... 5

Nadere informatie

COULEUR LOCALE Mechelen Diversiteit in Mechelen

COULEUR LOCALE Mechelen Diversiteit in Mechelen COULEUR LOCALE Mechelen Diversiteit in Mechelen 07.03.2017 Commissie Welzijn arbeidsmarkt Terminologie buitenlandse herkomst : personen die legaal en langdurig in België verblijven, en die bij hun geboorte

Nadere informatie

G E M E E N T E L I J K E F I C H E S D E M O G R A F I E Editie 2011

G E M E E N T E L I J K E F I C H E S D E M O G R A F I E Editie 2011 Gemeente Sint-Truiden Welkom op de startpagina van de gemeentelijke fiches demografie! De gemeentelijke fiches demografie bevatten een basisdatafiche, een fiche en een fiche met demografische gegevens

Nadere informatie

OMGEVINGSANALYSE 2013 GEMEENTE ZELE

OMGEVINGSANALYSE 2013 GEMEENTE ZELE OMGEVINGSANALYSE 2013 GEMEENTE ZELE 1 Inhoud 1 Inleiding...4 2 Vaststellingen vanuit VRIND 2012...4 3 Sociaal-economische typologie van de Oost-Vlaamse gemeenten...5 4 Demografie...5 4.1 Totale bevolking

Nadere informatie

3 SWOT-ANALYSE Omgevingsanalyse

3 SWOT-ANALYSE Omgevingsanalyse OMGEVINGSANALYSE 1 ALGEMEEN... 4 1.1 Demografische kenmerken... 4 Woongemeente... 4 Bevolkingsaantal... 4 Evolutie bevolkingsaantal tussen 2000 en 2010... 4 Bevolkingsprojectie 2010-2030... 4 Bevolkingsdichtheid...

Nadere informatie

EXTERNE OMGEVINGSANALYSE GOOIK. Lokaal sociaal beleidsplan

EXTERNE OMGEVINGSANALYSE GOOIK. Lokaal sociaal beleidsplan EXTERNE OMGEVINGSANALYSE GOOIK Lokaal sociaal beleidsplan 2014-2019 1 INHOUDSTAFEL INLEIDING 3 1. ALGEMENE KENMERKEN 4 1. 1 BEVOLKING Bevolking en bevolkingsgroei Geboorten en sterftes 5 Leeftijdsverdeling

Nadere informatie

Woonwagenbewoners 6 Aantal woonwagengezinnen in 2003 en 2011 6

Woonwagenbewoners 6 Aantal woonwagengezinnen in 2003 en 2011 6 Oostende Inhoudstafel Demografie Vreemdelingen 1 en aandeel personen met vreemde nationaliteit in 2014 1 en aandeel vreemdelingen, totaal en naar nationaliteitsgroep 1 en aandeel vreemdelingen met nationaliteit

Nadere informatie

VDAB WERKLOOSHEIDSBERICHT JANUARI Kerncijfers werkloosheid. Evolutie Werkloosheid. NWWZ Vlaams Gewest - absolute aantallen

VDAB WERKLOOSHEIDSBERICHT JANUARI Kerncijfers werkloosheid. Evolutie Werkloosheid. NWWZ Vlaams Gewest - absolute aantallen VDAB WERKLOOSHEIDSBERICHT JANUARI 2018 Kerncijfers werkloosheid jan 2018 jaarverschil aandeel NWWZ 209.027-6,0% Categorie WZUA 143.239-7,4% 68,5% BIT 12.646-9,6% 6,0% Vrij ingeschreven 28.999-7,5% 13,9%

Nadere informatie

Algemeen rapport: vergelijk Postzones: Antwerpen Noord (2060), Antwerpen Kiel (2020), Antwerpen Linkeroever (2050), Borgerhout (2140)

Algemeen rapport: vergelijk Postzones: Antwerpen Noord (2060), Antwerpen Kiel (2020), Antwerpen Linkeroever (2050), Borgerhout (2140) Inhoud Algemeen rapport: vergelijk Postzones: Antwerpen Noord (2060), Antwerpen Kiel (2020), Antwerpen Linkeroever (2050), Borgerhout (2140) Dit rapport brengt de Postzones: Antwerpen Noord (2060), Antwerpen

Nadere informatie

Kansarmoede-profiel Westhoek

Kansarmoede-profiel Westhoek 1. Kansarmoede-profiel uit de Regionale Omgevingsanalyse: De Westhoek omvat alle gemeenten van de arrondissementen Diksmuide, Ieper (uitgezonderd Wervik) en Veurne (uitgezonderd de 3 kustgemeenten). Index

Nadere informatie

Arbeidsmarkt personen met een arbeidshandicap

Arbeidsmarkt personen met een arbeidshandicap Streekpact 2013-2018 Cijferanalyse Publicatiedatum: 30 september 2013 Contactpersoon: Kim Nevelsteen Arbeidsmarkt personen met een arbeidshandicap Samenvatting De ene persoon met een arbeidshandicap is

Nadere informatie