Omgevingsvisie Katwijk
|
|
|
- Suzanna de Meyer
- 6 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Omgevingsvisie Katwijk Advies over reikwijdte en detailniveau van het milieueffectrapport 12 december 2017 / projectnummer: 3234
2
3 1. Samenvatting van het advies Inleiding De gemeente Katwijk werkt aan een Omgevingsvisie. Deze visie voor het gehele gemeentelijk gebied wordt opgesteld volgens de ideeën van de Omgevingswet. De visie moet het sectorale ruimtelijke beleid vervangen. Doel van de Omgevingsvisie De Omgevingsvisie wordt een inspiratiedocument voor de ontwikkeling van Katwijk in de periode tot 2030 en daarna. Het wordt een strategisch document op hoofdlijnen, voorzien van een strategische agenda en (beleids-)instrumenten voor verdere implementatie en uitwerking. Aan de omgevingsvisie worden programma s gekoppeld waarin de keuzes op strategisch niveau verder worden uitgewerkt. 1 Doel van een omgevingsvisie en m.e.r. Voor de omgevingsvisie wordt een procedure van een milieueffectrapportage (m.e.r.) doorlopen om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in de plan- en besluitvorming te brengen. Gezien de voortgang in het proces van de omgevingsvisie is er door de gemeente voor gekozen de m.e.r. pragmatisch aan te pakken en in te passen in het planproces voor de Omgevingsvisie. Het Milieueffectrapport (MER) zal de gevolgen voor de leefomgeving in beeld brengen van de (strategische) keuzes in de Omgevingsvisie. Het detailniveau van uitwerking en onderzoek naar effecten zal moeten aansluiten. Tegen de achtergrond van de hiervoor geschetste doelen van de Omgevingsvisie en de m.e.r. heeft de Commissie voor de m.e.r. (hierna de Commissie ) 2 haar advies opgesteld. Zij voegt daaraan toe dat zij het MER ziet als een hulpmiddel om inzicht te krijgen in de haalbaarheid en verenigbaarheid van de ambities en doelstellingen. En als hulpmiddel bij het bepalen van de agenda voor vervolgonderzoeken en opgaven die moeten worden uitgewerkt in bijvoorbeeld gebiedsvisies, omgevingsplannen, programma s en andere (beleids-)instrumenten. Advies van de Commissie over de inhoud van het MER De Commissie heeft voorafgaand aan de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) een advies gegeven over de Inhoud en aanpak van de NRD en het MER. 3 De Commissie ziet een aantal onderdelen van dit advies terug in de NRD en de daarin geschetste aanpak van het MER. Katwijk heeft daarmee de koppeling van de m.e.r.-procedure aan het proces van de Omgevingsvisie expliciet gemaakt. 1 Dit advies is in het kader van één van de pilotprojecten MER en Omgevingswet die de Commissie in overleg met het ministerie van Infrastructuur en Milieu en de gemeente Katwijk heeft geselecteerd. Doel van de pilots is om vooruitlopend op de invoering van de Omgevingswet te experimenteren met het opstellen van het milieueffectrapport en het instrumentarium van deze nieuw wet. De advieslijn zoals verwoord in dit advies zal de komende tijd verder ontwikkelen en waar nodig nog worden aangepast. 2 De samenstelling en werkwijze van de werkgroep van de Commissie m.e.r. en verdere projectgegevens staan in bijlage 1 van dit advies. U vindt de projectstukken die bij het advies zijn gebruikt, via de link 3234 of door dit nummer op in te vullen in het zoekvak. 3 Omgevingsvisie Katwijk. Advies over de inhoud van de notitie reikwijdte en detailniveau en het milieueffectrapport. 5 september / projectnummer:
4 De Commissie constateert echter ook dat de NRD nog niet eenduidig is over de te hanteren aanpak. De gemeente Katwijk hanteert verschillende ordeningen/indelingen voor de beschrijving van de informatie en doelenstellingen in het MER. Zo wordt gesproken over Zeven doelstellingen (plus een achtste doelstelling), vijf gebiedsgerichte programma s, m.e.r. (beoordelings-)plichtige activiteiten (projecten), vier thematische programma s, verhaallijnen en vier thema s. Deze ordeningen/indelingen hebben raakvlakken en overlappen elkaar op verschillende manieren, zowel inhoudelijk als geografisch. In de notitie worden alle ordeningen naast elkaar benoemd en er wordt een poging gedaan ze in de omgevingsvisie en het MER bij elkaar te brengen. De Commissie constateert dat hiermee de aanpak van het MER niet goed navolgbaar is. Daarnaast bevat het beoordelingskader met de acht doelstellingen indicatoren die onderling sterk verschillen van abstractieniveau en daardoor niet allemaal aansluiten bij het abstractieniveau van de Omgevingsvisie. De Commissie adviseert een duidelijke lijn in het MER aan te brengen door: De verschillende doelstellingen en thema s te bundelen tot vier hoofdthema s; o Gezonde leefomgeving; o Economie; o Klimaat, duurzame energie en mobiliteit en o Landschappelijke kwaliteiten (stedelijk en landelijk). Onder deze vier thema s de doelen verder concreet uit te werken. Dit kan door een doelenboom uit te werken waarbij voor iedere fase van de planvorming de doelen aansluiten bij het niveau waarop besluitvorming plaatsvindt. Hierbij kan worden gedacht aan de verschillende fasen in het ruimtelijk beleid van omgevingsvisie, programma, gebiedsvisie, omgevingsplan, omgevingsvergunning en uitvoering. Leeswijzer en uitwerking van het MER Ter ondersteuning van bovenstaande adviezen werkt de Commissie de volgende stappen verder uit in dit advies: Uitwerken van ambities en concretiseren van doelstellingen van de Omgevingsvisie; Invulling van de foto s van de leefomgeving, huidige situatie, autonome ontwikkeling en scenario-analyses; Bepalen van de beleidskeuzes (alternatieven) om te komen tot de gewenste ontwikkelingsrichtingen. En benoemen van de opgaven en onderzoeksagenda en koppeling aan de verschillende instrumenten; Verder uitwerken en invullen van het beoordelingskader en doelenboom, en; Monitoring, evaluatie en maatregelen achter de hand. Achtergrond advies Commissie Op 5 september 2017 heeft de Commissie een advies gegeven over de inhoud en aanpak van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau en het MER. Op basis van dit advies is de gemeente Katwijk de m.e.r.-procedure gestart. In de NRD wordt een aantal adviezen van de Commissie ook al uitgewerkt of wordt gerefereerd aan het advies van de Commissie dat in het MER verder zal worden uitgewerkt. Het nu voorliggende advies over de NRD moet worden gelezen in aanvulling op het eerder door de Commissie uitgebrachte advies. 2. Verder uitwerken van de doelstellingen Doel van de Omgevingsvisie is de gewenste (ruimtelijke) toekomst van Katwijk schetsen. Om dit toekomstbeeld te kunnen realiseren heeft Katwijk zeven doelstellingen geformuleerd. -2-
5 Deze doelstellingen zijn tot stand gekomen op basis van het al doorlopen Omgevingsvisieproces. De Commissie adviseert in het MER te beschrijven hoe de doelstellingen tot stand zijn gekomen. Zij beveelt aan de doelen te combineren met de vier themagerichte programma s en daarbij een beperkt aantal hoofddoelstellingen te benoemen. Dit kan bijvoorbeeld door de zeven doelstellingen en de thema s te bundelen tot: Gezonde en leefbare wijken (doel 4 en 6) Klimaat en duurzame energie en mobiliteit (doel 2 en doel 5) Economie (doel 1) Landschappelijke en stedelijke kwaliteit (doel 3 en doel 7) De Commissie adviseert deze doelstellingen uit te werken op het niveau van de omgevingsvisie en ze daarbij zoveel mogelijk specifiek te maken. Doel van deze uitwerking op het niveau van de Omgevingsvisie is het maken van strategische keuzes en nagaan of doelstellingen haalbaar zijn en verenigbaar. De Commissie geeft hierna enkele voorbeelden van uitwerking van doelenstellingen op niveau van de Omgevingsvisie. Klimaat, duurzame mobiliteit en energie Maak duidelijk of hier energieneutraal of klimaatneutraal wordt nagestreefd. Het is namelijk niet aannemelijk dat Katwijk energie- of klimaatneutraal wordt. Een deel van de vraag naar energie kan wel in Katwijk worden geproduceerd. Nu is dat 0,11 % zoals de gemeente zelf constateert. De vraag is welk aandeel dat zou moeten zijn en van welke energievraag, de gebouwen en/of de voertuigen en/of de bedrijven? In de klimaatdiscussie is ook het jaar 2030 belangrijk. Het Rijk streeft naar halvering van de CO2-emissie in De vraag is of Katwijk hier ook een doel wil stellen? Bij doelstelling duurzame mobiliteit staat als indicator modal shift auto fiets OV. Werk deze indicator uit en ga daarbij in op de gewenste verschuiving van de vervoerwijzen en geef aan welke aandelen de gemeente nastreeft per vervoerswijze. Geef ook aan wat onder deze doelstelling valt. Geldt deze voor de inwoners of ook voor bezoekers? Gaat het ook over verschillende vervoerstromen zoals goederenvervoer, naast personenvervoer? De doelstellingen die horen bij het onderwerp klimaatbestendig zijn nog niet concreet ingevuld. Nu is dat in dit stadium ook lastig omdat voor veel aspecten van klimaatbestendigheid geen richtlijnen of normen gelden. Vanuit het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie worden alle gemeenten opgeroepen om een klimaatstresstest uit te voeren die in 2019 gereed moet zijn. Deze stresstest kan helpen om de doelstellingen aan te scherpen en tot concrete doelen te komen die in de Omgevingsvisie kunnen worden opgenomen. 3. Foto s van de leefomgeving en scenario s In haar eerdere advies adviseerde de Commissie verschillende foto s van de leefomgeving uit te werken. Een beschrijving van de huidige situatie, hier heeft Katwijk in de NRD al een eerste aanzet toe gedaan. De Commissie adviseert deze verder uit te werken. Werk ook de leefomgevingsfoto uit van de toekomstige situatie/autonome ontwikkeling. Door deze twee foto s met elkaar te vergelijken en af te zetten tegen de gewenste doelstellingen ontstaat een beeld -3-
6 van de keuzen die Katwijk kan maken om doelen te realiseren. Op basis van deze informatie kan ook de keuze worden gemaakt om de doelstellingen bij te stellen. 4. Beleidskeuzen en alternatieven Met de (nieuwe) Omgevingswet heeft de gemeente diverse instrumenten tot haar beschikking om de ruimtelijke ambities en doelstellingen te realiseren. De Omgevingsvisie moet richting geven aan de wijze waarop deze instrumenten worden ingezet. De gemeente heeft eerder al aangegeven dat zij wil inzetten op gebiedsgerichte en themagerichte programma s. De Commissie adviseert de beleidsopgaven zoals geformuleerd op basis van de confrontaties van de leefomgevingsfoto s, ambities en doelen te vertalen naar programma s, gebiedsvisies en omgevingsplannen. De Commissie adviseert daarbij de volgende stappen te doorlopen: 1. Benoem de beleidsopgaven op basis van de confrontaties van de verschillende leefomgevingsfoto s; 2. Werk de strategische/richtinggevende beleidsuitspraken, gebaseerd op de opgaven, uit in de omgevingsvisie; 3. Geef aan hoe de strategische uitspraken doorvertaling kunnen krijgen in programma s, gebiedsvisies en omgevingsplannen. Daarbij is van belang aan te geven welke beleidskeuzes mogelijk zijn, hoe de doelstellingen daarmee kunnen worden behaald, welke effecten optreden en hoe dit kan worden gemonitord. De Commissie ziet een dergelijke werkwijze met het expliciet maken van beleidskeuzen als alternatieven onderzoek in het MER bij de Omgevingsvisie. Te denken valt aan keuzes zoals waar ruimtelijke ontwikkelingen kunnen plaatsvinden, de aard van deze ontwikkelingen en de wijze waarop daar richting aan wordt gegeven. Onderzoek ook of ambities en doelstellingen elkaar kunnen versterken en/of aanvullen of dat ze juist strijdig met elkaar zijn en elkaar tegenwerken. Dit zijn de zogenaamde botsproeven waarin wordt onderzocht hoe robuust het nieuwe beleid is en waar kansen en bedreigingen van het nieuwe beleid liggen. Dit sluit aan bij de voorgestelde pragmatische aanpak in paragraaf van de NRD, waarin wordt aangegeven dat het m.e.r. moet leiden tot inzicht in de dilemma s en keuzevraagstukken voor het vervolg. 5. Uitwerking beoordelingskader en doelenboom In paragraaf 3.4 van de NRD is het beoordelingskader uitgewerkt op basis van de zeven doelstellingen met daarbij verschillende indicatoren. Aan dit kader is een achtste doelstelling toegevoegd. Deze doelstelling bevat indicatoren die vanwege wettelijke bepalingen moeten worden bekeken. Van een groot aantal indicatoren bij de zeven gemeentelijke doelstellingen is het voor de Commissie niet duidelijk hoe deze een bijdrage leveren aan de hoofddoelstellingen. Zij is dan ook van mening dat tussen de doelstellingen en de indicatoren van het beoordelingskader een aantal stappen ontbreken. De Commissie adviseert daarom een zogenaamde doelenboom uit te werken. Start daarbij met de hoofddoelstellingen (zie hoofdstuk 2) van de Omgevingsvisie, werk deze uit in subdoelen (de richtinggevende beleidsuitspraken) en voeg hier de instrumenten en middelen die de gemeente tot haar beschikking heeft aan toe. Toets hoe met de subdoelen een bijdrage wordt geleverd aan de hoofddoelstellingen. -4-
7 Op deze wijze kan de Omgevingsvisie richting geven aan de uitwerking van de verschillende instrumenten die de gemeente tot haar beschikking heeft. Daarmee vormt de Omgevingsvisie ook een agenda en prioritering van de verder uit te werken programma s, gebiedsvisies en omgevingsplannen. Energie en klimaat Voor energie en klimaat kan de doelenboom bijvoorbeeld vorm worden gegeven door een doel te formuleren voor het aandeel eigen energieopwekking in 2030 en Dit kan worden uitgedrukt als percentage van het energiegebruik van alle energiegebruikers in Katwijk. Voor klimaatemissies kunnen ook percentages worden genoemd voor deze 2 jaartallen. Vervolgens kan in de gebiedsvisies per dorpskern of deelgebied worden aangegeven of meer/minder dan de hele doelstelling van de gemeente Katwijk wordt bijgedragen. Eén van de programma s kan zijn gericht op het verlagen van de klimaatemissies en het verhogen van de eigen opwekking in specifieke maatregelen in de gehele gemeente, gedifferentieerd naar dorpskern en gebruikssector (huishoudens/woningen, bedrijven of vervoer). 6. Monitoring, evaluatie en maatregelen achter de hand. De Commissie adviseert de monitoring aan te laten sluiten bij de foto van de leefomgeving en het beoordelingskader. De foto van de leefomgeving is ook de referentie (T0) voor de monitoring. En de indicatoren uit het beoordelingskader sluiten aan bij de indicatoren uit de monitoring. Dit draagt bij aan een heldere lijn in de planvorming van opstellen van de visie, naar vertalen in programmering, de uitvoering en monitoring en evaluatie. Op basis daarvan kunnen na verloop van tijd de uitkomsten van het MER worden vergeleken met uitkomsten van de monitoring. Waar nodig kan dat leiden tot het aanpassen van beleid of inzetten van maatregelen achter de hand. Vragen die aan de hand van het monitorings- en evaluatieprogramma beantwoord kunnen worden zijn: welke ontwikkelingen hebben plaatsgevonden sinds de vorige check en hoe ziet de leefomgevingsfoto er nu uit?; worden de doelstellingen per gebied en programma voldoende gerealiseerd?; voldoen de gestelde kaders en is meer of minder sturing van de gemeente gewenst?; in hoeverre beïnvloeden ontwikkelingen in het ene thema of programma elkaar en wat zijn deze invloeden?; hoe kunnen bestaande onzekerheden en leemtes in kennis inzichtelijk worden gemaakt?; zijn er grote wijzigingen die bijstelling van gemeentelijk beleid noodzakelijk maken? En waar moeten deze aanpassingen plaatsvinden? omgevingsvisie, thema s of programma s? -5-
8 7. Overige opmerkingen 7.1 Leemten in milieu-informatie Het MER moet aangeven over welke milieuaspecten onvoldoende informatie kan worden opgenomen door gebrek aan gegevens. Spits dit toe op milieuaspecten die in verdere besluitvorming een belangrijke rol spelen, zodat de consequenties van het ontbreken van deze informatie kan worden beoordeeld. Geef ook aan of dat wat ontbreekt op korte termijn kan worden ingevuld. 7.2 Vorm en presentatie Bijzondere aandacht verdient de presentatie van de vergelijkende beoordeling van de keuzes en alternatieven. Presenteer de vergelijking bij voorkeur met behulp van tabellen, figuren en kaarten. Zorg ervoor dat: het MER zo beknopt mogelijk is, onder andere door achtergrondgegevens niet in de hoofdtekst zelf te vermelden, maar in een bijlage op te nemen; een verklarende woordenlijst, een lijst van gebruikte afkortingen en een literatuurlijst zijn opgenomen en; recent, goed leesbaar kaartmateriaal is gebruikt, met duidelijke legenda. 7.3 Samenvatting van het MER De samenvatting is het deel van het MER dat vooral wordt gelezen door besluitvormers en insprekers en het verdient daarom bijzondere aandacht. Het moet als zelfstandig document leesbaar zijn en een goede afspiegeling zijn van de inhoud van het MER. Daarbij moeten de belangrijkste zaken zijn weergegeven, zoals: het voorgenomen beleid en keuzeopties; de belangrijkste effecten voor het milieu; de vergelijking van de beleidskeuzen en de argumenten voor de selectie van het voorgenomen beleid (ontwerp-visie). -6-
9 BIJLAGE 1: Projectgegevens toetsing MER Hoe toetst de Commissie? De Commissie bestaat uit een werkgroep van deskundigen. Deze werkgroep beoordeelt of het milieueffectrapport de benodigde milieu-informatie bevat en of deze juist is. Als er informatie ontbreekt, onvolledig of onjuist is, beoordeelt de Commissie of zij die essentieel vindt. Dat is het geval als aanvullende informatie in de ogen van de Commissie kan leiden tot andere afwegingen. In die gevallen adviseert de Commissie de ontbrekende informatie alsnog beschikbaar te stellen, vóór het besluit wordt genomen. De werkgroep bezoekt hierbij ook het gebied waar milieugevolgen kunnen optreden. Meer informatie over de werkwijze van de Commissie vindt u op: Wie zit er in de werkgroep? Bij dit project bestaat de werkgroep uit: Jan Bakker Hasse Goosen Wim Korver Roel Meeuwsen (secretaris) Frans Rooijers Tom Smit (voorzitter) Wat is het besluit waarvoor dit milieueffectrapport is opgesteld? Het MER wordt opgesteld voor de Omgevingsvisie. Waarom wordt hiervoor een milieueffectrapport opgesteld? Voor alle activiteiten die grote milieugevolgen kunnen hebben, moet in Nederland een milieueffectrapport worden opgesteld. De bijlagen C en D bij het Besluit m.e.r. geven aan wanneer dit het geval is. Voor deze procedure gaat het in ieder geval om de activiteiten C01.1, C01.2, D11.2 en vanwege de Passende beoordeling die nodig is vanwege mogelijke effecten op Natura 2000 gebieden. Wie besluit over Omgevingsvisie Katwijk? De gemeenteraad van Katwijk. Wie neemt het initiatief? Het college van burgemeester en wethouders van Katwijk. Heeft de Commissie ook zienswijzen en adviezen bij haar advies betrokken? De Commissie heeft alle zienswijzen en adviezen, die zij tot en met 12 december 2017 van het bevoegd gezag heeft ontvangen, voor zover relevant voor het milieueffectrapport in haar advies verwerkt. Waar vind ik de stukken die de Commissie heeft beoordeeld? U vindt de projectstukken die bij het advies zijn gebruikt, door op projectnummer 3234 in te vullen in het zoekvak.
10
Omgevingsvisie provincie Noord-Brabant
Omgevingsvisie provincie Noord-Brabant Tussentijds advies over de inhoud van het milieueffectrapport 12 december 2017 / projectnummer: 3198 1. Tussentijds advies over de inhoud van het MER Inleiding De
Noordelijke Randweg Zevenbergen, gemeente Moerdijk
Noordelijke Randweg Zevenbergen, gemeente Moerdijk Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 15 mei 2017 / projectnummer: 2732 1. Toetsingsadvies Inleiding De gemeente Moerdijk
Omgevingsvisie Katwijk
Omgevingsvisie Katwijk Advies over de inhoud van de notitie reikwijdte en detailniveau en het milieueffectrapport 5 september / projectnummer: 3234 1. Inhoud en aanpak van de Notitie R&D en het MER 1.1
Bestemmingsplan buitengebied 2016 gemeente Simpelveld
Bestemmingsplan buitengebied 2016 gemeente Simpelveld Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 11 april 2016 / projectnummer: 3109 1. Oordeel over het Milieueffectrapport De gemeente Simpelveld heeft
Havenkwartier Zeewolde
Havenkwartier Zeewolde Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 8 september 2011 / rapportnummer 2459 60 Oordeel over het MER Voor de aanleg van de woonwijk Polderwijk te Zeewolde is in 2003 de procedure
Bestemmingsplan Maastricht Aachen Airport, Businesspark AviationValley
Bestemmingsplan Maastricht Aachen Airport, Businesspark AviationValley Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 17 augustus 2016 / projectnummer: 3103 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER)
Droge Voeten 2050, beheergebied waterschap Noorderzijlvest
Droge Voeten 2050, beheergebied waterschap Noorderzijlvest Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 18 september 2014 / rapportnummer 2820 43 1. Oordeel over het Milieueffectrapport (MER) De provincies
Bestemmingsplan Bedrijventerrein Oosterhorn (Industrieterrein Delfzijl)
Bestemmingsplan Bedrijventerrein Oosterhorn (Industrieterrein Delfzijl) Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvullingen wind en geur 16 mei 2017 / projectnummer: 3041 1. Toetsingsadvies
Transformatie havengebied Breskens
Transformatie havengebied Breskens Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 26 april 2018 / projectnummer: 3092 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente Sluis en de provincie Zeeland
Uitbreiding pluimveehouderij Harmes BV te Klazienaveen, gemeente Emmen
Uitbreiding pluimveehouderij Harmes BV te Klazienaveen, gemeente Emmen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 9 november 2016/ projectnummer: 3156 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Harmes
Bestemmingsplan Buitengebied-West, gemeente De Ronde Venen
Bestemmingsplan Buitengebied-West, gemeente De Ronde Venen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 17 oktober 2017 / projectnummer: 3232 1. Oordeel over het Milieueffectrapport (MER) De gemeente
Bestemmingsplan buitengebied gemeente Kampen
Bestemmingsplan buitengebied gemeente Kampen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 29 november 2013 / rapportnummer 2844 24 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente Kampen wil
Uitbreiding van de opslagvoorzieningen voor radioactief afval bij COVRA op industrieterrein Vlissingen-Oost
Uitbreiding van de opslagvoorzieningen voor radioactief afval bij COVRA op industrieterrein Vlissingen-Oost Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 30 december 2014 / rapportnummer 2617 39 1. Oordeel
Uitbreiding pluimveehouderij Buijs VOF te Emmer-Compascuum
Uitbreiding pluimveehouderij Buijs VOF te Emmer-Compascuum Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 9 november 2016 / projectnummer: 3157 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Landbouwbedrijf
Varkensbedrijf Broekkantsestraat 7-9, Beek en Donk
Varkensbedrijf Broekkantsestraat 7-9, Beek en Donk Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 16 december 2016 / projectnummer: 3163 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Varkensbedrijf Wiljan
Waterbeheerplan Aa en Maas
Waterbeheerplan Aa en Maas Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 25 februari 2015 / rapportnummer 2871 26 1. Oordeel over het Milieueffectrapport (MER) Het Waterschap Aa en Maas stelt een nieuw
Varkenshouderij Hendriks te Ter Apel, gemeente Vlagtwedde
Varkenshouderij Hendriks te Ter Apel, gemeente Vlagtwedde Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 1 oktober 2014 / rapportnummer 2960 10 Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Initiatiefnemer,
Uitbreiden van veehouderij Van Deuveren, Beitelweg 5-7 te Putten
Uitbreiden van veehouderij Van Deuveren, Beitelweg 5-7 te Putten Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 1 september 2016 / projectnummer: 2736 1. Oordeel over het milieueffectrapport Maatschap van
Vleeskuikenhouderij Haambergweg 11 te Beringe, gemeente Peel en Maas
Vleeskuikenhouderij Haambergweg 11 te Beringe, gemeente Peel en Maas Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 30 juni 2015 / rapportnummer 2999 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De firma
Bestemmingsplan Landelijk Gebied Vlist, gemeente Krimpenerwaard
Bestemmingsplan Landelijk Gebied Vlist, gemeente Krimpenerwaard Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 29 juli 2015 / rapportnummer 3060 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente
Omgevingsvisie en m.e.r.
Omgevingsvisie en m.e.r. Nieuwe aanpak voor m.e.r. Kennissessie Commissie m.e.r. - 5 juni 2018 1 Programma kennissessie Welkom en kennismaking Omgevingswet, omgevingsvisies en m.e.r., inleiding Ervaringen
Uitbreiding kuikenmesterij Haan VOF in Nieuw Weerdinge, gemeente Emmen
Uitbreiding kuikenmesterij Haan VOF in Nieuw Weerdinge, gemeente Emmen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 8 november 2016 / projectnummer: 3144 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) VOF
Stedelijke ontwikkeling Overamstel, Amsterdam
Stedelijke ontwikkeling Overamstel, Amsterdam Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 22 augustus 2013 / rapportnummer 2564 58 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente Amsterdam
Bestemmingsplan buitengebied Wageningen
Bestemmingsplan buitengebied Wageningen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 12 augustus 2013 / rapportnummer 2755 40 1. Oordeel over het MER De gemeente Wageningen wil haar bestemmingsplan voor
Omgevingsplan Binckhorst
Omgevingsplan Binckhorst Tussentijds toetsingsadvies over het omgevingseffectrapport 13 oktober 2016 / projectnummer: 2985 1. Tussentijds advies Binckhorst omgevingseffectrapport (OER) 1.1 Inleiding De
30 AUGUSTUS 2001 INHOUDSOPGAVE
TOETSINGSADVIES OVER HET MILIEUEFFECTRAPPORT BEDRIJVENTERREIN AALSMEER 30 AUGUSTUS 2001 INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING...1 2. OORDEEL OVER HET MER...2 2.1 Algemeen... 2 2.2 Toelichting op het oordeel en aanbevelingen
Motorcrossterrein Arnhem
Motorcrossterrein Arnhem Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 14 december 2015 / rapportnummer 3083 1. Oordeel over het milieueffectrapport De Stichting Motorsport Park Gelderland Midden (een fusie
Bestemmingsplan buitengebied Etten-Leur
Bestemmingsplan buitengebied Etten-Leur Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 31 mei 2012 / rapportnummer 2529 60 1. Oordeel over het MER De gemeente Etten-Leur wil het bestemmingsplan voor haar
Bestemmingsplan Omgeving Nauerna, gemeente Zaanstad
2017/5525 Bestemmingsplan Omgeving Nauerna, gemeente Zaanstad Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 22 december 2016 / projectnummer: 2872 1. Oordeel over het milieueffectrapport
Pluimveehouderij Duinkerken te Zuidwolde, gemeente De Wolden
Pluimveehouderij Duinkerken te Zuidwolde, gemeente De Wolden Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 26 september 2014 / rapportnummer 2971 26 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Maatschap
Structuurvisie Windenergie gemeente Dordrecht
Structuurvisie Windenergie gemeente Dordrecht Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 3 maart 2016 / projectnummer: 2910 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente Dordrecht wil in
Varkenshouderij J.F.M. van Gisbergen, De Gagel 16, Hooge Mierde
Varkenshouderij J.F.M. van Gisbergen, De Gagel 16, Hooge Mierde Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 31 juli 2012 / rapportnummer 2635 37 1. Oordeel over het MER J.F.M. Van Gisbergen is voornemens
Bestemmingsplan Wijk aan Zee (gemeente Beverwijk)
Bestemmingsplan Wijk aan Zee (gemeente Beverwijk) Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 30 juni 2017 / projectnummer: 3022 1. Advies over het milieueffectrapport (MER) De gemeente Beverwijk wil
Plusstrook A12 Zoetermeer Zoetermeer centrum
Plusstrook A12 Zoetermeer Zoetermeer centrum Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 16-12-2010 / rapportnummer 2302-55 1. Oordeel over het MER Rijkswaterstaat Zuid-Holland heeft het voornemen om
Ontwikkelingsplan Hogewegzone Amersfoort
Ontwikkelingsplan Hogewegzone Amersfoort Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 26 mei 2011 / rapportnummer 2281 83 1. Oordeel over het MER en de aanvulling daarop De gemeente
Uitbreiding pluimveehouderij Mts. Van der Cruijsen te Sambeek
Uitbreiding pluimveehouderij Mts. Van der Cruijsen te Sambeek Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 3 januari 2011 / rapportnummer 1965-63 1. Oordeel over het MER en de
ADVIES REIKWIJDTE EN DETAILNIVEAU VOOR HET MILIEUEFFECTRAPPORT (MER) BETREFFENDE HET PLUIMVEEBEDRIJF AAN DE BARNEVELDSEWEG 21A EN 21C IN LUNTEREN
ADVIES REIKWIJDTE EN DETAILNIVEAU VOOR HET MILIEUEFFECTRAPPORT (MER) BETREFFENDE HET PLUIMVEEBEDRIJF AAN DE BARNEVELDSEWEG 21A EN 21C IN LUNTEREN Inhoudsopgave 1. Inleiding...3 2. Het advies...4 3. Wet-
Alternatieve locaties baggerberging, provincie Utrecht Toetsingsadvies over het milieueffectrapport
Alternatieve locaties baggerberging, provincie Utrecht Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 6 augustus 2008 / rapportnummer 2015-43 1. OORDEEL OVER HET MER De provincie Utrecht is voornemens om
Bestemmingsplannen Dordtse Kil IV en A16-N3
Bestemmingsplannen Dordtse Kil IV en A16-N3 Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 21 april 2017 / projectnummer: 2984 1. Toetsingsadvies Inleiding De gemeente Dordrecht wil de bestaande bedrijventerreinen
Varkenshouderij Van Deijne Zeeland BV, gemeente Landerd
Varkenshouderij Van Deijne Zeeland BV, gemeente Landerd Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 19 juni 2013 / rapportnummer 2787 31 Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Van Deijne Zeeland
Omgevingsvisie Noordwijk 2030
Omgevingsvisie Noordwijk 2030 Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 24 mei 2017 / projectnummer: 3201 1. Advies in het kort De gemeente Noordwijk heeft een ontwerp-omgevingsvisie opgesteld waarin
Oplegnotitie bij planmer Omgevingsvisie NH2050
Notitie Contactpersoon Tijmen van de Poll (Royal HaskoningDHV) en Joost de Jong (Tauw) Datum 2 oktober 2018 Oplegnotitie bij planmer Omgevingsvisie NH2050 In opdracht van de provincie Noord-Holland hebben
Bestemmingsplan Sluiskil Oost, gemeente Terneuzen
Bestemmingsplan Sluiskil Oost, gemeente Terneuzen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 5 april 2012 / rapportnummer 2619 35 1. Oordeel over het MER De gemeente Terneuzen heeft het voornemen het
Mestvergisting Botniaweg 6, Marrum
Mestvergisting Botniaweg 6, Marrum Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 8 maart 2011 / rapportnummer 2499 35 1. Oordeel over het MER Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
Bestemmingsplan buitengebied Breda Oost (Bavel)
Bestemmingsplan buitengebied Breda Oost (Bavel) Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 11 januari 2016 /projectnummer 3084 1. Oordeel over het Milieueffectrapport (MER) De gemeente Breda heeft het
Vermeerderingsbedrijf Exterkate, Slaghekkeweg 18 te Bentelo
Vermeerderingsbedrijf Exterkate, Slaghekkeweg 18 te Bentelo Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 10 september 2013 / rapportnummer 2819 28 1. Oordeel over het MER Vermeerderingsbedrijf Exterkate
Anna's Hoeve RWZI, gemeente Hilversum
Anna's Hoeve RWZI, gemeente Hilversum Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 23 mei 2011 / rapportnummer 2530 23 Oordeel over het MER Het College van Burgemeester en Wethouders van Hilversum wil
Bestemmingsplan buitengebied Doetinchem
Bestemmingsplan buitengebied Doetinchem Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 10 juni 2013 / rapportnummer 2779 31 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De Gemeente Doetinchem wil verschillende
Uitbreiding golfbaan De Scherpenbergh te Lieren
Uitbreiding golfbaan De Scherpenbergh te Lieren Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 22 augustus 2011 / rapportnummer 1648 75 1. Oordeel over het MER In 2002 heeft de gemeente Apeldoorn een bestemmingsplan
